KERKMOORD (deel 2)
En nadat ze gedaan hadden met eten en nog gezellig een spelletje met elkaar hadden gedaan gingen de kinderen naar bed en leidde Johan Britt ook mee naar de slaapkamer.
Britt: Maar ik ben niet moe.
Johan: U mag niet liegen.
Britt; Maar Johan ....
Johan: Dan ga je maar niet slapen maar gewoon in bed liggen rusten.
Britt: Dat heb ik vanmiddag al gedaan . De kinderen waren zo druk dat het me een beetje teveel werd, maar ik wist niet dat ik zo lang had gelegen.
Johan: We kunnen ook wat anders doen hoor.
Britt: ???
Johan: Maar we moeten wel zachtjes doen want Simon zegt dat hij ons kan horen.
Hierop begint Britt te blozen, maar merkt bij zichzelf dat ze best wel zin heeft om met Johan te gaan vrijen.
Heel voorzichtig zetten ze het voorspel in en langzaam werken ze zich beide naar hun hoogtepunt waarna Britt intens blij en voldaan weer in een diepe slaap valt en Johan nog heel lang naar haar schoonheid blijft liggen kijken.
Dan valt ook hij in slaap...
De volgende ochtend, rond half 10 schiet hij wakker...
Johan: Da’s waar ook, de kinderen hadden vrijaf... (denkend/zuchtend)
Dan pas ziet hij dat Britt al uit bed is...
Als hij zijn ochtendjas heeft aangedaan loopt hij naar de keuken en ziet tot zijn blijde verrassing dat Britt een ontbijttafel heeft gedekt, compleet, alles erop en eraan. Niets vergeten. De eitjes staan te koken, er zijn verse broodjes die ze zelf al bij de bakker heeft gehaald en ze heeft ook verse sinaasappelsap geperst.
Johan neemt haar verliefd in zijn armen.
Johan: Wat ben ik gek met u. En wat goed dat je dit helemaal alleen hebt gedaan. Ging het een beetje?
En dan kijkt hij haar in de ogen en ziet toch weer wat tranen.
Johan: Wat is er lief?
Britt: Oh, Johan, ik kan er niet meer tegen dat ik gewoon niet alles meer weet, en overal drie keer zo lang over moet denken en over doe dan ik zou willen. Ik ben waardeloos.
Johan: Maar Britt, het ziet er allemaal fantastisch uit. En je hebt het zelf bedacht en gedaan. Dat is toch geweldig?
Britt: Johan, houd me nog eens even vast, heel dicht bij je.
En terwijl ze zo verliefd tegen elkaar aan staan komen Simon en Dorien van de trap af denderen.
Beiden: Goeiemorgen !!
Johan: Goedemorgen, maar een klein beetje zachter mag het wel alsjeblieft.
Dorien: Hoi mam. Heb je Tony al gebeld?
Britt: Direct vanmorgen om acht uur.
Simon: Zelf aan gedacht?
Britt: Ja.
Simon: Geweldig! Ik zei toch dat je het wel kon onthouden.
Britt: Dank je wijsneus, zullen we gaan ontbijten. Als we allemaal vrij hebben vandaag kunnen we misschien lekker naar zee gaan en een strandwandeling maken of zo. En misschien nog even bij oma gaan. Die zal denk ik wel blij zijn als ze ons allemaal ziet.
Johan: Aan tafel dus.
En als hij na het ontbijt met Britt teruggaat naar de slaapkamer vraagt hij voorzichtig of het haar dan niet teveel zal worden, maar dit kan Britt nu net niet hebben.
Britt: Johan, ........ (en dan gaat ze huilend op bed liggen)
Johan: Wat is er? Heb ik iets verkeerds gezegd?
Britt: Wanneer kan ik nou eens zelf bepalen wat goed voor me is. Iedereen staat heel de dag om me heen mij te controleren.
Johan: Sorry, Britt. Ik wilde je niet kwetsen. Wil je mij vergeven?
Britt: Kom dan eens hier als je durft.
En als Johan bij haar komt zitten trekt ze hem met een ferme armworp over zich heen het bed weer in en begint hem heftig te zoenen.
Johan: Betekend dit dat je me vergeeft?
Britt: Is dat niet genoeg? (en dan trekt ze hem zijn ochtendjas uit en wil weer gaan vrijen.
Johan: Britt, de kinderen wachten op ons.
Britt: Moeten ze maar even wachten hoor, nu zijn wij aan de beurt.
Britt wordt er bedreven in want binnen een kwartier hebben ze gedaan en gaat ze vlot onder de douche.
Nog maar een week de steunen, denkt ze als ze zich aankleed, en dan mag ik weer gewoon lopen.
Johan rijd ze naar het strand, maar het is eigenlijk best wel koud, het is inmiddels al oktober.
Bovendien lukt het Britt niet zo goed om in het zand te lopen, dus blijven ze op het duin zitten terwijl Dorien en Simon zich even lekker uitleven met hun vlieger.
Johan had uit voorzorg maar een extra bodywarmer meegenomen, en een plaid, maar nog heeft Britt het koud.
Dan tovert Johan ook nog een sjaal , een muts en een paar warme wanten tevoorschijn en kleed Britt alsof het winter is. En als ze dan nog zegt dat het koud is neemt hij haar in zijn armen en neemt haar hoofd in zijn handen en zoent haar hele gezicht in de hoop dat ze wat opwarmt.
Maar dat werkt allemaal niet.
Johan: Zullen we dan naar je moeder gaan? Heeft die wel op ons gerekend als we met de hele club komen?
Britt; Mijn moeder is een ster. Uit het niets tovert ze alles wat wenselijk is. En ik denk dat die benieuwd is hoe het met me gaat, dus laten we haar maar gaan verrassen.
Uiteraard is oma José heel blij als Britt met haar gevolg aan komt waaien. Ze hebben een heerlijke middag en daar bij de open haard komt Britt weer lekker op temperatuur. Tegen drie uur 's middags is ze echter de bout af en brengt José haar naar de logeerkamer om even een slaapje te gaan doen.
José: Ga even lekker slapen Britt, ik zie dat je het nodig hebt. En ja, ik weet dat je het niet leuk vind als wij zeggen wat je moet doen, maar wij helpen je, om je grenzen weer te leren kennen. Als je niet kunt slapen of als je wakker wordt kom je gewoon weer uit bed en kom je weer bij ons.
Britt: Mam, ik ben zo blij dat ik u nog heb. Ik ben u eeuwig dankbaar.
José: Ik ben wat blij met zo'n dochter als jij. Maar slaap nu maar even.
Terug in de kamer stelt José voor dat ze ook blijven eten, en als ze willen kunnen ze ook de nacht blijven en morgen bij daglicht en goed uitgerust weer op pad te gaan.
Dorien: Jippie, dat zou ik heel graag willen. Gaan we dan ook nog taart bakken, die u altijd zo lekker maakt?
José: Is goed. Als Johan even meegaat boodschappen doen, dan kunnen jullie misschien even een beetje thee maken?
Simon: Is goed.
Zo blijven ze die vrijdagavond lekker bij oma José. De kinderen met oma in de keuken voor de taart en Johan draagt zijn steentje bij met koken en Britt doet een slaapje wat ze eigenlijk ook wel hard nodig heeft.
Om half zeven gaat José even bij Britt kijken die net wakker begint te worden.
José: Dag meisje. Lekker gerust?
Britt: Heerlijk. Wat ben ik toch ook dom om jullie advies in twijfel te trekken. Ik voel me echt gewoon beter als ik goed gerust heb.
José: Dat ga je allemaal weer vanzelf leren. Tony heeft me gezegd dat je hele goede vorderingen hebt gemaakt.
Britt: Heb je Tony gesproken?
José: Ja, die heeft me opgebeld een week geleden.
Britt: Wat is die toch ook lief hè?
Jose: Die is heel goed, ook voor jou.
Britt: Mag ik uit bed komen?
José: Natuurlijk. Johan heeft geholpen met koken en we kunnen zo aan tafel. Kleed je even aan en dan zie ik je zo.
Britt komt de kamer in met alleen de krukken. Ze wilde niet nog eens die steunen aandoen en ze loopt dus wat voorzichtiger, wel met de krukken maar het gaat toch goed. Ze is trots op zichzelf en iedereen juicht haar initiatief toe.
------
Zo gaat Britt nog een poosje door. Na twee weken mag en kan ze zonder steunen. Na nog eens een week heeft ze ook geen krukken meer nodig. De fysiotherapie is eraf en vervangen door drie keer per week sporten, maar om een overvolle agenda te vermijden heeft Nadine er voor gezorgd dat ze dat in werktijd kan doen, al dan niet samen met een collega.
Britt is zelf ook tot de conclusie gekomen dat ze op tijd haar rust moet nemen en dat dat veel beter werkt op haar gemoed en haar gestel.
Al met al is ze meer dan 9 weken zoet geweest met ziek zijn, maar dan heeft ze het ook echt wel gehad.
De laatste controle bij de neuroloog was zo goed dat Britt pas over een half jaar terug hoeft te komen. De gesprekken bij de psycholoog zijn nu eens per drie weken en verder moet ze zelf leren om een goede balans te vinden tussen rust en activiteit, en daar slaagt ze steeds beter in.
Britt wordt volledig arbeidsgeschikt verklaard en gaat weer "gewoon" aan het werk. Ze weet wel dat Nadine, en zeker Tony, haar goed in de gaten houden maar dat neemt ze voor lief. Ze weet dat ze nog wel een beetje de neiging heeft teveel hooi op de vork te nemen.
Heel blij is ze als ze haar eerste zaak weer "op straat" mag.
Ze kan zelf weer autorijden en onderweg heeft ze met Tony best wel schik. Het is bijna net als vroeger.
De zaak waar ze op komen lijkt op een doorsnee overval en dus nemen ze standaard de verklaringen op van de getuigen, en laten de technische recherche sporen zoeken.
Routinematig verwerkt Britt de informatie in een dossier en werkt zo haar eerste dag af.
En passant moeten ze nog op de rechtbank zijn omdat een van de daders die Tony een poos geleden heeft opgepakt wordt voorgeleid en ze haar verklaring moet onderstrepen. Britt kan zo even een kijkje nemen in het vervolg van een arrestatie en heeft dat ook zo weer onder de knie.
Maar net drie dagen weer aan het werk beginnen er rare dingen te gebeuren: Britt krijgt telefoontjes die snel worden neergelegd; er komt post maar de enveloppen blijken leeg te zijn; ze worden zelfs bij ongevallen geroepen die helemaal niet hebben plaats gevonden.
Britt begint ouderwets te balen van deze verspilling van haar tijd.
Tot op een dag ze weer een enveloppe krijgt, maar die is nu niet leeg. Er zitten twee kogels in en Britt slaat de schrik om het hart.
Johan: Britt? Britt, zeg eens, wat is er gebeurt?
Maar er komt geen reactie. Hij schud stevig aan haar schouders en tikt haar voorzichtig op haar wangen, en na een poosje komt Britt gelukkig weer bij.
Johan: Wat is er gebeurt Britt? Je ligt op de grond en reageert niet?
Britt: (kijkt Johan wat verward aan) Wat is er? Waarom ben je hier?
Johan: Ik zou je ophalen om samen de kinderen uit school te halen. We zouden vanavond toch samen uit eten gaan?
Britt: Oh, dan zal ik me klaar maken.
Johan helpt Britt overeind maar laat niet haar hand los. Hij wil eerst weten wat er is.
Johan: Britt was je flauw gevallen? Ben je ziek aan het worden? Je gaat toch niet zomaar op de grond liggen?
Britt: Ik weet het niet, maar er is niets hoor. Maak u niet ongerust.
Maar Britt zegt dus echt niet wat er gebeurt was. Ze is veel te bang dat Johan boos gaat worden en daar kan ze helemaal niet tegen.
Die avond bij het eten is ze ook wat stiller en het valt zelfs de kinderen op.
Als Johan Britt en Dorien 's avonds thuis afzet gaat hij met Simon nog even mee en stuurt de kinderen naar de kamer van Dorien. Hij wil nog even met Britt praten maar die is zo gesloten als de kluis van de Nationale Bank. Ze geeft geen woord toe van wat haar zo afleid.
Enigszins boos verlaat Johan dan Britt's appartement.
Die maandag op het commissariaat krijgt Britt wederom van die rare telefoontjes. Maar een ervan wordt door Tony opgenomen omdat Britt net zelf even weg is om koffie te halen.
Tony: Hallo, wie is daar?
Stem: Waar is Britt?
Tony: Als u zegt wie u bent zal ik het u misschien zeggen.
Stem: Rotwijf. (en hij knalt de haak er weer op)
Als Britt terugkomt vraagt Tony aan Britt of ze wel vaker van die rare telefoontjes krijgt.
Britt: Hoezo raar?
Tony: Er belt net zo'n flippo op en die wilde u spreken maar toen ik zijn naam vroeg werd hij echt brutaal en gooide op.
Tony ziet een lichte schrik reactie bij Britt, maar net als bij Johan zegt ze niet wat er aan de hand is.
Het zit Tony niets lekker en ze gaat toch maar even met Nadine praten. Vanuit diens kantoor zien ze dat Britt wezenloos voor zich uit zit te staren.
Nadine: Toch niet nog ergens zo'n Dashi aanhanger hoop ik?
Tony: Alsjeblieft niet. Ik dacht dat we ze allemaal hadden.
Nadine: Roep Britt eens binnen . Ik WIL dat ze ons verteld wat er gaande is.
Tony: Britt, kom je ook even?
Aarzelend loopt Britt binnen. Ze weet wat er komen gaat en voelt haar moed in de schoenen zakken. Ze wil niet vertellen wat er is maar ze weet dat ze niets kan beginnen als Nadine EN Tony haar samen onder handen nemen.
Britt: Ik heb een paar van die telefoontjes gehad. Ook een paar keer post waar niets in de enveloppe zat.
Tony: En sinds wanneer is dat zo?
Britt: Vanaf dat ik een dag of drie terug was, nu zo'n anderhalve week geleden.
Tony: En wat is er nog meer gebeurt?
Britt; (uiterst twijfelend) Niets, hoezo?
Tony: Britt, vertellen. Ik zie aan je gezicht dat er meer is.
En dan haalt Britt heel voorzichtig een plastic zakje uit haar jasje en legt dat op Nadine's bureau.
Nadien: God******. Ik dacht het al wel.
Tony heeft al beschermend haar armen om Britt heen geslagen die nu al weer tegen haar aan ligt te huilen.
Tony: Rustig maar Britt. Wij gaan dit uitzoeken. Hier is een of andere sikko bezig, maar dat laat ik niet gebeuren. Niet met jou. Wanneer heb je die gehad?
Brit: Vorige week vrijdag.
Tony: Weet Johan ervan?
Britt: Ik durf het hem niet te zeggen. Ben veel te bang dat hij kwaad wordt.
Nadine: Maar dit kun je toch niet voor hem verbergen? Britt, heb je de enveloppe nog? We moeten proberen sporen te vinden.
Britt: Thuis bij het oud papier.
Tony: Ik ga nu met je mee en we gaan het halen. Thuis bel je Johan en vraagt hem om te komen.
Britt: NEE !! Dat durf ik niet.
Nadine: Britt, luister nu naar Tony. Je wilt toch niet weer zo'n ellendige tijd meemaken? Wij gaan er nu werk van maken.
Britt: Maar ik wil niet weer steeds over mijn schouder hoeven kijken of er iemand is die het op mij voorzien heeft. Ik kan dat niet nog eens aan. (en weer huilt ze )
Tony: Kom maar Britt. Ik ga nu met je mee naar huis. Dan kun je daar even een beetje bijkomen. En dan ga ik op zoek naar die enveloppe.
Thuis zakt Britt verslagen neer in een zetel. Apathisch kijkt ze voor zich uit terwijl Tony op zoek gaat naar de enveloppe waar de kogels in hebben gezeten.
Na een tien minuten zoeken heeft ze hem. Ze stopt hem in een plastic bewijszak en noteert een paar gegevens.
Britt heeft zich nog steeds niet verroerd.
Tony: Wil je zelf Johan bellen? Of zal ik het doen?
Maar er komt geen antwoord, dus belt ze zelf.
Johan: Van Lancker.
Tony: Johan kun je NU naar Britt haar appartement komen?
Johan: (verschrikt) Is er wat met Britt??
Tony: Ja, maar kom maar, ik ga het niet over de telefoon vertellen. Ze is hier wel bij me, maar ze is heel erg geschrokken daarom belt ze niet zelf.
Al hij binnenkomt vliegt hij op Britt af en grijpt haar bij haar schouders.
Johan: Britt, wat is er dan toch gebeurt?
Tony houd het zakje met de enveloppe op.
Johan: Wat is dat?
Tony: Ze heeft een paar keer lege enveloppen ontvangen, en telefoontjes die niet ingesproken worden. En in deze enveloppe zaten twee kogels.
Nu krijgt Johan het ook bijna te kwaad. Hij laat zich op zijn knieën voor Britt vallen en sluit haar stevig in zijn armen.
Johan: Meisje, waarom heb je mij niets gezegd. Ik vroeg je laatst nog of alles oké was, en toen zie je dat er niets aan de hand was.
Britt; Ik was zo bang dat je kwaad zou worden.
Johan: Op u nooit, dat weet u.
Britt; Hou me vast Johan, ik ben zo bang.
Johan neemt Britt nog steviger in zijn arm en leid haar mee naar de slaapkamer waar hij haar op bed legt en warm toedekt met een dekbed. Dan gaat hij naast haar zitten en praat zacht lieve woordjes tegen haar, waarop Britt al snel wegzakt in een onrustige maar broodnodige slaap.
Terug in de kamer vraagt hij Tony wat er allemaal aan de hand is.
Tony: Ik nam vandaag haar telefoon op haar desk op en hoorde en of andere flippo zich erg onfatsoenlijk gedragen en toen werd er weer ingehangen. Toen ik vroeg wat er was zei ze eerst dat alles oké was maar Nadine vertrouwde het ook niet en toen ik weer vroeg begon ze heel hard te huilen en vertelde ons dat ze mogelijk weer bedreigd werd. Ze liet ons de kogels zien en ik ben met haar naar huis gekomen om die enveloppe te zoeken in de hoop dat daar sporen op zitten.
Johan: Welke gek doet nu zoiets? Dat moet wel een heel pervers iemand zijn die haar zo de schrik aanjaagt.
Tony: Ik weet niet wie het is. We gaan het uitzoeken. (ze durfde niet te vertellen dat Nadine een van de laatste Dashi mannen verdacht)
Johan: Tony alsjeblieft los het snel op. Ik zou het niet kunnen aanzien om Britt weer zo te zien lijden. Help haar in godsnaam.
Tony legde een hand geruststellend op Johan's arm en vertrok toen weer naar het commissariaat.
Die avond had Johan de grootste moeite om Britt weer gerust te stellen. Hij bleef uit voorzorg maar weer bij haar slapen, maar deed zelf nauwelijks een oog dicht, veel te bang dat hij niet zou merken als er wat met Britt was.
De ander morgen stond Britt op haar gebruikelijke tijd op en wilde naar het werk gaan. Dat ze weinig had geslapen kon Johan wel aan haar gezicht zien maar ze wilde persé gaan werken.
Johan: Toch niet na wat er gebeurt is?
Britt: Johan, ik weiger me in de hoek te laten drijven door zo'n malloot. Ik ga Tony helpen met die idioot te vinden en dan zorg ik dat hij voor heel lang achter de tralies verdwijnt.
Johan: Maar Britt....
Britt: Johan, ik ga. En als het niet lukt dan bel ik u. Dat beloof ik. Ik ben veel te gek op u om dat op het spel te zetten, maar alsjeblieft steun me hierin, en in mijn keuze om er zelf ook wat aan te doen.
Dan neemt hij haar weer in zijn armen en kust haar heel vurig.
Johan: Doe voorzichtig Britt, ik wil u niet kwijt.
Britt; Doe ik Johan. Tot vanmiddag.
Maar op het commissariaat wil Nadine haar weer terug sturen en moet ze heel wat overredingskracht gebruiken om zelf mee te mogen zoeken naar sporen. Maar dan wel sporen in de archieven want verder hebben ze gewoon nog niet veel.
Tony heeft ook zo haar bedenkingen maar weet uit ervaring dat het niets uithaalt als je Britt van een onderzoek af wilt halen als ze een maal haar tanden erin heeft gezet, en even schiet er een lach op haar gezicht als ze aan een opmerking van Pasmans moet denken: Rotweiler Michiels.
Urenlang zitten ze de computer na te pluizen; worden oude verslagen van verhoren weer doorgespit; Nadine gaat zelfs naar de gevangenis om enkele van Dashi's medewerkers te ondervragen of er nog losse elementen rondzwerven.
Een gedetineerde waagt het zelfs om voor strafvermindering te pleiten als hij informatie geeft.
Nadine weet dat dat niet het geval zal zijn, maar ze wil persé alle informatie die ze krijgen kan. Ze zegt niet toe met woorden maar geeft een bescheiden hoofdknikje.Ze denkt bij zichzelf: Niet gesproken dus niet te verantwoorden en probeert zo wat los te krijgen. Ze komt met twee namen terug op het commissariaat en geeft die aan Tony om verder uit te zoeken.
Britt; En ik dan?
Nadine: Jij mag even een kop koffie voor jezelf en voor mij halen en dan bij mij in het kantoor komen.
Britt: Waarom moet ik komen?
Nadine: Ik wil even met je praten. Ik denk niet dat het goed is dat je hier mee doorgaat Britt. Als het is zoals ik verwacht loopt er nog steeds een gek rond uit het kamp van Dashi en je weet verdorie zelf waartoe die lui in staat zijn.
Britt; Maar Nadine ik kan gewoon niet gaan zitten wachten tot er weer wat gebeurt.
Nadine; Ik wilde dat ik je kon beloven dat er ook niets gebeurt, maar dat kan ik ook niet.
Britt: Als jullie iemand vinden wil ik ook niet mee met de arrestatie, maar ik moet gewoon weten dat de laatste ook uit de maatschappij wordt gehaald.
Nadine; Dat vind ik een wijs besluit Britt.
Maar die dag komen ze geen steek verder. De motards hadden twee adressen gecontroleerd maar niets verdachts gevonden.
Nadine ging anderdaags weer terug naar de gevangenis om de gedetineerd eens flink de kast uit te keren over zijn valse informatieverstrekking en dreigde hem daarvoor nog eens extra te laten beboeten.
Daarop kreeg ze een nieuw adres en liet dat weer controleren.
Nu konden ze wel iemand oppakken maar die was zich echt van geen kwaad bewust en moest dus weer worden vrij gelaten.
Ondertussen had het onderzoeksteam het huis van boven naar beneden en van binnen naar buiten nagekeken en hadden een paar kleine zaken aangetroffen die ze niet helemaal vonden kloppen.
Onderwijl op het commissariaat had Britt weer een dreigtelefoontje gehad en ze zat nu bijna te hyperventileren in Nadines kantoor.
Tony: Gaat het Britt of wil ik je terug brengen naar huis?
Britt: Ik ben me kapot geschrokken. Ik dacht dat jullie hem hadden opgepakt maar hij belde weer. Tony ik ben zo bang.
Tony: Zullen we even een stukje gaan lopen? Even een beetje uitwaaien. Je zit heel de dag maar hier binnen en met niets anders aan je hoofd dan die gek met zijn bedreigingen. Kom. ik trakteer op een broodje in de Combi en dan gaan we daarna even een stukje kuieren.
Britt: Kuieren?
Tony: Geleerd van die Nederlandse arts die hier op het St. Lucas werkt.
Britt; Heb jij daar wat mee?
Tony: Nee, hoezo?
Britt: Jij hebt het toch niet zo met dokters?
Tony: Heb ik ook niet, maar zoals je weet kon ik er laatst niet meer omheen. En we hebben een paar keer wat gedronken met elkaar.
Britt: Maar wat heeft dat met kuieren te maken?
Tony: In Nederland zeggen ze kuieren tegen op je gemak wandelen.
Britt: Oké, laten we dan maar een stukje gaan kuieren, want ik kan wel wat frisse lucht gebruiken.
Eerst gaan ze naar de Combi voor een lunch en nadien lopen ze, op hun gemak, door de Gentse Kuip.
Britt heeft ingearmd bij Tony en vind het eigenlijk wel gezellig zo.
Gelukkig is Britt nu meer spraakzaam dan de voorgaande uren en dagen.
Ze hadden de rustige kant uitgezocht en waren via de Augustijnenkaai naar het Rabot gelopen en kwamen nu via de Tinnenpotstraat, het Gewad en de Breydelstraat terug bij de Grasbrug over de Leie.
Even nog een oversteek over de Hooiaard, de Hoogpoort door en dan terug naar de Belfortstraat, naar het commissariaat.
Maar terwijl ze op de Grasbrug liepen kwam er ineens een auto heel hard van de Hooiaard afgereden, recht op hun af. Britt bleef stijf van schrik staan, ze wist niet wat er gebeurde.
Tony probeerde heel snel de situatie in te schatten en zag dat het goed mis zou kunnen gaan. Ze gaf Britt een flinke duw, waardoor die links tegen de brugleuning viel , maar daardoor kwam ze zelf in disbalans en had moeite zich recht te houden.
Toen werd ze frontaal geraakt door de auto die op hun af was komen scheuren. Ze vloog een stuk door de lucht en kwam keihard op het brugdek terecht. De auto reed achterwaarts en zette de versnelling om en reed nogmaals in op Tony, die al hulpeloos op de brug lag. Hij reed zo over haar heen maar verloor daarbij de controle over het stuur en knalde aan de andere zijde tegen de brugleuning en knalde daar doorheen en lande met de neus naar beneden in het water.
Grote verslagenheid bij de omstanders.
Britt, die helemaal trillend als een rietje nog op de grond zat.
Tony, die er vreselijk gewond uitzag.
En een auto op de kop in het water.
Langzaam kwam er beweging in het hele gebeuren. Britt kroop op handen en knieën naar Tony en begon heel hard te huilen.
Ze was te zeer in paniek om haar telefoon te nemen
Omstanders probeerden Britt te kalmeren en hadden al wel de 100 en de 101 gebeld, die snel ter plaatse kwamen.
Ook vanuit bureau Belfortstraat kwamen de agenten en Nadine was erbij toen ze had vernomen dat er twee vrouwen waren aangereden. Ze had er een naar voorgevoel bij gehad en dat bleek helaas te zijn uitgekomen.
Nadine ontfermt zich over Britt die in shock verkeerd, terwijl de ambulanciers bezig zijn met Tony. Die was echt goed geraakt. Ze bloedde hevig aan haar hoofd, haar hele lichaam lag in een vreemde houding, haar kleding was zwaar beschadigd.
Nadine vroeg de ambulancier of ze het ging halen.
Ambulancier: Dat weet ik niet. Het ziet er zeer ernstig uit. We moeten haar hier zien te stabiliseren en dan zo snel mogelijk naar het ziekenhuis.
Terwijl hij dit zegt begint de hartslagmeter angstvallig te piepen.
Broeder: Flatline. Defibrilleren !!
En op de brug wordt Tony tot twee keer toe geshockt om haar hart weer op gang te brengen.
Ze heeft twee infusen, er is een tube ingebracht en ze wordt met een ambu-ballon beademd en ook heeft ze een halskraag om en komt op een schiene te liggen die haar rug immobiliseert en dan gaan ze in vliegende vaart naar het ziekenhuis.
Nadine volgt in een politiewagen samen met Britt.
Andere agenten van de politie hebben samen met de brandweer de auto uit het water gevist en de bestuurder was wel even bewusteloos geweest maar had het hele voorval wel overleefd. Hij zou ook naar het ziekenhuis begeleid worden en daar eens heel stevig aan de tand worden gevoeld.
Ondertussen werden de verklaringen van omstanders opgenomen en was het snel zo klaar als een klontje dat hier duidelijk sprake was van kwaad opzet. De vraag was even wie het beoogde slachtoffer was, zeker nu ze met die toestand met Britt bezig waren.
Na behandeling kon de chauffeur (Bernd) mee naar het bureau om daar verhoord te worden. Maar wat hij vertelde schokte Raymond heel erg.
Het was inderdaad de laatste man van Dashi en hij had Britt voor eens en voor altijd uit moeten schakelen. Toen hij beide dames had zien lopen, had hij echter niet meer geweten wie hij moest hebben en had klakkeloos zijn gaspedaal ingetrapt en niet eens gezien wie of wat hij raakte.
Raymond: Omstanders hebben gezien dat u achteruit bent gereden en opnieuw over het slachtoffer hebt gereden.
Bernd: Ik moest zeker zijn dat ze dood was.
Raymond kan het niet meer aanhoren en loopt het verhoor uit.
Raymond: Sel , wil jij even met mij meerijden naar het ziekenhuis. Ik moet dit nu, direct aan Nadine vertellen.
In het ziekenhuis zat Nadine alleen in de wachtkamer. Britt werd onderzocht omdat ze wat ademhalingsmoeilijkheden had. Door de val had ze wat ribben gekneusd. Bovendien verkeerde ze nog in shock.
Er was een heel artsenteam bezig met Tony en er was nog geen zicht op hoe ernstig die er aan toe was en of ze het überhaupt wel ging halen.
Na een half uurtje kwam Britt weer buiten. Ze zag er suf uit want ze hadden haar een kalmeringmiddel gegeven. Hierdoor kon ze ook wat makkelijker ademen.
Nadine: Britt, ik moet Johan bellen. Lukt het om even alleen te blijven?
Britt: Ga maar.
Maar net op dat moment kwamen Sel en Raymond aan om verslag te doen van het verhoor en Nadine gruwelde van de verklaring die was afgegeven.
Nadine: Raymond en Sel , willen jullie bij Britt blijven? Ik moet Johan bellen en de procureur. Ik wil die vent uit onze cellen hebben. Laten ze hem maar meteen wegstoppen. Ik heb en heleboel te regelen maar zodra ik klaar ben kom ik terug. Blijf zolang mogelijk bij Britt, zeker tot Johan er is.
Ook Johan reageerde heel erg geschrokken en haastte zich naar het ziekenhuis.
Britt was ondertussen zo moe van de medicatie dat ze niet meer wakker kon blijven. De eerste hulp zuster had een brancard aan geschoven waar Britt nu op lag te slapen.
Johan begon gelijk te huilen toen hij Britt zag.
Raymond: Ze heeft een paar gekneusde ribben. Tony heeft haar opzij geduwd toen die auto op hun afkwam en toen is ze tegen de brugleuning gevallen.
Johan: En Tony??
Sel: Weten we nog niet, maar ze zag er heel slecht uit toen we aankwamen op de PD.
Johan: Ik wil Britt mee naar huis nemen. Zal dat gaan denk je?
Raymond: Doe maar. Hier kan ze niets doen dan zich zorgen maken en in paniek geraken. Breng haar thuis en we zullen jullie op de hoogte houden als er wat bekend wordt.
Johan: Bedankt jongens dat jullie je zo over haar hebben bezorgd.
Raymond: Geen dank Johan. We doen het met liefde.
Sel: Geen dank. Wel thuis en tot later Johan.
Die nacht is opnieuw een hel voor Britt. Ze heeft zelf veel pijn in haar ribben en ze ziet in haar korte slaapjes steeds weer die auto op hun afkomen en ze maakt zich uiteraard heel
veel zorgen om Tony maar Johan weigert haar naar het ziekenhuis te laten gaan en wil haar ook niet zelf brengen. Hij staat erop dat ze probeert te gaan slapen en hij heeft die nacht heel veel verdriet en zorgen om Britt.
Wanneer Britt na weer een kort hazenslaapje wakker schrikt, herbeleeft ze alles en schreeuwt van schrik...
Johan: Rustig Britt, rustig... Ik ben hier... (geruststellend)
Britt: Oh Johan, waarom moest dit nu net Tony overkomen?
Johan: Ik weet niet waarom Britt. Ik weet het niet.
Britt: Zal ze het halen Johan?
Johan: Ik hoop het.
Britt: Wil je bellen hoe het er mee is?
Johan: Nee, ik heb afgesproken te wachten tot een van je collega's wat weet en dan bellen ze naar ons. Probeer maar of je weer wat kunt slapen. Gaat het nog met die pijn in je ribben?
Britt: Ik voel me wat benauwd.
Johan: Kom, dan zal ik uw kussen wat opschudden en kun je wat hoger gaan zitten zodat je makkelijker kunt ademen.
Britt: Dank je Johan.
Zo gaat Britt haar volgende deel van de nacht in met weer die herbelevingen en die nare dromen.
Tegen half zeven staat Johan op om voor de kinderen de spullen voor school klaar te maken.
Britt lijkt nu net een beetje te slapen en hij laat haar lekker liggen.
Nadat de kinderen weg zijn begint hij zich echter ook af te vragen hoe het met Tony is en dus belt hij naar Nadine of er wat bekend is over Tony.
Nadine: Het is heel erg Johan, ze ligt nog steeds kritiek. Vannacht heeft ze weer een stilstand gehad. De artsen vrezen nog steeds het ergste.Ze is in een coma geraakt en er lijkt geen contact met de wereld om haar heen te zijn. De vraag is of ze er nog weer uit komt.
Johan: Maar... Hoe... Hoe moet ik... Hoe moet ik dit OOIT aan Britt uitleggen?! Die krijgt een hartaanval als ze dit hoort........... (in paniek)
Nadine: Zullen we het haar samen vertellen? (voorstellend)
Johan: Wil je dat?
Nadine: Tuurlijk. Anders zou ik het niet voorstellen, hè.
Johan: Bedankt Nadine. Spreken we binnen een half uurtje bij Britt's huis af?
Nadine: Oké, tot zo.
Een 3 kwartier later zitten Johan, Nadine en Britt in Britt's huis op de sofa...
Nadine: Britt, we, uhm... We moeten je iets vertellen... (serieus)
Britt: Het gaat niet goed hè? Met Tony?
Nadine: Nee Britt, het gaat niet goed.
Johan heeft Britt stevig in zijn armen om haar op te vangen mocht het haar teveel worden en ze onderuitgaan, maar Johan merkt een onverwachte kracht bij Britt.
Johan: Britt gaat het? Als je verdrietig bent mag je dat best laten zien hoor. Wij zijn allemaal getroffen door wat er gebeurt is.
Britt: Ik vind het ook heel erg maar Tony wordt er niet beter van als ik hier een potje ga zitten grienen. Kan ik haar straks gaan zien?
Nadine: Ik weet niet of dat wel zo geslaagd is. Ze is er heel erg aan toe en we willen niet dat je te zeer schrikt en er zelf onderdoor gaat.
Britt: Hoe bedoel je eronderdoor? Denk je dat ik hysterisch ga doen of zo?
Johan: Nee Britt. Maar Tony, ... ze is heel zwaar gewond. Ze heeft allemaal verband en gips en infusen. Je kunt haar haast niet zien.
Britt: Wat heeft ze dan? Ze is frontaal aangereden door die auto. Ik heb gezien dat ze door de lucht vloog en toen werd het zwart voor mijn ogen. Het eerste wat ik me herinner is dat ze veel bloed aan haar gezicht had.
Nadine: Ze heeft vannacht weer een hartstilstand gehad en ze ligt nu in een coma. Haar toestand is nog steeds kritiek. De artsen durven nog niet te zeggen of ze zal overleven, laat staan dat ze weer uit het coma komt.
Britt: Maar wat scheelt eraan?
Nadine: Heel veel botbreuken in haar schedel en aangezicht, 3 gebroken wervels, bekkenfractuur, beide bovenbenen gebroken en een scheur in de lever, arm gebroken, een verpletterde hand, teveel om op te noemen.
Britt: Johan, ik zou graag willen dat je me naar haar toebrengt.
Johan: Weet je dat wel zeker Britt?
Nadine: Britt ik zou ...
Britt: En hou nou eens op met mij als porselein te behandelen. Ik ben zelf ook van zover gekomen. Ik weet wat het is om daar overgeleverd te zijn aan die machines. En ik weet ook hoe Tony daar aan mijn bed heeft gezeten en mij er doorheen heeft gepraat. Wat nou als ik begin te huilen? Wat is daar mis mee? Ja, het doet me verdriet en pijn om dit te horen maar verdriet is heel normaal hoor. Als je me niet brengt dan ga ik wel met de taxi.
En dan loopt ze boos naar de slaapkamer om zich om te kleden.
Nadine: Johan, gaat dat wel goed komen met Britt?
Johan: Jawel, ik ken haar zo weer. Dit is de Britt die we allemaal kennen, sterk en krachtig. Ze heeft zelf heel wat meegemaakt en weet wat er aan de hand is. Maar ik weet dat ze veel gevoeliger is geworden, maar ook dat ze niet meer alles opkropt. Ze zal erover willen praten en ik wil er zijn voor haar. Ik hoop dat jullie haar ook die kans geven. Als ze kan, en als ze wil, laat haar op het werk komen. Ze heeft jullie nodig om haar gevoelens en haar verdriet mee te delen en het zal jullie ook goed doen over je gevoelens te praten.
Dan loopt hij naar de slaapkamer en neemt Britt in zijn armen omdat die huilend probeert wat make-up op te brengen en daar uiteraard niet in slaagt.
Johan: Doe geen moeite Britt. Het gaat je niet lukken, maar zo zie je er ook heel mooi uit; kwetsbaar, maar heel mooi. Kom, ik breng u naar Tony en ik zal bij u blijven zolang u wilt.
Britt; Echt waar Johan? Dank je. Ik zal dit nooit vergeten.
Nadine kijkt met gemengde gevoelens naar Britt haar vertrek. Bij de deur houd ze Britt nog even staande.
Nadine; Britt, als het gaat en als je wilt, ben je welkom op het commissariaat. Je mag komen werken als je kan. Of als je alleen maar langs wilt komen mag dat ook. Gewoon, om bij ons te zijn of met elkaar te praten, want dit zal niemand in zijn koude kleren gaan zitten.
Britt: (best wel dankbaar voor Nadine's begrip) Bedankt Nadine, maar ik wil nu graag naar mijn partner.
Nadine; Sterkte Britt.
In het ziekenhuis is de toestand met Tony net gestabiliseerd als ze aankomen. Er was van alles mis met de diverse apparaten die de vitale functies controleerden, maar Tony lag in een diep coma.
Arts: Britt Michiels? U bent toch zelf net hersteld van zo'n zwaar trauma?
Britt; Ja en nu hebben ze mijn partner te pakken gehad. Maar ze gaat het toch halen?
Arts: Wil je even meelopen dan kunnen we even praten.
Britt; Mag ik straks naar Tony toe? Ik wil dat ze weet dat ik er voor haar ben.
Arts; Natuurlijk. U weet uit eigen ervaring hoe belangrijk dat is.
Wat de arts te vertellen heeft maakt Britt wel angstig. De verwondingen zijn dermate ernstig dat een groot deel van Tony lichaamsfuncties ernstig in gevaar is. Door de knal met haar hoofd tegen het brugdek zijn er meerdere beenderen in haar schedel gebroken en gaan bloeden en nu is er bij Tony ook sprake van verhoogde druk in de schedel. Met medicijnen word geprobeerd die druk te verlagen.
De vele breuken aan de overige botten zorgen voor een behoorlijke aanslag op de stofwisseling die zwaar belast wordt door de grote afbraak van afvalstoffen van de fracturen. De gescheurde lever kan niet goed zelf de afvalstoffen van het lichaam af werken, de nieren hebben onvoldoende capaciteit omdat men met geforceerde diurese werkt en zo heeft het ene probleem direct gevolg op het ontstaan van het andere probleem. Het enigste voordeel wat vóór Tony spreekt is haar relatief jonge leeftijd en dus veerkracht en haar bekende vechtlust, maar die zal niet zoveel kunnen bijdragen gezien haar diepe staat van coma.
Britt: Ik hoop echt dat ze het gaat halen. Ze heeft mijn leven gered en dat moet ik haar gaan zeggen. Ik wil haar hand vasthouden en laten weten dat ik er ben.
Johan: Wil ik met je meegaan Britt? Ik wil je helpen en je bijstaan.
Britt; Heel graag Johan. Dank je.
Arts: Ik loop even met je mee. Je kent het wel dat hele gebeuren op de intensieve, maar als je haar ziet zul je echt schrikken en als je vragen hebt wil ik die graag voor je kunnen beantwoorden.
Op de intensieve schrikt Britt inderdaad. Hoe sterk ze zich tot nu toe ook kon houden, dat is nu over. Ze draait zich om en valt huilend tegen Johan's borst aan.
Britt; Och arme Tony, wat ben je terecht gekomen.
Johan: Sht maar Britt, ze ziet er echt gehavend uit, maar ik denk dat ze wel merkt dat je er bent voor haar.
Britt: Zal ik haar aan mogen raken?
Arts: Ja hoor dat mag wel.
En heel voorzichtig legt Britt haar hand op de schouder van Tony, die niet verborgen zit onder verbanden of slangetjes of wat dan ook.
Dan ziet ze de monitor een rare beweging maken en heel kort daarop merkt ze nog iets op aan het gezwollen gezicht van Tony.
Ze begint tegen Tony te praten en gaat op een stoel zitten die Johan voor haar heeft aangeschoven.
Britt: Dank je Johan.
Dan richt ze haar aandacht weer op Tony en merkt dat die wel op haar reageert. Vragend kijkt ze de arts aan.
Britt; Ze is toch in een diep coma? Hoe kan ze dan op mij reageren?
Arts: U heeft hele sterke invloed op haar. Houd contact, wij gaan kijken of ze uit haar coma komt.
Britt; Zou het echt? Nu al?
Arts: Hoe eerder hoe liever.
Terwijl Britt daar tegen Tony zit te praten en Johan achter haar staat en zijn handen op Britt haar schouder heeft liggen doen de artsen de diverse comatests en merken inderdaad dat het coma reeds nu reversibel is.
De arts legt ook een hand op Britt haar schouder.
Arts: Ze komt uit het coma. Dat heeft u haar al gegeven. We weten niet hoelang het duurt en hoe ze eruit komt, maar het begin heeft zich ingezet.
Britt: Mag ik bij haar blijven of kan ik beter vertrekken dat jullie me bellen als er wat veranderd?
Arts: Er zal de komende uren en dagen heel veel en heel vaak wat veranderen, maar het is aan u om te bepalen of u wilt blijven. Als de broeders en zusters hun werk kunnen doen om Tony te helpen dan mag u ook wel blijven, maar denk er aan dat u ook voldoende rust voor uzelf moet nemen. Tony zal het direct merken als u niet lekker in uw vel zit.
Britt: (nu met betraande ogen) Ik ben zo blij dat ze bij gaat komen. Ik moet gewoon even weg, maar als jullie mijn nummers op schrijven ben ik ALTIJD bereikbaar voor Tony.
Buiten het ziekenhuis vliegt Britt Johan weer om de nek.
Britt: Johan, je bent een schat. Ik had eerlijk gezegd niet verwacht dat je me naar Tony toe zou laten gaan. Maar ik vind u heel tof.
Johan: Voor u mijn lief, doe ik alles. Ik was u bijna kwijt geweest en ik kan slechts hopen dat dat nooit meer opnieuw gaat gebeuren. Britt ik wil u voor altijd bij me hebben. Ik hou van u! Wil je met me trouwen?
Britt: ???
Johan: Ik meen het Britt, met jou wil ik mijn verdere leven delen. Wil je mijn vrouw worden en samen met mij oud worden?
Britt: Oh, Johan, wat maak je me gelukkig !
En dan keert ze zich op haar hakken om, rent het ziekenhuis weer binnen naar de IC en gaat direct tegen Tony vertellen dat Johan haar ten huwelijk heeft gevraagd.
Als ze goed kijkt ziet ze iets van een vage glimlach om Tony's mond verschijnen.
Britt: Maar we wachten wel tot jij ook weer van de partij bent hoor.
Johan is haar gevolgd en staat nu ook te glunderen en neemt Britt weer in zijn armen.
Johan: Wat gaan we doen Britt? Blijven we hier of gaan we het nieuws wereldkundig maken?
Britt: Johan ik ben zo blij, ik kan het wel van de daken afschreeuwen.
Johan: Zullen we je baas eens gaan verblijden met dubbel zo goed nieuws?
Britt: Ja, ik wil ook tegen de jongens zeggen dat Tony het gaat halen. Ik denk dat ze me niet geloven, maar IK geloof er wel in.
Johan: Ik zie hoe blij je bent. Kom, we gaan.
En inderdaad is Nadine heel blij te horen dat Tony uit haar coma geraakt en nog blijer dat Britt na alle ellende eindelijk haar geluk heeft gevonden en samen met Johan haar nieuwe leven gaat beginnen.
Nadine: Mag ik jullie dan alvast de hartelijke gelukwensen overbrengen. (en ze zoent Britt en Johan) Vandaag denk ik heb je geen tijd meer om te werken?
Britt: (zucht eens heel diep en voelt dan weer die stekende pijn in haar ribben.) Eigenlijk kan ik het nog niet. Mijn ribben doen toch wel veel pijn, maar dat was ik even vergeten. Kun je me een paar dagen missen?
Nadine: Jawel Britt. Wordt maar eerst goed beter, dan zien we je daarna wel weer terug.
Britt: Hebben jullie die vent gepakt die dit gedaan heeft?
Nadine: Ja, en hij heeft een volmondige bekentenis afgelegd.
Britt: Mooi en Johan, jij gaat hem niet verdedigen, begrepen?
Johan: Ik zou niet durven. Ik heb je net gewonnen, en ik wil je niet weer al verliezen.
Blij en opgelucht verlaten Brit ten Johan het commissariaat en gaan naar de school van Simon en Dorien en halen hun uit de klas en gaan dan direct door naar oma José om haar ook op de hoogte te brengen van het goede nieuws.
Britt is eindelijk zo gelukkig. Ze weet niet goed hoe er mee om te gaan. Het was al zo lang geleden dat ze zich zo prettig had gevoeld.
Nadat ze koffie hadden gedronken ging ze even alleen naar buiten om in het zonnetje te zitten en de dingen eens goed de revue te laten passeren.
Dorien en Simon hadden oma al weer zover gekregen dat die met hun in de keuken aan het bakken was gegaan.
José: Ik zie dat jullie het heel goed zelf kunnen. Verrassen jullie mij maar eens, dan ga ik even naar buiten om met je moeder te praten.
Simon: ONZE moeder, als ze gaan trouwen wordt Britt ook MIJN moeder.
José: Je hebt helemaal gelijk Simon, en ik krijg er dan een kleinzoon bij. Welkom in de familie.
Simon: Dank u oma.
José: Je moet maar zien of je me oma of José gaat noemen. Oma klinkt een beetje oud.
Simon: Ik kan u ook oma José noemen.
José: Dat klinkt niet eens zo gek. Maar nu ga ik naar buiten.
Buiten schuift José zachtjes bij op het bankje waar Britt zich tegoed doet aan het najaarszonnetje.
José: Alles goed met je Britt?
Britt: Och, mama, ik ben zo blij. Ik wist niet wat me overkwam toen Johan me vroeg. Ik heb er al vaker over nagedacht maar ik dacht steeds dat ik Mark zou bedriegen. Maar na dat ongeluk ben ik gaan inzien dat ik mijn leven niet zomaar aan me voorbij kon laten gaan. Dat zou Mark ook nooit gewild hebben.
José: Ik ben heel blij dat je dat ook zo ziet Britt. Je bent te jong om te stoppen met leven. Er is nog zoveel om te zien en te beleven. Soms was ik echt bang als ik je zag. Ik zag zoveel pijn en verdriet in je ogen, maar ik kon je niet bereiken. Ofschoon je heel erg te pas bent gekomen in die toestanden op je werk laatst, is het wel eindelijk een openbaring voor je geworden. Ik zie een hele andere Britt ineens voor me, en als ik eerlijk ben, ik zie je zo veel liever. Je hebt weer je spontaniteit terug die je vroeger altijd trots met je meedroeg, maar die helemaal weg leek nadat Mark, nadat hij was overleden. Ik vond, ik vind het nog steeds heel erg dat hij dood is en dat hij nooit meer terug zal komen. Ik mocht hem heel graag. Hij was een droom van een schoonzoon, maar hij is niet meer. Ik zal hem nooit minder mogen of hem verloochenen, maar het leven gaat door en ik ben blij dat jij dat nu ook kunt zien.
Britt: Mama, wat fijn dat u het goed vind.
José: Jij bent mijn dochter, en voor jou wil ik alleen het beste wat er is.
Britt: Maar Mark was heel goed.
José: Dat was hij. Johan is anders, is iemand anders, maar ook hij is heel goed voor jou. Het zal anders zijn maar als ik hem zo zie, zul je bij hem ook niets te kort komen.
En daarna valt Britt haar moeder huilend van blijdschap en dankbaarheid in de armen.
----------
Na een weekje is Britt zover hersteld dat ze haar werk kan hervatten.
Dagelijks gaat ze bij Tony langs die steeds meer bij haar positieven komt. Ze zit nog zwaar onder de medicijnen om de ergste pijn te kunnen weerstaan.
Als Britt na een weekje werken weer op het ziekenhuis komt is ze blij verrast dat ze Tony nu met open ogen ziet liggen. De tube is uit en ze kan weer zelfstandig ademhalen alhoewel dat nog wel pijnlijk is en veel moeite kost.
Heel voorzichtig probeert ze tegen Britt te praten maar Britt verzoekt haar haar energie te sparen.
Tony: (heel hees en schor) Britt, je hebt het gelukkig gehaald. Ik was heel bang voor jou.
Britt: En wat dacht je dat ik was om jou? Ik ben me een ongeluk geschrokken.
Tony: Gaat het met je? Je hebt je zeker pijn gedaan toen ik je weg duwde?
Britt; Heb een week niet kunnen werken omdat mijn ribben gekneusd waren.
Tony: Sorry.
Britt; Tony, praat nou niet zoveel , rust goed uit en wordt alsjeblieft weer beter.
Tony: Doe ik, maar daar heb ik jou bij nodig en je weet het, ik moet praten, anders is het niet goed met mij.
Britt; Heb je nog veel pijn?
Tony: Ja (En Britt ziet duidelijk de tranen in Tony's ogen)
Britt: Kan ik wat voor je doen dat het minder wordt?
Tony: Houd mijn hand maar vast
Britt: Zal ik doen Tony, probeer maar wat te rusten.
En zo valt Tony weer in een (onrustige) slaap.
Af en toe lijkt ze wakker te schrikken maar nadat ze weer medicatie heeft gehad valt ze dan toch eindelijk echt in slaap en gaat Britt weer naar huis, waar haar "gezinnetje " op haar wacht.
Dorien is blij dat Britt er weer wat beter uitziet. Er zijn nauwelijks nog restverschijnselen merkbaar van het hersenletsel dat ze had opgelopen. Slechts een keer per 5 tot 6 weken hoeft Britt voor een follow-up gesprek naar de psycholoog, en de neuroloog heeft haar deze week opgeroepen voor een uitgebreide nacontrole, compleet met lab, EG en CT-scan.
Daar ziet Britt wel wat tegen op en ze maakt zich er ook zorgen om, maar Johan heeft dat in de gaten en probeert voor voldoende afleiding te zorgen.
Dit weekeinde heeft Britt alleen op zondag dienst dus gaan ze van de vrijdagavond en de zaterdag een lekker familie gebeuren maken.
Simon: Willen wij eens voor jullie koken dan?
Britt: Als je net zo lekker kan koken als je vader heb ik daar helemaal geen moeite mee.
*
Dorien: Oké (lachend)
Britt: Maar even goed als je... als Johan hoor. (lachend)
Dorien: Je mag gerust 'vader' zeggen hoor. (glimlachend)
Britt knikt dankbaar en laat de kinderen hun gang gaan...
Terwijl de kinderen koken, zitten Britt en Johan op de bank een beetje van elkaar te genieten...
En Johan kan niet van Britt afblijven. Eerst heel voorzichtig een hand op haar knie leggend, dan omhoog naar haar dij. Nog wat later verdwijnt zijn hand onder haar truitje.
Britt: (sissend) Johan, de kinderen !
Johan: Die zijn toch bezig? Nou, wij zijn ook bezig.
Britt; Vanavond Johan.
Johan: Ik kan niet zo lang wachten.
Dan buigt hij over haar heen en wil vlinderkusjes geven en hij begint Britt te kietelen zodat ze het uitschatert van het lachen.
Britt: Johan, niet doen, ik kan daar niet tegen.
Johan; Maar ik hoor je zo graag lachen.
En dan word het spelletje wat ruwer en ineens valt Britt van de bank en knalt met haar hoofd tegen de salontafel aan.
Johan: (zwaar geschrokken) BRITT. Zeg wat ! Heb je je pijn gedaan? Gaat het??
Maar Britt zegt niets.
En nu slaat Johan echt de schrik om het hart. De kinderen zijn uit de keuken komen rennen en schrikken ook als ze Britt op de grond zien liggen.
Simon: Papa, wat heb je nu gedaan?
Johan: We waren elkaar aan het kietelen en ineens....
Dorien: Mama !! Wakker worden , mama?
Britt: (zich over het hoofd wrijvend) Mmmmm.
Johan: Britt, gaat het? Je maakt me bang. Heb je je pijn gedaan?
Britt; Auw, vreselijk mijn kop gestoten.
Johan: Wacht, ik help je overeind.
Even staat Britt te duizelen op de benen en allemaal kijken ze haar verwachtingsvol aan.
Simon: Gaat het Britt?
Britt: Ik denk ............. (en dan valt ze flauw in Johans armen)
Johan: Britt, alsjeblieft. Niet wegvallen !!
Maar Britt reageert niet en vlug brengt hij haar naar de slaapkamer en legt haar op het bed en draait haar opzij zodat haar ademweg vrij blijft. Hij propt wat kussens onder haar benen zodat die wat hoger liggen en begint dan heel zachtjes en voorzichtig haar hoofd te strelen.
Simon: Papa doe iets !! Straks is het weer mis.
Johan: Ik weet niet wat ik moet doen.
Dorien: Hier al eens van gehoord ? (en ze gooit zo een glas koud water over Britt heen.)
Britt: Huh?? Wat gebeurt hier? Wat is er aan de hand? Gatver.. ik ben ja kletsnat.
Johan: Met dank aan je dochter. Maar gaat het weer Britt?
De kinderen gaan opgelucht weer naar hun kookhoekje in de keuken.
Britt: Wat was er dan?
Johan: We waren aan het donderjagen op de bank en ineens viel je tegen de salontafel aan en was je uit.
Britt laat haar ogen weer dichtzakken (maar dat gebeurt allemaal met voorbedachte rade)
Als Johan zich weer over haar heen buigt grijpt ze hem om de nek en begint hem vurig te zoenen. Ze slaat haar benen om zijn middel en houd hem heel stevig in de houdgreep.
Britt; En je komt niet weg voor ik tevreden ben!
Johan: Genade Britt, ik geef me over.
Britt; Daar merk ik niets van.
Johan: Please, ik doe alles wat je vraagt.
Britt: Alles?
Johan: Alles.
Britt: Oké, dan mag je beginnen me te laten voelen hoe goed je kunt zoenen.
Johan begint vol overgave zijn vriendin te zoenen.
Britt; Oké, volgende test: Laat me trillen van genot.
Johan: Maar Britt, de kinderen.... het eten is zo klaar.
Britt drukt haar dijen steviger tegen elkaar met Johan er nog steeds tussenin.
Johan: (puffend) Britt, ik krijg geen lucht.
Britt: Wil je graag lucht? Dan moet je je test nog doen.
Daarop begint Johan Britt te strelen; eerst over haar natte hoofd en armen, maar al snel gaan zijn handen naar de voorbehouden delen. Hij merkt dat Britt onder zijn handen trilt van genot. En net als hij bezig wil om haar broek te openen roepen de kinderen dat het eten klaar is, en lachend laat hij zich bovenop Britt vallen.
Johan: Die hou je van mij te goed.
Britt: Alleen met zware interest. Beloof je dat? Anders laat ik je niet gaan.
Johan: Ik beloof het echt waar.
De kinderen zijn blij dat het goed is gegaan, die val van Britt.
Britt: Johan ik heb nog wat tegoed van je.
Johan: Oh, ja? Wat dan?
Britt: Zeg niet dat je dat vergeten bent.
Johan: Ik zou het echt niet meer weten.
Maar Britt kan dit grapje niet waarderen en draait zich verdrietig van Johan af.
Johan: Sorry Britt, ik dacht dat je wel tegen een grapje kon.
Britt zegt niets, staat op en pakt het dekbed en haar kussen en loopt naar de kamer waar ze op de bank gaat liggen en al snel in slaap valt.
Johan voelt zich shit. Dit had hij dus echt niet verwacht en Britt moet helemaal niet van dit soort dingen meemaken. Dat maakt haar alleen maar onzeker over haar herstel. Zo zou ze inderdaad kunnen twijfelen of dit nog restverschijnselen zijn van haar ongeval. En het is haar door de keuringsarts van de dienst duidelijk gemaakt dat als ze zes maand na terugkeer in het korps toch restverschijnselen heeft dat ze dan volledig afgekeurd zal worden voor de actieve politiedienst.
Johan kan zich zelf wel voor zijn kop slaan om die stomme grap van hem. Verdrietig loopt hij ook naar de kamer en gaat voor de bank zitten en blijft heel de tijd Britt aankijken. Af en toe veegt hij wat haren uit haar gezicht en ook als hij wat speekseldruppeltjes ziet veegt hij die behoedzaam weg.
Tegen vier uur merkt hij dat Britt wat onrustig begint te worden. Ze lijkt te dromen en begint te praten.
Hij luistert heel goed, en merkt dan dat ze het over Mark heeft. Johan twijfelt of hij haar moet wekken opdat ze niet diep doorschiet in haar droom waar ze zeker de andere dag de naweeën van zal hebben.
Heel voorzichtig legt hij een hand op haar schouder en schud haar zachtjes aan.
Als Britt haar ogen opent ziet Johan de tranen opkomen.
Johan: Sorry Britt dat ik zo'n stomme grap met u hebt uitgehaald. Ik had vooraf veel beter moeten nadenken. Kan ik het goed maken met je?
Britt: Hou me eens vast Johan, ik voel me zo ellendig.
Johan: Kom mee naar bed Britt, dat ligt veel beter voor je.
Britt: Hou je nog van mij?
Johan: Veel meer dan ik ooit aan je duidelijk kan maken. Veel meer dan alle sterren aan de hemel, veel meer dan welke mens zich ook maar kan voorstellen.
Dan legt ze haar arm bij Johan op de schouder en hij neemt haar op zijn armen weer mee naar bed.
In bed praten ze wat met elkaar. Johan toont begrip voor Britt haar verdriet en streelt haar zachtjes.
Langzaam gaat haar onzekerheid weer over en vleit ze zich dicht tegen Johan aan en beginnen ze weer heel teder met elkaar om te gaan.
Britt: Johan , uw handen voelen als fluweel.
Johan: Vind je het fijn zo Brit?
Britt; Ik wil nooit meer iemand anders aan me voelen.
Johan: Dus ik mag blijven?
Britt: Voor altijd en eeuwig.
Kort hierna valt Britt in slaap en pas tegen tien uur in de ochtend wordt ze wakker. Beneden hoort ze dat de kinderen al druk zijn. Als ze naast zich kijkt ziet ze dat Johan ook al uit bed is. Ze draait zich nog eens om en valt weer in slaap.
Rond half een komt Johan eens poolshoogte nemen en gaat dicht naast haar liggen en kust haar zachtjes wakker.
Britt; :Ik heb je gemist.
Johan: Wanneer?
Britt; Toen ik wakker werd.
Johan :Maar nu ben ik er weer voor je.
Britt; Helemaal?
Johan: Ik heb de kinderen net geld gegeven dan kunnen ze vanmiddag de stad in of naar de film. Ze komen pas om zes uur weer thuis.
Britt; Waar wacht je nog op dan??
Johan geeft Britt een klein zoentje op haar mond...
Britt: Is dat alles? (teleurgesteld)
Johan: Natuurlijk niet. (zachtjes fluisterend in Britt's oor)
Johan's handen zijn plots overal...
Britt: Johan? (beetje angstig)
Johan: (kreunend) Ja, Britt?
Britt: Vind je het gek dat wij zoveel met elkaar vrijen?
Johan: Waarom zou ik? Dit is toch fijn? Of vind je dat we te ver gaan?
Britt; Ik weet het niet. Soms denk ik dat het niet goed is.
Johan: Waarom zou het niet goed zijn dan?
Britt: Ik vind het echt heel erg fijn, je maakt dat ik me als vrouw volwaardig voel. Maar na alles wat ik heb meegemaakt, die verkrachting, die mishandeling, soms ben ik bang dat ik mezelf overdoe. Dat ik wil compenseren om het allemaal te vergeten.
Johan: Voelt het echt zo voor jou?
Britt: (bijna huilend) Soms wel, en dat doet zeer. Ik bedoel, jij doet me geen pijn of zo, maar in mijn ziel doet het zo'n pijn. Weten dat ik iets doe met mijn lief, wat heel fijn kan zijn, maar dat mijn gedachten dan weer terug zijn toen die vent .... (en nu huilt ze heel hard)
Johan: Liefje, kom, laat me je in mijn armen nemen en troosten. Ik vind het heel erg dat je dat zo ervaart. Ik wilde dat ik dat weg kon nemen. Zeg me Britt wat ik kan doen voor je, opdat jij onze liefde weer gewoon als echt en authentiek kunt ervaren.
Britt: Ik weet het niet Johan. Het voelt alsof ik u verraad, maar ook mijzelf.
Nu begint Johan Britt heel zachtjes en liefdevol te strelen. Hij merkt dat Britt dat fijn vind want haar verdriet lijkt minder te worden.
Johan: Wil je echt wel Britt, ik bedoel wil je ZELF?
Britt: Heel graag Johan, houd me vast. Ik wil u voelen.
Johan: Maar ik wil u geen pijn doen, ik wil u niet dwingen. Alleen als jij het echt ook zelf wilt Britt.
Britt: Neem me Johan. Ik moet gewoon voelen dat het ook anders kan dan onder dwang.
Johan: Britt, kun je hierover praten met die psycholoog?
Britt: Praten helpt niet.
Johan: Ik denk het wel, maar als je het eng vind kunnen we ook naar een relatietherapeut of een seksuoloog gaan.
Britt: ???? Is het zo erg dan met mij te vrijen?
Johan; Nee, Britt, het is juist hele fijn, maar als jij er moeite mee hebt wil ik samen met jou aan het werk om weer van onze liefdesrelatie te kunnen genieten. Weten hoe het voor jou is, en je helpen om weer gewoon te kunnen voelen.
Britt: Oh Johan, waarom heeft het zo lang geduurd voor wij elkaar hebben gevonden? Mark zou het vast niet erg gevonden hebben als hij wist dat jij mij zo goed zou kunnen opvangen.
Johan: Jij hebt vannacht ook weer over hem gedroomd, is het niet?
Britt: Ja (verdrietig)
Johan: Oh Britt, lieverd, het doet zo'n pijn u zo te zien lijden. Kom in mijn armen en laat me duidelijk maken hoeveel ik om u geef.
En zonder bedenking rolt Britt dichter tegen Johan aan en beginnen ze elkaar weer te betasten en te zoenen.
Johan: Britt mag ik met je vrijen?
Britt: Johan, dat jij dat vraagt! Natuurlijk mag jij dat.
Johan: Wil je ook echt dan?
Britt: Heel echt.
Zo beleven ze een heel bijzondere zaterdagmiddag in een doodstil huis. Het enige wat hoorbaar is, is deze jonge maar tegelijk ook zo kwetsbare liefde.
Britt doet veel moeite om ook echt te genieten, maar Johan merkt wel dat het niet echt soepeltjes loopt.
Johan: Britt, alsjeblieft dwing jezelf niet tot iets wat niet goed voor je voelt.
Britt: Maar ik zou zo graag weer eens willen genieten van ons samenzijn.
Johan: Ik ben er altijd voor je. Ik kan wel wachten tot jij het weer aankunt. Maar wees alsjeblieft zuinig op jezelf.
Britt; Vind je het niet erg dan?
Johan: Als jij gelukkig bent, dan ben ik blij. Als jij verdrietig bent kan ik niet blij zijn Britt.
Britt zucht eens, en wrijft de tranen uit haar ogen
Johan: Wil ik even een lekker kopje thee voor ons maken?
Britt; Graag,
Maar als Johan terugkomt ziet hij dat Britt weer in slaap is gevallen. Hij weet niet goed wat hij ervan moet denken . Ze slaapt wel heel erg veel de laatste tijd en toch klaagt ze over vermoeidheid. Hij hoopt dat het puur een kwestie is van aanpassen aan haar dagelijkse activiteiten en niet het gevolg van haar hersenletsel. Hij weet dat Britt daar zelf ook heel erg bang voor is en moet moeite doen om zijn angst niet aan haar te laten merken.
Omdat Britt nu een beetje ontspannen ligt te slapen besluit hij maar even wat voor het werk te gaan doen en gaat met de laptop aan de keukentafel zitten. En daar zit hij nog steeds als de kinderen om zes uur weer thuis komen.
Dorien: Hoi Johan, hoe is het met mama?
Johan: Ze slaapt, ze was erg moe en ook wat verdrietig vanmiddag. We hebben heel fijn met elkaar gepraat en toen is ze weer gaan slapen.
Simon: Maar we zouden toch leuke dingen gaan doen? Morgen moet ze weer werken en dan zitten we weer in huis.
Johan: Simon, mag ik even met jou alleen praten?
Simon: Hier of op onze kamer?
Johan: Vragen we aan Dorien waar zij wil zitten.
Dorien wil graag op haar kamer gaan zitten lezen en dus hebben de mannen de kamer voor zich.
Johan weet dat Simon ondanks zijn leeftijd van net twaalf jaar, al op vele fronten redelijk volwassen aan het worden is, en hij durft dan ook, in grote lijnen, wel met hem over Britt te praten wat betreft hun liefdesleven.
Simon: Ik vind het heel jammer dat Britt daar zo'n moeite mee heeft. En u ook, want Britt is een hele mooie vrouw en ik denk dat je het heel erg jammer vind.
Johan: Maar het belangrijkste is dat Britt weer durft en weer kan gaan genieten van het leven. Ik heb gevraagd of we samen therapie kunnen gaan doen, zodat ze weer leert vertrouwen op haar gevoel.
Simon: U bent een bovenste beste Pa. Britt mag van geluk spreken dat u weer vrij was.
Johan: Wij zijn heel gelukkig met elkaar, maar helaas staat er nog wat tussen ons in en daar moeten we met elkaar, maar ook met jullie samen aan werken om op te lossen. Maar ik mag toch wel rekenen op jou hulp, kanjer?
Simon: Het gaat wel goed komen met jullie. Mag ik nu even naar Britt toe?
Johan: Als ze slaapt moet je haar maar laten slapen, ze zal het dan wel nodig hebben.
Zachtjes loopt Simon de slaapkamer in en gaan naast Britt zitten. Heel zachtjes begint hij een melodietje te neuriën van een liedje dat hij Britt vaak voor Dorien had horen zingen.
Dan ziet hij dat ze wakker begint te worden.
Simon: Dag Britt, heb je lekker kunnen rusten?
Britt: Dag Simon. Het spijt me dat ik zo jullie weekend moet bederven.
Simon buigt zich spontaan voorover en omhelst Britt stevig.
Simon: Britt, ik mag u heel graag, en papa ook. Wij willen allemaal helpen dat het weer goed gaat komen met je.
Hierop begint Britt spontaan te huilen, en Simon, galant als een heer, en zo helemaal een junior uitvoering van Johan, neemt een schone zakdoek en reikt die aan Britt zodat ze haar tranen af kan doen.
Britt; Sorry Simon.
Simon: Geeft niet. Ik huil ook wel eens en papa zegt dat dat best mag als je verdrietig bent of je niet goed voelt. Maar zou je mee willen komen naar de kamer? Dan kunnen we nog een beetje van je zien vandaag.
Als Britt haar gezicht wat heeft opgefrist en ze lekker warme sokken aan heeft en een dikke ochtendjas, loopt ze bij Simon aan de hand naar de kamer.
Dorien was inmiddels ook al benden en had de bloemen die ze samen met Simon had uitgezocht op de vaas gezet.
Ze raakt even helemaal ontroerd en bukt zich om haar kinderen stevig in haar armen te nemen. Dan voelt ze ineens een felle steek in haar hoofd en ziet ze een paar lichtflitsen. Ze knijpt haar ogen stijf dicht als wil ze ontkennen dat er wat is.
Johan: Kom maar even zitten Britt, dan zal ik wat eten maken en misschien kun je de kinderen wat voorlezen.
En in plaats van het voorgenomen gezinsweekeinde eindigt Britt ziek tussen de lakens. Johan meld haar de andere dag ziek, met als reden griep. Verder weet hij ook niet, dus hij kan niet meer zeggen.
Hij verteld Tony dat Britt haar wel zal bellen als ze weer beter is en komt werken.
Johan: Dat gaat ook wel lukken. Daar ben ik van overtuigd.
Britt: Hoe laat is het eigenlijk? Ik heb geen idee meer van tijd.
Johan: Het is half twee.
Britt: In de middag? Oh shit, ik had moeten werken vandaag. Oh, Nadine maakt me af als ik nu al weer verstek laat gaan.
Johan: Ik heb je ziek gemeld. Je had vannacht weer bijna niet geslapen, je zag er grieperig uit en je zei zelf dat je je helemaal niet goed voelde.
Britt: Maar ik ben nu oké. Ik ga me snel douchen en dan ga ik toch maar.
Johan: Nee Britt, je blijft vandaag thuis.
Brit: Maar ....
Johan: Britt? Ik dacht dat je had beloofd beter voor jezelf te zorgen?
Britt; Maar ik voel me zo waardeloos. Kan jou niet geven waar je van geniet, kan niet voor de kinderen zorgen, verzuim mijn werk. Johan, laat me toch gaan. Wat heb je nou aan mij?
Dan ziet ze dat Johan oprecht verdrietig wordt.
Britt: Wat scheelt er Johan?
Johan: Britt je doet me pijn als je zulke dingen zegt. Kun jij nou nooit accepteren dat je niet perfect kunt zijn? Altijd maar weer beter dan de beste te moeten zijn?
En nu begint Britt ook te huilen.
Britt: Johan , kun je mij vergeven?
Johan: Ja dat kan ik wel, maar kun jij ook eens wat minder hard voor jezelf zijn?
Britt; Johan , ik denk dat je gelijk hebt dat we samen hulp moeten gaan zoeken. Ik beloof je dat ik morgen direct ga bellen, maar mag ik nu ....?
Johan: (nors) Nee !! Je blijft vandaag thuis.
Maar Britt schrikt hier zo van dat ze snel het bed uitvlucht en zich opsluit in de badkamer, waar ze een portie gaat zitten huilen.
Johan: Britt alsjeblieft, doe open Britt. Waarom moeten wij nu overal ruzie om maken? Ik wil dat helemaal niet.
Britt; Dacht je dat ik dat wil?
Johan: Doe open dan, dan kan ik het goedmaken met je.
Langzaam draait Britt de deur van het slot. Zelf had ze ook helemaal geen behoefte aan ruzie en nu staat ze met een beschaamd hoofd afgewend van Johan.
Die legt zachtjes een hand op haar schouder en draait haar zo dat ze elkaar weer recht in de ogen kunnen zien en hij neemt haar beschermend in zijn armen en begint haar te zoenen.
Britt: Johan, zullen we nog eens ..... (en ze richt haar blik op het bed, ten teken dat ze wil vrijen met Johan)
Johan; Wil je echt Britt?
Britt; Heel graag.
Johan: Zeker? (onzeker)
Britt knikt, maar in haar ogen zie je wel duidelijk een lichte twijfel...
Johan: Je twijfelt, is het niet? (geruststellend)
Dan begint Britt hard te huilen... Bevend knikt ze...
Johan: Zal ik een seksuoloog bellen, lieverd? (vriendelijk)
Weer knikt Britt... Johan belt... Naar Inge Moerenhout (vrouw).
Inge komt na een klein kwartiertje aangereden... Britt is ontzettend verlegen door dit nieuwe gezicht...
Johan laat Inge binnen terwijl Britt zich heel verlegen terugtrekt in de zetel.
Na de kennismaking met Inge probeert die om een gesprek op gang te krijgen maar Britt is totaal geblokkeerd.
Na een poosje staat Britt op en verontschuldigd zich bij Johan en Inge, en loopt naar de slaapkamer waar ze op de rand van het bed gaat zitten en heel zenuwachtig in haar handen begint te wrijven.
Johan volgt haar en ziet het verdriet in haar ogen.
Johan: Gaat het niet meer Britt? Zal ik vragen of ze een andere keer wil komen?
Britt; Ja.
Johan loopt terug naar de kamer en legt uit dat Britt het op dit moment toch niet aan kan.
Inge: Jammer. Ik had haar zo graag geholpen, maar we kunnen dit niet afdwingen. Ze zal er zelf aan toe moeten zijn. Ik laat mijn kaartje hier achter en als Britt er aan toe is bellen jullie me maar, oké?
Johan: Sorry dat je voor niets hier heen moest komen.
Inge: Het was echt niet voor niets. Het is voor Britt al een hele winst dat ze bereidheid toonde om over dit onderwerp te willen praten. En we hebben al kort kunnen kennismaken zodat ze straks niet weer een ander gezicht voor zich heeft.
Johan: Toch bedankt. (en dan laat hij Inge weer uit)
Op de slaapkamer is Britt met betraande ogen op bed gaan liggen. Ze schaamt zich voor Johan. Hij doet zo zijn best om haar te helpen en dan klapt ze dicht en zegt geen woord meer.
Ze houd echt zielsveel van hem maar kan, als ze heel goed naar zichzelf en naar haar eigen lichaam luistert, nog niet echt genieten van het vrijen met Johan.
Ze schrikt dan ook als ze plots zijn hand op haar schouder voelt en hij haar zachtjes naar zich toe wil draaien.
Johan: Sorry Britt, ik wilde je niet laten schrikken. Kom even bij me liggen en laat me je vast houden. Ik wil dat je weet dat ik er voor je ben
Dan draait Britt zich om en valt gelijk Johan in zijn armen en begint te huilen. Ze gooit er ineens alles uit wat haar dwars zit, en dat is heel veel.
Johan streelt haar zachtjes over haar rug en laat haar maar doorpraten. Het moet er toch een keer uitkomen. Af en toe geeft hij haar een zoentje, wat Britt wel kan toelaten.
Na een poosje (wel bijna twee uur !!) is Britt zelf het praten ook moe.
Britt: Johan , zouden wij het kunnen proberen? Heel voorzichtig?
Johan: Ja Britt, dat kunnen we wel.
En nu, eindelijk, nadat ze over al haar angsten en afkeer heeft gesproken, is er eindelijk een opening voor Britt om een beetje te kunnen genieten van het intieme samenzijn met Johan.
Heel voorzichtig tasten ze elkaar af wat betreft hun behoeftes en Britt kan de intieme nabijheid van Johan zonder angst verdragen.
Johan is heel voorzichtig met Britt en gaat uiterst zorgzaam met haar om, maar uiteindelijk lukt het hun om echt de liefde te bedrijven.
Als ze gedaan hebben rolt Britt van Johan af en kijkt met vochtige ogen naar het plafond.
Johan: Hoe was het voor jou Britt?
Britt: Geweldig. Je bent fantastisch.
Johan: Vond je het echt fijn?
Britt; Ja. Ik wil dit wel vaker. Langzaam aan, maar echt, dit moeten we echt vaker gaan doen.
Johan: En verder, hoe voel je je verder?
Britt; Hondsmoe en misselijk.
Johan: Dus je bent echt wel ziek? Dan zou ik morgen ook maar thuisblijven als ik jou was.
Britt: Maar ik moet naar Tony toe !
Johan: Met jou toestemming neem ik die honneurs waar en ga ik haar bezoeken. Ze heeft er niets aan dat jij haar besmet met jou griep. Ze is nog heel zwak en heel vatbaar. Jij hebt zelf je rust nodig. Ik zal zorgen dat ik morgen heel vroeg thuis ben en als het weer een beetje gaat, dan heb ik misschien ook nog wel een verrassing voor je.
Britt: Wat dan??
Johan: Als ik dat zeg is het geen verrassing meer, dus geduldig wachten tot morgen.
Britt: Aaaahhhhhhhh.
Johan: Nee Britt, als je een verrassing voor de kinderen hebt moeten die ook altijd op hun beurt wachten.
Britt; Loop je even mee naar boven. Die arme schatten hadden gehoopt op een gezellig weekend en nu heb ik dat helemaal verpest. Morgen moeten ze al weer naar school en we hebben elkaar nauwelijks gezien.
Johan: Heel eventjes dan, ik denk dat ze misschien al liggen te slapen.
Britt; Nu al??
Johan: Het is al half tien in de avond.
Britt: Dus wij kunnen zo ook weer lekker naar bed?
Johan: Lekker naar bed om eens goed te gaan slapen.
Maar de kinderen hadden al wel gehoopt dat Britt nog even langs zou komen en waren dus wakker gebleven.
Dorien: Mama, gaat u ziek worden?
Britt; Dat ben ik al een beetje.Johan zegt dat ik morgen ook nog thuis moet blijven en ook niet naar Tony mag omdat ik die anders aansteek.
Dorien: Ga dan maar lekker slapen. Simon en ik kunnen wel overblijven op school en dan zien we u wel als de school uit is. Slaap lekker.
Simon: (fluisterend in Britt's oor) Hij is goed hè?
Britt: Hoe bedoel je?
Simon: Je weet wel. Met liefhebben en zo.
Britt krijgt nu een behoorlijke blos op haar wangen.
Johan: Is het geen tijd om te gaan slapen Simon?
Simon: Ja dat is het wel, maar ik wilde gewoon weten of het tussen jullie allemaal goed gaat komen. Britt word tenslotte mijn nieuwe mama.
Johan: Ja wijsneus. Het is allemaal weer goed gekomen.
Simon: Welterusten dan.
Britt: Welterusten. (glimlachend)
Britt geeft 'haar' 2 kinderen een nachtzoen en gaat dan naar beneden, waar ze koffie uitschenkt voor haar en Johan.
Johan: Lekker, dank je. (glimlachend)
Britt glimlacht vriendelijk en zet zich op de bank neer...
Johan: Gaat het, Britt? (glimlachend)
Britt: Ja... (moe)
Johan: Je bent moe, is het niet? (glimlachend)
Langzaam maar zeker knikt Britt...
Britt: Ik denk dat ik zo ga slapen.
Johan: Goed idee. Als je een beetje geluk hebt kan je overmorgen weer gaan werken, oké?
Britt: Mag ik morgenavond niet naar Tony? (smekend)
Johan: Oké... Maar ik blijf er wel bij, goed?
Britt knikt blij en stapt dan haar bed in. Johan ruimt in de woonkamer en de keuken alles nog een beetje op, maar gaat dan ook in bed liggen.
Britt voelt dat er iemand bij haar in bed kruipt en wordt wakker...
Britt: Hmmm? (kreunend)
Johan: Sorry, ik wilde je niet wakker maken, liefje. (zacht fluisterend in Britt's oor)
Britt: Geeft niet, hoor. (glimlachend/zacht)
Britt geeft 'haar' Johan nog een zoen en valt dan in zijn armen in slaap...
's Nachts zet de koorts behoorlijk in en Britt zweet compleet het bed uit. Ook moet ze vreselijk spugen. Haar maag doet erg pijn en ze kan haast niets hebben, al haar spieren en botten doen pijn van de griep.
Johan verschoont het bed en helpt Britt onder de douche waarna hij een kopje thee voor haar maakt zodat haar maag weer wat tot rust kan komen en dekt haar dan weer lekker toe.
De volgende ochtend zorgt hij dat de kinderen naar school komen. Zelf zegt hij zijn afspraak maar af en blijft bij huis om Britt te helpen als die hem nodig heeft. Maar die slaapt heel de dag, heel de nacht en nog een groot deel van de volgende dag door.
Dinsdagmiddag tegen twee uur wordt ze wakker en kijkt dan verbaasd in het vriendelijke gezicht van Johan.
Britt: Johan? Jij hier?
Johan: Ik wil er zijn voor jou als je me nodig hebt.
Britt: Altijd. Kom eens wat dichter bij me. (en dan neemt ze hem in haar armen en begint hem te zoenen.)
Johan: Ik merk dat je beter aan het worden bent.
Britt; Nooit geweten dat ik zoveel slaap nodig had.
Johan: Blijkbaar. Maar eh, je neuroloog heeft gebeld. Hij is ziek en heeft je afspraak laten verzetten naar volgende week.
Britt: Verdorie. Ik wilde het eindelijk eens achter de rug hebben. Nu moet ik weer wachten.
Johan: Geeft niet Britt. Je bent zelf ook ziek. Het zou toch geen goed onderzoek worden nu. Wordt maar eerst lekker beter en dan ga ik gewoon volgende week met je mee.
Britt; Zou je dat willen?
--
Maar die woensdag heeft Britt gedaan met luieren, zoals ze zelf zegt, en gaat weer aan het werk. Neusspray en zakdoeken in de aanslag en daar gaat ze weer. Aan de manier waarop Johan haar een goede dag wenst merkt ze dat hij bezorgd is maar ook heel verliefd op haar.
Britt; Ik zal het rustig aandoen vandaag. Tot vanavond lieverd.
Nadine: Ah, Britt, gelukkig je bent er weer. Gaat het weer een beetje?
Britt: Ja hoor. Nog behoorlijk verkouden maar ik kon niet meer in bed liggen.
Nadine: Zou jij vandaag met Merel op willen werken?
Britt: Merel?
Nadine: De zus van Ben?!?
Britt: Ah natuurlijk, die Merel. Ja hoor prima. Wat hebben we te doen?
Nadine: Verkeersongeval, net gemeld; daarna naar een school om eens wat leerlingen te horen over die feestjes waar nogal rijkelijk met XTC wordt gestrooid en als er dan nog tijd over is ....
Britt: Laat me raden. PV's?
Nadine: Jij mag nooit meer raden.
In de auto kletsen Britt en Merel gezellig bij. Ze hadden elkaar wel vaker gezien en gesproken, maar na haar stage bij dit team en na haar diplomering was Merel elders te werk gesteld. Maar Britt vond het heel fijn, nu ze Tony moest missen, om met Merel op pad te gaan.
Het auto-ongeval op de Drongensesteenweg zag er behoorlijk ernstig uit. Toen ze ter plaatse kwamen waren er al twee ambulance met gewonden vertrokken naar het ziekenhuis. Langs de weg was er nog een ambulance bezig met hulp verlenen, zo te zien aan een vrachtrijder. Hij was wel bij zijn positieven en Britt probeerde om informatie van hem los te krijgen.
Ze vond zijn gedrag op zijn minst verdacht en verzocht de MUG arts om in de papieren voor het ziekenhuis te vragen om een drugs screening van zijn bloed. Later zouden ze dan de uitslag wel krijgen en zien wat ze er mee aanmoesten.
Verderop langs de weg zag Merel een pastor lopen. Hij keek een beetje verdwaasd.
Merel: Britt zie je die man daar, die pastor?
Britt; Is daar wat mee?
Merel: Hij kijkt wat vreemd.
Toen ze dichterbij kwamen bij de man meende Britt zijn gezicht te herkennen. Ze kon het niet direct plaatsen maar het bleef wel haar gedachten afleiden. Toch begon ze samen met Merel de man te ondervragen en na een poosje schoot het haar te binnen.: Het was een van die pastoors van die kerk waar ook een van die moorden had plaatsgevonden.
Britt begon acuut te hyperventileren en sloeg paniekerig met haar armen in het rond. Ze haalde zo snel adem dat ze er duizelig van werd en ineens viel ze zomaar flauw.
Merel schrok hier enorm van.
Merel: Britt? Britt, wat is er? Wat gebeurt er met u?
Al snel kwam er ook een ambulancebroeder aan die snel de polsslag opnam en de bloeddruk controleerde. Terwijl hij daar mee bezig was kwam Britt gelukkig al weer bij. Even zat ze vreemd om zich heen te kijken en had toen door wat er aan de hand was.
Britt: Sorry Merel dat ik zo doe. Ik schrok me ineens een ongeluk toen ik die pastor herkende.
Merel: Waar ken je hem van dan?
Britt: Hij is pastor in een van die kerken waar toen die moorden hebben plaatsgevonden. Ben heeft vast wel verteld van die zaak met Da....... (maar meer kreeg ze niet gezegd, haar maag draaide zich om bij de herinnering aan die Dashi en ze begon gelijk weer te braken).
Merel: Gaat het Britt? Ik geloof dat ik u maar eerst weer terug breng voor ik hier door kan gaan.
Britt; Nee, ik wacht wel in de auto. Wil je niets tegen Nadine vertellen?
Merel: Britt, als er iets is moet je erover praten. Je kunt niet doen of het niets is. Kijk nou eens naar jezelf. Je zit te trillen als een rietje. Iets heeft je heel erg van slag gemaakt en dat beïnvloed jou heel erg. Zo kun je je werk toch niet doen? Kom, ik breng u binnen en dan ga jij maar eens met Nadine praten.
Britt; Maar ik wil niet Merel.
Maar Merel was beduidend meer doortastend dan haar broer en pakte Britt bij haar arm, leidde haar naar de auto en bracht Britt terug op het bureau en zette haar bij Nadine in het kantoor.
Ze vroeg of Pasmans mee terug wilde naar het ongeval en dan zouden ze de laatste mensen aanhoren of die informatie over de ongevaltoedracht konden geven.
Eenmaal buiten belde ze het nummer van Johan en gaf aan wat er net met Britt gebeurt was en of hij haar straks wilde gaan zien op het commissariaat. Misschien dat ze naar hem wilde luisteren om mee naar huis te gaan.
Nadine: Britt, je ziet zo wit en slap als een vaatdoek. Wat is er?
Britt; Oh, niets.
Nadine: Dat wil je mij wijs maken? Zeg het maar, ik hoor liever de waarheid.
Britt: Ik zag net iemand en toen moest ik weer denken aan die D ...( en weer voelt ze haar maag opspelen) Sorry Nadine (en ze sprintte naar de wc waar ze weer moest kotsen.
Nadine was haar gevolgd en ving haar op toen ze uit de wc kwam en even wat water door haar gezicht spoelde.
Nadine: Wat wilde je me zeggen Britt?
Britt: Die Dashi. Hij is al lang dood en toch heb ik nog last van hem. Die pastor..... zijn kerk is de plaats geweest waar Dashi die mensen heeft vermoord. Gewoon om bij mij te komen.
Nadine: Hij is dood Britt. Die pastor was ook slachtoffer, net als jij. Hij heeft geen schuld.
Britt; Nee, maar ik associeer het wel met elkaar.
Nadinen: Praat je er nog over met een psycholoog of zo?
Britt: Ja, maar ik dacht dat ik het verder kwijt was. Zo kan ik toch niet werken?
Nadine; Jawel, dat kun je wel (geruststellend een arm om Britt haar schouders leggend) Af en toe zul je merken dat het zijn kop nog op zal steken, vooral op plaatsen die je er sterk aan herinneren, maar dat zal echt met de tijd gaan slijten. Ik hoop dat je het niet opgeeft. En als je het er moeilijk mee hebt, wil ik graag dat je het me eerlijk zegt, dat zoek ik tijdelijk wel wat anders voor je.
Britt: Dank je Nadine.
Nadine: Kopje thee Britt?
Britt: Graag, dank je.
Terug in het lokaal ziet Britt dat Johan er ook is.
Britt; Johan, wat doe jij hier?
Johan: Merel belde me dat het vandaag niet zo goed was gegaan met jou. Ik kom je halen om naar huis te gaan.
Britt; Maar Johan, het gaat wel weer. Ik was even van slag, heb het eruit gekotst en met Nadine gepraat en nu gaat het wel.
Johan: Maar zo zie je er niet uit.
Britt: Johan, ik kan als politieagent niet steeds blijven weglopen voor moeilijke dingen. Dan kan ik toch geen agent meer zijn?
Nadine; Daar heeft ze wel gelijk in Johan. Het was even moeilijk maar we hebben een heel goed gesprek gehad en ik denk dat voor de verwerking het beter is als Britt hier nog even blijft; een uurtje of zo om nog wat papierwerk te doen en wachten tot Merel terug is. Daar moet ze ook nog even mee praten, maar ik zal er persoonlijk op toezien dat ze om drie uur naar huis gaat, en anders breng ik haar zelf weg.
Johan: Gaat het gaan dan Britt?
Britt; Ja Johan, bedankt dat je even bent gekomen, dat vind ik fijn (en ze kust hem zachtjes gedag)
Het wachten op Merel duurt Britt wel erg lang dus belt ze even naar het ziekenhuis hoe het met Tony is.
Tot haar verbazing krijgt ze die zelf aan de telefoon.
Britt; Tony???
Tony: Ja? Jij belt mij toch?
Britt; Heb je zelf al telefoon naast je bed?
Tony: Ja, ik begon me te vervelen.
Britt; Hoe is het ermee?
Tony: Het gaat.
Britt; Ik was ziek in het weekend vandaar dat ik niet kon komen. Maar echt, vanavond kom ik bij je langs. Zal dat gaan denk je?
Tony: Ik zie er naar uit. Ik ga ophangen want ik voel me wel nog erg moe. Tot vanavond.
Britt: Tot vanavond, Tony. Goed slapen, hoor. (glimlachend)
Tony: Tot vanavond, Britt. (glimlachend/moe klinkend)
Tony legt neer en gaat meteen weer een dutje doen...
Wanneer Merel (eindelijk !!) aangekomen is op het commissariaat springt Britt blij op...
Britt: Sorry Merel van vanmiddag. Ik had zelf ook niet verwacht dat ik zo heftig zou reageren. Die pastor.... daar hadden wij ook mee gesproken na die kerkmoord en toen moest ik weer aan die Dashi denken en zo, ik werd er heel angstig van. Maar ik heb met Nadine gesproken en ik heb al een vervroegde afspraak gemaakt bij de psycholoog. Ik hoop niet dat het je heeft afgeschrikt en ik zou graag verder met je werken als jij dat ook wilt.
Merel: Graag, ik denk dat ik nog veel van je kan leren.
Britt: Ik zou het fijn vinden. Maar ik moet nu weg van Nadine en als ik niet ga dan brengt ze me weg en ik weet zeker dat Johan dan boos wordt en ik vanavond niet naar Tony mag.
Merel: Ga nu maar, en doe Tony de groeten van ons en wens haar heel veel sterkte en beterschap.
Britt loopt op Merel af en omarmd die en geeft haar een knuffel. De andere aanwezigen staan een beetje vreemd te kijken. Britt was anders helemaal niet zo pakkerig, ze stond op zekere afstand, maar na die hele situatie was er iets heel opvallends aan Britt veranderd. En eigenlijk stond hun dat ook wel aan.
Thuis stond Johan net klaar met zijn jas om Britt op te gaan halen.
Johan: Ha Britt, net op tijd.
Britt: Sorry Merel kwam zo laat, maar ik ben er nu toch?
Johan: Lekker even een uurtje naar bed en daarna kom ik je wekken en kunnen we lekker samen gaan koken voor we naar Tony gaan.
Britt: Maar ik ben niet moe, ik wil niet naar bed.
Johan: Moet ik je brengen?
Britt: Graag. (hopend dat hij bij haar zou gaan liggen)
Johan brengt Britt naar de slaapkamer, ontkleed haar en trekt haar een lekkere warme flanellen pyjama aan en stopt haar dan in. Hij buigt zich voorover een geeft haar een zoentje en gaat dan weer weg.
Britt; Johan?? Waarom kom jij niet bij me liggen?
Johan: Jij zou gaan slapen. Je bent net ziek geweest, wilt nog van alles doen. Je neemt weer niet genoeg rust en ik wil je niet weer ziek hebben. Probeer het nou maar, ik kom over een anderhalf tot twee uurtjes je wekken.
En Johan is nog maar nauwelijks weer in de kamer of Britt ligt al in een diepe slaap. Een nare slaap, met veel nare dromen erin. Ze komt niet echt tot rust, met alles wat er zich nu weer in haar dromen afspeelt.
Na een tweetal uurtjes wekt Johan haar, maar...
Britt wordt maar niet wakker !!!
Wel ligt ze heel onrustig te woelen. Maar wat of Johan ook doet, tegen haar praten, haar schudden of een koude washand: ze blijft diep in slaap.
Wat ongerust belt Johan de huisarts die snel langskomt.
Arts: Ah, ik hoor het al. Ze is net zwaar ziek geweest en nu al weer aan het werk. Ze is gewoon uitgeput. Laat haar lekker slapen. Stel voor dat ze morgen niet meer dan een halve dag gaat werken, dan houd ze nog wat energie over voor andere dingen.
Als Johan een uurtje later weer bij haar komt begint ze net te ontwaken.
Britt: Johan? Ben jij hier nog?
Johan: Ja, hoezo?
Britt: We zouden toch naar Tony gaan en omdat ik sliep dacht ik dat jij wel zou gaan. Ze had ons verwacht vanavond en nu is het vast te laat en kan ik niet meer bij haar.
Johan: Jij had je slaap hard nodig en ik wilde je niet alleen laten. Ik heb al naar het ziekenhuis gebeld en ze zeiden dat Tony vandaag ook heel erg moe was en veel sliep, dus kunnen we morgenmiddag bij haar langs.
Britt: Maar ik moet morgen werken.
Johan: Alleen morgenochtend.
Britt: Nee, gewoon de hele dag. Omdat ik nog geen weekenden doe moet ik door de week gewoon hele dagen werken.
Johan: Nadine is vanmiddag geweest en die zei dat je weer veel te veel hooi op de vork nam en ze zei dat je maar halve dagen mag komen werken.
Britt: Zeg, wanneer mag ik weer mijn eigen beslissingen nemen?
Johan: Die mag je altijd nemen , maar ik vind het niet verstandig dat je hele dagen werkt als ik zie hoe je vanmiddag thuis kwam.
Nu wordt Britt een beetje verdrietig en Johan ziet dat en geeft haar een zoen om haar wat te troosten.
Zijn nabijheid en intimiteit maken toch dat Britt zich meer gaat onspannen, en Johan vind dat heel fijn.
Britt: Mag ik in de ochtendjas in de kamer komen?
Johan: Hé, het is jouw huis en jouw jas. Dan maak je dat toch lekker zelf uit?
Britt: Ik zal me een beetje opfrissen en dan kom ik zo. Wat is het trouwens stil. Waar zijn de kinderen?
Johan: Uit logeren.
En daar glunderen Britt's ogen al weer.
Ze frist zich zo snel mogelijk op om daarna heel dicht naast Johan op de bank te belanden...
Johan: Wat was je snel. (glimlachend)
Britt knikt en kijkt verliefd in Johan's ogen, en...
Ze omhelzen en zoenen elkaar. Verder niets, alleen kussen en knus dicht bij elkaar zitten. Dat voelt goed en dat vinden ze heel erg fijn.
Johan is inmiddels ook al in zijn badjas beland en hij ligt op de bank met Britt dicht tegen hem aan.
Britt: Johan?
Johan: Ja Britt??
Britt: Ik vind dit ook heel fijn. Vrijen ook, maar dit voelt gewoon heel goed. Ik ben heel blij dat ik je ben tegengekomen en dat je, ondanks alles, toch bij me bent gebleven. Ik vind het heel naar voor jou dat ik je een tijdje niet herkende.
Johan: Dat kwam omdat je die slag tegen je hoofd hebt gehad.
Britt: Maar ik deed heel naar tegen jou.
Johan: Dat is allemaal vergeven en vergeten. Ik ben heel blij dat jij weer gezond bent en dat we lekker samen verder kunnen, wij, jij en ik, en de kinderen.
Britt: Wil je dat? Ik bedoel SAMEN verder?
Johan: Ja, ik wil samen met jou oud worden. Lieve Britt wil jij met me trouwen en mijn vrouw worden?
Britt: Was ik alweer vergeten dat je dat gevraagd heb? Zie je wel dat het niet goed met me gaat! En ik moet volgende week ook weer naar de dokter toe. Oh, het gaat echt niet goed komen met mij en dan ....
Johan: Rustig eens Britt. Je was het niet vergeten. Ik wilde het zelf gewoon nog een keer vragen, ik hoorde zo graag dat je JA zou zeggen.
Britt: Echt? Nou dan heb je hier je antwoord: JA, ik wil. Ik wil met je trouwen en ik wil met jou oud worden. En ik wil, ach ik wil gewoon veel te veel en daar krijg ik straks natuurlijk mijn straf weer voor. (en dan verbergt ze haar hoofd tegen Johan's borst en huilt weer.)
Johan streelt zachtjes haar haren: Liefje, wat is er nu? Eerst ben je heel blij en vrolijk en ineens zie ik allemaal verdriet bij je.
Britt: Ik wil gewoon teveel.
Johan: Wat zou je dan nog willen? Vraag het maar en dan zien we wel.
Britt: Als ik het vraag dan gaat er vast wel weer wat gebeuren. Dat is steeds zo geweest. Dit leven is alleen maar om te accepteren wat je krijgt. Voor mij is er niets te willen.
Johan: Brittje, kom op. Nu niet somber worden. Zeg eens wat je graag zou willen. Ik zou je graag helpen als ik kon, maar dan moet ik wel weten wat je wilt.
Britt: Ik zou graag willen dat je meeging naar de dokter volgende week. Ik ben bang.
Johan; Maar natuurlijk ga ik met je mee, en je hoeft echt niet bang te zijn. Welke arts moet je heen? De neuroloog of de keuringarts?
Britt: Volgende week dinsdag een hele dag naar het ziekenhuis voor allerlei tests en onderzoeken. Donderdag naar de neuroloog en misschien vrijdag, anders die week erop naar de keuringsarts. En die bepaald of ik weer mag werken of wordt afgekeurd... (snif, snif)
Johan: Dat doen ze niet zomaar. Maar laat dat werk en die dokters maar even los. Je ligt zo lekker in mijn armen, laten we maar lekker van elkaar genieten.
En door haar tranen heen breekt een voorzichtige lach.
De volgende ochtend op het commissariaat roept Nadine haar direct binnen.
Nadine: Gaat het nu weer Britt? Jij hebt gisteren veel te veel hooi op je vork genomen.
Britt: Maar u heeft mij al die opdrachten gegeven.
Nadine: Sorry. Ik had geen idee hoeveel het was. Maar je mag me gerust zeggen als het teveel is hoor.
Britt: Maar u bent de baas.
Nadine; Ja en? Maar bon. Je had al begrepen dat ik bij Johan was geweest en dat je, zeker deze en volgende week, maar halve dagen mag werken.
Britt: Maar volgende week ben ik al zoveel afwezig.
Nadine; Je controles en je keuringen zeker? Ben je zenuwachtig Britt?
Britt zegt niets en staart hardnekkig naar de vloer.
Nadine: Britt??
En daar jankt ze al weer heen. Ze schaamt zich en wil op staan om weg te lopen maar Nadine belet haar dat.
Nadine; Je mag het wel zeggen hoor. Het is ook beangstigend als een ander over jou gaat beslissen. Maar het gaat toch goed met je? Ik bedoel, het politiewerk dat je doet doe je weer zoals vroeger, je inzet is weer meer dan 100% en de resultaten zijn ook oké.
Britt: Maar ik vergeet nog steeds dingen. Gisteren vroeg Johan of ik met hem wilde trouwen en ik wist niet eens of hij dat nou wel of niet gevraagd had.
Nadine: Ik denk dat je wat veel gespannen bent voor volgende week. Laat het maar gewoon op je af komen. En als ze twijfelen aan je, mag je ze echt wel naar mij verwijzen, ik zal je heus niet laten vallen. Beter nog, ik kan je hier niet missen. En je team ook niet, al zullen ze dat niet makkelijk hardop zeggen, maar ik het merk het aan hun gedrag.
Britt: Dus ik hoef geen volle dagen te werken? (en ze slaakt en diepe zucht) Dank je Nadine, ik durfde dat zelf niet te vragen maar het was wel erg veel.
Nadine: Britt ik zou graag willen dat je het mij zegt als het je teveel wordt. Jij weet wat je aankunt, ik kan dat niet door je heen zien. En ik heb geen zin aan kwaaie koppen van jou als IK telkens moet zeggen dat je het rustig aan moet doen.
Britt: Hartstikke bedankt Nadine. Kan ik dan wel met Merel werken of moet ik bureaudienst doen?
Nadine: Overleg maar met Merel en dan zal het wel los lopen. Hou je me op de hoogte hoe het gaat? Oké dan. Tot later Britt.
Die middag kan Britt dan eindelijk bij Tony op bezoek. Die is van de intensieve af, maar ligt er verder bepaald niet florissant bij. Ze ligt op een kantelbed vanwege haar wervelfracturen. Ze mag, en kan ook geen millimeter verroeren. Haar hoofd zit in een tractie en haar linker been en rechterarm ook. Haar gezicht zit nog onder de blauwe plekken en er zitten nog steeds veel hechtingen in het gezicht. Britt moet echt even slikken als ze dit ziet.
Johan merkt dat en legt zachtjes een hand op Britt haar rug en langzaam lopen ze verder op Tony toe.
Britt: Tony, ça va?
Tony: Veel pijn Britt, veel pijn.
Britt: Ik zie het.
Tony: Dat kun je niet zien, dat voel ik.
Britt: Maar ik zie het aan uw ogen. Het spijt me zo zeer dat ze jou hebben aangepakt terwijl het voor mij bedoeld was.
Tony: Hoe bedoel je, voor jou bedoeld?
Britt; Hebben ze je nog niets gezegd over het ongeval?
Tony: Ze hebben me niets gezegd. Ik herinner me dat jij en ik door de kuip liepen , en het volgende wat ik me herinner is dat ik een groot wit plafond zie. Daartussen ben ik een en ander kwijt.
Britt: Ik zal het je nu ook maar niet zeggen? Je ziet er beroerd uit.
Tony: Zeg het me maar Britt, ik kan er niet tegen als ze wat voor me achter houden.
Britt: Ik had het even moeilijk en toen stelde jij voor om te gaan lunchen en een wandeling te maken en ineens op de Grasbrug kwam er zo'n idioot op ons afscheuren met zijn auto. Jij duwde mij opzij zodat ik niet zou worden aangereden, jij struikelde bijna en die vent gooit zijn auto in de achteruit, zet hem weer naar voor en ...
Tony: Ja en???
Britt: Hij reed zo op jou in, over jou heen. Ik dacht dat ik dood ging toen ik jou daar zag liggen. Jij hebt mijn leven gered en bent er bijna zelf aan bezweken.
Tony: Die vent krijg ik terug. Reken daar maar op. Wie was het?
Britt: De laatst van de club van Dashi.
En als Britt dat zegt voelt ze haar eigen misselijkheid maar krijgt Tony het ook te kwaad. Maar omdat die helemaal gefixeerd ligt kan ze niets beginnen maar de energie in haar krijgt heel veel kracht en ze begint te heel hard te schreeuwen en het zweet gutst haar van het hoofd en dan ineens begint ze te schokken en te schuimbekken.
In no-time staat er een ploeg met artsen en verpleegkundigen om haar heen en wordt Britt naar de gang gestuurd.
Britt: Johan, wat heb ik nu fout gedaan??
Johan: Niets Britt. Tony vroeg wat er gebeurt was en dat heb je verteld. Het kwam blijkbaar heel zwaar aan bij haar. De artsen zullen zo wel komen om te zeggen wat er is.
En inderdaad komen even later de artsen weer buiten.
Arts: Tony heeft een epileptisch insult gehad. We weten nog niet wat de oorzaak is, dat zullen we nog wel gaan onderzoeken, maar ze heeft medicijnen gehad en is weer uit de aanval. Ze zal denk ik wel hoofdpijn hebben nu en heel moe zijn, maar u kunt wel even bij haar terug.
Tony: Oh, Britt, wat hebben ze toch gedaan met ons??
Britt: Gaat het Tony, of zal ik een andere keer terug komen?
Tony: Wil je nog even blijven? Gewoon even hier naast me zitten?
Britt; Natuurlijk.
Tony: Hoe is het met jou gegaan op die brug?
Britt: Ben tegen de leuning gevallen en had een paar gekneusde ribben. Het gaat wel weer en ik ben weer aan het werk.
Tony: En met Johan?
Britt; Hij heeft me ten huwelijk gevraagd.
Tony: Dat had hij toch al?
Britt wordt weer angstvallig stil.
Tony: Wat is er Britt?
Britt: Zie je wel dat ik vergeetachtig ben. Ik wordt vast afgekeurd volgende week.
Tony: Doe niet zo mal. Jij blijft gewoon bij ons hoor. Ik ga beter worden en dan gaan jij en ik mooi samen weer aan het werk.
Britt: Ik ben bang van niet.
Tony: (nu een beetje boos klinkend) Je denkt toch niet dat ik voor de kat zijn viool hier lig of wel?
Maar nu begint Britt heel hard te huilen en wil weglopen, maar omdat ze Tony's hand nog vast had lukt dat niet, want die houd haar heel stevig tegen.
Britt: Tony, laat me gaan. Ik doe alleen maar foute dingen.
Tony: Britt, blijf bij me alsjeblieft. Ik heb je nodig.
Britt: Maar ik kan niks.
Tony: Echt wel. Ik lig hier omdat jij in mij geloofd. Ik voelde dat er iemand was die mij niet los kon laten. Daar heb ik een heleboel kracht uitgehaald. De artsen stonden versteld dat ik uit het coma was gekomen, dat ik het überhaupt heb overleefd, en dat allemaal omdat ik om je geef Britt. Laat het niet afweten. Ik weet dat het voor jou een zwaar gevecht is, maar Johan zal je erbij helpen, Nadine ook, heel het team. Op mij moet je ietsje langer wachten maar ik ben er ook voor jou.
Britt: Echt waar Tony?
Tony: Echt waar Britt.
Britt buigt zich voorover en geeft Tony een zoentje op haar voorhoofd en strijkt wat haren uit het gezicht: Bedankt Tony.
En dan zakt Tony in slaap . De valium doet zijn werk.
Johan: Kom Britt, we gaan naar huis. Het was genoeg voor vandaag.
Britt knikt en zoekt snel bescherming in Johan's armen...
Johan: Gaat het? (vriendelijk)
Britt: Het gaat wel... (zacht)
Johan rijdt hen naar huis. Daar aangekomen gaan ze nog eventjes op de bank liggen... Johan zit rechtop, en Britt ligt met haar benen op de bank en haar hoofd op zijn borst.
Johan streelt haar rustig door haar haren...
Johan: Gaat het echt met je, lieverd? (vriendelijk)
Britt: Ja, zei ik toch. (met een zwakke glimlach om haar mond)
Maar Britt reageert niet...
Johan helpt haar overeind en rijd hen weer naar huis, waar Britt, als in een automatisme, in bed kruipt...
De volgende dag, om 10 uur bij de dokter...
Arts: Britt, je kunt gerust zijn, echt. Ik heb hier de uitslagen en wil graag dat je met me meekijkt. Het is niet eng, het is heel goed en duidelijk zichtbaar. Als je het zelf ziet, zul je het ook beter begrijpen.
Johan: Wat is het dan?
Arts: Britt, kom je even hier naast me staan bij de lichtbak.
Met tegenzin gaat Britt staan en kijkt naar haar foto's op de lichtbak.
Britt; Wat moet ik zien dan?
Arts: Kijk, hier. Daar zit het probleem. Duidelijk zichtbaar en heel goed behandelbaar.
Britt; Maar wat is het?
Arts: Er is een wervel in uw nek verschoven en die drukt op zowel een bloedvat als op een zenuw. Daardoor voel je steeds hoofdpijn en duizeligheid. Omdat de bloedtoevoer niet optimaal is krijgen de hersenen soms een beetje zuurstof tekort, en dat ervaar jij als vergeetachtigheid, maar dat is niet zo.
Britt; En dus nu moet ik worden afgekeurd?
Arts: Wie heeft het over afkeuren?
Britt; Ik moet vrijdag voor de keuring of ik terug mag in operationele dienst.
Arts: Ik zal contact opnemen met de keuringsarts en om twee weken uitstel vragen. In die tijd kan ik je laten behandelen en dan hebben we nog wat tijd over om aan te sterken
Britt: Wat moet er dan gebeuren met mij? Wordt ik geopereerd? Ik durf dat niet. Niet in mijn nek!
Arts: Nee, Britt, het kan veel eenvoudiger. De manueel therapeut kan het zaakje weer mooi rechtzetten en dan ben je van al je klachten af.
Johan: Maar dat is heel mooi.
Britt; Johan, zal het echt werken denk je?
Johan: Zoals het nu is kun je ook niet meer Britt. Elke dag die pijn en die klachten. Laat je helpen. Je weet dat wij achter je staan.
Britt; Moet ik weer worden opgenomen?
Arts: Ik bel even met Thomas, de therapeut en zal met hem overleggen.
En dus mag Britt weer voor drie dagen naar het ziekenhuis.
Een dag voorbereiding, dat wil zeggen platte bedrust met veel relaxantia, zodat de spieren goed ontspannen. Ze ligt er als een slappe pop in bed, en slaapt bijna heel de dag, en van het bezoek van Johan en Simon en Dorien krijgt ze ook niet veel mee.
De tweede dag komt de therapeut om de nekwervels te manipuleren. Ondanks de medicatie is het een zware klus. De boel zit al een aardig tijdje op foutieve wijze vast en dus kost het Thomas heel wat moeite om de wervels ten opzicht van elkaar te bewegen. Het lukt niet in een keer en dus zal hij of 's middags, of de andere dag nogmaals moeten proberen.
Maar 's middags is Britt zo beroerd te pas dat ze haar met medicijnen in slaap hebben gebracht en er dus niets gedaan wordt.
De derde dag ziet Britt als een berg tegen de behandeling op. Ze huilt als Thomas binnenkomt.
Thomas: Wat is er Britt? Zie je er zo tegenop?
Britt; Ja, het deed zo'n pijn gister. Ik was er gewoon ziek van.
Thomas: Helaas zat de boel heel erg vast. Maar je hebt extra medicijnen gehad, dus zal het vandaag beter moeten gaan.
Britt: Vooruit dan maar, als het moet. (nu huilend)
Thomas: Ik zal voorzichtig met je doen, maar we moeten er samen echt even doorheen. Daarna zul je blij zijn dat je hebt doorgezet.
Britt: Waarom ben je nu stil Thomas?
Thomas; Ik zat me even te concentreren.
Britt; Sorry.
Thomas: Geeft niet. Ik was nog iets vergeten te zeggen.
Britt: Wat dan?
Thomas: Als ik klaar ben zul je een stijve halskraag krijgen. Een week zeker, om de nek te ondersteunen en om te voorkomen dat de wervels in hun foutieve voorkeursstand terugschieten.
Britt: Wat is dat een stijve halskraag?
Thomas: Zo'n kraag die ongevalslachtoffers ook omkrijgen als ze verplaatst moeten worden.
Britt; Moet ik dan hier blijven of mag ik naar huis als ik klaar ben?
Thomas: Johan mag u om vijf uur op komen halen.
Britt; Mag ik hem dan eerst even bellen? Alsjeblieft??
Thomas; Natuurlijk. Als jij daar rustiger en meer ontspannen van wordt mag je dat.
Na het telefoontje zucht Britt nog eens diep en zegt dan: Vooruit dan maar. Zet de boel maar recht. Zeg maar wat ik doen moet.
Thomas: Jij moet niets doen. Ik doe het werk en jij zorgt er alleen voor dat je helemaal ontspannen bent.
Voorzichtig zet hij zijn handen op Britt haar hoofd. Een hand onder haar kin , de ander in haar nek en heel zachtjes beweegt hij het hoofd. Dit kan Britt nog wel hebben, alhoewel ze wel een vreemde tinteling voelt.
Nu legt hij de hand in een andere positie en gaat achter Britt haar hoofd staan. De ander hand ligt op Britt haar voorhoofd en weer beweegt hij heel zachtjes, maar de tintelingen lijken erger te worden en Britt wordt angstig.
Britt; Thomas, het tintelt, ik ben bang.
Thomas: Dan gaan we de goede kant op. De tintelingen geven aan dat de zenuw nu van de drukt ontlast wordt. Wat nu gaat komen zal even heel erg pijn doen, maar met een beetje geluk is dat het laatste wat ik moet doen. De rest is dan voor jou.
Thomas "schaalt" haar hoofd in zijn handen die een schuitje vormen en langzaam leunt hij achterover zodat de trekkracht op de nekwervels langzaam opgevoerd wordt . Met zijn vingers voelt hij een hele kleine beweging. Britt voelt zijn wijsvinger ineens in haar nek drukken en vertrekt pijnlijk haar gezicht.
Thomas: (een beetje hijgend van inspanning) Nog een klein stukje Britt. Heel even door de pijn heen en dan ..... KLAK. Zit het goed.
Maar Britt is door de pijn al flauw gevallen. De tranen lopen over haar gezicht.
Thomas neemt een koude doek en wrijft die over Britt haar gezicht waardoor ze weer bij komt.
Britt; Is het voorbij Thomas?
Thomas; Ja, Britt. Het is voorbij. Als het goed is heb je nu geen tintelingen meer en is je hoofdpijn nu al helemaal weg.
Britt; Ja, zeg, het is over. Mijn hoofd doet geen pijn, en mijn ogen kunnen alles zien zonder dat het pijn doet. Och, wat fijn is dat. Bedankt dat je dat gedaan hebt voor mij.
Thomas; Dat is mijn werk, maar ik ben wel blij dat jij geen klachten meer hebt. Maar je moet nu even zo stil mogelijk blijven liggen. Ik leg even wat zandzakjes naast je hoofd zodat je je niet kan bewegen. Ik moet die kraag even gaan halen en wil niet bij terugkomst opnieuw moeten beginnen.
Britt; Ik doe wat jij me zegt.
Na een kwartiertje is hij terug met de kraag en legt die om bij Britt. De kraag is instelbaar en dus sleutelt Thomas wat totdat er zekere spanning op de nek komt. Daarna wordt er een controlefoto gemaakt en als alles oké is mag Britt weer rechtop komen zitten. Even is ze wat onzeker en lijkt het of ze een duizeling krijgt, maar als Thomas haar een hand reikt en haar vraagt om te gaan staan gaat het al allemaal al wat beter.
Samen lopen ze terug naar de afdeling waar Britt zich kan omkleden en klaar maken voor vertrek en alleen maar hoeft te wachten op Johan.
Britt; Mag ik ook nog even naar Tony toe?
Thomas; Jij mag wel oplopen, maar doe het de komende dagen een beetje rustig aan. Niet werken en lekker thuis blijven en leuke dingen voor jezelf of met je dochter doen.
Britt: Hoe weet je dat ik een dochter heb?
Thomas: Ze was vanmorgen of de fysio om haar enkel te laten tapen.
Britt; Bedankt nogmaals. Ik zal doen wat je me gezegd hebt.
Thomas; Tot volgende week dan.
Britt is blij als een kind dat ze eindelijk klachtenvrij is en ze loopt door naar Tony's afdeling.
Die ligt nu net op de buik en dus kunnen ze elkaar niet aankijken, althans niet rechtstreeks.
Tony heeft een spiegel voor haar gezicht zodat ze kan zien wie er bij haar is.
Britt; Ca va?
Tony: Dat kan ik beter u vragen. Wat heb jij nou weer om je nek zitten?
Britt; Een kraag. Mijn nekwervels zijn gemanipuleerd omdat ze scheef zaten. Daardoor had ik nog steeds klachten maar het is nu helemaal over.
Tony: Dus je wordt goedgekeurd en houd mijn plekje vrij op het commissariaat?
Britt; Natuurlijk.
Tony: Britt, wil je mij een hand geven?
En Britt reikt haar hand binnen het bereik van Tony die hem aanneemt en er zachtjes in knijpt.
Tony: Ik wist het Britt. Het zou toch goed komen had ik gezegd?
Nu kan Britt het niet meer laten, en met moeite bukt ze zich en legt zich languit op de rug op de grond om toch oogcontact met Tony te krijgen. En zo liggen ze even gezellig te babbelen.
Britt: En nu jij nog Tony. Ik wil je weer terug als partner.
Tony: Ik doe mijn best, maar het kan nog wel even duren. Vraag maar aan de dokter.
Britt; Geven ze wel informatie dan?
Tony: Ik heb gezegd dat jij informatie over mij mag vragen.
Dan komt Johan binnen en hij schrikt als hij Brit top de grond ziet liggen.
Johan: BRITT??? Wat is er gebeurt?
Britt; Ik ben met Tony aan het praten.
Johan: Alles goed met u? Waarom lig je op de grond?
Britt: Anders kan ik haar niet zien.
Tony: Dag Johan.
Johan: Hoi Tony, hoe gaat het?
Tony: Het gaat wel. Maar je mag Britt weer meenemen hoor. Ze klets me de oren van het hoofd. Tot een volgende keer Britt, en uh, rustig aan, wil je?
Britt; Ja moeder, ik zal rustig aan doen.
En zo gaat Britt weer naar huis. Moe maar heel voldaan.
Nog een weekje thuis en dan kan ze voor controle. De wervels zijn goed blijven staan, maar de kraag moet ze nog een week dragen. Daarna kan ze toe met een zachte kraag maar ze kan en mag er wel mee werken. En dan komt de dag van de keuring ook weer in het verschiet.
Johan merkt dat ze weer nerveus wordt.
Johan; Britt, alles is toch goed gekomen?
Britt; Ja, maar ik ben wel nog zenuwachtig. Wil jij mee gaan morgen?
Johan: Voor jou, altijd.
En ook bij deze keuring blijkt alles goed te zijn en wordt Britt 100 % arbeidsgeschikt verklaard en mag dus terug in actieve politiedienst. Nu huilt ze van blijdschap.
Zowel thuis als op het commissariaat wordt Britt's herstel groots gevierd. Iedereen is blij voor Britt.
Nadine; Ik ben blij dat je er weer helemaal bij bent Britt. Welkom terug. Maar ik hoop dat onze afspraak wel blijft staan.
Britt: Welke afspraak?
Nadine; (lachend) Ben je toch vergeetachtig?
Britt: Nee hoor. Oh, je bedoelt ...
Nadine; Juist ja, die dat je niet teveel hooi op je vork neemt en het bij mij aangeeft als het teveel wordt of ik teveel van je vraag.
Britt; Zal ik doen, en anders zal Johan me er heus wel aan herinneren.
Die avond vieren Britt en Johan heel intiem Britt's volledig herstel en voor het eerst in tijden kan Britt zich helemaal geven en genieten ze intens van elkaar.
Johan valt nadien met een glimlach in slaap en Britt ligt in het schemer nog een tijdje van hem te genieten voor ze zelf ook in slaap valt.
En prompt de ander ochtend zich overslaapt voor het werk.
Om 10 uur schrikt Johan wakker...
Johan: Britt, we hebben ons verslapen!!
Britt schiet rechtop...
Britt: En dat voor mijn 1ste werkdag terug (huilend)
Johan: Hè, dat kan iedereen overkomen. Het is geen ramp hoor.
Britt: Maar mijn eerste werkdag !
Johan: Nadine zal het wel begrijpen. Ik maak je een ontbijtje dan kun jij je douchen en daarna naar je werk gaan.
Britt: Ik hoef geen ontbijt, ik ben al te laat.
Johan: Zonder ontbijt kom je de deur niet uit.
Britt: Zeg, ik ben je dochter niet.
Johan; Maar wel mijn vriendin en daar zorg ik goed voor.
Na een haastig ontbijtje vertrekt Britt naar het commissariaat om haar werkzaamheden weer volledig op te pakken. Nadine staat haar bij de deur van haar kantoortje al op te wachten.
Britt denkt: Oh, jee hier zul je het hebben. De eerste dag te laat en niet zo'n klein beetje ook.
Nadine: Leuk Britt, dat je ons komt verblijden met je bezoek.
Britt: (nederig) Sorry, we hebben ons overslapen.
Nadine: Maak je geen zorgen. Het was vanochtend nog niet zo druk. Ga even zitten. Koffie?
Britt staat al op om ze te halen.
Nadine: Zeg, blijf eens even zitten. Ik kan zelf wel koffie halen hoor.
Nadat ze terug is: Dus Britt, je bent er weer helemaal bij vanaf vandaag. Goedgekeurd. En alles oké. Je moet nog wel weer terugkomen bij de arts voor na controle?
Britt; Ja over twee maanden en dan zal hij steeds zien of ik nog weer moet komen.
Nadine; Voor je eigen bestwil, en voor het team: Doe het voorzichtig aan alsjeblieft. We willen je niet weer kwijt raken Britt.
Britt; Ik zal mijn best doen baas.
Nadine; Hoe is het met Tony? Ik krijg geen informatie over haar toestand.
Britt; Nog steeds weinig verbetering. Ze ligt nu al zeker 6 weken helemaal plat op bed. Haar been en arm zijn uit de tractie. Ze is geopereerd en ze hebben platen en pinnen en schroeven en zo ingebracht. Maar haar hoofd zit nog steeds in tractie en de wervels zijn nog niet weer goed gegroeid.
Nadine: Hoelang zal dat nog duren denk je?
Britt: Ik ben geen arts, maar als ik er weer kom zal ik het eens vragen.
Nadine; Hoe is haar stemming?
Britt; Ze doet zich heel goed voor, maar ik denk dat ze van binnen heel bang is, net als ik toen.
Nadine; Dat geloof ik graag. Maar nu zit jij dus tijdelijk zonder partner. Ik heb wel een vervanger op het oog.
Britt: Mag ik weer de straat op dan? Want als ik bureau werk moet doen kan ik dat ook wel alleen.
Nadine; Jij bent toch volledig hersteld? Nou dan ga je gewoon al je taken weer doen en daarbij kun je heel goed een partner gebruiken.
Britt: Als u dat zegt.
Nadine: Kun jij je hier even mee bezig houden (en ze geeft een stapeltje PVs die gecontroleerd moeten worden) dan zal ik eens zien of ik je nieuwe partner kan bereiken.
Britt: PV's ??
Nadine: Ja, dat zijn processen verbaal. Weet je nog? En daar staat je bureau.
Britt; Ik ga al.
Na een klein uur komt er een stoere meid binnen lopen met een bomberjacket aan en een baseballpet op en ze loopt in een streep door naar het kantoor van Nadine.
Britt kijkt eens achterom en denkt: moet ik daar mee gaan werken?
Lang hoeft ze niet te wachten op antwoord want Nadine roept haar binnen.
Nadine: Britt, dit wordt je nieuwe partner tot Tony er weer is. Sofie Beekman, komt van de federalen, jou niet onbekend. Sofie, dit is Britt MIchiels, ook ooit van de federalen maar gelukkig nu voor ons werkend. Veel ervaring en een harde tante als het moet. Ik denk dat jullie het wel goed met elkaar kunnen vinden. Ga eerst even lunchen en wat met elkaar kennismaken en kom tegen half twee weer binnen dan zal ik zien of er wat voor jullie is.
En zo worden ze het kantoor weer "uitgezet" .
Britt: Jeetje, wat had die ineens een haast.
Sofie: Zo is ze wel vaker.
Britt; Ken je haar?
Sofie: Ja ze was mijn baas bij de federalen. Heb daar een tijdje undercoverwerk gedaan , maar dat ging niet meer en ik wilde de politie niet opgeven, dus heeft ze gezorgd dat ik tijdelijk hierheen kon.
Britt: Aangenaam, Britt Michiels, hoofdinspecteur, moeder en weduwe. Zo heb je alles in een keer gehoord.
Sofie: Nou, Nadine had mijn naam al genoemd. Je weet dat ik van de federalen kom en verder zullen we wel zien hoe het gaat lopen. Trouwens, al doe ik niet alles volgens het boekje, ze zeggen dat ik wel een goede politieagent ben.
Britt; Dan geloof ik heus wel als Nadine je hierheen haalt om met mij samen te werken.
Sofie: Je partner, is het daar slim mee?
Britt: Die heeft mij willen beschermen toen iemand me omver wilde rijden en heeft zelf de klap opgevangen. Ligt nu al zes weken in het ziekenhuis met drie instabiele wervelfracturen.
Sofie: Da's shit.
Britt; Zeg dat wel. Ik mis haar echt.
Sofie: Ik kan haar niet vervangen, en ik ben Tony niet, maar ik hoop dat wij desondanks toch goed zullen samen erken.
Britt; Ik ga mijn best doen. Eerst maar eens inwijden in ons lunchuurtje. Meestal gaan Tony en ik even naar de Combi. Dat is een cafeetje hier een eindje verderop.
Sofie: Oké, laat maar zien.
En ze hebben een heel gezellige lunch en praten erin en eruit met elkaar en zowel Sofie als Britt hebben het idee dat het wel goed gaat lopen tussen hun twee.
Wanneer Britt op haar horloge kijkt om te zien schrikt ze zich rot...
Britt: Shit Sofie, het is al kwart voor 2 !! (paniekerig)
Sofie: Dat is ze wel gewoon van me. (glimlachend) Maar je hebt gelijk, we kunnen ons beter haasten nu...
Britt: Ik trakteer.
Britt doet teken naar Jean en gooit snel wat geld op de tafel. Jean knikt en Britt en Sofie haasten zich naar het commissariaat...
Nadine: Michiels, kan je even in mijn kantoor komen? (streng)
Britt schrikt van deze strenge toon van haar baas, maar laat zich niet kennen en stapt moedig Vanbruane's kantoor in, waar ze een uitbrander krijgt...
Nadine: Je was vanmorgen ook al te laat en nu weer.
Britt kijkt even bedremmeld naar de grond en probeert zich goed te houden. En het lukt: het spijt me, Nadine. We waren de tijd vergeten.
Nadine, die zeer veel belangstelling had voor de reactie van Britt. Ze wilde haar eigenlijk even testen, om te kijken hoe het nu echt met haar ging zei nog even boos: ik ga er vanuit dat het alleen vandaag zo gaat, morgen verwacht ik je op tijd.
Britt: Tuurlijk, Nadine.
Dan kijkt Nadine haar even aan en vraagt: en denk je dat jullie een beetje kunnen samenwerken?
Britt is verbaasd door deze omslag van Nadine en kijkt haar dan ook verbaasd aan en weet niet zo goed wat ze moet zeggen.
Nadine: Als jij denkt dat het niet gaat werken tussen jullie twee, dan moet je dat zeggen en dan regel ik iemand anders voor je.
Britt: Nee, dat is helemaal niet nodig. Ik heb het gevoel dat we prima kunnen samenwerken. Ik neem aan dat u niet anders verwacht had. U kent haar en u kent mij dus ik had ook niet verwacht dat u met iemand zou aankomen die helemaal niet bij mij paste.
Nadine lachte even vriendelijk: ik heb er alles voor over dat het weer goed komt met je. Alles.
Britt keek haar baas blij aan: dat weet ik.
Nadine: oké, ik denk dat het makkelijk is als jij Sofie even een beetje wegwijs maakt hier op het commissariaat. Aan iedereen voorstellen de plaatsen wijzen, dan hoor je het wel als ik een zaak voor jullie heb. Maar eerst stuur je Sofie naar mij.
Britt loopt opgelucht naar buiten en zegt dan tegen Sofie dat ze naar Vanbruane moet. Langzaam staat Sofie op en ze wandelt op haar gemak naar het kantoortje van Vanbruane.
Nadine: Ga zitten.
Sofie: Wat is er?
Nadine: Ik wil graag dat jij de goede gewoonten van Britt overneemt en niet andersom.
Sofie: het was gewoon gezellig en we waren allebei de tijd vergeten. We hadden er allebei net zoveel schuld aan.
Nadine: Je weet wat er de afgelopen tijd met Britt is gebeurd, houdt daar een beetje rekening mee. Niet te opvallend, daar kan ze niet tegen.
Sofie: Dat had ik al begrepen, u kan op mij rekenen.
Dan staat ze op en loopt naar Britt. Even later lopen ze samen door het commissariaat en wordt Sofie aan iedereen voorgesteld. Verder gebeurt er die dag helemaal niets dus kunnen Britt en Sofie op tijd naar huis, iets wat ze allebei helemaal niet erg vinden...
Als Britt thuiskomt, ziet ze dat de kinderen en Johan er ook al zijn...
Britt: Gezellig. (glimlachend)
Johan: Hoe was je 1ste werkdag terug lieverd? (terwijl hij haar een zoen geeft)
Britt: Uitstekend. Ik heb voor een tijdje tot Tony terugkomt een nieuwe partner, Sofie. Die valt heel goed mee. (glimlachend)
Johan glimlacht tevreden en geeft Britt nog een zoen. (De kinderen zijn ondertussen al naar boven gegaan om hun huiswerk te maken)
Britt zoent hem vurig terug, maar plots komen alle gedachten van haar verkrachter weer naar boven...
Johan merkt aan Britt dat iets haar dwars zit.
Johan: Wat is er Britt? Je lijkt ineens zo afstandig.
Britt: Ik ... ik voel me niet goed.
Johan: Ga je ziek worden ? Nee toch?
Britt: Laat me maar. Ik voel me niet goed en ga naar bed.
Johan: Oh nee Britt. Jij gaat niet in je eentje zitten je niet lekker voelen. We gaan samen zitten en dan ga jij eens met mij praten. Zeg maar wat je dwars zit. Krop het niet weer op.
Huilend begint Britt te vertellen van haar herbelevingen en Johan neemt haar stevig in de armen om haar het gevoel van geborgenheid te geven.
Britt zucht een paar keer diep en kijkt dan door haar tranen heen naar Johan.
Britt: Dank je Johan, dat je dit doet voor mij.
Johan:Geen moeite, ik doe het heel graag voor u. Zie maar dat het helpt als je er maar over praat. Wil je me helpen bij het koken?
Britt: Jij kunt veel lekkerder koken, ik ga me even douchen en kom dan zo ook.
Johan: Dan is de afwas straks voor jou (lachend)
Britt: Daar hebben we toch kinderen voor? Tot zo.
Maar als Johan het eten klaar heeft en de tafel heeft gezet en de kinderen ook al beneden zijn is Britt er nog steeds niet dus gaat Johan naar de slaapkamer om Britt te halen.
Maar Britt is niet in de slaapkamer. Dan loopt hij de douche in die helemaal onder de stoom staat. Hij hoort de douche nog stromen maar ziet Britt niet.
Johan: Brtitt? Waar ben je?
Geen antwoord. Dan stapt hij op de douche af om die dicht te draaien en ziet Britt in elkaar gedoken in een hoekje van de douche zitten te huilen en te rillen, ondanks het hele warme water wat over haar heen stroomt.
Johan pakt een grote badhanddoek en wikkelt die om Britt heen en helpt haar dan uit de douche en neemt haar mee naar de slaapkamer waar hij haar op bed legt en direct toedekt met het dekbed en zelf heel dicht tegen haar aan gaat liggen. Hij ziet dat ze het moeilijk heeft.
Johan: Britt, wat is er nu? Ik dacht dat het wel weer ging met jouw? Wat is er gebeurt?
Britt: Ik ... Toen ik daar stond .... en mijn lichaam zag ....toen moest ik weer denken aan...
Johan: Lieverd, kom dicht bij me. Het gaat wel weer beter worden. Ik denk dat je gewoon moe bent en dat die gedachten dan veel gemakkelijker naar boven komen. Je bent al heel ver gekomen met die therapie. Blijf er mee doorgaan zolang je het nodig hebt, ik sta achter je, ik zal je helpen.
Britt; Maar ik voel me zo ellendig.
Johan: Kom eerst eens even wat eten. Daar zul je ook wel wat van opknappen. Dan zal ik je vanavond eens lekker weer gaan masseren zodat je wat kunt ontspannen.
Britt: Maar ik verwaarloos de kinderen zo.
Johan: Die hebben er heus wel begrip voor, en trouwens die komen niets te kort hoor.
Britt; Hoe kun jij dat nou zeggen?
Johan: Britt, toe nou. Wees eens niet steeds zo somber van gedachten.
Britt heeft het gehad. Ze kan niet tegen Johan's argumenten op en is het zat om zich steeds te verdedigen.
Ze draait zich om en kruipt helemaal onder het dekbed en begint heel hard te huilen.
Johan wil het dekbed optillen en Britt aanspreken maar Britt begint hem uit te schelden dat het niet mooi meer is.
Aangeslagen loopt hij naar de keuken en gaat met de kinderen alleen aan tafel.
Simon: Waarom komt Britt niet eten?
Johan: Die voelde zich niet zo goed.
Dorien: Wat is er dan met haar?
Johan: Dat kan ik niet goed uitleggen.
Simon: Mag ik naar haar toe?
Johan: Eerst je bord leegeten.
Simon: Ik heb geen honger.
Dorien: Ik ook niet. Ik wil naar mama toe.
Johan: Zitten en eten. (kortaf)
Dorien springen acuut de tranen in de ogen en Simon legt troostend een arm om haar schouders.
Simon: Eet maar af Dorien, dan gaan we daarna even naar je moeder.
Verder wordt er aan tafel gezwegen. Johan zit het ook niet lekker dat hij tegen de kinderen aan het brommen was en wil zich verontschuldigen maar Dorien wil niet meer naar hem luisteren.
Als ze klaar zijn vliegen ze samen naar de kamer van Britt en duiken bij haar in bed maar Britt blijft onder het dekbed liggen.
Dorien: Mama, waarom kom je niet even bij ons?
Britt: Ga weg, ik wil alleen zijn.
Simon: Britt, alsjeblieft, we zien je zo weinig de laatste tijd. En papa doet ook al zo naar tegen ons. Hebben wij iets verkeerds gedaan?
Als Britt dit hoort kan ze zich niet langer voor de kinderen afsluiten en komt eindelijk , met behuilde ogen weer boven het dekbed.
Britt; Sorry jongens, ik voel me gewoon niet goed.
Simon: Heeft papa ook rot tegen u gedaan?
Britt: Nee, hij zegt alleen steeds dat het wel beter wordt maar ik voel dat niet. Ik kan niet nog langer blijven geloven dat het beter word als ik me elke dag toch weer zo voel.
Simon: Heeft dat met die zaak van laatst te maken?
Britt; Ja.
Simon: Hebben jij en papa daar over gepraat?
Britt; Ja, een beetje.
Simon: En wat zegt hij daarvan?
Britt; Dat het met de tijd wel beter zal gaan, maar dat kan helemaal niet.
Dorien: Wat is er dan gebeurt dat je er nog steeds last van hebt?
Britt: Ik ben mishandeld en ... ver.... verkr....
Simon: Hebben ze u verkracht?????
Britt kan niet meer antwoorden. Ze huilt met lange diepe halen en snakt naar adem.
Dorien is heel erg geschrokken van wat haar moeder vertelde en vliegt haar stevig om de hals.
Dorien: Mama !! Dat hadden ze niet mogen doen.
Britt; Nee, maar het is wel gebeurt. En vaak als het donker is, of als ik alleen ben komen die gedachten weer naar boven en dan voel ik me slecht en vies en kan ik het niet hebben als er iemand in mijn buurt is.
Dorien: Ook wij niet?
Britt: Ik moet dan heel erg mijn best doen. Ik weet dat jullie het zijn, maar ik zie nog heel vaak het gezicht van die mannen en daar wordt ik heel bang van.
Simon: Waarom schiet je ze dan niet kapot?
Britt; Dat mag niet.
Simon: Doe dat dan bij de schietbaan. Als je zo'n doel ziet denk dan dat het die vent is en knal hem overhoop. Papa heeft mij ook wel eens gezegd als ik boos op iemand ben en ik mag niet slaan of schoppen dat ik mij dan moet verbeelden dat zo iemand voor me staat en in gedachten kan ik dan met hem afrekenen.
Britt; Simon je hebt me op een geweldig idee gebracht. Kom eens.
En ze steekt haar armen uit om hem te ontvangen en een stevige knuffel te geven.
Dorien: En ik dan? Krijg ik geen knuffel?
Britt: Jij krijgt er ook een.
En nu heeft ze beide kinderen dicht tegen zich aan en gaat ze rustig in de kussens liggen met haar grootste bezit veilig in haar nabijheid.
Dan komt Johan binnen met een kop koffie, met het doel om met Britt te gaan praten en zijn excuses te maken dat hij was weggelopen. Hij kijkt blij verrast dat Britt weer "boven" is en de kinderen dicht bij zich heeft.
Britt kijkt hem schuldbewust aan en klopt zachtjes met haar hand naast zich op bed om hem uit te nodigen er ook bij te komen zitten.
Dankbaar neemt hij de uitnodiging aan.
De kinderen schuiven wat opzij en zo zitten ze met zijn allen gezellig op het bed.
Britt; Johan ik heb de kinderen verteld wat er met mij aan de hand is. Sorry dat ik net zo afwerend deed, maar ik kon er niet meer tegen dat je zei dat het wel goed zou komen. Ik kon dan niet hebben. Maar je zoon heeft me een hele goede tip gegeven en die ga ik morgenvroeg direct uitvoeren.
Johan: Welke dan?
Britt: Ik ga naar de schietbaan en van de doelen maak ik die kerels die me dit hebben aangedaan en die doelen kan ik wel overhoop schieten en hopelijk ben ik dan van die gedachten verlost. Desnoods ga ik elke week doel schieten, als ze maar weggaan uit mijn hoofd.
Johan: Prima idee Britt. Fantastisch. En blijf alsjeblieft met ons praten. Met ons allemaal. Wij zijn allemaal bezorgd om jou en willen je allemaal graag helpen, maar dan moeten we wel weten wat er is. Kun je dat beloven?
Britt; Ja, dat kan ik jullie wel beloven.
Nu komt Britt dan toch maar uit bed en wil in de kamer met de kinderen een spelletje gaan doen maar ze moet van Johan eerst eten. Veel te gemakkelijk slaat ze dat nog over, maar Johan zorgt ook in die zin heel goed voor har.
Anderdaags belt Britt al voor acht uur naar het commissariaat dat ze later zal komen want ze moet eerst naar de schietbaan bij de politieschool.
Alsof haar leven er van af hangt schiet ze er op los.
De instructeur staat erbij en kijkt ernaar. Hij ziet wel dat dit geen gewone schietoefening is.
John: Zo gaat het niet goed, en zo hoort het ook niet, inspecteur Michiels.
Britt; Nee, maar zo werkt het wel voor mij.
John: Wat ben je aan het doen dan?
Britt: Spoken aan het verdrijven.
Johan: En die kun je niet anders pakken?
Britt: Niet als ik niet zelf in het gevang wil komen.
John: Dan moeten het wel heel boze spoken zijn.
Britt: Zijn het ook.
John: Ik zal u een tip geven. Ga eens hier staan. Zo. En richt dan niet op het hart, maar schiet gewoon op het hoofd. Rustig staan, rustig in en uitademen, weet dat deze niet terug zal schieten. Neem je tijd en richt en dan .. KNAL , weg is ie. Probeer het maar eens.
En Britt volgt de instructies keurig op en schiet vijf maal achtereen raak op de kop op het doel.
John: En ? Hoe voelt het?
Britt; Zo goed dat ik deze week of volgende week nog een keer terug kom. En zo vaak tot de spoken weg zijn.
John: Goed idee. Kom dan zo vroeg mogelijk want dan heb je alle ruimte. En als je wilt kunnen we ook nog eens een automatisch wapen nemen. Dat gebruikt dat tuig op straat tegenwoordig ook, dus dan kun je ze met gelijke munt terug betalen.
Britt: Bedankt.
Weer op het commissariaat ziet ze dat Sofie al bij Nadine is.
Nadine: Zo Britt, toch maar weer te laat gekomen?
Britt; Ik had gebeld dat ik later zou komen.
Nadine: Sofie heeft een opdracht. Ga maar met haar mee en maak er wat van.
In de wagen is het stil. Sofie zou eigenlijk wel willen weten wat er is maar durft het niet goed te vragen. Britt maakt een gespannen indruk en ze weet nog niet wat daar achter zit.
Britt; Wat voor melding is het?
Sofie: Huiselijk geweld. Derde melding binnen een maand. De buren maken zich zorgen over de vrouw en de kinderen
Britt: Waar is het?
Sofie; Hoogbouw bij het Rabot.
Britt; Dan moet je hier rechts en de tweede links, dan ben je er sneller.
Sofie: Jij kent de weg, zeg het maar.
Bij de flat aangekomen blijkt de lift stuk te zijn en moeten ze acht verdiepingen omhooglopen.
Sofie sprint naar boven en Britt loopt er hijgend achteraan.
Sofie: Zeg, sport jij nog wel eens?
Britt; Hoe... zo...?
Sofie: Je bent langzaam en je hijgt als een oude stoom trein.
Britt; En bedankt hè, partner.
Sofie: Sorry. Ik zeg al niets meer.
Voorzichtig lopen ze naar het aangegeven adres maar daar is alles stil. Op de galerij belt Sofie even terug naar de centrale om te vragen vanwaar de melding is binnengekomen. Dus kloppen ze eerst aan op nummer 815. Een is schort gestoken vrouw doet de deur op een kier open en fluistert dat ze van niets weet en wil de deur al weer sluiten maar Sofie steekt snel de voet tussen de deur.
Sofie: De melding kwam van uw adres dus u kunt ons vast wel wat meer vertellen.
Vrouw: Als ze zien dat ik met u praat heb ik hier geen leven meer.
Sofie: Als wie wat ziet?
Vrouw: Die van twee deuren verderop, op 819. Die lopen de godganse dag te ruziën en gisteren is hij haar achterna gegaan en had iets bij zich. Ik heb niet gezien wat, maar het zag er niet goed uit.
Terwijl ze dat zegt horen Britt en Sofie al weer lawaai op de galerij en lopen vlug naar buiten en zien nog net dat op 819 de deur wordt dichtgegooid. Kort daarop vliegt een TV toestel door de ruit van de voordeur. Britt en Sofie trekken hun wapen en lopen voorzichtig naar de flat.
Sofie: Bellen we, of laten we ons zelf binnen?
Britt; We moeten bekend maken wie we zijn.
Sofie: En jij denkt dat ze ons binnen zullen laten?
Britt; Dat geloof ik niet.
Sofie: En dus, doen we het zelf.
En ze reikt onder het kapotte glas door en ontgrendeld de deur en stapt dan voorzichtig binnen , goed luisterend waar het tumult zich bevind.
Britt volgt haar op de voet.
Ze horen een huilende baby en een krijsende vrouw terwijl de man als een dolle dries tegen haar tekeer gaat,
Sofie: Handen omhoog. Politie
Man: God.... (en zich ineens omdraaiend) Wat doen jullie hier? Ik heb jullie niet binnen gelaten. Huisvredebreuk Hier maak ik melding van.
Britt; Kop houden en handen omhoog heeft mijn collega gezegd.
Man: En wie mag dat wel zijn dan?
Britt; Britt Michiels, Sofie Beekman, politie Gent en nu handen omhoog.
De man maakt een grijpt beweging naar zijn broeksboord en heel even slaat Britt de schrik om het hart, bang als ze is dat hij een wapen pakt, maar Sofie is hem voor en draait met een geroutineerde beweging zijn arm achter zijn rug en slaat hem in de boeien.
Sofie: En nu meekomen. Op het bureau mag u een verklaring afleggen.
Britt loopt naar de vrouw en de baby: Gaat het? Is er iemand die voor u kan zorgen? Wilt u aangifte doen van deze situatie?
Vrouw: Donder toch op. Wij hebben geen hulp gevraagd. Sodemieter op mens, voor ik u de flat uitkegel !!
Beduusd loopt Britt ook de flat uit en halverwege de trappen blijft ze even staan en merkt dat ze over haar hele lichaam bibbert en trilt. Vlug gaat ze op de trap zitten , bang als ze is dat haar benen het begeven en ze valt.
Wat later komt Sofie weer naar boven gerend.
Sofie: Britt gaat het?
Britt; Waar is die vent?
Sofie: Oh, die wacht beneden wel op mij.
Britt; En jij denkt dat hij wacht?
Sofie: Hij moet wel. Hij zit vast aan de trapleuning.
Hierop moet Britt lachen en herpakt ze zich snel en volgt Sofie weer naar benden.
Britt; Sorry Sofie, ik ben nog niet helemaal zeker in dit soort situaties, maar het wordt wel steeds beter, Ik hoop dat je dat kunt begrijpen.
Sofie: Tuurlijk begrijp ik dat. Kom we brengen hem binnen en boeken hem weg, en gaan dan even naar de Combi.
Britt: Jij leert snel.
Sofie: Goed voorbeeld gehad.
Die middag mag Britt alweer voor Nadine invallen bij de burgermeester.
Britt; Sofie, eerlijk, dit is het minst leuke deel van mijn baan. Anderhalf uur in dat hok met al die suffe mensen. Als ik dat elke week zou moeten dan konden ze me binnen het halve jaar afvoeren.
Sofie: Ga nou maar, burgermeesters zijn nou eenmaal niet van die mensen die van wachten houden.
Om half vijf zit de dienst voor Britt erop. Johan zou vandaag de kinderen ophalen dus Britt ging eerst nog even bij Tony langs.
Maar in het ziekenhuis is bij Tony de stemming allerminst opgewekt.
Britt; He partner, wat is er? Waar is je lach en je opgewektheid?
Tony: Ga maar bij de arts vragen.
Britt; Maar ik vraag het jou.
Tony Rot op. Ik wil niemand zien.
Britt; Tony, ik ben het Britt, je partner en vriendin.
Tony: Ik heb geen partner meer, en als vriendin heb je ook niets meer aan mij, dus ga alsjeblieft weg en laat me gerust.
Britt: ....
Tony begint nu om een zuster te roepen zodat die Britt uit de kamer kunnen halen.
Britt snapt er niets van en loopt verbolgen de gang op, op zoek naar Tony's arts.
Arts: Ah, mevrouw Michiels, goed dat u bent gekomen.
Britt; Wat is er met Tony? Ze stuurde me zomaar weg en ze wilde niet met me praten. Wat is er gebeurd?
Arts: We hebben haar gisteren en vandaag weer onderzocht en zijn tot een moeilijke conclusie gekomen.
Britt; Nee !!! Wat is het? Wat gaat er gebeuren met Tony????
Arts: Haar halswervel is wel weer aan elkaar gegroeid, maar haar borstwervels zijn nu, ruim 7 weken na het ongeval nog steeds niet aan het vastgroeien. We weten niet hoe het komt, we weten wel dat door al die botfragmenten haar ruggenmerg dusdanig is beschadigd dat ze vanaf haar zevende borstwervel verlamd zal zijn en blijven.
Britt; (met trillende stem) Nee, dat mag niet, dat kan niet. Nee. Niet Tony. Ze heeft mijn leven gered en dan mag dit niet gebeuren.
Arts: Het spijt me, maar zo liggen de feiten.
Britt: En wat gaan jullie nu doen?
Arts: We zullen haar inschrijven voor opnamen in een verpleeghuis. Misschien dat ze nog zover kan revalideren dat ze een gedeeltelijk zittend leven kan leiden, maar houd er rekening mee dat ze het grootste gedeelte van de tijd zal moeten liggen om nog een beetje de pijn te kunnen verdragen.
Brit: Dit wil ik niet horen. Tony heeft in mij geloofd toen ik zo slecht lag, nu geloof ik in Tony. Ik zal haar erdoorheen halen. Let op mijn woorden.
En daarop loopt ze de kamer van de arts weer uit en gat terug naar Tony die heftig huilend in bed ligt. Haar hoofd is dus uit de tractie maar ze ligt nog steeds in het kantelbed, op dit moment op haar rug zodat ze recht omhoog kan kijken.
Britt neemt haar hand en begint tegen haar te praten.
Britt; Ik heb je dokter gesproken en gezegd wat ik ervan vind.
Tony: Wat heb jij er nou van te vinden. IK BEN VERLAMD, jij niet.
Britt; Een poosje geleden waren de rollen omgedraaid. Nu zal ik er voor jou zijn.
Tony: Maar er is niets meer aan te doen. Mijn ruggenmerg is beschadigd. Ik zal nooit meer wat voelen onder mijn navel. Ik kan me niet meer bewegen en ik moet mijn handen dichtknijpen als ik ooit nog eens een uurtje zou kunne zitten. Britt, het is over met mij. Breng mijn wapen maar mee en dan maak ik het wel af. Dit kun je geen leven noemen.
Britt; Wie praat er hier? Is dit mijn partner, die stoere en sterk vrouw die voor haar partner hemel en aarde heeft bewogen om haar er weer bovenop te krijgen? Kom op Tony. Samen gaan we ervoor.
Tony: En hoe had jij dat dan gedacht?
Britt; Er zullen heus wel artsen zijn met ervaring met dit soort situaties. Desnoods moeten ze je rug opereren en de boel vastzetten.
Tony: Daar worden de zenuwen niet beter van. Ik kan niet meer lopen. NOOIT MEER !! Begrijp dat dan.
Britt; (eigenwijs) Ik wil dat niet begrijpen. Ik wil begrijpen waarom jij het opgeeft. Zeg me dat. Leg me uit waarom je niet meer wilt vechten.
Tony: Omdat ik al zeven weken hier tegen het plafond ligt e kijken en steeds maar weer hoop had dat het beter zou worden, maar alle hoop was voor niets.
Britt; Niets is voor niets. Jij was iedere keer als ik kwam heel goed gehumeurd en heel positief. Ik geloof niet dat dat in een keer allemaal weg is.
Tony: En toch is het zo.
Brit: En toch geloof ik het niet.
Tony: Goddomme Britt !!!! ............... Ik kan het niet meer.
Britt; Oh, jawel hoor. Gooi die luie benen maar uit bed en laat ze maar zien dat ze de verkeerde foto's hebben beoordeeld.
Tony: Watte?? Verkeerde foto's beoordeeld? Je meent het niet. Dus ik ben niet ....?
Britt; Ik heb geen foto's gezien, dus ik geloof ze niet.
Tonty: Zou het kunnen dat ze de verkeerde ..
Britt; Ja hoor, dat zou zo maar kunnen.
Tony: Britt: wil jij dan eens mijn tenen aanraken?
Britt slaat de dekens terug en begint heel zachtjes onder Tony's voeten te strelen. Die is echter zo gespannen dat ze niet in de gaten heeft wat Britt doet.
Britt: Zeg, als je wat voelt moet je het zeggen hoor.
En nu wrijft ze wat harder onder de voeten en Tony gilt het ineens uit.
Britt; Doet het pijn Tony??
Topny: Nee, ik gil van blijdschap. Ik kan je voelen. Ik kan mijn voeten voelen. Britt het gaat lukken . Je bent geweldig.
Britt; Nee, JIJ bent geweldig. Ik wil alleen mijn partner terug. En goed terug !!
De arts komt snel op Tony's gegil af...
Arts: Wat is hier aan de hand?! (geschrokken)
Tony: Als iemand aan mijn voeten komt dan voel ik het !!! (opgewonden/blij)
Arts: Dat kan niet. Uw zenuwen zijn beschadigd en er vind geen prikkeloverdracht meer plaats. Mogelijk dat u fantoompijnen ervaart maar uw kunt echt niet voelen dat er iemand aan uw voeten zit.
Britt; En toch is het zo. Doe zelf de test maar.
Als de arts met zijn reflexhamer de voetzoolreflex en de achillespees reflexen test staat hij met open mond te kijken. Dit zou dus niet kunnen volgens de boekjes.
Arts: Sinds wanneer is dat? Toen we u gisteren door de scan hebben gehad zag ik toch echt duidelijk dat er botfragmenten in het ruggenmerg zitten en dat hebben doorgesneden.
Tony: Net toen Britt het deed voelde ik het.
Arts: En kunt u uw tenen en voeten bewegen?
Heel voorzichtig probeert Tony haar tenen te bewegen. Het doet pijn, alles is stram en stijf, maar ook dat lukt wel.
Arts: Ik ga NU een nieuwe scan laten maken.
Het is een heel vervelende en pijnlijke scan, want de arts gaat contrastvloeistof gebruiken die hij eerst in de ruggenmergsholte moet inspuiten.
Na het onderzoek is Tony helemaal op omdat ze zo haar best heeft gedaan om de pijn onder controle te krijgen.
Tony: Britt, ik wil graag gaan slapen. Wil je morgen terugkomen?
Britt; Natuurlijk. Hey, kanjer, ik wist dat je het zou halen. Toppie.
Het is al bij half elf als Britt eindelijk thuis komt. Johan was helemaal ongerust. Hij had diverse keren geprobeerd om Britt's mobiele nummer te bereiken zonder succes. Nadine wist niet waar ze was, Sofie wist niet waar ze was en Johan zat ongerust met de kinderen in huis op haar te wachten.
Johan: Ga je nog zeggen waarom je zo laat bent? Ik ben gek van ongerustheid.
Britt; Johan....
Johan: Ja?
Britt; Ik was bij Tony, die was helemaal van slag omdat de dokters hadden gezegd dat ze verlamd zou blijven. Ik geloofde dat niet en was heel boos op de artsen. Toen ben ik weer naar Tony gegaan en heb gezegd dat ik in haar geloofde en toen voelde ik aan haar voeten en toen kon ze mij voelen, dus de zenuwen zijn helemaal niet beschadigt. Ze hebben haar opnieuw onderzocht en nu is ze helemaal moe en vroeg of ik weg wilde gaan.
Johan: Ik begrijp dat het heel belangrijk voor je is, maar wil je de volgende keer alsjeblieft bellen waar je bent. Dorien en Simon waren helemaal van slag vanavond. En ik trouwens ook.
Britt; (timide) Sorry.
Johan: Kom eens hier.
En hij neemt Britt in zijn armen en knuffelt haar eens lekker.
Britt; Johan Ik ben zo blij dat het goed gaat komen
Johan: Heb jij al gegeten vandaag?
Britt; Ja, jou ontbijtje.
Johan: En verder?
Britt: Koffie en een koek vanmiddag.
Johan: Kom eens hier zitten (en hij leidt haar naar de keukentafel)
Britt; Johan: ik ga zo naar bed, ik ga nu niet meer eten.
Johan: Oh jawel, het is niet veel en het is lichtverteerbaar, maar het is rijk aan vitaminen en andere gezonde dingen en jij gaat dat eerst opeten, voor ik je meeneem naar bed.
Britt kijkt hem superverliefd aan.Britt; Als ik jou zie heb ik maar honger aan een ding.
Johan: Eerst die vitamines en dan ben ik aan de beurt.
Britt; Daar zeg ik geen nee tegen (en ze eet een lekkere schaal met fruit op )
Wanneer ook Britt en Johan naar bed gaan...
Johan: Nu mag je mij opeten. (lachend)Maar eenmaal in bed merkt Britt pas hoe vermoeid z eis en binnen vijf minuten ligt ze in een diepe slaap.
Johan: Geen toetje meer Britt?
Maar ook daar reageert ze niet meer op.
Johan glimlacht en neemt Britt voorzichtig in zijn armen...
Britt kreunt eventjes van de handen op haar lijf, maar slaakt dan een diepe zucht en slaapt dan weer verder, met een mooie glimlach op haar gezicht...
De volgende dag schrikt ze echter wakker en ziet dat ze in Johan's armen ligt. Tevreden vleit ze zich weer tegen hem aan en streelt hem liefdevol door zijn haar...
Johan: Goedemorgen. (met zijn ogen gesloten)
Britt(geschrokken) : Ik wist niet da je al wakker was.
Johan: Geeft toch niet. Ik plaagde je maar wat. (glimlachend)
Johan neemt Britt's hand (waarmee ze door zijn haar aan het strelen was) en brengt deze naar zijn mond. Hij geeft zachte kusjes op haar vingers...
Britt ligt stijf van schrik...
Johan: Britt?! Wat scheelt er? (geschrokken)
Britt: Niks, sorry... Ik dacht even aan...
Johan: Het is nie erg, Britt... (zacht/liefdevol)
Dan beseft Britt weer dat Johan het goed meent met haar, en ze geeft hem een klein zoentje op zijn lippen...
Britt: Dit smaakt naar meer... (lachend)
Johan: Het spijt me, Britt, maar het is tijd om op te staan.
Britt: Ben je vergeetachtig, liefje? Het is zaterdag. (lachend)
Johan: Zie je nou?! Door je schoonheid raak ik helemaal de kluts kwijt. (lachend)
Britt: Hoe laat is het eigenlijk?
ohan: Kwart na tienen.
Britt: Dan zal ik toch op moeten staan. Ik heb Dorien beloofd mee te gaan naar de bibliotheek. Ze moet weer eens een werkstuk maken.
Johan: Zullen we samen naar de stad gaan? Dan kunnen we misschien ergens gaan lunchen, en daarna een film pakken met de kinderen.
Britt; Goed idee. Wat draait er?
Johan: Zul je de kinderen moeten vragen.
En alsof ze aan de deur hebben liggen luisteren stuiven ze de kamer binnen en springen zo tussen Britt en Johan in op het bed.
Dorien: Goeiemorgen slaapkoppen.
Simon doet het wat rustiger en wurmt zich dicht tegen Britt aan en omhelst haar mijn zijn kinderampjes.
Britt; Goedemorgen jongens. Zijn jullie al lang wakker?
Simon: Net lang genoeg. Wacht even.
En met veel omhaal klautert hij het bed weer uit, waarbij zonder opletten, heel hard met zijn elleboog in Britt haar buik duwt.
Britt; Auw !!
Johan: Wat is er Britt? Heb je pijn ?
Britt: Mijn buik. Auw, Simon lag er met zijn elleboog op toen hij op wilde staan.
En daar komt Simon al weer terug, niet bewust wat hij Britt heeft aangedaan.
Simon: Ik dacht maar zo, nu is iedereen gezond en blij, dat kunnen we wel vieren met een ontbijtje in bed.
Johan: Geweldig kerel. Maar ga jij het even goed maken met Britt?
Simon: Heb ik ruzie dan met haar?
Dorien: Nee, oen, je hebt haar pijn gedaan.
Britt; Dorien, je noemt elkaar geen oen. Ik denk dat het per ongeluk ging. Kom maar hier zitten Simon.
Maar Simon is nu wat angstig dat hij haar weer pijn zal doen en gaat op de grond naast het bed zitten.
Johan: Kom Simon, kruip er toch ook nog even in.
Simon: Nee, ik wilde Britt helemaal geen pijn doen. Het ging echt per ongeluk.
Britt; Dat weet ik toch . Kom eens bij me dan krijg je een lekkere knuffel.
En als ze zich wil omdraaien naar Simon voelt ze ineens weer een stekende pijn in haar buik. Ze voelt de tranen in haar ogen opkomen en probeert te pijn zo goed ze kan te onderdrukken.
Maar omdat Simon blijft zitten laat ze zich verder uit bed rollen en gaat naar het toilet waar ze haar tranen even de vrije loop kan laten. Vlug doet ze haar gezicht af met een plons koud water en gaat dan weer naar de slaapkamer terug. Daar gaat ze op haar hurken voor Simon zitten en geeft hem zijn knuffel: Kom maar even lekker bij me liggen.
En weer ligt de hele club in bed. Britt kan hier echt van genieten, zo gezellig en huiselijk. Met een tevreden glimlach kijkt ze over Simon's hoofd naar Johan, die duidelijk in zijn nopjes is met Britt haar geluk.
Dorien: Wanneer gaan we naar de bieb? Jij zou toch meegaan?
Britt: Ik denk zo tegen twaalf uur. Dan kunnen we daarna in de stad gaan lunchen en Johan vroeg zich af of jullie vanmiddag naar de film willen.
Simon en Dorien: JAAAAA!!! JIPPIE !!!
Johan: Wat draait er eigenlijk?
Simon: Mathilda, en Finding Nemo komt ook gauw en misschien is The lion king er ook nog wel.
Dorien: Ik wil graag naar Harry Potter.
Britt: Dan zullen we moeten kiezen.
Terwijl Britt en Dorien bij de bieb zijn, gaan Johan en Simon naar het Zuid en gaan een leuk cadeautje voor Britt uitzoeken. Gewoon zomaar, omdat ze zo gek met haar zijn.
Tijdens de lunch reikt johan haar het pakje aan en Britt is met stomheid geslagen dat ze zomaar eene cadeautje krijgt.
Britt; Waarom is dat?
Johan: Omdat we zo gek met u zijn.
Simon: Ik vind je gewoon gaaf. Nu heb ik eindelijk een mama die heel lief is.
Britt: Je maakt me verlegen jonge man. Maar bedankt hoor. Ik ben er heel blij mee. (en ze geeft zowel Johan als Simon een zoentje)
Vandaag blijkt alleen Harry Potter te draaien maar daar kunnen ze gelukkig allemaal heel erg van genieten.
Het weekend is een aaneenschakeling van mooie momenten en Britt geniet van elk van die momenten.
Als de kinderen zondagavond tegen acht uur weer op bed zijn nestelt Britt zich lekker dicht tegen Johan aan op de bank.
Britt; Johan?
Johan: Ja lief?
Britt: Ik zou willen dat dit weekend nooit voorbij zou zijn. Ik heb het zo naar mijn zin gehad. En ben bijna helemaal niet bang geweest.
Johan: Hoe is het met je buik? Je zegt er niets meer over, maar soms kijk je nog wel wat moeilijk.
Britt; Johan, Simon deed het per ongeluk.
Johan: Dat weet ik wel, maar ik vroeg hoe het ermee was. Doet het nog steeds zeer?
Britt; Soms, een beetje. Maar dat gaat wel weer over.
Johan. Als het morgen nog pijn doet, zou ik graag willen dat je er even een dokter naar laat kijken.
Britt: Ik laat jou er wel naar kijken. Ga je mee naar bed?
Johan: Nu al? Het is pas negen uur.
Britt: Juist ja, dan hebben we nog een mooie lange nacht voor ons.
Johan kan nu ook constateren dat het een heel stuk beter gaat met Britt. Ze is actief, neemt initiatief, kan genieten, en het belangrijkste vind hij: ze praat over haar gevoel. En dat vind hij heel erg belangrijk. Britt was altijd zo gesloten . Daar kreeg je nooit echt hoogte van wat er zich allemaal in dat mooie koppie afspeelde.
Maandagochtend is het helaas weer een gewone werkdag en moet Britt al om kwart na zes opstaan.
Routinematig smeert ze een hele stapel brood voor zowel Johan als voor de kinderen. Zelf drinkt ze een glas sap en loopt dan even naar de slaapkamer om Johan te wekken en vervolgens de kinderen.
Johan: Wat is er? Waarom maak je me nu wakker?
Britt; Het is tijd om op te staan. Je moet zo aan het werk, en ik trouwens ook.
Johan: Maar Britt, ik heb vrij deze week, en de kinderen ook en ik had zo graag eens willen uitslapen.
Britt; En dus ben ik de enige die zo vroeg op moet en ook nog eens aan het werk moet? het is niet eerlijk verdeeld.
Johan: Had je maar een vak moeten leren.
Britt; Dat heb ik toch? Ik ben toch OGP?
Johan: Ik maakte een grapje.
Britt: Zal ik ook maar thuis blijven dan?
Johan: En je nieuwe partner er alleen voor laten staan vandaag? Dat kun je toch niet maken, maar misschien als je het vandaag vraagt aan Nadien kun je vrijdag vrij zijn en dan gaan we lekker donderdag avond weg naar zee of zo,
Britt: Naar mijn moeder toe?
Johan: Nou, ik dacht meer dat leuke huisje aan de franse kust, waar we eerder eens met zijn tweetjes zijn geweest.
Britt; Ik ga snel en vraag het direct. Ik bel je zodra ik wat weet.
Maar het haasten bekomt Britt niet goed. Ze voelt weer die pijn in haar buik.
Op het commissariaat ziet ze dat ze een van de eersten is. Geduldig begint ze haar bureau te ordenen en leest nog eens een paar PV's door die ze eigenlijk al bij Nadine had moeten inleveren. Dan besluit ze maar om die alsnog af te maken. Wie weet helpt het Nadine goed te stemmen en kan ze vrijdag vrij zijn. Nadine komt pas om negen uur binnen en ziet er nou niet bepaald ontspannen uit.
Nadine: Michiels, bureau.
Brit: Moet Sofie meekomen?
Nadien: Alleen jij.
Britt: Wat is er Nadine?
Nadine; De hoorzitting komt eraan.
Brit: (echt niet wetend waar Nadien het over heeft) Welke hoorzitting?
Nadine: Tegen die vent die jullie heeft aangereden. Hopelijk de laatste Dashi-man.
Britt valt stil van verbazing. Ze had het bijna uit haar geheugen kunnen wissen en nu begon het WEER opnieuw.
Britt; Nadine, moeten we daar echt weer doorheen? En Tony dan? Die ligt nog in het ziekenhuis en die kan toch niet komen getuigen?
Nadine: De rechter wil bij wijze van proef gaan werken met een videoverhoor, zodat Tony in het ziekenhuis alles meekrijgt wat er wordt besproken.
Britt; Maar is ze daar wel aan toe dan?
Nadine: Dat hoop ik dat jij me kunt zeggen. Maar omdat jij telkens opnieuw in alle dossiers over Dashi genoemd wordt, en jij diverse keren zijn hoofdslachtoffer bent geweest, draait het vooral om jou getuigenis. Ik weet dat het moeilijk zal zijn, maar Britt, doe alsjeblieft heel goed je best. Mogelijk dat dit onze laatste kans is om voor eens en voor altijd dat tuig op te ruimen.
Maar Britt reageert al niet meer. Haar ogen hebben zich gevuld met tranen en haar gedachten zijn weer terug bij Dashi; hoe hij haar persoonlijk had mishandeld, haar had bedreigt met een wapen; hoe zijn mannetjes steeds maar weer achter haar aanzaten; haar dochter hadden ontvoerd, en hoe die ene man haar zo ernstig in elkaar had geslagen dat ze er hersenletsel aan had overgehouden; dat ongeval waarbij ze bijna verbrand was geraakt.
Nadine: Britt, gaat het wel? Ben je er nog?
Britt: Uh? Wat zeg je Nadine?
Nadine: Ik vroeg of het nog wel ging?
Britt: (zich ouderwets heel sterk voor doen) Ja het gaat wel. Ik zal de dossiers opzoeken en alles nog eens goed nalezen, en ik wil vanmiddag naar Tony. Ik moet ook haar aantekeningen en verklaringen hebben.
Nadine: Oké. Als er wat is hoor ik het? Trouwens het gewone werk gaat ook door, dus stop niet teveel tijd en energie in die zaak die al bijna af is.
Compleet verbouwereerd gaat Britt aan haar desk zitten met haar hoofd in haar handen. Ze hoort niet dat Sofie tot drie keer toe haar naam noemt. Daarom loopt Sofie even naar Nadine om te vragen wat er is. Ze krijgt korte uitleg over de toestand en wordt dan weer weggestuurd, maar Sofie heeft nog een vraag voor Nadine.
Sofie: Ik moet morgen en overmorgen in Brussel zijn om die toestand met die undercover zaken af te sluiten. Ik krijg dan ook te horen of ik wel of niet terug moet naar mijn eigen eenheid of dat ik hier mag blijven.
Nadine: Dus ik en twee inspecteurs kwijt deze week?
Sofie: Ik zou het graag anders willen. Ik denk dat Britt een beetje steun nu heel goed kan gebruiken. Denk je dat het mogelijk is dat ze me in Brussel uitstel geven?
Nadine; Naar wat ik van hun ken, kun je die gedachte wel bij de vuilnis zetten, maar vragen staat je vrij.
Sofie pakt de telefoon van haar desk en belt naar Brussel om te vragen of ze ook over twee weken kan komen.
Brussel: We hebben u voor dinsdag en woensdag staan. Zaken zijn zaken, dus die gaan zoals geplant gewoon door. Dus tot morgen , mevrouw Beekman
Sofie: Goddomme (en ze knalt de telefoon terug op de haak. Hierdoor schrikt Brit top uit haar overpeinzingen.
Britt: Is er wat Sofie? Wat doe je lelijk.
Sofie: Ik wilde deze week hier blijven voor jou, maar ik moet naar Brussel om die undercovertoestand af te ronden en daar baal ik van.
Britt: Jammer. Ik bedoel voor mij. Het is wel goed als je de dingen kunt afronden Sofie, dus ga maar naar Brussel en zorg dat het allemaal is afgelopen, dan heb je er later niet zoveel last van als ik nu.
Sofie: Sorry Britt, ik had echt anders gewild.
Britt: Dat begrijp ik, maar die federalen zijn zo star als tropisch hardhout.
Sofie: Vertel me eens wat nieuws.
Britt; Wil je vanmiddag mee naar Tony? Kan ik je voorstellen, maar ik moet ook nog een paar dingen aan haar vragen en misschien kun jij dan getuige zijn van hetgeen Tony mij verteld over dat ongeval, als ze zich dat nog kan herinneren.
Sofie: Ik ga graag met je mee.
In het ziekenhuis ligt Tony er een stuk opgewekter bij dan vorige week toen de arts haar haar diagnose had medegedeeld.
Britt; Hoi Tony, je ziet er goed uit vandaag. Alles oké?
Tony: Afgezien van die kapotte wervels wel hoor.
Britt; Tony, dit is Sofie Beekman, mijn partner tot jij weer beter bent.
Sofie: Hoi Tony. Zeg wat ben jij terecht gekomen. Britt heeft het mij verteld. Gaat het? Ik hoorde dat de artsen mogelijk een verkeerde diagnose hadden gegeven en dat nu waarschijnlijk alles wel weer goed zal gaan komen?
Tony: Laten we het hopen. Ik ben helemaal beurs van het plat liggen. En de shit is, ik kan niks anders. Ik kan me eigen niet eens op mijn zij draaien, en alles doet zo zeer.
Britt; Heb je de artsen gezegd dat je pijn hebt?
Tony: Ze vragen het elke dag en elke dag antwoord ik : JA. en dan gaan ze weer weg.
Britt; Wat gaan ze nu doen aan die wervels?
Tony: Vanmiddag hebben ze overleg met elkaar en hopelijk kunnen ze tot een besluit komen en dan zullen ze het me morgen wel komen vertellen. Maar, eh, wat doe jij hier midden op een werkdag?
Britt; Werken.
Tony: Oké vraag maar wat je moet weten, en ik zal zien of ik je kan helpen.
Sofie: Zo eenvoudig ligt het niet Tony. Het gaat om die rechtszaak. Britt heeft vanmorgen van Nadine gehoord dat deze weke die rechtszaak gaat beginnen en dat jullie moeten getuigen. De vraag is of, en wat jij je nog kunt herinneren van het ongeval.
Tony: Alles !!
Britt; Is het waar? Heb je je geheugen weer terg?
Tony: Ja, helaas.
Sofie: Hoezo helaas?
Tony Ik kan geen nacht meer slapen zonder die nare dromen. Ik hoor steeds die auto op me afkomen en dan zie ik Britt daar tegen die leuning aanvallen, en hoor haar gillen en krijsen. Ik krijg dat geluid niet uit mijn oren. Ik wordt er soms gek van
Britt: Wil je er over praten Tony? Het heeft mij heel erg geholpen om erover te praten.
Tony: Ik heb jou daar op die brug veel te hard opzij geduwd. Daardoor ben jij ook weer ziek geworden.
Britt; Tony, als jij dat niet gedaan had dan hadden we hier allebei gelegen, of misschien nog wel erger.
Ineens begint Tony heftig te krijsen en ze wil met haar hoofd schudden maar dat lukt niet omdat ze haar ene halskraag hadden omgedaan nadat de tractie was verwijderd.
Britt pakt haar hand en begint die te strelen en zacht tegen Tony te praten.
Britt; Rustig maar Tony, het gaat wel goed komen. Ga diep inademen en zachtjes weer uit. Rustig maar.
Na een poosje wordt Tony gelukkig weer rustiger.
Tony: Sorry hoor, maar dat heb ook elke nacht zeker twee tot drie keer. Dan beleef ik alles weer opnieuw.
Sofie: En wat doen ze dan voor je?
Tony: Wie bedoel je?
Sofie: Die verpleegsters?
Tony: Ze zeggen dat ze een psychiater in consult willen roepen, maar die is er nog steeds niet geweest.
Nadat ze nog een poosje over meer ontspannen dingen hebben geklets vertrekken Sofie en Britt weer naar het commissariaat.
In de auto zit Britt stil voor zich uit te kijken.Heel de weg zegt ze geen woord.
Weer binnen neemt Sofie Britt mee naar de kleedkamers en vraagt wat er aan de hand is, Ze is veel te stil.
Britt; Ik denk niet dat Tony zo kan getuigen, maar ik heb haar nodig. Ik kan dit niet alleen.
Sofie: Jij bent heel sterk Britt, jij kunt dat wel. Wie is je advocaat?
Britt; Johan.
Sofie: Dat is toch je vriend? Die mag toch niet ook jou juridisch bijstaan?
Britt; Ja dat mag wel, dat hebben we nagekeken en nagevraagd bij de rechtbank.
Sofie: Ik bel gewoon naar Brussel dat ik niet kom. Ik wil hier zijn en je helpen Britt.
Britt: Maar dat hoeft niet... (zwak)
Sofie: Jawel, dat hoeft wel.
Sofie verlaat de kleedkamers en Nadine komt meteen binnengelopen... Snel fluistert Sofie haar toe 'Het gaat niet goed met Britt, baas.'
Nadine: Britt ik hoor van Sofie dat het niet zo goed gaat met je. Je zou toch bij me komen hadden we afgesproken.
Britt; En wat kun jij er aan doen?
Nadine; Hoe was het bij Tony? Zou ze kunnen getuigen?
Britt; Weet ik niet. Morgen krijgt ze bericht wat de artsen eventueel voor haar kunnen doen.
Nadine: Heb je Johan al geïnformeerd over de hoorzitting?
Britt; Ik ben aan het werk geweest, weet je nog?
Nadine; Britt, let even op hoe je je gedraagt.
Britt; Mens hou op te zeuren, ik heb wel wat anders aan mijn kop.
Nadine: BRITT MICHIELS !! Nu is het afgelopen. Gedraag je of ik stuur je naar huis.
En huilend loopt Britt weg naar de toiletten en jankt daar een stevig partijtje.
Nadine gaat weer naar haar kantoor en Sofie kijkt haar vragend aan, maar krijgt als antwoord alleen maar een schouderophalen.
Dan loopt Sofie ook weer naar de kleedruimte en hoort Britt op de toiletten huilen.
Sofie: Britt? Kom je even buiten?
Britt: Ga weg Sofie. Ik wil alleen zijn.
Sofie: Nou, hier lukt je dat niet. Je zult toch eerst buiten moeten komen voor je weg kan gaan en ik wacht hier tot ik je heb gesproken.
Britt; Dan kun je mooi lang wachten.
Sofie gaat rustig op ene bankje zitten en doet wat ontspanningsoefeningen. Britt hoort haar niet meer en komt na een tijdje weer uit de toiletten. Britt: Ik dacht dat jij weg was?
Sofie: Je kunt denken wat je wilt, maar ik had gezegd op je te zullen wachten. Ik heb je jas en je tas, kom, we gaan even weg hier.
Britt; Waarheen?
Sofie: Zomaar even weg.
Sofie rijd de snelste weg de stad uit en houd stop bij een bos en zet de wagen van het contact en stapt uit.
Ze loopt om de auto en laat Britt ook uitstappen en nodigt haar om een stukje mee te wandelen.
De eerste tijd zeggen geen van beiden wat.
Maar na een poosje kan Britt zich niet meer inhouden.
Britt; Ik heb heel bot gedaan tegen Nadine. Ze zal wel hartstikke kwaad op mij zijn.
Sofie: Had ze weer eens geen tact meegenomen?
Nu moet Britt een beetje lachen.
Sofie: Britt, je bent gewoon heel erg gespannen voor vrijdag. Ik zie dat aan je. Waarom zeg je niet gewoon dat je het even niet meer aankan en vraagt een paar dagen verlof? Dat zal Nadine je heus wel geven.
Britt: En dan hele dagen in huis zitten piekeren wat er gaat komen?
Sofie: Johan en de kinderen hebben toch vrij deze week? Waarom ga je niet een paar daagjes met hun weg?
Britt; Omdat ik
Sofie: Geen omdat. Doe dat nou gewoon. Even heel wat anders aan je hoofd. Het wordt vanzelf vrijdag en dan is het ook zo weer voorbij.
Ik ben woensdag in de namiddag terug uit Brussel.
Britt; Je gaat gelukkig dus toch?
Sofie: |Hoe bedoel je, je gaat toch?
Britt; Omdat je eerst zei dat je hier wilde blijven
Sofie: Ik heb een brief thuis gehad waarin dringend mijn aanwezig werd verlangd, en Nadine zegt dat ze geen genoegen nemen met mijn afwezigheid, dus ik heb eieren voor mij geld gekozen.
Britt; Maar ik zal aan je denken. En ik hoop dat alles goed komt, en dat je hier bij ons mag blijven. Ik mag je wel Sofie. Je bent anders dan Tony, maar ik mag je echt wel.
Sofie: Daar ben ik blij om. Ik vind, na die undercoveroperatie, het best wel moeilijk om mensen te vertrouwen. Maar bij jou voel ik me toch goed. Dat zegt wel wat. Maar, als Tony er weer is, zal ik denk ik toch wel weer overgeplaatst worden.
Britt; Ja, ik ben bang van wel. Maar zover is het nog niet.
Sofie: Gaat het nu weer een beetje? En niet zeggen dat alles oké is, hè?
Britt; Niet alles, maar gelukkig een aantal dingen nog wel. Bedankt dat je me even mee hebt genomen Sofie.
Sofie: Geen dank. Voor een goeie partner heb ik dat zeker wel over.
Dan rijden ze weer terug naar het commissariaat waar Britt netjes aanklopt bij Nadine en om een gesprek vraagt.
Britt; Nadine, ik wil mijn excuses aanbieden voor mijn gedrag van zojuist. Ik had het even helemaal gehad, maar ik realiseer me nu dat ik gewoon teveel gespannen ben en heel weinig kan hebben. Ik wil je vragen of ik een paar dagen verlof kan nemen. Johan en de kinderen zijn ook vrij. Misschien dat we een paar dagen weg kunnen en mijn gedachten even kan afleiden.
Nadone: Excuses aanvaard, en ga maar snel naar huis want Johan en de kinderen zitten al op je te wachten.
Britt; Heeft Johan gebeld?
Nadine: Nee, hij is geweest. Hij had ook bericht gekregen dat jij vrijdag moet komen getuigen, maar toen was je weg met Sofie.
Britt; Ja, Sofie vond dat ik er even uitmoest en ze heeft me meegenomen en we hebben even met elkaar gepraat.
Nadine; Het klikt goed tussen jullie, is 't niet?
Britt; Heel goed. Ze is anders dan Tony, maar ik kan heel goed met haar samenwerken.
Nadine: Daar ben ik blij om. Ga nu maar snel heen. Ik bel je donderdag avond thuis nog even. Zien we je hier ook nog vrijdag voor je weg moet?
Britt; Misschien. Ligt er een beetje aan hoe ik me voel.
Britt neemt afscheid en haast zich naar huis, waar Johan overbezorgd op haar zit te wachten...
Johan: Gaat het wel Britt? Waarom heb je me niet eerder gebeld toen je wist dat er een hoorzitting zou komen?
Britt: Ik was even helemaal in de war geraakt, en was het vergeten. Maar ik kan het gewoon niet meer loslaten en kon mijn werk niet doen. Sofie zei dat ik naar huis moest gaan en Nadine zei dat ook.Maar ik heb helemaal geen zin om hier te gaan zitten wachten tot vrijdag.
Johan: Dat komt dan mooi uit, want dan kunnen we nu vertrekken naar dat huisje in Frankrijk.
Britt: Had je dat niet moeten reserveren dan?
Johan: Nee, het is van mijn ouders, maar sinds die zelf in Zuid-Frankrijk zijn gaan wonen gebruiken ze het niet meer, en ik kan zo makkelijk eens een weekendje weg met Simon, of nu met jou en Dorien. Zullen we dan maar? Alles is al gepakt.
Britt: Maar ik kan niet zo maar weg gaan.
Johan: Wat is er dan?
Britt: Tony! Zij zou morgen bericht krijgen wat de dokters voor haar konden doen. Ik wil echt daarbij aanwezig zijn.
Johan: Kun je haar of de dokter bellen of er al wat bekend is?
Britt: Zullen we er even langs gaan? Dan kan ik de dokter gelijk spreken.
En zo rijden ze naar het ziekenhuis en gaan bij Tony op bezoek.
Dorien wist dat Tony een ernstig ongeluk had gehad, maar dit had ze absoluut niet verwacht. Ze schrikt heftig als ze Tony ziet en in paniek rent ze weg. Johan gaat er direct achteraan en ook Britt rent de gang op. Johan heeft Dorien gelukkig snel te pakken en neemt haar mee terug naar Britt die even met haar in een zitje op de gang met haar gaat praten. Het voornamelijk de schrik geweest. Dorien kende Tony alleen maar als en sterke stoere vrouw die zich echt niet zomaar liet beetnemen, maar zoals ze er nu bijlag in het ziekenhuisbed? Nog steeds met infusen en slangetjes en zo .
Britt: De dokters gaan proberen het allemaal weer in orde te maken. Ik denk dat Tony het wel red Dorien.
Dorien: Net zoals jij?
Britt; Ik hoop het echt wel. Zullen we even naar haar toegaan?
In het bed ligt Tony er weer somber bij. Ze reageert zwakjes op de aanwezigheid van Britt en Johan en de kinderen.
Britt ziet dat haar wat dwars zit en vraagt of de anderen buiten even willen wachten.
Britt; Wat is er Tony? Zijn ze al bij je geweest?
Tony: Nee, ik wacht nog steeds op dat bericht. Ik wil niet tot morgen moeten wachten en dan alsnog te horen dat het niet wat gaat worden.
Britt; Ik ga zo wel even bij de arts langs. Ik wil het ook graag nu weten. Vanmorgen ging het helemaal niet goed op het commissariaat en Nadine heeft me naar huis gestuurd en Johan wil een paar dagen met ons naar dat huisje van zijn ouders, zodat ik een beetje afleiding heb. Je weet wel, voor vrijdag.
Tony: Vrijdag?
Britt; Die hoorzitting?
Topny: Weet ik niets van.
Britt; Hebben ze jou niet geïnformeerd?
Tony: Wie, en waarover?
Britt; Die vent die op ons is ingereden moet vrijdag voorkomen en wij zullen gehoord worden.
Tony: Hallo !! Kijk eens hoe ik erbij lig. Hoe denk je dat ik bij het gerechtsgebouw kom?
Britt; De rechter wilde gaan werken met een videoverhoor, als jij het aankan tenminste.
Tony: Ik denk dat je daar meteen het zwakke punt noemt Britt. Ik kan dat niet.
Britt; Maar ik heb je nodig Tony. Ik kan het niet alleen.
Tony: Britt, als ik zou kunnen zou ik niets liever doen dan jou hier doorheen helpen, maar ik kan het niet. Ik verrek van de pijn, zit zwaar onder de medicijnen, geen rechter die mij gelooft.
Britt; Maar hoe moet ik het redden dan?
Tony: Geloof in jezelf Britt. Jij bent echt wel sterk genoeg. En als het je helpt denk dan af en toe aan mij, dat ik vierkant achter je sta. Of lig, in dit geval.
Britt: Zou het goed gaan denk je? Nadine zegt dat dit waarschijnlijk onze laatste kans is voorgoed af te rekenen met wat er nog over is van die club die Dashi om zich heen had verzameld.
Tony: Het gaat wel goed komen Britt, echt wel. Geloof daar nou in. Ik geloof er ook in.
Brittt; Maar ik ben liever hier bij u.
Tony: Ik kan niets Britt. Dat is jammer van je tijd. Ga maar lekker een paar dagen weg met je gezin.
Britt; Gezin??
Topny: Nou ja, jullie zijn zoveel bij elkaar, het is toch net een echt gezin?
Britt; En ik gun jou dat toch ook zo graag Tony.
Tony: Hou op, voor ik begin te janken.
Britt: Voel je je zo verdrietig dan? Dan jank je toch lekker even. Ik kan daar wel tegen hoor.
En pardoes beginnen bij Tony de tranen in grote stromen uit haar ogen te komen.
Britt; Goed zo. Laat maar lekker komen, het geeft je weer wat lucht in je hart.
Tony: Ik wou dat de pijn weg ging. Ik hou het niet meer. Soms wens ik dat ik 's morgens niet meer wakker wordt. Ik kan het niet meer
Britt: Tony dat kun je niet menen?
Tony: Echt wel Britt. Jij weet toch hoe veel pijn een mens kan hebben.? Nou, ik heb mijn portie wel gehad en het houd maar niet op
Britt: Ik wil je graag een knuffel geven. Zou dat gaan denk je? Zal ik je geen pijn daarmee doen?
Tony: Niet geschoten is altijd mis.
En Britt buigt voorover en neemt liefdevol Tony's gezicht in haar handen en geeft een fijne knuffel, waarop Tony gelijk weer begint te janken.
Britt; Het komt wel goed met jou. Ik ga nu naar je arts toe. En dan komen we samen weer terug bij je. Oké?
Op de gang zitten Johan, Simon en Dorien braaf te wachten als Britt buiten komt.
Britt; Ik ga even haar dokter zoeken, Ze heeft zoveel pijn. Ze moeten wat voor haar doen.
De artsen zijn net klaar met hun overleg over de situatie met Tony.
Arts: Ah, mevrouw Michiels, u was er al. We hebben zojuist overleg gehad en nu willen we naar Tony toe gaan. Gaat u mee?
Britt: Kunnen jullie haar helpen? Moet ze geopereerd worden.? Kan ze weer lopen dan?
Arts: Rustig nou maar. we zullen het zo allemaal uitleggen.
Nerveus beent Britt achter de colonne met witte jassen aan naar Tony's kamer. Johan kijkt vreemd op als Britt die witte tornado probeert te volgen.
Arts: Tony, we hebben zojuist ons overleg afgerond.
Tony: En, wat is het oordeel van de jury?
Arts: Wij zijn artsen, geen rechters. Maar we zijn het er over eens dat het de moeite van het proberen waard is. Zeker is dat het niet slechter zal worden.
Tony: Maar die pijn dan? Als ik die maar eens kwijt ben.
Arts:W ij weten helemaal niet dat je zoveel pijn hebt.
Britt; Dat zegt ze de hele tijd al. De verpleging zou het aan jullie doorgeven. Hebben jullie dat niet meegekregen?
Arts: Sorry, niets gehoord, en ook in de dossiers niets gezien.
Brit; Welke hufter zit erachter dat mijn partner zoveel pijn moet verslijten? Ik maak hem persoonlijk af.
Arts: Rustig nou maar. Ik zal zo de boel nog eens nagaan.
Tony: Maar wat kunnen jullie nou doen dan? Ik lig hier maar te wachten en te wachten.
Arts: Er is een techniek in ontwikkeling waarbij een combinatie wordt gebruikt van schroeven en plakken van de botfragmenten. Daarvoor gebruiken we een deel van de lichaamseigen stoffen, en een vrij nieuwe lijmsoort, die al vrij ver onderzocht is, maar nog geen definitieve plaats op de medicijnlijsten heeft gekregen. We zijn al wel zover dat we de experimenteerfase voorbij zijn. De resultaten tot nu toe zijn veelbelovend. Alle gelijmde fracturen zijn solide gebleven, ook de eersten die zijn toegepast, en dat is al meer dan zeven jaar geleden.
Tony: Waarom hebben jullie dat dan niet direct gedaan?
Arts: We moesten eerst zien of de breuken zelf konden genezen. Dat zou normaal ook het geval zijn, allen bij jou ...
Tony:Jja, dat weet ik nu ook.
Arts: Er is wel een maar aan.
Britt; Welke?
Arts: De fracturen waren over het algemeen van de grotere botstructuren, en van niet zo zwaar belaste delen, zoals vingers, schouderblad en een keer van een knieschijf.
Tony: En??
Arts: Bij u gaat het om de 7e en 10de borstwervel. Daar steunt zo’n beetje uw hele lichaam op. Het zal een behoorlijk belasting zijn. Daarom willen we zeker gaan en willen ook AO materiaal gebruiken.
Britt: Wat is dat? AO materiaal?
Arts: Dat zijn de bekende plaatjes en schroeven die wel vaker in de chirurgie worden gebruikt om botdelen aan elkaar te bevestigen. Een fractuur is na de operatie direct stabiel en kan dus vlot belast worden.
Tony: Dus ik kan snel weer uit dat bed? Gelukkig.
Arts: Nee, je kunt niet snel weer uit je bed. Je ligt al bijna acht weken plat. Als we je nu rechtop gaan zetten, is het wachten op de volgende fractuur.
Britt; Hoezo?
Arts: Doordat ze de botten niet heeft belast, treed er een natuurlijke botontkalking op, waardoor de structuur broos en kwetsbaar wordt. Als we het direct gaan belasten dan... We zullen dus heel langzaan aan moeten opbouwen.
Tony: Hoe lang gaat dat duren?
Arts: We denken, al met elkaar, ben je zo'n jaar tot anderhalf bezig.
Tony: WATTE????
Arts: Eerst de operatie. Daarna twee weken volledige platte rust op je buik liggend, want we zullen aan de buitenkant op je rug stangen moeten monteren om de breuken te richten; daarna heel geleidelijk zullen we je benen en onderrug gaan belasten. Je zult een gipskorset krijgen van je heupen tot je kin. Je kan je armen vrij bewegen. Je benen gedeeltelijk en verder niets.
Tony is er stil van, en ook Britt moet alles goed op zich in laten werken.
Britt; Maar het gaat uiteindelijk allemaal goed komen?
Arts: Dat is onze inzet. Tony weer aan het lopen te krijgen.
Britt; En wanneer gaat dat gebeuren?
Arts: Het team kan vrijdag opereren.
Tony: Dat kan niet. Dan moet ik er voor Britt zijn.
Atrs: Ik dacht dat je van je pijn af wilde?
Britt: Tony, je zei net dat ik op mezelf moet leren vertrouwen. Jij moet goed voor jezelf zorgen. Laat ze vrijdag die operatie doen en dan weet ik zeker dat de pijn voorbij is, en dat je veel sneller beter zult worden dan ze denken.
Tony: Maar Britt, ik ben bang voor die operatie.
Britt: Zou ik ook zijn, maar met deze pijn is ook geen doen.
Tony: Oké dan. Zet het mes maar in mij. Doe het dan maar, dan is het ook over.
Britt; Way to go, girl. Ik ben trots op je
Tony: Britt, er zitten mensen op je te wachten. Ga nou maar. Ik zie je wel als je terug bent.
Britt; Weet je zeker dat ik niet hoef te blijven?
Tony: Ja, ik weet het zeker.
En zo vertrekt het gezin Michiels / Van Lancker voor een paar daagjes naar Frankrijk,terwijl Tony wordt voorbereid op haar grote operatie.
In Frankrijk beleeft Britt een heerlijke tijd en donderdagavond keert ze dan ook gelukkig terug naar Gent...
Wanneer ze met Johan in bed ligt :
Britt: Ik ben bang voor morgen, Johan. (zacht)
Johan: dat begrijp ik, maar het is de enige kans om voorgoed van die mensen af te komen.
Britt: ik weet het, maar ik ben bang... Ik ben bang dat ik het gewoon niet kan vertellen, voor al die mensen.
Johan: ik ben er voor je, ik zal je helpen.
Britt: dat weet ik.
Johan: jij kan dat, daar ben ik zeker van.
Britt kijkt hem even diep in de ogen en vleit zich tegen hem aan: dank je, ik ben zo blij dat jij altijd vertrouwen in mij hebt..
Johan: natuurlijk heb ik vertrouwen in jou, jij heb heel veel meegemaakt, maar je laat je niet klein krijgen. Daar heb ik bewondering voor.
Britt: morgen is voor mijzelf en voor Tony een heel belangrijke dag. Voor haar hoop ik dat ik het kan.
Johan: je kan het, waarom gaan we morgenochtend niet nog even langs het ziekenhuis, ik denk dat dat je goed zou doen.
Britt: dat is een heel goed idee.
Dan valt ze in slaap en wordt de volgende morgen wakker met angst. Johan is al wakker en komt haar ontbijt op bed brengen..
Britt: Jammer van de moeite Johan, ik ben zo beroerd als een kat. Ik krijg geen hap door mijn keel.
Johan gaat naast haar in bed zitten en neemt haar in zijn armen en legt haar op hoofd tegen zijn borst.
Britt moet vreselijk haar best doen om niet te gaan hyperventileren.
Johan: Rustig maar aan Britt. Je kunt het. Ik ben daar van overtuigd. Eet een beetje, je hebt je energie zo hard nodig.
Britt; Maar ik krijg het niet door.
Johan: Please?
En moeizaam zet Britt haar tanden in een beschuitje met jam. Het lijkt wel of er kiezels in zitten. Met een vruchtensapje laat het spul zich nog wel wegspoelen maar als Britt in de douche staat komt haar ontbijtje al weer retour. Ze heeft kramp in haar maag van het kotsen. Ze voelt zich ziek, zwak en misselijk.
Johan was op de slaapkamer op haar blijven wachten en hoort haar overgeven.
Vlug stap hij de badkamer in en gaat de doucheruimte binnen waar Britt huilend op haar hurken in een hoekje zit weggedoken.
Johan doet de douche uit en helpt Britt overeind. Hij neemt haar weer in zijn armen en troost haar.
Britt; Kijk nou eens wat ik gedaan heb?
Johan: Je staat bol van de zenuwen. Kom eens even hier op bed liggen.
Britt; Nu niet Johan, ik kan nu niet vrijen met je.
Johan: Ik ga ook niet vrijen met je. Ik ga je een beetje masseren zodat jij wat gaat ontspannen.
En dan begint hij Britt de nek de schouders en de rug te masseren. Even schrikt Britt als hij zijn handen op haar nek zet. De gedachten aan de mishandelingen kwamen weer even naar boven, maar ze herpakte zichzelf snel.
Na een half uurtje stop Johan met de massage en dekt Britt nog even toe met een dekbed. Zelf gaat hij naast haar liggen en kijkt haar liefdevol aan.
Britt; Oh, Johan, zal het gaan denk je?
Johan: Absoluut. Wij gaan ervoor om dat volk voor lange tijd achter de tralies te krijgen. jij zult er geen last meer van hebben.
Britt;En al die dromen en herbelevingen dan?
Johan: Die gaan ook wel weer weg. Zo gauw dit over is zul je zien dat je een hele last kwijt bent, en je hebt toch ook nog gesprekken met die psycholoog?
Britt; Maar ....
Johan: Geen gemaar. We doen dit. Punt. Uit. Als je je even aankleed kunnen we zo ook nog even naar Tony. Ik heb even gebeld. Ze wordt om elf uur geholpen.
Britt; Maar ik moet bij haar zijn.
Johan; Britt, jij moet om elf uur op het gerechtsgebouw zijn. En trouwens, als de artsen opereren kun je toch niet bij haar zijn. Kom, we gaan even.
In het ziekenhuis ligt Tony er ook heel erg gespannen bij. Ze is al wat suffig omdat ze haar al pre-medicatie hebben gegeven. Maar toch lukt het haar om oprechte interesse te tonen voor Britt haar situatie.
Britt; Ik wil graag bij je blijven Tony.
Tony: Jij moet naar de rechtbank. Vertel de rechter wat smeerlappen je allemaal hebben aangedaan, gooi het eruit, en sluit dat hoofdstuk af. Britt, alsjeblieft, doe dat. Je gaat er anders nog eens aan onderdoor. Je kunt hier niet mee rond blijven lopen.
Britt; Tony, ik hoop dat de operatie goed verloopt, en dat je gauw weer op de been bent.
Tony zucht eens en denkt er zo het hare van. Ze voelt het heel dubbel: ze hoopt uiteraard dat de breuken goed verzorgd kunnen worden, maar na acht weken plat liggen nog geen herstel? Dat geeft weinig vertrouwen op volledig herstel. In haar achterhoofd houd ze er ter dege rekening mee dat ze invalide zal blijven.
Johan geeft Tony een hand en een zoen en wil dan Britt meenemen naar buiten. Maar Britt laat Tony niet los. Zowel Britt als Tony vinden het heel moeilijk om afscheid te nemen. Beiden hebben ze vandaag een hele zware taak, maar ze zijn zich ook heel bewust van de hele zware taak die de ander heeft.
Dan komt er een broeder die Tony op komt halen voor haar operatie.
Als ze de kamer uitgereden wordt ziet Britt dat Tony huilt. Vlug loopt ze er nog weer achteraan en geeft haar nog een knuffel,
Britt; Sterkte meid, wij wachten op je.
Zo gauw ze de rechtbank binnen komen krijgt Britt het Spaans benauwd. In de gang ziet ze de verdachte met twee bewakers en met zijn advocaat staan. Even krijgt ze een draaiing en grijpt Johan bij de arm om niet om te vallen.
Johan: Kom, Britt we kunnen naar binnen en dan kun je gaan zitten. Laat het gewoon op je af komen. Ik zal je erdoorheen leiden.
De verhoren zijn heel intensief. Af en toe heeft Britt het niet meer. Ze ziet dat de verdachte heel intimiderend naar haar kijkt. Ze tikt Johan aan en wijst hem op de verdachte.
Johan ziet direct wat de invloed ervan is op Britt en vraagt de rechter om de verdachte hierop te wijzen.
Als de rechter nu zelf ook ziet waar de verdachte mee bezig is geeft hij hem een reprimande maar in plaats van braaf zijn mond te houden begint hij Britt heel hard uit te lachen en roept vulgaire opmerkingen naar haar.
Britt begint heel hard te huilen en de zitting wordt voor een half uur onderbroken zodat Johan haar weer wat kan kalmeren.
Meer dan vier uur zitten ze het verhoor, en Britt is dan ook helemaal gaar als de rechter de zitting opschort tot maandag.
Britt; Nee, niet nog een keer. Johan, alsjeblieft?
Johan: Britt, ik denk dat hij genoeg weet en dat maandag alleen nog maar een uitspraak zal volgen . Ik ga het hem zo vragen.
Britt; Laat me hier alsjeblieft niet allen.
Johan: Kom dan maar even mee. Ik hoop dat je binnen mag, normaal is de kamer van de rechter een zeer geprivilegieerd gebied.
In de kamer ziet de rechter dat Britt er beroerd aan toe is na dit gebeuren.
Rechter: Sorry mevrouw Michiels, dat ik er met u verder niet over mag praten. U kunt even bij mijn secretaresse plaatsnemen dan zal ik uw raadsman te woord staan.
Als Britt is vertrokken geeft ook de rechter aan dat ze vandaag een in en inslecht mens op de rechtbank hebben gehad. Eentje die voor niets en niemand bang is.
Johan: En dat was nog maar een handlanger van Dashi. Als u eens wist hoe die met Britt om is gegaan, dan zou u ook de maag omdraaien.
Rechter: Ik mag officieel nog niets zeggen, dus wat ik nu zeg, heb ik niet gezegd. Oké??
Johan: Oké.
Rechter: U hoeft niet bang te zijn. Het gaat wel goed komen. Goedendag meester van Lancker. Ik zie u maandag om negen uur, weer hier voor mijn rechtbank.
Johan: Goedendag rechter DaSilva. Ik wens u een goed weekeinde, en zie u maandag weer.
Johan haalt Britt weer op bij de secretaresse en vraag tof ze even in de stad een kop koffie zullen gaan drinken.
Britt;Ik ben op Johan. Ik moet Tony gaan zien en dan wil ik naar huis en naar bed. En heel het weekend alleen maar slapen. Geen telefoon, geen kinderen. Niets. Ik kan het niet meer hebben.
En dan begint ze al weer te huilen en Johan bied haar zijn zakdoek en zijn schouder aan.
Op het ziekenhuis is er nog geen nieuws. Ofschoon de operatie om elf uur was begonnen zijn ze nu, om half vijf, nog niet klaar en kunnen ze dus nog niet naar Tony;
Britt; Hoe lang gaat het nog duren dan? Kunnen we wachten?
Zuster: Ik zal eens horen. Momentje.
Wat later komt ze terug en maakt melding dat ze klaar zijn met de eerste wervel. Ze moeten nog aan de twee beginnen en dat kan ook nog wel zo'n drie tot vier uur duren.
Johan: Kan Tony zo lang onder narcose zijn? Is dat wel goed?
Zuster: Ze moeten nu wel doorgaan. Ze wordt heel goed bewaakt en als er wat is kunnen ze direct bijsturen.
Johan: Willen juli ons alsjeblieft thuis bellen als ze uit de operatie komt. Alsjeblieft? Britt hier, mijn vriendin en de partner van Tony, kan nu niet langer blijven maar we willen heel graag weten hoe het gegaan is.
Zuster: We zullen u bellen.
Thuis wil Britt inderdaad rechtstreeks het bed in maar Johan zorgt dat ze in elk geval eerst een kop soep eet. Hij heeft Britt's schoonmoeder gebeld en die zal tot zondagmiddag op de kinderen passen zodat Britt even wat tijd voor zichzelf heeft.
Johan laat Britt lekker slapen. Ze heeft het zo hard nodig. Zelf kijkt hij even TV, bladert nog wat in de notities die hij vandaag heeft gemaakt en zit wat in gedachten verzonken op de bank, als tegen half elf Britt ineens naast hem staat.
Johan: Liefje, ben je wakker geworden? Kom even hier bij me zitten.
Britt; Johan, wil je me even heel stevig vast houden. Ik werd wakker omdat ik weer zo bang was.
Britt nestelt zich op de bank bij Johan en valt zo weer in slaap.
Johan neemt haar op en legt haar weer in bed en maakt zichzelf ook klaar voor de nacht.
Net als hij het licht uit wil doen gaat de telefoon waardoor Britt weer wakker schrikt.
Johan: Van Lancker hier. Ja? Ja? Oké. Bedankt.
Britt; was dat het ziekenhuis?
Johan: Nee, dat was de advocaat van de verdachte. Hij zegt dat zijn cliënt zijn excuses aanbied.
Britt; Wat koop ik daarvoor? Die gek heeft me vandaag zwaar geïntimideerd en daardoor heb ik het niet goed gedaan.
Johan: Jawel Britt, jij hebt het heel goed gedaan. Maandag zullen we wel horen wat de rechter er van vind.
Britt; Waarom belt het ziekenhuis nou niet? Ik kan niet slapen voor ik weet hoe het met Tony is.
En alsof ze het gehoord hebben gaat weer de telefoon.
Vlug neemt Britt nu zelf op.
Britt; Hoe is het met Tony? Is het allemaal goed gekomen? Heeft ze nog pijn? Kunnen we haar zien?
Johan: Britt doe eens rustig, Ze kunnen je ja helemaal niet volgen.
Ineens laat ze de hoorn uit haar handen glijden en kijkt apathisch voor zich uit.
Johan neemt de telefoon over.
Johan: Van Lancker hier.
Na een paar minuten legt hij de telefoon weer op en neemt Britt, die nu hardop aan het huilen is, in zijn armen.
Johan: Britt, het gaat wel goed komen. Het was een complicatie, maar ze denken dat ze het onder controle hebben.
Britt; Maar ze zeiden dat ze een hartinfarct had gehad.
Johan: Nee, geen hartinfarct. Het hart is door de narcose wel heel zwaar belast, maar dat hebben ze met medicijnen heel goed bij kunnen sturen. Ze vermoeden dat er een bloedvat in de hersenen is gesprongen of verstopt geraakt, maar dat moeten ze nog verder onderzoeken.
Brit; Maar dan zal ze alsnog verlamd blijven. Oh, wat heb ik toch gedaan? Ik heb zo aangedrongen dat ze zich liet opereren en nu heeft ze dit er weer bij gekregen. Zie je wel dat ik een slecht mens ben. Ze moeten mij maar in het gevang stoppen.
Johan: Britt, je praat nu onzin. Je bent bekaf, en kunt niet meer helder denken.
Britt; Jij zegt het ook al: ik ben gek, Waarom ben je dan nog hier? Wat moet je met mij?
Johan: Ik ben hier om dat ik gek met je ben, ik houd zielsveel van je en ik wil je mijn liefde en mijn vertrouwen geven.
Met een zacht handgebaar heeft hij Britt zover gekregen dat ze is gaan liggen en hij draait haar met haar gezicht naar zich toe.
Britt kruipt dicht tegen hem aan en huilt nu zachtjes, net zo lang tot ze in slaap valt.
*
Johan duwt Britt helemaal tegen zich aan en wrijft liefdevol over haar rug, haren, en haar gezicht.
Na een paar minuten valt ook hij in slaap.
De volgende dag, wanneer Britt wakker wordt, ziet ze dat ze zo dicht tegen Johan aanligt.
Stokstijf blijft ze liggen, met haar ogen hard toegeknepen...
Langzaam wordt Johan wakker en merkt dat Britt weer erg gespannen is.
Johan: Gaat het Britt? Heb je een beetje kunnen slapen?
Britt; Ik sliep wel lekker, maar toen ik wakker werd schrok.
Johan: Van mij?
Britt: Dat ik zo dicht tegen je aanlag.
Johan: Vind je dat niet fijn?
Britt; Jawel, maar als ik diep heb geslapen ben ik even helemaal de oriëntatie kwijt en dan met ik heel goed denken waar ik ben en met wie. Maar ik ben blij dat jij het bent, bij wie ik wakker wordt.
Johan: Zuilen we eens een lekker lui weekend gaan houden?
Britt; Hoe bedoel je?
Johan: Ik ga zo even voor verse broodjes en fruit voor vers sap en verder blijven we het hele weekend lekker in bed liggen
.Britt; En Tony dan?
Johan: Daar bellen we voor op. Ik denk dat jij dit weekend eens moet gebruiken om heel flink bij te slapen. En als je wilt ga ik wel voor je naar Tony toe, maar ik denk dat jij dat nu nog even niet moet doen. Tony zal daar wel begrip voor hebben.
Britt; Ik heb u liever bij mij. Wil jij later vandaag eens bellen hoe het er mee is?
Johan: Doe ik. Draai je nog een keertje om. Ik ga naar de bakker en ben zo snel mogelijk weer teug.
Johan brengt dat weekend veel tijd met Britt samen door in bed. Af en toe gaat hij er even uit om wat eten of drinken te pakken maar Britt blijft het heel weekend in bed, en vooral veel slapend.
Op maandag moeten ze weer om tien uur op de rechtbank zijn.
En weer is Britt ziek van de zenuwen.
De verdachte wordt verzocht te gaan staan en de rechter aan te kijken, maar weer is hij bezig Birtt te intimideren. Bij Britt lopen de tranen over het gezicht.
De rechter heeft in het weekend nogmaals alle papieren doorgespit en heeft uiteindelijk zijn conclusie kunnen trekken.
Rechter: Na het lezen van de stukken en het horen van de getuige ben ik tot de conclusie gekomen dat u hebt gehandeld in strijd met de wet (en dan noemt hij een hele resem overtredingen op die de verdachte heeft gepleegd). Ik acht u daarom schuldig aan hetgeen u ten laste is gelegd. Ik veroordeel u daarom tot 12 jaar gevangenisstraf, zonder kans op vervroegde vrijlating, en tot verplichte behandeling door een psychiater.
Britt is echter zo gespannen dat ze het oordeel niet eens meekrijgt en als iedereen een zucht van verlichting slaat kijkt Johan haar aan en ziet dat Britt op het punt staat om flauw te vallen.
Vlug stapt hij op haar toe en kan haar net opvangen en zet haar op een stoel. De bode van de rechtbank komt al toegesneld met een glaasje water en een koele doek om Britt het hoofd wat af te doen.
Na een klein kwartiertje gaat het weer een beetje en gaan ze blij en opgelucht weer naar buiten.
Britt kan het niet vatten dat ze eindelijk een van die Dashi kerels hebben kunnen pakken. Alle sores en alle ellende vallen van haar af. En dat voelt heel vreemd, want die Dashi had al meer dan twee jaar haar leven beheerst. Maar dat was nu voorgoed over. Punt. Uit. Afgelopen.
Johan neemt haar in zijn armen en feliciteert haar nogmaals en hij zoent haar vurig.
Britt; Johan, ik geloof dat ik opnieuw moet leren leven. Ik kan me haast geen leven meer voorstellen zonder dat die kwal daar wel ergens invloed op had. Ik zal dat nog missen.
Johan: Maar ik zal er voor zorgen dat je dat niet zult missen. Wij gaan nu eindelijk eens de bloemetjes buiten zetten. Dat heb jij verdient.
Britt: Hoe dan?!
Johan: Ik heb een hutje gehuurd in de Ardennen, speciaal voor ons tweetjes.
Britt: En de kinderen dan?! (weinig enthousiast)
Johan: ik heb al oppas geregeld.
Britt doet haalt wat flauwtjes haar schouders op.
JOhan: wat is er? Vind je het niet leuk?
Britt: Jawel, jawel... (ongeïnteresseerd)
Johan: Britt? (liefdevol)
Johan draait Britt's gezicht naar hem toe, zodat ze hem wel moet aankijken...
Johan: Britt, wat is er? Je ziet er helemaal niet blij uit?
Britt: Laat maar Johan. Ik ben gewoon op na al die ellende.
Johan: Wil je wel mee dan naar de Ardennen?
Britt: Ach, ik weet niet. Ik voel me gewoon niet zo .....
Johan: Wanneer heb je je laatste gesprek gehad bij de psycholoog?
Britt: Vorige week dinsdag.
Johan: En wat vond hij van je?
Britt: Hij zei dat ik een sombere en depressieve indruk maakte.
Johan: Voel jij je ook zo dan?
Maar Britt krijgt het niet over haar lippen. Ze voelt zich echt super ellendig, maar ze wil en kan niet toegeven dat ze door die hele Dashi affaire depressief is geworden. Het beangstigd haar ook.
Stilletjes loopt ze naast Johan naar de auto en neemt plaats op de bijrijderstoel en staart dan wezenloos voor zich uit.
Als Johan ook is ingestapt legt hij een arm om haar heen, maar wat ongemakkelijk wijst Britt dit af.
Johan: Zullen we even naar Tony gaan en het goede nieuws vertellen?
Britt: Laten we maar even gaan. Die kan wel wat goed nieuws gebruiken.
In het ziekenhuis is de toestand van Tony over het wekeend heen gelukkig weer wat verbeterd. Bij het onderzoek is niet aan het licht gekomen dat Tony een vaatafsluiting of een bloeding in de hersens had gehad. Haar hart was met behulp van medicijnen ook weer wat krachtiger geworden, maar ze had nog geen woord gesproken sinds de operatie.
Ze lag weer op haar buik en Britt en Johan zagen aan de rug van Tony allerlei pinnen en platen en schroeven uitsteken. Britt schrok daar nogal van.
Ze bukte zich en probeerde om oogcontact met Tony te krijgen. Ze ging er zelfs bij op de vloer liggen en keek in het droeve gezicht van haar beste vriendin.
Britt: Tony, kun je me horen?
Maar Tony bleef wezenloos voor zich uitstaren.
Britt streelde even over Tony's wang en bemerkte diens reactie op.
Britt: Hey Tony. Hoe gaat het nu?
Tony: Pijn, veel pijn.
Britt: Dat zou toch beter moeten worden?
Tony: Dat hadden ze wel gezegd. Wat hebben de artsen gezegd over de operatie?
Britt: Ik heb ze nog niet gesproken. Wil ik voor je gaan horen?
Tony: Graag. En vraag meteen wanneer ik op mijn rug mag. Ik kan dit echt niet nog anderhalve week volhouden.
Britt gaat even weg en komt na tien minuten samen met de neurochirurg terug.
Die verteld wat ze tijdens de operatie hebben gedaan.
Arts: De operatie was erg ingewikkeld. Er zaten heel veel botfragmenten en die waren best moeilijk weer op de plaats te krijgen. Het is ons wel gelukt. Alles zit op de plaats waar het hoort te zitten. We hebben die techniek met die lijm in combinatie met plaat en schroefwerk gebruikt. Aan de buitenkant op je rug zitten verbindingsstangetjes en die zullen we elke dag een beetje bijstellen om een goede stand van de werveldelen te verkrijgen en een zekere spanning op te bouwen. Op die manier gaan de wervels weer wennen aan druk en trekkrachten en daar worden de botten gewoon vele sterker van.
Tony: Maar ik kan niet meer op mijn buik liggen. Het doet heel erg pijn, en het ademen gaat heel moeizaam.
Arts: Maar je kunt niet op die stangen liggen !
Tony: Neem dan zo'n bedplank uit een linker en rechter deel en laat die stangen daar tussen vallen.
Britt: Ja, dat zou toch kunnen?
Arts: Wat heb ik hier nu voor me staan? Twee agenten of twee chirurgen?
Britt en Tony: Twee mensen met (helaas) veel ziekenhuis ervaring.
Arts: Ik zal zien wat ik voor je kan doen.
Binnen een uur is het geregeld dat Tony weer in een speciaal kantelbed komt. Ze zal om de drie uur worden gedraaid van de rug naar de buik en vice versa.
Eenmaal op haar rug liggend voelt ze zich al snel een stuk beter, maar vooral heeft ze veel minder rijn.
Tony: Bedankt Britt dat je dat geregeld hebt.
Britt: Graag gedaan. Maar nu kan ik je vertellen waarom we zijn gekomen.
Tony: STOM. Ik was helemaal je hoorzitting vergeten. Britt, alsjeblieft, vergeef me .
Britt: jij had wel wat anders aan je hoofd dan die stomme hoorzitting.
Tony: Zeg nou hoe het gegaan is.
Johan: Schuldig bevonden aan alle ten laste gelegde zaken: 12 jaar, zonder kans op vervroegde vrijlating. Tony, het is over. Over en uit. Jullie zijn eindelijk van heel dat Dashi gebeuren af.
Tony's hand zoekt die van Britt en knijpt erin.
Tony: Gefeliciteerd Britt. Ik ben heel blij voor je. Het is over. Ik zei toch dat je het wel aankon?
Britt; Maar waarom voel ik me dan niet goed? Kun je me dat uitleggen?
Tony: Weet ik niet. Misschien heeft het zoveel van je tijd en energie gekost dat je het gewoon nog niet kunt vatten. Met de tijd zul je wel merken dat je er meer afstand van kan nemen.
Johan: Britt reageert nogal somber, bijna depressief.
Britt: (nu boos aan het worden) Waarom moet je dat nu tegen Tony zeggen?
Tony: Is het zo Britt? Ben je depressief? Ach, ik wilde dat ik je kon helpen. Dat heb jij nu net niet verdient. Die hufter heeft je al zoveel gekost, het moet maar eens over zijn.
Maar Britt is helemaal op. Ze kan niet meer, heeft bijna geen weerstand en begint heel hard te huilen en wil zo weglopen bij Tony, maar wordt door Johan tegengehouden.
Johan: Britt, nu niet weglopen. Ik weet dat het heel moeilijk is voor je, maar we zullen je hier ook doorheen helpen.
Britt: Zeker door naar zo'n huisje in de Ardennen te gaan? Denk nou maar niet dat dat helpt hoor.
Tony: Jawel Briit, dat helpt wel.
Britt; Dan ga jij toch mooi. Ik wil niet. Ik ga naar huis en kom voorlopig mijn bed niet meer uit.
Tony: Ik zou heel graag naar de Ardennen willen, maar nu gaat dat even niet. Toe nou Britt. Johan heeft het zo goed met je voor. Ik weet dat het moeilijk is het voor te stellen dat je er wat aan zult hebben, maar echt, ga nu maar en laat het gewoon gebeuren. Je hoeft niet bij voorbaat al heel gelukkig te zijn of er van te genieten. En daarbij, als het echt niet gaat kun je toch zo terug komen, het is maar iets meer dan een uurtje rijden. Probeer het nu toch.
Britt: Jij denkt dat het me goed zal doen?
Tony: Ja, en Johan denkt dat ook, anders had hij het niet besproken.
Britt; Maar als het niet gaat, mag ik terug?
Johan: Zeker Britt. Ik wil je ook niet dwingen maar ik denk dat je even helemaal los moet komen van alle ellende waar je al ruim twee jaar in hebt gezeten. En ik heb nog een hele mooi verrassing voor je.
Britt: Wat dan?
Johan: Gewoon wachten tot die er aan komt.
Broitt; Johan, ik ben nu niet in voor dit soort grapjes.
Johan: Sorry, ik weet het. Maar je zult het wel zien. Wat zeg je? Zullen we dan maar gaan. Lekker even een dag of tien met zijn tweeën?
Tony: Doen Britt, je zult zien dat je je er van gaat ontspannen.
Britt; Redt je het zonden mij?
Tony: Nee, eigenlijk niet, maar het moet maar. Natuurlijk redt ik het, als je over tien dagne maar terug komt.
Britt: Echt? Meen je dat Tony? Ik kan gaan?
Tony: Ja Britt, ga maar, en laat het gewoon lekker op je af komen. Johan zal heel goed voro je zorgen, en als je me graag wilt horen moet je gewoon even bellen. Oké?
Britt; Dank je Tony. En ik wens je beterschap. Ik denk aan je, en ik hou van je.
Johan: Dag Tony, het beste ermee, en tot over een dag of tien.
Britt en Johan verlaten Tony's kamer, gaan thuis wat spulletjes ophalen, regelen dat de kinderen bij hun oma kunnen gaan slapen en dan...
... vertrekken ze naar de Ardennen !!
Daar aangekomen wacht Britt een hele aangename verrassing...
Johan heeft een pracht van een chalet afgehuurd voor tien dagen. En het is een hele luxe chalet met een eigen sauna en een lekker dompelbad buiten; een grote luxe badkamer met ligbad; een enorme slaapkamer; en een grote keuken waar zelfs de ijskast al heel goed gevuld ligt met heerlijke wijnen, een goed champagne, lekkere paté en al wat meer de tong en de lusten kan en zal strelen.
In de living staan ruime stoelen en banken en er is een grote open haard met een zacht en warm berenvel ervoor.
Britt staat met stomheid geslagen te kijken naar al deze pracht en praal en is direct vergeten dat ze eigenlijk helemaal geen zin had om naar de Ardennen te gaan.
Ze draait zich naar Johan en legt haar armen om zijn hals en begint hem heftig te zoeken.
Britt; Johan, je bent een schat. En ik maar denken dat ik helemaal geen zin zou hebben. Wat is het hier mooi. Wat moet dat wel niet gekost hebben?
Johan: Maak u daarover geen zorgen. Ik weet dat jij behoorlijk moet investeren in jezelf om deze ellende en sores te overwinnen; je bent zo'n sterke vrouw gebleken. Alles wat jij hebt meegemaakt en hebt moeten doorstaan,....... daar kan ik nooit tegenop, maar ik wil je laten zien dat mij geen zee te hoog is als het er om gaat om jou te laten blijken hoeveel ik om je geef.
Britt: Ik wordt helemaal verlegen. Johan ..............
Johan: Kom laat ons binnen gaan en genieten van deze tijd.
En galant (en misschien zelfs als voorproefje) draagt hij Brit tover de drempel en vleit haar neer op het berenvel voor de open haard, dat al lekker aan het branden is, omdat Johan er zelfs voor gezorgd heeft dat er iemand in de chalet komt voor dit soort zaken, zoals de sauna aanzetten , de haard opstoken en ook om heerlijke maaltijden te bereiden. Zo hoeft hij zelf geen tijd te verliezen bij zijn liefste Britt.
Britt zucht eens diep en verleidelijk en begint opnieuw Johan te zoenen.
Johan: Dank je Britt, dat je mijn geschenk aan wilt nemen. Je maakt me de gelukkigste mens op aarde. Britt ik houd zielsveel van je.
Britt: Dat is geheel wederzijds. Ik zou jou dankbaar moeten zijn. Jij bent al die tijd in mij blijven geloven, ook toen ik je niet meer herkende, toen ik ziek was, en toen ik het niet meer zag zitten. Niet alleen als mijn advocaat maar ook als vriend en lief. Ik ben heel blij met u en wil u nooit meer kwijtraken.
Die dagen genieten Britt en Johan zeer intensief van hun vakantie. Ze wandelen veel en Johan heeft zelfs mountain bikes geregeld zodat ze ook eens een lekker stuk kunnen gaan rijden door de Ardennen.
Britt komt, ondanks de activiteiten eindelijk aan haar welverdiende rust toe. Ze slaapt als een roosje in het waterbed, dicht en warm tegen Johan aan. Elke ochtend wordt er ontbijt op bed geserveerd en nadien draait Britt zich nog eens om om lekker lui de dag te beginnen. Samen met Johan gaat ze in het ligbad, en de sauna is een echte traktatie. En die lieverd heeft zelfs geregeld dat er een masseur is die Britt een weldadige massage geeft.
Ze komt echt niets te kort.
Helemaal los, zoals Johan had gezegd, van alle sores en ellende. Het doet haar zichtbaar goed en Johan is heel blij als hij haar eindelijk weer ziet glunderen. Hij geniet intens van zijn Britt.
Maar na tien dagen zit de vakantie er helaas weer op. Ze moeten weer terug naar huis waar de dagelijkse beslommeringen weer op hun wachten, maar Britt is voornemens om deze herinneringen goed vast te houden. Ze is blij en gelukkig en voelt zich sterk en herboren. En dat is het eerste wat Simon en Dorien opvalt als Britt en Johan thuis komen.
Dorien: Mama, u ziet er goed uit. Die vakantie heeft u zeker heel goed gedaan. Heb je lekker kunnen genieten?
Britt; Johan heeft me zo verwend, dat ik liever nog was gebleven, maar ik moest wel terug want anders zou ik jullie nog langer moeten missen. Kom eens hier allebei.
Ze neemt de kinderen stevig in haar armen en knuffelt ze heerlijk.
Britt; Ik ben heel blij dat we weer met zijn allen bij elkaar zijn, en ik heb Johan beloofd dat ik heel goed zal oppassen dat zoiets niet nog een keer gebeurt en dat ik niet meer ziek wil worden van mijn werk.
Simon: Da's een goeie. Ik wil u ook niet meer ziek zien. Het was heel erg wat er allemaal met u gebeurt is, maar gelukkig is dat nu allemaal voorbij.
Britt; Johan wat heb jij een wijze zoon.
Johan: Ja, ik kan het niet helpen, hij is een kind van mij. (lachend)
Dorien: Maar wij hebben ook een verrassing voor jullie.
Britt; Wat dan? Ik ben nieuwsgierig.
Simon: Daarom is het ook een verrassing. Je moet dus gewoon even wachten.
En dan wenkt hij Johan mee naar de slaapkamer en fluistert hem in dat Britt geblinddoekt moet worden, maar dat Johan zelf zal moeten rijden.
Johan: Waarheen dan?
Simon: Ik moet het u wel vertellen want met een blinddoek rijden, nou dan ga ik niet bij u in de auto.
Johan: Wat is het dan?
Simon: Tony !!
Johan: (geschrokken) Is er wat met Tony?
Simon: sssssstttttt. Zachtjes anders is voor Britt de verrassing er ook zo af.
Johan: Oké. Dan moet jij haar maar een blinddoek omdoen dan ga ik alvast naar de auto.
Britt vind het best wel eng met een blinddoek om de trappen af en de auto in. Johan merkt dat ze wat gespannen is.
Met de nodige omwegen rijd Johan naar het ziekenhuis, zodat Britt niet direct in de gaten heeft waar ze heen gaan.
Bij het ziekenhuis pakken Dorien en Simon haar elk bij een hand en leiden haar heel voorzichtig naar binnen.
Britt; Mag ik nu weten waar we zijn? Mag dat ding af?
Dorien: Nee, nog niet. Even wachten en gewoon meelopen.
En dan komen ze aan in de kamer van Tony.
Johan schuift een stoel dichterbij en zet Britt voorzichtig neer. Dan wenkt hij de kinderen mee naar buiten en laat Britt allen achter bij Tony.
Britt wordt wat onrustig.
Britt; Mag dit doek weg? Johan? Dorien? Simon? Waar zijn jullie?
Dan voelt ze een hand die de blinddoek losknoopt en als de doek wegvalt slaakt ze een gil van verbazing.
Britt: Tony ??
Tony: Ja, ik ben het.
Britt: Je zit al weer. Hoe kan dat ? Je zou toch plat moeten liggen voor een hele lange tijd?
Tony: Terwijl jij op vakantie was heb ik heel goed mijn best gedaan om beter te worden. Die stangen mochten na 6 dagen al weg. Toen kon het gipscorset om en kon ik gaan oefenen met de benen en de artsen vinden dat ik heel snel ben aangesterkt en dus mocht ik wat meer gaan belasten en daarom mag ik vandaag voor het eerst twee keer een half uurtje opzitten.
Britt; En hoe voelt het? Weer terug in de wereld?
Tony: Geweldig. Ik moet er niet aan denken dat het niet meer goed zou komen. Maar het beste wat me is overkomen, is dat jij er weer bent, en dat ik gewoon aan je kan zien dat je een geweldige tijd hebt gehad. Je had het hard nodig hè?
Britt; Wist jij er van soms?
Tony: Och.
Britt: Tony !!
Tony: Ja ik wist er van. Johan heeft me gevraagd of je het aan zou kunnen. Het was voor hem heel moeilijk om het mij te vragen omdat ikzelf niets kon. Maar hij heeft het mooi geregeld toch?
Britt; Het was grandioos. Ik heb zo genoten. En ik ben zo verliefd. En hij heeft me helemaal verwend. Er was sauna, en we kregen ontbijt op bed. En hij heeft zelfs een masseur laten komen en dat was zo lekker.
Tony: Die extraatjes heb je van mij gekregen. Ik wilde zo graag wat voor je doen, maar was bang dat ik dat niet kon en toen heb ik het samen met Johan gedaan. Jij had dat zo nodig, even helemaal weg te zijn. En gelukkig heeft het je heel goed gedaan.
Britt staat op en omhelst Tony en zoent haar drie keer.
Tony: Dank je Britt. Je bent een kei.
Britt: Nee, jij bent een kei dat je dat allemaal voor mij, voor ons gedaan hebt. Ik ben helemaal opgeknapt en kan er weer tegen. Samen met Johan en hopelijk ook weer gauw samen met jou. Wanneer ga je weer leren lopen?
Tony: Met een beetje geluk over vijf minuten.
Britt: WATTE?? Dan al??
Tony: Ja, ik wil hier ook wel een keer weg.
Britt; Of je hier nu weg bent of niet: Met de kerst ben jij bij ons. En dan zal ik heel goed voor je gaan zorgen.
Tony: Dank je Britt. Ik zal zorgen dat ik er zover klaar voor ben.
Britt: Afgesproken.
Ze omhelzen elkaar nog een keer en dan komt de fysiotherapeut aangelopen.
Mark: Zo mevrouw Dierickx, zullen we eens beginnen? (vriendelijk)
Door Britt's hoofd flitst : 'Hij lijkt als 2 druppels water op Mark...'
De fysiotherapeut stelt zich voor aan Tony.
Fysio: Aangenaam, ik ben Mark Heithuysen, en ben toegewezen aan jou, om je weer te helpen leren lopen.
Tony: Tony Dierickx, en dit hier is mijn allerbeste vriendin, Britt Michiels.
Mark: Aangenaam, Mark.
Britt gaapt hem nog steeds aan, zo verbaasd is ze van de gelijkenis met haar eigen Mark.
Mark: heb ik misschien iets aan dat van jou is? (vriendelijk lachend)
Britt: Eh, wat zeg je? Nee, nee, niks. Ik dacht even ergens aan. Tony, ik moet gaan. Goed je best doen en dan zie ik je heel gauw weer. Daaag.
Tony: Dag Britt, tot gauw.
Als Britt vertrokken is licht Tony Mark in over zijn gelijkenis met wijlen Britt's echtgenoot, die toevallig ook Mark heette.
Mark: Sorry, dat kon ik niet weten, maar er zijn toch wel meer manen die Mark heten?
Tony: Ja dat wel, maar je gezicht. Je lijkt er heel veel op. Ik denk dat ze daar wel van geschrokken is.
Mark: Dat vind ik jammer. Als ze er weer is wil ik er wel met haar over praten als zij dat wil, maar nu wil ik met je gaan oefenen.
Qua vechtersmentaliteit is er bij Tony geen steek veranderd.Verbeten slaat ze zich door haar eerste oefensessie heen, waarin ze echter niet veel verder komt dan , met de nodige hulp(middelen) zelf van lig naar zit te komen en de benen over de rand van het bed krijgen.
Ze heeft er wat gemengde gevoelens bij. Ze had gehoopt dat ze zou gaan lopen, maar als dit het tempo is waarin ze gaat oefenen heeft ze weinig hoop dat ze snel thuis is.
Mark ziet dat in haar gezicht en spreekt haar opbeurend toe.
Mark: Je had zeker gedacht dat je morgen hier al over de gang zou lopen?
Tony: (sipjes) Ja.
Mark: Morgen nog niet, maar wel snel. Je moet eerst de basis wat onder de knie krijgen. Omdat je al zo lang plat hebt gelegen moet ik het wel langzaam aan doen, anders ga je meteen onderuit en ik wil er gewoon niet aan denken wat dat voor gevolgen kan hebben.
Tony: Zo erg?
Mark: ja, zo erg. Maar wat je vandaag gedaan hebt is heel goed Tony. Je hebt opmerkelijk veel kracht voor iemand die zo lang op bed heeft gelegen.
Tony: Heb ik van Britt gekregen. Als zij er niet geweest was, dan.... dan was ik er denk ik ook niet meer geweest. Toen ik was aangereden, of eigenlijk overreden, leek ik heel ver weg te zijn en neer te kijken op het hele gebeuren en ik hoorde steeds iemand zeggen: niet weggaan, niet weggaan. Dat was Britt, en in de duistere tijd die volgde ben ik steeds naar haar blijven zoeken, en ik heb haar gelukkig weer gevonden.
Mark: Dat is heel bijzonder. Ik merk dat jullie hele dikke vrienden zijn?
Tony: Beter bestaat niet.
Mark: Misschien kan ze af en toe bij de therapie aanwezig zijn. Zien wat je zoal leert, en als je met de tijd met verlof mag kan zij je mooi verder helpen, want veel oefenen en veel herhalen is essentieel voor een goed en sneller herstel.
Tony: Ik zal haar vanavond direct opbellen. Wanneer mag ze meekijken?
Mark: Vanaf volgende week.Ik wil eerst met jou alleen de basis goed vastleggen. Die moet er helemaal inzitten. Dat is een kwestie van gevoel. Dat kan ik haar niet duidelijk maken, dat moet ik jou duidelijk maken, jij moet dat kunne voelen.
Tony: Hoep vaak kom jij?
Mark: Elke dag twee keer. Mogelijk dat er over een poosje ook een ergotherapeut komt om je verder op weg te helpen.
Tony: Waarom een ergotherapeut?
Mark: Voorlopig zul je je korset moeten dragen, en uit die rolstoel ben je ook nog niet uit. Ik weet het klinkt hard, maar ik kan beter de voorzichtige versie geven, dan kan het alleen maar meevallen. Maar doordat dat wel beperkingen oplevert zul je binnen die beperkingen je andere handelingen moeten aanpassen anders ga je de rest foutief belasten en overbelasten, en voor je het weet zit je in een vicieuze cirkel waar je bijna niet meer uit kunt komen.
Tony: Wat ga ik allemaal leren?
Mark: Je hebt al geleerd om te gaan zitten. Morgen herhalen we dat. Overmorgen van zit naar staan. En daar houden we dan voorlopig even op. Je moet ook het staan, en dan vooral het evenwicht heel goed onder controle hebben.
Tony: Maar ik kan snel leren hoor.
Mark: Ja, dat heb ik gezien, maar je gevoel moet helemaal opgefrist worden en dat is soms moeilijker dan de meeste mensen zich beseffen.
Tony: Ik ben zo blij dat ik het heb overleefd. Ik wil gewoon weer mee kunnen leven en niet nog meer tijd verliezen.
Mark: Dit is ook geen verloren tijd. Dit is hele waardevolle tijd. Gebruik hem goed Tony. Voor straks rust zacht en dan zie ik je morgen rond half tien.
Tony: Dank je Mark, tot morgen.
Britt is in gedachten verzonken weer bij Johan en de kinderen in de auto gestapt en mee naar huis gegaan alwaar ze zich zwijgzaam op de bank zet.
Dorien: Vond je het niet leuk om Tony zover opgeknapt te zien?
Britt: Jawel.
Simon: Maar je ziet helemaal niet meer blij.
Britt; Sorry, maar ik ben wel hele blij. Alleen ben ik net nogal geschrokken. Ik ga even naar de slaapkamer.
Kort daarop komt ook Johan naar de slaapkamer en gaat naast Britt op bed liggen. Voorzichtig draait hij haar met haar gezicht naar zich toe.
Johan: Liefje wat is er nu? Je was zo opgewekt en vrolijk toen we terug kwamen. En met Tony gaat het heel goed. Vanwaar die trieste blik?
Britt; Haar fysiotherapeut.
Johan :Wat is daar mee?
Britt; Die heet ook Mark.
Johan: Ja, maar zo heten meer mannen.
Britt: Maar ze lijken niet allemaal zo sprekend op Mark.
Johan; Je bedoelt ...
Britt: Ja, mijn mark, mijn man die vermoord is.
Nu ziet Johan weer wat tranen komen en hij neemt Britt dicht tegen zich aan.
Johan: Het heeft een herinnering opgeroepen hè?
Britt: (zachtjes huilend) Ja. Ik schrok er zo van.
Johan: Geeft niet Britt. Wat jij me over jou Mark hebt verteld, ik kan me indenken dat je dan schrikt als je iemand ziet die er veel op lijkt. Maar het zijn je herinneringen, hij was het niet zelf. Huil maar even en laat het even door je heen gaan. Ik vind het heel goed dat je hebt gezegd wat er is met je, en dat je het niet gaat opkroppen. Je bent een heel stuk vooruitgegaan daarin.
Britt; Vind je het niet erg dan dat ik weer zo over hem praat en aan hem denk?
Johan: Waarom zou ik? Britt, Mark was je grote liefde, jullie waren heel gelukkig getrouwd toen er iets vreselijks is gebeurt. Ik ga jou niet zeggen dat je niet meer aan hem mag denken. Ik hoop alleen dat je wilt blijven praten als het je teveel dreigt te worden. Ik wil jou hem niet laten vergeten. Ik ben iemand anders, en wat wij hebben is van ons, maar watje met Mark had, dat is helemaal van jou en Mark.
Britt; Lieverd, wat ben jij een schat. Weet je waarom ik verdrietig was? Omdat ik dacht dat je jaloers zou worden als ik over Mark zou gaan praten.
Johan: Helemaal niet. Praat maar zoveel als je wilt. maar zeg ook even tegen de kinderen wat er was, die denken namelijk dat je de verrassing niet zo leuk vond.
Nadat Britt haar gezicht heeft opgefrist gaat ze naar de kamer en nestelt zich tussen de beide kinderen op de bank en verteld ook hun waarom ze verdrietig leek.
Dorien word ook een beetje verdrietig.
Dorien: Leek hij zoveel op papa dan?
Britt; Ja, en daarom was ik zo geschrokken. Maar je papa is in de hemel, en dit was de fysiotherapeut van Tony. Ik denk dat wij hem wel vaker zullen zien als we naar Tony gaan.
Simon: Vind je dat niet erg eng dan?
Britt; Nee, nu niet meer. Ik heb net een hele fijn gesprek met jou papa gehad en nu ben ik niet meer bang. Ik wil jullie echt heel erg bedanken dat je mijn zo mooie verrassing hebt gegeven, Die Tony is echt heel erg veel beter geworden, vind je niet?
Dorien: Maar dat wisten wij al, maar jullie nog niet.
Britt; Zal ik eens een lekkere pan met spaghetti koken? Ik ben tenslotte weer helemaal opgeknapt en nu moet ik weer gewoon mama en politieagent tegelijk zijn. En dus moet ik ook weer gewoon koken, maar ik kan wel wat hulp gebruiken in de keuken en om de tafel te dekken.
Zo neemt Britt's leven weer een normale wending.Huishouden, kinderen verzorgen en liefhebben, en de geliefde zijn van Johan, die ze elke dag dankbaar is, dat hij niet is weggelopen bij haar toen ze hem niet herkende.
En elke avond en nacht laat ze hem dat weten en voelen.
Hun liefdesleven heeft sinds de vakantie in de Ardennen een hele nieuwe dimensie gekregen.
Dat weekend vraagt Joahn nogmaals of Britt met hem wil trouwen.
Britt; (vrolijk) Ben ik het alweer vergeten dan?
Johan: Nee, maar ik hoor je het zo graag zeggen.
Britt; Ja Johan, ik wil heel graag met je trouwen, met jou mijn leven delen en samen met jou oud worden en later, als we echt stokoud zijn. samen door het park wandelen en op ene bankje gaan zitten en eendjes voeren en kijken naar de kleinkinderen.
Johan: Wat kijk jij een eind vooruit. Ik dacht meer eigenlijk om een datum te plannen. Heb jij iets in je gedachten?
Britt denkt even na, en er trekt weer een kleine schaduw over haar ogen
Johan: Is er wat Britt?
Britt: Ik dacht weer aan Mark. Wij zijn toen in Mei getrouwd, maar ik wil niet op dezelfde datum trouwen , dat roept teveel herinneringen op.
Johan: Hoeft ook niet. Ik breng het ter sprake zodat we er samen over kunnen denken.
Britt; Maar Mark was in April jarig. Vind jij het goed als we op zijn verjaardag trouwen?
Johan: Als jij dat wilt en we kunnen dat regelen vind ik het goed. Britt, ik denk dat elke dag of elke datum wel een herinnering bij je oproept. Als jij wilt trouwen en jij wilt een bepaalde datum, dan gaan we daarvoor.
Britt; Wat ben je lief Johan..
Johan: Voor jou Britt. Allemaal voor jou, omdat ik zo verliefd op je ben.
Britt legt haar handen bij Johan op de borst en begint hem te strelen, en zo gaat het verder.
Johan gebiedt de kinderen naar boven te gaan en te gaan slapen, omdat het al 10 uur is...
Dorien en Simon geven hun 'ouders' beiden een zoen en gaan dan lekker warm in bed liggen en vallen na 10 minuten praten in een hele diepe slaap...
Ondertussen beneden :
Britt: Johan... ? (zacht)
Johan: Ja, lieverd? (glimlachend/vriendelijk)
Britt: Is het echt helemaal over? Met Dashi enzo...
Johan: Helemaal. (glimlachend, terwijl hij door Britt's haren streelt)
Britt haalt eventjes opgelucht adem en nestelt zich dan lekker tegen Johan aan... Ze heeft moeite om haar ogen open te houden.
Johan: Denk je dat het niet beter is als we ook zouden gaan slapen, liefje?
Britt: Maar ik lig hier zo lekker... (slaperig)
Johan: Dan blijven we toch nog lekker even zo zitten. Ik vind dit ook heel gezellig.
Britt zegt al niets meer, ze is al in dromenland en ligt heerlijk ontspannen in Johan's armen.
Na een half uurtje neemt Johan haar op en legt haar lekker in bed waar ze ongestoord verder slaapt.
Britt is inmiddels weer aan het werk, maar werkt momenteel niet de volle 100%. Ze heeft twee halve dagen vrij per week om Tony te bezoeken en om zelf toch nog wat therapie te volgen, zodat ze weer wat sterker in haar schoenen komt te staan.
Tony doet heel goed haar best met de oefeningen bij de fysiotherapie.
Binnen drie weken nadat ze mocht gaan zitten, is ze in staat om met hulp overeind te komen en met behulp van een loopwagentje hele korte stukjes een paar pasjes te lopen .
Ze verheugd zich zeer op de Kerst. Dan heeft ze drie dagen "verlof" gekregen van haar artsen en fysiotherapeut om fijn naar Britt en Johan en de kinderen te kunnen gaan.
Met behulp van de verpleging en fysiotherapie heeft ze een paar kerstcadeautjes uitgezocht en die zit ze nu mooi in te pakken en te versieren.
Nadat ze ruim een uur heeft gezeten voelt ze een zeurende pijn onderin haar rug en kruipt dan maar op bed om haar rug wat te ontlasten.
Als Mark die middag komt om te oefenen merkt ook hij dat het niet helemaal lekker gaat.
Mark: Wat is er Tony? Heb je pijn? Je beweegt zo voorzichtig.
Tony: Net voelde ik zo'n zeurende pijn in mijn onderrug en het is niet weggegaan met rusten.
Mark: Wil ik eens kijken?
Tony: Laat het alsjeblieft niets ergs zijn. Het is bijna Kerst en ik wil echt wel met verlof.
Nadat Mark gedaan heeft met zijn onderzoek kijkt hij wat bedenkelijk waardoor Tony ongerust wordt.
Tony: Is het toch ernstig?
Mark: Ik ga je arts vragen om nieuwe foto's te maken. Ik kan het niet goed voelen.
Dan ziet hij dat Tony bijna begint te huilen.
Mark: Hé kanjer, nu niet de moed laten zakken hoor. Je bent al zo goed opgeknapt. Ik wed dat je binnen het halve jaar weer gewoon aan het werk bent.
Tony: En die pijn dan?
Mark: Dat laat ik nu uitzoeken. We slaan vanmiddag het lopen over en gaan nek en armspieroefeningen doen.
Maar omdat de pijn haar blijft verontrusten gaat het niet echt lekker.
Britt treft dan ook een wat verdrietige Tony aan als ze op bezoek komt.
Tony: Sorry, maar ik ben niet zo'n aangenaam gezelschap.
Britt; Waarom niet? Is er wat mis?
Tony: Mijn rug. Ik kreeg vanmiddag zo'n rugpijn en Mark weet niet wat het is.
Britt; Heb je veel geoefend de laatste paar dagen? Misschien heb je wat overbelast en heb je nu spierpijn.
Tony: Ach, laat ook maar. Als de pijn maar weg is met de Kerst. Ik wil zo graag even weg hier en naar jullie toekomen. Zou Johan me kunnen ophalen of moet ik een taxi regelen?
Britt: Tuurlijk komt Johan je ophalen. Maar nu niet gaan zitten piekeren hoor. Je hebt al lang laten zien hoe goed je bent. Jij komt er wel, ook als je ietsje minder hard oefent.
Nadat Britt weg is komt de arts en die spreekt een spoed MRI af, maar eerst laat hij het gipskorset verwijderen. Dan wordt een deel van de klachten ook al duidelijk.
Doordat het korset zo strak en stijf was had ze een drukplek opgelopen en nu was daar de huid beschadigd. Tony vind het een verademing dat ze het korset af heeft, maar moet dientengevolge wel weer strikt en plat op bed blijven, en dat neemt ze dan maar voor lief.
Vanwege de wond kan ze het korset niet meer aan. Eerst moet de huid weer dichtzitten. Ze moet dus weer plat blijven liggen in het kantelbed, en ze wordt bang dat ze de Kerst niet op tijd weer op de been zal zijn.
Dan komt Mark weer binnen.
Mark: Tony, het gaat wel goed komen. Die wond moet eerst genezen en dan krijg je een ander korset.
Tony: Nog voor de Kerst? Alsjeblieft??
Mark: Ik zal er persoonlijk voor zorgen.
Mark: Maar ik heb nog iets. Misschien dat je het helemaal niet leuk gaat vinden.
Tony: Wat dan? Zat het niet goed in mijn rug?
Mark: Het zit niet helemaal goed in je rug, maar het is wel goed te verhelpen. Je hebt geen operatie nodig, maar we wille je de beste zorg geven die er bestaat. We willen je doorsturen naar een revalidatiecentrum en daar de volledig en intensieve behandeling door laten gaan.
Tony: Geen operatie? Gelukkig. Maar wat is er mis in mijn rug?
Mark: Er lijkt een soort botuitwas te ontstaan. Daar zul je met de tijd meer problemen mee krijgen als we nu niet snel ingrijpen.
Tony: Hoe doen jullie dat?
Mark: Helaas hebben wij daar geen ervaring mee, maar tijdens mijn stage heb ik in Nederland gewerkt en daar is een revalidatiecentrum met een hele goede reputatie en heel veel ervaring met deze klachten. Je arts heeft al gebeld, want hij wil je behandeling het liefst op hele korte termijn laten starten.
Tony: Wanneer dan?
Mark: Je kan er op 2 januari terecht en je behandeling zal vijf maanden duren. Het is zeer intensief. En ik denk dat je eerst ook wel meer pijn zult krijgen, en ook weer opnieuw een aantal dingen overnieuw zult moeten gaan leren, maar mijn advies is: ga ervoor. Accepteer die plaats die ze voor je hebben. Ik weet zeker dat je daar helemaal zult opknappen.
Tony: Waar is dat in Nederland? Kan ik bezoek van hier ontvangen? Kan Britt bij me komen?
Mark: Britt kan wel komen maar het is niet naast de deur. Zo'n dikke vier uur rijden.
Tony: Moet ik zelf ook nog bellen of schrijven om mijn motivatie aan te geven? Ik wil heel graag weer uit bed en lopen en doen, en weer gewoon Tony zijn.
Mark: Way to go girl. Jij hebt de juiste mentaliteit. Jij komt er wel.
Tony: Jij hebt me een heel mooi kerstcadeau gegeven Mark. Bedankt.
Mark: Ik kom overmorgen met een ander korset. Een tijdelijke, zodat jij weg kunt om de kerst te vieren. Op het Roessingh zullen ze het wel weer opnieuw aanmeten aan de behoefte die dan geldt.
Gelukkig geneest de wond snel en kan Tony na twee dagen het nieuwe korset aan en is ze klaar voor de Kerst in huize Michiels.
Daar is iedereen vrolijk en op gewekt. Het huis geurt heerlijk naar allerlei lekkers. Britt heeft zich bijzonder uitgesloofd om een heel lekker kerstdiner te bereiden, en ook voor tussendoor heeft ze lekkernijen gemaakt, samen met de kinderen. Johan had een hele mooie kerstboom opgezet en het huis vrolijk versierd.
Tijdens het eten wordt er heel gezellig gepraat en Britt en Johan geven aan dat ze op 7 april zullen gaan trouwen.
Tony: 7 April, dat is toch ..
Britt; Ja, Mark zijn verjaardag, dat heb ik met Johan overlegd en hij vind het goed.
Tony: Heel fijn voor je Britt. Ik weet zeker dat je een pracht bruid zult zijn en dat je heel gelukkig zult worden.
Britt: Als jij er bij bent weet ik zeker dat ik een hele mooie dag zal hebben.
Tony: Britt? Ik weet niet of ik er bij kan zijn.
Britt: Maar jij bent mijn getuige!
Tony: Ik heb toch deze week zo'n pijn gehad? Ze hebben een MRI gemaakt en gezien dat er botaanwas groeit, en dat moeten ze snel en goed gaan behandelen anders krijg ik later veel meer klachten. En ik kan volgende week op 2 januari terecht in een revalidatiecentrum in Nederland. En ik wil dat heel graag. Ik wil weer gezond worden en met je kunnen samenwerken.
Britt; Maar dat is geweldig. Goed voor je Tony. Dan stellen wij het huwelijk toch uit, Johan?
Tony: Nee Britt, die datum is voor jou heel belangrijk. Dat MOET doorgaan. Ik zorg wel dat ik iets kan regelen, maar je huwelijksdatum moet doorgaan.
Johan: Wat fijn voor je Tony dat je daar al terecht kan, en heel erg bedankt dat je toch rekening houd met Britt.
Britt; Maar ..
Johan: Britt, het gaat wel loslopen. Jij wilde zo graag die datum, dan gaan we daarvoor.
Britt; Maar hoe moet ze dan getuigen als ze daar is?
Johan: We regelen wel iets, en het is nog lang niet zover. Laat het nou gewoon op je afkomen.
Nadat ze heerlijk hebben geluncht en even aan de koffie zitten wordt Britt heel erg stil. Haar ogen worden glazig en haar gezicht wordt heel erg rood en ze begint heel erg te zweten.
Tony: Alles goed met je Britt? Je bent ineens zo stil.
Britt: Ik heb het zo warm. Ik denk te druk gemaakt.
Johan legt zijn hand op haar hoofd en merkt dat ze helemaal gloeit.
Johan: Britt, je hebt koorts. Je bent ziek aan het worden.
Britt; Ach nee, het valt wel mee, gewoon warm.
Johan: Ga je even temperaturen.
En als ze op gaat staan krijgt ze ineens een draaiing en zakt bijna door haar knieën. Vlug vangt Johan haar op en brengt haar naar bed. Hij meet haar temperatuur en ziet dat ze dik 39.5° koorts heeft.
Johan: Jij blijft maar mooi op bed. Je bent ziek. Flinke griep aan het krijgen.
Britt is zo ziek als een kat en geeft zelfs geen weerwoord. Johan stopt haar in bed en zet een glas water neer, en uit voorzorg ook maar een natte washand en een emmer, voor het geval ze misselijk wordt en moet gaan spugen.
Tony is wat geschrokken maar Johan kan haar wel gerust stellen.
Johan: Een griep denk ik. Jammer van al dat lekker eten dat ze gemaakt heeft, en jammer dat het juist nu is als jij er bent.
Tony: Breng me maar terug dan naar het ziekenhuis, dan heb je je handen vrij voor Britt.
Johan: Welnee Tony, ik heb hier een bed voor je gemaakt. Je blijft gewoon hier hoor. Je bent voor de hele kerst uitgenodigd. En als de ergste koorts bij Britt over is denk ik dat ze wel weer hier bij ons komt.
Tony: Dan wil ik nu even gaan rusten. Anders wordt ik ook weer te moe in mijn rug.
Johan wijst haar de weg naar de geïmproviseerde logeerkamer en helpt Tony op bed.
Johan: Roep maar als je hulp nodig hebt of als je er weer uit wilt.
Tony: Dank je Johan voor je goede zorgen.
Ofwel Britt de hele kerst ziek blijft, proberen ze er toch nog wel een beetje leuke kerst van maken.
De koorts zakt wel, maar Britt is strontverkouden, snottert en hoest heel de dag (en nacht) en heeft een knallende koppijn. Ook kan ze bijna geen eten verdragen en dus lepelt Johan er de nodige bouillon in zodat ze wel vocht en zouten binnen krijgt, die ze met het zweten steeds verliest.
Op 27 december neemt Tony afscheid van Britt, die nog steeds in bed ligt.
Tony: Jammer dat je ziek bent geworden, maar heel erg bedankt dat ik hier mocht zijn. Over vijf daagjes ga ik weg, maar ik laat zeker van me horen.
Britt: (huilend) Ik vind het heel rot dat ik net nu ziek moest worden.
Tony: Hey, meid, je moet niet huilen, anders ga ik zo meedoen. Jij wordt snel weer beter, en ik ga ook mijn best doen. We zien elkaar gauw weer, oké?
Britt: Oké. Bedankt Tony, dat je ondanks alles er toch zoveel begrip voor hebt.
Tony doet de laatste dagen rustig aan met haar therapie en oefeningen. Op oudejaarsdag stoppen de therapieën om twaalf uur en ze besluit verlof te vragen tot na middernacht, zodat ze "spontaan" bij Britt op bezoek kan gaan.
Tony weet dat de oudejaarsdag en nacht heel moeilijk zijn voor Britt. Mark was vier jaar geleden in die nacht neergestoken en overleden.
Ze belt een rolstoel taxi en laat zich naar Britt's loft brengen. Daar komt ze zelfstandig met de lift tot aan Brit haar deur en belt aan en wacht tot er open wordt gedaan. Ze verwacht een uitbundige Dorien die nu lekker kerstvakantie heeft.
Maar in plaats daarvan opent Britt zelf de deur en die kijkt helemaal verrast als ze Tony in haar rolstoel ziet staan.
Britt; Jij hier?
Tony: Ja, ik dacht, ik heb vrij en ga naar mijn beste vriendin. Ik weet dat je wat steun kunt gebruiken vandaag. Waar zijn Johan en de kinderen?
Britt; Naar mijn moeder. Ik kon het vandaag niet opbrengen, en daarbij ben ik nog niet helemaal fit. Maar wat fijn dat je er bent. Kom vlug binnen.
Eenmaal binnen zitten ze snel weer met elkaar te kletsen, eerst over koetjes en kalfjes maar al snel komt het verdriet van Britt boven. Alhoewel ze zielsgelukkig is met Johan mist ze Mark nog steeds. Gelukkig kan Johan daar heel goed mee omgaan en geeft Britt voldoende ruimte om haar verdriet te doorleven.
Tony komt met moeite uit haar rolstoel en gaat naast Britt op de bank zitten en slaat dan haar armen om Britt heen die spontaan begint te huilen.
Britt; Ach, Tony, ik mis hem nog steeds zo erg, en helemaal nu, vandaag.
Tony: Dat had ik een beetje verwacht en daarom ben ik gekomen. Zou je het verdragen als ik hier blijf tot rond een uur of één vannacht?
Britt; Zou je dat willen? Echt? Gaaf !! Je mag ook de nacht wel blijven dan kan Johan je morgen terugbrengen.
Tony: Maar dat is zoveel overlast voor jullie.
Brit: Welnee, helemaal niet. Je moet blijven. Alsjeblieft??
Tony: Dan bel ik even naar het ziekenhuis, oké?
Na een paar minuutjes is Tony klaar met het gesprek.
Britt; Je ziet er heel moe uit. Wil je even gaan rusten?
Tony: Kan dat? Heb je het bed nog staan?
Britt: Nee, maar het is zo klaar en anders mag je ook in mijn bed of in dat van Dorien.
Tony: Als het maar een beetje hoog is, anders kom ik er bijna niet meer uit.
Britt maakt vlug een bed op voor Tony en die gaat lekker even een uurtje of twee plat. Ze merkt wel dat ze heel snel vermoeid is in haar rug. Dit korset geeft toch wat meer ruimte en minder steun.
Rond half vijf wordt ze wakker en roept Britt haar hulp in om er weer uit te komen.
Britt: Lekker geslapen Tony?
Tony: Ja, best wel. Hoe is het nu met jou? Kom ik hier en duik ik gelijk in bed terwijl ik voor jou ben gekomen.
Britt; Gaat wel
Tony ziet dat Britt de foto's van Mark op tafel heeft liggen .
Tony: Mijn fysiotherapeut lijkt echt wel op jou Mark.
Britt; Eng veel.
Tony: Heb je hem nog gesproken toen je laatst bent geweest?
Britt: Nee, hij moest toen net weg.
Tony: Hij wilde je graag nog wel een keer spreken. Hij zat er nogal mee, dat zijn verschijning jou zo van slag heeft gemaakt.
Britt; Eerst wil ik door deze dagen zien te geraken.
Tony: Overmorgen ga ik naar dat revalidatiecentrum en dan zal ik hem misschien ook niet meer zien
Britt: Ik kan hem toch wel bellen dan nog een keer?
Dan gaat de telefoon.
Britt; Michiels? NEEEE!!!!!!!!!!!!!!!
Tony: Britt, wat is er?
Britt; Johan?? Zijn de kinderen oké? Ben jij oké?? Zeg me dat het goed komt? Alsjeblieft??
Tony ziet dat Britt helemaal wit wegtrekt en op haar benen staat te zwalken.
Tony: Ga even zitten Britt. (en ze duwt Britt bijna in de bank en neemt de telefoon over)
Tony: Johan? Met Tony hier. Wat is er? Britt ziet er heel erg geschrokken uit.
Johan: We hebben een aanrijding gehad. De kinderen zijn erg geschrokken maar we zijn gelukkig allemaal ongedeerd, maar het kan even duren voor we hier weg kunnen. Wat fijn dat je er bent. Zou het je lukken om Britt wat op te vangen?
Tony: Ik doe mijn best. Waarom duurt het zo lang dat je weg kunt?
Johan: De politie is al geweest maar nu moeten we wachten op de sleepdienst.
Tony: Laat mij dat voor je regelen. Kun je niet meer met de auto rijden?
Johan: Nee, total loss.
Tony: Kan me voorstellen dat Britt is geschrokken. Maar je bent zo hier. Waar zit je eigenlijk?
Johan: Bij Sijsele.
Tony: Om zeven uur ben je weer met de kinderen thuis bij je vriendin. Laat mij eindelijk eens wat voor jullie terug doen.
Nadat ze heeft opgelegd neemt ze Britt weer op.
Tony: He, het valt wel mee. Alleen materiele schade. Iedereen is er zonder kleerscheuren afgekomen.
Britt; En weer op oudejaarsavond. Het is me niet gegund om gelukkig te zijn.
Tony: Britt, wakker worden, er mankeert ze niets. Ik ga even voor hem bellen.
Dan neemt ze de telefoon en belt naar Nadine, legt kort de situatie uit en vraagt of er iemand van het team naar Sijsele kan om Johan en de kinderen op te halen.
En zoals beloofd is Johan rond zeven uur weer thuis en neemt een huilende Britt veilig in zijn armen.
Tony vangt de kinderen in eerste instantie op.
Tony: Hey, kids, alles oké met jullie? Jullie zullen flink geschrokken zijn?
Dorien: Er kwam ineens zomaar een wagen aan en toen was het even donker.
Simon: Hij was fout. Hij had geen lichten aan en reed zonder voorrang onze voorrangsweg op.
Tony: Dan gaat het wel goed komen. Ik ben blij dat jullie ongedeerd zijn. Kom, dan zal ik jullie wat drinken geven.
Britt is wat rustiger geworden en zit op de bank en Johan bedankt Tony dat ze Britt zo goed heeft opgevangen. Enigszins aangedaan wordt de oudejaarsavond gevierd en naarmate de tijd verstrijkt merkt Tony dat Britt het er steeds moeilijker mee krijgt. Ook Johan ziet dat, en Johan en Tony kijken elkaar even aan wie er zal handelen.
Joahn geeft een klein knikje naar Tony en die rijd met haar stoel naar Britt en vraagt of ze even meekomt naar de slaapkamer.
Tony: Britt, ik zie dat je tranen heel hoog zitten, huil het er lekker even uit. Ga even op bed liggen en neem Mark's foto en huil en praat tegen hem. Je moet even stoom afblazen.
Langzaam zakt Britt op bed en rolt op haar zijde.
Tony rijd om het bed en werkt zich uit de stoel en gaat naast Britt liggen en legt een hand op diens schouder. Daar jankt Britt al heen. Het verdriet lag zo dicht onder het oppervlak, vooral deze dagen, en vooral als Britt zich niet helemaal lekker voelde, zoals nu, vlak na de griep.
Na een poosje herpakt Britt zich zelf en kijkt Tony dankbaar aan.
Britt: Wat zou ik toch moeten zonder een vriendin als jij? Kom eens. (en ze strekt haar armen uit naar Tony en neemt die eens heel goed vast en geeft haar een stevige knuffel)
Tony krijgt nu ook tranen in haar ogen. Ze is ontroerd door Britt.
Britt: Ik zal je missen als je Naar Nederland gaat.
Tony: Ik jou ook. Maar je kunt op bezoek komen als je wilt, maar ik denk de eerste tijd beter niet, want volgens Mark zal ik opnieuw alles moeten leren en zal ik zeker in het begin veel pijn hebben. En je weet dat ik dan echt geen aangenaam gezelschap ben.
Britt; Dat zullen we nog wel eens zien dan. Maar ik vergeet je zeker niet. Je bent en schat.
Tony: Dank je Britt.
Britt; Zullen we weer naar de anderen gaan?
Tony: Ik ben zo moe, ik wil graag nog even blijven liggen. Is dat goed?
Britt; Zeg maar hoe laat ik je moet wekken?
Tony: Tegen elf uur?
Britt: Is goed. Slaap lekker. (en ze dekt Tony toe met een lekker warm dekbed.)
Britt gaat weer naar Johan en de kinderen toe en gaat zachtjes weer naast Johan op de bank zitten en kijkt weer verder televisie.
Johan: Gaat het, lieverd? (vriendelijk/sussend)
Britt: Ja, het gaat wel weer. Tony is even rusten, ik moet haar rond 11 uur wekken. (zwak glimlachend)
Rond 11 uur maakt Britt Tony wakker...
Al snel, veel te snel eigenlijk, is het 12 voor 12... Nog 2 minuten en het is 'het tijdstip'... Het tijdstip waarop Britt 4 jaar geleden gebeld werd voor Mark's overlijden...
Johan ziet dat Britt heel stil wordt. Langzaam vullen haar ogen zich met tranen. Hij neemt haar hand en houd die zachtjes vast, net genoeg om te laten weten dat hij er voor haar is. Aan de andere kant zit Dorien ook met haar hand in die van Britt.
Dorien: Het is bijna zo laat hè mama?
Britt; Ja, het was tien minuten voor twaalf.
Dorien: Zal het gaan denk je? Ik weet dat je papa mist, maar nu heb je gelukkig Johan bij je. Weet je, het is voor het eerst dat ik me er zo van bewust ben. Ik ben ook verdrietig in mijn hart, maar ik heb er veel met Simon over gepraat en dat was heel fijn. Ik weet dat het pijn doet, maar dat er altijd iemand is, die je wil helpen om er toch weer bovenop te komen.
Johan: Wat heb je dat mooi gezegd Dorien.
Dorien: Dank je Johan.
Dan is het tien minuten voor twaalf. Britt sluit haar ogen en legt haar hoofd achterover tegen de rugleuning van de bank. Ze snift een paar keer en onder haar gesloten oogleden komen dikke tranen tevoorschijn.
Tony kom dichterbij rijden en legt troostend en bemoedigend haar handen op Britt haar bovenbenen.
Tony: Britt, ik leef met je mee. Ik weet dat jij de pijn van het gemis voelt, maar ik voel de pijn van een partner die heel verdrietig is. Wij zullen er voor je zijn Britt, en je mag gerust huilen als je dat wilt. Dit zijn jou herinneringen. Doorleef ze, geef ze een plaats en leef verder zoals je hebt geleerd, maar je zal Mark nooit vergeten.
Britt zucht een paar keer diep, haalt haar snot op en kijkt dan dankbaar naar alle mensen die ze liefdevol om zich heen heeft.
Britt; Dank jullie allemaal dat jullie er voor me zijn, en dat jullie me gewoon mijn gevoel laten beleven. Johan, ik ben dankbaar dat ik je heb leren kennen. Dorien, meisje van me, kom eens even heel dicht bij me (en Dorien kruipt gelijk bij haar op schoot en valt haar huilend om de hals)
Dorien: Mama ik mis pap zo.
Britt; Meisje, ik ook, maar hij komt niet weer. Het enige wat we nog hebben is een hele dierbare herinnering. Die moeten we in ons hart koesteren, maar oppassen dat we er niet in verstikken. Dat had ik bijna gedaan, maar met de hulp van Johan en Tony ben ik er gelukkig net op tijd uitgekomen.
Dorien: Tony is een kei. Wordt Johan mijn nieuw vader?
Johan: Wil je mij wel als papa dan?
Dorien: Elke dag. Alleen kan ik dan wel verkering hebben met Simon?
Simon begint daarop te kleuren als een tomaat.
Britt; Zeg, hoe oud ben jij wijsneus? Ben jij niet wat te jong voor verkering?
Dorien: Ik ben al negen jaar hoor.
Britt: Tijd genoeg om eerst eens goed rond te kijken.
Dan geeft de televisieklok aan dat de laatste seconden van het oude jaar voorbij tikken.
Iedereen heft zijn glas en op klokslag twaalf uur begint een enorm vuurwerk het nieuwe jaar in te knallen. Zowel Britt als Tony schrikken hier heftig van.
Johan had Britt stevig in zijn armen en merkte ook de schrik.
Johan: Gaat het Britt?
Britt: Ja Joahn. Ik wens je een heel gelukkig nieuw jaar en hoop dat wij vanaf nu eindelijk eens goed tijden gaan hebben, samen met elkaar.
Johan zegt niets, hij zoent alleen maar. Lang en intensief en hij voelt dat Britt geniet van elke seconde.
Britt; Dank je Johan.
Inmiddels heeft Tony zich met behulp van Simon uit de stoel omhoog gewerkt en ze staat tegen de tafel aangeleund en reikt haar armen uit naar de kinderen om ze een gelukkig nieuwjaar te wensen. Dan krijgt ook Johan zijn deel. Terwijl ze lichtjes voorover gebogen staat en hem zoent, fluistert hij haar zijn grote dankzeggingen in. Hij is zo ontzettend dankbaar voor wat Tony allemaal voor Britt gedaan heeft, hij kan het bijna niet onder woorden brengen.
Tony: Dank je Johan, heel graag gedaan. Ze was tenslotte eerder mijn partner dan de jouwe, en als je heel lief voor haar bent mag je haar overnemen, maar je moet dan wel goed voor haar zorgen. Anders kom ik haar persoonlijk terughalen.
Johan: Jij hoort net zo goed bij het gezin als ieder hier in de kamer. Ik kan me niet indenken dat Britt, of Dorien, ooit zonder jou kan, dus goed beter worden daar in dat revalidatiecentrum en dan heel snel weer terugkomen.
Nu is het aan Britt en Tony om elkaar de beste wensen voor het nieuwe jaar te brengen.
Tony legt het bijna af van de pijn in haar rug. Ze voelt haar tranen branden in haar ogen, maar ze zal en wil staande Britt omhelzen.
Heel stevig houd ze zich vast aan Britt en terwijl ook hun dicht tegen elkaar aan staan praten ze in elkaars oren.
Simon: Papa gaan we nu naar buiten om vuurwerk aan te steken?
Johan:Ja, doe je jas maar aan, Dorien ook, dan gaan we even, als je moeder ons even kan missen.
Maar Britt hoort het niet. Die is intensief met Tony aan het praten.
Als Johan en de kinderen buiten zijn zakt Tony ineens in Britt haar armen in elkaar.
Britt: Tony wat is er? Zeg wat! Ik kan je haast niet houden.
En heel langzaam leid Britt Tony naar de grond en legt haar voorzichtig neer. Ze stopt een kussen onder haar benen en legt de plaid van de bank over Tony heen.
Na een korte tijd komt Tony weer bij.
Tony: Wat is er gebeurt?
Britt; Je was ineens zomaar weg. Wat was er Tony?
Tony: Pijn. Oh, mijn rug doet zo'n pijn.
Britt; Tony, jij hebt ook veel teveel gedaan. Dat staan kun je toch nog niet zo lang volhouden. Ik kom met alle liefde naar jou toe om je nieuwe jaarswensen te ontvangen,
Tony: Kun je me weer ophelpen dan?
En met het nodige kunst en vlieg werk gelukt het om Tony weer in de rolstoel te krijgen.
Tony: Dank je Britt. Sorry voor de overlast. Maar bij deze wens ik je het allerbeste wat er te wensen valt. Ik hoop echt dat je heel gelukkig wordt in je huwelijk met Johan. En dat Dorien dat ook wordt.
Britt; Maar ik kan Mark maar niet vergeten. (half huilend)
Tony: Maar Britt, dat hoef je ook helemaal niet.
Nu zitten ze tegenover elkaar: Tony in de rolstoel en Britt op de bank, naar elkaar toegebogen en hun voorhoofden raken elkaar.
Tony slaat haar armen om Britt heen en samen beginnen ze een enorme jankpartij. Beiden hebben heel veel en heel sterke emoties en ze klunen het goed van elkaar hebben om die tegenover elkaar te uiten.
Het huilen lijkt na een poosje minder te worden . Britt legt haar handen bij Tony in de nek en kijkt naar beneden, alsof ze op zoek is naar woorden. Dan kijken ze lekaar eens in de ogen en Tony vleit haar hoofd op Britt haar schouders en begint zachtjes opnieuw te huilen.
Britt; Wat is er nu Tony? Vind je het moeilijk om weg te gaan?
Tony: Ja, maar niet voor mezelf. Ik zal jou missen. Ik weet dat je me nodig hebt en ik kan er niet voor je zijn. Ik maak me zorgen.
Britt; Maar Tony, ik heb nu toch Johan die voor me zorgt?
Tony: (een beetje kribbig) Dus je hebt me niet meer nodig?Sorry Britt dat ik zo reageer. Natuurlijk heb jij Johan nu.
Britt; Tuurlijk heb ik je wel nodig. Ik kan niet zonder jouw, maar het is anders. Ik zal je nooit, never vergeten of kunnen missen. Maar jij moet goed beter gaan worden. En ik hoop echt dat je er op onze trouwdag bij kunt zijn. Ik kan de datum nog steeds verplaatsen.
Tony: Niet doen voor mij. Het is jouw dag, een hele bijzondere dag. Maak hem zo mooi als je kan en stop er al je herinneringen in die je hebt aan die fijne Mark. Ik zou willen dat k hem gekend had, misschien was ik dan beter in staat geweest om je op te vangen.
Britt; Tony, jij hebt me heel goed opgevangen. Ik was er allang onderdoor gegaan als jij er niet geweest was.
Tony: Ik vind het allemaal zo vreemd wat er met ons gebeurd is, soms kan ik er geen touw meer aan vast knopen.
Britt; Dat komt wel weer, heb je ook altijd tegen mij gezegd.
Als Johan en de kinderen weer binnen komen zitten Britt en Tony nog steeds innig omarmd met elkaar te praten.
Hij laat ze hun gang maar gaan en wenkt de kinderen dat het tijd word om naar bed te gaan. Ze wensen Britt en Tony welterusten en vertrekken naar bed.
Johan begin het serviesgoed op te ruimen en gaat dan aan de keukentafel wat zitten lezen.
Britt merkt dat Tony helemaal bekaf is en stelt voor dat ze naar bed gaat.
Tony: Ik ben bang om te gaan slapen Britt.
Britt; Waarom dan toch Tony?
Tony: Vanavond voelde zo goed, ik ben bang dat dat gevoel morgen weg is als ik wakker wordt.
Britt; Nee Tony, dat is er morgen ook nog wel. Maar ik zie dat je heel veel pijn hebt en niet meer kunt zitten. Wil ik je even in bed helpen?
Tony: (eindelijk toegevend dat ze compleet de bout af is) Heel graag Britt. Ik krijg niet eens meer mijn armen omhoog om dit truitje uit te doen.
In de logeerkamer helpt Britt Tony klaar maken voor de nacht. Niet alleen de kleding uit; ook helpen met plassen, wat Tony sinds kort weer zelf kan zonder katheter. Ze moet haar tanden gepoetst hebben, haar haren uitgeborsteld en haar nachtmedicatie: tabletten, zalfjes voor haar doorligplekken en druppels voor haar ogen en neus. Britt voelt zich bijna een verpleegster.
Als ze na ruim drie kwartier klaar is lijkt Tony al bijna te slapen maar bij de deur roept ze Britt terug.
Als Britt weer voor het bed staat ziet ze dat Tony weer huilt.
Britt gaat op haar knieën voor het bed liggen en streelt Tony door haar haren.
Britt; Meisje, het gaat wel goed komen.Ik ben er voor je, zoals jij er al die tijd voor mij bent geweest. Probeer wat te slapen en dan zien we morgen wel weer verder. Oké?
Tony: Maar als ik wakker word of naar ga dromen mag ik je roepen?
Britt: Dat mag je, maar je moet eerst proberen om in slaap te komen. Welterusten lieverd.
En dan geeft ze Tony eerst een zoentje op haar voorhoofd, en ineens zoenen ze lekaar op de mond. Verschrikt deinst Britt wat terug.
Britt; Sorry Tony, dat ging per ongeluk.
Tony: Maar het is niet erg.
Britt; Voel jij je daar beter van dan?
Tony: Ja.
Britt; Dan krijg je er nog eentje.
En al knielend voor het bed zoenen ze even heel intiem en nu valt Tony gelukkig snel inslaap.
Britt heeft nu een hoofd als een tomaat en gaat snel naar de badkamer, om even water door haar gezicht te doen.
Dan gaat ze ook naar beneden en omhelst Johan langs achteren.
Britt: Ik zie je dolgraag, Johan. Bedankt om er gewoon... om er gewoon voor me te zijn. (glimlachend/dolverliefd)
Johan draait zich om en neemt Britt nu in zijn gespierde armen.
Johan: Ligt ze er lekker in?
Britt: Ja, die slaapt gelukkig. Ze heeft weer veel pijn maar wilde dat niet zeggen vanavond. Zullen we naar bed gaan?
In bed liggen ze heel knus bij elkaar en strelen elkaar vol liefde.
Britt; Johan?
Johan: Ja Britt, wat is er? Gaat het weer een beetje met je? Je had het gisteravond echt weer even heel moeilijk hè?
Britt: Ja, het was wel moeilijk, maar toen jullie er allemaal waren en mij vasthielden had ik het gevoel dat ik toch een stuk sterker ben geworden. Dank je, dat je er steeds voor me bent Johan.
Dan ligt ze even stil een staart voor zich uit.
Johan: Is er nog iets wat je niet lekker zit? Je bent een beetje stil.
Britt; Ik heb Tony gezoend. Je weet wel, zo, echt, op de mond. Eerst ging het per ongeluk maar Tony vond dat heel fijn en toen heb ik haar nog een keer, maar toen bewust, heel lang en innig op de mond gezoend,.
Johan is even verbaasd. Dit had hij niet verwacht. En nog minder had hij verwacht dat Britt het hem zou vertellen.
Britt: Vind je dat erg Johan?
Johan: Ik sta versteld. Ben je verliefd op haar?
Britt: Nee, het ging eerst echt per ongeluk, maar ik zag dat Tony toen een heel stuk rustiger werd en daarom deed ik het nog een keer. Ik ben niet op vrouwen, maar Tony ....
Johan: En hoe voelde het voor jou?
Britt; Gek eigenlijk. Het was vreemd, maar ook weer heel vertrouwd. Het was lekker. Maar jij zoent veel lekkerder hoor.
Johan: Ik weet even niet wat ik moet zeggen of moet doen.
Britt; Wil je me nog wel zoenen nu ik ook Tony heb gezoend?
Johan lijkt even te twijfelen maar draait dan Britt naar zich toe en begint haar vurig te zoenen en weer geniet Britt tot in het puntje van haar tenen.
Johan: Wie kan het beter? Tony of ik? (lachend)
Johan; Jij kunt het veel beter, maar Tony is ook niet slecht. Ik weet niet wat me bezielde, en eerlijk Johan, ik kan je niet beloven dat ik het niet weer zal doen. Ik hoop dat je dat kunt begrijpen?
Johan: Britt, ik vind je goudeerlijk. Ik hou er niet van om belazerd te worden, maar jij verteld het mij open en eerlijk en dat kan ik heel erg waarderen. Als het voor jou en Tony goed voelt en jullie zoenen elkaar af en toe, dan moet je dat maar doen. Als je maar niet alles voor me opmaakt.
Britt; Absoluut niet. Als ik jou zie krijg ik gelijk honger.
En dat was het startschot voor een heftige, intieme nacht.
Op de nieuwjaarsdag kan Britt slechts met moeite wakker worden. Ze geniet nog helemaal na van de nacht met Johan.
In de kamer hoort ze ook al dat de kinderen wakker zijn. Ze ziet naast zich en merkt dat Johan al uit bed is.
Dan doet ze haar ochtendjas aan en loopt ook naar de kamer, maar Johan is er niet.
Britt: Simon, waar is je papa?
Simon: Bij Tony.
Dan loopt Britt naar de logeerkamer en ziet dat Johan bezig is met de verzorging van Tony en dat Tony duidelijk heeft gehuild.
Vlug zet ze zich voor het bed en streelt Tony door de haren.
Britt; Hey, Tony, wat is er? Niet goed geslapen?
Tony: (snotterend) Jawel, maar ik moest zo nodig op toilet en heb geroepen maar niemand hoorde me en toen heb ik in mijn broek gedaan en dat vond ik heel erg. En nu moet Johan alles weer schoon maken en zo, en ....
Britt: Hé, dat geeft niet. Wij zijn wel gewend om dat op te ruimen. Ik vind het naar voor je dat ik je niet heb gehoord. Sorry.
Johan komt net uit de badkamer lopen met een teiltje met warm water. Hij had eerst de natste boel opgeruimd en Tony (met haar toestemming) van onderen gewassen en verzorgd en wilde nu haar toet en armen gaan doen. Hij keek vragend naar Britt die gelijk aanbied om het over te nemen.
Terwijl Britt de verzorging afmaakt praten ze nog even over het zoenen van vannacht.
Tony: Heb je het Johan verteld?
Britt; Ja, ik kon het niet voor me houden.
Tony: En wat zei hij?
Britt; Je zult het niet geloven !!
Tony: Wat dan??
Britt: Hij vind het goed als ik jou zo zoen. Hij vond mij heel eerlijk, en merkte dat jij en ik het allebei nodig hadden, en als jij en ik willen mogen we elkaar best vaker gaan zoenen.
Tony: Dan wil ik er nu nog wel een, want ik voel me kloten.
Ze zoenen elkaar weer even , nu korter, maar wel weer net zo lekker.
Als ze klaar zijn kleed Britt Tony aan en helpt haar in haar rolstoel.
Britt; Hoe is het met je rug?
Tony: Gaat wel. Ik denk dat ik rond de middag terug ga en dan ga ik vanmiddag wel liggen om me wat te ontzien.
Die middag komt Mark van de fysio nog even bij haar om te horen hoe het er mee staat.
Tony: Ik zou willen zeggen: goed, maar dan lieg ik.
Mark: Pijn? Ik dacht het al. Dit korset is gewoon niet stevig genoeg. Je mag het van mij aflaten als je vandaag plat op bed blijft liggen. Morgen ga je over en je wordt liggend vervoerd. Ze zullen wel iets hebben om je te immobiliseren en op het Roessingh hebben ze wel de goede spullen voor je.
Tony: Britt zou je graag nog eens willen zien en spreken. Kan dat nog, ook als ik al weg ben?
Mark: Jawel. Ze kan de afdeling fysio bellen en dan maak ik wel een afspraak met haar.
Slapend en af en toe zachtjes huilend brengt Tony haar laatste dag door in het ziekenhuis.
De andere dag zal ze om tien uur worden opgehaald. Johan had er al naar geïnformeerd en was samen met Britt in een taxi (de auto was immers kapot) naar het ziekenhuis gekomen.
Britt zat nog in het staartje van haar griep en had een mooie rooie neus toen ze binnen kwam.
Tony: (wat suffig, want ze hadden haar kalmeringtabletten gedaan om de lange rit zo rustig mogelijk te doorstaan) Hey, heb je gedronken voor je hier kwam?
Britt; Nog steeds even leuk hè, Tony?
Tony: Wat fijn dat je er nog even bent.
Net dan komt ook Mark binnen en als Britt hem ziet moet ze even naar lucht happen.
Hij stapt op haar toe en geeft haar een hand.
Mark: Dag Britt, ik heb van Tony gehoord dat je me nog wilde spreken?
Britt; Ja. Nee. Of eigenlijk wel, maar ik wist niet dat het nu al was.
Mark: We kunnen het beter nu doen, voor je er straks weer voor over een drempel moet. Loop je even mee?
Britt kijkt Tony en Johan aan die goedkeurend knikken en gaat dan met Mark naar de kantine waar ze een kop koffie gaan doen.
Laat nou van alles wat mogelijk is, Mark heel toevallig een neef zijn van haar Mark, maar dan langs de andere kant van de familie. Zijn moeder was een halfzus van Mark zijn moeder.
Britt: Dat verklaard natuurlijk waarom je zo op hem lijkt.
Mark: Misschien wel. Ja, en die naam? Sorry maar daar kan ik niets aan doen.
Britt; Ik ben ergens toch wel blij dat ik je heb leren kennen. Niet alles is weg, nu Mark is overleden.
Mark: Tony heeft het me gezegd. Ik vind het heel erg voor je. Mark had een lieve en mooie vrouw, als ik zo vrij mag zijn om dat te zeggen.
Britt begint een beetje te blozen: Dank je Mark.
Mark: Als je wilt en als JIJ er aan toe bent kunnen we elkaar wel een keer gaan bezoeken.
Britt; Dat lijkt me fantastisch.
Mark: Maar het is tijd voor Tony. Zullen we samen afscheid gaan nemen?
Britt; Ja, het moet maar (wat behouden)
Mark: Ze komt in heel goede handen Britt, maak je geen zorgen.
Britt: Na Mark zijn overlijden ben ik nogal een zorgenmens geworden.
Mark: Dat maakt het leven zo droevig.
Britt; Samen met Tony probeer ik er weer bovenop te komen, en nu moet ik haar best wel lang missen.
Mark: Dan ga je haar toch een keer bezoeken?
Britt; Dat zal ik zeker doen. Bedankt Mark dat je met me hebt gesproken.
En zo vertrekt Tony voor vijf maanden naar Nederland, maar de reis duurt veel langer dan geplant, want onderweg raakt de ambulance betrokken bij een ernstig ongeval op de autosnelweg.
De inzittenden en Tony lijken geen letsel te hebben opgelopen, maar de ambulance is compleet aan gort gereden en dus moeten ze wachten op nieuw vervoer.
De politiedienst is geïnformeerd over dit transport en besluit om een helikopter op te roepen en zo het vervoer naar het Roessingh te laten door gaan.
Johan had tegen half zeven gebeld of Tony goed was aangekomen en had heel geschrokken gereageerd toen hij het nieuws kreeg over het ongeval en nu zit hij samen met Britt hele gespannen te wachten op verder nieuws, want men had hem beloofd om te bellen zodra Tony was aangekomen.
Rond 8 uur gaat de telefoon en Britt schrikt haast wakker uit een droom.
Johan neemt snel op...
Johan: Van Lancker? Wat zegt u? Hoe gaat het met haar? Ja. Ja. Ja. Oké, bedankt.
Britt zegt niets maar kijkt hoopvol naar Johan die haar gelijk in de armen neemt waarop Britt meteen begint te huilen omdat ze het ergste verwacht.
Johan: Rustig maar Britt. het valt wel mee. Tony had al rugpijn voor ze vertrok. Ze had ook hoofdpijnklachten en dus zijn ze direct doorgevlogen naar het ziekenhuis om een nieuwe MRI te maken. Vannacht blijft ze voor observatie en als alles normaal blijft dan gaat ze morgen naar het Roessingh.
Britt; Echt? Ze heeft niets overgehouden aan dat ongeval?
Dan zien ze in het journaal toevallig net een stuk over een ernstig ongeval dat die middag even voorbij Nijmegen had plaatsgevonden op de A 50. Oorzaak was mogelijk het gaan schuiven van een lading papierrollen op een vrachtwagen, waardoor de wagen was gaan slingeren en er een hele grote chaos was ontstaan. Er waren helaas twee doden te betreuren en meer dan 15 mensen waren gewond geraakt.
Johan voelde dat Britt begon te huiveren.
Johan: Kom lekker dicht bij me Britt. Tony heeft echt een engeltje op haar schouder gehad. Ze is niet gewond geraakt. Gelukkig.
Langzaam komt Britt eindelijk door haar griep heen en begint haar werkzaamheden weer op te pakken.
Nadine heeft afwisselend Merel en Sofie beschikbaar om haar te helpen. Merel heeft nog geen vast korps kunnen vinden om te werken en Sofie slingert nog steeds op aflos tussen de federalen en de lokalen. En zelf vind ze dat wel prima.
Naarmate de tijd verstrijkt krijgt Britt weer meer feeling met haar werk, ofschoon ze Tony nog elke dag mist. Regelmatig denkt ze aan hoe Tony in een bepaalde situatie zou reageren.
Heel het team mist Tony wel een beetje, en iedereen houd daardoor toch wat meer rekening met de gevoelens van Birtt.
Als er een oproep komt voor assistentie bij een zwaar ongeval is Britt met Sofie de enige die aanwezig is, en Nadine twijfelt of ze Britt moet inzetten, of toch liever een van de andere teams terugroepen.
Sofie; Geef haar het voordeel van de twijfel. Door haar steeds te ontzien bouwt ze alleen maar angsten op.
Nadine; Britt, wil jij met Sofie naar dat ongeval gaan?
Britt; Jawel hoor. Ik kan toch niet heel de dag binnen blijven zitten?
Nadine: Het zag er wel ernstig uit volgens transmissie.
Britt; We zullen gaan zien.
En Sofie kan tevreden toezien dat Britt echt haar mannetje wel weer kan staan. Ze doet haar werk met de voor haar bekende precisie en met doortastend optreden. Niet gehinderd door emotie of andere zaken die haar zouden kunnen afleiden.
Na ruim een uur op de ongevalplaats te zijn geweest besluiten ze om naar het ziekenhuis te volgen en de chauffeur van de tweede wagen eens te gaan spreken, want uit de omstanderverhoren hadden ze vernomen dat die wel heel vreemd gedrag had vertoond.
Omdat de artsen in principe klaar zijn met het onderzoek en alleen nog wachten op de uitslagen van het laboratorium, kunnen ze Carl tussendoor verhoren.
Britt vind ook hier zijn gedrag nogal vreemd.
Hij is soms heel traag in het antwoorden, op andere momenten heeft hij al geantwoord voor Britt of Sofie een vraag volledig hebben gesteld.
Britt is niet gerust op de blik in zijn ogen en loopt even naar de zusterspost om te zien of ze de arts kan spreken.
Britt: Dag dokter D'Haes. Britt Michiels, politie Gent. Mag ik u wat vragen? Die jongen van onderzoekkamer drie, die reageert wel wat vreemd, is mij opgevallen. Is hij onder invloed van drank of drugs of zo?
D'Haes: Was het maar zo.
Britt; Wat is er dan mis met hem?
D'Haes: Het zit niet goed bij hem. We hebben foto's van zijn hoofd gemaakt, en we konden er niet goed uitkomen. Daarom hebben we ook een MRI gedaan, blijkt hij een heel snel groeiende tumor in zijn hoofd te hebben. Met een beetje pech haalt hij de lente niet. Zo zonde van zo'n jonge vent.
Britt; Kan dat het ongeval hebben veroorzaakt?
D'Haes; Zeker wel. Hij heeft een geheel blanco geschiedenis en dan ineens zoiets. ik kan er soms gewoon niet bij.
Britt; Ik ben bang dat ik niet alle details snap, en ze waarschijnlijk ook niet goed in mijn verslag kan krijgen, maar mag ik u vragen om een attest op te stellen dat ik aan de procureur kan geven?
D'Haes: Ik zal zorgen dat het morgenochtend bij u op het commissariaat wordt bezorgd.
Britt; Bedankt dokter.
Sofie en Britt gaan nu maar eerst een pauze nemen en ze praten nog wat na over het ongeval en de trieste situatie met Carl.
Sofie: Zo jong en dan dit krijgen.
Britt; Er wordt geen rekening gehouden met je leeftijd.
Sofie: Sorry Britt, ik wilde je niet aanvallen.
Britt; Maar dat deed je toch niet. Iedereen maakt dingen mee in zijn leven die niet eerlijk lijken, of te vroeg komen of de verkeerde mensen raken. Zo is het leven. Ik heb daar ook wel eens heel stug van gebaald, maar ik ben er overheen gegroeid. Ik probeer wat meer in het hier en nu te leven, en te nemen wat er op mijn levenspad komt. Ik heb niet meer van die torenhoge verwachtingen dat alles in het leven perfect moet zijn. Dan wordt het haast onmogelijk om te leven.
Sofie: En gelijk heb je. Maar je mag toch wel wat te wensen overhouden?
Britt; Dat heb ik ook. Ik heb maar drie wensen. En eigenlijk lijkt dat wel weer veel, maar ik troost mij met de gedachte dat ik ook al genoeg shit heb meegemaakt in mijn leven.
Sofie: Wat zijn je wensen Britt?
Britt; Dat ik gelukkig wordt als ik met Johan trouw, dat Dorien gezond blijft en dat Tony weer gezond wordt.
Sofie: Vind ik heel normale en eerlijke wensen. En je doet er niemand mee tekort, want het zijn JOUW wensen. En ik hoop dat ze allemaal uitkomen.
Britt; Ik doe wat ik kan om dat te bereiken, de rest is denk ik mijn bestemming.
Sofie: Hoe is het met Tony? Heb je nog van haar gehoord?
Britt; De eerste vier weken mocht ze geen bezoek. Dat staat zo in de behandelovereenkomst. Ze was ook erg beroerd en had veel pijn schreef ze me. Deze week heeft Johan gebeld en toen klonk ze een beetje somber.
Sofie: Wanneer kun je haar gaan bezoeken?
Britt; Volgend weekend. Ik ben best wel nerveus.
Sofie: Zou ik ook zijn. Maar je klets maar lekker je nervositeit van je af tegen mij aan, als het je helpt tenminste.
Britt; Dank je Sofie.
Het weekeinde is gekomen dat Britt bij Tony op bezoek gaat. Johan had gevraagd of hij mee moest gaan zodat Britt rustig kon nadenken over dingen die ze zou kunnen tegenkomen. en dan zou hij rijden.
Britt had gezegd dat ze het rijden juist een afleiding vond. Ze zou op zaterdagochtend vertrekken, een hotel nemen en dan zondag in de avond weer terugkomen.
Ze moest toegeven dat ze van binnen best wel erg gespannen was.
Simon merkte dat als eerste op. Hij had daar een heel scherp gevoel voor, net als zijn vader.
Simon: Ben je nerveus Britt?
Britt; Ja, best wel. Ik heb haar nu ruim vier weken niet gezien. Ik weet niet hoe ze er aan toe is, en wat ze daar met haar gedaan hebben.
Simon: Tony is heel sterk hoor. Dat zal echt wel goed komen. Doe je haar de groetjes van Dorien en mij? Zeg maar dat we haar graag snel terug willen zien.
Britt; Zal ik doen.
Johan neemt uitgebreid afscheid en wenst haar ook sterkte toe.
Johan: Bel je mij als je over bent?
Britt; Johan, ik ga het heus wel halen hoor.
Johan: Dat weet ik, maar ik hoor zo graag uw stem.
Britt; Daaaag lieverds. Tot morgen.
En zo gaat Brit top weg; de lange weg naar haar beste vriendin.
Aangekomen op het Roessingh schrikt Britt toch wel behoorlijk.
Britt: Tony! Wat is er nu gebeurt?
Je ligt weer in bed. En weer allemaal van die nare stellingen op , om en aan je. Zeg eens?
Tony: Last gehad van die schroeven. Het bot begon ineens heel hard te groeien, vandaar ook die botaanwas. Toen zijn de schroeven eruit gegroeid en hebben ze me geopereerd om alle schroefjes en platen eruit te halen. Toen zijn er twee breuken ontstaan in de gelijmde delen. Die hebben ze opnieuw geplakt en dat zit nu weer vast te groeien. Twee weken strikte bedrust, in tractie.
Britt; Heb je pijn?
Tony: Ja, maar ik kan er tegen, want ik doe het voor een goed doel.
Britt; Goed doel? Je ligt hier toch voor jezelf om beter te worden?
Tony: Ook dat, maar vooral om op tijd beter te zijn voor je bruiloft.
Britt; Maar die is al over zeven weken. Haal je dat?
Tony: Ik zal het toch zeker gaan proberen te halen.
Britt; Gelukkig klinkt je opgewekt.
Tony: Heb drie keer per week gesprekken met een psycholoog. Had het in het begin nogal moeilijk. Ik miste jullie, jou zo, dat ik somber werd. Maar nu gaat het wel wat beter.
Britt: Ik moet je wat vragen Tony, maar ik weet eigenlijk niet goed hoe. En of je het aankunt.
Tony: Vraag maar en dan zien we wel.
Britt; Johan is nogal gelovig en hij wil graag in de kerk trouwen. Na wat er allemaal gebeurt is weet ik niet of ik het aankan. Wat met ik doen? Help me Tony. Ik wil hem zo graag gelukkig maken maar ik weet echt niet of ik dat aan kan.
Tony: Heeft hij ook gezegd welke kerk?
Britt: De Sint Martinuskerk, dat is die waar die tweede moord heeft plaats gevonden.
Tony: Zou je het aankunnen? Het is nu niet je werk, maar je trouwdag.
Britt; Ik zou het zo graag voor Johan willen doen.
Tony: Sluit eens je ogen Britt.
Britt; Waarom dat?
Tony: Sluit ze eens en denk je eens in dat het jouw trouwdag is. Daar loop jij in een prachtige jurk, het mooiste boeket dat je kunt bedenken, en een stralende Johan die smachtend op je wacht. En twee hele blijde kinderen die naast je lopen.
Britt; Wat ziet het er mooi uit. Tony, jij kunt een fantasie levend maken. Je bent geweldig.
Tony: Zie je ook een kerk?
Britt; Ja, en daar is alles heel mooi versierd met witten rozen en witte anjers. Prachtig.
Tony: Ik denk dat je wel weet wat je moet doen.
Britt opent haar ogen en kijkt verlegen lachend naar Tony.
Tony: Zeg het eens Britt?
Britt; Ik wil je bedanken. Ik wil je een zoen geven. Een echte. Zouden ze er hier raar van opkijken?
Tony: Dit is mijn kamer, en ja, ik wil graag een zoen van je. Sorry, maar ik kan hem niet komen halen.
Britt buigt zich naar Tony toen en zoent haar weer op de mond.
Tony: Heerlijk Britt. Wat een bofkont is die Joahn toch.
Britt; Hoezo?
Tony: Dat jijzo fijn kunt zoenen.
Britt: Dat zegt hij ook.
Zo kleppen ze nog een tijdje door, maar tegen half negen in de avond wordt Britt verzocht om afscheid te nemen. Als ze wil kan ze de nadere dag terugkomen, maar nu moet Tony nog een deel na haar avondprogramma draaien, ook in het weekend.
Britt rijdt naar haar hotel, dat ze een paar dagen ervoor geboekt heeft, en belt daar even naar Johan.
Johan: Ey liefje. (verliefd)
Britt: Dag Johan. (zacht)
Johan: Wat scheelt er?! (geschrokken)
Britt: Ik mis je, Johan. Ik mis je... (huilend)
Johan: Wil je dat ik kom? (vriendelijk)
Britt: J...a... (gebroken)
Johan: Ik bel snel Lieve (babysitter) op en ik kom naar jou, oké? (vriendelijk) En Britt?
Britt: Ja? (fluisterend)
Johan: Ga in bed liggen en probeer te slapen. Dan ben ik sneller bij je. Beloof je dat? (vriendelijk)
Britt: Ja... (fluisterend/twijfelend)
Johan: Tot binnen een paar uurtjes, liefje.
Johan legt snel af, belt Lieve, en wanneer die aangekomen is haast hij zich naar Nederland...
Wanneer hij daar aangekomen is haast hij zich naar Britt's kamer in het hotel en ziet dat Britt, gelukkig, de deur op een kier heeft laten staan.
Maar wanneer hij binnenkomt, ziet hij dat alles overhoop ligt en dat Britt niet alleen in bed ligt!!
Johan: Britt? (zacht)
Vreemde Man: Ze is van MIJ, van MIJ, hoor je?! (roepend)
Johan: Britt, antwoord!! (in paniek)
Britt: Hmmm...
De Vreemde Man slaat haar in haar gezicht. Johan ziet dat Britt vastgebonden is aan haar handen en dat ze een oude vod in haar mond heeft.
Johan: Laat haar gaan!! (schreeuwend)
Vreemde Man: GA WEG of ik vermoord haar!!
De Vreemde Man laat een mes zien en gaat ermee over Britt's gezicht.
In Britt's ogen zie je duidelijk haar doodsangst.
Johan: Wat wil je van ons?
Man: Ik wil háár!! Ik droom er al zolang van en ik heb er nu zin in! Ga weg of ik doe haar iets!
Johan: Wat heeft ze jou misdaan? Laat haar los...
Man: nog één stap, en ze gaat eraan!
Johan: OK OK... hou vol lieverd.
Doodsbang gaat Johan naar buiten en verwittigt de politie. Hij zegt dat ze geen sirenes mogen gebruiken en dat de man gewapend is.
Ondertussen in de kamer:
... haalt de vreemde man de vod uit Britt's mond en begint haar te zoenen.
Hij duwt zijn tong in haar mond.
Britt: Hmmmmmm... (kreunend)
Vreemde Man: Je zou me maar beter laten doen, want anders...
De man toont zijn mes...
Juist op het moment dat Britt het niet meer aankan, komt de politie binnengestormd.
De man was zo bezig met Britt dat hij voor niets nog oor had...
Huilend valt Britt bij Johan in de armen...
Johan: Zeg maar niets Britt, bij mij ben je veilig! Het is voorbij!
Maar Britt is gebroken... opnieuw krijgt ze allemaal slechte beelden voor haar ogen...
Britt: Johan, ik wil niet weer zo diep geraken als vorige keer... help me alsjeblieft. Ik wil met je alleen zijn en ik wil je voelen. Alleen zo word ik weer beter.
Johan: weet je zeker Britt?
Britt: (zacht) ja... Als Tony morgen merkt dat er wat met me scheelt, dan gaat ze zelf ook kapot, dat kan ik echt niet hebben. Het moet gedaan zijn Johan! (Luid huilend) Ik wil weer kunnen leven! Ik wil weer kunnen vrijen met jou zonder dat ik bang ben of me schuldig voel! Ik wil weer gewoon op straat kunnen lopen zonder dat iedereen denkt: Arme Britt...
Johan: Daar wil ik je bij helpen mijn lieve schat.
En heel voorzichtig drukt Johan een zoen op Britts lippen...
Maar Britt is volledig in paniek en ze maait met haar armen in het rond...
Britt: Sorry! Ik kan het niet!!
Johan: dat begrijp ik, lieve Britt...
Britt: Sorry sorry (huilend) Het spijt me Johan!
Johan: Hey, kom eens hier...
En Johan sluit Britt in zijn armen. Ze zucht eens luid en begint weer te snikken in zijn armen.
Johan: Lieve schat, ik laat je niet meer los.
Britt: Wat moet ik doen Johan? Wordt het dan nooit meer zoals vroeger?
Johan: Natuurlijk wel... zullen we eerst wat uitrusten? Dan zien we morgen wel weer. Ik hou je heel de nacht in mijn armen als je dat wil.
Britt: (zucht, sluit even haar ogen) Misschien is dat wel een goed idee, ja...
En zachtjes gaan ze op bed liggen. Ze liggen met hun gezichten naar elkaar en Johan houdt Britt stevig vast. Ze kijken elkaar minutenlang in de ogen en Johan streelt voorzichtjes door Britt haar haar. Ze laat het toe en ontspant helemaal.
Ze laat zelfs een kus van Johan toe...
Britt: (zacht) bedankt lieverd... alleen bij jou voel ik me veilig...
Johan: alleen bij jou voel ik mij gelukkig, wat er ook gebeurd, ik wil er voor je kunnen zijn.
Gelukkig heeft Johan zo'n goede invloed op Britt dat ze die nacht toch nog een behoorlijk aantal uren goede slaap kan volmaken.
Johan heeft de roomservice gebeld met het verzoek om het ontbijt op de kamer te brengen zo rond een uur of half twaalf.
Als Britt wakker wordt ziet ze, gelukkig, dat Johan nog naast haar ligt.
Johan: Goedemorgen lief. Heb je nog een beetje kunnen slapen?
Britt; Dankzij jou wel. Ik ben zo blij dat jij gisteren nog bent gekomen. Ik was doodgegaan van de angst als ik alleen was geweest.
Johan: Ik ben ook blij dat ik ben gekomen en dat ik er voor je kon zijn. Maar het is over Britt. Vanaf nu hoef je niet meer bang te zijn. Ik wil mijn leven met ej delen en mijn leven voor je geven. Ik wil dat je gelukkig wordt. Zullen we even een ontbijtje nemen en dan naar Tony gaan?
Britt; Ik kan Tony niet onder ogen komen, die heeft zo in de gaten dat het niet goed gaat met me. Die kan het helemaal niet aan.
Joahn: Ze is je grootste vriendin. Daar moet je dit niet voor verborgen houden. Laat haar deel uit maken van je leven, en van je verdriet. Je zult zien dat je je beter gaat voelen als je met haar kunt delen wat je op je hart hebt.
Britt; Maar Johan, ze heeft het al zo moeilijk. Ik kan haar dit niet aandoen.
Johan; Wat is er dan met Tony dat ze het zo moeilijk heeft?
Britt: De schroeven zijn eruit gehaald. Het bot is heel hard gaan groeien en toen zijn de schroeven eruit gegroeid en daar had ze erge last van. Ze is weer geopereerd en ligt weer in tractie. Ze zei dat het wel ging, wel pijn, maar dat heeft ze er voor over om op onze trouwdag te zijn, maar ik zag aan haar ogen dat ze heel veel pijn heeft.
Johan: Mooi stel zijn jullie. Je voor elkaar maar goed houden en ondertussen heel veel verdriet en pijn hebben.
Britt; Maar Johan,....
Johan neemt Britt in zijn armen: het komt wel goed goed Britt. Ik ben er voor je. Als je straks gedoucht hebt en er klaar voor bent dan ga ik met je mee.
Die middag komen ze rond twee uur aan bij Tony, die net wakker is uit haar middagslaap. Het is zondag dus is er alleen de "noodzakelijke” fysiotherapie geweest. De verdere dag kunnen of mogen de patiënten hun eigen oefeningen doen, of op een ander manier hun dag doorbrengen.
Voor Tony zit er niet veel meer op dan naar het plafond te kijken. Ze ligt immers weer in tractie.
Britt ziet de tranen in Tony's ogen.
Britt: Hey partner, kun je niet zonder mij?
Tony: Goddank Britt, dat je er bent. Ik MOET met je praten.
Britt; Vertel. Ik ben hier niet voor niets gekomen.
Tony: Ik ben zo bang Britt. Ik ben hier nu al zeker, hoelang? Zes of zeven weken? En ik kan nog niet eens zitten. Dat was in Gent allemaal veel beter. Ik wordt niet beter. Ik kan niet meer. Elke dag die pijn en dat afzien en waarvoor? Ik zal nooit meer aan het lopen komen. Ik heb me kapot geoefend om weer fit te zijn voor je trouwdag, maar het lukt me niet.
En huilend slaat ze haar armen uit naar Britt die haar liefdevol opneemt.
Britt; Kalm maar Tony. Je gaat wel beter worden en je gaat ook weer lopen. Dat weet ik gewoon.
Tony: Maar ik lig nu al weer net zo lang plat als toen ik uit mijn coma was. Was ik er maar ingebleven, of beter nog, dood gegaan. Ik kan dit niet meer. Ik ga kapot van de pijn en het verdriet. Help me, laat me eruit gaan. Ik kan niet meer.
Johan ziet dat Britt het ook niet meer aankan en hij neemt Britt bij de schouders en leidt haar bij Tony weg.
Johan: Britt, ga even rustig zitten. Tony, mag ik Britt heel even meenemen, we komen zo weer terug.
Op de gang neemt hij Britt heel stevig in zijn armen en troost haar, want hij weet dat Britt het er heel moeilijk mee heeft.
Na een poosje is Britt wat gekalmeerd en gaat terug naar Tony.
Britt: Tony, ik moet jou ook wat vertellen. Ik hoop dat jij mij kunt helpen. Ik wilde het niet zeggen, maar Johan vind dat ik je het wel moet toevertrouwen.
Tony: Wat is er dan Britt?
Britt; Gisteravond ben ik op mijn hotelkamer overvallen door een man die mij wilde verkrachten. Hij heeft me met een mes bedreigt en hij heeft me getongzoent. Dat was zo smerig en zo goor. Toen kwam Johan binnen en toen heeft die vent zijn mes op mijn gezicht gezet. Ik was zo bang Tony. Ik dacht: ik haal mijn eigen trouwdag niet.
Nu is het Tony die haar krachten voelt groeien en probeert om Britt geruststellend toe te spreken.
Tony: Brittje, waarom jij nu weer? Ik heb helemaal geen tijd om hier te liggen. Ik moet in de been om jou te beschermen. Denk je dat Johan het zolang kan doen tot ik weer op de been ben? Ik wil je helpen Britt.
Britt; Zorg dan dat je weer in de been komt.
Tony: Ik doe mijn best Britt, echt, ik doe mijn best. Morgen ga ik met de revalidatiearts praten en dan zal ik hem zeggen dat ik weer in de been moet zien te komen, goed en snel.
Britt; Goed is oké, maar doe het niet te snel zoadat je een terugslag krijgt. Ik wacht liever een maand langer dan dat ik je weer eens kwijtraak.
Tony: Britt, is het goed als ik je elke dag eventjes bel? Ik moet je gewoon wat vaker kunnen horen of zien. Ik ga soms kapot van heimwee.
Johan: Waarom heb je dat niet eerder gezegd dan? Wij kunnen jou toch ook bellen? En er zijn vast wel collega's die eens in het weekend hierheen willen komen. Iedereen mist je
hoor !! Jullie zijn toch een team? Nou dan, dan helpen we je toch samen weer op de been?
Tony: Zouden jullie dat willen doen (bijna ongelovig)
Britt en Johan: Natuurlijk. Met alle liefde.
En zo, beide enigszins wat positief gestimuleerd, verlaten Britt en Johan het revalidatiecentrum weer en beginnen de terugreis naar Gent.
Het verbaasd Joahn dat Britt onderweg zo spraakzaam is.
Ergens is hij daar wel blij van, want zo zit ze tenminste niet alleen maar te binnenvetten.
Echter eenmaal thuis is ze zo moe dat ze op de bank in slaap valt terwijl Johan het eten klaarmaakt.
Dan eet hij maar alleen met de kinderen, die zich wonderbaarlijk rustig gedragen.
De volgende morgen gaat Britt weer gewoon aan het werk, maar Sofie merkt direct dat er wat met Britt is.
Sofie: Kom op Britt, praat tegen je partner. Ik zie dat er wat is.
Britt; Ik kan het niet zeggen. Nog niet.
Sofie: Dan blijven we binnen tot je het wel hebt gezegd.
Britt; Sofie, begin niet zo tegen mij, anders kun je een andere partner gaan zoeken.
Sofie; Er is dus wel wat aan de hand?
Britt; Als je het zo graag wilt weten: Ja er is wat gebeurt.
Sofie: En vertel je mij dat ook nog?
Britt; Ik ben dit wekeend in de hotelkamer overvallen door een verkrachter. en Johan heeft de politie gebeld en ze hebben hem opgepakt. Zo dat was het.
Sofie: Oké, dat is uit de lucht. En hoe is het met je vriendin?
Britt: Moet je dat ook nog weten voor je aan het werk kunt?
Sofie; Ik ben wel benieuwd.
Britt; Die had erg veel pijn en was bang dat ze niet meer aan het lopen kwam, maar ik heb haar gezegd dat ik dat niet geloof. Morgen gaat ze haar dokter vragen wanneer ze weer uit bed mag.
Sofie: Uit bed? Ik dacht dat ze op reva nooit in bed lagen?
Britt; Ze was weer geopereerd. De schroeven en platen zijn eruit gehaald omdat die allemaal los gingen zitten toen het bot weer begon te groeien.
Sofie: En hoe was het voor jou om haar weer te zien?
Dan wordt Britt stil en krijgt tranen in haar ogen. Ze wil niet huilen maar ze kan het gewoon niet langer binnen houden.
Sofie geeft een zakdoek en een kop koffie aan Britt en leid haar dan mee naar de kleedkamer en laat haar even lekker uithuilen.
Na een poosje legt ze haar hand op Britt haar schouder en vraagt: Gaat het weer een beetje?
Britt; Ja, het gaat wel weer. Dank je Sofie, dat je even naar me hebt geluisterd.
Sofie: Waarom moeten we het altijd uit je slaan als er iets mis is? Meid, je doet jezelf zoveel tekort door het altijd maar weer zelf op te willen lossen.
Britt; Aard van het beestje denk ik.
Sofie: Kan dat beestje dan ook een andere aard aanleren? Ik ben zo bang dat je er ziek van wordt. Ga je hart eens wat meer op je tong dragen Britt. Krop het niet allemaal op. Jij bent zo'n fantastisch mens. Ik zou er niet tegen kunnen om jou te zien lijden. Doe jezelf en Johan en de kinderen dat niet aan.
Britt staat op, zet de koffiebeker weg en slaat haar armen om Sofie heen terwijl net op dat moment Nadine binnenkomt .
Nadine; Ah, hier zijn jullie. Ik ben blij dat jullie elkaar hebben gevonden maar kunnen jullie misschien ook weer aan het werk?
Britt zucht eens hele diep en zegt goedmoedig: Natuurlijk, daarvoor ben ik vanmorgen mijn bed uitgekomen. Zeg het maar.
Nadine; Even meekomen naar het kantoor, daar heb ik nog wat zaken voor jullie liggen.
Britt heeft het toch maar mooi getroffen met deze baas en dit team.
Johan stelt die middag dan ook tevreden dat Britt geene al te ernstige gevolgen heeft overgehouden van deze nare weekend ervaring.
Nadat ze de kinderen met het huiswerk heeft geholpen en Johan de afwas heeft gedaan en de kinderen op bed liggen, hangen ze lekker met zijn tweeën op de bank als de telefoon gaat.
Het is Tony, die het goede nieuws heeft dat ze morgen uit de tractie mag en overmorgen voor het eerst op de statafel mag oefenen.
Britt; Geweldig. Tony, jij gaat dit halen. Dat weet ik zeker.
Tony: Bedankt voor je vertrouwen Britt, en Johan bedankt voor de steun aan jou.
Nu Tony eenmaal weer in het verticale vlak komt gaat ze zienderogen vooruit. Helaas heeft Britt in verband met de voorbereiding op haar trouwdag geen tijd meer om naar Tony toe te gaan, maar ze bellen elkaar zeker drie keer in de week. De overige collega's hebben een bezoekrooster opgesteld, zodat Tony regelmatig iemand over de vloer krijgt om even mee van gedachten te wisselen.
Sofie gaat twee weken voor Britt haar bruiloft bij Tony op bezoek en kan constateren dat het heel goed gaat. Maar ontslag zit er nog niet in. De geplande behandeling duurt nog toch begin juni, en dan heeft ze nog inhaal werk in verband met de opgelopen achterstand door de operaties en ander complicaties die er waren opgetreden.
Tony: Dus ik kan niet bij Britt’s trouwen aanwezig zijn en ik mocht nog wel haar getuige zijn. Nu is ze vast heel boos op mij.
Sofie: Welnee. En jij bent er gewoon bij hoor. Heb je al verlof gevraagd?
Tony: Dat kan toch niet? Ik ben toch in behandeling?
Sofie; En de dokters en broeders en zo gaan ook nooit met verlof? Tuurlijk heb jij recht op verlof. Je moet het alleen wel aanvragen.
Tony: Maar ik wil lopen op Britt haar trouwdag.
Sofie: Dan zou ik maar hard door oefenen anders haal je het niet. Het is nog twaalf dagen.
Tony: Over twaalf dagen al? Dat haal ik nooit.
Sofie: Hoever ben je ermee?
Tony: Ik heb geoefend met een loopbrug, zo'n ding met wieltjes wat meerijd. Dan hoef je niet zo lang te staan. Als het niet gaat dan kun je snel gaan zitten.
Sofie: En je rug? Nog pijn met het lopen?
Tony: Al een heel stuk minder.
Sofie: Ik blijf hier tot woensdag. Dan vraag ik of ik mee mag kijken met je therapie en of ik wat kan doen om je te helpen en dan zorgen we er samen voor dat jij er lopend bij bent op de trouwdag van je vriendin.
Tony: Echt ??
Sofie: Echt.
Tony: En wat zal Britt zeggen als je er morgen niet bent?
Sofie; Die zal gewoon met Merel aan het werk gaan.
Tony: Wat ben ik toch een geluksvogel met zoveel lieve mensen om mij heen.
Sofie: Dat heb je ook meer dan verdient hoor. Jij hebt Britt's leven gered. Moet je niet raar staan te kijken dat er zoveel mensen zo dankbaar zijn.
Op maandag heeft Tony weer behandeloverleg met het team van artsen, fysio en ergotherapeuten en ook de psycholoog is aanwezig.
Tony: Ik wil eerst vragen of ik verlof mag als mijn hartsvriendin gaat trouwen. Voor haar doorsta ik alle moeite en alle pijn En ik ben haar getuige dus ik moet wel aanwezig zijn.
Arts; Geen probleem. Je mag tijdens de duur van je behandeling een week, en verdeeld nog vijf dagen verlof opnemen. Mist je behandeling er niet door stil komt te staan.
Tony: Maar ik wil wel kunnen lopen op die dag. Dat wil ik het cadeau voor Britt laten zijn. Laten zien dat ik zelf weer kan lopen.
Fysio: Dan moeten we hier niet zolang blijven zitten maar aan de slag. Kom op Tony, aan het werk.
*
Tony kijkt superblij.
Tony: Mag ik Britt eerst even bellen? Zeggen dat ik kan komen?Maar ze kon Britt niet te pakken krijgen en dus probeerde ze Johan te bereiken.
Tony: Johan, ik heb goed nieuws. Ik mag van de artsen hier weg om naar jullie bruiloft te komen.
Johan: Maar dat is geweldig. Wat zal Britt verrast zijn. Wil ik het haar al vertellen of ga je haar ECHT verrassen.
Tony: Dat lijkt me nog mooier. Jij weet het al wel, maar ik kom pas in het gemeentehuis. Oh, ze zal echt verrast zijn. Johan ik heb zo'n zin om te komen.
Johan: Hoe kom je? Moet ik vervoer voor je regelen?
Tony: Nadine haalt me op uit het revalidatiecentrum en ik mag met Sofie meerijden naar het gemeentehuis.
Johan: Tony, ik ben heel blij voor je, en voor Britt.
Tony: Maar vast niet blijer dan ik. Ik ga nu snel, ik moet nog oefenen, maar tot heel gauw hoor. En eh, niks zeggen tegen Britt.
Johan kon met moeite zijn lachen laten. Die Tony. Had het toch maar weer mooi klaargespeeld om WEL op tijd weer in de been te zijn. En Britt zou ogen op stokjes krijgen als Tony toch aanwezig zou zijn op deze speciale dag.
Johan nam de middag vrij van het werk want hij wilde nog wel deze en gene informeren over het "onverwachte" bezoek van Tony.
Hij informeerde ook de ambtenaar van de burgerlijke stand dat de belangrijkste getuige ook echt op het laatste moment zou verschijnen. Nadat hij een en ander had uitgelegd kon die er wel in mee gaan.
De laatste dagen voor de trouw werd Britt alsmaar nerveuzer. Dorien kon er bijna niet meer tegen.
Dorien: Mama, doe toch eens normaal. Je bent straks een bonk zenuwen als je gaat trouwen. Straks weet je niet meer wat je moet zeggen als ze vragen of je met Johan wilt trouwen.
Britt: Ach Dorien. Ik ben zo zenuwachtig. Doe ik er wel goed aan? Zal papa het me niet kwalijk nemen?
Dorien: Ho, wacht even. We zijn in het hier en nu hoor. Papa kan je niet meer horen.
Britt; Maar ik mag het hem toch wel vragen?
Dorien: Wordt eens wakker. Natuurlijk vind hij het wel goed. Het word tijd dat je weer eens gaat leven.
Britt snapt er niks meer van wat haar dochter zegt . Verslagen gaat ze op de bank zitten en snakt naar adem.
Simon zet zich naast haar en legt een arm om haar heen.
Britt: Vind jij ook dat ik gek doe?
Simon: Welnee, je bent gewoon heel erg zenuwachtig, maar ik denk dat dat wel normaal is hoor, als je gaat trouwen.
Britt; Jou vader is niet nerveus.
Simon: Maar die is zo verliefd, die weet niet meer wat nerveus is.
Britt; Ik vind het zo jammer dat Tony er niet bij kan zijn.
Simon: Maar ze kan je toch wel bellen of op de computer met zo'n webcam, dan kan je haar ook zien, en zij jou.
Britt; Moet ik dat ook nog regelen? Oh, God, dat gaat nooit goed.
Simon: Rustig maar Britt. We zullen wel zien hoe het gaat lopen. (De kinderen wisten ook al van de verrassing van Tony)
Tony doet nog even extra haar best om zo goed mogelijk te kunnen lopen. Helemaal zonder hulp lukt het nog niet en als ze ook maar iets te vermoeid wordt dan mist ze echt nog wel de kracht. Na de nodige peptalk van de psycholoog en de fysiotherapeut kan ze zich er in vinden dat ze gewoon met krukken gaat lopen als dat nodig is, en als het goed gaat kan ze proberen of het met een kruk ook lukt.
Dan is het woensdag namiddag en komt Nadine om haar op te halen. Ook Tony is zo nerveus dat ze heel de terugweg maar door blijft praten. In Gent echter houd ze plots stil.
Nadine; Wat is er Tony?
Tony: Oh God, hier is het allemaal gebeurt (en ze begint bijkans te hyperventileren.)
Nadine; Rustig Tony. Dat is al lang geleden. Het is nu bijna over. Jij hebt het gehaald. Je kan weer terug lopen en wij hebben je baan veilig gesteld, dus als je wilt kun je weer bij ons terugkomen. Wat zeg je ervan?
Tony hapt nog een paar keer, tevergeefs, naar lucht en valt dan flauw in de wagen.
Nadine zet de auto bij haar voor de deur stil en tikt Tony zachtjes in het gezicht.
Tony: Mmmmmmmmmm, niet doen (slaapdronken)
Nadine: We zijn er Tony. Je blijft vannacht bij mij logeren en morgen komt Sofie je ophalen voor de bruiloft.
Tony wordt al weer iets wakkerder.
Tony: Sorry, Nadine. (zacht)
Nadine: Het geeft niets, meisje. (glimlachend)
De volgende dag... DE DAG
Britt is van de zenuwen al heel vroeg wakker. Haar wangen zijn nu al vuurrood van de opwinding.
Johan kijkt haar eens slaperig aan en begint haar een beetje te plagen.
Johan: Britt, ga toch nog even slapen, het is nog zo vroeg.
Britt; Johan, we moeten straks naar het stadhuis, hoe kun jij zo rustig doen?
Johan: Ach, ik heb het al eerder gedaan. Het stelt niet veel voor.
Britt begint zomaar spontaan te huilen.
Johan: Sorry Britt, ik was een beetje aan het plagen, maar je moet je niet zo druk maken. Het gaat heus allemaal wel goed komen vandaag.
Britt; Maar ik heb Tony niet meer gesproken en zij is mijn getuigen en ik weet niet eens of ze komt en, en, en,
Johan: Je moeder is toch ook getuige? Die kan toch ook tekenen?
Britt; Maar dat is niet hetzelfde.
Johan; We zullen straks even bellen naar Tony, oké? Kom nog even dicht bij me liggen , zo stiekem zonder dat we getrouwd zijn.
Maar Britt kan zich helemaal niet ontspannen en dus ziet Joahn geen andere mogelijkheid dan haar eens flink te kietelen.
Even kan Britt er om lachen maar ook dat word haar teveel.
Johan: Brittje, toe nou. Je bent zo gespannen. Straks krijg je niets mee van je eigen bruiloft.
Britt; Hou me gewoon even vast. Veilig in je armen. Ik wil je voelen en je even kunnen ruiken.
En dan draait ze zich tegen zijn borstkas aan en gaat zachtjes snikkend tegen hem aanliggen.
Johan: Ben je niet gelukkig Britt? Wil je liever niet trouwen? Denk je weer aan Mark?
Britt: Ook dat. En ik wil wel trouwen, maar ik weet het niet meer. Ik ben ook zo bang.
Johan: Waarvoor ben je bang?
Britt: Dat ik geen goede echtgenote voor je zal zijn.
Johan: Maak het nou !! jij bent het beste wat ik me kan wensen. Met jou wil ik mijn leven delen, en samen met jou wil ik oud worden en onze kleinkinderen zien opgroeien
Britt; Onze kleinkinderen? We hebben geen eens samen kinderen.
Johan: Zou je dat graag willen Britt? Een kindje van ons samen?
Britt: Daar vraag je me wat. Daar kan ik je nu nog niet op antwoorden. Houd me maar gewoon heel stevig vast, voor ik mij bedenk, want eigenlijk wil ik dat niet. Ik bedoel: ik wil niet bij je weg.
Johan: Probeer nog een beetje te rusten, het is nog maar half vijf. Als je om zeven uur opstaat ben je nog ruim op tijd.
En omdat Johan zo'n goede uitwerking op haar heeft slaapt Britt gelukkig zo weer in, en wordt pas wakker als de kinderen haar om half acht een ontbijtje op bed brengen.
Samen zitten ze nog een half uurtje lekker met elkaar te kleppen en dan gaat Britt toch maar het bed uit. Lekker lang en heet douchen en dan haar mooie nieuwe pakje aan. Ze had het speciaal voor vandaag gekocht en Johan had het nog niet gezien, maar als ze klaar is en de kamer binnen loopt, valt zijn mond wijd open.
Johan; Britt, wat prachtig !! Oh, wat heb je je mooi gemaakt. En dat allemaal voor mij? Kom, ik kan niet wachten tot we getrouwd zijn, ik wil je nu reeds kussen.
Britt: Dan zul je je zoentje wel moeten komen halen.
En zo staan ze innig te zoenen in de kamer als de deurbel gaat. Het is oma José, die Britt's eerste getuige is. Ook zij weet van de verrassing van Tony maar laat niets los.
Als tegen tien uur alle genodigde gasten aanwezig zijn, kijkt Britt wat sipjes de kamer in. Alle dierbaren zijn aanwezig, behalve Tony. En Sofie is er ook nog niet, maar Nadine zegt dat die vanmorgen nog een oproep heeft gehad en heeft toegezegd rechtstreeks naar het stadhuis te komen zo snel ze gedaan is.
Dan vertrekt de stoet naar het stadhuis en loopt de trouwzaal binnen.
Eerst zal het officiële gedeelte worden voltroken in het stadhuis, het trouwen voor de wet, en daarna zal er op verzoek van Johan, ook een kerkelijke huwelijksinzegening plaatsvinden in de Sint Martinuskerk.
Terwijl Britt en Johan in de deftige stoelen worden geplaatst vult de zaal zich met de vele gasten die allemaal graag getuige wilden zijn van Britt en Johan's huwelijksvoltrekking. Britt hield wat nerveus Johan;s hand vast.
Johan fluisterde haar in dat het allemaal goed was.
Britt sloot haar ogen en zuchtte eens diep. Ze dacht even aan Mark en sprak in gedachten nog even met hem. Toen kreeg ze een glimlach op haar gezicht en keek weer naar Johan.
Britt; Hij zegt dat het goed is, als ik weer ga trouwen. Ik moet doorgaan met mijn leven.
Johan buigt zich naar Britt toe en fluistert haar weer in het oor: Dank je Mark. Ik beloof je dat ik heel goed voor haar zal zorgen. Maak u geen zorgen..
Nu schieten Britt de tranen uit de ogen en haar moeder reikt haar snel een zakdoekje aan, die Johan aanneemt en voorzichtig haar tranen dept.
Johan: Sorry, ik wilde je niet laten huilen, ik wilde hem alleen bedanken dat hij jou je vrijheid heeft gegeven.
Britt; Johan, ik ben zo blij. Zo blij dat ik dit eindelijk kan. Ik wil met jou gelukkig zijn.
Dan begint de ambtenaar van de burgerlijke stand met het doornemen van de formaliteiten: het noemen van namen en geboortedata van de aanstaande echtelieden, het noemen van de ouders van beiden, en uiteraard het benoemen van de getuigen. En weer even moet Britt slikken als Tony's naam genoemd wordt, maar die er helaas niet bij kan zijn.
Wat Britt echter nog niet door heeft , is dat Sofie en Tony inmiddels ook binnen zijn gekomen en Tony nu heel langzaam, met een kruk naar voren loopt en schuin achter Britt gaat staan en een hand op haar schouder legt.
Britt slaakt een gil van de schrik en kijkt om, en kijkt recht in de ogen van ...............Tony !!
Britt; TONY !?!?!?
Tony: Ja, ik ben toch maar gekomen. Ik kan je niet zomaar laten vertrekken naar de armen van je geliefde, daar wilde ik wel zelf bij zijn, en daarbij, volgens mij was ik uitgenodigd om je getuige te mogen zijn.
Britt gebaard dat er vlug iemand een stoel bij moet zetten zodat Tony kan gaan zitten.
Dan voelt ze Johan's hand zacht een kneepje geven. Ze kijkt hem aan en merkt zijn vette knipoog op.
Britt; Jij wist ervan? En je hebt niets gezegd?
José: Wij wisten er allemaal van. Dit was een grote verrassing voor je, en dat wilden we graag zo houden. Maar nu is ze er gelukkig.
Britt; Mijn dag kan niet meer stuk.
Dan, als alle consternatie een beetje over is, voltrekt de ambtenaar het wettelijke huwelijk en kunnen Britt en Johan officieel als man en vrouw, in het echt verbonden voor de wet, het stadhuis verlaten en hun opwachting maken in de kerk.
Tony zit bij hun in de auto en merkt dat Britt met het naderen van de kerk weer steeds nerveuzer word.
Tony: Sluit weer even je ogen Britt, en denk even aan wat ik een booste geleden tegen je zei. Beeld je eens in hoe het eruit ziet.
Ter ondersteuning neemt ze Britt haar hand en geeft er een fijn kneepje in.
Alhoewel het voor Britt even heel moeilijk was is ook de kerkdienst een heel mooi gebeuren en zo verlaten een heel gelukkige Britt en Johan de kerk en gaan ze met alle genodigden naar een restaurant waar er een uitgebreide koffietafel plaats vind en later in de middag een officiële receptie voor genodigden. Zowel vanuit Britt als Johan's werk komen er heel veel bezoekers. Af en toe wordt het Britt ook even teveel. Ze is heel gelukkig, maar het is zo vermoeiden al die handjes schudden, en ze heeft haast nog geen tijd gehad om met Tony te praten.
Die is in al die drukte ook al even met Sofie weer weggeweest om wat te rusten, maar tegen het einde van de receptie is ze gelukkig weer aanwezig.
Als het officiële gedeelte voorbij is, wordt er lekker gedineerd door Britt, Johan, de kinderen de ouders/schoonouders en getuigen en enkele speciale gasten onder wie uiteraard Tony, Nadine, Sofie en nog een paar close vrienden van Britt en Johan.
Om half tien wordt er nogmaals koffie geschonken en daarna ais het feest echt over.
Nu nemen Britt en Johan van iedereen afscheid en na een half uurtje zijn nog enkel zij en Tony, Sofie en Nadine in de zaal.
Britt: Wat ben ik gelukkig, Johan. (dolverliefd)
Britt geeft Johan een innige en lange zoen.
Sofie, Tony en Nadine knipogen even naar elkaar en glimlachen. Ze zien dat zowel Britt als Johan heel erg gelukkig zijn. Maar ze besluiten dan ook om weg te gaan. Tony moet natuurlijk nog veel rusten... En ze willen het pas getrouwde paar toch een plezante nacht gunnen.
Ze nemen afscheid en Britt en Tony omhelzen elkaar lang.
Britt: Tony, ik weet echt niet wat ik moet zeggen... Het is zo fantastisch dat je hier nu voor me bent!
Tony: Ik had het beloofd hé meid!
Britt: Je bent echt nummer 1!
Tony: Tot morgen eens!
Britt: Zeker weten!
Ze verlaten alle drie de zaal en Johan en Britt besluiten ook om naar huis te gaan.
Wanneer ze aankomen bij hun huis, en uitgestapt zijn, geeft Johan Britt een lange kus, voor de voordeur.
Britt: Johan, jij maakt me zo gelukkig...
Johan: Jij mij ook lieverd. Mag ik je nu, als in de sprookjes, over de drempel dragen?
Britt: De hele dag is al een sprookje!
Johan: Dan moet hij ook zo afgerond worden.
En Johan tilt Britt, die hem stevig vastpakt rond zijn nek en hem voortdurend kussen geeft, op en draagt haar naar binnen. (De rest van de avond en nacht belooft heel gezellig te worden! De kinderen zijn mee met de ouders van Johan.)
Johan: En wat is mevrouw Michiels-Van Lancker nu nog van plan?
Britt: Michiels-Van Lancker... vind je het niet erg als ik de naam Michiels ook nog behoud?
Johan: Waarom zou ik dat erg vinden? Je weet dat ik heel veel begrip heb voor Mark en het grote deel van je leven met Mark. Maak je geen zorgen lief...
Britt: Bedankt...
het is even stil...
Britt: Wel dan is mevrouw Michiels-Van Lancker niet van plan om al direct te slapen...
Johan: hazo... En wat wil deze dame dan precies gaan doen?
Britt: Misschien wel samen met meneer Van Lancker genieten van dit prille geluk?
Johan: En waar moet ik nu in godsnaam meneer Van Lancker gaan vinden? (plagend)
Britt: Johan...(glimlachend).
Johan neemt Britt bij haar middel en leidt haar mee naar de slaapkamer...
Johan doet zijn pak uit en staat in no-time in zijn adamskostuum voor Britt. Die is bezig om haar deftige pakje netjes uit te doen en op een hangertje te hangen.
Speciaal voor deze bijzondere dag had ze heel pikante lingerie gekocht en nu begint ze voor de ogen van Johan zich daar langzaam van te ontdoen.
Johan raakt erg opgewonden, hij moet bijna hijgen. Britt geniet intens van Johan’s belangstelling. Dan stapt Johan op haar af en helpt haar met het sluitinkje van haar BH. Hij neemt haar op zijn armen en Britt slaat haar benen stevig om zijn middel. Dan loopt Johan naar het bed en legt Britt heel voorzichtig op de nieuwe satijnen lakens, die hij deze ochtend op het bed had gedaan.
Samen gaan ze zachtjes en voorzichtig liggen en kijken elkaar lang, en diep in de ogen.
Johan: Hoe was de dag voor jou Britt? Heb ik je een beetje gelukkig kunnen maken?
Britt; Je hebt me de gelukkigste vrouw van de wereld gemaakt Johan. Ik was vanmorgen zo bloednerveus. Ik dacht: Dat haal ik niet, maar dankzij jou zijn we er toch gekomen. En wat een geweldige verrassing dat Tony er was. Ik wist het vanaf dat ze bij was gekomen uit haar coma, dat ze het zou halen en dat ze op onze trouwdag zou zijn. En heb je gezien hoe goed het lopen al gaat?
Joahn: Ik ben heel blij voor je dat het goed is gekomen met haar. En ik hoop dat jullie straks ook weer samen gaan werken. Maar ik hoop dat deze nacht voor mij is?
Britt: Deze. En alle nachten die nog volgen, als ik niet hoef te werken dan.
Johan drukt zachte kusjes op Britt haar borsten en zij begint helemaal te rillen van genot. Hun handen beginnen elkaars lijven af te tasten alsof ze op zoek zijn naar iets heel bijzonders, iets heel kwetsbaars. Britt kreunt het uit van genot en Johan heeft de nacht van zijn leven. Niet een, niet twee, niet drie keer, maar zelfs vier keer komen ze samen tot een geweldig hoogtepunt. En na een korte pauze herhalen ze alles nog eens, en weer schieten de sterren door het plafond. Nu kan Britt het ook niet meer zachtjes aan doen en ze gilt het uit. Even is Johan beduusd en vraagt hij zich af of hij haar misschien pijn heeft gedaan, maar als hij "wat gas terug neemt" hijgt Britt hem toe dat hij door moet gaan en opnieuw komen ze samen tot een megahoogtepunt en compleet afgemat vallen ze beiden in elkaars armen in slaap.
De volgende ochtend is Joahn als eerste wakker en maakt een ontbijtje voor hun twee klaar om dat weer mee te nemen naar de slaapkamer en samen met Britt in bed te ontbijten.
Als Britt haar ogen opent voelt ze zich ineens spuugmisselijk. Ze rent naar de badkamer en kotst zich finaal leeg.
Joahn: (bezorgd) Britt, je gaat nu toch niet ziek worden? We vertrekken om vier uur voor onze huwelijksreis.
Britt; Sorry. Nee ik word niet ziek. Ik was even misselijk.
Johan: Alles goed dan?
Britt: Ja, ik denk het wel.
Echter in haar achterhoofd speelt de gedachte dat ze vannacht wel heel erg veel en intensief hebben gevreeën en ze is wel een beetje bang dat ..... " Nee, dat kan niet". Ze had trouw de pil genomen, en (meestal) vreeën ze heel voorzichtig, maar gisteren hadden ze wel veel haast gehad om in bed te komen. "Zou dan toch....?"
Johan: Kom je even terug in bed lief?
En Britt nestelt zich weer lekker warm tegen Johan aan.
Britt; Dus we gaan ook nog op huwelijksreis? Maar ik heb helemaal geen vakantie opgenomen.
Johan: Maar ik wel, ook voor jou. We hebben twee weken vrij, maar ik dacht dat je ook wel wat tijd met de kinderen zou willen dus we gaan nu met zijn tweeën voor 10 dagen lekker weg, en als we terug zijn dan hebben we nog mooi bijna een hele week met de kinderen, waar jij maar wilt.
Britt; In het huisje van mijn moeder. Als ze dat goed vind.
Johan: Ik begin u dus al aardig te kennen. Maar je moeder heeft al toegezegd. Dan komt die naar hier en kunnen wij mooi in haar huisje.
Britt; Wat heb ik toch een schat van een man.
Rond de middag komt Tony ook nog even langs.
Ze praat er in en eruit met Britt. Over hoe mooi de bruiloft was, en hoe groot de verrassing op Britt haar gezicht toen ze haar ineens zag staan en zag lopen.
Tony: En jullie huwelijksnacht? Die was toch op zijn minst héééel bijzonder??
Britt; Héééél bijzonder, mag je wel zeggen. Oh Tony, zo had ik nog nooit genoten.
Tony: Stop maar, ik hoef geen details. Ik zie aan je ogen wat je bedoeld.
Britt; En vanmorgen was ik ineens hondsberoerd.
Tony: Hoe komt dat dan?
Britt; Ik dacht eerst dat ik zwanger was geworden, maar dat kan niet. Normaal gebruik ik de pil en we vrijen altijd heel voorzichtig en zo, maar gisteren...
Tony: Britt ben je ....
Britt; Ik weet het niet. Ik hoop het niet, of misschien ...
Tony ziet de vertwijfeling bij Britt en legt troostend een hand op Britt haar schouder.
Britt: Wat moet ik doen als het we zo is?
Tony: Het zou te vroeg zijn om het nu al te weten. Denk er rustig over na, praat erover met Johan en dan zal je met een paar weken wel merken of je het bent of niet. En dan kun je altijd nog met je arts overleggen.
Britt; Jij bent ook steeds zo nuchter en zo verstandig gebleven. Gelukkig ben je er helemaal goed doorgekomen, door dat stomme ongeval.
Tony: Maar ik had ook een hele goede coach. En ik ben zo blij voor je Britt.
Ik moet maandag terug. En dan denk ik nog een week of vier of vijf en dan ben ik daar klaar. En hopelijk kan ik dan hier doorgaan met fysiotherapie en sporttherapie en mag ik nog voor de zomer weer aan het werk.
Britt; Ik hoop zo dat je er snel weer bent. Ik mis je, echt, elke dag.
Tony: Ga nu maar eerst lekker op vakantie en geniet fijn van elkaar. Stuur je me nog een kaartje? Dat zou ik heel leuk en bemoedigend vinden.
Britt: Weet jij ook al van die vakantie? Johan?
Johan :Ja lief?
Britt; Iedereen lijkt hier van alles op de hoogt te zijn behalve ik.
Johan: Ik heb je alles verteld wat je vooraf mocht weten, maar blijkbaar was je zo gespannen dat je niet alles hebt meegekregen.
Tony: Heel veel plezier daar samen, en ik wens jullie nogmaals een heel gelukkig en gezond leven samen.
Britt staat op en neemt Tony in haar armen. Ze merkt dat Tony nog wat wankel staat.
Britt: Gaata het wel Tony?
Tony: (sniffend) Ja, een beetje geëmotioneerd.
Britt; Ik wil jou heel erg bedanken voor die superverrassing. Jij hebt een heel groot aandeel geleverd in het geweldig slagen van onze trouwdag. En ik zal je eeuwig dankbaar blijven dat je mijn leven hebt gered. Kom, ik wil je een hele dikke knuffel geven.
En samen staan ze daar in elkaars armen te janken. Beiden overmand door, goede, emoties.
Snel schiet Johan wat foto's, steekt dan de camera in zijn tas en neemt de koffers op om te vertrekken naar het vliegveld. Onderweg zullen ze Tony nog bij Sofie langsbrengen en dan gaan ze lekker op vakantie: naar Balie.
Tony keert in de zondag terug naar het revalidatiecentrum en oogst veel bekijks van haar medepatiënten en vooral ook van de verzorgende staf.
Op maandag moet ze voor het behandelteam weer de nodig tests afleggen een ze laat een ieder versteld staan van de vorderingen die ze de afgelopen dagen heeft gemaakt.
Haar krachten zijn veel sterker nu. Haar coördinatie verloopt een stuk beter en ze hoeft bij lange na niet meer zo zwaar te concentreren als ze beweegt. Het gaat bijna als vanzelf.
Arts; Ik denk dat het tijd wordt dat je zonder korset gaat oefenen. Wel een lumbal belt om, even als overgang, maar die zul je, als ik je zo zie, ook wel binnen een maand kwijt zijn. Met je benen gaat het ook goed? Geen zwakte als je wat langer moet staan? Of bibberen?
Tony: Mijn benen trillen soms nog wel en dan ben ik wel bang dat ik val, maar ik ben nog niet gevallen.
Arts: Dan zullen we de instrumentenmaker eens vragen om langs te komen. Vandaag je gewone programma volgen, morgen ochtend eerst zwemmen, dat moet je blijven doen, zeker twee keer in de week, ook als je straks weer volledig hersteld bent. Je rug zal dat nodig blijven hebben. Jij bent een grote mazzelkont geweest mevrouw Dierickx, dat je zo uit dat ongeval bent gekomen. Chapeau voor je doorzettingsvermogen.
Tony: Ach, ik heb mijn leven lang al moetje knokken, ik denk dat ik dat dus wel een beetje kan.
Arts: Dan heb je de rest van deze week geen programma, maar ga je samen met de fysio, de ergo en de instrumenten maker bezig om waar nodig de aanpassingen te laten maken.
Komend wenkend krijg je weer verlof en dan zie ik je volgende week woensdag en dan zullen we eens serieus moet praten over hoe en of we hier nog veel voor je kunnen doen, of dat onze collega’s daar in België het weer kunnen overnemen.
Tony: Echt?? Mag ik bijna weg? Jullie zijn keigaaf. Ik ga heel goed mijn best doen.
Arts: Dat heb je al die tijd al gedaan. Zo hebben we er hier maar heel weinig gehad. Ik zal jou niet zo snel vergeten.
En Tony oefent nog even heel stug door. Samen met de fysio en de instrumentenmaker krijgt ze en paar tijdelijke hulpmiddelen aangemeten, zoals een thorax-lendesteun, die ze onder haar kleding kan dragen, en die de krachten wat opvangt; ook krijgt ze kniebandages die zorgen dat de knieën niet volledig gestrekt en dus ook niet overstrekt kunnnen raken. En ze krijgt wat hulpmiddelen die ze moet gebruiken als ze op een stoel zit, of als ze gaat liggen slapen.
De komende week kan ze ze op het Roesingh nog uitproberen, en als alles door staf en patiënt is gekeurd en goed bevonden, mag Tony, geheel tegen de verwachting in, nog voor de oorspronkelijke ontslagdatum terug naar haar eigenste Gent. Aldaar zal haar fysiotherapeut uit het ziekenhuis de begeleiding weer op zich nemen.
Als Britt na haar huwelijksreis weer terug is en nog samen met Johan en de kinderen een paar daagjes naar het strand is geweest, begint voor haar het gewone werken ook weer.
Op dinsdag, als alle drukte een beetje voorbij is, want iedereen wilde natuurlijk weten hoe de huwelijksreis is geweest, zit ze aan haar desk een paar oude rapporten na te lezen als ze ineens op haar schouder wordt getikt.
Britt valt dus letterlijk van haar stoel als ze Tony achter zich ziet staan.
Tony: Sorry, ik kan je dus nog niet helpen opstaan, maar als je wilt kan ik je wel met die dossiers helpen.
Britt; TONY ?!?!??
Tony: Ja, ik dacht wel dat ik het zelf was.
Britt; Wat doe jij hier?
Tony: Ik werk hier toch? En ik mocht van Nadine terug komen.
Britt; Da's geweldig. Kom, eerst pauze houden. Ik moet je zoveel vertellen. En jij hebt mij veel te vertellen. Ben je al klaar met je programma daar in het revalidatiecentrum?
Tony: Ja, klaar, gekeurd en goed bevonden. Ik mag hier doorgaan met de fysio en van Nadine mag ik af en toe eens aan komen waaien om mij weer een beetje thuis te gaan voelen.
In de Combi praten ze erin en eruit over de vakantie, het getrouwd zijn, over de harde en moeilijke tijden die Tony tijdens de reva had gehad, over de angsten die Britt had gehad toen Tony dat ongeval net had gehad.
Maar bovenal zijn ze blij dat ze elkaar weer gezond en wel in de armen kunnen sluiten.
Tony: En, hoe is het met ... (knikkend naar Britt's buik)?
Britt; Ik ben bang van wel. Nog niet ongesteld geworden.
Tony: Wat zegt Johan ervan?
Britt :Hij vind het prachtig dat ik zwanger ben geworden. Zo hebben we ook een kindje van ons samen, zegt hij. Maar hij weet ook dat ik het hel moeilijk vind. Helemaal weer overnieuw beginnen. En met Dorien ben ik zo ziek geweest. En mijn eerst zwangerschap heb ik een miskraam gehad. Alles speelt weer door mijn hoofd.
Tony: Kies je voor je zwangerschap dan?
Britt krijgt nu wat tranen in haar ogen.
Tony: Hé, niet huilen hoor.
Britt; Ik weet niet wat ik moet doen. Ik ben ook zo blij dat we iets van ons samen hebben, maar ...
Tony legt haar arm om Britt heen en trekt haar wat naar zich toe. Ze snapt het dilemma waar Britt in zit.
Britt; Ik weet niet wat ik moet doen.
Tony: Heb je al een arts gezien hiervoor?
Britt; Ja, en omdat ik niet meer zo piepjong ben hebben ze ook al een echo gemaakt.
Tony: Hoever ben je?
Britt: Acht weken.
Tony: Ah, dus jullie waren al gelukkig gezegend voor je ging trouwen?
Britt; Daar lijkt het wel op.
Tony: Ik denk dat ik heel blij voor je ben.
Britt; Denk je dat?
Tony: Ik vind het leuk dat het gelukt is, maar ik begrijp ook je twijfel. Maar wat je ook beslist Britt, ik sta vierkant achter je.
Britt; Dank je Tony. Jij bent een echte vriendin.
Tony: Ik voelde gewoon dat ik terug moest komen. En ik ben heel blij weer hier te zijn.
Britt; Och, shit, het is al half drie. Wat zal Nadine straks kwaad zijn.
Tony: Laten we dan maar vlug weer om gaan.
Britt; Jij loopt behoorlijk goed voor iemand die vanaf de zevende borstwervel verlamd zou blijven (lachend)
Tony: Ja, dat vind ik eigenlijk ook wel. Ik heb nog wel wat hulpmiddelen maar die kun je gelukkig niet zien, en die hoef ik ook maar kort te gebruiken. Nog een paar weken en alles is weer bij het oude.
Onderweg naar het commissariaat knalt een op de stoep fietsende puber tegen Tony aan, die gelijk vreselijk een keel opzet.
Britt; Nog een paar weken? Zo te horen ben je al weer helemaal de oude. Alles goed gegaan? Geen pijn?
Tony: Nee, gelukkig niet. Kom, ik zal Nadine ook eens verrassen.
En inderdaad Nadine is ook blij verrast met Tony's terugkeer.
Nadine: Dan ziet het er naar uit dat ik straks twee teams rijker ben. Ik zal alleen even moeten zien hoe ik dat aanpak.
Britt; Twee teams?
Nadine; Ja,ik heb ook Merel en Sofie nog ter beschikking.
Tony: Eindelijk gerechtigheid. Eindelijk eens een paar goede damesteams in dit mannen bolwerk.
Ben: Hela, Dierickx, ge zijt toch niet teruggekomen om ons hier het werk weg te nemen wel?
Tony: Nee, hoor, jij hebt je eigen werk, en ik ben er om jou te plagen en wat in de gaten te houden
Ben: Welkom terug dan, grootmond. Ik ben blij dat je er weer bent.
Na het werk gaat Britt in opperbeste stemming naar huis en valt breed lachend Johan in de armen.
Johan :Dag allerliefste lief van mij. Hoe was je dag?
Britt; Helemaal te gek. Tony is terug.
Johan :Maar dat is fantastisch. Jij zeker helemaal gelukkig?
Britt; Beter kan niet. En het gaat heel goed met haar. Over een paar weken kan ze weer helemaal terug operationeel zijn.
Johan neemt Britt in zijn armen en kust haar breedvoerig.
Britt; Ik ben zo blij.
Na het eten hangen ze met zijn tweeën wat op de bank. Johan zi tdat Britt aan het denken is.
Johan :Het is de zwangerschap, is het niet Britt? Je weet niet wat je er mee aan moet?
Britt; (huilend) Nee, ik weet het niet. Ik ben heel blij nu is gebleken dat ik je kind kan dragen maar na alles wat ik heb meegemaakte, die eerste miskraam, die moeilijkheden tijdens de zwangerschap na Dorien, ik ben zo bang Johan.
Johan :Wil je het laten weghalen?
Britt; Dat kan toch niet? Jij gelooft toch ook in het leven? Van de kerk is abortus niet toegestaan, en ik heb je bij onze trouw beloofd jou keuze voor de kerk te respecteren.
Johan :Maar ik wil niet dat jij je gaat opofferen voor een zwangerschap Britt. Ik wil je gezond houden. En als het niet anders kan, dan zonder kind. We hebben Dorien en we hebben Simon en we zijn toch zo ook heel gelukkig met elkaar?
Britt; Ja, maar ...
Johan :Geen gemaar. Als jij het niet kan dan maken we een afspraak bij de dokter.
Britt; Kan ik er nog een weekje of zo over denken?
Johan: Tot wanneer kan een abortus veilig gebeuren?
Britt; Tot 16 weken.
Johan :Dan heb je nog bijna acht weken. Denk er heel goed over na, en alsjeblieft praat erover. Met Tony, met Sofie of Nadine maar ook met mij. Ga er niet in je eentje je kop op zitten breken. Deel het met ons.
Britt neemt hem in haar armen en kust hem dankbaar. Dan kroelt ze zich helemaal op en ligt zo’n beetje bij hem op schoot.
Johan; Willen we eens lekker vroeg naar bed gaan vanavond?
Britt; Heerlijk, gewoon lekker bij elkaar liggen, jou weer dicht bij me voelen. Dat vind ik zo fijn.
Diep in de nacht wordt Johan wakker door een onbestemd gevoel. Hij kijkt naast zich en ziet dat Britt uit bed is. Even luistert hij of hij haar hoort, maar het is verder stil in huis. Dan gaat hij het bed uit om naar toilet te gaan en treft in de badkamer een huilende Britt aan, weggedoken in een hoekje van de doucheruimte.
Johan: Britt, wat is er? Heb je pijn? Ben je angstig?
Hij bukt zich en wil Britt haar gezicht wat opheffen zodat hij in haar ogen kan zien, en ziet dan dat Britt helemaal besmeurd is met bloed.
Johan: Oh, God, Britt. Gaat het? Wacht, ik bel snel een ambulance.
Snel belt hij en rent dan terug naar de badkamer. Hij helpt Britt om op te staan en brengt haar terug op bed. Britt ligt dubbel geklapt van de pijn, de tranen stromen rijkelijk over haar wangen.
Na een kleine tien minuten is de ambulance er en wordt Britt meegenomen naar het ziekenhuis.
De dienstdoende gynaecoloog komt al snel met de diagnose: spontane abortus. Na een echo moet hij constateren dat slechts een deel van het vruchtje is afgestoten en dat het andere deel nog in de baarmoederwand zit.
Arts: Het spijt me mevrouw Van Lancker.
Johan: Ze heeft haar eigene naam gehouden, het is mevrouw Michiels.
Arts: Sorry, mevrouw Michiels. We zullen een curettage moeten doen om dat stukje van het vruchtje ook weg te nemen anders kan de baarmoeder zich niet meer samentrekken en zult u leegbloeden. Meneer, u kunt in de wachtkamer plaatsnemen. We zullen de operatie direct uitvoeren.
Het lijkt allemaal wat langs Britt heen te gaan. Bij binnenkomst hadden ze haar al direct een kalmeringsmiddel gespoten en dat begon nu zijn werk te doen.
In de gang belt Johan lichtelijk in paniek naar Tony en verteld wat er is gebeurt.
Tony overdenkt zich geen moment, werkt zich het bed uit, in haar orthesen en haast zich naar het ziekenhuis om Johan en Britt bij te staan.
Als Tony een half uur later binnenkomt ziet ze dat Johan heel erg heeft gehuild. Ze gaat bij hem zitten en neemt zijn hoofd op haar schouder en begint hem te troosten.
Johan: Ze wist nog niet wat ze wilde. Ze was zo bang voor die zwangerschap. We hadden het erover gehad dat ze het kon laten weghalen. Ze moest niet zwanger zijn van mij. Maar toen ik vannacht wakker werd en haar zo zag, Tony, het deed mij zo pijn om haar zo te zien. Wat heb ik haar aangedaan om haar zwanger te maken?
Tony: Jullie zijn verliefd op elkaar. Jullie hebben de liefde bedreven en Britt was zwanger geworden. Daar is niet mis mee. Het is alleen zo jammer dat het zo is gelopen. Hoe lang zijn ze la met haar bezig?
Johan : Bijna een uur nou.
Tony: Dan denk ik dat ze zo wel klaar zijn. Hoe laat is het nu inmiddels?
Johan keek op zijn horloge en zag dat het al bijna zes uur in de ochtend was.
Na nog een kwartiertje komt de arts bij hun en vraagt of ze meelopen naar de zaal waar Britt inmiddels heen is gebracht.
Ze ligt er wit en zwakjes bij. Ze heeft nog een zuurstofmaskertje voor en een infuus met bloed. Het zweet staat op haar voorhoofd en ze is maar half bij haar positieven.
Wel merkt ze dat er mensen zijn die haar handen vasthouden en met moeite opent ze haar ogen en ziet Johan en Tony naast haar bed staan.
Dan begint ze gelijk weer te huilen.
Tony: Stil maar Britt. Het gaat weer goed komen met je.
Britt; Maar ik ben ons kindje verloren. Nu hebben we niks meer.
Johan :Maar ik heb jou, en dat is me veel belangrijker.
Britt; Sorry Johan, ik heb alleen aan mezelf gedacht. Al dat gedoe met bang zijn voor de zwangerschap en zo. Dit is mijn verdiende loon.
Tony: Britt, zo moet je niet praten. Ga lekker rusten nu. Slaap wat en dan komen wij later in de dag weer bij je langs. Oké?
En zuchtend onder het verdriet sluit Britt haar ogen weer en valt weer in slaap.
Tony en Johan verlaten samen het ziekenhuis en Tony gaat met Johan mee naar huis om de kinderen in te lichten.
Dorien vind het heel erg dat Britt het kindje is verloren. Simon ook, maar die uit het niet.
Tony: Simon, je mag wel zeggen wat je er van vind.
Simon: Ik vind het kloten. Ze waren zo gelukkig samen, en ik weet wel dat Britt niet wist of ze het kindje wilde, maar dan hoeft het toch niet zo te gebeuren?
Tony: Nee, dat hoeft niet, maar zo is het helaas wel gegaan. Maar Brit zal jullie nodig hebben. Laat haar weten dat het niet haar schuld is is, dat je haar nog steeds heel lief hebt.
Dorien: Dat hebben we toch altijd?
Johan :Maar ze moet het nu wat vaker horen.
Simon: Papa, ik vind het voor jou ook heel erg. Sorry dat het gebeurt is.
Later die dag gaan Johan en Tony nog eens samen naar het ziekenhuis. Britt ligt er verslagen bij. Ze heeft veel bloed verloren en voelt zich zo slap als een dweil.
Het zuurstof is af en nu krijgt ze ook geen bloedtransfusie meer, maar wel nog heeft ze een waakinfuus.
Als ze Johan ziet begint ze gelijk weer te huilen.
Tony wacht op de gang en geeft Johan en Britt ruim de tijd om met elkaar te praten.
Na een poosje haalt Johan Tony op.
Tony: Zijn jullie klaar dan al?
Johan :Wij zijn nooit klaar met elkaar. Ik heb haar gezegd dat ik er altijd voor haar zal zijn, en dat dit niet haar schuld is, maar daar gelooft ze zelf nog niet zo in. Kun jij haar dat duidelijk maken?
Tony: Britt, lieverd, wat vind ik het erg wat er is gebeurt.
Britt; Allemaal mijn schuld, omdat ik geen zwangerschap aandurfde.
Tony: Nee, Britt, dit is geen zaak van schuld of onschuld. De artsen hebben je onderzocht en gezien dat jij een vleesboom had in je baarmoeder en dat daarom het vruchtje niet goed kon nestelen. Het is een stomme speling geweest van de natuur.
Britt; Dus het is niet mijn schuld?
Johan :Nee, Britt, jij hebt geen schuld.
Britt; Johan wil je mij even hele dicht tegen je aanhouden? Ik voel me zo koud en zo leeg. Help me, geef me kracht en geef me warmte.
En Johan slaat liefdevol zijn armen om Britt heen en troost haar als ze weer begint te huilen.
Tony legt ook bemoedigend een hand op Britt haar schouder en moet zelf ook een paar traantjes wegpinken.
Na een poosje komt de arts binnen.
Arts: Mevrouw Michiels, het spijt me zo het is gelopen, maar die vleesboom heeft het probleem veroorzaakt, die hebben we bij de curettage direct weggenoen. Wellicht kunt u in de toekomst wel weer zwanger worden, maar u zult zich moeten beraden gezien uw leeftijd. Ik zeg duidelijk dat een zwangerschap, indien gewenst, WEL mogelijk is. Maar liever niet het eerste jaar. Verder mag u wat mij betreft vandaag het ziekenhuis verlaten. Blijf nog even een weekje bij huis om weer wat aan te sterken. Ik zal u medicatie meegeven om uw ijzergehalte wat omhoog te krijgen en dan zie ik u over twee weken op controle op de poli.
Blij, maar toch enigszins aangeslagen verlaat Britt het ziekenhuis.
Thuis zit ze nog ene paar dagen echt in een dip. Ze vraagt zich regelmatig af of hoe ze zou hebben gereageerd als de zwangerschap wel goed zou zijn verlopen. Maar dat is een vraag waar ze dus geen antwoord op krijgt.
Ze heeft veel steun van Johan en de kinderen, en ook Tony komt regelmatig aan om haar een hart onder de riem te steken. Na twee weken, en na controle bij de gynaecoloog mag Britt haar werk weer hervatten en het eerste wat ze mag doen is samen met Tony naar de politieschool omdat ze beiden hoognodig moeten werken aan hun fitheid, omdat de politiedienst net dit voorjaar met een hele waslijst met kwalificatie-eisen voor haar personeel op de proppen was gekomen. En om eerlijk te zijn, ze waren dan wel hele de dag actief, maar echt fit?
Tony: Kom op Britt, we zullen ze eens een poepje laten ruiken.
Britt; Reken maar van yes. Ik kan ze daar nog wel wat leren.
Tony: Fijn om te zien dat je er weer bent Britt.
Britt; Fijn om jou weer naast me te hebben Tony. Ik dacht maar zo, streep onder het verleden, en laat vandaag het begin zijn van de rest van ons leven en onze carrière.
Tony: Wat een wijze woorden, van een hele wijze vrouw.
En lachend beginnen ze aan hun rondjes op de sportbaan bij de OPAC.
Maar na een half rondje begeeft Britt het al en zakt ze zwak neer op de grond...
Ze begint gelijk te huilen en ziet het als bewijs dat ze er nog lang niet is. MaarTony, die met de dag fitter en sterker wordt, helpt haar overeind. Nu rennen ze niet meer maar wandelen in een stevig tempo nog een half uur door over de baan. Langzaam voert Tony het tempo wat op en zo gaan ze toch nog in een redelijke draf hun oefeningen volbrengen.
Tony heeft helemaal de slag van het sporten te pakken, en ze moet ook nog elke week twee keer gaan zwemmen en dus troont ze Britt ook mee naar het zwembad.
Daar kan Britt het beter volhouden, alhoewel ze dat wel moet bekopen met een verkoudheid.
Na zo'n twee weken begint Britt het resultaat van de noeste arbeid te ervaren. Ze voelt zich fitter, heeft meer kracht en ook een heel stuk betere uithoudingsvermogen.
Tony moet op dinsdag nog voor haar eindkeuring na haar ziekte, en Britt moet woensdag haar fitheidstest doen.
Ze ziet er wel tegenop, maar aangemoedigd door Tony slaagt ze met glans.
Na een heerlijke hete douche gaan ze eerst lunchen en dan op weg naar het commissariaat, maar terwijl ze daar heen lopen zien ze een knaap van een jaar of twintig wild om zich heen kijkend, de straat over sprinten. Een winkeleigenaar loopt er hijgend achteraan te roepen: Hij heeft de recette gestolen.
Vlug zetten Britt en Tony de achtervolging in. Bij de bocht moet Tony uitwijken voor een auto, verstapt zich en valt vloekend naar de grond. Maar Britt doet haar naam eer aan: Rotweiler Michiels heeft vast en laat niet meer gaan. Ze heeft de knaap getackeld en geboeid en neemt hem mee, naar waar ze Tony uit het oog is verloren.
Vlug roept ze assistentie in om de knaap op te laten halen terwijl ze zelf met Tony terug loopt naar het commissariaat.
Nadine; Oei, gaat het Tony?
Tony: Dat verdomde crapuul ! En dan die sukkel die met zijn auto aan kwam scheuren. Maar gelukkig heeft mijn partner hier hem kunnen aanhouden. Is het tenminste niet voor niets geweest.
Britt; Kom Tony, even koelen en dan zal ik er een verband om doen en dan kun je met je pootje hoog gaan zitten vanmiddag.
Voor "noodgevallen" had Tony nog haar krukken op het bureau laten staan en zo kan ze zich nog een beetje verplaatsen.
Als ze terugkomen in het teamlokaal zit heel de groep hen op te wachten.
Britt; Wat is hier aan de hand? Wordt er niet meer gewerkt?
Sel: Soms nog wel, maar we willen jullie even heel erg welkom terug heten. Goed begin, meteen die overvaller oppakken. Hij had een aardig bedrag gegapt en de winkelier wil jullie bedanken dat je die knaap hebt opgepakt.
Tony: Ik zei toch dat het toch nog ergens goed voor was?
Nadine: Tony, Britt? Komen jullie even in mijn kantoor?
Britt; Wat zal die hebben ? Het ging toch volgens boekje?
Tony: Waarom maak jij je direct ongerust als ze ons in het kantoor vraagt?
Britt; Ik weet niet. Aangeleerd denk ik?
Tony: Kom, laten we gaan, dan zijn we er ook zo van af.
Nadine: Bon, dames, ga even zitten. Koffie? Thee? Of liever iets sterkers?
Tony: We zijn nog in dienst.
Nadine: Per nu hebben jullie je vrije avond.
Tony: Toch maar een thee, medicijnen weet je wel?
Nadinon: Hoe lang nog?
Tony: Ik denk nog een week of twee tot drie.
Nadine; En Britt?
Britt: Huh? Wat zeg je?
Nadine; Wat wil je drinken?
Britt; Koffie graag, dank je.
Als Nadine terug is en ze allemaal wat te drinken hebben komt er een groot en lijvig dossier op tafel te liggen. Britt krijgt gelijk weer de schrik te pakken. Ze herkende het uit duizenden. Dit was het dossier waar alle ellende van de afgelopen twee jaar in zat. De hele Dashi toestanden, vanaf hun allereerste confrontatie, en van de Kerkmoorden, tot zijn dood, het oppakken van zijn handlangers, de ontvoering van Dorien, de aanslagen op Britt en op Tony.
Nadine ziet de schik bij Britt. Ook Tony ontgaat het niet.
Tony: Ca va, Britt?
Britt; Moet dit hier blijven? Ik kan het niet meer zien. Ik word er nog misselijk van.
Nadine; Ik heb jullie uitgenodigd om aan te geven wat mij betreft dat het hele dossier gesloten kan worden. Als jullie niets meer hebben toe te voegen wil ik het sluiten en overdragen aan de procureur.
Britt; Niets liever dan dat. Het is dus echt nu allemaal over?? (ongelovig)
Tony: Echt Britt. Dikke streep eronder, zoals jij laatst al aangaf. Weg met dat dossier en weg met die Dashi. Nooit meer. Nooit meer zo iets ergs. Wij hebben ons portie wel gehad. Ik ben de heer zo blij dat het gelukkig allemaal goed is gekomen, maar ik hoef het ook echt niet nog ook maar een dag langer te zien.
Britt: Mag ik het kort nog eens inkijken?
Nadine; Zou je dat wel doen Britt? Het heeft zoveel invloed gehad op je leven.
Tony: Britt, ik denk...
Britt; Als je bij me blijft, wil ik een paar korte stukjes nog eens na gaan zien, en dan mag het van mij ook echt weg.
Tony: Nadine mogen we er even hier mee blijven zitten?
Nadine; Ik ga wel even naar jou desk Britt. Ik wacht daar wel op je.
Maar eenmaal Nadine uit het kantoor is durft Britt het dossier niet eens te openen. Ze begint al bijna te hyperventileren.
Tony: Waarom zei je dan dat je het nog eens wilde inzien?
Britt; Ik moest zeker zijn dat hij dood is.
Tony: Dat is hij. Ik stond er bij toen hij zijn geweer in zijn mond stak en de trekker overhaalde.
Britt begint nu heel hard te huilen en voelt letterlijk alle ellende na de voorbije jaren als een wervelwind door haar hoofd stromen.
Tony neemt haar in haar armen en troost haar. Ze pakt haar zakdoek en reikt die Britt aan die er haar tranen mee afdoet en hem ook nog even volsnotterd.
Britt; Tony? Ik wil het niet meer zien. Ik wil dat het over is, voorbij, weg en nooit mee terug.
Tony: Dan laten we het dossier dicht en vragen Nadine om het over te dragen. Is dat goed voor jou?
Britt; Dank je Tony dat je door die hele shitzooi heen steeds bij me bent gebleven. Alleen had ik het niet gered.
Tony: Hey, waar zijn we anders partners voor?
Britt: Partners? (en ze steekt haar hand uit naar Tony)
Tony: Partners?? Vrienden door dik en dun, en vrienden voor het leven.
En dan valt ze Britt om de hals en begint haar uitbundig te kussen.
Tony: Het is echt voorbij Britt. Doe die rommel weg en begin je leven met Dorien en Johan en Simon opnieuw te leven. Dit is JOUW leven, en niemand heeft het recht zich daar zomaar in te mengen. (en zachtjes er achter aan: Zelfs ik niet)
Britt; Dat heb ik wel gehoord hoor. Maar jij hoort ook bij mijn leven, en je mag je er rustig inmengen.
Tony: Dat zou wat ver gaan, maar ik ben heel blij dat je mij zoveel vertrouwen geeft. Dank je Britt.
Britt; Dank jou Tony.
En weer eens zoenen ze elkaar en ondertussen is ook Nadine weer binnen gekomen.
Nadine; Klaar dan dames? Dan doe ik het nu direct weg. Gelukkig Britt is er nu een heel zwaar en moeilijk hoofdstuk voor je afgesloten. Ik hoop dat je nog wel de puf hebt om hier bij ons te blijven want jij bent een lichtend voorbeeld voor je collega's: je doortastendheid, je standvastigheid en vooral je moed en doorzettingsvermogen. Ik wil je niet kwijt.
Britt; Dat komt dan mooi uit, want ik wil nu eindelijk wel eens doen waarvoor ik van de federalen uiteindelijk naar hier ben gekomen: politieagent zijn en misdaden oplossen.
Nadine; Hoor je dat Tony? Onvermoeibaar.
Mag ik dus beide dames ook terug welkom heten, net als de rest die daar buiten staat en ook niets doet?
Maar buiten hadden ze mooi staan meeluisteren en terwijl Nadine demonstratief het dossier dichtklapt en in een grote postenveloppe stopt stijgt er een luid applaus op uit het teamlokaal.
Wilfried heeft snel een paar boeketten bloemen bij Lidy gehaald en overhandigd die nu aan Britt en Tony, en hij geeft hun er ook een paar zoenen bij. Ook Wilfried oogst een applaus voor zijn daden.
Nadine;Kom, het werk is af, we gaan jullie vrijheid vieren. Ik heb het Pakhuis gereserveerd en daar worden we over een half uurtje verwacht, allemaal.
Die avond hebben ze een enorm groot feest. Alle collega's zijn aanwezig,Johan en de kinderen, de vrouwen/vriendinnen van hun collega's, zelfs de zonechef en de burgermeester laten zich zien en brengen hun felicitaties en goede wensen over aan Britt en Tony.
Hondsmoe maar dolgelukkig gaan Britt en Tony die avond naar huis.
Tony slaapt al als ze amper de voordeur binnen is en rolt zo op de bank en slaapt daar heel de nacht.
Britt zijgt neer op de bank en nestelt zich lekker tegen Johan aan. Hij neemt haar mee naar de slaapkamer en ze liggen nog een hele tijd van elkaar te genieten in bed.
Johan voelt gewoon aan zijn Britt, dat het over is, dat ze het heeft losgelaten. "Gelukkig" denkt hij. Hij geeft haar nog een hele fijne nachtzoen en valt al snel in slaap.
Ook Britt is zich bewust van het afronden van de hele toestand en volgt Johan's voorbeeld.
Echt, voor het eerst in hele lange tijd, valt Britt heel rustig, zonder angsten in slap. En ze slaapt de nacht van haar leven.
Alleen maar slapen, zelfs geen ruimte om te dromen, ook niet over haar Johan. Maar dan, die ziet ze de andere morgen als eerste weer als ze haar ogen opent.
En met een heel tevreden glimlach op haar gezicht valt ook Britt in slaap.
E I N D E
Vervolgverhaal van flikken verhalen
|