Aflevering 13: Gif

Er lopen 2 jonge agenten over de markt in Gent (Tom en Anne), een paar meter achter hen lopen Raymond en Pasmans.
Een oude vrouw staat belangstellend te kijken bij een kraampje, er komt een jongeman met een zonnebril en een muts naast haar staan, en hij pakt haar portemonnee uit haar tas en hij rent weg.
Vrouw: Dief! Dief!
Tom en Anne zien de jongeman wegrennen en ze rennen er meteen achteraan, Raymond en Pasmans lopen naar de vrouw toe en stellen haar gerust.
Vrouw: Hij heeft mijn portefeuille gejat!...... Maar doe ’n keer iets!
De jongeman rent de Combi en de 2 jonge agenten gaan erachteraan de combi in, maar als ze eenmaal binnen zijn, zien ze alleen een barman en een dronken vrouw die ruzie maken.
Barman: He, gaat dat een beetje? Doe dat maar buiten hè?
Dronken vrouw: Geef mij dan nog ’n trippel!
Barman: Gij hebt al meer dan genoeg op!
Dan ziet hij de jonge agenten staan.
Anne: Er is een man naar binnen gelopen, waar is hij?
Barman: ‘k heb niemand gezien.
De dronken vrouw kijkt naar de mannelijke jonge agent
Dronken vrouw: Schone jongen, ik wil nog ’n trippel… en pak er zelf ook 1, of pak mij.
Barman: Zij krijgt niet meer, ze heeft al meer dan zat.
Dronken vrouw: Hij is jaloers omdat hij niet mag!
Barman: Dat mocht je willen.
De dronken vrouw lacht.
Dronken vrouw: Ik heb z’n handeltje gezien, Chipolata!
De barman komt kwaad achter de bar vandaan en wil naar de dronken vrouw toelopen, maar de agenten houden hem tegen.
Anne: He, ophouden oke? 
Dan stappen Raymond en Pasmans met de beroofde vrouw binnen, de vrouw wijst naar de barman.
Vrouw: Jij, jij daar hebt mijn portefeuille gepakt!
Barman: He, ik heb niks gepakt!
Vrouw: Ja, jij is ‘t, ik heb ’t zelf gezien, dief!
De dronken vrouw bemoeit zich er ook mee
Dronken vrouw: Dief!
Anne: Mond houden jij!
Dan komt de jonge man die de oude vrouw beroofd heeft achter een tafeltje vandaan en hij wil wegrennen, maar Tom is hem te snel af en grijpt hem beet, waarna hij z’n handen op z’n rug draait.
Berover: Auw! Laat me los man, ik heb niks gedaan!
Vrouw: Die brave jongen heeft niks gedaan!
Ze wijst weer naar de barman
Vrouw: Jij is ‘t, dief!
Dronken vrouw: Dief!
Anne pakt de barman vast, draait hem de handen op de rug en legt hem op de grond.
Raymond: (tegen Tom) Heeft hij de portefeuille nog op zak?
Tom: Nee, die heeft hij daar gesmeten. (wijst)
Raymond: Niet slecht, proficiat.
Pasmans: Zeer goed Anne! En als hij heel vervelend wordt…
Pasmans loopt naar Anne en de barman en draait aan de boeien van de barman, wat nogal pijn doet.
Pasmans:… Dan kun je ook nog aan de boeien draaien.
Barman: Auw!! Pasmans verdomme!
Anne kijkt Pasmans verbaasd aan
Anne: Pasmans? Kent hij u?
Pasmans: Ja eeeeeh, wij zijn hier onder collega’s.
Tom en Anne kijken heel verbaasd iedereen aan.
Pasmans: Tom, Anne, mag ik u voorstellen: In de rol van het oude vrouwtje: Britt Michiels!
Britt haalt lachend de pruik van haar hoofd.
Pasmans: En hier: Onze Jean premier: Selattin Ates!
Sel doet z’n muts en zonnebril af.
Anne: Sel? Ik had u niet herkend
Sel: Dat was de bedoeling hè.
Pasmans: Als Leentje Trippel: Tony Dierickx!
Tony grijnst en kijkt naar Tom
Tony: Schone jongen.
Pasmans: Het scenario van Raymond Jacobs, in de regie van Wilfried Pasmans.
Barman: Ey, ben je niemand vergeten?
Pasmans: Ja, sorry, als dikke Jean: Ben Vanneste
Iedereen lacht
Tony: Welkom bij de flikken.

’s Avonds is er een feestje georganiseerd voor Anne en Tom, iedereen staat klaar voor ’n foto, behalve Ben.
Agent die de foto maakt: Ben, beetje bij de groep als ge wilt.
Tony: Ben, Ben, kom.
Ben komt erbij staan.
Agent: Kijk allemaal maar naar ’t vogelke.
De agent maakt de foto en iedereen gaat weer uit elkaar.
Anne: Merel
Merel: Ja
Merel en Anne gaan dicht bij elkaar staan en de agent maakt een foto.
Tony en Britt lopen naar de tafel met drankjes, Tony pakt een flesje bier en kijkt naar het etiket.
Tony: Alcoholvrij, wat een saaie boel.
Britt: Zal ik in de combi iets gaan halen?
Kris komt naar Britt en Tony toegelopen.
Kris: Dat heb ik niet gehoord.
Tony lacht.
Britt: Eed afgelegd?
Kris: Ik kom net van de burgemeester.. goeie poging om van onderwerp te veranderen.
Kris kust Britt
Tony: Moet je mijn adem ook eens ruiken?
Kris: Mij best.
Kris loopt naar Tony toe, maar die loopt achteruit
Tony: Nee neeneeneenee
Raymond loopt naar Kris toe en schraapt z’n keel.
Kris kijkt naar Raymond.
Raymond: Commissaris, gefeliciteerd.
Vanneste en Sel staan wat verderop te praten.
Vanneste: Hoeveel examens moet Merel nog afleggen?
Sel: twee
Vanneste: Ze studeert toch genoeg?
Sel: Je zus is één en al zelfdiscipline, ik kom al 3 weken niet aan mijn trekken omdat ze zich wil concentreren.

In de haven loopt een jogger, hij blijft stilstaan bij een loods, hij doet wat dozen in de container, en ziet dan een fiets staan, hij blijft even kijken…

Op het commissariaat zit iedereen een beetje te praten.
Kris: Weten jullie al wie Deprez opvolgt? 
Vanneste: Niemand wil iets lossen, nog ’t personeel, nog de stafdienst.
Sel: Dan weten ze ’t zelf nog niet.
Tony: Wie heeft er nu een baas nodig
Vanneste wijst lachend naar Tony
Pasmans: ’t wordt iemand die van de rijkswacht komt.
Raymond: (geïrriteerd) Hoe weet jij dat Pasmans?
Pasmans: Ik heb zo mijn contacten…
Raymond: Ja…
Er komt een agente aangelopen met een papiertje in haar hand.
Agente: Eeeeh, Raymond, in de haven, een stil alarm
Ze geeft het papiertje aan Raymond en loopt weg.
Raymond pakt z’n jas.
Raymond: Tof… Pasmans, kom
Anne: Zullen wij gaan?
Raymond: Neenee, ’t is jullie feestje
Pasmans: Als ze nu willen gaan Raymond, negen op tien is dat toch weer vals alarm.
Raymond aarzelt even
Raymond: vooruit
Raymond geeft Anne het papiertje
Pasmans: Succes!
Anne en Tom lopen weg.
Vanneste: Mekaars handjes goed vasthouden in ’t donker!
Anne: Een inbreker als dikke Jean ligt binnen de 3 seconden op de vloer.
Iedereen grinnikt.
Tom: Denk je dat ze weer een grap uithalen?
Anne: Ze zouden wel durven…
Merel komt vanuit het teamlokaal aangerend
Merel: Anne, wacht.. ikke… ik zal er niet meer zijn straks, gaan we morgenavond samen iets eten?
Anne: Ja… das goed, ik bel u nog.
In het teamlokaal zitten ze nog steeds te praten.
Sel: (tegen Kris) Weet je al waar je naartoe gaat?
Tony: Big Chief van Intern Toezicht?
Pasmans: Ik heb gehoord dat Moerman weggaat op de stafdienst.
Kris grijnst
Kris: Nee, dat is voorbarig
Het is een tijdje stil, Tony kijkt naar Britt
Britt: Je moet zo niet naar mij kijken, ik weet van niks
Vanneste: Er is hier anders nog een plaatsje vrij…
Kris lacht
Kris: Nee, dankjewel, dat heb ik niet verdient
Tony: Nee… wij ook niet
Iedereen lacht

open is. Anne knikt naar Tom, en die gaat voorzichtig naar binnen, met Anne achter zich aan. Ze kijken wat rond met de zaklamp. Anne gaat achter een berg plastic staan, en Tom een eindje verderop, ook achter een berg plastic.
Dan wordt er geschoten, Anne kijkt verschrikt en wordt dan zelf ook neergeschoten, waarna ze op de vloer zakt, vanachter de loods rent de Jogger verschrikt weg.Bij de haven stappen Anne en Tom uit de auto, ze pakken hun pistool en zaklamp en gaan voorzichtig bij de deur staan, die al 

In het teamlokaal zit Kris met de mannen grappen te maken, Tony en Britt kijken van een afstandje toe.
Tony: Wanneer gaan jullie samenwonen?
Britt grijnst
Britt: Ho, ho, rustig he?
Tony: Hij heeft toch wel een schuif, op z’n minst, voor zijn sokken, zijn onderbroeken…
Britt knikt
Britt: Ja
Tony: En Dorien, wat vind Dorien ervan?
Britt: Dorien vind het fantastisch, gisteren zijn ze weer samen naar de film geweest.
Tony: Precies een sprookje, Britt in wonderland
Britt lacht. Dan komt de agente weer binnen, met een verschrikt gezicht.
Agente: Er is geschoten… in de haven

Bij de haven komen er een hele rits politiewagens aangereden, Tony en Britt voorop.
Tony en Britt zetten de auto stil, en stappen uit, ze lopen naar de ingang van de loods en pakken hun pistool en zaklamp.
Britt gaat als eerst naar binnen, Tony erachteraan, Britt schijnt wat rond met haar zaklamp en loopt naar een stapel plastic en ziet Anne liggen.
Britt: Hier…. Ik heb een pols
Tony ziet Tom liggen en rent er naartoe
Tony: Shit! Britt…
Tony legt haar pistool neer, voelt aan Tom’s hals en zucht diep.

Een poosje later wordt Anne in de ziekenwagen geladen, het hele team staat bij elkaar.
Pasmans: En Tom?
Tony schudt haar hoofd
Pasmans staat op het punt te gaan huilen
Pasmans: Dat kan toch niet?
Tony: ’t is niet ’t moment om te snotteren......... Er gaat niemand naar binnen tot ’t labo hier is, ik wil een afbakening, een looppad en bewaking... En ik wil dat de buurt wordt afgezet, zoek getuigen. En.. laat de honden komen.
Er komt een auto aangereden, de jogger stapt uit.
Jogger: Wat is er gebeurd?
Sel: Wie bent u?
Jogger: Ik ben de eigenaar, Jozef Hofmans, de alarmcentrale heeft mij gebeld.
Sel: Er is ingebroken in uw magazijn, 2 van onze collega’s zijn neergeschoten.
Hofmans: Hebt u de dader?
Sel schud z’n hoofd

Tony en Britt komen terug het commissariaat binnen met een agente, waar ze in de gang een groepje agenten aantreffen.
Britt: Wat doen zij hier?
Agent: De nachtploeg, ze willen niet naar huis.
Tony en Britt lopen er naartoe, een man van de nachtploeg gaat voor hen staan.
Man: Zeg ons wat we kunnen doen Tony want we willen die smeerlappen pakken.
Tony: Mannen.. ga naar huis, hè eeh, rust wat uit, we zullen alle hulp kunnen gebruiken.
De nachtploeg loopt dan toch maar weg en Tony en Britt lopen het teamlokaal in.
Tony: Nog nieuws van het ziekenhuis?
Pasmans: Raymond is onderweg met de 1e resultaten van het onderzoek.
Tony: En Sel en Vanneste?
Pasmans: Die verhoren de eigenaar.

In het verhoor zitten Sel, Vanneste en Hofmans.
Sel: zijn er eerder ook al inbraken bij u geweest?
Hofmans: Nee, eeeh 1 keer een poging, maar dat waren meer vandalenstreken, niet zoals nu.
Sel: Wat verhandeld u?
Hofmans: Dat veranderd… eeeh import uit Taiwan eeh computers, airco’s speelgoed, alles wat ik hier kan verkopen.
Vanneste: En.. (hij wijst op een papier) alleen deze 7 mensen werken bij u?
Hofmans knikt
Hofmans: En ik weet zeker dat zij er niks mee te maken hebben.
Sel: Zijn er onlangs mensen vertrokken? Ontslagen?
Hofmans: Nee, niet zolang ik daar zit niet nee.

In het teamlokaal zitten ze te praten.
Britt: Raymond, die schipper die de politie had gevonden, is die al verhoord?
Raymond: Hij heeft alleen die twee schoten gehoord, vanwaar hij ligt kan je het gebouw van Hofmans niet zien.
Tony: Andere getuigen?
Raymond schudt z’n hoofd
Raymond: ’s nachts is die buurt totaal verlaten.

In het verhoor zitten Sel en Vanneste Hofmans nog steeds te verhoren.
Hofmans: Wanneer mag mijn personeel terug in ’t gebouw?
Sel: Zodra ’t parket daar toestemming voor geeft. We laten u iets weten.
Hofmans: Ik zou graag naar huis gaan, mijn vrouw was nogal geschokt toen ze ’t hoorde…

In het teamlokaal:
Britt: En de speurhonden?
Raymond: Die 2 hulzen zijn binnen voor ballistisch onderzoek, waarschijnlijk een punt 22.
Britt: Vrij in de handel te krijgen…
Tony: Smeerlappen

Hofmans en Sel komen uit het verhoor gelopen.
Hofmans: Hoe oud was die jongen?
Sel: 24 jaar
Hofmans: Kan ik iets doen, voor de nabestaanden?
Sel: Ik kan u het nummer geven van de sociale dienst.
Hofmans knikt en Sel schrijft het nummer op een papiertje waarna hij het aan Hofmans geeft.
Sel en Vanneste lopen het teamlokaal in.
Tony: Wat wist de eigenaar?
Vanneste: Niks, en volgens hem is er ook niks gestolen.
Britt: Ze hebben waarschijnlijk de kans niet gehad.

Voor het commissariaat loopt Hofmans naar buiten, hij kijkt even op het papiertje en gooit het dan weg, Kris komt aangelopen met een aktetas in z’n hand, hij blijft even voor het commissariaat staan en loopt dan naar binnen.

In het teamlokaal is iedereen aan het werk, Britt en Tony zitten achter hun bureau.
Britt: Is er al met de federalen gebeld?
Tony: Shit, normaal coördineert Deprez dat.
Raymond: Dat is weer fantastisch, er worden 2 agenten neergeschoten en wij zitten zonder baas, wat een korps.
Britt: Ik zal wel bellen.
Vanneste loopt naar Britt en Tony toe met een papier in z’n hand.
Vanneste: Wat doen we met het personeel van Hofmans? 
Tony: Ondervragen.
Vanneste: Wie?
Tony: Raymond en Pasmans
Vanneste loopt naar Raymond en geeft hem het papiertje.
Raymond: Waarom wij?
Tony: Waarom? Omdat ik het zeg.
Raymond loopt naar Tony toe en legt het papiertje op haar tafel.
Raymond: Doe het zelf Tony.
Kris komt binnen en loopt naar Britt, die aan het bellen is.
Kris: Britt heb jij een momentje?
Britt: Dat is heel moeilijk nu
Kris: Kan ik je even alleen spreken?
Tony kijkt Kris geïrriteerd aan.
Tony: Nu niet heeft ze gezegd, we hebben nu echt wel iets anders aan onze kop!
Britt: Ik bel je straks, oke?
Kris loopt bij Britt weg, het kantoortje van Deprez in.
Britt: Wie is de contactpersoon bij de federalen?
Tony: Kooiman.. nee.. de Koning.. zoiets.
Britt gooit de hoorn neer.
Britt: Verdomme!
Pasmans: We hadden hen nooit mogen laten gaan.
Britt: Niemand heeft hen láten gaan, ze hebben het zelf gevráágd.
Pasmans: Dan nog, dan hadden wij moeten gaan, dan was dat niet gebeurd.
Tony: Dan was het ook gebeurd, maar dan hadden jij en Raymond daar gelegen.
Pasmans: Ze kwamen net van de politieschool, ze hadden geen ervaring.
Tony: En jij bent een ancien zeker Pasmans!
Pasmans: Hou je mond Tony, nee echt, hou je mond of ik klop erop!
Sel: Wat Tony wil zeggen: Was 1 van ons gegaan, was net hetzelfde gebeurd.
Pasmans: Dat is niet waar, dat maken wij onszelf wijs, om ons geweten te sussen.
Vanneste: óns geweten? Spreek voor uzelf hè.
Raymond: Godverdomme Vanneste, dat zweer ik hè!!!
Vanneste: Zeg hem dan dat hij z’n zenuwen onder controle heeft.
Kris komt uit het kantoortje gelopen.
Kris: Op deze manier gaan we de moordenaar zeker vinden.
Vanneste:… wij?
Kris: De hoofdcommissaris heeft mij aangesteld als opvolger van Daniël Deprez. Ik heb met de Koning van de federalen gebeld, ze kijken na of er recent nog incidenten zijn geweest met een punt 22.
Britt en Tony kijken heel verbaasd naar Kris.
Kris: Vanneste en Selattin gaan naar ’t ziekenhuis, praat met de chirurg, vraag of er een kans is dat we Anne kunnen verhoren.
Kris kijkt naar Raymond en Pasmans.
Kris: Jullie ondervragen het personeel van Hofmans, en Britt en Tony gaan naar de haven kijken hoever het afstappingsteam staat.
Kris knipt met z’n vinger, Iedereen pakt z’n jas en loopt weg.
Kris: Nog 1 ding…
Iedereen staat stil en kijkt hem aan.
Kris: Er is maar 1 iemand schuldig aan wat er met Tom & Anne gebeurd is, en dat is degene die de trekker heeft overgehaald.. Is dat duidelijk?
Iedereen knikt en loopt weg, Kris loopt terug naar z’n kantoortje.
Raymond en Vanneste lopen naast elkaar op de gang, Raymond kijkt op de personeelslijst van Hofmans.
Raymond: Robert Klincke, werkt die bij Hofmans?
Vanneste: Staat hij op de lijst?
Raymond knikt.
Vanneste: Ja…
In het teamlokaal is Tony al klaar om te vertrekken, maar Britt treuzelt wat.
Britt: Ik kom direct.
Britt loopt naar het kantoortje van Kris en stapt binnen, een beetje kwaad.
Kris: Ik weet het zelf nog maar ’n uur, de hoofdcommissaris heeft mij gebeld, gezien de omstandigheden, enzovoorts, enzovoorts.
Britt: Ik weet dat je op iets anders had gehoopt.
Kris: Heeft geen belang.
Britt: Misschien zijn we te discreet geweest… Ja, als de hoofdcommissaris het had geweten van ons, dan had hij je hier nooit geplaatst.
Kris: ’t zal niet gemakkelijk zijn.. en voor jou, met de collega’s
Britt: Ik zal ’t hen wel uitleggen hè.
Britt loopt het kantoortje uit, maar blijft bij de deur staan en draait zich om.
Britt: eeeeh, t’ is wel alleen hier dat je de baas bent hè.
Kris lacht, Britt loopt naar Tony toe.
Tony: Dat was een vluggertje
Britt lacht.
Britt: Begin niet hè.
Britt loopt door de gang, Tony loopt haar grijnzend achterna. 

Bij de haven stappen Tony en Britt de loods binnen en een man van het afstappingsteam loopt naar het toe.
Tony: Met hoeveel waren ze, al enig idee?
Man: Er is niks gevonden dat wijst op meer dan 1 dader… enne, er is nog iets.
De man haalt een peuk in een plastic zak tevoorschijn en wijst naar een hoop plastic.
Man: die hebben we daar gevonden.
Tony: Dat kan van eenieder wie zijn.
Man: In het gebouw mag niet gerookt worden, tenzij in de kantine, en die is helemaal aan de andere kant.
Tony: Iemand van het personeel die stiekem heeft staan roken?
Man: Dan had de kuisboer dat wel opgeruimd hè.
Britt: Dus u denkt dat ze van de inbreker zijn?
De man knikt.
Man: Ja
Britt: Laat ze op DNA onderzoeken.
Man: Oke.
Tony en Britt lopen naar buiten.
Britt: Hij gaat binnen, steelt niks, en gaat bij de ingang sigaretten zitten roken, vreemde inbreker.
Als ze bij de auto staan gaat Tony’s GSM, Tony pakt op.
Tony: Tony… waar?... We komen.
Tony hangt op.
Tony: Raymond, ze hebben een verdachte.
Tony en Britt stappen in de auto en rijden weg…

Raymond en Pasmans staan een stuk bij een café vandaan, Tony en Britt komen aangereden, stappen uit en gaan bij Raymond en Pasmans staan.
Raymond: Daarbinnen zit Robert Klincke, hij is magazijnier bij Hofmans, toen ik zijn naam op de lijst zag staan, begon er bij mij een lichtje te branden.
Pasmans: Hij is al twee keer gearresteerd voor inbraak, twee keer in de haven.
Raymond: Ik heb hem zelf een keer opgepakt, vandaar.
Raymond wijst naar een dure auto die op de parking staat.
Raymond: Die rode auto is van hem..
Tony: Dure auto voor een magazijnier.
Pasmans: We hebben eens navraag gedaan bij zijn buurvrouw, hij is pas deze ochtend thuisgekomen.
Pasmans wijst naar het café.
Pasmans: dat is z’n stamcafé.
Britt: Is hij gewapend?
Raymond: dat weten we niet, we wachten op het interventieteam.
Tony: Dat duurt te lang, hou u klaar.
Tony loopt naar het café toe.
Britt: Tony!
Tony loopt gewoon door, het café binnen met een zakdoek tegen haar hoofd, ze kijkt pijnlijk.
Tony: Van wie is die rooie auto voor de deur?
Een stevige man met een muts op die bij de bar zit kijkt op.
Man: Waarom?
Tony: Ik ben erin gereden.
De man staat op en loopt langs Tony de deur uit.
Man: Kutwijf.
De man en Tony lopen samen naar buiten, de man loopt naar de achterkant van de auto, maar Tony blijft bij de voorkant staan en wijst, de man loopt naar Tony toe en kijkt, maar ziet niks, hij bukt een beetje, en dan pakt Tony z’n hand vast en draait hem op z’n rug.
Tony: Kutwijf? Kutwijf?
De man komt los, Raymond, Pasmans en Britt houden de man in bedwang en klikken hem de handboeien om…

Op het commissariaat komen Tony en Britt met Robert aangelopen, ze willen hem in een verhoor steken, maar als hij in de deuropening staat komt de man van de nachtploeg bij hen staan.
Man: Laat hem 5 minuten met mij alleen en ge hebt een bekentenis.
Tony: Ja, persoonlijk zou ik niets liever willen, maar we gaan hem gewoon verhoren.
De man pakt Robert bij z’n kraag.
Man: Uw leven is voorbij vriend!
Robert: Hé, hé.

Een poosje later zitten Britt, Tony en Robert in het verhoor, Robert zit geboeid met z’n handen op z’n rug, Tony staat achter hem.
Britt: Je bent deze morgen om 5 uur thuis gekomen, waar heb je de hele nacht gezeten?
Robert: Iets gaan drinken.
Britt: In uw stamcafé?
Robert: Nee, nee, neenee, ’t café heet eeh…
Robert schudt z’n hoofd.
Robert: Ik weet ’t niet meer.
Tony begint zich een beetje kwaad te maken.
Tony: Straat? ’T Was toch in Gent?
Robert: Maar ja, ja
Britt: Je bent met haar voeten aan ’t spelen Robert, en je weet wat ze doet met mensen die met haar voeten spelen… Je bent na ’t werk weer terug gegaan naar Hofmans.
Robert: Ikke?
Tony wordt nu echt kwaad en draait aan z’n handboeien.
Robert: Aaaah!
Tony: Er zijn 2 Flikken gestorven, Klincke!!
Britt: Je vingers moeten toch jeuken, Robert, als je elke dag al dat materiaal ziet staan in dat magazijn hè, met zo’n strafblad!
Robert: Ik heb bij Hofmans nog nooit iets gestolen! Vraag maar aan meneer Hofmans, ‘k ga toch niet inbreken waar ik werk?
Britt: Waarom niet, je weet alles staan!
Robert: Jullie denken dat… dat ik die agenten heb neergeschoten… maar ik heb nog nooit een wapen gebruikt!
Tony wordt nu echt heel erg kwaad en ze doet de armen van Robert omhoog.
Robert: Aaaah!
Tony: Misschien wou je niet terug naar de gevangenis?
Tony haalt de muts van Robert’s hoofd af.
Tony: ’t alarm gaat af, je ziet twee flikken binnenkomen…
Tony slaat Robert op z’n hoofd.
Tony: 1 kogel voor Tom, recht in de borst!
Tony slaat hem weer op z’n hoofd.
Tony: 24 JAAR, ROBERT!! En Anne…
Tony slaat hem weer op z’n hoofd.
Tony: 1 kogel voor Anne, recht in de buik, 23 jaar!!!
Achter het Glas staan Raymond en Kris te kijken, Raymond kijkt hoe Kris gaat reageren op wat Tony doet, Kris haalt z’n wenkbrauwen op en kijkt rustig verder.
Robert: Aaaah, maar nee!!
Britt: Tony…
Tony laat Robert los en doet z’n handboeien af, Robert wrijft over z’n pijnlijke polsen.
Britt: Je mag een sigaret opsteken als je wilt.
Robert: Ik rook niet…
Tony en Britt kijken elkaar aan en zijn even stil, Tony gaat op de tafel zitten.
Britt: We vergeten dat café verhaal, Waar heb je vannacht gezeten?
Robert: Vrdomme!... Ik ben… naar Wondelgem gereden, daar zijn magazijnen van auto onderdelen…
Britt: En daar heb je ingebroken?
Robert: Ja…
Robert kijkt kwaad naar Tony.
Robert: Ik heb met die agenten niks te maken! 

Tony en Britt zitten nu met de rest van het team in het teamlokaal, Tony en Britt zitten op Britt’s bureau.
Pasmans: Er is inderdaad een aangifte gedaan van inbraak, in Wondelgem.
Kris: En de huiszoeking?
Sel: Gestolen auto onderdelen, niks dat van bij Hofmans komt, en ook geen… wapen.
Vanneste: Misschien heeft hij een andere bergplaats.
Kris: Wat denken jullie?
Britt: Ik denk niet dat hij het is.
Tony zucht en loopt naar haar bureau.
Kris: Tony! 1 ding…
Tony loopt door.
Tony: ‘k weet ‘t, ik heb nogal een.. spontane manier van verhoren.
Kris: Nee…
Tony draait zich verbaasd om.
Kris: Bij de volgende arrestatie met risico’s wacht je op ’t interventieteam.
Tony: Kris! Ik…… Ja baas.
Onder het gesprek tussen Kris en Tony werd er gebeld, Britt nam op en legt de hoorn nu neer.
Britt: Mannen, er is weer geschoten, bij Hofmans thuis.

Bij het huis van Hofmans staat Britt te wachten, Tony loopt naar haar toe.
Tony: Niemand, geen Hofmans te zien, maar de deur stond open, wie heeft er gebeld?
Britt: Die van hiernaast, ‘k heb Vanneste en Selattin gestuurd.
Pasmans komt aangelopen.
Pasmans: Britt, kijk ‘ns.

Vanneste en Selattin staan bij het hek van de buren van Hofmans, het hek gaat automatisch open, en ze lopen naar de deur, ze bellen aan. Na een poosje doet een vrouw in badjas die aan het bellen is de deur open.
Vrouw:(door de telefoon) Laat hem maar binnen wachten, en zeg hem dat ik een halfuurtje later kom… ja dan is hij maar nijdig.
Vanneste en Sel lopen naar binnen, de vrouw doet de deur dicht en gaat voor hen staan.
Vrouw: Nee, ’t is iets met de buren… tot straks.
De vrouw hangt op en legt de telefoon neer.
Vrouw: Sorry…
Sel: Ik ben Selattin Ates, en dit is mijn collega Ben Vanneste.
De vrouw kijkt Ben geïnteresseerd aan.
Sel: U hebt de politie gebeld?
Vrouw: Ja, ’t gebeurd niet elke dag dat er bij de buren wordt geschoten.
Ben: Maar u hebt niks gezien natuurlijk, ik bedoel, met die haag…
Vrouw:(tegen Sel) Uw collega is ook niet van gisteren, gelukkig was ik boven toen het gebeurden, kom maar mee.
De vrouw gaat Ben en Sel voor naar boven, de vrouw gaat naar de slaapkamer, Ben en Sel blijven op de gang staan.
Vrouw: Ze hadden ook bagage bij.
Sel: Van bij ’t begin misschien? Toen Hofmans thuis kwam.
Vrouw: Ik hoorde Hofmans thuiskomen om 9 uur. Een kwartier later is hij terug vertrokken, met z’n vrouw en z’n zoon, ze leken nogal gehaast.
De vrouw kijkt even om het hoekje.
Vrouw: Verschrikkelijk, niet, hoe ik mijn buren bespioneer?
De vrouw duikt weer in de slaapkamer.
Sel: Misschien hadden ze een vakantie gepland.
Vrouw: Dat betwijfel ik, hun zoon loopt school.
Sel: En daarna?
Vrouw: Een uur later is Hofmans terug thuis gekomen, hij stapt uit, opent z’n voordeur, en dat wordt er op hem geschoten, hij is in z’n wagen gedoken en in volle vaart weggereden. Erg spannend allemaal.

Tony en Britt staan bij het huis van Hofmans met Sel te praten.
Britt: Heeft ze de schutter gezien?
Sel schudt z’n hoofd
Tony: Hoeveel schoten heeft ze gehoord?
Sel: 3
Britt: Ik wil die Hofmans spreken.
Sel: Ben geeft zijn signalement door.
Een agent staat achter een paar bosjes, maar komt even tevoorschijn.
Agent: Britt!!
Tony en Britt lopen naar de bosjes, op de grond liggen 2 kogelhulzen en een peuk.
Britt: Nog iemand die geloofd dat Tom en Anne door ’n inbreker neergeschoten zijn? .. Verwittig het labo.

Ben staat bij een politieauto het signalement van Hofmans door te geven, als hij net klaar is komt de buurvrouw aangereden in de auto, ze stopt als ze Ben ziet staan en doet haar raampje open.
Vrouw: Kun je me geen escorte geven? Ik ben verschrikkelijk laat.
Ben schudt z’n hoofd
Ben: Sorry
Vrouw: Waarom willen jullie Hofmans vinden?
Ben: Vannacht zijn 2 collega’s neergeschoten, bij Hofmans in de haven… U heeft toevallig geen idee waar hij zit?
Vrouw: Nee, geen idee.
De vrouw start de wagen en rijdt weg, maar stopt dan en rijdt terug.
Vrouw: Die collega’s, zijn ze er erg aan toe?
Ben: 1 dood en 1 zwaargewond.
Vrouw: ’t spijt me… Hofmans heeft een villa in Kokszij, op naam van z’n vrouw, gekocht toen hij nog hopen zwart geld verdiende, probeer daar ‘s.
Ben: Bedankt.
Vrouw: Ik zou beter verhuizen, ik bespioneer mijn buren, en ik ga klikken bij de flikken.
De vrouw rijdt weer weg…

Buiten het commissariaat komt een politieauto aangereden met Hofmans erin, Raymond stond al te wachten. Een agent stapt uit de auto.
Raymond: En..? waren zijn vrouw en kind er ook?
Agent: Die zitten in een vliegtuig richting Dominicaanse Republiek, zijn auto stond achter, er zit een kogelgat in.
Raymond: Bedankt
De agent haalt Hofmans uit de auto en geeft hem over aan Raymond.
Hofmans: Haal mij hier weg hè, hoort u mij? Haal mij hier weg hè!

Een poosje later zitten Hofmans, Britt en Tony in het verhoor.
Hofmans: Ik wil politiebescherming.
Britt: Waarom, meneer Hofmans?
Hofmans: Hij wil mij vermoorden.
Britt: Wie?
Hofmans: Bauwes, hij heet Bauwes, vroeger had ik een ander bedrijf, eeh afvalverwerking, daar was toen goed geld mee te verdienen, nu heb ik dat gesloten, eeh de reglementering is veel te streng…
Tony: (verveeld) Ja, ja 
Hofmans: Ik heb… Ik had daar iemand voor mij werken… Bauwes heet hij, René Bauwes, Ik heb hem moeten ontslaan hè, hij was meer ziek dan gezond. Ik ben geen liefdadigheidsinstelling hè. De familie heeft een proces aangespannen, ’t was zogezegd mijn schuld dat René ziek was geworden. Ik had ’n eeh levering uit Holland binnengekregen, en hij hield zich bezig met de verwerking, daarna is hij ziek geworden. Maar ‘k ben vrijgesproken…… ‘k was die hele zaak al vergeten tot ik een tijd geleden bezoek kreeg van René,… hij zei dat hij eeh.. geld wou voor zijn vrouw, financiële compensatie. Maar hij heeft mij afgedreigd hè, hij zei dat hij mijn kop eraf zou schieten… Ik heb hem buiten laten gooien.
Britt: Wat zat er eigenlijk in die containers?
Hofmans: Hoe zou ik weten wat er in die containers zat? Ik heb alles gewoon op een kar gegooid en doorgestuurd naar eeh…
Tony: Naar?
Hofmans: ……Nigeria, daar is plaats genoeg.
Britt en Tony kijken elkaar aan
Tony: Dus u denkt dat René Bauwes op u heeft geschoten?
Hofmans: Ik ben zeker!
Tony geeft Hofmans een papiertje waar hij het adres van Bauwes opschrijft, als hij dat gedaan heeft pakt Britt het papiertje en loopt het verhoor uit, waar net een agent langsloopt.
Britt: Aah, kun jij even dit adres opzoeken en eventueel kijken of er gerechtelijke aanvaringen zijn?
De agent pakt het papiertje aan en Britt loopt het verhoor weer in.
Tony: Gaat u ’s nachts regelmatig werken?
Hofmans: ’s avonds loop ik altijd naar de zaak, eeh binnendoor is dat niet zover, om faxen op te halen, wegens het tijdsverschil, René moet dat geweten hebben.
Britt: Maar gisteravond bent u niet gegaan?
Hofmans: ‘k ben thuisgebleven. Tot de centrale mij heeft gebeld om te zeggen dat het alarm was afgegaan.
Tony: Waarom hebt u ons dat deze morgen niet verteld?
Hofmans: Misschien waren het toch inbrekers. Tot er thuis op mij werd geschoten was ik toch niet zeker dat dat Bauwes was!
Tony: Maar wel zeker genoeg om uw vrouw en zoon op een vliegtuig te zetten!
Hofmans: Aan wiens kant staat u eigenlijk? Kom, arresteer hem, u weet nu wie ’t is hè, en tot hij vast zit hè, wil ik politiebescherming!

In het teamlokaal zijn Britt en Tony een paar minuten later Kris aan het briefen.
Tony: En Bauwes zat Hofmans op te wachten, tot Tom en Anne zijn verschenen.
Vanneste komt binnen en geeft Britt een briefje.
Vanneste: ’t adres van Bauwes, eeh Raymond en Pasmans zijn al vertrokken als observatieteam.
Kris: Neem voor mij ook ’n vest.
Britt: Wat doen we met Hofmans?
Kris: Steek die voorlopig beneden in een kamer.

Aan het einde van de straat waar Bauwes woont, om de hoek staat het hele team te kijken naar het huis, met kogelvesten aan.
Kris: Welk huis is ‘t?
Pasmans: Dat beige, nummer 6.
Kris: Wie zit er binnen?
Pasmans: Geen idee, we hebben nog niemand gezien.
Kris: Achterkant?
Raymond: Niemand kan langs daar wegraken.
Vanneste: Oke, we verdelen ons in 2 groepen, Sel jij neemt de leiding van de 1e, ik van de 2e groep.
Dan komt er een lijkwagen de straat ingereden die voor het huis van Bauwes stopt, Pasmans ziet het.
Pasmans: Hé, hé, hé, wacht n’s.
Iedereen kijkt om het hoekje.
Vanneste: Wat is daar aan de hand?
Britt: Ik ga wel kijken.
Britt loopt weg, met Tony achter zich aan.
Kris: Britt! Voorzichtig.
Tony en Britt lopen naar het huis en gaan allebei met hun rug tegen de muur aan een kant van de deur staan, Britt wil aanbellen, maar dan gaat de voordeur open, de mannen van de lijkwagen komen buiten gelopen, een vrouw blijft in de deuropening staan, ze kijkt Britt en Tony verbaasd aan.
Britt: Mevrouw Bauwes? Tony Dierickx, Britt Michiels, politie Gent, is uw man thuis?
De vrouw zucht en knikt met haar hoofd.
Een poosje later staan Britt en Tony in een kamertje, Meneer Bauwes ligt op een bed, met een kaars op z’n nachtkastje.
Mevr. Bauwes: Mijn man is gisteravond gestorven.
Britt: Het spijt ons, we wisten echt n…
Mevr. Bauwes: Als u beneden zou willen wachten? Die mensen moeten hun werk kunnen doen, en ik wil nog afscheid nemen.
Britt: Natuurlijk.

Een poosje later stappen Britt en Tony buiten.
Tony: Als twee buffels in een porseleinwinkel. Ik verwittig de rest dat ze kunnen opkrassen, onze verdachte is een dooie.

Een halfuurtje later staan Britt en Tony bij Mevr. Bauwes in de kamer.
Mevr. Bauwes: René wou thuis sterven.. ze waren met 3.. nu zijn ze alledrie dood……2 collega’s die bij Hofmans werkten zijn ook aan kanker gestorven.
Tony: Het spijt ons eeh, dat we u hebben lastiggevallen.
Britt kijkt naar een foto van een jongeman die op een tafeltje staat, Britt loopt ernaartoe.
Britt: En wie is dat?
Mevr. Bauwes: Luuc, onze zoon.
Britt gaat bij Mevr. Bauwes op de bank zitten.
Britt: Mevr. Bauwes, waar is Luuc? Waarom is hij niet bij u op een moment als dit?
Mevr. Bauwes zegt niets.
Britt: Mevr. Bauwes?
Mevr. Bauwes: Luuc heeft al die jaren voor z’n vader gezorgd, tot de laatste minuut is hij bij hem gebleven.
Britt: En waar was hij gisterenavond, toen uw man is overleden?
Mevr. Bauwes: Toen is hij vertrokken.
Britt: Had uw man een geweer?
Mevr. Bauwes begint te huilen.
Mevr. Bauwes: Ik heb pas deze morgen gezien dat het weg was.
Tony: Waar is Luuc nu?
Mevr. Bauwes: ‘K weet niet
Britt: Mevr. Bauwes, zeg het ons, voor er nog meer doden vallen.
Mevr. Bauwes begint weer te snikken.
Mevr. Bauwes: Ik weet ’t niet, ik weet ’t niet… En al zou ik het weten, u verwacht toch niet dat ik m’n zoon aan de politie uitlever?

Op het commissariaat zitten Britt, Tony en Kris weer in het teamlokaal.
Tony: Zijn signalement is doorgegeven, en Raymond en Pasmans ondervragen zijn contacten.
Kris: En zijn vrienden?
Britt: We hebben na lang aandringen 2 namen uit de moeder kunnen wringen, Vanneste en Selattin zijn naar hen toe… En we hebben een observatieteam gepost voor ’t huis van de moeder.
Kris: Hij kan overal zitten.

Beneden bij de balie komt Luuc Bauwes binnen met een grote tas, hij gaat op het bankje zitten en steekt een sigaret op, de agente achter de balie ziet het.
Agente: Meneer, hier mag niet gerookt worden.
Luuc knikt en doet z’n sigaret in de asbak.

Boven loopt Tony over de gang, een man met een rapport in z’n hand naar haar toegelopen.
Man: Tony! Ik wil je iets laten zien

Een minuutje later doet een kwaaie Tony beneden de deur van de cel van Hofmans open.
Hofmans: En? Hebt u Bauwes?
Tony pakt Hofmans ruw vast.
Tony: Kom! Mee!
Tony loopt met Hofmans langs de balie en dan naar boven, Luuc kijkt hen na. De agente achter de balie is klaar met de man waarmee ze bezig was.
Agente: Meneer…Meneer!
Luuc kijkt op.
Agente: Kan ik u helpen?
Luuc staat op, pakt een papiertje uit z’n jaszak en loopt naar de balie.

Ondertussen boven:
Tony zet Hofmans hardhandig op een stoel neer en legt het rapport waar de man mee kwam voor hem neer.
Hofmans: Hè, wat scheelt eraan?
Britt: Die zijdeur, van de loods, langswaar Bauwes is binnengebroken.
Hofmans: Ja, wat is daarmee?
Britt: Daar staat ook ’n alarm?
Hofmans: Ja, natuurlijk, ja
Britt: Maar dat is defect, al twee weken.
Hofmans: Dat kan zijn…
Britt: Is zeker! Uw magazijnier heeft het twee weken gelden gemeld! Aan u persoonlijk!!
Hofmans: Nou, en wat doet dat ertoe?
Britt: Als Bauwes het alarm niet heeft doen afgaan, wie dan wel?
Hofmans: Hoe moet ik dat weten?
Britt: Zal ik u zeggen wat wij denken? Dat u gisteravond bent teruggegaan naar uw kantoor.
Sel: U had uw joggingpak nog aan toe u kwam.
Britt: U bent wel gegaan!
Hofmans: Ja, ja ik zag Bauwes zijn fiets staan, die keer dat hij mij was komen bedreigen was hij ook met de fiets, dienen ouwe heeft niet eens ’n auto.
Tony: Dienen ouwe? Dienen ouwe is dood! ’T Is zijn zoon die achter u aanzit.
Hofmans: Is die zoon de moordenaar?
Britt: En toen u die fiets zag staan?
Hofmans: Ja, ik had schrik hè, ik ben naar de voorkant gelopen om stil alarm te doen afgaan, en dan zijn uw collega’s gearriveerd.
Britt: Dus u hebt hen laten binnengaan, zonder hen te waarschuwen?
Hofmans: Ja, wat moet ik doen, moest ik mij laten doodschieten of wat? Ik heb recht op bescherming hier hè! 
Tony pakt Hofmans kwaad bij z’n kraag.
Kris: DIERICKX!!
Tony kijkt Kris even aan en laat Hofmans dan los.

Beneden staat Luuc nog altijd bij de balie, de Agente geeft hem het papier terug.
Agente: Ik begrijp niet dat ze u naar hier hebben gestuurd, u moet naar het administratief centrum, ik vrees dat u voor niks hebt gewacht.
Luuc loopt weg, en blijft even staan, de agente is alweer met iemand anders bezig en draait zich even om, Luuc ziet het en loopt naar boven.
Boven staat Tony een bekertje water te vullen, achter haar komt Luuc, hij pakt een geweer uit de tas en pakt Tony van achteren vast, zodat ze niet meer weg kan, Luuc richt het geweer op Hofmans.
Luuc: Hofmans!!
Luuc schiet, maar hij schiet de glazen deur kapot, Hofmans vlucht samen met Vanneste en Sel een gang in, Vanneste en Sel gaan voor Hofmans staan en richten hun wapen.
Pasmans zit in de gang in het verhoor en hij hoort het lawaai, hij pakt z’n pistool en doet heel voorzichtig de deur een beetje open, waarna hij om de hoek kijkt, hij ziet Luuc staan, met z’n zij naar hem toe, Pasmans gaat gauw het verhoor weer in.
Vanneste: Gooi dat wapen neer!
Luuc: Geef mij Hofmans, of ik blaas haar kop eraf!
Britt: Laar haar gaan!
Hofmans: Schiet hem neer, schiet hem neer hè! 
Luuc: Geef mij Hofmans, hij heeft gvd mijn vader vermoord!
Hofmans: Schiet dan toch, schiet dan toch gvd!
Vanneste: Laat haar gaan!
Luuc richt z’n geweer.
Luuc: Hofmans!!
Pasmans komt om de hoek van het verhoor, richt z’n wapen en schiet Luuc in z’n arm, nog voordat Luuc zelf kan schieten, Luuc valt, Tony geraakt los en kan nog net blijven staan.
Luuc: Aah! Aah!!
Britt loopt meteen naar Tony toe.
Britt: Gaat het?
Tony knikt.
Pasmans zit in het verhoor naar z’n pistool te staren als Tony binnenkomt. Tony pakt het pistool, legt het op tafel, kust Pasmans op z’n mond en loopt weer weg. Dan komt Raymond met een beker in z’n hand het verhoor binnen.
Raymond: Waar heb je dat geleerd?
Pasmans kijkt dromerig op.
Pasmans: Kussen?
Raymond kijkt hem verbaasd aan.
Raymond: Schieten. Dat was toch nooit uw sterkste kant?
Pasmans: ‘k heb geluk gehad.
Raymond: Ja, we hebben allemaal geluk gehad.
Raymond geeft de beker aan Pasmans.
Pasmans: En ik heb geoefend.
Pasmans neemt een slok, maar kijkt Raymond geschrokken aan.
Pasmans: Daar zit whisky in.
Raymond: Ssst, das goed voor de zenuwen.
Pasmans: Ik was niet slecht hè Raymond?
Raymond glimlacht.
Raymond: Je was niet slecht Wilfried.

In het teamlokaal zitten Sel, Vanneste, Tony, Britt, Kris en Hofmans.
Sel: Wat doen we met hem?
Hofmans: U moet mij laten gaan, ik heb niks gedaan!
Kris: Nee, u hebt niks gedaan, u hebt zelfs geen ambulance gebeld toen 2 agenten lagen dood te bloeden!
Kris pakt Hofmans vast, 1 arm op z’n rug. 
Kris: Als ik de keuze had, dan stak ik u onder de grond!
Hij sleept Hofmans naar een whiteboard waar foto’s van de dode Tom en bloedende Anne hangen.
Kris: Schuldig verzuim, en ik ga daar proberen doodslag van te maken, bel uw advocaat al maar op.
Kris duwt het hoofd van Hofmans hard tegen het whiteboard, Hofmans krimpt ineen van de pijn.
Kris: Weg! Sluit hem op!
Kris loopt z’n kantoortje terug in.
Sel, Vanneste, Britt en Tony kijken hem verbaasd na.
Tony: Wauw.
Dan komt Merel snikkend binnen en ze valt Sel om de hals: Anne is gestorven.

(met dank aan Flikken_freak)

Start Omhoog
* ©©©©© Alles op deze site is Copyright van de eigenaar en mag dus nergens anders geplaatst worden ©©©©©

*