Gelukkig nieuw jaaroverzicht
Hey!
Zo, dit is de laatste alweer, mijn laatste column van 2005. Tijd voor het jaaroverzicht!
17 juni verscheen mijn eerste column. Het ging toen niet zo goed met mij. Toen mama en Johan trouwden, zo’n twee jaar geleden, dacht ik dat het allemaal wel goed zat. Ik kon goed opschieten met Johan, en ook met Simon. Maar dat huwelijk (en de verhuis die volgde) veranderde de dingen later pas.
Na ongeveer vier maanden ging het eigenlijk mis. Ik en Johan hadden voor het eerst écht ruzie, en daarna was dat steeds vaker. Met mama kon ik er niet over praten; die zat altijd op haar werk. En als ze er wel was koos ze altijd Johan’s kant, terwijl ze vaak helemaal niet wist waar het over ging. Ze stuurde mij dan altijd naar mijn kamer, waarna ze zelf ruzie ging maken met Johan. En het ging dan altijd over hetzelfde: Robert Nieuwman. Johan vond dat mama zich ‘verdacht gedroeg’: dingen die ze zei, deed, … Hij dacht serieus dat zij iets met die Nieuwman had. Mama heeft overigens toegegeven dat ze een keer gezoend hebben (ze loog daar, want ze hebben twee keer gezoend), en dat hij verliefd op haar was. “En jij op hem”, voegde Johan er aan toe. “Even…”, zei mama héél zacht. “Maar ik heb voor u gekozen.”
Na de zaak Feiremans en Nieuwman was alles weer wat rustiger. Tenminste, dat leek zo: Nieuwman hing een keer aan de telefoon, en Johan was direct weer de wantrouwige echtgenoot. Om de ruzies met Johan te vermijden, ging mama weer wat meer werken. Ik wilde aandacht, terug zoals vroeger. Op dat moment was van huis weglopen dé manier om aandacht te krijgen. Het werkte, maar niet zoals ik had gehoopt: twee weken huisarrest, met de verplichting te helpen bij huishoudelijke klusjes als daar om gevraagd werd… Simon kon er wel mee lachen.
Over Simon gesproken: hij zat ook niet helemaal lekker in zijn vel. Tenminste, dat dachten wij. “Simon kan wel wat afleiding gebruiken”. Dat zinnetje heb ik maar al te vaak gehoord. “Hij is gewoon eenzaam”, zeiden mama en Johan steeds. Uiteindelijk bleek gewoon dat hij al die tijd had zitten denken aan Anna, ‘het meisje van zijn dromen’. Tess en ik hebben ervoor gezorgd dat het wat is geworden; ik moest ‘m nu niet meer overal mee naartoe nemen maar overal naartoe brengen. Door de hulp van Peter is dat weer over gegaan. Peter: geen merci.
Het laatste halfjaar heb ik ook vrij veel verteld over de weersomstandigheden (zowel buiten als binnen :P) waar we soms moeten werken, door heen moeten fietsen, … Juni was een maand waar het weer nogal sterk wisselde. D’r was een dag – ik meen dat het een woensdag was - waarop het buiten bloedheet was, en binnen ijskoud. Dat resulteerde in een griepje… Ik voelde me pas na het weekend weer echt helemaal fit…
Een week naar school (voor niks eigenlijk, want we deden bijna niets meer), en dan begon de zomervakantie. *diepe zucht* Ik was het thuiszitten al helemaal zat door die griep en de vele vrije uren tijdens die week school die ik nog had. Ik vreesde gek te worden als ik die hele vakantie ook thuis zou moeten doorbrengen. Het weer zat niet echt mee (veel regen, vooral aan het begin van de vakantie), en dat hield ons vooral binnen.
Eind vorige maand regende het zo hard, dat we helemaal doorweekt op school aankwamen. Mama had ons verwittigd en gezegd dat we best een droge broek meenamen. “Toch eigenwijs, hè”, zei ze toen we wilden wegrijden. Maar ze is ons wel een droge broek komen brengen. ’s Middags na school waren we weer bijna nat geregend. We waren net thuis toen het begon te regenen. Niet veel later sneeuwde het.
De leraren hebben een pesthekel aan mij. Volkomen onterecht, vind ik vaak. Meneer Maes van wiskunde, vond het nodig om mij voor de zomervakantie nog even na te laten blijven. “Dan laat je misschien je grijze massa nog eens werken”, zei hij, “en als klap op de vuurpijl vergroot je je wiskundekennis.” Hij vond het vrij toevallig dat ik bij elk wiskundeproefwerk goed scoorde, en hij had van collega’s gehoord dat ik “vrij goed kan spieken” en daar dat schooljaar dan ook “veel gebruik van heb gemaakt.” Maar ik ben er wel in geslaagd 400 pagina’s wiskundetheorie te reduceren tot een uittreksel van slechts (sléchts, ahum) tien kantjes…
Op de eerste dag van dit schooljaar was de roostermaker zo slim geweest om alles door elkaar te gooien. We konden helaas niet rekenen op begrip van onze leraren: de helft van alle leerlingen mocht de school komen kuisen. De dag erna hadden wij juist gekeken op het bord, waarop de conciërge de verkeerde dingen had geschreven… ’t Is dat Simon het lievelingetje is van mevrouw De Smedt, of we mochten nog twee uur komen corveeën. Die twee uur corvee die ik ontlopen had bij Latijn, kreeg ik bij Nederlands alsnog. Ik ben te brutaal, volgens mevrouw Nieuwenhuys.
Maes moest mij dit jaar ook hebben. Hij zei dat ik zijn les zat te verkletsen (ik zei geen woord), en ik maakte mijn huiswerk expres niet. En voor dat huiswerk mocht ik weer twee uur corveeën.
En verder heb ik van mevrouw Reymer van Engels tot drie keer toe een onvoldoende gekregen. Twee keer voor hetzelfde proefwerk omdat ik zogezegd gespiekt had, en één voor de herkansing… Ze heeft nog steeds een hekel aan mij. Ik ben ‘een schande voor de Engelse taal’. *diepe zucht* Overdrijven is een vak, en zij wordt er dik voor betaald.
Een paar keer hebben we echt doodsangsten uitgestaan. Het eerste wat in me opkomt, zijn de aanslagen in Londen (donderdag 7 juli). Johan was op dat moment in Londen, en in de buurt van het hotel waar hij sliep en het gebouw waar hij op die dag een bijeenkomst had. Mama was in paniek: ze is Johan beginnen bellen op zijn GSM. Ze kreeg steeds zijn voicemail; dingen als “Johan neem op”, “Verdomme”, “Waarom moest ge nu ook gaan?”, “DJEESUS, BEL NU!!” en diverse huilbuien werden als ‘boodschap na de piep’ ‘ingesproken’. Met Johan was alles oké. Hij was flik kwaad toen hij zelf belde nadat hij geconstateerd had bijna zestig voicemailberichten te hebben. Eenmaal terug thuis bekende hij dat hij mama verrot had willen schelden, maar dat hem dat niet lukte omdat haar stem boven die van hem uitkwam.
Er is ook iets wat ik jullie niet verteld heb (omdat het lang vóór mijn eerste column is gebeurd). Ik weet het nog goed: na lang aandringen mochten Simon en ik op 19 februari een hondje uit het asiel gaan halen. Nuja, ‘Simon en ik’ is wat teveel gezegd: mama en Johan gingen allebei mee. Er waren wel veertig hondjes, en ze keken allemaal even lief, maar Muffin was toch wel het allerliefst. Pas drie jaar oud, twee jaar van een oud vrouwtje geweest en immens populair onder de bezoekers van het asiel. We waren allemaal verkocht, en hij mocht mee. ’t Was zo’n leuk hondje; heel speels en ongelofelijk vriendelijk. Nog geen twee maanden later stond er een man bij ons voor de deur. Hij kwam zijn hond ophalen. Bleek dat er wat informatie over ‘onze’ Muffin verwisseld was met een andere hond van hetzelfde ras en ongeveer dezelfde leeftijd. We hebben het asiel gebeld, we konden volgens hen niets anders doen dan hem meegeven. De man heeft een vergoeding gegeven voor het hondenvoer en is vertrokken…
Iets wat ik zelf vervelend vind, is dat ik tijdens dansles mijn enkel verzwikte. Zomaar. Ik sprong een sprong die nog nooit is fout gegaan, en daar lag ik. Mama en Johan zijn mij komen halen, en hebben mij naar het ziekenhuis gebracht. Na slechts drie uur konden we weer naar huis… Spoed, mijn voet! Ik moet trouwens nog steeds een klacht indienen. We hebben nog wel wat problemen gehad met mijn voet (dat dunne gipsachtige softcast dat verkeerd zat en opnieuw moest, de krukken, …) maar nu gaat alles weer goed. Ik dans weer mee, voor een groot deel in ieder geval. Springen doe ik liever nog niet…
Er was eens een dag, dat mama ons in de opwinding bijna omver gelopen: ze was zwanger. Wás ja, want ze heeft een miskraam gehad. Ze was er zo blij mee dat er ‘als een soort kers op de taart’ een kindje van haar en Johan kwam… Ze had ons op een bepaalde manier ook wat kunnen opvrolijken. In een klap was dat weer over. Nu, ruim drie maanden na de miskraam, zijn mama en Johan volgens mij begonnen om het opnieuw te proberen… De babykamerspullen staan er nog. Hmz… :P Overigens: om die miskraam hebben we Simon zijn verjaardag bijna een week te laat gevierd. Hoewel, mama en Johan. Ik had ‘m op zijn verjaardag mee de stad in genomen. We begrepen het wel hoor, want mama en Johan waren echt niet in de stemming voor een feest. Maar ze hebben het ruimschoots goed gemaakt. :)
Ik vind het zo jammer dat ik ‘m niet kan laten horen, ‘Sunny’. ’t Is écht wel mooi geworden. Maar we hebben er dan ook hard aan gewerkt. Zes weken lang hebben we er alles aan gedaan om ’t zo mooi mogelijk te maken. En het was ook echt wel de klapper van die doe-dingen-voor-punt-muziekles: we waren de enigen met een negen. :D Ik hoop dat het net zo goed zal gaan op het nieuwjaarsconcert van de muziekschool, op 14 januari. En de jongens mogen toch komen spelen, want zij zijn namelijk sinds kort allemaal lid van deze zelfde muziekschool. Jeej!! :D
‘Sunny’ heeft me ook een vriendje opgeleverd: Guy, ‘the guitar guy’. ’t Is vrij snel weer over gegaan. Hij had nog een vriendinnetje, “op vakantie, Aruba ofzo”, en had liever haar (door de zon bruin gebrande blondje) dan mij (bleek alle licht weerkaatsende koltrui muts). Dat van dat licht weerkaatsende koltrui muts zei hij overigens niet, maar daar kwam het wel op neer toen hij laatst op het galabal in een dronken bui een gesprek met mij wilde voeren...
En dat nu: de maand december. Dé feestmaand. Sinterklaas en kerst, het ging zo snel voorbij. Komt waarschijnlijk omdat we bijna in het winkelcentrum woonden, zo vaak als wij daar rondhingen. Maar niet alleen voor ons ging de tijd snel: we kwamen vóór 6 december kerstmannen tegen, en na 6 december nog een paar pieten.
We hebben veel geld uitgegeven, vooral voor kerst. Ik ruim tweehonderd euro, echt te gek voor woorden! Ik heb nog nooit zoveel geld uit gegeven; gewoonweg omdat ik het niet had, vrees ik. Voor Johan werd kerst ook een dure grap: het grote Van Lancker kerstdiner heeft ‘m uiteindelijk ruim veertienhonderd euro gekost. Mama kon daar niet mee lachen, Simon en ik wel. Enfin, tot we de servetten mochten plooien…
Maar goed, het kerstdiner. *diepe zucht* Alles wat de verantwoordelijkheid van ’t Pakhuis was, dat ging allemaal goed. Maar de rest…, de rest was een regelrechte ramp. Johan had een speech. “Maar natuurlijk heb ik die voorbereid”, zei hij, “daarom heb ik ook geen blaadje bij. Ik ken dat uit mijn hoofd. Zoals het hoort.” Hij stond op, tikte met zijn mes op zijn glas en begon te spreken: “Uhhhhhh…Mensen, ik euhhhhhh…” En zo ging het nog wel even door. Ook vertelde hij over zijn ‘lieve vrouw’ en ‘twee schatten van kinderen’. En Simon en ik ons maar kapot schamen… … Niet grappig.
Goed, dit was het wel zo’n beetje, het jaarverslag. ’t Is een beetje lang geworden…, sorry daarvoor… Maar als ik eenmaal bezig ben met schrijven, kan ik moeilijk stoppen…
Allemaal een goede jaarwisseling gewenst, ik hoop dat iedereen met al zijn tien vingers en tenen het nieuwe jaar ingaat. Enfin, HAPPY 2006! :D
Dikke kussen,
Dorien
(©June, 30/12/05)
|