De klootzakken!

Hoi,

‘Klootzak!’, schreeuwde ik naar buiten. ‘Klootzak! Doe je kerstboom uit!’ Geen reactie. Zelfs geen licht dat aanging. ‘Klootzak!’, schreeuwde ik opnieuw. Ik liep naar de deur, deed ‘m open en stormde de trap af. ‘Nondenondenonde!’ ‘Dorien?’, hoorde ik mama halverwege slaperig zeggen, ‘Wat is er aan de hand? ‘t Is drie uur...’ ‘Diene klootzak van een Versteeg heeft zijn kerstboom aan,’ zei ik luid, terwijl ik mijn jas en mijn schoenen aandeed. ‘Ik heb nog geen oog dichtgedaan.’ 

Ik stormde naar buiten, naar de overkant. Aan het geblaf kon ik horen dat Djembé mij direct achterna was gekomen. En hij bleef blaffen, ook toen ik aanbelde. Een laag en onvriendelijk gegrom overstemde het hoge gekef van Djembé. Plots was hij stil. Ik keek naar achteren en zag Djembé op de grond liggen, met zijn oren plat. Hij piepte zachtjes. Ik draaide mij om en bukte om hem op te pakken, toen ik het gegrom weer hoorde. Ik keek opzij en zag een aantal grote witte tanden en twee ogen oplichtten in het donker. Ik zette Djembé op z’n poten en gaf ‘m een duwtje in de richting van ons huis. ‘We gaan al, seg!’, zei ik tegen de hond. Ik keek ‘m aan en gromde kort, daarna liep ik achter Djembé aan naar huis. Ik ben terug in mijn bed gaan liggen, mijn mijn rug naar het raam. Niet dat ik toen wel geslapen heb, maar goed... 

De volgende ochtend ben ik terug gegaan. Versteeg zou eraan denken om zijn boom na half elf niet meer aan te zetten. ‘Behalve op kerstavond, op eerste en tweede kerstdag en met oud en nieuw,’ zei hij, met als excuus dat ik dan toch niet om half elf op bed zou liggen. ‘Oké,’ zei ik, en ik ben vertrokken. Hij heeft zich vanaf dan netjes aan de afspraak gehouden. Stipt om half elf ging de boom uit. 

Ik heb mijn rapport vandaag gehaald: 81%, en 95 op godsdienst! Ik ben blijblijblij! Mama was ook blij, zo blij dat ze me direct mee heeft getrokken naar de auto om te gaan shoppen. Ze vond dat ik dat wel verdiend had, om een beetje verwend te worden. ‘En dan kunnen we direct wat kleren kopen voor het kerstdiner,’ vond ze. Uiteindelijk kwamen we terug met een hele garderobe, en alles voor mij! Toen we terugkwamen, was Simon ook thuis. Hij was nog met een vriend meegeweest, om iets te bespreken voor een groepswerk ofzo... Ik had hem niet meer gezien sinds we uit de klas vertrokken waren, en eigenlijk wist ik nog niet eens wat hij ervan gebakken had. Ik wilde ‘m ernaar vragen, dus liep naar hem toe. Maar toen ik zijn gezicht zag, sloeg alles over naar bezorgheid. Zijn ogen waren rood; hij had gehuild. ‘Hé, wat is er?’, vroeg ik, terwijl ik voor hem op mijn knieën ging zitten. ‘Ik heb ‘t verprutst, Dorien,’ zei hij zacht. ‘Ik heb ‘t verprutst.’ Hij toonde mij het papier wat hij in zijn handen had. Het was zijn cijferlijst. ‘Jezus,’ zei ik toen ik zijn punten zag. ‘Wat is er gebéurd?’ Hij haalde zijn schouders op. ‘Ik heb de laatste maanden wel een paar buizen gehad, maar ik wist niet dat het zo erg was...’ ‘Dit kán niet,’ zei ik. Ik stond recht. ‘Mamma, je moet de school bellen. Dit kán gewoon niet.’ 

Een half uur terug is er telefoon geweest van de school: het bleek dat er een virus op de computers van de administratie stond, en dat waarschijnlijk alle lijsten waren ‘aangetast’. De school zou nog deze vakantie het probleem oplossen en nieuwe lijsten toesturen. Juist ja... Simon was kwaad, héél kwaad. Hij zegt sinds dat telefoontje elke halve minuut ‘De klootzakken!’. Enfin, ik laat ‘m maar doen.

Tja..., volgende week is het jaar-overzicht-week. Ik zal eens gaan zien of ik tijd heb om een beetje een beknopt overzicht te schrijven van afgelopen jaar. Enfin, we zullen wel zien! Tot de volgende!

Kus,

Dorien.

(©June, 22/12/06)

Vorige Start Omhoog Volgende
* ©©©©© Alles op deze site is Copyright van de eigenaar en mag dus nergens anders geplaatst worden ©©©©©

*