GEBROKEN HART
Hallo,
Ik heb vandaag niet veel tijd om een column te schrijven, want het is hier echt héél druk. Zoals ik in mijn vorige column zei ben ik vorige week aan de grote kuis begonnen. Wat een ramp! Na een week heb ik enkel nog maar de woonkamer gedaan. Eerst heb ik alle kasten eens uitgemest en vervolgens de gordijnen en het tapijt gewassen. Dan was het de beurt aan de beeldjes die op de kast staan en ten slotte heeft de salontafel ook een goede schrobbeurt gekregen. En natuurlijk heb ik alles alleen moeten doen, want Johan had plots ontzettend veel werk en Dorien en Simon zijn deze week verdacht veel op hun kamer gebleven.
Deze week is de keuken aan de beurt.
Tussen al het kuisen door, mocht ik ook niet vergeten dat ik nog een job heb bij de politie.
Daar is er deze week eigenlijk maar één interessante zaak geweest. Er hadden al verscheidene café-uitbaters een klacht ingediend wegens vandalisme. In de cafés werd telkens met een ijzeren hartje een ruit ingegooid. Merel en ik zijn naar het café gegaan die het recentst met het vandalisme te maken had gehad. Daar vertelde de uitbater ons dat er plots uit het niets een ijzeren ding door het raam werd gegooid. Hij was nog naar buiten gelopen, maar er was niemand te zien. Als we hem vroegen of er verdachte personen in het café zaten die avond, wist hij ons niets te vertellen.
We hebben dan nog een paar cafés bezocht en daar vertelde ze ons steeds hetzelfde verhaal. Niet wetend hoe we dit zouden moeten oplossen, keerden Merel en ik terug naar het commissariaat. We hebben alles met John overlegd en we besloten om die ijzeren hartjes in het labo te laten onderzoeken.
Twee dagen later kregen we de uitslag vanuit het labo. Er stonden geen vingerafdrukken op, maar ze hadden wel iets anders gevonden: het ijzer was afkomstig van bij een smid. Het bevatte hexacyanoferraat en dat is een stof die een smid gebruikt bij het smeden van ijzer. We zijn nog eens naar dat ene café teruggekeerd om de uitbater te vragen of er een smid bij hem over de vloer komt. Hij zei dat er af en toe een smid iets komt drinken en dat die daar er ook was toen zijn ruit werd ingesmeten. We zijn nog eens naar de andere cafés gegaan en één van de uitbaters wist ons het adres van een smid te geven.
Toen we bij de smid aankwamen, botste we daar op een woedende vrouw en een nogal beschonken man. We vertelden hen wie we waren en waarover we hen wouden spreken. Die man, die de smid bleek te zijn, zei plots iets in de aard van: “Ziejet nou dazou gevondn emmen!”. We vroegen aan de vrouw wat haar man daarmee bedoelde. Na even aarzelen zei ze dat zij de ruiten ingegooid had. Ze was het beu dat haar man steeds op café zat en dat hij meer zat dan nuchter thuiskwam. Daarom dat ze telkens een ijzeren hartje door de ruit van het café gooide, waar haar man die avond zat. Het hartje stond symbool voor hun liefde en de gebroken ruit voor een gebroken hart.
De vrouw zal een schadevergoedingen van de cafés moeten betalen. Haar relatie met haar man heeft ze opgegeven en ze heeft hem aan de deur gezet.
En nu moet ik echt aan de keuken beginnen, want anders geraak ik nooit klaar met de grote kuis!
Groetjes,
Britt
(P.S.: Volgende week ben ik zaterdag - zondag - maandag en dinsdag niet thuis en kan het dus zijn dat ik de column pas woensdag kan schrijven, maar ik zal proberen om hem er vrijdag al op te zetten.)
(© Lieneke, 26 februari 2006)
|