Vlammen
Als ze op de plaats van het ongeluk aankomen zien ze het al.
Uit die auto is niemand levend uitgekomen, dat kan niet. Ze parkeren de wagen en
stappen op de agent af die achter hun auto is aangelopen. Tony snuift een
walgelijke brandlucht op. Ze kijkt Britt met een vies gezicht aan "Ruikt
goed." Mompelt ze. "4 mensen," begint de agent als hij bij de
twee vrouwen is. "En waarom worden wij erbij gehaald?" Wil Britt
weten. "Wel, het gaat om een gezin, de ouders en twee kinderen, meisjes
volgens getuigen. Het lijkt erg op een ongeluk, maar we twijfelen ook een
beetje. Kom maar eens mee." Ze lopen naar de uitgebrande auto. "De
tank is ontploft, dat is duidelijk. Maar waarom is zo onduidelijk. Het lijkt er
op alsof het vuur hier begonnen is." De agent wijst wat aan. Tony knielt
neer bij de auto. Daar waar de tank gelegen heet is de carrosserie helemaal
omgebogen. Scherpe stukken staal steken naar buiten. "En de andere auto.
Het was toch een botsing?" Vraagt Britt terwijl ze rondkijkt. "Die is
doorgereden. Natuurlijk. Getuigen hebben een auto zien wegrijden, een zwarte
audie, maar op de nummerplaat heeft niemand gelet." Tony trekt een gezicht
"Als iedereen nou toch eens éérst naar de nummerplaat keek."
Verzucht ze. "Ik betwijfel of het echt een ongeluk was, Britt." Zegt
ze als ze teruglopen naar de uitgebrande auto. "In die tank is iets
ontploft en als die andere wagen nog verder heeft kunnen rijden. ?" Britt
knikt en kijkt naar de verwrongen, gesmolten klomp metaal. "Dat moet hard
gegaan zijn. Felle brand." Tony haalt haar schouders op "Een bommetjes
of zo? Maar hoe?" Ze kijkt naar de weg, maar rondom de wagen lijken alle
sporen wel weggebrand. De smeulende puinzooi met de haast verkoolde lijken biedt
een vreselijke aanblik. "Die auto moet helemaal onderzocht worden."
Eist Tony "Ik geloof niet in een ongeluk" verklaart ze tegenover
Britt. Britt ziet dat de straat onder de auto zelfs beschadigd is. "Er is
iets onder de auto ontploft." Constateert ze. De agent die zojuist bij hen
heeft gestaan komt weer op hen toe gerend. "De slachtoffers zijn
geïdentificeerd, of beter; we weten op wiens naam de auto staat." Tony
kijkt hem vragend aan "Het is de familie Ruysdael, ze zijn tamelijk bekend,
ze hebben nogal wat geld." Tony knikt, zij kent de naam wel, ze is er zelfs
eens over de vloer geweest, na een autodiefstal. "Ze hebben drie
dochters?" Weet ze "Misschien is er een thuis gebleven?" Britt
knikt "Waarschijnlijk, wij gaan er wel heen." Zegt ze tegen de agent.
Die kijkt opgelucht, iemand vindt het leuk om een ander te vertellen dat z'n
hele familie verbrand is. Ook de politiemensen beleven daar enorm weinig lol
aan. Britt en Tony stappen in de wagen. "Dat wordt heel erg leuk."
Voorspelt Tony "Ik ben daar al eens geweest. Die lui zijn echt gigantisch
rijk en gedragen zich daar ook naar." Waarschuwt ze Britt. Britt lacht
"Als ik jou zo hoor ben je niet erg dol op ze." "Politiemensen
vonden ze echt maar lastig. Ze hadden nog liever gewoon een nieuwe wagen gekocht
en de diefstal niet aangegeven. We kwamen er zelf achter, omdat we die bende
moesten hebben die het gedaan had!" Ze draaien een inrit op. "Is dát
het?" Britt wijst op een groot landhuis aan het eind van de oprijlaan.
"Indrukwekkend, niet?" Ze rijden verder over het knerpende grind en
parkeren de auto voor de deur. De deur wordt al geopend voor ze kunnen
aanbellen. Een oude heer in een net pak begroet hen vriendelijk. Britt legt uit
wie ze zijn en vraagt of iemand van de familie thuis is. De man die de butler
blijkt te zijn meldt hen dat alleen de jongejuffrouw thuis is en die wil niet
gestoord worden! Ja, denkt Tony, je had het kunnen denken. "Dit vindt ze
vast belangrijk genoeg." Dringt Britt aan. Even later worden ze dan toch
door de butler de gigantische trap op naar de werkkamer van de jongejuffrouw
geleid. "Er is bezoek voor u." "Oh. Dankje Victor." Klinkt
het koel "Maar ik wilde niet gestoord worden, herinner je je dat nog?"
De man knikt en wijst dan op Britt en Tony die een stap naar voren doen.
"Dat weet ik, maar deze dames zijn van de politie. En." In een grote
stoel zit een jong meisje van een jaar of 20. Geërgerd kijkt ze op uit een boek
wat ze op haar schoot heeft liggen. "Al waren zij de koning zelf, ik wíl
niet gestoord worden. Laat hen maar een andere keer terug komen." Tony
kijkt Britt aan, zie je wel, lijken haar ogen te zeggen. Ze praat niet eens
tegen ons, ze praat via de butler tegen ons, denkt Britt verbaasd. "Het is
belangrijk. Het kan niet wachten." Komt Britt tussenbeiden. Verstoord kijkt
het meisje naar Britt en staat dan op. Zuchtend legt ze het boek weg en stapt
dan op Britt en Tony af. "Sophie-Anne Ruysdael. Wat kan ik voor u
betekenen?" Ze schudt de dames beleefd de hand en wuift de butler weg. Ze
loopt door naar een bureau en gaat daar achter zitten terwijl ze op de stoelen
ervoor wijst. "Gaat u zitten." Dit is duidelijk geen flauwe tante,
ziet Britt meteen. "Wij hebben niet zo'n goed nieuws voor u." opent
Tony met het gebruikelijke understatement. Sophie-Anne kijkt hen nu
geïnteresseerd aan. "Vanmiddag zijn uw ouders en zusjes bij een ongeluk
betrokken geraakt. Ze zijn daarbij alle vier om het leven gekomen."
Sophie-Anne staart hen een ogenblik verbijsterd aan. "Maar." Stamelt
ze "Dat is niet mogelijk, dat kan niet waar zijn." Ze staat op en
loopt wat onvast naar een kastje. Als ze het opent ziet Tony er voor behoorlijk
wat geld aan drank staan. Met bibberende handen schenkt Sophie-Anne zichzelf een
sherry in. "Ik zou een whisky moeten nemen." Mompelt ze terwijl ze
weer terug achter het bureau gaat zitten. "Hoe is dat mogelijk?" Ze
wendt zich tot Britt "Ze gingen alleen even naar mijn. " Ze hapert
even "een zakenrelatie. Hoe kan dit?" Maakt ze haar zin af. Ze vraagt
dit alles op een toon alsof Britt persoonlijk verantwoordelijk is voor de hele
ellende. Britt kijkt hulpeloos naar Tony. "Wel, we weten niet goed hoe het
gegaan is. Na een botsing heet de auto van uw familie vlam gevat." Probeert
die. Sophie-Anne trekt een pijnlijk gezicht. "En de mensen uit die andere
auto? Hoe gaat het met hen?" Vraagt ze opeens vol gevoel voor de medemens.
Tony haalt lichtjes haar schouders op "Dat weten we niet, da's het
probleem, die andere wagen is doorgereden." "Doorgereden?"
Herhaalt Sophie-Anne verbaasd "Hij is dóórgereden?!" Vraagt ze nog
eens Tony knikt ter bevestiging. Sophie-Anne staat op en loopt naar het raam.
"En u weet zeker dat het een ongeluk was?" Merkt ze scherp op. Tony
kijkt snel naar Britt "Daar lijkt het wel op." Zegt die neutraal
"Op dit moment kunnen we nog niet zeggen dat het dat niet is." Voegt
Tony daar voorzichtig aan toe. Sophie-Anne draait zich om en spreidt haar armen
wat "Zeg het maar. Ik weet niet hoe te reageren in een situatie als deze.
Dit is teveel.. Huilen mensen normaal gesproken als jullie ze dit vertellen. Ik
kan dit niet bevatten. Jullie komen hier binnen, breken m'n halve leven af.
Suggesties voor mijn reactie, ik sta voor alles open."
"Tony, Britt, ik heb het rapport van het labo. Het was absoluut geen
ongeluk. Er zijn sporen van een molotovcocktail gevonden!" Vanbruane gooit
een snelhechter vol papieren op het bureau. "Moord dus," constateert
Tony droog "Probeer het op te lossen." Zegt Vanbruane zacht "Ik
kende de familie persoonlijk." Ze draait zich om en loopt naar haar
kantoor. "Dat valt tegen." Reageert Tony "Wat?" Wil Britt
weten "Vanbruane is kennelijk bevriend met die familie. Dat valt me van
haar tegen!" Britt lacht "Niet alle mensen bewegen zich in uw kringen
Tony. Hier, kijk eens." Britt werpt haar de notities van de
getuigenverklaringen toe. "De auto remde plotseling voor het stoplicht,
maar het was gewoon groen. Die andere knalde erachter op, niet zo hard, maar
opeens was er een geweldige knal." Leest Tony hardop. "Zie je die
foto's?" Vraagt Britt "De stoep hier, die is kapot, de auto stond
tegen de stoep." Tony bekijkt de foto's. Het straatdek en de stoep zijn na
het wegslepen van het wrak gefotografeerd. Er is duidelijk te zien dat beiden
beschadigt zij op een plek. Tony omtrekt de plek met haar vinger en kijkt dan
naar boven op de foto. De stoep is niet breed daar, helemaal niet. Hij loopt
langs een parkrand. De bosjes grenzen direct aan de stoep. Helemaal niet zo'n
gekke plek om je te verstoppen, denkt Tony. "Britt!" Tony wijst op de
struiken "Ik denk dat ik daar eens wil kijken." Britt bekijkt de foto
even en staat dan op "Wij zijn even terug naar de plek van het
ongeluk." Meldt ze Vanbruane snel "van de aanslag." Verbetert
Tony wrang.
Als ze de auto geparkeerd hebben lopen ze in een keer door naar de struiken.
"Ja," zegt Tony als ze dichterbij staan. "Hier heeft iemand
gezeten." Britt kijkt rond, gebroken takjes, grote voetstappen in het
zwarte zand en een Twixpapiertje. Tony raapt het papiertje voorzichtig met een
plastic zak op "Bewijsmateriaal misschien? Vingerafdrukken?" Hoopt ze
hardop. Ze kijken nog even rond en maken wat foto's. We moeten iemand bellen
voor die voetafdruk. Britt pakt haar mobieltje.
Niet lang daarna zijn ze terug op het bureau. "En?" Vanbruane komt bij
Britt en Tony staan. "Hebben jullie wat gevonden?" Tony knikt
enthousiast. "Iemand heeft in deze struiken gezeten baas. En als ik er niet
ver naast zit dan heeft diegene iets onder de auto laten rollen. Die sporen van
de molotovcocktail? Dus waar het vuur vandaan komt is dan wel duidelijk!"
Vanbruane knikt en kijkt peinzend voor zich uit. "Een moordaanslag, maar
door wie?" Tony haalt haar schouders op "Ja, laten we eerlijk zijn,
elke boerenlul kan tegenwoordig die zooi kopen op straat." "Ik zou het
iets charmanter uitdrukken," beaamd Britt "maar Tony heeft gelijk. Het
is nou niet bepaald een kruisraket die ze hebben gebruikt. Ik bedoel; een
molotovcocktailtje. Tja, de gevolgen zijn vreselijk, maar." Achter hen komt
Pasmans binnen gerend "Op dat Twixpapiertje zaten vingerafdrukken. Tony, en
raadt eens?" Tony zucht "Pasmans, het is geen Lingo hier, wat is
er?" Pasmans steekt trots een papiertje onder Tony's neus "Kijk, een
match 100% Raadt eens wie het is? Het is de broer van Ruysdaels vrouw."
Tony kijkt verbaasd op "Een broer met een strafblad?" Vraagt ze
geamuseerd "Niet direct aannemelijk bij zo'n chique dame." Vanbruane
kijkt Tony kwaad aan "Tony, we worden niet betaald om een oordeel te hebben
over onze slachtoffers!" "Laat ik nou toch denken van wel."
Mompelt Tony en loopt met het papiertje naar haar bureau. "Iemand rijdt in
een auto vóór Ruysdaels auto en remt op de afgesproken plek, zodat de botsing
wordt veroorzaakt en de auto langs de stoep stil komt te staan.. Hij wist dat
Ruysdael daar rechtsaf moest." Reconstrueert Britt, terwijl ze aan het
bureau gaan zitten. "Géén strafblad." zegt Tony terwijl ze de
uitdraai naar Britt schuift "Een paar jaar geleden heeft z'n dochter hem
aangeklaagd voor mishandeling. Maar hij is er nooit voor veroordeeld, omdat ze
de aanklacht weer in trok uiteindelijk. Hij woont vlakbij het park. is gaan
wandelen daar met de hond zeker?" Ze kijkt Britt aan, hier hebben ze zo
weinig aan natuurlijk, daar maakt iedere advocaat direct gehakt van.
"Toevallig." vindt Britt. Tony knikt "Heel toevallig" vindt
ook zij. "Maar goed, het is al laat genoeg hé, we hebben het eten al weer
gemist." Britt kijkt naar de klok "Je kunt doen wat je wilt, maar die
lijken zijn morgen nog niet weg. We gaan morgen eens praten met die broer en
misschien ook nog maar eens met die Sophie-Anne." Tony trekt een gezicht en
protesteert met een diepe zucht "Ja, ik weet het, maar misschien lost ze
iets? We kunnen haar in ieder geval naar die oom vragen." Vanbruane komt op
dat moment ook net voorbij, op weg naar huis. "Zijn jullie al wat
verder?" vraagt ze geïnteresseerd "We gaan morgen eens met die broer
praten," Tony laat Vanbruane het papiertje zien "Maar nu gaan we eerst
naar huis. Ik wil Vera ook nog eventjes vast kunnen houden. Straks vergeet ze
nog dat ik haar moeder ben en niet de oppas." Vanbruane knikt
"Verstandige beslissing. Die broer loopt niet weg."
"Goed dan, eerst naar dat. kind en dan naar de broer." Geeft Tony toe.
Zelf was ze liever eerst naar die broer gegaan, als die toevallig had bekend
hadden ze tenminste niet meer naar Sophie-Anne hoeven gaan. Maar Britt wil eerst
naar Sophie-Anne, als die iets meer kan over de broer van haar moeder, alle
informatie is natuurlijk welkom. Ze rijden de inrit weer op en wederom is de
deur al geopend voor ze het trapje op zijn om er te komen. De butler van de dag
er voor doet weer open. "Het spijt me." Zegt hij vriendelijk "De
jongejuffrouw is er niet. Zij heeft enkele minuten geleden een auto genomen en
is weg gereden." Tony zucht "Da's de porche die we tegen kwamen
zeker?" De butler knikt geduldig "Cadeautje van haar vader."
Voegt hij er glimlachend aan toe. "U weet niet waar ze heen is
gegaan?" De butler schudt langzaam zijn hoofd. Tony zuigt haar adem in
"Jammer dan. dan kunnen we niet met haar praten." Ze zegt het niet op
een toon alsof het haar werkelijk spijt. Britt kijkt haar waarschuwend aan. De
butler glimlacht even "Het is een pittige jongedame niet waar?" raadt
hij Tony's gedachten. "Ze is niet zo vervelend als het lijkt," voegt
hij er vaderlijk aan toe "ze was gisteren wat. geïrriteerd zullen we maar
zeggen." Tony knikt en kijkt er een beetje spottend bij "Geïrriteerd,
jazeker" zegt ze. "De jongejuffrouw had net wat onenigheid gehad met
haar vader. Over een. Familiekwestie. In het bedrijf zijn ze het altijd voor het
volle 100% met elkaar eens. Maar als het gaat om familiebanden." laat de
butler los. Britt knijpt haar lippen even op elkaar, dit moeten ze hebben, een
loslippige butler. "Ging dat over een oom?" voelt ook Tony aan dat ze
hier wel eens een informatiebron konden hebben aangeboord. "Haar oom,
inderdaad, en haar nichtje, dat weet u kennelijk dan al. De zaak is dan ook bij
de politie geweest. Meneer ging gisteren op bezoek en de jongejuffrouw weigerde
mee te gaan. Zij is nog altijd gepikeerd over het feit dat de zaak nooit is
doorgezet." Tony kijkt de man aan "Maar haar nichtje heeft toch zelf
de aanklacht ingetrokken."De butler glimlacht wederom op zijn rustige,
zelfvertrouwde manier "Jazeker. Zij woont dan dus ook nu niet meer thuis.
Meneer bekostigt een appartement voor haar in Frankrijk, ver van haar familie.
Meneer wilde voor het eerst sinds jaren weer op bezoek gaan bij zijn zwager.
Wilde hem een voorstel doen, meneer is erg geïnteresseerd in enkele delen van
het bedrijf van zijn zwager. De jongejuffrouw weigerde principieel zaken te doen
met haar gehate oom. Zij is degene die destijds de zaak aanhangig heeft gemaakt.
Het feit dat haar nichtje min of meer gedwongen heeft moeten afzien van de zaak
is haar in het verkeerde keelsgat geschoten. Er kwamen de meest wilde
bedreigingen op haar nichtje af, die is daar uiteindelijk dan toch voor
gevlucht." Britt knikt en zegt dan samenvattend "Dus de verhouding
tussen Sophie-Anne en haar oom is razend slecht, hij haat haar waarschijnlijk,
want zonder haar financiële en morele steun zou zijn dochter hem nooit hebben
aangeklaagd." "Hij raakte zelfs zijn baan kwijt. En zijn dochter en
zoon wilden niets meer met hem te maken hebben. Alleen zijn vrouw bleef bij
hem." zegt de butler niet geheel zonder blijk van emotie "wel nu, hij
spreekt met haar familie af dat ze komen, zou Sophie-Anne eigenlijk
meegaan?" De butler knikt "Vanzelfsprekend." Britt kijkt Tony
aan, ze denken hetzelfde. "U heeft ons erg geholpen." roepen ze beiden
als ze terug keren naar de auto. "We moeten snel zijn." zegt Tony
terwijl ze weg scheurt. "Sophie-Anne heeft ongetwijfeld dezelfde conclusie
getrokken. Zo'n aanklacht, het hele gezin van haar oom is waarschijnlijk
verscheurd." "En nu verscheurt hij hen. Alleen zat Sophie-Anne zelf
niet in de auto, daar had hij niet op gerekend. Het is een kwestie van tijd voor
hij zijn werk afmaakt. Dat moet zij zelf ook ingezien hebben. En als je het mij
vraagt wil ze hem nu voor zijn." Tony knikt "Dat is ook wat ik denk,
ik heb een heel duidelijk idee wie we zullen aantreffen in het huis van onze
geliefde oom. ik hoop alleen dat ze allebei dan nog in leven zijn." De weg
naar het huis is maar kort, als ze de inrit oprijden zien ze de porche van
Sophie-Anne al staan. Het hek dat naar een tuinpad achterom leidt staat ook
wagenwijd open. Ze sluipen achterom en komen bij de achterdeur. Voorzichtig
openen ze de deur en horen al meteen een stem. "Je kunt dan wel schieten,
maar wat schiet je er mee op?" horen ze een mannenstem vragen "Dat ik
jouw rotkop in ieder geval nooit meer hoef te zien." Snauwt de stem van
Sophie-Anne nu ten antwoord. "Ik zal dood zijn. en jij. Als je schiet kom
je in de gevangenis. Zeg maar dag tegen je bedrijf, zeg maar dag tegen je hele
leven, dame! Schiet maar, ja, schiet vooral!" Voorzichtig sluipen Tony en
Britt naar de kamer. "IK had erbij moeten zitten hè? Maar ik zat er niet
bij. Wanneer kom je voor mij?" Ze zien Sophie-Anne staan, ze heeft een
pistool gericht op een man die bij het raam staat "Ik weet het niet. Ik had
er niet op gerekend dat je niet mee zou komen. Ik dacht. mijn lieve nichtje, ze
komt vast wel mee, die doet alles voor het bedrijf. Maar, ik heb je onderschat.
Ja, ik zal snel moeten zijn, want jij gaat vast vertellen dat ik er achter
zit." Ze zien de tranen in de ogen van Sophie-Anne staan. "Sophie-Anne
niet schieten," zegt Tony plotseling "maak je eigen leven niet kapot.
Wij zijn er, we hebben bewijzen en we nemen hem mee.. laat dat pistool maar
zakken." Ze kijkt opzij en kijkt Tony recht aan "En als ie vrij komt?
Als. Als er weer iets gebeurt? Dan loopt hij weer lachend weg. Daar kan jij wel
mee verder ja, maar ik? Moet ik dan elke dag kijken of ik zijn auto zie? Of dat
ik zijn kop zie? Misschien ontsnapt ie wel uit de gevangenis!" Ze houdt
haar pistool strak op hem gericht. "Schiet maar." daagt de man haar
uit. Hij loopt nu heel langzaam op haar af "Schiet dan! Schiet dan! Je
durft het niet. je kunt het niet eens volgens mij." Tony rolt met haar ogen
"Luister niet naar hem!" snauwt ze en gaat naast het meisje staan. Ze
trekt haar wapen en richt dat op de man "Politie, blijf staan. u wordt
gearresteerd op verdenking van moord met voorbedachtheid!" Roept ze. Britt
stapt de kamer in en gaat naast Tony staan. Sophie-Anne kijkt verbaasd opzij en
laat dan langzaam haar pistool zakken. Britt rent op de man af en grijpt hem bij
zijn arm, in een mum van tijd heeft ze hem geboeid. Sophie-Anne zakt neer in de
dichtstbijzijnde stoel en begint onbedaarlijk te huilen. Tony legt een arm op
haar schouder terwijl Britt om een combi belt en de oom de keuken in duwt.
"Nu,"zegt Tony "Nu heb je zo ongeveer de reactie die we
verwachten." Sophie-Anne kijkt op en knikt even "Bedankt," zegt
ze dan "alleen moet ik nu helaas nog wel wat van m'n leven zien te maken,
de gevangenis was nog de gemakkelijkste variant geweest." ze glimlacht kort
en kijkt dan zuchtend voor zich uit.
einde
|