EERSTE…

‘Ik heb een schitterend idee om nog eens iets samen met het gezin te doen! Hou woensdagnamiddag allemaal zeker en vast vrij.’
‘Maar mama, wat is jouw idee dan?’
‘Dorien, niet zagen. Dat zie je later wel. Zorg gewoon dat je op tijd bent!’

Ik had hen dit zondagmiddag verteld. Twee dagen heeft Dorien me zitten stalken. ‘Mammaaa, je weet dat ik daar niet tegen kan! Zeg me gewoon wat we gaan doen.’ Ik heb mijn mond toch kunnen houden, ondanks de twintig sms’jes en telefoontjes die ik van mijn dochter kreeg. Toen ik woensdagmiddag in de broodjeszaak stond om ons eten te bestellen, verscheen Dorien er plots. ‘Mama, wat ben je met ons van plan vandaag?’ Ok, ik wist dat ze nieuwsgierig kon zijn, maar dat lijkt gewoon te verergeren met de jaren. Ik heb het haar dan maar verteld… 

Ik denk dat ik jullie ondertussen ook al een beetje nieuwsgierig heb gemaakt, dus ik zal het jullie zeggen. Op woensdagnamiddag zijn er in Gent heel wat soorten workshops. Omdat ik dat een mooi initiatief vind, heb ik ons gezin ingeschreven voor een EHBO-cursus. Vrijwilligers van de spoeddienst van Sint-Lucas leren ons dan de basis aan voor de eerste hulp. Ik vond dat wel leerrijk. Je weet nooit of je in zo’n situatie terecht komt, maar als het eens gebeurt, weet je tenminste wat je moet doen. Ik heb dat een hele tijd geleden al eens moeten volgen voor mijn werk, maar het grootste deel ben ik er ondertussen al van vergeten, dus dat was nog een extra motivatie om er aan mee te doen.

’t Was voor mij bang afwachten of Johan, Dorien en Simon het een goed idee zouden vinden, maar uiteindelijk vonden ze het allemaal heel interessant. We waren, naar goede gewoonte, een kwartiertje te laat aangekomen, maar gelukkig liet men ons nog binnen. Na eerst wat theoretische zaken over hoe je moet reageren als je een ongeval ziet e.d., volgde het leuke gedeelte: de praktijk. Niets zo leuk als theorie omzetten in praktijk. We werden in groepjes van vier verdeeld en elke groep kreeg een reanimatiepop. Gek genoeg hebben al die poppen een naam. Die van ons heette ‘Anneke’.

Wie goed opgelet had tijdens het eerste gedeelte, wist perfect hoe hij moest reageren als de leermeester een bepaalde situatie aangaf. Ik was als eerste aan de beurt. ‘Slachtoffer stikt in een stukje appel.’ Eerst moest ik wachten en de persoon laten hoesten. ‘Slachtoffer’s ademhaling verzwakt.’ Vijf keer tussen de schouderbladen slaan. Als dat nog niet voldoende is, moet ik het ‘heimlic-manoever’ tot vijf maal toepassen. Dat is dat je achter de persoon gaat staan en tussen de navel en het einde van het borstbeen gaat duwen. ‘Slachtoffer is gered.’ 
Dorien mocht een hartmassage en mond-op-mond geven op Anneke, Johan moest de pop in een stabiele zijlig leggen en Simon moest een noodoproep doen. Dat laatste is vaak nog het moeilijkste. Welke informatie je allemaal moet doorgeven enzo. Én je moet je kalmte kunnen bewaren. Vaak is dat het gevaar, dat je jezelf niet onder controle kunt houden.

Maar bon. We hebben ons prima vermaakt en we zijn er veel wijzer van geworden. Dorien denkt er nu zelfs aan om verpleegster te worden. ‘Én dan zorg ik ervoor dat ik op Spoed kan werken!’ Ik vraag me af hoelang dit weer gaat duren…

Dag,
Britt.

(© Lieneke, 19/01/07)

Vorige Start Omhoog Volgende
* ©©©©© Alles op deze site is Copyright van de eigenaar en mag dus nergens anders geplaatst worden ©©©©©

*