Cous cous in Turkije
“Al wat gevonden?” Tony ploft neer achter haar bureau en ziet hoe Britt haar hoofd schudt “Ben zelf ook pas net binnen.” Verklaart die en kijkt dan op uit het dagboek van het meisje. “Ze heeft een beetje een lastig handschrift, volgens mij heeft ze het meeste recht uit haar hart op het papier proberen te krijgen, je weet hoe dat gaat… volledig onleesbaar. Ik zou een handschriftexpert hier naar moeten laten kijken…” zucht ze. Tony lacht “Dat of een leerkracht van de basisschool… die zijn sterren in het lezen van kinderhandschriften. Als je ziet wat je moet doen om je werk met een label ‘onleesbaar’ terug te krijgen zou je denken dat die lui van een andere planeet komen.” Britt springt op “Briljant idee… briljant, Tony…” dan houdt ze even in “Alleen waar halen we een leerkracht vandaan?” Ze verzinkt in eigen gedachten en wandelt de gang op om koffie te gaan halen. Het koffieautomaat is verbonden met ingevingen, ze krijgt de beste plannen als ze voor het onwillige machine staat te wachten op een beroerd bakje drab. Vandaag echter wil er geen ingeving komen. Ze kent niet echt een leerkracht die hen zou kunnen helpen, daarbij zijn alle leerkrachten overdag bezig op school. Ze komt terug bij Tony die aan de telefoon praat met iemand “…dat is heel fijn… ja, dan komen we er zo aan…” Ze legt de hoorn neer en kijkt Britt triomfantelijk aan “Ik heb de directrice van Vera’s school gebeld… she ows me one… Ze heeft nog een stel stagiaires rondwandelen en da’s net als bij ons, daar zoeken ze ook altijd jobs voor waarin ze zo min mogelijk schade kunnen aanrichten.” Ze staat op en loopt richting het bureau van Vanbruane “Ik ga even zeggen dat wij er zo vandoor zijn. Kijk als die lui dat voor ons kunnen doen dan kunnen wij verder gaan zoeken bij die school… en in de buurt gaan rondvragen en…” Britt trekt een gezicht “Ja, joepie…” mompelt ze weinig enthousiast. Ze heeft de afgelopen nacht bedacht dat ze het kind eigenlijk helemaal niet wil vinden. Alle kanten op is het geen goed verhaal. Als ze is weg gelopen zouden ze haar juist met rust moeten laten en als ze door haar vader is mee genomen is er vrij weinig wat ze kunnen doen en gaan ze zich steken in een wespennest waar zij vervolgens toch als verliezer uitkomen. Die man verzint wel wat als hij zijn dochter hier weg wil halen en wil verstoppen in een of andere verlaten uithoek in een woestijn… Wederom zo’n uitzichtloze zaak, wat is dat tegenwoordig, alsof ze de ene fout op de andere stapelen. Britt schopt gefrustreerd tegen haar bureau aan als Vanbruane met Tony naar buiten stapt. “Vandalistische neigingen Britt?” vraagt Vanbruane met een lachje. “Absoluut baas.” Grinnikt Britt en staat op “Het is gewoon een stomme zaak, als we dat kind vinden, wat dan? Terug brengen? En als die vader haar verstopt houdt, nou, dan lukt het hem toch wel om haar weg te sturen naar verwegistan… we verliezen gewoon aan alle kanten.” Vanbruane rolt met haar ogen “Niet zo pessimistisch Britt, er zijn manieren om zelfs de meest vreselijk uitziende zaak te winnen en als ik iemand moet uitkiezen die deze zaak tot een goed einde kan brengen zet ik mijn centen toch op jullie. Nu, kop op…” Ze loopt door naar de gang en Britt kijkt Tony met een zucht aan. “Vooruit dan maar, minor fall back, zullen we maar zeggen… Kom, maak me enthousiast.” Britt springt omhoog en balt haar vuisten alsof ze een gevecht met elke Turkse vader. Ze heeft twee stappen gezet als er een telefoon begint te rinkelen. “De telefoon van Pasmans gaat…” Tony kijkt verbaasd naar het rinkelende ding op het bureau van Pasmans. Het is haar een raadsel waarom die jongen uberhaupt een telefoon heeft, hij wordt zo ongeveer nooit gebeld. Als iemand het team Raymond-Pasmans nodig heeft bellen ze met Raymond en privetelefoontjes op het werk da’s al helemaal niets voor Pasmans. Britt kijkt een tijdje besluiteloos naar de telefoon “Zal ik hem maar even opnemen, misschien is het wel belangrijk, als ze hem bellen…” vraagt ze zich hardop af. Tony knikt en gebaart naar de telefoon met een vrolijk ‘be my guest’. “Ja, met Britt hier.” Zegt ze wat afgemeten als ze de telefoon opneemt. “Met wie?” Ze kijkt Tony verbaasd aan “met Emma?” Haar wenkbrauwen gaan een beetje omhoog en ze ziet Tony in de lach schieten. Ze ziet hoe Britt steeds verbaasder luistert en dan wat stamelt in de trant van ‘k zal het doorgeven voor ze neer legt. “Ik zweer je, ik heb altijd gedacht dat die jongen homo was…” mompelt ze als ze neer legt en achter Tony aan de gang door loopt “en nu dit…” Tony stapt lachend in de auto “Wat wilde die Emma?” vraagt ze vrolijk “Zeggen welke kleding hij moest aantrekken voor dit weekend…” Tony laat een schaterlach horen “Hetgeen jij nu door gaat geven?” raadt ze “Ik heb dat opgeschreven ja… Mijn heer… een strakke broek waarin zijn billen lekker uitkomen omdat ie zo’n lekker kontje heeft… Ligt het aan mij of hoor je dat soort dingen gewoon niet te horen in combinatie met Pasmans…?” Tony stuurt de auto door de straten “Nu je het zegt, ik heb nog nooit zo goed naar dat leren broekje van Pasmans gekeken, maar het zit inderdaad lekker gespannen rond dat strakke kontje van hem.” Giert ze. Ze liggen nog in een scheur als ze uitstappen bij de school en naar binnen lopen op zoek naar de directrice. Ze vinden haar naast een computer met een jongedame er aan. “Hier is ze.” Wijst ze als ze Tony ziet; “Goedele heeft handschrift en schoonschrijven als onderwerp van haar werkstuk gekozen, dus ze kan jullie uitstekend helpen.” De 20-jarige die Goedele heet lijkt zelfs blij met de opdracht “Mijn mentor kan geen orde houden, het is een puinzooi in de klas en als ik een les moet doen dan klaagt hij steeds over dat ik de kinderen beknot enzo…” vertrouwt ze Britt toe als Tony met de directrice mee loopt naar het kantoortje. “Ik ben blij met alle tijd die ik uit de klas ben, nog een paar weken en ik ben door deze stage heen… Ik hoop echt dat ik volgend jaar een betere mentor tref.” Britt glimlacht en haalt het dagboek te voorschijn. Goedele neemt het aan en slaat het open “Fluitje van een cent,” glimlacht ze “ik typ het over op de computer, heb je een emailadres waar het heen kan worden gestuurd? Ik typ snel, het is voor de middag wel klaar, zoveel bladzijden heeft ze nog niet vol geschreven. Kijk hier… dit is pas een ellendig handschrift…” ze houdt heen proefwerk omhoog waarop regels vol staan met pen. Britt kijkt er verbaasd naar slechts af en toe herkent ze een letter in het gekrabbel. “En dat kan jij lezen?” zegt ze niet zonder bewondering. “Ja, maar dat vind ik ook lastig moet ik zeggen, maar goed, het lukt…Goed, ik ga aan de slag.” Ze slaat het dagboek open en begint als een razende te typen. Britt ziet Tony terug komen en samen wandelen ze de school weer uit “Vera nog gezien?” informeert Britt snel “Ja, door het raam, ze zette de hele klas op stelten geloof ik, dus ik heb maar niet laten zien dat ik er was.” Grinnikt ze. “En nu?” ze kijkt Britt aan en blijft even stil staan. “Tja, hopen dat er iets uit dat dagboek komt…” stelt die voor. “Wat wil je nu doen, richting de Tolhuislaan maar weer dan? We moeten toch proberen misschien om met buren te spreken…” Britt kijkt Tony vermoeid aan “Ik denk echt niet dat het iets op gaat leveren, maar weet je wat, we rijden via de Sleepstraat, ik heb nog niet echt ontbeten… misschien komen we wel op een goed idee… Wacht eens, kunnen we niet eens bij ‘de Sleep’ gaan horen, dat is toch het gezondheidscentrum voor dat hele gebied? Misschien hebben die haar wel eens gezien, zij zijn in ieder geval ondervraagd door de kinderbescherming… Wat betekent dat de familie Aslan daar dus wel eens ooit komt…” Tony haalt haar schouders op “We moeten in ieder geval iets doen…” beaamt ze en stapt in de auto.
Sellatin pakt zijn rinkelende mobiel en kijkt verbaasd als het Meriban is, hij is niet gewend dat ze zaterdagmiddag om 2 uur aan de telefoon hangt, zou er iets zijn met Nabi of Dorien, de kinderen zijn vaak bij haar op zaterdag. Een beetje geallarmeerd neemt hij op “Meriban? Alles goed?” Vanneste kijkt naar zijn partner en ziet zijn gezicht weer ontspannen als hij even gesproken heeft. Hij is overgegaan in het Turks dus heeft Vanneste geen idee waar het over gaat, maar dat het koetjes en kalfjes zijn en geen ‘kom nu naar het ziekenhuis, je kinderen liggen in coma’ kan hij wel zien. “Wat was dat?” vraagt hij als Sellatin de telefoon neer legt. “Ze wilde weten of Britt nog altijd bezig is met die verdwijning, ze had een voorstel…” Vanneste lacht “Ik denk dat ze elk voorstel aannemen, die twee zijn vanochtend de hele ochtend in Tolhuis geweest en nog niets wijzer. Ik geloof dat ze wonderen verwachten van dat ontcijferde dagboek… Tja Sel, ik denk dat je extra lief moet zijn vanavond…” Sellatin schudt zijn hoofd en loopt naar het teamlokaal “Britt, ik had net Meriban aan de lijn…” Britt veert omhoog “Is er iets met Nabi? Iets met Dorien?” Ze staat al recht om haar jas te pakken. “Nee, nee, alles goed, ga zitten.” Grinnikt Sellatin, gelukkig is hij niet de enige neuroot in huis. “Nee, ze had een voorstel voor het geval jullie nog niet verder zijn met die zaak.” Tony kijkt op “Zien wij eruit als twee mensen die al verder zijn met hun zaak?” moppert ze. “Alles is welkom dus.” Grinnikt Britt. “Meriban stelde voor om morgenochtend samen naar de markt te gaan op het sint Michielsplein.” Britt kijkt verbaasd op “Wat moet ik daar doen, denkt ze dat we niet genoeg eten in huis hebben?” Sellatin lacht “Nee, maar er komen altijd veel mensen uit de Tolhuis wijk, veel Turkse mensen… en Meriban weet waar de vrouwen gewoonlijk samen komen om nog wat te kletsen na het inkopen doen. Ze zegt dat als je ergens wilt proberen om wat los te krijgen dat de plek is. Onder het genot van wat baklava en thee gaan de dames vaak aan het roddelen en als er iets is met Nuray dan circuleren er zeker roddels in de Turkse gemeenschap. En dat is de plek om ze op te pikken… klaar voor je intreding in de Turkse vrouwengemeenschap? Meriban zegt dat het hoog tijd wordt dat ze haar schoonzus mee naar de markt sleept op zondag.” Britt kijkt Tony aan. “Werken op zondag.” Verzucht ze, ze had zich juist verheugd op een rustig ochtendje park met de kinderen. “Ik houd me wel bezig met de kinderen. Misschien ga ik naar een museum met Dorien.” Stelt Sellatin voor. “Vooruit dan maar.” mompelt Britt, maar echt onverdeeld enthousiast klinkt ze niet. In een kleine ruimte zitten met baklava, thee en een twintigtal in Turks roddelende vrouwen klinkt niet bepaald als haar favoriete zondagochtendbesteding. “Dan wil ik in ieder geval vandaag op tijd naar huis…” pruilt ze. “Eh… heeft iemand Pasmans gezien?” Carla stapt het teamlokaal binnen gevolgd door een jonge vrouw van een jaar of 25. “Deze vrouw is op zoek naar hem…” wijst ze achter zich. Vanneste verslikt zich in zijn koffie en verdwijnt proestend en hoestend in de kleedruimte. Het meisje kijkt hem geamuseerd na en Carla kijkt Sellatin verbaasd aan “Mis ik iets?” Sellatin haalt zijn schouders op “Pasmans is in verhoor 2,” wijst hij “Bezig met een aanrijding geloof ik. Het zal zo wel klaar zijn, maar ik kijk wel even…” Het meisje stapt naar voren “We hadden afgesproken samen te gaan winkelen… ik kan wel even wachten.” Tony kijkt Britt aan en trekt haar wenkbrauwen op “Ok…,” glimlacht Sellatin “Ik ga even kijken, je kan ondertussen…” Hij wil haar in de richting van de wachtruimte wijzen, maar Britt is hem voor “Je kan wel hier wachten.” Wijst ze op de lege stoel van Pasmans. “Bedankt,” zegt het meisje en ploft op de stoel neer er valt even een stilte waarin Sellatin zich uit de voeten maakt richting verhoor 2. Vanneste komt binnen en kijkt naar het meisje op de stoel dat een boek uit haar tas heeft genomen en vervolgens naar Tony. Net als hij wat wil gaan zeggen, komt Vanbruane binnen gewandeld. “Zo waar staan jullie?” begint ze tegen Tony en kijkt dan verbaasd naar het meisje op de stoel van Pasmans. “eh?” doet ze en kijkt Vanneste aan “Vanneste kun je je vriendinnetjes niet beter na de uren ontvangen?” Vanneste schudt zijn hoofd en het meisje kijkt op “Sorry, ik heb me niet voorgesteld. Ik ben Emma en ik wacht even op Wilfried, we hebben afgesproken samen de stad in te gaan…” Vanbruane kijkt verbaasd naar ‘Emma’ en knikt dan “Vandaar de halve dag…” verklaart ze voor zichzelf en loopt dan door naar haar bureau. “Emma,” herhaalt Britt “ik heb je vanochtend aan de telefoon gehad, waar kennen jij en Pasma… Wilfried elkaar eigenlijk van?” Emma glimlacht “wegcontrole… ik draaide uit een eenrichtingstraat.” Verklaart ze alsof het de normaalste zaak van de wereld is dat je dan vervolgens samen gaat shoppen. “Zeg, van wie is die Audi hier voor de deur?” een collega met snor komt binnen en kijkt Britt aan “Iemand die bij jullie op bezoek is? Het is een –CD- wagen… maar kom nou…” Emma springt op “Die is van mij, sorry, ik zal hem verzetten… Ik dacht dat ik Wilfried alleen maar even zou oppik…” Op dat moment komt Pasmans binnen, hij kijkt van Emma naar zijn collega’s wordt rood en stamelt wat. “Ik kom eraan.” Zegt hij vlug tegen Emma en loopt door naar de kleedruimte. Even later komt hij terug met zijn jas en trekt ‘zijn vriendin’ mee de gang in. “Weird…” mompelt Tony en kijkt naar haar computerscherm. “Hey!” veert ze op “Kijk, ze heeft het opgestuurd.” Britt springt op en rent naar Tony’s computer. “Eindelijk.” Zegt ze als Tony de digitale versie van Nurays’ dagboek opent en op print drukt. Britt sprint naar de printer en staat vervolgens ongeduldig te wachten tot de printjes er eindelijk uitrollen. “Laten we het nu oplossen, dan hoef ik morgen niet naar de markt.” Grinnikt ze en installeert zich aan haar bureau, ze zakt onderuit in haar stoel en gooit haar benen op het bureau. “En ik?” Tony kijkt even rond, Britt kijkt op “Print het twee keer.” Stelt ze voor “interessante lectuur.” Tony schudt haar hoofd “Laat maar, ik ga even broodjes halen, jij ook wat?” met een lach verdwijnt ze door de gang. Britt leunt achterover en verdiept zich in het dagboek. Ze schrikt pas op als Sellatin haar een paar uur later op haar hoofd kust en vraagt wat ze leest. Ze ziet op haar bureau een broodje liggen en een versteende kop koffie. Tony hangt achterover naar haar computerscherm te staren. “Wow, de prins heeft haar wakker gekust.” Grinnikt ze en kijkt naar het verbaasde gezicht van Britt die zich door Sellatin laat omhelzen. “Het is geen Anne Frank…” wijst Tony op haar scherm “Maar toch niet slecht…” Britt knikt “Goede zinsbouw. Nuray is inderdaad een slimme meid.” Sellatin lacht “Al wat wijzer.” Britt haalt haar schouders op “Ze werd geslagen, vernederd, maar goed dat wisten we eigenlijk al. En ze was bang dat haar vader haar naar Turkije zou sturen, naar haar oom. Daarmee dreigde hij haar. Ze spreekt over haar vriendinnetjes, de moeder van Bobby die naar haar kan luisteren en de juf. En dat ze wil weg lopen, maar dat ze niet weer waarheen… Niets dus…” vat Britt haar werkzaamheden samen. “Ik heb ondertussen nog eens gebeld naar de ziekenhuizen, opvanghuizen en daklozenopvang… geen 12 jarig Turks meisje… Ik weet het ook niet hoor.” Mompelt Tony wanhopig. “Wat wil je doen, nog een keer bij de Bobby gaan kijken? Nog een keer met die leerkracht gaan praten?” Britt haalt haar schouders op “We hebben geen andere aanwijzingen, niets meer dan gisteren… En als ze haar al ergens verstopt hebben dan gaan ze ons dat nu niet opeens wel vertellen. Ik weet niet of we de procureur zo gek krijgen een huiszoekingsbevel te geven met wat we nu hebben…” Tony schudt haar hoofd “We kunnen natuurlijk nog eens langs gaan, als je dat dagboek leest zijn dat de twee plekken waar ze heen zou kunnen gaan, misschien geven die mensen ons zelf wel toestemming om rond te kijken?” oppert ze. “Het valt nog te proberen.” Britt staat recht en loopt naar het bureau van Vanbruane. Tony ziet dat ze kort praten en wacht tot Britt weer naar buiten komt. “Vanbruane is akkoord, gewoon gaan proberen of die mensen ons zelf willen laten rondkijken en anders maar zien wat de markt morgen oplevert… God wat klotezaak…” gromt Britt. Sellatin glimlacht “Ik ga zo de kinderen bij Meriban ophalen. Ik zal haar meteen vragen hoe laat je morgen klaar dient te staan met je boodschappentassen… En ik zal zorgen dat het eten klaar is als je thuis komt.” Hij kust haar en wandelt naar de kleedruimte. Britt zucht en wandelt achter Tony aan naar de auto. “Een klein aanwijzinkje maar.” moppert ze in de auto. “Dat is het probleem, dat dagboek staat vol met aanwijzingen, alles zit vol met aanwijzingen, maar welke moeten we volgen… Als ze niet gevonden wil worden dan wil ze niet gevonden worden. Twaalf-jarigen zijn goed in verstoppen, ik weet nog toen ik die leeftijd…” Tony wordt onderbroken door haar telefoon en is tot aan het huis van Bobby met Jaap aan het kletsen, ze legt pas neer als ze op de oprit staan en kijkt Britt verontschuldigend aan, die rolt met haar ogen en loopt naar de voordeur. “Hebben jullie Nuray al gevonden?” de moeder van Bobby kijkt hen even later als ze binnen staan handen wringend aan als Britt haar hoofd schudt. “Geen kind zou alleen op straat moeten zijn… ik weet dat het daar thuis niet goed is voor haar… maar op straat… Ze kan wel dood zijn…” Haar man staat op van zijn stoel en slaat zijn arm om haar schouders “Stil nou Martine, doe nou niet zo paniekerig. Nuray is niet gek, die loopt niet in zeven sloten tegelijk…” Hij kijkt Britt verwijtend aan. “Ik heb hier twee zenuwwrakken rondlopen.” Wijst hij op zijn vrouw. “Uw dochter heeft ook niets van Nuray gehoord vandaag?” Britt kijkt naar het plafond, alsof ze weet dat Bobby daarboven huiswerk zit te maken. De moeder schudt haar hoofd en Britt gelooft dat ze het meent, Nuray is niet in dit huis en Bobby weet niet waar Nuray is, de moeder voor haar staat echt op instorten. Tony kucht en kijkt rond “We weten dat het raar klinkt, maar soms verstoppen klasgenootjes hun vriendinnen in dit soort situaties… We zouden graag uw toestemming hebben om even het huis rond te kijken…” De vader kijkt op “Heeft u een huiszoekingsbevel?” vraagt hij scherp en Tony schudt haar hoofd “Het is daarom dat we vragen…” De moeder kijkt haar man aan “Wat maakt het nu uit Albert, als die mensen willen rondkijken, die proberen toch ook gewoon Nuray te vinden.” Ze richt zich tot Britt en maakt zich los uit de omarming van haar man “Komt u maar mee…” wijst ze “Ik geloof niet dat Bobby weet waar Nuray is, maar u mag natuurlijk rondkijken, wij hebben niets te verbergen.” Haar man schudt zijn hoofd en zakt weer neer in zijn stoel met zijn boek. “Wij moeten alles proberen…” verzucht Tony tegen hem en volgt Britt en de vrouw. Het idee dat Nuray misschien in hun huis verstopt zit lijkt zelfs Bobby te interesseren, ze trekt kasten open en rent naar de zolder om daar te gaan kijken. Teleurgesteld komt ze terug, alsof ze werkelijk geloofde dat Nuray misschien zonder hun medeweten het huis binnen geslopen zou zijn om zich daar te verstoppen. “Ze is hier niet…” zucht ze en gaat weer achter haar bureautje zitten staren naar haar sommen. Britt zucht “Het spijt ons…” zegt ze nog eens als ze de drempel over stappen naar buiten. “Nou, daar dus niet.” Concludeert Tony als ze de oprit afdraaien op weg naar het huis en op weg gaan naar het huis van Juffrouw de Veth. Haar man, die ze gisteren al gezien hebben, doet de deur open. “Goede… avond, hebben jullie Nuray al gevonden?” vraagt hij direct. Britt schudt haar hoofd “Mogen we even met uw vrouw praten?” De man knikt en draait zich om “Schat… de dames van de politie zijn hier…” Hij doet een stap terug om hen door te laten. Ze horen een deur slaan en even later staat de juf voor hun neus. Ze kijkt achter zich “Sorry, ik was net het vuilnis weg gooien… Bastiaan ruim even die lego op je kamer op voor we gaan eten… ik ben even bezig met de politie hier.” zegt ze tegen een jochie van een jaar of 10 dat achter haar de keuken uit komt. Hij kijkt naar Britt en Tony en knikt dan, ze horen hem de trap op rennen. “Ga zitten.” Glimlacht de juf. “Hebben jullie Nuray al gevonden?” Britt schudt haar hoofd “We kwamen eigenlijk eens horen of u al wat van haar gehoord hebt. In haar dagboek hebben we gelezen dat ze erg ‘close’ was met u. Uw band was meer dan de reguliere leerkracht-kind relatie.” Valt Britt met de deur in huis. De juf lijkt even na te denken “Daar hebt u gelijk in. Je moet als leerkracht natuurlijk geen voorkeuren hebben in de klas, maar ook wij zijn alleen maar mensen. Het ene kind past beter dan het andere, de kunst is om het in de klas niet te laten merken… ik trek niemand voor, maar met het ene kind heb ik meer dan met het andere. Nuray is een uitstekende leerling, ze is geïnteresseerd en ze heeft een leuk gevoel voor humor. Het is een leuk kind. Daarbij heeft ze een beroerde thuissituatie, zoals u in haar dagboek dan ook ongetwijfeld heeft kunnen lezen… Dat soort kinderen wil je toch iets van veiligheid bieden…” verdedigt ze zichzelf. “Kwam Nuray naar u toe met al haar problemen?” vraagt Britt snel. “Met de meeste problemen wel.” Geeft de juf toe. “Opgeruimd mam.” Horen ze achter zich, het jongetje wat ze eerder zagen komt weer binnen, zijn moeder knikt en wijst dan naar de keuken. “Wil je dan nu nog even de aardappelen die ik niet nodig had terug zetten in de schuur?” Het jongetje knikt en maakt zich weer uit de voeten. Na nog wat algemeenheden is het Tony weer die opstaat en naar boven wijst. “Als Nuray naar u toe kwam met haar problemen kan ik me voorstellen dat ook naar u zou komen als ze weg zou lopen… Zouden we eens rond mogen kijken?” De juf en haar man kijken elkaar kort aan. “U heeft geen huiszoekingsbevel?” vraagt de juf. Britt schudt haar hoofd “We hoopten op uw medewerking.” Geeft ze toe. “Nuray is niet hier… maar u mag gerust rondkijken hoor.” De juf staat op en loopt voor hen uit de trap op. Ze volgen en kijken rond. “De kamer van mijn zoontje… “ wijst ze. Britt kijkt naar binnen, dozen lego staan keurig opgeruimd op elkaar. Ze lopen door naar de zolder en komen terug naar de eerste verdieping. “Wat is hier?” wijst ze op een gesloten deur. “De kamer van mijn dochter.” Zucht de juf en opent de deur. Een keurig opgedekt bed in een roze kamer, poppen die op een rijtje staan naast een poppenhuis. Een foto van een vrolijk blond meisje staat op een leeg bureautje. “Willemijn is een jaar terug verongelukt.” Britt draait zich om en kijkt de juf aan “Het spijt me…” zegt ze “Ze was 11, ze fietste met een vriendinnetje naar huis en werd door een auto geschept, van hun fietsen was niets meer over, van Willemijn ook niet en haar vriendinnetje revalideert nog altijd… ze zal nooit meer kunnen lopen…” De mond van de juf is tot een streepje getrokken. Britt krijgt een onbehaaglijk gevoel en stapt de kamer uit, ze sluit de deur en kijkt de juf aan “Het spijt ons.” herhaalt ze nog eens en volgt de juf de trap af door de keuken naar de tuin en een schuurtje. Ook hier is niets te zien. Tuingereedschap, gereedschap, een werkbank en een aantal fietsen. Ze lopen terug door de keuken waar de tafel al gedekt staat en de jongen aan tafel zit te wachten tot er gegeten kan worden. “Houdt u mij op de hoogte?” vraagt de juf als ze hen uitlaat.
“Ohnee…” kreunt Britt als de wekker gemeen piept een uur nadat ze Nabila weer heeft terug gelegd, nadat het kind haar de halve nacht had wakker gehouden. Sellatin had nog lief gefluisterd dat hij wel zou gaan toen ze weer begon te huilen, maar uit ervaring weet Britt dat ze toch niet kan slapen als Nabila huilt. Sellatin schrikt wakker en kijkt dan opzij. Hij kreunt en draait zich op zijn zij, slaat zijn arm om Britt heen en trekt haar tegen zich aan. “markt?” grinnikt hij. “Ik ben kapot…” kreunt Britt wanhopig. Sellatin kust haar in haar nek en ze smelt in zijn armen. Opstaan is onmogelijk als je wederhelft niet mee wenst te werken. Ze ligt dan dus ook nog in bed en is opnieuw in slaap gevallen in de armen van Sellatin als Meriban het appartement binnen komt met haar sleutel. Sellatin, die ligt te genieten van de zondagochtend, hoort haar binnen komen en schuift voorzichtig onder Britt uit om zijn zus te verwelkomen. “Ze is de halve nacht met Nabi in de weer geweest…” verontschuldigt hij het feit dat Britt nog niet springklaar op de bank zit om mee te gaan. “Koffie?” Meriban knikt en ploft op de bank neer. Van boven klinkt een piepje dat aangeeft dat Nabila alweer aan het wakker worden is. “Ik ga wel even.” Zegt Meriban snel en spoedt zich naar boven. “Sel!!” Britt schiet overeind in bed en realiseert zich dat ze zich verslapen heeft. Lachend komt Sellatin aan met een kop koffie. “Rustig maar... Meriban is Nabi uit bed aan het halen. Doe maar rustig aan, drink een kopje koffie…” Hij gooit haar een ochtendjas toe en trekt haar tegen zich aan als ze uit bed wankelt. “Wat zijn jullie toch een lief stel.” Horen ze Meriban zeggen. Ze staat in de slaapkamerdeur met Nabila op haar armen en lacht. “Waar is die koffie?” Sellatin kust Britt en stapt naar Meriban toe “Ik ben zo klaar, even douchen.” Verontschuldigt Britt zich. Ze rent naar de badkamer en begint zich gehaast klaar te maken. “Heb je al een boodschappenlijst?” roept Meriban. “Huh?” roept Britt vanonder de douchestraal “maar we gaan toch niet echt boodschappen doen…?” Meriban gaat op het bed zitten met Nabila tegen zich aan. “Als we er toch zijn kun je net zo goed je groente daar kopen, veel goedkoper dan in de supermarkt, weet je…” betoogt ze. In de douche zucht Britt even. Sellatin steekt zijn hoofd om de hoek “Laat maar, ik maak wel een lijstje…” komt hij tussenbeide, al ziet hij Britt niet met vijf kilo aardappelen en twee kilo wortelen over de markt slenteren. “Kan ik zo mee?” even later staat Britt met nog nat haar voor hen en kijkt Meriban vragend aan. Ze plukt wat aan een rok die ze heeft aangetrokken. “Je ziet er prachtig uit, de Turkse gemeenschap zal onder de indruk zijn…” grinnikt Sellatin en schuift haar een boterham toe “Hier eet eerst even wat.” Spoort hij aan. “Ja moeder,” grinnikt Britt en ploft neer aan tafel. Ze is nog steeds niet echt wakker als ze even later achter Meriban aan over het st. Michielsplein slentert. Meriban ontpopt zich tot een ware Turkse onderhandelaarster en maakt aan de kraam al nieuwe vriendinnen. Steeds sleurt ze Britt aan haar mouw erbij om haar voor te stellen als haar schoonzus. Waarop steevast een zelfde soort gesprek volgt in het Turks, wat waarschijnlijk over het feit gaat dat het wel apart is dat Sellatin met een niet Turkse is getrouwd. Een gesprek waarbij af en toe in haar richting wordt geknikt en waarin Meriban zich overduidelijk uitput om duidelijk te maken hoe geweldig Britt wel niet is. Meriban heeft een karretje op twee wielen meegenomen en dumpt daar handig alle groente in. Ook de aardappelen en wortelen voor Britt verdwijnen in het karretje dat Meriban als een ware prof door de marktgangen laveert. Britt krijgt het idee dat Meriban hier wel vaker komt, hetgeen bevestigt wordt als ze ergens een achteraf straatje inschieten en daar iets binnen gaan wat nauwelijks te herkennen is als openbare gelegenheid laat staan als koffiehuis of wat dan ook, maar waar klaarblijkelijk de Turkse vrouwen tesamen komen na het shoppen. Op kussens en banken hangen vrouwen vrolijk te kletsen. “Het is geen theehuis hoor,” waarschuwt Meriban snel “Het is een ruimte die beschikbaar is gesteld door het stad, integratie enzo, er zijn hier wel vaker bijeenkomsten en op zondag komen hier veel mensen om wat bij te kletsen.” Ze trekt Britt mee naar een stel van haar vriendinnen, die begroeten Britt enthousiast “We hebben al veel over je gehoord, leuk dat je mee gekomen bent.” “Tjee, Meriban wat is ze dun… verdient Sellatin niet genoeg om zijn vrouw te eten te geven?” lacht een ander terwijl ze Britt hartelijk op een stoel duwt en baklava op een bordje begint te laden vanuit een doos die ze kennelijk heeft meegenomen. “Hier… als Sellatin je geen eten geeft moeten wij het doen… kom, eet maar… tjee, en dat voor iemand die net een kind heeft gekregen. Dat is niet gezond Meriban, houd haar toch eens beter in de gaten, zeg tegen je broer…” ratelt de vrouw door en gaat over in het Turks. Britt glimlacht en neemt een hapje van haar baklava. Meriban kwebbelt en kletst en maakt een ronde door de hele kamer. Ze behandelt kleine kwaaltjes en hoort vrouwen aan over hun problemen, het is alsof ze op ronde is, ook voor haar is dit een werkochtend en niet louter ontspanning. Britt blijft in haar hoekje zitten en probeert zich zo klein mogelijk te maken. Af en toe zegt een van Meribans vriendinnen wat tegen haar in het Vlaams en dan moet ze even wakker worden voor ze antwoord. Ze ziet hoe Meriban bij een paar vrouwen zit te kletsen en begrijpend knikt, een van hen wijst in de richting van een ander groepje vrouwen. Meriban lijkt hen te bedanken en wandelt naar de andere vrouwen en schuift aan bij hen. Al gauw lijkt ze de spil van het gesprek te zijn, een van de vrouwen begint te gebaren en een ander schudt haar hoofd. Britt begint te vermoeden wat het gespreksonderwerp is. Opeens ziet ze dat Meriban haar wenkt. “Dit is mijn schoonzus.” Stelt ze haar voor haar aan de anderen, de vrouwen kijken haar aan en een maakt een opmerking in het Turks. “Ja, ze eet dan ook een heel bord baklava nu.” Grinnikt Meriban. “Zij is geïnteresseerd in wat jullie te vertellen hebben over Nuray Aslan…” Ze wijst Britt te gaan zitten. “… en zal verzwijgen van wie ze de informatie heeft.” Voegt Meriban er met een waarschuwend toontje aan toe. Britt herkent nu een paar van de vrouwen, het zijn mensen uit de buurt van de familie Aslan, stuk voor stuk vrouwen die ze gezien heeft wanneer er een broer of man in de buurt stond. Vrouwen onder elkaar blijken een stuk loslippiger te zijn. Als de een begint te vertellen wat ze gehoord heeft, buitelt de ander er met een verhaal overheen en al gauw zit iedereen door elkaar te ratelen op gedempte toon. Britt moet moeite doen het allemaal te verstaan, omdat het in het gebrekkig Vlaams en veelal in het Turks gaat, maar ze luistert en pikt zoveel mogelijk op. Het is ieder geval een leuke manier van verhoren denkt ze, terwijl ze drinkt van een kopje mierzoete thee die de oudere vrouw naast haar haar gemoedelijk glimlachend toeschuift. Meriban kijkt met een lachje hoe Britt alles probeert bij te houden, ze is blij dat haar idee goed bleek te zijn, dan heeft ze Britt toch niet voor niets in alle vroegte uit huis weg gesleept.
“En?” Tony trekt haar jas uit en slingert die over haar stoel “Heeft de markt nog wat opgeleverd?” Britt lacht en schuift haar een doos baklava toe “Dat zou ik wel willen zeggen ja…” Ze houdt nog een andere doos baklava omhoog. “Hmm, ik wist wel dat er een goede reden was waarom ik zo graag uw partner wil zijn.” Lacht Tony en opent de doos om haar lievelingssoort baklava te zoeken, die met een kaasachtige substantie en zoete oranje vermicelliachtige zooi er boven op. Heerlijk zoet, niet van af te blijven… “Ik heb verder een heleboel vrouwen uit de buurt ontmoet, of ja, terug ontmoet en ik mag natuurlijk allemaal niet zeggen van wie ik het heb, maar ik heb al een samenvatting gemaakt van alles wat ik gehoord heb.” Britt toont een papier dat vol staat met tekst. “Een maand terug is er uit Turkije een man op bezoek geweest bij de familie Aslan. Een man… hij is een jaar of 25, zeiden de buurvrouwen. De jongen is een zoon van een neef van de schoonvader van een broer van Nurays’ vader.” Ratelt ze. Tony kijkt haar stomverbaasd aan “een wat…” Britt kijkt op van haar papier “Een zoon van de neef van de schoonvader van de broer van meneer Aslan.” Herhaalt ze alsof ze zojuist iets heel simpels heeft gezegd “Ergens ver weg aangetrouwd familie dus.” Verduidelijkt Tony voor zich zelf. “Ok, hoe dan ook,” hervat Britt zich “Die man is op bezoek gekomen in Gent. Hij heeft gelogeerd bij andere familie van hem die ook in Gent woont en is een aantal keer bij de familie Aslan gaan eten. Daar staat ook wat van in dat dagboek, maar goed… Vader Aslan blijkt, zoals we al vermoedden een nogal gewelddadig figuur te zijn die zijn vrouw, zoons en dochter alle hoeken van het huis kan laten zien. Een buurvrouw zei dat ze regelmatig gegil hoort in huis. Het is dus ook niet verwonderlijk dat moeder Aslan niet zo mededeelzaam is over wat er thuis allemaal gebeurd. Na het bezoek echter van deze man, kwam ze enthousiast met het verhaal in het badhuis dat Nuray snel zou gaan trouwen. Wat een geluk, een nette jongen uit Turkije was om haar hand komen vragen, nadat hij haar deze zomer in Turkije in het dorp had zien rondlopen. Nuray zou met hem mee gaan naar Turkije en een goed leven krijgen, want de man in kwestie had een goedlopend bouwbedrijf. Ze zou wonen in een groot huis en zelfs een dienstmeisje hebben om het zware werk te doen, wat wil een vrouw nog meer. Nuray was misschien nog jong, maar het zou haar behoeden voor alle invloeden van hier… want ze werd steeds brutaler en ze steeds Belgischer en… Nouja, ze gaf haar vader zoveel redenen om haar te slaan, volgens de moeder, door brutaal te zijn. De vrouwen vertelden me dat het leek alsof Nurays’ moeder echt blij was dat Nuray nu weg zou gaan uit het huis en veilig zou zijn voor haar vader. Ze vertelden dat zijn vrouw zelf ook doodsbang is voor hem.” Tony haalt haar schouders op “Dat verbaast me niks, zo’n…” ze maakt haar zin niet af en Britt gaat verder met haar verhaal. “Hoe dan ook, die man is dus weer terug gegaan naar Turkije na het maken van een afspraak. Een van de buurvrouwen heeft een meisje van Nuray’s leeftijd en die wist te vertellen dat Nuray het zelf helemaal niet zag zitten. Dat ze in Belgie wil blijven en wil gaan studeren… Maar ja, een meisje dat gaat studeren tss tss. Hoe dan ook, Nuray had een hoop stampij gemaakt, is door haar vader bijna het ziekenhuis in geslagen en slaapt sindsdien op zolder… of ja, ik zal het op dezelfde toon zeggen als die vrouw die dat zei ‘ik heb gehoord dat ze op de zolder slaapt sinds die tijd…’. OK verder, van een andere vrouw weet ik dat Nuray plannen maakte om weg te lopen. Ze had daar over gesproken met haar dochter. Echter haar zoon had hen gehoord en het door verteld aan de broers van Nuray. De zoon in kwestie heeft dat later tijdens het eten aan hen verteld, waarop de man van die vrouw had gezegd dat hij goed had gedaan door het te zeggen en zijn dochter had gezegd met dat soort dingen voortaan naar hem te komen. Nurays’ wegloopplannen waren dus bekend. Nu komt het mooiste. De dag dat ze verdween heeft niemand haar in de straat zien lopen, maar wel hebben ze gezien dat vader Aslan twee koffers in de auto laadde en met hoge snelheid weg reed, net nadat de politie weg was, wij dus. Ook hebben andere vrouwen gehoord dat hij in een reisbureau zou zijn geweest een paar dagen daarvoor. Ik heb de naam van het reisbureau en ik heb de persoon die daar werkt al gebeld, Aslan heeft twee tickets naar Turkije geboekt voor de avond van de dag dat ze verdween. Een op naam van een volwassen neef van hem en een op de naam van… Nuray…” Britt pauzeert even “Wat denk je? Vader heeft lucht gekregen van de wegloopplannen van Nuray en neemt het zekere voor het onzekere, hij stuurt haar naar Turkije? Hij stuurt een neef mee om zeker te zijn dat ze daar aan komt…” Tony knikt nadenkend “Ik vraag me alleen een ding af, weet je nog toen we daar waren…” gaat Britt verder “die vrouw verweet haar man dat Nuray zou zijn weg gelopen voor hem. Ze wist niet dat wij haar zouden kunnen verstaan, of later zouden weten wat ze zei… Dus wat was dat dan? Show? Of zou haar man Nuray hebben laten verdwijnen naar Turkije zonder haar medeweten?” Tony pakt haar telefoon op “We moeten weten of Nuray inderdaad in dat vliegtuig zat.” zegt ze en begint te bellen. “Hey!” Britt schrikt als iemand zijn handen voor haar ogen schuift “Sel…” ze voelt een kus op haar haren en draait zich om. Een lachende Sellatin staat achter haar “Het vervelende is dat ik er altijd weer van schrik.” Moppert ze. “Hier…” Ze diept nog een doos baklava op uit haar boodschappentas. “En jij mag straks die halve groentewinkel naar de auto dragen,” waarschuwt ze hem wijzend op twee tassen naast haar bureau. “Hoe was het in het museum?” vraagt ze, Sellatin propt gauw een baklava in zijn mond en steekt zijn duim op. “Dorien vond het leuk, alleen ik denk dat Nabi niet zo veel van impressionisten houdt als we zouden willen.” Grinnikt hij. “Een baby van 5 maanden is klaarblijkelijk meer geïnteresseerd in melk, warmte en rust dan rondlopen in een koud museum met schilderijen. Je leert elke dag weer wat nieuws. En heeft jouw uitstapje wat opgeleverd?” informeert hij. Britt knikt enthousiast en vertelt hem snel wat ze te weten zijn gekomen. “Ze gaan het nakijken, mevrouw ik mag eigenlijk niet… maar goed uiteindelijk proberen ze er toch achter te komen.” Zegt Tony als ze de telefoon neerlegt. “Wat doen we, maar meteen met vader Aslan weer gaan praten?” stelt Britt voor, Tony knikt enthousiast en staat direct recht, klaar om er weer vandoor te gaan. “We moeten alleen wel zorgen dat hij niet weet van wie wij dat hebben, misschien kunnen we laten doorschemeren dat we het van school hebben?” oppert Britt in de auto wanneer ze de straat van de familie Aslan in draaien. “Gesnapt.” Knipoogt Tony en stapt de auto uit. Als ze aanbellen horen ze wat gestommel en geroep achter de deur, het duurt even voor er open wordt gedaan. Een nors uitziend jongetje van een jaar of 9 leunt tegen de deurpost aan en kijkt uitdagend naar de twee vrouwen op de stoep. “Goedemiddag,” begint Tony “we komen om je vader te spreken, het gaat over je zus, over Nuray.” Het jongetje zegt niets, loopt weg en laat de deur open staan. “Ik denk dat dat betekent; kom maar binnen.” Gokt Tony op goed geluk. “Meneer Aslan…” Tony duwt de kamerdeur langzaam open en wacht tot ze een nors “Ja!” hoort voor ze binnen stapt. “We zijn gekomen om met u nog eens over Nuray te spreken.” Begint ze voorzichting. “Weet u al waar ze is?” vraagt de vader en snuift eens diep waarbij zijn snor bijna in zijn neus komt te zitten. “eh… we hadden gehoopt dat u daar ons bij kon helpen.” Britt gaat op de bank zitten naast Tony en uiteindelijk staat de man op en komt tegenover hen zitten. Hij kijkt hen oplettend aan “Hoezo?” snauwt hij. “Wij hebben eens navraag gedaan…” opent Britt het gesprek nu “en we zijn er achter gekomen dat u Nuray naar Turkije wilde sturen, dat u een ticket had gekocht voor haar en uw neef… en wel voor eergisterenavond…” De man veert op “Nuray is mijn dochter, ik weet wat goed voor haar is! Ze had naar Turkije moeten gaan ja, maar dat ondankbaar kind. Ze krijgt daar alles van Istafa, alles wat haar hartje begeert, hij aanbidt haar, maar zij… zij wil leren…” Hij trekt een vies gezicht bij dat woord “Ze woont in een groot huis in Turkije, krijgt hulp in huis en nog zij wil niet… Ze beledigt mij en beledigt Istafa en de familie van Istafa. Ze moet gaan!” Britt zucht “Maar ze wilde niet gaan, is het niet. Ze wist van uw plan en wilde niet trouwen met die man die u voor haar uitgezocht had… Meneer Aslan Nuray is 12…” ze wordt onderbroken “Ze zou niet meteen trouwen, ik wilde dat ze naar Turkije zou gaan, naar mijn broer. Hier haalt zij zich rare dingen in het hoofd. Ze spreekt op school met die juf en ze heeft vriendinnen van hier, die praten rare dingen in haar hoofd! Ze moest hier weg, ze was… ik kon niets meer met haar beginnen, zij moest naar Turkije, manieren leren. Mijn broer wil haar wel in huis nemen, hij en zijn vrouw hebben 6 kleine kinderen, ze zou mee kunnen helpen daar en leren, leren werken in huis, haar plaats leren!” Hij zwijgt even en Tony maakt gebruik van de korte onderbreking “Ze wist dat u haar naar haar oom wilde sturen en had besloten om weg te lopen, is het niet? En daarvan heeft u gehoord… Is het niet meneer Aslan? Wij krijgen zo dadelijk van de vliegmaatschappij te horen of Nuray Aslan gisterenavond op het vliegtuig is gestapt en wat gaan we horen, meneer Aslan? Ik denk dat u het mij kunt vertellen… U heeft haar op het vliegtuig naar Turkije gezet en deze hele ‘verdwijning’ in scène gezet om te zorgen dat u geen problemen zou krijgen met school… of misschien had u zelfs niet tegen uw vrouw gezegd dat u Nuray echt naar Turkije zou sturen…” Vader Aslan schudt zijn hoofd “Mijn vrouw heeft daar geen zaken mee… Nuray bewerkte haar moeder… ze zei dat ze haar moet laten studeren… dat brutale kind, ze stookte mijn vrouw tegen mij op…” Tony zucht en kijkt Britt veelbetekenend aan en dan kijkt vader Aslan op “Maar ze zit niet in Turkije… Ik wilde haar naar Turkije sturen, ja. Ik zou mijn vrouw daarna vertellen dat Nuray in Turkije was, maar ze is niet in Turkije. Ze is na school niet thuis gekomen. U moet mij geloven. Ze is weg! Zij is niet naar Turkije…” Britt zucht, het kan natuurlijk onzin zijn, misschien zit hij hen voor te liegen, maar vader Aslan is zeker echt boos en ze denkt echt dat, was het gelukt hij hier met wat meer triomf zou zitten. Daarbij vraagt ze zich af of hij er wel de politie zou hebben bijgehaald. Hij vindt zelf dat hij volledig in zijn recht staat om haar weg te sturen en hij lijkt haar niet het type dat zich erg druk maakt over wat de school van zijn dochter daarvan zal vinden. “Echt,” herhaalt hij “Ik weet niet waar zij is.” Britts’ mobieltje piept en ze neemt snel op “Een ogenblikje Pasmans…” hoort Tony haar zeggen en ze verdwijnt naar de gang. Als ze terug komt kijkt ze Tony aan “De luchtvaartmaatschappij heeft gebeld, Nuray is inderdaad nooit opgestapt, uw neef eveneens niet…” Ze keert zich nu naar vader Aslan, die schudt zijn hoofd. “Nee, hij ook niet, hij zou met haar mee gaan, maar ze was niet hier… Ik zeg het u toch!” snauwt hij.
“Wat denk jij?” vraagt Tony als ze even later weer buiten staan bij de auto “Ik weet het niet, hier is ze in ieder geval niet en geloof ook niet dat die vader weet waar ze is, anders was ze al naar Turkije gestuurd. Toch… ik vind Nuray nou ook niet echt het kind om zomaar te overleven op straat, wat we zo van haar horen… Toch die moeder van die Bobby? Wat denk jij?” Tony knikt “Wat als Nuray de klas inderdaad nooit is uitgegaan… die middag? Wat… Britt die juf, ik wil die juf nog eens bezoeken. De enige manier waarop Nuray ‘van de aardbodem’ kan verdwijnen is met de hulp van een volwassene. Uit dat dagboek blijkt dat ze heel wit is met haar juf. Wat als die juf heeft gehoord van haar op handen zijnde reis naar Turkije… Nuray is een speciale leerling voor haar… Zij heeft zeker de kans gehad om Nuray te laten verdwijnen en te verstoppen.” Britt kijkt haar nadenkend aan “Maar we zijn daar geweest, in het hele huis…” begint ze “Er staat daar een kamer ‘leeg’ Britt. En nu ik erover nadenk, ik weet zeker dat de tafel die avond voor vier personen was gedekt toen we er kwamen. Zeker een extra bord voor hun dode dochtertje? We kwamen op een tijd dat ze bijna aan het eten gingen, Nuray zal in de keuken zijn geweest… en snel zijn weg gegaan. Ze stuurde dat jongetje naar boven… sporen uitwissen? En daarna naar de schuur… heeft hij Nuray gezegd om een rondje te gaan wandelen? Britt, hoe meer ik er over denk, des te meer ben ik zeker dat ze daar zit.” Ze start de auto. Britt kijkt nadenkend voor zich uit “En als we haar daar vinden, wat doen we dan?” Tony kijkt haar aan “Ja… maatschappelijk werk, kinderbescherming?” stelt ze voor “Britt, het is onze job om haar binnen te brengen.” Waarschuwt ze. Britt knikt en zwijgt verder tot ze voor de deur staan bij de leerkracht. “Bel jij aan? Ik ga achterom.” Zegt Tony snel en schiet langs het huis de tuin in. Britt ziet een schim bij de deur. Het jongetje dat ze gisteren hebben gezien doet open en kijkt haar afwachtend aan. “Ik kom voor uw moeder.” Zegt Britt en stapt naar binnen, ze loopt met grote passen door de hal naar de kamer, het jongetje komt op een drafje achter haar aan. “Mevrouw de Veth…” begint Britt, ze ziet door het raam Tony de tuin in komen en op iets wijzen. Ze loopt de keuken in en staat stil. Naast de juf aan het aanrecht staat een meisje als verstijfd met een keukenmesje en een aardappel in haar hand. Ze kijkt naar Britt alsof ze zojuist een spook heeft zien binnenlopen en ook de juf is krijtwit geworden. De situatie duurt een paar seconde en dan hebben zowel Britt als de juf zichzelf weer terug gevonden “Hoe durft u zomaar…” begint de juf “Uw zoon deed de deur open.” Wijst Britt “En ik mag aannemen dat dat Nuray is? U weet dat het strafbaar…” Tony komt binnen door de achterdeur en kijkt naar Nuray, die kijkt nu paniekerig van Britt naar Tony en terug. Ze doet een paar stappen achteruit, maar botst dan tegen het aanrecht. “Nee…” fluistert ze opeens “nee… ik ga niet mee terug, ik ga niet meer terug… Dat mag u niet doen…” Tony zucht “Luister, Nuray…” Ze kijkt Britt aan alsof ze wil zeggen ‘zeg jij ook eens wat’, maar ziet dat ze van Britts’ kant weinig hulp hoeft te verwachten. “Je kan maar beter met ons meekomen.” Zegt ze daarom en stapt in de richting van Nuray. “Nee!” Nurays’ hand met het keukenmesje schiet naar voren. Snel doet Tony een stap terug “Ik zeg u ik ga niet mee!” Britt kijkt wat geschrokken naar het meisje, dat haar met ogen als hete kooltjes terug aan kijkt. “Nuray, doe dat mes weg. Je vader en moeder zoeken naar je. Je kan met ons mee komen en we gaan dan maatschappelijk werk waarschuwen, de kinderbescherming, je kan met hen praten. Misschien hoef je niet terug naar huis, maar wij moeten je meenemen, ok?” Het meisje schudt haar hoofd en Britt ziet dat er tranen opwellen in haar ogen “Nee, ik ga niet terug… Hij gaat me naar Turkije sturen, ik wil daar niet naar toe, ik ga niet met jullie mee.” Snikt ze. “Kom nu, voor er ongelukken gebeuren, we kunnen op het commissariaat verder praten.” Stelt Tony voor en doet weer een kleine stap in Nurays’ richting en opeens voor iemand iets kan doen neemt Nuray het mes in haar rechterhand en snijdt in een lange haal haar arm open “Ik ga niet mee!” schreeuwt ze woest. Het bloed gutst uit haar arm en terwijl Britt naar haar toe rent heeft Tony al om een ambulance gevraagd. De juf doet verschrikt een paar stappen terug. “Nuray…” Britt stapt op het meisje af dat nu achterover leunt tegen het aanrecht en haast geïnteresseerd naar haar arm kijkt waar het bloed uitstroomt. “Blijf bij mij vandaan.” Snauwt ze en zwaait het mes door de lucht en zakt dan door haar knieën op de grond, met haar rug tegen het aanrecht aan. “Au…” Britt springt terug en kijkt naar haar hand, een flinke snee loopt over de rug van haar hand, ook daaruit begint onmiddellijk bloed te druppen. Ze grijpt in een reflex haar hand vast en kijkt naar Tony, ze hebben dit kind duidelijk onderschat. In een seconde is Tony bij hen ze kijkt Britt aan, tegelijkertijd springen ze op Nuray af, slaan het mes uit haar hand en houden haar vast. “Heeft u verband?” roept Tony naar de juf. Britt trekt Nuray tegen zich aan, het meisje kan niet meer ophouden met snikken en blijft huilend mompelen dat ze niet mee gaat. Het lijkt een eeuwigheid te duren voor de ambulance arriveert en Nuray op een brancard heeft gelegd. “U moet ook mee, mevrouw Michiels.” Zegt de ambulancier als hij een blik op de bloedende hand van Britt heeft geworpen. “Ga maar, ik roep de anderen op… ik kom er aan.” Wuift Tony haar weg. Britt protesteert even, maar ziet dat ze behoorlijk wat bloed verloren heeft en voelt zich even flauw worden. “Mevrouw Michiels… mevrouw Michiels… bent u ok?” De verpleger grijpt Britt vast die zich aan de deurpost vast houdt om niet weg te zakken. Snel wordt ze in de ambulance geleid, die vervolgens met gillende sirene weg racet. “Zo… nu wij…” Tony keert terug naar de juf die nog altijd als versteend met een steelpannetje in haar hand in de keuken staat en zich na die woorden laat neerzakken op een stoel en onbedaarlijk begint te huilen. Tony trekt verbaasd haar wenkbrauwen op en kijkt wat ongemakkelijk om zich heen “tja…” begint ze en gaat ook maar aan tafel zitten “zo had u het zeker allemaal niet gepland…”
“8,” Britt houdt haar hand die in het verband zit in de lucht als Dorien haar vraagt hoeveel steken de dokter op haar heeft genaaid. “En heeft Meriban het gedaan?” vraagt Dorien “Nee, maar ze is wel komen kijken of het goed ging.” Dorien knikt tevreden “Doet het nog pijn?” vraagt ze bezorgd. “Een beetje,” geeft Britt toe. “Waarom moet je dan toch ook voor dat mes springen.” Mopper Sellatin en kijkt haar aan. Britt glimlacht, ze heeft er wel eens erger uit gezien. “Hier…” met nog steeds een bezorgde rimpel op zijn voorhoofd zet Sellatin een kopje thee bij haar neer en gaat naast haar op de bank zitten. Britt vindt het wel best dat hij bezorgd is, dan is hij altijd even nog liever voor haar dan hij al is en mag ze, ongeacht wie erbij is, lekker tegen hem aanhangen op de bank. Ze maakt er dan ook onmiddellijk misbruik van en kijkt Tony afwachtend aan. Die grijpt nog snel even Vera vast om haar mond af te poetsen. “En geen troep maken.” Waarschuwt ze haar dochter, al is dat meer voor haarzelf dan voor Vera bedoeld. Het gaat om het idee, ze heeft er wat van gezegd… Als Dorien achter Vera aan naar boven raast hoort ze boven al iets omvallen en weet zeker dat Thomas het in ieder geval niet gehoord heeft. “Als je wilt…” begint Jaap, maar laat zich terugvallen in zijn stoel als hij Britt snel haar hoofd ziet schudden “Al het kostbare hebben we al lang achter slot en grendel gezet, doen we altijd als jullie komen.” Plaagt ze. De bel gaat en Britt kreunt ontevreden als Sellatin op wil springen om open te doen. Hij kijkt haar even aan “pijn?” vraagt hij verbaasd “Nee, ik lig te lekker… Tony doet wel open.” Tony staat lachend op en opent de deur. “Ik hoop dat ik niet de zoveelste ben met een fles wijn…” Max stapt de deur door en zwaait een fles witte wijn voor zich uit. Nadine komt achter hem aan met een rode fles “We hadden nog niets klaar staan.” Glimlacht Sellatin en wijst Jaap snel de flessen wijn die klaar stonden onder de kast te schuiven. Die doet dat vervolgens met een snelheid waaruit blijkt dat hij dat regelmatig oefent. Ergens begint Nabila te huilen en Britt komt overeind. “Ik sta toch… als je wilt…” zegt Nadine en hangt haar jas over een stoel. “In de slaapkamer.” Wijst Sellatin en lacht “Niet te happig baas, pas maar op, straks krijg je haar een nacht, dan kunnen wij ook eens slapen.” Nadine verdwijnt haastig naar de slaapkamer en Max schudt zijn hoofd “Daag haar niet uit.” Waarschuwt hij “Je bent je dochter zo een week kwijt.” Britt lacht en kijkt Sellatin aan “Dat klinkt niet slecht… een weekje slapen.” Nadine komt met een verbaasd kijkende Nabila op haar arm terug, ze heeft haar vuistje al gespannen om het lange donkere haar en lijkt tevreden met dat nieuwe speelgoed. “Haar fles staat in de koelkast.” Wijst Sellatin. Tony trekt haar wenkbrauwen op “Ik kolf altijd voor de middag.” Knikt Britt. Nadine staat voor de koelkast en bedenkt even hoe ze kind-en-koelkast openen moet combineren. Snel springt Max haar bij, voor ze de kostbare lading in haar armen op de grond laat vallen. “Dus ze was vanaf het begin af aan gewoon bij haar juf… hoe kunnen we daar toch langs gekeken hebben…” mompelt Britt “Ja, precies zoals we dachten, dat lieve zoontje… hij is haar spullen op gaan ruimen en haar snel gaan vertellen dat ze even buiten de poort om de hoek moest wachten tot wij klaar waren met rondkijken.” Britt knikt “Maar ik vind het gewoon nogal wat, als kind om te beslissen weg te lopen van huis… zeker als je al die tijd zo onderdrukt bent, zo…” Tony gaat even verzitten “Ja, de juf gaf na wat aandringen dan ook wel toe dat zij Nuray het idee aan de hand heeft gedaan en haar heeft gezegd dat ze er voor haar een kamer vrij was in haar huis en ze in haar gezin zou mogen blijven.
Ze zegt dat Nuray dezelfde leeftijd heeft als haar Willemijn… Tja, daar hoef je ook geen psycholoog voor te zijn. Kennelijk heeft Willemijn in het ziekenhuis nog een tijd voor haar leven gevochten, ze heeft haar niet kunnen redden… dus nu dan een ander meisje van 12 redden. Die ochtend kwam Nuray op school kwam, helemaal over haar toeren, omdat ze net had uitgevonden dat ze naar Turkije zou worden gestuurd. Ze had het gehoord van een Turks vriendinnetje dat haar ouders er thuis over had horen praten. Op dat moment heeft de juf gezegd dat ze die middag niet naar huis moest gaan, maar met haar mee komen. Nuray twijfelde, wilde haar ouders ook niet ongelukkig en ongerust maken, maar de juf heeft haar omgepraat. Daar was niet veel voor nodig; de belofte dat ze dan zou kunnen studeren en niet zou hoeven trouwen met een of andere neef in Turkije deed het hem wel…” Britt schudt haar hoofd “Ja, afstand bewaren is moeilijk… in het onderwijs. Ik denk dat wij onderschatten hoe moeilijk het is om leerkracht te zijn als je weet dat een kind thuis mishandeld wordt… Hoe beslis je wat het beste is? Wij hebben in ieder geval regels, onze baan en dat volgen wij, maar een leerkracht… wat moet je doen, is een kind niet beter af thuis, of juist beter elders… Nuray heeft nadat ze in de ambulance bij kwam alleen maar gemompeld dat ze niet naar haar vader terug wilde. Ze zei me glashard dat ze zelfmoord zou plegen als ze terug wordt gestuurd. Ik heb nog even met de psychiater gesproken die er bij is gehaald in het ziekenhuis. Ze wordt voorlopig opgenomen… is ze in ieder geval voorlopig even weg thuis. Dan kunnen ze ondertussen kijken wat er moet gebeuren. Terug naar huis lijkt me geen goed idee voor haar.” Tony neemt nog een kopje thee “Dan heeft die juf uiteindelijk haar doel wel bereikt. Nuray is weg thuis…” glimlacht ze “Dan is het in ieder geval niet voor niets geweest.” Nadine kijkt eindelijk op van Nabila die haar flesje bijna leeg heeft. “Ja, we kunnen alleen twisten of ze nu beter af gaat zijn… wat nu? Tehuis? Opvanghuis? Pleeggezin?” Tony haalt haar schouders op “Laten we hopen dat ze een heel weldenkende rechter treffen die het kind inderdaad bij die juf plaatst… Ja sorry hoor, ik weet dat het onze job is zo’n kind te zoeken, maar ze was daar niet slecht af.” Nadine tilt Nabila in de lucht en kijkt haar vertederd aan “Zet dat dan maar in je verslag.” Glimlacht ze en legt Nabila op haar schouder voor een boertje. Max reikt haar een kopje thee aan en kijkt naar het tafereeltje naast hem op de bank. “Ik ben bang dat de baas onze Nabila op een dag gaat ontvoeren.” Lacht Britt. Nadine lacht en kijkt opzij naar Nabila “Alleen als jullie haar op haar twaalfde naar Turkije sturen om te gaan trouwen.” Max knikt “En dan verstoppen we haar beter.” Belooft hij en legt zijn arm om Nadine heen.
|