Judged

Barbara rekt zich eens flink uit. Man, wat voelt ze zich uitgeslapen. Het duurt even voor het vreemde gevoel haar bekruipt dat er iets mis is. Ze kijkt sloom op haar wekker 0:00, knippert die. Met een zucht draait ze haar hoofd naar de klok met simpele wijzers en een batterijtje… Ja hoor, het is weer zo ver, 9 uur wijst die onverbiddelijk. Het zal toch niet waar wezen? Barbara voelt zich alsof ze in de volgende nachtmerrie is beland… net wakker geworden uit de een of andere vreemde droom over het werk valt ze weer in het gehaast van het te laat komen. Het heeft ook eigenlijk helemaal geen zin om nog te haasten, denkt ze, terwijl ze even nog blijft liggen, te laat ben ik toch al…Ach nouja, laten we maar niet van de gewoonte afwijken… denkt ze en springt uit haar bed. Terwijl ze haar t-shirtje over haar hoofd probeert te krijgen kamt ze haar haren en drinkt ze haar hero-drinkontbijt (dat qua smaak ook nooit lijkt te verbeteren) in een paar slokken op. Ze zoekt haar broek en vind die onder aan de stapel kleding en rotzooi, terwijl ze haar schoenen al heeft dicht geknoopt. Die moeten dus weer uit, teneinde de broek aan te kunnen trekken, het is dan wel een stretchbroek, maar zo stretch nou ook weer niet. Via haar t-shirt-broek-schoenen en drinkontbijt gaat het richting de fiets. Ze trekt bijna de verwarming mee als ze de fiets naar buiten probeert te sleuren voor het hangslot open te maken. Het mag een wonder heten dat ze evenlater al heelhuids op de fiets zit. Nu nog de race naar het commissariaat. Dwars door stad moet ze, over alle bruggen die ze in Gent hebben gebouwd. Als een volleerd coureur zit ze op haar fiets en snijdt waar mogelijk elke centimeter af. Als ze een brugje af komt gesjeest ziet ze helaas een oude man over het hoofd. Hij komt net met veel moeite van het troittoir afgestapt en dat had ie beter niet kunnen doen. Barbara remt nog op volle kracht, maar kan niet voorkomen dat ze de man nog lichtjes raakt. Die verliest zijn evenwicht en tuimelt achterover de stoep op. "Oh, sorry!" roept ze en crosst door. "Politie!" schreeuwt de man woedend. Tja, denkt Barbara hoofdschuddend, had ik maar een zwaailicht op mijn fiets, dan zou het wel mogen natuurlijk. Ze kijkt nog even achterom en ziet dat de man door een paar passanten overeind geholpen wordt. Gelukkig zijn er ook nog aardige mensen in de wereld, denkt ze, al is ze er daar zelf dan niet een van. 
Bij het commissariaat aangekomen smijt ze haar fiets tegen de muur en klinkt hem op maar liefst 6 plaatsen vast aan alles wat ze kan vinden. Ze maakt het alle andere mensen dan wel onmogelijk om nog op het troittoir te lopen, daar ze haar fiets met de achterkant aan een lantaarnpaal heeft bevestigd en de voorkant tegen de muur heeft geplaatst om hem daar aan een haakje te kunnen vastmaken. Snel rent ze naar binnen, wuift even naar Carla om op de trap Vanbruane al tegen te komen. "Barbara…" begint die met een stem waar duidelijk uit op te maken is dat ze Barbara's zoveelste late binnenkomst niet bepaald amusant vindt. "Barbara," herhaalt ze "zou je misschien…" dan zucht ze en schudt haar hoofd. Carla grinnikt hoorbaar en kijkt snel naar een papier als Vanbruane haar waarschuwend aankijkt. "Nouja…" zucht de commissaris dan en wuift Barbara weg terwijl ze zelf door naar beneden stoomt.
"Ha, kijk eens wie we daar hebben." Grinnikt Vanneste als hij Barbara ziet binnenkomen. "Fiets kapot vanochtend?" Barbara trekt een gezicht "Nee gejat zeker." Raadt Vanneste vrolijk. "Ik heb mijn fiets op 6 plaatsen vast gemaakt… ik mag toch hopen dat ie er straks nog staat!" glimlacht ze fijntjes. "Ja, Tony is al zonder u weg he." Wijst hij op de lege plaats aan Tony's bureau. "Laat hem kletsen." Roept Tony en komt omhoog vanachter het barretje. "Maar we moeten wel direct gaan nu. Kom mee ik vertel u onderweg wel wat is voorgevallen…" De telefoon van Pasmans rinkelt en Barbara vangt nog net wat van het gesprek op "Ja Carla… ja, die man daar zijn we al een paar keer geweest… wat? Weer dezelfde fietser… het zou een gerichte aanslag op zijn leven kunnen zijn ja… dat is geen toeval meer…" Barbara schudt haar hoofd en loopt dan snel achter Tony aan.
"Dus wat hebben we?" vraagt ze als ze in de auto zitten. "Oh, allereerst een afspraak met de broodjes zaak, wat wil jij hebben?" Barbara glimlacht "Nou… eh… krab, is dat nog in de aanbieding?" Tony grinnikt "Ik denk het wel, hij had twee vaten besteld in plaats van twee bakjes… ha,ha, dat is nog weken in de aanbieding… Dus het wordt krab?" Barbara knikt "En daarna?" vraagt ze nieuwsgierig. "Daarna gaan we naar de haven… een schip is tegen iets opgevaren en in de kant staan bandensporen, dus dikke kans dat daar iemand met zijn wagen het water is in gereden." Barbara rimpelt haar neus, misschien toch maar geen krab denkt ze. Het is altijd weer een heerlijk gezicht als iemand wordt boven gehaald die zelfmoord heeft gepleegd door met zijn auto het kanaal in te rijden. Een absoluut heerlijk gezicht, zeker kort na het ontbijt. Tony lijkt daar altijd vrij weinig last van te hebben en ook dit keer slaat ze weer een groot ontbijt in, zelfs met uitzicht op een opgeblazen drenkeling. "Kom je moet wat eten, anders val je van je graat." Spoort ze Barbara aan als ze hoort dat die het bij een broodje houdt. "Ja," knikt de verkoper "En vandaag is de krab in de aanbieding, twee broodjes voor de prijs van een…" grinnikt hij "Maar da's speciaal voor u he." Voegt hij er met een knipoog aan toe. "Vooruit dan maar." Geeft Barbara toe en legt nog een euro meer op de toonbank, al was het maar voor het broodje, je kunt die man toch niet helemaal arm laten worden en zo duur is hij gewoonlijk al niet met zijn broodjes. Al etende rijden ze naar de haven toe, waar de brandweer ook juist is gearriveerd. Een stel duikers staan zich in hun pakken te hijsen. "Ha, de politie is ook aanwezig?" bromt een potige kerel in brandweeruniform. "Ja, we zijn altijd vroeg op." Glimlacht Tony "Koffie?" biedt de man haar aan, zoals gewoonlijk staat de halve brandweerwagen vol met thermosflessen. Tony vraagt zich wel eens af of ze in de vroege ochtend de branden met koffie blussen. "Daar gaan we dan." Roept een van de duikers in lamlendige poging om grappig te doen. Niemand duikt graag zo vroeg op de ochtend, je wilt toch eerst een beetje wakker worden met een lekker bakje… "koffie?" vraagt de man nu ook aan Barbara "Waarom niet…" mompelt ze en neemt een dampend plastic bekertje aan waarvan ze zich afvraagt of het niet zal smelten van de hitte. De duikers blijven een tijd lang beneden en komen dan boven. "Ja… er zit er een in." roept de ene nadat hij zijn mondstuk heeft uitgedaan. "Takelen maar mannen." Roept een van de wat grotere kerels die met Tony staat te praten. De takelwagen rijdt naar het kanaal toe en het duurt niet lang of een vrij oude Honda wordt boven water getakeld. "Nou je hoeft in ieder geval geen zund te maken van die auto." Mompelt Barbara. "Geen wat?" vraagt Tony "Sund. Dat betekent dat aan die auto niks verloren is." Tony haalt haar schouders op "Wat nog rijdt is goed… en dit reed nog klaarblijkelijk." Ze loopt naar het water toe, waarboven nu de auto in de takels hangt leeg te lopen. Grote hoeveelheden water stromen uit de auto. Die zal in ieder geval niet meer rijden, motor verzopen… Als het grootste gedeelte van het water is weggelopen wordt de auto op de kant getakeld. Barbara ziet het meteen, over het stuur hangt een man, hij heeft zijn gordel niet aan en is daarom helemaal naar voren geschoven tijdens het takelen. Tony wenkt Barbara en opent het portier van de bestuurder. De politiefotograaf komt erbij en maakt wat foto's voor Tony de man wat terug duwt om het gezicht te kunnen zien. De man is over de 50, maar nog niet ver, schat ze in. Zijn gezicht en handen zijn gerimpeld van de tijd dat hij in het water heeft gelegen, maar hij kan er nog niet al te lang inliggen, want hij is nog niet helemaal als een ballon opgeblazen door vrijkomend gas van binnenuit. Een beetje blauw-paars is zijn gezicht en zijn mond is vertrokken in een vreemde soort grimas. "Dood." Concludeert Tony droog. "Nee echt?" vraagt Barbara sarcastisch. "Geen bekend gezicht." Zegt Tony erop doelend dat het dus geen bekende crimineel is waarschijnlijk, tenzij hij niet uit het Gentse komt. "Misschien bekende vingerafdrukken." Hoopt Barbara. "Of misschien heeft hij zijn portemonee bij zich?" hoopt Tony. Ze buigt zich over de man naar een koffertje dat op de andere stoel ligt. Als ze het te pakken heeft legt ze het voorzichtig op de grond. Ze opent het en kijkt teleurgesteld naar Barbara "Had ie nou geen waterdichte tas mee kunnen nemen." Papieren zwemmen in het rond. En Tony ziet meteen dat bepaalde documenten totaal onleesbaar zijn geworden, omdat de inkt is uitgewist. "En dit is vast niet zijn pas." Zegt Barbara terwijl ze een paspoort open gemaakt heeft. Op de foto staat een jonge blonde vrouw, geen twijfel mogelijk of dit is niet de pas van het slachtoffer. "Maar…" zegt Barbara "We kunnen natuurlijk wel proberen om te achterhalen wie zij is en waar ze woont, misschien leidt ze ons wel naar de identiteit van het slachtoffer." Tony knikt, dat had zij ook al bedacht terwijl ze door een agenda heen bladert waar in het meeste helaas is geschreven met de goedkope vulpen die in een doosje in de koffer drijft. Met als gevolg dat het geschrevene totaal onleesbaar is geworden. Hier hebben ze niet zoveel aan, denkt ze, terwijl ze de agenda open op de grond legt om hem toch maar wat te laten drogen. Barbara opent een enveloppe waarin wat foto's aan elkaar zitten gekleefd. "Kijk, de zelfde vrouw." Wijst ze "met een kindje." Voegt Tony daar aan toe. "Zou het zijn dochter zijn?" vraagt ze zich hardop af, de vrouw lijkt wat jong om zijn vrouw te zijn. "En zijn kleinkind?" Barbara haalt haar schouders op, het zou kunnen, denkt ze. "We moeten er achter zien te komen wie het is, dan kunnen we aan de slag, msischien is hij als vermist opgegeven." Ze blijven nog even rondhangen bij de auto en kijken of ze nog iets aparts zien, maar alles lijkt er op te wijzen dat de man vrijwillig het water in is gereden. De patholoog-anatoom zal hen straks misschien wat meer kunnen vertellen, maar Tony verwacht niet al te veel van het onderzoek, en ook het sporenonderzoek zal wel niet al te veel nieuws bregen, het is misschien belangrijker om uit te vinden waarom de man in het water is gereden. "OK, probeer jij uit te vinden waar die vrouw woont?" vraagt Tony, als ze het koffertje helemaal heeft doorzocht op belangrijke documenten. Een paar dingen heeft ze er uit gehaald, die gaan mee naar het commissariaat, dan kunnen ze daarna alsnog op sporen onderzocht worden, maar eerst wil zij kijken of ze er iets aan heeft. Op het commissariaat begint Tony langzaaam door de papieren te bladeren die ze heeft meegenomen, ze wil niks kapot maken, dus ze kan niet erg snel werken. Barbara stort zich op het paspoort. De naam van de vrouw zit in ieder geval niet in de bestanden van criminelen, maar dat had ze ook niet echt verwacht. Toch is er iets verbazingwekkends. De vrouw duikt wel degelijk op in de bestanden van justitie, maar dan niet als crimineel, maar als slachtoffer. De vrouw heeft een rechtzaak aangespannen tegen een man. Barbara print alle informatie uit die ze kan vinden en gaat er eens even voor zitten. De vrouw is getrouwd en heeft een kind van een paar maanden, ze heeft samen met haar man enkele maanden geleden haar vader aangeklaagd en wel voor incest. Barbara trekt even haar wenkbrauwen op, als dat zo is wordt de rede van de zelfmoord misschien wel duidelijk. Als ze er vanuit gaan dat dit de vader van de vrouw was, maar waarom zou die nou weer haar paspoort hebben? Een beetje raadselachtig is het wel. Ze loopt naar Tony toe die moedeloos een verzopen schrift aan de kant legt. "Misschien staat hier wel iets heel belangrijks in." mompelt ze "Jammer alleen dat we het dus niet meer kunnen lezen." Barbara duwt de uitgeprinte informatie onder haar neus. "Ik denk dat we die mevrouw eens een bezoekje moeten gaan brengen." Stelt ze voor. Tony leest vluchtig de eerste bladzijde door "Hmm, interessant." Mompelt ze. "De aangifte is gedaan bij onze collega's… zal ik eens bellen om te zien of ze er nog wat van hebben?" Tony knikt "Doe maar dan lees ik dit even door." Haar ogen gaan snel over de regels. Ulrike de Mol heet de jonge vrouw. Ze is een half jaar geleden getrouwd met Zlatan Kosvitsch, uit het voormalig Yoegeslavie. Het dochtertje, Marlena, is 2 en een halve maand oud. Goed, deze mensen moeten te vinden zijn. Ze heeft haar vader aangeklaagd, wegens incest en eist een schadevergoeding. Het gaat hen niet om het geld, maar ze hebben het nodig om een psychiater voor Ulrike te kunnen bekostigen. Ze leest nog even verder en kijkt naar Barbara, die heeft kennelijk de collega aan de lijn die de zaak heeft behandeld. "Vraag haar maar of ze hier kan komen." Zegt Tony. Ze wil wel eens weten hoe deze zaak is begonnen. Zo te zien is de zaak nog niet in de rechtszaal geweest, hij stond nog op de rol. "Ze komt eraan" zegt Barbara als ze de telefoon neer legt. "Kopje koffie?' vraagt Tony met een glimlach. 
"En ik zweer je, die beschrijving van de fietster en de fiets komen overeen met de vorige keren, het is precies de zelfde. Maar ja, die man kan ook niemand bedenken die hem van zijn leven zou willen beroven, maar je moet toch toegeven, het is toch frappant, steeds dezelfde man en de zelfde fietser." Pasmans loopt enthousiast de hele zaak nog eens samen te vatten voor Raymond, die daar ook wat gestoord van wordt aangezien hij zelf ook bij het gesprek geweest is en dus goed weet wat er gezegd is. "misschien loopt die vent wel steeds in de weg." Oppert Barbara mompelend. "en die fiets die hij omschrijft, ik ken die ergens van." Gaat Pasmans verder "De beschrijving, hij komt me zo bekend voor, misschien is het iemand die we ooit hebben aangehouden voor fietsen in een voetgangersgebied." Hij knijpt zijn ogen toe en gaat peinzend in zijn stoel zitten. "Het is fijn dat je de grote misdaadzaken altijd zo goed onthoudt," grommelt Raymond sarcsastisch. "Raymond, daar moet je niet mee spotten he! Dat is toch heus niet leuk voor die man dat ie steeds ondersteboven gereden wordt, eerdaags belandt ie in de gracht en verzuipt hij." Wijst Pasmans zijn oudere collega terecht. Die schudt kreunend zijn hoofd. En kijkt met een smekende blik naar Barbara en Tony "Hebben jullie nog wat te doen?" Tony schudt haar hoofd. "Nee, wij praten zo even met een collega, die misschien wat kan vertellen over de dochter van ons slachtoffer…" "Die met zijn auto is gaan zwemmen?" vraagt Raymond ter verduidelijking. "Ja, die ja." Knikt Tony en kijkt dan naar de deur waardoor een vrouw van middelbare leeftijd binnenstapt. Een vrouw in politieuniform. "Goedemorgen… middag… tja, ik moest bij Tony en Barbara zijn?" vraagt ze. Tony knikt en wijst op een lege stoel "Schuif erbij" nodigt ze uit. De agente ploft neer op de stoel en rolt totaan Tony's bureau. "Jullie wilden wat weten over die aanklacht van incest van een paar maanden terug?" vraagt ze retorisch, ze weet tenslotte wel waarvoor ze hier is. "Ik herinner me er nog wel wat van… ze is namelijk een week geleden nog eens langs geweest, vandaar. Zat helemaal onder de blauwe plekken het kind…" Tony kijkt haar geinteresseerd aan. "Twee maanden geleden… de precieze datum heb je als je gegevens hebt uitgedraait…" Barbara knikt fanatiek "kwam het meisje bij ons op het bureau. Ze had haar man bij zich en een dochtertje van… een paar dagen oud. Ik denk dat ze echt nog maar net weer uit bed was, zal ik maar zeggen. Ze vroegen naar een vrouwelijke agent, dus ik werd erbij gehaald. De man bleef er de hele tijd bij en spoorde de vrouw steeds aan om dingen te vertellen. Dat… dat ging af en toe vrij ver, woorden in de mond leggen bedoel ik. Zo van… 'hij heeft je toen gedwongen om zijn penis in je mond te doen… toch?' En als ik dan zij dat hij haar moest laten vertellen glimlachtte hij onschuldig… Uiteindelijk heb ik een paar keer geprobeerd om de man even weg te laten gaan, maar dat wilde zij niet. Het leek wel alsof ze bang was dat ze er iets uit zou flappen in zijn afwezigheid. Laten we het zo zeggen… ik vond het allemaal niet erg zuiver. Maar goed, zij kwamen aangifte doen en wilden perse met de zaak naar de rechter. Natuurlijk ontkende de vader toen wij hem lieten komen, hij was geshockt, noemde de man van zijn dochter een vuile oplichter die op zijn geld uit was… geld wat ie trouwens niet heeft, het is maar een arme sukkelaar die zich zijn hele leven heeft rotgewerkt voor een paar rotcenten en zijn dochter ook nog alleen heeft moeten opvoeden. Haar moeder is aan kanker gestorven toen het meisje een jaar of 3 was. Je begrijpt… dat maakte het allemaal niet gemakkelijker. De schoonzoon zei natuurlijk dat zijn schoonvader zijn vrouw had gemist en daarom zich vergrepen had aan zijn dochter. Dan is er ook niemand om dit tegen te spreken, alleen de man zelf… Een behoorlijk drama dus. Uiteindelijk is de zaak dan toch op de rol gekomen. De man zou volgende week voorkomen, hij mocht Gent al niet meer verlaten… nou, dat heeft ie dan nu toch gedaan." Tony knikt "Misschien kon hij het idee van een proces niet verdragen, de schande… misschien was ie bang voor wat er gezegd en ontdekt zou gaan worden… Wie zal het zeggen." Raadt ze. "Wie zal het zeggen." Beaamt de agente "een week geleden was Ulrike weer op het bureau, haar vader was aan de deur geweest, zei ze. Haar man was niet thuis geweest. Haar man was wel degene die haar naar het bureau bracht en die haar dwong met mij te praten. Ze zat onder de blauwe plekken en zei dat haar vader dat gedaan had. Ze vertelde dat hij zijn kleindochter had willen zien… En dat ze hem had gezegd weg te gaan… maar dat hij niet was weg gegaan. Hij had haar geslagen en uiteindelijk had ze de deur weten dicht te krijgen, dan is hij weg gegaan…" Barbara kijkt bedenkelijk "Haar man was weer bij haar?" vraagt ze voor de zekerheid. De agente beaamt dit "Ik kreeg wederom niet de kans om haar alleen te spreken." Zegt ze. "Zoals u het vertelt klinkt het niet alsof u het hele verhaal erg aannemelijk vind" glimlacht Tony, de ondertoon van de vrouw is haar niet ontgaan. "Tja… het zal een gevoel zijn hoor." Geeft die toe "Maar die vader… ik vond hem niet het type… ach, ik weet het het zijn vaak de mensen die je het minst verwacht. Maar ook het feit dat dat meisje zo onder de plak zat. Serieus ze keek bij alles wat ze zei afwachtend naar haar man… angstig haast. Ik kreeg echt bijna het idee dat… nouja, ik zou dit natuurlijk niet moeten zeggen… maar goed, dat hij haar zelf had afgerost om een verhaal te kunnen maken." Tony kijkt naar de foto van de vrouw met haar baby "U bedoelt dat de vader helemaal niet aan de deur is geweest?" De agente glimlacht "Neu… ik denk dat hij wel degelijk is langs geweest. Want toen we hem daarop aanspraken gaf hij toe daar geweest te zijn. Hij gaf toe dat er ruzie was geweest, maar niet met zijn dochter… met zijn schoonzoon en hij heeft zijn dochter met zijn vinger aangeraakt… zegt hij. De schoonzoon blijft bij zijn verhaal, zijn dochter ook… dus tja, wie zal het zeggen." Tony kijkt op "Hebben jullie in de buurt gevraagd?" vraagt ze "De vader beloofde niet meer langs te zullen gaan, in ieder geval toch niet tot aan het proces en de dochter en haar man namen daar genoegen mee, voor ons was de zaak klaar… Ik kreeg het idee dat de vader de zaak graag zo gesust zag, hij leek zich zorgen te maken om zijn dochter… tenminste, dat idee kreeg ik. Hij zei tegen me dat als we nog dieper zouden gaan graven dat voor Ulrike niet goed zou zijn en we de zaak maar moesten laten rusten… En ook zijn dochter vond dat de zaak hiermee afgedaan was… dus…" Tony knikt bedachtzaam "Ik wil eens in die buurt gaan horen." Zegt ze resoluut "Zoals u het vertelt lijkt me dat die dochter en de vader meer het slachtoffer zijn van die schoonzoon… Bedankt voor je komst, je hebt ons echt geholpen." De agente schudt haar de hand met een vriendelijk 'graag gedaan' vertrekt ze weer naar haar eigen bureau. "Daarbij… hoe komt die vader aan het paspoort van zijn dochter." Voegt Tony aan haar hardop uitgesproken gedachten toe "Als hij niet verder is gekomen dan de deur kan hij het haar niet af genomen hebben, zou hij inbreken 's nachts… zonder dat de schoonzoon het merkt, dat lijkt me niet aannemelijk, of… heeft zij het hem zelf gegeven en liegt ze bij de politie. Hoe komt hij aan die foto? Zelfde verhaal. Als zij en haar man zo op bezoek van hem tegen zijn geven ze hem toch ook geen foto… heeft hij die zelf gemaakt… heeft zij hem gegeven?" Barbara kijkt naar de foto en naar het paspoort, onderwerp van Tony's gepeins. "Kom" zegt die en trekt haar blouse aan. Ze lopen net het lokaal uit op het moment dat Pasmans en Raymond de gang in komen. "Ik wist het!" roept Pasmans triomfantelijk, "Ik wist dat ik die fiets eerder gezien had." Hij wendt zich tot Tony, die nog niet doodverveeld is met elk detail van de fietszaak. "Zijn we op zoek naar een sportfiets die geschilderd is in allerlei gekleurde streepjes en dan staat ie gewoon hier bij het commissariaat… Ha, hoeven we alleen maar te wachten tot iemand hem op komt halen!" Tony klopt Pasmans op zijn schouder "Briljant Pasmans, wat zou de politiemacht zonder jou moeten beginnen…" Pasmans rent verder "Rustig een sandwich eten?" oppert Raymond als antwoord op Tony's vraag. In het lokaal sleept Pasmans met stoelen, zodat hij vanuit het lokaal uitzicht heeft op de fiets, hij moet daarvoor wel vervaarlijk uit het raam gaan hangen, maar goed… de crimineel zal niet ontsnappen. Tony schudt haar hoofd en loopt achter Barbara aan die even verder op staat te wachten. Ze is zo bezig met haar papieren dat haar Barbara's diepongelukkige blik op Pasmans volledig ontgaat. 
"43… de Kosvitschen wonen op 45, dus we zitten goed." Wijst Barbara en belt aan bij de voordeur. Een hoogblonde dame zwaait de deur open, ze ratelt in een mobieltje dat ze tussen haar wang en schouder in heeft geklemd en trekt haar wenkbrauwen even op als Barbara haar penning in haar neus duwt. Vragend kijkt ze haar aan. "Ja?" snauwt ze en ratelt dan weer verder. Barbara kijkt Tony aan en die trekt haar wenkbrauwen even op. "Tony Dierckx en Barbara Volkar, politie Gent. Kunnen wij even binnenkomen?" vraagt ze onverstoorbaar. De vrouw kijkt haar aan "W'rom?" snauwt ze "We willen wat vragen over de buren." Legt Tony uit en wijst op het huis naast haar. De vrouw ratelt door tegen de gene aan de andere kant van haar lijn, ongetwijfeld haar zus of vriendin ofzo en wenkt hen achter haar aan te komen. Ze wringen zich het nauwe gangetje door naar een kleine huiskamer die afgeladen vol staat met grote donkere meubelen. Het ruikt er muf en als Barbara op een bank neer ploft vliegen de stofdeeltjes als hinderlijke vliegjes in het zonlicht. "Ja." Snauwt de vrouw als ze haar mobieltje dichtklapt en bij de dames in de kamer gaat zitten. "Wat is er nou weer met ze aan de hand? Het gaat toch niet om die Yoegeslaaf hé, die heeft een verblijfsvergunning hoor. Geloof me… wij hebben dat ook al uit gezocht…" Tony lacht geamuseerd om de blik de die vrouw daar bij geeft "Waarom, als ik vragen mag?" De vrouw zucht "Je hebt geen dag rust met die vent naast je. Als hij niet in zijn tuin aan het herrieën is met zijn motor of een radio dan slaat ie zijn vrouw verrot zodat ze de hele buurt bij mekaar krijst… en als die twee dan eindelijk stil zijn begint die kleine te janken! Geen moment rust… ik zeg het je." Tony's oren zijn gespitst als twee radarschotels "Hij slaat zijn vrouw?" vraagt ze. De vrouw knikt "Ja, ik heb er geen moeite mee om dat te zeggen hoor. Ik mag die man niet, vuile creep. En dan hoe ze met die vader omgaan, ocharme. Meneer de Mol, hij woonde altijd hier met Ulrike. Hij heeft zijn huisje afgestaan voor haar en zijn schoonzoon, ook al zag hij toen al dat die jongen niet deugde en wat krijgt hij in ruil… Hij mag er niet eens meer binnen… en zeggen dat ze hem ook nog van incest hebben beschuldigt… Nou vraag ik je… Nouja, dat laatste heb ik ook maar pas ergens opgevangen hoor, dus ik weet niet of dat echt zo is, er wordt nogal gekletst in deze buurt, snap je. Maar incest, kom nou, meneer de Mol een geweldig vader was hij, alles voor zijn kleine meid… Ulrike, ze is zo verandert, het is een spook geworden, het was zo'n leuk, mooi kind… Ik ken haar al vanaf haar geboorte… haar moeder was een heel leuk mens, een hele fijne buurvrouw…" Het lijkt alsof de vrouw gewoon gewacht heeft tot ze zullen komen, in een klap lijkt ze alle vermoedens te bevestigen. "en haar vader?" vraagt Tony voorzichtig "hoe nam die de beschuldiging op?" De vrouw schudt haar hoofd. "Hij is hier pas nog geweest… de arme man… Hij was er kapot van. Maar ze is helemaal in de macht van die vent van d'r… Weetje…ja, ik zou 't eigenlijk niet moeten zeggen, want ik weet niet of het waar is… maar Bert zei dat Zlatan Ulrike en het kind mee wil nemen naar Yoegoslavië. Ulrike wil dat niet, maar ze durft hem dat niet te zeggen. Bang dat hij slaat zeker… Ik hoor haar zo vaak schreeuwen, als ik haar er naar vraag zegt ze dat het niets is… gevallen. Bert vroeg me de politie erbuiten te laten… Hij is bang dat Zlatan zijn Ulrike echt wat ergs gaat aan doen als wij er de politie bij halen. Hij draait nog liever zelf de bak in voor die zogenaamde incest dan dat ie 't risico neemt dat hij haar wat aan doet." Tony knikt begrijpend "Een week geleden is hij toegekomen, is dat correct? Weet u iets van dat bezoek…?" De buurvrouw knikt "Ja, daarna is hij hier bij mij geweest, ik heb z'n wonden verzorgd… Zlatan had 'm bont en blauw geslagen." Barbara trekt haar wenkbrauwen op "Pardon?" vraagt ze "Zlatan heeft Ulrikes vader geslagen?!" De buurvrouw knikt "Ja… Bert was 's morgens toe gekomen, Zlatan gaat 's morgens werken in de haven. Hij wil niet dat Ulrike nog contact heeft met haar vader, maar Bert wilde toch proberen om nog es te praten met haar. Dus hij ging er heen en ze liet hem binnen. Ze hebben dan een tijd gepraat en Bert heeft zijn kleindochter gezien… en dan is Zlatan eerder thuisgekomen van zijn werk. Ja, 't zal nie druk zijn geweest met werk in de havens, ik weet ook niet. Hij was eerder thuis dan gewoonlijk. En toen… hij was kwaad natuurlijk en ze zijn beginnen ruzie maken en dan heeft hij Bert geslagen. Bert is dan hier gekomen en daarna weg gereden. Ik heb Ulrike later nog gezien, ze was helemaal bont en blauw ook… Zlatan was zeker kwaad?" Tony zucht "En u heeft zich verder nooit ermee bemoeit?" De buurvrouw schudt haar hoofd. 
"Ik wil wel eens met die Ulrike spreken, alleen…" zegt Tony als ze weer buiten staat. "Dat paspoort, hoe komt hij daaraan, zou Ulrike 'm dat gegeven hebben?" vraagt Barbara zich hardop af. "Om te voorkomen dat haar man haar mee kon nemen naar 
Yoegoslavië?" Tony haalt haar schouders op. "Misschien, maar laten we eerlijk zijn, je komt toch een heel eind richting Yoegoslavië zonder paspoort en hij kan toch gemakkelijk weer een nieuw aanvragen… Misschien wilde ze zelf vluchten?" Barbara trekt een gezicht "En dan geeft ze haar paspoort aan haar vader?" Tony loopt het tuinpad van nummer 43 af. "Zodat Zlatan het niet kan verstoppen en haar niet hier kan houden… misschien zou haar vader haar naar het vliegveld brengen?" Barbara maakt een gerinschattend geluid "En haar ticket… bewaarde ze wel zelf?" Ze belt aan "We nemen die Ulrike mee naar het bureau." Stelt Tony voor "En dan zoeken we uit waar die vader nu woont, dan kunnen we het huis doorzoeken… Wie weet of we nog wat interessants vinden." De deur gaat open en een magere jonge vrouw staat met een baby op haar arm in de deuropening. Op haar huid schemeren blauwe plekken, verder is haar huid ongezond wit alsof ze nauwelijks buiten de deur komt. "Ulrike…? Tony Dierckx, Barbara Volkar… politie Gent, mogen wij even binnen komen?" 

"OK, natuurlijk dokter… nee, ik kom het direct ophalen…" Tony legt de telefoon neer en kijkt naar Barbara die Ulrike wat laat drinken. De vrouw was erg overstuur geraakt toen zij haar hadden verteld dat haar vader dood was. Na wat happen naar lucht, als een visje op het drogen, was ze uitgebarsten in een onbedaarlijke huilbui en Barbara had weinig succesvol geprobeerd om haar ietwat te troosten. "Ik moet naar de pataloog." Zegt Tony zacht… "Mevrouw de Mol… zou u misschien met ons mee willen komen om uw vader officieel te identificeren… als u wilt kan ook iemand anders dat doen hoor, een familielid, vrienden…" Ulrike, nu eindelijk wat bedaard, snikt zachtjes "Nee… ik wil 't zelf doen. Maar wat moet ik met Marlena?" Tony kijkt naar het babietje dat rustig ligt te slapen. "Misschien wil de buurvrouw op haar passen?" stelt ze voor. Ulrike kijkt naar haar handen "Da kan niet, Zlatan mag haar niet, hij zal kwaad worden. En ik wil haar ook niet hier laten, ik wil niet dat Marlena alleen is met Zlatan, dat…" ze stokt even en kijkt op "Ik kan haar toch meenemen?" vraagt ze. Tony knikt, ze ziet dat ook als enige goede oplossing. "Vooruit, laten we voortmaken dan…" Ulrike knikt en pakt wat dingen bij elkaar in een tas, dan volgt ze, met betraand gezicht de twee agenten. Op de stoep komen ze de buurvrouw tegen. "Maar Ulrike… wat is er?" vraagt die wat verbaasd om de tranen. " 't Is ons vader… ze hebben 'm gevonden in de haven…zelfmoord… hij is dood…" fluistert ze. "en 't is allemaal mijn schuld." Voegt ze daar verstikt aan toe. De buurvrouw stapt door haar pas geharkte tuintje en slaat een arm om Ulrike heen. "Maar meiske, zo moet je toch niet denken…" troost ze haar buurmeisje. Tony kijkt Barbara aan. De buurvrouw is een vreemd geval. Zo hoog geblondeerd, maar toch doorziet ze de situatie. Hoewel ieder ander Ulrike, die bij die man blijft, de schuld zou geven blijft de buurvrouw vriendelijk. Die dame is werkelijk goud waard. "Zal 'k op de kleine passen?" vraagt ze Ulrike na een tijdje. Die schudt haar hoofd "Nee, 'k neem ons Marlena mee… Ik zal nie lang weg zijn." De buurvrouw aait nog eens over Ulrikes wang "Ik weet dat je't geprobeerd hebt." Zegt ze snel. "Ze is als een moeder voor me." Zegt Ulrike in de auto over haar buurvrouw "Nadat ons ma was gestorven heeft ons pa altijd voor mij gezorgd, maar als hij eens ergens heen moest dan was ik bij de buren, ze hebben een dochter van mijn leeftijd en een zoon… ietskes ouder, zij zijn als een broer en zus…" ze zwijgt even "Maar die mag'k niet meer zien van Zlatan." Voegt ze er fluisterend aan toe. Ze kijkt op als Tony achterom kijkt "Hij is niet altijd zo geweest… mijne man. Zlatan was liever, echter waar… maar sinds dat Marlena geboren is…" Alsof ze dit niet had mogen zeggen houdt ze weer op. Tony zucht, als ze dat meisje alleen maar eens een keer alleen hadden kunnen verhoren was dit waarschijnlijk allemaal niet gebeurd, waagt ze te denken. Ze zullen niet hard hoeven aan te dringen om Ulrike het ware verhaal te laten vertellen. 
"Komt u maar mee." De pataloog-anatoom draait de deur open en gaat hen voor naar een lijk met een laken erover. "Klaar?" vraagt hij rustig als ze opgesteld staan aan het bed. Ulrike knikt en de pataloog slaat voorzichtig het laken een stukje terug. Ulrike kijkt geschokt naar het lijk en slaat haar hand voor haar mond. "Pa…" fluistert ze zacht "Pa… hoe…" Ze doet een stap naar voren en aait haar vader over zijn voorhoofd, gepeinigd kijkt ze naar het gezicht van haar vader "Pa… het spijt mij zo." Fluistert ze "Het spijt mij zo…" De pataloog stapt de kamer uit en laat Barbara even met Ulrike en haar vader achter. Hij loopt naar Tony die op de gang staat te wachten met Marlena. "Ik moet u even wat laten zien." Zegt hij en wenkt haar mee zijn kantoor in. Hij opent een mapje en laat haar verschillende foto's zien. "Hij zat onder de blauwe plekken… oude, maar ook… recente. Hij heeft die klappen gekregen niet lang voor hij is gestorven." Zegt hij. "En nog belangrijker…" Hij wijst op een foto van het hoofd en de nek… Tony kijkt aandachtig. Toen zij de man gezien had had hij een jas met een hoge kraag en een sjaal aangehad, maar uitgekleed kon je duidelijk zien dat hij een slag in zijn nek had gehad. "Hij is verdronken…" zegt de pathaloog, "maar die slag in zijn nek heeft hem knock-out gekregen, dat is zeker… Ik waag te betwijfelen of hij zelfs bij kennis is geweest toen hij te water raakte. Ik zou verwachten dat wat meer schade te zien… een man in verdrinkingsnood gaat haast automatisch om zich heen slaan…" Tony knijpt haar ogen tot spleetjes. "Hij is knock-out geslagen en daarna in zijn auto gezet… daarna is de auto te water geraakt…" ze herhaalt het allemaal bedachtzaam voor zichzelf. "Ik kan niets van dat met zekerheid zeggen… maar ik heb het gevoel dat die man niet bij kennis was en dus niet zelf het water in is gereden." Zegt de patholoog "Vandaar dat ik wilde dat u kwam kijken." Tony weet dat de patholoog zijn boekje enigszins te buiten gaat, hij wordt niet geacht zulke conclusies te trekken, hij hoort slechts de feiten aan te leveren, maar deze keer heeft hij absoluut gelijk wat haar betreft. Bert de Mol is niet zomaar het water in gereden. En ze denkt ook dat ze niet al te ver hoeft te zoeken naar de dader van deze slordig opgezette moord. Maar goed… dan moeten er wel eerst bewijzen zijn.

"Hier is het… denk ik." Wijst Ben en kijkt naar het huisnummer. "Gordijnen dicht… post uit de brievenbus… je zou het denken ja." Glimlacht Sellatin en grijpt zijn sleutelbos alvast. "Die man had geen sleutels bij?" vraagt Ben. Sellatin trekt een gezicht en schudt zijn hoofd. "Niet dat ik weet, misshcien in de auto… misschien zijn ze weg gedreven naar ergens in de auto waar ze ze nog niet gevonden hebben?" Met wat handigheid opent hij de deur en ze stappen over een paar reclamekrantjes heen naar binnen. "Dat is alleen maar van vanmorgen." Wijst Sellatin. De man lag ook niet al te lang in het water heeft hij van Tony gehoord, dus dat kan wel kloppen. Ze lopen verder naar de kamer en blijven daar even staan. "We zijn niet de eerste…" mompelt Ben met de deurknop nog in zijn hand. De kamer van Bert de Mol is helemaal overhoop gehaald. Laatjes van de kast staan open en er ligt meer materiaal op de grond dan op tafel en in de kast. De laden zijn overduidelijk gewoon leeg gekiept op de grond en daarna is de inhoud doorzocht. Sellatin pakt zijn mobiel en typt een nummer in "Ha… Tony, met Sel hier… zeg luister eens, wij zijn niet de eersten hier, de hele huiskamer van die man is overhoop gehaald…" Ben is ondertussen de trap opgelopen en roept naar beneden dat de bovenverdieping ook een puinhoop is. In het kleine keukentje ligt ook niets meer op zijn plaats. Sellatin luistert met een lachje naar Tony's gevloek. "Ikweet niet of hij of zij gevonden heeft wat ie zocht… geen flauw idee, maar het is hier in ieder geval een grote zooi… Tja… dat weet ik ook niet… misschien wel…" Ben komt beneden en kijkt hoofdschuddend wat rond tot Sellatin het telefoontje afrond. "Kom maar mee, we rijden binnen." Wenkt hij Ben. "Tony denkt dat als er al enig bruikbaar materiaal tussen heeft gezeten hij het al lang heeft mee genomen… en dat lijkt me geen rare gedachte." Ze draaien de deur weer op slot en rijden op hun motors naar het commissariaat. "Waar's Tony?" vraagt Sellatin als hij boven Pasmans tegen het lijf loopt. "Die is met Barbara die vrouw aan het verhoren." Pasmans wijst op verhoor 2. Sellatin knikt en klopt op de deur. Tony kijkt op als hij binnenkomt en hoofdbeweging naar de gang maakt. Ze knikt en stapt met hem de gang op. "Alles overhoop?" vraagt ze. Hij knikt "Die man… hebben jullie enige bewijzen dat hij haar gedwongen…" Tony sluit even haar ogen "Als wij haar beschermen wil ze wel een verklaring afleggen. Ze zegt dat ze Zlatan heeft leren kennen toen zij 22 was… hij was toen 24 en al enkele jaren in België. Hij was lief, vriendelijk… zelfs haar vader vond hem OK, zegt ze. Als is hij wel vanaf het begin af aan wat voorzichtig geweest met Zlatan. Ze zijn dan een jaar of wat met elkaar uit gegaan en na dat jaar raakte ze… ongewenst… zwanger. Vanaf dat moment gaat het fout. Haar vader vindt dat ze niet bij elkaar moeten gaan wonen zomaar, voor de baby, dat ze er goed over na moeten denken. Zlatan wordt boos, zegt dat zijn die ouwe hem niet vertrouwd, wil met haar trouwen en samen een gezin stichten. Hij praat op haar in met 'we moeten dit samen doen… het is toch het kind van ons beiden en OK, ik had het ook liever later gedaan… maar nu is het nu eenmaal zo'. Nouja, je kent het. Uiteindelijk trouwen ze. Vader weet zich verder geen raad en omdat hij niet in een huis wil wonen met Zlatan, maar wel wil dat zijn dochter in een redelijk huis woont met haar baby laat hij hen in zijn huis wonen en vertrekt zelf uit zijn geliefde buurt. De buren zijn dus al vanaf het begin niet blij met Zlatan, ze mochten Bert de Mol graag. Naarmate de zwangerschap volgt gaat het steeds slechter met die Zlatan. Hij heeft geen werk, maar hij wil wel goed voor zijn kind kunnen zorgen en dus raakt hij betrokken bij allerlei louche handeltjes. Hij is vaak in het café en komt dan dronken thuis. Ulrike weet niet goed wat ze moet doen. Als hij dronken is zitten zijn handjes nogal los en is hij aggressief. Eerst komt dat niet verder dan een paar vechtpartijtjes in het café en een met een buur… daar is de wijkagent bijgeroepen en het is dan verder gesust. Maar later gaat hij haar ook slaan. Zij is dan al hoogzwanger en ziet geen andere uitweg dan hiermee doorgaan. Ze denkt dat hij wel wat zal afkoelen als het kind er is, dan kan hij zich tenslotte bezighouden met z'n taak als vader en dan zal hij wel rustiger worden. Hij slaat haar een keer zo hard dat ze bijna haar baby kwijt is, ze komt in het ziekenhuis, maar zegt daar dat ze van de trap is gevallen. Er wordt geen aangifte gedaan en ze wordt weer naar huis gestuurd. Tegen het einde van de zwangerschap is Ulrike een paar weken bij de buren in huis, zodat de buurvrouw voor haar kan zorgen. Maar als die wat van Zlatans' gedrag zegt krijgt Zlatan een handgemeen met de zoon van de buurvrouw en wordt Ulrike verboden om nog contact te zoeken met de buurvrouw. Ulrike bevalt… en het gedrag wordt er niet minder van. Hij slaat haar nog steeds en gaat veel te ruw met de baby om. Ulrike is ontzettend bang… ze wil Marlena geen minuut met hem alleen laten…" legt Tony in een razend tempo uit. "En hoe past Bert hier verder in?" Tony snuift "geld… en macht denk ik. Kijk… Bert wist dat het niet goed ging. Maar vanaf het moment dat hij tegen het huwelijk was heeft Zlatan Ulrike opgestookt tegen haar vader. Het geven van dat huis was van hem een verzoenend gebaar, Zlatan legt dat uit als een poging om hen te lijmen. Zo wordt alles wat hij doet anders uit gelegd. Ulrike blijft van haar vader houden en probeert af en toe in 't geheim contact met hem te hebben als Zlatan op zijn werk is. Net voor de bevalling komt Zlatan met het 'incest' idee. Hij wil geld zien van haar vader en hij heeft een heel plan. Onder zware druk doet Ulrike aangifte. Na de geboorte van Marlena komt Bert nog een paar keer wanneer Zlatan er niet is. Hij spreekt met zijn dochter over de incest aangifte, hoe kan zij hem dit aandoen. Huilend vertelt Ulrike hem dat ze niet anders kan, dat Zlatan heeft gedreigd Marlena wat aan te doen als ze niet mee werkt… en ze is er vast van overtuigd dat Zlatan haar overal kan vinden. Op een dag… en dat was vorige week, komt Bert aan de deur, hij heeft een idee. Hij heeft voor hem, zijn dochter en kleindochter een ticket gekocht. Een zus van hem woont in Canada en Ulrike kan een tijdje daar blijven, hij zal zelf meevliegen. Dit heeft hem al zijn laatste spaarcenten gekost, maar daar doet hij het voor. Hij zal Ulrike ophalen en ze zullen langs het politiebureau gaan waar Ulrike de verklaring over de incest intrekt en dan zullen ze direct doorgaan naar het vliegveld. Ulrike geeft hem haar paspoort zodat Zlatan het plan niet kan dwarsbomen mocht hij eventueel er achter komen. Zodat ze eventueel midden in de nacht zou kunnen vluchten mocht het nodig zijn, in haar pyama. Op dat moment komt Zlatan thuis… eerder thuis van zijn werk en er ontstaat weer een grote ruzie. Zlatan slaat Bert buiten, die gaat zijn wonden likken bij de buurvrouw… dat laatste weten we van de buurvrouw… En dat is het laatste wat Ulrike ervan gehoord heeft… Ze is doodsbang, zij denkt ook dat Zlatan erachter is gekomen en Bert heeft aangepakt…Hij is vannacht niet thuis geweest zegt ze en zij durft nu niet meer terug naar huis." Sellatin zucht "Genoeg reden om hem aan te houden dus, met zo'n verklaring… Zou hij naar het ticket hebben gezocht, of naar het paspoort?" Tony haalt haar schouders op "Reden genoeg," geeft ze toe "maar goed, waar zit hij. Ik heb geen idee, jij?" Sellatin maakt een gebaar, ook hij heeft geen idee waar de man uit kan hangen. "Misschien die-eh… Ulrike eens vragen naar vrienden ofzo…" stelt hij voor. "Goed…" Tony verwacht niet de Ulrike hen zal kunnen helpen, het lijkt alsof ze helemaal niet weet waarof haar man overdag uithangt. "Tony!" Raymond roept vanuit het lokaal. Tony loopt naar hem toe en hij wijst op de hoorn. "Carla meldt dat er iemand naar de buurvrouw van Ulrike de Mol toe moet… iemand heeft ingebroken en haar bedreigd." Hij kijkt haar afwachtend aan en Tony slaat wat geschokt haar hand voor haar mond. "Oh shit…" fluistert ze. "Kom mee… snel." Wenkt ze. "Pasmans… kom…" Raymond loopt achter Tony aan, maar houdt zijn pas in als hij ziet dat Pasmans niet bij het raam weg komt. "Pasmans! Laat die fiets toch, er is een vrouw aangevallen." Roept hij boos uit. "Maar Raymond, dan kan dat stuk krapuul er vandoor gaan als wij weg zijn." Wijst Pasmans verontwaardigd. Raymond slaat met zijn vlakke hand tegen zijn voorhoofd en kijkt Pasmans vermoeid aan. "Pasmans…" kreunt hij. Nog even twijfelt hij, maar dan volgt hij Raymond maar. Sellatin en Ben rennen achter Tony aan het commissariaat uit en springen op hun motor. Tony die Barbara heeft achtergelaten in de verhoorkamer met Ulrike, scheurt met zwaailicht op de jeep naar de straat. Nog voor ze heeft aangebeld zwaait een jongeman de deur open. "Kom maar… Mijn moeder zit in de kamer." Zegt hij zacht. "Waar is hij heen? Is hij al lang weg?" vraagt Tony gehaast. "Ik kwam binnen en ik heb 'm het huis uit gewerkt. Hij is die kant op gegaan… te voet… ik heb jullie direct gebeld, dus hij is nog niet lang weg." Wijst de jongen. Snel geeft Tony haar instructies aan Ben en Sellatin die er op hun motors vandoor scheuren. Raymond en Pasmans volgen Tony naar binnen. "Ik kwam toevallig toe, omdat ons mam me had gebeld over de dood van Bert…" zucht de jongen. "Net als ik de deur open deed hoorde ik mijn moeder in de kamer, ze probeerde te gillen… Ik rende er naar toe en toen zag ik hem. Hij was alles aan het doorzoeken, het was een grote puinzooi. En ma had hij vastgebonden op 'ne stoel daar, met 'n prop in haar mond. Hij heeft haar geslagen… en geschopt. Ik heb 'm direct het huis uitgeschopt…" Als een bibberend bang vogeltje zit de buurvrouw op haar bank, met een kopje thee in haar hand. Met tranen in haar ogen kijkt ze op. "Hij…" bibbert ze "Hij… ik deed de deur open en opeens kwam hij binnen…" Tony gaat rustig naast haar zitten terwijl Pasmans en Raymond het huis rond kijken. "Kunt u vertellen wat hij zocht." De buurvrouw staart naar haar theekopje en knikt dan voorzichtig. Uit een wond bij haar oog sijpelt wat bloed. "U moet naar het ziekenhuis." Zegt Tony als ze dat ziet. "Hij zocht Ulrikes' paspoort en het vliegticket…" zegt de vrouw zacht. "De ticket?" De vrouw kijkt op en knikt "Hij schreeuwde dat Bert 'm verteld had dat hij met Ulrike het land uit zou gaan… maar bij Bert in huis had ie de ticket en het paspoort niet kunnen vinden, vandaar dat hij hier zocht… Hij… hij riep dat ik moest zeggen waar ze lagen, anders zou het met mij net zo aflopen als met Bert zei hij… Ik vroeg hem of hij Bert wat had aangedaan… hij lachtte… en zei zo iets van 'die ouwe is uitgezeurd'. En dan kwam Toine gelukkig binnen…" Tony slaakt een diepe zucht "Het spijt me echt mevrouw… we gaan hem oppakken… Heeft u enig idee waar hij heen zou kunnen zijn gegaan?" Ze schudt haar hoofd, maar kijkt dan nadenkend op "Ik heb 'm ooit eens zien buiten komen uit een café, daar heeft hij vrienden… misschien is hij vrienden gaan halen om hem te helpen?" oppert ze. Tony knikt, dat zou natuurlijk best kunnen. Blij met het aanknopingspunt schrijft ze de naam van het café op en belt naar Sellatin om het door te geven. Dan helpt ze de buurvrouw voorzichtig overeind en begeleid haar naar Toines' auto die met haar naar het ziekenhuis wil rijden. Hoofdschuddend kijkt ze de auto na en loopt dan naar haar auto. Laat Raymond en Pasmans hier maar verder wachten of dat Zlatan misschien nog terug komt. Als ze terug is op het commissariaat komt Vanbruane haar in de gang al tegemoet. "Wat hoor ik…" begint ze. Kort legt Tony haar uit hoe de zaak ervoor staat en overlegt net wat nu te doen als haar mobieltje begint te piepen. "Tony…" Het is Sellatin "We brengen hem binnen..." Op de achtergrond hoort ze gevloek en getier en Pasmans die enthousiast wat rechten loopt te schreeuwen tegen zijn arrestant. "We vonden hem ergens op weg naar dat café waar je het over had. Hij ging zich moed indrinken zeker?" Tony haalt opgelucht adem en knikt naar Vanbruane. "Breng hem maar binnen Sel, we staan te springen om eens een goed gesprek te hebben met die gast." 

"Pasmans… ik ga geen overuren maken om te zien wie er naar die fiets komt." Snauwt Raymond als hij zijn laatste blaadje in een dossiermap schuift. "Maar Raymond… dan ontkomt ie weer…" piept Pasmans ongelukkig. Raymond schudt zuchtend zijn hoofd. "Zo, wij zijn ook klaar." Zegt Tony blij, met een klap slaat ze haar mapje dicht en laat haar handen op haar benen neerkomen. Ze is blij dat de zaak is opgelost. Zlatan is overgebracht naar de Nieuwe Wandeling en zal daar voorlopig ook nog wel even blijven zitten. Hij had met Ulrike naar Yoegoslavië op vakantie willen gaan tot aan het proces voor de incestzaak… om haar weg te houden bij haar vader. Hij had nog een tijd lang volgehouden dat hij het voor Ulrike deed, dat hij bezorgd was om haar, dat hij bang was dat haar vader wat zou aan doen. Maar uiteindelijk was hij toch tot inkeer gekomen en besloot de waarheid te vertellen en vertelde het toen op een toon alsof hij genoot van de aandacht die hij van de dames kreeg. Hij had haar willen weghouden bij haar vader, maar had haar paspoort niet kunnen vinden. Toen hij haar daarnaar vroeg antwoordde ze heel ontwijkend. Hij werd achterdochtig, herinnerde zich het bezoek van haar vader en ging naar Bert toe om het paspoort terug te eisen. Bert zei dat hij het niet had en het was wederom tot een handgemeen gekomen toen ze ruzie kregen over Ulrike en de hele incestzaak. Zlatan had flink op Bert ingeslagen, maar Bert vocht dit keer terug. Uiteindelijk had Zlatan een kandelaar van de kast genomen en Bert daarmee op zijn achterhoofd getimmerd toen hij al op de grond lag en weer op probeerde te krabbelen. Toen hij zag dat Bert niet meer bewoog en niet meer leek te ademen raakte hij in paniek. Hij sleepte Bert naar zijn auto en gooide zijn koffer bij hem op de stoel. Daarna reed hij de auto naar de haven, die dichtbij het huis van Bert is en zette daar Bert op de bestuurdersstoel met de koffer naast hem. Het moest een zelfmoord lijken, wat in verband met die incestzaak toch best kon kloppen in zijn redenering. Hij duwde de auto het water in en ging zelf terug naar Berts' huis om daar naar het paspoort te zoeken. Toen hij het daar niet vond bedacht hij dat het misschien bij de buurvrouw zou zijn. Na het ongelukje met Bert wilde hij zo snel mogelijk met Ulrike het land uit, maar ook bij de buurvrouw kon hij de pas niet gevonden krijgen voor de buurjongen binnen kwam. Hij kwam pas tot de ontdekking dat zijn vrouw bij de politie was toen hij daar zelf aan kwam. Hoofdschuddend kijkt Tony naar haar kopje thee. Wat een verhaal. Die arme Ulrike, gelukkig dat ze zo'n goede buurvrouw heeft, denkt Tony en kijkt naar Barbara die af en toe steels een blik werpt op Pasmans die kennelijk niet van plan is om van het raam weg te gaan. "We zijn klaar. Zullen we gaan?" stelt Tony haar voor. "Eh…" ze ziet hoe Barbara twijfelt "Ik moet nog even een paar PV's tikken… ik wil dat nu doen…" wijst Barbara. Tony haalt haar schouders op "Ok… nou, ik ga naar huis, dan zie ik Vera en Thomas ook nog eens." Glimlacht ze en zwaait haar jas over haar schouder. "Blijf je nog lang werken?" vraagt Pasmans. Barbara kijkt hem aan "Nog wel even hoezo?" Pasmans draait zich om naar Raymond "Je kunt gaan Raymond, ik blijf nog hier en als die kerel bij zijn fiets komt kan ik altijd Barbara vragen mee naar beneden te gaan." Raymond glimlacht opgelucht en steekt zijn duim op naar Barbara. "Ik bedoel… hij zal nou toch wel eens toekomen." Mompelt Pasmans. Na een paar uur sluit Barbara zuchtend haar computer af. "Pasmans, als ik ga… ga je dan ook?" stelt ze voor. Pasmans lijkt even te twijfelen, maar zwicht uiteindelijk. Hij heeft ook geen idee om hier de hele nacht nog in zijn eentje te zitten. "Misschien woont die knul hier ergens." Denkt hij hardop. "Misschien" zegt Barbara. Ze loopt met Pasmans naar beneden, op de stoep twijfelt ze even. "Tot morgen." Zegt ze en begint te wandelen. "He, ben jij niet altijd op de fiets?" vraagt Pasmans haar verbaasd. "Nee… eh… vanochtend niet, mijn band… kapot." Stamelt Barbara, ze is blij dat hij haar in het vage licht van de straatlantaarns niet kan zien dat ze begint te blozen. "Vervelend." Zegt hij en wandelt dan weg. Snel rent Barbara terug naar haar fiets en maakt het slot los. Ze heeft net alle kettingen in haar tas gestopt als ze iemand op haar rug voelt tikken. Geschrokken draait ze zich om. "Ik wist opeens weer dat je vanochtend zei dat je je fiets goed had vast gelegd aan de ketting… Je loog dus toen je zei dat je band kapot was en dan is er maar een rede te bedenken…" Pasmans kijkt haar triomfantelijk aan en Barbara laat een zucht ontsnappen. "Wat nu?" vraagt ze. "Nu? Ik ga eerst naar huis en dan kijken we morgen wel weer… je zult wel naar de rechter moeten." Zegt Pasmans doodsimpel. Barbara trekt een gezicht "En je fiets zullen we morgen maar in beslag nemen… En oja… verlaat de stad niet vanavond." Voegt hij er aan toe. Ze rolt met haar ogen en springt op haar fiets. Er is nu toch niets meer aan te doen. Ze heeft nu al zin in de preek van Vanbruane morgen. Dat zal leuk worden!

Einde

Geschreven voor Holymary;mins

Vorige Start Omhoog Volgende
* ©©©©© Alles op deze site is Copyright van de eigenaar en mag dus nergens anders geplaatst worden ©©©©©

*