 Verloren
De wind blies door zijn haren, en in de wei dartelden de lammetjes vrolijk rond, precies alsof er geen onrecht en verdriet was op de wereld. Hij zuchtte en knoopte zijn sjaal wat losser. Aan de hemel stond een waterig zonnetje en de geur van lente hing in de lucht. Op zich was het een mooie dag, alleen had deze dag een donkere schaduwzijde waardoor het wel nacht leek. Het was allemaal begonnen na de bevalling. Een kindje van hen twee samen, wat zo mooi had moeten zijn eindigde in een drama. Je zou het, het noodlot kunnen noemen, stomme pech, min of meer een nachtmerrie. Een film waarbij je voor de pauze al weg was. Alleen was dit de harde werkelijkheid waaruit je niet kon vluchten. Hij slikte een keer en probeerde zijn tranen tegen te houden. Tranen had hij deze twee maanden veel gelaten. Tranen van bitter verdriet en ongeloof. Tranen van wanhoop en pure woede, woede op zich zelf, woede op iets waar je kwaad op was, maar wat je niet verder bracht. Hij schopte tegen een steentje wat een stukje verder met een zacht geluidje in het water kwam. Hij keek in de plas en keek naar zich zelf en zag een man, een man van 40 met een gezicht was wel een masker leek, onbewogen zonder mimiek, maar daarachter schuilde het grootte verdriet. Hij keek weer op en opende de poort naar de begraafplaats en liep met trage passen over het grint. Bij een grafsteen met een lampje bleef hij staan. Rust zacht lieve Ruth.... 12 - 09 - 2005 10 - 01- 2006. Johan veegde met zijn zakdoek over de steen en stak het lampje aan. Hij kon het nog altijd niet geloven. Een kind verliezen, dat deed pijn heel veel pijn. Ze was nog zo jong, maar had zeldzame bloedziekte, iets waarvan hij, zonder dat te weten drager was, zonder dat de ziekte hem trof.
Het water ruiste in de douchebak en kleine spetters vielen door het kiertje op de grond. Ze had het niet door, ze stond er al een uur onder zonder de warmte te voelen. Ze stond er maar, of anders gezegd ze zat, terwijl het water over haar heen bleef stromen. De shampoo was allang uitgespoeld en op het ruisen na was niets te horen. Misschien af en toe een snik, want huilen kon ze niet meer, ze voelde het intense verdriet nog altijd. Het gevoel dat je van binnen kapot gaat, maar tranen? Die kwamen niet meer. Van waar moesten ze komen. De afgelopen twee maanden waren compleet aan haar voorbij gegaan de zon scheen maar ze zag het niet, niets drong echt tot haar door. Ze had een muur om zich heen gebouwd, een dikke muur en niemand mocht daar binnen. Ze zag het verdriet van haar twee andere kinderen niet. De warmte die hij haar wou geven wou ze niet. Ze wou alleen maar rust. Rust die ze nergens leek te vinden. Alles was een grote war boel. Ze sprak bijna niet meer met haar kinderen, en tegen hem? Tegen hem kon ze alleen maar schreeuwen en ruzie maken. Precies wou ze haar verdriet er uit schreeuwen. En hij, hij ging het conflict wat zij zo graag wou niet aan. Hij stond er dan maar en keek haar aan met vragende ogen die somber stonden. Het had geen zin waarom gebeurde dit? Ze had het hem verweten, verweten dat hun kindje dood was. Hij had moeten weten dat hij drager was. Maar ze wist ook dat het niet eerlijk was, het was zo zeldzaam die aandoening. En nu? Nu had ze hem verjaagd, haar enige steun en toeverlaat, ook al liet ze hem niet toe. Waarom gebeurde dit toch? Waar hadden ze het aan verdiend? Ze kwam langzaam overeind en draaide de douche uit. Schoof de deuren opzij en nam zijn handdoek, die zo lekker naar hem rook en die haar om de een of andere reden een beschermd gevoel gaf. Ze wikkelde zich er in en liep rillend naar de slaapkamer waar ze zich traag aankleedde. De kinderen logeerden bij zijn broer, dan hadden zij ook even rust. Ze liep naar de bank en ging er op liggen met een kussen in haar armen en keek naar het geboorte kaartje en daarnaast het kaartje van overlijden. De harde werkelijkheid lachte haar gemeen toe, ze sloot haar ogen en viel in slaap.
Hij veegde zijn tranen weg en blies het lampje weer uit. De schemering was gevallen en de wind was gaan liggen. Hij deed zijn jas verder dicht en keek nog even naar haar grafje. "dag meisje" zei hij en vertrok weer met hangende schouders. Het was doodstil op het kerkhof en in de verte hoorde je het verkeer, de avondspits die al bijna was opgelost. Mensen die thuis zaten te eten, gezellig met elkaar. Dat gezellig hoorde voor hem tot het verleden. Op hem wachtte niemand wanneer hij thuis kwam, het eten was misschien zelfs nog niets eens gemaakt. De enige communicatie die hij met haar leek te hebben waren die korte smsjes van: kook jij? Doe jij boodschappen of ik eet niet mee. Hij nam zijn gsm en zag dat hij 2 oproepen had gemist. Hij had ze niet eens gehoord. Maakte verdriet je doof? Of was het dat niets meer tot je doordrong? Nog een keer keek hij om en sloeg toen de hoek om terug in de werkelijkheid. Met zijn handen in zijn zakken liep hij naar huis. Graag had hij haar hand gevoeld in zijn jaszak, haar vingers verstrengelt om die van hem, zoekend naar dat kleine beetje contact, verbintenis het delen van elkaars verdriet. Nu voelde hij enkel zijn sleutels en een zakdoekje. Hij liep naar het zebrapad en stak zonder te kijken over. Het gevoel dat alles hem niets meer kon schelen weerhield hem er niet van uit te kijken. Een auto toeterde kwaad, maar het deed hem niets. Verward keek hij naar de bestuurde die schreeuwde "uitkijken klootzak" klootzak.... Dat was het laatste wat zij tegen hem gezegd had. Hij sloeg een straat in en stak de sleutel in het slot en ging naar binnen. Ondanks dat niemand iets zal zeggen zei hij gewoonte getrouw "ik ben thuis". En hing zijn jas op. Aan het vierde haakje van links precies als altijd naast haar jas die er verlaten bij hing. Hij deed de deur naar de kamer open en zag haar liggen op de bank, ze sliep.
Zij werd wakker van het lichtje wat aanging. Ze schrok: "Johan? Ben jij dat?" het waren de eerste woorden die ze weer tegen hem zei. Ondanks haar verdriet wist ze hoe onrieel het was hem de schuld te geven. De man die haar zo veel geluk schonk, zo veel liefde en zo veel steun. Die haar deed lachen, haar gelukkig maakte. Kon hij dat nu nog maar. Maar zijn wereld was net als de hare een puinhoop. Ze keek naar hem hoe hij met de rug naar haar toe voor het raam stond. Met gebogen schouders. Hij haalde een paar keer zijn neus op en zei verder niets, huilde hij? Ze wist het niet, haar gevoel zei van wel, maar ze durfde daar niet meer op te vertrouwen. Ze liet het kussen los en stond op. De vraag of hij het was, was beantwoord, maar toch wilde ze zijn stem horen. Ze liep naar hem toe en legde voorzichtig haar hand op zijn schouder. "Johan? Kunnen we eens praten?" hij keek haar aan, met een betraand gezicht dat er moe uit zag, of hij 20 jaar ouder was geworden. Hij knikte enkel, maar bleef staan. Zij nam met trillende hand zijn hand en legde hem in de hare. Zijn hand voelde koud, ijskoud. Ze legde haar andere hand er op en blies er warme lucht in. Misschien moest ze haar muurtje afbouwen, of anders gezegd hem toe laten in haar wereldje van verdriet, hij leefde immers in het zelfde wereldje.
Hij keek naar haar, hoe ze zijn handen opwarmde. Maar toch bleef hij koud van binnen. Haar ogen keken hem smekend aan. Die klootzak van vanmorgen was opeens weer iemand waar ze mee wou praten? Hij liet zich mee voeren naar de bank en ging naast haar zitten wachtend op haar woorden. Wat ze al twee maanden voor hem verborgen had gehouden.
"Johan ik.. het spijt me! Het spijt me zo verschrikkelijk. Het is niet allemaal jouw schuld. Of nee het is jouw schuld helemaal niet. Ik verschuilde me er alleen maar achter. Om het een plek te kunnen geven, en verkeerde plek. Het was gemeen jou zo te behandelen. Maar ik kan het niet. Ik kan het niet verwerken, niet accepteren en er ook niet over praten. Het doet gewoon zo veel pijn. Pijn die ik nu in je ogen zie. Waarom is het geluk ons niet gegund? Ik zie je nog altijd graag. Heel graag, ik weet dat dit raar is. Raar omdat ik je anders heb behandeld. Ik had het met je moeten delen, en je niet zo moeten buiten sluiten. Ik had onze zoon niet moeten slaan. En jou al helemaal niet. Ik weet niet wat er allemaal met mij gebeurd, maar help me Johan help me alsjeblieft?" ze keek hem smekend aan. Hij kuchte een keer, ze had zijn hand nog altijd vast. Krampachtig, precies was ze bang dat hij er vandoor zou gaan. "Britt ik, ik weet niet wat ik moet zeggen, dat je Simon sloeg, dat vind ik heel erg. Dat valt ook niet goed te praten. Dat je mij sloeg, oké. Maar dat jij mij de schuld gaf, dat doet me even veel pijn als het feit dat Ruth er niet meer is" zij begon stilletjes te huilen en keek naar de grond. Hij had gelijk, dat was echt heel erg gemeen geweest. "Ik, wat moet ik doen Johan? Zeg het mij? Hoe kan ik dit goed maken, ik realiseerde me opeens dat het zo niet werkt. Toen je weg was, en zei dat je nooit meer terug kwam, dat zette mij aan het denken...ik had je niet zo buiten moeten sluiten, we zijn een koppel we horen het te delen." Hij had zijn gezicht afgewend en staarde naar de klok aan de muur die al een week half drie aangaf. "Britt, je hebt hulp nodig... je moet je verdriet niet opkroppen maar je moet er over praten hoe pijnlijk dat ook is" Ze nam zijn gezicht in haar handen zodat hij haar aan moest kijken. " ik wil dat best, maar met jou niet met een vreemde dat kan ik echt niet." Hij stond op, ze mocht hem niet aanraken, later misschien maar nu even niet. Hij moest vandaag en de rest zelf eerst op een rijtje krijgen en dan de keuze maken hoe ze verder moesten. Ze keek hem aan met paniek in haar ogen, pure angst leek het wel. "Johan, als.... Als ik met een vreemde ga praten, beloof jij mij dan dat je me nog niet alleen laat?" Hij knikte kort, en liep naar de keuken om de basisbehoefte te bereiden. Zij keek naar hem. Ze zou praten met een vreemde, als hij daarmee bij haar bleef. En wie weet leverde het toch iets op, had hij gelijk dat het beter was.
Zwijgend zaten ze tegen over elkaar. Hij strooide met precieze gebaren zout over zijn vlees als opeens de telefoon rinkelde. Hij stond op en liep er naar toe. "Johan van Lancker?". "Papa... papa ik mis je zo, kom me halen alsjeblief," Johan stond daar maar met de hoorn in zijn hand, zijn zoon was zo verdrietig. " Simon, rustig jongen, rustig.... Dit weekend kom je toch naar huis?" aan de andere kant klonk een zacht gesnik. "Simon?" "papa ik kom nu naar huis, ik ben om 23:00 op het station, haal je me op?" Johan wist dat hij niet anders kon, en daarbij zijn zoon weer zien, dat wou hij graag, heel graag. "oké ik zal er zijn, welk perron kom je aan?" "spoor 7" "oké ik zal er zijn tot dan" en hij haakte in. "Simon komt naar huis" Britt knikte, ze had dat al begrepen. "hij is helemaal overstuur Britt, het wordt tijd dat wij ons leven weer op de rails krijgen en dat we er weer kunnen zijn voor onze kinderen. Wat we nu doen is niet goed, zij zijn er ook nog" "Ik, je hebt gelijk," zij durfde hem nauwelijks aan te kijken, hij had gelijk... wie liet zijn eigen kind nou in de steek?
Johan stond op een koud perron, en zag in de verte de trein naderen. Enkele minuten later stopte hij en kwamen er enkele mensen uit. Hij zocht of hij Simon zag. "papa" daar was hij. Simon holde naar hem toe en vloog hem in zijn armen. "papa, ik heb je gemist"Johan sloeg zijn armen om zijn zoon en sloot even zijn ogen, hij had hem ook gemist. "hé zoon, hoe gaat het met je?" dan pas zag hij dat Dorien er ook bij was. Ze had gehuild en zag er niet goed uit. "Dorien?" "Pap." En keek hem aan, Johan was verbaast, "pap" zo had ze hem niet eerder genoemd. Dorien nam hem vast. "hoe is het met mama?"Johan slikte, moest hij de waarheid zeggen? "je mama, ze.. ze gaat hulp zoeken, ze ziet in dat ze verkeerd bezig is" Dorien keek hem aan ze zag er ook moe uit. Simon keek toe, en met z'n drieen liepen ze naar de auto, Simon ging naast zijn pa zitten, hij had hem immers gebeld. "papa?" "hoe gaat het met jou?" De bezorgdheid in zijn stem zorgde voor een brok in zijn keel. "Gaat wel jongen, gaat wel" Simon keek bezorgt, "pap, pas je goed op je zelf?"Johan hoorde zijn stem trillen toen hij zei: "doe ik jongen doe ik" Simon geloofde zijn vader niet en was blij terug te zijn, kon hij op zijn vader passen. Hij kende zijn vader goed genoeg te weten dat het nodig was. Johan reedt stilletjes verder en voelde hoe Simon naar hem keek. "Pap, het gaat niet goed met je hé?" Johan beet hard op zijn lip, waarom voelde die jongen toch alles aan. "Pa stop eens, zet de wagen eens aan de aan de kant" Johan zuchtte, wat was dit nu weer? Simon werd boos "Pap zet die wagen eens aan de kant!"Johan deed maar wat zijn zoon vroeg en keek hem vragend aan. "pap het gaat niet goed met je hé, ik wist het... daarom ben ik terug gekomen, om op mijn vader te passen... ik zie dat in je ogen pap, die leegte dat verdriet, dat wat je ook uitstraalde na de scheiding." Johan voelde de brok steeds groter en groter worden, het deed zeer in zijn oren en keel. Waarom kende zijn zoon hem toch zo goed, waarom keek hij door zijn pokerface heen? "Papa?" Simon legde een hand op Johan zijn schouder. Johan haalde een keer diep adem. "het is... het is Britt ook.. ze, ze sluit me zo buiten, stoot me als het ware af... ik, ik zie haar zo graag, en.... Vandaag... vandaag had ze mij uitgemaakt voor klootzak! Misschien ben ik dat ook wel door haar een kind te schenken wat geen kans op leven had" Simon schrok, hij had zo iets verwacht, maar toch schrok hij. "Pap dat is niet waar en dat weet je. Je bent geen klootzak maar een heel lieve man die mama weer gelukkig maakte, die er voor mij was en mij liet zien dat hij papa niet wou vervangen, maar er alleen maar voor me wou zijn. Een man die voor mij nu gewoon mijn vader is, anders dan mark, maar waar ik wel heel dol op ben. Je kon er niets aan doen dan Ruth ziek was, je wist niet eens dat je deze ziekte bij je droeg" Johan slikte, die woorden waren zo lief. "pap het is waar wat ze zegt, je bent geen klootzak!, Britt bedoelde dat niet zo, ze is gewoon van streek net als jij" Simon keek zijn vader aan, en dacht kom op pap. "Britt, ze... ze gaat hulp zoeken, met een psycholoog ofzo, om te praten" Johan voelde een traan over zijn wang lopen, en veegde hem nijdig weg. "Dat is toch goed pap, en jij?" Johan keek hem aan, hij? Hulp zoeken? No way! Simon tronk een denkrimpel in zijn voorhoofd "pap, ga dan samen met haar, " "Samen? Is dat wel zo een goed idee?" "Waarom niet? Probeer het dan pap" Johan wreef over zijn gezicht. "oké je hebt gelijk zo kan het niet verder" Simon en Dorien keken elkaar even aan en Simon stak zijn duim op. "goedzo pap" Johan glimlachte flauwtjes en reed naar huis.
Hij keek naar de poster aan de muur. Ze zaten in de wachtkamer, dadelijk hadden ze een gesprek. Relatietherapie. Het klonk zo stom. Eigenlijk geneerde hij zich enorm. Maar ja, hij had het zijn zoon beloofd, en zo kon het ook niet verder. Hij keek opzij naar Britt die onzichtbare pluisjes van haar broek plukte en een beetje afwezig naar haar broek keek. Johan legde zijn hand even op haar knie en keek haar aan. Ze leek het niet door te hebben. Met een zucht haalde hij zijn hand weer van haar knie. Hij wou net iets zeggen als de deur open gaat. Een man van rond de 50 komt naar hen toe en stelt zich voor als Peter bos. Een beetje in trance loopt hij met Britt achter hem aan.
Hij keek in zijn kopje, het was al leeg, maar hij wist eigenlijk niet zo goed waar hij wel kijken moest. Britt nam ook een slokje en begon aan haar verhaal wat gepaard ging met veel gehuil. Hij kon daar nog altijd niet tegen, als ze huilde dan deed hij dat zo ook. Johan zocht naar een zakdoek. "shit vergeten" gelukkig stond er een doos met doekjes op tafel. Johan luisterde aandachtig naar haar. Hoe het haar speet dat ze zo had buitengesloten, hoe ze Ruth miste, dat ze spijt had van die klap en dat ze totaal geen raad meer wist. Peter luisterde aandachtig naar haar verhaal. Wat moest hij nu doen? Opstaan en haar troosten? Of niets doen? Johan voelde zich totaal niet op zijn gemak hier. Wat als hij dadelijk aan het woord was, wat moest hij dan zeggen? Hij schrok van de vraag van Peter aan Britt: "weet je zeker dat je verder wilt met uw man?" Johan wachtte in spanning af, ergens maakte het hem bang. Britt haalde die angst meteen weg door te zeggen "ja ik wil dat, ik wil met hem verder". Peter scheen daar nog niet tevreden mee te zijn, want ze moest het nu tegen Johan zeggen. Britt keek hem schuchter aan en zei heel verlegen " Johan ik wil met je verder, ik wil er voor gaan" Johan knipperde zenuwachtig met zijn ogen. Dit was zo vreemd. Een half jaar terug hadden ze ook al een crisis. En nu weer, hij zuchtte en keek haar aan. Een hoopje verdriet wat hem smekend aankeek. Vol verlangen dat hij het zelfde zou zeggen. Maar wat zei zijn hart? Johan haalde een keer adem en zei "Ik... ik weet het niet het spijt mij". Hij durfde haar toen niet eens meer aan te kijken. Britt huilde nu echt, ze keek hem verward aan. "lieverd, alsjeblieft, geef me nog een kans, nog ééntje". Johan keek naar Peter, "ik wil dat best, we zien wel wat uit deze therapie komt." Peter trok zijn wenkbrauwen op "Meneer, als u niet verder wilt met haar, dan bent u ook niet gemotiveerd denk ik om deze cursus te volbrengen." Johan schrok, echt weg van Britt dat wou hij eigenlijk niet. "ik, ik ben dat wel! Het is alleen een warboel, ze heeft mij geslagen verdomme! Oké op dat moment was ze vreselijk verdrietig. maar toch, en mijn zoon. Alleen maar omdat hij iets had gebroken. En ze liet mij niet toe. We leefden langs elkaar heen, ik sliep op zolder omdat madame mij niet meer verdroeg we hebben bijna geen contact gehad en nu.... Nu opeens moet alles weer goed zijn" Peter keek hem aan, aandachtig, alsof hij alles in zijn hoofd samenvatte en bezig was te bedenken hoe hij deze twee mensen het beste kon helpen. Peter vroeg dan aan Britt of ze Johan vertrouwde. Britt keek naar Johan, in zijn blauwe ogen die moe en verdrietig waren. Naar zijn gezicht wat wel 20 jaar ouder leek. " Ik vertrouw hem of nee Johan ik vertouw je" Johan dacht na, vertrouwde hij haar ook? Peter stelde voor een oefening te doen. Het was niet een hele moeilijke, gewoon eentje om elkaar weer een beetje toe te laten. Britt moest Johan zijn handen vast nemen, hem aankijken en iets tegen hem zeggen. Britt wilde echt haar best doen, en kwam naar hem toe en nam zijn handen vast en schrok even. Zijn handen... ze waren ijskoud! Zijn handen die normaal altijd zo lekker warm en gezellig aanvoelden. Britt keek hem in zijn ogen aan " Ik zie je graag Johan." Johan draaide zijn hoofd weg, dit was zo vaag. Peter vroeg hem waarom hij Britt niet aan keek. "omdat... ik, ik vind deze opdracht raar" Britt had zijn handen nog altijd vast, ze deed een poging ze een beetje op te warmen. Peter vroeg Johan waarom het dan raar was. vroeger deed hij dat toch ook bij haar? Johan bevestigde dit met kort knikken en keek dan Britt weer aan " Britt ik, ik mis u". Na deze oefening moesten ze elkaar vertellen hoe ze de periode ervaren hadden. Dat verliep moeizaam. Johan wou niet alles vertellen, het deed pijn en hij wou niet huilen waar peter bij was.
Britt zat op de bank en keek naar hem. Er zat een pluisje in zijn haar, net iets boven zijn oor. Ze keek er aandachtig na, als ze het weg haalde had ze een goed excuus hem even te mogen aanraken. Johan voelde hoe ze naar hem keek, ze hadden nu twee keer training gehad. Britt leek er meer baat bij te hebben dan hij. Hij moest het echt een beetje los laten, evenals zijn emoties. Britt haalde het pluisje uit zijn haren en streelde er nog even door. " lekker zacht je haar" Johan glimlachte, "ik heb het met jouw shampoo gewassen" Britt kroop dichter naar hem toe en snuffelde er even aan. "hmm je hebt gelijk" Britt besloot het nu zelf te proberen. Praten. Echt praten. "schat? Hoe gaat het nu met je?" Johan keek haar verbaast aan. "goed zeker?!" Britt schudde haar hoofd, "hoe gaat het echt met je?" Johan slikte en keek snel een andere kant op. "lieverd, je mag huilen van god, dat is niet verboden!" En te trok hem heel zachtjes naar zich toe. Johan voelde een brok komen in zijn keel, niet doen dacht hij, niet lief zijn dan houd ik het niet meer. Britt keek bezorgt. "schat, het gaat niet goed met je dat zie ik toch.. kom es tegen mij aan zitten en huil nou eens goed uit, ik weet zeker dat uithuilen in iemands armen fijner is dan dat je het opkropt" Johan vond dat maar dwaas, zij wou eerder immers ook niet getroost worden en nu moest hij zich laten troosten? Britt zat hem aan te kijken met bezorgde ogen en had hem nu meer tegen haar aan getrokken. "schat, ik.. het spijt mij... van alles echt waar!, ik weet nu dat ik me niet zo had moeten afkeren tegen je" Johan probeerde zijn brok weg te slikken" Britt leek tot inkeer te zijn gekomen, ze woelde hem lief door zijn haren en nam hem dan eens goed vast. Johan verloor het toen opnieuw huilde, hij zei niets en huilde alleen maar. Net als zij, omdat ze zich schuldig voelde. Ze zaten daar, dicht bij elkaar te huilen, zij had haar armen om hem heen geslagen en hield hem dicht tegen zich aan.
Na een tijdje lieten ze elkaar los. Britt veegde zijn tranen weg en keek hem aan. " gaat het schat?" Johan knikte ja, deze huilbui had hem wel opgelucht. Hij had alles eruit gegooid wat hij bij peter had verzwegen. Het had Britt hier en daar wel gekwetst, maar ze had hem niet losgelaten en bleef hem troosten. En nu 2 uur later was alles uitgesproken. Ze wreef lief over zijn wangen en stelde voor te gaan slapen. Johan vond dat een goed idee, hij was moe net als zij. Dit soort gesprekken putten hem uit. Hij poetste zijn tanden en kroop in bed. Terwijl Britt nog even in de badkamer was. Johan keek naar de foto van Simon. Nee, als hij nu ging scheiden maakte hij niet alleen zich zelf kapot, maar ook dat ventje. Die was gek op Britt, en Britt was nu bezig om het contact met de kinderen te herstellen wat aardig vlot leek te lopen. Simon had zo zijn eigen wijze om hem te troosten. Vanmorgen stond hij aan het aanrecht en kreeg ineens een knuffel van zijn zoon, die inmiddels al bijna net zo groot als hij was. Simon had enkel gezegd "het komt goed pap, het komt goed" Johan had dat zeer op prijsgesteld. Zijn zoon was anders dan de meeste pubers, hij was al heel volwassen. Natuurlijk had hij zijn nukken, maar toch. Hij trok zich er niets van aan dat je met 15 jaar je vader niet meer mocht vast pakken om hem te troosten of gewoon even voor zo omdat je opzoek was naar een beetje warmte. Britt kroop zachtjes naast hem in bed en legde haar hand op zijn buik. Deze was erg plat geworden. Ze besloot Johan morgen eens lekker te verwennen het was toch weekend. Ze zou hem laten zien hoe het moest. Dat ze van hem hield.
Hij werd wakker van de geur van warme broodjes en koffie. Hij ging recht zitten en keek op de wekker, 12:00. hij had lang geslapen. Hij keek naar het bed naast hem, het voelde nog een beetje warm, Britt was dus ook nog niet zo lang wakker. Hij stapte uit en bed en liep geeuwend naar beneden. Britt zette net de eitjes op tafel en glimlachte naar hem. Hij zag er zo lief uit, net wakker, zijn haren alle kanten op en die stoppeltjes. Ze vond hem altijd mooi, maar zo vond ze hem toch heel mooist. "goedemorgen schat" Johan geeuwde nog eens en liep naar haar toe. "Goedemorgen" Britt keek hem aan, ze wou een kus. " lekker geslapen?" Johan knikte "en jij?" Britt schudde haar hoofd. Het gesprek met Johan die avond had haar zo gigantisch aangegrepen. Johan die momenten had gehad dat hij het niet meer zag zitten, Johan die bijna niet meer sliep, was flauwgevallen in de rechtbank. Johan keek haar even vragend aan. "Sorry Johan sorry.... Dat wat je vertelde heeft mij nogal aangegrepen" Johan zei even niets, het was ook niet niets geweest wat hij te vertellen had. "pap, wat zie je er weer sexy uit" Simon kwam ook de trap af, en knipoogde naar Britt. "Dankje zoon, en ook een goedemorgen" Simon keek zijn vader aan en zag hoe verdrietig hij eigenlijk nog was. het deed hem denken aan de scheiding van zijn pa jaren geleden. Toen was hij ook zo verdrietig. "wat is er zoon?" "Pap, kunnen wij zo eens praten?" Johan knikte en had al een vaag vermoeden waar het over ging. Britt had ondertussen de broodjes ook op tafel gelegd, "Eten."
"het gaat niet goed met je is het niet?" Simon keek hem aan met zijn helder blauwe ogen die hij ongetwijfeld geërfd had van zijn vader. Johan schudde zijn hoofd en keek uit het raam. "Pap ik, ik maak mij zorgen om je." Johan zuchtte, "Dat is niet nodig Simon" Simon was opgestaan en naast zijn vader gaan staan. "Ik denk van wel pap, als het niet nodig zou zijn... waarom zit je dat dikwijls in je werkkamer te huilen? Waarom eet je dan bijna niet meer? En waarom staan je ogen zo dof en verdrietig? en vooral waarom lach je nooit meer?" Johan slikte, zijn zoon... ze hadden een hechte band, maar nu baalde hij er toch van, nu maakte zijn zoon zich nog zorgen ook om hem. "Jongen, dat... dat komt wel goed geloof me" Simon trok aan zijn arm. "Kijk mij aan pa, het komt niet goed, niet zomaar, moet je zien hoe dun je bent geworden, en vooral hoe stil je bent. Pap! Laat iemand je dan helpen, als je van Britt wil scheiden doe dat dan. Maar blijf niet voor mij bij haar, stop met je zelf zo kapot te maken. Daar maak je mij ook ongelukkig mee! Soms als je ging wandelen dan was ik gewoon echt bang dat je niet meer terug kwam" Johan keek Simon aan, was het dan allemaal zo duidelijk? Of kende zijn zoon hem gewoon door en door beter dan wie dan ook? "Scheiden? Ik weet niet of ik daar gelukkiger van word zoon, ik weet het op dit moment even helemaal niet meer. Gisteravond met Britt een gesprek gehad, over van alles wat er gebeurd is. Dat voelde op dat moment goed. Maar vanmorgen, ze smeekte met haar ogen om een zoen en ik kon het niet. Vind je dat niet stom?" Simon schudde zijn hoofd, "nee, dat is niet stom... en die trainingen? Helpen die niet een beetje?" Johan haalde zijn schouders op "Ik weet het niet, voor Britt meer dan voor mij" Britt hoorde het gesprek aan de andere kant van de deur en beet hard op haar lip. Ze had het weer eens goed verpest, alweer. Ze keek naar de ring rond haar vinger, ze zag hem echt doodgraag. Waarom was het geluk met Johan haar toch niet gegund. Ze liep naar de slaapkamer en kleedde zich aan.
Ze zat op een oud bankje aan de rand van een meer. Hier kwam ze vroeger al toen ze verdriet had om Mark, het was het bankje waar ze Johan voor het eerst gezoend had. En nu zat ze er weer. Was ze hem dan nu echt kwijt? Waarom had ze hem ook niet toegelaten? Misschien wel omdat ze het niet meer gewend was dat iemand haar liefdevol troostte bij intens verdriet. Na mark zijn dood was er immers ook niemand geweest die haar vast nam en troostte. En nu met Ruth, ze vond het moeilijk haar verdriet met hem te delen. Sowieso verdriet delen vond ze heel moeilijk. Ze had geen seconde meer aan Johan gedacht en de kinderen had ze ook verwaarloosd. Ze vond zich zelf nu wel een heel slechte moeder. Ze pakte haar gsm en stuurde Johan een berichtje "Johan. Ik, ik ben een slechte moeder is het niet?" en verzond hem. Johan was op dat moment nog in gesprek met Simon. Simon had net zijn vader verteld hoe het voor hem allemaal was en vooral de zorgen die hij maakte om zijn vader. Johan had dat echt uit Simon moeten trekken en zat nu zijn zoon te troosten. Johan las het smsje en vroeg zich af wat hij er mee moest. Een slechte moeder... ze had Dorien goed en liefdevol opgevoed, alleen de afgelopen twee maanden had ze er een potje van gemaakt. Dus of je haar nu een slechte moeder kon noemen.. Johan stuurde terug: "Een slechte moeder? Nee.. eerder een moeder die het de afgelopen 2 maand niet zo handig heeft aangepakt." Britt las het en stak haar gsm weg. Wat moest ze nu doen? Johan gaf haar geen tweede kans, dat wist ze zeker. En toch ze was gek op hem. Britt voelde regendruppeltjes op haar gezicht. Het werd donker en stil. Britt rilde een keer maar bleef zitten. Het kon haar eigenlijk niet eens meer iets schelen. ze miste mark nu heel erg. De regen viel opeens met bakken uit de lucht en binnen de kortste keren was ze helemaal doorweekt. De bui was kort maar heftig, na een 5 tal minuten trok zij langzaam over, alles zag er nu fris en groen uit. En het rook heerlijk fris, terwijl de vogeltjes weer begonnen te fluiten, eerst eentje en langzaam steeds meer. Een duif lande nieuwsgierig voor Britt haar voeten en keek haar aan met zijn ronde kraaloogjes. Britt bibberde van de koude en keek naar het dier. Was zij maar een vogel dacht ze. Opeens voelde ze hoe iemand iets over haar heen legde. Iets met een bekend geurtje, een geurtje waar ze dol op was. Ze keek op, in de bezorgde ogen van Johan.
Johan keek naar haar, ze was helemaal doorweekt, haar mascara was uitgelopen en ze zat er maar verbaast, misschien zelfs verlangend naar hem te kijken. "Ga je mee? Anders word je nog ziek" Britt schudde haar hoofd, "Niet doen Johan, niet zo lief en zorgzaam zijn voor mij" Johan ging naast haar zitten en trok haar even tegen zich aan. "Britt, Sorry, sorry dat ik het je nu zo moeilijk maak, het is voor mij gewoon moeilijk, je hebt mij zo hatelijk behandeld... ook al bedoelde je dat niet zo. Deed je dat omdat je kapot ging van verdriet en dat kwijt moest, maar het heeft mij geraakt, meer dan ik wou dat het deed. Ik kan dat niet zomaar over mij heen zetten." Britt keek hem aan en zocht even naar de woorden. Waar had ze toch in godsnaam zo een lieve man aan verdiend? Iemand die haar zo trouw bleef, altijd steunde altijd lief was voor haar altijd voor haar zorgde wat zij ook deed. Ze keek naar de regen op zijn gezicht, naar zijn lange wimpers, zijn ogen die nu enkel bezorgd stonden. Ze ging met haar hand naar zijn gezicht en streelde hem over zijn wangen. Precies zoals ze na het gesprek had gedaan. Pas nu was het besef van wat ze hem werkelijk had aangedaan er, of nee dat was er gisteravond al, nu was er meer die angst dat hij haar ging verlaten. Johan nam haar handen vast en wreef ze warm tussen zijn handen. "Johan, stop hier mee. Stop met excuses maken. Alsjeblieft. Jij hebt alle reden het mij moeilijk te maken. Ik ben hier de trut, die het lef had jou de schuld te geven, ik ben de trut die gvd sloeg, ik ben je niet waard Johan.. ik ben je echt niet waard, waarom blijf je toch bij mij? Ik maak je zo ongelukkig. Ik heb niet eens het recht te janken of zelfmedelijden te hebben. Misschien moet ik je loslaten, want dit is niet goed schat. Ik geef nog altijd zielsveel om je, en ik krijg het koud als ik nu in je ogen kijk. Ik snap niet dat je na alles nog altijd zo lief bent voor mij, dat je hier naar toe komt, je jas aan mij afstaat en naast mij zit op dit kletsnatte bankje" Johan had haar handen nog altijd vast. "ik moet je bekennen dat ik mij die vraag herhaaldelijk mij zelf al gesteld heb, dat ik een foto van jou en mij kapot heb gescheurd, maar toch.. ik weet het niet. Ik denk dat echte liefde alles over wind. Zonder jou zou ik ook alleen maar ongelukkig zijn. jij woont in mijn hart Britt, ook al ben je er zelf uit weg gerend, toch weet ik dat je er terug in zal keren. En dat je het weer zal verwarmen zoals je eerst altijd deed. Met andere woorden, het gevoel is nu even weg, maar ik ben er zeker van dat het terug keert. Want ik haat je niet opeens, ergens in mij schuilt er nog een beetje verliefdheid, net genoeg om bij je te blijven. Af te wachten wat de toekomst brengt, af te wachten wat jij met dat kleine beetje gevoel doet. Ik heb je nog een kans gegeven, je bent actief bezig met de cursus, meer dan ik. Ik zag vanmorgen die smekende ogen van je, omdat je zo graag een zoen wou. Zo ver ben ik nog niet. Ik wil je vast houden en je troosten, maar verwacht nog niet van mij dat ik je al weer intiem kan zoenen" Britt was sprakeloos, ze deed zijn jas af en gaf hem aan Johan terug. "Lieverd, ik verwacht helemaal niets van je, en stop met er mee, met excuses maken. Wat je net allemaal zei, dat geeft mij echt een warm gevoel, en geloof mij, ik zal er alles aan doen het goed te maken. En ik houd ook nog altijd zielsveel van jou" "Ik zal er alles aan doen je dat te bewijzen, ik weet dit heb ik al eerder tegen je gezegd. Ik weet dat een weekendje weg niet werkt, dus ik zal het met andere dingen duidelijk maken." Britt streelde even door zijn haar, wat nu vochtig was van de regen, ze gaf hem een kusje op zijn voorhoofd en stond op. Johan keek naar haar, "wat ga je doen? Je moet zo niet blijven rond lopen anders word je ziek, kom we gaan naar huis." Britt knikte kort. In de auto op weg naar huis had Britt de hele weg haar hand op zijn been gelegd en er lief overheen gewreven. Johan had er niet echt op gereageerd, maar dat deerde Britt niet. Thuis sprong ze gelijk onder de douche, zo koud had ze het, terwijl het warme water over haar heen stroomde dacht ze na, na over hoe ze Johan kon laten zien hoe gek ze op hem was. En vooral hoe dankbaar dat hij nog bij haar was.
Simon en Johan liepen te stoeien door de kamer. Simon was al echt sterk geworden en had zijn vader gevloerd. Britt keek er lachend naar vanuit de zetel. "Laat je hem wel een beetje heel?" Simon keek Britt aan, "Ja ik wel, want veel kan ik niet meer aan hem kapot maken dat heeft iemand anders al wel gedaan" Die opmerking kwam hard aan bij Britt. alsof er een ijsklomp in haar maag lag. Johan was opgestaan, hij gaf Simon geen standje, hij vond de opmerking hard, maar gelijk had hij wel. Britt stond op en liep weg, ze vond dit zo moeilijk, Simon had gelijk echt waar maar het deed haar toch telkens weer pijn. Ze liep naar de keuken en schonk een glaasje water in. Morgen hadden ze weer training. Ze zag er een beetje tegenop, ze moeten nu dingen oefenen om aan elkaar weer te wennen, dingen om elkaar weer te vertrouwen. Het waren de meest debiele opdrachten. En ze had het idee dat ze niet eens werkten ook.
Hij zat alweer in het kamertje van peter met Britt naast zich. Britt deed echt wel haar best het contact te herstellen. Die avond er voor was er iets gebeurd waar Britt vreselijk van slag van was. Ze had Johan zijn trouwring gevonden. Hij lag op het kastje en toen ze er naar vroeg wende hij zijn blik af. Britt had wel een uur zitten huilen in het kamertje van Ruth. Hij wil dus niet meer met haar samen zijn. Ze luisterde naar zijn woorden. Johan die de uitleg gaf, dat hij zich steeds meer afvroeg of Britt en hij wel bij elkaar hoorden. En of hij nog wel verder wou, omdat hij nu twijfelde. Hij hield van haar, maar iets weerhield hem ook, net als toen. Peter keek hem aan en vroeg "Wil je echt van Britt scheiden? Of wil je deze cursus volbrengen?" Britt keek hem aan, maar Johan zweeg en haalde zijn schouders op. Peter leunde achterover en dacht na, hij had al heel wat relatiecrisissen meegemaakt. Maar deze, deze twee mensen zaten ieder nog met te veel verdriet, en hij was er ook zeker van dat ze allebei nog zielsveel van elkaar hielden. Hij stelde daarom ook voor dat Johan er nog een weekje over nadacht. En dat ze in die week moesten opschrijven wat ze zo speciaal aan elkaar vonden en waarom ze verliefd waren geworden en wat hen ergerde binnen de relatie. Johan knikte kort, "ik moet alleen wel op zakenreis" Britt keek hem aan, dat had hij helemaal niet aan haar verteld. Op zakenreis... ze had hem nu nodig, hoe kon ze nou bewijzen dat ze hem graag zag als hij op zakenreis was. Peter zag aan Britt haar gezicht dat ze het niet leuk vond. "Vind u het niet leuk dat uw man weg gaat?" Britt schudde haar hoofd. Johan keek Britt even aan, ze leek echt teleurgesteld.
Na een week Miami landde hij op het vliegtuig. Johan was doodop hij had een moeilijke week gehad. De zaak had hij gewonnen en hij had de rest van de week aan Britt gedacht, aan hun relatie. Hij had lange wandelingen gemaakt aan zee. En na lang nadenken had hij overwogen haar een laatste kans te geven. Misschien wel omdat hij diep in zijn hart wist niet zonder haar te kunnen. En Simon, en Dorien op wie hij zo dol was nu. Ergens had hij het gevoel dat zij hem nodig was. Dorien die na een lange tijd hem pap noemde. Als hij op de bank zat tegen hem aan kroop. Of misschien ook wel om niet weer zo eenzaam te worden. Al was hij dat de afgelopen twee maanden wel geweest. Johan had ook geschreven hoe hij over Britt dacht over hen relatie. Johan liep naar de bagage afdeling als hij opeens geren hoort. "Johan" Johan draaide zich om, en Britt vloog hem in zijn armen. "lieverd je bent er weer"Johan glimlachte, ze had hem wel gemist. Ze stuurde wel 8 tot 10 smsjes op een dag. Echt lieve, smsjes die hem toch een smile gaven op zijn gezicht. En ze waren ook niet slijmerig. "He Britt, en gaf haar een kus op haar wang". "He pap, zo jij bent bruin geworden" Johan keek Simon aan en lachte, "ja he, hoe is het met je?" Simon kwam dan ook een knuffel halen. "Ja goed, ik heb je gemist joh, en ik niet alleen, fluisterend in zijn oor" Dan was Dorien aan de beurt. "Hey pap, sexy hoor dat bruine tintje" Johan lachte verlegen. "kom dan gaan we naar huis" Britt had naar hem gekeken, het stond hem inderdaad geweldig dat bruine tintje, stoppeltjes baard. Wat een stuk dacht ze. Johan voelde hoe ze naar hem keek, en eigenlijk, eigenlijk vond hij haar heel erg lief en mooi, hoe ze daar stond hem bewonderend aan te kijken. Lichte blosjes op haar wangen en toch verlegen. "Kom Britt" en hij nam haar hand vast.
Ze zaten weer in de kamer van peter en Johan mocht als eerste zijn verhaal doen. "ik, ik heb het opgeschreven, in brief stijl..." Peter knikte enkel ten teken van: begin maar.
Lieve Britt.
Als ik in je ogen krijg zie ik die vragende blik, een blik die vraagt: houd je nog van mij? Wil je mij nog wel. En die vraag was voor mij al een tijd een vraag. De twee maanden na Ruth haar dood was het alsof iemand anders in jou leefde, ik herkende je niet meer. Ik zag je bijna sterven van verdriet en wou je helpen. Maar je accepteerde mijn hulp niet, je leek doof te zijn geworden voor mijn woorden, blind te zijn geworden voor ons verdriet, wat er nog meer speelde binnen het gezin. Je reageerde wel alles af op mij. Schold op mij, schreeuwde naar mij. Je hebt me zelfs een keer geslagen. Maar waarom? Wat deed ik verkeerd? Ik wilde je enkel helpen, maar jij sloot mij buiten. Deed alles alleen en gaf mij de schuld. Dat deed zeer, en als ik daar aan terug denk voel ik nog altijd mijn tranen branden en komt er iets van een opstandig gevoel in mij op. Een gevoel dat zegt: ik wil hier weg, ze zoekt het maar uit. Maar als ik dan langer na denk, weet ik dat het geen zin heeft. Vluchten voor problemen werkt niet want eens dan zullen ze je pad toch weer kruisen. Mijn verblijf in miami was niet alleen voor zaken, ik heb die reis verlengt om na te kunnen denken. dat heb ik ook gedaan. ik ben tot de conclusie gekomen dat ik je miste. Dat deed ik al een tijd, maar nu miste ik je gewoon heel erg. En ik weet ook dat ik gewoon nog heel veel om je geef. Ik heb dan ook besloten niet van je te scheiden. Dorien heeft me indirect laten merken mij nodig te hebben, en Simon wil u niet kwijt. Hij vind het heerlijk om weer in een gezinnetje te wonen. Voor mij is het nog wel moeilijk na alles wat je mij hebt aangedaan en ook omdat ik je al eerder een kans heb gegeven. Maar je stroom aan lieve smsjes, lieve voicemail Berichten, misschien zie je mij toch nog wel graag. Ik wil het nog proberen britt echt waar, maar verwacht niet dat alles zo zal zijn als eerst daarvoor heb je in mij te veel kapot gemaakt. Geef het de tijd om te helen, ik weet dat je erg je best doet, je best mij te laten zien dat het je spijt. Dat vind ik ook goed en waardeer dat ook. Maar op dit moment kan ik niet meer dan je hand vast houden en met je samenleven. Het spijt me als ik je verlangen naar intimiteit op dit moment niet kan beantwoorden. Geef mij tijd dat weer terug te vinden, in jou, in ons.
Johan had de laatste zinnen, of alinea huilend voorgelezen. Evenals britt die nu was opgestaan en zijn hand had vast gepakt en zei "Ik houd van je schat, en dankje dat je mij nog een kans geeft." Peter was ook onder de indruk en vroeg aan Britt voor te lezen wat zij had opgeschreven. Ook Britt had de briefstijl gehanteerd en schreef:
Lieve schat.
Waar moet ik beginnen? In de puinhoop die ik heb aangericht is geen begin te vinden. En al had ik een begin, dan was het niet het goede. Want sorry zeggen helpt niet. Ik weet nu pas wat ik in je heb aangericht. Je zoon vertelde me hoe verdrietig je was. dat je er bijna een einde aan wou maken. Daar schrok ik heel erg van, zelf zo erg dat ik mij afvroeg waar ik zo'n schat als jou aan te danken had. Dus begin ik maar met dat ik je heel erg graag zie. Je mooie blauwe ogen, dat lieve karakter van je. Nooit ga je met mij een conflict aan, dat mis ik. Waarom scheld je mij niet een keer totaal verrot? Waarom word je niet een keer gigantisch kwaad? Waarom accepteer je alles? Ik vind dat zo erg, erg in de zin van dat je mij niet straft. Weet dat ik je niet wil verliezen, daarvoor zie ik je veel te graag. Die week dat je weg was, ik ging er gewoon kapot aan. Ik weet niet waarom, maar zo intens had ik je nog nooit gemist. Misschien ook wel omdat ik pas tot besef kwam van mijn eigen fouten. Ik heb je trouwring die hele week bij mij gedragen. Je kussen omarmt om je te kunnen ruiken. Naar je foto gekeken om je te kunnen zien. Zelfs nog oude berichten afgeluisterd om je stem te horen. Want je gsm stond telkens uit. Ik weet waarom en gelijk had je. En toen ik je zag, met je bruine tint, het was of ik weer voor het eerst verliefd werd maar heviger dan ooit. Je bent echt een heel lieve man maar ook heel erg aantrekkelijk om te zien. Het spijt mij zo erg van wat ik je heb aangedaan. De enige reden was dat ik na mark zijn dood en de affaire met Danny nog nooit zo veel verdriet meer heb gehad. Dus ook niemand die mij troostte en nu was het er wel en ik wou niet dat jij mij troostte, niemand niet. Ik kon het wel alleen dacht ik. Niet dus. Het spijt me echt lieve schat, en geloof mij dat ik je nog altijd graag zie. Je bent voor mij de allerliefste en de mooiste. En nogmaals sorry.
Johan keek haar aan, hij vond het lief wat ze zei, erg lief en het raakte hem ook zeker wel. Peter ook, hij had ook even gezwegen. Britt depte haar tranen weg met een zakdoek die Johan wel heel bekend voor kwam. Hij wist niet zo goed wat hij nu moest doen. Moest hij haar nu vast nemen? Troosten of gewoon blijven zitten. Hij keek haar niet eens aan.
Johan stond in de pan met spaghettisaus te roeren. Na die cursusdag had hij toch wel een andere kijk er op gekregen maar hij voelde zich nog wel gekwetst. Opeens voelde hij twee handen die onder zijn T-shirt verdwenen en over zijn buik wreven. "Het ruikt heerlijk schat." Britt stond achter hem en keek in de pan. Johan zei niets,"lieverd? Ik... ik mis je" Johan stopte even met roeren en legt de lepel in de gootsteen. "ik ben er toch???" Britt liet hem los. "Je snapt het niet, ik bedoel zoals net, ik leg mijn handen op je buik, en ik voel gewoon je afkeer. Ik weet dat ik je pijn heb gedaan, veel pijn maar waarom geef je mij niet eens kans?" Johan werd dan kwaad! "Verdomme hé!!! Wees blij dat ik nog bij je ben!!! Ik moet jou telkens een kans geven telkens weer! En ik ? ik krijg er geen. " Britt schrok en keek naar de grond, ergens had hij wel gelijk, dat wist ze ook wel. "Johan, zo bedoel ik dat niet, ik mis gewoon je aandacht, lichamelijk contact en daar mee bedoel ik niet vrijen." Johan goot de spaghetti af en brandde zijn hand. "Au! Verdomme he" Britt schrok, hij had best veel water over zijn hand gekregen. "schat, schat je moet het koelen" Johan hield zijn hand onder de kraan, wat deed dat zeer. Zijn hand werd helemaal dik. Britt werd er naar van toen ze dat zag. "schat? Schat je moet naar de spoed, dan kunnen ze er naar kijken." Johan draaide zijn gezicht naar haar toe. "Dat is niet nodig ja! Ik doe er dadelijk wel brandzalf op en dan komt het wel goed." Britt beet op haar lip en haalde de EHBO trommel. "toch schat lijkt het mij beter als je er naar laat kijken en.." "stop met dat schat gedoe! Er hoeft niemand naar te kijken oké." Britt keek hem aan, zo kende ze hem helemaal niet, zo hatelijk en bot. Zij kende een Johan die lief en zorgzaam was, die haar altijd wist op te warmen van binnen, zijn ogen die haar zo vaak weer een verliefd gevoel gaven. En nu. Johan zag haar verdriet maar besloot er nu even niets mee te doen. "Pap? Papa je hand, je moet daar naar laten kijken dit is niet goed." Johan keek Simon aan, Simon had een overhemd van hem aan. Het stond hem goed, al was het wel veel te groot. Het was mode, je zag veel meer jongeren dat doen. En daarbij was Simon heel lang geworden. En zijn haar was ook een stuk donkerde geworden. Simon keek hem bezorgt aan. "Kom pa en niet tegen stribbelen. Britt rijd jij of moeten we de bus pakken?" Britt veegde snel wat tranen weg en knikte kort. Ze riep Dorien dat ze naar het ziekenhuis moesten.
Britt zat in de wachtkamer naar de poster te kijken aan de muur. "Het komt wel goed mam, geef pap tijd. hij houd echt nog wel van je, alleen anders dan eerst, maar het komt echt wel goed." Britt slikte, "Denk je? Had je net moeten zien hoe hij reageerde Simon zo hatelijk." Simon keek haar aan, ze was echt verdrietig dat was te zien, maar moest hij haar nu vertellen dat zijn vader haar deels aan het testen was en deels gewoon last had ook van zijn verleden? "Britt papa heeft het gewoon moeilijk, ik weet dat jij niet graag over Ruth praat, maar papa doet dat wel. Hij wil er wel graag over praten. Met jou! Maar jij bent zo in je zelf en egoïstisch, ja sorry dat ik het zeg. Dat hij jou dan ook buitensluit zo raar is dat toch niet?" Britt schrok van zijn woorden, was het waar? Was zij egoïstisch? Ze wist diep van binnen dat die vraag overbodig was, want eigenlijk had Simon gewoon gelijk. Johan kwam de behandelkamer uit met zijn hand in het verband, de zuster zei hem gedag en glimlachte nog eens lief. Britt voelde een vlaag van jaloezie, zeker toen hij terug lachte. Johan liep naar de uitgang, Simon liep achter hem aan. "En pap wat zei ze?" "Tweede graads brandwonden iedere 6 uur verband verwisselen en er zalf op doen." Simon keek hem aan, "Wat erg zeg, heb je veel pijn?" Johan knikte, en liep met stugge passen verder. Britt kwam hem achterna. "Johan ik... ik zal je verband wel verwisselen als je dat wil" Johan haalde zijn schouders op en zei opeens. "Ik wil nog even langs Ruth." Britt slikte, ze was er al een tijdje niet meer geweest. "Dat is oké ik zal er naar toe rijden."
Ze keek naar hem, hoe hij het lichte aan deed bij haar grafje, met zijn wijsvinger even de letters aanraakte op de steen. Ze stond op en liep naar hem toe en hurkte naast hem. Nu moest ze wel, het was moeilijk voor haar, maar ze wou er echt voor hem zijn. Simon was in de auto achtergebleven, hij had Britt aangespoord er nu voor Johan te zijn. " hoe voel jij je nu?" Johan haalde zijn schouders op. "Ik, ik mis haar Britt" Britt draaide krulletjes in zijn haar. "Ik ook, ze... ze had jou neus en lachje" Johan keek haar aan, "En ze had jouw ogen, net als jij stonden daar sterretjes in, als was ze nog zo ziek" Britt begon te huilen, het deed pijn om over haar te praten."Gaat het Britt?" Britt schudde haar hoofd. "Sorry schat, het spijt mij zo ik heb mij gedragen als een egoïstische stomme trut, jij wou over haar praten en ik kon het niet, ipv dat ik er was voor je, het spijt me echt heel erg." Johan keek haar aan, Simon had dus met haar gepraat. "ik heb er gewoon niet bij stil gestaan dat jij er wel over wou praten, ik moet niet zo klagen, als jij niet wilt dat ik mijn handen op je buik leg dat doen ik dat niet," "al is dat wel jammer" zei ze er zachtjes achteraan. Johan had het wel gehoord, "jammer?" Britt bloost. "Ja jammer het is er zo gezellig warm, zacht en veilig," Johan voelde dat hij wel een kleurtje kreeg, het deed hem toch iets. Britt nam dan zijn hand vast. "ik weet dat je boos bent, en dat is ook terecht, maar weet dat ik om je geef Johan. ik weet dat je dit al eerder gehoord hebt, maar toen jij je verhaal deed bij peter, ik was zo ontroerd, dat je nog altijd lieve woorden voor mij over hebt na alles wat ik je heb aangedaan. Ik verdien je niet schat. Ik verdien niet zo'n lieve knappe man als jij. die zo zorgzaam is, alles accepteert. Die thuis blijft als ik ziek ben, die mij mijn lunch brengt als ik die vergeten ben, iemand die mij verrast met een picknick in het park, iemand die mij een vreselijk verliefd gevoel geeft als jij in je boxer achter zijn krantje zit met je haren alle kanten op. Ik verdien niet iemand zo als jij Johan" jij verdiend een vrouw die ook aan jou behoeften voldoet. Die er ook voor jou is, die jou gelukkig maakt. Johan was opgestaan, en keek haar aan. "Je hebt gelijk misschien moet ik dat maar gaan doen." Britt schrok, meende hij dat nou? Ze stond op en liep huilend naar de auto, als Johan haar bij haar arm pakt. "wat denk je nou Britt! je hebt mij pijn gedaan, en ja ik ben nog altijd gekwetst, maar een andere vrouw zoeken? Je bent geen auto Britt die je inruilt wanneer deze je in de steek laat of wanneer hij je niet meer bevalt. Het valt nu even niet mee, voor jou niet voor mij niet.. ik geef je nog een kans, geef mij dan nog wat tijd.. gewoon wat tijd alles een beetje op een rijtje te krijgen. Britt keek hem aan, ze werd helemaal warm van binnen. God wat was die man lief! Britt slikte een keer en zocht naar de woorden. " ik, ik ben sprakeloos... wat ben jij een lieverd... en ja natuurlijk geef ik je die kans. " Britt veegde de tranen weg uit haar gezicht en nam Johan vast, ze nam hem heel goed vast precies wou ze hem nooit meer loslaten. Johan liet haar doen, en sloeg zijn armen dan ook om haar. Ze huilde van ontroering zachtjes en stil. Wat was hij toch lief, dat was met geen pen te beschrijven, morgen. Morgen ging ze voor hem een speciaal cadeau kopen, een cadeau wat hem zij hoeveel ze wel niet om hem gaf. En vooral iets heel erg persoonlijks. Britt liet hem dan los en veegde zijn tranen zorgzaam weg en gaf hem een kus op zijn wang. Johan gaf haar een kusje terug op haar lippen. "Kom we gaan naar huis," Britt knikte en nam zijn hand vast. Johan kneep er zachtjes in en ze liepen terug naar de auto.
Britt liep door gent, wat moest ze hem geven, opeens had ze het. Een horloge, eentje die bij hem paste, en dan liet ze er iets ingraveren. Ze bekeek de verschillende uurwerkjes en koos er eentje uit. Hij was perfect, hij straalde mannelijk uit, maar ook iets elegants. Hij was zwart met antraciet. Ze liet er ingraveren voor een hele lieve schat en vader. En liet het dan inpakken. Ze twijfelde alleen heel erg, het was een duur cadeau en Johan zocht de dingen vaker in de kleine dingen. Britt liep naar de winkel er tegen over en koos een kaart uit. Ze schreef er op: Lieverd, ik wil je laten weten dat je speciaal voor mij bent... ik weet dat je de dingen vaak in de kleine dingen zoekt, maar om jou te bewijzen hoe erg veel spijt ik heb en hoe gek ik op je ben is dit slechts een klein begin. Ik twijfelde lang, maar koos toch voor dit cadeau. Het is iets waarmee we vooruit gaan kijken, omdat het immers maar een kant op gaat. Maar als je wilt kan je hem stil zetten. Maar hij loopt vooruit, en zo wil ik ook denken en doen met jou, vooruit kijken... naar ons naar de toekomst. Ik zie je graag lieverd.
Johan zat in de kamer, op de bank in het zonnetje een dossier door te lezen. Britt kwam binnen en hing haar jas op. ze keek even naar hem. "Hé, hoe is het ?" Johan glimlachte even. "Ben een beetje moe, en jij??" Britt lachte verlegen, "Ik heb iets voor je, " Britt gaf hem verlegen het pakje. Johan was verrast, maar herkende snel het papiertje en kreeg een onbestemd gevoel. Hij las het kaartje en maakte stil het pakje open en bekeek het uurwerkje zwijgend. Dit moest haar een vermogen hebben gekost. Hij draaide het om en las de tekst, wat lief dacht hij. "En vind je het mooi?" Britt keek hem onzeker aan. Had ze het goed gedaan of niet? Johan legde het weer in het doosje. "Ik kan dit niet aan nemen Britt." Britt liep verdrietig naar het raam, waarom vond het nou niet leuk? Oké het koste haar bijna haar maandsalaris, maar het kwam van haar spaarrekening, niet van die van hen samen. Enkel van haar. En nu vond hij het niet leuk??? Ze voelde een traan over haar wang lopen. Johan was achter haar gaan staan en legde een hand op haar schouder. "het is prachtig echt waar, maar zo duur...." Britt draaide zich om "Nou en!!! Ik weet dat je deze heel mooi vind! En ik houd van je, zeg nou gewoon dat je het leuk vind of gooi het anders weg." Britt liep verdrietig naar de slaapkamer en ging op bed liggen. Johan liep met het uurwerkje achter haar aan. "hey, waarom huil je? ik vind het echt prachtig, en vooral heel erg lief van je, het is alleen dat het mijn gevoel niet verandert, of nou misschien een beetje" "lieverd, ik weet dat het je spijt, maar nogmaals, wees je zelf schat, gewoon eigenwijze Britt en doe niet zo onderdanig aan mij. Johan wreef over haar wang. Elke keer als ik nu kijk hoe laat het is denk ik aan jou." Britt huilde geruisloos door, het deed zo zeer, ze wist ook wel dat een cadeau de dingen niet ongedaan maakte, maar toch. Toch drukte hij haar nu wel weer hard op de feiten. "Schat? Kom anders even mee dan gaan we even een rondje wandelen oké?" Britt stond op en liep naar de kapstok. "Britt wacht, wil je hem even om doen?" Johan gaf haar het horloge. Britt kwam terug en deed hem met trillende handen om. de aanraking met zijn huid bezorgde haar een tinteling. Johan keek even lief en nam haar hoofd in zijn handen en gaf haar een kusje op haar voorhoofd. Britt slikte een keer, ze keek hem aan met haar onzekere blik. Johan gaf haar jas en nam zijn jas. "kom dan gaan we."
Johan keek even naar haar stiekem, het leek wel of dit hun eerste date was. "Johan, Na Mark ben ik niet meer zo gewend mijn negatieve gevoelens te delen, sorry... ik heb dit al eerder gezegd, alleen.. ja ik vind het al moeilijk over Mark te praten." Johan nam haar hand vast. "Hé dat snap ik kon ook nooit over mijn scheiding praten. Maar ik vond het moeilijk dat juist niet te kunnen betreft Ruth." Britt kneep zachtjes in zijn hand. "Weet je lieverd, ik.. ik ben zo bang dat jou iets overkomt. Vandaag, een man had een hartaanval gekregen en hij was net zo oud als jij en ik werd opeens zo bang." Johan keek haar aan, ze bloosde en keek een beetje in het niets. "Schat toch," Johan stopte even en ging voor haar staan. "ik ben ook wel eens bang, als je op interventie moet, ik haat dat, dan ben ik zo blij als ik je vertrouwde gesluip hoor, dat zachte kusje op mijn wang, dus ik snap je echt" Britt keek lief "meen je dat? Ben je dan altijd wakker? En ik maar denken dat je sliep" Johan glimlacht, die keren dat ik deed alsof ik sliep wel ja, en soms was ik toch ook wakker?" Britt knikt. "het is zo lief, hoe jij slaapt.." Johan bloost,"vind je? en als ik bomen om zaag?" Britt lacht. "dan ook" Johan nam haar dan vast, voorzichtig en dan steviger. Hij wreef over haar rug. Was het mogelijk dat een drempel die zo hoog was, door een simpel gesprek bijna gelijkvloers werd? Hij gaf haar een kusje op haar wang terwijl Britt hem over zijn rug wreef en dan door zijn haren. Hij glimlachte, dat deed zij nog altijd graag, door zijn haren woelen. "Johan ik.... Je bent zo lief, " Johan merkte dat ze eigenlijk nog heel erg kwetsbaar was en hij besloot haar meer toe te laten. Johan gaf haar dan een zoen op haar lippen, iets langer dan de eerste. Britt keek hem aan en zoende hem nu iets intiemer en tot haar vreugde ging hij er op in. Ze legde haar hand in zijn nek en zoende hem nu voluit. Johan zoende haar net zo intens terug, hij had dit eigenlijk erg gemist. Hij voelde haar hand op zijn rug voelde, het contact met haar huid gaf hem een rilling, maar eentje van plezier. Hij kreeg van binnen allemaal kriebels. Ondanks alles was er gebeurd was, genoot hij van haar aanrakingen en liefde. Pas na vijf minuten liet hij haar los en zij hem. Ze keek hem aan met stralende ogen. "Schat, ik.. ik wist niet dat verliefd zijn en houden van zo mooi kon voelen, ik dacht het gevoel al te hebben eravaren met je, maar dit overtrof het toch weer"Johan werd knalrood. "jij weet mij wel verlegen te maken" Britt lacht, "en anders jij mij wel"
2 weken later....
Britt opende haar postkastje en haalde er een envaloppe uit. Ze glimlachtte, ze herkende het hndschrift meteen. Ze opende het en er zat een stukje rood wollen draad in en een kaartje, "hey schat, je pakt de draad van je leven echt goed op, maar toch zie ik in je ogen dat je nog wat mist om het 100% te kunnen, vandaar hier dat stukje, zie het als een symbool... ik weet dat ik de laatste paar dagen erg stil was en erg afwezig... maar dat was omdat ik toch nog moest nadenken, nadenken over ons... en ik houd van je ik weet hoe graag je me terug wil en de dingen weer wilt doen die we eerder altijd deden.. zie mij in dit rode draadje, k heb besloten weer deel van jou te zijn, jou weer deel van mij te laten zijn. die dag in het park, dat was mooi maar nog niet genoeg, de afgelopen week, je deed fantastisch je best... ik waardeer dat, naja... dit is misschien een beetje een vreemde manier je te zeggen dat ik je weer helemaal bij mij wil hebben... maar ik handel uit gevoel en denken, mijn gevoel zegt dat je bij mij hoort maar mijn hoofd zzei "dat kan niet, ze speelt met je, ze deed je pijn....."anyway... ik houd van je, en je hebt je kans waar gemaakt" liefs Johan. Britt stond helemaal te trillen en moest huilen van geluk, ze draaide zich om en liep naar haar auto en reed naar Johan kantoor, ze liep naar binnen en zag hem voor het raam staan,, johan had haar dus al zien komen Britt keek naar hem "schat?" Britt omhelde hem en huilde van puur geluk. "Schat ik...... ik houd zo van je, jij bent het bijzonderste schepsel op de wereld en... ik, je je ben zo ontzettend romantisch en bijzonder". Britt haalde het rode draadje uit haar zak. "weetje, jij bent inderdaad een stukje rode draad uit mijn leven, of nee, je bent een heel groot stuk rode draad uit mijn leven, dat is na vandaag alleen maar groter geworden" Johan glimlachte, "dus je vond het niet gek?" Britt schudde van nee "wel nee joh schat, nee het is gewoon heel bijzonder net als jij maardat heb ik al gezegt" Britt nam zijn hoofd vast en zoende hem passioneel, en sloot haar ogen terwijl ze hem dicht tegen zich aan hield. "Lieverd? ik zal er alles aan doen, alles je terug te krijgen en je te tonen dat wij samen een zijn.. we zijn immers getrouwd, en dat betekend: Verbonden voor eeuwig. Ik weet dat ik dat verbond erg op de tocht heb gezet... maar vanaf nu zal ik het weer opbouwen, als jij mij de "stenen" wilt geven, zal ik ons eigen luchtkasteel terug herstellen..." Johan gaf haar een zoen, nam haar hand vast en zei dat hij dat met liefde ging doen. Zijn hart lag bij haar, en hij zag hoe veel het allemaal met haar deed. Johan gaf haar een klein kusje, zijn ogen die eerder zo leeg stonden... zo donker waren als de nacht begonnen nu te lijken op een nacht die over ging in de ochtend... Waar de eerste voorzichtige zonnegloren door heen brak. Kleine lichtpuntjes die haar aan keken een stem die haar vroeg om te gaan luchen en aan hart wat zei "Jij en ik voor altijd samen". Britt wist dat hij het haar nog niet voor 100% had vergeven maar topch, dat rode draadje,,, Ze nam zijn hand gaf hem een zoen en zei hem graag mee te gaan. Hand in hand liepen ze naar het grafje van Ruth, wat hen eerst van elkander had gescheiden, bracht hen nu samen. Samen stonden ze daar, hand in hand beiden er van overtuigt dat het goed kwam... Voor altijd samen. Johan legde een arm rond haar heen, ze hadden een half uurtje zwijgend aan haar grafje gestaan. Ze liepen nu als man en vrouw terug, allebei nog een keer om kijkend maar nu met elkaar handen verstrengeld in elkaar in zijn jas zak op weg naar een warm tentje om wat te eten. Johan keek even naar de lucht, wat eerst zo uitzichloos leek, was nu op weg goed te worden. Met een glimlach keek hij naar haar en gaf haar een zoen. Zijn Brittje, zijn lieve schat. Op weg naar een nieuwe start samen, en samen de dingen verwerken. Jjohan had er geloof in... geloof in een goed einde. Met een grote glimlach prooste hij met haar "Op ons " en zei antwoorde met ogen vol liefde "Op ons schat". Op ons, wat klonk dat toch fantastisch.
Dit verhaal is geschreven door Eef
|