De spin en het web
"Moet je daar kijken, al die vogels!" Miguël geeft zijn
verrekijker even aan Mathieu. Die zet het ding aan zijn ogen en kijkt
geïnteresseerd naar de vogels die in een zwarte zwerm boven de waterkant
blijven hangen. Af en toe duiken er een paar naar beneden om dan weer op te
vliegen en mee te draaien in de cirkel die de beesten vormen. Het lawaai wordt
steeds oorverdovende naarmate de twee jongens nader komen. "Ze zijn niet
bang." merkt Mathieu op. Gewoonlijk zou de zwerm al lang weg gevlogen zijn
voor de twee, maar ze blijven hangen. Alsof ze iets gevonden hebben. Mathieu en
Miguël stappen steeds nader en ziet dan waar de vogels omheen blijven zwermen.
In het riet van de waterkant ligt iets groots. Vogels duiken steeds naar beneden
en pikken erin. Het is zacht, want het geeft mee. Miguël tuurt door zijn
kijker. "Dat lijkt wel…" mompelt hij, als ze vlakbij staan maakt hij
zijn zin pas af "een vrouw…" In zwarte kleren gehuld ligt een lijk
in het water. Haar haren drijven in een krans om haar heen. "Dat is een
lijk." Kan Mathieu nog net uitbrengen voor hij zijn mobiel uit zijn zak
trekt. "Gelukkig hebben we hier ontvangst." Zucht hij opgelucht en
belt snel het alarmnummer. Het duurt een tijd voor de politie ter plaatse is.
Mathieu en Miguël zijn in het gras gaan zitten en kijken om sten beurten door
de kijker naar de plukkende, trekkende vogels. "Ates, politie Gent"
stelt de mannelijke agent die de auto uitstapt zich aan de jongens voor.
"Wij zijn Mathieu en Miguël Manders," stelt Miguël hen beiden voor.
"We hebben een lijk gevonden… of eigenlijk zij." Hij maakt een
armzwaai naar de vogelzwerm. Hij ziet dat de twee vrouwen op de zwerm toelopen.
"Jeetje wat een klote herrie." Hoort hij een van hen hartgrondig
vloeken. "Ze moeten hier weg." Vindt de ander. "Ja, hoe zeg je
dat in het vogels?" Snauwt de donkere van de twee, duidelijk geïrriteerd
door het lawaai. "Ogenblikje…’ de blonde haalt haar pistool
tevoorschijn. "Nee, niet schieten!" Roept Miguël. "Ik schiet
niet op haar, maar op de vogels," zegt de blonde, min of meer geërgerd om
zoveel domheid, terwijl ze op donkere dame wijst, bij ‘haar’. "Ook niet
op de vogels, geeft ze een beetje credit… wees hen dankbaar, ze hebben het
lijk gevonden." Pleit Mathieu. "En vreten het nu stukje bij beetje op."
Zegt de donkere agente uitdagend, terwijl ook zij haar pistool tevoorschijn
haalt. De agent die bij de jongens staat wisselt een blik met de blonde vrouw.
Die zucht nogmaals geërgerd en schiet dan een keer in de lucht. De zwerm vogels
cirkelt geschrokken weg. "Jammer…" verzucht Mathieu, terwijl hij hen
nakijkt. De twee vrouwen sjorren intussen het lijk min of meer op de kant en
draaien het terug. De blonde doet dan een verschrikte stap terug en kijkt vol
afschuw neer op het lijk. "Dat is Lene…" hoort Miguël haar roepen.
Hij kijkt Mathieu aan. Daar gaat hun rustige vogelkijk middag, denken ze
allebei.
"Vooralsnog lijkt het zelfmoord." Britt hangt aan haar bureau en kijkt
Vanbruane die er bovenop zit, schuin aan. "We wachten op het
autopsierapport… hopelijk worden we er wat wijzer van." Vanbruane kijkt
donker voor zich uit "Misschien kon ze toch niet zonder dat kind…. Zonder
Mattias. Misschien was het leven in die sekte te zwaar, wie zal het zeggen…
het besef dat ze er nooit meer uit zou komen." Vanbruane raadt maar wat
naar een motief "Ik betwijfel of ze dat wel ten volle besefte." waagt
Britt dat laatste al meteen in twijfel te trekken. "En misschien wilde ze
eruit en hebben ze haar vermoord en in de vaart gedumpt. Wat daar terechtkomt is
dat wat Gent uitstroomt…" spreekt Tony alle ideeën over zelfmoord tegen.
Britt en Vanbruane kijken haar allebei uit. "Vermoord… waarom zouden ze?
Er is niet veel voor nodig om haar terug te praten. Waarom zouden ze het risico
nemen? Nee, ze is jaren geïndoctrineerd, dat is zorgvuldig gedaan. Bovendien is
ze alleen op de wereld. Zonder hulp zou ze het nooit kunnen redden buiten die
sekte, ze zou in no-time weer terug zijn. Zonder hulp zou ze het niet eens
proberen." legt Britt uit "Misschien was ze op weg naar ons?"
Oppert Tony nog. Britt schudt stellig haar hoofd "Dan hadden ze haar gewoon
mee genomen, opgesloten en met nog minder eten en slaap verder laten gaan. Geen
energie meer voor verzet." Veegt Britt ook dat idee resoluut van tafel.
"Je weet er wat van." Complimenteert Vanbruane. Britt glimlacht
"Ik heb wat gelezen sindsdien, ik geloof dat je je moet wapenen tegen het
onbekende… als ik ook al tot de doelgroep behoor…" Ze legt een verslag
op de stapel op haar bureau en kijkt van Tony naar Vanbruane. "Het
autopsierapport zal bevestigen wat we denken…. Zelfmoord. En ja, misschien is
ze er toe aangezet, maar we zullen het nooit kunnen bewijzen." Vat ze alles
samen. "Ben je er ooit binnen geweest?" vraagt Vanbruane
geïnteresseerd. Britt schudt haar hoofd "Toen we Lene destijds moesten
ophalen hebben we twee wijkagenten gevraagd voor ons naar binnen te gaan, wij
zouden kunnen afschrikken… met name ik, mij kende ze al. Bovendien je kunt
niet voorzichtig genoeg zijn… met sekten. Daarna is ze dus pas bij ons in de
auto gekomen, ik heb het huis nooit van binnen gezien. De wijkagenten zeiden dat
er wel een hoop mensen stonden toe te kijken, maar dat niemand van hen iets
deed. En ook hun leider hebben ze destijds niet gezien. Gelukkig zijn ze later
niet nog lastig gevallen. Je weet het maar nooit…" Vanbruane knikt
"Verstandig, maar ik zou er toch wel wat voor geven om daar eens binnen te
kijken. Stel dat die leider haar echt aangezet heeft tot het plegen van
zelfmoord? Of Mattias tot tasjesroven…? Het is allemaal strafbaar…"
peinst ze "Maar niet te bewijzen… zonder getuigen. Nou ja, zonder
sprekende getuigen dan." Kapt Britt haar af "Als hij het bij een kan
dan kan hij het ook bij meer mensen… hij heeft de levens van al die
onschuldige mensen in zijn greep." Vanbruane schudt mistroostig haar hoofd.
"Ik vraag mij af of we ze kunnen helpen… het onze taak… maar…"
Britt knikt "Ik ook…" geeft ze toe "Misschien hadden we Lene
wel kunnen redden, maar hoe? Je kunt niet al die mensen uit de sekten ontvoeren
en er collectief deprogrammeurs op zetten…" Vanbruane kijkt haar even aan
"We zouden die leider moeten kunnen oppakken en zo die mensen bevrijden…"
"Die mensen zijn vrij, het is hun keuze." werpt Britt tegen
"Boven dien kunnen we die vent niet oppakken zonder een greintje bewijs en
die lui die getuigen niet tegen hem… die heeft hij mooi ingekapseld."
mengt ook Tony zich weer in de conversatie. Vanbruane knikt instemmend "We
moeten dus iets vinden waarop we hem kunnen pakken… Britt, Tony… zouden
jullie niet een onderzoek, een grondig onderzoek, naar hem kunnen instellen? W
hebben toch alle redenen om aan te nemen dat hij het brein achter de tasjesroof
is… en waarschijnlijk achter nog meer van dit soort kleine criminaliteit. En
dus kunnen we een onderzoek naar hem instellen." Britt en Tony knikken
gretig, dit ruikt naar spanning. Hun ogen glinsteren "Wanneer komt het
autopsierapport binnen?" vraagt Vanbruane terwijl ze op staat. "Dat
weten we niet." Zegt Tony "Maar we blijven in ieder geval tot het er
is, het zou vanavond nog komen." belooft Britt, Tony knikt instemmend en
buigt zich over een krantenartikel over de sekte.
"Moet je lezen…" met een blik vol verbijstering gooit Britt Tony het
autopsierapport toe. Tony wrijft de slaap uit haar ogen en gaapt eens luid. Elk
stukje informatie uit de bieb, van internet, uit de kranten hebben ze inmiddels.
Elk geschreven, geregistreerd frut stukje. Er bestaat een dossier zo dik als een
encyclopediedeel over de leider. Maar niets bruikbaars, 0,0! Alles is al
verjaard en voor de belastingfraude is hij al veroordeeld geweest, daar hoeven
ze niet meer mee aan te komen. De hele avond hebben ze doorgewerkt en pas nu, om
kwart voor 12 is eindelijk dat autopsierapport binnen. En erg veel verder zijn
ze dan nog niet gekomen. Met een zucht kijkt Tony naar de regels die Britt heeft
aangestreept met een glee markeerstift. Haar mond valt langzaam open als ze de
gegevens leest "Is hij nog op?" begint ze. Britt heeft al de telefoon
in haar handen en draait een nummer. Ze trekt haar wenkbrauwen vragend op en
lijkt te schrikken als er aan de andere kant wordt opgenomen. "Oh… eh…"
stamelt ze "Britt Michiels, politie Gent… oh, u had wel verwacht dat ik
zou bellen… u bent de secretaresse? … Oh jeetje, pardon, natuurlijk niet…natuurlijk,
dank u dokter… we komen eraan." Tony kan nauwelijks haar lach
onderdrukken "Betaalde overuren Goddank." Verzucht ze "Mogen we
daarna naar huis?" Ze kijkt Britt smekend aan en staat op. Britt lacht even
"Hij is een zij," waarschuwt ze en zwaait haar jack over haar
schouder. Even later lopen ze het mortuarium binnen, wat toch wel een speciale
sfeer heeft zo ’s nachts. In het kantoor zit de patholoog-anatoom wat te
schrijven. Ze staat direct op en stapt naar buiten, de gang op. "Ik
verwachtte uw telefoontje… omdat u klaarblijkelijk aan zelfmoord dacht. Wel de
sporen op het lichaam sluiten natuurlijk niets uit… maar ze trekken die lezing
wel ernstig in twijfel." De vrouw gaat hen voor naar de koelcel waar enkele
lijken liggen opgeborgen. "Nadat we uw rapport hebben gelezen hebben wíj
zelfmoord eigenlijk wel al volledig uitgesloten." Geeft Britt snel toe
"We zouden niet goed weten hoe deze vrouw zelf aan deze middelen en de
spuit zou moeten komen… als er dan ook nog sporen zijn van zelfverdediging…"
"Volop." Glimlacht de patholoog-anatoom, ze leest de nummers op de
laden en trekt er een open. Lene komt onder het laken vandaan. "Hier heeft
men haar geïnjecteerd. Ze kan dat ook zelf gedaan hebben, maar ik hoef niet te
zeggen dat je daar behoorlijk lenig voor moet zijn. Hetgeen zij waarschijnlijk
niet was, want ze leed aan reuma. Nog niet in zo’n vergevorderd stadium, maar
toch." Ze stopt even om adem te halen "Aan de verwondingen te zien
heeft ze zich ook verzet…. ook heb ik nog een andere injectie gevonden, maar
zeer oppervlakkig… dat kan dus een mislukte steek zijn…" Britt kijkt
met haar me "En…" herinnert Tony zich "Er zat geen water in de
longen. Ze was dus al dood toen ze haar in het water gooiden." De
patholoog-anatoom knikt bevestigend "Dood, of bijna dood… in coma,
bewusteloos. In ieder geval ademde ze dus niet meer onder water… ze heeft
ongeveer een dag in het water gelegen en is niet lang daarvoor dood gegaan. Het
is echter moeilijk om de precieze tijd te bepalen, vanwege het water, begrijpt
u?"Britt knikt begrijpend en kijkt verder. Bij het hoofd bukt ze even om
van dichtbij te kijken. De patholoog-anatoom omcirkelt met haar vinger een
gebied "Ze is allereerst hier geslagen, met iets hards… een fles zou ik
denken. Ziet u die ribbels hier? Dat zijn volgens mij letters… een wijnfles?
Zo een met van die letters aan de onderkant en een stevige, want hij ging niet
stuk. Ook heeft ze hevig gebloed en is het zelfs al weer gestold geweest voor ze
in het water terechtkwam. Dat is dus vrij in het begin geweest waarschijnlijk…
het heeft de tijd gehad om te stollen." Ze pakt Lene’s hand op, de
knokkels zijn blauw/paars en geschaafd. "Ze heeft zich verdedigd… ziet u?
En… men heeft haar aan haar haren over de grond gesleept… kijk hier ziet u
de sleepsporen en hier… beschadigde haarwortels en hier zelfs kale plekken en
daar…" Tony kijkt naar Lene, haar hele lichaam lijkt onder de blauwe
plekken te zitten. Dat hadden ze niet eens gezien onder al die natte kleren en
dat plakkerige haar. De wonden waren in de vaart netjes schoon gespoeld "Ik
vrees echter dat als er al vezels, of haren op haar zijn achter gebleven toen ze
vermoord werd… ik er weinig van zal terug vinden, het water heeft haar netjes
schoon gespoeld." Zegt de patholoog-anatoom om dat moment
verontschuldigend.
"Ze hebben haar dus vermoord…" zegt Britt als ze terug lopen na een
lang gesprek met de patholoog-anatoom, overigens een zeer geschikte en
toegewijde vrouw. "Maar waarom?" maakt Tony haar vraag af. "En
kunnen we het bewijzen? Kunnen we het linken aan de leider bedoel ik eigenlijk…"
vraagt Britt zich nog hardop af. "We hebben nu een moordonderzoek, we
kunnen mensen van die sekte oppakken voor verhoor… de leider ook… Maar wat
zullen zij ons vertellen?" Tony stapt achter het stuur van de auto.
"Ga je nog even mee naar boven?" vraagt Britt als ze bij haar
appartement zijn aangekomen. Ze houdt uitnodigend de deur open. Ze heeft zo’n
idee dat haar nachtrust toch al verknoeid is. "Waarom ook niet." Zegt
Tony, die hetzelfde denkt over haar nachtrust. "De babysit zou toch blijven
slapen en laat ben ik toch al." Zegt ze als ze achter Britt aan de trap op
stommelt. Boven aangekomen schenkt Britt twee glazen rode wijn in en gaat bij
Tony op de bank zitten. "Als we hen oppakken zullen we niet veel wijzer
worden, ze zullen ons niet veel vertellen." Voorspelt Tony pessimistisch.
Britt schudt haar hoofd "We moeten daar binnen geraken… Als we iemand
hebben daar, die zou ons inside-information kunnen geven. Die mensen zijn
getraind om de politie te wantrouwen." Tony’s blik dwaalt door de kamer
en blijft hangen bij de boekenkast, waar een flinke rij boeken over sekten een
prominente plaats inneemt. Ze staat op en neemt er een van de plank "In de
ban van een sekte." leest ze hardop. "Wie is sterk genoeg om dat te
… overleven? Wie kunnen we verplichten om zo’n undercover te doen… ik zou
het mezelf nooit vergeven als…" Haar stem sterft langzaam weg. Britt
kijkt haar aan "Het moet iemand zijn die er wat van weet en zich kan
wapenen.’ geeft ze toe. Tony draait zich abrupt om en kijkt naar Britt
"JIJ?" ze zegt dit met een mengeling van afschuw, ongeloof,
verbijstering en hoop. Ze voelt zich dan ook op en neer geworpen tussen al deze
emoties en meer. Britt kijkt op en haalt haar schouders op "Ik denk dat ik
het kan."zegt ze scherp en overtuigd. "En ze kennen mij niet, alleen
Lene kent me." Tony schudt haar hoofd "Je weet niet wat Lene verteld
heeft." Probeert ze Britt om te praten. "Ik denk niets… weinig…"
sust Britt "Jezus Britt! Dat kun je niet doen, dat is veel te gevaarlijk.
Jij hebt écht wat meegemaakt…" roept Tony uit. "Juist… ik hoef
tenminste niet iets te verzinnen, het zal geloofwaardig zijn." werpt Britt
tegen "We moeten dit morgen bespreken… als we allebei helder zijn."
Boven gaat een deur open en Britt kijkt op. "Wie past er op Dorien?"
vraagt Tony nu, als ze de voetstapjes hoort en zich afvraagt wie er heeft kunnen
mee luisteren. "De buurvrouw heeft een babyfoon staan… die staat op
Doriens kamer, dan kan de oppas om 12 uur weg." legt Britt uit, terwijl ze
naar de trap loopt en een slaperige Dorien in haar armen opvangt. Ze tilt haar
moeizaam op en loopt terug naar de bank. Met Dorien half wakker op haar schoot
zet ze zich terug op de bank. "Hebben jullie ruzie?" vraagt Dorien
gapend. Britt geeft haar een kus op haar voorhoofd en wiegt haar op en neer.
"Nee," stelt Tony haar gerust "We hadden het gewoon over
werk." Dorien knikt tevreden en vleit zich tegen Britt aan. "Werd je
wakker van ons?" fluistert Britt zachtjes. "Nee… ik had weer eng
gedroomd…" kreunt Dorien "van papa en van jou…" Britt kijkt
Tony even aan en zucht onhoorbaar. "Ik weet niet wat ik daar mee moet…"
fluistert ze geluidloos, maar duidelijk gearticuleerd. Dorien merkt het al niet
meer, heerlijk veilig in haar moeders armen valt ze weer in slaap.
"Als u denkt dat het oppakken van die sekteleden ook maar een beetje
waardevolle informatie oplevert doen we dat, maar anders…" pleit Britt.
Vanbruane duwt haar stoel naar achteren en leunt achterover. Ze kijkt Britt
onderzoekend aan "Ik geloof niet dat het wat op zou leveren… maar een
undercoveractie in een sekte…? Het is riskant Britt, wie kan dat aan… of
nee, ik weet wel waar je heen wilt. Dus… kan jij dat aan?" Britt kijkt
Tony kort aan "Ik denk het." Zegt ze. "We kunnen hier lang of
kort over praten…" zucht Vanbruane "Ik bel met Joost…"
belooft ze dan. "Als hij denkt dat je het zou kunnen wil ik er over
nadenken… begrepen? En Dorien?" Vanbruane pakt haar agenda al vast.
"Dat wordt geregeld. Ik zorg dat ze weg is uit Gent, ze mag geen enkel
risico lopen." Vanbruane knikt gerustgesteld, kennelijk zitten zij wat
Dorien betreft op hetzelfde level. Als Britt een sekte ingaat moet Dorien geen
pion worden. Als Tony en Britt aan hun bureau zitten zucht Tony even. "Ik
weet het nog niet zeker Britt. Ik denk echt dat je het wel kunt, je hebt er veel
over gelezen, je hebt een doel… contact met ons… dát kan bijna niet
mislopen. Maar het zal zwaar zijn Britt en kun je dat aan? Ze zullen jou zien,
jouw verhaal. We kunnen niks bedenken, dan val je door de mand." Britt
knikt "Daar heb ik bij stil gestaan… ik heb niet voor niets uren bij
psychiater Joost door gebracht… het zal zwaar zijn. Maar als het lukt of ook
maar iets er van lukt zal de beloning heel hoog zijn… al die mensen
levens." Tony zucht nogmaals en kijkt naar de foto van Britt, Dorien, Vera
en haar op haar bureau. "Waar laat je Dorien zo lang?" vraagt ze.
"Bij mijn moeder, aan zee… Ik heb met Doriens juf gesproken vanochtend.
Ik heb haar een… case gegeven, stel dat… En stel dat, dan kan Dorien weg
blijven, ze krijgt werk mee, maar ze doet het zo goed op school. Daarbij, mijn
moeder heeft jaren in het onderwijs gezeten… Ze zou Dorien viool en pianoles
kunnen geven ook. Het zou perfect zijn. Ik denk ook dat Dorien zelf die rust
heel goed zou kunnen gebruiken. Het is zo rustig daar… Ik merk aan haar dat ze
rust nodig heeft. Ik heb haar… wel, ik denk dat ik teveel met mezelf ben bezig
geweest. Ik wilde er weer bovenop komen voor haar… ik ben gewoon niet goed
genoeg… heb niet goed genoeg nagedacht… Ze slaapt slecht, droomt naar…
hardop. Het ongeluk… Mark… ik hoor haar ’s nachts soms gillen. En dan ga
ik naar haar toe, maar dat is niet genoeg…" Britt kijkt donker voor zich
uit "Britt…" zucht Tony "Je doet het goed, je kunt niet meer
doen, je doet het geweldig met Dorien… natuurlijk droomt ze naar… dat ligt
toch niet aan jou?!" Britt schudt haar hoofd "Nee Tony, misschien is
het wel goed voor haar om een tijdje niet zo dicht bij mij te zijn. Het lijkt
wel alsof ik mijn stemmingen op haar over breng… mijn… wel, neerslachtigheid
heeft zij gevoeld… dat is geen positieve uitstraling geweest… Ik denk dat ze
even weg moet… even zonder mij." Tony legt verbaasd haar blad neer
"Hoe kun je dat nou zeggen?! Je bent een fantastische moeder! Als ik maar
half zo’n goede moeder was voor Vera…" roept ze uit "Ik heb m’n
zorgen en angsten op haar overgebracht." breekt Britt zichzelf af "En
ik ben te beschermend… maar ik kan niet anders. Ik ben veel te bang haar te
verliezen en zo maak ik haar bang. Daarom zou het goed zijn voor haar en de
sekte zou haar niet snel kunnen bereiken." Britt pakt een boek en bladert
er doorheen. "Ik wil die klootzak pakken Tony en ik wil voor mezelf terug
rustig worden. Dat ze mij toen bij die sekte wilden praten… zó ver was ik
even heen Tony. Dat het bijna aantrekkelijk leek, dat ik bijna even twijfelde…
een groep waar je bij hoort, even niet meer ‘alleen’ zijn… Misschien heb
ik maar heel even getwijfeld… maar ik héb getwijfeld. Zo ver weg was ik. Is
dat een voorbeeld voor Dorien? Een goed voorbeeld… ik denk het niet." Ze
staat op en loopt weg naar de koffieautomaat. "Je bent niet alleen
Britt." fluistert Tony voor zich uit, ze kijkt Britt bezorgd na. Ze kan
het, denkt Tony, omdat ze het als zaak, als doel ziet. Ze zal zich zeker niet
laten inpalmen… niet na wat ze allemaal gelezen heeft. Tenminste… dat denk
Tony, maar… het zal zwaar zijn. Dit begint weer zo’n persoonlijk kruistocht
tegen het kwaad te worden. Maar misschien zijn ze dit keer wel beiden bezeten
van het idee die vent te moeten pakken. Nou, denkt ze als ze Vanbruane ziet
bellen, maak er maar drie van. Ze loopt naar Britt toe die wezenloos voor zich
uit staat te staren bij de koffieautomaat. Tony gaat naast haar tegen de muur
aan hangen "Met melk en suiker Britt?" vraagt ze. Britt kijkt verbaasd
naar haar beker en trekt een vies gezicht "Het is niet niks." opent
Tony dan opnieuw. Britt kijkt haar aan alsof ze zich nog moet realiseren waar
het geluid vandaan komt. "Maar ik denk dat je het kan. En ik denk dat het
de enige kans is om die leider te pakken. Ik wil niet… niet met Vera en dan
daarbij, ik heb toch niks mee gemaakt. Wat zou ik moeten vertellen… ik weet er
ook geen hout van." Britt glimlacht "Je zou het wel redden, er is er
niet een zo sterk als jij." Aan het eind van de gang komt Vanbruane
aanlopen. Ze staat stil bij de twee dames "Je hebt groen licht. Hoe eerder
we beginnen hoe beter." Britt knikt "Ik bel mijn moeder, dan komt ze
naar Gent om Dorien te halen. Ik laat Pasmans Dorien ophalen van school en
hierheen brengen." Vanbruane knikt instemmend "Bel even en kom dan
naar mijn bureau, dan kunnen we het hebben over de inhoudelijke kant van de
zaak. Ik heb namelijk al een ideetje." Ze gaat de twee voor richting het
lokaal.
"Bon, stel dat ze toch wat van je weten Britt… stel dat Lene hen heeft
verteld over een… wel depressieve politievrouw… die wat mee gemaakt heeft.
Dan moeten wij daar in mee gaan. Daar moeten wij op voorbereid zijn. Ook is het
mogelijk dat een van hen u wel eens heeft op zien treden als politievrouw… of
bij het gebouw heeft gezien… Vandaar dat we je geen nieuwe identiteit kunnen
geven. We kunnen echter wel een brief geven. Deze…" Ze overhandigt Britt
een brief "Ik kan mij zo voorstellen dat je behoorlijk geschokt zou zijn
als je deze brief binnen krijgt…" gaat Vanbruane verder "Je hebt dat
adres nog ergens en je moet praten… Je vertrouwt Tony niet meer, want die
heeft ongetwijfeld tegen mij verteld dat het niet goed met je gaat, dat je je
werk niet meer aan kunt en dus beter uit actieve dienst gehaald kunt worden…
Een tijd op non-actief. Dat betekent een aantal dingen; je bent overstuur, je
wilt praten, je vertrouwt je collega’s niet meer, want wat zullen zij
doorvertellen? En je hebt tijd… tijd over, tijd waarmee je je geen raad weet…
tijd om… naar de sekte te gaan." Vanbruane kijkt Britt aan en deze leest
over de brief heen "Mijn nachtmerrie." merkt ze op "Maar dat wist
u ongetwijfeld al." Voegt ze er aan toe. Vanbruane glimlacht "Ik wist
dat, maar laat ik eerlijkheidshalve maar wel zeggen dat het ruwe idee van Joost
afkomstig is." Britt glimlacht en knikt "Een goede psychiater denkt
mee!" zegt ze. "Stuur hem een bloemetje van mij." Voegt Tony daar
aan toe "Dit is perfect. Het verklaart ook dat Dorien de stad uit is…stel
dat ze er achter komen dat Britt Dorien heeft. Britt heeft rust nodig en dus is
Dorien een tijdje uit logeren… Dit is een perfect plan en we hoeven ook geen
toneelstukje te spelen. Tenzij jij het te persoonlijk vindt Britt?" Ze
kijkt opzij, maar Britt schudt haar hoofd "Nee, dit is goed zo… Dit sluit
tenminste aan, dan kan ik ook niet zo gemakkelijk door de mand vallen. Ik hoop
echt dat ze er in trappen… dat ze me opnemen in de groep." Vanbruane
glimlacht "Ik ook." Geeft ze toe. "Tony werkt met jou samen, je
hebt een verborgen microfoontje op je lichaam. Buiten het zicht staat een
ontvangstwagen…" Vanbruane ziet Tony gealarmeerd kijken "Nee Tony,
jij hoeft niet steeds die wagen te bemannen. Dan zetten we gewoon steeds andere
mensen in. Jij probeert van buitenaf informatie te vinden over die sekteleider.
Ik weet dat jullie het al geprobeerd hebben. Maar als Britt iets ontdekt kan ze
dat aan jou doorgeven en dat kan jij dan gaan onderzoeken. Belangrijk is wel dat
jullie geen ‘zichtbaar’ contact meer hebben. Stel dat Britt gevolgd wordt,
of in de gaten wordt gehouden, want jullie hebben zogenaamd… ruzie. Dus zou
het gek zijn als je er nog iedere avond even kwam binnen vallen." Britt en
Tony knikken begrijpend "En ik kom ook niet meer hier… dus, waar
ontmoeten we dan elkaar?" Vanbruane haalt haar schouders op "Je gaat
toch vaak trimmen? Zorg dat je ergens afspreekt. Dus de ene dag ergens in het
park, dan maak je daar weer de afspraak voor de volgende keer." Tony steekt
haar duim op "Achter de bosjes." Grinnikt ze "En dan spring ik in
een keer te voorschijn." "Jullie kunnen dan informatie
uitwisselen," gaat Vanbruane onverstoorbaar verder "Als jullie elkaar
nou om de dag ontmoeten. Dan kan jij, Britt, ook aangeven als je er uit wilt
stappen. Vergeet niet dat je er uit mag stappen! Je hóeft daar niet te blijven,
als je het niet ziet blazen we het af. Is dat duidelijk." Britt knikt
gedwee. "Het gaat er om dat je probeert informatie te verzamelen. Een
bewijs te vinden voor dat ‘aanzetten tot’. Dan zijn we geheel tevreden en
kun je terug binnen komen." Tony lacht "Tot die tijd blijf je
ontslagen… oh, pardon, non-actief." Britt kijkt naar de brief
"Verder heb ik met niemand contact?" vraagt ze voor de duidelijkheid.
"Het zou kunnen dat ik een keertje langs kom als jullie elkaar
ontmoeten." Zegt Vanbruane "Maar verder mag niemand weten wat je doet.
Hoe minder mensen het weten des te beter dat is. We zeggen de heren voorlopig
ook nog maar even niets." Tony kijkt Vanbruane aan "Hoe verklaren we
dan Britts afwezigheid?" vraagt ze "Wel, ik ben toch op non-actief
gesteld." Zegt Britt simpel. Tony kijkt haar aan en ook Vanbruane twijfelt
even "De mannen gaan door het lint Britt, ze staan onmiddellijk bij je op
de stoep… geen goed idee." Britt lacht "OK dan, zeg dat ik even rust
neem. Dat ik… op controle ben geweest in het ziekenhuis en het advies heb
gekregen om rust te nemen. Vandaar dat Dorien ook bij oma is… en ik ben… ook
niet thuis. Ik ben in ergens om bij te komen. Geen contact, absolute rust. Stel
dat ze me dan een keer in de stad zien lopen, dan maakt dat ook niet zo veel
uit. Ik zal wel opletten hoor, maar stel…" Vanbruane laat haar handen op
het bureau neer komen "Bon… dat is dan geregeld. Ik zeg wel dat het je
eigen keuze is hoor… tegen de mannen. Ik wil niet gelyncht worden." Grapt
Vanbruane. Er wordt op de kantoordeur geklopt. Als Pasmans binnen stapt zet
Britt alvast een vermoeid gezicht op, dan komt het tenminste geloofwaardig over
straks. "Ik heb Dorien opgehaald." meldt Pasmans. "Oh… breng
haar maar even hier." Pasmans loopt terug het lokaal in en plukt Dorien
achter zijn computer vandaan. "Zo hier is ze dan…" zegt hij terwijl
hij haar binnen schuift en in de deuropening blijft staan. "Doe de deur
even dicht, Wilfried." Zegt Vanbruane suggestief. Pasmans knikt onderdanig
en doet de deur snel toe. Dorien loopt op Britt af en klimt op haar schoot.
"Wat is er mama?" vraagt ze bezorgd. Britt lacht "Zie ik er uit
alsof er iets is? Dat is goed… ik doe net alsof, OK?" Dorien lacht nu ook
en kijkt achterom naar Vanbruane. Dan kijkt ze weer terug naar Britt "Wat
is er dan, waarom moest ik hierheen komen?" vraagt ze met een serieus
gezicht. "Oma komt straks hierheen om je te halen. Jullie gaan samen op
vakantie, naar zee." Zegt Britt. "Weet je nog, waar ik het vanochtend
met je over had…" Dorien knikt "Om uit te rusten." Zegt ze. Ze
zucht even "Of is het voor haar." Ze wijst naar Vanbruane. "Je
weet dat het is omdat ik iets ga doen… en ik wil niet dat jij dan in Gent
bent. Ik ga voor mijn werk iets doen en ik zal bijna niet thuis zijn."
Dorien frut met haar handen aan Britts hanger "En het is gevaarlijk."
Raadt ze. "Dat zou kunnen…" geeft Britt toe "Maar niet
gevaarlijk op de manier waarop jij denkt." Voegt ze er aan toe "Ik ga
heus niet dood of, maar ik wil niet dat ze achter jou aan zouden kunnen gaan. En
ik denk echt dat je rust nodig hebt. Dus daarom mag jij met oma naar zee."
Dorien wijst op haar rugzak "De juf heeft mij mijn schoolwerk mee
gegeven." Zegt ze. "En oma gaat mij piano en viool geven hè…?"
Britt knikt. "Leuk…" zucht Dorien en gaat tegen Britt aan hangen.
"Moet Vera ook weg Tony?" vraagt ze terwijl ze Tony aan kijkt. Die
schudt haar hoofd "Ik ga niet doen wat je mama gaat doen." Zegt ze ter
verklaring. Dorien kijkt omhoog naar haar moeder "Mijn moeder is de beste
flik van de wereld." Zegt ze tevreden. Vanbruane glimlacht "Daar kon
je wel eens gelijk in hebben, Dorien." Zegt ze.
Het papiertje in haar zak lijkt te branden. Ze hoeft er niet eens meer op te
kijken. Ze kent het adres uit haar hoofd. Met een zucht stapt ze op het huis af.
De brief waarin verteld wordt dat ze op non-actief wordt gesteld zit in haar
zak. Ze weet dat Tony in een auto aan de overkant van de vaart zit te kijken hoe
zij het huis in stapt. En in het steegje drie huizen verder staat de blauwe
bestelbus met afluisterapparatuur erin. Er is uiteindelijk besloten om Selattin,
Ben, Raymond en Pasmans toch maar in te zetten voor het luisteren naar de tape.
Het is toch makkelijker als ze het weten. Want hun smoes hield niet lang stand.
Al meteen stonden ze op de stoep van haar huis en bij Vanbruane in het kantoor,
herrie te schoppen. En dus moesten ze wel vertellen wat er werkelijk aan de hand
was. Maar voor de rest van het bureau is Britt zo lang op non-actief gesteld, om
uit te rusten. Vanbruane heeft wel wat gemor en kwade blikken over zich heen
gekregen, maar verdraagt alles met een glimlach. En Tony blijft geduldig uit
leggen dat het allemaal voor Britts bestwil is. Ze haalt een diepe teug adem en
drukt op de bel. De bel doet het niet, verbaasd probeert ze nog eens. Dan duwt
ze tegen de deur. Die staat gewoon open. Met het briefje van Lene in haar hand
loopt ze voorzichtig de gang in. Ergens vandaan klinken stemmen, er wordt
gelachen en gepraat. Britt gaat op het geluid af. "Hallo…" roept ze
twijfelend. Aan het einde van de gang is een hal, met daarin een grote trap naar
boven toe. Op de gang komen vier deuren uit. Er staat er een open. Britt kijkt
naar binnen. Ze ziet een grote ruimte met kussens op de grond. Her en der zitten
mensen. Een van hen ziet haar en zwaait even. Het is een man van middelbare
leeftijd. Hij staat op en loopt op haar toe. "Zoek je iemand?" vraagt
hij vriendelijk. Ze kijkt schuw op en hij knikt haar bemoedigend toe "Ik
zoek… Lene…" besluit Britt maar net te doen alsof ze het lijk nog niet
gevonden hebben. "Lene…" het gezicht van de man betrekt. "Die
is er niet… ze is een tijdje de stad uit." Zegt hij. "Oh…"
Britt stapt van de ene op de andere voet "Dan ga ik maar weer." Zegt
ze dan. Wat verwacht gebeurt gelukkig ook. "Nee…" De man pakt haar
bij de schouder "Waarvoor had je Lene nodig? Ik bedoel… waarom kwam je
hier." Britt haalt haar schouders op "Ik wilde met haar praten…"
zegt ze met een ontoegankelijke ondertoon. Ze wil zich niet te gemakkelijk bloot
geven, dat zou niet realistisch zijn. De man kijkt haar vriendelijk aan. Zijn
ogen hebben een prachtige grijsblauwe kleur. Britt betrapt zich op die gedachte
en bijt even op haar lip om zichzelf te waarschuwen. De man steekt zijn hand uit
"Kom erbij zitten… je kunt ook met ons praten. Daarvoor zijn we allemaal
hier." Ze kijkt hem even aan, maar pakt zijn hand niet. Hij loopt terug
naar de kussens en ze volgt hem twijfelend. "Kom erbij zitten." biedt
hij aan. Hij wijst op de kussens en Britt kiest er een uit. De anderen
glimlachen vriendelijk naar haar en ze glimlacht terug. Is dat nou zo’n bubbel
of love? Zo’n droomwereld in een wereld… waar iedereen aardig is voor elkaar
en elkaar helpt? Ze kijkt schuchter wat rond, ze voelt zich niet op haar gemak.
Om de een of andere rede heeft ze het gevoel dat er dadelijk nog iets heel engs
gaat gebeuren. Het ziet er allemaal zo rustig uit nu… niet eng… niet
spannend. Heel rustgevend juist. De kamer is in warme tinten geschilderd. Gelig
en oranje… een beetje terra. Het ziet er prachtig uit en de zon komt als
betoverend binnen gevallen. Britt richt haar hoofd even naar de zon, de warme
stralen vallen op haar neer. ‘Wat een ironie… wat een warmte in deze sekte’
denkt ze glimlachend. En voelt plotseling een zekere angst als de man haar
onderzoekend aan kijkt. Zou hij gedachten kunnen lezen? Even glimlacht ze, wat
een gedachte, deze mensen hebben evenmin bovennatuurlijke krachten als zij. De
man glimlacht nu ook, omdat hij klaarblijkelijk dacht haar glimlach voor hem
bedoeld was. "Ik ben Bastiaan." Zegt hij dan. "Links van je zit
Else, daarnaast Nina, Jojanneke, Kurt en Tijn. We waren wat aan het kletsen met
z’n allen. Als je wilt kun je lekker bij ons blijven zitten. Je kunt mee
praten als je daar zin in hebt… je kunt ook luisteren." Britt knikt
"Ik ben Britt" zegt ze dan. De andere knikken haar vriendelijk toe.
"Wil je ons nog wat meer over jezelf vertellen?" nodigt Bastiaan haar
uit. Britt schudt haar hoofd "Later misschien…" mompelt ze. Bastiaan
knikt en kijkt Nina aan die kennelijk aan het woord was voordat Britt kwam
binnen vallen. "Wel ik heb dus dat stuk gelezen in de bijbel… zoals je me
gezegd had te doen. En er is mij wat opgevallen… hij lijkt inderdaad op mij.
Ik denk gewoon altijd dat ik niet kan en dan loop ik weg voor mijn
verantwoordelijkheden… Maar ze hebben gelijk. Je kunt niet weg lopen als je
iemand moet helpen… je moet dapper zijn…" Else knikt "Ik weet wat
je bedoelt." Zegt ze "Mozes die is gewoon bang… hij heeft een lekker
leventje met zijn vrouw en zijn kind en dan komt God opeens met die opdracht…
ik zou ook twijfelen, ik ben niet zo’n held." Nina kijkt even rond
"Juist en zo is dat met mij gewoon ook gegaan. Ik wist gewoon dat mijn
vader ziek was… misschien had ik hem wel kunnen helpen. Maar ik heb het gewoon
niet gedaan. Ik bedoel… ik was zo bezig met Brian en wel… we zouden weg gaan
en ik dacht het zal wel niet zo’n vaart lopen. Ik…" ze zucht even
"Ik had hem moeten helpen. Dat was mijn opdracht, maar ik zei steeds tegen
mezelf dat ik toch niets kon doen. Wat maakt het uit of ik aan zijn bed zit daar
in het ziekenhuis… maar het had hem misschien gesteund." twijfelt ze.
Britt probeert het allemaal te volgen, maar heeft wel de grootste moeite er een
lijn in te ontdekken. "Je hebt het gevoel dat je vader misschien nog had
geleefd als je naar hem toe was gegaan?" vraagt Bastiaan. Nina knikt en
kijkt naar de grond. Ze plukt ongemakkelijk aan haar kussen. "Ik heb hem
gewoon laten barsten… ik dacht dat ik hem toch niet kon helpen. Maar die
verplegers zeiden dat hij steeds naar mij vroeg… dat hebben ze ook wel aan de
telefoon gezegd. Maar ik zei steeds dat ik geen tijd had. Ik was druk met mijn
studie… dat was ook wel zo, maar ik had toch even kunnen gaan. Zelfs na wat
hij gedaan heeft verdiende hij het toch niet om zo alleen te sterven… en nu
kan ik het niet meer terugdraaien." Ze bijt op haar lip. Britt heeft de
onbedwingbare neiging om een arm om haar heen te slaan, maar aangezien iedereen
blijft zitten, doet zij dat ook maar. Er loopt een traan over Nina’s wang.
"Misschien heb je hem wel willen straffen?" Raadt Bastiaan. Welja,
denkt Britt, wrijf het erin, nog wat zout in de wonden ook. "Misschien wel…"
geeft Nina toe. "Maar… je kunt het nu niet meer terugdraaien. Het is niet
iets wat je doet en ongedaan kunt maken. Net als het feit dat hij je die klap
heeft gegeven… dat hij wilde dat je weg ging bij Brian. Je was kwaad op hem…
hij wilde dat jij alleen bleef… misschien heb je hem daarom wel alleen laten
sterven." Nina kijkt op, met een gekwelde bik mompelt ze "Ik wilde hem
niet alleen laten sterven… ik kon er gewoon niet heen… ik had het idee…"
"Maar je vader had je nodig." Verwijt Bastiaan haar. Else knikt
instemmend en ook de anderen lijken het met haar eens te zijn. "Maar…"
fluistert Britt nu "Misschien is dat wat er gebeurd is wel…"
Bastiaan kijkt haar even aan "Je kunt toch iemand niet straffen door hem
alleen te laten sterven? Dat kun je nooit meer terug draaien… kijk eens hoe
moeilijk Nina het daar mee heeft." Nina heeft het intussen behoorlijk
moeilijk. Maar Britt vraagt zich af in hoe verre dat nu ingepraat is. Ze weet
hoe het werkt… eerst praten ze je in de put en dan bieden ze je een oplossing.
Een schijnoplossing die er helemaal niet is. Zo gaat dat bij sekten, ze binden
je aan hen. Ze zorgen dat je je niets voelt, dat je je slecht voelt. Nina voelt
zich nu ongetwijfeld slecht. "En jij?" vraagt ze dan aan Britt als ze
op kijkt "Waarom ben jij eigenlijk hier?" Britt kijkt naar haar
kussen. "Ik ben op non-actief gesteld." Zegt ze verbeten. Tijn kijkt
haar niet begrijpend aan. "Ik ben bij de politie…" ze laat het even
doordringen. "Tenminste… eigenlijk ben ik bij de politie." Zegt ze,
de anderen kijken haar twijfelend aan. De politie roept weinig vertrouwen bij
hen op. "Maar ik ben er uit gezet. Niet echt officieel, officieel ben ik er
voor een tijdje uit… maar ze hoeven me niet meer." Ze zegt het kwaad. Ze
kan zich zonder veel moeite inleven in de situatie. Ze kent de angst om deze
brief te krijgen nog goed en kan zich wel indenken hoe ze zich zou voelen als
het een echte brief was geweest. "Hier…" ze haalt de brief uit haar
zak en gooit hem naar Tijn toe. "Ik heb een ongeluk gehad." licht ze
snel toe "Ik kan alles weer, ik zweer het je." Ze wordt fel omdat ze
zichzelf wil verdedigen "Ik heb keihard getraind om er weer uit te komen.
Het ziekenhuis… helemaal gerevalideerd… en dan nu dit!" Ze kijkt kwaad
rond. De anderen knikken "Zo… wat een klotezooi." Zegt Tijn nadat
hij de brief gelezen heeft. Ze heeft meteen de sympathie. "Wat voor een
ongeluk…" vraagt Bastiaan opeens. Britt kijkt hem aan en twijfelt even
"Auto-ongeluk." Zegt ze kort. "Jouw schuld?" vraagt hij.
"Ik week uit voor een slingerende auto voor me… maar ik knalde tegen een
pilaar van de brug op." Zegt ze. "Had je die auto niet anders kunnen
ontwijken?" Britt probeert daar verbaasd eens serieus over na te denken.
Ja, ze had de vangrail kunnen kiezen. Ze had er gewoon niet bij nagedacht, ze
had gewoon een ruk aan het stuur gegeven en was tegen de pilaar aangeknald.
Bastiaan glimlacht even als hij Britts’ twijfel ziet. "Nee…" zegt
ze dan, zich even snel herstellend "Ik… had de vangrail kunnen kiezen…
ik dacht er niet bij na… die man, hij zat te telefoneren!" zegt ze kwaad.
"Je schuift de schuld af, wat kon jíj doen?" Britt kijkt kwaad op
"Het wás zijn schuld." Zegt ze fel. Bastiaan knikt "Misschien,
maar wat had jij kunnen doen?" Zijn toon wordt minder dwingend "Met
120 op de snelweg?" Britt is oprecht verbaasd "Wie zat er bij
je?" vraagt Kurt opeens. Hij heeft nog niets gezegd en Britt moet even
nadenken om zich te realiseren wat hij nou gevraagd heeft. "Mijn
dochter." Antwoordt ze dan "Hoe oud?" komt Jojanneke nu ook in
het gesprek. "Mijn dochter is 9" "Leeft ze nog?" vraagt
Jojanneke verder. "Ja, ze mankeerde vreemd genoeg niets. Ze had haar gordel
om… ze zat achter in natuurlijk…" Bastiaan knikt en kijkt haar aan
"Maar het had ook anders kunnen gaan." Raadt hij haar gedachten. Britt
slaat haar ogen neer "Daar had ik zelf ook al aan gedacht." mompelt ze
geïrriteerd "wat als het verkeerd was gegaan…?" Britt zucht, de
gedachten heeft ze zelf duizend keer gehad. Wat als Dorien zwaargewond was
geweest en niet zij? "Ik zal het mezelf nooit vergeven…" fluistert
ze verdrietig. "Je zou…" verbetert Bastiaan geduldig "Nee…
zal… ik heb haar niet kunnen beschermen." Britt kijkt op, je hebt me waar
je me hebben wilt klootzak, denkt ze. Ze voelt zich in en in triest en eindeloos
schuldig. Ze moet alle zeilen bij zetten en het herinneren van de missie houdt
haar op de been. Bastiaan knikt tevreden "Laat je gevoelens nou toe…
verzet je er niet tegen. Aanvaard je schuld, dan kan je geholpen worden. Niet ik
kan je helpen…maar er is een man die dat wel kan. Hij kan je schuld op zich
nemen… We hebben allemaal schuld… Aanvaard je schuld. Denk aan het ongeluk…
wat had je kunnen doen, wat als je dochter nu… dood was…?" Bastiaan
fluistert het, maar hij hangt dicht tegen haar aan… dicht bij de microfoon
realiseert Britt zich nog heel even. Hij kijkt haar diep in de ogen. Hij kán
gedachten lezen, schiet het even door haar hoofd. "Wat als zíj dood was
geweest?" Het lijkt een soort dreigement "Wat als ze dóód was
geweest…"
"De klootzak! Het lafhartig stuk vreten. Ik ga naar binnen, ik ruk z’n
kop van z’n romp. Ik stamp hem helemaal…" Tony is in de blauwe
bestelbus en luistert met elk woord mee, ze stampt hard tegen de wand.
"Tony!" Vanneste staat op "We zijn hier niet eens, rustig
Dierickx!" Tony wijst op Vanneste maait wild met haar armen om zich heen
"Blijf daar Vanneste, of ik trap u op uw smoel. Ik heb echt zin in zinloos
geweld en in vandalisme! Dat ongelooflijk stuk ellendig…" Vanneste lacht
en stapt op haar toe. In een gebaar slaat hij zijn armen om Tony heen en drukt
haar even tegen zich aan "Stil maar… Britt redt het wel." Tony’s
woede zakt langzaam weg naar wanhoop "Waarom doen ze dat nou? Toch niet
Britt, die heeft al zoveel moeten doormaken! Waarom hebben we haar laten
gaan?" kreunt ze. Ze maakt zich los en zakt kwaad neer in een stoel.
"Die zoek ik op hè, als we straks een inval gaan doen… en ik zal ‘m."
dreigt ze. Ben glimlacht en gaat naast haar zitten "Je bent wel beschermend
voor Britt hoor." Grinnikt hij vermanend "Wie niet?" Geeft Tony
terug.
Britt sjokt lusteloos naar huis. Het is zwaar, geeft ze voor zichzelf toe. Ze
kijkt af en toe om zich heen, of ze gevolgd wordt, maar ze ziet zo snel niemand.
Ze duwt de deur van haar appartement open. Vanavond niet trimmen… dan ziet ze
Tony niet… Daarom is ze ook zo laat gebleven. Totaal uitgeput voelt ze zich,
van het luisteren… en het verdedigen en het incasseren. En dan moet ze ook nog
koken eigenlijk. Ze eten wel daar, maar als ze daar op moet leven, dan houd ze
het nog geen week meer vol. Bij de tafel blijft ze staan, ze heeft totaal geen
puf meer. "Ik moet vitaminen binnen krijgen." Zegt ze hardop tegen
zichzelf, maar haar lichaam is niet vooruit te branden. Ze kijkt op de klok,
half 12. De post die ze van beneden heeft meegenomen kwakt ze op de tafel. Een
week zit ze nou al in die sekte. Ze voelt zich hoe langer hoe ellendiger. Soms
is ze zelfs bang dat ze zal breken, dat ze zal geloven wat ze zeggen… Dat
alles, al het wereldleed… alles haar schuld is. Overal is ze medeschuldig aan.
Dat is de enige houvast die ze nu nog heeft. Dat ze haar er niet onder hebben
gekregen… nog niet. "Tony," fluistert ze "Waar ben je?" ze
murmelt het stilletjes voor zich uit en slikt om niet te gaan huilen. Ze is ook
zo moe. Ruim een week al en nog geen aanwijzing. De leider heeft ze twee keer
gezien al. En ze met zeggen dat was beide keren een hele happening. Zelfs zij
was onder de indruk. Hij wordt ook als zoiets geweldigs afgeschilderd en als je
hem dan eindelijk ziet wordt je vanzelf wel enthousiast. Daarbij zegt hij steeds
dat al je zonden door hem zullen worden meegedragen. Jouw schuld wordt de zijne.
Hij bevrijdt je voor even van dat idee… dat het altijd aan jou ligt. Hoe hij
het doet snapt ze niet, maar hij laat een soort van opluchting in je achter. Met
hem komt alles weer goed. Op een dag zullen ze gaan, allemaal. Hij vertelt over
dit einde als over een feest. Ze zullen er bij elkaar zijn, allemaal zonder
schuld. Omdat ze bij hem blijven, om hem te helpen de schuld te dragen… Naar
Lene heeft Britt nog een paar keer gevraagd, maar het antwoord blijft hetzelfde.
Ze is de stad uit. Meer krijgt ze niet te horen. Britt betwijfelt of ze meer
weten. Bastiaan weet meer… denkt ze, de manier waarop hij haar ogen ontwijkt
als ze er naar vraagt. Het te snelle en te vlakke antwoord dat ze krijgt. Ze
vindt het maar verdacht. Wanneer ze terug komt? Dat weet ook niemand. We zullen
haar wel weer zien, meende Bastiaan vandaag. Ze mag Bastiaan niet. Hij haar wel,
dat is wel duidelijk… ze ziet het aan de manier waarop hij naar haar kijkt. De
manier waarop hij haar met zijn ogen uitkleedt, hij kan blijven dromen, wat haar
betreft. Hij praat haar die schuldgevoelens aan. Het lijkt wel alsof hij haar
nog harder pakt dan de anderen, een soort wraak, omdat ze niet ingaat op zijn
avances? Of misschien lijkt het altijd wel alsof jij harder aan gepakt wordt dan
de rest. Hij wil dat ze blijft. Ze hoort iets en kijkt even op. Niks te zien. Ze
kijkt naar de keuken. Ik moet koken, denkt ze… en zitten, denkt ze er direct
achteraan. Dat tweede is gemakkelijker. De bank is minder ver dan de keuken. Ze
kijkt naar de post, een hele stapel. Er ligt een kaart tussen. Die pikt ze
eruit. Ze ziet de foto van de zee… "Oh Dorien…" kreunt ze. Tranen
stromen over haar wangen. Huilend loopt ze naar de bank en drukt de kaart tegen
zich aan. Op de kaart staan maar een paar woorden "Het is hier leuk, ik mis
je…" leest Britt de woorden fluisterend voor. Ze duikt in elkaar en
snikt. Opeens schrikt ze op. Ze voelt een arm om haar schouder. "Huil
maar." Hoort ze geruststellend fluisteren. "Ik heb een sleutel, weet
je nog?" zegt Tony als Britt haar verbaasd aan kijkt. "Ik had me
vermomd als pizzakoerier, ben hier al een uur of twee. Je bed slaapt echt
heerlijk moet ik zeggen, daarom hoorde ik je ook niet eens thuis komen. Ik heb
gekookt als je wilt, ik hoef het alleen nog maar op te warmen…" ratelt ze
met een lach. "Oh… Tony," Britt leunt dankbaar achterover "Ik
ben zó blij dat je er bent." Meer kan ze even niet uitbrengen. Ze steekt
Tony de kaart toe. Die leest even en knikt "Ja… dat is duidelijke en
kaart aan een slechte moeder." Zegt ze retorisch. "Ik blijf hier
slapen, als je dat goed vindt, voor het geval ze buiten staan te waken."
Britt glimlacht "Ik zou het geweldig vinden als je dat deed." Zegt ze
dankbaar. Tony staat op en loopt naar de keuken. Britt heeft zich nog niet vaak
zo opgelucht gevoeld, vannacht in ieder geval niet weer stik alleen met al die
spoken in het donker, die tegenwoordig in haar kamer schijnen te huizen.
"Hoe is het met Vanbruane?" vraagt ze. Tony grinnikt als ze antwoordt
"Nadat ze de tape geluisterd had van je eerste gesprek wilde ze persoonlijk
een inval doen en Bastiaan castreren. We zullen hem echter moeten delen. Ik had
soortgelijke plannen met die kerel." Ze rommelt even in de keuken en komt
dan terug met twee borden en twee glazen wijn op een dienblad. "Heb jij ook
nog niet gegeten?" vraagt Britt haar "Ik heb op jou gewacht."
Verklaart Tony en valt aan op haar eten. "heerlijk." Prijst Britt als
ze klaar zijn. Ze heeft toch nog ergens weer kracht gevonden, merkt ze, eten
doet wonderen. "Zo nu zullen we eens echt gaan praten." stelt Tony
voor "dat formele gedoe in het park is niks." Ze neemt een slok wijn
en kijkt Britt aan. Britt zucht vermoeid en neemt ook ene slok wijn. "Als
ik hier uit ben…" begint ze "ga ik nooit weer terug in een
sekte." Tony knikt begrijpend "We laten je ook niet meer gaan."
belooft ze. "Maar ik wil dit afmaken." meldt Britt koppig als altijd
"Weet je, de sfeer is… heel vreemd. Iedereen is eigenlijk zo aardig voor
elkaar. Iedereen houdt van elkaar is er voor elkaar. Met z’n allen zorg je
voor elkaar. Het is zo rustgevend om te weten at er een groep is waar je op
terug kunt vallen. We dragen samen onze schuld, iedereen is even slecht. Alleen
die paar mensen die tussen ons, het volk en de leider in staan. Zij hebben
macht. Zij praten mensen de put in." Britt pauzeert even om een slok wijn
te nemen "Het zijn er een stuk of 10 in totaal, Bastiaan is er een van.
Eigenlijk zijn zij het die de mensen aan de sekte binden. De leider is iets…
charismatisch, geweldigs. Het is iemand die verborgen wordt gehouden en als een
soort verslavend middel af en toe wordt gebruikt. Als… wel als mooie kleren
die je alleen bij speciale gelegenheden draagt." legt Britt uit
"Hoeveel mensen zitten er eigenlijk in die sekte?" vraagt Tony haar.
"Ik weet het niet precies. Ik zie steeds nieuwe mensen. Maar Jojanneke
vertelde me dat er in totaal zo’n 200 mensen bij de groep horen. De meeste
zijn net als ik. Ze wonen gewoon in een huis, werken en geven geld aan de
groep." Tony knikt "Jouw bedrag is al geregeld. Vanbruane heeft daar
een potje voor. Het geld is overgemaakt op je rekening, zodat jij het kunt
storten op die van hen." Britt staat op en gaat een zakje chips halen
"Ik heb het al over gemaakt naar hun rekening." stelt ze Tony gerust
"Zo, spaarcentjes?" Britt glimlacht mysterieus. "Die mensen komen
eigenlijk vooral na het werk, ze blijven laat, nog als ik al weg ga. Maar vergis
je niet hoor, die lui zijn ook helemaal ingepakt. Als je bekijkt wat je per
maand betaald… dat doe je echt niet voor je lol. Sommigen van hen hebben
gewoon een gezin, of ze zijn gescheiden… of net als ik… En dan is er nog een
gedeelte dat intern zit. Ze wonen met zo’n 60 man in dat pand. De leider
natuurlijk, de groepsleiding en dan nog wat sekteleden die alles eigenlijk
regelen. Mensen die geen eigen huis meer hebben en doorgaans ook niet werken en
zo. Het is een vrij groot huis als je er doorheen loopt. En er zijn slaapzalen,
weinig privacy dus. Maar goed, het zijn mensen die alleen woonden… die geen
werk hebben… ze zijn er echt slecht aan toe. Zij werken echt keihard. Verder
horen er ook kinderen bij, jongeren, de jongste is 14 of zo. Mattias was echt
een stuk jonger als hen. Het zijn er zo een stuk of 15/ 20 schat ik zo. De
mensen die intern zitten gaan soms de stad in om andere mensen te zoeken die mee
komen in de groep. Hoe meer zielen, hoe meer geld, want iedereen betaalt een
bijdrage aan de vereniging… Er wordt wel verteld hoe belangrijk dat dat is. Ze
steunen er zogenaamd projecten mee. Ze hebben er zelfs foto’s van en
bedankbrieven. De leider vertelt dit zelf ook evenals de 10 man groepsleiding…
zijn helpers." Britt kijkt Tony even aan, die knikt "Ik ben met die
projecten bezig, aan het uitzoeken of ze wel bestaan en of ze inderdaad gesteund
worden door jullie groep." Zegt ze "Als dat niet zo is kunnen we die
man in ieder geval ten laste leggen dat hij mensen geld heeft afgetroggeld onder
valse voorwendselen." Britt gaat verder "Nu, in de stad verkopen
mensen allerlei frutsels en ze verkopen folders van de sekte, rozen en boekjes
over het naderend onheil. Want door de schuld van alle mensen, die samen deze
slechte wereld hebben gemaakt, zal God de hele mensen wereld binnen kort
straffen. Hoe, dat weten zij ook niet precies. Misschien een zondvloed? En bij
onze groep komen om je te bezinnen kan je redden. God heeft de leider laten
weten dat we niet mee gaan in de massavernietiging, wij zullen herrijzen."
Britt probeert vergeefs enige overtuiging in haar stem te leggen. "Volkomen
legaal dus, dat wel." besluit ze "Alleen die jongeren. Mattias was
duidelijk de jongste, het is niet hun stijl om ze zo jong al op te nemen. Het
zijn wel allemaal weg gelopen kinderen. Ze zijn van de straat geplukt. Ze zijn
degenen die jatten als je het mij vraagt. Maar ik weet zelf niet of ze daar echt
toe aangezet worden. Ik heb het idee dat ze van de straat worden gehaald, een
lekker bed, eten… mensen die luisteren naar je, een groep om op terug te
vallen, niet meer alleen zijn de hele tijd en niet meer zo hoeven knokken om te
overleven… Dat wil je niet meer kwijt en dan wordt je verteld dat je geld
binnen moet brengen, een afgesproken bedrag. En als je een tijd op straat hebt
geleefd weet jij wel hoe je daar aan moet komen." Tony kijkt naar haar
handen. Als zij destijds door zo’n groep van de straat was geplukt in plaats
van in de armen van de politie te lopen was het met haar misschien ook wel heel
anders afgelopen. "Maar die mensen tussen de leider en ons in… die moet
je niet onderschatten. Zij hebben veel invloed. Als we die sekte willen oprollen
dan moeten we hen zeker ook mee nemen. Anders zoeken ze gewoon een nieuwe leider
en gaan op oude voet verder. Zij hebben de macht. Tony, zij hebben macht over
mensen. En daar kicken ze echt op. Ze zijn net zo gevaarlijk als die
leider." waarschuwt ze "totnogtoe hebben we niet meer dan het feit dat
ze allemaal; de leider en z’n helpers, mensen geld aftroggelen met behulp van
het noemen van projecten die misschien niet eens bestaan of anders misschien
helemaal niet door hen ondersteund worden. Dat zou kunnen, maar… daarvoor
kunnen we hen nooit lang vasthouden. Ze zouden in ene mum van tijd weer opnieuw
kunnen starten. Kijk, het bewijst staat allemaal netjes op tape… maar een
permanente oplossing is dat dus niet." "En dat huis op Aruba? Waar je
eerst dat krantenartikel over had?" informeert Britt nog "Ja… ik wil
die journalist opsporen en ondervragen. Misschien dat we daarmee nog iets kunnen…
maar ja. Mensen misleiden is niet zo mooi, maar we gaan hem er nooit lang voor
kunnen vasthouden." Britt schudt haar hoofd "Ik blijf me afvragen wat
Lene wist. Hoe langer ik er ben des te meer krijg ik het gevoel dat ze iets wist
en dat ze heeft gedreigd er mee naar ons te stappen." Tony kijkt peinzend
voor zich uit "Maar wát wist ze?" mompelt ze. "Ik wil proberen
om eens een paar nachten te blijven slapen. Ik verzin wel wat, ik zeg dat ik me
alleen voel of zo… Gewoon een paar nachten logeren. Ik heb zo’n gevoel dat
ik dan meer aan de weet kan komen. Hoe langer ik er over nadenk hoe meer ik het
idee heb dat die mensen een soort geheim hebben, waar je als echte ingewijde
vanzelf wel achterkomt, als iets gewoons, iets wat hoort… maar wat in de
buitenwereld niet als zodanig wordt gezien." Tony kijkt haar aan "Kun
je dat toch echt aan?" vraagt ze. Britt knikt overtuigd "Het is er
best gezellig hoor, tijdens het koken enzo kletsen we heel wat af." Tony
lacht "Je kookt mee? Wat doe je dan nog meer?" Britt staat op om nog
eens wijn in te schenken. "Ik hoef niet veel te doen, ik betaal netjes mijn
geld. Ik zit nog veel bij gespreksgroepen. Ik kook dus en ik vouw foldertjes
mee, die anderen in de stad uitdelen. En ondertussen dus kletsen. Dat is het
eigenlijk wel." Tony lacht "Als je terugkomt bij ons moet je er weer
aan wennen om wat te doen." Voorspelt ze. Tot diep in de nacht kletsen de
twee door. En ook in bed liggen ze in het donker nog tegen elkaar aan te
kletsen. "Het is net als vroeger, op kamp." Grinnikt Britt "Dan
was het licht uit en dan gingen we nog uren liggen kletsen over helemaal niets
en over de meest diepzinnige onderwerpen."
Britt stapt de keuken in en kijkt rond. De enige die er al is is Mascha. Ze
heeft haar blauwe haar in een staartje naar achteren getrokken en al een schort
voor gebonden. Verlegen kijkt ze om naar Britt. Ze blijft schuchter ofschoon ze
elkaar nu al twee weken kennen. "Ik heb de aardappelen al gehaald."
Zegt Jojanneke vrolijk als ze achter Britt binnen komt. "Laten we maar gaan
schillen dan." stelt Britt voor. Even later zitten ze met z’n drieën
rondom de emmer. Mascha is de jongste, ze is 15 weet Britt van Nina, ze zegt
hoegenaamd niets. Jojanneke is 23 geworden eergisteren. Niet dat er een feest
was, maar Nina had het haar verteld. Britt maakt zich zorgen om Mascha. Ze is
bleek en durft bijna niemand aan te kijken. Kennelijk is ze hier nog niet veel
langer als Britt. Jojanneke vertelde Britt dat ze is opgepikt van de straat door
Harmen, een van de mannelijke groepsleiders. Hij liep met collega-groepsleider
Bastiaan over straat en betrapte haar op het stelen van een appel. Mascha mag
hem wel dankbaar zijn, want hij heeft haar gered van een woedende groenteboer
door de appel te betalen voor haar. Dankbaar is ze wel, maar op haar gemak nog
niet. Dat ziet Britt wel. Als een van de mannen bij haar in de buurt komt
springt ze een meter de lucht in. Arm kind, zo schrikachtig, ze lijkt geen
moment rust te hebben. Jojanneke kijkt naar Britt "Ik hoor dat je vannacht
blijft slapen?" vraagt ze terloops, Britt knikt "Ik voel me zo alleen
thuis, ik wil gewoon een paar dagen niet alleen zijn." motiveert ze.
Jojanneke gooit een geschilde aardappel in het water, met een plons komen er een
paar druppels over de rand. "Ik snap het wel. Het is natuurlijk moeilijk
zonder je man en nu ook nog zonder je dochter." Britt knikt "Vraag jij
je nooit af wat er was gebeurd als je erbij was geweest? Als jij bij die
steekpartij van je man was geweest en ik… ik bij Karl?" Britt schudt haar
hoofd "Nee, ik was niet zijn partner bij de politie. Het was tijdens werk.
Natuurlijk was ik niet bij hem, dat zou belachelijk geweest zijn, ik was thuis
met Dorien. Zo heb ik er nooit over gedacht. Wel… zijn moordenaar was zijn
partner… en dat ik hem niet eerder… ja, daarover voel ik me vreselijk
schuldig." Geeft ze helder toe. "Ik vraag me wel af hoe het zou zijn
gegaan als ik die avond geen ruzie had gemaakt met Karl. Het is gewoon mijn
schuld… hij is zo kwaad bij mij vertrokken. Daarom zocht ie ruzie…"
Britt legt een hand op haar schouder "Jij hebt toch niet gestoken? Jij hebt
dat mes niet getrokken… jij hebt geen ruzie gezocht…. ben jij werkelijk
verantwoordelijk voor wat hij doet?" Als ze dit soort dingen tijdens de
groepsgesprekken zegt wordt ze gelijk afgekapt. Jojanneke kijkt op "Maar ik
had…" zegt ze. Britt schudt haar hoofd. "Nee Jojanneke. Ik heb mijn
man niet doodgestoken. Dat heeft iemand anders gedaan. Niet ik! En zo is het bij
jou ook. Iemand anders heeft dat gedaan. Dat is níet jouw schuld… en jij bent
tenminste dan daarna niet ook nog met zijn moordenaar naar bed geweest…"
zegt Britt wrang. Jojanneke kijkt even opgelucht en het lijkt alsof het
aardappels schillen een tikje vlotter gaat. Britt schilt verwoed verder. Ze laat
zich door niemand de schuld aan Marks dood in de schoenen schuiven. Zij heeft
daar niets aan kunnen doen. Dat het later zijn partner Danny bleek te zijn en
dat die haar nog zo had kunnen…. gebruiken. Dat ze dát had toegelaten. Dat
had ze ervaren als een grote trap na voor Mark. En dáárover voelde ze zich nog
elke dag schuldig. Bij Jojanneke was het weer anders. Haar vriend Karl was nogal
van het opvliegende soort. Ze zouden gaan stappen, maar Jojanneke voelde zich
niet lekker. Dus wilde ze niet mee. Ze hadden ruzie gemaakt en Karl was kwaad
buiten gegaan. Daar had hij zich in de eerste beste kroeg een flink aantal
pintjes meester gemaakt en vervolgens ruzie gezocht met een gast. Buiten was hij
beginnen vechten… hij leek te gaan winnen. Maar helaas voor hem had die ander
een mes bij. Karl was gestorven en Jojanneke intern hier terechtgekomen… je
kunt je afvragen wie het beste af is, denkt Britt met een vleugje sarcasme. De
aardappels zijn geschild en terwijl Mascha ze opzet zoekt Britt wat groenten
uit. Peulvruchten, als vleesvervanger, want vlees is er niet vandaag. Wel vaker
niet, maar goed. Als Jojanneke en zij zich net over de bonen en de eieren hebben
ontfermd komt Bastiaan binnen. Hij loopt eerst naar Mascha die bijna haar pan in
duikt. "Je komt vanavond toch… naar de bijeenkomst?" Het moet
misschien een vraag voorstellen, maar het komt meer over als een commando. Zo
lijkt Mascha het ook op te vatten, gedwee, met een onpeilbare angst in haar
ogen, knikt ze even. "Ik hoor dat je ook blijft slapen vannacht…"
Bastiaan gaat achter Britt staan en strijkt met z’n hand over haar schouder.
"Eh… ja…" brengt Britt op een toontje van ‘hoezo?’uit.
"Gezellig… misschien kun je ook wel eens mee komen doen aan de
avondbijeenkomsten." Zegt hij slijmerig terwijl z’n hand langs haar
lichaam tot aan haar billen glijdt. Britt kijkt verbaasd strak voor zich uit en
doet haar best de neiging zich om te draaien en hem een knietje in z’n kruis
te geven, te bedwingen. Vanuit haar ooghoeken ziet ze dat Mascha gespannen alles
volgt. "Het zou goed voor je zijn…" Bastiaan laat z’n hand even op
haar middel rusten en net als Britt hem werkelijk een klap wil gaan geven knijpt
hij even in haar middel en stapt weg. "Tot vanavond." Zegt hij
vrolijk. Het duurt even voor dat Britt kan stoppen met eieren roeren, ze weet
niet exact wat ze op dit moment voelt, maar prettige gevoelens horen er niet bij…
Tony, die zou misschien nog geamuseerd zijn als ze dit had gezien, maar Britt
walgt even en doet dat in stilte. Ze kijkt Mascha aan "Is hij altijd
zo?!" vraagt ze geïrriteerd. Mascha duikt ineen, er wordt haar kennelijk
nooit wat gevraagd waarbij ze min of meer een mening moet geven over iemand.
"Hij is groepsleider… hij mag dat." legt Jojanneke uit alsof het een
lesje is dat ze uit het hoofd heeft geleerd. "Nou…" begint Britt een
protest. "De leider zegt dat." Zegt Jojanneke alsof daarmee alles goed
gepraat kan worden. "Het is heel belangrijk… zo nemen de groepsleiders
onze schuld over en de leider ook. De vrouwelijke groepsleiders zijn er voor de
mannen en de mannelijke voor ons…" Britt gelooft even niet dat ze hoort
wat ze hoort. "Ze doen het heus niet voor hun lol hoor." Zegt
Jojanneke als ze Britts gezicht ziet. Nee zeg, denkt die, dat zou er ook nog
moeten bij komen… doe me een lol zeg! "Ze helpen ons ermee, het is goed
voor ons. Zo nemen ze langzaam al onze schuld op zich en dan kunnen we straks
rein aan onze laatste reis beginnen. Het is als Mozes die zijn sandalen uit moet
doen als hij de brandende braamstruik nadert. Je mag alleen dan God tegemoet
treden wanneer je rein bent… wij raken zo onze zonden kwijt en worden rein. En
God heeft hen aangewezen om dat te doen. Als wij op reis gaan komen zij later,
ze komen ons achterna… God zorgt dan dat hun zonden ook verdwijnen, omdat ze
ons rein hebben gemaakt." Britt fronst haar wenkbrauwen, dit is zo’n
beetje de grootste onzin die ze ooit heeft gehoord. En kennelijk geloven ze er
nog in ook. Britt kan het zich bijna niet voorstellen. Maar goed… zij is dan
ook nog niet volledig ingekapseld. De anderen wel. "Het gaat hier toch over
seks?" vraagt Britt, om er zeker van te zijn dat ze op hetzelfde level
zitten, want ze is nog altijd ongelovig. Ze kijkt Mascha aan. Die knikt.
"Wil jij dat?" vraagt Britt haar. Jojanneke komt weer tussen beiden.
"Het móét Britt. Het is goed voor ons. Ze helpen ons van al onze zonden
af." Britt loopt op Mascha af "Maar… het doet pijn." Raadt ze
"Waarom ben jij thuis weg gelopen, Mascha? Je moeder was dood… je woonde
alleen met je vader… Jouw vader deed hetzelfde met je niet waar? En was dat
jouw schuld? Ik denk het niet. Jij hebt dat niet gewild. Jij hebt je misschien
nog wel proberen te verzetten, maar wat kon je doen…" Mascha staart nu
wezenloos voor zich uit. "Heb ik gelijk?" dringt Britt aan. Mascha
knikt langzaam "En nu gebeurt hier hetzelfde… precies hetzelfde…"
Mascha kijkt haar nu aan "Het is goed voor me, Britt. Het hoort zo… en
het is mijn schuld dat dit gebeurt." Jojanneke zet de pannen op het gas
"Je mag zulke dingen niet vragen." Zegt ze Britt waarschuwend.
"Waarom is Lene weg, Jojanneke? Zij vroeg dit ook, of niet soms?"
Jojanneke kijkt Britt aan, smekend… maar in haar ogen is het antwoord te
lezen. Britt weet nu wat Lene wist. Mascha is minderjarig, absoluut. En dat
geldt voor al die jongeren, ze zijn allemaal onder de 18. En kennelijk gaat de
hele leiding eroverheen en misschien nog wel meer… En dat vinden ze niet
allemaal zo geweldig, blijkt wel. Nadat Mattias weg was was er voor Lene geen
reden meer om te zwijgen, om uit te kijken. Ze zag om zich heen wat de jongeren
overkwam. Britt twijfelt er niet aan of dat is wat Lene kwam vertellen. En de
leiding kwam daar eerder achter. Mattias en het risico om hem te verliezen, had
haar altijd doen zwijgen. Dit is strafbaar… en Lene wist dat ongetwijfeld, ze
was niet dom, slechts wanhopig. "Sorry," zegt Britt "Ik mag dit
inderdaad niet vragen… het is jaren mijn werk geweest, vergeef me. Ik snap dat
het goed is voor ons." Jojanneke kijkt opgelucht en focust weer op haar
eten. Mascha draait teleurgesteld haar hoofd weer weg. Ondertussen flitsen er
duizend gedachten door Britts hoofd. Na deze eerste twijfel zal Jojanneke echt
nog niets zeggen. Ze voelt zich veilig bij Britt, lijkt het wel. Ze zal zwijgen.
Als ze dit kan filmen heeft ze de leiding te pakken. De avondbijeenkomsten zijn
kennelijk centraal, want het is dus maar heel normaal en algemeen bekend. Ze
moet een filmcameraatje hebben… verborgen natuurlijk. "Oh nee!"
Roept ze opeens uit. De andere twee kijken haar geschrokken aan, met het idee
dat ze minstens haar hand verbrand heeft aan een pan. "Ik ben m’n
tandenborstel vergeten!" Ze slaat met een vlakke hand tegen haar voorhoofd.
Jojanneke kijkt op haar horloge. "Dan haal je die nu toch snel even?"
Stelt ze voor "Dat koken lukt zo verder wel." Ze wijst op de
gigantische pannen op het restaurantfornuis. "Dat doet zichzelf."
Britt lijkt even na te denken. Wat een geluk dat het soms even allemaal precies
zo gaat als je wilt, denkt ze vrolijk en loopt onder duizend verontschuldigingen
de keuken uit. Snel gaat ze de deur uit en loopt door de stad. Als ze in haar
postbus beneden kijkt ziet ze een berichtje van de glazenwasser liggen.
Glimlachend loopt ze naar boven. Zoals verwacht zit glazenwasser Tony al boven
op haar te wachten in overal. Op de tafel staat een emmer, met een trekker en
wat sponzen. "M’n ladder staat beneden." Grapt ze en zet Britt een
kom thee voor. "We hebben ze!" zegt ze "Ik was gelukkig net in de
bus bij Sel. We hebben ze Britt. Ik heb al met Vanbruane gebeld. We hebben een
cameraatje nodig. Ze laat een broche maken met een verborgen cameraatje erin. Of
ja… de broche is er al, de camera moet er nog in. Ik geef hem je morgen als je
komt trimmen. Dan kun je de nacht daarna alles filmen." Tony loopt
geestdriftig op en neer door de kamer. Britt is ook blij "Nog voor de drie
weken ben ik eruit. Maar wat een opluchting… we hebben ze! Er is volgens mij
niet veel voor nodig om Mascha te laten zeggen dat ze dit tegen haar zin doet.
De manier waarop ze me aankeek Tony… toen ik zei dat het zo wel zou horen.
Helemaal teleurgesteld. Alsof haar laatste restje hoop vertrapt werd."
Britt neemt een slok thee "Ik heb er onderweg eens over nagedacht. Volgens
mij is Lene in contact gekomen met de andere jongere leden, nadat Mattias weg
was gehaald. En zo weet ze dat kinderen als Mascha het vreselijk vinden wat er
met hen gebeurt. Ze hoeft niet meer te zwijgen, omdat ze haar niet meer kunnen
dreigen Mattias op straat te zetten. Ze weet dat het strafbaar is, de jongeren
zijn minderjarig. Dit is haar kans…" Tony kijkt Britt vragend aan.
"Heel simpel," legt Britt uit "De enige manier waarop ze Mattias
terug kan krijgen is als ze uit de sekte stapt. Dat hebben wij haar wel
duidelijk gemaakt. Maar zelf uit die groep stappen, dat durft ze niet, dat is te
moeilijk, ze zal het niet kunnen weer staan als ze weer achter haar aan komen.
Dus zorgt ze ervoor dat de sekte haar verlaat. Ze weet dat ze haar niet zomaar
zullen laten gaan, daarom besluit ze ons voor haar karretje te spannen. Ze is
uit op destructie van de hele sekte. Ze heeft wat ontdekt waarmee ze de top van
de sekte kan laten oppakken. De sekte valt uit elkaar en… ze is vrij. Ze kan
Mattias gaan ophalen en voor hem zorgen… denkt ze, ongeacht of haar dat zou
worden toegestaan. Postuum is het haar dan uiteindelijk toch gelukt om de sekte
ten val te brengen, als wij het nu filmen. Ik denk dat het feit dat Mattias
vanwege de sekte niet bij haar mocht blijven haar heeft doen doorslaan. Doordat
ze in de sekte zat is ze weer een kind kwijt geraakt en ze hebben haar niet
geholpen Mattias terug te halen. Ze hebben de schuld op ons geschoven en op haar…,
ze hebben haar niet geholpen. Dat zou te riskant zijn." Tony zucht,
ongelooflijk, denkt ze, Lene had de informatie die ze nodig hadden. Al die tijd
hebben zijn lopen zoeken naar iets om hen te pakken en het blijkt zo simpel te
zijn. "We redden 200 mensen van die laatste reis die op handen is."
Zegt ze. Britt knikt "Dat is wat ik ook denk. Het gaat er op zo’n manier
over dat ik vrees dat als de grond te heet wordt onder de voeten ze een
collectieve zelfmoord in zin hebben." Tony knikt "We hebben geluisterd
naar de tapes en dat is wat de expert, die Vanbruane erbij heeft gehaald, ook
zegt. Kijk, we kunnen natuurlijk nooit zeker weten of ze het zouden doen. Maar
dat de situatie vrij explosief is blijkt wel uit de moord op Lene. Ik denk dat
we net op tijd komen. Maar goed, voor hetzelfde geld lopen ze niet het gevaar
wat we denken." Tony pakt een tasje "Hier is je tandenborstel
trouwens." Zegt ze, ze is nog snel bij de drogisterij binnen gesprongen om
die te halen. "We rollen de hele boel op." Zucht Britt opgelucht.
"Wat we doen is het volgende. Jij hebt de broche op. Het is een groothoek
beeld, we zullen dus veel zien. We kijken mee in de bestelbus, daar vangen we
namelijk het signaal op. Na die avond hebben we ongetwijfeld genoeg op tape om
die hele top te pakken. De volgende ochtend doen we een inval en pakken de hele
top op. We zouden het diezelfde avond wel kunnen doen, maar het zou chaotisch
kunnen worden, rennende mensen. En jij zegt dat die groepsleiders voor 10 uur
hun bed niet uitkomen. Geen risico dus als we ’s ochtends rond een uur of 9
komen." Zet Tony uiteen "Tenzij jij natuurlijk een risico loopt."
Voegt ze eraan toe "Dan grijpen we eerder in." Britt kijkt naar een
foto van Dorien en haar die aan de muur hangt "Kun je het je voorstellen…?
Over drie dagen kan ik Dorien weer knuffelen." in Britts stem klinkt het
verlangen door Dorien weer in haar armen te hebben. Tony glimlacht en legt haar
hand op haar schouder. "Ik hoop dat deze rust voor jullie beiden goed is
geweest. Ik hoop dat je nu weet dat je de beste moeder bent die er is." Ze
kijkt naar Doriens kaarten die op de kast hangen. "Hoe ga je dat doen bij
die bijeenkomsten?" vraagt Tony nieuwsgierig. Zelfs zij zou er niet op
staan te kijken mee te moeten doen met de een of andere perverse seksorgie.
Britt haalt haar schouders op "Als ik vanavond ga, ga ik maar even om te
kijken wat het is. Ik denk dat ze dat wel snappen, dat ik niet meteen mee doe.
En als ze het niet snappen gooi ik het op Mark, paniek, herinneringen… afweren
en zo… een beetje toneel, ik ben best goed in hysterisch als ik wil."
Zegt Britt met een glimlach "En ze willen dat ik blijf. Dus ze zullen me
niet meteen al dwingen. Je wordt niet echt gedwongen… meer overgehaald. Als ze
je eenmaal hebben en je geld hebben dan zijn ze daar vrij geduldig in, dat komt
allemaal wel. Morgen slaap ik dan weer thuis. Ik zeg wel dat Dorien zal bellen
of, en dat ik dan thuis wil zijn. Ik verzin wel wat. En dan de nacht daarna ben
ik er sowieso bij natuurlijk, maar… nou ja, dat lukt wel, ik houd de boot wel
weer af. Het lukt me wel Tony, ik ben geenszins van plan mee te gaan doen…
alsjeblieft zeg." Britt trekt een gezicht "Ze willen veel, maar ze
zijn tamelijk geduldig… ze denken nog maanden de tijd te hebben. Ze willen
veel maar niet meteen nu. En Bastiaan, die is wel geïnteresseerd in mij, maar
ik merkte vandaag dat Mascha boven aan zijn lijstje staat… Mij zal niks
gebeuren." Tony knikt opgelucht. En Britt pakt geruststellend haar hand
vast. "Ik moet gaan…" glimlacht ze met spijt in haar stem "Zo
lang duurt het niet om een tandenborstel te gaan pakken…" "Je kon
hem niet vinden in je onopgeruimde puinzooi van de badkamer." Helpt Tony
haar. Britt lacht even. Ze staat op en stopt de tandborstel in haar zak en wuift
even met haar vingers. Zwijgend stapt ze de deur uit. Tony blijft achter aan de
tafel. We hebben ze, denkt ze opgelucht. Ze pakt de kaarten van de kast. Het is
duidelijk dat Dorien het naar haar zin heeft aan zee, maar… ze mist haar
moeder. "Nog een paar dagen Dorien." Zegt Tony tegen de kaart en zucht
"Dan krijg je je mama terug."
Britt ligt op haar rug en staart naar het plafond. De maan valt door een kier in
de gordijnen naar binnen. Die witte lakens van de rijen bedden lijken op te
lichten in het bleke licht.
Dorien ligt op haar rug en staart naar het plafond. De maan valt door een kier
in de gordijnen naar binnen. Ze stapt uit haar bed en loopt naar het raam toe.
Ze kijkt door het raam naar de zee en het strand. De schuimkoppen van de golven
lijken wel van zilver in het maanlicht. Het zand van het strand heeft een
blauwwitte gloed. Beneden op het strand loopt iemand. "Mama,"
fluistert Dorien "mama, wacht op mij… ik kom eraan."
Britt schrikt op en gaat recht zitten in haar bed. Ze loopt naar het raam en
kijkt naar de straat. In het mistige van de avond wordt hun licht spookachtig
diffuus. In het licht van een lantaarnpaal staat een eenzame figuur. Britt ziet
de beelden van deze avond, alsof ze op haar netvlies zijn gebrand. Ze ziet de
pijn op de gezichten van Mascha, Evy, Karen en de andere jongeren. Ze hoort de
opzwepende woorden van de leider, die alles goed praat. En al die lijven, die
blote lijven door elkaar en tegen elkaar. Ze schudt haar hoofd en gaat terug op
haar bed zitten.
Dorien stapt de trap af, de deur door naar buiten. Op haar blote voeten, in haar
pyjama, loopt ze de koude nacht in, naar het strand. Ze rent het zandpad af.
Britt staart naar haar handen. Ze was er heen gegaan deze avond. Ze had stil in
een hoekje gezeten en zitten luisteren naar de leider. Later had ze zitten
toekijken. De meeste hadden haar zelfs maar nauwelijks opgemerkt. "Kom je
mee doen?" Hadden sommigen nog gevraagd "Later… niet vanavond…"
had ze fluisterend ten antwoord gegeven. En dat was zonder verder aandringen
geaccepteerd. Er werd gedronken. Allereerst was er drank uitgedeeld. Verder
wordt er bijna geen alcohol gedronken op de groep. En met de bodem van weinig
slaap en eten had de alcohol al een snel effect. Britt had haar drankje niet
aangeraakt. Ze had het idee dat er ook nog wat anders in zat ook… een
pilletje, om iedereen wat losser te maken. Eerst begonnen een paar groepsleiders
te praten… ze maakten het pad vrij voor de leider. De alcohol en de pillen
misschien, de woorden van de leider en later ook muziek, werkten opzwepend. Na
een tijd was de kamer veranderd in een kluwen van wringende lichamen en
graaiende armen. Britt was kennelijk de enige geweest die geschokt was,
misschien was dat te wijten aan de niet verorberde… cocktail? Ze had na een
tijdje zonder problemen de zaal uit kunnen slapen. Nu zat ze hier op de
slaapzaal. Hier en daar lagen al mensen in bed, ze lagen al te slapen, ze hadden
niet mee gedaan aan de avondbijeenkomst. Moe van een dag in de stad, bloemen
verkopen en folders uit delen. De rest is nog beneden. Externe mensen komen
zelfs naar deze feesten. Misschien willen ze zich uitleven… even alles
vergeten en zich laten gaan. Maar ze zitten nu wel gebeiteld. Er zijn
minderjarigen bij… en daarom is het strafbaar. Minderjarigen die het helemaal
niet van harte doen. Krakend gaat de deur open. Drie magere figuren sluipen
binnen. Alledrie naar een eigen plek in de kamer. Een figuur komt recht op Britt
af. "Mascha?" fluistert Britt in het donker "Oh… sorry, heb ik
je wakker gemaakt?" Hoort ze Mascha fluisteren "Ik slaap hier."
Verontschuldigt ze zich en gaat op het bed naast dat van Britt zitten. "Ik
sliep nog niet." stelt Britt haar gerust "Ik was te druk bezig mijn
dochter te missen." Het lijkt alsof ze Mascha ziet glimlachen in het
donker. "Je was beneden daar straks." Zegt Mascha "Waarom ging je
zo snel weg?" Britt zwijgt, ze weet even geen goed antwoord te bedenken.
"Jij vindt het ook niet goed… toch? Jij wilt ook niet dat ze dat bij jou
doen. Wat het echt mijn schuld dat mijn vader… Jouw dochter heeft zo’n geluk…
was bij mij ook mijn vader maar dood gegaan en niet mijn moeder…" Britt
slikt… zo kun je het ook bekijken, maar Mark zou Dorien nooit zo behandeld
hebben, dat weet ze zeker, het idee alleen al. Mascha begint zachtjes te
snikken. Britt gaat naast haar zitten en slaat een arm om haar heen en trekt
Mascha tegen zich aan en Mascha huilt onbedaarlijk verder en laat zich gewillig
troosten door Britt "Was mijn vader ook maar dood gegaan… net als jouw
man… waarom zijn het altijd de verkeerden die dood gaan?" Herhaalt ze.
Tranen springen in Britts ogen "Het is niet jouw schuld." Britt blijft
zachtjes fluisteren. Waarom? Denkt ze, waarom kan ik andere kinderen helpen en
mijn eigen dochter niet. Ze zitten hier allemaal met hun eigen spoken en hun
eigen gedachten en onbedoeld kwetsen ze elkaar steeds weer opnieuw. Steeds die
uitspraken… die ze liever niet wil horen… dingen die gezegd worden… vanuit
een ander perspectief. Steeds opnieuw en steeds weer denkt ze, waarom kan ik
Dorien niet troosten? Waarom kan ik Dorien er niet toe bewegen eens lekker bij
mij uit te huilen? Ik ben teveel bezig met mezelf, dat voelt ze… maar ik vind
het ook zo moeilijk… het is zó moeilijk. Alsof ik alleen maar al genoeg heb
aan mijn verdriet en geen tijd meer heb voor het hare… geen kracht meer heb om
ook nog haar te helpen…. daarom spaart ze me.
"Dorien!" Dorien voelt twee armen om zich heen. Ze draait zich om
"mama!" Roept ze "Zocht je mama?" Oma slaat een deken om
Dorien heen. Bezorgd tilt ze Dorien op, als ze haar een longontsteking op laat
lopen zal Britt ontroostbaar zijn. Ze drukt Dorien tegen zich aan. "Het
duurt niet lang meer Dorien. Het duurt niet lang meer voor je terug bent bij
mama." belooft ze. Een vrouw met kort blond haar passeert hen en glimlacht
even. Ze heeft een droevige blik in haar ogen, maar ze glimlacht vriendelijk
naar hen. Maar Dorien kan niet terug glimlachen, ze huilt. "Mama,"
hult ze "Ik ben zo bang mama, ik moet je wat vertellen mama… ik ben bang…
ik ben zo bang." Oma geeft haar een zoen op haar hoofd en neemt haar mee
terug naar het huisje in de duinen "Stil maar…" sust ze.
Britt spelt de broche op en loopt de trap af. Ze zijn hier, ze zien alles, denkt
ze. Ze horen alles… we hebben ze te pakken.
Tony roert in haar koffie. Vanbruane zit naast haar en kijkt naar het TV-tje.
"Groot huis." Zegt ze, om maar wat te zeggen. "We hebben ze,
morgen zal Britt weer thuis komen." Glimlacht Tony trots "Dorien
slaapt vannacht al hier in Gent, thuis. Britts moeder blijft bij haar."
Vanbruane kijkt Tony aan "Britt zal wel blij zijn." Voorspelt ze. Dan
kijken ze allebei weer strak naar het TV schermpje.
Half 10, wijst de digitale klok in de auto, of 9:30 uur dus liever gezegd.
Vanneste leunt achterover en kijkt Selattin aan. "Als het goed gaat zitten
we hier dus voor niks." merkt hij op en neemt een hap van zijn broodje.
"Laten we dat maar hopen." Zegt Selattin en kijkt op zijn horloge.
"Het zal zowat begonnen zijn… de vorige keer begonnen ze ook om half 10.
Ze zitten hier achter… dus als het mis gaat en we moeten ingrijpen zullen we
alert moeten zijn." Voorspelt hij "Er kwam een goeie film op TV,
American History X, ken je die?" zegt Vanneste, Selattin schudt zijn hoofd.
"Die moet ik nu dus opnemen… ik heb de video ingesteld… Ik hoop echt
dat het goed gaat… ik weet na al die jaren nog steeds niet hoe ik dat moet
doen… het is altijd weer een gok." Selattin lacht "Gebruik de
handleiding dan ook." Raadt hij aan. "Daar kan ik geen wijs uit…
daar staat toch nooit in wat je moet hebben." "Je bent hem
kwijt." "Niet waar… maar het staat er alleen maar in het Japans,
Chinees, Krioelisch en Turks in…" snauwt Ben, natuurlijk is hij hem
kwijt, maar goed "Wat is er mis met dat laatste…" grinnikt Selattin.
"Ik hoop maar dat het goed gaat… het is me al een paar keer gelukt
hoor." Vanneste kijkt voor zich uit en Selattin kijkt naar de poort
"Als het mis gaat moeten we daar zijn." wijst hij. In de muur zit
slechts een smalle poort, die zal zeker gaan fungeren als nooduitgang als ze
niet snel genoeg zijn.
"Raymond… ben jij niet zenuwachtig?" Pasmans probeert nerveus een
pakje Sultana’s open te krijgen. "Neu…" bromt Raymond en lijkt
weer min of meer in slaap te vallen "We staan toch wel vaker voor een
huis?" Pasmans kijkt hem aan "Ogen open Raymond… we
observeren!" Hij steekt hem het pakje toe. Zuchtend rukt Raymond het pakje
Sultana open. De verkruimelde inhoud vliegt alle kanten op. Pasmans duikt er met
een rood hoofd achteraan "Jij stofzuigt!" snauwt Raymond waarschuwend
en kijkt geërgerd naar de voordeur van het sektepand. "Maar Britt is daar
binnen…" zegt Pasmans bezorgd als hij weer overeind komt. "Ze heeft
het al twee en een halve week volgehouden, Pasmans. Die ene nacht zal ook nog
wel gaan." moppert Raymond "Britt is toch zeker geen watje."
"Maar wat als ze haar…" begint Pasmans opnieuw "Als er wat
gebeurt dan gaan we naar binnen…" zucht Raymond vermoeid. "En houdt
tot die tijd alsjeblieft uw klep dicht, zodat ik wat kan slapen." Pasmans
tuurt ingespannen naar de deur, als de klink omlaag gaat zal hij het niet
missen. Hij houdt zich tenminste even stil, dit moment mag nog lang duren, denkt
Raymond hoopvol en zakt wat verder onderuit in zijn stoel.
Britt gaat naast Mascha en haar vriendinnen zitten. Ze zorgt dat ze zeker in
beeld komen. Als ze net zit worden de drankjes al uitgedeeld. Het is druk
vandaag. Kennelijk is de vrijdagavond een drukke avond. Britt kijkt eens goed
rond. Ze ziet tot haar verbazing dat sommige van de externe leden hun kinderen
hebben meegenomen. Het zijn stuk voor stuk kinderen ongeveer in de leeftijd van
Mascha. Gaan zij straks ook mee doen? Britt laat haar drankje wederom voor wat
het is. Het duurt een tijdje voor de groepsleiders binnen komen. Ze verspreiden
zich door de zaal en gaan ergens zitten. Bastiaan ziet Britt en komt bij haar
zitten. "Hoi…" zegt hij slijmerig en legt zijn hand op haar
schouder. "Ik zie dat je weer gekomen bent? je doe `t mee vanavond hoor,
daar zorg ik persoonlijk voor." Hij lacht naar haar "Het zal je zo
goed doen… je zult je zo… bevrijd voelen." Bevrijd… denkt Britt in
een poging een woordgrapje te maken. Ze ziet dat Mascha vanuit haar ooghoeken
alles volgt. Nu is Bastiaan even niet zo met haar bezig. "Hier… drink
wat." Bastiaan pakt haar glas op en geeft het aan haar. Om hem te
overtuigen neemt ze een slok. Onmiddellijk protesteert haar maag. Dit is echt
geen zuivere koffie, denkt ze nog. Dan beginnen de groepsleiders te praten. Om
beurten halen ze alle dingen aan in de wereld die zo fout zijn. Ze roepen over
projecten, waarvan de meeste niet bestaan, weet Britt inmiddels. Dat heeft Tony
uitgezocht. Sommige groepsleiders halen voorbeelden aan van mensen die in de
sekte zitten. Over hun schuld en wat hen is gebeurd. Ook Bastiaan is aan de
beurt, Britt is blij als hij op staat. Zijn handen zijn al vanaf haar knieën
tot aan haar middel gegaan en ze heeft zich weer vreselijk moeten bedwingen om
hem niet van haar af te duwen. Ze krijgt al gauw spijt van die eerste vrolijke
gedachte, want Bastiaan heeft besloten haar maar als voorbeeld te nemen.
Natuurlijk gaat het over Danny, hoe hij Mark vermoorde en hoe zij het niet een
door had en zich door hem liet gebruiken. Hij blijft maar doorzagen. Britt duwt
haar nagels in de palmen van haar handen om niet woedend te gaan schreeuwen of
juist in huilen uit te barsten. Ze bijt op haar lip en een traan rolt over haar
wang. Mascha ziet het en legt een hand op haar hand. Ze glimlacht haar
bemoedigend toe. Bastiaan is de laatste spreker. Hij blijft vooraan in de zaal
zitten nu. Britt dankt God in de hemel op haar blote knietjes dat hij niet terug
komt zitten bij haar en dat ze haar pistool niet bij zich heeft. Ze had het met
liefde en plezier tegen z’n slaap gezet en afgevuurd. De leider komt met veel
bombarie op. De drank begint te werken nu. Britt heeft na die ene slok geen
tweede meer genomen, maar zelfs zij voelt zich wat vreemd. De leider houdt een
vurige preek waarin ook de op handen zijnde eindreis weer besproken wordt.
"Wij zijn uitverkoren." Roept hij geestdriftig "God zal ons halen
voor alle anderen en ons beschermen. Hij zal ons de opdracht geven om naar Hem
toe te komen. Dat zal niet lang meer duren… Hij heeft dat mij verteld."
De volgelingen juichen. Na een lange toespraak begint het feest. De
groepsleiders lopen de zaal in en kiezen iemand uit. Mascha en haar vriendinnen
worden al snel gekozen. Met een smekende blik op Britt laat Mascha zich mee
trekken. Ook zij heeft haar drankje niet opgedronken, ziet Britt nu. De tieners
die met hun ouders zijn mee gekomen worden ook al snel meegenomen. Britt
probeert zich zo klein mogelijk te maken en toch alles te filmen. Het duurt niet
lang of de rollenbollende massa ziet er weer uit als een krioelende, roze hoop
grijpende en graaiende wezens. Ergens doet dit geheel haar denken aan een paar
schilderijen van Jeroen Bosch… in de tuin der lusten ziet ze dit misschien
terug… of zijn minder plezierige afbeeldingen van wat de mens te wachten staat
na zijn dood…. Ze ziet het schilderij voor zich, waar zou hij zijn inspiratie
vandaan hebben gehaald? Ze zorgt zorgvuldig dat ze door goed te gaan zitten
zeker de seks met minderjarigen op de band heeft staan.
In de bestelbus worden Vanbruane en Tony werkelijk onpasselijk van wat ze zien.
"Wat walgelijk." weet Vanbruane nog net uit te brengen "Ook niet
míjn idee van een avondje uit." Geeft Tony toe "Ik ben geen heilige,
maar dit…" ze blaast haar adem in een zucht uit. "Mama 2 voor de
eenheden Romeo en Papa." Roept ze alle eenheden op "Het feest is
begonnen. wakker worden dus… ik herhaal het feest is begonnen." Eenheid
Romeo, Selattin en Ben geven als eerste antwoord "Romeo voor Mama, wij
horen de muziek , we zitten klaar, over." Tony en Vanbruane kijken tevreden
naar elkaar. "Hier papa voor mama," meldt Raymond zich "Hier is
het rustig, maar wij zitten startklaar, over." Vanbruane kijkt vol ongeloof
naar het beeld, waar ze de mensen over elkaar heen ziet rollen. "Moeilijk
kan dit niet worden." Voorspelt ze "Als we in moeten grijpen zullen we
door de microfoon moeten schreeuwen dat ze gearresteerd zijn, anders merken ze
het niet eens." Er komt nu een man op het beeld afgelopen. "Bastiaan."
weet Tony, aan de hand van Britts uitvoerige beschrijving van deze gluiperd, te
melden. Kennelijk hebben zij hem eerder gezien dan Britt, want als zij hem
overduidelijk in de gaten krijgt gaat er een schokje door het beeld. "Hoi
Britt…" horen ze hem zeggen. De naakte man stopt ook werkelijk recht voor
het beeld. "Zo…" zegt Vanbruane en Tony knikt min of meer waarderend
"Tja… als je het zonder de kop ziet…" geeft ze toe. En kijkt
Vanbruane een ogenblik grinnikend aan.
"Kom dan… help ik je.’ Bastiaan legt zijn handen op Britts schouders.
Die leunt verder naar achteren in haar stoel. "Nee Bastiaan, nee, ik wil
dit niet… nog niet. Ik ben daar nog niet klaar voor." Zegt ze, in de hoop
dat daarmee de zaak is afgedaan. "Maar Britt," hij kust haar op haar
voorhoofd en zijn handen glijden naar beneden naar haar borsten. Ze sluit heel
even haar ogen en probeert rustig te blijven "Zo kom je nooit van je schuld
af… kom, laat je gevoelens even… kom, het is goed voor je." Probeert
hij haar over te halen. Zijn vingers prutsen langzaam de knoopjes van haar
blouse open. "Nee, nee, niet doen…" Britt probeert zich angstig weg
te wurmen "Ik wil dat niet… Mark en Danny…" probeert ze te
protesteren, maar hij lijkt haar niet te horen. Ze duwt zijn handen zachtjes
weg. "Het is voor je eigen bestwil Britt." Zijn handen schieten naar
haar broek en maken de knoop open. Hij duwt haar benen uit elkaar. "Kom
werk een beetje mee… geef je over." Britt probeert hem weg te duwen, maar
hij is te sterk. Ze ziet in een flits dat Mascha staat te kijken naar de
worsteling, ze ziet onvervalst medelijden in haar ogen. "Nee!" zegt ze
fel "Nee, laat me, ik wil dit niet. laat me los, je doet me pijn." Ze
wringt zich alle kanten op. Maar hij staat… zij zit… ze kan geen kant op.
Hij lacht "Maar ik wil dit wel… ik wil je helpen Britt." Hij duwt
haar ruw met haar schouders tegen de muur en laat zijn handen naar haar borsten
glijden. Hij knijpt, te hard, het doet zeer en ze probeert hem kwaad van zich af
te duwen. Dan glijden zijn handen door naar onder. Hij duwt haar billen van de
stoel en trekt haar broek uit. "Nee!" Roept Britt wanhopig, maar wat
ze roept gaat verloren in een gigantische herrie, ze heeft geen schijn van kans.
"Tony…" fluistert ze "Tony help…" Hij lijkt het niet te
horen, zo is hij bezig met haar slipje.
In de bestelbus hebben ze al lang door dat het niet goed gaat, het loopt uit de
hand. Vanbruane die geenszins zin heeft een van haar mensen te laten verkrachten
heeft de mobilofoon al in haar handen "We bezoeken het feest!" Roept
ze "Aan alle eenheden, we bezoeken het feest! Prioriteit: helpen van Britt
en arresteren van de kopstukken." Tony hoort Britt nog net haar naam
fluisteren voor ze met getrokken pistool de busdeuren open stampt en de straat
op rent. "Hoe herkennen we de kopstukken?" vraagt ze zich hardop af
als ze met Vanbruane naar het huis rent. "Versterking nodig!" Roept
Vanbruane ondertussen nog naar de achtergebleven agent. Hij rent naar de radio.
Zo snel ze kunnen rennen alle eenheden door naar de zaal waar het feest aan de
gang is. Bij de deur blijven ze even verbaasd staan. Er is maar een in en
uitgang zien ze al direct. Dat is een makkie. "Zijn ze allemaal
binnen?" Roept Pasmans naar Tony. "10 in totaal, allemaal
binnen." schreeuwt die terug. Ze rennen de zaal door. Vanbruane rent naar
het kleine podiumpje voor in de zaal en Vanneste draait de knop van de radio om.
Bastiaan kijkt verbaasd op en laat Britts slipje een ogenblik voor wat het is.
Britt maakt handig gebruik van deze aandachtsverslapping om zich met stoel en al
op de grond te laten kantelen en weg te rollen. Snel staat ze op, trekt haar
broek op en doet de knoop dicht. Bastiaan draait zich naar haar toe. Britt stapt
naar voren en geeft hem een welgemikt knietje in z’n kruis. "Dát had ik
al lang willen doen." Roept ze uit, terwijl Bastiaan dubbel klapt. Tony
stopt hijgend naast haar "Mag ik ook eens?" Grapt ze. Ze steekt haar
duim op "Ça va?" Britt knikt. "Allemaal liggen op de grond, met
uw handen in de nek. Dit is de politie Gent en u bent allen gearresteerd…"
klinkt de stem van Vanbruane plotseling galmend door de microfoon die Vanneste
aan de praat heeft gekregen. Britt kijkt opgelucht op. Tony omhelst haar.
"Alsjeblieft… ik blijf geen nacht langer." Zegt Britt. Ze ziet dat
Vanbruane haar duim op steekt naar haar. Iedereen gaat gedwee liggen Een blik op
de deur is voldoende om te zien dat ontsnappen geen optie is. Een geroezemoes
vult de zaal. Tony neemt Britt mee naar Vanbruane, die omhelst haar "Het
spijt me dat het zover moest komen…" verontschuldigt ze zich "Dat is
niet uw schuld…" "Fantastisch werk, Britt, ik ben trots op je…"
Vanbruane klopt haar op de schouder. Britt glimlacht vermoeid "Dat was…
eng." Geeft ze toe. "Ga jij met Tony maar naar het bureau. Wij werken
dit wel verder af. Vannacht slaap je weer gewoon thuis." Britt loopt
opgelucht achter Tony aan. Bij Mascha knielt ze even "Niet bang zijn… het
is voorbij." Zegt ze met een geruststellende knik "Ik had nooit
gedacht dat ik nog eens blij zou zijn als ik gearresteerd werd." Glimlacht
Mascha "Je was dus een undercover?" Britt knikt "Niet kwaad zijn…
op een dag zul je het begrijpen." Mascha zet haar handen onder haar hoofd
"Ik begrijp het nu al. Je bent gekomen… Lene heeft jullie gehaald."
Britt knikt en stapt dan naar de deur toe. Daar kloppen Selattin en Raymond haar
op de schouders. "Goed werk Britt." brommen ze in koor. Britt wacht
even in de auto terwijl Tony nog even naar de bestelbus loopt om daar wat te
pakken. Politiewagens met gillende sirenes komen van alle kanten aanscheuren.
"Tot dadelijk dan." Tony hangt haar mobiel op als ze instapt. Ze kijkt
Britt aan en klapt haar portier dicht. Britt slikt even, Tony slaat een arm om
haar heen en drukt haar tegen zich aan. Britt laat de tranen stromen "Ik
was bang, Tony." snikt ze "Dat jullie niet zouden komen of…"Tony
laat haar even huilen. Als Britt wat bedaard is start ze de auto "Wat een
opluchting." Zucht Britt even. "Ik was ook bang." bekent Tony
"Je hebt die Bastiaan goed geraakt." Glimlacht ze. "Dat heb
ik." Zegt Britt "Dat was als persoon… niet in functie."voegt ze
er aan toe. "Och… niemand heeft het gezien… het IT zal niet ver
komen." Grinnikt Tony. Opgelucht stapt Britt achter Tony aan het bureau
binnen. "Britt, je bent weer beter." Hoort ze iemand enthousiast
roepen. Ze glimlacht en loopt de trap op. Door de gang lopen ze naar het lokaal.
"Mijn eigen oude plek." Zucht Britt, terwijl ze even rond kijkt.
"Zo’n undercover zorg er voor dat je dit weer gaat waarderen." Ze
wijst om zich heen. Als ze het teamlokaal binnen stapt ziet ze een blond
figuurtje op haar bureaustoel zitten. "Dorien…" fluistert ze. Dorien
draait zich om en stormt op haar moeder af. Britt vangt haar op in haar armen
"Ik laat je nooit meer los…" waarschuwt ze en drukt haar een dikke
zoen op Doriens voorhoofd. "Dat geeft niet." Zegt Dorien "Ik jou
ook niet." Britt tilt haar op en gaat op haar stoel zitten, ze bekijkt haar
dochter eens, bruin geworden door de zeezon. "Mama, ik moet je wat
vertellen… ik ben bang…" Britt drukt haar opnieuw tegen zich aan
"Maar nu ben je bij mij." Zegt ze geruststellend en kijkt Tony
dankbaar aan. "Dankje…" fluistert ze. En Tony pinkt warempel een
traantje weg, alsof ze naar een hele goeie film zit te kijken…
Einde
Holymary;mins