Om te janken

Hallo lieve columnlezers,

Soms lijkt het alsof wij van de politie enkel dezelfde dingen doen. Alcoholcontroles, winkeldiefstallen, en ga zo maar verder. Drugscontroles horen ook in dat rijtje. 

Afgelopen woensdag gingen Raymond en ik, samen met een drugshond en nog een aantal brigadiers en dergelijke, controleren op Atheneum De Wingerd. De docenten die we hebben gezien keken stuk voor stuk niet blij toen we hen vertelden dat we de hele klas mee moesten nemen voor controle. Was zo’n rumoerige klas eenmaal op de gang, zakte de docent zuchtend in zijn stoel, waarna toch een glimlach tevoorschijn kwam. “Even een paar minuten rust…” hoorden we er één zeggen. De leerlingen keken er ongeveer hetzelfde tegenaan: “Even die kop van die van Frans niet zien is een geschenk uit de hemel!” riep er één. 

Wat wij nou leuk vinden aan zo’n controle is ten eerste het weggaan na zo’n dag controleren, en ten tweede de tientallen jongeren die geen drugs bij zich hebben weer terugsturen naar de klas. Het minder leuke is dus het controleren zelf, en dan vooral het stuiten op drugs. Eerst weet zo’n kind niet wat hem of haar te wachten staat, maar als ze eenmaal weten dat het om drugs gaat, worden ze ineens zenuwachtig. Als een gastje van een jaar of 15, 16 drugs bij zich heeft, moet je dat afpakken, een proces verbaal opmaken en dat kind z’n ouders bellen. Bij het afpakken vliegen de scheldwoorden onze richting op, bij het proces verbaal vliegen er nog meer, en bij het bellen naar de ouders rollen de tranen ineens over de wangen van zo’n kind.

Smeekbedes, daar moeten wij in zo’n geval ongevoelig voor zijn. Maar op de een of andere manier raakt het mij toch. Je weet niet hoe zo’n kind aan de drugs is geraakt (meestal is het gewoon om stoer te doen), en van de thuissituatie weet je al helemaal niets af. Als zo’n gastje, dat eerst nog de stoerheid zelve was, ineens begint te huilen omdat we z’n moeder gaan bellen, dan beginnen dat engeltje en dat duiveltje die op je schouder zitten ineens te bekvechten over wat het beste is. Ofwel de strenge flik uithangen, je job doen en die ouders bellen, ofwel dat kind z’n drugs afpakken en een regeling beginnen om dat kind in de gaten te houden… Mochten we het laatste ook toepassen, had ik dat altijd gedaan. *zucht* Raymond en ik hebben tientallen kwaaie ouders zien binnen komen, en ze ook weer buiten zien gaan terwijl ze hun kind een draai rond de oren verkopen. 

Ik was blij toen het eindelijk gedaan was. Raymond ook trouwens. “Eindelijk gedaan”, zuchtten we. Ik was daar echt wel aan toe. We reden naar het commissariaat, waar John ons vertelde dat we wel naar huis mochten. Het was er de hele dag rustig geweest, en het zag ernaar uit dat het de rest van de dag ook wel rustig zou blijven. John had ook nog een mededeling: “Volgende week weer, hè heren! Dan mogen jullie controleren op de Wispelberg!” Raymond en ik vielen bijna achterover van verbazing. Als je niet geloofd hoe erg zo’n controle is, moet je maar eens meekomen bij de volgende controle… 

Vanochtend kwam ik een collega tegen, inspecteur De Wilde. Hij zit eigenlijk op de afdeling ‘gestolen fietsen’: alle fietsendiefstallen worden bij hem gemeld. “Ik heb nieuws over je fiets, Wilfried”, zei hij serieus. Ik dacht meteen ‘ze hebben mijn fiets gevonden’. Niets was minder waar. “Er is geen nieuws”, zei de inspecteur, waarna hij vrolijk fluitend verder liep. Ik kon wel janken… *zucht*

Tot volgende week maar weer!

Toffe groeten,

Wilfried

(©June, 01/07/05)

Vorige Start Omhoog Volgende
* ©©©©© Alles op deze site is Copyright van de eigenaar en mag dus nergens anders geplaatst worden ©©©©©

*