TONY WAT MAAK JE ME NU?

Tony had weer eens zo'n dag dat alles en iedereen (volgens haar eigen zeggen) haar tegen zat te werken.
Britt: Tony, moet ik heel de dag tegen zo'n gezicht aankijken?
Tony: Dan ga je toch mooi je eigen gang. Ik heb je niet nodig vandaag.
Britt: Maar Tony wat scheelt U? U doet zo kort aan vandaag.
Tony: Gaat je niks aan. Moei je eigen zaken.
Britt: Nee, madam. Wij werken als koppel en om goed te kunnen samen werken moet ik weten wat er met mijn partner aan de hand is.
Maar dan ineens wordt Tony zo kwaad dat ze haar koffiebeker pakt en die naar Britt gooit die hem precies op haar voorhoofd krijgt, vlak boven haar wenkbrauw.
Het gaat zo snel dat Britt geen kans heeft om hem te ontwijken en met een harde knal krijgt ze de beker in haar gezicht, die in stukken op de grond valt.
Britt gilt een keer, grijpt haar voorhoofd en valt ter plaatse flauw als ze het bloed langs haar hand ziet stromen.
Tony lijkt zich niet bewust van wat ze gedaan heeft, grijpt haar jas en vliegt het commissariaat uit.
Op weg naar buiten komt ze Pasmans tegen die ze haastig voorbij loopt. Pasmans kijkt haar achterna
Pasmans : Mah wa heeft die ??
Langzaam loopt hij verder naar het team kot. Daar ziet hij Britt liggen
Pasmans : Britt ???! Raymond!!!
Raymond komt aanlopen
Raymond : Ja ja,  wat…....
Met een schrik knielt hij naast Britt neer
Raymond : Ja sta daar niet zo Pasmans, bel den ambulance!!.
Pasmans: Wat is er hier gebeurt?
Raymond: Later, eerst bellen, hup.
Nadine is inmiddels ook toegekomen
Nadine; Wel, wat krijgen we nu? Wat is er met Britt?
Raymond: Tegen een koffiebeker aangelopen.
Langzaam komt Britt weer bij maar ze voelt zich heel zwak en misselijk.
Britt; Wat is er gebeurt?
Raymond; Weet je dat niet meer Britt?
Britt: Nee, ik voelde iets, zag het bloed en toen ........... (en weer zakt ze weg)
De ambulance is snel aanwezig. Ze bezien de wond, reinigen hem en kleven er zwaluwstaartjes op. Carla heeft inmiddels een ijsblaas gebracht en Britt gaat mee naar Nadine's kantoor om wat op verhaal te komen.
Nadine : Britt wat is er gebeurt??
Britt : Ik ik .. ik weet het niet meer
Nadine : Waar is Tony eigenlijk naartoe??
Britt : Tony?? Shit.
Nadine : Wat??
Britt : Er was iets met Tony en toen ging ze weg en……
Britt wil opstaan
Nadine : How how, waar ga jij heen??
Britt : Naar Tony …. Ik moet naar haar toe..
Nadine : Jij gaat helemaal nergens naartoe.  Kom ik breng je naar huis
Britt : Nee, ik moet ….
Nadine : Kom!
Nadine neemt Britt bij haar arm en brengt haar met de auto naar huis.
Daar aangekomen is Johan er ook weer, want die was zijn agenda vergeten.
Johan: Britt? Nadine? Wat is er? Waarom zijn jullie hier?
Nadine; Britt heeft ruzie gehad met een koffiebeker. Glip in haar hoofd en wat hoofdpijn. Ze wil naar Tony, maar ik denk dat ze vandaag beter thuis kan blijven en goed kan gaan rusten.
Johan: Gaat het Britt? Je ziet helemaal wit om je neus.
En met dat hij dat zegt sprint ze naar de badkamer en begint te kotsen.
Johan is er achteraan gelopen en reikt Britt een handdoek aan om haar gezicht wat af te doen.
Johan: Kom, Britt, ga lekker in bed en ga maar slapen. Als je wilt kon ik direct weer terug als ik deze spullen op kantoor heb gebracht.
Britt: Nee, ga jij maar werken. Iemand moet hier de kost verdienen.
Nadine: Britt, wil ik nog even bij je blijven?
Britt: Ik kruip mijn bed in.
Nadine; Bel je me als er iets is?
Britt; Doe ik. Bedankt dat je me hebt thuisgebracht.
En Britt kruipt inderdaad gelijk het bed in terwijl Nadine Johan nog even inlicht dat het erop lijkt dat Tony ruzie aan het maken is geweest met Britt.
Johan: Die twee? Ruzie? Dat bestaat niet.
Nadine: Nochtans heeft Tony haar een koffiebeker tegen het hoofd gegooid.
Johan: Amai, dan zal ik beter toch maar weer gelijk naar huis komen. Ik wil niet dat ze straks wakker wordt en op zoek gaat naar Tony. Bedankt dat je haar hebt teruggebracht.
Nadine : Geen dank
Nadine stapt in haar auto en rijdt weg overdenkend  wat er nou gebeurt zou kunnen zijn
Johan gaat terug naar boven
Johan : Brittje??
Britt : Ja ..
Johan : Wat is er nu gebeurt?
Britt : Gewoon een stom ongelukje.
Dan komt Dorien binnen samen met Simon
Dorien : Huh .. mam bent ge thuis??
Johan : Britt heeft een ongelukje gehad op haar werk
Dorien : Ah! Erg?
Britt : Nee nee, ik ga morgen weer werken
Johan: Dat zullen we nog wel eens zien dan. Eerst rusten nu.
Britt: Johan, zou jij Tony willen bellen voor mij? Ik weet niet wat er met haar is, maar het leek me niet goed.
Johan: Na wat zij gedaan heeft? Ik denk er niet over. Laat zij maar bellen, of anderszins met haar excuses komen. Jij gaat er nu eens niet achteraan. Laat het initiatief bij haar.
Britt: Dan ga ik zelf wel.
En ze slaat de dekens terug om uit bed te gaan, maar krijgt gelijk weer last van draaiingen.
Johan: Dus, in bed blijven.
Zuchtend laat Britt zich weer in bed zakken en draait zich op haar zijde zodat ze Johan niet hoeft aan te kijken en langzaam vullen haar ogen zich met tranen.
Johan is al naar de kamer gelopen en zit met de kinderen wat te praten over hoe school was.
Dorien: Wat gek dat Tony zo doet. Mama en Tony zijn toch hele goede vriendinnen? Die maken toch geen ruzie?
Johan: Ik weet niet wat er is gebeurt maar dat horen we nog wel. Wat zeggen jullie ervan: eerst vlot het huiswerk maken en dan vanavond lekker voor de TV?
Simon: Yes !! Terminator is erop.
Johan: Ik denk dat we vandaag al genoeg geweld hebben gezien. Zoek maar wat anders uit om naar te kijken.
Terwijl de kinderen hun huiswerk doen, begint Johan met koken.
Het is een favoriete hobby van hem, en zelfs met het weinige dat Britt over het algemeen in haar keukenkastjes heeft staan kan hij iets fantastisch op tafel toveren.
Tegen zes uur wordt er gegeten en Britt is in haar pyjama ook aan tafel gekomen. Het eten smaakt haar echter niet. Ze is ver weg met haar gedachten.
Johan: Nog hoofdpijn? Of ben je misselijk? Je hebt toch geen hersenschudding?
Britt; Nee, gewoon niet veel trek. Heeft Tony al gebeld?
Johan: Leer je het nu nooit Britt? Zij heeft jou aangevallen, het is haar beurt om bij jou te komen om excuses te maken.
Britt: Maar Johan, er was iets ..
Johan: Basta ! En nu geen woord meer over Tony. Ik ben het beu. Steeds maar weer haar beschermen. Ben je soms vergeten wat ze je heeft aangedaan? (erg boos nu)
Britt kijkt hem even verbaasd aan, schuift dan haar stoel weg en rent terug naar de slaapkamer waar ze huilend op bed valt.
Dorien staat op en gaat haar moeder achterna
Dorien : Mama ??
Britt : Ja schat
Dorien : Als ge naar Tony wilt dan gaat ge toch gewoon of moet ik haar even bellen??
Britt : Ik ga wel naar haar toe schat
Britt staat op en loopt naar de badkamer.
Een paar minuten later verschijnt ze aangekleed en wel in de kamer.
Johan : Britt??  Waar ga je heen ?
Britt : Naar Tony, en hou me niet tegen!!
Britt loopt naar de deur en slaat die hard achter  zich dicht
Ze loopt de trap af en stapt in de auto op weg naar Tony
Maar uiteraard is Tony niet thuis. Die was zelf ook met een kwaaie kop weggelopen. In pure wanhoop begint Britt door de stad te rijden op zoek naar Tony of haar auto. Na meer dan twee uur rijden heeft ze haar nog steeds niet gevonden.
Met zeer veel tegenzin rijd ze weer naar huis waar een onrustige en wat aangeslagen Johan op de bank op haar zit te wachten.
Zonder wat te zeggen komt Britt weer binnen en gooit haar jas over een stoel, smijt de sleutels op tafel en wil naar de slaapkamer lopen.
Johan: Britt ....?
Britt; Nu niet Johan. Ik kon Tony niet vinden. Als ik haar weer heb gevonden, dan misschien.
Johan; Ze is gevonden Britt.
Britt: Hoe bedoel je: Ze is gevonden??
Johan staat op en loopt op Britt toe en neemt haar stevig in de armen.
Britt merkt dat er iets erg gaat komen en word al zwak op haar benen. Johan houd haar stevig tegen zich aangedrukt.
Johan; Ze heeft een ernstige zelfmoordpoging gedaan. Ze is vanaf de brug in de Ringvaart gesprongen. Het was een toeval dat die schipper dat zag. Hij heeft direct alarm geslagen en ze zijn gaan zoeken. Ze waren eerst bang dat ze in de scheepsschroef was gekomen maar na meer dan een uur zoeken hebben de duikers van de brandweer haar gevonden.
Britt: NEEEEEEEEEEEEEE !!!!!!!!!!!!!!! (en dan klapt ze in elkaar, in Johan's armen)
Johan neemt haar op en legt haar op de bank. In de keuken pakt hij een koude doek en begint Britt door het gezicht te strijken in de hoop dat ze weer bijkomt. Net als ze een beetje begint te kreunen gaat de telefoon.
Verschrikt neemt Johan op. Het was Nadine die vanuit het ziekenhuis belde. Het ging helemaal niet goed met Tony. Of Britt er al was, en of ze dan samen naar het ziekenhuis wilden komen.
Johan schud Britt nog eens bij haar schouders.
Britt kijkt nu wezenloos voor zich uit.
Johan: Britt, ze is in het ziekenhuis. Nadine belde of we wilden komen.
Britt: Is ze ......? Johan, is ze dood?
Johan; Nee, maar het gaat slecht. Heel slecht.
Britt; Waarom ben ik niet eerder naar haar gaan zoeken. Ik zei toch dat er iets niet goed was met haar?
Johan; Het spijt me dat ik je heb tegengehouden, maar na wat ze je had aangedaan was ik echt even van slag.
Birtt: (in een automatisme) Breng me maar naar het ziekenhuis.

Daar aangekomen staat ook Nadine, en de rest van het team, met betraande ogen in de gang te wachten op de berichten die gaan komen.
Britt heeft het echt niet meer, en weeral valt ze flauw. Een arts komt snel toe en houd een amoniakstift onder haar neus. Die geur is zo penetrant dat ze er direct van bijkomt, maar ze voelt zich zo ziek als een kat. Kokhalzend gaat ze weer overeind zitten.
Nadine staat bij haar en houd haar hand vast.
Nadine: Gaat het Britt? Wat is er toch met Tony aan de hand? Zoiets had toch geen mens zich bij haar kunnen indenken?
Britt: En ik heb niets aan haar gemerkt. Wat een slechte partner ben ik toch. Ik hoop echt dat ze het gaat halen.
Nadine: De artsen vrezen voor haar leven. Het was slechts zeven graden, en dat gore water in de ringvaart was slechts een graad of vier, zeiden de duikers. En dan de slag die ze heeft gemaakt toen ze vanaf die brug in het water kwam.
Britt; Heb je haar al kunnen zien Nadine?
Nadine: Nee, we wachten met zijn allen nog op bericht. De dokter heeft gevraagd of er nog een priester moest komen. En stom hč? Ik weet niet eens of ze gelovig is.
Britt: Heel diep van binnen.  Niet zo zeer het instituut kerk, maar van binnen is ze best gelovig.
Nadine; Dan zal ik een pastoor bellen. Oké?
Dan komt de arts met een bezorgd gezicht naar buiten en Britt gaat bijna weer onderuit.
Arts: Is hier ook directe familie aanwezig?
Britt; Nee. Zeg niet dat ze ...
Arts: Nee, ze is niet dood, maar ze heeft het ook nog lang niet gehaald. Ze is ernstig onderkoeld, heeft vervuild water in de longen gekregen en dan nog die letsels aan haar hoofd en rug. De komende 48 uren zullen heel cruciaal zijn.
Britt; Mag ik haar zien?
Arts: Alleen haar directe familie.
Britt wordt kwaad en springt van de brancard op, waar ze haar na haar flauwte hadden opgelegd, en grijpt de arts bij de kraag.
Britt: Ze is mijn partner. Haar familie maalt niet eens om haar.
Arts: Zou dat de reden van de suďcidepoging kunnen zijn?
Britt; Man, zeur niet en laat me bij haar.
Nadine pakt Britt bij de schouders en probeert haar tot rust te manen, maar heeft weinig succes.
Arts: U twee kunt meekomen, ALS u rustig blijft (op strenge toon)

Binnen op de intensieve vergeet Britt direct dat ze boos is op de arts. Heel voorzichtig loopt ze naar het bed wat de arts heeft aangewezen, en waar Tony ligt.
Haar hoofd is ingepakt in verband; ze draagt een halskraag, er zit een beademingsslang in haar keel en overal lopen infuuslijnen en andere slangetjes, en er staan allemaal machines en apparaten die in de gaten houden hoe het met Tony gaat.
Britt trekt een stoel bij een gaat naast Tony zitten en neemt haar hand op.
Britt; Tony, wat heb je toch gedaan? Waarom heb je niet gezegd dat je problemen had? Je kunt er toch niet zo uitstappen? Er is nog zoveel moois in het leven en dat wilde je allemaal zo maar weggooien?
Uiteraard geen reactie. Britt voelt hoe ijzig koud Tony's hand is en vraagt de zuster of ze nog extra dekens heeft om haar wat warmer toe te dekken.
Verslagen zit Britt erbij. Haar hele energie om ruzie te maken is op slag weg en stilletjes komen haar tranen van intens verdriet omhoog.
Nadine legt een troostende hand op Britt haar schouder.
Nadine; Kom Britt. Vanavond kunnen we hier niet veel doen. De artsen en zusters zullen haar heel goed verzorgen. Wij gaan naar huis en morgen komen we samen terug. Oké?
Britt; Kan ik echt niet blijven?
Arts: Het is beter als u ook naar huis gaat en probeert te rusten. Wij zullen haar heel goed observeren en alles doen om haar te helpen.
Britt; Sorry dat ik net zo uitviel, maar ze is mijn partner en ik werd heel kwaad van de gedachte dat ze, ... dat ze zou kunnen dood gaan.
Arts: Het is goed. Ik begrijp het wel. Maar porbeer ook te begrijpen dat wij haar goed zullen helpen. Als ze bijkomt, dan kunnen we met haar gaan praten en proberen er achter te komen wat haar hier toe heeft aangezet. Maar ga alsjeblieft eerst zelf goed rusten. Ze heeft u blijkbaar nodig.
Britt gaat naar buiten en kijkt nog even om naar Tony
Johan : Kom
In de auto wordt niets meer gezegd. Britt is nog steeds kwaad op Johan.
Thuis aangekomen zit Dorien met tranen in haar ogen op de bank
Britt loopt op haar af en omhelst haar
Britt : Lieve schat toch
Dorien : ‘t is niet eerlijk!!
Britt : Stil maar, het komt goed
Johan staat stil te kijken naar moeder en dochter
Britt kijkt naar Johan en staat op
Britt : Johan .. ik .. ik heb liever dat je naar huis gaat. Ik wil graag met Dorien alleen zijn vanavond
Johan : Oké .. maar als er iets is bel me dan
Britt : Beloofd. Doei.
’s Avonds kruipt Britt bij Dorien in bed
Dorien : Ga je morgen naar Tony??
Britt : Ja .. maar jij gaat naar school oké ??
Dorien : Mama....
Britt : Je kunt daar niets doen Dorien
Dorien : (zucht) Oké.
De volgende dag staat Britt al vroeg in het ziekenhuis.
Britt : Dokter??
Dokter : Ah mevrouw Michiels .
Britt : Hoe hoe ..
Dokter : Ze heeft het gehaald.
Britt : Echt waar!!??
Dokter : Ja .. ze is zelfs alweer bij bewustzijn gekomen.
Britt : Ohh!! Ik zou u zo willen omhelzen.
Dan hoort Britt achter haar een stem die haar naam roept.
Britt kijkt om en ziet Sam staan
Sam : Britt ?? Is het waar dat Tony hier ligt ?
Britt : Ah Sam. Ja wist je dat nog niet dan ??
Sam : We .. we .. hebben ruzie gemaakt ..
Britt haar ogen worden groot en bedenkt dat dat misschien alles verklaard
Britt : Wanneer??
Sam : Eergisteravond
Britt : Wat??
Sam : Ja.  Ik , ik ..
Britt : Godverdomme Sam! Weet je wel wat je haar hebt aangedaan ??
*
Sam: Maar, sorry hoor, die ruzie ging niet over ons hoor.
Britt:  Waar dan wel over? Het moet behoorlijk aan haar hebben gevreten dat ze zulke drastische maatregelen neemt.
Sam: Ze was al een paar weken erg stil, heel kribbig. Als ik wat vroeg of voorstelde snauwde ze me steeds af. Denk je dat ik dat leuk vond?
Britt; Heb je haar geslagen (Heel kwaad)?
Sam: Wat?? Ik haar geslagen? Hoe kom je daarbij?
Britt: Vorige week in de kleedkamer zag ik dat ze allemaal blauwe plekken had op haar armen en haar rug.
Sam: We hebben ruzie gehad. Oké. Maar ik heb haar niet geslagen, Ik zou haar ook nooit slaan, zelfs niet kunnen slaan.
Britt: En waarom is ze dan van die brug af in de Ringvaart gesprongen?
Sam: Ik weet het ook niet Britt.
Britt; Ik wil nu naar haar toe, en ik wil alleen met haar zijn.
 
Tony is inmiddels overgeplaatst naar de afdeling traumatologie.
Ze ligt nog goed ingepakt in verbanden en met infusen aan in bed. Ze heeft hele donkere kringen om haar ogen. In haar gezicht zitten wat krassen en verwondingen. Haar armen zijn bond en blauw. Britt ziet dat ze nog steeds moeite heeft met ademhalen.
Voorzichtig loopt ze naar het bed en wil Tony’s hand pakken, maar die trekt hem verschrikt terug.
Britt; Rustig maar Tony. ’t Is ik, Britt, je partner.
Tony ligt nu bijkans te hyperventileren. Omdat ze de kraag om heeft kan ze haar hoofd niet afwenden. Bovendien heeft ze nog heel veel pijn. Ze begint steeds onrustiger te worden en plots gaan de alarmbellen af.
Britt schrikt daar erg van en stapt gelijk de kamer uit, zodat de artsen er bij kunnen om Tony te helpen.
Na een poosje komen ook die de gang weer op.
Britt; Hoe is het? Wat was er mis met haar?
Broeder: Er waren wat draadjes van de bewaking losgeschoten. Niets ernstigs, maar ze heeft wel veel pijn, en ze is hel erg geëmotioneerd.
Britt; Is toch ook niet gek, als je zoiets hebt meegemaakt?
Broeder: U kunt naar haar terug, maar spaar haar een beetje. Ze is erg moe en heeft veel pijn.
Britt stapt terug de kamer in en gaat weer naast Tony zitten. Nu zegt ze niets, maar pakt alleen Tony’s hand en wrijft daar zachtjes over.
Na een poosje ziet ze dat Tony;s ogen zich vullen met tranen.
Britt; Hey, meis, niet huilen. Ik ben hier voor je.
Tony: (moeizaam pratend) Dat heb ik niet verdiend. Ik heb u verraden.
Britt; Wat is er dan Tony?
Tony: Wat ik je heb aangedaan. Heb je nog pijn?
Britt; Nee, dat gaat vanzelf over. Jij moet snel beter worden.
Tony: Ik word niet meer beter. Ik kan niet meer leven.
Britt; Toch niet om de ruzie die je met Sam hebt gehad?
Tony: Sam is voorbij. Die ruzie stelde niets voor.
Britt: Maar waarom ben je dan in de Ringvaart gesprongen.
Tony: (weer opgewonden aan het raken) Omdat ik jou niet meer onder ogen kon komen!
Britt: Voor zo’n stomme koffiebeker? Maak het nou. Wij hebben toch wel vaker een verschil van mening gehad. Dan reageer je toch niet zo heftig?
Tony: Zou je willen gaan Britt? Ik ben hondsmoe en verrek van de pijn.
Britt: Maar Tony?
Tony: Nu, Britt.
 
Verslagen loopt Britt weer weg. Ze weet echt niet wat er met Tony aan de hand is, maar goed zit het in elk geval niet.
 
Terwijl Britt naar huis gaat, waar ze apathisch op de bank gaat zitten, ligt Tony , verrekkend van de pijn, in haar ziekenhuisbed te overdenken hoe ze haar wens om te sterven alsnog kan waarmaken. Diep van binnen vrat het aan haar.
Zelfs haar eigen leven beëindigen kon ze nog niet eens fatsoenlijk.
Ze kon niet leven, niet met gedachten die steeds maar door haar hoofd speelden. En ze kon er niemand voor in vertrouwen nemen.
Van slapen was geen sprake, ondanks te toch behoorlijk hoge dosering morfine die ze kreeg om de pijn wat te onderdrukken. Uren lag ze naar het plafond te kijken, en steeds weer draaide die film voor haar ogen.

Toen Johan thuis kwam zat Britt nog steeds stil op de bank. Dorien had ook al geen woord van haar gehad.
Johan: Britt?? Ben je daar? Waar zit je met je gedachten?
Ook nu kwam er geen reactie.
Johan ging naast haar zitten en legde zijn arm om Britt haar schouders en trok haar zachtjes tegen zich aan. Nu begon Britt te huilen.
Britt; Ze wilde me niet zien Johan. Ze zei dat ze onze vriendschap niet waard is. Maar zo'n stomme koffiebeker kan toch niet zoveel kwaad veroorzaken. Ik weet zeker dat er iets met haar is, maar ze wil het gewoon niet zeggen. Ik zie aan haar ogen dat ze heel erg veel verdriet heeft.
Johan: Heb je al gegeten Britt?
Britt; Geen honger.
Joahn :Kom, dan zal ik wat klaarmaken. De kinderen moeten zeker ook nog eten?
Britt: Ik ga douchen en naar bed. Ik ben compleet de bout af.
Johan; Je kunt beter eerst wat gaan eten.
Britt; Maar ik heb geen zin.
Britt staat op en wil naar de slaapkamer lopen maar Johan neemt haar vast om haar middel en drukt haar stevig tegen zich aan, waarop Britt als reactie meteen begint te huilen.
Johan :Huil maar even lekker uit Britt, het zal je opluchten. Bedenk dat Tony een behoorlijke klap gemaakt heeft op dat water en dat ze hoofdletsel heeft. Mogelijk dat ze in de war is. Maar als ze wat opknapt zal ze je wel vertellen wat er nou echt aan de hand was.

Die avond in bed kan Britt weeral niet de slaap vatten. Heel de tijd ligt ze te denken aan wat er met Tony aan de hand kan zijn, maar ze komt er met geen mogelijkheid op.
Ten langen leste draait ze zich naar Johan en klampt zich aan hem vast en drukt haar gezicht tegen zijn borst aan.
Johan voelt haar toenadering en hij legt warm een arm om Britt heen.

De volgende ochtend sleept Britt zich met moeite naar het commissariaat.
Alle collega's staren haar wat vreemd aan.
Britt; Heb ik kleding van jullie aan of zo? Wat staren jullie?
Sofie: Britt, dat jij hier bent? Ik dacht dat jij wel bij Tony zou zijn.
Britt; Daar was ik, maar ze wil me niet zien.
Sofie: Wat is er in godsnaam tussen juli voorgevallen dan dat ze zo doet?
Britt; Als jij het weet mag je het me komen vertellen. Ik heb me suf geprakkiseerd en ik kom er niet achter.
Sofie: Kun je werken vandaag?
Britt: Ik word gek als ik thuis tussen de sanseveria's ga zitten wachten. Wat hebben we?
Sofie: Keuze zat. Het lijkt wel of het gaat stormen, wat een malloten hebben zich weer in de nesten gewerkt.
Britt; Nog iets waar we onze tanden in kunnen zetten?
Sofie: Overval op een bank, overval op een nachtwinkel, moord bij een manege, ondersteuning bij drugscontrole, en voor komende week zijn er ontruimingen aangekondigd.
Britt; En dat zeggen ze nu al? Ik wed dat er dan geen kat meer in die panden zit.
Sofie: Die weddenschap heb je al gewonnen.
Nadine; Toch niet. We hebben dat bericht bewust al verspreid en hebben dat pand nu een dag of drie laten observeren. Genoeg activiteiten om er dan maar gelijk vandaag binnen te vallen. Het zijn geen lieverdjes. Niks geen zielig doenerij van armlastigen die zo graag woonruimte voor de winter willen. Dit kunnen harde acties worden dus denk aan je uitrusting: kogelvrije vesten, volledige protectie en helmen dragen. Over een half uur briefing beneden in de briefing room.

Zuchtend laat Britt zich in haar bureau stoel vallen. Sofie komt aan met een beker koffie en geeft die aan Britt.
Sofie: Zal het gaan Britt? Voel je je er zeker genoeg voor? We moeten wel op je kunnen rekenen.
Britt; Ik ben professioneel genoeg om die dingen uit elkaar te houden.

Nadine: Britt kom je even?
Britt; Wat is er baas?
Nadine; Doe jij ook mee?
Britt; Ik hoor toch ook bij het team?
Nadine; Ik ving net op dat je je zo zorgen maakt over Tony. Ben je wel genoeg met je hoofd bij deze zaak dan?
Britt: Ik red me wel. Ik zal mijn mannetje staan en mijn collega's niet afvallen.
Nadine; Ik ga zelf ook mee naar de ontruiming en ik zal je maar vast vertellen dat ik goed op jou ga letten . Als je dat niet wilt, of als ik merk dat het niet gaat, ben je weg. Is dat begrepen?
Britt; Zeg, heeft u iets tegen mij of zo?
Nadine; Nee, niets tegen je. Ik wil alleen niet dat ik nog meer mensen kwijt raak. Ik moet er echt zeker van op aankunnen dat jij het aankan.
Britt; Het zal wel gaan. Mag ik me nu omkleden gaan?
Nadine; Ga maar. Ik zie je zo.
Boos stampend komt Britt de kleedkamer in. Iedereen houd ineens zijn mond en zoekt naarstig in zijn kastje naar dingen die er helemaal niet zijn.
Het wordt Britt bijna teveel en ze roept dan ook boos: Zijn er nog meer mensen die denken dat ik het niet aankan? Zeg het dan nu en hou er verder mee op om mij te behandelen als een porseleinen poppetje. Ik red me wel.

Tijdens de briefing moet Britt al goed haar best doen om bij de les te blijven. Ze probeert zo aandachtig mogelijk te luisteren maar ze mist af en toe wel een klein stukje.
Op weg naar de wagens vraagt ze nog eens na bij Sofie.
Sofie: Britt, ik weet niet of het zo goed is als je meegaat. Je hebt de briefing niet eens goed meegekregen.
Britt; Ik ga wel mee. Zeg nou gewoon even wat er met die Heeresma is, dan ben ik ook volledig op de hoogte.
Sofie: Bekende crimineel. Geen lekkere jongen. Schroomt niet voor heel grof geweld, gebruikt wapens naar eigen keuze en heeft al een aantal veroordelingen erop zitten wegens grove geweldpleging.
Britt; Wie het eerst komt mag hem hebben.
Sofie kijkt haar war verbaasd aan.
Britt; Ik hoef hem niet zo nodig tegen te komen. Ik haat geweld.

Als ze aankomen bij het pand wat ontruimd moet worden staat er al een hele club toeschouwers, inclusief natuurlijk de mediafreaks die graag actie en sensatie in hun programma's en roddel bladen willen.
Britt voelt haar boosheid al opkomen.
Volgens plan zal het pand aan drie zijden gelijk worden binnen gegaan.
De drie teams worden geleid door respectievelijk Ben, Sel en Peter.
Britt zit bij het team van Sel , samen met Sofie, Pasmans, Marc, Pieter en Steven.
Hun opdracht is om binnen te geraken en het beneden verdiep te ontruimen.
Via oortjes staan de teams en de teamleden met elkaar in contact. Zo kan Britt vernemen dat het team van Ben op de eerste verdiep die Heeresma al te pakken heeft kunnen nemen.
Toch kost het de overige teams nog meer dan anderhalf uur zwaar werken om de rest van de bezetters in te rekenen. Er vallen de nodige klappen, want Heeresma had niet zomaar een paar watjes om zich heen verzameld.
Ook Britt had een paar flinke klappen en trappen opgelopen, maar omdat ze wist dat iedereen zo goed op haar lette deed ze veel moeite om dat niet te laten blijken.
Toen iedereen ingerekend was ging van elk team nog een iemand een sweep-through houden op zijn eigen verdiep en daarna zouden ze zich weer buiten bij de wagens verzamelen.
Het duurde en duurde voor Britt terugkwam en dus stuurde Nadine Sofie naar binnen om Britt op te halen.
Maar waar Sofie ook keek: Nergens gene Britt te vinden.
Sofie schreeuwde door het gebouw, en later in haar mobilofoon naar Nadine dat Britt er niet was.
Vlug ging Nadine en Sel ook weer naar binnen en hielpen met het zoeken naar Britt.
Sel: Ze kan toch niet zomaar weg zijn? Wij hebben toch alle in en uitgangen gezekerd
Sofei: Verdomme Britt. Waarom doe je ons di taan?
Nadine: Welke verdiep is Britt geweest?
Sofie: Hier beneden.
Nadine: Ik zet twee man bij elke deur en dan gaan wij samen nog eens van boven naar beneden door het pand.
Ze keken in alle gaten en hoeken. Achter alles wat mogelijk een uitgang of doorgang zou kunnen zijn. Britt was onvindbaar op het bovenste of het tweede verdiep.
Nadine: We hebben de begane grond nog.
Sofie: Maar daar heb ik al twee keer gekeken.
Sel: Sssst. Ik denk dat ik wat hoor. Zachtjes.
En heel stilletjes lopen ze naar de achterwand van de achterste kamer.
Daar stond een oude kast scheef achterover tegen de muur geschoven.
Sofie durfde er niet achter te kijken, bang voor wat ze zou tegen komen.
Nadine: Sel, ga jij eens kijken.
Sel pakte zijn zaklamp en had zijn wapen in de aanslag.
Toen hij achter de kast keek liet hij vlot zijn wapen zakken.
Vlug kwam Nadine nu ook dichterbij. In een hoekje weggedoken zat Britt. Ze leek in shock. Haar ogen staarden wezenloos voor zich uit. En ze had een hele bleke toet.
Nadine: Britt? Brittje? Hoor je ons?
Geen reactie.
Toen bukte Nadine zich naar haar toe en wilde haar bij de schouder pakken en zag toen tot haar ontsteltenis dat Britt heel heftig bloedde aan haar linker arm of borstkas, dat was niet duidelijk.
Nadine; Sofie, vlug bel een ambulance.
Sofie: Shit. Godve...
Nadine; Niet vloeken. Je moet bellen.

Toen de ambulance kwam werd Britt uit haar hoekje gehaald.
Een eerste inspectie gaf aan dat Britt een steekwond in de arm had op gelopen, maar ze had wel al heel veel bloed verloren.
Nog steeds was ze in shock en had nog niet gesproken.
Sofie klom bij in de ambulance en ging mee naar het ziekenhuis.
Daar werd Britt verder onderzocht en gelukkig was die steekwond het enigste letsel wat ze had opgelopen. Ze kreeg er wel twaalf hechtingen in en moest haar arm een week lang in een draagband houden.
Britt weigerde om naar huis te gaan en vertrok na het ziekenhuisbezoek weer met Sofie naar het commissariaat.
Daar waren ook alle bezetters aanwezig en Britt wilde de messentrekker identificeren . Bovendien moest ze nog debriefen en haar uitrusting terugbrengen.
Nadine snapt niets meer van Britt.
Hier zat ze met een joekel van een steekwond, daarbij heel erg bezorgd om haar partner, en toch gewoon haar plicht als politieambtenaar uitvoeren.
Nadine; Kun je beschrijven wie je dit heeft aangedaan?
Britt; Lange vent, een meter negentig zeker, zwart kort krullend haar, afgewassen jeans, rode ruiten blouse, bruine boutinen. Sprak met Frans accent.
Nadine; Wanneer heeft hij dat gedaan?
Britt; Toen ik die sweep-through deed. Kwam ineens achter die kast vandaan. Ik had een trap in mijn buik gehad en voelde me misselijk. Ik moest kotsen en wilde dat achter die kast doen, zodat jullie het niet zouden zien.
Nadine; Wat gebeurde er precies?
Britt; Hij was nog niet ontdekt en voelde zich door mij bedreigd. Ik greep mijn wapen en sommeerde hem tevoorschijn te komen. Nog voor ik hem vrij had trok hij zijn wapen en bedreigde me. We raakten in een gevecht en ineens stak hij mij met dat mes.
Nadine; Waarom heb je niet gereageerd toen Sofie je riep?
Britt; Ik kon niet. Hij hield me met mijn wapen onder schot. Gaat de IT nu onderzoeken waarom ik mijn wapen heb verspeeld?
Nadine: Mogelijk dat die er nog wel bij komen, maar dat zien we later nog wel.
Britt: Mag ik de verhoren meedoen?
Nadine; Zeg, ben jij wel goed bij je hoofd? Je bent gewond. Jij komt dat verhoor niet in.
Jij mag de messentrekker aanwijzen in de line-up en verder mag jij straks je verklaring ondertekenen en dan ga je naar huis.
Britt; Oh, nee, ik heb hier werk te doen.
Nadine; Ik word niet graag tegengesproken Britt. Bovendien heb ik Johan gebeld en die komt je over een half uurtje ophalen. Dan kunnen jullie samen naar Tony gaan. Hij zei dat Tony naar je had gevraagd.
Daarvan beginnen Britt's ogen weer een beetje te glunderen.
Britt: Echt, had ze naar me gevraagd? Ik ben al weg.
Nadine: NA de line-up en NA het tekenen van je verklaring.
 
Echter in de line-up kan Britt de messentrekker niet identificeren.
Nadine: Weet je zeker dat hij er niet bijstaat?
Britt: Iedereen was al buiten toch bij die sweep through? En hij was binnen. En hij hield me met mijn wapen onder schot, dus hij moet kans hebben gezien om weg te komen.
Nadine: Dan gaan we hem nu opgeven als vuurgevaarlijk en jij krijgt bescherming.
Britt; Nee, dat wil ik niet. Ik wil niet in mijn eigen huis als een gevangene leven.
Nadine: Jammer Britt, maar zo zijn de regels. Ah, ik zie dat Johan er al is. Je kunt gaan en wacht rustig op de oproep voor eventueel verder verhoor.
Johan:  (bezorgd) Britt, wat is er gebeurd? Heb je pijn? Hebben ze die vent te pakken?
Britt; Ik moet naar huis. Maar ik hoorde dat Tony naar mij gevraagd had?
Johan: Maar ik wil eerst weten of jij oké bent?
Nadine: Ik denk dat ze nog wat in shock is. Ze heeft een steekwond in haar arm en die is gehecht. Maar ze wekt niet de indruk daar enige last van te hebben. Ze heeft een heel goede beschrijving gegeven van haar overvaller,  maar die is er met haar wapen vandoor gegaan. We moeten haar nu bescherming geven,  maar dat weigert ze.
Johan; Dat moet toch Britt ? Je collega’s weten veel beter waar ze op moeten letten dan ik. En daarbij: ik zal bij jou moeten zijn om je te verzorgen.
Britt; Kunnen we nog naar Tony of ga je hier je tijd verdoen?
Nadine; Dat bedoel ik dus.
Duidend dat Britt helemaal niet aan zichzelf denkt.
Johan trekt eens bedenkelijk zijn schouders op en legt dan een arm om Britt heen, die dan wel ineens piept van de pijn.
Johan: Sorry Britt, ik wilde u geen pijn doen.
 
In het ziekenhuis aangekomen loopt ze schoorvoetend naar de kamer van Tony.
Zo die er uitziet lijkt er nog niet veel veranderd, behalve dan dat ze naar Britt had gevraagd.
Britt; Dag Tony. Gaat het een beetje met je?
Tony: Natuurlijk gaat het niet. Ik heb verrekte veel pijn in mijn nek en mijn rug.
Britt; Kan ik wat voor je doen? Moet ik een dokter vragen voor pijnstillers of zo?
Tony: Wil je even gaan zitten?
Britt zet zich neer en pakt weer Tony’s hand,  maar die trekt hem resoluut terug.
Britt; Wat is er Tony? Doet dat ook pijn of vind je het niet prettig dat ik je hand houd?
Tony: Britt, het is over. Ik had al gezegd dat ik je niet meer onder ogen kon komen. Ik wil dat jij dat tot je laat doordringen. Ik kan je niet meer zien. Ik maak  teveel kapot wat voor anderen heel belangrijk is. Ik walg van mezelf.  En wil niet de fout maken dat dat gaat ten koste van jou. Als je straks weggaat is dat het laatste wat je van me ziet. Ik wil je niet weer zien. Nooit weer. Beloof me, dat je me niet gaat zoeken want dan gaat het niet goed.
Britt kijkt met grote verbaasde ogen naar Tony, en heel langzaam vullen haar ogen zich met tranen.
Johan komt dan net ook binnen lopen. Die was wat later omdat hij nog eerst zijn auto had moeten parkeren.
Als hij Britt ziet huilen legt hij een hand op haar schouder.
Johan: Wat is er Britt?
Tony: Ik heb haar gezegd dat ik haar niet meer kan zien. Ik maak teveel kapot. Als ze straks weggaat zal ze me nooit weer zien. En ze moet me ook niet gaan zoeken
Johan: Tony, wat is er in je gevaren? Jullie zijn zulke goede vriendinnen. Toch niet die stomme koffiebeker?
Tony: Nee, Johan niet die beker, maar dat was wel het bewijs dat ik gevaarlijk ben voor Britt. Neem haar mee en bescherm haar goed. Ze heeft eindelijk rust in haar leven verdiend. Zorg dat ze mij niet gaat zoeken.
Nu kijkt ook Johan met grote en vragende ogen. Langzaam neemt hij Britt bij de arm en leid die naar de gang. Aan het einde van de gang zet hij Britt op een stoeltje en loopt nog even terug naar Tony.
Joahn :Tony, ik begrijp het niet. Je laat Britt zo maar vallen?
Tony: ( nu ook huilend) Ik wou dat ik het anders kon, maar het kan niet, Ik heb haar verraden. Ik had dood moeten zijn, maar dat is niet gelukt. Ik kan haar gewoon niet meer zien. Spaar haar het verdriet en zorg dat ze bij me weg blijft.
Johan: Maar ik wil eerst van jou weten wat dat verraad dan is, want ik kan er geen touw meer aan vast knopen.
Tony probeert eens diep te zuchten maar krijgt hierdoor zo’n pijn in haar ribben dat gelijk het alarm afgaat en er een hele troep artsen en verpleegkundigen binnenstormt.
Johan wordt aan de kant gezet en de artsen beginnen Tony te helpen.
*
Johan beseft dat Britt helemaal van slag is en wil dat ze mee gaat naar huis.
Britt; Wat heb ik verkeerd gedaan dat ze me niet meer wil zien? Johan, zeg het me, want ik weet het niet. Echt niet.
Johan: Kom, eerst naar huis. Ik denk dat jij even goed moet gaan rusten en wat tijd voor jezelf nemen.
Britt; En Tony dan?
Johan: Die is hier in goede handen. Als jij wilt ga ik morgen wel weer even naar haar toe.
Thuis kruipt Britt, op aandringen van Johan, gelijk in bed maar van slapen komt niet veel. Ze is steeds met haar gedachten bij Tony, en als daar de aandacht wat op afzwakt ziet ze die kraker weer voor zich staan en haar bedreigen, eerst met het mes en daarna met haar eigen wapen. Maar al die indrukken slopen haar en zo valt ze uiteindelijk toch in slaap.
Het is een heel onrustige en beangstigende slaap. Hele gevechten voert ze. Als Johan bij haar komt om een kop soep te brengen slaat ze die in paniek uit zijn handen en kijkt dan huilend op als hij haar in zijn armen neemt om haar te troosten.
Johan: Brittje, wat is er toch met je?
Britt; Ik ben zo bang Johan. Ik zie steeds weer die vent voor me met dat mes staan zwaaien. En Tony, hoe die van die brug springt. Weet je dat toen ik haar zocht, nog op die brug ben geweest? En ik heb haar niet eens gezien. En dan als ik haar daar zo zie liggen, al die slangetjes en die verbanden. En al die pijn die ze moet verduren.
Johan: Britt, het is niet jouw schuld dat ze in het ziekenhuis ligt. Het is haar keuze geweest.
Britt: Maar Johan....
Johan; Ze zei zelf dat ze iets had gedaan. Zij zou jou hebben verraden. Wat bedoeld ze daarmee?
Britt: Ik weet het niet. Ineens was ze zo vreemd. Vorige week leek er nog niets aan de hand, en dan ineens gooide ze me deze week die beker tegen mijn hoofd. Maar dat is toch geen reden om zelfmoord te willen plegen? En ze zei ook dat het niets met Sam van doen had.
Johan; Rustig Britt. Probeer nog wat te slapen
Britt; Ik wil met jou mee naar de kamer. Ik wordt helemaal naar als ik hier alleen lig.
Johan: Oké, kom dan maar even mee, maar je gaat vroeg slapen vandaag.
 
Ook die nacht is slaap niet de grootste vriend van Britt. Met pijn en moeite werkt ze zich uit bed en maakt zich klaar om naar het werk te gaan.
Johan: Ik dacht maar zo dat jij een paar dagen thuis bleef.
Britt; Dat dacht je dan verkeerd. Ik kan hier niet gaan zitten kniezen. Ik moet gaan werken anders maalt het heel de dag door mijn hoofd.
Johan: Maar als het niet gaat wil ik dat je naar huis gaat. Of beter nog, dat je mij opbelt. Britt ik wil niet dat jij je hier slecht over gaat voelen.
Britt: Dank je Johan, dat je er voor mij bent. Zou jij vandaag willen zien hoe het met Tony is?
Johan: Ik zal vanmiddag even gaan zien voor je.
 
Op het commissariaat is Nadine alles behalve gelukkig met Britt's aanwezigheid.
Nadine: Britt kom je even in het kantoor?
Britt; Ik kom.
Nadine: Waarom ben je vandaag gekomen? Ik dacht dat jij met verlof was in verband met die arm?
Britt; Ik kan niet thuis gaan zitten.
Nadine; Je was gisteren bij Tony. Hoe is het met haar?
Maar daar begint Britt gelijk al te huilen.
Nadine; Zo erg?
Britt; Ze wil me niet meer zien. Ik mag haar niet meer gaan zoeken zei ze of het zou mis gaan. Ik weet niet wat ik haar gedaan heb dat ze zo doet, maar ik ben heel bang voor haar.
Nadine: Amai. En nu?
Britt: Ik moet komen werken. Ik wordt gek als ik thuis ga zitten nadenken over wat er is. Alsjeblieft Nadine, neem me dat niet ook nog af.
Nadine; Maar met die arm kun je ook niet zoveel. Zeker niet de straat op.
Britt; Ik kan wel de verhoren doen.
Nadine; Zeg, alles goed met je? Jij komt dat verhoor niet in.
Enigszins betrapt buigt Britt haar hoofd naar beneden en zegt: Sorry.
Nadine: Helaas heb ik niet veel anders voor je dan die oude dossiers nog eens nakijken. En misschien is het wel heel moeilijk voor je, maar wil je ook de lopende zaken van Tony eens doornemen en kijken of daar bijzonderheden in staan die ze nog niet met ons gedeeld heeft?
Britt; Zal ik doen. Dank je Nadine.
 
Als ze aan haar bureau zit kijkt ze met lede ogen naar Tony's desk en weer voelt ze haar tranen opkomen en vlug loopt ze naar de kleedkamers waar ze hoopt om even in stilte te kunnen zitten janken.
Maar dan komt Sel ook al binnen.
Sel: Hč Britt, wat scheelt er? Ik ken u niet zo verdrietig.
Britt: 't Is Tony. Ze wil me niet meer zien
Sel: Hoe dat zo? Jullie zijn toch beste maatjes?
Britt; Dat dacht ik ook, maar ze heeft me weggestuurd uit het ziekenhuis en gezegd dat ik haar nooit meer zal zien en dat ik haar niet mag zoeken.
Sel zwijgt en gaat naast Britt zitten en legt troostend een arm om haar schouders, waarop Britt heel hard begint te huilen.
Sel: Stil maar Britt. Ik begrijp dat het heel naar is voor je. Maar denk je niet dat Tony door dat ongeval ook hersenletsel heeft, of misschien helemaal in de war is en niet weet wat ze zegt?
Britt; Ik wil dat geloven maar dat kan ik niet. Ze was heel kwaad op me toen ze dat zei.
Sel; Maar vrienden die elkaar niet de waarheid kunnen zeggen maken vaak ruzie, dan is breken niet zo moeilijk.
Britt; Zou ze met me willen breken?
Sel: Ik weet het niet Britt. Maar ik denk dat ze eerst beter moet worden voordat we daar meer van te weten kunnen komen.
Britt; Dank je dat je even naar me hebt willen luisteren.
Sel: Hé, daarvoor zijn we er toch? We zijn toch collega's?
Britt; Ja, en dat was Tony ook.
Britt loopt de kleedkamer weer uit en gaat achter haar bureau zitten
Carla : Britt .. ?? Ik heb hier een meneer die is opgepakt vannacht
Britt : Ja en ??
Carla : Hij was aan het schreeuwen en iedereen aan het wijsmaken dat hij flik Tony wel eens goed op haar nummer had gezet
Britt : Wat?? En waar is hij nu ..
Carla : In verhoor 1
Britt staat op en rent voorbij Carla naar verhoor 1 ze smijt de deur open en daar zit Sam
Britt : Sam ??
Britt smijt in de war de deur terug dicht en loopt naar het kantoor van Nadine
Nadine: Wat is er Britt?
Britt; Hij heeft het gedaan.
Nadine: Wie heeft wat gedaan?
Britt: Hij. Sam. Carla heeft hem in verhoor 1 gezet.
Nadine; Jij blijft hier zitten. Ik wil jou er niet bij hebben. Ik ga met Sel en jij wacht hier tot ik klaar ben met hem.
Britt; Maar als hij Tony....... ik doe hem wat.
Nadine; Precies daarom dat je niet erbij mag.
 
Boos blijft Britt achter in het kantoor van Nadine. Het duurt maar kort voordat Nadine en Sel terug zijn.
Britt; Heeft hij bekent, die vuile schoft?
Sel: Rustig Britt. Hij heeft het niet gedaan.
Britt; Wel waar . Carla zei net dat hij had bekend.
Nadine; Hij is zo dronken als een ladder. Hij gaat voor ontnuchtering op cel en als hij nuchter is gaan Sel en ik hem opnieuw verhoren.
Britt; Ik wil hem nu zien.
Nadine; Jij komt niet bij hem en als ik hoor dat je toch beneden bent geweest kun je een schorsing tegemoet zien.
Verslagen loopt Britt weer naar haar bureau en belt dan maar naar Johan om haar op te halen. Ze kan niet met de gedachte, in hetzelfde gebouw te zitten als die vent die haar vriendin dit heeft aangedaan.
 
Johan laat het werk vallen wat hij eigenlijk had moeten doen en haast zich om bij Britt te komen en te blijven. Samen liggen ze op de bank. Britt nog wat ongemakkelijk omdat haar arm nu wel erg pijn begint te doen, en Johan liefdevol met zijn armen om Britt heen.
Tegen vier uur gaat de telefoon. Het is Nadine. Sam had zijn roes uitgeslapen en bij verhoor bleek dat hij niet degene was die Tony zo te pakken had genomen. Hij voelde zich heel rot en schuldig na Tony's zelfmoordpoging en hij wilde de schuld op zich nemen om zichzelf zo te straffen dat hij hun relatie niet langer zag zitten.
Johan: Maar dan weten we nog niet wie er achter zit.
Nadine; Nee, helaas nog niet. Zou jij haar kunnen en willen bezoeken?
Johan kijkt eens naar Britt die bijna tegen hem aan ligt te slapen. "Jawel, ik ga straks wel even heen."
Nadine; Hoe is het met Britt?
Johan: Erg moe. Ze slaapt bijna en ze heeft pijn in haar arm.
Nadine; Zorg goed voor haar Johan, ik wil haar niet kwijt.
Johan; Ik doe wat ik kan. Tot ziens.
Als hij heeft neergelegd merkt hij dat Britt echt in slaap is gevallen . Hij werkt zich voorzichtig onder haar uit en legt haar dan lekker onder de plaid en begint in de keuken met het voorbereiden van het eten. De kinderen zullen zo ook wel thuis komen.
Simon is de eerste die binnen stormt
Simon : Papa!?
Johan : Wat is er met jou aan de hand??
Simon : Dorien ..
Britt is ondertussen wakker geworden
Britt : Wat?? Is er iets met Dorien ?
Simon kijkt Britt aan
Simon : Er was een man en ….. nu is ze weg
Meer kan Simon er niet uitkrijgen en begint te huilen
Britt aarzelt geen moment , pakt haar jas en rent naar beneden naar de auto op weg naar het commissariaat
Johan was haar direct met Simon gevolgd en op het commissariaat gaat Britt nu vreselijk tekeer tegen Nadine.
Nadine; Mevrouw Michiels, ik raad u aan het wat rustiger aan te doen.
Britt; Hij heeft Dorien ontvoerd. Doe wat en vind haar in plaats van zo tegen mij tekeer te gaan.
Inmiddels is ook Johan binnengekomen en hij neemt Britt stevig in zijn armen.
Johan: Luister nou eens naar Simon, Britt. Hij heeft gezien wie het is.
Britt; Zeg op Simon, wie is het? Wie heeft Dorien meegenomen?
Maar Simon wordt bang van Britt haar boze uitval.
Johan neemt Britt bij haar gezonde arm en dirigeert haar mee naar het kantoor van Nadine.
Johan: Britt, wees eens een beetje redelijk. Je jaagt mijn zoon de stuipen op het lijf als je zo tegen hem tekeer gaat.
Britt; Sorry, maar ik ben zo bang voor Dorien, wat er met haar gebeurt.
Gelijk dan ook gaat de telefoon op Nadine's bureau en Britt kijkt er verschrikt naar.
Nadine loopt snel binnen en neemt op en langzaam breekt er een glimlach door op haar gezicht.
Britt: Zeg op !!! Is ze gevonden? Vertel het me Nadine.
Nadine reikt de telefoon aan Britt die verwachtingsvol de haak aan haar oor legt.
Britt; Ja?
Dorien: Mama? Bent u boos op mij?
Britt; Meisje, waar ben je? Is je niets overkomen? Waar ben je?
Dorien: Ik sta bij de buurvrouw. Er was niemand thuis en toen kon ik niet binnen.
Britt; Blijf daar. We komen gelijk naar huis. Is echt alles oké?
Dorien: Ja. Maar kom alsjeblieft snel naar huis want ik voel me bang en verdrietig.
Britt; We zijn er zo lieverd.
 
Zonder verder nog wat te zeggen rent ze weer buiten maar Johan houd haar weer tegen.
Johan: Britt, wat is er? Waar is ze?
Britt: Bij de buren. Ze kon er niet in. En ze is bang en ik wil direct naar haar toe.
Johan: Dan geef mij de sleutels, ik rijd.
 
Weer thuis rent Britt de trappen op en klopt hard op de deur van de buurvrouw en duwt die bijna omver als ze opent. Ze stormt direct door naar de kamer waar Dorien inmiddels met een glas limo op de bank zit.
Dan neemt Britt huilend haar dochtertje in haar armen en begint haar te zoenen en te strelen.
Britt; Kom, we gaan gauw naar huis en dan ga je me alles vertelen wat er gebeurt is. (en tegen de buurvrouw: goddank dat je er was. Heel erg bedankt dat je haar hebt opgevangen, Trude)
 
In huis gaan Britt en Dorien op de bank zitten en begint Dorien te vertellen. Ze had de man zelfs herkent. Het was Sam geweest.
Britt; Sam? Sam, van Tony?
Dorien: Ja. Hij wilde mij wat vragen maar was denk ik bang van Simon. Toen heeft hij me meegenomen in zijn auto en later weer hier gebracht. Ik was wel even heel bang.
Britt; Is er niets gebeurt? Hij heeft niet aan je gezeten of zo?
Dorien: Nee, hij zei dat hij wilde praten. Over Tony, dat hij het erg vond en dat hij dacht dat Tony dit gedaan had omdat ze ruzie hadden gemaakt.
Britt; Maar waarom heeft hij jou dan meegenomen en niet gewoon naar mij gebeld?
Dorien: Hij zei dat jij heel boos op hem was. En hij durfde niet te bellen.
Britt; Zei hij nog wat over Tony dan?
Dorien: Dat hij het erg vind wat er is gebeurt. Verder niet.
 
Britt pakt haar gsm en gaat opzoek naar het gsm nummer van Sam
Ze laat de gsm over gaan en er wordt opgenomen
Sam : Sam de Groot
Britt : Verdomme Sam. Hoe haalt ge het in uw kop om mijn dochter mee te nemen!!!
Ik zal je 1 ding vertellen Sam .. ..had haar maar een iets overkomen en ik had je voor de rechter gesleept, doktertje van niets!!!!
Sam : Maar Britt ik ……….
Britt : Ik wil het niet eens horen!!
Britt drukt haar gsm boos uit
Dorien : Was dat nu echt nodig
Britt : Dot hij heeft je verdomme wel ontvoerd!
Dorien : Zeg ik had hem toch al eens gezien
Op dat moment komt Johan binnen samen met Simon
Johan gaat naar Dorien en geeft haar een knuffel
Ook Simon neemt Dorien in de armen en zegt heel blij te zijn dat er niets is gebeurt en dat ze gelukkig weer terug is.
Johan; Britt: Wat is dat met jou en Sam? Waarom doe je zo boos tegen hem?
Britt; Hij had ..... hij had mijn dochter ontvoerd.
Johan: Hij wilde haar wat vragen, omdat jij steeds zo boos tegen hem deed.
Britt kan niet meer en valt huilend in Johan's armen. Alle drukte en alle emotie, het werd haar gewoon teveel.
Dorien weet zich met Britt ook geen houding te geven en loopt maar gelijk door naar haar slaapkamer.
 
Beneden legt Johan Britt op de bank en legt een plaid over haar heen en gaat zelf op zijn knieën voor haar zitten en streelt zachtjes over haar gezicht.
Johan; Meisje toch, wat is er allemaal met je aan de hand? Ik maak me zo zorgen om u.
Britt: Ach, Johan. Het doet zo pijn dat Tony zo tegen me doet, en ik weet niet eens waarom.
Johan; Morgenochtend ga ik naar het ziekenhuis en dan probeer ik met haar te praten. Ik zal het eten weer opwarmen en als je wat hebt gegeten moet je maar lekker gaan slapen.
Britt; Ik lust geen eten. Ik wil niets. Alleen maar dat het goed komt met Tony.
Hoewel Britt die avond al heel vroeg op bed ligt komt er van slapen niet veel terecht. Telkens maalt het door haar hoofd waarom of Tony nu van die brug af was gesprongen en waarom of ze Britt niet meer wilde zien.
Britt voelt zich ziek en misselijk en gaat uit bed omdat ze moet klotsen.
Daarna loopt ze naar de kamer en gaat met opgetrokken knieën op de bank zitten en blijft daar stilletjes zitten.
Als Johan om half zeven wakker word mist hij Britt en rent vlug naar de kamer. Tot zijn geruststelling ziet hij dat ze op de bank zit, maar ze voelt ijzig koud aan.
Johan: Britt, hoe lang zit je hier al zo? Je bent helemaal ijskoud.
Britt; Ik was al een tijdje op.
Johan: Kom, ga je even douchen daar wordt je weer warm van.
Britt; Ik wil naar Tony.
Johan; Als de kinderen naar school zijn en we hebben ontbijt gehad dan ga ik naar het ziekenhuis, dat heb ik je beloofd.
Britt; Ik wil mee.
Johan; Britt, ik denk dat je dat misschien beter niet kunt doen. Ze zei uitdrukkelijk dat jij haar niet meer mocht gaan zoeken. Ik probeer erachter te komen wat er is. Stel nu dat ze heel depressief is of heel bang, dan willen we toch niet dat ze in paniek gekke dingen gaat doen?
Britt; Johan, zeg niet zulke rare dingen.
Johan: Maar ze heeft toch al laten zien tot wat ze in staat is.
Nu wordt Britt heel boos en wil op Johan beginnen te slaan maar Johan neemt beschermend haar handen vast en probeert om die wat warm te blazen.
Johan: Ik geef om je Britt. Ik hou van je. Het doet me verdriet om je zo te zien, maar ik zal zo gaan en zien of ik Tony zover krijg dat ze jou ook wil spreken.
 
Als Johan tegen half negen vertrekt kruipt Britt maar weer in bed. Ze voelt zich ellendig en kan de moed niet opbrengen om nog langer op te zijn.
De kinderen blijven tussen de middag over en dus hoeft ze daar geen rekeningen mee te houden.
Omdat ze zo heel moe is slaapt ze eindelijk, maar dan ook meteen een gat in de dag. En als de kinderen om half vier thuiskomen, merkt ze pas dat Johan heel de dag al weg is.
Britt: Simon, moest papa vandaag nog weer naar kantoor?
Simon: Normaal werkt hij toch gewoon door de week?
Dan besluit Britt om naar kantoor te bellen maar krijgt te horen dat Johan heel de dag niet binnen is geweest.
Britt; Dorien en Simon, kunnen jullie even alleen thuis blijven? Ik moet even naar Nadine en kom zo terug.
 
Op het commissariaat heerst een hele bedrukte sfeer.
Britt; Wat is er aan de hand Carla?
Carla: Of je even door wilt lopen naar het kantoor van Nadine.
Britt: Johan??? Is er wat met Johan? Zeg het me.
Carla: Nee, Johan is oké.
In vliegensvaart rent ze de trap op en valt bijna het kantoor binnen.
Nadine; Ah, Britt, ga even zitten.
Britt; Wat is er? Waarom zegt niemand wat?
Nadine: Johan heeft hierheen gebeld. Tony is uit het ziekenhuis weggelopen en hij is haar gaan zoeken. Hij belde en vertelde dat het met jou niet goed ging en dat hij daarom niet naar jou had gebeld. Ik wilde zo nog bij je langs gaan, maar je was me al voor.
Britt; Wat is er met Tony? Waar is ze heen? Ik moet naar het ziekenhuis.
Nadine: Britt, doe eens rustig. Zo komen we nergens. Heb jij gisteren in die dossiers nog wat gevonden over zaken waar Tony mee bezig was?
Britt; Niets bijzonders. Ik heb alle namen door de computer gehaald die ook maar ergens in haar dossiers stonden maar er is niets uitgekomen.
Nadine; Dus we kunnen een wraakactie wel uitsluiten?
Britt; Wie zou wraak willen nemen op Tony?
Nadine: Nou, Tony is niet altijd even tactisch....
Britt; Goddomme Nadine, je hebt het wel over mijn partner. Zeg niet dat het haar eigen schuld is. Ze zei in het ziekenhuis dat ze me verraden had, maar ik zou niet weten waarmee. Zo is ze niet. Dat doet zelfs een Tony niet.
Nadine: Sorry Britt, zo bedoelde ik dat ook niet.
Dan gaat de telefoon en Britt en Nadine kijken er allebei verschrikt naar.
Britt; Neem op dan. Straks is het informatie over Tony.
Als Nadine opneemt ziet Britt de schrik in diens ogen.
Nadine: Waar? Met hoeveel moeten we komen? Oké, blijf daar. Ik ben onderweg.
Britt: En? Was het Tony? Mag ik mee?
Nadine: Ik weet niet of het zo goed is als je meegaat Britt.
Britt; Nadine, ik MOET haar zien. Is ze gevonden? Is ze..... is.... Leeft ze nog?? (huilend)
Nadine: Johan denkt dat het Tony is, maar hij weet niet zeker.
Britt; Is ze dood?
Nadine; Vanaf waar hij is kan hij dat niet zien.
Britt: Alsjeblief Nadine, ik moet mee. Je kunt me niet weghouden bij haar.
Nadine: Vooruit dan maar. Maar je blijft bij mij in de buurt en als de situatie gevaarlijk wordt of het word je teveel, dan wil ik dat je wegstapt en je niet beter voor doet dan je bent. Als het Tony is dan...... Verdomme, waarom heeft ze niets gezegd?
 
Er wordt met drie auto's uitgereden naar de plek die Johan had aangegeven. Het is het industrie gebeid in de havens aan de noordkant van de stad.
Als ze aankomen zit Johan ook gehurkt en huilend tegen zijn auto.
Britt; Johan? Gaat het? Heb je haar gevonden? Hoe is ze. ... wat is er gebeurt? Waarom was ze weggelopen?
Johan: Ze had een brief geschreven. Ze schaamde zich en kon het leven niet meer aan. Ook nu weer vroeg ze om haar niet te gaan zoeken. Maar de zuster zei dat ze tussen acht en tien vanmorgen moest zijn weggegaan en niemand had dat gezien. Ze kon amper op de benen staan en ze droeg ook nog die halskraag, en die zie ik daar liggen. (wijzend naar een plek wel vijftig meter verderop maar waar je niet bij kon komen)
Britt; Mag ik die brief Johan? Ik moet weten wat er in haar omging.
Johan: Hier is die. Ga er even bij zitten Britt. Het zal je heel erg aangrijpen.
Britt gaat op de autostoel zitten en vouwt de brief open.
Langzaam probeert ze te lezen wat Tony heeft neergekrabbeld. Dat die nog ontzettend veel pijn moest hebben was te zien aan het handschrift.
Als Johan is gaan staan loopt hij op Britt toe omdat hij ziet dat haar ogen zich hebben gevuld met tranen.
Nadine is inmiddels ook naast haar komen staan en legt een hand op haar schouder waardoor ze heftig schrikt.
Britt; Waarom staan jullie hier? Jullie moeten haar daar weghalen. Ze mag hier niet zo achterblijven.
Nadine: We kunnen er niet bij Britt. We zullen extra hulp moeten oproepen. Wat heeft Tony geschreven?
Britt; Dat ze vind dat ze mij heeft verraden en niet kan leven met die gedachte. Nadine, ik heb haar op mijn geweten. Ze is dood omdat ik dat heb gedaan. Het is mijn schuld
En dan begint ze heel hard te huilen en iedereen schrikt daar van op. Dan neemt Johan haar heel stevig in zijn armen en drukt haar dicht tegen zich aan. Hij kan haar angst en haar verdriet bijna letterlijk voelen.
Ineens duwt ze Johan van zich af en kijkt door haar tranen heen in het rond.
Britt; Wat is er ? Hebben jullie nog nooit gezien dat ik ook een mens ben en verdriet heb? Sta daar niet zo en doe wat. We moeten Tony terug halen.
Ben: Maar we kunnen er niet bij.
Britt: Ga hier eens staan !
En ze dirigeert Ben naar een hek en zet hem er met de rug tegenaan.
Britt; Nu je handen ophouden en dan ga ik daar op staan.
Johan: Britt, jij laat dat. Je bent niet fit en het terrein is gevaarlijk.
Britt; Probeer me maar tegen te houden!
Maar door haar angst is ze haar eigen pijn even vergeten en haar boosheid geeft haar zoveel kracht dat ze Johan met gemak omver duwt. En ze stapt op Ben af en zet haar voet in zijn handen, want hij had ook wel in de gaten dat die echt niet meer te stoppen was.
Met veel moeite klimt Britt over het hoge hek heen. Het was een oude dumpplaats en lag vol met mogelijk gevaarlijk materiaal, oude olievaten, verroeste restanten van machines, auto’s en nog meer.
Boven op het hek, bijna vierenhalve meter boven de grond, krijgt ze plots een draaiing. Ze houd zich stevig vast aan het hek en knijpt haar ogen dicht en spreekt zichzelf bemoedigend toe: Nu niet vallen Michiels, anders zul je haar zeker nooit weer zien.
Met een diepe zucht slaat ze haar andere been ook over het hek en hangt nu aan de binnenzijde van het hek en wacht een paar tellen om zich voor te bereiden op haar sprong in het diepe.
Nadine roept nog dat ze dat niet moet doen maar Britt kan niet meer wachten en zet zich af en springt.
Ze komt heel beroerd terecht en heeft zich ook echt wel heel erg pijn gedaan maar iets in haar geeft haar zo'n drive dat ze weer opstaat en naar de plaats strompelt die Johan heeft aangewezen waar Tony mogelijk is.
Britt heeft het gevoel dat er geen einde komt aan de afstand die ze af moet leggen.
Na meer dan een kwartier is ze dan eindelijk bij die plek die mogelijk de halskraag van Tony zou kunnen zijn.
En het blijk inderdaad een nekkraag te zijn, maar Tony is er niet.
Dan moet ze weer verder gaan zoeken. En na nog eens een kwartier heeft ze eindelijk wat gevonden.
Ze schrikt zich wezenloos, maar wat ze hier aantreft lijkt niet haar partner. Hier ligt een mens, een vrouw die er compleet ziek en afgeleefd uitziet. De haren onverzorgd om het hoofd, ingevallen wangen, zwarte kringen om de ogen. De kleding is stuk en zeer vuil.
Britt probeert haar op de wangen te tikken om te zien of ze reageert. Dan lift ze een ooglid op en kijkt in het starende oog van Tony: geen reactie.
Ze probeert de halsslagader te voelen, maar omdat Tony er zo vreemd bij ligt kan ze er niet goed bij komen.
Dan maar de pols voelen. Voorzichtig probeert ze om Tony heel iets te draaien zodat de pols vrijkomt te liggen en ziet dan dat ze een heel scherp mes in haar hand heeft. Haar andere pols is over gesneden en ze heeft heel veel bloed verloren. Britt buigt zich heel dicht naar Tony toe en huilend begint ze tegen Tony te praten.
Britt; Tony, wat maak je me nu? Niet weggaan. Ik heb je nodig. Ik weet niet wat er is, maar je weet dat we altijd alles met elkaar kunnen bespreken. Al zijn we het niet altijd met elkaar eens, toch kunnen we heel goed met elkaar overweg. Alsjeblieft doe me dit niet aan. Ik kan er niet mee leven als jij eruit stapt en ik niet weet wat jou hiertoe heeft gedreven.
Dan kijkt ze weer naar het gezicht en meent heel iets van een reactie te zien.
Ze is met stomheid geslagen en schreeuwt het ineens uit. Maar omdat ze zelf zo op en kapot was, zat er weinig kracht in haar stem en dus zouden de anderen haar vast niet gehoord hebben. Dan gaat ze op zoek naar haar mobiel en belt van die plek naar Johan.
Johan: Van Lancker. Britt??? Je hebt haar gevonden?? En ze leeft??
Britt; Niet zeuren. Ze is er heel ernstig aan toe. Ze moet dringend medische hulp hebben. En geen gezeik dat jullie niet binnen kunnen komen. Ik kon het ook dus doe maar jullie best.
 
Nu is ineens iedereen heel gedreven en met man en macht proberen ze zich een toegang te verschaffen tot het terrein. Ze moeten er dus echt wel moeite voor doen en bij Ben groeit met de seconde de bewondering voor Britt dat die het wel gehaald heeft.
Nadine had de meest simpele oplossing bedacht en reed zo pardoes haar wagen door het hek heen waardoor nu ineens alle auto's het terrein op konden. Na iets meer dan vijf minuten zoeken hebben ze Britt gevonden die huilend met een doodzieke Tony in haar armen temidden van lekkende vaten chemicaliën ligt.
Johan; Britt, gaat het? Ik kom je helpen.
En hij stapt met zijn nooddekens op haar af en dekt hun beiden toe. Ook hij ziet hoe Tony er aan toe is en begrijpt volkomen hoe Britt zich nu voelt.
En ook nu weer duurt het , voor Britt, veel te lang voordat de ambulance er is.
Maar als die er eenmaal is, is het ook een kwestie van infuus erin en wegwezen. Terug naar het ziekenhuis en hopen dat ze nog op tijd aankomen.
Ook Britt moet met een tweede ambulance mee. Ze had bij haar landing onderaan het hek haar voet vreselijk pijn gedaan, en ook had ze een behoorlijk klap in haar rug en nek gemerkt.
Rillend en hijgend ligt Britt op de brancard als er een broeder bij haar komt die vraagt of ze ook in contact is geweest met dat spul uit die vaten.
Britt: Mogelijk wel. Ik kwam om Tony te redden en heb niet opgelet wat het was.
Broeder: Ik weet ook niet wat het is, maar het is in elk geval niet goed. Kan de politiedienst daar onderzoek naar doen?
Britt; Moet je bij mijn baas zijn. Ik wil hier weg, en wel zo snel mogelijk. Ik heb het verrekte koud en heb veel pijn.
Johan buigt naar haar toe en geeft haar een zoentje en houd heel de weg haar hand vast.
In het ziekenhuis staat al een team met toxicologie deskundigen klaar om zowel Tony als Britt grondig te inspecteren op sporen van vervuiling door het gedumpte gif.
In de zenuwen blijft Johan met Nadine achter in de wachtkamer.
Johan: Als het maar niet zo'n gevaarlijk goedje is. Ik dacht dat ik het bestierf toen ze boven op dat hek zat.
Nadine; Nooit gedacht dat ze dat zou doen.
Johan: En ik had nooit gedacht dat jij je wagen door dat hek zou rijden.
Nadine: Belangrijkste is dat we ze allebei hier hebben kunnen krijgen en dat nu de juiste mensen er zijn om ze te onderzoeken en behandelen.
Johan: En de juiste mensen om hun lief te hebben.
Nadine; Dat is het allerbelangrijkste.
 
Nadat ze meer dan drie uur hebben gewacht komt er een arts om te informeren over Tony.
Ze hebben haar geopereerd om de sneden in de pols, de bloedvaten en pezen weer te herstellen. Gelukkig waren er geen zenuwen beschadigt en zou ze haar handfunctie volledig behouden.
Voorts was ze behoorlijk onderkoeld en had ze de nodige kwetsuren en schaafwonden. Haar gekneusde rug en nek waarin gelukkig niet verergerd en dus lag ze weer in bed op de chirurgische afdeling.
Arts; Maar u moet er wel rekening mee houden dat ze, eenmaal weer een beetje opgeknapt over gaat naar de psychiatrie. Want zo'n poging tot zelfdoding daar zit toch meestal wel het nodig verdriet en ellende achter.
Nadine; Kunnen we haar gaan zien?
Arts: Ze wil niemand zien.
Nadine: Ik vroeg of we haar konden zien?
Arts: Kunnen moet mogelijk zijn.
Nadine: Johan, ga je ook even mee?
In bed ligt Tony weer dik in het verband en kijkt apathisch voor zich uit.
Johan; Tony? Wat heb je je nu gemaakt? Ik was je komen zoeken vanochtend. Britt..... Ze maakt zich heel veel zorgen om je .
Tony: Ik zei toch dat je me niet moest komen zoeken.
Johan; Maar ik begrijp niet, niemand begrijpt, wat jij je zelf aan doet. Hebben wij niet het recht op een beetje uitleg als je zulke drastische dingen doet? Tony, Britt wil je heel graag spreken . Ze wil weten wat er is gebeurt, waarom jij nu zo doet.
Tony: Ik kan het niet vertellen Johan. Ik kan het niet.
Johan gaat nu heel rustig naast haar zitten en neemt haar goede hand in de zijne en begint heel rustig tegen haar te praten.
Johan: Tony, wij houden van je. Allemaal. En wij kunnen gewoon niet begrijpen dat jij iets verkeerds hebt gedaan tegenover Britt.
Tony: Heb ik wel.
Johan: Wat zou je verkeerd gedaan hebben dan?
Tony: Er was iemand die we eens hebben opgepakt en die was kwaad op Britt en toen hij uit het gevang kwam toen wilde hij zich op haar wreken. En toen kreeg ik dat in de gaten en heb geprobeerd om haar te beschermen. Ik kon haar niet zeggen dat hij achter haar aan zat. Ze had het al zo moeilijk met al wat er in haar leven gebeurde. Ik probeerde hem af te kopen, maar hij ging steeds meer eisen. Ik kon hem haast niet meer bij haar weg houden . Hij zette me steeds meer onder druk. Ik heb echt alles gedaan voor Britt maar ik kon het niet meer.
Nadine; Alles gedaan? Wat bedoel je Tony?
Tony: Ik heb hem geld gegeven, hij dwong politie-informatie af en hij heeft me......
Nadine; Tony?
Tony: Hij heeft me genomen. Niet een keer. Nee. Elke weekend dwong hij me. Niet alleen hem maar ook vrienden van hem. Ze hebben me zo pijn gedaan. Ze hebben van alles met me gedaan. Maar ik kon niet meer. Ik kon Britt niet meer beschermen en toen ...... Ik kon haar niet meer onder ogen komen. Ik was niet in staat mijn beste vriendin te beschermen. Ik heb gefaald. Ik bezorg haar alleen maar overlast en pijn en ellende. Kijk eens wat ik haar nu weer heb aangedaan.
Johan: Tony, Britt wist dat niet van die vent in de gevangenis. Waarom heb je dat niet gezegd?
Tony: Vanaf het begin heeft hij mij ook bedreigt. Hij wist dat Britt mijn zwakke plek was. Hij heeft zulke nare dingen gezegd wat hij zou doen met haar en met Dorien. Ik word er ziek van als ik er aan denk.
Nadine; Wie is het Tony? Je begrijpt wel dat dat niet zo rond kan blijven lopen.
Tony: (geschrokken) Hij loopt nog rond. Ga naar Britt en bescherm haar.
Johan: Rustig Tony. Britt is ook in het ziekenhuis, De dokters zijn met haar bezig.
Tony: Hij is er ook (paniekerig)
Nadine: Tony, heeft hij je dit ook aangedaan?
Tony: Wat ?
Nadine; Met dat mes? Dat heb je niet zelf gedaan?
Tony zegt niets meer en wend haar blik af.
Johan; Heeft hij dat gedaan? En het laten lijken of jij niet meer wilde leven??
Tony: Ja. Ik kon me zelf niet zoiets aandoen. Hij heeft me ook van de brug gegooid. En omdat ik niet zelf kon snijden heeft hij een hand op mijn rug gebonden en toen met dat mes ..... (huilend nu, en niet meer in staat om te spreken.)
Nadine: Die vuile schoft. Die pakken we. Tony, ik wil NU een naam van je en weten waar hij is.
Tony: (snotterend) Ik denk dat hij wel terug komt om zijn werk af te maken.
Nadine; Dan komt hier bewaking voor de deur te staan.
Tony: Nee, niet doen. Dan wacht hij wel tot ik weer buiten ben.
Nadine; Dan komen je collega's maar even voor verplegers spelen.
Tony: Ik heb zo'n angst. Ik durf hier niet te blijven.
Nadine: Ik ga nu direct wat regelen voor je. Hou je haaks Tony. Goed beter worden en dan zullen we dit eens haarfijn uitzoeken.
Tony: Ben je niet boos op mij dan?
Nadine; Waarom zou ik?
Tony: Omdat ik niets gezegd heb, en omdat het net leek of ik er zelf een einde aan wou maken?
Nadine; Ik geloof nooit dat jij het leven niet meer ziet zitten. Dat het nu heel bemoeilijk is, daar kan ik in komen, maar jij en niet leven? Dat staat niet in hetzelfde boek.
Johan ziet dat Tony bekaf is en wil afscheid van haar nemen zodat ze kan gaan slapen.
Tony: Zou Britt kwaad zijn op mij?
Johan: Britt is alleen maar bezorgd om je, maar als je het goed vind ga ik even zien hoe het met haar is. En ze mag je toch hopelijk wel weer komen bezoeken?
Tony: Als zij dat wil. Ik geloof dat ik haar wel wat aan uitleg verschuldigd ben.
Johan: Jij bent alleen aan je zelf verschuldigd om weer goed beter te worden.
Tony: Dank je Johan. En doe Britt de groeten van mij.
 
Als Johan weer buiten komt treft hij net ook de arts die Britt heeft geholpen.
Arts: Komt u maar even mee deze kant op.
Johan: Waar gaan we heen?
Arts: Naar de intensieve.
Johan; Wat is er met Britt? Is het zo erg?
Arts: Nogal. Het is vooral complex en daar zijn ze op de intensieve toch iets meer in thuis.
Johan: Wat is er met haar? Is ze aanspreekbaar, kan ik haar gaan zien?
Arts: Wel, wat is er gebeurt daar op dat terrein?
Johan: Ze meende dat ze haar vermiste collega zag en is toen over een hek geklommen maar moest er aan de andere kant vanaf springen. Ik denk dat ze niet goed terecht is gekomen.
Arts: Dat weet ik wel zeker. Ze heeft de nodige scheuren en fracturen. Haar hielbeen is gebarsten, de heup is uit de kom, ze heeft twee gebroken rugwervels en in haar nek zijn de wervels verschoven. Maar ik maak me ook ernstig zorgen om die arm.
Johan: Wat is er met die arm?
Arts: Daar had ze een verwonding en ik ben bang dat er op dat terrein rommel in de wond is gekomen. De wond ziet er helemaal niet goed uit en we wachten nog steeds op dat labrapport wat er in die vaten heeft gezeten. Ik hoop dat we haar arm kunnen behouden.
Johan: NEE!! Jullie mogen haar de arm niet afnemen.
Arts; Als hij verder gaat ontsteken kan het levensbedreigend worden.
Johan: Ik wil nu naar haar toe.
Op de intensieve zakt Johan bijna de moed in de schoenen.
Britt ligt helemaal plat in bed, aan alle kanten ondersteund zodat er geen beweging mogelijk is in haar rug. Haar been ligt in een tractie en er lopen slangetjes vanaf het verband om haar been naar potjes naast het bed.
Ze wordt beademend en heeft twee infusen in. Haar arm ligt verhoogd op een kussen.
Johan raakt Britt heel zachtjes aan en ziet een klein schokje.
Johan: Brittje, kun je me horen?
Dan ziet hij dat ze probeert haar ogen te openen, maar op haar gezicht ziet hij dat ze heel veel pijn heeft.
Johan: Rustig maar Britt. Ga maar eerst slapen. Laat de pijn maar eerst wat minder worden. Ik ga wat regelen voor de kinderen en kom dan weer terug bij u. Ik wil er voor u zijn.
Dan voelt hij een zacht kneepje in zijn hand en weet dat Britt het heeft gehoord en begrepen.
 
Door de hevige pijnen komt Britt niet aan slapen of rusten toe. Ze heeft zelfs extra morfine nodig om stil te kunnen liggen. Bewegen is op dit moment echt absoluut uit den boze.
De wervels waren gebroken en als ze zou gaan bewegen zou er zo een botfragment in de zenuwen kunnen schieten en dan zou ze verlamd raken.
Johan had Lieve gevraagd om voor een keer  voor de nacht op te passen, dan zou hij morgen wat anders regelen. Nadat hij wat toiletspullen voor Britt had ingepakt ging hij weer naar het ziekenhuis terug maar hij mocht niet bij Britt omdat die zo onrustig was en zoveel pijn had.
Na lang aandringen mocht hij heel kort even kijken bij haar, maar hij werd er ook weer uitgezet.
Verslagen ging hij weer naar buiten en wist niet waar hij heen moest.
Hij zette zich in de auto en bleef een hele tijd dom voor zich uit zitten kijken. Toen besloot hij om Nadine te bellen en ze spraken af om beiden naar het commissariaat te komen.
Omdat Johan zo bang en in de war was door wat er met Britt gebeurt was dacht hij niet na over waar en hoe hij reed dus hij deed veel langer over het stuk dan Nadine verwacht had. Toen hij na een uur nog niet op het bureau was belde ze maar naar hem en daar schrok hij een beetje van op. Hij leek uit zijn trance te komen en richtte zijn aandacht weer op de weg en reed toen binnen tien minuten binnen.
Nadine: Koffie, Johan?
Johan: Ja, doe maar. Ik kan toch niet slapen.
Nadine; Hoe is echt met Britt?
Johan: Slecht, en ik mag haar niet gaan zien.
Nadine; Wat heeft ze?
Johan: Eh, een hele waslijst zei de dokter. Nekwervels verschoven, twee rugwervels gebroken, heup uit de kom, en het enkel zit behoorlijk in elkaar. Een breuk in het hielbeen en dan nog wat spieren en pezen kapot, ik weet het niet meer. En dan nog de nodige kneuzingen. Ze heeft heel veel pijn maar ze moet heel stil liggen anders kunnen de botstukjes haar ruggenmerg beschadiging en raakt ze verlamd  (en als hij dit zegt begint hij weer te huilen)
Nadine zet zich naast hem en legt troostend een arm om zijn schouders.
Een tijdje  zitten ze zo bij elkaar.
Nadine zucht eens diep: Die Britt. Ik had haar nog zo gezegd dat ze voorzichtig aan moest doen en dan springt ze zo van dat hek af. Ik werd helemaal naar toen ik haar op de grond terecht zag komen.
Johan: En de dokter zei ook dat ze misschien gif of zo op dat terrein in haar wond had gekregen en dat ze misschien haar arm kwijtgeraakt.
Nadine; We hebben dat rapport teruggekregen. Ik heb geen verstand van chemicaliën, maar het rapport zegt dat het een klasse 3 gif is. Ik weet niet of ze wat in die wond heeft gehad. Maar je zei toch gisteren of eergisteren al dat ze zoveel pijn had gekregen in die arm? Misschien was die toen al aan het ontsteken en is het niet het gif geweest wat haar zoveel pijn bezorgd.
Johan; Kon ik dat maar geloven.
Nadine; Ik ga nu bellen naar het ziekenhuis. Ik als baas van haar heb het recht te weten hoe mijn personeel eraan toe is. Als we niet mogen komen dan moeten ze ons in elk geval telefonisch te woord staan.
 
Als ze heeft neergelegd ziet Johan een hele kleine glimlach om haar mond.
Johan: Is het goed??
Nadine; Ze hebben de wond heel goed onderzocht. Ook van de rest van de huid, van zowel Tony als Britt, hebben ze geen sporen van het gif aangetroffen. En dat was maar goed ook, want het was in medische termen:hoogst toxisch. Dat wil zeggen dat het gif door de huid heen heel het systeem aan zou tasten en dan waren ze waarschijnlijk al aan de gevolgen overleden.
Johan: Maar die arm dan?
Nadine; Die was inderdaad ontstoken. De wond hebben ze weer opengesneden en het pus eruit gespoeld. Nu is de zwelling weg en hebben ze antibiotica gegeven en daar lijkt ze wel op te reageren.
Johan: Maar ik ben zo bang dat het niet goed komt.
Nadine; Johan, ik denk dat je moet gaan proberen of je wat kan slapen. Je bent zelf ook helemaal op. Ga slapen en bel dan morgenochtend of je weer bij Britt kan. Als je wilt, ga ik wel met je mee.
 
Dus vertrok Johan naar huis en ging op de bank liggen slapen. Hij wilde Lieve niet laten schrikken door nu door het hele huis te lopen banjeren.
Johan was echter al weer vroeg op en ging zich vlot douchen en aankleden. Daarna ging hij op de automatische piloot de lunchtrommeltjes voor de kinderen klaarmaken en liep naar boven om ze te wekken.
Dorien: Waar is mama? Ik heb haar gisteren niet meer thuis horen komen?
Johan; Lieverd, uw mama is heel erg ziek. Ze is in het ziekenhuis en ik ga zo aan de dokter vragen of ik bij haar mag.
Dorein: Ik wil niet naar school. Ik wil naar mama toe.
Johan: Lieverd, ik ga eerst zien hoe het met haar is, en als de dokter het goed vind dat je bij haar mag, dan kom ik je uit de klas ophalen.
Met tegenzin gaat Dorien naar school.
Johan begeeft zich op weg naar het ziekenhuis.
Omdat hij nu in elk geval wat heeft geslapen ziet hij er iets rustiger uit en mag hij doorlopen naar de intensieve, waar Britt ligt en nog steeds beademt wordt.
Zuster: Ze heeft heel vele pijn gehad vannacht en daardoor extra morfine nodig gehad, maar daar kreeg  ze ademdepressies van en dus moet haar ademhaling nu nog ondersteund worden.
Johan: Kan ze me horen als ik tegen haar praat?
Zuster: We denken dat ze u wel kan horen, maar blijf vooral rustig. Ze mag niet schrikken. Ze MOET heel stil blijven liggen.
Johan zet zich in een stoel naast het bed en neemt Britt haar goede hand en begint daar zachtjes kusjes op te geven.
Dan merkt hij dat er wat beweging komt in Britt haar hand en arm.
Hij gaat staan en kijkt aandachtig naar haar gezicht en ziet dat ze haar ogen half kan openen. Ze zit echter nog zwaar onder invloed van de medicatie.
Hij gaat weer zitten en blijft heel de tijd haar hand vasthouden.
Rond twaalf uur komt er een arts die de voorlopige uitslagen van het lab bij zich heeft.
Arts; Ze heeft geluk gehad. Het gif heeft haar huid of de wond niet geraakt. De wond was wel ontstoken, maar die ontsteking zat er waarschijnlijk al.
Johan: Maar haar been en haar rug dan? En haar nek?
Arts: We gaan straks opnieuw foto’s maken van de rug en de nek. Ik denk dat we de nek kunnen behandelen met manuele therapie. Haar rug zal echter moeten genezen puur met rust. Het zal lange tijd duren en ze zal veel pijn hebben, helaas.
Johan: Kan ze weer lopen dan?
Arts: We zullen heel voorzichtig moeten zijn. Elke beweging, hoe klein ook, kan in dit stadium ernstige gevolgen hebben voor haar validiteit.
Johan; Haar dochtertje wil haar heel graag zien. Mag ze mee komen?
Arts: Liever nu nog niet. Het kan voor het kind erg traumatisch zijn om haar moeder zo te zien, en voor Britt kan het emotionele ook wel eens teveel worden.
Johan: Wanneer komt ze weer bij dan?
Arts: Eigenlijk ben ik heel blij dat ze niet zo bij is. De pijn die ze heeft moet echt bijna onverdraaglijk zijn.
Zuchtend gaat Johan weer zitten en strijkt verwoed met zijn handen door zijn haar. Hij heeft het niet meer. Dan staat hij weer op en buigt naar Britt toe en geeft haar een zoentje op haar mond en zegt dat hij later weer bij haar terug zal komen.
Dan vertrekt hij naar de kamer waar Tony ligt.
Die ligt er ook niet al te fraai bij maar daar had men uit voorzorg al maatregelen genomen om te voorkomen dat Tony zichzelf wat aan zou kunnen doen.
Haar geopereerde arm was via de gipsspalk aan het bedhek vastgemaakt en haar “gezonde arm” was met een polsband ook aan het hek gefixeerd en tevens hadden ze haar enkels aan het bed gebonden zodat ze niet weer op kon staan en weglopen.
Haar gezicht zag er hele verdrietig uit en ze had duidelijk gehuild.
Johan; Tony? Wat is er ? Wat ben je verdrietig.
Tony: Ze behandelen me als een beest en niemand wil naar me luisteren. Ze denken dat ik mezelf wat aan ga doen. Kijk eens hoe ik er bij lig? Zo leg je nog geen hond vast in een kennel. Ik wil los (en ze begint hard met haar armen en benen te bewegen maar krijgt daar meteen spijt van want het doet heel erg veel pijn)
Johan: Tony, probeer eens rustig te doen. Die hand van jou, ….ze dachten dat je suďcidaal was en dit doen ze uit voorzorg.
Tony: Dan kunnen ze toch wel met me praten?
Johan: Is er al iemand geweest om te praten? Een psycholoog of een psychiater?
Tony: Ik heb hier alleen maar krengen gezien met spuiten en van die brede banden waar ze me mee vast hebben gebonden.
Johan; Is Nadine al bij je geweest?
Tony: Nee, nog niet gezien.
Maar gelijk stapt die ook de kamer in.
Tony: Nadine, kun jij er iets aan doen dat ze me niet zo beestachtig behandelen?
Nadine; Ik regel dat direct voor je.
Nadat Nadine de arts en de verpleging flink had toegesproken werden de fixaties losgemaakt.
Tony: Heel erg bedankt Nadine.
Nadine; Maar nu wil ik wel van je weten waarom je niets hebt gezegd tegen Britt of tegen mij, van die manipulaties.
Tony: Ik kon het niet. Hij had mij volledig in zijn greep. Hij zei dat hij Dorien en Britt heel wat ernstigs aan zou doen als ik er iemand wat van zou zeggen.
Nadine; Hoe was zijn nam ook weer?
Tony: Ik weet niet (maar dat was een klare leugen, en Nadine had dat gelijk door)
Nadine: Tony, vooruit. Jullie hadden hem al eens opgepakt. Wij moeten hem vinden. Die gek loopt nog steeds vrij rond. Ik wil niet dat hij nog meer slachtoffers gaat maken.
Tony: Jullie moeten Britt gaan helpen. Laat mij maar. Ik heb het niet verdient dat ze mij helpen. Ik ben schuld aan dit alles.
Johan :Tony, jij bent geen schuld. Jij bent ook het slachtoffer van die ….van die…eikel.
Tony: Johan, ga naar Britt en zeg haar dat ik altijd van haar heb gehouden en om haar heb gegeven, maar het is over.
Johan begint zich nu kwaad te maken: Tony, goddomme. Doe je dit zelf niet aan. Zeg tegen Nadine wie die vent is. Laten ze hem oppakken en veroordelen en zorg dat je weer gezond word. Er zijn mensen die om je geven, die heel veel om je geven. Die kun je niet zomaar laten schieten.
Tony ligt nu jankend in bed en draait met moeite op haar zij, want ook haar rug deed nog pijn, alhoewel onder de medicatie viel dat nog wel mee.
Johan: Tony??
Tony begint nog harder te huilen en ineens schiet ze overeind en lijkt helemaal in de herbelevingen te zitten. Ze is aan het schelden en ze slaat heftig van zich af en ze roept alle dingen die er tegen haar geroepen waren toen ze werd verkracht, en toen ze onder druk werd gezet om Britt te verraden.
Johan neemt haar in zijn armen en probeert haar te sussen.
Tony: Jij vuile hoer. Jij gaat hier van lusten. En die sloerie krijgen we ook wel, maar eerst maken we jou kapot.
Johan; Kalm maar Tony. Laten ze hem maar oppakken dan kun je dit achter je laten. Britt is niet boos op je. Ze is heel verdrietig dat je haar niets hebt gezegd.
Tony: Maar ik kon haar niets zeggen. Ze had al zoveel…… En waarom is ze dan niet hier als ze niet boos is??
Johan: Ze was hele ongerust over je en is je gaan zoeken. Toen is ze gevallen en heeft ze zich verwond.
Tony: Is het erg?
Johan; Nogal, maar de dokters behandelen haar hele goed.
Tony: Wat mankeert haar?
Johan: Enkel gebroken, rugwervels gebroken, nekwervels verschoven en kneuzingen.
Tony: Zie je wel dat ik alles kapot maak?
Johan: Britt is van een hek afgesprongen om naar jou toe te komen. Ze voelde aan dat je in de problemen zat en wilde je perse helpen. Ze lette niet op gevaar voor zichzelf. JIJ HEBT HAAR DIT NIET AANGEDAAN.
*
Tony: Ik had haar nog zo gezegd dat ze me niet moest gaan zoeken.
Nadine: Hij heeft jou ook hierheen gebracht? Naar die vuilstort? Tony, je moet me zijn naam nu echt gaan geven. Ik kan het niet toestaan dat jij informatie achterhoud die van levensbelang kan zijn.
Tony: (snotterend) Jonckheere, Steev Jonckheere.
Nadine; Goed houden Tony. Ik ga nu naar het commissariaat en zodra ik wat meer weet kom ik bij je terug. Jij moet me alles gaan vertellen wat er is gebeurt sinds hij weer vrij is gekomen. En jij moet een aanklacht indienen.
Tony: Ik kan dat niet. Ik heb me zelf om laten kopen.
Naidfne; Jij hebt geprobeerd om je collega en vriendin te beschermen. Jij hebt gehandeld onder morele dwang. Dat wordt je niet aangerekend. We moeten hem vinden en weer uit de maatschappij halen.
Johan; Tony, Nadine heeft gelijk. Zo iemand hoort niet vrij rond te lopen. Hij is een gevaar voor de mensheid en hij heeft al genoeg stuk gemaakt. Laat Nadine je helpen, en als je rechtsbijstand nodig hebt, dan weet je dat ik je zal helpen.
Tony: Maar Britt dan? Die ligt helemaal in de kreukel, die kan ik toch niet meer onder ogen komen? Nooit meer.
Johan: Zorg dat je goed beter word en ga dan met me mee naar Britt toe en vertel haar wat er is gebeurt. Leg het haar uit, ik weet zeker dat ze je wel begrijpt.
 
Omdat Tony had aangegeven dat er haar vreselijke dingen waren aangedaan (pressie, groepsverkrachtingen, mishandeling etc.) en omdat ze gevraagd had om hulp kreeg ze elke dag een gesprek met een psychiater en begon ze langzaam weer wat grip op haar leven te krijgen. Na iets meer dan een week was ze lichamelijk zover opgeknapt en psychische stabiel dat ze met ontslag mocht en slechts poliklinisch terug hoefde te komen bij de psychiater.
 
Johan ging elke dag naar Britt, maar die werd nog steeds slapende gehouden. Aan haar gezicht was te zien dat ze nog heel erg onder de helse pijnen leed. Haar wangen waren ingevallen, rondom haar ogen zaten donkere kringen en als hij haar aanraakte merkte hij dat ze van de pijn vertrok.
Het deed hem pijn om Britt zo te zien en ook Johan begon eronder te lijden.
Tony was nog steeds bang om Britt onder ogen te komen en nu ze Johan zo zag lijden kreeg ze ook moeite om hem te zien.
 
Nadine had een grootscheepse zoekactie opgezet om die Steev Jonckheere te vinden en was daar uiteindelijk in geslaagd en kwam nu naar het ziekenhuis om Tony te informeren. Ze was blij te horen dat Tony die dag met ontslag mocht maar merkte aan haar ook een zekere behoudenheid.
Nadine; Wat is er Tony? Ben je niet blij dat je weg mag? En dat we die Steev hebben opgepakt?
Tony: Moet ik hem nu aanwijzen als degene die ons dit heeft aangedaan? Moet ik hem gaan zien in de rechtszaal? Ik durf dat niet Nadine.
Nadine; Je kunt hulp krijgen van de korpspsycholoog, of ook wel in overleg met je behandelend psychiater hier door gaan, maar ja, je zult de confrontatie aan moeten gaan.
Tony: Maar ik ben zo bang. Wat als hij weer vrij komt? Dan heeft hij een nog grotere haat tegen mij.
Nadine; Als wij een goede verklaring op kunnen nemen en we kunnen die handlangers van hem oppakken dan kun je ervan verzekerd zijn dat hij voor een hele lange tijd achter de tralies verdwijnt.
Tony: Maar nu is ook Johan boos op mij. Met Britt gaat het nog steeds niet beter en ik zie gewoon aan Johan dat hij mij verantwoordelijk houd voor wat er met haar gebeurt is.
Nadine; Wanneer is hij hier nog geweest?
Tony: Eergisteren.
Nadine: Heeft hij gezegd dat jij verantwoordelijk bent voor Britt?
Tony: Niet met woorden.
Nadine; Dan denk ik dat jij dezelfde fout maakt als Britt, namelijk dat je gedachtes het winnen van je gezonde verstand. Kom , we gaan even bij Britt langs en zien hoe het met haar is.
Tony: Ik durf niet.
Nadien twijfelt niet en neemt Tony bij haar arm, pakt in de andere hand diens tas (want Tony had nog steeds die gipsspalk die na de operatie aan haar arm zat, zodat de pezen en spieren weer goed aan elkaar zouden groeien), die ze zelf niet kan dragen en ze lopen voorzichtig naar de intensieve, waar Britt nog steeds aan de beademing ligt.
Nadine merkt dat Tony staat te trillen als een rietje.
Nadine; Tony ga even zitten voor dat je omvalt.
Als Tony net zit komt ook Johan weer binnen.
Johan: Hoi Tony, ik wilde net bij je langs gaan toen de zuster mij vertelde dat je vandaag naar huis mag. Alles goed met je?
Tony: Nee.
Johan: Wat is er dan?
Tony: Nu ben jij zeker ook kwaad op mij dat ik Britt hierin heb meegetrokken? Ik zie het aan je gezicht.
Johan; Tony!! Dat zou ik nooit denken. Jij hebt me verteld hoe het allemaal is gekomen. En ja, ik was eerst wel boos, maar dat was toen je Britt die koffiebeker tegen het hoofd had gegooid en ik NIET wist wat er aan de hand was, maar nu jij hebt verteld wat er is gebeurt begrijp ik het en ben niet meer boos op je.
Tony: Maar ik zie het aan je gezicht.
Johan: Ik denk dat je ziet dat ik heel moe ben. Wel, ik slaap niet zo goed. Ik maak me zorgen om Britt, die blijft zoveel pijn houden dat ze nog steeds onder de morfine zit, en Dorien is elke avond en nacht angstig en onrustig, dus dan komt er van slapen ook niet veel terecht.
Tony: Ben je echt niet boos op mij?
Johan; Nee Tony.
En dan buigt hij naar haar toe om haar te omhelzen en een knuffel te geven.
Tony: Wil ik dan een paar daagjes op Dorien passen zodat jij ook wat tot rust komt?
Johan; Jij moet eerst zelf wat op krachten komen.
Tony: Mag ik zo vrij zijn om mezelf uit te nodigen bij jullie thuis? Ik kan denk ik zo nog niet echt goed voor mezelf zorgen, maar ik kan wel wat op de kinderen letten en met hun bijvoorbeeld het huiswerk doen of met ze praten en naar ze luisteren.
Johan: Zou je dat willen? Tony je bent een engel
Als ze naar Britt zien, merken ze dat die nu toch wel wat meer lijkt te reageren op hun aanwezigheid.
Johan neemt Britt haar hand en streelt die zacht. Dan ziet hij dat ze weer een verwoede poging doet om haar ogen te openen. Maar het enige wat ze te zien krijgen zijn tranen.
Britt kan nog niet echt wakker worden maar haar tranen van verdriet en pijn nemen de vrije loop.
Tony buigt naar haar toe en veegt heel voorzichtig haar tranen weg en zegt tegen haar: Sorry Britt dat het allemaal zo uit de hand is gelopen. Ik dacht dat ik je beschermde door niets te zeggen, maar het is helemaal verkeerd afgelopen. Wordt alsjeblieft weer beter. Wil je dat, alsjeblieft? Ik heb je nodig. Ik kan niet zonder jou.
Dan merkt ze dat Britt probeert om te praten maar door de tube in haar keel lukt dat niet. Wel ontstaat er een behoorlijke hoestprikkel en dat maakt Britt heel benauwd en heel angstig. Door het hoesten ligt ze ook niet meer stil en Johan ziet gelijk allerlei spookbeelden van losgeschoten botfragmenten die het ruggenmerg van Britt beschadigen.
In paniek staat hij om zich heen te roepen om een dokter.
Vlug komt die er ook bij en die hanteert snel de slijm afzuigapparatuur, zodat het losgekomen slijm geen prikkeling meer kan geven in Britt haar keel.
Arts; Dat was niet zo goed. Ik hoop dat alles nog goed op de plek zit.
Een eerste voorlopig onderzoek kan aangeven dat het dit keer gelukkig goed is gegaan.
Johan staat nu met knikkende knieën naast het bed.
Arts: We kunnen heel voorzichtig beginnen wat minder morfine te geven en hopen dat ze de pijn kan hanteren. Het word er ook niet beter op als ze continu onder de morfine zit. Ik zal met mijn collega's gaan overleggen of we daar morgen mee kunnen beginnen. Maar ga nu eerst naar huis en probeer weer wat tot rust te komen. Daar heeft Britt veel meer aan als ze weer bij komt.
Een voor een nemen ze op hun eigen manier afscheid van Britt en vertrekken dan naar het huis van Britt en Johan, waar Dorien weer eens in een akelige pestbui is.
Tony: Het Dot, hoe is het?
Dorien: Slecht. Ik mag niet naar mama toe en ik wil gewoon mijn mama zien.
Tony: Wil je even bij me komen zitten en wat vertellen hoe je je voelt?
Dorien: Nee, niet hier.
Tony: Op je kamer dan?
Dorien: Is goed.
En zo vertrekken Dorien en Tony naar boven.
Simon valt dan huilend zijn vader in de armen.
Johan: Hé, kerel. Wat is dat nu?
Simon: Dorien mist haar mama heel erg. En ze doet steeds zo boos tegen mij en ik wil haar alleen maar helpen. Wanneer gaat Britt weer beter worden? Ik mis haar ook en ik vind het niet leuk als Dorien zo doet, maar die kan er toch niets aan doen?
Johan legt zijn armen om Simon heen en probeert hem te troosten.
Nadine vraagt met een oogopslag of ze nog wat kan doen, maar als Johan ontkennend zijn hoofd schud besluit ze om maar weer weg te gaan.
Ze weet wel dat Tony of Johan zullen bellen als er wat is.
Na een half uurtje komen Tony en Dorien weer samen naar benden en loopt Dorien rechtstreeks op Simon af en neemt hem in haar armen: Sorry Simon dat ik zo naar tegen jou heb gedaan. Ik weet wel dat je me wilde troosten, maar ik wilde zo graag mijn mama zien en dat mocht steeds niet. Ik mis haar en daar ben ik erg verdrietig van. Maar Tony heeft het mij uitgelegd. Weet je trouwens dat Tony hier een paar dagen blijft dan helpt ze ons met het huiswerk en zo, en kunnen we samen spelletjes doen. En ik denk dat Johan dan ook wat meer rust krijgt.
Simon: Is goed Dorien. Ik weet wel dat je niet echt boos op me was. En ik hoop ook echt dat je mama heel gauw weer beter wordt.
Nu de rust weer wat is teruggekeerd zorgt Johan voor een goed een gezonde maaltijd en merkt direct aan de kinderen dat die een stuk angst en spanning kwijt zijn. Ze zijn heel rustig die avond en gaan zonder problemen op bed. Johan heeft voor Tony het logeerbed op Dorien haar kamer gezet. Dorien wilde dat graag en Tony had daar geen problemen mee. Zo kon ze ook gelijk merken als Dorien 's nachts weer onrustig zou worden.
Zowel Tony als Johan zijn door alle gebeurtenissen ook behoorlijk de bout af en liggen al vroeg in bed.
Maar die nacht krijgt Johan telefoon of hij zo snel mogelijk naar het ziekenhuis wil komen.
Zonder zich te bedenken of Tony te informeren schiet hij in zijn kleren en racet naar het ziekenhuis en vliegt in de derde versnelling naar de kamer waar Britt ligt.
Daar staat de dokter ook al aan het bed van Britt, die zelf door de morfine heen weer wakker was geworden. Haar gezicht zag er wat gezwollen uit maar ze was aanspreekbaar en had aangegeven dat ze Johan heel graag hier wilde hebben.
Nu hij daar was zag hij dat ze een flauwe glimlach op haar gezicht kreeg.
Johan keek de dokter vragend aan en die kon ook niet meer doen dan zijn schouders ophalen.
De nachtzuster bood hem een stoel aan en Johan ging zitten en nam Britt haar hand in de zijne.
Johan: Britt, ik ben zo blij dat je er weer bent.
Britt; Ik ook.
Ze klonk nog erg hees want ze had meer dan een week die slang voor de beademing in haar keel gehad. Johan merkte dat ze weer een hoestprikkel kreeg en dus kwam er vlug een zuster om het slijm weer weg te zuigen.
Britt; Heb je Tony gezien Johan? Hoe is ze er aan toe?
Johan: Britt ik ben zo blij dat je het gehaald hebt.
Britt; Wat is er met mij dan?
Johan: Jij hebt Tony gevonden. Maar Nadine had nog zo gezegd dat je voorzichtig aan moest doen en toen ben je zo over dat hek geklommen en aan de andere kant naar beneden gesprongen. Britt ik was zo ontzettend bang toen je naar beneden kwam, maar jij leek niet te stoppen en hebt je over dat terrein gesleept en zelf je partner opgespoord. Jij hebt haar gevonden en haar leven gered.
Britt; Wat is er dan met Tony?
Johan; Iemand had haar onder druk gezet en toen ze niet meer kon toen wilde hij haar uit de weg ruimen en het op een zelfmoord laten lijken, net als toen bij die brug.
Britt; Welke brug?
Johan: Britt, ik denk dat je niet zo veel moet praten. Je bent heel erg ziek. Doe het rustig aan, rust uit en zorg dat je op krachten komt.
Britt; Maar wat is er dan met me? Ik voel bijna niets.
Johan: Je hebt je rug op twee plaatsen gebroken, en je enkel ligt in puin.
Britt; Ben ik verlamd??
Johan: We hopen van niet, maar je moet heel erg stil blijven liggen anders kunnen die botstukken in je ruggenmerg raken en dan ben je wel verlamd.
Britt; Maar ik voel mijn benen niet (bang)
Johan: Rustig Britt, alsjeblieft hou je rustig. Tot zover is het goed gegaan. Ga slapen en laat de dokter morgen heel goed onderzoeken hoe het met die wervels is.
Britt; Ik ben bang Johan.
Johan; Ik ook Britt, en ik weet dat het voor jou veel moeilijker is dan voor mij. Ik heb de pijn niet, maar ik vind het heel erg jou hier zo te zien liggen.
Britt; Is het met Tony wel goed gekomen dan?
Johan: Ja. En ik heb haar gevraagd of zij ook weer met jou wil gaan praten. Zelf zei ze dat ze je wel wat uitleg verschuldigd is.
Britt; Ik wil haar graag zien Johan.
Johan; Het is midden in de nacht. Het is half drie. Die slaapt.
Britt: mmmm.
Johan; Britt??
Maar Britt zegt al niets meer en is weer in slaap gevallen.
Nadat hij Britt een klein kusje op haar hoofd heeft gegeven loop hij naar de gang en zoekt een zuster.
Zuster: Kan ik wat voor u doen?
Johan: Gaat het goed komen met haar? Hoe kan het dat ze waker is geworden ondanks die hoge dosis morfine?
Zuster: Waarschijnlijk pure wilskracht. Blijkbaar zit ze ergens mee dat ze wil oplossen of uitzoeken, maar we konden haar er niet meer onder houden.
Johan: Maar die breuken in haar rugwervels? Is het risico niet heel groot dat dat alsnog mis gaat?
Zuster: De artsen hebben haar morgenochtend als eerste op het chirurgenoverleg staan.
Johan: Gaan ze haar opereren?
Zuster: Dat weet ik niet. De artsen gaan haar situatie morgenochtend bespreken. Ik denk dat u beter naar huis kan gaan en proberen wat te slapen. Als er iets is zullen we u bellen.
Johan; Bedankt dat jullie me nu ook hebben opgeroepen.
Zuster: Geen dank.
 
Als Johan weer thuis komt ziet hij dat Tony met Dorien op de bank zit.
Dorien was weer roepend van angst wakker geworden en Tony had haar even meegenomen om de dromen in de slaapkamer te onderbreken. Ze begon net weer te doezelen toen Johan binnenkwam en die nam haar gelijk op om terug naar bed te brengen.
Toen hij terugkwam vertelde hij van de situatie met Britt.
Tony: Dus ze gaat weer goed worden?
Johan: Dat weten we nog niet. Ze zei dat ze bang was, en dat geloof ik graag.
Tony: En ze zei ook dat ze me wilde zien? Is ze niet boos meer op mij?
Johan: Ik geloof dat ze nog steeds niet begrijpt hoe ernstig ze gewond is geraakt.
Tony: En dat is allemaal mijn schuld (nu bijna huilend)
Johan gaat naast haar zitten en neemt haar even in zijn armen: natuurlijk is het jou schuld niet Tony. Die Steev, die heeft dit allemaal op zijn geweten. Het is niet jou schuld. Morgen gaan we samen naar Britt en dan kun je haar dit ook vertellen.
Tony: Maar ik ben nog zo bang voor haar.
Johan: Tony, als Britt iets niet nodig heeft nu, dan is het dat mensen bang zijn van haar. Alsjeblieft, ga mee en praat met haar.
Tony: Oké, ik ga mee. Als ik nog eerst wat kan slapen.
Johan: Lukt het jou ook niet dan?
Tony: Nee, ik begrijp nu hoe jij je voelt als Dorien bijna elke nacht wakker is geworden.
Johan: Ga maar op bed, dan breng ik je zo een slaapmutsje. Ik weet zeker dat je daar lekker op zal slapen.
Na een kleine tien minuten is Johan op de kamer van Tony en Dorien en heeft een beker warme melk met honing bij en geeft die aan Tony.
Tony: Wat is dat?
Johan: Mijn slaapdrankje.
Tony: Maar ik lust geen warme melk.
Johan: Probeer het maar, ik wed dat je binnen vijf minuten slaapt.
En zo geschiedde. En ze sliep lekker door tot een uur of negen en toen schrok ze wakker omdat ze het ineens zo heel stil vond om zich heen.
 
Met een slaperig hoofd loop ze naar de keuken en ziet dat Johan al uitgebreid de krant zit te lezen met een kop koffie bij zich.
Johan: Jij ook?? (wijzen d op de beker)
Tony: Graag. Dat spul van jou werkte goed gisteravond.
Johan: Wist ik wel, daarom gaf ik het jou ook.
Tony: Zeker net zo goed als een stevige borrel, maar daar heb je 's morgens altijd veel meer last mee.
Johan: Precies zo het is.
Nadat Tony haar koffieshot heeft gehad en (verplicht) ontbijt heeft genomen maakt ze zich klaar en vertrekken ze naar het ziekenhuis.
Nu ligt Britt er al een stuk beter bij. Haar gezicht is niet meer zo gezwollen en de zuster had al aangegeven dat ze een rustige nacht had gehad.
Tony twijfelt of ze de kamer binnen zal gaan, maar Johan geeft haar een licht duwtje in de rug.
Britt probeert wat opzij te kijken maar voelt dan een stekende pijn in haar nek en kijkt rap weer strak voor zich uit.
Even nadat Tony en Johan binnen zijn gekomen komt er ook een therapeut binnen en moeten ze weer buiten wachten.
De manuele therapeut was door de artsen juist gevraagd om het nekprobleem van Britt te bekijken en zonodig te behandelen. Het was een hele goede therapeut, maar mede omdat Britt haar spieren nog heel erg slap waren doordat ze zolang morfine had gehad kon hij heel goed voelen wat en waar er iets niet goed zat in haar nek en met enkele eenvoudige grepen en wat drukpunten kon hij de wervels van haar nek weer goed in lijn krijgen en kon Britt ook haar hoofd weer redelijk draaien. Nu moest de fysiotherapeut het overnemen om met de spieren te gaan oefenen soda die weer sterker zouden woorden.
Johan en Tony mochten nu ook weer de kamer in en Tony liep langzaam op Britt toe.
Britt; Tony!?!? Wat is er met je arm?
Tony: Het moest op zelfmoord lijken, maar iemand anders heeft dit gedaan. Ik dacht dat ik er geweest was, maar iets, of iemand heeft me terug gehaald uit de dood.
Britt: Dat ben ik geweest. Ik wilde je niet kwijt. Tony, wat heb je me toch gemaakt? Wat was er aan de hand?
Tony: Oh, Britt, ik kan het je niet vertellen. Nu nog niet. Ik ben er zelf nog kapot van.
Britt; Maar waarom was je dan ineens zo boos op mij?
Tony: Ik kon je niet vertellen wat er was. Ik wilde je niet meeslepen in de klotesores waar ik in terecht was gekomen, maar kijk eens hoe ik ook dat weer verkloot heb.
Britt; Jij hebt niets verkloot. Ik heb met je te doen Tony. Maar ik wil je niet kwijt. Wil je alsjeblieft mijn vriendin blijven? Alsjeblieft?
Tony: Maar na wat ik je heb gedaan?
Britt: Ik heb je nodig Tony. Maar ik wil geen misbruik van je maken. Als je mijn vriendin wilt zijn kan ik je dit vragen, maar als je me niet meer moet, ik bedoel, echt niet meer, dan vraag ik het je niet.
Tony: Wat wil je vragen?
Britt; Ik zal denk ik heel lang moeten revalideren, en veel pijn moeten lijden. Ik heb iemand nodig die mij kent en die dat samen met mij wil doen. En jou vertrouw ik dat toe, helemaal.
Tony: Britt, ik wil alles voor je doen, als je maar weer gezond gaat worden. Ik kan niet leven met de gedachte dat jij iets blijvends hebt opgelopen door mijn stomme gedoe.
Britt; Maar wat is er dan Tony?
En nu begint Tony het verhaal te doen van die Steev die hun ooit hadden opgepakt. Ze ziet dat Britt weer helemaal wit om haar neus wordt en bijna begint te hyperventileren.
Tony: Maar Nadine heeft hem opgepakt en nu zal hij echt niet meer vrij komen. Ze zegt dat we geen bang meer hoeven te hebben voor hem.
Britt: Maar dat weet je niet. (hyperventilerend/hees)
Tony: Britt, wees rustig, alsjeblieft. (smekend)Britt haar kaken verkrampen helemaal en ze begint met haar armen om zich heen te slaan en dreigt echt in paniek te geraken.
Johan neemt haar bij de polsen en probeert haar te sussen en langzaam zakt Britt weer wat terug in rust.
Tony: (huilend) Britt, alsjeblieft, doe nou voorzichtig.
Dan komt het peloton artsen naar binnen en vragen of Johan en Tony weer naar buiten willen gaan.
Britt: Nee, ze moeten blijven. Ik durf dit niet alleen.
Arts: Maar we zullen u moeten onderzoeken.
Britt; Johan is mijn lief, die heeft me heus wel vaker gezien, en Tony is mijn partner bij de Flikken en wij hebben heus ook wel eens een kleedkamer gedeeld.
Arts: Bon. Dan wil ik nu wat testjes bij u doen. Heeft u nog pijn gehad vannacht en vanmorgen?
Britt; Alles doet pijn.
Arts: Wat voor soort pijn is het?
Britt; Alsof er met messen in mijn benen en mijn rug wordt gestoken.
Arts: (slaat de dekens terug en laat een zuster het verband van het been afhalen.) Die wond ziet er mooi uit.
Britt; Wat is ermee gebeurd?
Arts: Wel, u dacht dat u superwoman was en bent van een hek van vier meter hoog gesprongen. Niet zo verwonderlijk dat dan het een en ander kapot kan gaan in uw been. Uw enkelbanden waren allemaal afgescheurd, uw hielbeen is gebroken en daar hebben we schroeven in gezet, uw heup was uit de kom en die hebben we er weer ingezet.
Britt: Gaat het goed komen?
Arts: Zo het eruit ziet gaat dat enkel weer helemaal goed komen.
Britt; Maar mijn rug dan? Ik voel bijna niets in mijn benen. Johan zei dat er misschien botstukjes in mijn ruggenmerg konden komen en dat ik dan verlamd zou geraken.
Arts: Dat risico zit erin. Daarom hebben we u ook zo lang met morfine onder zeil gehouden opdat de botstukjes rustig weer aan elkaar kunnen groeien, maar u lijkt wel minder of ongevoelig voor de morfine en bent er zo maar wakker bij geworden, terwijl een beetje vent van postuur, hier toch zeker een week of twee op zou kunnen slapen.
Britt: En nu dan?
Arts: We gaan straks weer opnieuw foto's maken. Nu wil ik wat testjes doen om te zien of de prikkeloverdracht vanuit de zenuwen naar de voeten goed verloopt.
Hij pakt voorzichtig haar linkerbeen op en betast de voet en het enkel en beweegt er wat mee. Dit was het enkel wat zo zwaar beschadigd was, maar door de operatie was alles goed op de juiste plek blijven zitten en kon dus ook alles redelijk normaal bewegen. Als hij met een reflexhamer onder de voeten slaat en strepen trekt merkt hij dat de reflexen wel werken, zij het nog wat zwak en vertraagd Bij de andere voet gaat het wat moeilijker.
Het doet ook pijn in Britt haar onderrug als hij het been wil opbeuren.
Johan ziet dat Britt de tranen in haar ogen heeft staan en pakt haar hand om haar zijn steun te bewijzen.
Op een teken van de arts, gaan twee collega's dicht naast het bed staan en proberen de rug stabiel te fixeren en haar op haar linker zijde te draaien.
Britt gilt het uit van de pijn. Vlug wordt ze weer op haar rug gelegd en de arts laat gelijk weer morfine spuiten om de ergste pijn te dempen.
Arts: We gaan nu een MRI scan maken. Dit is niet normaal. Sorry dat het u zo'n pijn bezorgde.
Britt; Kunnen jullie dat dan niet ook vastzetten met schroeven of zo? Ik ben zo bang dat ik door de pijn ga bewegen en het helemaal mis gaat.
Arts: Dat zal niet gaan. De botdelen zijn te klein om te schroeven, maar daardoor ook gevaarlijk scherp als kleine deeltjes die ernstige gevolgen kunnen hebben als ze gaan "wandelen", vandaar die moeilijke opdracht om vooral stil te liggen. Maar als het u echt heel veel moeite kost kunnen we ook psychische hulp voor u inschakelen om hier mee te leren omgaan.
Britt: Alles, als het maar weer goed word.
Arts: Ik laat u zo ophalen voor de scan, en dan zie ik u begin van de middag terug voor de uitslagen.
 
Als de arts weg is zit Tony huilend naast een huilende Britt.
Johan; Britt, het gaat wel goed komen meid. Heb vertrouwen in de artsen.
Britt; Maar de pijn.....
Tony: En het is allemaal mijn schuld.
Britt; (wat boos nu) Hou eens op zeg. Ik heb toch gezegd dat jij geen schuld had. IK ben over dat hek gesprongen. Jij werd door die... die,.... die hufter onder druk gezet. Ik zie hem liever dood dan in het gevang.
En van die laatste opmerking moet ze zelf ook wel schrikken.
Tony is inmiddels opgestaan en huilend de kamer uitgelopen.
Johan kijkt Britt eens aan en ziet de spijt in haar ogen en vlug loopt hij ook de gang op om Tony te zoeken.
Na een poosje treft hij haar aan in de wachtruimte bij de poliklinieken
Johan; Tony, wil je alsjeblieft mee terug komen? Britt wil je spreken.
Tony: Britt is kwaad op mij, dat kon je toch zelf horen.
Johan: Britt is in de war. Dat praat het niet goed wat ze deed, maar ze heeft veel pijn en ze is heel angstig, maar ze heeft gelijk dat het niet jouw schuld is, besef dat dan. Jij bent onder druk gezet om Britt aan hem uit te leveren. Jij hebt je met hand en tand verzet om Britt te beschermen. Britt heeft vreselijk hinder van een schuld gevoel en nu ze zo op bed ligt kan ze niets om jou dat duidelijk te maken. Tony, help me alsjeblieft om Britt hier doorheen te krijgen. Wij hebben je nodig.
Tony veegt haar tranen weg en loopt weer mee naar de kamer, maar Britt is dan al weg voor de scan.
 
Om half twee komt de arts terug en zijn gelaatsuitdrukking laat zien dat hij tevreden is over de uitslagen.
Arts: Wel, ik denk dat we van een klein bedje geluk kunnen spreken.
Johan: Het gaat goed komen??
Arts: De meest moeilijke stukjes lijken zich gehecht te hebben. Mits voorzichtig, zullen die niet meer los geraken en geen risico meer opleveren.
Britt; En nu?
Arts: We willen u nog minstens twee weken platte bedrust geven, maar ik denk dat we u dan op een kantelbed leggen en om de vier uur gaat u van uw buik naar uw rug. Op die manier kan de fysiotherapeut ook oefenen met de benen en de rugspieren. Die zult u namelijk heel behoorlijk moeten aanspreken om weer goed te kunnen gaan.
Britt; Ik doe wat u zegt. U bent de dokter. Hoelang gaat het duren?
Arts: Dat weet ik nog niet. Na die twee weken zult u een gipskorset krijgen en gaan we oefenen met lopen en staan. Als dat goed gaat mag u naar huis en komt u hier alleen voor oefeningen en na-controle en dan zullen we per keer bekijken hoe we verder gaan.
Britt; Dus ik zal weer kunnen gaan?
Arts: Ja. Daar heb ik vertrouwen in.
Johan; Bedankt dokter. Dit hadden we echt nodig om te horen.
 
Als de arts dan weer weg is vraagt Johan of Dorien dan eindelijk eens mee mag komen om haar moeder te zien. Als hij buiten loopt om Dorien dan ook maar gelijk uit school te halen blijft Tony bij Britt achter.
Het blijft heel lang stil op de kamer. Geen van beiden durft goed wat te zeggen.
Britt: Tony?
Tony: Ja Britt? (opgelucht dat de stilte verbroken werd)
Britt: Ik heb pijn... (happend om lucht binnen te krijgen)
Tony: Waar dan Britt? Waar heb je pijn?
Britt: Mijn rug. Het lijkt wel of er iemand met een mes in zit te steken. Haal een dokter, alsjeblieft.
Maar de arts die snel ter plaatse is weet ook niet hoe het komt dat Britt zoveel pijn ervaart. Hij stelt voor dat de manuele therapeut ook naar haar rug komt kijken, maar die is niet aanwezig en men laat een dringende boodschap voor hem achter.
Onderwijl ligt Britt nu jankend van de pijn in bed. Tony ziet het met lede ogen aan en kan niet veel meer doen dan Britt haar hand vasthouden en haar door haar gezicht en haar haren strelen.
Na iets meer dan een half uurtje komt Johan met Dorien terug.
Dorien is erg schuchter. Ze weet dat Britt heel erg te pas is gekomen na die sprong van het hek, maar ze had haar moeder sindsdien nog niet weer gezien.
Ook nu schrikt ze als ze haar moeder zo droevig en behuild in bed ziet liggen.
Britt doet alle moeite om zich goed te houden om Dorien niet verder af te schrikken. Voorzichtig steekt ze een hand op en reikt die naar haar dochter die hem aarzelend aanneemt.
Dorien: Mama, heeft u nog veel pijn?
Britt; Ja, meisje, het doet nog erg veel pijn. Maar ik ben heel blij dat ik jou weer zie. Ik heb je gemist.
Dorien: Is het weer goed tussen u en Tony?
Britt; Het is nooit echt fout geweest. Tony dacht dat ik boos was, maar dat is niet zo. Wij moeten alleen heel erg ons best doen om dat Tony duidelijk te maken, maar ik denk dat het wel zal lukken als jij mij er een beetje bij helpt. Ik kan nog niet zoveel nu.
Dorien: Wat moet ik doen dan?
Britt; Wat dacht je ervan om Tony eens een lekkere dikke knuffel te geven? Net zo eentje als jij mij altijd geeft als wij wat met elkaar goed te maken hebben? En dat je dan eens bij haar op schoot gaat zitten, anders kan ik je niet goed zien, want ik mag me niet bewegen van de dokter.
Dorien draait zich om en springt gelijk bij Tony in haar armen en stoot tegen haar spalk aan. Tony voelt een felle pijnscheut, maar houd zich goed. Ze begrijpt de bedoelingen van Dorien wel.
Dan kroelen ze elkaar en knuffelen dat het een lieve lust is. Johan ziet met blijde ogen dat het Britt wat opfleurt.
Dan gaat Dorien rustig bij Tony op schoot zitten en begint honderduit te praten tegen Britt die er echter heel erg vermoeid van wordt.
Johan: Dot, zullen we zo weer eens naar huis gaan?
Dorien: Jij mag geen Dot zeggen. Dat mag alleen mama en Tony.
Johan: Sorry dan, Dorien. Ik denk dat Simon ook zo thuiskomt, en dan kunnen we vanaf morgen wel weer gewoon op bezoek gaan bij mama als ze dat leuk vind tenminste?
Dorien: Denk je dat ze zonder jou en mij kan? Ik denk het niet, dus we gaan mooi elke dag hierheen.
Johan: Afgesproken. Ga je nu mee?
Dorien neemt afscheid van Britt, en ook Johan zoent haar teder.
Hij spreekt nog kort met Tony, maar die besluit nog even te blijven om Britt wat bij te staan.
Als de rust is teruggekeerd begint Britt de pijn ook weer te voelen en Tony ziet weer dat de spanningen bij Britt hoog oplopen.
Zachtjes legt ze haar goede hand bij Britt op het borstbeen en begint heel subtiel wat ademhalingsoefeningen te doen en zonder dat ze het eigenlijk in de gaten heeft doet Britt al mee en wordt er ook rustiger van en heeft meer controle op haar pijnen.
Dan eindelijk om half zes komt de manuele therapeut (Bert) de kamer in om eens bij Britt te gaan zien.
Bert: Ik stel voor dat we je eerst op dat kantelbed overplaatsen. Is het trouwens goed dat we elkaar tutoyeren?
Britt: Ja, doe maar, als je me maar van de pijn afhelpt.
Bert begint de zaken te regelen maar het duurt nog ruim een uur voor dat het bed arriveert.
Britt heeft het ondertussen niet meer van de pijn. Ze is kotsmisselijk en kan echt alleen met de allergrootste moeite stil blijven liggen. Het liefst was ze uit bed gesprongen en had haar gymoefenigen gedaan om haar rug zo te bewegen dat het voor haar gevoel weer recht zat.
Met vier man sterk wordt de transfer gemaakt en tijdens de overplaatsing kotst Britt de hele boel aan elkaar. Ze ziet geel een groen van misselijkheid maar uiteindelijk ligt ze dan op haar buik op het nieuwe bed. Dit alleen al geeft een hele verlichting voor haar klachten.
Tony is heel de tijd bij Britt gebleven en zij is ook de eerste waar Britt naar vraagt als ze weer een beetje bijkomt.
Tony gaat bij het hoofdeinde zitten maar ziet alleen de achterkant van Britt haar hoofd.
Haar gezicht ligt in een kuiltje en ze kan alleen naar de grond kijken.
Daarop besluit Tony om zelf ook maar op de grond te gaan liggen zodat ze met Britt oogcontact kan maken.
Als ze languit op de vloer ligt moet Britt er wel een beetje om lachen en ineens schiet er wat in haar rug.
Britt; Auwww!!
Bert: Wat is er Britt? Ik deed nog niets.
Britt; Ik moest lachen en toen voelde ik iets bewegen in mijn rug.
Bert: Ik ga nu je ziekenhuisjackje omhoog doen en dan ga ik weer met mijn handen je hele wervelkolom aftasten. Ik weet niet of mijn handen te koud zijn, maar dan moet je me dat even zeggen. Oké?
Britt; Oké.
Terwijl Bert's handen heel behoedzaam de rug aftasten ziet Tony de spanning in Britt haar gezicht, alsof ze wil vragen: "Zal dit ooit nog goed komen?"
Als zijn handen ter hoogte zijn van de 4e en 5e lumbale wervel begint Britt opnieuw te kermen van de pijn.
Bert: Ik weet het al Britt. Hier zit een duidelijk probleem. Maar ik kan er nog niet gelijk mee aan de slag. Je energie is daar helemaal geblokkeerd. Ik zal eerst je energiebanen een beetje moeten herstellen anders kom ik er ook niet doorheen.
Britt; Hoe ga je dat doen?
Bert: Ik ga strijkbewegingen langs je rug maken en zo de energie proberen weer in banen te leiden. Het kan of heel warm of heel koud worden, bij jou, maar ook bij mij. Negatieve energie kan ik wel grotendeels weg krijgen, maar daar word ik heel erg moe van, soms bijna ziek. Als het zover is zal ik moeten stoppen om een andere keer verder te gaan. Ik zou je heel graag nu in een keer van je pijn af willen helpen, maar ik weet zeker dat dat niet gelukt, dus ik ga het je niet mooier voorstellen dan het is. Maar ik kan je wel helpen. Maar het zal gewoon wat tijd kosten.
En zo begint hij aan zijn "behandeling", en Britt krijgt het inderdaad heel erg koud. Ze rilt er van en ook wordt ze heel erg moe. Ze voelt letterlijk de energie uit zich gezogen worden.
Bert staat op gegeven moment zelfs te zwabberen naast het bed en moet zich snel neerzetten om niet onderuit te gaan.
Maar uiteindelijk lukt het toch om zoveel pijn weg te nemen dat Britt met een beetje gerust hart, en veel minder pijn, kan gaan slapen.
Het is inmiddels bij tien uur in de avond, en ze ligt al vier uur op haar buik dus nu moet ze gekanteld worden.
Ze voelt zich gelijk een sandwich als ze de rugplank op haar rug voelt en als ze gekanteld word. Gelijk voelt ze ook meer pijn in haar rug, maar ze weet dat het nu de goede kant op gaat .
Tony neemt afscheid van haar en vertrekt dan ook naar haar eigen boot en valt uitgeblust in slaap.
 
Dankzij de manueel therapie lukt het om de ruggenwervels weer goed in lijn te krijgen, waardoor de pijn zo goed als over is.
Na twee weken krijgt Britt haar gipskorset en opnieuw voelt ze het als een tegenslag.
Het aanmeten is een helse klus. Ze hangt half in de takels om de wervels zo recht mogelijk boven elkaar te krijgen en dan zijn er twee gipsbroeders bezig om haar hele lijf, van hals tot bijna op haar billen in het gips in te pakken.
Daarna moet het ruim anderhalf dag goed indrogen en uitharden. Dan worden de randen goed bijgewerkt en krijgt ze voor haar nek toch ook nog een zachte kraag, maar dan kan ze eindelijk ook beginnen met haar loopoefeningen.
Ofschoon Britt maar een redelijk klein postuur heeft, voelt het gipskorset als een loodzware vracht en het kost haar dan ook heel veel moeite om op de been te blijven.
De artsen hadden bewust gekozen voor een gipskorset om te voorkomen dat Britt zich gelijk ging overdoen met de oefening. Maar als het lopen goed gaat en ze dus bijna naar huis mag, krijgt ze een ander korset aangemeten, van veel lichter materiaal.
Ook gaat het oefenen daarmee veel makkelijker. Met de nodige instructies en leefregels mag ze dan eindelijk het ziekenhuis verlaten.
Nu nog loopt ze met krukken, als een tijdelijke ondersteuning, maar als ze straks wat meer kan en mag lopen zal ze zich ook zonder krukken moeten kunnen voortbewegen.
 
Britt neemt haar revalidatie heel serieus en volgt trouw haar therapieën. Zelfs als ze bijna geveld is door de griep wil ze heen gaan, maar daar steekt Johan een stokje voor.
Johan; Jij gaat zo de straat niet op. Jij gaat eerst goed uitzieken en dan mag je weer.
Britt; Maar ik MOET gaan. Het is belangrijk dat ik dit doorzet.
Johan: Lieverd, jij komt er wel. Je hebt al hele grote vorderingen gemaakt. Een paar daagjes kun je echt wel missen. Bovendien, als je koorts hebt mag je geen zware oefeningen doen.
Britt; Ik heb geen koorts.
Johan: Meten is weten. Dus hup, naar de slaapkamer en meten.
Met een sip gezicht reikt Britt Johan de thermometer aan die leest: 39.4°C.
Johan: Moet ik nog wat zeggen, of zal ik maar gelijk een sapje en wat paracetamol gaan halen?
Britt; Een sapje is goed. En verder wil ik alleen jou bij mijn bed hebben, dus hou die pillen maar.
Nu dus ook nog even een griepje doorwerken, maar daarna gaat het allemaal de goede kant op met Britt.
 
Tony heeft haar spalk af en is heel druk met de revalidatie van haar hand bezig.
Haar groffe motoriek is al zo goed als hersteld en ze werkt zich echt uit de naad om ook de fijne motoriek te oefenen. En ook zij slaagt hier goed in.
Tony is administratief al weer goedgekeurd en doet nu bureauwerk, maar wil heel graag de straat weer op.
Ze zal echter nog een laatste controle bij de plastisch chirurg en de dienstarts nog moeten afwachten.
De gesprekken bij de psycholoog hebben haar heel goed gedaan. Ze heeft geleerd om over haar ellende te praten, en dat gaat haar redelijk goed af.
Soms heeft ze nog wat moeite om haar boosheid onder controle te houden, maar ze slaagt er wel steeds beter in.
 
Na bijna negen weken ziekteverlof is Britt ook zover opgeknapt dat ze weer een aantal uren mag gaan werken. In de overige uren volgt ze nog fysiotherapie in het ziekenhuis en sporttraining op de OPAC. Onder toezicht en met intensieve en individuele begeleiding leert ze weer om haar functie te kunnen uitvoeren.
Ze draagt nu een afneembaar korset als ze werkt, en thuis moet ze oefenen zonder korset om haar spieren sterker te maken.
Britt en Tony hebben uren, zoniet dagen met elkaar en met een therapeut gepraat over de vermeende schuldgevoelens tegenover elkaar, maar ze waren er gelukkig goed uitgekomen. De lucht was opgeklaard en ze konden weer heel goed met elkaar overweg.
Die Steev Jonckheere was veroordeeld tot 15 jaar cel en was overgeplaatst naar Brussel. En Tony had de zekerheid gekregen dat hij echt niet vervroegd vrij kon komen.
 
Al met al was er al bijna vier maand voorbij gegaan sinds Tony haar koffiebeker tegen Britt haar hoofd had gesmeten. Er was heel veel gebeurd sinds die tijd, maar het zag er nu toch uit dat alles weer goed op zijn pootjes kwam.
Tony was nu volledig hersteld verklaard en Britt moest deze week voor een laatste controle. Ze was volledig mobiel, behoorlijk fit en had er zin in om weer aan het werk te gaan. Ze had ook al weer op de schietbaan geoefend, want zonder wapenbevoegdheid zou ze niet de straat op mogen, en bureauwerk had ze helemaal geen zin aan. Ze wilde weer met Tony op stap en het crapuul van de straat halen om te zorgen voor een leefbaarder Gent.
Toen kreeg Britt een telefoontje op het commissariaat of ze met spoed naar het St. Lucas ziekenhuis wilde komen.
Ze keek angstig om zich heen, maar er was iemand aanwezig met wie ze even kon praten.
Vlug nam ze de dienstwagen een haastte zich op weg.
Bij de eerste hulp hoorde ze Tony al roepen en gillen.
Brit dacht nog: Oh, God, wat nu weer?
Een arts kwam haar halen en nam haar mee naar een onderzoekskamer waar inderdaad........Tony lag.
Britt; Tony? Wat maak je me nu? Ik dacht dat we weer samen aan het werk zouden gaan maandag?
Tony: Goddomme. Ze doen me pijn hier.
Britt; Maar wat is er dan?
Half huilend, half lachend, moest ze toen wel bekennen dat ze zelf stom had gedaan.
Tijdens haar revalidatie had ze voor de fijne motoriek geoefend met schilderen en nu wilde ze haar "werken" op gaan hangen maar had zich op de duim gemept met een hamer. Van schrik had ze die laten vallen en was uit evenwicht geraakt en had zich proberen op te vangen aan de tafel maar had net geen greep genoeg gehad, dus haar vingers waren achter het tafelbad blijven hangen en zelf was ze op de grond gevallen. Resultaat: Twee vingers ontwricht. En het reponeren deed zo'n pijn dat Britt haar dus al op de gang had horen roepen.
Arts: Maar ze zitten er weer in hoor. Een spalkje voor twee weken en je kunt weer alles doen. Maar voor dat spijkerwerk zou ik toch maar een timmerman in dienst nemen.
Tony kijkt hem even aan en zegt dan droog: Ha ha.
Arts; Ik doe maar een voorstel. Ik weet niet wat je van plan bent?
Britt; Zal ik nog maar even buiten wachten dan, Tony? (met ene ondeugende lach op haar gezicht)
En weg is ze. Niet ver want ze is best wel nieuwsgierig en wil wel weten wat er verder gebeurd.
Hoe ze ook probeert, ze hoort alleen wat vreemde geluiden, af en toe afgewisseld met een licht gekreun.
Na een poosje komt Tony met een knalrode kop ook weer uit de onderzoekskamer: En je zegt tegen niemand iets Britt!!
Britt: Nuhh, ik kijk wel uit.
Maar Tony kent haar langer en zucht eens diep :Ja, die zal ik nog wel een tijdje moeten aanhoren dan. Zullen we maar eens beginnen met weekend houden? En even naar de Combi? Dan kunnen we mooi even met onze collega's de week afsluiten.
Britt: Ik bel ze wel even. Ik heb het eigenlijk best wel gemist dat heerlijke rondhangen met zijn allen. Zo af en toe heb je dat toch gewoon even nodig?
Tony: Ook dat.
Britt; Tony? Ben je verliefd op die dokter??
Tony: Zeg, doen we effe normaal?
Britt; Tony??
Tony: Ik ben bang van wel.
Britt; Amai, da's nog eens goed nieuws na al die ellende. Ik hoop echt dat het u net zo goed zal smaken als Johan mij bevalt.
Tony: Ik hoop het ook. Ik zie alle dagen het goede voorbeeld, dus wie weet wordt het nog eens wat met die eeuwige vrijgezel?
Britt; Vast wel, Tony. Vast wel.
 
 
E I N D E
 

Vervolgverhaal van club Joke_Devynck

Vorige ] Omhoog ] Volgende ]