Chocoladetherapie
Hey,
‘Dorien, heb je onderhand nog niet genoeg chocolade op? Ik ben gisteren nog naar de supermarkt geweest, en het is nu al weer bijna op.’
‘Ik eet mijn verdriet weg,’ zei ik, terwijl ik haar kwaad aankeek, ‘omdat íemand mijn hond heeft weggedaan.’ Zonder nog iets te zeggen, liep ze naar de keuken. Ik hoorde de koelkast open en dicht gaan.
Zuchtend keek ik naar het stuk chocolade in mijn hand. Eigenlijk was ik het hartstikke beu geworden, maar ik had even iets nodig om mij afleiding te bezorgen. Zélfs als ik ervan zou beginnen kotsen, zou dat voor mij een goede afleiding zijn. Dan moest ik tenminste eventjes niet aan Djembé denken, maar aan het feit of ik de wc nog wel zou halen.
‘Dorien, ik ben even naar het centrum. Moet ik nog iets meenemen?’
‘Nee, merci…’
Ik kwam ineens op een geniaal idee.
‘Of trouwens… Neem maar een zak pepernoten mee.’
Ze zuchtte. ‘Wat jij wil…’
Toen ze terugkwam, zag ze direct dat ik nog altijd op de bank zat, mét de televisie aan.
‘Dorien, zou je niet eens gaan leren?’
‘Ik hou een pauze.’ Ja niet dus, ik had nog helemaal niks gedaan sinds ik thuis was. Nuja…, ik had bijna een hele reep chocolade opgegeten.
‘Je weet dat ik liever niet meer heb dat je tv kijkt voor je huiswerk af is.’
‘Mijn huiswerk is nooit af als het aan jou ligt. Nooit is het genoeg.’
Ze zuchtte. ‘En doe die chocolade weg.’
‘Wat jij wil. En trouwens, ik moet de tijd die is vrijgekomen omdat íemand mijn hond heeft weggedaan, toch anders kunnen besteden? Als Djembé er nog was geweest, was ik ‘m nu aan het uitlaten. En daar heb je nooit een probleem van gemaakt.’
Ze zuchtte opnieuw.
‘Enfin, tot voorkort.’
Ze wou iets zeggen, maar ik gaf haar de kans niet.
‘Weet je wat ik denk? Ik denk dat het jouw schuld is. Jíj kwam immers met het géniale idee om een hond te gaan halen…! Dus volgens jouw redenering is het ook jóuw schuld dat ik slechte cijfers haal. En nou moet ik daar voor boeten?’ Ik keek haar kwaad aan. ‘Ik wil dat je Djembé terughaalt, en wel nu!’
Ik kreeg vervolgens een oplawaai en ik kon naar mijn kamer vertrekken. Ze wil mijn huiswerk zíen als ik het afhad, met mijn agenda ernaast. Pff…, ik zal maar iets gaan doen zeker?
Pff…
Dorien.
(©June, 26/10/07)
|