Now's the time for us to say...

Hallo iedereen,

Hier is ie dan, de laatste column van 2005. Ik zal deze laatste column dan ook weer gebruiken om een beetje terug te blikken op het afgelopen jaar. Vergeef me als deze column een beetje gaat lijken op het jaaroverzicht van de tv; de flikken komen nu eenmaal veel in het nieuws…

Op oudjaarsdag hadden we met het hele korps lootjes getrokken, om wie er moest werken met de jaarwisseling. We doen dat eigenlijk elk jaar, zo krijg je niet elk jaar hetzelfde gezeur over dat het niet eerlijk is. De mensen die het jaar daarvoor met de jaarwisseling hebben moeten werken, waren uitgesloten van deelname. Enfin: Raymond en ik trokken een lootje met ene kruisje erop… En dat betekend dat je niet thuis zit met de jaarwisseling. Dominique moest gelukkig ook werken. Gelukkig ja, ik zou het namelijk niet over mijn hart kunnen verkrijgen als hij alleen thuis zou zitten. 

2004 kon niet beter worden afgesloten, en 2005 had niet beter kunnen beginnen (ahum). Vlak na twaalven kregen we het bericht dat een man zich voor een weddenschap letterlijk had dood gezopen. Zijn vriendin wilde niet onderdoen en ging hem bijna achterna: ze liep een alcoholvergiftiging op. De eigenaar van het café waar de twee hun weddenschap hielden, is uiteindelijk zijn drankvergunning kwijtgeraakt. 

Verder was er een man die zijn ‘date’ had opgesloten. Meneer wilde meer dat mevrouw, en vond het nodig om mevrouw op te sluiten. De vrouw heeft naar het commissariaat gebeld, en uiteindelijk werden wij er naartoe gestuurd. Wij deden een belletje naar de slotenmaker van dienst en mevrouw was vrij. De man hebben wij slechts een etmaal in de cel kunnen houden. Meneer had connecties bij het gerecht… *diepe zucht*

Wat later die maand zijn Raymond en ik met een groepje kinderen in het centrum geld in gaan zamelen voor Tsunami 12-12. We hebben toch een flink bedrag bijeen kunnen krijgen, ongeveer vijfduizend euro. Ik heb alleen niet veel geld in het potje kunnen doen, want ik moest nog wat overhouden: Dominique en ik hebben toen de ringen besteld voor onze trouw. We waren dolgelukkig, en wilden het liefste direct trouwen. We hebben ons kunnen beheersen, en geduldig gewacht tot de échte trouwdatum.

Vijf februari was ‘t mijn verjaardag. Ik had een zaal gehuurd, want mijn krot was gewoon te klein om al die mensen neer te zetten. Mijn collega’s hebben er echt een ongelofelijk feest van gemaakt. Ze hadden vermoedelijk wel een paar pinten op toen ze één voor één op een tafel gingen staan en liedjes begonnen te zingen. Achteraf gezien was dat heel gênant, dat ze daar zo stonden. Maar op het moment zelf stond ik er zelf eigenlijk niet bij stil dat het zo gênant was: ik had zelf ook wel wat op. En dat beseften zij ook maar al te goed: ze wisten allemaal dat ze iets heel stoms gedaan hadden, maar niet meer wát ze nu gedaan hadden. Hun geheugen was met de alcohol uit hun lichaam verdwenen.

De zenuwen voor dé dag waren steeds duidelijker aanwezig. Het duurde nog een maand, maar goed, we waren er wel bijna de hele tijd mee bezig. Dat was ook te zien in mijn werk: ik had me voorgenomen om al het pv-werk bij te houden, maar steeds na het weekend lag er weer een gigantische stapel dossiers op mij te wachten. Niet leuk als je niet graag verbalen tikt. De stapel wordt er ook niet kleiner van als nieuwe zaken zich blijven aandienen. Er was een jongetje, ongeveer zo oud als Jonas, die in het holst van de nacht met de auto van zijn moeder twee stilstaande voertuigen en onze combi ramde. De moeder verklaarde dat ze haar zoontje een beetje had leren autorijden, omdat hij dat graag wilde. Het was een vrij avontuurlijk ventje, zo avontuurlijk dat ie maar alleen ging autorijden. ’s Ochtends werd de rekening gepresenteerd: vierduizend euro. De vrouw was blij dat de verzekering alles heeft vergoed.

Dominique vonden het eigenlijk wel tijd worden om eens onze huwelijksreis te plannen. We wilden allebei heel graag eens naar Mexico; we waren er ook nog nooit geweest. Het was nog een hele klus om die reis te boeken. We hebben er twee dagen over gedaan om een geschikt hotel te vinden. Op de derde dag deelde Dominique mee dat hij de huwelijksreis al geregeld had, en dat alles een verrassing voor mij zou blijven tot we in Mexico zouden aankomen. Zéér vervelend. Ik hou niet van geheimen als ik weet dat het iets is wat ik wil weten. 

En toen begon dé maand: de countdown was nu echt begonnen. Dominique plaagde mij door het steeds te hebben over onze huwelijksreis: hoe geweldig het wel niet ging zijn en hoe leuk de verassingen wel niet zouden zijn… Ik was steeds aan het vissen om erachter te komen wat hij nu van plan was, maar Dominique trapte daar niet in. Ik had het gevoel dat iedereen het wist, en dat ik het ook van hen nooit zou horen… 

De eerste week van maart viel er ineens heel erg veel sneeuw. Dat veroorzaakte veel narigheid (ik denk dat er rondom Gent op twee dagen wel tien ongelukken zijn gebeurd, gewoon door de gladheid en het slechte zicht), maar ook veel plezier. We hebben op een middag, na onze dienst, met heel het team een groot sneeuwballengevecht gehouden. De Belfortstraat was toch afgesloten.

De 25e was het dan eindelijk zover: mijn trouwdag! ’t Klinkt misschien heel cliché, maar het was de mooiste dag van mijn leven. Het huwelijk zelf, het feest, de uren na het feest… Van de eerste twee heb ik destijds al het een en ander verteld, en de rest ga ik ook nu weer voor mezelf houden. :P De dag na ons huwelijk zijn Dominique en ik op huwelijksreis vertrokken. Dominique had ik weet niet hoeveel verrassingen voor mij in petto; te veel om op te noemen. Weet je, Mexico is echt een geweldig land. ’t Is er heerlijk warm, en het is er ongelofelijk mooi. Ik zou graag nog eens teruggaan, maar ons werk laat dat niet echt toe... Tien dagen na ons huwelijk zat ik al weer achter mijn bureau op het commissariaat, en – raar maar waar – ik zat pv’s te typen. 

Vijftien april was de opening van de Floraliën. Raymond en ik mochten er weer bij zijn, en weer in het gevolg lopen. Voorop liepen natuurlijk prins Filip en prinses Mathilde. Het deed me denken aan de Floraliën van 2000. Raymond had toen problemen met zijn hart. Hij zei nog tegen mij, toen we voorbij de plaats liepen waar hij toen een beroerte kreeg, dat hij blij was dat we er op tijd bij waren.

Mei begon werkelijk waar HI-LA-RISCH. We hadden een opdracht van de burgemeester gekregen. Hij was het zat dat de helft van de mensen hun auto half op de stoep parkeerde, en wij moesten deze maar gaan bekeuren. Maar meneer de burgemeester kon er zelf ook wat van: uiteindelijk hebben we voor zijn auto zes bonnen uitgeschreven. Hij was eerst ongelofelijk kwaad, maar later kon hij er wel mee lachen. 

Halverwege juni besloot ik om eens op de fiets naar mijn werk te gaan. Het was een hele rustige dag op het commissariaat, en ik dacht voor de eerste keer in tijden vroeg naar huis te kunnen. Dat had ook gekund, als mijn fiets niet was gestolen. Al mijn collega’s verlangden naar een zaak, en wilden mij maar al te graag van dienst zijn. Vier weken later werd mijn fiets teruggevonden. Niet zoals ie eerst was natuurlijk, want bijna alles wat eraf kon was eraf... 

Diezelfde maand mocht ik voor het eerst in zes jaar weer op een motor zitten, aangezien bijna iedereen op vakantie was. Bruno was toen mijn tijdelijke partner. We hadden echt wel pech: iemand vond het blijkbaar leuk onze motors te beschadigen. Eerst zaten er krassen in de lak, daarna waren de banden lek geprikt, vervolgens waren de tanks leeg én kapot, accu leeg... Bruno was er niet gelukkig over. Hij durfde op den duur niet eens meer op zijn motor te stappen. We zijn dan maar gaan patrouilleren, om het even van ons af te zetten. Bleek dat de vandaal met Bruno zijn remmen had geknoeid. Terwijl ik een bon aan het uitschrijven was, maakte Bruno een uitschuiver... Op een paar schaafwondjes en een paar lichte kneuzingen, was hij helemaal in orde. De vandaal hebben we uiteindelijk ook gevonden... 

Afgelopen jaar verscheen mijn honderdste column. ’t Was een kleine mijlpaal, terwijl ik het van mezelf al knap vond dat ik het een jaar had volgehouden. Maar goed, in die honderdste column schreef ik over een rommelmarkt, en een tekenwedstrijd. De uitslag van die wedstrijd werd gegeven door koning Albert II; die mochten wij beveiligen. ... Eigenlijk hebben wij toch wel een vrij grote kans om een lid van de koninklijke familie te ontmoeten, hè? ’t Begint op te vallen. 


Dominique en ik zijn dit najaar officieel gaan samenwonen. We hadden het geld, en we waren onze kleine huisjes een beetje zat. Het zoeken naar een geschikt huis was nogal moeilijk: het ene was toch iets te klein, het andere lag te ver weg van ons werk, het volgende was te duur, ... Enfin, elk huis had wel iets. Maar uiteindelijk hebben we toch een geschikt stekkie gevonden. We hebben er nog redelijk wat aan moeten doen (verven, behangen) maar dat is allemaal gelukt. Het zoeken van meubels was ook nog een flinke klus. De dingen die ik leuk vond, vond Dominique afschuwelijk, en andersom. Uiteindelijk hebben we meubels kunnen kopen die we allebei mooi vonden. Maar toen moesten de doe-het-zelf-meubels nog in elkaar gezet worden... Een ramp, echt een ramp. Bouwtekeningen heb ik nooit begrepen... Maar met een beetje hulp van mijn collega’s stond het al snel allemaal in elkaar. Je kunt veel aan je collega’s hebben, ook na de uren.

Nou, dit was het wel zo’n beetje. Allemaal een prettige jaarwisseling gewenst, en ik hoop dat jullie ook in 2006 mijn columns zullen lezen!

Toffe groeten,

Wilfried

(©June, 30/12/05)

Vorige Start Omhoog Volgende
* ©©©©© Alles op deze site is Copyright van de eigenaar en mag dus nergens anders geplaatst worden ©©©©©

*