  OP
HET SCHERP VAN DE SNEDE
- Met Sofie voorlopig buiten dienst wegens een dienstongeval, had Nadine Tony
terug gevraagd om met Britt te komen weken.
- Als vanouds konden die twee weer heel goed met elkaar overweg.
- Britt; Alles goed met de kleine?
- Tony: Prima. Ik had het wel moeilijk om haar los te laten, maar ik miste het
werk ook wel een beetje, en jou wel een beetje veel.
- Britt; Ik vind het fijn om weer samen met u te werken. Ik hoop alleen niet
dat Sofie zo lang hinder zal houden van dat ongeval.
- Tony: Werk je liever met haar dan?
- Britt; Tony, niet van die moeilijke vragen stellen. Ik vind het fijn om met
jullie allebei te werken, maar toen Sofie dat ongeval had ben ik wel heel erg
geschrokken. Ze zag er nogal gehavend uit. Toen ik vorige week bij haar was
kon ze amper nog maar op de benen staan. Ze heeft nog heel veel pijn.
- Tony: Ja, zo'n vrachtwagen geeft nou eenmaal niet veel mee als je daar tegen
zo'n 70 kilometer tegenop knalt.
- Britt: Inderdaad.
- Tony: Zal ze er nog lang last van hebben?
- Britt: Dat weet ik niet, maar dat zal niet in 1, 2, 3 over zijn, vrees ik.
- Tony: Zullen we haar vanavond eens gaan bezoeken?
- Britt: Ja, lijkt me leuk.
- Dan roept Vanbruane hen voor een nieuwe opdracht...
- Britt: We komen. (glimlachend)
- Vanbruane knikt goedkeurend. Wanneer ze in haar kantoortje zitten :
- Vanbruane: Britt, jij gaat undercover.
- Britt: Hoho niet zo snel mag ik misschien eerst even weten wat voor opdracht
het is dan kan ik daarna beslissen of ik undercover ga.
- Nadine: Wel, er schijnen weer veel vrouwen illegaal het land binnen te komen
.
- Britt; Nee.
- Nadine; Wat nee?
- Britt; Ik doe het niet.
- Nadine: Hoe weet jij nu wat ik ga vragen?
- Britt; Vast en zeker om te infiltreren in zo'n bende en me dan laten
verhuren aan die vieze venten die niet met hun poten van de vrouwen af kunnen
blijven.
- Nadine; En toch zal je moeten. Hoe anders denk je dat we er achter komen wie
die vrouwen ronselt in het buitenland? Je denkt toch niet dat ik Ben op pad
kan sturen?
- Tony: Waarom niet? Hij kan toch de pooier spelen?
- Nadine; Niet zo bij de hand Dierickx.Hij zal misschien de vrouwen mogen
wegbrengen, maar we moeten weten wie die vrouwen uit het buitenland ophaalt.
- Tony: Zijn er al meldingen van vermissingen?
- Nadine: Hoeveel wil je er hebben?
- Britt; Maar ik doe het niet (resoluut)
- Nadine; Michiels, ik wou voor een keer dat je eens zonder commentaar je
opdrachten kon aannemen.
- Britt; Maar, maar , ik heb een dochter van amper tien jaar in huis. Je denkt
toch niet dat ik mij ga lopen verhoeren?
- Tony: Wat klinkt dat ordinair.
- Britt; Het is ook ordinair (en boos loopt ze het kantoor uit, een verbaasde
Nadine en Tony achterlatend)
- Na een poosje gaat Tony Britt zoeken en vind haar in de kleedkamers. Ze
heeft blijkbaar zitten huilen want haar ogen glanzen nog helemaal en ze zien
ook wat rood.
- Tony: Hey, wat is er nou?
- Britt; Ik ga niet de hoer uithangen als ze dat soms denkt.
- Tony: Het is wel wat genuanceerder dan dat hoor. Je moet zien te infiltreren
en dan proberen met de baas aan te leggen zodat hij je gaat vertellen wat hij
gaat doen en waar hij de vrouwen vandaan haalt.
- Britt; We kunnen toch ook die vrouwen vragen waar ze vandaan komen?
- Tony: Dat gaat nogal moeilijk. Er zijn er twaalf als vermist opgegeven bij
Interpol en er zijn twee lijken gevonden die nog niet geďdentificeerd zijn.
- Britt; Nog een reden waarom ik het niet ga doen. Ik ga niet het risico lopen
om vermoord te worden.
- Tony: We weten niet of dat ook vrouwen zijn die zijn geronseld om hier in de
prostitutie te gaan werken.
- Britt: Kan ze het zelf niet gaan doen?
- Tony: Britt, jij hebt ervaring met dit soort situaties. En jij hebt heel
snel door hoe dingen in elkaar zitten. Met een beetje geluk zijn we er met een
week doorheen.
- Britt: Maar ...
- Tony: Je doet het niet alleen. Ik kan je misschien helpen. Je krijgt de
nieuwste afluisterapparatuur mee, en ik sta constant met je in contact. En als
jij het niet vertrouwd Britt, dan geef je een code door en wordt je
weggehaald.
- Britt zuchtte alleen maar. Ze kon er niets meer tegenin brengen. Ze sloot
haar ogen en dacht na over die vorige keer dat ze bezig waren geweest met die
vrouwenhandel. Die keer toen er op Tony was geschoten en die bijna het leven
had gelaten. Ze hadden uiteindelijk de verantwoordelijken wel op kunnen pakken
en bestraffen, maar blijkbaar was dat niet afschrikwekkend genoeg geweest.
Opnieuw was er een bende die zich toelegde op de handel in vrouwen maar nu
puur voor eigen gewin door de vrouwen te dwingen in de prostitutie te gaan
werken om hun komst naar hier te betalen.
- Britt: Oke... (zuchtend)
- Nadine: (die net binnenkwam): Dus je doet het? (vriendelijk)
- Britt: Ik zal geen andere keuze hebben, he. (snauwend)
- Nadine geeft nog even alle informatie die Britt nodig heeft en dan moet ze
al meteen naar het huis van die pooier gaan...
- Daar aangekomen zet Tony haar af en rijdt snel verder, zodat niemand haar
kan zien en later eventueel herkennen...
- Britt twijfelt even, maar gaat dan het huis binnen...
- Britt: Hallo? Is daar iemand?
- Stem: Hier komen jij. Ogen dicht en achterwaarts naar binnenlopen.
- Britt: Maar dan zie ik niets
- En WHAM !! daar heeft ze al een klap in haar nek te pakken en zakt in
elkaar.
- Ze wordt opgeraapt en meegenomen naar een slechtverlichte kamer. Niet dat ze
daar iets van ziet want ze wordt gelijk geblinddoekt en haar handen worden op
haar rug gebonden en ze krijgt een vod in haar mond geduwd.
- Als ze na een poosje weer bij kennis komt merkt ze dat ze vast ligt en haar
ogen zijn afgedekt.
- Er zit iemand naast haar die haar het vod uit de mond haalt.
- Een mannenstem begint tegen haar te praten.
- Stem: Waar was je? Ik had gezegd één uur. Kom je hier pas om drie uur
aanzetten.
- Britt; Ik kon niet eerder.
- Stem: Ben je van de politie?
- Britt; Zeg, als ik van de politie was had ik jullie wel opgepakt. Je denkt
toch niet dat....
- Stem: Mond houden. Jij gaat nu naar mij luisteren en als je niet luistert
dan...
- Britt: Wat dan?
- Maar dat had ze beter niet kunnen vragen want ineens voelt ze iets kouds
langs haar keel glijden. Het prikt een beetje en dan voelt ze iets warms over
haar hals lopen. Ivan heeft zijn vlijmscherpe mes even ter kennismaking over
haar keel gehaald.
- Ze begint wat in paniek te raken.
- Britt; Maak me los !! Hoe moet ik je nu helpen als je me zo vastbind?
- Stem: Jij gaat luisteren naar Ivan, begrepen??
- Britt; (zachtjes prevelend) Ja.
- Ivan: Ik hoor je niet.
- Britt; Ja.
- Dan krijgt ze een slag in haar gezicht.
- Ivan: Ik ben je baas en jij zult mij gehoorzamen.
- Op dit moment had Britt al spijt dat ze had toegezegd om deze opdracht uit
te voeren. Van binnen was ze kwaad op zichzelf.
- Ivan: Dus wat ga jij doen?
- Britt: Luisteren. Mag ik nu los?
- Ivan zet Britt ruw overeind maar laat de blinddoek voor en haar handen
blijven vastgebonden op haar rug zitten.
- Britt durft zich amper te verroeren uit angst dat Ivan weer begint te slaan.
Maar als ze voor haar gevoel al minstens een uur zo heeft gezeten krijgt ze
kramp in haar benen en dat doet vreselijk pijn. Ze probeert wat te gaan
verzitten maar dat lukt niet. Dan wordt de kramp zo erg dat ze begint te
gillen en inderdaad, gelijk heeft ze een schop te pakken.
- Britt; Laat me dan ook los. Ik heb kramp. Ik kan zo niet blijven zitten.
- Ivan: Ik ga jou wegbrengen. Jij maakt iedereen bang met jou gillen.
- En BENG daar heeft ze weer een slag te pakken en valt weer flauw. Ze wordt
opgepakt door twee mannen en in een bestelbusje gegooid die via de
achteruitgang het gebouw verlaat.
- In het bestelbusje wordt ze wakker en kijkt ze verward om zich heen...
- Britt: Waar brengen jullie me naartoe? (snikkend)
- Ivan (die naast haar zat, met zijn handen rond haar lichaam, op intieme
plekken) : Naar ons geheim plekje, waar je alle regeltjes krijgt. (gemeen
glimlachend)
- Britt: Nee, ik wil niet. Jij zou mij zeggen wat mijn taak is en dan zou ik
helpen die vrouwen naar hier te krijgen.
- Ivan: Ik ben ook maar een man en zoiets moois laat ik echt niet zomaar gaan
hoor.
- Britt: Maar ik doe het niet en blijf van me af.
- Als ze zijn toegekomen op de plaats van bestemming krijgt Britt weer een zak
over haar hoofd zodat ze niet kan zien waar ze is. Ze hoopt zo dat Tony haar
is blijven volgen met haar moderne opsporingsapparatuur. Ze voelt zich
behoorlijk onzeker over haar positie op dit moment.
- Eenmaal binnen worden eerst haar handen losgemaakt, maar nog voor ze even
haar polsen kan wrijven wordt ze opnieuw vastgebonden. Dit keer krijgt ze
grote klemmen om haar polsen en komt ze met een ketting aan een paal vast te
zitten. Ze kan nu staan, of zitten , of kleine rondjes lopen, maar verder dan
drie meter komt ze niet bij de paal vandaan.
- Dan haalt Ivan de zak van haar hoofd. Britt schrikt als ze de man ziet. Hij
ziet er afstotelijk uit. Zijn gezicht is een en al lidteken.
- Ivan: Wat kijk je? Nooit gezien hoe iemand eruit ziet nadat de politie met
je gedaan heeft?
- Britt; Wat is er gebeurt?
- Ivan grijpt haar gezicht en drukt met zijn stalen vingers heel hard in Britt
haar wangen. Ze begint gelijk te huilen van de pijn.
- Ivan; Kop houden. Heb ik de verkeerde hier gekregen? Mens, wat een
huilebalk.
- Britt; (moeizaam pratend) Je doet me pijn.
- Dan haalt Ivan zijn mes weer tevoorschijn en laat dit kort voor Britt's ogen
bewegen.
- Ivan: Weet je wat pijn doet?
- Britt: Ik zal luisteren, maar alsjeblieft doe me gene pijn. Ze hebben me
gezegd dat je vrouwen naar hier moet halen en dat ik je zou moeten helpen.
- Ivan: Dus de boodschap is duidelijk?
- Britt: Je moet me zeggen wat ik moet doen.
- Ivan; Nu ga je slapen. En daarna ga je mij eens lekker verwennen en dan
praten we over zaken doen.
- Britt; Ik wil niet slapen.
- Maar gelijk al heeft ze een injectie gekregen met een slaapmiddel en zakt ze
in elkaar. Ivan, die ergens nog iets van menselijkheid bezat, liet een matras
brengen en legde Britt daarop en dekte haar toe met een oude deken. Om te
voorkomen dat ze zou gaan roepen als ze wakker werd duwde hij weer een vod in
haar mond en wikkelde een zware rol tape er wel drie keer overheen zodat Britt
het zeker niet los zou krijgen .
- Daarna vertrok hij weer en liet Britt alleen achter.
- Omdat ze gedrogeerd was had Britt geen idee waar ze was, hoelang ze er was
of wat er gebeurde.
- Toen ze wakker werd had ze een barstende hoofdpijn. Ze probeerde haar
omgeving op te nemen maar er was weinig te zien waar ze zich op kon
oriënteren.
- Uit angst begint ze maar rond zich heen te trappen. Tot ze plots voelt hoe
haar broek uitgetrokken wordt en haar benen ruw uit elkaar gerukt worden...
- Britt: Hmmm... ? (huilend)
- Ivan: Ik had toch gezegd dat je me moest verwennen?
- Britt: (nu echt in paniek, want ze wil niet dat hij aan haar komt) HMMMMMMM.
- Ivan: Oh, heerlijk, je wint me op met je gejank.
- Dan gaat hij op haar liggen en wil binnen dringen maar Britt kronkelt zich
in alle bochten om hem te beletten bij haar binnen te dringen.
- Weer krijgt ze een klets in haar gezicht en nu begint ze weer te huilen.
- Ivan: Janos, kom eens hier en houd dat kreng eens in bedwang.
- Maar ook met hulp van Janos lukt het niet goed. En dan moet er nog een
helper komen.
- Britt walgt van zichzelf. Hier ligt ze, op een oud matras, handen
vastgebonden, twee mannen die elk een been wijd en ruw van elkaar trekken en
dan die Ivan die zich bovenop haar werpt om haar te nemen. Ze voelt de pijn en
de vernedering als hij met grof geweld bij haar binnendringt.
- Britt: HHHHHMMMMM (compleet in paniek)
- Ivan: Hou je bek, mokkel. (snauwend)
- Ivan gaat steeds wilder tekeer en Britt heeft het haast niet meer... Steeds
wijder trekken Janos en de 3de helper haar benen uit elkaar.……
- Maar Britt kan niet meer hebben. Ze vergaat van de pijn en ze heeft haar
mond ook nog steeds afgeplakt met de tape. Ze wil gillen maar kan niet.
- Met haar laatste krachten probeert ze onder Ivan uit te komen maar dan valt
ze weg.
- Ze kan gewoon niet meer.
- Maar voor Ivan is de lol er ook af. Met zo'n slappe pop is het geen fijn
seks hebben en kwaad staat hij op en gebied zijn helpers dat ze Britt mogen
nemen.
- Janos denkt haar ook echt te kunnen nemen en begint zijn broek te openen
maar hij is echt een sukkel. Hij krijgt het niet voor elkaar bij haar binnen
te komen. De andere helper ligt naast Britt en streelt haar wat, maar Britt is
volkomen out ……
- Na een tijd wordt Britt met bonkende hoofdpijn wakker...
- Britt: Hmmm...? (slaperig/in de war)
- Ivan: Ah, liefje, ben je wakker?
- Britt: Hmmm... Hmmmm...
- Ivan: Wil je die tape van je mond af, lieverd?
- Britt knikt fel...
- Ivan rukt de tape hard van haar mond en Britt heeft moeite om niet beginnen
te huilen en te schreeuwen van pijn...
- Ivan: Ga je nou wat kalmer zijn dan gisteren, schatje?
- Britt: J...a... (zacht)
- Ivan: Wat? Ik hoor je niet. (vernederend)
- Britt: Ja.
- Ivan: Ja, wie? (vernederend)
- Britt: Ja, Ivan. (beschaamd)
- Ivan glimlacht goedkeurend en geeft haar een zachte mep in haar gezicht,
maar Britt is zo compleet afgebroken dat ze geen weerstand meer heeft en ineen
zakt op de grond.
- Ivan: Ah, ga je al liggen? De klanten zullen tevreden over je zijn.
(lachend)
- Britt (die weer recht gekrabbeld was) : Klanten?
- Ivan: Je denkt toch niet dat we je nodig hebben om hulp te hebben bij die
vrouwen?! Neen, liefje, wij gaan je verhuren... Aan allerlei klanten.
(lachend)
- Britt probeert te redden wat er te redden valt en ze begint zich zelf aan te
prijzen als iemand die weet hoe je die stomme grensformaliteiten kunt omzeilen
en hoe je die vrouwen hier ongemerkt binnen kunt krijgen.
- Ivan: Wij hebben die vrouwen toch al hier?
- Britt; Maar ze zeiden dat je er meer moet hebben. Ik weet hoe dat kan.
- Ivan: Wie zei dat?
- Britt: Milan. Die kleinere man met dat lidteken over zijn wang.
- Ivan: Ik ken geen Milan. Je zeurt.
- Britt; Maar het is echt.
- Dan tikt Janos Ivan op de schouder en wenkt hem mee.
- Janos: Milan is inderdaad laatst weggeweest en hij wou niet zeggen waarheen.
- Ivan: Breng hem hierheen dan zullen we wel zien of hij haar kent.
- Als Ivan terugloopt naar Britt ziet hij dat ze zich helemaal klein heeft
gemaakt en probeert zo ver mogelijk bij hem weg te blijven.
- Hij bukt zich en pakt haar gezicht weer stevig vast in zijn handen.
- Ivan: Wij halen Milan op en we zullen wel zien of je hem echt kent.
- Nu wordt Britt wel heel erg zenuwachtig want ze had Milan inderdaad nog
nooit ontmoet. Van Nadine had ze gehoord dat ze ene Milan hadden opgepakt
wegens vermeende vrouwenhandel, maar dat ze hem weer hadden laten gaan omdat
hij zelf had gevraagd aan de politie om iemand te laten infiltreren.
- En dus zat Britt nu hier in de klauwen van die bruut.
- Ivan had weinig zin nog om zich met Britt bezig te houden. Haar
tegenwerkingen bekwamen hem niet zo goed.
- Toen ging Ivan's telefoon .
- Ivan: Ja? Verdomme!! Haal hem daar weg en breng hem hier.
- Britt werd angstig van de luide stem van Ivan.
- Britt: Je moet niet zo schreeuwen, ik wordt bang voor je.
- Ivan: Moei je er niet mee.
- En toen schopte hij haar maar Britt zag dit aankomen en wilde net wegdraaien
waardoor ze de schop vol in haar gezicht kreeg. Ze voelde iets breken en toen
werd alles stil en donker om haar heen.
- Ivan begint allengs ook in paniek te geraken. Britt ligt bewusteloos en
heftig bloedend op de grond.
- Ivan: Janos, breng haar naar het ziekenhuis en haal die Milan daar weg. Dan
ga je terug. Zodra de dokters klaar zijn met haar neem je haar ook weer mee.
Begrepen? En flik me geen rotstreken zoals die Milan, want je kop gaat eraf.
- Britt wordt op de achterbank van een oude auto gelegd met een theedoek onder
haar hoofd.
- Net bij het ziekenhuis begint ze weer bij te komen. Ze heeft heel veel pijn
en voelt zich kotsmisselijk van al het bloed dat door haar keel in haar maag
is gekomen. Ze ziet dat Janos bij haar is en durft uit schrik niets te doen.
- Maar omdat er röntgenfoto's gemaakt moeten worden van Britt haar aangezicht
moet Janos buiten wachten.
- Britt kan niet echt helder meer denken. Ze ziet de dingen om zich heen in
een waas.
- Vaag ziet ze op de jas van een arts een merkteken van een ziekenhuis staan.
Het leest : Elisabeth Ziekenhuis.
- Het komt Britt niet bekend voor en ze laat het maar even bezinken.
- Dan komt de arts bij haar.
- Arts: Mevrouw, hoe heeft dit kunnen gebeuren?
- Britt: D...AAAAUUUUWWWW
- Het is wel duidelijk: Ze heeft fracturen in haar jukbeen en haar kaak. Ze
kan niet praten en nauwelijks slikken. Het bloed en spuug lopen zo uit haar
mond.
- Arts: Ik zie dat u heel veel pijn heeft. We moeten u gaan opereren om de
breuken weer goed aan elkaar te krijgen. En ik stel voor dat we dat gelijk
gaan doen.
- Britt kan alleen een heel kort knikje geven.
- Een assistent begint al om een infuus aan te leggen als Britt ineens een
helder moment heeft.
- Ze gebaard dat ze een pen en papier wil hebben.
- Als haar dat wordt aangereikt probeert ze het nummer van Tony op te
schrijven en vult aan met haar naam: Britt.
- De zuster neemt het aan en vraagt of ze dat nummer moet gaan bellen.
- Maar nog voor Britt kan antwoorden is ze al onder narcose gebracht en wordt
de operatiekamer binnengereden.
- De operatie duurt bijna twee uur en nadien komt ze eerst op de recovery te
liggen alvorens ze naar de gewone afdeling mag.
- Maar als ze na nog eens twee uurtjes over kan, staat Janos haar al op te
wachten. Hij dwingt haar om uit bed te komen en neemt haar zonder woorden weer
mee naar de auto en rijdt terug naar de plek wat Ivan op hun zit te wachten.
- Ivan: Ben je er weer, liefje?
- Ivan neemt Britt's gezicht in zijn handen en Britt kreunt van pijn...
- Ivan: Rustig maar... Die dokters kunnen er wat van zeg. (gemeen)
- Britt knikt zacht...
- Ivan: Maar goed... Je 1ste klant ligt op je te wachten. Janos, breng jij
haar even naar boven?
- Janos knikt, grijpt Britt bij haar bovenarm en sleurt haar mee naar een
kamer, waar Eric, die al helemaal uitgekleed is, ligt te wachten op bed...
- Eric: Moet ik met een mummie? Denk je dat ik daar mijn goede geld voor
betaal? Haal me een ander mokkel, deze wil ik niet.
- Janos: Deze doet alles wat je wilt. En ze is goed in blow jobs.
- Eric: Ben je helemaal ? Ze kan d'r klep niet eens open krijgen.
- Janos: Moet je d'r eens horen mekkeren als je het probeert. Man, daar raak
je op gewonden van.
- Eric: Ik wil niet. Ik wil een wijf voor de seks en ik ga geen stumpert
lastig vallen.
- Dankbaar huilend laat Britt zich op haar knieën zakken.
- Janos grijpt haar weer ruw bij haar arm en sleurt haar mee terug naar de
andere ruimte waar Ivan op hem zit te wachten.
- Janos: Ze is niets waard. Niemand wil haar zo met die wonden in haar
gezicht.
- Ivan: Oh, ik ken mensen die geilen op slachtoffers. We zullen eens zien of
we haar nog tot nut kunnen maken en anders moeten we haar maar dumpen.
- Britt: (zwak mompelend) Pijn.
- Ivan: Ach gut, het kan nog commentaar geven ook
- Britt: Alsjeblieft.
- Ivan: Oké. Ga maar liggen en probeer wat te rusten. Ik zal zien wanneer we
je weer kunnen gebruiken.
- Moe en ellendig laat Britt zich op het matras zakken en wil in elkaar rollen
om zich heel klein en nietig te maken, maar Janos grijpt weer haar polsen en
wil de schakels weer om doen.
- Ivan: Niet haar handen nu. Leg haar enkels maar vast.
- Hoelang ze geslapen heeft weet ze niet, maar als ze wakker wordt heeft ze
een hele droge mond en pijn in haar buik van de honger. Ook gloeit ze als een
kooltje, maar ze durft niet om aandacht te vragen uit angst dat Ivan of Janos
haar wat zullen aandoen.
- Ze blijft stil op het matras liggen en wacht rustig af. Maar het wachten
duurt langer en langer. Door een spleetje ziet ze dat het buiten al weer
donker is geworden. En het wordt ook weer licht, en weer donker, en al die
tijd hoort of ziet ze niets van Ivan en zijn trawanten.
- Britt begint zich nu echt ongerust te maken. Niemand hier, geen contact met
Tony of wie dan ook. Ze voelt zich ziek en ellendig en ze heeft veel pijn aan
haar gezicht.
- In stilte ligt ze te huilen en hoopt dat er nog iemand terugkomt.
- Na nog eens een hele lange tijd hoort ze wat en spits haar oren om de
geluiden te kunnen plaatsen.
- Het blijkt dat Ivan weer terug is. Aan het gooien wat hij doet met de deuren
merkt Britt dat hij slecht gestemd is en gelijk wordt ze weer bang van hem.
- Hij komt echter wel in de kamer maar kijkt totaal niet naar haar op.
- Britt haar rechteroog zit bijna dicht als gevolg van de zwelling door de
schop die ze in haar gezicht heef gehad, dus probeert ze met haar andere oog
te volgen wat er gebeurt.
- Ze ziet dat Ivan op een stoel zit en met zijn hoofd gebogen in zijn handen
zit. Hij mompelt wat en ze probeert nog beter te luisteren.
- Ivan; Ik had het zo anders gewild. Die eikel van een Milan. Moest hij nou zo
nodig weglopen.? Ik had hem nog zo gewaarschuwd maar nee, meneer dacht dat wel
te kunnen flikken. Jammer voor hem, maar hij zal voor ons geen vrouwen meer op
kunnen halen daar waar hij nu is.
- Janos: (inmiddels ook binnengelopen) Was het goed om hem te dumpen in de
Nete?
- Ivan: Hij zal wel een keer ergens in zee teruggevonden worden. Maak je maar
niet druk. Maar hoe komen we nu aan vrouwen?
- Janos: Zij daar. (wijzend op Britt) Zij zei toch dat ze ons kon helpen?
- Ivan; Ik denk dat die weinig kan. Het is wel erg hard aangekomen hč?
- Janos: Wil je haar nog hier houden dan?
- Ivan: Ik denk daar nog even over. Morgen weet ik het wel.
- Janos: Maar morgen is het vrijdag. Dan moeten we het weten want dan moeten
we morgen middag gaan rijden want ze verwachten ons.
- Ivan: (schreeuwend) Ik zei MORGEN !! En nou wegwezen. Ik wil alleen zijn met
haar.
- Als Janos we gis loopt hij op het matras af en gaat naast Britt liggen die
gelijk verstijft. Maar in plaats van ruw tegen haar tekeer te gaan begint hij
haar zachtjes te strelen.
- Ivan: Sorry dat het zo gegaan is. Ik was overdonderd door jou vlotte babbel
en wist niet wat ik deed.
- Britt: (heel voorzichtig) Je deed me heel erg pijn.
- Ivan: Ik zal het niet weer doen. Geloof je me?
- Britt; Ik weet niet of ik je kan geloven. Jij hebt me heel erg gekwetst. Ik
wilde je helpen maar jij deed me pijn.
- Ivan; Heb je nog pijn?
- Britt sluit haar ogen, waar de tranen uitstromen, en knikt bevestigend.
- Ivan; Sorry nogmaals. Wil ik pijnstillers voor je halen?
- Britt; Graag.
- Even loopt Ivan weg en Britt hoopt dat hij weg blijft, maar ze hoort hem al
snel terugkomen . Hij had Janos weer op pad gestuurd.
- Angstvallig blijft ze heel stil op het matras liggen. Ivan blijft heel stil
naast haar liggen en zegt ook niets meer en uiteindelijk valt hij in slaap.
- Na een geruime tijd hoort ze een auto stoppen. Er komen meerdere voetstappen
dichterbij. Ze kijkt of Ivan nog slaapt en probeert dan wat bij hem weg te
schuiven, maar hij legt net in zijn slaap een arm over haar heen.
- Ineens knalt er een deur open en komt Janos binnen met de handen achter in
zijn nek en een cordon van wel acht agenten achter zich aan.
- Ivan schrikt en grijpt in een reflex naar zijn mes en zet dat bij Britt
onder haar linkeroog.
- Tony: NEERLEGGEN. LEG NEER OF IK SCHIET.
- Ivan: Moet ik haar nog eens pakken?
- Tony: NEERLEGGEN (en langzaam dichterbij komend)
- Ben en Sel lopen in een bochtje wat om het matras heen en de anderen zorgen
voor het afdekken van het schotveld.
- Dan ziet Ivan dat het geen zin heeft om verder verzet te bieden en laat hij
het mes vallen.
- Vlug word hij overmeesterd door Ben en Sel en Tony rent op Briit af en neemt
haar veilig in haar armen.
- Tony zit inmiddels ook te janken.
- Tony: Sorry Britt dat we niet eerder kwamen. Al de eerste dag verloren we
contact met je. Wat is er gebeurt?
- Britt; Ik kreeg een klap op mijn kop en daarna ben ik een stuk kwijt.
- Voorzichtig draait Tony Britt haar hoofd wat opzij. Ze ziet dat het veel
pijn doet, maar wil toch in Britt haar oor kijken, want daar was een
ultrakleine zender en ontvanger in geplaatst. Maar als ze kijkt ziet ze alleen
een bloedprop zitten maar geen zendertje.
- Tony: Ik denk dat het zendertje stuk is gegaan toen je slaag hebt gehad.
Kom, we nemen u mee.
- Britt; Waar ben ik eigenlijk?
- Tony: Dicht bij Lier.
- Britt; Hoe kom ik hier?
- Tony: Later Britt. Dat gaan we later wel uitzoeken. Nu ga je naar een dokter
en ik ga met je mee.
- Britt; Hoe heb je me gevonden?
- Tony: Het ziekenhuis in Antwerpen belde dat iemand mijn nummer had
opgegeven, maar ze wisten niet wie je was en waar je heen was gegaan, want je
was na de operatie ineens verdwenen, maar een parkeerwachter had de merktekens
van de auto genoteerd en zo zijn we je op het spoor gekomen.
- Britt; Goddank.
- Tony: Kun je staan Britt?
- Britt; Ik zit vast. Maak me los. Snel maak me los (In paniek nu)
- Tony neemt Britt weer heel stevig in haar armen en gebaart dat een van de
mannen die schakels van haar enkels af moet halen.
- Maar eenmaal los kan Britt niet staan . Ze is te verzwakt. Ze is ziek en ze
heeft in zeker vijf dagen geen eten en nauwelijks drinken gehad.
- Tony roep nu Sel en die belt gelijk voor een ambulance.
- Gearmd blijven Britt en Tony zitten gewaagden op het ziekenvervoer terwijl
Janos en Ivan worden afgevoerd.
- Tony: Hebben ze je genomen, Britt? (vriendelijk)
- Britt: J...a... (kreunend)
- Tony: Rustig meid, rustig... (troostend)
- Britt: Johan? (smekend/kreunend)
- Tony: Moet ik Johan bellen voor je? (vriendelijk)
- Britt: Ik ga niet weg zonder Johan. (huilend)
- Tony belt Johan en binnen het halfuur staat hij in Lier. (je moet niet
vragen hoe vlug hij gereden heeft). Al die tijd heeft hij niets meer van Britt
gehoord. Enkel nog dat ze een speciale opdracht had en een tijd weg zou zijn.
Hij had haar geloofd.
- Hij kwam het huis binnengestormd en schrok vreselijk hard toen hij Britt
daar zo zag zitten.
- Johan: Britt???? Britt! Lieve schat, wat is er gebeurd?!
- Britt zegt niets... ze begint te huilen en kijkt beschaamd naar de grond.
- Johan gaat naar haar toe.
- Johan: Mag ik bij je komen zitten.
- Britt schudt knikt heftig van ja, waardoor Johan verstaat dat ze hem nu echt
nodig heeft.
- Ze laat zich voorzichtig tegen hem aanvallen en hij slaat zijn armen rond
haar. Wat had ze dit gemist. Zou ze nog ooit gewend raken aan het gevoel van
veiligheid?
- Britt: Johan...snik...ik ben zo bang geweest.... snik... ik dacht... dat ik
je nooit meer zou terugzien...
- Johan: Maar lieverd, wat is er dan gebeurd?
- Britt: Undercoveropdracht...
- Johan:L undercoveropdracht!!!
- BRitt knikt zachtjes.
- Johan begint zich nu heel kwaad te maken maar Tony gebaard hem dat hij zich
rustig moet houden. Britt is al genoeg van slag door alles wat er gebeurd is.
- Dan komt ook de ambulance en Britt wordt op de brancard gelegd en mee
genomen naar het ziekenhuis in Antwerpen. Johan gaat met haar mee en Tony
volgt met Johan's wagen ook de ambulance.
- Terwijl Britt wordt onderzocht zitten Tony en Johan in de wachtruimte.
- Johan; Waarom moest ze nu weer een undercoveroperatie doen? De vorige keer
ging het ook bijna mis.
- Tony: Nadine gaf haar die opdracht. En ik dacht dat het wel veilig zou zijn.
We hadden nieuwe opsporingsapparatuur en Nadine zei dat het maar voor heel
kort zou zijn. Ik heb haar zelfs gepushed om die opdracht te gaan doen. Johan,
sorry. Ik schaam me zo dat ik haar dit heb aangedaan.
- Johan: Ik dacht trouwens dat jij niet meer werkte met die kleine.
- Tony: Sofie is ziek en Nadine had me gevraagd om weer met Britt te komen
werken. Dat leek me heel leuk, maar ik geloof dat ik niet meer bestemd ben om
politiewerk te doen. Als ik niet eens goed de risico's kan inschatten.
- Johan: Maar jij kon dit toch ook niet weten?
- Tony: Zeg dat tegen Britt. En dan ga ik weg. Ik zal tegen Nadine zeggen dat
ze maar een andere partner voor Britt moet vinden. Ik kan haar niet meer onder
ogen komen.
- Johan: Tony, niet zo snel. We zullen even op de dokter wachten, maar ik wil
dat jij meegaat naar Britt. Ik wil dat ze ziet dat jij haar hebt geholpen en
haar hebt gered.
- Tony: Ik heb haar niet gered Johan. De eerste dag al ging het mis.
- Johan; Hoelang is ze weggeweest dan?
- Tony: We zijn zaterdag begonnen en nu is het vrijdag. Een hele week. We
hebben ons rot gezocht waar ze zou klunen zijn. Het zendertje in haar oor is
beschadigt of verdwenen maar ze verdween van onze radar. Ik heb me nog nooit
zo bang en zo kloten gevoeld (en daar jankt ze heen)
- Inmiddels is ook Nadine toegekomen en die kijkt nog meer schuldbewust. Ze
weet dat Johan razend op haar zal zijn omdat ze weer Britt voor zo'n moeilijke
opdracht had uitgekozen.
- Nadine; Gaat het met jullie jongens?
- Tony: (boos) Nee, het gaat niet. Ze hadden haar goddomme vastgebonden aan
een paal zodat ze niet weg kon. Haar gezicht is gezwollen en helemaal blauw,
en ze heeft veel pijn en die kerels .....
- Johan: WAT ?!?!?!?! Hebben ze haar ook.....???
- Tony: Dat is wat ze me zei toen ik haar vroeg.
- Johan is nu echt witheet van woede maar hij weet niet wat hij er mee aan
moet. Hij staat op en beent boos en nerveus heen en weer door de wachtkamer.
Tony staat op en loopt achter hem aan en legt een hand op zijn schouder.
- Tony: Sorry Johan, dat we niet verder hebben doorgedacht dat dit zou kunnen
gebeuren.
- Dan draait Johan zich om en laat zijn hoofd tegen Tony's schouder vallen en
begint tegen haar aan te huilen. Hij voelt zich zo angstig. Het was al eerder
voorgekomen dat Britt zoiets gruwelijks had meegemaakt, en afgezien van alle
pijn en angst en ellende die dat bij Britt had gegeven was hun relatie al
meerdere keren heftig onder druk komen staan omdat Britt geen nabijheid van
mannen meer kon verdragen. Hoe goed hij het ook meende, hoe voorzichtig hij
ook deed, het had maanden geduurd vooraleer Britt hem weer kon en durfde
vertrouwen.
- Tony kroelt hem door zijn haren en probeert hem te sussen.
- Tony: Zullen we terug gaan? Misschien zijn de artsen zo klaar met haar en
kunne we haar gaan zien.
- Als ze bij elkaar zo'n drie en een half uur hebben zitten wachten komt er
eindelijk een arts aan, met een bezorgde blik in zijn ogen.
- Arts: Bent u familie van mevrouw Michiels?
- Johan: Ik ben haar vriend, en dit is haar collega. (hij negeert Nadine
volkomen)
- Arts: Wilt u dan met mij meelopen?
- Tony: Hoe is het met haar?
- Arts: Ze is er beroerd aan toe. Ze zal het wel halen maar ik denk dat ze nog
een behoorlijke tijd last zal hebben van haar klachten.
- Johan: Wat is er dan met haar?
- Arts: Wel, die fracturen in haar gezicht hadden we al met plaatjes weer
vastgezet, maar de wond is gaan ontsteken. De zwelling heeft erg op het oog
gedrukt dus we moeten nog even afwachten wat daar de gevolgen van zullen zijn.
Tevens is de KNO arts erbij gehaald. Ze had een bloedprop in haar oor en toen
we die wilden verwijderen vonden we metaal deeltjes. We zijn bang dat daardoor
haar trommelvlies is beschadigt en dat ze daardoor gehoorstoornissen heeft
opgelopen. Zeker is dat ze evenwichtsstoornissen heeft want het trommelvlies
en dat metaal en die bloedprop hebben behoorlijk huisgehouden in het binnenste
van haar oor. En dan die verwondingen aan haar genitaliën. Niet mis.zeg, wat
hebben ze haar aangedaan? We hebben onderzocht op eventuele zwangerschap en
S.O.A.'s maar die testen waren gelukkig negatief. Dan heeft ze ook behoorlijke
schaafwonden aan haar polsen en enkels. Die zullen met de juiste behandeling
wel snel genezen. Maar ze is ook behoorlijk uitgedroogd en ondervoed. Een
geluk dat u haar heeft gevonden. Nog een of twee dagen en mogelijk had ze dan
een bijna compleet disfunctioneren van vitale organen opgelopen.
- Johan: Is ze bij? Kunnen we haar zien?
- Arts: Ja, ze is bij, maar ze is heel zwak en oververmoeid, dus doe
alsjeblieft heel rustig met haar aan.
- Als Tony en Johan binnen lopen schrikken ze wel. Britt haar hele hoofd zit
in het verband: haar rechter gezichtshelft die zo gezwollen was, haar
linkeroor, dan die slangetjes in haar neus en de infusen, de verbanden om haar
polsen en een dekenboog om de druk van de dekens op de voeten weg te nemen.
Langs het bed hangt ook een urinezak omdat ze een katheter heeft gekregen om
de exacte urineproductie te kunnen meten. En al die machines en meters die
haar in de gaten moeten houden. Een elektronische meter geeft aan dat ze
koorts heeft, haar bloeddruk blijkt behoorlijk te schommelen en haar hartslag
is onregelmatig. Ook heeft ze maskertje voor waardoor ze extra zuurstof krijgt
toegediend.
- Johan gaat dicht bij haar staan en neemt zachtjes haar hand.
- Dan opent Britt haar linker oog en kijkt , voor zover dat mogelijks is, blij
naar Johan. Blij dat hij weer bij haar is. Ze ziet dat Johan tranen in zijn
ogen heeft en wil haar andere hand optillen om hem te troosten maar dan ziet
Johan dat ze pijn heeft en kust hij haar voorzichtig.
- Johan: Kalm maar Britt, we zijn er . We zijn er om je te helpen. Tony en ik.
- Britt: Tony??
- Tony: Ja Britt. Ik ben er ook. Maar als je boos bent omdat ik je heb
overgehaald, dan moet je het zeggen, want dan ben ik weg. Ik kan er niet tegen
dat dit jou weer is overkomen. Ik baal vreselijk van mezelf (en ook Tony staat
nu te janken)
- Britt; Kom eens Tony.
- En Tony buigt voorover naar Britt.
- Britt; Heb ik wat overgehouden wat die mannen met me hebben gedaan?
- Tony: De dokter zegt dat je verwondingen hebt omdat het zo ruw was gegaan,
maar verder heb je niets overgehouden, gelukkig.
- Britt; Ik heb zo'n pijn.
- Tony: Ssst maar Britt. Je mag zo Ghana slapen. Je krijgt wat tegen de pijn
en dan mag je lekker gaan slapen.
- Britt: Ik heb schrik Tony... Van die mannen...
- Tony: wij zullen je beschermen Britt.
- Maar nu begint Britt boos te worden. Ze begint kwaad te roepen, ondanks haar
zwakte.
- Britt: Net als Jullie deze keer hadden beloofd!! Ik heb het gemerkt. Ik heb
gebeden dat jullie zouden komen. Echt waar!! Maar jullie kwamen niet!!
- Britt valt moe van de inspanning terug in de kussens. Ze wordt helemaal
benauwd.
- Tony streelt zachtjes over Britt haar haren en ze voelt zichzelf ook heel
erg verdrietig.
- Britt; Ik heb zo'n pijn (gierend om lucht binnen te krijgen)
- Johan: Britt ik ga een dokter roepen.
- Snel komt een arts binnen die de situatie in ogenschouw neemt. De
benauwdheid wordt veroorzaakt doordat Britt zo gespannen is.
- Arts: Ik had u gevraagd het rustig te houden. Britt kan hier niet tegen. Die
benauwdheid komt puur van inspanning. Ik moet u verzoeken om te vertrekken.
- Dan kust Johan haar heel zachtjes op haar wang. Tony wil zo weglopen maar
Britt roept haar fluisterend terug.
- Britt; Tony wil je bij me blijven, ik heb zo'n angst.
- Tony: Even overleggen met Johan.
- Britt; Nee Johan niet, jij moet bij me blijven.
- Tony: Ik ga het hem zeggen en ben zo bij je terug.
- Op de gang overlegt ze met Johan om hier in Antwerpen bij Britt te blijven
dan kan hij naar huis om er voor de kinderen te zijn.
- Johan: Maar wil ze mij niet zien dan?
- Tony: Ik ben bang dat ze mannen even niet goed aankan. Maar ik zal bij haar
blijven en op haar passen en zo gauw ik meer weet zal ik je bellen.
- Verslagen loopt Johan weg en Tony wil weer naar binnen maar ziet dan dat
Nadine ook nog ergens in een nisje staat te huilen.
- Tony: Nadine? Wat scheelt er, meid? (vriendelijk)
- Nadine: Hoe kon ik zo stom zijn om Britt daarheen te sturen. Ik wist dat het
gevaarlijk was, ik wist dat ze aangerand kon worden! (huilend)
- Tony: Maar je kon niet weten dat het zo uit de hand ging lopen. Britt is
sterk, je dacht dat ze zich wel zou weten te verdedigen. Maar dit was dus niet
het geval, daar kan JIJ toch niets aan doen?! (troostend)
- Nadine: Maar als ik haar niet verplicht had om te gaan, dan was dit allemaal
nie gebeurt! (snikkend)
- Tony: Luister eens, Nadine. Geef jezelf nou niet overal de schuld van, oké?
JIJ hebt haar tocht niet geslagen? JIJ hebt haar toch niet verkracht?
- Nadine: Neen, maar... (huilend)
- Tony: Wel dan?! JIJ kon er NIETS aan doen, oké? (vriendelijk/troostend)
- Nadine: Kan ik haar gaan zien? Ik wil haar zeggen dat het me spijt.
- Tony: Ze is moe en heeft veel pijn. Ze wilde Johan ook niet zien, maar ze
vroeg of ik wilde blijven. Ik zal haar vragen of ze je wil zien.
- Nadine: Slaapt ze al?
- Tony: Misschien wel ja.
- Nadine; Dan ga ik terug naar Gent en bel je wel om te horen wanneer ik haar
zien kan.Moet ze lang blijven of gaat ze over naar Gent?
- Tony: Ik heb dat nog niet van de artsen gehoord, maar ik zal je bellen zodra
ik wat weet.
- Dan gaat Nadine ook weer weg en loopt Tony terug naar Britt haar kamer.
- Ze ziet dat Britt heel onrustig slaapt. Ze lijkt te dromen en ook heeft ze
veel pijn, dat is te zien aan de monitor die haar hartslag registreert.
- Tony zet zich naast Britt en neemt haar hand en begint die zachtjes te
strelen en ook praat ze heel geruststellend tegen Britt.
- Langzaam wordt Britt wakker en zucht eens diep. Alhoewel ze zich hondsmoe en
beroerd voelt is ze blij dat ze wakker is. In haar dromen beleeft ze steeds
weer die angstige momenten die ze met die Ivan heeft gehad.
- Ze wil graag met Tony praten maar dat kost haar heel veel moeite.
- Tony: Dat komt nog wel Britt. Ga nu maar rusten en zorg dat je weer helemaal
beter word en dan mag je mij alles vertellen wat je kwijt wilt.
- Britt; Nee. Ik moet het nu vertellen. Het blijft steeds door mijn hoofd
spoken. Waarom had Nadine mij hier weer voor uitgekozen? Ze weet toch dat ik
het al eens gedaan heb en dat het bijna mis ging? Nu weer met die griezel. Wat
moet Johan wel niet denken? Dat ik een hoer ben of zo? (en nu huilt z eweer0
- Tony: Nee, Britt, dat ben je niet. Jij hebt dit voor je werk gedaan, in de
hoop dat je andere vrouwen kon beschermen om zo te zijn overgeleverd aan
mannen zoals die griezel. Ik vind het heel erg dat we contact verloren en ik
je niet meer kon vinden. Als ik dit had geweten
- dan ...……
- Britt; Jij kon dat niet weten.
- Ze wil zich wat omdraaien want haar rug doet pijn, maar het draaien is niet
eens mogelijk. Het voelt of er iemand met een mes in haar rug steekt en ook
haar aangezicht en haar oor doen pijn.
- Tony: Oei, voorzichtig Britt. Ik denk dat het goed is dat je pijn voelt, dat
betekend dat de zenuwen tenminste niet beschadigt zijn, maar het is wel heel
naar. Wil ik vragen of je iets tegen de pijn mag zodat je kan gaan slapen?
- Britt; Ik durf niet te slapen.
- Tony: Toch maar proberen Brittje, ik blijf bij je en ik laat niemand binnen
die ik niet voor 200% vertrouw.
- Britt; Echt:? Meen je dat? Niet meer zoals deze week dat je er ineens niet
was?
- Tony: Echt Britt. Het spijt met heel verschrikkelijk dat het zo gegaan is,
maar ik stond machteloos. Maar ik wil het goed maken met je. Ik blijf hier bij
je tot jij weer naar huis mag. Oké? Kun je dan slapen?
- Britt; Ik wil het proberen. Ik ben bekaf
- Britt: Maar blijf je wel hier? (angstig)
- Tony: Tuurlijk. Dat heb ik beloofd en ik blijf hier.
(glimlachend/vriendelijk)
- En eindelijk, in de veilige aanwezigheid van Tony, vind Britt de rust die ze
zo hard nodig heeft.
- Ze slaapt heel de avond, de nacht en de volgende dag door.
- Tony maakt zich ongerust dat er iets mis is, maar zowel de arts als de
verpleegkundige proberen haar te overtuigen dat rust nu het belangrijkste
medicijn is dat Britt kan krijgen. Ze voelt dan minder pijn en beleefd minder
angsten.
- Tony: Maar ze moet toch eten en drinken? Jullie zeiden dat ze was
uitgedroogd.
- Arts: Ze heeft een infuus en daardoor krijgt ze alles wat ze nu nodig heeft:
antibiotica, pijnstillers, vocht en voedingsstoffen. Laat haar lekker rusten
en blijf bij haar, u heeft een gezonde uitwerking op haar.
- Tony: Moet ze hier lang blijven?
- Arts: Een dag of drie. Als het beter gaat kan ze daarna naar huis en anders
regelen we overplaatsing voor haar naar Gent, maar ik denk dat ze voldoende op
zal knappen om naar huis te kunnen.
- Tony: Bedankt, dokter.
- Tony: Oh ja, dokter? (haastig)
- Dokter: Ja? (vriendelijk)
- Tony: Britt is verkracht. Weet u een goede en vriendelijke, vrouwelijke
psychologe?
- Arts: Ja, die weet ik wel, maar ik denk dat ze beter kan wachten tot ze
terug is in Gent. Het is niet niets om tegen vreemden je verhaal te moeten
doen. Als we een psycholoog van hier aanbevelen zal ze eerst hier haar verhaal
moeten doen, en later weer tegen een psycholoog in Gent. Ik denk dat haar dat
teveel wordt. Maar als ze hier weg kan zal ik een brief schijven voor haar
eigen arts en die kan dan adviseren om een psycholoog te consulteren.
- Tony: Bedankt. Kan ik nu weer bij haar gaan zitten?
- Arts: Bent uzelf niet heel erg moe? U ziet er versleten uit.
- Tony: Vind je het gek? Ik heb me een ongeluk gezocht om haar terug te vinden
en ik blijf bij haar tot ze weer helemaal beter is.
- Arts: Succes ermee. Ik kom morgen weer even bij jullie langs.
- Tony blijft wederom heel de avond en nacht bij Britt zitten waken. Ze voelt
zichzelf geradbraakt maar heeft het Britt beloofd. En belofte maakt immers
schuld.
- Na drie dagen zijn de verwondingen dusver opgeknapt en is de uitdroging en
ondervoeding weer onder controle en hersteld, dus mag ze van de arts met
ontslag.
- Ze is blij dat ze niet ook nog in Gent naar het ziekenhuis hoeft.
- Britt; Tony, ga jij met mij mee terug naar Gent?
- Tony: Wil ik Johan bellen of hij ons ophaalt? Kun je het aan om zo lang te
zitten?
- Britt; Ik doe het gewoon. Ik wil hier weg. Die kerels hebben jullie toch
echt wel opgepakt hč?
- Tony: Die zijn verhoord en zitten in de Nieuwe Wandeling te wachten op hun
rechtszaak.
- Britt; Maar ik ga niet getuigen. Ik wil ze nooit meer zien.
- Tony: Later Britt. Eerst gaan we je naar huis brengen.
- Tony belt Johan die er nu, gelukkig, wat langer over doet om hier te komen.
- Britt heeft nog wel pijn in haar gezicht, en ze zal zich in Gent ook moeten
melden op de poli van de kaakchirurg en van de KNO arts. Maar ze hoeft niet
naar het ziekenhuis.
- Thuis gaat ze gelijk door naar bed, want de inspanning van de reis van
Antwerpen naar Gent was heel erg vermoedend voor haar.
- Na een uurtje wordt ze weer wakker en loopt naar de kamer waar Tony met
Johan zit te praten.
- Britt; Hey, wat leuk dat jullie allebei zijn gebleven.
- Johan; Wil je bij me komen zitten Britt? Ben je niet bang van me?
- Britt; Van jou niet Johan.
- Dan gaat Britt op de bank dicht tegen Johan aanzitten, maar ze merkt dat hij
een beetje verstijft.
- Britt; Het gaat wel met de pijn, je hoeft niet aan de kant te gaan. Wil je
even je armen om me heen slaan?
- Heel voorzichtig probeert Johan dat, maar hij krijgt het niet voor elkaar.
Hij wordt overmand door een heksenketel aan emoties.
- Hij is heel bezorgd om Britt, bang om haar pijn te doen of te kwetsen, maar
ook de gedachte dat andere mannen aan haar hadden gezeten, haar hadden
verkracht. Hij krijgt een rilling als hij er aan denkt. Hij schaamt zich voor
zijn gevoelens, maar kan nu niet aan Britt zitten. Hij voelt het als vies.
- Tony ziet dat hij het moeilijk heeft.
- Britt wil ook graag dat Johan haar dicht tegen zich aanneemt maar als ze
andermaal zijn koude schouder tegenkomt staat ze op en loopt terug naar de
slaapkamer waar ze op bed gaat liggen huilen.
- In de kamer kijkt Tony heel verbaasd naar Johan.
- Tony: Wat is er Johan? Al wat Britt vroeg was of je haar even vast wilde
houden. Waarom deed je dat niet?
- Johan; Ik kan het niet. Sorry. Die kerels ..... Die hebben aan haar gezeten
en haar vies gemaakt en verkracht. Ik kan niet aan haar komen.
- Tony: Johan, ze heeft je nodig. Ze wil voelen dat niet alle mannen zo zijn.
- Johan: Ik kan het niet. Niet na wat die mannen....
- Tony: Ik ga nu naar haar toe. Ze is denk ik heel verdrietig en misschien ook
wel teleurgesteld in je.
- Op de slaapkamer ligt Britt nog steeds te huilen.
- Tony legt haar hand op Britt haar schouder en probeert haar kalmerend toe te
spreken.
- Britt: (door haar tranen heen) Zie je wel dat hij me een hoer vind? Hij wil
gewoon niet meer aan me komen. Ik ben een smerig en vies mens. Niemand wil me
nog.
- Tony: Dat is niet waar Britt. Johan is heel bang om je pijn te doen.
- Britt; Dat doet hij toch? Hoe denk je dat het voelt als hij niet meer aan me
durft te komen?
- Tony: Heel naar, denk ik.
- Britt; Dat is heel zacht uitgedrukt.
- Tony heeft Britt zover gekregen dat ze rechtop is gaan zitten en nu valt
Britt huilend Tony om haar hals.
- Tony neemt haar in elk gevel wel heel warm en liefdevol op en kroelt haar
door haar haren.Ook probeert ze of Britt niet afwijzend staat tegen over enige
toenadering en voorzichtig plaatst ze en paar kleine vluchtige zoentjes op
Britt haar hoofd en wangen.
- Tony: Sorry, ik wilde je geen pijn doen.
- Britt; Doet geen pijn. Dit voelt heel goed. Waarom kan Johan dat nou niet?
- Tony: Omdat hij heel erg in de war is over wat er is gebeurt
- Britt: Maar ik wil hem zo graag weer bij me.
- Tony: Ik ga vragen of hij wil komen, of ga je liever mee naar de kamer?
- Britt: Help me maar even, dan ga ik mee.
- Door de beschadiging in haar oor was het evenwicht gestoord geraakt en nu,
onder invloed van emoties had Britt echt moeite om rechtop te blijven staan.
- Tony ondersteund haar en zet haar op de bank neer en vraagt dan nogmaals aan
Johan of hij bij haar wil gaan zitten.
- Johan heeft de tranen in zijn ogen staan als hij Britt aankijkt en zegt dat
hij het niet kan. Het spijt hem, maar hij kan het gewoon niet.
- Dan pakt hij zijn jas en loopt huilend weg.
- Britt zit huilend op de bank en heeft nu veel meer pijn aan haar oor en
aangezicht.
- *
- Tony: Moet ik hem terughalen, Britt? (vriendelijk)
- Britt: Neen... Hij wil me niet meer, dat is nu wel duidelijk
(huilend/snuivend)
- Tony: Britt, hij wil je nog wel, dat weet ik 100% zeker. Hij heeft echt
schrik om je pijn te doen, Britt. (vriendelijk/troostend)
- Britt: Dat meen je niet! Je had ook beloofd om me niet alleen te laten bij
die mannen, maar dat heb je wel gedaan! (plots ontzettend kwaad en
schreeuwend)
- Plots gaat de bel...
- Tony: Je psychologe is er. (opgelucht/zacht)
- Britt: Mij best, maar ik praat er niet mee ! (kwaad)
- Tony laat psychologe Ann binnen, en die ziet meteen de bui al hangen en weet
perfect wat ze moet doen...
- Ann: Dag Tony (omdat ze haar nog kende van eerdere ontmoetingen).
- Tony: Dag Ann. Ik hoop dat jij meer kunt bereiken dan ik. Ze is echt heel
boos op mij. En ik snap het wel, maar het doet wel pijn.
- Ann: Ga dan maar. Ik denk dat ze wel wat rustiger zal worden als ze even
alleen is.
- Tony: Maar gaat het goed komen dan?
- Ann: Dat hopen we toch? Tot een andere keer dan maar weer.
- Ann wend zich nu tot Britt die in elkaar gerold op de bank ligt met een
kussen voor haar gezicht.
- Ann: Dag Britt. Wil je rechtop gaan zitten zodat wij met elkaar kunnen
praten?
- Britt: Nee.
- Ann: Toch vind ik het prettiger om zittend met je te praten.
- Britt; Ik wil niet praten.
- Ann: Ik ben door je arts gevraagd bij je langs te komen om met je te praten
wat er gebeurt is.
- Britt: (nu nog steeds heel boos) Ik ben verkracht. En mijn team heeft me in
de steek gelaten. Ik moest die opdracht doen van Nadine en ze zouden mij in de
gaten houden. Het eerste wat ik me herinner is dat die viezerik op mij ligt en
mij aan het verkrachten is.
- Ann: En je wilt nog steeds niet gaan zitten?
- Dan gaat Britt ook maar zitten. Haar gezicht ziet er behoorlijk gehavend
uit. De zwellingen waren nog duidelijk zichtbaar en nu ze gehuild had zag het
er nog beroerder uit.
- Haar ogen waren rooddoorlopen en het snot en speeksel liep uit haar neus en
haar mond. Door de fixaties die ze aan haar kaak had zitten kon ze niet zo
goed slikken dus al het speeksel liep haar zo uit de mond.
- Ann zag dit en bood Britt haar zakdoek aan. Ze wist dat mensen het
onsmakelijk vonden als het snot en speeksel ongecontroleerd naar buiten kwam.
- Britt nam de zakdoek aan en begon voorzichtig haar mond en haar neus af te
doen.
- Ann: Gaat het een klein beetje met je Britt?
- Britt; Ik weet het niet meer. Ik heb zoveel meegemaakt. Ik denk dat ik
helemaal murw ben. Het lijkt wel of ik geen normaal gevoel meer heb. Ik voel
me vies; iedereen kan zo maar aan me zitten, en dat doen ze ook.
- Ann: Waarom was je zo boos op Tony?
- Britt; Die had mij gezegd dat ze mij heel goed in de gaten zouden houden. En
dat hebben ze niet gedaan.
- Ann: Tony zei dat ze het radiocontact kwijt waren. Dat het overmacht was.
- Britt; Dat begrijp ik wel, maar toch voel ik me verraden. En nu weer zegt ze
dat Johan nog wel om mij geeft, maar ik weet zeker dat hij niets van mij moet
hebben. Ze liegt weer. Ik had me haar heel anders voorgesteld. Ik had anders
van haar verwacht. Zij, van alle mensen, weet wat ik allemaal al heb
meegemaakt en dan laat ze me zo vallen.
- Ann: Willen we nu over jou gaan praten? Hoe het voor jou voelt dat je geen
controle hebt op je leven?
- Britt; Ik haat het. Ik kan het niet verdragen dat ik niet mijn eigen baas
kan zijn, niet zelf kan bepalen wat ik doe met mijn leven. Ik haat het, ik
haat het (schreeuwend van woede en machteloosheid)
- Ann gaat dichter bij Britt zitten en neemt haar in haar armen om haar een
gevoel van geborgenheid te geven.
- Dat Britt dit nodig heeft blijkt eruit dat ze Ann ook heel stevig vastpakt
omdat ze bang is dat die ook weer weg zal gaan.
- Britt; Help me. Ik kan niet meer. Help me dan.
- Ann: Ik wil je helpen Britt. Maar ik wil ook graag dat je anderen jouw laat
helpen.
- Britt: Wie zou mij dan moeten helpen?
- Ann: Tony bijvoorbeeld, en Johan. En vergeet ook je dochter niet. Ook zij
heeft vele angsten gekend toen je weg was. En ze zal op haar eigen manier
reageren nu je terug bent. Je zult met haar veel geduld moeten hebben.
- Britt; Maar Johan moet niets meer van mij. Hij vind mij afstotelijk. Ik
merkte dat gewoon aan hem. Toen ik naast hem ging zitten week hij voor mij
terug.
- Ann: Waarom zou hij je niet meer mogen dan?
- Britt; Hij vind mij een hoer. Een stomme koe die zich door iedereen laat
nemen.
- Ann: Britt, belangrijk is om jezelf niet naar beneden te halen. Jij bent
niet dom, je bent geen hoer. Jij bent tegen JOUW wil in genomen door die
kerels. Zij zijn over JOUW grenzen gegaan. Het is heel belangrijk dat je dat
beseft. Onthoud dat goed.
- Britt; Ik ben zo bang Ann.
- Ann: Waarvoor ben je bang Britt?
- Britt; Dat ze terugkomen.
- Ann: Ik heb gehoord dat ze in het gevang zitten.
- Britt: Maar daar ontsnappen wel vaker mensen.
- Ann: Ik kan je niet beloven dat dat niet zal gebeuren, maar je moet weer
vertrouwen krijgen in jezelf, en in je directe omgeving. Het is belangrijk om
je daar sterker te gaan voelen.
- Britt; Maar dat is zo moeilijk.
- Ann: Wil je het toch gaan proberen?
- Britt; Wat moet ik doen dan?
- Ann: Begin eens om Tony op te bellen en vraag haar hier te komen.
- Britt; Ik ben bang. Maar ik ben ook boos op haar.
- Ann: Ik wil wel blijven tot zij er is dan zouden we ook eerst even samen
kunnen praten en dan kan ik je wat aanwijzingen geven Is dat goed voor jouw?
- Britt; Ik durf niet.
- Ann: Ik zou het toch maar doen Britt. Hoe langer je gaat wachten hoe
moeilijker je het zult vinden.
- Britt kijkt nu heel angstig naar Ann en begint spontaan weer te huilen.
- Ann troost Britt weer en blijft dicht bij haar als ze uiteindelijk de moed
vind om de telefoon te pakken.
- Britt; Tony? Het is ik, Britt. Zou je willen komen?
- Tony: Je hebt me net weggestuurd.
- Britt; Ik moet met je praten, en Ann is er ook bij.
- Tony: Oké ik kom.
- Tony voelde zich ook niet lekker bij de spanningen die er tussen haar en
Britt lagen.
- Ann: Britt wil met je praten Tony. Ze heeft het heel moeilijk, maar wil je
proberen naar haar te luisteren ?
- Tony: Ik zou Britt graag willen helpen, maar ze denkt dat ik haar heb
verraden en ik weet niet of ze nog met mij wil praten.
- Ann: Britt?
- Britt; Ik moest je bellen van Ann. Ze zegt dat ik het met jou moet
uitpraten.
- Tony: Ik zou je wel willen helpen Britt, maar ik voel me zo schuldig over
wat er gebeurt is, ik weet niet of je me ooit nog kunt en wilt vertrouwen.
- Britt: Ann zegt dat ik mezelf en mijn omgeving weer moet leren vertrouwen.
- Tony: Britt, als ik de tijd kon terugdraaien om dit allemaal ongedaan te
krijgen, dan zou ik geen seconde twijfelen. Maar ik kan dat niet. Wat je ook
tegen me zult zeggen, hoe kwaad je ook wordt, ik KAN dit niet anders maken. Ik
denk dat het beter is als ik uit je leven verdwijn.
- Ann; Dat lijkt me juist helemaal geen goed idee Tony. Dan krijgt Britt nog
sterker het gevoel dat de voor zo belangrijke mensen haar laten vallen.
- Tony zit nu ook te huilen.
- Ann is van plaats verschoven en zit nu op een zetel voor de bank, waar Britt
aan de ene kant en Tony aan de andere kant zit.
- Ze kijkt het op een afstandje aan en ziet aan de houding en beweging van
Britt dat ze best bereid is om contact te zoeken met Tony. Maar ze zegt niets.
Ze wil het niet pushen, ze wil het initiatief echt volledig bij Britt laten
liggen.
- Britt kijkt eens naar Tony en lijkt haar hand uit te willen steken maar
trekt hem dan gauw weer terug en kijkt weer voor zich.
- Dan is het Tony die voorzichtig naar Britt kijkt. Zij durft, vanwege haar
eigen schaamte- gevoel, geen contact te maken.
- Weer kijkt Britt heel voorzichtig naar Tony en legt nu haar hand op de bank
tussen hen in.
- Hier schrikt Tony wat van en snel trekt Britt ook haar hand terug.
- Britt; Zie je wel, ze doet al net zo als Johan. Ik ben een ordinaire hoer
waar niemand wat mee te maken wil hebben.
- Tony: (luid pratend) Niet waar. Ik wil wel met je te maken hebben , maar ik
haat mezelf. Dan kan ik jou toch niet dichterbij laten komen?
- Britt; Wil jij wel met mij omgaan dan?
- Tony: Wil jij wel? Na wat ik heb gedaan? Of liever, wat ik heb nagelaten?
- Britt; Ik wil je graag een hand geven Tony.
- En weer steekt ze haar hand uit naar Tony , die hem heel voorzichtig
aanneemt.
- Britt voelt goed naar de warmte en de betekenis van de hand die nu in de
hare ligt.
- Britt; Mag ik dichter bij je komen Tony?
- Ze ziet dat Tony bijna zit te hyperventileren maar Ann is ook al dichterbij
geschoven en heeft nu een hand op Tony's schouder gelegd.
- Ann: Rustig ademhalen Tony. Het gaat heel goed. Je kunt het wel. Je doet het
fantastisch.
- Britt; Mag ik Tony?
- Maar dan kan ze zich niet meer inhouden en vliegt Tony om de nek. Ze stoot
haar gezicht en voelt een scherpe pijn, maar die pijn wordt compleet
overvleugeld door de warmte en de genegenheid die ze voelt uitgaan van Tony.
- Britt; Ik heb je gemist Tony. Niet omdat je er iet was toen ik in nood zat,
ik miste je als vriendin. Ik voelde me helemaal alleen . Maar nu ben je er
weer. Wil je me alsjeblieft verder helpen hierbij? Ik heb je zo hard nodig. En
Johan ook. Maar ik denk dat dat wat langer zal duren. Maar wil jij me helpen?
- Tony: Wil je dat echt? Na wat ik...
- Ann: Genoeg Tony. Dat hoofdstuk is al voorbij. Je bent al weer een stapje
dichterbij. Je gaat de goede kant op, samen met Britt.
- Ik denk dat we vandaag genoeg gedaan aanhebben. Redden jullie het zonder
mij? Dan kom ik volgende week nog een keer bij je terug Britt. En als er wat
is kun je me altijd bellen. Jij trouwens ook Tony. En niet zeggen dat je het
wel alleen kunt: op zijn tijd hebben we allemaal een beetje hulp nodig. Ook
jij. En ook jij mag er om vragen. Een tip nog: blijf niet te lang achterom
kijken wat er mis is gegaan. Jullie zijn al tot hier gekomen. Pak het op en ga
van hieruit vooruit.
- Britt: Dank je wel Ann. Dat je me zo goed hebt geholpen. En Tony, jij ook
heel erg bedankt. Sorry dat ik zo rot tegen je deed.
- Tony: Geen sorry. We waren allebei van slag. Laten we vooruit kijken, zoals
Ann zegt. Tot ziens Ann.
- Nadat Ann is vertrokken zitten Tony en Britt nog een hele tijd te praten.
Britt vallen de ogen bijna dicht. Ze is totaal afgeknoedelt. Als ze op wil
staan krijgt ze weer last van evenwichtsstoornissen en valt bijna tegen de
tafel aan.
- Tony: Pas op Britt. Ik wil je wel helpen , als je even zegt wat je wilt?
- Britt; Ik moet pijnstillers hebben. Ik ga kapot.
- Tony: Je bent ook heel erg moe, niet?
- Britt; Ja.
- Tony: Zal ik je naar je slaapkamer helpen dat jij kunt gaan liggen en dan ga
ik ook weer naar huis.En als er wat is moet je me bellen hoor. Zoals we altijd
hebben afgesproken.
- Britt; Dank je Tony, dat je mij niet hebt laten vallen. Ik was zo bang om
alles en iedereen kwijt te raken.
- Tony: Britt, het gaat heus wel goed komen.
- Britt; Waar is Dorien eigenlijk? Ik heb haar helemaal nog niet gezien?
- Tony: Die is bij je schoonmoeder. Ze vond het niet zo leuk, maar we hebben
afgesproken dat je eerst weer een beejte op krachten probeert te komen en dat
ze dan weer lekker bij jou thuis komt.
- Britt; Oké, dan is het goed. Ik denk dat ik maar ga slapen.
- Die maandag op het commissariaat krijgt Tony geen werk uit handen. Ze zit
nog steeds te dubben met de vraag of ze niet toch beter kan stoppen met het
politiewerk. Heel het weekend had ze tegen haar kindje aanzitten kletsen, maar
ja, die kan geen antwoorden terug geven, dus ze was er niets wijzer van
geworden. Ofwel Britt haar leek te hebben vergeven, twijfelde ze er nog steeds
over dat haar dagen bij de politie wel geteld waren. Ze had nu de
verantwoordelijkheid voor dit kleine minimensje te dragen en daarbij kon ze
zich zulke fouten niet veroorloven.
- Het vrat duidelijk aan haar en Nadine merkte aan haar dat haar iets dwars
zat.
- Nadine; Kom je even in kantoor Tony?
- Tony: Wat is er baas?
- Nadine; Wat formeel. Alles goed met je?
- Tony: Ja, ik zou niet weten wat er is.
- Nadine; Ik zie je steeds zo in gedachten verzonken. Is vorige week alles
goed gekomen met Britt?
- Tony: Ja, ze had me eerst weggestuurd, maar toch heeft ze me opgebeld en
hebben we de dingen uitgesproken. Het is gelukkig weer oged gekomen tussen
ons.
- Nadine; En met jou? Want ik zie je soms zo twijfelend kijken. Ik vraag me af
of het je wel lekker zit dat je weer terug bent gekomen.
- Tony: U had het mij gevraagd om Sofie te vervangen tijdens haar ziekte. Maar
nu Britt er ook niet is heeft u weer een half team. Misschien dat u zonder mij
kunt?
- Nadine; En we hebben zoveel werk. Maar bon, als je liever verder wilt met je
zwangerschapsverlof dan heb je daar recht op.
- Tony: Ik weet het niet Nadine. Ik weet het niet.
- Nadine; Denk er de komende dagen dan goed over na en als je kunt, laat het
mij voor het einde van de week weten. Oké?
- Tony: oké.
- En weg is ze weer, terug naar haar eigen desk en gaat zitten staren naar de
desk van Britt. Ze voelt zich van binnen nog steeds ellendig.
- Ze neemt haar pauze maar wat eerder vandaag en gaat naar buiten om de frisse
lucht te voelen. Dan belt ze Johan omdat ze ook graag met hem wil praten.
- Ze spreken af om na werktijd samen wat te gaan drinken bij 't Vosken.
- Johan ziet er ook niet zo gelukkig uit. Hij ziet moe en grauw in zijn
gezicht.
- Ze bestellen hun koffie en praten wat over de voorbije dagen.
- Tony hoort al snel dat het met Johan helemaal niet zo lekker gaat.
- Tony: Waarom ga je niet met een psycholoog of zo in gesprek. Die kan je heel
goed helpen.
- Johan: Ach Tony. Het zit tussen mijn oren. Ik blijf maar denken dat Britt
dat gedaan heeft. Maar het was helemaal haar schuld niet. Zij is verdomme
verkracht: seksueel misbruik. Genomen TEGN haar wil, en ik behandel haar of ze
een ordinaire hoer is. Ik kan haar niet onder ogen komen. Ik schaam me kapot.
- Tony: Maar ze heeft je nodig Johan. Bel haar op en ga met haar praten. Zeg
haar hoe je je voelt.
- Johan; Ik kan haar niet zeggen dat ik haar als een.. als een .... Ik kan dat
niet.
- Tony: We kunnen ook samen naar haar toegaan. Ik dacht ook dat ze boos op mij
was. Dat zei ze tenminste steeds. maar toen is Ann met haar gaan praten en die
had al gauw in de gaten dat Britt heel angstig was om alleen te zijn. Maar
door haar angst jaagde ze ook steeds haar dierbaren bij zich weg. Ik weet
gewoon heel zeker dat ze je weer zien wil Johan.
- Johan; Heb jij nog met haar afgesproken?
- Tony: Ik ga morgen naar haar toe. Ga je mee?
- Johan: Nee, nog niet direct. Wil jij eens horen of ze me zien wil?
- Tony: Dat wil ze toch? Ga nu mee?
- Johan: Nee, ze moet zelf kunnen kiezen of ze me wil zien. Als ze wil, mag je
me bellen en dan kom ik. Ik durf haar zo niet onder ogen te komen.
- Tony: Waarom niet Johan?
- Johan: Britt wil meer van me dan ik aan kan op dit moment.
- Tony: Hoe weet jij dat nu?
- Johan :Ik merkte het toen ze vorige week zo dicht tegen me aan ging zitten.
Ik heb het gevoel dat ze wil compenseren wat er haar is aangedaan.
- Tony: Rustig maar Johan. Ik zal morgen met haar gaan praten. Maar ga in
godsnaam hulp zoeken als je er zelf niet uitkomt.
- Johan :Zal Britt dat niet raar vinden dan? Ik bedoel, dat ik ga praten hoe
ik me voel over haar?
- Tony: Johan, Britt heeft zelf ook hulp. Die heeft ze nodig. Het is HULP.
Soms kan je niet zelf verder en dan heb je hulp nodig. Ga er voor. Laat haar
niet in de kou staan. Ik weet hoe zeer ze je mist en hoe hard ze je nodig
heeft.
- Johan: Dank je Tony dat je me gebeld hebt en dat we hebben kunnen praten. Ik
ga morgen direct iemand bellen. En als Britt met mij wil praten laten jullie
dat even weten oké?
- Tony: Oké.
- Tony laat het niet bij de pakken zitten, belt Nadine om te vragen of ze die
middag vrij mag nemen en gaat dan richting Britt's huis...
- Britt: Tony? Moet jij nie werken? (verwonderd)
- Tony: Ik wilde vragen van Johan of hij mocht afkomen. (met de deur in huis
vallend)
- Britt kijkt Tony met een mengeling van gevoelens aan...
- Britt: Wil hij zelf dan?
- Tony: ik heb hem gisteren gebeld en we hebben koffie gedronken en wat
gepraat.
- Britt: Waarom heb je dat gedaan?
- Tony: Omdat ik me heel rot voelde. En omdat ik Johan wilde zien.
- Britt; En wat heeft hij gezegd? Zeker dat hij niet verder wil, omdat ik met
alle mannen...?
- Tony: Stop Britt. Je zou niet meer zo vernederend over jezelf praten. Johan
heeft het heel moeilijk. Maar ik denk dat het goed is als jullie gaan praten.
Desnoods vraag je Ann erbij.
- Britt; Wil jij er bij blijven? Ik heb je steun hele hard nodig Tony.
- Tony: Wil je hem dan bellen dat hij komen kan?
- Britt; Wil jij dat doen? Ik durf het nog niet.
- Tony: Wil je echt zelf met hem praten? En niet omdat ik het ben komen
vertellen?
- Britt; Ik weet niet Tony. Ik ben bang.
- Tony: Waarvoor?
- Britt; Dat hij me weer afwijst. Ik weet niet of ik dat hebben kan.
- Tony: Ik wil hem wel bellen. Verder met jou alles goed gekomen? Ben je al
bij de dokter geweest?
- Britt; Ik moet straks heen.
- Tony: Zal ik maar eerst met je daarheen gaan, dan heb je nadien gewoon de
tijd om met Johan te praten en hoef je niet zo op de klok te kijken.
- Op de poli moet Britt eerst naar de KNO arts die het verband van haar oor
haalt. Ineens komt er weer heel veel geluid binnen en dat doet pijn in het
oor.
- Dan gaat de arts met ene lampje in het oor kijken en doet ook een
gehoortest. Het lijkt gelukkig allemaal mee te zijn gevallen. Het oor kan nog
niet alle geluiden even goed aan, maar het ziet er naar uit dat het zich
volledig zal hestellen. Ook het evenwicht zal weer goed komen.
- Britt; Gelukkig maar. Ik ben thuis al heel wat keren gevallen omdat ik
gewoon niet weet waar ik mijn voeten zet.
- Arts: Awel, dan toch maar wat beter uitkijken dus. En nog niet teveel bukken
en tillen en als er verder niets is zie ik u over drie weken, hopelijk voor de
laatste controle.
- Britt; Mag ik weer gaan werken?
- Arts: Dat zal dan toch niet eerder worden dan over drie weken. En niet naar
de schietbaan!
- Britt; Hoe weet u dat nu dat ik daar heen ga?
- Arts: Ik heb gelezen dat je bij de politie bent en dus zul je af en toe
moeten schieten. Maar ik weet zeker dat je oren je dat nu nog niet in dank
afnemen.
- Britt; Bedankt dokter en tot ziens.
- Bij de kaakchirurg moet ze een poos wachten maar kan dan na ruim een uur
toch naar binnen om er gelijk weer weggestuurd te worden want de arts wil
eerst foto's van haar kaak en aangezicht hebben.
- Op de röntgen is het ook weer wachten en Tony is weer ouderwets chagrijnig.
Ze haat ziekenhuizen en al dat wachten doet haar zeker gene goed.
- Maar dan mogen ze eindelijk met de foto's naar de arts terug.
- Die hangt ze voor de lichtbak en kijkt er heel geďnteresseerd naar.
- Tony: Wat ziet u?
- Arts: Ik kijk nog.
- Tony: Komen we dat vandaag nog te weten?
- Arts: Wel, het lijkt de goede kant uit te gaan. De fractuurlijnen staan mooi
recht tegenover elkaar en er lijkt al nieuwvorming van bot te ontstaan.
- Britt; Wanneer mag die fixatie eruit?
- Arts: Over een half jaar.
- Britt; Nee. Dat kan niet. Het doet pijn en mijn speeksel loopt me zo uit de
mond. Dat kan toch wel anders?
- Arts: Nee, dat kan niet.
- Tony: Doe dan uw best maar. Ik heb het ook gehad en toen kon het wel anders.
- Arts: Wel, dan zal ik opnieuw moeten opereren en dat is denk ik niet echt
nodig dus dat wil ik liever niet doen.
- Britt; Maar wat is er te doen tegen die speekselvloed?
- Arts: Ga even in de stoel zitten en leg uw hoofd maar achterover.
- Britt gaat zitten en doet wat de arts vraagt.
- De arts gaat met zijn vingers in Britt haar mond de hele kaaklijn volgen.
Dat doet wel pijn, maar Britt laat het gewillig toe. Dan neemt de arts wat
tangetjes en kleine schroevendraaiertjes en begint aan de fixatie te prutsen.
Britt kan niets zien maar lijkt daarom alles wel tien keer zo goed te kunnen
voelen.
- Tony ziet dat ze tranen in de ogen krijgt en gaat naast haar staan en neemt
haar hand.
- Tony: Brittje, rustig door je neus ademen. Probeer te ontspannen.
- Met volle mond probeert ze aan te geven dat het zo'n pijn doet.
- Arts: Momentje. Ik moet even weg. Ik zal u rechtop zetten . U mag uw mond
spoelen met deze vloeistof. Niet doorslikken want het is heel vies, maar het
werkt wel heel goed om ontstekingen van het tandvlees te rvoorkomen.
- Als de arts weg is reikt Tony Britt een handspiegel aan die er lag.
- Tony: Wil je zien hoe het eruit ziet?
- Britt; Ja.
- Ze kijkt en ziet dat het er eigenlijk toch nog wel redelijk uitziet. De
hechten van de operatie aan het jukbeen waren ook net verwijderd en het
lidteken was een heel dun en mooi lijntje, dat precies de lijn van haar
gezicht volgde. Mogelijk dat ze daar nauwelijks iets van over zou houden.
- Britt; Zal Johan het erg vinden als er een lidteken blijft?
- Tony: Hij is toch verliefd op u?
- Britt; Ik weet niet. Wat dan?
- Tony: Liefde maakt blind.
- Dan is de arts terug met een collega.
- Arts: Wel we hebben even overleg gehad. We kunnen wel een aanpassing doen en
omdat deze fixatie er nu toch af ligt stel ik voor het direct te doen. Ik zal
u een roesje geven, een lichte narcose, en dan gaan we gelijk bezig.
- Tony: Wat gaan jullie doen?
- Arts: U had het toch zelf ook al gehad? Dan weet u het toch?
- Tony: Maar zij weet het nog niet.
- Arts: Wel, we maken een afdruk van de beide kaken en gaan een nachtspalk
maken. Die moet u zoveel mogelijk gaan dragen. Zeker de nacht, maar het kan
geen kwaad hem ook overdag te dragen, zeker als u toch thuis bent. Dan gaan we
opnieuw dunne plaatjes inbrengen aan de onder en bovenkaak en die weer met
elkaar verbinden. Ik zal ze iets verder naar voren plaatsen, zodat het niet
steeds de speekselklieren overprikkeld.
- Je kunt je mond dan ook iets verder openen en de boel goed reinigen. Dat is
heel belangrijk.
- Britt: Dus u gaat weer operen?
- Arts: Het is zo gebeurt, maar de afdruk maken zal zeer pijnlijk zijn, dus
daarom liever even onder een roesje.
- Met een half uurtje is het "operatiegedeelte" klaar en moeten ze
nog even wachten op de spalk.
- Het plaatsen van de spalk (eigenlijk meer een soort buitenboord beugel) is
nog wel even lastig aan te leren voor Britt. Ze is bang voor pijn en moet daar
echt even doorheen.
- Als ze het eenmaal kan krijgt ze de nodige instructies mee voor de
verzorging, nieuwe medicijnen en ze kan weer gaan tot over drie weken.
- Tony: Bedankt dokter. Maar ik heb het niet zo op ziekenhuizen, snapt u?
- Arts: Is goed. Niemand vind artsen aardig als die pijn doen.
- Britt voelt zich ondertussen weer heel erg moe en als Tony haar thuisbrengt
wils ze graag naar bed.
- Tony: Wil ik Johan bellen dat hij begin van de avond komt?
- Brtiitt: Wil je dat? Zal ik het doen?
- Tony: Moet je helemaal zelf weten Britt. Gaat het een beetje of heb je nog
veel hinder van je mond en zo?
- Britt; Ik ben gewoon moe. Bel maar, ik zie wel als ik wakker word.
- Tony: Oke... (glimlachend/vriendelijk)
- Tony belt Johan en die belooft rond half 9 te komen...
- Wanneer Britt rond kwart voor 9 wakker wordt, schrikt ze als ze een
mannenstem in haar woonkamer hoort, maar dan realiseert ze zich dat Johan zou
langskomen...
- Zacht stommelt ze de woonkamer in en ploft neer op de bank, naast Johan.
- Johan schuift in een automatisme wat opzij. Tony ziet de teleurstelling in
Britt's gezicht.
- Tony: Johan je moet niet bang zijn.
- Britt; Wil je me liever niet meer zien Johan? Vind je me een hoer of zo?
(verdrietig)
- Johan: Sorry Britt. Ik heb met Tony gesproken en gezegd hoe ik me voe, maar
ik kan het jou niet zeggen. Ik zou je tekort doen.
- Britt; Maar ik heb je nodig Johan, je moet me helpen.
- Johan: Britt, ik denk dat ik beter niet had kunnen komen.
- Britt; Je haat me?!?! Is dat het? Ik ben genomen door een vreemde vent en nu
wil je me niet meer?
- Johan: Nee, Britt. Ja, misschien ook wel. Nee, dat is het niet. Ik raak zo
in de war van wat er is gebeurt.
- Britt zit nu stilletjes te huilen en Tony gaat dicht naast haar zitten en
legt een arm om haar schouder.
- Tony: Britt, Johan wil je nog iets vertellen. Ik heb hem gesproken, en hij
heeft gezegd dat hij het heel moeilijk heeft, maar hij wil, en moet het gewoon
zelf vertellen. Maar probeer je niet meteen aangevallen te voelen.
- Britt; Wat wil hij zeggen dan?
- Tony: Moet je hem vragen.
- Britt; Johan?
- Johan: Britt, ik......
- Britt; Zeg het dan. Ik zal proberen me goed te houden.
- Johan; Nee, dat moet je niet doen. Oh, het is zo moeilijk Britt.
- Dan gaat Britt toch weer een stukje dichter bij Johan zitten, die nu niet
wegschuift, maar wel verstijft.
- Britt; Johan, zou je alsjeblieft willen proberen niet zo heftig te reageren.
Ik krijg dan echt helemaal het idee dat niemand mij meer wil zien .
- Johan: Ik doe mijn best Britt. Ik wil het je vertellen, maar het kost me
heel veel moeite, dus als je kunt, moet je me niet onderbreken. Het moet er
gewoon eerst uit.
- Britt; Tony, wil jij dan mijn hand houden?
- Tony: Ik wil je hand wel houden Britt.
- Johan: Toen ik hoorde dat je was ontvoerd en ze je hadden teruggevonden ben
ik weer zo ontzettend bang geweest dat ik je kwijt was. Ik had zo'n verdriet.
Maar toen ik hoorde dat je weer verkracht was leek het of er bij mij iets
knapte. Ik kon je op dat momnet niet liefhebben. Ik wilde wel, echt wel, maar
de gedachte dat er weer mannen aan je hadden gezeten....... Ik , ik, ik voelde
me zo verraden. Ik weet ook wel dat het nooit een keuze van jou is geweest om
genomen te worden. Maar de gedachte .... Britt ik schaam me voor mijn reacties
als jij dicht bij me komt, maar het lijkt wel of ik er geen controle op heb.
Ik zou je heel graag lief willen hebben, en weer lekker vast houden net als
vroeger, maar ik kan het gewoon niet, hoe graag ik het ook wil.
- Dan is het even stil. Tony ziet dat zowel Britt als Johan de tranen in hun
ogen hebben staan. Ze geeft Britt een bemoedigend kneepje in haar hand en
werpt Johan een bemoedigende knipoog toe.
- Dan gaat Johan verder.
- Johan: Britt, ik walgde zo van mezelf, dat ik me zo lafhartig opstelde over
jou. Ik wist niet meer wat ik moest doen. En toen belde Tony, gelukkig, moet
ik zeggen. Want echt, ik stond op het punt om Gent en alles wat ik daar had
voorgoed de rug toe te keren. Maar het bleef aan me vreten dat ik zo'n lieve
en mooie vriendin nergens ter wereld weer zou vinden. Maar toen hebben we
afgesproken en heb ik met haar gepraat. Zij vertelde me dat als ik het er zo
moeilijk mee had, dat ik dan hulp moest gaan zoeken. Eerst leek me dat niets.
Ik vond het een zwaktebod, vond me zelf een aanstellers dat ik dit niet gewoon
samen met jou op kon lossen. Maar hoe meer ik erover nadacht, hoe belangrijker
het voor me werd om met iemand over mijn gevoelens te praten. Ik weet dat jij
het ook heel moeilijk hebt, dus ik wilde jou er niet mee lastig vallen. En
toen heb ik vanmorgen een therapeut gebeld. En ik heb vanmiddag een gesprek
gehad. Tegen hem heb ik dit ook verteld, maar ik wist niet hoe ik er anders
mee om moest gaan. Ik hoop dat je het me niet kwalijk neemt dat ik met een
vreemde praat over hoe ik me voel ten opzichte van jou. Maar ik doe het omdat
ik van die angsten af wil dat ik je zal haten. Begrijp me goed Britt: ik haat
je niet. Het is de angst dat ik je zou kunnen gaan haten om wat jou is
overkomen en dat vond ik zo ondragelijk dat ik,op aanraden van Tony, dan toch
hulp ben gaan zoeken.
- Britt zucht eens heel diep en veegt voorzichtig de tranen uit haar ogen.
- Britt; Mag ik?
- Johan: Ja. Ik heb niet meer te zeggen.
- Britt; Ik vind je heel moedig Johan. En ik vind het helemaal niet erg dat je
hulp hebt gezocht. Ik wil je niet kwijt. Ik zou ook willen dat het niet
gebeurt was. Ik heb je nodig. Ik ben ook bang. Bang dat alles en iedereen die
me lief is zich tegen mij zal keren omdat ik door iedereen genomen kan worden.
En ik heb gesprekken met Ann, en zij probeert mij te helpen, maar als jij het
wilt dan zouden we ook samen naar een therapeut kunnen gaan. Want ik wil
tenslotte met jou verder Johan. Jij hoort bij mijn leven.
- Johan kijkt Britt aan door zijn behuilde ogen.
- Ook Tony zit te snotteren op de bank, maar zij verbreekt deze verdrietige
toer door te vragen wie er wat te drinken wil.
- Iedereen is er voor om deze droefenis even te onderbreken, en Britt staat op
om ook naar de keuken te gaan, met Tony mee, maar ze valt al weer bijna uit
haar evenwicht en gelukkig kan Johan haar net opvangen. Zijn handen hebben
haar om haar middel opgevangen en hij laat zijn handen daar rusten.
- Britt; Johan? Gaat het?
- Johan: Gaat het met jou? Wat is het dat je zo maar omvalt?
- Britt: Oh, een beetje last van mijn evenwicht maar dat gaat wel goed komen
zegt de dokter.
- Dan ziet Johan ook het hele dunne streepje van het lidteken en veegt daar
kort heel zachtjes overheen met zijn duim.
- Britt voelt de vlinders in haar buik en kijkt verwachtingsvol naar Johan.
- Johan kijkt haar ook eens diep in de ogen en voelt heel diep van binnen het
brandend verlangen om weer heel close te worden met Britt.
- Johan: Britt ik geloof erin dat het met ons goed gaat komen, maar ik wil het
niet overhaasten.
- Britt; We hoeven niet direct intiem te worden, maar ik zou heel graag weer
eens voelen hoe het is als jij je sterke en beschermende armen om me heen
slaat .
- Even twijfelt Johan en legt dan voorzichtig zijn armen om Britt heen.
- Tony die net uit de keuken komt met het drinken laat van schrik een glas
vallen, maar noch Johan noch Britt merken dat. Ze zijn nu heel close met
elkaar en drinken elkaars warmte.
- Na een poosje:
- Britt; Johan, zullen we even gaan zitten?
- Maar Johan hoort het nog steeds niet. Die heeft zijn hoofd in Britt's hals
gelegd en staat met gesloten ogen te genieten van de geur van Britt haar haren
en haar lichaam.
- Britt: Johan??
- Johan: Sorry. Zei je wat?
- Britt; Ik moet even gaan zitten , ik voel me wat duizelig.
- Johan: Is goed. Voorzichtig aan hoor.
- En nu het hoge woord eruit is hebben ze nog een bosje een gezellig
onderonsje.
- Tegen half elf vertrekt Johan weer, maar Britt vraagt Tony om nog even te
blijven.
- Britt; Zou het echt goed komen, denk je?
- Tony: Zeker en vast. Ik schrok me wezenloos toen hij je zo vast had.
- Britt; Het voelde zo goed Tony. Ik hoop dat dit nog maar het begin was.
- Tony: Gun hem de tijd Britt. Overhaast het niet. Niet voor hem maar ook niet
voor jezelf.
- Britt; Jij bent eigenlijk wel heel goed. Weet je dat?
- Tony: En waarom zit ik dan zelf zonder?
- Britt; Omdat er voor jou een heel speciaal iemand is, en die moet zich nog
aandienen.
- Tony: Zou het?
- Britt: Echt wel Tony. Zo'n goed en lief mens als jij verdient een hele
bijzondere vriend.
- Nu is Britt echt helemaal gaar. Ze staat bijna te slapen. Ze wil nog zoveel
vertellen tegen Tony maar ze komt bijna niet meer uit haar woorden.
- Tony: Ga lekker naar bed en slaap eens een gat in de dag. Ik vind dat je
deze week heel erg bent opgeknapt en je ziet er ook een heel stuk meer
ontspannen uit.
- Britt; Ann komt morgen weer. Wil je er ook bij zijn?
- Tony: Hoe laat komt ze?
- Britt; Tegen drie uur.
- Tony: Is goed. Mag ik dan zo vrij zijn om te vragen of ik mag mee eten?
- Britt: Vragen mag, maar ik eet nog steeds pap.
- Tony: Gatver. Dat krijgt een volwassene toch niet door zijn strot heen?
- Britt: Wel een volwassene met een gebroken kaak.
- Tony: Nou, dan maar zonder eten.
- Britt; Ik regel wel iets voor je. Je bent welkom, altijd, en dat weet je.
- Tony: Maak geen drukte. Ik pik later op weg naar huis wel wat.
- (maar Britt had zich al lang bedacht dat ze haar arts wou bellen om te
vragen of ze al wat anders mocht eten dan pap, pasta bijvoorbeeld, zonder
harde stukjes)
- Tony is erg moe door alle emotionele inspanningen die ze heeft geleverd,
maar sleept zich anderdaags maar weer naar het commissariaat .
- Nadine roept haar binnen en vraagt of alles oké is.
- Tony: Ik ben versleten. Wat een energie hebben deze twee weken me gekost.
- Nadine; Wil je vrij hebben?
- Tony: En het werk dan?
- Nadine: dat zullen de anderen wel weer doen. Heb je trouwens al nagedacht
wat je wilt?
- Tony: Ik heb gedacht maar ben er nog niet uit. Mag het nog even wachten?
- Nadine; Voor het einde van de maand moet ik het weten in verband met de
salariëring. Eenmaal weer op de lijst doen ze zo moeilijk om je er weer af te
krijgen.
- Tony: Pfffffffffff. Ik ben kapot.
- Nadine; Zou jij eens bij Sofie langs willen gaan? Namens het team? Door alle
drukte met Britt zijn we haar een peetje vergeten. En dan heb je mooi de dag
een beetje aan jezelf.
- Tony: Mag ik vandaag op tijd weg? Ik heb Britt beloofd om bij haar gesprek
met de psycholoog te zijn.
- Nadine: Is goed. Neem rustig je tijd.
- Tony: Dat doe ik. (glimlachend)
- Rond half 12 laat Tony Nadine weten dat ze vertrekt en gaat ze een broodje
halen.
- Rond half 1 trekt ze naar haar boot om wat lekker ontspannen naar een zacht
muziekje te luisteren en wat te drinken, en rond half 3 vertrekt ze dan naar
Britt.
- Britt: Tony... Ik... Ik heb schrik... (plotseling ontzettend bang geworden)
- Tony: Rustig, meid, rustig, wat is er gebeurt? Wat scheelt er, dat je plots
zo bang bent? (bezorgd)
- Britt: Ik weet nie...e... Ik wil... Jo...ohan... (haperend/naar adem
snakkend)
- Tony: Wat is er met Johan?
- Britt: Ik ... ik... ik droomde dat hij bij mij weg ging. Voorgoed. En ik was
weer heel bang om alleen te zijn.
- Tony: Hé mallerd. Je bent toch niet alleen?
- Britt: Maar ik ben...
- Tony: Wil je Johan gaan bellen dan?
- Britt; Ik durf niet. Straks zegt hij dat hij mij niet meer wil.
- Tony: Als je het niet vraagt weet je het niet zeker.
- Britt; Maar ik durf niet (huilend)
- Tony neemt haar bij de arm en leid haar naar de bank waar ze samen op gaan
zitten, en vraagt haar te vertellen waar ze zo bang voor is dan. Net op dat
moment gaat de deurbel. Britt schrikt daar erg van maar als Tony open doet
ziet ze dat het Ann is.
- Ann: Hoi Tony. Alles goed met ej? Je ziet er zo moe uit.
- Tony: Het is zo moeilijk voor Britt. Ze is zo bang dat Johan haar niet meer
wil zien. Gisteren is hij geweest en hebben ze elkaar toch even vastgehouden,
maar vannacht en vandaag had ze gedroomd dat hij haar in de steek liet.
- Ann: Pas op dat je er zelf niet onderdoor gaat. Dan heeft Britt geen steun
meer aan je.
- Tony: Wat moet ik doen Ann? Ik wil haar zo graag helpen, maar ik ben zo
kapot.
- Ann: Loop maar even mee, dan ga ik met haar praten en probeer ik wel uit te
leggen dat je even een paar dagen rust nodig hebt.
- Tony: Dat kan ze niet aan.
- Ann: Als ik jou zie, kun jij het zonder rust ook niet meer aan.
- In de kamer zit Britt heel nietig en verdrietig op de bank.
- Ann: Hoi Britt. Ik zie dat de verbanden eraf zijn. Bij de dokter geweest?
Alles goed?
- Britt; Lichamelijk komt het wel goed zeggen de dokters. Maar verder.......?
- Ann: Wat is er dan verder? Je ziet er zo verdrietig uit.
- Britt; Gisteren is Johan geweest en hij zei dat hij dat hij het niet kon
verkroppen dat die mannen weer aan mij hadden gezeten. Hij begreep wel dat het
niet mijn keuze was, maar hij kon niet van me houden zei hij.
- Ann: Wat hebben jullie gedaan dan toen jullie dit besproken hebben?
- Britt; Ik wilde hem zo graag voelen. Gewoon weer in zijn sterke en veilige
armen. Ik viel bijna om en toen heeft hij me opgevangen. En eerst voelde dat
heel fijn, maar vannacht kreeg ik het gevoel dat hij toch niet wilde. En nu
voel ik me zo eenzaam en in de steek gelaten.
- Ann: Britt, het is voor Johan ook heel moeilijk om te kunnen verwerken. Jij
bent zijn vriendin, daar mag niet zomaar iemand anders aanzitten. Dat dat wel
gebeurt is geeft hem misschien het gevoel van falen. Dat hij niet heeft kunnen
voorkomen dat het is gebeurt.
- Britt; Maar het doet zo'n pijn als je vriend zich van je afkeert en je niet
aan wil raken. Dat is toch het bewijs.
- Ann: Wat voor bewijs?
- Britt; Dat ik een sloerie ben, een ordinaire hoer.
- Ann: STOP Britt. We hadden afgesproken dat je jezelf niet zo zou vernederen.
Jij moet weten dat je gedachten niet reëel zijn. Ik wil een oefening met je
doen zodat je gaat ervaren dat je gedachten irreëel zijn. Ga je even staan?
- Als Britt gaat staan is ze weer heel wankel op de benen.
- Ann: Misschien toch maar even zittend, als ik je zo zie. Mag Tony met je de
oefening doen?
- Britt; Ik wil met Johan.
- Ann: Ik vind het beter om de verwachtingen op dit moment niet te hoog te
stellen. Bouw het langzaam op. Ervaar hoe het is als er iemand nabij is die om
je geeft en geen "beperkingen" heeft, zoals bijvoorbeeld Johan ,
waar je een intieme relatie mee hebt.
- Britt; Die relatie is toch over? Hij geeft toch niet meer om mij?
- Ann: Tony, zou jij met Britt willen oefenen?
- Tony: Wat moet ik doen?
- Ann: Britt gaat met jou in gesprek, over iets wat ze zelf wil, en dan
probeert ZIJ om fysiek contact met je te leggen, door bijvoorbeeld een hand te
geven of een schouderklopje. Je mag dit contact beantwoorden, maar let op dat
je niet te sterk reageert, en dan ga ik kijken hoe Britt er mee omgaat en op
jouw reageert. We doen het een paar keer en daarna wil ik met haar alleen
verder, en dan zal ik haar ook vertellen van jou broodnodige rust.
- Britt; Welke rust?
- Ann: Straks Britt, Eerst die oefeningen.
- Britt; Wat moet ik doen? (bang)
- Ann: Je gaat gewoon een praatje maken en als jij denkt dat je het aankunt
maakt je fysiek contact met Tony door bijvoorbeeld een had te geven of een
schouderklopje, wat voor jou goed voelt. Aan Tony om al dan niet met een
reactie te komen en ik ga het observeren. Ik wil het met de videocamera
opnemen zodat we het kunnen terugzien en ik je kan wijzen op specifiek
gedragingen.
- Britt; Moet dat?
- Ann: Ik wil je helpen Britt. Je kun het niet fout doen, het is geen test of
een examen. Het kan best zijn dat jij door je angst een bepaalde houding
aanneemt die jij je niet eens bewust bent. Door het te filmen en terug te
kijken kun jij dat zelf ook gaan zien en waar nodig daar iets in veranderen.
Bewustwording is heel belangrijk. Ben je er klaar voor?
- Britt; Het moet dan maar.
- Tony probeert een teleurgestelde zucht binnen te houden. Ze wil Britt zo
graag helpen, maar die heeft er zelf heel weinig hoop op.
- Britt begint te vertellen, maar het draait maar steeds weer om hetzelfde:
dat ze zichzelf niets waard vind.
- Ann: Stop eens even Britt. Het gaat zo niet echt lekker vind je zelf wel?
- Britt; Wat moet ik dan? Ik zit hier zo vol mee.
- Ann: Dat gaan jij en ik straks ook nog bespreken, maar ik wil nu graag even
je aandacht bij de oefeningen. Nog maar eens,
- Dan begint ze te vertellen over Mark. Hoe gelukkig ze met hem was en hoe
blij ze samen waren toen Dorien werd geboren. Tony is weer ontroerd als ze
Britt weer een beetje gelukkig ziet, maar ze weet ook dat het maar even duurt
voor ze ook hier weer in droefheid schiet want Britt mist Mark nog elke dag.
Ze kon er redelijk goed mee omgaan, maar in moeilijke periodes ging het toch
niet zo goed. Daarom kijkt ze vragen naar Britt, die dit teken opvat om
contact te maken.
- Voorzichtig legt Britt haar hand bij Tony op haar been. Tony kijkt naar
Britt haar hand.
- Britt; Vind je dit goed Tony?
- Tony: Ja, hoor, van mij mag je
- Britt; Mag ik je dan ook een knuffeltje geven, want ik wil dat graag. Jij
bent altijd zo lief voor mij. Jij weet hoe het voor mij is nu Mark er niet mee
ris, maar toch mag ik bij jou altijd mezelf zijn.
- Dan neemt Britt Tony in haar armen en omhelst haar teder. Tony vind dit een
geweldige stap voor Britt en slaat ook haar armen om Britt heen om haar te
feliciteren met dit succes.
- Nu Britt Tony zo dicht bij zich heeft, haar hoofd een beetje verstopt in
Tony's hals, laat ze zachtjes haar tranen lopen.
- Britt; Ik mis hem. Ik mis dit. Dit zou ik zo graag willen met Johan. Zou hij
nu echt niet meer van me houden?
- Tony: Johan houd wel van je, maar hij heeft nu wat moeite met fysiek
contact, maar hij heeft ook hulp gezocht. Hij is heel hard aan het werk om van
zijn angsten af te komen. Hij zei me dat hij heel geragd met je verder wil.
- Britt; Echt??? (bijna ongelovig)
- Ann: Oké Britt. Dit was al je eerste oefening. Hoe voelde het voor jou?
- Britt; Met Tony erbij voelt het gewoon heel goed.
- Ann: Durfde je haar aan te raken zonder dat je bang was?
- Britt; Ja.
- Ann: Dat betekend dus dat je je zelf niet vies vind voor Tony. Waarom denk
je dan dat Johan dat wel zou vinden?
- Britt; Dat weet ik niet. Dat denk ik alleen maar.
- Ann: Zouden je gedachten misschien emotionele overtrokken kunnen zijn?
- Britt; Je bedoelt, dat ik het, omdat ik bang hem te verliezen, veel erger
denk dan het in het echt is?
- Ann: Dat bedoel ik ja.
- Britt; Misschien heb je wel gelijk.
- Ann: Zullen we de video eens gaan zien samen? En als jij wat ziet wat je
opvalt, dan zeg je het en zetten we de band even stil.
- Samen kijken ze naar de video en het valt Britt gelijk op hoe ze haar
lichaamstaal aanpast aan de situatie. Bij verhoging van de spanning ziet ze
dat haar schouders hoger gaan staan en ze meer gespannen kijkt. Echter,
eenmaal contact hebbend met Tony lijken alle remmingen eraf, en heeft ze zelfs
de neiging om over Tony's grenzen te gaan.
- Britt; Wat zie je dat goed.
- Ann: Daarom vind ik het zo prettig om met video te werken. Je weet niet half
hoe weinig de mensen zich bewust zijn van hun eigen gedrag.
- Britt; Willen we nog eens kijken, en nu zonder commentaar en zonder stoppen?
- Ann: Is goed.
- Tony kijkt heel goed naar Briit haar gedrag, maar ook naar dat van haar
zelf.
- Het valt haar op dat ze heel afwachtend is. Dat was wel haar opdracht, maar
toch, het was niet wat ze van zichzelf kende.
- Nadat ze de band nog eens hebben gezien stelt Ann voor dat Britt en zij met
twee verder praten en dat Tony naar huis gaat om even een paar dagen tot rust
te komen.
- Britt; Mag ze dan niet hier komen?
- Ann: Ik kan niet zeggen dat ze niet mag, maar ze is heel erg vermoeid. En ik
zou ook heel graag willen dat jij je oefeningen gaat uitbreiden naar andere
mensen. Bijvoorbeeld naar Dorien of naar je moeder of schoonmoeder.
- Britt; Maar dat vind ik zo moeilijk.
- Ann: En je hebt gezien hoe waardevol het is. Je hebt de video gezien en je
hebt je eigen gedrag geëvalueerd. Heel knap hoe snel je dat hebt opgepakt.
Het gaat wel goed komen met je Britt . Ik heb daar het volste vertrouwen in.
Gun je zelf een beetje de tijd. Ik denk dat je over twee weken heel anders
tegen de situatie aankijkt.
- Britt; Moet ik twee weken zonder Tony?
- Ann: Ik heb toch niet gezegd dat je haar niet mag zien?
- Britt; Maar je zegt net: twee weken.....
- Ann: Over twee weken kijk je heel anders tegen je situatie aan. Ik denk er
zelfs over om over een dag of tien de oefeningen te gaan herhalen maar dan
samen met Johan.
- Nu begint Britt helemaal te glunderen.
- Tony voelt een warm plekje in haar hart voor Britt. Ze buigt naar haar toe
en geeft haar een paar zoende op de wangen en Britt kan dit zomaar toelaten.
- Britt: Ann heeft gelijk, Tony, jij hebt je rust nodig. Ga naar huis en slaap
wat of neem een lekker warm bad, maar rust alsjeblieft uit. Ik kan nie zonder
je, en dat weet je. Zal ik morgenavond eens bellen?
- Tony: Tuurlijk kan je bellen! Tot morgenavond dan en bedankt, Britt...
(glimlachend/vriendelijk)
- Tony wil weggaan, maar Britt roept haar even terug. Nog heel even twijfelt
ze, maar dan slaat Britt haar armen rond Tony en geeft haar nog een laatste
knuffel.
- Tony geeft Britt ook een knuffel en dan vertrekt ze echt.
- Nog even praten Ann en Britt na over de oefeningen...
- En dan is Britt weer alleen in huis. Even bevangt haar de stilte en ze voelt
alweer wat angst en onrust opkomen, maar dan vermant ze zich toch.
- Ann had geadviseerd een soort van dagboekje bij te gaan houden, met de
dingen die ze doet overdag, en hoe ze zich voelt en wat haar gedachten zijn,
en dus zet ze zich aan tafel en begint te schrijven,.
- Na een kwartiertje heeft ze gedaan en gaat weer op de bank zitten een kijkt
wat naar de TV.
- Er iets niet iets op wat haar aandacht kan vasthouden en dan gaat ze languit
liggen en begint een beetje te mijmelen. Ze denkt na over hoe het leven tot nu
toe voor haar is geweest en eigenlijk was ze heel tevreden. Tot voor vier jaar
dan. Toen Mark .......
- Ze schud de rillingen van zich af en maant zich om over positieve dingen te
denken.
- Dan komen de gedachten aan Johan boven en in een automatisme pakt ze de
telefoon en als ze zijn nummer half heeft getoetst bedenkt ze ineens dat ze
niet zo close zijn op dit moment. Snel legt ze de telefoon weer weg en kijkt
gebiologeerd of haar toestel dan misschien over gaat. Maar dat gebeurt
natuurlijk niet.
- Als ze op de klok kijkt ziet ze dat het al bijna tien uur is. Eigenlijk
voelt ze zich ook heel erg moe en maakt zich dan maar klaar voor bed.
- De doet haar rituelen met de mondhygiëne. plaatst haar nachtspalk, neemt
haar medicatie en gaat lekker in bed liggen, en wonderwel is ze binnen tien
minuten vertrokken naar dromenland. En nu eens een mooi dromenland, zonder
angst of pijn, zonder geweld. Alles is rustig en vredig en Britt haalt heel
veel rust uit de nacht. De andere ochtend kan ze ook nog eens lekker uitslapen
en is pas om elf uur uit bed.
- Ze doet thuis lekker rustig aan. Klungelt een beetje en neemt uitgebreid de
tijd voor badderen en verzorging.
- Pas als alles gedaan is, begint weer het gevoel van stilte en eenzaamheid op
te komen.
- Nadat ze geschreven heeft gaat het gevoel nog niet weg en dus belt ze met
Ann en vraagt wat ze er nu mee doen moet.
- Ann: Wel, je zou een stukje kunnen gaan wandelen, of even bij je
schoonmoeder aangaan. Ik denk dat Dorien straks uit school komt en dat die
heel graag haar mama wil zien.
- Britt; Kan ik dat gaan doen? Is dat niet teveel?
- Ann: Ik stel het voor. Aan jou om te ontdekken waar je grenzen liggen, maar
doe je niet sterker voor dan je je werkelijk voelt want daar schiet je niets
mee op.
- Britt; En vanavond mag ik ook naar Tony bellen?
- Ann: Natuurlijk. Dat had je toch afgesproken? Dan moet je daar ook aan
houden.
- Britt; Dank je Ann, dat dat allemaal mag.
- Ann: Britt, dit is JOU leven. JIJ bepaald wat je er mee doet. Oké?
- Britt; Oké.
- En dus waagt Britt het erop om naar haar schoonmoeder te gaan om Dorien te
kunnen spreken. Die had ze niet meer gezien sinds ze aan haar
undercoveropdracht was begonnen. Dorien was verteld dat Britt weer gewond was
geraakt en dat ze veel moest rusten en dat ze daarom voor een paar weekjes
naar oma ging. Maar oma had al laten weten via Nadine dat Dorien haar mama erg
miste.
- Britt en haar schoonmoeder konden elkaar best wel verdragen, maar echte
vriendinnen waren het niet en zouden het ook nooit worden.
- Britt had bij haar altijd het gevoel of ZIJ verantwoordelijk werd gehouden
voor de dood van Mark, hun enigst kind. Wat Britt ook had gezegd of gedaan om
haar van die gedachte af te krijgen: haar houding bleef onveranderd. Maar
Britt was geen ruziezoeker en had het verder maar zo gelaten. Ze wilden haar
in elk geval niet haar kleinkind onthouden en daar was oma (gemengd) gelukkig
mee.
- Toen Britt daar aankwam keek haar schoonmoeder (Tine)dan ook zeer verrast
dat Britt voor de deur stond.
- Tine: Britt?? Wat brengt jou hier?
- Britt; Wel, ik wilde even een stukje wandelen en ik hoopte eigenlijk ook
Dorien weer eens te zien. Ik mis haar.
- Tine: Kom binnen. Wil je koffie? Of eet je zo met ons mee?
- Britt; Ik kan nog niet goed eten. Heb mijn kaak gebroken en er zitten
plaatjes aan dus ik kan niet kauwen.
- Tine: Wel, dan kan ik toch iets maken dat je wel kunt eten?
- Britt; Zou u dat echt willen doen?
- Tine: Waarom vraag je dat?
- Britt; Ik vind het zo vreemd dat mensen goed met me doen. Soms ben ik door
mijn werk helemaal het besef kwijt dat er ook goede mensen zijn.
- (Ergens in haar achterhoofd was Britt wel alert, bang dat Tine weer een of
andere nare opmerking ging plaatsen, maar dat bleef uit)
- Britt; Ik heb ook gesprekken met een psycholoog. Die helpt me om weer
zelfvertrouwen te krijgen. Dat was ernstig beschadigt door mijn werk. Ik moet
nu oefenen om mijn grenzen te leren kennen en om mezelf de moeite waard te
vinden.
- Tine: Kom dan eens hier meisje.
- En ze steekt haar armen uit naar Britt, die dat helemaal niet van haar
gewend was en dus ook niet wist wat ze er mee aanmoest.
- Tine: Wat is er Britt? Durf je niet?
- Britt; Ik ben bang.
- Tine: Voor mij?
- Britt; (huilend) Ik weet het niet meer.
- Dan neemt Tine haar gewoon in haar armen en begint haar te troosten.
- Tine: Ach, mijn meisje toch. Wat hebben ze u aangedaan? Zo erg? Kom, ik zal
u een koffie maken en dan gaan we eens lekker samen op de bank zitten.
- Britt was te zeer in de war om tegen te sputteren en liet Tine nu een
troostende schouder voor haar zijn.
- Dan ineens worden ze gestoord door uitbundige kindervoetjes die naar binnen
komen stormen.
- Dorien: Hoi oma, ik ben er weer !! MAMA !!!!!!!!!!!!!!!!!
- Britt; (een traantje wegpinkend) Dag meisje.
- Dorien: Mama, u bent er weer. Oh wat ben ik daar blij om. Alles goed gekomen
met u? Oei, u heeft pijn gehad in uw gezicht?
- Britt; Ja, maar de dokter heeft dat al weer beter gemaakt. Ik heb een
plaatje in mijn mond en kan nog niet gewoon eten, maar het gaat al wel veel
beter. Kom eens, dan kan ik je eindelijk weer eens een knuffel geven. Oh,wat
heb ik dit gemist.
- En terwijl ze innig omarmd met Dorien zit vergeet ze ven alles: de ellende,
de pijn, de angst en de eenzaamheid.
- Wat had ze hier een behoefte aan: mensen dicht bij te kunnen hebben zonder
dat ze duizend angsten moest doorstaan.
- *
- Tine merkt dat het Britt goed doet dat Dorien in haar buurt is.
- Tine: Dorien, heb je weer zin om vanavond met je mama te gaan slapen? Even
kijken of je mama het al aankan en als het niet gaat kom je morgen terug en
anders kom je morgen ook terug, maar om je andere spulletjes dan te komen
ophalen, zodat je weer in je eigen bedje kan slapen? (voorstellend/ontzettend
vriendelijk)
- Britt: Wat... Maar... Maar... (plots ontzettend in de war)
- Dorien: Wil je niet dat ik naar huis kom, mama? (zacht)
- Britt: Maar natuurlijk wel, liefje! Ik vind het enig! (zich sterker
voordoend dan ze eigenlijk is, met een geforceerde glimlach)
- Dorien springt blij recht en gaat een paar spulletjes inpakken.
- Britt: Moest dat nou?! (verwijtend)
- Tine: Britt, ik denk dat het voor jullie alle twee goed zal zijn als Dorien
vannacht bij jou slaapt. Dat hoeft niet samen bij jou in 1 bed te zijn, gewoon
weer in hetzelfde huis.
- Britt: Ann heeft zeker gebeld?! (bijna roepend)
- Tine knikt voorzichtig...
- Britt: Kan die me nou niet gewoon met rust laten?! Als ze zo verdergaat, wil
ik helemaal niks meer met haar of met eender welke psychologe te maken hebben!
(nu roepend/kwaad)
- Tine: Meisje, rustig maar... (vriendelijk/proberend Britt weer kalmer te
krijgen)
- Britt: Laat me met rust! (schreeuwend)
- Britt staat woedend recht, draait zich om, en loopt dan pardoes tegen Ann
op. Tine had de voordeur op een kier laten staan, omdat ze wist dat Ann nog
ging komen, om te zien hoe Britt hierop reageerde...
- Britt: Wat doe JIJ hier?! (verwijtend/ontzettend kwaad/proberend om weg te
komen, maar Ann verspert haar de weg)
- Ann: Britt ga eens even zitten.
- Britt; Nee. Ik ben boos op je. Je hebt me bedrogen.
- Ann: Nee Britt, dat heb ik niet. Als je gaat zitten zal ik vertellen wat ik
gedaan heb en waarom.
- Huilend laat Britt zich weer op de bank vallen. Dorien komt net zingend weer
binnen maar schrikt als ze Britt ziet huilen.
- Dorien: Mama, is het wel goed met u?
- Britt; Nee. Iedereen belazerd mij.
- Dorien: Ik ook?
- Maar Britt wordt zo getroffen door het leed dat ze hoort in Dorien's stem
dat ze vlug recht gaat zitten en Dorien in haar armen neemt.
- Ann: Britt: Toen je belde vanmorgen heb ik nog zo gezegd dat je je eigen
grenzen goed in de gaten moest houden, maar je bent er weer zwaar overheen
gegaan. Je vraagt op dit moment gewoon nog teveel van jezelf.
- Britt; Maar Tine zegt dat Dorien mee moet naar huis.
- Ann: Ze zegt niet dat het MOET. Ze stelde het voor. En jouw moeder hart zegt
dat je voor je dochter moet gaan zorgen, maar als het teveel is kun je dat
toch aangeven?
- Britt; Maar, maar, het is zo verwarrend. Ik wil heel graag voor haar zogen,
en ik ben ook heel blij dat ik haar weer zie. Maar wat als het vannacht niet
goed gaat? Dan zit zij in huis met een moeder die alleen maar raar doet.
- Ann: Waarom zou je raar doen dan?
- Britt; Heb ik toch steeds gedaan als het niet goed ging?
- Ann: Je bent al een heel stuk vooruit gegaan Britt. Denk je dat je het zou
kunnen proberen? Weet je: je mag me desnoods ook vannacht wel bellen als je
denkt dat het niet gaat. Dan kom ik en help je er doorheen. Wat vind je
daarvan?
- Britt; Zou je dat voor ons willen doen?
- Ann: Hoor je jezelf nu Britt?
- Britt: Wat bedoel je?
- Ann: Je zegt ONS. Je spreekt al weer over een band tussen jou en je dochter.
- Britt; Die is er toch altijd tussen een moeder en haar kind?
- Ann: Was dat maar waar, dan hadden wij heel wat minder werk.
- Britt; Zou ik het aankunnen denk je?
- Ann: Ik denk het wel, maar het is belangrijk of jij het aandurft Britt.
- Britt: Ik WIL wel, maar of ik het durf... (beschaamd)
- Ann: Wil je het proberen, Britt? Desnoods blijf ik bij je vannacht, om je te
observeren, maar wil je het proberen? (vriendelijk/niet pushend)
- Britt denkt even na...
- Britt: Oké. (glimlachend) Ik doe het. (lachend)
- Nadat ze samen bij Tine nog een kopje koffie hebben gedronken gaan ze naar
Britt's huis terug. Dorien is heel blij dat ze weer in haar eigen vertrouwde
omgeving terug is. Ze rent het hele huis door en is druk doende met van alles
en nog wat.
- Af en toe komt ze even bij Britt zitten omdat ze het zo lekker vind om weer
met mama te knuffelen.
- Tegen acht uur moet ze van Britt naar bed en Ann kijkt op een afstandje hoe
Britt daar mee omgaat.
- Maar het ziet er allemaal heel normaal uit. Ze stuurt Dorien naar boven om
zichzelf te wassen en de tanden te laten poetsen en ze mag roepen als ze klaar
is en Britt een verhaaltje kan komen vertellen.
- Binnen vijf minuten is Dorien er klaar voor. Ze had dit zo lang moeten
missen, dus is ze nu supersnel geweest.
- Britt; Heb je echt wel goed je tanden gepoetst? Ik weet er nu alles van,
want de tandarts heeft het mij ook heel goed uitgelegd dinsdag.
- Dorien: Moet jij ook beter gaan poetsen, om te zorgen dat je geen gaatjes
krijgt?
- Britt; Ja Dot, ook ik moet goed poetsen. Kijk maar !
- En ze laat haar tanden en de plaatjes aan Dorien zien.
- Dorien: Doet dat geen pijn?
- Britt; Een klein beetje maar. Maar het gaat steeds beter.
- Dorien: Mama, wil je even lekker bij me komen liggen als je een verhaaltje
verteld?
- Britt; Dan moet je een beetje plaats voor me maken.
- En knus en gezellig schuift ze bij op Dorien haar bedje en neemt haar
hoofdje op haar armen en streelt haar met haar andere hand zachtjes door de
haren. Ze kan het niet laten, en moet gewoon even haar neus in Dorien haar
haren steken en er aan ruiken. Ze vind het zo'n lekker geurtje, die haren van
Dorien.
- Dan gaat ze een verhaaltje vertellen. Een heel leuk, zelfverzonnen,
verhaaltje over een kleine beertje dat in het grote bos zijn mama was kwijt
geraakt en toen heel verdrietig was geworden. Ook mama beer was heel
verdrietig dat het kleine beertje er niet was. Toen kwamen alle dieren helpen
met zoeken en werden mama- en babybeer weer bij elkaar gebracht.
- Als ze is uitverteld ligt Doiren al lekker in haar armen te slapen. Het
voelt zo goed voor Britt dat ze er zelf nog een poosje naast blijft liggen,
maar rond negen uur gaat ze weer naar beneden.
- Ann had heel de tijd meegekeken en had een brede glimlach op haar gezicht.
- Ann: Britt, waarom was je vanmiddag zo boos op mij?
- Britt; Ik weet het niet. Ik voelde me weer zo verraden. Ik wist niet dat je
met mijn schoonmoeder had gesproken. Maar nu zie ik wel weer in dat ik
helemaal niet meer reëel dacht. Ik maakte alles weer veel erger dan het is.
Ik ben heel blij dat je me hebt tegengehouden. En weet je?
- Ann: Wat Britt?
- Britt; Het voelt zooooo goed om Dorien weer thuis te hebben. Ik denk dat het
de angst was om te falen om een goede moeder te zijn, dat ik het niet onder
ogen durfde te zien vanmiddag. Maar nu we weer zo samen zijn heb ik er wel
weer vertrouwen in. Ik wil het ook gaan proberen om met Dorien alleen in huis
te zijn vannacht. Vind je het erg als ik vraag of je straks weg wilt gaan?
- Ann: En je voelt je echt voldoende zeker om het te proberen?
- Even kijkt Britt wat bedenkelijk, maar dan zegt ze dat ze het gewoon gaat
doe. Als de uitnodig open blijft staan om te mogen bellen als het echt niet
gaat.
- Ann: Ik heb dat toegezegd en die uitnodiging blijft ook open. JIJ moet je
goed en veilig voelen, anders is dit nog te zwaar voor je. Maar ik vind het
heel eoedig Britt dat je het toch gaat doen. Ik heb er vertrouwen in dat het
echt wel goed gaat. Ik stel voor, dat als er vannacht niets bijzonders
gebeurt, jij morgenochtend gewoon zelf je dochter naar school brengt en dan
even doorgaat naar mijn praktijk en dat we dan even evalueren. Is dat oké
voor jou?
- Britt: Bedankt Ann, dat jij zo veel vertrouwen in me hebt.
- Ann: Het is het vertrouwen dat je in jezelf hebt Britt. Daardoor merk je en
zie je dat anderen ook vertrouwen in je hebben. Ik wens je een fijne nachtrust
toe, en hopelijk tot morgenvroeg.
- Als Ann bij de deur staat roept Britt nog even haar naam.
- Ann kijkt om met vragende blik.
- Britt beantwoord die blik met een schuchter naar de grond kijken.
- Daarop loopt Ann terug naar Britt en neemt haar even in de armen en geeft
haar een knuffel.
- Ann; Jij bent fantastisch Britt.
- Britt; Dank je. Ik had dat knuffeltje echt even nodig.
- Ann: Zullen we afspreken dat je er gewoon om vraagt als je zoiets nodig
hebt?
- Britt; Aan wie vragen?
- Ann: Aan een ieder van wie je het kan en wil hebben. Als JIJ dat wilt.
- Britt; Dat lijkt me een zware opdracht, maar wel eentje met een uitdaging.
- Ann: Hoe komt het toch dat ik geloof dat jij dat heel goed zult gaan doen?
- Britt; Vind je echt dat ik het goed doe?
- Ann: Ga lekker naar bed en laat het lekker binnenkomen. Goede mensen
ontmoeten goede dingen. Slaap wel Britt.
- Britt: Slaapwel, Ann. (glimlachend/zacht)
- Ann geeft Britt nog een laatste, bemoedigend knijpje in haar hand en gaat
dan echt weg.
- Dan bekruipt Britt een gevoel van angst... Maar ze geeft er niet aan toe,
neemt ook snel een douche en poetst haar tanden en gaat dan ook lekker
warmpjes het bed in...
- De volgende ochtend staat ze, zoals 'vroeger', op tijd op, maakt koffie en
warme chocolademelk (voor Dorien) en maakt een lekker ontbijtje. Het ruikt
heerlijk in de keuken en Britt moet Dorien zelfs niet gaan oproepen, want die
komt al helemaal gelukkig de keuken binnengelopen. Nog een beetje slaperig,
maar wel goed gezind...
- Dorien: Moet ik vanavond weer naar Oma Tine, mama?
- Britt: Neen. (glimlachend)
- Dorien: Kom ik weer elke avond hier slapen?! (blij)
- Britt: Tuurlijk! Je bent toch mijn dochter?! (lachend)
- Dorien: Gaan we dan na school mijn spulletjes ophalen?! (blij/gelukkig)
- Britt: Zeker weten. (glimlachend)
- Na het ontbijt brengt Britt haar dochter naar school en dan rijdt ze door
naar Ann's praktijk.
- Daar aangekomen...
- .... is Ann verrast dat Britt er zo opgetogen uitziet.
- Ann: Lekker geslapen Britt?
- Britt: Heerlijk. Het was zo fijn te weten dat Dorien weer terug is en dat ik
haar weer heel graag dicht bij me heb.
- Ann: Hoe is het gisteravond gegaan? Werd je nog bang even, toen je weer
alleen was?
- Britt: Een beetje wel, maar ik heb er niet aan toe gegeven.
- Ann: Goed zo. En heb je Tony nog gebeld, want dat zou je ook nog gaan doen?
- Britt: (zich ineens naar het hoofd grijpend) Shit !! Helemaal vergeten. Die
zal nu wel kwaad zijn dat ik mijn afspraken niet nakom.
- Ann: Denk je dat echt?
- Britt; Ja.
- Ann: Kom Britt, ik weet dat het niet altijd even gemakkelijk is om reëel te
blijven, maar dit?? Hier ga je toch geen schuldgevoelens van krijgen.?
- Britt; Zou ze me vergeven?
- Ann: Hoe zou je daar achter kunnen komen?
- Britt; Er heen gaan, maar ik durf dat niet.
- Ann: Britt, ik wil vandaag met jou een soort van behandelprogramma op
stellen. Een leidraad hoe we de komende weken te werk kunnen gaan. Zie jij dat
ook zitten? Dan heb je een beetje een handvat en weet je wat er staat te
gebeuren.
- Britt: Maar wat moet ik dan met Tony?
- Ann: Britt, even bij de les. Straks kun je bij Tony langs gaan, maar ik wil
nu een aantal dingen met jou op papier zetten.
- En zo gaan ze eerst een aantal punten omschrijven waar het bij Ann is
opgevallen dat Britt problemen mee heeft.
- Bovenaan staat de angst om verlaten te worden. Heel logisch gezien het
verlies van Mark, het veel te jong overlijden van haar vader, de miskraam die
ze gehad heeft, de ontvoering van Dorien die ze had meegemaakt. en alle nare
gebeurtenissen in haar werk die ertoe geleid hebben dat ze al meer dan eens
gebalanceerd had op het randje van de afgrond, of op het scherp van de snede,
zo je dat wilde noemen.
- Dan was er nog onvoldoende stabiliteit in het zelfvertrouwen, te weinig voor
zich zelf opkomen en leren nee te zeggen.
- Britt; Is dat allemaal mis met mij?
- Ann; Het lijkt zo wel heel veel als je het opschrijft maar het een kun je
niet los van het ander zien. Het is ook niet zo dat we ze een voor een gaan
behandelen. Maar nu het op papier staat is het voor jou ook makkelijker om te
herkennen als er iets niet goed voelt voor jou. Probeer of je een soort van
code kunt maken die op deze punten betrekking hebben. En vanuit die codes kun
je dan heel makkelijk aan het werk om voorkomende problemen te plaatsen en te
verwerken. Door de gesprekken heen gaan we samen zoeken hoe je er mee om kunt
gaan.
- Britt; Kun je me dat nu niet gelijk vertellen?
- Ann: Nee Britt. Jij bent er niets mee geholpen als ik het aan jou ga
vertellen. Jij moet er zelf opkomen. Ik zal je er bij helpen. En alles in een
keer is veel te veel. Dan draai je door. En dat willen we dus nu net zien te
voorkomen.
- Britt; En wanneer komt Johan dan weer?
- Ann: Jij wilt hem echt heel graag weer zien, is het niet?
- Britt zegt niets, maar kijkt door betraande ogen vragend naar Ann.
- Ook nu weer legt Ann een troostende arm om Britt heen, die daarop haar
tranen de vrije loop laat.
- Britt; Sorry, dat ik zo huil, maar...
- Ann; Geen sorry Britt. Jij voelt het als een groot gemis. En dat mag je ook
zo beleven. Jij hoeft je verdriet niet te verstoppen. Het is jou verdriet en
daar mag jij wat mee doen.
- Britt: Is het niet gek dan dat ik om de haverklap sta te janken?
- Ann: Britt, jij bent hele kwetsbaar. Tuurlijk ga je dan snel huilen. Maar
als ik hoor hoeveel jij om Johan geeft, kan ik er helemaal in komen dat het
pijn doet. Wil ik eens gaan bellen met hem om te vragen of we samen een
gesprek kunnen houden?
- Britt; Echt?? Zou je dat willen doen? Oh Ann, jij bent een engel.
- Ann: Nee, hoor, ik ben een psychologe en ook maar een gewoon mens van vlees
en bloed. En ik weet echt wel hoe het is om iemand niet te kunnen bereiken die
je heel graag mag.
- Britt; Weet je? Als ik hier zo met jou zit te praten, heb ik echt, heel
echt, het gevoel dat het weer goed gaat komen. Maar als ik alleen ben begin ik
daar toch heel gemakkelijk weer aan te twijfelen.
- Ann; Is nergens voor nodig. Daarom is het ook zo goed om die oefeningen met
dat zelfvertrouwen te gaan doen. Je moet meer in jezelf gaan geloven. Ik kan
een goed boek aanraden. Kijk eens of je het kan vinden op de bibliotheek en
zie eens of er dingen in staan die je bekend voor komen.
- Britt; Zal ik doen als ik Dorien vanmiddag uit school haal. En wat kan ik
nog meer doen om gauw beter te worden?
- Ann; Je kunt het niet afdwingen Britt, ook niets overhaasten. Het komt als
jij er klaar voor bent en er open voor staat. Maar wat wel belangrijk is, dat
je niet heel de dag in je huis verstopt blijft. Je moet de prikkels zelf op
gaan zoeken. Ervaren hoe het is om mensen te treffen, om met ze te praten en
te zien of je ze kan vertrouwen. Net als deze week bij mij: ik kon vertrouwen
in JOUW hebben omdat JIJ in JEZELF geloofde. Ga er op uit. Kijk eens of je op
je werk langs kunt gaan, ga lekker met een vriendin een avondje op restaurant
of wat dan ook.
- Britt; Jeetje, dat is wel erg veel.
- Ann; Net als de kernpunten: het lijkt veel , maar het valt echt wel mee.
Denk je dat je hier mee vooruit kunt?
- Britt: Absoluut. Ann, heel erg bedankt.
- Ann; Jij bedankt Britt. Dat je mij de kans geeft om je op weg te helpen. Ik
gun het je echt. Zullen we afspreken voor volgende week donderdag? Dan heb je
mooi een week de tijd om rustig in je eigen tempo te werken. En heb je een dag
dat je je ellendig voelt, dan is daar niets mis mee. Verdriet en pijn horen nu
eenmaal bij het leven, maar als je er voor jezelf eerlijk mee omgaat kom je
daar altijd weer sterker uit. Goed weekend en veel plezier met Dorien. En als
je Tony ziet, doe haar dan ook de groetjes van mij, wil je?
- Britt; (nu heel gelukkig glimlachend) Dank je Ann.
- Britt is echt intens blij dat het nu toch wel de goede kant op gaat, dat ze
besluit om maar gelijk naar het commissariaat te gaan om even met Nadine te
praten.
- Eerst al bij de balie is Carla heel enthousiast dat ze er weer is. Boven
hebben Raymond en Pasmans een en al aandacht voor Britt. Ze informeren hoe het
nu gaat, of ze zich weer een beetje op haar gemak voelt en of Dorien al weer
thuis is.
- Dan ziet Britt dat Pasmans met een vraag lijkt te zitten.
- Britt; Zeg het eens Wilfried. Ik zie dat je ergens mee zit.
- Wilfried: Ik weet het eigenlijk niet.
- Britt; Toe maar, ik bijt niet.
- Wilfried: Kunnen we dan even ergens anders gaan zitten? Ik denk niet dat ik
dat hier moet gaan bespreken.
- Dan kijkt Raymond met een verbaasde blik naar Britt en die heeft ook zoiets
van: die gaat erop vooruit. Hij wordt echt volwassen.
- Britt; Zullen we in het verhoor gaan zitten?
- Daar loopt Britt voorop en Wilfried erachter aan.
- Hij zorgt ervoor dat de intercom uitstaat en het rolgordijn naar beneden is
zodat niemand kan meekijken of meeluisteren.
- Britt; Wat is er Wilfried? Je ziet er zo bezorgd uit.
- Wilfried; Ik wilde je zeggen Britt, dat ik het heel erg vond wat er met je
is gebeurt. Ik weet niet of je gezien hebt dat ik er ook bij was toen ze je in
Lier hebben teruggevonden, maar ik was heel erg geschrokken van wat ik zag. Ik
ben er zo ziek van geweest, maar dat kan ik hier natuurlijk niet hardop gaan
zeggen.
- Britt; Echt?
- Wilfried: Ze hebben je heel erg pijn gedaan zag en hoorde ik.., maar toen ik
het rapport las van het ziekenhuis, want Nadine had Raymond en mij gevraagd
die zaak verder af te werken omdat Tony ook ziek was geworden, toen ging er
bij mij bijna iets kapot. Dat die venten .... Britt, ik..... ik.... (zachtjes
nu) Britt? Mag ik je even in de armen vasthouden? Ik wil weten dat je er weer
bent en dat het goed gaat komen met je.
- Britt steekt ook haar armen uit naar Wilfried en zo houden ze elkaar even
heel goed vast.
- Voor Britt voelt dit ook heel goed. Ze had echter nooit verwacht dat Pasmans
zo gevoelig kon zijn. Ze voelt nu weer wat tranen opkomen, maar laat ze rustig
lopen, want Ann had gezegd dat dat echt wel mocht. Dan hoort ze ook een snik
van Wilfried.
- Britt; Gaat het Wilfried?
- Wilfried: Ja, maar ik ben zo blij dat je er weer bent.
- Britt; Het geeft niet dat je huilt. Als het oprechte tranen zijn, mag je
echt wel huilen. En ik vind het heel fijn dat jij zo om mij geeft. Het doet me
heel goed dat mee te maken dat niet alle mannen het zelfde zijn.
- Wilfried: Maar er zijn ook andere mannen Britt. En zo een ben ik er.
- Britt; Hoezo? Zo een?
- Wilfried: Ik ben ........
- Britt; Ja?
- Wilfried: Ik ben op mannen. Ik ben homo.
- Britt; Maar daar is toch niets mis mee? Heb je een vriend?
- Wilfried: Sinds kort, maar niemand hier weet dat nog.
- Britt; Dat is heel mooi en heel fijn voor jou. Gefeliciteerd..Als jij er aan
toe bent zeg je het zelf wel. Ik zal niets laten weten.
- Wilfired; Dank je Britt.
- Nu gaan ze weer terug naar het lokaal en Raymond kijkt beiden even aan en
lijkt zonder het te vragen, te weten wat er is gebeurt en hij geeft een
goedkeurend knikje.
- Britt stapt op hem af en geeft hem ook een knuffeltje.
- Britt; Sorry dat ik het zo doe, maar het voelt gewoon goed om dat weer te
kunnen.
- Raymond; Kom dan maar gauw terug, dan kunnen we allemaal weer van jou
werklust en jou opgewektheid meegenieten.
- Britt; Ik opgewekt?
- Sel: (net binnen) Weet je hoe het is om hier te werken zonder jou? Nou, dan
ga ik liever op vakantie.
- Ben: Eeehh, zeg, we zijn wel al mekaars partners hč?
- Britt; Ik hoor het al . Jullie missen mij.
- Nadine; En ik nog het meest. Kom je even Britt?
- En zo zit ze ook weer een tijdje met Nadine te praten. Het doet haar goed om
haar collega's weer te zien maar het is ook behoorlijk vermoeiden.
- Nadine; Wanneer mag je terug aan het werk?
- Britt; Over tien dagen moet ik weer naar de dokter en als alles goed is mag
ik dan terug.
- Nadine; Daar ben ik heel blij om.
- Britt: Al nieuws over Sofie? Die was toch ook gewond toen ik aan die
opdracht begon?
- Nadine; Tony zou er langs gaan maar ik heb niet gehoord of ze dat al gedaan
heeft.
- Britt; Is ze er dan niet vandaag?
- Nadine: Nee, ze is ziek.
- Britt: Bon, zal ik, als ik dan niet hier mag werken, maar eens op
ziekenbezoek gaan bij mijn beide partners?
- Nadine; Als het je niet teveel word?
- Britt; Ik moet het doen, en zo leren waar mijn grenzen liggen.
- Nadine: Ik ben blij dat het deze keer gelukkig goed is gekomen Britt. Ik
laat je NOOIT meer dit soort opdrachten doen. Daar kun je gerust op zijn.
- Britt; (zachtjes) Dank je Nadine.
- Als Britt buiten komt ziet ze dat het bijna twaalf uur is. Even korte
paniek: moet ze naar school omdat Dorien komt of blijft die over tussen de
middag?
- Net dan gaat haar telefoon. De school.
- Juf: Ik begrijp dat het langzaam iets beter met u gaat, maar het was niet
duidelijk of Dorien tussen de middag thuiskomt of overblijft. Ze wil wel graag
hier blijven.
- Britt; Kan dat? Ik ben vanmorgen nogal druk geweest met dokters en zo, dus
als het kan: heel graag.
- Juf: Dan wens ik u verder beterschap en zeg aan Dorien dat u haar om half
vier wel weer op komt halen.
- Zo heeft Britt wat meer tijd over en ze besluit om eerst bij Sofie langs te
gaan.
- Sofie: Britt?? (duidelijk niet verwacht die voor haar deur te zien)
- Britt; Sofie? Alles goed met je? Je kijkt of je een spook hebt gezien? Is
alles oké?
- Sofie: Ik kan net weer een beetje op de been, voor kort.
- Britt; Heb je nog veel pijn?
- Sofie: Ik loop op medicatie, maar ik werd zo stijf van het in bed liggen en
de fysio vond ook dat ik toch maar weer eens moest gaan bewegen.
- Britt: Ik vind het heel erg dat je zo te pas bent gekomen.
- Sofie: Ik was al lang blij dat jij niet bij in de wagen zat, dan had ik jou
ook nog op het geweten gehad. (met betraande ogen)
- Britt; Hey, je gaat nu toch niet verdrietig worden?
- Sofie: Sorry, dat komt van de pijn. Loop even mee naar binnen dan kan ik
weer gaan liggen.
- Britt ziet dat het Sofie heel veel moeite kost om te bewegen. Ze had bij het
ongeval flink wat ribben gekneusd en twee wervels waren gebarsten. De artsen
wilden die conservatief behandel, d.w.z. niet opereren maar met rust weer aan
elkaar laten groeien, maar dat duurde lang en was nogal pijnlijk.
- Britt;Kun je niet een korset of zo krijgen dat je wat meer gesteund bent?
Dan kun je ook wat beter bewegen.
- Sofie: Ik wil alleen maar warmte voelen.
- Britt; Mag ik je een beetje warmte geven?
- Sofie: HU?
- En dan geeft Britt spontaan een knuffel aan Sofie, die er geheel ontroerd
van raakt.
- Sofie: Dank je Britt, dat doet me echt goed.
- Nadat ze nog even een kwartiertje geklets hebben besluit Britt om weer weg
te gaan. Ze ziet dat Sofie helemaal op is. Ze wenst haar nogmaals beterschap,
geeft nog een knuffeltje en vertrekt dan weer.
- Eigenlijk is ze zelf ook op en wil het liefst gaan slapen, maar ze wilde ook
nog naar Tony.
- Die zou ze ook eerst kunnen bellen en wat afspreken. Dan had ze nog tijd om
een tukkie te doen voor ze Dorien uit school haalde en dan samen even bij Tony
langs gaan.
- Eenmaal thuis zet ze toch maar eerst de wekker. Bang als ze is dat ze zich
zal overslapen , de eerste keer dat ze Dorien weer uit school moet halen.
- Amper een been in bed is ze al vertrokken. Ze slaapt heel onrustig en
probeert alles te verwerken wat ze deze dag al had meegemaakt, en dat was
bepaald niet niets.
- Ze is blij als de wekker afloopt en vlug neemt ze een warme douche om zich
wat fitter te voelen.
- Bij school is ze precies op tijd. De bel gaat en als een van de eersten rent
Dorien naar buiten. Die is zo dolblij dat haar mama er weer is.
- Dorien: Hoi mama, wat fijn dat u weer bij school bent. Snel even langs oma
de spulletjes ophalen en dan gauw naar huis? Morgen hebben we vrij en kunnen
we lekker samen leuke dingen doen.
- Britt; Is goed. We gaan bij oma aan, en dan wil ik ook nog even naar Tony.
Nadine zei dat Tony nu ziek is. Kunnen we haar even beterschap wensen.
- Dorien: Mag ik deze tekening dan aan Tony gaan geven? Eerst was die voor u
maar ik denk ik dat ik voor u wel een hele mooie nieuwe tekening ga maken.
- Britt; Wat heb ik toch een ontzettend lieve dochter.
- Dorien: Mama?
- Britt; Ja Dorien?
- Dorien: Wat heb ik toch een ontzettend lieve mama.
- .... is Ann verrast dat Britt er zo opgetogen uitziet.
- Ann: Lekker geslapen Britt?
- Britt: Heerlijk. Het was zo fijn te weten dat Dorien weer terug is en dat ik
haar weer heel graag dicht bij me heb.
- Ann: Hoe is het gisteravond gegaan? Werd je nog bang even, toen je weer
alleen was?
- Britt: Een beetje wel, maar ik heb er niet aan toe gegeven.
- Ann: Goed zo. En heb je Tony nog gebeld, want dat zou je ook nog gaan doen?
- Britt: (zich ineens naar het hoofd grijpend) Shit !! Helemaal vergeten. Die
zal nu wel kwaad zijn dat ik mijn afspraken niet nakom.
- Ann: Denk je dat echt?
- Britt; Ja.
- Ann: Kom Britt, ik weet dat het niet altijd even gemakkelijk is om reëel te
blijven, maar dit?? Hier ga je toch geen schuldgevoelens van krijgen.?
- Britt; Zou ze me vergeven?
- Ann: Hoe zou je daar achter kunnen komen?
- Britt; Er heen gaan, maar ik durf dat niet.
- Ann: Britt, ik wil vandaag met jou een soort van behandelprogramma op
stellen. Een leidraad hoe we de komende weken te werk kunnen gaan. Zie jij dat
ook zitten? Dan heb je een beetje een handvat en weet je wat er staat te
gebeuren.
- Britt: Maar wat moet ik dan met Tony?
- Ann: Britt, even bij de les. Straks kun je bij Tony langs gaan, maar ik wil
nu een aantal dingen met jou op papier zetten.
- En zo gaan ze eerst een aantal punten omschrijven waar het bij Ann is
opgevallen dat Britt problemen mee heeft.
- Bovenaan staat de angst om verlaten te worden. Heel logisch gezien het
verlies van Mark, het veel te jong overlijden van haar vader, de miskraam die
ze gehad heeft, de ontvoering van Dorien die ze had meegemaakt. en alle nare
gebeurtenissen in haar werk die ertoe geleid hebben dat ze al meer dan eens
gebalanceerd had op het randje van de afgrond, of op het scherp van de snede,
zo je dat wilde noemen.
- Dan was er nog onvoldoende stabiliteit in het zelfvertrouwen, te weinig voor
zich zelf opkomen en leren nee te zeggen.
- Britt; Is dat allemaal mis met mij?
- Ann; Het lijkt zo wel heel veel als je het opschrijft maar het een kun je
niet los van het ander zien. Het is ook niet zo dat we ze een voor een gaan
behandelen. Maar nu het op papier staat is het voor jou ook makkelijker om te
herkennen als er iets niet goed voelt voor jou. Probeer of je een soort van
code kunt maken die op deze punten betrekking hebben. En vanuit die codes kun
je dan heel makkelijk aan het werk om voorkomende problemen te plaatsen en te
verwerken. Door de gesprekken heen gaan we samen zoeken hoe je er mee om kunt
gaan.
- Britt; Kun je me dat nu niet gelijk vertellen?
- Ann: Nee Britt. Jij bent er niets mee geholpen als ik het aan jou ga
vertellen. Jij moet er zelf opkomen. Ik zal je er bij helpen. En alles in een
keer is veel te veel. Dan draai je door. En dat willen we dus nu net zien te
voorkomen.
- Britt; En wanneer komt Johan dan weer?
- Ann: Jij wilt hem echt heel graag weer zien, is het niet?
- Britt zegt niets, maar kijkt door betraande ogen vragend naar Ann.
- Ook nu weer legt Ann een troostende arm om Britt heen, die daarop haar
tranen de vrije loop laat.
- Britt; Sorry, dat ik zo huil, maar...
- Ann; Geen sorry Britt. Jij voelt het als een groot gemis. En dat mag je ook
zo beleven. Jij hoeft je verdriet niet te verstoppen. Het is jou verdriet en
daar mag jij wat mee doen.
- Britt: Is het niet gek dan dat ik om de haverklap sta te janken?
- Ann: Britt, jij bent hele kwetsbaar. Tuurlijk ga je dan snel huilen. Maar
als ik hoor hoeveel jij om Johan geeft, kan ik er helemaal in komen dat het
pijn doet. Wil ik eens gaan bellen met hem om te vragen of we samen een
gesprek kunnen houden?
- Britt; Echt?? Zou je dat willen doen? Oh Ann, jij bent een engel.
- Ann: Nee, hoor, ik ben een psychologe en ook maar een gewoon mens van vlees
en bloed. En ik weet echt wel hoe het is om iemand niet te kunnen bereiken die
je heel graag mag.
- Britt; Weet je? Als ik hier zo met jou zit te praten, heb ik echt, heel
echt, het gevoel dat het weer goed gaat komen. Maar als ik alleen ben begin ik
daar toch heel gemakkelijk weer aan te twijfelen.
- Ann; Is nergens voor nodig. Daarom is het ook zo goed om die oefeningen met
dat zelfvertrouwen te gaan doen. Je moet meer in jezelf gaan geloven. Ik kan
een goed boek aanraden. Kijk eens of je het kan vinden op de bibliotheek en
zie eens of er dingen in staan die je bekend voor komen.
- Britt; Zal ik doen als ik Dorien vanmiddag uit school haal. En wat kan ik
nog meer doen om gauw beter te worden?
- Ann; Je kunt het niet afdwingen Britt, ook niets overhaasten. Het komt als
jij er klaar voor bent en er open voor staat. Maar wat wel belangrijk is, dat
je niet heel de dag in je huis verstopt blijft. Je moet de prikkels zelf op
gaan zoeken. Ervaren hoe het is om mensen te treffen, om met ze te praten en
te zien of je ze kan vertrouwen. Net als deze week bij mij: ik kon vertrouwen
in JOUW hebben omdat JIJ in JEZELF geloofde. Ga er op uit. Kijk eens of je op
je werk langs kunt gaan, ga lekker met een vriendin een avondje op restaurant
of wat dan ook.
- Britt; Jeetje, dat is wel erg veel.
- Ann; Net als de kernpunten: het lijkt veel , maar het valt echt wel mee.
Denk je dat je hier mee vooruit kunt?
- Britt: Absoluut. Ann, heel erg bedankt.
- Ann; Jij bedankt Britt. Dat je mij de kans geeft om je op weg te helpen. Ik
gun het je echt. Zullen we afspreken voor volgende week donderdag? Dan heb je
mooi een week de tijd om rustig in je eigen tempo te werken. En heb je een dag
dat je je ellendig voelt, dan is daar niets mis mee. Verdriet en pijn horen nu
eenmaal bij het leven, maar als je er voor jezelf eerlijk mee omgaat kom je
daar altijd weer sterker uit. Goed weekend en veel plezier met Dorien. En als
je Tony ziet, doe haar dan ook de groetjes van mij, wil je?
- Britt; (nu heel gelukkig glimlachend) Dank je Ann.
- Britt is echt intens blij dat het nu toch wel de goede kant op gaat, dat ze
besluit om maar gelijk naar het commissariaat te gaan om even met Nadine te
praten.
- Eerst al bij de balie is Carla heel enthousiast dat ze er weer is. Boven
hebben Raymond en Pasmans een en al aandacht voor Britt. Ze informeren hoe het
nu gaat, of ze zich weer een beetje op haar gemak voelt en of Dorien al weer
thuis is.
- Dan ziet Britt dat Pasmans met een vraag lijkt te zitten.
- Britt; Zeg het eens Wilfried. Ik zie dat je ergens mee zit.
- Wilfried: Ik weet het eigenlijk niet.
- Britt; Toe maar, ik bijt niet.
- Wilfried: Kunnen we dan even ergens anders gaan zitten? Ik denk niet dat ik
dat hier moet gaan bespreken.
- Dan kijkt Raymond met een verbaasde blik naar Britt en die heeft ook zoiets
van: die gaat erop vooruit. Hij wordt echt volwassen.
- Britt; Zullen we in het verhoor gaan zitten?
- Daar loopt Britt voorop en Wilfried erachter aan.
- Hij zorgt ervoor dat de intercom uitstaat en het rolgordijn naar beneden is
zodat niemand kan meekijken of meeluisteren.
- Britt; Wat is er Wilfried? Je ziet er zo bezorgd uit.
- Wilfried; Ik wilde je zeggen Britt, dat ik het heel erg vond wat er met je
is gebeurt. Ik weet niet of je gezien hebt dat ik er ook bij was toen ze je in
Lier hebben teruggevonden, maar ik was heel erg geschrokken van wat ik zag. Ik
ben er zo ziek van geweest, maar dat kan ik hier natuurlijk niet hardop gaan
zeggen.
- Britt; Echt?
- Wilfried: Ze hebben je heel erg pijn gedaan zag en hoorde ik…., maar toen
ik het rapport las van het ziekenhuis, want Nadine had Raymond en mij gevraagd
die zaak verder af te werken omdat Tony ook ziek was geworden, toen ging er
bij mij bijna iets kapot. Dat die venten .... Britt, ik..... ik.... (zachtjes
nu) Britt? Mag ik je even in de armen vasthouden? Ik wil weten dat je er weer
bent en dat het goed gaat komen met je.
- Britt steekt ook haar armen uit naar Wilfried en zo houden ze elkaar even
heel goed vast.
- Voor Britt voelt dit ook heel goed. Ze had echter nooit verwacht dat Pasmans
zo gevoelig kon zijn. Ze voelt nu weer wat tranen opkomen, maar laat ze rustig
lopen, want Ann had gezegd dat dat echt wel mocht. Dan hoort ze ook een snik
van Wilfried.
- Britt; Gaat het Wilfried?
- Wilfried: Ja, maar ik ben zo blij dat je er weer bent.
- Britt; Het geeft niet dat je huilt. Als het oprechte tranen zijn, mag je
echt wel huilen. En ik vind het heel fijn dat jij zo om mij geeft. Het doet me
heel goed dat mee te maken dat niet alle mannen het zelfde zijn.
- Wilfried: Maar er zijn ook andere mannen Britt. En zo een ben ik er.
- Britt; Hoezo? Zo een?
- Wilfried: Ik ben ........
- Britt; Ja?
- Wilfried: Ik ben op mannen. Ik ben homo.
- Britt; Maar daar is toch niets mis mee? Heb je een vriend?
- Wilfried: Sinds kort, maar niemand hier weet dat nog.
- Britt; Dat is heel mooi en heel fijn voor jou. Gefeliciteerd..Als jij er aan
toe bent zeg je het zelf wel. Ik zal niets laten weten.
- Wilfired; Dank je Britt.
-
- Nu gaan ze weer terug naar het lokaal en Raymond kijkt beiden even aan en
lijkt zonder het te vragen, te weten wat er is gebeurt en hij geeft een
goedkeurend knikje.
- Britt stapt op hem af en geeft hem ook een knuffeltje.
- Britt; Sorry dat ik het zo doe, maar het voelt gewoon goed om dat weer te
kunnen.
- Raymond; Kom dan maar gauw terug, dan kunnen we allemaal weer van jou
werklust en jou opgewektheid meegenieten.
- Britt; Ik opgewekt?
- Sel: (net binnen) Weet je hoe het is om hier te werken zonder jou? Nou, dan
ga ik liever op vakantie.
- Ben: Eeehh, zeg, we zijn wel al mekaars partners hč?
- Britt; Ik hoor het al . Jullie missen mij.
- Nadine; En ik nog het meest. Kom je even Britt?
- En zo zit ze ook weer een tijdje met Nadine te praten. Het doet haar goed om
haar collega’s weer te zien maar het is ook behoorlijk vermoeiden.
- Nadine; Wanneer mag je terug aan het werk?
- Britt; Over tien dagen moet ik weer naar de dokter en als alles goed is mag
ik dan terug.
- Nadine; Daar ben ik heel blij om.
- Britt: Al nieuws over Sofie? Die was toch ook gewond toen ik aan die
opdracht begon?
- Nadine; Tony zou er langs gaan maar ik heb niet gehoord of ze dat al gedaan
heeft.
- Britt; Is ze er dan niet vandaag?
- Nadine: Nee, ze is ziek.
- Britt: Bon, zal ik, als ik dan niet hier mag werken, maar eens op
ziekenbezoek gaan bij mijn beide partners?
- Nadine; Als het je niet teveel word?
- Britt; Ik moet het doen, en zo leren waar mijn grenzen liggen.
- Nadine: Ik ben blij dat het deze keer gelukkig goed is gekomen Britt. Ik
laat je NOOIT meer dit soort opdrachten doen. Daar kun je gerust op zijn.
- Britt; (zachtjes) Dank je Nadine.
- Als Britt buiten komt ziet ze dat het bijna twaalf uur is. Even korte
paniek: moet ze naar school omdat Dorien komt of blijft die over tussen de
middag?
- Net dan gaat haar telefoon. De school.
- Juf: Ik begrijp dat het langzaam iets beter met u gaat, maar het was niet
duidelijk of Dorien tussen de middag thuiskomt of overblijft. Ze wil wel graag
hier blijven.
- Britt; Kan dat? Ik ben vanmorgen nogal druk geweest met dokters en zo, dus
als het kan: heel graag.
- Juf: Dan wens ik u verder beterschap en zeg aan Dorien dat u haar om half
vier wel weer op komt halen.
- Zo heeft Britt wat meer tijd over en ze besluit om eerst bij Sofie langs te
gaan.
- Sofie: Britt?? (duidelijk niet verwacht die voor haar deur te zien)
- Britt; Sofie? Alles goed met je? Je kijkt of je een spook hebt gezien? Is
alles oké?
- Sofie: Ik kan net weer een beetje op de been, voor kort.
- Britt; Heb je nog veel pijn?
- Sofie: Ik loop op medicatie, maar ik werd zo stijf van het in bed liggen en
de fysio vond ook dat ik toch maar weer eens moest gaan bewegen.
- Britt: Ik vind het heel erg dat je zo te pas bent gekomen.
- Sofie: Ik was al lang blij dat jij niet bij in de wagen zat, dan had ik jou
ook nog op het geweten gehad. (met betraande ogen)
- Britt; Hey, je gaat nu toch niet verdrietig worden?
- Sofie: Sorry, dat komt van de pijn. Loop even mee naar binnen dan kan ik
weer gaan liggen.
- Britt ziet dat het Sofie heel veel moeite kost om te bewegen. Ze had bij het
ongeval flink wat ribben gekneusd en twee wervels waren gebarsten. De artsen
wilden die conservatief behandel, d.w.z. niet opereren maar met rust weer aan
elkaar laten groeien, maar dat duurde lang en was nogal pijnlijk.
- Britt;Kun je niet een korset of zo krijgen dat je wat meer gesteund bent?
Dan kun je ook wat beter bewegen.
- Sofie: Ik wil alleen maar warmte voelen.
- Britt; Mag ik je een beetje warmte geven?
- Sofie: HU?
- En dan geeft Britt spontaan een knuffel aan Sofie, die er geheel ontroerd
van raakt.
- Sofie: Dank je Britt, dat doet me echt goed.
- Nadat ze nog even een kwartiertje geklets hebben besluit Britt om weer weg
te gaan. Ze ziet dat Sofie helemaal op is. Ze wenst haar nogmaals beterschap,
geeft nog een knuffeltje en vertrekt dan weer.
- Eigenlijk is ze zelf ook op en wil het liefst gaan slapen, maar ze wilde ook
nog naar Tony.
- Die zou ze ook eerst kunnen bellen en wat afspreken. Dan had ze nog tijd om
een tukkie te doen voor ze Dorien uit school haalde en dan samen even bij Tony
langs gaan.
- Eenmaal thuis zet ze toch maar eerst de wekker. Bang als ze is dat ze zich
zal overslapen , de eerste keer dat ze Dorien weer uit school moet halen.
- Amper een been in bed is ze al vertrokken. Ze slaapt heel onrustig en
probeert alles te verwerken wat ze deze dag al had meegemaakt, en dat was
bepaald niet niets.
- Ze is blij als de wekker afloopt en vlug neemt ze een warme douche om zich
wat fitter te voelen.
- Bij school is ze precies op tijd. De bel gaat en als een van de eersten rent
Dorien naar buiten. Die is zo dolblij dat haar mama er weer is.
- Dorien: Hoi mama, wat fijn dat u weer bij school bent. Snel even langs oma
de spulletjes ophalen en dan gauw naar huis? Morgen hebben we vrij en kunnen
we lekker samen leuke dingen doen.
- Britt; Is goed. We gaan bij oma aan, en dan wil ik ook nog even naar Tony.
Nadine zei dat Tony nu ziek is. Kunnen we haar even beterschap wensen.
- Dorien: Mag ik deze tekening dan aan Tony gaan geven? Eerst was die voor u
maar ik denk ik dat ik voor u wel een hele mooie nieuwe tekening ga maken.
- Britt; Wat heb ik toch een ontzettend lieve dochter.
- Dorien: Mama?
- Britt; Ja Dorien?
- Dorien: Wat heb ik toch ene ontzettend lieve mama.
- Britt raakt hier helemaal ontroerd van en snel pinkt ze een traantje weg.
- Dorien omhelst haar mama liefdevol en gaat dan al in de auto zitten.
- Ze gaan haar spulletjes ophalen, en dan richting Tony.
- Nu twijfelt Britt even, maar dan belt ze toch aan. Ze hoort gestommel en als
de deur opengaat, ziet ze een snipverkouden Tony voor zich staan.
- Snel en beschaamd kijkt Britt naar beneden.
- Britt: Sorry dat ik gisterenavond niet gebeld heb. (beschaamd)
- Tony: Hey, Britt, leuk dat je komt en wart leuk dat je Dorien hebt
meegenomen.
- Britt: Ben je niet boos op mij?
- Tony: Waarom zou ik?
- Britt; Omdat ik gisteren had zullen bellen, maar ik had ruzie gemaakt met
Ann, en toen we het hadden uitgepraat was ik zo moe dat ik gelijk ben gaan
slapen en helemaal vergeten ben om te bellen.
- Tony: Ach, geeft toch niet? Ik ben thuis gekomen en gelijk mijn bed in
gedoken. Ik heb niet meer gemerkt dat er nog een wereld om mij heen was. Maar
wat leuk dat Dorien er weer is. Is ze weer thuis?
- Dorien: Ja, ik ben gisteren thuis blijven slapen en mama was heel blij, en
ik ook. Ik heb een tekening voor je gemaakt Tony.
- En zo zitten ze een poos met elkaar te kletsen. Britt begint gelukkig te
praten over wat er allemaal in haar kop speelt. En gelukkig ziet ze zelf ook
in dat ze de dingen veel moeilijker maakt dan ze zijn. Het is haar angst die
haar nog regelmatig opbreekt.
- Af en toe zo erg dat ze pijn in haar maag krijgt. Zelfs door haar
verkoudheid heen ziet Tony dat Britt zich niet echt lekker voelt.
- Tony: Hey, Britt? Gaat het echt wel met je? Ik wil me niet moeien, maar ik
zie aan uw ogen dat het moeilijk gaat.
- En hup, daar komen de waterlanders al weer.
- Tony legt een arm om Britt haar schouders en legt haar tegen zich aan en
wiegt haar zachtjes om haar wat gerust te stellen.
- Britt: Sorry dat ik dat nu weer doe en dan nog bij jou. Jij bent zelf ook
ziek.
- Tony: Ach Britt. Het gaat even niet lekker. De wereld vergaat niet hoor. Ik
denk dat je gisteren en vandaag heel veel hebt meegemaakt en dat je gewoon
hele erg moe bent. Nou, dan ga je vanavond mooi vroeg naar bed en probeert
eens lekker lang te slapen als Dorien morgen toch niet naar school hoeft.
- Britt; (bijna fluisterend) Maar wat als het vannacht niet gaat? Ik heb wel
Dorien in huis.
- Tony: Daar moet je nu nog niet over denken, dan gaat je aandacht alleen maar
daar naar dat het misschien niet zal gaan. Misschien moeten jullie vanavond
gewoon lekker met zijn tweetjes op de bank kruipen en een film gaan kijken. Of
anders lekker vanuit bed. Dorien heel warm en dichtbij, geborgen in jouw
armen. Het lukt je wel, en anders kun je altijd nog bellen naar Ann. Of ook
naar mij hoor. Ik ben gewoon heel erg verkouden verder niets.
- Britt; Mag dat?
- Tony: Kijk me eens aan Britt?
- Britt kijkt schichtig op naar Tony . Ze staart, en weet niet wat ze moet
doen.
- Tony: Mag ik even?
- Britt; Wat?
- Dan neemt Tony Britt haar gezicht heel zacht in haar handen en geeft heel
teder een paar zoenen op haar wangen.
- Tony: Die zijn helemaal voor jou alleen. Omdat je ze lief bent, en omdat je
zo sterk en zo moedig bent. Gewoon: omdat jij JIJ bent.
- Britt; Dank je Tony. Ik heb dat soms zo nodig dat iemand me even een duwtje
in de rug geeft.
- Tony: Hey, remember: we are friends, forever.
- Britt; Jij bent lief Tony.
- Tony: En wanneer ga je Johan nu weer zien?
- Britt; Ann wil hem bellen en vragen of hij de volgende keer ook kan en wil
komen.
- Tony: Ben je zenuwachtig?
- Britt; Bloedje nerveus. Maar als ik me zo voel als nu, dan weet ik nu al dat
het niets gaat worden.
- Tony: Wie zegt daar wat?
- Britt; Maar ik voel me zo.....
- Tony: Jij voelt je rot en ellendig en eenzaam. Maar ik weet niet of dat wel
zo reëel is. Misschien wel dat je je ellendig voelt maar eenzaam? Kijk eens
hier naar je dochter. Die heeft je zo gemist en die heeft je zo nodig. Neem
haar even bij je op schoot en probeer te voelen dat je om haar geeft.
- Britt; Dot, wil je even bij me komen zitten?
- Dorien: Waarom bent u verdrietig mama?
- Britt; Ik voel me een beetje ellendig en een beetje bang.
- Dorien; Moet ik weer bij oma gaan slapen?
- Britt; Nee, dat hoeft niet. Samen gaan we het wel redden toch? En anders
bellen we Ann of Tony, dan moeten die ons maar gezelschap houden.
- Dorien: Gaat Tony ook bij ons slapen dan? (helemaal opgewonden)
- Britt; Nee, Tony is zelf ziek. Die gaat zo hier lekker naar bed. En wij gaan
naar huis en dan porbeer jij mij te helpen met eten koken en dan gaan we samen
naar een film kijken. Wat vind je daar van?
- Dorien: Waarom mag Tony niet mee?
- Britt; Dat mag ze wel, maar ik wil ook proberen of ik het zelf kan.
- Dorien: Dat kun jij vast wel. Jij bent keigoed.
- Britt; Wat een dropje ben je soms ook hč?
- Tony: Maar wel bellen als het niet gaat. Beloof je me dat Britt?
- Britt; Ik beloof het. Maar jij moet eerst weer beter worden.
- En zo gaan Britt en Dorien andermaal de avond in. Dorien voelt haarfijn aan
dat Britt het wat moeilijk heeft en probeert zich rustig te gedragen. Ook houd
ze enige fysieke afstand, maar als Britt haar wat vraagt of haar even wil
strelen laat ze dat heel gewillig toe.
- Om half negen heeft Britt het gehad. Ze wil Dorien heel graag nog bij zich
hebben maar ze voelt dat ze even moet huilen.
- Britt: Dorien, ik ga me even douchen. Zullen we daarna samen in mijn gaan
liggen en TV kijken?
- Dorien: Ben je verdrietig?
- Britt; Ja, meisje. Ik moet even huilen.
- Dorien: Maar dan hoef je niet weg te lopen.
- Britt; Maar toch doe ik het eventjes. Ik zie je zo weer.
- In de douche lijkt het huilen niet meer op te houden . Wel een kwartier lang
stromen de tranen over Britt haar wangen. Ze gaat er bij op de douchevloer
zitten en laat het warme water haar tranen wegspoelen. Ze denkt na over wat
Ann haar heeft gezegd over het verdriet wat ze voelt en vind dan eindelijk de
rust die ze nodig heeft. Het verdriet mag er zijn, ze mag het doorleven en dan
verder naar wat anders.
- Als ze gedaan heeft met huilen en douchen, begint ze aan de mondhygiëne en
doet de nachtspalk in en gaat dan naar de kamer om Dorien te halen.
- Dorien: Mama??? Wat is dat voor geks in uw mond? (wat angstig)
- Britt; Dat is een nachtspalk. Die moet ik in omdat mijn kaak nog niet
genezen is. En als ik hem nu vast in doe vergeet ik het niet voor ik ga
slapen.
- Dorien: Maar dat ziet er eng uit.
- Britt; Och, het lijkt net op een beugel, en heel veel kinderen hebben toch
ook een beugel?
- Dorien: Maar doet het geen pijn dan?
- Britt; Een beetje, maar als jij mij een heel klein kusje geeft, gaat het
vast weer veel beter.
- Dorien: En waar mag ik dan mijn kusje geven?
- Britt wijst met haar wijsvinger op haar lippen, en dan op haar neus, en haar
linkerwang en dan haar rechterwang en zo speelt ze nog even door met Dorien en
samen eindigen ze in een enorme lachbui.
- Britt; Kom Dot, we gaan lekker in bed liggen TV kijken. En aan niemand
vertellen hoor, want eigenlijk mag dat niet.
- Dorien: Tegen wie zou ik dat moeten vertellen dan?
- Britt; Tegen papa als je straks je nachtgebedje doet?
- Dorien: Maar het is ons geheimpje, dus ik zeg niets.
- Tijdens de film voelt Britt zich al heel wat rustiger. Ze is hondsmoe en kan
de film nauwelijks volgen.
- Dorien is al weer in haar armen in slaap gevallen.
- Met enig goochelwerk lukt het Britt nog wat krabbels te maken in haar
dagboekje en gaat dan zelf ook slapen, en heeft gelukkig weer een rustige
nacht.
- De volgende ochtend staat ze met al wat meer zelfvertrouwen op.
- Als eerste belt ze naar Tony om te zeggen dat het goed is gegaan.
- Tony: Ik wist wel dat je het kon. Ik ben blij voor je. Wil ik vanmiddag even
bij jullie langs komen?
- Britt; Is leuk. Eet je mee?
- Tony: Kook jij?
- Britt; Zeg, anders heb je toch ook geen klagen als ik kook?
- Tony: Nee, ik bedoel, dan hoef ik niet met mijn snotkop boven je pannen te
hangen.
- Britt; Oh, je maakte een grapje?
- Tony: Zeg, je bent toch niet je gevoel voor humor verloren wel?
- Britt; Met zo iemand in de buurt als jij, zal me dat vast nooit overkomen.
- Daarna belt ze ook even met Ann en die klinkt al net als Tony. Positief over
Britt haar inzet en durf om te gaan experimenteren.
- Ann: Je komt er wel Britt.
- Ik heb trouwens met Johan gebeld en met zijn psycholoog. We hebben
afgesproken dat we donderdag samen dat gesprek gaan hebben. Ik hoop dat je wat
geruster bent nu, nu dat je weet dat Johan echt wel met je wil praten.
- Britt; Ja. Maar het liefst had ik hem nu hier bij me thuis op de bank
liggen.
- Ann: Ik hoor het al. Je hebt ons straks helemaal niet meer nodig. Nou, het
beste Britt en tot donderdag, of eerder als jij dat wenst.
- Britt; Dank je Ann. Tot dan.
- De dagen verlopen vlot....
- Op donderdag is Britt echter ontzettend nerveus, en nadat ze Dorien in de
middag weer naar school heeft gedaan (Dorien is die dag thuis komen eten,
omdat ze haar boterhammen thuis vergeten was die ochtend. Britt had zich
overslapen en dus was het haasten...), gaat ze naar Ann's praktijk, waar Johan
al voor de deur staat te wachten op haar.
- Even voelt Britt weer vlinders in haar buik, maar krijgt dan weer de
gedachte dat Johan haar toch niet meer graag ziet, nadat die mannen...
- Ze haalt diep adem en geeft Johan dan een klein zoentje op zijn wang. Johan
glimlacht (ook) nerveus en samen lopen ze naar binnen...
- Wanneer ze voor Ann zitten...
- ... komt ook Johan's psycholoog binnen . Er worden wat algemene zaken
doorgenomen zoals, dat het hier gaat om een oriënterend gesprek en dat er
geen verplichtingen aan zitten.
- Johan kijkt regelmatig naar Britt en probeert te zien bij haar of ze nog van
hem gediend is.
- Britt doet hetzelfde als Johan.
- Ann vraagt daarom of ze zelf een voorstel hebben hoe ze hernieuwd met elkaar
in contact kunnen komen.
- Britt; Ik wil heel graag weer met Johan verder gaan waar we waren gebleven.
Ik kon het niet helpen dat ik verkracht werd. Ik hoop alleen dat Johan het mij
wil vergeven.
- Johan: Britt, liefje, dat heb ik al lang gedaan. Het is ook niet jou schuld
en ik zou heel graag ook weer bij jou willen zijn, maar iets in mij belet me
om me vrij te voelen bij jou. Britt, begrijp je dat ik voel dat ik gefaald
heb? Ik heb je niet kunnen beschermen en toen hebben die mannen .... oh God,
als ik er weer aan denk krijgt ik het weer koud.
- Dan pakt Britt in een automatisme zijn handen en neemt die in haar veel
kleinere handen en probeert om ze warm te blazen.
- Johan heeft nu tranen in zijn ogen staan. Hij wil zograag maar hij durft
niet.
- Dan begint zijn psycholoog (Bram) tegen hem te praten, maar Britt schrikt
ervan. Hij praat heel hard en roept allerlei verwijten naar Johan.
- Dat dit juist de bedoeling was begreep Britt niet en ze werd onrustig en ook
boos. Ann hield haar heel goed in de gaten.
- Ann: Gaat het nog Britt?
- Britt; Nee, hij moet niet zo tekeer gaan tegen Johan. Het is niet Johan zijn
schuld dat dit gebeurt is.
- Bram: Wat is er gebeurt dan? (provocerend)
- Johan: Ze hebben mijn vriendin goddomme verkracht. DAT IS ER GEBEURT.
- Bram: Dus eindelijk is het hoge woord eruit (een heel stuk rustiger nu)
- Ondertussen zit Johan hardop te huilen.
- Britt zit op het puntje van haar stoel. Ze wil zo graag opstaan en naar
Johan gaan en hem omarmen en troosten, maar nu weet ze helemaal niet meer wat
ze moet doen. Ze kijkt naar Ann of die een aanwijzing geeft. Maar Ann lijkt
onbewogen te zitten. Die ziet echter wel de enorme twijfel bij Britt en
knipoogt heel onopvallend.
- Dan gaat Britt opstaan en gaat op haar knie voor Johan zitten en legt haar
handen op zijn bovenbenen.
- Ze merkt dat hij niet schrikt. Wel stopt hij met huilen en kijkt Britt aan.
- Johan: Britt, zouden wij opnieuw kunnen beginnen? Ik wil u niet kwijt. Ik ga
overal heen waar jij maar wilt, om me te laten helpen, als ik u maar terug kan
krijgen.
- Britt; Johan je bent me niet kwijt. We zijn elkaar even misgelopen, maar ik
heb op je gewacht. Ik ben er steeds voor je.
- Nu staat Johan op en reikt Britt zijn hand en helpt haar opstaan. Dan legt
hij langzaam en voorzichtig zijn armen rond om haar heen en neemt haar dichter
naar zich toe. Dan buigt hij voorover en kust haar heel teder, eerst op haar
haren, dan op haar wangen en omdat het zo goed voelt kust hij ook op haar
mond.
- Britt en Johan vinden dit allebei zo fijn. Ze hebben dit zo gemist, dat ze
nu gelijk een inhaalslag beginnen. Ze zoenen dat de vonken eraf springen en
merken niet dat de therapeuten samen zijn weggelopen.
- Johan begint liefkozende woordjes tegen Britt te zeggen. Britt komt niet
verder dan kreunende geluidjes maken.
- Ineens gilt Johan en houd zijn hand voor zijn mond en ziet dan dat hij bloed
op zijn hand heeft.
- Britt kijkt hem geschrokken aan.
- Johan: Wat is dat Britt? Ik heb mijn tong gesneden.
- Britt; Sorry. Ik heb plaatjes aan mijn kaak zitten. Ik was er zelf al aan
gewend maar had er even niet meer aangedacht. Is dat bezwaarlij v oor jou om
me te zoenen dan?
- Johan :Me snijden is bezwaarlijk, maar u weer in mijn armen voelen is nog
mooier dan de mooiste droom. Britt, Kunnen wij dit verder samen aan?
Alsjeblieft, ik hoop dat je ja gaat zeggen.
- Britt; Johan, wij kunnen dit samen aan. En Nadine heeft beloofd dat ik geen
undercoveropdrachten meer hoef te doen.
- Johan: Eindelijk. Dan kan ik tenminste met een gerust hart jou naar je werk
laten gaan.
- Britt glimlacht verlegen en kruipt weer veilig in Johan's armen...
- Ann klopt zachtjes op de deur en komt weer 'haar' kantoor binnengestapt,
samen met Bram...
- Ann: Gaat het, Britt?
- Britt: Héél goed. (zuchtend van opgeluchtheid)
- Bram: En met jou, Johan? (ontzettend vriendelijk)
- Johan: Heerlijk. (glimlachend)
- Bram: En hoe willen jullie nu verder gaan?
- Johan: Ik wil graag dat Britt mij weer wil ontmoeten, bij haar thuis.
- Bram: Je bedoelt al weer intiem contact met elkaar hebben?
- Johan: Nee, ik ga niet overhaasten. Daar moeten we samen uitkomen en ik denk
dat dat wel gaat lukken.
- Ann: En jij Britt? Wat wil jij?
- Britt; Ik wil Johan heel graag bij me terug hebben. We hadden het zo fijn en
zo goed samen. Dat kan toch niet allemaal weg zijn na zo'n stomme...... zo'n
.....
- Ann: Na wat Britt?
- Britt; (fluisterend) Zo'n verkrachting.
- Ann: Je had het al eerder meegemaakt begreep ik?
- Britt: Al twee keer, dus ik begrijp heel goed dat Johan het heel moeilijk
had om bij me te willen zijn.
- Ann: Jij was slachtoffer Britt. Maar ik hoor in je stem hoe sterk je bent en
als wij nog een poosje doorgaan met gesprekken zul je dat allemaal goed kunnen
verwerken en dan zal jullie geluk niets meer in de weg staan.
- Bram: Johan, willen wij nog enkele gesprekken met zijn tweeën doen, of ga
je liever samen met Britt naar Ann?
- Johan: Wat is het beste?
- Bram: Wel, eigenlijk vind ik dat wij wat moeten afronden, maar als je dan
nog hulp wilt, en dan denk ik vooral ten opzichte van jullie relatie, is het
goed om samen verder te gaan. En de keuze bij wie of waar is geheel aan
jullie.
- Johan; Bram, bedankt dat je me hier heen hebt geholpen. We spreken weer af
en gaan vol goede moed de toekomst tegemoet.
- Bram; Bel mijn secretaresse maar en dan zie ik je, het liefst begin volgende
week, dan hoeven we niet zo lang meer door te gaan en kunnen jullie samen
verder. Britt?
- Britt kijkt hem verbaasd, en met enige beetje achterdocht in haar ogen aan.
- Britt; Wat wil je?
- Bram: Ik wil je mijn excuses aanbieden. Ik zag dat je net erg schrok van
mijn optreden, maar ook Johan zat er tegenaan te hikken en kwam er maar niet
doorheen. Ik moest hem die duw wel even geven.
- Britt: Maar moet je dan zo uitvallen?
- Bram; Johan zat vast als de deuren van de nationale bank. Daar kwam niemand
doorheen. Het was heel juist van Ann om dit gesprek samen te plannen. Ik hoop
dat jullie samen wat moois van je toekomst gaan maken. Ik wens jullie heel
veel geluk samen.
- Britt: Dank je. Maar ik was inderdaad erg geschrokken. Die mannen zaten ook
steeds tegen mij te schreeuwen en van harde stemmen wordt ik nog steeds heel
erg bang.
- Ann: Britt, Johan, willen jullie even in de wachtkamer plaatsnemen? Dan wil
ik nog een paar dingen even kortsluiten met Bram en dan zie ik jou weer hier.
- Johan: Britt alleeen?
- Ann: Ja, Britt alleen.
- Johan: Britt, wil ik op je wachten en je naar huis brengen?
- Britt kijkt hem verliefd aan: Heel graag.
- Ann en Bram bespreken of ze niet toch nog een observatie moeten doen van de
omgang die Britt en Johan met elkaar hebben.
- Bram: De intenties zijn heel goed. Ik zie dat ze heel gek op elkaar zijn,
maar ik ben toch ook wel een beetje voorzichtig met die Johan. Hij kan zijn
vriendin nu wel zoenen en strelen, maar wat als ze intiem willen worden en hij
de schrik weer krijgt? Zou jij dan niet liever willen dat je er bij bent om
Britt op te vangen?
- Ann; Ik denk dat we inderdaad voorzichtig moeten zijn met hun. Ik heb dat
dossier van Britt gelezen. Dat is niet niets. Ik zit al vijftien jaar in het
vak, werk heel veel met slachtoffers van seksueel geweld, maar hiervan werd ik
toch echt wel een beetje ziek toen ik het onder ogen kreeg.
- Bram: Des te meer reden het voorzichtig te doen. Bespreek jij het met Britt,
dan zal ik buiten even met Johan praten.
- Dus als Britt weer binnenkomt vraagt Ann of Britt even rustig wil gaan
zitten, maar die voelt dat er wat in de lucht hangt en zit supergespannen op
het puntje van haar stoel.
- Ann: Kom Britt, doe even je jas weer uit en ga maar even op de bank liggen.
Je bent zo gespannen. Laat even alles van je afglijden. Denk aan je
ademhaling; rustig en diep door je neus inademen en langzaam door je mond weer
uit ademen.
- Britt lijkt wel in trance en volgt precies de aanwijzingen van Ann op. Ann
heeft iets in haar stem dat je bijna automatisch laat volgen wat zij wil.
- Britt ligt nu op de bank en ademt heel rustig. Ze heeft haar ogen gesloten
maar Ann vraagt haar om de ogen te openen.
- Ann: Britt, was je al van plan om weer intiem te worden met Johan?
- Britt; Ik wil het zo graag. Hem weer dicht bij me voelen. Ik wil dat hij me
kan laten voelen dat ik niet vies ben, en dat hij me werkelijk mooi vind.
- Ann; Is het niet wat te vroeg?
- Britt; Ik weet niet. Net, toen we zoenden, leek het of we nooit van elkaar
waren weggeweest en ik dacht dat Johan ook wel wilde.
- Ann; Vind je het goed dat Bram en ik dan bij jullie thuis komen? Bram is
niet helemaal zeker of het de eerste keer ook wel goed zal gaan. Hij zag dat
Johan heel graag wil, maar omdat die zo gesloten was is hij een beetje bang
dat hij misschien toch weer gaat twijfelen als jullie intiem willen worden .
Wij zouden er dan bij kunnen zijn om jullie op te vangen en er doorheen te
helpen. Maar het moet jullie vrije keus zijn. Niet omdat Bram dat zegt of ik:
ALS jullie willen, en vooral als jullie durven, kunnen jullie het echt wel
gaan proberen.
- Britt; Maar moeten jullie dan meekijken wat wij gaan doen? Dat is toch niet
intiem meer?
- Ann: (lachend) Nee, Britt, wij hoeven niet te zien wat jullie doen. Dat is
tussen Johan en jou. Wij zullen er zijn voor als het niet helemaal goed gaat.
Heb geen bang, het is ons werk en wij zullen er heel precies en verantwoord
mee omgaan.
- En persoonlijk denk ik dat je een beetje steun hierbij wel kan gebruiken.
- Britt: Als Johan het goed vind.....
- Ann: Dat is Bram hem nu aan het vragen.
- Britt; Jullie denken ook overal aan hč?
- Ann: We proberen om mensen die trauma's hebben opgelopen weer lekkerder in
hun vel te laten zitten. En als daar bij komt om ze te helpen hun eigen
lichaam en dat van hun partner weer te kunnen zien en beleven dan zullen wij
dat zeer respectvol begeleiden.
- Britt: Ik denk dat ik jullie ook wel nodig heb. Het klinkt vast heel dom:
maar ik ben ook wel bang als Johan weer wil proberen te vrijen. Ik wil het zo
graag, en misschien verwacht ik gewoon te veel. Hij heeft het zo moeilik
gehad.
- Ann: En jij ook Britt. Die mannen hebben je ruw verkracht. Ze hebben je
lichamelijk, maar ook geestelijk heel veel pijn gedaan. Dan moet je heel
voorzichtig zijn als je weer wil gaan vrijen. En het is niet dom dat je bang
bent. Dat is een hele natuurlijke en hele gezonde reactie.
- Dan wordt er geklopt en komt Johan binnen om Britt te vragen of ze samen
naar huis zullen gaan.
- Britt; Ga jij met mij mee?
- Johan: Als ik mag?
- Britt; Natuurlijk lieverd.
- Vlug veegt ze een paar traantjes weg en staat weer op van de bank.
- Bram had geknikt dat Johan het goed vond en dus nam Ann afscheid met de
mededeling dat zij en Bram rond negen uur die avond langs zouden komen.
- In de auto op weg naar huis waren zowel Britt als Johan heel stil.
- Thuis ging Britt hem voor en nodigde hem uit om binnen te komen. Het leek of
ze een kennis binnen vroeg maar dat had ze zelf niet in de gaten.
- Tony had zich vandaag aangediend als oppasser en dus was Dorien uit logeren.
- Britt; Wil je koffie Johan?
- Johan: Eigenlijk wil ik wel wat te ten hebben. Ik rammel. Ik kreeg van de
zenuwen vanmorgen niets door mijn keel.
- Britt; Hoe laat is het dan in vredesnaam?
- Johan: Bij vijven.
- Britt; Zal ik snel even wat boodschappen doen, dan kan ik zo gaan koken?
- Johan: Willen we samen gaan? Of wil je liever uit eten gaan?
- Britt probeert haar tanden bloot te lachen en dan herinnerd Johan zich dat
Britt die plaatjes draagt en dus maar weinig normaal kan eten.
- Johan; We gaan samen boodschappen doen, en dan zeg jij mij wat je kan eten
en dan gaan we gewoon samen koken en kan ik je nog wat leren ook.
- Hier moet Britt om lachen en langzaam breekt de spanning die ze allebei wel
voelden.
- Weer terug uit de winkel gaan ze gelijk de keuken in. Het is niet zo heel
groot en Johan is heel bedreven dus die zweeft door de keuken maar kan niet
beletten dat hij Britt af en toe aanraakt als hij zich weer eens omdraait om
iets te pakken.
- Britt voelt dan een stukje spanning opkomen en ook begint ze een beetje te
hyperventileren.
- Johan: Britt? Gaat het wel goed met je? je ziet er nogal gespannen uit.
- Britt; Sorry, was niet de bedoeling.
- Dan laat Johan alles los wat hij vast heeft en stapt voorzichtig op Britt
toe en wil haar in zijn armen nemen, maar Britt deinst een stukje achteruit.
- Dan begint ze zomaar te huilen en Johan voelt zich erg verlegen met de
situatie.
- Johan: Brittje? Wat is er nou? Ik maak me zorgen om u.
- Britt; Johan, ik wil je zo graag bij me hebben maar nu ben ik degene die
last heeft van spanningen.
- Johan: Kun je er niet tegen dat ik je aanraak?
- Britt; Ik wil het zo graag.
- Johan; Ga even een lekker warm bad nemen en probeer je wat te ontspannen,
dan maak ik het hier klaar en roep ik je wel als we kunnen gaan eten. Is dat
goed voor jou?
- Britt; Waar heb ik het aan verdient dat jij zo veel begrip hebt voor mij?
- Johan; Dat komt je toe Britt. Jij bent de mooiste en de liefste vrouw, en
voor jou zal ik door het vuur gaan als je me dat zou vragen. Ik wil je
gelukkig maken en laten blijven.
- Dan stapt Britt heel voorzichtig op Johan af en neemt zijn hand en houd die
voor haar mond waar ze hem een zoen geeft. Johan buigt voorover en geeft haar
een klein zoentje op haar wang.
- Johan: Wees niet bang Britt. Ik zal heel rustig aandoen, wat jij wilt en wat
jij aankunt.
- Britt; Dank je Johan.
- Dan gaat Britt naar de badkamer, zet het bad aan en loopt de slaapkamer in
om zich klaar te maken voor een ontspanen bad.
- Ze staat even bij de deur en bedenkt of ze er wel goed aandoet om zich nu
terug te trekken. Dan hoort ze Johan haar naam roepen.
- In haar badjas loopt ze terug naar de kamer en ziet dat Johan een pakje voor
haar heeft.
- Britt; Is dat voor mij?
- Johan; Maak snel open, ik denk dat je het nu goed kunt gebruiken.
- Britt; Wat is het (nieuwsgierig)
- Johan: Iets om je lekker bij te kunnen ontspannen.
- Britt; Oh,heerlijk, lavendelolie voor in bad. Hoe wist je dat ik dat lekker
vond?
- Johan; Nog niet zo lang geleden deelden we dezelfde badkamer en toen had je
het ook al staan. Ik dacht, dat je misschien wel af en toe eens lekker
ontspannen in bad wilde.
- Britt; Je bent een schat meneer van Lancker.
- Johan: Als jij dat zegt.
- Na iets meer dan een uur heeft Johan het eten klaar en roept of Britt al
klaar is, maar er komt geen reactie.
- Dan loopt hij naar de badkamer en klopt aan de deur, maar nog geen reactie.
- Dan roept hij nogmaals haar naam maar Britt reageert nog steeds niet. dan
rest Johan niets anders dan de badkamer binnen te gaan en nog eens haar naam
te noemen.
- Johan: Britt? Het eten is klaar.
- Maar als hij kijkt ziet hij dat ze in bad in slaap is gevallen. Haar lippen
reiken net tot het water, maar blijkbaar was het bad zo ontspannen geweest dat
Britt erbij in slaap was gevallen.
- Johan gaat op zijn knieën voor het bad zitten en streelt heel zachtjes met
zijn wijsvinger over Britt haar wangen.
- Zachtjes komt Britt terug uit dromenland en lijkt wat waterig op naar Johan.
Ze schrikt niet eens als ze hem zo dichtbij ziet.
- Johan: Hey, was je in slaap gevallen?
- Britt; Sorry, maar het was zo fijn.
- Johan; Ik heb het eten klaar. Heb je nog trek?
- Britt: In u.
- Johan: Wil ik al het eten weer weggooien dan?
- Britt. Nee, ik douche even af en kom dan bij je.
- Na een kwartiertje staat Britt weer in haar lekker dikke en warme badstof
badjas in de keuken en legt langs achter haar armen om Johan heen en vleit
haar hoofd tegen zijn brede rug.
- Johan: Heerlijk Britt. Dat is vast veel lekkerder dan wat ik gekookt heb.
- Nadat ze gedaan hebben met eten werkt Johan ook nog snel de afwas weg en als
ze net op de bank zitten met de koffie komen Ann en Bram aan.
- Samen drinken ze hun koffie en dan gaan Ann en Bram aan de keukentafel
zitten en moeien zich totaal niet meer met Britt en Johan. Na een kwartiertje
zijn ze hun dan ook al vergeten.
- Johan zit naast Britt op de bank en Britt heeft haar benen bij Johan op de
schoot gelegd. De TV heeft weinig te bieden en als ze die hebben uitgezet gaat
Britt verliggen en vraagt of ze lekker tegen Johan aan mag komen liggen.
- Johan opent uitnodigend zijn armen en Britt krult zich lekker tegen hem aan
en begint met haar vinger figuurtjes op zijn borst te tekenen.
- Log voor het tien uur is ziet Johan dat Britt heel moe is.
- Johan: Wil je op bed Britt? Je ziet er zo moe uit?
- Britt; Ja, laten we maar gaan. Jij wilt toch ook wel? Ik bedoel, dat we
samen in een bed gaan slapen?
- Johan: Wil jij dat ik bij je kom?
- Nu zijn ze allebei heel voorzichtig met elkaar en Ann heeft haar oren al
gespitst.
- Als Britt opstaat van de bank heeft ze weer even een duizeling. Mogelijk
toch tijdens het badderen wat water in haar gekwetste oor gekregen, en ze
moest zo oppassen van haar KNO arts.
- Vlug steekt Johan zijn handen uit om haar op te vangen.
- Johan: Gaat het Britt?
- Brit; Ja, even een beetje duizelig. Kan ik eerst even de badkamer gebruiken?
- Johan: Ga je gang. ik wacht wel tot jij zegt dat ik erbij kan.
- Beiden denken er niet meer aan dat Ann en Bram in de keuken zitten.
- In de badkamer moet Britt weer het hele avondritueel volgen: tanden
reinigen, plaatjes verzorgen, medicijnen nemen ogen druppelen. Als ze bijna
klaar is vraagt ze of Johan even in haar oor wil kijken om te zien of er water
in zit, maar Johan kan niets zien.
- Britt; Wil je er dan even deze druppels in doen? Dat moet nog tot ik dinsdag
weer naar de dokter moet en dan heb ik ze hopelijk niet meer nodig.
- Johan: Zal ik dat doen als je ligt? Dan kun je je hoofd op het kussen leggen
en lopen ze er niet zo weer uit.
- Britt; Slim bedacht Johan.
- Johan gaat zelf eerst vlug even de badkamer in en maakt zich ook klaar voor
de nacht en komt in onderbroek en T-shirt terug in de slaapkamer. Hij staat
aan Britt's zijde van het bed om de druppels in te doen en twijfelt dan wat
hij verder zal doen.
- Britt ziet de twijfel , maar moet zelf ook bedenken wat nu.
- Dan klopt ze met haar hand op het matras naast haar ten teken dat Johan ook
het bed in kan komen.
- Hij gaat opzijn rug naast Britt liggen en moet erg zijn best doen om zijn
ademhaling onder controle te krijgen.Als Britt een poosje heeft gelegen en de
oordruppels ingewerkt zijn, draait ze zich om zodat ze Johan kan zien.
- Die kijkt voorzichtig naar Britt.
- (inmiddels heeft Ann de deur op een hele klein kiertje gezet en spiekt heel
eventjes maar, of het tot hier goed is gegaan.)
- Johan: Britt, zou ik je mogen aanraken?
- Britt; Ja Johan, dat mag. Maar ik wil je zeggen dat ik misschien heel
schrikachtig reageer. Maar trek je dan alsjeblieft niet zo snel terug, want
dan ga ik bang worden. Ik heb hele nare dingen meegemaakt, en het is nu voor
het eerst dat er weer iemand aan mij zit.
- Johan; Echt?
- Britt; Echt. Ik heb mezelf ook alleen maar aangeraakt als ik stond te
douchen. Dat was puur functioneel. Genot heb ik al heel lang niet meer gehad.
- Johan: Is het wel goed dan wat we nu doen?
- Britt legt nu haar arm om Johan heen: Ik wil het zo graag weer normaal
kunnen vinden. Johan wil je me alsjeblieft in je armen nemen? Ik wil je
aanwezigheid voelen.
- Dan neemt Johan zoals gevraagd haar in zijn armen en begint haar in haar
gezicht en op haar hoofd te zoenen. Hij duwt zijn neus in haar haren en ruikt
er met diepe teugen aan, wat bij Britt een enorme lachbui opwekt.
- Johan: Wat is er Britt?
- Britt; Dat doe ik ook altijd bij Dorien. Haar haren ruiken. Dat is zo fijn,
daar moest ik even aan denken.
- Johan :Maar jij ruikt ook heel fijn.
- Langzaam beginnen ze elkaar nu wat vrijer aan te raken en Britt haar handen
verdwijnen onder Johan 's T-shirt en hij doet het dan maar uit als het Britt
toch in de weg lijkt te zitten.
- Johan: Zo beter?
- Britt; Het kan nog beter.
- Johan: Je bedoeld? Er moet mee ruit?
- Britt knikt een keertje ontdeugend.
- Dan ziet ze ook de boxer van Johan naast het bed verdwijnen.
- Zelf heeft ze nog wel haar slip en hemdje aan en Johan streelt daarom maar
haar armen en haar nek en hals.
- Britt neemt nu zijn handen en leid die naar haar buik. Ofwel het heel vreemd
voelt laat ze hem wel zijn gang gaan.
- Johan merkt eerst een lichte spanning maar die gaat al snel over in een
soort van opwinding, subtiel maar toch.
- Britt; Johan , dat voelt lekker.
- Johan: Echt waar Britt?
- Britt; Ja, wil je mijn hemd uitdoen?
- En voorzichtig probeert Johan om Britt haar hemdje uit te doen. Hun
"voorspel " neemt een behoorlijke tijd in. Ze zijn beiden heel
voorzichtig en willen de ander niet afschrikken.
- Dan vraagt Johan, met zeer zachte stem of hij Britt ook verder aan mag
raken.
- Britt schrikt van de vraag en probeert haar onrust te verbergen.
- Johan: Sorry, Britt, schrok je?
- Britt; Ja, sorry dat ik zo doe.
- Johan: Geeft niet Britt. Wat is het waar je bang voor bent? Dat ik je pijn
zal doen, of je niet respectvol zal behandelen?
- Britt; Johan, ik..... (en daar huilt ze al)
- Johan neemt haar heel dicht tegen zich aan en streelt door haar haren.
- Johan: Liefje, als je het nog niet kan dan doen we het niet. Ik wil jou niet
dwingen. Zo ben ik niet.
- Britt; Maar ik ben zo stom. Ik denk steeds aan die mannen en jij helemaal
niet zo.
- Johan: Nee Britt, ik ben niet zo. Maar ik vind het ook wel moeilijk hoor.
Maar ik meen het echt, heel oprecht als ik zeg dat ik je heel graag mag, dat
je voor mij de vrouw van mijn leven bent. Ook ik vind het moeilij om contact
te maken, maar ik wil je geen pijn doen. Niet lichamelijk, maar zeker ook niet
mentaal.
- Britt: Houd me vast Johan, ik heb u nodig.
- En nu zijn Johan's troostende handen haar weer liefdevol aan het strelen.
- Johan: Kom maar bij me, ik zal er voor je zijn Britt. Zo lang als ik kan, en
ik wil zo goed mogelijk voor je zorgen.
- Britt; Dat geloof ik direct. Als het van jou komt dan.... dan voel ik me zo
goed daarbij.
- Johan: Wij kunnen ook gewoon zo, lekker bij elkaar blijven liggen en gaan
slapen. En dan komt de rest wel een andere keer.
- Britt; Maar Johan, ik zou wel willen.....
- Johan: Ja???
- Britt; Echt wel. Wil jij mij daar bij helpen?
- Johan : Zeg maar wat ik voor je kan doen.
- Britt; Wil jij me eens aanraken? Daar. Beneden?
- Johan laat zijn hand heel zachtjes en zorgzaam naar haar benen afglijden en
merkt een lichte huivering bij Britt, maar dan merkt hij ook dat haar hand op
de zijne ligt en hem naar haar schaamstreek voert.
- Britt houd haar ogen stijf toe, alsof ze een of nader eng beeld buiten wil
sluiten.
- Johan: Gaat het nog Britt?
- Britt kreunt zachtjes: mhm.
- Dan streelt hij haar tussen haar been en zijn vingers raken haar op intieme
plaatsen. Johan merkt de inspanningen die Britt doet om het toe te laten.
- Hij heeft er zelf wat moeite mee dat het Britt zo veel inspanning kost.
- Dan merkt hij dat Britt hem naar zich toe begint te trekken en wil dat hij
op haar gaat liggen.
- Johan: Britt, overdoe u zelf niet, alsjeblieft. We moeten dit langzaam weer
beginnen. Het zou zo jammer zijn als je nu teveel van jezelf vraagt.
- Britt; Ik wil het Johan.
- Dan laat Johan zich zachtjes op haar zakken , maar hij vangt een groot deel
van zijn gewicht op door stevig op zijn armen te steunen. Hij wil vooral niet
dat Britt angstig wordt.
- Maar gelijk als hij dat denkt begint Britt ineens heel onrustig en angstig
te worden en wil hem van zich afduwen . Ze begint te roepen en slaat om zich
heen.
- Snel laat Johan zich van haar afrollen en probeert haar weer in zijn armen
te nemen om haar gerust te stelen maar Britt ligt nu heftig te huilen.
- Dan komt ook Ann naar binnen en die gaat gelijk naast Britt zitten . Ze
heeft de ochtendjas van de stoel gepakt en reikt die Britt aan zodat die hem
over zich heen kan trekken als ware het een bescherming.
- Ann: Kalm maar Britt, rustig. Er is niets gebeurt. Johan heeft heel
voorzichtig met je gedaan . Hij heeft je geen pijn gedaan.
- Britt; Bang, ik ben bang.
- Ann: Kom eens even rechterop zitten Britt.
- Britt begint nu weer wat rustiger te ademen.
- Bram is inmiddels ook binnen en staat aan Johan's zijde naast het bed.
- Johan kijkt hem vragen d aan.
- Bram; Ik had min of meer wel van een van jullie en reactie verwacht. Het is
goed dat jullie het heel voorzichtig zijn gaan proberen, en het is niet erg
als het niet direct goed gaat. Je moet langzaam elkaars vertrouwen weer
terugwinnen.
- Britt; Maar ik vertrouw hem wel. Ik was alleen zo bang dat het pijn ging
doen. Ik heb hem gevraagd om op me te gaan liggen. Het is niet zijn schuld.
- Ann; Niemand heeft hier schuld. Ook jij niet Britt. Dat moet je toch echt in
gaan zien.
- Britt: Gaat het wel weer goed komen dan?
- Ann lacht haar vriendelijk toe maar zegt niets.
- Britt; Gaat het niet goed komen?
- Ann; Waarom denk je dat?
- Britt; Omdat je niets zegt.
- Ann; Ik zeg niets, omdat jij zelf het antwoord wel weet.
- Britt; Dus het gaat goed koen?
- Ann knipoogt nu naar Britt die eens heel diep zucht en zich tegen Johan aan
laat vallen.
- Johan: Wat goed dat jullie er toch waren.
- Bram: Noem het intuďtie, maar ik voelde vanmiddag dat zoiets zou kunne
gebeuren. Maar de nacht is nog jong, dus niets staat jullie in de weg om
elkaar weer tegen te komen.
- Britt: Ann, denk je dat ik Johan toe kan laten?
- Ann: Britt, ik wil even met jou alleen praten.
- Daarop vertrekken Johan en Bram naar de kamer.
- Britt; Wat is er Ann? Je kijkt zo ernstig.
- Ann; Britt jij bent zo ontzettend gespannen. Wil je dat het beter zal gaan?
- Britt; Zeker en vast,
- Ann: Dan moet je een beetje gaan ontspannen.
- Britt; Hoe doe ik dat?
- Ann: Wel ik had je ontspanningsoefeningen gegeven, en heel misschien zou
Johan in plaats van met je te vrijen , je ook een heerlijke massage kunnen
geven. Dan raak je ook weer gewend aan zijn aanrakingen.
- Britt; Ann, ik wil hem zo graag weer in mij voelen, maar ik ben zo bang dat
die mannen ....
- Ann: Stop Britt. Die mannen zijn er niet meer. Die gedachten MOET je uit je
hoofd zetten. bent nu met Johan. Ik heb gemerkt en gezien dat hij heel teder
met je omgaat. Laat je spanningen los en geniet met zijn tweeën.
- Britt: Dan wil ik graag dat Johan nu terug bij me komt.
- Ann: Dat klinkt heel wat positiever Britt. Denk alleen aan Johan, aan die
fijne tijden die jullie beiden ook kennen. Laat je gewoon gaan en zie waar
jullie uitkomen.
- En dan komt Johan weer terug.
- Bram had hem een hart onder de riem gestoken en vol goede moed kroop hij ook
weer in bed en legde zich weer dicht tegen Britt aan.
- Britt; Johan, het spijt me van net.
- Johan: Geen spijt nodig Britt. We moeten het allebei leren zien als een
drempeltje waar we overheen moeten.
- Dan begint hij haar lichaam te strelen en merkt dat Britt zich nu beter kan
ontspannen.
- Ze beweegt mee op zijn ritme, en het voelt als vanouds, dat ze zo lekker
samen kunnen genieten van elkaar, van elkaars lijven.
- Voorzichtig gaat Johan weer op haar liggen en merkt nu dat Britt probeert om
zijn lid bij haar binnen te krijgen.
- Hij sluit nu zijn ogen en probeert tot in zijn diepste vezels te voelen.
- Dan merkt hij dat hij in haar komt en BrItt haar bekken gaat bewegen om hem
te masseren.
- Langzaam gaat hij ook bewegen en samen zijn ze heel ritmisch bezig. Ze
genieten van elkaar en lijken nu geen belemmeringen meer te ervaren.
- Britt kreunt van genot en Johan perst zijn mannelijkheid in haar. Met een
gekreun komen ze gelijk klaar en zakken in elkaars armen van blijdschap.
- Johan; (hijgend) Britt, dat was heel fijn. Ik hoop dat jij het ook prettig
vond.
- Britt: Johan, je was geweldig. Ik wil dit vaker gaan doen.
- Johan: Mij heb je.
- Britt begint hem nu liefdevol te kussen en hun tongen verstrengelen zich
weer met elkaar.
- Britt heeft haar mond er vol mee, en ervaart nu zelf ook de beperkingen door
die spalk maar doet zo goed ze kan. Johan heeft deze beloning meer dan
verdient. Hij heeft haar zo liefdevol en met respect behandeld, ze zou bijna
zijn vergeten dat ze nog maar amper drie weken geleden ruw verkracht is.
- Zelfs nu die gedachte bij haar boven komt, wint die het niet van haar genot
en plezier. Ze valt met een brede glimlacht in slaap en droomt van al het
moois dat het leven nog voor haar tegoed heeft.
- Johan is ook zeer tevreden en ligt nog een poos naar Britt te kijken en van
haar te genieten en valt uiteindelijk ook in slaap.
- De volgende ochtend is Johan als eerste wakker en gaat zich vlug douchen en
loopt dan naar de keuken om koffie te maken.
- Hij ziet Bram en Ann allebei in een zetel liggen slapen en lacht eens
tevreden.
- Net wanneer hij in de douche staat, voelt hij plots 2 handen op zijn buik.
Snel draait hij zich om, en ziet dat Britt zich ook uitgekleed heeft en mee in
de douche staat met hem...
- Johan: Lieverd. (glimlachend)
- Johan geeft Britt een innige zoen en zij beantwoordt deze even vurig als
hij.
- Zonder een woord te zeggen grijpt Britt de mannenshampoo en begint Johan's
haren te wassen. Als ze dat gedaan heeft, neemt ze de doucheschuim van Johan
en begint hem met haar handen helemaal in te wrijven...
- Als ze helemaal gedaan heeft, doet Johan exact hetzelfde bij haar..........
- Maar als hij over haar borsten wil strelen met haar doucheschuim, bevliegt
Britt opeens een angst, een heel erge angst.
- In plaats van Johan ziet ze Ivan voor zich staan...
- Britt: GA WEG! GA WEG ALSTUBLIEFT! (smekend/schreeuwend van angst/huilend)
- Johan schrikt zich een ongeluk, maar weet zich te herpakken...
- Britt: Ga nu toch weg, Ivan, alsjeblieft! (smekend/huilend/roepend)
- In de woonkamer schrikken Ann en Bram wakker. Ann haast zich meteen naar de
badkamer en rukt de douchedeur open....
- Johan probeert Britt te kalmeren, maar Bram roept hem uit de douche en geeft
hem een handdoek aan, die Johan snel rond zich heen wikkelt.
- Ann doet de waterkraan toe en gaat dan voor Britt zitten, die ondertussen
als een klein en nietig hoopje mens op de grond gezakt is en haar armen om
haar hoofd heeft geslagen...
- Ann: Britt, wil je op komen staan?
- Britt: (hysterisch krijsend) Ga weg. Blijf van me af. Hij heeft het weer
gedaan.
- Ann: Ik ben het, Ann.
- Britt kijkt verbaasd naar Ann en smeekt dan bijna om haar hulp.
- Britt: Help me Ann, hij was er weer.
- Ann: Rustig maar Britt, hij is er niet. Hij zit in het gevang. Tony heeft
hem met de boevenwagen op laten halen. Hij kan niet bij je komen.
- Dan wil Ann een troostende en beschermende arm om Britt heen leggen, maar
die geraakt gelijk weer in paniek en begint van nieuws te schreeuwen en te
krijsen.
- Britt lijkt niet te kalmeren. Ze heeft weer heftige herbelevingen en begint
nu op zichzelf, op haar hoofd en haar armen en haar buik te slaan. Ann wil
haar stoppen maar krijgt geen grip op Britt omdat die nog nat en glad is van
het water en de doucheschuim.
- Ann: Britt, ophouden. U moet uzelf geen pijn doen.
- Britt: Donder op.
- En ze springt overeind en wil de douche uitvluchten maar glijd uit en komt
met een rotknal met haar gezicht tegen de wastafel aan die meteen doormidden
breekt en een gemene snee in Britt haar gezicht trekt. Bloedend en bewusteloos
ligt Britt nu op de vloer van de badkamer, Ann in paniek erbij.
- Ann: Bram, Johan, kom snel, jullie moeten me helpen.
- Bram en Johan komen gelijk binnen en zien dat Britt bloedend op de grond
ligt.
- In paniek buigt Johan naar Britt toe en wil haar over haar haren strelen en
net dan begint Britt weer een beetje bij te komen.
- Bram: Johan, wees voorzichtig, er liggen allemaal scherven.
- Johan: Ik wil Britt helpen. Geef me eens een handdoek.
- Britt kreunt wat en kijkt heel vreemd naar de mensen die om haar heen staan.
- Johan: Britt, liefje, kun je me horen?
- Britt; Johan?
- Johan: Ik ben het. Wat is er gebeurt?
- Britt; Bang. Ik was heel bang geworden en toen ........ (whop, een grote
golf braaksel kwam over Johan heen)
- Ann ziet dat Britt heel wit en pierig ziet in haar gezicht en dat ze ligt te
rillen van de kou. Ze geeft Johan de badjas van Britt die hem zorgvuldig over
Britt heen legt.
- Johan: Britt, kun je opstaan?
- Britt; Ik voel me niet zo lekker.
- Johan: Ik help je even op bed, Bram belt voor een dokter of een ambulance,
want dit ziet er niet goed uit.
- Britt; Wat is er gebeurt? Het lijkt wel of iemand de badkamer heeft
verbouwd.
- Ann: Je bent uitgegleden en met je hoofd tegen de wastafel gevallen. Kun je
dat niet herinneren?
- Britt; Ik weet dat ik met Johan stond te douchen en toen ineens zag ik Ivan.
- Johan heeft Britt inmiddels tot zit op geholpen maar hij ziet dat ze het
niet aankan. Daarom neemt hij haar op en legt haar op bed en dekt haar toe met
het dekbed.
- Bram: De ambulance komt er zo aan.
- Ann: Johan, gaat het met je? Jij bent ook helemaal wit.
- Johan: Ann: Blijf even bij Britt dan ga ik me aankleden en dan ga ik zo met
Britt mee naar het ziekenhuis.
- Terwijl hij zich staat aan te kleden lijkt Britt weer wat weg te zakken en
Ann maakt zich nu echt ongerust.
- Ann: Laten ze eens opschieten.
- Bram: Ik hoor ze al, ik zal ze binnen laten.
- Als Johan klaar is met aankleden is Britt inmiddels weer volledig weggezakt
in haar bewusteloosheid.
- De ambulancebroeders zijn bezig om haar bloeddruk te meten, terwijl de
andere haar plakkers op doet om een hartfilmpje te kunnen maken.
- Ann heeft een steriel gaas in haar handen gekregen om de wond toe te dekken.
- Sjoerd: Ritme wat onregelmatig. Geen ernstige dingen te zien.
- Tom: Bloeddruk laag, 85/40, pols hoog en regulair.
- Sjoerd: Even die wond in het gezicht bekijken. Oei, dat ziet er lelijk uit.
- Tom: Dek maar af, dan nemen we haar mee naar het ziekenhuis. Ik zal een
infuus aanleggen en dan hebben ze meteen ene ingang als ze bloedconserven
nodig mocht hebben.
- Sjoerd probeert nog of Britt bij wil komen als hij haar een amoniakstift
onder haar neus houd en ziet dat er wel enige reactie komt, maar dat die erg
zwak is.
- Britt word op de brancard gelegd en goed ingepakt en vertrek met Johan naar
het ziekenhuis.
- Daar moet Johan wachten in de wachtkamer. Even later komen ook Ann en Bram
naar het ziekenhuis om te horen of e ral nieuws is.
- Bram: Sorry, Johan dat het zo gegaan is. Maar wat heeft zich afgespeeld?
- Johan: Ze wilde met mij samen douchen. Ze heeft mijn haren gewassen en me
lekker helemaal gezeept en toen wilde ik dat ook bij haar doen. Dat vond ze
goed . Tot ik ... tot ik bij haar borsten kwam. Ineens sloeg ze helemaal in
paniek.
- Bram: Hebben jullie gisteren nog intiem geweest nadat Britt eerst ook in
paniek was geraakt?
- Johan: Ja, kort, maar heel fijn. Ze zei dat ze het heel fijn vond en het
voelde ook veilig zei ze.
- Ann: Johan, Britt heeft herbelevingen gehad. Het is niet uw schuld dat ze
weer zo is gaan doen. Ze had er zelf ook geen controle over.
- Johan: Maar ze leek ineens zo bang van mij. Straks denkt ze dat ik bij haar
die herbelevingen oproep en dan moet ze me niet meer.
- Bram: Herbelevingen kun je niet zomaar oproepen Johan. Jij kan dat niet. Het
is Britt die die ervaringen heeft meegemaakt. Het zit blijkbaar heel diep,
maar ze is wel heel goed bezig om het door te werken. Het is alleen zo jammer
dat ze nu dat ongeluk in de douche heeft gehad.
- Johan: Gaat het dan weer minder met haar?
- Bram: Wel, ze zag er nogal gehavend uit. Ik denk dat ze daar wel wat
klachten van over zal houden en dat samenzijn misschien even wat moeilijke zal
zijn.
- Johan: Ik laat haar niet alleen. Ik neem haar mee terug naar huis en ga voor
haar zorgen, en als zij hier moet blijven dan blijf ik ook. Ik wil dat ze weet
dat ik heel veel om haar geef en er voor haar zal zijn, ongeacht wat er aan de
hand is.
- Ann: Dat is heel mooi van u Johan. Ik hoop dat de artsen zo komen en
vertellen hoe het met haar is.
- Nadat ze ruim een uur hebben gepraat en gewacht komt de arts bij hun.
- Arts: Wie moet ik aanspreken?
- Johan: Ik ben haar vriend, en dit zijn de psychologen die ons begeleiden .
Ze waren er min of meer bij toen het gebeurt is.
- Arts: Wel, we hebben nieuwe foto's van het aangezicht gemakt en hebben
gezien dat de breuk weer opnieuw is gebarsten. De plaatjes zijn gebroken en er
zit nu ook een barst in het verhemelte. We zullen opnieuw moeten opereren ,
maar omdat er een enorme bloeduitstorting zit kan dat nu nog niet. Misschien
morgen en anders overmorgen. Die snede in haar gezicht heeft gelukkig een hele
scherpe begrenzing en die kan dus heel mooi gehecht worden. U hoeft geen bang
te hebben dat dat een naar lidteken gaat worden. En ze heeft een
hersenschudding, maar met zo'n val is dat ook heel begrijpelijk.
- Johan: Kan ik naar haar toe? Gaat het goed komen met haar?
- Arts: Wel, mogelijk dat ze wat vergeetachtig kan reageren. Of dat zo blijft
weet ik nu nog niet. Maar loopt u maar mee. Ze is wel een beetje grocky. We
hebben haar behoorlijke pijnmedicatie moeten geven.
- Op de kamer ziet Johan dat Britt hara gezicht weer half in het verband heeft
zitten. Ze ligt er beroerd bij. Voorzichtig neemt hij haar hand en begint die
te strelen. Dan gaat hij zitten op een stoel die de zuster heeft bijgeschoven
en begint tegen Britt te praten.
- Johan: Brittje, ik vind het zo jammer dat het zo is gegaan. Het doet me pijn
te zien dat u weer zo te pas bent gekomen. Ik wil je heel graag helpen. Ik zal
er voor je zijn.
- Dan ziet hij dat Britt haar ogen probeert te openen. Het licht doet pijn aan
haar ogen en dus knijpt ze ze gelijk weer toe.
- Britt; (mompelend) Johan?
- Johan: Ja Britt?
- Britt; Wil je bij me blijven . Ik ben bang.
- Johan: Ik blijf bij je. Waar is het dat je bang van bent?
- Britt; Pijn. Ik heb zo'n pijn. En ik ben zo bang voor Ivan.
- Johan: Ivan zit in de gevangenis, daar moet je geen bang meer voor hebben.
- Britt; En toch zag ik hem toen wij in de douche waren.
- Johan: Je had een herbeleving. Ann heeft me dat uitgelegd. Wat jij hebt
meegemaakt heeft zo'n diepe indruk op je gemaakt dat het als een heftige
reactie weer steeds boven kan komen, tot je zover bent om er voorgoed mee af
te rekenen. Vooral in tijden van angst en onrust en als je slecht slaapt kan
het zich veel sterker voordoen. Maar ik wil er voor je zijn om je er doorheen
te helpen. Mag ik jou hierbij helpen? Ik wil wat voor je kunnen doen, wat voor
je betekenen.
- Britt; Jij betekend al zoveel voor mij. Door jou heb ik de moed gevonden om
niet op te geven toen ik bij die Ivan was. Toen hij begon me pijn te doen toen
heb ik mij heel erg verweerd. En toen sloeg hij en is mijn kaak gebroken. Hij
liet me zelfs naar het ziekenhuis brengen om te laten helpen, maar toen ik er
weer was moest ik direct van hem met die andere man.... En toen dacht ik: dit
kan ik niet meer volhouden. Maar er was niemand om mij te helpen. De microfoon
was stuk en Tony wist niet waar ik was. Ik was zo bang Johan. Ik wil dat nooit
meer voelen, hoe angstig ik was.
- Johan: Dat zal ook niet weer gebeuren Britt, daar zal ik voor zorgen.
- Britt; En toen ik weer werd vastgebonden en hij mij me trust liet, voor
even, toen dacht ik aan jou. Aan dat jij me zou komen helpen. En dat heeft me
kracht gegeven. Ik ben je zo dankbaar Johan.
- Johan: Britt, je ziet er moe en ziek uit. Wil je niet liever gaan rusten?
- Britt: Maar wil jij dan bij me blijven, anders word ik zo bang.
- Johan: Ik blijf bij je. Ik zal straks heel even naar Tony gaan en vragen of
die nog een paar daagjes op Dorien kan passen en dan ben ik weer bij je terug.
Is dat oké?
- Maar Britt slaapt al.
- Zelfs de volgende ochtend als de artsen komen om te controleren of de
zwelling voldoende is afgezakt om de opereren slaapt ze nog steeds door.
- Johan is hier ongerust over.
- Johan: Ze heeft toch geen bloeding in haar hoofd, dat ze zo suf is?
- Arts: Nee hoor, maak u niet ongerust. Ze is behoorlijk aangeslagen door de
medicatie, maar die had ze echt wel nodig. We kunnen haar rond de middag
opereren en als alles goed gaat mag ze maandag weer naar huis.
- Johan: Zijn jullie alsjeblieft heel voorzichtig met mijn meisje?
- Arts: Als u wilt en u kunt er tegen, mag u wel meekomen dan kunt u bij haar
blijven en ook de operatie volgen.
- Johan: Is dat niet eng dan?
- Arts: Voor ons niet, maar ik denk dat Britt het prettig vind als ze u nog
ziet voor ze echt onder narcose gaat. En uiteraard als u er weer bent als ze
wakker wordt.
- Johan krijgt instructie over de speciale kleding en schoenen die hij aan
moet als hij de operatiekamer binnen gaat, en ook krijgt hij instructie hoe
hij zijn handen en armen moet wassen.
- Als hij gedaan heeft brengt een zuster hem binnen en mag hij op ene kruk bij
Britt gaan zitten die hem nu een beetje lodderig aankijkt.
- Johan: Britt, gaat het? De dokter gaat je zo helpen. Je kaak en verhemelte
zijn weer gebarsten en die gaan ze weer vast zetten. Ik hoop dat er dan voor
mij nog plaats is om u te zoenen want ik heb u zo graag.
- Britt; Doe da nu dan maar gauw nog even, dan heb ik iets moois om aan te
denken als ik zo ga slapen.
- Johan kust Britt heel voorzichtig maar kan niet voorkomen dat het heel erg
pijn doet.
- Johan: Liefje, sorry, dat wild eik niet.
- Britt; Ik wilde de pijn ook niet, maar uw zoentjes des te meer. Ik zie je
straks.
- En met een zucht raakt ze onder narcose en beginnen de artsen te opereren.
- Nadat ze een kwartier bezig zijn krijgt Johan het Spaans benauwd. De
geluiden die uit Britt haar mond komen maken hem angstig. Hij ziet dat er een
pot staat waar bloed in wordt opgevangen en dat is best veel volgens hem.
- De zuster tikt hem op de schouders of hij niet toch liever buiten gaat,
maar, hup daar gaat Johan al onderuit.
- Vlug wordt hij weggebracht en heeft even tijd nodig om weer bij te komen.
Hij schaamt zich dat hij flauw is gevallen maar niemand die het hem kwalijk
neemt.
- Nadat hij zich wat heeft opgefrist en een kop thee heeft gedronken komt de
arts hem al weer halen om naar Britt te gaan die inmiddels op de uitslaapkamer
ligt en een beetje wakkerder begint te worden.
- Britt: Jo... Johan...? (kreunend)
- Johan: Ey lieverd, ik ben er nog, hoor. (glimlachend/zacht)
- Britt: Ivan staat daar... (zacht)
- Johan kijkt om en kijkt naar de deur... Daar ziet hij inderdaad een man
staan. Snel zet hij even zijn mobiel op en ziet dat hij een smsje heeft
gekregen van Nadine, met de tekst “Ivan is ontsnapt...”. Supersnel zet hij
dan ook zijn mobiel weer af, omdat dat eigenlijk niet mag in een ziekenhuis...
- Britt: I... van... (kreunend/angstig)
- De deur gaat open en Ivan gaat ook naast Britt zitten...
- Britt kijkt doodsbang rond zich heen en kijkt dan snel naar Johan...
- Ivan: Dag lieverd. (glimlachend)
- Britt: Weg... (bevend)
- Dan komt ook Ann de kamer ingelopen om te zien hoe het tussen Britt en Johan
ging (ze had toestemming van de dokter)...
- Ann: En u bent? (vriendelijk tegen Ivan)
- Britt: Da’s Ivan. Ann, haal hem weg. (smekend/kreunend van pijn)
- Ann: Ivan, WEG. (streng)
- Ann, die wonderlijk genoeg toevallig een verdedigingscursus had gevolgd,
duwt Ivan met speciale trucken de kamer uit en gaat dan snel naar Britt, die
hyperventilerend in bed ligt...
- Ann: Rustig Britt, denk om je ademhaling. Als je te vlug ademt word je
misselijk.
- Johan neemt Britt haar hand en streelt die om haar gerust te stellen.
- maar even later komt Ivan weer binnen.
- Ann had hem er wel uitgezet maar op de gang had hij een verpleegster
gegijzeld en kwam nu weer terug om zich op Britt te wreken.
- Johan ziet de doodsangst in Britt haar ogen en snel drukt hij op het
belletje voor de zusteroproep in de hoop dat er snel hulp zal komen.
- Ivan gooit de zuster ruw tegen de muur en grijpt dan Britt bij haar pols en
wil haar uit bed trekken maar dat maakt Johan zo bang en zo boos dat die op
Ivan in begint te slaan.
- Johan is normaal gesproken vies van enig lichamelijk geweld maar nu heeft
hij het niet meer. Hij heeft beloofd om Britt te helpen en te beschermen en
dus probeert hij dat met al wat hij kan.
- Hij krijgt zelf ook flinke klappen en voelt dat hij een tand door de lip
heeft maar hij geeft niet op.
- Ann zit bij de zuster en Britt ligt trillen van angst en huilend in bed.
- Dan komt er, eindelijk, hulp aan maar zelfs met behulp van de beveiliging
kost het nog heel wat moeite om Ivan te vermeesteren.
- Net voor ze zijn armen kunnen pakken trekt hij nog een mes en begint dat
gevaarlijk om zich heen te zwaaien.
- Johan had het mes niet gezien. Die zag alleen maar dat Britt zeer veel angst
had om die Ivan.
- Nu staat Ivan weer naast Britt en dreigt haar aan het mes te steken.
- Ivan brult als een bezetene: Donder op. Ze is van mij. Ga weg of ik doe haar
wat.
- Britt ligt nu heel hard te huilen. Ofschoon haar gezicht en mond heel erg
pijn doen moet ze enorm huilen.
- Ivan kijkt haar aan met een hele valse lach op zijn gezicht.
- Van dit moment van onoplettendheid maakt Johah gebruik om op Ivan af te
springen om hem het mes af te nemen, maar ineens voelt hij een scherpe pijn en
zakt in elkaar op de grond.
- Nu kan de beveiliging er wel in slagen om Ivan te overmeesteren en met het
nodige tumult wordt Ivan weer afgevoerd en overgedragen aan de politie die
inmiddels ook is gearriveerd.
- Britt ligt huilend en hyperventilerend in bed, maar Johan blijft maar op de
grond liggen en Ann word bang als ze hem zo ziet.
- Zijn ogen staan starend vooruit en ze lijkt geen contact met hem te krijgen.
- Ann: Johan? Toe zeg eens wat.
- Maar geen reactie.
- Inmiddels is er ook een arts toegekomen en die probeert Johan naar zijn rug
te draaien en ziet dan een hele grote bloedvlek door diens overhemd heen.
- Arts: Berrie, en vlug.
- Wat er dan gebeurt gaat allemaal zo snel dat Britt het niet meer meekrijgt.
- Verslagen ligt ze in bed en nadat ze opnieuw een dosis pijnmedicatie heeft
gehad zakt ze langzaam in slaap.
- Op de eerste hulp wordt Johan onderzocht en hij blijkt enkele snij wonden
aan zijn handen te hebben, maar ook een steekwond in de buik. Als de artsen
dat nader onderzoeken is er even twijfel over de ernst van de verwonding maar
gelukkig valt het mee. Het is eigenlijk meer een brede snee, maar er is niet
door de buikwand heen gestoken.
- Met wat hechtingen in de buik en de handen en de nodige verbanden erop kan
Johan na behandeling weer naar Britt terug gaan die dan gelukkig ligt te
slapen.
- Op haar kamer zijn inmiddels wel Nadine en Tony aangekomen die ook nerveus
hebben zitten wachten na wat Ann had verteld wat er was voorgevallen.
- Tony springt recht om Johan te begroeten: Hey Johan, is het meegevallen?
Gaat het goed komen met je?
- Johan: Dat loeder. Hoe heeft hij kunnen ontkomen uit het gevang?
- Nadine: Een bewaker bewusteloos geslagen tijdens het luchten.
- Johan; Ik was zo bang voor Britt. Je had haar moeten zien, haar angst, het
ongeloof dat hij er toch weer stond. Tony, ik ben zo bang om haar.
- Tony: Ga zitten Johan. Ik haal u een koffie en dan vertel je ons maar wat er
is gebeurt.
- Nadat hij zijn koffie heeft gekregen en ook weer een beetje rustiger is
geworden begint hij te vertellen van de oefeningen die hij samen met Britt
heeft gedaan en de angst die ze daar eerst bij voelde, maar dat het door de
gesprekken met de psycholoog toch wel een heel stuk beter ging.
- Als hij verteld dat ze eergisteren toch ook heel eventjes intiem zijn
geweest komt er een kleine maar tevreden glimlach op zijn gezicht en Tony legt
een bemoedigende hand op zijn arm.
- Johan; Maar gisterochtend toen we stonden te douchen, zij was zelf bij me in
de douche gekomen hoor, ik heb haar niet gedwongen, toen kreeg ze weer die
herbelevingen en daar werd ze zo angstig van dat ze in paniek raakte en is
gevallen en nu dus dit weer.
- De dokters hebben haar net geopereerd en toen ze wakker was zag ze die Ivan.
Ik dacht eerst dat ze dronken was van de narcose en toen zag ik de SMS van
Nadine en toen zag ik hem ook. Ann wilde hem de kamer uitzetten en toen
gijzelde hij een zuster en drong zich weer de kamer in. Hoe is het nu met
Britt want dat weet ik niet . Ze hebben me afgevoerd.
- Nadine; Hoe is het met u? U bent gewond?
- Johan; Wat sneetjes in de handen en een op mijn buik.
- Nadine; Ga je een aanklacht indienen?
- Johan: Jazeker, maar eerst wil ik weten hoe het met Britt is.
- Tony: Ze ligt nu te slapen. Ze hebben gaar weer medicijnen gegeven. Ze was
op van de angst en de pijn. Wil je hier alleen bij haar blijven of zal ik je
nog even gezelschap houden?
- Johan: Wil je alsjeblieft blijven Tony. Ik heb je nodig. Ik moet met je
praten, anders gaat het niet goed met mij.
- Tony kijkt Nadine aan of ze gemist kan worden en met een klein hoofdknikje
bevestig die de vraag.
- Nadine; Johan, ik wens je stekte en beterschap voor jullie beiden.
- Johan: Bedankt Nadine, en doe me een plezier: zorg dat die zot NOOIT meer
bij ons in de buurt kan komen.
- Nadine: Ik ga nu bellen met de rechter en zal dit avontuur van die Ivan
uitleggen en dan heeft de rechter daar heus wel een oplossing voor.
- Als Nadine is vertrokken zitten Johan en Tony een hele tijd zwijgend aan het
bed van een slapende Britt, die af en toe in haar dromen wat onrustige
bewegingen maakt.
- Tegen vier uur wordt ze weer wakker en ziet dat Tony ook aan haar bed zit.
- Britt: (moeizaam pratend) Tony, je moet Dorien op halen van school!
- Tony:Shit. Ik ga daar voor zorgen.
- (en vlug loopt ze naar buiten om te bellen dat dat iemand anders voor haar
doet)
- Johan: Britt maak je geen zorgen dat ga wel goed komen.
- Britt; Ivan??
- Johan: Die hebben ze opgepakt.
- Britt: En jij?
- Johan: Wat sneetjes op mijn handen.
- Britt : En verder? Vertel het me Johan. Ik zag dat je viel.
- Johan: Een snee in mijnbuik. Niets ernstigs zegt de dokter. Het is gehecht
en doet geen pijn meer.
- Britt begint al weer te huilen.
- Johan; Stil maar Britt. Het gaat allemaal goed komen. Nadine heeft de
rechter gebeld en zal zorgen dat hij niet weer kan wegkomen uit het gevang.
- Britt; Ik ben zo bang Johan.
- Johan: Rustig lieverd, dat hoeft niet. (vriendelijk)
- Britt: Help me... (kreunend van pijn)
- Er wordt zacht op de deur geklopt en Ann kom binnengelopen...
- Britt: A...Ann... (hyperventilerend)
- Ann: Rustig, liefje, Ivan is weg en hij komt nooit meer aan je. (vriendelijk
glimlachend)
- Britt: maar ... hi... hij is kunn.. en ontsn.. appen.
- Ann: Dat weet ik.
- Britt: Hoe... kon dat ge...beuren?
- Johan: Dan is niet meer van belang. Ze hebben hem weer meegenomen en wij
zullen geen last meer van hem hebben.
- Britt; Maar .....ik ben...
- Johan: Sht, rustig maar. Probeer of je kunt rusten. Ga lekker slapen en zorg
dat je snel beter word en dan kom je hopelijk weer gauw naar huis.
- Britt; Wil jij bij me blijven?
- Johan: Nu?
- Britt; Straks, als ik weer thuis ben?
- Johan; Natuurlijk Britt. Ik hou van je en wil graag voor altijd bij je zijn.
- Britt; Hmmm, en ze zakt weer in slaap.
- Ann: Johan, loop je even mee.
- Op de gang vraagt Ann nogmaals aan Johan hoe het met hem is. Het is immers
niet niets dat hij door die Ivan is gestoken.
- Johan: Vooral de schrik. EN de angst dat Britt dat allemaal weer moest
meemaken. Heb je gezien hoe enorm angstig ze keek? Ik was heel bang voor haar.
- Ann; Britt heeft een hele goeie aan jou.
- Johan: Denk je?
- Ann: Ik weet het wel zeker. Ik heb jullie deze week redelijk leren kennen.
Ook de nogal private dingen die we hebben besproken en die jullie hebben
kunnen oefenen terwijl Bram en ik bij jullie thuis waren. Ik heb gezien dat
jij een goed mens bent Johan, en Britt is echt heel blij en gelukkig met jou.
- Johan: Gaat ze echt weer helemaal de oude worden Ann? Ik ben zo bang dat die
beelden haar zullen blijven volgen.
- Ann; Ik denk dat ik haar nog wel een poosje zal zien op mijn praktijk. Het
kan best zijn dat ze er ineens overheen is, maar het kan ook dat ze af en toe
toch weer herbelevingen krijgt, maar ik denk niet meer zo heftig als die van
deze week. Het is heel belangrijk dat er iemand is op wie ze kan vertrouwen en
aan wie ze durft te vertellen wat er in haar omgaat. Iemand die er altijd voor
haar is.
- Johan: Tony dus.
- Tony: (net weer de gang op gelopen) Wat is er met Tony?
- Johan: Ann zei dat Britt iemand nodig heeft die ze volledig kan vertrouwen
en die er altijd voor haar is, en toen zei ik dat jij dat was.
- Tony: Waarom? Jij bent toch haar lief?
- Johan: Maar ik heb gefaald, ik denk niet dat ze mij volledig durft te
vertrouwen.
- Tony: Kom op Johan, nu niet bij de pakken neer gaan zitten. Ons Britt heeft
je nodig. Tuurlijk zal ik er ook zijn voor haar, maar jij bent het
belangrijkste wat er is voor haar.
- Johan: Echt?
- Ann: Ik denk dat Tony wel degelijk de waarheid spreekt Johan.
- Heb je nog een afspraak gemaakt met Bram, of gaan wij samen verder met
gesprekken?
- Johan: Ik zal Bram bellen en de gesprekken bij hem afronden. Ik denk dat het
beter aansluit als ik ook bij jou kom.
- Ann: Is goed Johan. Ik hoor van je. Sterkte en een goed weekend. Laat je me
even weten wanneer Britt weer naar huis mag?
- Johan: Ik zal je bellen.
- Als Ann weg is gaat Johan zwaar zuchtend op de stoel zitten.
- Tony: Hey, wat is er?
- Johan: Tony, ik ben kapot. Wat er gebeurt is,...... het heeft me totaal
gesloopt. Ik kan niet meer. Ik zou eigenlijk bij Britt moeten blijven maar ik
val om als ik nog een uur wakker moet blijven. Ik wil heel graag maar ik kan
niet meer (en dan begint hij zomaar te huilen.)
- Tony legt een arm om zijn schouders en probeert hem te troosten en wat op te
beuren.
- Tony: Ga nog even mee terug naar binnen en praat nog wat tegen Britt, dan ga
je naar huis om eens goed uit te slapen en dan kom je me morgen maar weer
aflossen.
- Johan: En jij dan?
- Tony: Ik blijf hier bij haar. Dan is er een bekende aanwezig als ze wakker
wordt.
- Johan: Maar Dorien dan? Die zou toch bij jou zijn?
- Tony: Lidy van Raymond heeft haar hulp aangeboden, en je zei net zelf dat ze
misschien maandag al weer naar huis kan. Ik blijf gewoon vannacht hier, en als
ik morgen ook een paar uurtjes heb geslapen dan haal ik Dorien op en komen we
samen bij Britt op bezoek. Oké?
- Johan loopt, gevolgd door Tony de kamer weer in.
- Britt ligt gelukkig nog te slapen, zij het wat onrustig.
- Tony geeft hem een duwtje in de rug zodat hij wel naast Britt moet gaan
zitten en dan haar hand pakt en lieve woordjes tegen haar begint te spreken.
- Johan: Lieve Britt, ik hou van je. Ik hoop dat je gauw beter wordt en dat
wij samen de draad van het leven weer op kunnen pakken.
- Zachtjes hoort hij Britt kreunen en streelt heel zacht met zijn hand door
haar haren en geeft haar voorzichtig een zoentje op haar mond. Dan staat hij
op en omhelst ook Tiony als teken van dankbaarheid.
- Johan: Ik ga proberen te slapen Tony, maar als er iets is moet je me wel
bellen.
- Tony: Oké, maar zet je wekker niet. Slaap eerst goed uit en kom dan maar
naar hier. ik wacht wel tot je er bent.
- Dat weekend begint Britt weer wat bij te komen. Ze was behoorlijk
aangeslagen door de narcose maar die lijkt nu eindelijk uit gewerkt te zijn.
Op zondag mag ze voor het eerst weer drinken, met een strootje. Dat doet wel
pijn omdat ze nog verse wonden in haar mond heeft, maar de zuster geeft haar
goed instructies hoe ze het beste kan drinken en dat ze vooral regelmatig haar
mond moet spoelen met een bepaalde oplossing die moet voorkomen dat ze
ontstekingen krijgt.
- Op maandag komt de arts inspecteren hoe zijn patiënte het doet en of de
wonden rustig zijn. Hij merkt geen zwellingen meer aan de hals of in de mond.
Hij is tevreden en geeft aan dat Britt de dinsdag met ontslag kan. Vandaag nog
even wat bloed prikken en controlefoto's maken en dan zit het er op voor haar
in het ziekenhuis.,
- Ze ligt stilletjes in bed te wachten op haar bezoek.
- Johan heeft die dag Dorien meegenomen die helemaal blij is te horen dat haar
mama weer thuis komt.
- Dorien: Ik ben zo blij mama. Mag ik dan ook weer thuis komen?
- Britt; Ja, natuurlijk. Wij horen toch bij elkaar?
- Dorien: Maar ik dacht dat het te druk was voor u.
- Britt; Kom eens hier dicht bij me zitten. Ik heb u zo gemist. Heb je nog een
knuffeltje over voor je mama?
- Dorien: Wel honderdduizend, maar als ik u er nu elke dag een paar doe, dan
kan ik nog heel veel dagen met u knuffelen.
- Dorien: Komt Johan en Simon nu ook bij ons wonen.?
- Britt; Dat weet ik nog niet.. Zou je dat leuk vinden dan?
- Dorien: Heel gaaf. Kom je ook Johan?
- Johan: Als u mama dat goed vind. En als Simon dat leuk vind natuurlijk.
- Dorien: Oh, maar die wil wel hoor.
- Johan: Hoe weet jij dat?
- Dorien: Hij heeft gezegd dat hij mij heel aardig vind. En hij vind mama
supertof. Hij wil wel dat zij zijn mama ook wordt.
- Johan: Zo, die loopt aardig op de zaken vooruit.
- Dan ziet hij Britt met verliefde ogen naar hem kijken.
- Johan; Dorien, wil jij wat drinken gaan halen? Ik wil heel even met uw mama
alleen praten.
- Dorien: Is goed. Tot zo mama.
- Britt; Wat is er zo belangrijk dat Dorien weg moest?
- Johan: Ze moest niet weg, maar ik wilde je heel eventjes voor mij allen.
- Britt; Wel? Hier ben ik.
- Dan gaat Johan bij haar op het bed zitten en neemt haar in zijn armen en
vleit haar hoofd tegen zich aan en begint weer lieve, en opwindende woordjes
tegen haar te spreken.
- Johan; Weet je Britt?
- Britt: Wat?
- Johan; Ik ben eigelijk wel heel erg verzot op u. Ik zou..... Ik zou je ....
- Britt; Wat is er Johan?
- Johan: Ik zou je willen vragen of je ....... of je ....
- Britt kijkt hem aan en heeft geen idee, echt niet, wat hij haar wil vragen.
- Johan staat op van het bed en gaat op een knie voor het bed liggen en neemt
Britt haar hand en kust die.
- Johan: Lieve Brit, zou jij mijn vrouw willen worden? Zodat we voor altijd
van en bij elkaar kunnen zijn? Ik vind je lief en heel mooi. Jij bent het
licht in mijn leven, de zon in mijn bestaan. Ik geloof niet dat ik me een
leven zonder jou voor kan stellen.
- Nu is het Britt die met stomheid geslagen is.
- Ze weet niet wat te zeggen. Niet dat ze veel kan zeggen , want haar kaken
zitten weer op elkaar bevestigd en het praten gaat wat moeizaam. Maar Johan
weet dat ze het kan, praten, en wil dus ook graag een antwoord.
- Johan: Wel? Wat heb je hier op te zeggen?
- Britt; Johan, ik weet niet wat ik moet zeggen.
- Johan: Ze gewoon ja. Of nee, als je niet wilt.
- Britt: Maar ik wil wel.
- Johan: Nou dan zeg je gewoon: Ja, Johan, ik wil ook met jou verder door het
leven.
- Britt : (helemaal gebiologeerd) : Ja,Johan, ik wil ook met jou verder door
het leven.
- Dan staat Johan op en haalt een doosje uit zijn broekzak en maakt het open
en houd het Britt voor.
- Erin zit een prachtige ring, bezet met vier diamantjes.
- Johan: Een voor elk van ons: Jij, Dorien, Simon en ik. Want ik weet dat we
samen een heel mooi gezinnetje zullen vormen.
- Nu zit Britt huilend in bed met de ring in haar hand.
- Johan neemt de ring uit het doosje en schuift hem bij Britt aan de hand en
kust dan haar hand en vervolgens haar mond.
- Britt; Johan je maakt me zo gelukkig en nu zit ik te huilen, maar ik ben
helemaal niet verdrietig. Ik ben heel gelukkig.
- Johan; Wel, dan zijn hier twee heel gelukkige mensen.
-
- Die dinsdag komt Johan Britt ophalen uit het ziekenhuis. Op uitdrukkelijk
verzoek van Brit hebben de collega's nu eens niet een feest aangericht en dus
komen ze met tweeën rustig in huis.
- Het eerste wat Britt wil is lekker knuffelen met Johan. Hoewel haar mond nog
af en toe pijn doet probeert ze hem toch te zoenen. Alleen maar
lippenzoentjes, want ze kan haar kaken niet van elkaar krijgen en de arts had
haar al verteld dat dat zeker twee maanden zo zou blijven.
- Britt; Dan moeten we maar wat ander verzinnen om elkaar te laten zien hoe
lief we elkaar hebben.
- Johan: Enig idee hoe?
- Britt; Jawel, meneer van Lancker. Kom maar mee.
- En dan troont ze Johan mee naar de slaapkamer en begint zichzelf te
ontkleden en daarna begint ze Johan's shirt te ontknopen.
- Johan: Britt, zou je dit wel doen? Ik bedoel na de vorige keer?
- Britt; Maar ik wil het graag Johan. We moesten elkaar weer leren vertrouwen,
en ik weet nu ook wel dat jij Ivan niet bent. Maar als ik het maar steeds
blijf uitstellen heb ik het gevoel dat hij nog steeds mijn leven beheerst en
dat wil ik niet. Ik wil mijn eigen leven leiden, samen met jou en samen met de
kinderen.
- Voorzichtig begint Johan Britt nu over haar armen te strelen en dan over
haar rug. Hij merkt hoe ze begint te rillen.
- Johan: Gaat het Britt?
- Britt; Laten we in bed gaan liggen, dat is zo veel prettiger.
- Op een of andere manier lukt het Britt om het nare deel van vorige week
volkomen buiten te sluiten en is ze in staat om een heerlijk voorspel met
Johan te beleven.
- En ook het vrijen gaat vlekkeloos. Ze genieten beiden moet volle teugen.
Johan merkt niets geen angst of weerhouding bij Britt. Hij laat haar tot
ongekende hoogtes genieten, en Britt doet niet onder om hem zalig te
verwennen.
- Samen bereiken ze een enorm hoogtepunt en voldaan maar vermoeid rollen ze
beiden op hun rug en Britt valt gelijk in slaap. Johan draait op zijn zij en
kijkt langdurig naar Britt en ziet dat ze zich volkomen ontspannen en gelukkig
voelt en zegt dan zachtjes: en zo wil ik je graag altijd zien.
- Britt; (mompelend) En zo wil ik me ook altijd voelen.
- Johan; He, jij daar! Je houd me voor de gek . Je slaapt niet.
- Britt; Nee, ik geniet en dan wil ik niet slapen.
- Johan; Kom nog eens bij me?
- En opnieuw beginnen ze te vrijen en weer hebben ze heel veel genot. Het gaat
zo fijn dat ze compleet de tijd vergeten.
- Dan ineens horen ze de sleutel in de voordeur en Johan kijkt verschrikt op.
- Johan: Shit, het is al kwart voor vier. We hebben de kinderen vergeten.
- Britt kijkt hem alleen maar lachend aan.
- Dan wordt er heel zachtjes op de slaapkamerdeur geklopt.
- Britt; Ja? Binnen.
- Dan steekt Tony voorzichtig haar hoofd om de deur.
- Tony: Zo, ik zie het al: als de kat van huis is, dan dansend de jongen op
tafel.
- Britt; Je moest eens weten wat we nog meer hebben gedaan dan dansen.
- Tony: Als je wilt mag je me alles vertellen. Wil ik even wat thee gaan
maken?
- Johan: Graag. Ik ga even douchen en dan komen we zo.
- En ook nu stappen ze samen onder de douche en wassen en verzorgen elkaar van
top tot teen en genieten ook hier weer van.
- Johan is heel blij dat de herbelevingen uitblijven en blij en gelukkig
stappen ze onder de douche vandaan en kleden zich aan om zich weer "
onder de mensen te begeven".
- *
- Tony blijft nog een tijdje kletsen met Britt en Johan, en gaat dan ook weer
naar haar boot toe.
- Johan: Zal ik koken vanavond? (verliefd glimlachend naar Britt)
- Britt: Ja. Je bent een grote schat, heb ik je dat al gezegd, liefje?
(glimlachend)
- Johan: Ja, maar het is leuk als je het zo vaak zegt. (lachend)
- Britt: Oké... lieverd. (glimlachend)
- Britt gaat weer op de bank zitten, terwijl Johan aan het eten begint...
- Na een vijftal minuten valt Britt in slaap...
- En zoals verwacht en ook door Ann al aangegeven, was de slaap weer onrustig.
Britt zou de komende tijd nog heel wat wakende nachten meemaken, of in elk
geval nachten waarin ze te weinig aan rust toe zou komen omdat ze heel vaak en
heel naar droomde.
- Zo ook nu. Terwijl Johan lekker staat te koken en de kinderen boven spelen
heeft Britt weer opnieuw dromen en herbelevingen. Ze slaat om zich heen en wil
gillen. In haar onrust valt ze van de bank en ligt om zich heen te slaan.
- Johan had dat eerst niet in de gaten want het gerammel met potten en pannen
overstemde het geluid uit de kamer, maar toen hij bijna klaar was met koken en
Britt wilde vragen of ze de tafel wilde zetten zag hij dat ze op de grond lag
te spartelen.
- Vlug zet hij de kookplaten uit en loopt naar Britt toe en neemt haar
beschermend in zijn armen terwijl hij haar wekt.
- Johan: Britt? Wat is er? Was je in slaap gevallen en gaan dromen?
- Britt: (geschrokken) Ja, ik denk het. Gelukkig was jij hier om me te helpen.
Wil je me even vasthouden . Ik heb het weer zo koud.
- Johan: Tuurlijk lieverd. kom maar, dan zal ik je wel weer even wat warmte
geven. Denk je dat we zo kunnen gaan eten?
- Britt; Ja, we moeten de kinderen niet nog meer ongerust maken. Het is al erg
genoeg dat ik er last van heb, laten we de kinderen alsjeblieft zo veel
mogelijk sparen.
- Johan: Helemaal mijn idee. Ze zijn nog zo jong. Ze zouden eigenlijk zonder
zorgen moeten kunnen opgroeien, maar dat is ze blijkbaar toch al niet gegund.
- Britt; Heb je ook wat voor mij gemaakt voor het eten?
- Johan: Bloemkool en gehakt.
- Britt trekt haar lippen op en Johan slaat zichzelf voor het hoofd. Hij had
helemaal vergeten dat Britt nog niet gewoon kon eten.
- Johan; Wat kan ik voor je maken?
- Britt; Ik kan de bloemkool wel prakken. Elke dag pap is ook niet wat. We
moeten er maar wat op zien te vinden.
- Aan tafel praten de kinderen weer honderd uit. Ze zijn heel blij dat het
weer goed is gekomen met Britt. Al snel zijn ze gewend aan het feit dat Britt
haar kaken op elkaar heeft zitten, en de wond over haar gezicht is inderdaad
een hele dunne lijn waar je haast niets van ziet. De plastisch chirurg had met
één lange onderhuidse hechting de wondranden weer mooi tegen elkaar aan
kunnen leggen . Nu moest Britt er dagelijks een zalfje op smeren en over drie
weken zou er hoegenaamd niets meer van te zien zijn.
- Als de kinderen op bed liggen gaat Britt lekker tegen Johan aan liggen op de
bank. Hij geniet van dit huiselijk samenzijn.
- Te vaak voor zijn gevoel was dit al in gevaar gekomen door Britt haar werk,
maar hij wist dat ze van haar werk hield en hij dorste haar niet te vragen om
het werk op te geven. Als ze zou willen stoppen, moest het volkomen haar eigen
keuze en eigen beslissing zijn.
- Hij liet het voor wat het was en zat gezellig met Britt's haren te spelen.
- Al mijmerend begon Britt weer te praten over wat er gebeurt was toen ze in
de macht was van die Ivan. Johan had van Ann het advies gekregen om haar
vooral te LATEN als ze erover begon. Daarmee zou ze op haar eigen tempo door
dit trauma heen kunnen raken. Hij moest haar niet gaan forceren en het gewoon
op zijn beloop laten.
- Soms meende Johan wat glinsterend traantjes te zien bij Britt. Die pakte ook
af en toe zijn hand en legde die op haar mond om een zoen op te geven, gewoon,
zodat ze hem even kon voelen.
- Johan merkte dat Britt er nu totaal geen moeite meer mee leek te hebben dat
hij in haar dichte nabijheid was. Ze kon hem blijkbaar vertrouwen en daar was
hij blij om.
- Tegen half elf ging de telefoon en daar schrok Britt wel heel erg van. Ze
was niet aan het werk en dus betekende telefoon in de avond nooit wat goeds.
Geschrokken was ze overeind gaan zitten een keek angstig naar de rammelende
telefoon.
- Johan; Neem je niet op Britt?
- Britt; Durf niet. (licht hyperventilerend)
- Johan: Wil ik het doen?
- Britt; Zou je dat willen?
- Johan: Huize Michiels, u spreekt met Van Lancker.
- Tony: Hey, Johan, het is ik, Tony. Ik wilde gewoon even horen hoe het is met
Britt.
- Johan: Tony !! Britt schrok zich een ongeluk van je telefoontje. Ze
verwachte heel wat ernstigs. Normaal worden we niet meer gebeld op dit uur.
- Tony: Het spijt me heel erg. Ik was echt de tijd vergeten. Ik was vanavond
op de bank in slaap gevallen en heb gedroomd over Britt en toen moest ik haar
gewoon even bellen. Zou ik haar kunnen spreken of slaapt ze al?
- Johan: Nee, ze zit hier naast me. Een momentje.
- Britt; Ja?
- Tony: Sorry dat ik zo laat bel. Ik had gedroomd en moest gewoon even je stem
horen. Alles goed met je?
- Britt; Ik denk het wel.
- Tony: Is er wat Britt? Je klinkt zo bedenkelijk.
- Britt; Ik ben bang.
- Tony: Waarvoor?
- Britt; Dat hij weer gaat komen.
- Tony: Dat kan echt niet Britt. Die zit echt goed vast in het gevang. En ook
Johan is er om je te beschermen.
- Britt; Zie je wel ! Het is wel nodig dat er iemand bij me is om me te
beschermen. Hij zit niet vast.
- Tony: Britt, je klink helemaal niet reëel . Wat is er?
- Britt begint steeds harder te praten en te schreeuwen. Tony kijkt verbaasd
naar de telefoon in haar hand en ook Johan zit vreemd te kijken van de reactie
van Britt.
- Tony: Britt, zijt ge daar nog?
- Britt; Jij zit hier achter. Ik wist het wel. Je wilt me uit de weg hebben.
Jij hebt me dit ook aangedaan ....
- Johan: Britt, geef mij de telefoon eens.
- Britt; Nee, jij doet met haar samen.
- Britt klonk nu inderdaad heel irreëel, achterdochtig en verward.
- Johan: (in de telefoon) Tony, wil jij Ann bellen en vragen om te komen en
wil je alsjeblieft zelf ook komen? Ik denk dat we je heel hard nodig zullen
hebben.
- Tony: Ik kom er aan. Blijf bij haar Johan. Ze is heel erg bang, dat hoor ik
aan haar.
- Na goed een kwartier staan Ann en Tony op de stoep maar Johan krijgt de kans
niet om de deur te openen. Britt is knalpsychotisch en vertrouwd niets en
niemand meer en staat nu dreigend voor Johan met een groot keukenmes in haar
handen.
- Johan: Britt, alsjeblieft, laat me je helpen. Tony en Ann zijn er en wij
willen je samen helpen. Ik denk dat jij weer herbelevingen krijgt en daar
wordt je heel angstig van. Leg dat mes maar weg en dan zal ik de deur open
doen.
- Britt; Nee. Jij gaat niet naar de deur. Je laat de duivel binnen komen en
dan willen jullie mij koud maken. No way. Jij komt er niet langs.
- Johan; Britt, je bent jezelf niet (en voorzichtig stapt hij op haar toe, en
Britt staat inmiddels met haar rug tegen de deur aan)
- Dan ineens wordt er heel hard op de deur gebonkt omdat er niet op de bel
werd gereageerd. Britt schrikt hier zo van dat ze even niet weet wat ze met
het mes moet doen. Dan draait ze zich bruusk om en doet een paar passen bij de
deur vandaan, waardoor Johan deze kan openen maar als hij zich weer naar Britt
toekeert ziet hij dat ze het mes op haar buik heeft gezet.
- Als een bezetene roept ze allerlei onbegrijpelijke dingen. Johan staat heel
angstig naar haar te kijken. Hij durft niet dichter bij te komen omdat hij
angst heeft dat Britt zichzelf wat aan zal doen.
- Ook Ann kan haar niet bereiken, maar alledrie houten ze Britt heel scherp in
de gaten.
- Johan besterft het van de zenuwen en Ann neemt hem even mee uit het zicht
van Britt om hem wat ondersteunend toe te spreken.
- Nu zit Tony alleen met Britt in de kamer. Af en toe haalt Britt het mes van
haar buik en richt dat op Tony, maar zet het telkens terug op haar eigen buik.
- Tony: Brittje? Kijk eens naar mij. Herken je me?
- Britt; Jij bent de duivel in eigen persoon. Ik heb jou wel door. Je wilt mij
meenemen, maar ik ga niet waar jij gaat.
- Tony: Nee Britt, ik kom je niet halen. Ik kom je helpen. Wil je dat mes
neerleggen. Ik vind het nogal eng en ik zou niet graag zien dat een van ons
gewond kan raken.
- Britt is even in de war van wat Tony zegt en kijkt dan verbaasd naar het mes
in haar handen. Maar ook weer duwt ze het mes terug op haar buik.
- Tony wordt nu toch wel bang dat Britt niet lang meer stand kan houden onder
deze druk en hoopt dat Ann gauw terug komt.
- Om Britt niet nog angstiger te maken kijkt ze niet om naar de keuken waar ze
Ann nog steeds met Johan hoort praten, maar richt haar aandacht weer op Britt.
- Heel langzaam zet ze zich voor Britt op de grond neer. Zo maakt ze zich
kleiner waardoor ze in elk geval fysiek veel minder dreigend overkomt naar
Britt.
- Nogmaals ziet ze Britt het mes van haar buik afhalen en er naar kijken.
- Tony begint nu op bijna fluistertoon tegen Britt te praten.
- Tony: Goed zo Britt, leg dat mes maar weg. Kom maar bij me. Ik zie dat je
angstig bent maar ik wil je helpen. Helpen om je weer veilig te voelen. Ik wil
je in mijn armen nemen en je beschermen. Mag ik dat doen Britt? Alsjeblieft?
- En ineens lijkt de knop weer om te gaan en gooit Britt het mes weg en kijkt
geschrokken naar haar handen. Op haar knieën kruipt ze nu naar Tony toe en
valt die huilend in de armen. Erbarmelijk ligt ze tegen Tony aan te huilen en
Tony neemt haar, zoals beloofd, in haar armen en bied een beschermende
omgeving aan aan Britt.
- Tony: Kom maar Britt. Het is over. Je was even heel bang en je angst ging
met je aan de haal. Het is over. Het gaat wel goed komen.
- Britt; En ik wilde Johan wat aandoen, want ik dacht dat hij de duivel was.
- Tony: Je was bang Britt, dat begrijpt hij wel. Ann zit nu even met hem te
praten, want hij werd ook heel angstig. Willen we op de bank gaan zitten?
- Britt; Ja (heel nietig pratend)
- Tony: Kom maar, dan help ik je overeind.
- En zo gang ze samen op de bank zitten en nu komen ook Ann en Johan weer in
de kamer.
- Johan zucht duidelijk hoorbaar dat het gevaar (voor nu) lijkt te zijn
geweken. Voorzichtig vraagt hij aan Britt of hij ook bij haar mag komen zitten
en Britt antwoord met haar hoofd beschaamd van hem afgewend.
- Johan: Britt, kijk me eens aan. Ik wil je graag zien, ik ben niet boos op u.
Je was heel bang en ik wilde je helpen maar ik kon je niet bereiken daarom heb
ik Tony gevraagd om Ann te bellen, maar we zijn hier om jou te helpen. Mag ik
bij je gaan zitten en ook een arm om je heen leggen?
- Britt; Ja.
- Ann: Tony, jij hebt het prima gedaan. Hoe is het je gelukt om Britt dat mes
weg te laten leggen?
- Tony: Wel, ik ben op de grond gaan zitten en ben zachtjes tegen haar
beginnen te praten.
- Ann: Wel, dat blijkt dan zeer effectief te zijn. Ik ben je heel dankbaar.
- Wat ze niet ziet, (gelukkig maar, vind Tony) is dat ze van binnen zit te
trillen als een rietje. Britt met dat mes op de buik? Ze had zo door kunnen
steken en wie weet hoe erg het dan was geweest?
- Voor nu is ook Tony blij dat het gevaar is geweken.
- Nadat Britt heeft verteld wat zich in haar hoofd had afgespeeld en waarom of
ze dacht dat de duivel in huis was, keert de rust weer terug. Tony maakt een
kop thee voor iedereen en samen drinken ze die op.
- Tony: Britt, durf je het aan vannacht? Voel je je nu weer veilig genoeg?
- Britt; Ja,als Johan bij me blijft gaat het wel lukken.
- Ann: Je kan ook bellen als die gedachten weer bij je opkomen hč? Dat weet
je toch?
- Britt; Ja dat weet ik. En ik zal ook bellen, of Johan laten bellen, maar ik
hoop niet dat het weer gebeurt. Het is zo vreemd als je dingen doet die je van
jezelf niet kent. Ik voelde wat ik deed maar ik kon er niets tegenin brengen,
maar dat gevoel is nu gelukkig weg. Ik bedank jullie dat jullie mij hebben
willen trotseren en je niet door mij hebt laten wegsturen.
- Tony: Hč, voor jou hebben we dat heus wel over hoor. Ons ben je niet zomaar
kwijt.
- Britt; En jij echt dubbel bedankt Tony. Ineens herkende ik jou stem en daar
werd ik rustiger van en kon ik weer voelen wat ik deed en toen kon ik ook dat
mes weg doen. Ik wilde je niet bedreigen, maar ....
- Tony staat op en loopt op Britt toe en omarmd haar en geeft haar een dikke
knuffel.
- Britt; Dank je Tony. Heel erg bedankt, nogmaals.
- Tony: Ik zal je niet meer 's avonds bellen. Dat was bepaald niet zo'n goed
idee.
- Britt; Met de tijd, als alles wat is weggezakt, of doorgewerkt zoals Ann dat
noemt, als ik weer aan het werk ben, dan zullen we heus nog wel onze
nachtelijke telefoontjes hebben, maar ik denk dat ik er op dit moment nog niet
zo goed tegen kan.
- Tony: Nou, dan ga ik maar eens. Ik heb mijn slaap hard nodig, en jij ook zo
te zien. welterusten allemaal.
- Johan: Bedankt Tony en slaap wel.
- Als Ann een afspraak heeft gemaakt voor de volgende dag gaat ook zij weg en
besluiten Johan en Britt om ook maar te gaan slapen. Het is inmiddels al bijna
middernacht en Britt kan haar slaap echt wel gebruiken.
- Die nacht geen vrijpartij, maar wel minstens zo belangrijk, dat ze lekker
dicht bij elkaar liggen en Britt zich veilig voelt bij Johan.
- Op de boot gaat het nu echter met Tony helemaal niet goed.
- Die was nog steeds aan het shaken. Britt had haar bedreigt met een groot
mes. Ze wist rationeel heus wel te verklaren dat Britt dat niet bewust had
gedaan maar de angst die ze gevoeld had deed haar nu de das om.
- Ze zat een hele tijd te janken maar ze kreeg maar geen antwoorden op hoe ze
om moest gaan met die angst. Ten lange leste pakte ze maar een glas whisky, en
nog een, en nog een, en nog een. Ze was totaal ladder zat toen ze tegen vier
uur dronken van de bank af donderde en laveloos op de vloer bleef liggen.
- De andere ochtend merkte ze niet dat de wekkerradio aansprong. Ook hoorde ze
haar telefoon niet. Haar collega's hadden gebeld om te horen of ze nog van
plan was om te komen werken, maar om elf uur was er nog geen spoor van Tony.
- Nadine dacht dat ze gisteren misschien een feestje had gevierd op de
thuiskomst van Britt en dat ze daarom wat aan de late kant was en maakte er
verder ook geen werk van.
- Tegen half een werd Tony wakker. Het stonk een uur in de wind in haar boot.
- Met roodomrande ogen keek ze lodderig de wereld in. Het beeld wilde maar
niet stil gaan staan. Ze had een knallende koppijn en toen ze overeind wilde
komen kotste ze alles aan elkaar. Ze had een gigantische kater. Op handen en
knieën kroop ze richting douche cabine, maar omdat die een halve verdieping
lager lag moest ze een trapje nemen en ook daar viel ze van af en bleef, nog
steeds dronken, onderaan liggen . Ze was niet bewusteloos, maar ze was gewoon
niet bij machte om weer overeind te komen. Ineens voelde ze het warm worden
aan haar buik en haar benen. Ze had ook al geen controle over haar blaas en
plaste in haar broek. Op dat moment had ze vreselijk de balen van zichzelf.
Met een diepe zucht draaide ze zich op haar zij en viel weer in een
dronkemansslaap, en sliep vervolgens weer heel de middag, avond en nacht door,
- Die donderdagochtend werd ze rond half negen weer wakker en had nog steeds
koppijn. Ze twijfelde of ze zich ziek zou melden en realiseerde zich toen dat
ze gister ook al zonder berichtgeving weg was gebleven. Ze was bang dat ze van
Nadine een vreselijke uitbrander kreeg en sloeg daarom voor de moed nog maar
eens twee glazen whisky achterover, en dronk daar toen twee bekers zwarte
koffie achteraan zodat ze niet zouden ruiken dat ze had gedronken.
- En niemand kon inderdaad ruiken dat ze had gedronken, maar iedereen merkte
dat ze bepaald niet goed gestemd was die dag. Iedereen in haar buurt kreeg wel
een sneer of een of andere rotopmerking naar het hoofd en zelfs Nadine ontkomt
er niet aan als ze Tony die middag in het kantoor roept om eens te informeren
wat er met haar is.
- Tony: Zijn uw zaken niet, dus moei u er niet mee.
- Nadine; Tony, ik duld dit gedrag niet, van niemand, dus ook niet van jou.
Begrepen?
- Tony: Begrijp je dit?
- En ze stak kwaad haar middelvinger op en liep toen weer weg uit het
kantoortje.
- Ze pakte haar jas en tas en ging weer terug naar huis en zette het weer op
een zuipen. Ze voelde zich superellendig. Maar ook de drank hielp niet. Dat
wist ze zelf ook wel , maar op dit moment wist ze anders niets te doen.
Eenmaal op de boot bedacht ze zich dat dat wel de eerste plek zou zijn waar
Nadine haar zou (laten) zoeken dus besloot ze om de stad uit te gaan en , stom
als ze was, ging ze met de auto. Ze had inmiddels al ruim een halve liter
whisky achter haar kiezen en was volgens de wettelijke voorschriften al heel
ver over de max om nog te mogen rijden, maar Tony zag de risico's en gevaren
niet meer. Het enige wat ze zag was een enorme angst waar ze niet mee overweg
kon, en dus wilde ze alleen maar weg, vluchten van de plaats waar alles zo eng
leek.
- Ze wist niet waar heen te gaan en doolde een tijdje langs de rand van het
centrum maar bedacht zich dat ze beter echt de stad uit kon gaan.
- Net voorbij de brug over de ringvaart richting Kortrijksesteenweg kwam een
vrachtwagen slingerend en schokkend op Tony's weghelft, maar die was te
geďntoxiceerd door haar whiskyconsumptie om adequaat te reageren en werd
frontaal aangereden door de vrachtwagen die bovendien ook nog eens veel te
hard reed.
- Een oorverdovende klap volgde, en toen het geschuur van metalen over de
straat. En daarna werd het stil. En bleef het stil.
- In huize Michiels-Van Lancker was de rust redelijk teruggekeerd. Johan en
Britt waren de vorige dag samen bij Ann geweest en omdat Britt gelukkig goed
van zich af had leren praten was het gesprek heel zinvol geweest. Britt had
gevraagd om adviezen hoe om te gaan met haar angsten en herbelevingen, en hoe
ze die zo vroeg mogelijk kon herkennen.
- Johan was heel blij dat Britt er zich zo open voor stelde en hij kon het
niet nalaten om haar dat telkens maar weer te zeggen. Wat hij ook niet kon
nalaten was om haar regelmatig kleine vlinderkusjes te geven. Hij zag dat ze
er van genoot en hij zelf was ook niet ongevoelig voor de reacties die dat
uitlokte.
- Britt had er voldoende vertrouwen in dat ze de dag wel alleen door kon komen
en dus was Johan naar het werk gegaan en de kinderen weer naar school.
- Johan kon het echter niet nalaten om met enige regelmaat te bellen om te
horen of alles nog goed was.
- Dus toen hij voor de zoveelste keer belde was Britt heel alert in haar
reactie.
- Britt; Zeg, meester? Zit u mij te controleren?
- Johan: Maar ik hoor zo graag je stem.
- Britt: Als je die zo graag hoort, waarom kom je dan niet gewoon naar huis?
- Johan: Omdat ik eigenlijk zou moeten werken, maar ik kan me niet
concentreren als ik weet dat er thuis zo'n mooie vrouw op me wacht.
- Britt; Wie zegt dat ik wacht?
- Aan de andere kant was het ineens stil.
- Britt: Johan?? (geschrokken) Johan, het was een grapje.
- Johan; Britt.......
- Britt; Johan, sorry.
- Johan: Ik weet toch wel dat jij gelukkig nog grapjes kunt maken. Ik maak het
werk hier zo snel mogelijk af en kom vandaag gewoon heel vroeg naar huis om
lekker met jou samen te zijn.
- Dus ging Brit maar eens heerlijke douchen en deed een verleidelijke parfum
op en ging in haar badjas in de kamer op de bank op Johan liggen wachten.
- Maar al wat er kwam : geen Johan.
- Niet om drie uur, niet om vier uur, en ook om vijf uur was hij er nog niet.
Britt begon zich nu wel ongerust te maken.
- Tegen half zes belde ze naar het kantoor van Johan en hoorde toen dat hij om
drie een telefoontje had gehad en daarop was vertrokken. Mogelijk een klant
die direct wat moest regelen.
- Britt; Heeft hij gezegd waar hij heen is?
- Secretaresse: Nee, en ik zie dat hij zijn mobiele telefoon is vergeten. Die
ligt nog op zijn bureau.
- Nerveus zat Britt nu naar de telefoon te staren.
- Dorien: Is er wat mama? Je ziet er onrustig uit.
- Simon: Ik dacht dat papa vandaag vroeg thuis wilde komen?
- Britt; Ja, dat zei hij ook tegen mij, maar de secretaresse zei net dat hij
een spoed telefoontje heeft gehad en om drie uur of zo is vertrokken.
- Simon: Dat heeft hij wel vaker, en dan kun je beter niet gaan zitten
wachten, daar wordt je alleen maar ongerust om. Wil ik jou helpen met koken
Britt? Mag ik Britt blijven zeggen of moet ik je straks mama gaan noemen als
jullie gaan trouwen?
- Britt; Dat mag je zelf kiezen Simon. En ik vind het heel lief dat je wilt
helpen met koken. Als je het net zo goed kan als je vader dan krijg jij ooit
nog eens een hele blije vrouw aan je arm.
- En meteen schiet bij Dorien het schaamrood op de kaken.
- Britt; ??? Is er wat Dorien?
- Dorien (betrapt en vlug de trap oprennend) Nee, er is niets. Ik bedacht me
net dat ik nog wat moet doen voor school. Roepen jullie als we kunnen eten?
- Simon knipoogt naar haar en loopt dan met Britt de keuken in om samen te
koken.
- Als ze bijna klaar zijn gaat de deur open en komt Johan met een bedrukt
gezicht naar binnen.
- Britt laat de boel de boel en loopt op hem toe en omhelst hem.
- Britt; Johan, waar was je? Ik hoopte dat je vroeg thuis zou komen.
- Johan; Ga even zitten Britt. Ik moet je vertellen waar ik vandaan kom.
- Britt; Is er wat ergs gebeurt? Johan, zeg het me en houd me vast want ik ben
bang.
- Johan zet Britt op de bank neer en neemt haar stevig in zijn armen.
- Johan: Ik werd door Nadine opgebeld. Britt,Tony heeft een ongeval gehad met
de auto.
- Britt; Oh, nee, het is niet waar.!
- Johan: Ze belde me want ze wilde jou niet ongerust maken. Ik ben naar het
ziekenhuis gegaan om te gaan zien hoe ze er aan toe was.
- Britt; Wat mankeert haar? Kan ik haar gaan zien?
- Johan: Nee, je kunt nog niet naar haar toe.
- Britt; Wat is er dan gebeurt?
- Johan: Een vrachtwagen zat op haar weghelft, hij reed te hard en slingerde.
Ze hebben een bloedproef gedaan want ze denken dat hij dronken was.
- Britt; Die moeten ze aan de hoogste boom ophangen.
- Johan: Tony had ook een hele hoge alcoholwaarde in haar bloed, mogelijk dat
ze daarom niet op tijd kon reageren op die auto.
- Britt; Tony gedronken? En dan in de auto? Dat kan niet. Ze lust best een
pintje, maar als ze moet rijden drinkt ze niet.
- Johan; Britt, ze is gisteren niet op het werk verschenen en toen ze er
vandaag wel was heeft ze met iedereen ruzie gemaakt, ook met Nadine. Die heeft
ze de middelvinger opgestoken en is toen weggelopen. Nadine heeft de motards
naar haar huis laten gaan, maar die troffen daar een grote bende aan. Ze moet
echt al een paar dagen aan het drinken zijn geweest. Er lagen minstens drie
lege whisky flessen, ze had in de kamer gekotst en ook had ze haar urine zo
maar laten lopen. Dat is geen incidentje geweest Britt. En de motards vonden
ook een brief. Die lag opengescheurd op tafel. Nadine denkt dat dat misschien
ook meespeelt.
- Britt; Wat stond daar in dan? Heeft ze hem gelezen?
- Johan: Het was een brief van de advocaat van Sam. Volgens Sam was Tony te
weinig betrokken bij haar dochtertje. Ze liet haar te vaak aan Sam over, en
als ze er wel mee bezig was, vond hij dat ze niet goed voor haar zorgde. Nu
eist hij het volledige zorgrecht op.
- Britt; Denken ze dat Tony.... dat ze eruit wil stappen?
- Johan: Het zou kunnen. Heb jij niets aan haar gemerkt?
- Britt; Ze zei dat ze bang was, maar dat was toen ik met dat mes stond. Toen
ik zo in de war en angstig was.
- Johan; Zou het haar teveel zijn geworden? Alles bij elkaar?
- Britt; Maar hoe is het nu met haar?
- Johan: Eh, ik weet het eigenlijk niet meer. Ik was erg geschrokken van die
brief. Dat kan toch niet dat Sam haar afschildert als een moeder die niet om
haar kindje geeft?
- Britt; Ze was er heel de tijd voor mij, maar ik weet zeker dat ze ook heel
veel aan die kleine dacht. Ze wilde zo graag kinderen hebben. Dat die relatie
met Sam dan niet loopt wil toch niet zeggen dat ze niet om Lotte geeft?
- Nu zit Britt in Johan 's armen te huilen.
- Dorien was inmiddels ook naar beneden gekomen en zag Britt weer huilen.
- Dorien: Mama wat is er?
- Britt; Och meisje, kom eens. Tony heeft een ongeluk gehad met de auto en Sam
doet heel boos tegen haar, en ..
- Johan; Dorien, mag mama dat later gaan vertellen? Ze is nogal van slag.
- Dorien; Is goed.
- Aan tafel krijgt Britt, die toch al moeilijk kan eten, het echt niet door
haar hals. Ze is zo met haar gedachten bij Tony dat ze compleet een knoop in
haar maag voelt. Het doet pijn te weten dat ze zelf nu veilig thuis zit, omdat
Tony alles in het werk had gesteld om haar te redden en te helpen, en dat Tony
nu zelf gewond in het ziekenhuis lag.
- Als ze na het eten aan de koffie gaan gaat de telefoon.
- Het is Nadine met het laatste nieuws uit het ziekenhuis.
- Tony had een alcoholvergiftiging en was er zeer ernstig aan toe. Men was nu
met een spoedprocedure bezig om haar te dialyseren zodat de alcohol zo snel
mogelijk uit haar lichaam zou geraken. Ze had al enkele insulten gehad, maar
die hadden ze met medicijnen kunnen couperen.
- Johan: Zouden we bij haar kunnen? Britt maakt zich ernstig zorgen over Tony.
- Nadine; Nu kan ze er niet bij . Die dialyse gebeurt op een steriele kamer,
en daarna moet ze naar de intensieve. Ik wil jullie morgen laten weten hoe de
nacht is geweest. Ik blijf bij haar. Ik voel me verantwoordelijk voor haar. Ik
had niet in de gaten onder welk een druk ze zat en toen ook nog die brief.
- Johan: Is ze bij kennis geweest? Heeft ze gezegd wat er precies gebeurd is?
- Nadine; Nee. Ze is nog niet bij geweest. Op de scans zagen ze een forse
bloeduitstorting in het hoofd en we hopen dat die snel weer wegtrekt, maar
door al die alcohol is het bloed zo dun dat het wel eens lang door kan gaan
voor die bloeduitstorting niet meer groeit. Ze zullen haar heel goed in de
gaten houden.
- Johan: Is Sam al op de hoogte?
- Nadine: Hij was hier net. En hij was oprecht heel erg aangeslagen.
- Johan; En jij geloofd dat? Nadat hij zo'n brief laat schrijven?
- Nadine: Ja. Ik geloof hem. Hij wist niet wat er allemaal speelde. Die brief
had ook niet geschreven mogen worden want Sam had na weer eens een ruzie over
het zorgrecht het weer uitgepraat met Tony en ze had beloofd om beter voor
haar te zorgen.
- Johan: Oké, bedankt Nadine.
- Johan legt neer, en merkt dan pas dat Britt niet meer naast hem zit...
- Hij roept door het huis om Britt maar krijgt geen reactie. Dan ziet hij dat
de deur naar het trappenhuis openstaat en vlug rent hij ook het trappenhuis
in. Onderaan de trap zit Britt huilend op een trede.
- Johan: Britt, kom eens. Wat is er?
- Britt; Ik .... wilde... naar haar .....toe. Maar het doet......zo'n pijn.
- Johan; Wat doet er pijn Britt?
- Britt: Mijn hoofd, mijn mond.
- Johan: Ik neem je weer naar binnen. Kun je lopen?
- Maar als Britt op gaat staan valt ze flauw in zijn armen.
- Dan neemt hij haar maar op haar armen en zeult de trap weer op. Hij legt
haar maar direct in bed en belt de dienstdoende arts om langs te komen.
- Als de arts er is, is Britt net bijgekomen.
- Terwijl de arts haar hoofd en mond onderzoekt heeft Britt nog meer pijn.
- Arts: U was pas geopereerd, maar alles was toch goed neem ik aan? U mocht al
naar huis?
- Johan: Ze is dinsdag thuis gekomen. Het ging best wel redelijk met de pijn.
Twee keer per dag een tablet en daar kon ze het goed op volhouden.
- Britt ligt nu huilend op bed en ze voelt zich hartstikke ellendig en grijpt
Johan's hand ter ondersteuning.
- Arts: Ik bel even met de kaakchirurg en ga dit overleggen. Mogelijk dat ik u
andere medicatie moet voorschrijven.
- Na vijf minuten komt hij terug bij Britt.
- Arts: Ik heb een recept geschreven en uw man kan dit gaan halen bij
apotheker Van Buchenum, die heeft nu dienst. U moet er nu twee innemen en voor
de nacht nog eens twee. Heeft u morgen nog steeds zoveel klachten dan kunt u
zonder afspraak direct naar de kaakchirurg. Ik hoop dat het helpt en de pijn
overgaat zodat u kunt gaan slapen. U ziet er heel erg vermoeid uit.
- Johan: Dank u dokter dat u er zo snel was. Ik loop even mee en laat u uit.
- In de kamer vraagt Johan of de situatie met Tony mee kan spelen.
- Arts: Zeker. Als ze heel geëmotioneerd is kan dat zeker meespelen.
- Johan; Dan ben ik bang dat de medicatie ook niet veel zal helpen. Haar
vriendin heeft vanmiddag een ernstig auto-ongeval gehad en ligt nu ook in het
ziekenhuis. Ze trekt het zich heel erg aan.
- Arts: Deze medicatie zit in de klasse net onder de morfine. ik denk dat het
wel helpt. Succes ermee.
- Johan gaat de medicatie maar direct halen en geeft Britt haar twee
tabletten, waarop die eindelijk in slaap lijkt te vallen.
- Echter, deze slaap was zo kunstmatig dat Britt weer van nieuws hele nare
dromen kreeg. Maar ze kon niet echt gezichten herkennen. Alle gezichten waren
vervormd, en zagen er heel irreëel uit. Ook dat beangstigde haar. In haar
slaap voelde ze ook weer dat er mensen aan haar lichaam zaten, en dat enge
beesten haar wilden verkrachten. Ze sliep heel angstig en heel onrustig.
- De andere ochtend was ze dan ook volledig geradbraakt.
- Johh; Ik ga met u naar de dokter terug. Britt, dit kan zo niet.
- Britt; Ik zal niet protesteren.
- In het ziekenhuis maakt de arts de fixatie weer los en ziet dan al direct de
oorzaak van de pijnklachten.
- Britt had een enorme bloeduitstorting aan haar verhemelte. Toen de arts dit
met de tip van een sonde aanroerde om te zien of er veel spanning op zat viel
Britt acuut flauw van de pijn.
- Samen met Johan legde de arts Britt op de onderzoekstafel en vroeg daarop
Johan om buiten te wachten. Wat hij moest gaan doen zag er bepaald niet fraai
uit en hij had niet zo'n behoefte om nog iemand van de grond te rapen.
- De arts liet een assistente komen om hem te helpen en Britt onderging een
kleine maar wel zeer pijnlijke spoedingreep waarbij het hematoom werd
opengesneden zodat het ontlast kon worden. Er kwam heel veel bloed, en ook wat
pus mee, dat werd weggezogen met een afzuiger.
- Hierna kreeg ze gazen in haar mond geduwd met een oplossing die de wond zo
goed mogelijk moest reinigen.
- Af en toe opent ze even haar ogen, maar de pijn is onverdraaglijk en ze valt
telkens weer weg.
- Na een half uurtje komt de arts Johan halen.
- Arts: Ik denk dat ze beter voor een of twee nachtjes kan blijven. Het is
dusdanig pijnlijk geweest dat ze steeds weer flauwvalt. Ik wil niet het risico
lopen dat ze thuis opnieuw problemen krijgt.
- Johan: Welke problemen?
- Arts: Ze zal goed moeten drinken, en ook spoelen om die wond schoon te
houden. Ik ben bang dat ze uit angst voor pijn niet voldoende zal gaan drinken
en dan droogt de wond uit en zijn we gewoon nog verder van huis.
- Johan; Heeft ze veel pijn?
- Arts: Ja, ik zal heel eerlijk zijn. Dit is een van de pijnlijkste procedures
die ik op mijn vakgebied moet uitvoeren. Als ze hier blijft kunnen we haar
morfine geven om de pijn zo goed mogelijk weg te nemen.
- Johan: Is ze wakker?
- Arts: Amper, maar kom maar mee. Ik denk dat ze je graag wil zien.
- In de behandelkamer ligt Britt heel beroerd voor zich uit te kijken. Ze zegt
maar niets meer, elke beweging met haar mond doet pijn tot op het bot.
- Johan: Britt, lieverd, de dokter wil je weer een paar daagjes hier houden om
je goed in de gaten te houden. Vind je dat goed?
- Britt: Mmmm.
- Johan: Ik weet dat je veel pijn hebt Britt. Maar ze kunnen je hier goed
helpen.
- Britt maakt een schrijfbeweging want ze kan het echt niet meer hebben als er
iets met haar mond gebeurd.
- Dat schrijft ze op dat ze graag wil blijven en geen pijn meer wil voelen. En
dat Johan naar Tony moet gaan kijken.
- Johan neemt haar hand en knijpt er zachtjes in en geeft haar een knipoog en
neemt afscheid.
- Als Britt haar infuus krijgt en de morfine wordt via een spuitpomp
toegediend is ze zo van de wereld en krijgt niets meer mee wat er met haar
gebeurd. Ze is heel gevoelig voor de morfine maar laat het mooi gebeuren want
die pijn was echt niet meer te harden.
- Johan loopt nog even naar de intensieve en ziet dat Tony inmiddels haar ogen
open heeft.
- Ook die kan niet praten want ze heeft nog een beademingstube in haar keel.
- Haar linkerbeen ligt op een schiene en haar linkerarm wordt ondersteund door
kussens. Haar gezicht is wat gezwollen en haar neus ziet heel dik, maar daar
blijken gaastampons in te zitten.
- Bij de botsing was ze met haar gezicht tegen de voorruit geklapt en had
onder andere haar neus gebroken. Omdat die zo bleef bloeden hadden ze die
getamponneerd.
- Haar linker arm was zwaar gekneusd, evenals haar ribben.
- Haar linkerknie was ook zwaar gekneusd en heel erg gezwollen.
- Tony merkt de aanwezigheid van Johan wel op maar kan niet met hem praten. En
ook zij vraagt met haar goede hand om een papiertje om te schrijven.
- En ook Tony krabbelt wat op over Britt.
- Van de zenuwen moet Johan er erg om lachten en Tony kijkt hem vreemd aan.
- Johan: Sorry,ik ben een beetje gespannen en nerveus.
- Weer krabbelt Tony: Hoe gaat het met haar?
- Johan; Ze ligt ook hier. Zwelling in het verhemelte. Ze krijgt nu morfine
tegen de pijn.
- Tony schrijft: Ik ook.
- Dan ziet Johan dat Tony weer langzaam wegzakt en hij neemt ook even haar
hand en geeft er een kneepje in en fluistert zacht dat hij anderdaags terug
zal komen.
- Tony knikt zacht en valt dan weer in slaap...
- Johan gaat ook weer even naar Britt toe, maar die ligt ook in slaap...
- Plots ziet Johan hoe Britt heel onrustig begint te bewegen en dat ze
zichzelf ontzettend inspant...
- Hij loopt op haar toe en legt zijn hand op de hare en spreekt haar rustig en
kalmerend toe en Britt zakt weer terug in haar slaap.
- Twee nachtjes blijken uiteindelijk vijf dagen te worden. Het was moeilijk
geweest om de ontstekingen onder controle te krijgen maar eens dat gelukt is
gaat Britt ook snel vooruit. De kaken zitten weer op elkaar en elke dag moet
Britt vier keer een intensieve (en pijnlijke) procedure ondergaan om de wond
heel goed schoon te krijgen, maar het resultaat is er dan ook naar. Met een
antibiotica kuur voor nog eens twee weken mag ze dan gelukkig het ziekenhuis
weer verlaten.
- Ook Tony hersteld redelijk vlot van haar bepaald niet zachte aanvaring met
die vrachtwagen. Sam is twee keer bij haar in het ziekenhuis op bezoek geweest
en heeft aangeboden voorlopig de zorg van Lotte op zich te nemen zodat Tony de
tijd heeft om rustig te herstellen van haar kwetsuren.
- Haar knie bezorgd haar nog de meeste last en die kan ze moeilijk bewegen. Ze
draagt een brace en is dus veroordeeld tot binnendienst. Wel had ze ook een
boete gekregen om dat ze dronken achter het stuur had gezeten en eigenlijk zou
haar ook een schorsing boven het hoofd hangen maar Nadine en Johan hadden de
koppen bij elkaar gestoken om een oplossing te vinden voor dat probleem.
Daarop was besloten dat Tony verplicht in therapie zou moeten om met haar
angsten en frustraties te leren omgaan.
- Dat zat haar niet echt lekker want ze was oh zo bang dat alle oude wonden
weer zouden worden open gereten.
- Britt mocht nog niet aan het werk. Haar aangezicht bleef nog teveel
pijnklachten veroorzaken. Dus zat ze thuis en probeerde op haar manier de tijd
door te komen.
- Tot Johan voorstelde dat ze elkaar heus wel zouden kunnen gaan bezoeken.
- Britt was echter nog steeds een beetje huiverig nadat Tony haar, al weer
enige weken geleden, had weggestuurd.
- Britt: Johan, wil jij haar vragen of ze hier wil komen? Ik durf het niet zo
goed.
- Johan: Britt, je zult toch een keer die stap moeten zetten. En ik dacht dat
jij er steeds op gebrand was om naar Tony toe te gaan.
- Britt; Maar na wat er gebeurd is, ik denk dat ze door mij toen is gaan
drinken. Ik kan haar toch niet onder ogen komen?
- Johan neemt Britt in zijn armen en legt haar hoofd tegen zijn borst en kust
haar in haar haren, en weer snuffelt hij in haar haren, en nog steeds moet
Britt lachen als hij dat doet,
- Britt: Willen we dat dan in het weekeinde porberen? Dan kan ik vrijdag eerst
nog proberen of ik kan praten met Ann. Ik kan wel wat steun gebruiken.
- Johan: Je bedoelt steun als deze?
- En hij neemt haar op zijn armen en draagt haar naar de slaapkamer.
- Nadat Britt wegens die ontsteking in haar mond in het ziekenhuis had gelegen
waren ze niet meer intiem geweest. Johan was veel te bang dat hij Britt pijn
zou doen, en Britt zelf was heel erg verzwakt en vaak veel te vermoeid geweest
om er over te doen. Maar nu stond haar de gedachte best wel aan dat ze weer
eens samen met Johan zou zijn.
- Britt; Weet je zeker dat de kinderen al slapen?
- Johan: Nee, dat weet je met hun nooit. Zullen we eens gaan kijken bij hun?
Ik vind het altijd zo mooi om naar die rustige en zachte kindergezichtjes te
kijken als ze lekker liggen te slapen.
- Britt; Johan, zoveel huiselijkheid had ik nooit achter jou gezocht. Jij bent
een echte zorgpapa.
- Johan; Ik heb dan ook een pracht van een zoon, is het niet?
- Britt; Zeker. Heel lief, en zacht, gelijk zijn papa.
- Johan: Maar jouw dochter is ook heel mooi en heel lief.
- Britt zegt hierop niets maar Johan ziet dat ze kleine glinsteringen in haar
ogen krijgt. Samen staan ze naast het bed, eerst dat van Simon en later dat
van Dorien.
- Britt knielt neer en streelt Dorien door haar gezichtje. Nu komen bij haar
de tranen naar boven. Johan knielt achter haar en legt liefdevol zijn armen om
haar heen.
- Johan: Wat is er Britt? Waar denk je aan?
- Britt; Aan Mark. Dat hij dit allemaal niet meer mee kan maken.
- Johan; Dan mist hij heel veel.
- Britt; Ja, dat doet hij.
- Johan; Heb je nog veel verdriet om hem Britt?
- Britt zegt niets en staat zachtjes op en geeft Dorien nog een zoentje voor
ze vertrekt naar haar eigen slaapkamer en de badkamer in loopt om zich klaar
te maken voor de nacht.
- Johan is inmiddels ook in de badkamer gekomen en ziet dat Britt het even
heel erg te kwaad heeft en haar emoties bijna niet binnen kan houden.
- Rustig laat hij haar haar routines doen en op bed gaan en dan gaat hij dicht
bij haar liggen en legt een arm om haar heen.
- Aanvankelijk lag Britt met haar rug naar Johan toe omdat ze niet wilde dat
hij haar tranen en haar verdriet zag, maar zijn zachte aanraking maakte dat ze
hem graag heel dicht bij zich wilde voelen en langzaam draaide ze naar hem
toe.
- Britt; Sorry Johan, ik kom zo ondankbaar over. Jij doet alles voor mij, jij
probeert mij gelukkig te maken en dan blijf ik weer hangen in dat oude
verdriet.
- Johan: Britt, lieverd, jij blijft niet hangen. Jij bent van heel ver
gekomen. Jij hebt je zo goed er doorheen geslagen. Het is helemaal niet erg
als je af en toe eens de tijd neemt om er weer bij stil te staan. Het is
begrijpelijk dat dat verdriet nooit helemaal weg zal gaan. En als het je
teveel wordt, zeg het me, ik wil je er bij helpen om het aan te kunnen.
- Britt voelt zich van binnen erg verstrikt in haar emoties: ze mist Mark,
maar ze is ook heel erg verliefd op Johan. Die heeft haar zelfs ten huwelijk
gevraagd en ze heeft JA gezegd. En nu weet ze niet wat ze moet doen.
- Johan houd haar warm en dicht tegen zich aan en streelt haar schouders en
haar hoofd. Af en toe plaatst hij kleine zoentjes op haar wangen.
- Britt lijkt in slaap te vallen en Johan blijft verliefd naar haar kijken.
- Maar na een poosje wordt Britt toch weer wakkerder.
- Britt: Zeg Johan? Jij wilde mij toch wat steun geven die ik nodig heb?
- En ze kijkt hem met verlangende ogen aan.
- Johan kijkt al net zo verliefd terug en langzaam beginnen ze elkaar weer te
zoenen en te betasten. De nacht- en onderkleding komt weer onder het dekbed
vandaan en hun lichamen komen weer heel dicht bij elkaar. Johan merkt aan
Britt dat ze er weer is. Hij voelt in al haar vezels dat ze geniet van het
intiem samenzijn, en ook nu weer hebben ze een zeer plezante tijd, en ook nu
weer weten ze elkaar heel goed te plezieren. Het tongzoenen is er nog niet bij
maar Britt heeft zich er behoorlijk op toegelegd om dan maar het lipzoenen tot
een kunst te verheffen en daar is Johan heel content mee.
- De volgende ochtend gaan ze weer samen onder de douche en ook nu merkt Johan
geen remmingen meer bij Britt. Hij heeft er vertrouwen en zeker goede hoop in,
dat Britt het ergste heeft doorstaan met haar herbelevingen.
- Ook Britt denkt er zo over en begint er zelfs tijdens het douchen met Johan
over te praten.
- Beiden komen ze heel gelukkig en vrolijk lachend onder de douche vandaan.
- Dorien: Zeg, gaan jullie nou elke dag zo klef doen of kunnen jullie ook nog
normaal doen?
- Johan: Hoe bedoel je Dorien (quasi nonchalant)
- Simon: Dat weet u best wel. Thuis was je nooit zo super vrolijk als je 's
morgens zo vroeg op moest staan.
- Johan; Dat komt omdat ik zo veel beter slaap als Britt heel dicht bij me is.
Daar kom jij ooit nog wel eens achter jongeman, als je zelf een vriendinnetje
krijgt waar je heel verliefd op bent.
- En ineens heeft Dorien weer een knalrode kop.
- Britt; Dorien, ben je ziek aan het worden? (een beetje plagend)
- Dorien; (slim er direct op inspelend) Misschien wel. Ik voel me zo warm. Mag
ik vandaag thuisblijven? Dan kan ik lekker samen met jou zijn.
- Britt; Ziek is ziek, en dat betekend in bed.
- Dorien: Oké, ik ga wel naar school. Dan zit ik jullie niet in de weg als
jullie tussen de middag weer samen zijn, zogenaamd om samen wat te eten.
- Iedereen heeft hier lol om en de kinderen verlaten in opperbeste stemming
het huis. De laatste dag, want vanmiddag krijgen ze vakantie.
- Johan; Britt, ik denk dat ik maar afbel voor vandaag. Ook heb zin om bij jou
te blijven.
- Britt; Ziek is ziek en dat betekent IN bed meneer van Lancker.
- Johan; Als jij meegaat het bed in heb ik daar helemaal geen problemen mee.
- Britt; Hebben Simon en Dorien ook wat met elkaar? Zag je hoe ze kleurde toen
jij dat tegen Simon zei?
- Johan; Zou het? (plagend)
- Britt; Oké, jij mag thuisblijven. Wil je dan ook mee gaan naar Ann vandaag?
- Johan: Heb je al gebeld dan?
- Britt; Doe ik nu.
- Die middag zijn ze als laatste op het spreekuur bij Ann. Maar het was nog
niet zo laat. In verband met de komende vakanties had Ann haar lijst met
cliënten ook beperkt gehouden en zat ze al om twee uur met Britt en Johan in
gesprek.
- Ann: Ik zie Britt dat het al een heel stuk beter gaat. Je gezicht is ook al
wat beter?
- Britt; Na die twee operaties en dat gedoe met die bloeduitstorting gelukkig
wel.
- Ann; En hoe is het samenzijn met Johan? Want ik neem aan dat hij na dat
aanzoek zo'n beetje bij je in is komen wonen?
- Johan: Het gaat prima, tenminste, dat is mijn indruk.
- Britt; Ja, het gaat echt prima. Johan is zo goed voor mij. Heel soms heb ik
nog zo'n gevoel dat ik niet weet wat er met me aan de hand is; soms voel ik me
ronduit bang, maar soms is het ook zo heel ontastbaar wat er is, maar hij
merkt de nuances direct op en altijd staat hij voor me klaar.
- Ann: En jullie hebben nooit geen ruzie of een woordenwisseling?
- Britt; Nee.
- Ann: Wat saai.
- Johan: Is het de bedoeling dan dat we ruzie gaan maken?
- Ann: Nee, je moet er niet bewust op aansturen, maar een verschil van mening
kan juist heel goed werken. Als je je teveel aan elkaar aanpast gaat de een of
de ander er op den duur onder lijden, en dat is vaak het begin van een hele
krampachtige relatie.
- Britt; Ann, wij hebben het gewoon heel goed met elkaar. Gisteren nog hebben
we.... je weet wel.... Voor het eerst sinds dit gedoe (wijzend op haar mond)
- Ann: En zonder dat je het hoeft te zeggen kan ik zien hoe het je is
bevallen. Meid je glundert aan alle kanten. Ik wens jullie echt samen een hele
fijne toekomst met alle mooie dingen die er voor jullie nog gaan komen.
- Johan: Kun jij in de toekomst kijken?
- Ann: Nee, dat kan ik niet. Maar ik zie dat jullie gewoon voor elkaar gemaakt
zijn. Zoals ze zeggen: a match made in heaven.
- Johan: Maar Britt moet nog wel even zeggen waarom ze hier wilde komen
vandaag.
- Britt; Laat maar Johan, dat hoeft niet.
- Johan: Jawel Britt, dat was de reden van deze afspraak.
- Ann ziet nu dat er (gelukkig ) wel wat spanningen zijn en ze probeert om
Britt toch te laten vertellen wat er is en merkt dan dat Britt wat boos wordt
op Johan.
- Ann: Dus niet alles is koek en ei tussen jullie?
- Britt; Jawel, alleen zit hij nu een beetje te drammen.
- Johan: Britt, hou eens op met jezelf voor de gek te houden.
- Ann: Doe je dat Britt?
- En Britt voelt zich betrapt en kijkt naar haar voeten.
- Ann: Britt?
- Britt: Misschien wel.
- Ann: Kijk ons eens aan Britt. Wees eens eerlijk tegen jezelf.
- Britt; Ik was bang. Ik ben bang.
- Ann: Waarvoor ben je bang? Als je het uitspreekt word het tenminste iets
waar je wat mee kan doen. Niet uitgesproken zaken blijven altijd als spoken
door je leven dwalen. Die bezorgen veel verdriet en pijn. Dat moet je niet
doen. Zeg het maar. Je weet dat je hier alles kan zeggen wat je op je hart
hebt.
- Britt; Tony.
- Ann: Wat is er met Tony?
- Britt; Die heeft een auto-ongeluk gehad.
- Ann: Amai, da's niet zo mooi.
- Britt; Dat kwam toen ik net weer thuis was en die avond zo in de war raakte.
- Ze zucht eens en sluit haar ogen.
- Johan schuift dichter bij en neemt haar hand en legt zijn andere hand om
haar schouders.
- Ann knikt tevreden naar deze situatie.
- Britt: Toen heb ik eerst Johan met dat mes bedreigt en daarna heb ik ook
voor Tony staan te zwaaien met dat mes, heb ik gehoord.
- Ann; Dat is zo Britt, maar je was zo ontzettend bang en zo vreselijk in de
war, dat was het gevolg van je angsten. Dat is zowel Johan als Tony wel heel
duidelijk geweest.
- Britt; Maar Tony is zo bang geworden van mij en als die ergens niet tegen
kan is dat om geen controle te hebben. Ze wist niet wat ze moest doen en toen
heeft ze....
- Ann legt nu ook een hand op Britt haar been om haar aan te moedigen om door
te praten.
- Britt; Toen heeft ze zich helemaal klem gezopen in de whisky, en toen kwam
die vrachtwagen, en toen kon ze niet op tijd reageren, en toen en toen...
- Johan neemt Britt nu heel dicht tegen zich aan. Ze huilt vreselijke tranen.
Ze voelt zich in en in verdrietig als ze terugdenkt hoe Tony te pas is gekomen
met dat ongeval.
- Ann: Gaat het Britt ?(een tissue aanreikend)
- Britt; Ik voel me zo schuldig en zo in de war. Ik wil naar haar toe maar ik
durf het niet.
- Ann: Waarom durf je niet?
- Britt; Ik ben bang dat ze boos is en me wegstuurt.
- Ann: Je bent bang dat je wordt afgewezen? Is dat het? Dat ze je niet aardig
zal vinden?
- Britt; (snotterend) Ja. We konden zo goed met elkaar, en nu...
- Ann: Heeft ze dat gezegd dan dat jullie niet meer met elkaar kunnen?
- Britt: Weet ik niet. Ik heb haar niet meer gesproken sindsdien.
- Ann: Wel, dan weet ik niet of het reële gedachten zijn die je er op na
houd.
- Britt; Johan stelde voor dat ik haar weer eens zou gaan zien, en toen begon
ik mij weer angstig te voelen.
- Ann; Dat geeft aan dat het je heel erg aangaat. Het is goed om er over te
praten. Goede keus om deze afspraak te maken. Maar ik wil het nog wel even met
je hebben over die gedachtes van je. Het lijkt erop of je nog te makkelijk
alles gaat invullen voor een ander.
- Britt; Doe ik het niet goed?(nederig)
- Ann: Je doet het prima. Je zit volop in een leer en veranderproces. Daar zul
je met vallen en opstaan doorheen komen.
- Britt; Maar ik ben al zo vaak gevallen.
- Ann: En nu ben je bezig om weer op te gaan staan. Dat kost moeite, dat zal
bij tijd en wijle ook wat pijn doen, maar je bent er bijna. Alleen moet je er
aan denken dat als jij je weer zo ellendig gaat voelen, dat je eerst even bij
jezelf nagaat of je niet weer bezig bent om te zorgen dat ieder ander het naar
de zin heeft en dat je daarbij jezelf vergeet. Ook jij bent belangrijk Britt.
Het is niet te doen om voor een ander te zorgen als je jezelf vergeet. En ik
weet zeker dat Johan je daar heel goed mee zal kunnen helpen. Ik heb zelf ook
al gemerkt dat je heel wat makkelijker praat dan een kleine anderhalve maand
geleden, toen alles net gebeurd was. Je hebt echt sprongen vooruit gemaakt.
Laat dat alsjeblieft niet allemaal zo weer wegvallen omdat je je nu even wat
onzeker voelt.
- Britt; Maar wat als Tony....
- Ann; Als Tony wat?
- Britt; Als ze me niet meer aardig vind?
- Ann: Vergaat dan de wereld? Komt er dan oorlog van?
- Britt; Natuurlijk niet.
- Ann: Nou, dan is het denk ik toch niet zo moeilijk?
- Britt; Maar ik wil weer vriendin met haar zijn.
- Ann: Dan zul je haar moeten bellen en een afspraak maken en dan zullen
jullie eens moeten praten over wat jij denkt dat er nu tussen jullie instaat.
Alleen dan heb je goede en rechtstreekse informatie die waardevol genoeg is om
een besluit op te trekken. Dat zijn feiten, en niet alleen maar speuracties
die door angst worden ingegeven.
- Britt; Zal het werken?
- Ann: Wil je een echte uitdaging van mij Britt?
- Britt kijkt haar vragend aan en knikt heel voorzichtig.
- Ann; Wel, je mag mijn telefoon gebruiken om te bellen. Wij kunnen wel even
naar hiernaast gaan en dan kun jij rustig met Tony wat afspreken.
- Bijna begint ze hier van te hyperventileren, maar Johan geeft haar een
knipoogje dat zegt: je kunt het wel.
- Het zweet staat Britt in haar handen als ze de telefoon oppakt en naar
Tony's huisnummer belt. Geen gehoor.
- Even denkt ze erover om Ann en Johan weer terug te roepen om dat ze toch
geen contact krijgt, maar bedenkt zich dan dat Tony misschien nog wel op het
commissariaat is en dus belt ze daarheen, maar krijgt te horen dat Tony deze
middag om drie uur is vertrokken voor de fysio.
- Nu word het Britt wel heel erg warm onder de voeten.
- Als laatste middel dan maar het mobiele nummer.
- Omdat Britt en Tony al zo ontzettend lang met elkaar vriendin zijn gegaan
kan ze het nummer dromen en toetst het dan ook blindelings in.
- Tony: Ja?
- Britt; Dag Tony, ik ben het Britt.
- Tony: Hey, Britt. Goh, wat heb ik jou lang niet gezien. Hoe is het ermee?
- Britt; Niet zo heel goed.
- Tony: Nog veel last van die kaak?
- Britt; Nee, dat gaat wel weer.
- Tony: Heb je nog last van die herbelevingen en kan je nog niet met Johan...?
- Britt; Nee, ook dat is goed.
- Tony: Wel, wat is dan het probleem?
- Britt: Ik mis je. Ik wil je heel graag zien, maar ik ben zo bang dat je boos
op me bent en dat je mij niet meer als vriendin wilt.
- Tony: Hé, mallerd. Sinds wanneer gaat je fantasie met je op de loop?
- Britt; Hč? Wat bedoel je?
- Tony: Ik zou jou toch nooit zo maar laten vallen.
- Britt; Maar het is niet niks waar ik je in heb betrokken. Het spijt me zo
erg Tony. En toen dat ongeval.
- Tony: Hey, Britt, waarom spreken we niet af? Ik denk dat we veel beter
kunnen praten als we elkaar daarbij kunnen zien.
- Britt; Wil jij me nog wel zien dan?
- Tony: Weet je, ik heb jou ook heel erg gemist Britt. Ik vind het hoog tijd
worden dat we elkaar weer gaan zien.
- Britt; Echt??
- Tony: Echt. Kom je bij mij, of kom ik naar jou?
- Britt; Ik vind het nog te eng om naar jou te komen. Wil jij naar mijn huis
komen, dan is Johan er ook en als het niet gaat dan..
- Tony: Britt, rustig maar. Het zal echt wel gaan. Vertrouw daar maar op.
- Britt: Maar Tony ik...
- En nu kan ze zich niet meer goed houden en begint te huilen. Ze krijgt er
geen woord meer uit en hoort door haar gesnotter en tranen heen ook niet meer
wat Tony zegt.
- Ondertussen is Ann weer terug binnen gekomen en ziet dat Britt nu heel
verdrietig is. Ze legt een arm om Britt heen en leid haar naar een stoel waar
ze op kan plaatsnemen. Dan neemt ze de telefoon over en spreekt met Tony.
- Ann: Tony, ben je daar nog?
- Tony: Ja, gaat het met Britt?
- Ann: Ze is verdrietig, maar dat geeft niet. Ze had weer een hele lading
spanningen opgedaan en dat komt er nu gelukkig uit. Hebben jullie nog wat met
elkaar gesproken?
- Tony: Ja, ik heb gezegd dat ik haar niets te verwijten heb en dat ik heel
graag met haar wil praten . Maar ze zei dat ze nog niet bij mij durft te komen
en liever thuis is als Johan er bij is. Toen zei ze dat ze bang was dat het
gesprek niet goed zou gaan en ik zei dat ze daar gewoon op kon overtrouwen dat
het echt wel goed zou lopen en toen begon zo zomaar te huilen.
- Ann: Hebben jullie al een tijd of dag afgesproken dan?
- Tony: Nee, zover zijn we nog niet gekomen. Maar ik wil dat wel graag doen.
Ik wil hier gewoon niet nog langer mee wachten. Denk je dat Britt het aankan
als ik morgen al bij haar wil komen?
- Ann: Ik zal haar zelf weer geven, ze is gelukkig al wat rustiger geworden.
- Ann: Britt? Tony wil graag met je afspreken wanneer ze bij je kan komen. Zij
wil liever niet meer zo lang wachten.
- En dan reikt ze de telefoon weer aan Britt.
- Britt; Tony?
- Tony: Schikt het als ik morgen in de middag bij je kom? Het is zaterdag, dus
Johan zal wel thuis zijn dan?
- Britt; Ja, en de kinderen ook. Vind jij dat bezwaarlijk?
- Tony: Absoluut niet. Die heb ik ook al zo lang niet meer gezien. Het wordt
tijd dat ik weer eens met Dorien kan kleppen.
- Britt; Is goed dan.
- Tony: Hey Britt? Niet bang gaan worden. Dat is nergens voor nodig, Ik kom
morgen bij je en dan zullen we al die leeuwen en beren eens van de weg jagen.
Oké?
- Britt; Tot morgen.
- En ze legt de telefoon weer neer en slaakt een hele diepe zucht en begint
van nieuws te huilen. Emotioneel voelt ze zich gesloopt en Ann heeft
ondertussen Johan weer binnen gevraagd die Britt nu in zijn armen neemt.
- Ann: Britt, je hebt het geweldig gedaan.
- Britt; Met al dat gesnotter en gejank?
- Ann: Jij hebt die uitdaging aangenomen om Tony te bellen. Dat heb je zelf
gedaan. Eerlijk gezegd had ik gedacht dat je het uiteindelijk niet zou durven,
en dat had ik helemaal niet erg gevonden, maar jij hebt het gewoon gedaan. Ik
ben trost op je Britt. En je hebt je afspraak staan. Wat kan er nu nog mis
gaan?
- Britt; Ze kan morgen besluiten om toch niet te komen?
- Johan: Brittje, als Tony gezegd heeft dat ze komt, dan komt ze. Zo is ze, en
ik weet dat zij jou ook weer heel graag terug wil zien. Ik had haar nog wel
gesproken toen ze uit het ziekenhuis kwam maar toen was ze nog niet zo lekker
in orde, maar toen al zei ze dat het niet meer zo lang moest gaan duren voor
jullie elkaar weer zouden treffen. En nou komt ze morgen.
- Britt; Maar ik ben zo bang.
- Ann: Even weer terug naar de les Britt (een beetje streng) Zijn je gedachten
hierover reëel?
- Britt; Ik weet niet. Ik denk niet.
- Ann; En waarom zijn ze niet reëel?
- Britt; Omdat ik het vanuit mijn angst zelf al ga invullen en mijn energie
volgt mijn aandacht en die is negatief ingesteld.
- Ann: Voila, ik hoef er iets meer aan toe te voegen. Je weet het heel goed.
- Britt; Ben jij nu ook boos op mij?
- Ann: Heel goed dat je het vraagt, want zo kun je zien of je gedachten wel
kloppen met de werkelijkheid, en nee, ik ben niet boos op jou. Ik ben heel
trots op jou.
- En dan stapt ze op Britt af en omhelst haar en geeft haar een fijne knuffel.
- Britt begint ervan te blozen.
- Johan: Britt, willen wij zo eens naar huis gaan? We hadden de kinderen
beloofd om vanavond naar de film te gaan. Het is het begin van hun vakantie.
- Ann: Daar zeg je me wat! Ik zou ook vroeg stoppen vandaag. De jongste van
mij moet vanavond nog een zwemexamen doen. Ik mag me wel haasten.
- Britt; Sorry dat we je zo ophielden.
- Ann: Britt, daar moet jij geen sorry om hebben. Het is MIJN
verantwoordelijkheid om mijn eigen tijd in de gaten te houden.
- Britt; Oké. Ik weet het dus wel, alleen moet ik het leren om ook te
gebruiken, en niet zo bang zijn?
- Johan kijkt haar lief lachend aan en buigt zich dan naar haar toe om haar
heel teder te zoenen.
- Nu huilt Britt van geluk.
- Ann: Het ga je goed Britt, en veel plezier morgen met Tony. Als je zin hebt
mag je me volgende week wel even bellen om te vertellen hoe het is gegaan.
Hier is mijn privé-nummer. Gewoon doen hč, en niet denken dat ik vakantie
heb en er niet ben of niet gestoord wil worden? Ik heb je bij deze uitgenodigd
om me te bellen
- Johan: Ann, heel erg bedankt dat je ons op zo korte termijn kon zien. Ik
weet zeker dat Britt er weer heel goed mee vooruit kan.
- Ann: Dat weet ik ook zeker. Nu alleen Britt nog?
- Britt: Ik zal heel goed mijn best doen Ann.
- Ann: Ga gewoon lekker jezelf zijn, de rest komt gewoon wanneer je er klaar
voor bent. Zo zit het leven nu eenmaal in elkaar.
- Britt: Bedankt Ann.
- Die avond gaan ze met zijn vieren naar de bioscoop. Dorien had al weken
geleden gevraagd om weer eens samen naar de film te gaan en nu het toch
vakantie was konden ze mooi naar de avondfilm want ze hoefden niet zo vroeg
naar bed.
- Britt kan intens genieten van het familiegeluk waar ze middenin zit. En
langzaam dringt het tot haar door dat iedereen echt wel heel gek met haar is.
Dat merkt ze gewoon aan alles. Ze komen bij haar om te praten of gewoon lekker
tegen haar aan te hangen, maar als ze boos zijn, komen ze toch ook bij haar
want ze weten dat Britt heel goed kan luisteren en dat ze echt MET de kinderen
praat en niet alleen tegen hen.
- Maar ook omgekeerd: als Britt het even niet zo lekker heeft zitten komen
Simon en Dorien graag bij haar om haar een beetje te steunen en te knuffelen.
- En Johan? Ja, dat is een hoofdstuk apart. Britt heeft echt bewondering voor
hem. Hoeveel geduld hij al met haar heeft gehad. Hoeveel hij al met haar heeft
meegemaakt en om haar heeft doorstaan. En steeds blijft hij haar
onvoorwaardelijk lief hebben. Ook als Britt weer erg bezig is met Mark. Ofwel
het al vier jaar geleden is dat hij was overleden had ze af en toe nog
periodes dat ze veel aan hem moest denken, en als het in het leven wat
tegenzat dan dacht ze vaak aan hoe goed ze met Mark over alles had kunnen
praten. Maar nooit een onvertogen woord van Johan. Hij had respect voor haar
en voor haar keuzes en bij hem kon ze gewoon echt zichzelf zijn.
- Als Johan opzij kijkt ziet hij dat Britt wat tranen in haar ogen heeft en
voorzichtig buigt hij naar haar toe om die tranen heel zachtjes met zijn duim
af te doen en haar een klein kusje te geven.
- Na de film gaan ze naar huis en nog een spelletje doen met de kinderen en
als die op bed liggen valt Britt zuchtend op de bank. Ze is kapot. Deze dag
had haar zoveel energie gekost, maar als ze eerlijk was tegen zichzelf, was
dat een hele goede investering geweest, en dat zei ze ook tegen Johan.
- Die was blij met haar in haar hele voorkomen.
- Johan; Wil ik je even lekker zo je rug en je nek masseren dan? Ik denk dat
je heel wat hebt zitten wat nog even los moet komen.
- Britt; Graag, maar daar hoeven we niet mee te wachten tot straks. Dat mag nu
ook wel.
- Johan: Oei Britt, je bent me aan het verleiden.
- Britt; Is daar wat mis mee dan?
- Johan: Geen woorden maar daden. Kom, we gaan ook eens lekker vroeg naar bed.
- Ook deze nacht wordt gekenmerkt door hele fijne intieme momenten en weer
valt Britt zielsgelukkig in slaap.
- Johan laat haar die zaterdag lekker uitslapen. Het bezoek van Tony die
middag zal ook wel weer de nodige energie kosten.
- Als Britt eindelijk om half twaalf wakker wordt ziet ze dat zowel Simon als
Dorien als ook Johan in de slaapkamer zitten. Ze doen een spelletje en zitten
allemaal op haar bed.
- Johan: Goeiemorgen slaapkop. Lekker geslapen?
- Britt; Zalig. Ik was zo gelukkig gisteravond en vannacht.
- Simon: Goed gedaan papa. (en hij steekt plagend zijn duim op)
- Britt: Van wie krijg ik een knuffeltje om te weten of ik wel wakker ben?
- En gelijk vliegen ze allemaal op haar af en is het een warboel aan handen,
hoofden en monden die elkaar zoeken.
- Ze hebben veel plezier en Britt geniet ook nu weer volop van dit
familietafereel.
- Nadat ze een poosje hebben liggen ravotten een donderjagen besluit Britt om
op te staan en te gaan douchen.
- Dorien: Tony komt zo hč?
- Britt; Ja, die komt vanmiddag ( wat verlegen)
- Simon: Vind je het niet leuk of zo, als ze komt? Je klinkt helemaal niet zo
blij?
- Johan: Simon, Britt is wat nerveus. Ze hebben elkaar al een poosje niet
gezien en Britt is gewoon wat angstig na wat er met Tony is gebeurd.
- Simon: Ik snap het al. Maar je moet geen bang hebben hoor. Tony is oké.
Daar zou ik nooit bang van kunnen zijn.
- Nu moet Britt ook wel een beetje lachen en vlug gaat ze naar de badkamer om
te douchen.
- Maar hoe dichterbij de klok van drie uur nadert hoe nerveuzer of Britt
wordt.
- Johan neemt haar bij de arm en neemt haar mee naar de bank en zet haar neer
en neemt haar dan dicht tegen zich aan.
- Johan; Britt, het duurt maar heel eventjes. Het moeilijkste zal zijn als ze
straks voor de deur staat. Maar ik denk dat het goed is als je zelf de deur
open doet. Het is belangrijk dat JULLIE elkaar weer gaan ontmoeten. Als je
wilt kunnen de kinderen best wel even boven gaan spelen totdat jullie weer een
beetje gewend zijn. En ik wil best wel in de keuken gaan zitten.
- Britt; Ik wil graag dat je heel dicht bij me blijft Johan. Ik heb je nodig.
- Johan: Dan blijf ik bij je.
- Dan is het ook al drie uur en wordt er bescheiden aangebeld.
- Britt kijkt met bange ogen naar Johan, die haar een bemoedigend kneepje in
de hand geeft.
- Dan staat Britt op en loopt langzaam naar de deur en kijkt wel drie keer om
of Johan ook echt wel in de kamer blijft.
- Als ze de deur opent ziet ze een glunderende Tony voor zich staan met een
heel groot boeket rode rozen.
- Tony: Hoi Britt, ik dacht, ik was nog niet op ziekenbezoek geweest, dus ik
neem een mooi boeket mee, want door een fruitschaal zul je je nog wel niet
heen kunnen werken?
- Britt; Dag Tony (heel bescheiden klinkend)
- Tony: Zeg, mag ik binnen komen? Ik kan nog niet zo lang staan nog.
- Britt: Ja, kom maar binnen.
- Tony: Wil je dan even die bloemen aannemen, ik loop nog met twee krukken.
- Britt; Sorry.
- Tony: Geen sorry, het is gewoon een beetje onhandig, verder niet.
- Als Tony binnen is en haar jas heeft uitgedaan hobbelt ze naar de bank en
laat zich erop ploffen, zoals ze al die jaren al gedaan heeft. Ze geeft Johan
ook een zoentje en legt de krukken naast zich neer. Britt gaat aanvankelijk in
een zetel naast de bank zitten en als Johan opstaat om wat drinken te maken
nodig hij Britt uit om toch maar op de bank te gaan zitten.
- Nadat Johan de koffie heeft gebracht gaat hij toch maar weer terug naar de
keuken, nadat hij via oogcontact aan Britt heeft duidelijk gemak dat hij er
echt wel bij is.
- Nu ze zo naast elkaar op de bank zitten voelt Britt zich weer heel naar
worden.
- Britt; Ik, ik weet niet goed wat ik moet doen of moet zeggen.
- Tony: Mag ik dan eerst?
- Britt; Ga je gang.
- En Tony steekt beide armen uit en neemt Britt in haar armen en begint tegen
haar te praten en haar te strelen en te knuffelen.
- Britt; Waarom doe je dat Tony?
- Tony: Omdat ik je vreselijk gemist heb, en ik wil echt zeker weten dat jij
het bent die hier met mij op de bank zit.
- Britt; Maar ik heb zo lelijk tegen je gedaan, en daar ben jij zo bang van
geworden dat jij ….
- Tony: Dat ik zelf bezig was mijn ondergang te tekenen. Britt, IK heb de fout
gemaakt door te gaan drinken en in die wagen te kruipen. Dat heb jij niet
gedaan. Ann heeft me uitgelegd hoe dat zit met die psychoses. Jij kon daar
helemaal niets aan doen. Jij was op van de angsten en je wist niet meer wat je
deed.
- Britt; Maar als het weer gebeurd als ik niet weet wat ik doe?
- Tony: Dat gebeurt niet weer. Je doet zo goed je best met die therapie, je
bent er bijna. Ik hoop echt dat we binnenkort weer samen zullen werken.
- Britt; Wil jij echt weer met me samenwerken?
- Tony: Waarom denk je dat ik de moeite heb genomen om helemaal hierheen te
hobbelen?
- Britt: Heb je nog veel pijn dan?
- Tony: Alleen als is zit, sta, loop of lig. Ja, het doet nog pijn. Maar daar
kom ik ook wel weer overheen. Maar als jij niet meer mijn vriendin wilt zijn
weet ik niet of ik daar wel weer overheen kom.
- Britt kijkt verlegen naar Tony en staat in dubio wat ze moet doen.
- Ook nu weer mekt ze dat Tony alleen maar goed in haar zin heeft. En ze wil
ook heel graag weer dat het goed komt tussen hun.
- Britt; Tony, ik zou heel graag weer je vriendin willen zijn.
- Tony: Dat zijn we toch nog steeds?
- Britt; Echt?
- Tony: Echt.
- En dan kan Britt het niet meer laten en nu neemt zij Tony in haar armen en
begint haar te knuffelen. Britt stromen nu de tranen uit haar ogen.
- Tony: Laat maar lekker gaan Britt, ,je moet je verdriet niet zo lang
ophouden. Daar word je ziek van. Ik wil graag dat je weer heel goed en het
liefst heel snel beter word.
- Britt; En het gaat echt weer goed komen tussen ons, en wij kunnen straks ook
weer samen de straat op?
- Tony: Ik heb Nadine al gezegd dat ze jou ook binnen moet houden tot ik er
ook weer aan toe ben om buiten te gaan. Wij moeten dat gewoon samen doen,
bovendien vind ik er geen biet aan om heel de dag in mijn uppie binnen te
zitten.
- Britt: PV's??
- Tony: Jij mag nooit meer raden.
- Britt; Ik weet iets wat veel mooier is, voorlopig althans.
- Tony: Zeg maar op.
- Britt; Wel, jij mag nog niet op straat , en ik ben ook nog niet wapen
gekwalificeerd. Wat zeg je ervan als wij eens een scholencampagne opzetten
over bijvoorbeeld preventie, of veiligheid of iets waar de jeugd nog wel een
beetje warm voor loopt? Dan zijn we uit het commissariaat en kunnen we ook nog
iets goeds doen met onze opleidingen.
- Tony: Wat je goed noemt. Weet jij hoe ongeďnteresseerd de jeugd
tegenwoordig is?
- Britt; Moet jij eens opletten als we bij hun in de klas komen. Ik wed erom,
voor een weekendje naar een huisje aan zee, dat ze aan je lippen gaan hangen
en een en al aandacht zullen zijn.
- Tony: Nou die weddenschap heb je nu al verloren.
- Britt; Vraag is, of je mee wilt doen dan hč?
- Tony: Met jouw? Een weddenschap? Is dat wel zo goed voor onze vriendschap?
- Britt; Jij was het toch die zei dat onze vriendschap onvergankelijk was?
Bewijs dat maar.
- En nu kunnen ze allebei weer lachen en komt Johan ook weer terug in de
kamer. Hij was al vast aan de volgende ronde begonnen en had voor elk een gas
wijn ingeschonken.
- Johan: Als het de vriendinnen beliefd, wil ik graag proosten op een zeer
goede en vruchtbare voortgang van jullie vriendschap. Santé dames.
- Britt staat op en omhelst Johan. Ook nu weer ziet hij in haar ogen dat Britt
zich echt blij voelt.
- En Johan fluistert in haar oor: Ik wist dat je het kon lieverd. Ik wist het.
- Met moeite werkt Tony zich ook overeind en omhelst nu ook Britt en Johan.
- Tony: Ik moet jullie allebei heel erg bedanken.
- Britt: Waarvoor?
- Tony: Dat jullie mij de gelegenheid heen gegeven om dit uit te praten. En
Britt, als jij niet in de problemen was geraakt dan had ik je er
waarschijnlijk wel een andere keer in geholpen. Doordat ik toen met mijn zatte
kop ben gaan rijden heb ik als straf verplichte therapie gekregen. In het
begin bestierf ik het. Ik was zo bang dat ze allerlei oude wonden zouden
openhalen en dat ik het dan helemaal niet meer kon overzien. Maar ik bleef
erin geloven, ook omdat Johan mij heel erg motiverend heeft toegesproken, en
omdat ik wist dat ik er ooit eens wat mee moest doen. Maar ook omdat ik wist
dat ik zo niet verder met jou kon samenwerken. Ik was een gevaar voor jou
geworden en die gedachte kon ik niet verdragen.
- Ik ga nu elke week anderhalf uur in therapie en mijn therapeut zegt dat er
al een boel ellende weg is.
- Britt; Maar ik wist helemaal niet dat jij ook therapie had.
- Tony: Ik durfde het eigenlijk niet te vertellen, maar Johan zei dat het jou
zo goed hielp, en ik dacht:als wij samenwerken moeten we elkaar kunnen
vertrouwen, dus ik vertel jou dit zodat jij weet waar ik af en toe met mijn
gedachten ben.
- Britt; Dat vind ik heel moedig van je Tony.
- Dan gaat Tony maar weer zitten, want die knie speelt heel erg op.
- Britt; Wat is er met die knie, dat hij nu nog zo pijn doet?
- Tony: Alle banden verrekt en gekneusd gehad. Is vooral instabiel, vandaar
die brace. Maar de fysiotherapeut doet goed zijn best om dat te verbeteren. Ik
heb oefeningen die ik elke dag moet doen, en ga twee keer in de week naar hem
toe.
- Britt; Mag ik je wat persoonlijks vragen Tony?
- Tony: Ja.
- Britt; Hoe gaat het nu met jou en Sam, en de kleine Lotte?
- Daarop had Tony niet gerekend en ze begint spontaan te huilen.
- Britt; Sorry. Ik was niet van plan je van streek te maken.
- Tony: Nee, geeft niet Britt. Het ligt gewoon nogal gevoelig. Sam en ik
kunnen nu gelukkig beter met elkaar praten. En ik mis Lotte ook heel erg. Soms
voel ik me een slechte moeder. Krijg je een kind en dan zorg je er niet voor.
Misschien was ik nog helemaal niet toe aan het moederschap.
- Britt; Dat kan ik niet voor je beslissen Tony, maar ik heb je wel met Dorien
bezig gezien, en ook met Lotte, en je doet het heel leuk.
- Tony: Maar waarom heb ik haar dan verwaarloosd?
- Britt; Jij hebt haar niet verwaarloosd. Ik heb zoveel van je tijd en energie
opgeslokt dat je niet voldoende over had voor Lotte. Het is heel jammer dat
Sam daar dan zo moeilijk over is gaan doen.
- Tony: Zouden Sam en ik ooit nog bij elkaar komen en samen voor Lotte kunnen
zorgen?
- Britt; Heb je daar al met Sam over gepraat dan?
- Tony: Ik weet niet of ik met hem verder wil. Maar soms denk ik dat ik moet
voor Lotte. Ik kan niet alleen voor haar zorgen. Dan zou ik mijn baan moeten
opgeven en dat kan ik niet, maar ik kan ook niet zonder haar.
- Britt; Maak nu geen keuzes die je niet kan overzien Tony. Probeer of je met
Sam kan praten, en als dat niet lukt kom je gewoon met mij of met ons praten.
En ik wil heus ook wel eens op die lekkere kleine meid van jou passen hoor. Ik
vind het heel leuk om te doen. Dorien is al weer zo groot geworden. Soms mis
ik dat kleine gefriemel wel een beetje.
- Johan kijkt haar nu weer verliefd aan.
- Tony: Dat zou heel mooi zijn. Maar Sam heeft gezegd dat hij voor Lotte
blijft zorgen tot ik lichamelijk weer helemaal fit ben, en daarna moeten we
nog eens over hebben hoe we verder gaan. Maar ik kan haar wel een keertje
laten komen als we samen eens willen gaan wandelen of zo. Dan kun jij mooi
achter de kinderwagen en dan hoeft Sam niet bang te zijn dat ik ons kindje
verwaarloos.
- Britt; Dat lijkt me een goed plan Tony. Jij gaat het best wel redden.
- Tony: Ik hoop het Britt. Ik hoop het.
- Johan; Dames, jullie klinken of jullie beiden toe zijn aan een heerlijk
diner a la Van Lancker. Tony, jij eet toch ook mee?
- Tony: Mag ik? Heerlijk. Dat alleen is al een reden om vaker hier aan te
schuiven.
- Als later ook de kinderen weer beneden zijn heerst er een ontspannen en
gezellige sfeer. Dorien is al weer bij Tony op schoot gekropen. Die twee
konden het heel goed vinden met elkaar.
- Britt staat in de keuken en helpt Johan een beetje en Johan neemt pardoes
Britt in zijn armen en begint haar te zoenen.
- Johan; Zie je wel, dat het allemaal leeuwen en beren waren wat je zag op de
weg?
- Britt; Johan, ik ben zo blij dat het goed is gekomen. Ik vond het zo eng.
Alles. Alles wat er gebeurt is. Van die enge vent, van mijn psychose, van
Tonys; ongeluk. Ik wist niet of ik dat allemaal aan kon, maar steeds weer was
jij er om mij het licht te wijzen en mij een steuntje in de rug te bieden.
Dank je lieverd. Ik weet niet hoe ik het gered zou hebben zonder jou. Ik
beloof je plechtig, meneer van Lancker: als wij gaan trouwen zal ik zorgen dat
jij de gelukkigste man van de wereld wordt.
- Johan; Maar dat ben ik al lang. Kijk eens wat je allemaal al voor mij hebt
gedaan.
- Innig omarmd staan ze samen voor het fornuis en genieten van elkaar.
- Tony: Ik wil niet storen, maar gaat het goed daar in de keuken? Brand er
niets aan?
- Johan; Shit, de saus.
- Dorien: Zulke dingen mag je niet zeggen van mama,
- Johan: Sorry Dorien, ik zal op mijn woorden letten. Ik geloof dat het net
goed is gegaan. Zetten jullie even de tafel dan kunnen we zo gaan eten.
- De maandag erop geeft Biritt aan bij Johan dat ze met Nadine wil overleggen
over het plan dat ze met Tony had besproken.
- Johan; Halve dagen. Meer wil ik niet dat je nu al gaat werken.
- En ik vind ook dat je heel goed met Nadine moet afspreken dat je echt niet
meer zulke gevaarlijk dingen gaat doen.
- Britt; Wat heerlijk dat er weer iemand is die op mij past. Die om mij geeft.
- Johan; En die iemand raak je ook nooit weer kwijt.
- En dus gaat Britt naar het commissariaat om te overleggen om weer wat
werkzaamheden, in de preventiesector op te nemen.
- Op het commissariaat is iedereen blij haar weer te zien, dus van overleg
komt er niet veel terecht, maar eindelijk lukt het Nadine om Britt te
ontzetten van de drukte van haar collega's en roept haar samen met Tony in
haar kantoor.
- Britt legt aan hun baas haar plan uit... Tony knikt heftig, en laat zo
merken dat ze dit plan echt wel goed vind... Alles beter dan PV's...
- Nadine: Goed... (denkt even na). Jullie hebben mijn goedkeuring.
(glimlachend)
- Britt: Bedankt baas. (glimlachend)
- Tony staat al op en loopt weer naar haar bureau, maar Vanbruane houdt Britt
even tegen en nodigt haar weer uit om te gaan zitten...
- Britt: Ja, baas? (vragend/verwonderlijk)
- Nadine: Britt... Alles goed met je? Je ziet er wat moe uit....
(radend/vriendelijk)
- Britt: Vannacht is het nogal laat geworden... (verlegen/zacht/met een rode
blos op haar wangen)
- Nadine: Ik snap het al. Ga maar, enne... Goed plan, Britt. Ik bel even een
paar mensen op om te horen wat zij ervan vinden, maar ik ben wel 99% zeker dat
ook hun voor het plan zullen zijn. (glimlachend)
- Britt: Dus kunnen we er al aan beginnen?
- Nadine: Ik zou zeggen: Ga jullie gang maar. (glimlachend/vriendelijk)
- Britt: Ach ja, baas... Ik mag van Johan enkel...
- Nadine: ... halve dagen werken, ja ik weet het, hij heeft me al gebeld.
(glimlachend)
- Britt: Dus mag ik vanmiddag rond 2 uur weg?
- Nadine: Je moet je oren eens laten uitspuiten, Britt.
- Britt kijkt haar baas verward aan...
- Nadine: Halve dagen zijn halve dag. Dus om half 1 wil ik je hier niet meer
zien, begrepen Michiels? (glimlachend)
- Britt: Jaja, ik snap het al. (opgelucht/glimlachend)
- Nadine: En Johan heeft me nog eens duidelijk gemaakt dat ik je echt niet
meer van die gevaarlijke opdrachten mocht geven. Maar ik heb hem verzekerd dat
dat niet meer zal gebeuren, oké? (glimlachend)
- Britt: Bedankt, baas. (glimlachend)
- Nadine: En dat ge-baas werkt me op mijn zenuwen, zeg maar gewoon Nadine.
(lachend)
- Britt: Oké, ba... Nadine. (lachend/plagend)
- Nadine: Ik zie het al, met jou gaat het al een stuk beter. (lachend)
- Britt: Kunnen we aan het werk dan? (vragend)
- Nadine: Zo ijverig. (plagend). Maar inderdaad, ga maar aan het werk.
(lachend)
- Britt en Tony zetten zich in het verhoor en leggen vrij vlot een globaal
plan aan van wat ze kunnen en zouden willen doen op de scholen. Beiden zijn ze
heel enthousiast en werken ijverig door.
- Britt; Ik ga even koffie halen. Wil jij dat even uit de computer toveren?
- Tony: Is al gebeurt, maar ik drink liever thee dan koffie.
- Britt; Sorry, vergeten. Zeker te lang niet samengewerkt?
- Tony: Dat went snel genoeg weer.
- Nadat ze de koffie en de thee hebben gedaan zetten ze een omlijnd plan op
papier en dienen dat in bij Nadine die er haar goedkeuring op moet geven.
- Maar Nadine neemt het aan en legt het zonder te kijken in haar postbakje IN.
- Britt; Maar we willen graag antwoord of het goed is zodat we er mee aan het
werk kunnen.
- Nadine; Zeg Britt, hoe laat is het eigenlijk?
- Britt; Tien over half een.
- Nadine; Dus?
- Tony: We hebben vrij. Heerlijk. Ik ben weg. Tot morgen.
- Britt; Wacht, niet zo snel .
- Nadine; Moet ik je op je eerste werkdag al naar huis toe sturen mevrouw
Michiels?
- Britt; Ik ga al. Ik was de tijd vergeten.
- Die middag komt Sam Lotte bij Britt brengen zodat Tony en Britt een middagje
met haar samen hebben.
- Tony voelt zich erg onthand met de situatie. Britt ziet dat ze heel erg
worstelt met haar gevoelens.
- Baitt; Gaat het wel Tony of vind je het te eng?
- Tony: Ik weet dat ik van haar moet houden, maar ik kan het niet. Ik voel
niets voor haar.
- Britt; Hoe komt dat dan Tony? Jullie hebben toen toch niet alleen maar
gevreeën om de seks wel? Jullie wilden, of in elk geval JIJ wilde een kindje?
- Tony: Ja, dat wilde ik ook, maar sinds ze er is is alles mis gegaan met mij
en met mijn leven. Ik ben gewoon niet voor het moederschap geboren.
- Britt; Dat gaat wel komen Tony. Als jij straks weer wat lekkerder in je vel
zit.
- Tony: Wil jij vanmiddag op haar passen? Ik denk dat ik naar huis ga. Ik voel
me niet zo lekker.
- Britt; Ik denk dat je jezelf en ook Lotte daar geen goeds mee doet. Je kunt
toch proberen om met haar wat te spelen?
- Tony: Dat kind is vier maanden! Wat valt daar nou mee te spelen?
- Britt; Je kunt lekker met haar knuffelen, en liedjes zingen, en je kunt haar
haar flesje geven.
- Maar Britt ziet al dat Tony stijf staat van de zenuwen, en op het punt staat
om in elkaar te klappen.
- Britt; Ga even op het logeerbed liggen Tony. Je ziet zo wit. Ik wil niet dat
je gaat flauwvallen.
- En Tony legt zich neer en valt in een rusteloze en angstige slaap. Britt zit
een poosje met Lotte te spelen en krijgt lieve lachjes van de kleine meid
terug.
- Als het drie uur is moet Lotte een flesje hebben en loopt ze met het meiske
op haar arm en het flesje in haar hand naar de logeerkamer en gaat in een
gemakkelijke stoel zitten om de voeding te geven.
- Dan ziet ze dat Tony weer wakkerder wordt.
- Britt; Tony, je dochter wil graag gevoed worden.
- Tony: Doe jij maar.
- Britt; Ik zou graag kijken hoe jij het doet. Ik vind het zo mooi om te zien
hoe een moeder met haar kindje bezig is.
- Tony: Maar ik kan het niet.
- Britt; Schuif dat kussen eens in je rug, en dan leg ik Lotte in je armen en
blijf heel dicht bij je zitten. Als het echt niet gaat neem ik het weer van je
over.
- Heel nerveus probeert Tony of Lotte de speen in haar mondje wil nemen, maar
Lotte reageert heel sterk op Tony's onrust.
- Britt: Rustig maar Tony, het gaat wel goed komen. Wrijf haar even over haar
wangetje en praat zachte woordjes met haar.
- De toon in Britt's stem maakt zowel Lotte als Tony een stuk rustiger en
tevreden begint Lotte haar flesje te drinken. Nu ziet Britt ook bij Tony een
voorzichtige lach op het gezicht komen.
- Britt; Zie je wel, dat het wel gaat?
- Tony: Dat komt door jou.
- Britt; Nee, jij hebt haar in je armen en ze voelt dat je om haar geeft en
voor haar wilt zorgen.
- Na het flesje laat Tony haar een boertje doen en ligt dan nog even te spelen
met haar. Het ziet er zo goed uit dat Britt het waagt om heel even weg te
lopen naar de badkamer en Tony het niet eens in de gaten heeft.
- Als Johan om vijf uur thuis komt ziet hij ook dat Britt en Tony nog steeds
gezellig met de kleine meid aan het keuvelen zijn en hij vraagt zich af of
Britt niet ook nog een kindje wil, met hem.
- Sam komt Lotte om zes uur weer halen en merkt aan haar dat ze een rustige en
goede middag heeft gehad.
- Sam: Bedankt Britt dat je Tony zo geholpen hebt. En Tony, ook heel erg
bedankt dat je zo voor ons meisje hebt gezorgd. Bel je als ik haar weer kan
brengen?
- Tony: Oké Sam, ik zal je bellen.
- Als Sam en Lotte weer weg zijn ziet Britt dat Tony heel verdrietig is
geworden.
- Britt; Hey meid. Wat krijgen we nou?
- Tony: Het doet zo'n pijn hier (en ze wijst op haar hart)
- Britt; Je mist haar echt hč?
- Tony: Ja.
- Britt; Ik weet hoe het voelt als je iemand mist die je dierbaar is.
- Tony: Zal ik ooit een goede moeder kunnen zijn voor haar?
- Britt; Dat weet ik wel heel zeker.
-
-
- Zo gaan de dagen over in weken. Britt en Tony hebben een lijst gemaakt van
de basisscholen en het algemeen voortgezet onderwijs in Gent en lopen elke dag
op twee scholen hun "preventielessen" te geven.
- En Britt had de weddenschap gewonnen want inderdaad bleken de scholieren aan
hun lippen te hangen, gevangen in opperste bewondering voor de politie en voor
Britt en Tony.
- Tony gaat het steeds beter af om met Lotte om te gaan en haar eigen therapie
gaat ook heel goed. Ze loopt ondertussen weer redelijk goed, alleen nog met
een kniebandage maar gelukkig nu zonder krukken.
- Britt heeft geen herbelevingen meer gehad en haar relatie met Johan is
tiptop.
- Haar kaakfixatie mag er over drie weken uit en dan zal ze een gewoon plaatje
krijgen wat ze alleen nog maar 's nachts hoeft te dragen.
- Nadine is zeer tevreden met het herstel van haar inspecteurs, maar bovenal
ook met alle lofuitingen die binnen komen nadat Britt en Tony de scholen
hebben bezocht.
- Op een donderdag als ze net terug komen van de laatste school op hun
programma krijgt Tony telefoon .
- Het is Sam: Lotte was plotseling ziek geworden en werd naar het ziekenhuis
gebracht, of zij ook zo snel mogelijk wilde komen.
- Britt ziet het geschrokken gezicht van Tony en vraagt wat er is.
- Tony: Lotte. Sam. Ze is ziek. Ik moet naar het ziekenhuis.
- Britt; Ik ga met je mee Tony, en ik rijd.
- In het ziekenhuis moeten ze zoeken waar Sam en Lotte zijn. Niet meer op de
eerste hulp en ook niet op de kinderafdeling.
- Ze hebben Lotte meegenomen naar een afdeling voor volwassenen. Ze had ineens
hoge koortsen gekregen en was gaan stuipen.
- Ze braakte en verloor heel veel vocht waardoor ze dreigde uit te drogen.
- Aan alle kanten zaten artsen aan het kleine lichaampje te trekken en te
doen. Ze had een infuusje gekregen en haar armpjes werden gespalkt om te
voorkomen dat ze in haar onrust het infuus zou beschadigen.
- Een laborant stond nu bloed te prikken en Lotte huilde erbarmelijk. Tony
ging bijna onderuit toen ze dat hoorde.
- Sam zag haar en nam haar in zijn armen. Ofwel hun relatie nog niet weer
hersteld was had hij toch voldoende feeling met Tony om te begrijpen dat het
haar heel erg trof dat hun meisje daar zo ziek lag te zijn.
- Bange uren van wachten op nieuws braken aan.
- Britt belde naar Johan om te vertellen dat ze niet wist hoe laat ze thuis
zou komen.
- Johan: Geen overuren!
- Britt; Nee Johan. Lotte is hele ziek. Ik ben met Tony op het ziekenhuis.
- Johan: Wat mankeert haar ? (Nu ook heel bezorgd)
- Britt; Dat weten ze nog niet. We wachten op uitslagen.
- Johan: Hou je haaks Britt, en als het niet gaat moet je me bellen en dan kom
ik bij je,.
- Britt; Bedankt Johan. Ik ga weer naar Tony.
- Johan: Wens Tony en Sam veel sterkte van mij.
- Als Britt terug komt op de kamer ziet ze dat Tony eindelijk is gaan zitten.
Ze zag er moe en afgepeigerd uit. Deze middag had haar meer gekost aan energie
dan heel de campagne die ze op de scholen hadden gevoerd.
- Britt legt een hand bij Tony op haar schouder en zegt haar dat Johan heel
erg met hun meeleeft.
- Ineens begint Lotte weer convulsies te krijgen en ze huilt met een schril
oorverdovend stemmetje en Tony kan het haast niet meer aanhoren. Ze duwt haar
handen voor haar eigen oren en begint te roepen dat het op moet houden, dat de
dokters met uitslagen moeten komen en haar dochtertje beter moeten maken.
- Dan begint het alarm ook nog te piepen en krijgt Lotte een ademstilstand.
- Van overal komen nu artsen en verpleegkundigen aanrennen en zetten een
reanimatie in gang en Tony, Sam en Britt worden buiten de kamer gebracht.
- Tony wil niet, maar Sam neemt haar in zijn armen en probeert haar te
overtuigen dat de artsen alles zullen doen wat ze kunnen en moeten doen, maar
dat ze wel de ruimte nodig hebben.
- Na een dikke twintig minuten komt de hoofdonderhandelaar weer naar buiten en
loopt rechtstreeks op Sam af en wil hem even alleen spreken.
- Tony: Nee, het is ONS kindje. Ik wil er ook bij zijn, en mijn vriendin mag
het ook weten.
- Arts; Het spijt me heel erg voor jullie maar we hebben haar niet kunnen
redden. Haar hartje kon het niet aan. Het is gestopt met kloppen om vijf
minuten voor half vijf.
- Tony kijkt met grote ogen naar de arts en dan naar Sam en dan naar Britt.
- Het lijkt niet helemaal tot haar door te dringen.
- Tony: Wanneer mogen we weer bij haar? Gaat ze beter worden?
- Sam: Tony, Lotte is dood. Ze leeft niet meer. Haar hartje .... (nu ook
huilend)
- Tony: NEE!!!!
- Britt heeft haar ogen ook niet meer droog. Ze loopt naar Tony toe en legt
ook haar armen om haar heen.
- Dan zakt Tony in elkaar. Ze was volledig bevangen door haar emoties.
- Snel legt Sam haar op de grond met haar benen wat omhoog.
- Een zuster komt er ook al bij en nu zitten ze om Tony heen tot die weer
bijkomt.
- Tony: Is het echt waar? Is onze Lotte....? Is ze niet meer? (en daar huilt
ze ook weer heen)
- Sam: We mogen wel naar haar toe. Ze ligt nu heel rustig in het bed. We
kunnen nog afscheid van haar nemen. Je mag haar ook wel aanraken als je dat
wilt.
- Met behulp van Britt en Sam staat Tony op en loopt aan Sam's arm de kamer in
en krijgt het weer te kwaad als ze het kleine meiske daar in het grote bed
ziet liggen.
- De slangetjes waren al verwijderd, het infuusje was uit en ze hadden het
gezichtje even afgenomen met een doek zodat het er weer fris en schoon uitzag.
- Britt schuift een stoel bij voor Tony die er op gaat zitten en dan Lotte's
koude en levenloze handje pakt en tegen haar kleine meisje begint te praten.
- Tony: Lieve Lotte. Wat is er nu gebeurt? Je was ineens zo maar ziek. En de
dokters hebben zo hun best gedaan. Waarom ga je bij ons vandaan? Ik kan niet
zonder je. Ik je mis je nu al heel erg. Mama wil graag dat je weer terug komt,
kom weer bij me.
- Tony's verdriet gaat Britt door merg en been. Zelf staat ze nu ook hardop te
huilen en net dan komt Johan binnen. Hij was gealarmeerd geraakt door de toon
van Britt's stem en had na een half uurtje twijfelen toch besloten om ook maar
naar het ziekenhuis te gaan en trof nu een heel verdrietig groepje mensen aan,
rondom het bed met daarin een heel kleine kindje, dat zojuist gestorven was.
Johan nam snel zijn Britt in zijn armen en probeerde haar te troosten. Ook
Johan was zeer getroffen door dit verdriet.
- Met Britt nog in zijn armen, geeft hij Sam een hand en betuigt hem zijn
medeleven.
- Dan loopt hij op Tony toe en laat Britt even los om ook Tony te omhelzen en
haar zijn innige medeleven te wensen.
- Tony: (in- en inverdrietig, en nog steeds huilend) Ze is dood Johan. Mijn
kindje is dood. Net nu ik weer begon wat voor haar te voelen. Ik was net op
het punt dat ik een keuze zou gaan maken tussen mijn werk of de zorg voor
Lotte. En nu is ze weg. Zomaar.
- Britt slaat haar armen om Tony heen en samen huilen ze een partijtje.
- Johan en Sam lopen naar de gang en praten over wat er geregeld moet gaan
worden en of Johan hem ergens bij kan helpen.
- Binnen zitten Tony en Britt beiden aan een kant van Lotte op het bed en
houden het kleine babyhandje zachtjes in hun handen. Tony streelt Lotte eens
over haar mooie donkere haartjes,.
- Britt; Precies jou haren Tony. Precies jou gezichtje.
- Tony: Maar ze is weg en ik wil haar niet kwijt.
- Dan loopt Britt weer om het bed en neemt Tony weer in haar armen.
- Tony: Mag ik haar vasthouden?
- Britt; Het is jou kindje. Jij mag haar gerust vasthouden als jij dat wilt.
- Tony: Maar ik durf haar niet op te nemen.
- Britt; Wil ik haar aan je geven als jij even gaat zitten?
- Tony: Zou je dat willen doen Britt??
- En Britt pakt heel voorzichtig en heel zorgzaam de kleine Lotte uit het
grote bed, wikkelt haar nog in een omslagdoek en legt haar dan bij Tony in
haar armen die het meteen heel dicht tegen zich aan houd en verder huilt.
Britt zit op de leuning van de stoel dicht naast Tony.
- Na een tijdje komen Johan en Sam weer binnen. Sam kijkt verdrietig en wat
verlegen naar Tony en vraagt of ze afscheid heeft genomen en of ze weg zullen
gaan om thuis te gaan slapen en dan morgen weer bij elkaar komen om de
begrafenis te regelen.
- Tony kijkt hem niet begrijpend aan.
- Britt heeft haar hand op die van Tony gelegd zodat Tony weet dat ze er voor
haar is.
- Tony: Ik kan geen afscheid nemen. Ik wil haar niet kwijt Sam.
- Sam; De zusters zullen haar verzorgen en opbaren. Dan kun je morgen weer bij
haar gaan kijken .
- Tony: Mag ze niet mee naar huis?
- Sam; Nee, de artsen willen straks nog wat onderzoeken want ze snappen ook
niet dat het zo snel heeft kunne gaan.
- Tony: Er word niet aan Lotte gesneden.
- Sam; Maar ze moeten toch een doodsoorzaak weten?
- Tony: Mijn kleine meisje..
- Britt; Als jij dat niet wilt Tony, dan hoeft dat niet, maar misschien is het
goed te weten wat er was en dat de artsen echt alles hebben gedaan wat ze
konden om haar te helpen.
- Tony: Maar ik ben zo bang dat ze haar pijn gaan doen.
- Johan: Tony, ze zullen Lotte respectvol gaan behandelen.
- Tony: Ziet ze er dan niet heel raar uit als ze gedaan hebben?
- Sam; Ik heb ze gezegd dat ze haar heel netjes moeten laten. Zo is ons
meisje, en zo moeten we haar kunnen herinneren als we voorgoed afscheid van
haar moeten nemen.
- Britt; Je gaat toch niet alleen naar huis Tony? Ik wil graag dat je een paar
daagjes bij ons komt. Tot het allemaal achter de rug is. Ik wil er voor je
zijn en je helpen waar ik kan.
- Tony zegt niets. Ze weet niets te zeggen en ze is gewoon op.
- Johan neemt heel voorzichtig Lotte van haar over en legt haar weer in het
bed. Dan buigt hij naar Tony toe om haar overeind te helpen. Het doet Britt
pijn om te zien hoe ver Tony en Sam uit elkaar gegroeid zijn, helemaal in deze
situatie.
- Sam neemt afscheid met een koel: sterkte Tony, ik zie je morgen.
- Tony krijgt het niet meer mee. Ze loopt als een gebroken vrouw tussen Britt
en Johan naar hun auto en gaat met hun mee naar huis.
- Daar gaat ze apathisch op de bank zitten. En heel langzaam komt het besef
dat ze Lotte voorgoed kwijt is. Geen kindje meer, geen mama zijn. Weg. Over.
Voorbij, nog voor ze goed en wel het besef had dat ze moeder was van zo'n mooi
klein mensje.
- Britt laat haar even begaan en informeert haar kinderen over wat er gebeurd
is. Dorien schrikt er heftig van en begint te huilen.
- Britt; Ja, Dorien, nu is Tony ook haar lieve schatje kwijt.
- Dorien: Gaat ze naar papa toe, naar de engeltjes?
- Britt; Ja, die gaan elkaar zien bij de engeltjes.
- Dorien; Mag ik even naar Tony toegaan?
- Britt; Jawel, ga maar even.
- Zachtjes loopt Dorien naar Tony toe en kruipt heel dicht tegen haar aan en
legt haar armpjes om Tony's nek.
- Dorien: Ik vind het heel erg voor je Tony dat Lotte er niet meer is. Maar
mama zegt dat ze net als papa bij de engeltjes is. En daar is het heel lief en
rustig, en daar wacht ze tot jij ook komt. Net als papa wacht tot mama en ik
komen. Maar dat duurt nog wel even hoor.
- Er breekt een voorzichtige lach door op Tony's gezicht.
- Dorien: Ik vind jou heel lief, en ik vind het jammer dat je geen mama meer
bent, maar je bent wel ook een beetje mijn mama hoor.
- Britt bekijkt dit tafereeltje met tranen in haar ogen. Johan komt achter
haar staan en legt langs achter zijn armen om haar middel en trekt haar tegen
zich aan en legt zijn hoofd in haar nek.
- Johan; Ze heeft het er heel moeilijk mee, maar ze doet het heel goed op
Dorien. Die dochter van jou kan er wat van.
- Britt: Die heeft zelf al zo veel moeten missen. Die weet hoe het voelt om
een geliefd iemand kwijt te zijn. En bovendien kunnen Tony en Dorien heel goed
met elkaar
- Johan: Laten we er nu vooral voor Tony zijn. Vond je niet dat Sam erg
afstandelijk was?
- Britt: Ja, en Tony heeft hem zo nodig.
- Die nacht, en de daarop volgende dagen hebben Britt en Tony, en ook de
anderen om hun heen, het heen moeilijk met het verlies van Lotte.
- Tony jankt er heel wat af, maar weet zich gelukkig gesteund door Britt en
Johan. Met Sam werkt ze op zakelijk niveau de zaken af en op de dinsdag vind
de begrafenis plaats waar, ondanks het korte leventje wat Lotte had gehad,
toch nog behoorlijk wat mensen waren gekomen. Tony ontleende hier zo'n steun
aan, dat ze na de koffietafel besloot om toch maar weer terug te gaan naar
haar eigen boot.
- Britt vroeg wel of ze alsjeblieft wilde bellen als ze het er moeilijk mee
had. Als ze niet wilde komen hoefde dat niet, maar gewoon even een praatje
maken zou al veel kunnen helpen.
- Op de boot sloeg Tony de angst weer om het hart. Helemaal alleen, en ze
moest het kamertje van Lotte ook nog uitruimen. Huilend ging ze in de zetel
zitten die ze gebruikte om Lotte te voeden en weer kwamen haar tranen boven.
Ze had geen kracht meer, en ook geen behoefte om zich sterk te voelen en ze
liet haar verdriet gewoon zijn gang gaan.
- Na twee dagen was ze door haar tranen heen en begon ze dan toch maar om de
spulletjes van haar kleine meisje op te ruimen. Heel vaak moest ze gaan zitten
om dat het verdriet te sterk was, maar al met al slaagde ze er toch in om weer
een beetje de draad op te pakken. Toen ze het om vier uur gehad had, belde ze
naar het commissariaat naar Britt.
- Britt; Michiels, politie Gent. Waarmee kan ik u van dienst zijn?
- Tony: 't Is ik, Tony.
- Britt; Amai, Tony. Hoe gaat het? Lukt het je een beetje? Wil ik bij je
komen?
- Tony: Ik wilde eigenlijk vragen of ik bij jullie mag komen. Ik ben bezig
geweest met Lotte's kamertje en nu ben ik helemaal op.
- Britt; Tuurlijk mag je komen. Ik stop vandaag vroeg met werken en kom je op
halen. Oké?
- Tony: Dank je Britt, voor je steun.
- Britt; Hey, dat doe ik toch gewoon voor jou?
- Als Britt bij de boot komt ziet ze dat Tony echt helemaal op is.
- Britt; Lukt het nog Tony, kun je het nog volhouden?
- Tony: Ik voel me zo alleen en verlaten Britt. Ik heb echt weer de neiging om
me te gaan bezatten. Ik wil me niet meer zo voelen.
- Britt; Kom eens Tony. (en ze slaat haar armen om Tony heen) Je weet toch dat
dat niet zal helpen? Je mag je verdrietig voelen. Jij bent net je kindje
verloren. Het is heel natuurlijk als je je daar ellendig om voelt.
- Tony: (huilend) Maar ik wil het niet meer voelen het doet zo'n pijn.
- Britt; Ik weet het Tony, ik weet dat het pijn doet.
- Tony: Sorry, dat ik jou er mee opzadel, maar ik kan het niet meer alleen.
- Britt; Ik vind het heel goed dat je dat inziet en dat ook aangeeft. Kom, pak
wat spulletjes en ga een paar daagjes met mij mee. En als je er even uit wilt
dan kunnen we ook nog even naar het huisje van mijn moeder gaan.
- Tony: Echt? Zou dat mogen?
- Britt; Mama zal blij zijn als ze weer een paar daagjes bezoek krijgt.
- Tony: Is dat niet lastig dan voor haar? En voor jou?
- Britt; Welnee. We gaan eerst naar mijn huis, dan zal ik met Johan wat
regelen en Nadine zal ook wel goed vinden dat we een paar daagjes weg gaan.
Dan eten we nog thuis en bellen mijn moeder en dan gaan we morgen naar haar
toe. Wat zeg je? Zullen we dat gaan doen?
- Tony: Jij bent oké Britt. Ik kan me geen betere vriendin voorstellen dan
jij .
- Britt; Heb je nog van Sam gehoord?
- Tony: Toen ik gisteren naar de stad moest voor wat papier werk zag ik hem
lopen maar hij zag mij niet. Hij had een andere vrouw bij zich. (verslagen)
- Brit; Geef je nog om hem?
- Tony: Ik weet het niet. Ik weet het echt niet, maar hij leek zo ver weg in
dat hele gebeuren met Lotte. Ik had het gevoel dat ik er alleen voor stond.
- Britt; Kom, dan gaan we.
- Tony: Wil jij even meegaan naar Lotte haar kamertje?
- Daar ziet Britt dat Tony al behoorlijk is opgeschoten met het opruimen. Er
liggen nog een paar hele mooie kleertjes op de commode die Tony niet weg had
kunnen doen.
- Tony: Ik kon die niet weggooien Britt, echt niet.
- Britt; Maar dat hoeft ook helemaal niet. Alles op zijn tijd. Als je er aan
toe bent weet je wel wat je er mee aan moet. Nu hoeft dat nog niet. Het is
minder dan een week geleden dat ze is gestorven. Dit moet je niet overhaasten.
Gun je er zelf gewoon de tijd voor.
- Met een trieste blik kijkt Tony nog eens de kamer in voordat ze vertrekken.
- Johan heeft alle begrip voor de situatie en zegt dat hij zich wel zal redden
met de kinderen voor een paar dagen.
- Britt; Dan ga ik even mijn moeder bellen dat we komen.
- Dus vertrekken Britt en Tony voor een paar dagen naar zee.
- Tony kan daar eindelijk wat tot rust komen. Ze was zelf aan zee opgegroeid
en kon zich daar prima vermaken. Ze liep hele einden langs het strand, soms
alleen, soms met Britt samen. Maar ze sprak de eerste dagen nog niet veel.
Alles speelde zich nog in haar hoofd af.
- Maar op de derde dag begon ze te praten en het leek wel of iemand de
sluisdeuren open had gezet want ze hield niet meer op met praten. Eindelijk
kwam al haar verdriet en al haar angst eruit. En ook kwam ze tot het inzicht
dat ze niet een slechte moeder was geweest voor Lotte, maar dat door een
samenloop van omstandigheden ze er een poosje gewoon niet voor haar had kunnen
zijn.
- Ze had zielsveel van Lotte gehouden, maar haar eigen angsten, vooral als ze
dacht aan haar eigen jeugd, hadden haar belet dat te uitten. Maar nu was het
daar te laat voor, vond ze.
- Britt; Het is nooit te laat Tony. Als jij wilt zeggen dat je van haar houd
en om haar geeft, kan je dat altijd doen. Je moet eens weten hoe vaak ik nog
tegen Mark praat.
- En toen keek ook José haar even vragend aan.
- Britt; Ja, mam, ook al ben ik zielsgelukkig met Johan, ik mis Mark best nog
wel. Wat wij hadden kan Johan niet veranderen, maar ik weet dat Mark nu op een
goede plaats is, en dat ik door moet gaan met mijn leven.
- Dan pinkt ze ook een klein traantje weg en van beide kanten wordt ze
omhelst: en door haar moeder en door Tony.
- Tony: Britt, dat wist ik niet van jou en Mark.
- Britt; Dat is ook heel persoonlijk Tony, maar jij mag het wel weten. Jou
durf ik dat wel te vertellen.
- Tony: En Johan dan?
- Britt; Die weet het ook. Die voelt dat gewoon aan. En hij laat mij in mijn
waarde. Ik hoef me niet anders voor te doen dan ik ben en dat geeft me gewoon
heel veel steun.
- Tony: Britt, jij bent de beste. Gewoon: de beste.
- Britt; Dank je Tony, maar jij bent minstens net zo goed.
- Tony: Zal ik het ook halen dan? Met wat steun en hulp van jullie?
- José: Vast wel Tony. Ik heb nu al wel het een en ander van je gehoord en
met je meegemaakt, ook jij redt het wel. Daar ben ik zeker van.
- Tony: Dank je José. Ik had dat net even nodig, dat iemand mij erop wijst
dat ik het kan. Dank jullie allebei.
- Na een dag of vier besluiten Britt en Tony om terug te gaan naar Gent en
Tony wil ook graag weer aan het werk, voor halve dagen, is haar eigen voorstel
en Nadine gaat ermee akkoord.
- Langzaam neemt het leven weer zijn normale loop en Britt en Tony pakken de
draad van hun werk en hun leven weer op.
- Terugkijkend op de afgelopen twee en een halve maand moetje Britt en Tony
concluderen dat het heel intensieve, maar ook hele bange, angstige en
gevaarlijke maanden waren geweest. Beiden hadden ze op het scherp van de snede
geleefd: Britt met haar ontvoering en de ontbering aan welke ze bloot was
komen te staan, en Tony die zich heel schuldig had gevoeld over de situatie
met Britt en daar zo in op was gegaan dat ze te weinig voor haar dochtertje
had kunnen zorgen, en uiteindelijk ook nog haar dochtertje had verloren.
- Gemangeld maar gelouterd waren ze uit de strijd gekomen. Hun vertrouwen in
elkaar was voorgoed bezegeld.
-
- E I N D E
-
-
- De flikken rukken uit
|