Als het touw gebroken is....
"Zoals het hart slaat
zo jaagt de wind
mijn ziel voort
en rust slechts alleen
in doodsangst
Doodsbang trillend
jagen mijn zenuwen
in gierende storm
de onrust steigerend
door m'n lijf
Alleen daar kan ik rusten
waar het touw gebroken is
waar de wereld stopt te draaien
alléén daar"
Britt woelt met haar handen door haar haren. Is dit werkelijk een teken voor een
komende zelfmoord. Of zijn het slechts gebundelde woorden vol dwaze
tienerangsten? Een soort van infantiele schreeuw om aandacht? Ze leest de
woorden nog eens. Talent, of slechts goed in het verzinnen van clichés? Beelden
in woorden die niets lijken te betekenen. Totdat een mens zijn interpretatie er
op los laat. Wat zegt zo'n gedicht op zich nu, niets toch? Het is wat je er zelf
in leest. Als dit is wat je als lerares literatuur onder je neus krijgt. Waar
let je dan op? Woorden, symbolen of inhoud. Ze laat haar blik glijden over de
woorden. Irene, is een vriendin, ze moet dit serieus nemen. Terwijl Britt diep
in gedachten is komt Tony op de gebruikelijke luidruchtige manier binnen.
"Ik heb wat, voor Dorien." Ze gooit een boek op Britts bureau.
"Kreeg ik voor Vera, moest ik maar bewaren. Tegen de tijd dat Dorien het
duizend keer heeft gelezen is Vera misschien oud genoeg om te lezen."
grinnikt ze en loopt door naar haar kastje. "Hebben we al iets te
doen?" roept ze terwijl ze weg wandelt. "Ik heb dadelijk iets om naar
te kijken." Britt pakt het boek. Heksen en tovenaars, dat is wel iets voor
Dorien. Tony komt terug en ploft achter haar bureau. "Wat zei je?"
Britt stopt het boek in haar tas "Bedankt, ik zal Dorien zeggen dat het te
leen is. Ik heb gisteren iets gekregen van Irene." Ze schuift Tony het
proefwerkblaadje toe "Irene? Is zij niet lerares?" Britt knikt en
wijst op het blaadje "Dit kreeg ze van een leerlinge. Ik twijfel weet je.
Irene laat zich toch niet gauw angst aanjagen. We zijn al een tijde bevriend.
Als ik haar niet zo goed zou kennen zou ik dit ook afdoen als
tienerfantasieën." Tony leest het gedicht en fronst haar wenkbrauwen.
"Nogal heftig niet?" Britt moet toegeven dat het geheel op haar ook
nogal metaforisch overkomt. "Weet je iets meer van de schrijfster?"
Tony geeft het blaadje terug "Niet veel, alleen wat Irene me heeft
verteld." Britt pakt haar notitieboekje. "Dit is ze." ze haalt
een foto van een blond meisje uit het boekje. Tony bekijkt de foto aandachtig.
De ogen vallen haar op, er zit een diepe, eindeloze blik in. Zo dromerig, een
meisje vol fantasie? "Ze heet Mara de Wild, ze is 16 en zit in het 4e jaar.
Eigenlijk zijn haar schoolprestaties uitzonderlijk goed.Ze heeft een broertje,
die zit op dezelfde school in de 2e. Haar ouders leven nog en zijn bij elkaar.
Irene heeft aan de oppervlakte niets kunnen ontdekken wat wijst op een
traumatische gebeurtenis in haar leven. Mara is een heel sociaal, vriendelijk en
extrovert kind. Ze staat voor iedereen klaar." Tony staat op en loopt naar
de deur van het kantoor van Vanbruane. "Als Vanbruane nog niets heeft voor
ons kunnen we wel even naar die school rijden. Es kijken gewoon." Ze geeft
een paar klopjes op de glazen deur. Zo, ze wist niet dat glas tegenwoordig zo
zacht was. "Ja, Tony." Tony kijkt om en ziet dat ze op Vanbruane zelf
staat te kloppen "Oh, sorry baas, ik zag u niet staan." Vanbruane
kijkt Britt aan, die schiet in de lach "Heeft u nog iets voor ons te doen
baas?" gaat Tony onverstoorbaar verder. Vanbruane schudt haar hoofd
"Niets speciaals, hoezo?" Britt houdt het gedicht omhoog.
"Hierom, we willen even gaan kijken op de school van dit meisje."
Vanbruane neemt het gedicht aan en leest er overheen "Bon, hoe serieus is
dit?" Britt haalt haar schouders op "Doe dan maar, ik roep jullie wel
terug als er een zaak is." Tony steekt haar duim op. Samen lopen ze naar de
wagen. De school ligt aan de rand van de stad. Het duurt even voor ze er zijn.
Als ze binnen stappen worden ze al bijna omver gelopen. "Oh sorry
dame," een opgeschoten jongen van een jaar of 16 grijpt Britt vast voor ze
valt. "Ik zag u niet." Alsof ze niet meer is dan een veertje zo zet
hij haar weer recht op haar voeten neer. Britt kijkt schuin omhoog " 't Is
al goed." zegt ze korzelig. Tony bijt op haar wang om niet te lachen.
"Zou je ons de lerarenkamer misschien kunnen wijzen?" De jongen knikt
en loopt voor hen uit naar de lerarenkamer. "Hier is het. Nou, de groeten
hè." Tony en Britt stappen binnen. Her en der zitten groepjes
leerkrachten, ze kijken bevreemd naar de twee dames. "Ja?" zegt een
lange, kalende man die toevallig net voorbij loopt. "Wij zijn op zoek
naar." "Britt!!" Ergens staat iemand op "Wat fijn dat je er
bent." Irene komt op hen af en schudt Tony de hand "Hoi, ik ben Irene.
Laat maar Bert, het is al goed." ze wuift de kalende man weg en trekt Tony
mee naar een tafel. "Kom laten we daar even gaan zitten, koffie,
thee?" De politievrouwen schudden hun hoofden. "OK, wat vonden jullie
er van?" Irene kijkt van Tony naar Britt en weer terug. "Ik weet het
niet," bekent Britt eerlijk. " 't Kan serieus een schreeuw om hulp
zijn, maar voor hetzelfde geld vraagt ze gewoon aandacht." Irene knikt
"Ik wil het alleen niet op mijn geweten hebben dat er dadelijk echt iets
gebeurd wat ik had kunnen voorkomen." Tony glimlacht "Dat snap ik.
Kunnen wij met Mara praten?" Irene staat op "Ze heeft zo dadelijk les
van mij, ik kan haar sturen. Jullie kunnen beter niet de klas in komen. Er
zitten nogal wat kinderen die wat hebben meegemaakt. De broer van Ilse is een
maand geleden omgekomen bij een ongeluk. Daar werd ze voor uit de klas gehaald
door de politie. Hetzelfde gebeurde een half jaar geleden bij Eva, alleen was
het bij haar de vader die verongelukt was. En Maike's moeder ligt met kanker in
het ziekenhuis. Peters' zus zit vast wegens dealen en Grard's ouders zijn net
gescheiden. Je hoort het al, een klas met nogal een achtergrond." Tony laat
de lucht tussen haar tanden door ontsnappen. "Klinkt interessant. en Mara?"
vraagt ze. "Nee Mara komt juist uit een leuk gezin. Niks aan de hand. Ze
presteert goed. Weet je, ze schreef heel vaak gedichten, maar nooit zoiets. Het
meest negatieve waren protestgedichten over de mens die misbruik maakt van de
aarde. Nee, Mara is juist altijd zo'n goede steun voor Ilse, Eva en Maike, het
zijn haar hartsvriendinnen. Ze treedt altijd terug, ze is heel bescheiden. Het
is zo'n lief en vriendelijk meisje. Ik weet niet waar de gevoelens uit het
gedicht vandaan komen." Britt knikt "We zullen eens met haar
praten." Irene wijst hen een kamertje aan "Wacht hier maar, ik stuur
haar zo." Als ze weg is kijken Britt en Tony elkaar aan. "Al die
vriendinnen die zoveel hebben mee gemaakt. En zij volmaakt gelukkig, perfect en
bescheiden? Denk jij wat ik denk?" vraagt Tony zich hardop af. "Tja,
als je nooit aandacht krijgt en merkt dat negatieve, shockerende dingen wel
aandacht opleveren. Ik heb ook zo'n idee dat we er snel uit zullen zijn."
Er wordt op de deur geklopt. Een meisje opent de deur. "Ben jij Mara?"
Britt staat op. Tony ziet het meteen, dit is niet het meisje van de foto.
"Nee, ik ben haar vriendin. Ik kom zeggen dat Mara net ziek naar huis is
gegaan." Het meisje schuifelt ongemakkelijk met haar voeten "En jij
bent.?" Tony kijkt het meisje vragend aan "Eva." Britt maakt een
armzwaai naar de tafel "Zou je even willen komen zitten, Eva? We willen je
graag wat vragen over Mara." Eva kijkt naar de grond en neemt een stoel
"Heb je de laatste tijd wel eens iets raars opgemerkt aan Mara?" valt
Tony met de deur in huis als Eva zit. Die haalt haar schouders op "Nee,
niet echt, hoezo?" Ze kijkt Tony vragend aan. "Wel, we hebben het idee
dat Mara niet zo lekker in haar vel zit. Jij komt wel eens bij haar thuis hè?
Merk je wel eens ooit wat bij haar thuis. Ruzie met haar ouders, wat dan
ook?" Eva schudt haar hoofd "Nee, helemaal niet, haar ouders zijn
geweldig. Iedereen vindt hen gaaf, Mara ook. En. nee, ze heeft echt een tof
leven. Ze is echt heel leuk. Toen mijn vader verongelukte steunde ze me, het is
echt een toffe meid." Britt knikt "Mara heeft laatst een gedicht
geschreven." Ze schuift het gedicht naar Eva. Eva leest het gedicht en
kijkt op naar Britt "Heeft zíj dit geschreven? Dat kan niet. Zo is ze
helemaal niet." Britt pakt het gedicht terug "Jullie hebben dit in de
klas geschreven, geen twijfel mogelijk dus. Dit heeft zij geschreven. Nu. jullie
hebben allemaal jullie problemen. Ze is de enige in jullie clubje vriendinnen
die niks ergs heeft meegemaakt. Heb ik dat goed?" Eva knikt "En. hoe
gaat dat? Jullie vinden allemaal dat ze geluk heeft. Jullie kunnen er met elkaar
over praten. Hoe zit dat met Mara?" Eva kijkt naar de grond "Ilse. ze
zegt wel eens wat, ja. Als Mara. laatst was hun hond dood gegaan. Ze moesten hem
een spuitje geven. Ze hadden die hond al heel lang, bijna heel Mara's leven al.
Ze was er helemaal kapot van. Toen zei Ilse 'wat loop je nou te zeuren, het is
maar een hond, jij hebt iedereen nog'. Ik weet niet, ik denk dat Mara zich soms
wel een beetje een buitenbeentje voelt. Maar dat." ze wijst op het gedicht
"Dat slaat nergens op, zo is Mara niet." Tony zucht "En nu is ze
ziek weg gegaan. Hoe vaak is Mara ziek, Eva? Hoe vaak?" Eva staat op
"Nooit, ze is nooit ziek." "En ze spijbelt ook niet?" Eva
schudt haar hoofd "Waar kan ze zijn, Eva?" Tony pakt het meisje beet
en kijkt haar recht aan. "Waar?" schreeuwt ze in haar gezicht "Ik
wéét het niet. Ik weet het niet. Maar dát is wat ik voel." Ze maakt een
armzwaai in de richting van Britt "Die woorden, ik heb daar met haar over
gepraat. Bij mij thuis is er niks meer normaal. We hebben nergens geld meer
voor, mijn moeder wordt gek. Dit zijn míjn gedachten. Ik wil er niet meer zijn,
ik wíl dóód!!" Ze rukt zich los en rent naar de deur. Maar Tony is haar
voor en stampt de deur met een knal weer dicht. "Wacht even dame! Wat zei
Mara? Je had het er met haar over. Wát zei ze?" Eva kijkt van Tony naar
Britt "Dat ze niet snapte hoe ik dat kon zeggen. Dat ik m'n moeder nooit
zoiets kon aan doen. Of ik wel besefte hoeveel de mensen om me heen van me
hielden. Hoe waardevol ik wel niet was. Mara zegt zulke dingen weet je. Ze zei
dat ik moest wachten tot ik het mee zou maken, dat ik dan wel anders zou praten.
Ze zei dat ze het zichzelf nooit zou vergeven als ik zelfmoord zou plegen. Ze
zou. ze zou voor de trein springen om mij te redden. Dus dat ik het verdomme
niet zou doen, dat ik verdomme door zou leven. we hebben het er daarna niet meer
over gehad." De tranen lopen over haar wangen. Britt loopt op haar toe en
slaat een arm om haar heen. "Waar kan ze zijn? Waar waren jullie toen je
dat vertelde? Heb je zelf een plek in gedachten?" Eva veegt haar tranen weg
"Bij het kanaal, bij de brug. Het is hier vlakbij, ik zal het wijzen. Maar
Mara zou het nooit doen, nooit." Ze loopt naar het raam en wijst op een weg
die een eind verder een brug opgaat. "OK Eva, je heb ons erg goed
geholpen.." Britt en Tony springen het kamertje uit en laten Eva achter. Ze
racen met de auto naar de brug en parkeren in de berm. Snel rennen ze naar
beneden naar de het water. Tony glijdt bijna uit. Britt grijpt haar vast en
voorkomt dat Tony voorover het water induikt. "Pas op. Het is daar glad,
voor je het weet lig je erin." horen ze achter zich. Tegelijkertijd kijken
ze achterom. Daar zit een blond meisje in het gras. "Mara?" Tony loopt
naar het meisje toe en gaat bij haar zitten. "Dat ben ik, wie zijn
jullie?" Britt haalt haar penning te voorschijn "Wij zijn van de
politie." Mara zucht "Ik dacht wel dat ze niet zouden geloven dat ik
ziek was. Ik lieg echt barslecht. Je krijgt toch geen boete als je spijbelt? Ik
bedoel, ik doe het echt voor de allereerste keer." Tony lacht "We
komen je geen boete geven, omdat je spijbelt. We willen weten waarom je hier
bent." Mara kijkt verbaasd op van het water "Waarom? Wel, je kan hier
goed nadenken." Britt haalt het gedicht te voorschijn. "Er zijn mensen
die zich ernstige zorgen maken over jou. Ken je dicht gedicht nog?" Mara
neemt het papiertje aan. "Mijn gedicht.. Denken jullie nu dat ik.? Wat een
onzin." Ze lacht even en kijkt dan naar het water. "Ik heb me proberen
in te leven in Eva. Ik schrijf heel veel gedichten. Deze keer probeerde ik me in
te leven in Eva. Zij is m'n beste vriendin. Haar vader is een half jaar geleden
verongelukt. Ze heeft het zo moeilijk. We komen hier vaak. En laatst vertelde ze
me dat ze er een eind aan wou maken." Britt knikt, dit verhaal kent ze al
"Ik wil haar helpen. Ik zei dat ik verdomme onder de trein zou springen als
ik haar dan kon leren dat het geen oplossing is. Ik wil haar gewoon helpen,
daarom probeer ik me in haar te verdiepen, te bedenken hoe ze zich voelt en zo.
Dan kan ik misschien bedenken wat ik haar moet zeggen, wat ik moet doen. Stel je
voor dat ze het echt ooit doet, ik zou het mezelf nooit vergeven. Al die tijd
zou ik het dan al hebben geweten." Tony kijkt Britt aan "En daarom ben
je nu hier? Om na te denken?" Mara gooit een steentje in het water
"Dit is onze plek.. ik weet het wel, ik had niet moeten spijbelen, maar. ik
maak me echt zorgen om haar. Het gaat maar niet beter." Britt knielt neer
bij Mara "Het is niet alleen aan jou om haar te helpen. Er zijn een hele
hoop mensen die daarvoor geleerd hebben. We zullen eens kijken wat die kunnen
doen." Mara knikt dankbaar en staat op. "Wel bedankt, dan ben ik er
maar vandoor." Tony lacht "je hebt nog een hele dag vrij, ze geloven
wel dat je ziek bent, alleen wij niet. Ga lekker de stad in." Mara lacht
"En dan mijn moeder tegen het lijf lopen? Nee dankje, ik ga liever nog effe
de bossen in. M'n ouders gaan het vast niet leuk vinden als ze merken dat ik
gespijbeld heb." Lachend pakt ze haar fiets op en zwaait nog een keer.
Einde
Holymary;mins
|