Kassa!

"Dat is dan 7 euro 62." - "Goedemiddag" - "27 euro en 56 cent alstublieft..." - "Dank u wel, prettige middag." - "Heeft u een kortingskaart bij?" - "Nee mevrouw, voor deze potten geldt die actie niet." - "Dat is dan 49 euro 2, nee, we nemen geen briefjes van hoger dan 100 aan..." - "Spaart u zegeltjes?" - "Dat is dan 87 euro en 4 cent." - "Wil jij graag een snoepje?"
Matilde laat de pakjes boter over de zender glijden en probeert vervolgens een zak chips zodanig te pletten dat de pieper de streepjescode kan lezen. Zonder het verguizen van de chips is dat wat aan de moeilijke kant. Ze doet haar best en krijgt de zak aardig heel over de zender. Ze werpt de wachtende mevrouw een vriendelijke glimlach toe die zowel kan betekenen 'sorry ik heb je chips vermorzeld' als 'ach je moet wat doen om de streepjescode te lezen'. Ze gaat aan een stuk door, ze kan trots zijn op het feit dat ze een van de meest snelle en meest toegewijde kassajuffen is in de hele winkel vandaag. Ze is dan ook opgeroepen voor deze vrijdag, normaalgesproken draait de vrijdag bijna geheel op studenten. Zij is een van de weekkrachten. Ze komen ook echt alles aan haar vragen. Niet dat zij overal een antwoord op weet, maar soms weet ze het toevallig wel, omdat ze er door de week altijd is. Ze voelt zich dan ook best belangrijk. Enthousiast begroet ze de volgende klant met een stralende glimlach.
Joris laat een pakje cup-a-soup over de zender glijden. Het verdomde ding wil voor de zoveelste keer de code weer niet pakken. Wat heeft dat ellendige ding? Zo'n pakje is toch zo recht als ik weet niet wat. Hij ziet de geïrriteerde, oplettende blik van mevrouw als hij het pakje wat plat probeert te drukken om het alsnog te dwingen om te piepen. Een zeurderig kind hangt aan haar broek en kijkt dreinend omhoog. Het wil zeker een snoepje, gokt Joris. Hij slaat wat harder op het pakje "Tsss." Hoort hij de vrouw sissen. Laat maar, denkt hij en tikt de code in op de toetsen. Tot overmaat van ramp drukt hij de verkeerde toets in en zet het apparaat het op een luid piepen. Het jengelende jong voor hem schrikt zich wezenloos en zet het op een oorverdovend brullen. Hij drukt her en der nog wat knopjes in, maar krijgt zijn kassa niet tot zwijgen gebracht. Hij ziet Matilde -van de week- al verstoord omkijken. Wanhopig wijst hij op zijn kassa. Ze komt met drie stappen en met een druk op een knop heeft ze het probleem verholpen. Haar mollige lijf gaat naar beneden met de snoeptrommel en zet ook in een keer het geluid van het kind stop. Ja, ja, Matilde het kassawonder... dat is toch te veel voor een simpele student Slavische talen, zoals hij. Tot op het bot gekwetst door de hulp van die vadsige taart gaat hij verder. "Zegeltjes mevrouw?" Vraagt hij "Nou, nee, want volgens mij betaal je die er gewoon bij... ik bedoel..." De vrouw start een monoloog over de oneerlijkheid van het hele supermarktsysteem en Joris schakelt moedeloos zijn hersenen uit. Het is net alsof het geluid uitgeschakeld wordt en de wereld om hem heen een oude film wordt die wat te langzaam draait. Hij ziet Matilde met een zwierige pas terug waggelen naar haar kassa, pas op, nijlpaardenattack. Hij ziet de vrouw voor hem een gebaar maken naar de kassa en de mensen in de rij. Hij ziet twee mannen binnenkomen die alle twee een mandje pakken en over het hekje heen springen van de uitgang. Hij ziet een vrouw die een pak jus d'orange op de grond laat vallen en warrig haar handen voor haar mond slaat als de gele drab alle kanten opvliegt en een oude vrouw die erin stapt slippend in haar armen terechtkomt. Hij ziet een paar mannen binnen rennen met zwarte bivakmutsen op en getrokken pistolen. Het is een film... opeens lijkt het alsof hij wakker schrikt. Mannen met bivakmutsen? Matilde die zojuist terug gewurmd is in haar kassa en er dan ook met geen mogelijkheid meer uit kan krijgt een pistool tegen haar neus gedrukt. Met open mond bekijkt Joris het tafereel, rondom hem heen beginnen mensen te gillen en terug de winkel in te rennen. Alleen die vervelende vrouw voor hem, die blijft maar doorzaniken. "Hou je bek, stomme taart!" Schreeuwt opeens een man achter haar terwijl hij haar vastgrijpt. Joris kan zijn geluk niet op "Geef me het geld uit de kassa, of je klant hier gaat er aan..." Joris kijkt de man schaapachtig aan "Wat?" Vraagt hij alsof hij zojuist een lot uit de loterij heeft gewonnen en niet kan geloven dat inderdaad net zijn tien cijfers zijn opgenoemd. "Geef me het geld uit de kassa of ik schiet je klant door d'r kop." Roept de overvaller ongeduldig "Oh, mijn idee, vond u dat gezever ook zo irritant? Nee, schiet maar, ga gerust je gang. Ik ben je eeuwig dankbaar." Zegt Joris lachend terwijl hij opstaat. De man kijkt hem verward aan. Joris ziet zijn ogen van links naar rechts schieten. Wat begonnen is als een heldhaftige grap vanwege zijn onbegrensde irritatie aan deze vrouw die altijd weer aan zijn kassa staat te mauwen, verwordt tot een idee om de overvallers weg te jagen. Hij ziet dat ze maar met tweeën zijn. De ene is geconcentreerd op het schrik aan jagen van Matilde die zenuwachtig probeert de kassalade open te krijgen, wat met een dergelijke kassavulling natuurlijk ook niet tot de meest simpele opdrachten behoort. Maar Joris heeft verdomme jaren gejudood en ook nog zelfverdediging gehad. Met een atletische beweging springt hij uit zijn kassa en duikelt voorover tussen de overvaller en de kassa in, omdat hij met zijn maat 45 achter de rolband blijft haken. Gelukkig doet hij het allemaal zo onhandig dat hij maar liefst drie mensen onderuit haalt, de vrouw, de overvaller en het jankende kind dat nu helemaal keihard jankt. Het pistool van de overvaller schiet uit zijn handen en glijdt onder de handige bak met wieltjes waarin alle dozen bewaard worden. Joris krabbelt als eerste overeind en geeft de overvaller een flinke klap tegen zijn kaak voor hij hem zijn bivakmuts probeert af te trekken. Helaas blijkt ook de overvaller niet verstoken van enige vechttraining. Wild grijpt hij Joris die boven hem hangt bij de strot en duwt hem achteruit tegen de kassa aan. In de verwarring krabbelt de overvaller op en begint te rennen. Maar Joris is nog niet uitgeschakeld, met vurigheid die hij van zichzelf niet kent staat hij op en sprint achter de overvaller aan, die gelukkig duidelijk minder ochtend trimrondjes doet dan hem. Yentl, de derdejaars filosofiestudente volgt Joris op de voet. De tweede overvaller heeft het geheel eens aangezien en heeft met de eerste besloten het hazenpad te kiezen voor de politie arriveert. Hij laat Matilde in shocktoestand en met al haar geld achter en spurt met zijn partner de winkel uit, gevolgd door Joris en Yentl die allebei al hun sprintkracht aanheffen. Nabij een hek waar de twee overvallers overheen willen klimmen overmeesteren de twee hen. Joris springt nummer een van achter op de nek en trekt hem achterover. Yentl rent om nummer twee heen en geeft hem een stoot tegen de neus. Ze hoort de neus kraken en denkt niet ontevreden 'dit heeft effect'. Snel geeft ze de overvaller nog een schop tussen de benen als hij alsnog wil door rennen. Haar overvaller ligt kreunend op de grond als ze hem nog een nekslag verkoopt. Is die twee jaar zelfverdediging nog ergens goed voor geweest, denkt ze niet geheel zonder plezier terwijl ze de man tegen zijn hoofd trapt, zo die staat niet meer op. Joris heeft zijn overvaller inmiddels al bijna gewurgd en rukt de bivakmuts van zijn hoofd. Tot haar grote vreugde hoort Yentl de politiesirenes dichterbij komen en ze draait zich om om te zwaaien naar de politie. "Hier liggen ze, we hebben ze!" Schreeuwt ze als ze agenten uit de auto ziet springen. Een stel agenten komt hun kant op gespurt. "Wat is dit?" Schreeuwt een als hij de overvaller uit Joris handen over neemt en vol afschuw naar de rochelende, kreunende figuur aan zijn voeten kijkt. "De overvallers, we hebben hen gevangen." Een agent met stekeltjeshaar knielt bezorgd neer bij de overvaller op de grond "Deze is meer dood dan levend." Grapt hij naar een oudere agent. Die kijkt wat verfrommeld naar de twee jonge kassiers, die bedremmeld staan te wachten. "Het is goed dat jullie ze te pakken hebben." Mompelt de oudere agent "Alleen iets minder enthousiast had wel gemogen." Joris kijkt Yentl even aan, krijgen ze het tuig te pakken, krijgen ze te horen dat ze rustiger hadden moeten doen. Teleurgesteld druipen ze af richting de winkel. "Willen jullie wel in de buurt blijven, we willen zo dadelijk een verklaring afnemen." Roept de jonge agent "Wees niet bang, wij gaan nergens heen, we zitten hier achter de kassa." Roept Yentl.

"Ja dokter, goedemiddag, ik kom het medisch attest ophalen van de heer Donker? Is dat al klaar? Ja, hij is gisteren al binnen gebracht, dus ik dacht..." Tony staat gehaast voor de dokter op en neer te wiebelen. "De zaak heeft geen prioriteit? Ik bedoel je komt nu pas... Gekneusde kaak, gebroken neus... en of het vitale onderdeel blijvend beschadigd is is nu nog niet te zien..." Vat de dokter het geheel even samen. Zijn maat is er beter vanaf gekomen, denkt Tony dan, zijn vitale onderdelen doen het tenminste met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid wel nog. De twee kassiers hebben er flink op los geslagen, denkt Tony, naar haar mening iets te enthousiast. Dat had wel met wat minder geweld gepaard kunnen gaan, maar kennelijk hadden de twee zich stierlijk verveeld en nu er dan eindelijk wat te doen viel grepen ze de kans met beide handen. Ze stapt in de auto en rijdt terug naar het bureau. "Hebben we de getuigenverklaring van die twee kassiers al getypt?" Vraagt ze als ze Pasmans ziet. Die knikt ijverig "Het ligt al geprint op je bureau. Hoe is het met de overvallers?" Tony trekt een gezicht "Ze leven... nog... maar de voortplantingsorganen hebben toch een deuk opgelopen." Britt die net een kopje koffie in haar handen heeft komt er met een schuine lach bij staan. "Ze hebben ze goed te pakken gehad hoor ik. Ik vraag me dan altijd af waar de grens ligt. Natuurlijk, overvallen... en met pistool nog wel, een alarmpistool, maar goed... dat is niet netjes. Maar als je dan ziet hoe deze in elkaar zijn geklopt. Ik heb dat eens nagevraagde, die jongen die judoot al 15 jaar en ook nog 5 jaar zelfverdediging daarbij. En dat meisje heeft twee jaar zelfverdediging gehad... Maar grenzen hebben ze daarbij volgens mij niet geleerd." Tony knikt "Nogal effectief zo'n cursus. Ga je ook eens mee kijken?" Britt lacht "Nee, dankje, ik fitness al." Pasmans grinnikt "Kickboxen kan ook heel leuk zijn, Tony." Raadt hij een andere hobby aan. "Hier moet je zien." Tony trekt haar wenkbrauwen even op als ze het medisch attest aan Britt te lezen geeft. "Ai." Vat die samen wat ze leest. "Als je het mij vraagt is dit toch ook geweldpleging." Twijfelt ze. "Ik bedoel, ik zeg het niet graag... ik snap dat ze de overvallers wilden pakken, maar dit kan toch niet? Als wij zoiets doen staan we morgen op straat. Dit is gewoon er op los timmeren, verveelden ze zich of zo? Schouder uit de kom, gekneusde kaak, gescheurde oogkas... het ging er ruig aan toe. Die dame weet van wanten. Als we niet op tijd waren gekomen had ze hem levenslang invalide geschopt." Uit ze haar zorgen. Tony knikt, ook zij vindt dit een grensgeval. Maar je, ze kunnen moeilijk de twee kassiers vervolgen voor geweldpleging, dat zou toch al te dol overkomen in de pers. Mensen overvallen je en je mag niets terug doen.... Misschien moeten ze daarover Vanbruane maar laten oordelen. Aan het eind van de gang klinkt wat lawaai dat langzaam dichterbij komt. "Britt, ik heb hier mevrouw Donker... zijn jullie bezig met die overval?" Britt knikt en draait zich naar Carla toe. Een hoogzwangere vrouw stapt achter Carla uit "Meta Donker." Stelt ze zich voor "Carlo is mijn man, hij is echt de kwaadste niet..." Begint ze te pleiten voor de overvaller die het zwaarst gewond is geraakt. Het wordt er niet gemakkelijker op, denkt Britt over de vraag of ze de kassiers wel of niet moeten aanspreken op hun harde optreden. "Komt u even mee..." Britt schuift een stoel voor de vrouw bij haar bureau en gaat zelf ook zitten. Tony schuift geïnteresseerd bij. "Ik zal niet liegen," Zegt de vrouw "Ik geloof heus wel dat hij het gedaan heeft en ik snap dat dat slecht is. Hij heeft schulden, grote schulden van het gokken. Maar dat was verleden tijd. Hij wilde het afbetalen, hij wilde van alles af zijn. We krijgen een kind ziet u..." Ze klopt op haar buik en Britt knikt begrijpend om haar aan te moedigen verder te vertellen. Onwillekeurig gaat haar hand ook naar haar buik die nu toch echt dikker begint te worden. Zij kan het al voelen, Selattin ook, maar ze draagt wat wijdere truien, dat is toch niet zo vreemd in deze tijd van het jaar, het is al weer bijna februari. Niemand die er wat van ziet. Het is nu al toch vier maanden, langzaamaan zal ze het toch eens moeten vertellen. Zal ze het eerst aan Vanbruane zeggen, of eerst aan Tony... eerst aan Tony maar, denkt ze. Selattin heeft haar ook al gezegd het eens te vertellen aan de collega's, met name dan aan Vanbruane. Zodat die haar niet meer onwetend een gevaarlijke opdracht in stuurt. Aan de plekken die ze tot nu toe moeten bezoeken en de problemen die ze voor de kiezen krijgen blijkt wel dat Vanbruane niet het flauwste vermoeden heeft. Ze legt haar andere hand op haar buik en voelt heel duidelijk hoe die dik is. Vanavond, denkt ze, vanavond vertellen we het aan Dorien. Want die weet natuurlijk ook nog van niets en die hoort het toch wel eerder dan de collega's te weten. En na de derde maand begint het steeds harder te groeien, zeker na de vierde maand natuurlijk... lang zal ze het toch niet meer verborgen kunnen houden, tenminste zeker niet voor Dorien. Ze glimlacht even voor zich heen en realiseert zich pas als Tony een vraag stelt weer dat ze eigenlijk in een gesprek zit met een vrouw. Ze schrikt op uit haar eigen wereldje en kijkt de vrouw met hernieuwde interesse en minder afwezig aan. "Ik snap ook heus wel dat ze hem wilden tegenhouden, maar ze hadden niets meegenomen uiteindelijk en dan is ie zo toegetakeld... de dokter zegt dat we misschien wel nooit meer kinderen kunnen krijgen samen... we wilden er zo graag meer... was dat nu echt nodig?" Tony drukt uit dat ze met de vrouw meevoelt door een instemmend geluid te maken. "En nu kwam ik dus vragen of ik die mensen niet kan aanklagen, want eigenlijk hebben ze onnodig veel geweld gebruikt... Carlo mag nog van geluk spreken dat de politie er aan kwam, anders hadden ze misschien wel niet meer geleefd... Ik bedoel, ik wil gewoon praten met die mensen, ze kunnen toch wel minstens zeggen dat het hen spijt dat ze zo hard hebben getrapt... ik bedoel Carlo is echt geen slechte jongen en dat pistool het was niet eens echt..." Britt knikt "U kunt hen aanklagen." Antwoordt ze wat twijfelend, maar geheel naar waarheid. Tony knikt en kijkt Britt even aan, ook zij weet niet goed hoe je dat moet inkleden. Tja, aanklagen, het klinkt nogal crue, je overvalt een zaak en klaagt de mensen daarna aan omdat ze hun geld verdedigen. Maar ook toegegeven, dit is ook wel gewelddadig gegaan. In hoeverre is het eigenlijk 'zinloos' geweld. Als iemand eenmaal ligt dan ligt ie toch, je kunt hem nog wel platter schoppen, maar dat heeft weinig nut. Er bestaat geen zinvol geweld, dat is er gewoonweg niet, maar noodgedwongen misschien... zelfverdediging, maar waar valt dit onder. Het is altijd weer spannend bij de politie, denkt ze terwijl ze naar Britt kijkt die opstaat om naar Vanbruane te lopen. "Mijn collega raadpleegt even onze commissaris." Legt ze snel uit en kijkt gespannen naar Vanbruane en Britt die in gesprek zijn. Van de ene kant ziet ze niet veel in een aanklacht, het zou toch te belachelijk zijn, iemand pleegt een overval, wordt overmeesterd en dient dan ook nog een klacht in... Maar van de andere kant, het kan wel natuurlijk. Ze kunnen moeilijk zeggen dat het niet mogelijk is. Alleen zou het lef niet hebben dat te doen. En ze kan al raden wat er dadelijk gebeurt, als de pers hier lucht van krijgt kunnen ze hun lol op. Ze ziet de koppen al voor zich. De journalisten zullen in tentjes voor het commissariaat liggen. En het zal het hele idee van de veilige samenleving ook niet ten goede komen. Zie je wel, zullen de mensen zeggen, als je wat terug doet wordt je zelf opgepakt... Nee, al met al is het geen goed idee om een aanklacht in te dienen, maar goed, zij kunnen dat moeilijk verbieden. Britt komt met een lege uitdrukking op haar gezicht. "Het kan..." Zegt ze terwijl ze gaat zitten en kijkt Tony even kort aan. Die ziet in haar blik dat ze er net zo over denkt als zij, dit gaat hen een hoop ellende opleveren. "Het kan wel, het is alleen een beetje... tja..." probeert ze de vrouw op andere gedachten te brengen. "Kijk uw man is begonnen, hij is die winkel in gegaan om die mensen te overvallen, je kunt je afvragen in hoeverre je dan kunt gaan klagen als die mensen zich niet laten overvallen. Kijk ik wil natuurlijk best die twee eens aanspreken op het feit dat ze nogal hard tekeer zijn gegaan en ik kan zelfs misschien een gesprek hier op het bureau regelen, misschien... maar hoe redelijk is het om te verwachten dat mensen zich zonder slag of stoot hun geld afhandig laten maken." De vrouw bolt haar wangen even "Ik wil een schadevergoeding." Zegt ze dan "Carlo werkt zwart en als hij niet werkt krijgt hij ook geen geld. Ik kan zo ook niet werken, waar moeten wij nu van leven? Carlo is wel even uit de running." Tony kijkt Britt aan "Ik snap het probleem," Mengt ze zich in het gesprek "Maar ik denk dat de rechter toch zal oordelen dat het uitlokking was. Ergens binnenlopen en mensen dreigen met een pistool, ook al zijn het dan een alarmpistool en een speelgoedpistool geweest, dat is toch wel uitlokking lijkt me." Ze ziet er echt weinig in om een onderzoek tegen de twee kassiers te voeren. "Maar het kan dus wel en ik kan om een schadevergoeding vragen..." Britt zucht "Het kan wel, maar ik denk dat u meer aan procedurekosten kwijt bent dan dat u zult krijgen, zelfs als u wint en ik acht die kans echt klein." Maar de vrouw is niet meer op andere gedachten te brengen. "Dan kom ik bij deze aangifte doen van mishandeling." Met een zucht staat Tony op.
"Wat doen ze?" Ben kijkt Tony verbaasd aan "Britt is nu haar klacht aan het noteren." Tony wijst op het lokaal. Ze is Ben tegengekomen bij het koffieautomaat en heeft hem de hele historie al verteld. "Ze is gestoord." Tony maakt een wild gebaar "Ja, als iemand een klacht in komt dienen moeten wij die noteren, ze kan een klacht indienen, juridisch gezien... dus dat maakt Britt niet gek, dat mens..." Ben schudt zijn hoofd "Ik had het ook niet over Britt, ik had het over die vrouw van die Donker. Die is gek, Britt kan niet anders. Wij zijn er gewoon weer aan, want de beschuldigende vinger gaat natuurlijk weer in de richting van de politie. Wie laat er nou een klacht indienen tegen die twee kassiers? Wie voert er nu een onderzoek tegen twee mensen die heldhaftig hun winkel hebben verdedigd?" Ben schudt zijn hoofd en slurpt van zijn koffie. Dat wordt weer mooi, leuk voor hun imago, dat is toch al zo goed. Als Vanbruane met een stekende blik in de richting van Britt en de vrouw ook koffie komt halen blijkt wel dat zij er hetzelfde over denkt. "Dat wordt weer geweldig." Kan ze niet nalaten te klagen "Waarom dient zo iemand nou weer een klacht in? We weten wie geslagen heeft en wie wat gedaan heeft, dat is het enige gemakkelijke aan dit onderzoek, ze hebben het ons zelf verteld. Maar dit gaat ons niet populair maken... Ik zou wel eens willen weten wie haar op dat idee heeft gebracht. Het is te lumineus, dat heeft ze toch niet zomaar van zichzelf." Tony haalt haar schouders op "Ik ben ook benieuwd, maar voorlopig hebben we geen tijd om dat uit te zoeken, de pers zal hier snel genoeg achterkomen. Ik denk dat ik onbetaald verlof neem..." Vanbruane grinnikt en loopt terug naar het lokaal. Tony ploft bij Vanneste neer in de kantine en neemt kleine slokjes van haar koffie. "En hoe is het met jou?" Vraagt ze aan Vanneste die wat wezenloos voor zich uit zit te staren. "Goed... rustig..." Tony glimlacht "geen lief..." concludeert ze. Vanneste schudt zijn hoofd "En jij, Dierickx, nog steeds hetzelfde lief, huisje, boompje, beestje... twee kinderen..." Ze ziet een grijns verschijnen op zijn gezicht en grijnst zelf ook. "Ja, wie had dat ooit gedacht hè, ik ben mijn wilde haren helemaal aan het verliezen... het is wel rustgevend zo... je weet wat je kan verwachten als je thuis komt." Ze kijkt Ben aan en die knikt langzaam "Ik weet niet, maar het is wel prettig zo, het gaat er hier allemaal af en toe al hectisch genoeg aan toe. Huisje, bootje, beestje, het is nog lang niet zo saai als ik dacht, wel lekker eigenlijk. Dan is er toch nog iets wat af en toe voorspelbaar is, of hetzelfde is als je terugkomt." Ben kijkt haar even aan "En nog een kleine erbij ook zeker?" Vraagt hij. Tony schudt haar hoofd "Nergens voor nodig, we hebben er twee, een jongen en een meisje... dat is wel goed zo, druk genoeg. Nee, het is helemaal OK zo, ik heb geen klagen." Zegt ze resoluut. "Ja, je komt ook zeer relaxed over de laatste tijd." Meent Ben serieus. "Ik vind het de laatste tijd toch vrij rustig op het commissariaat, geen rampen meer eigenlijk, alleen werk..." Tony lacht "Ja, het wordt nog eens een gewone kantoorbaan, maar dan niet van negen tot vijf." Ze ziet achter Ben de vrouw voorbij komen die zojuist bij Britt de klacht heeft ingediend. "Ah, mevrouw Donker is gone..." Zegt ze en staat op. Als ze de gang op loopt komt Britt haar al zuchtend tegemoet "Eerst een bakje thee." Met haar handen in de zij staat ze voor het koffieapparaat "Denk je dat dat helpt als je er streng voor gaat staan, die automaatthee wordt er niet drinkbaarder van." Grinnikt Tony als ze Britts stevige houding ziet. Die lacht en slaat haar armen over elkaar. "Tja, daar zouden we wel eens actie voor kunnen voeren, betere automaatthee." Stelt ze voor terwijl ze van haar kopje thee nipt en met Tony terugloopt naar het lokaal "Zullen we ze dan maandag maar ophalen in de winkel, dan werken ze allebei weer heb ik net gelezen in die verklaringen. Ze werken op vrijdag, zaterdag en maandag... en nu is die winkel al bijna dicht." Ze kijkt Tony aan "Hebben we geen adressen?" Britt schudt haar hoofd, Pasmans heeft hen als getuigen gehoord bij de winkel en meer niet, het adres is hij vergeten te noteren, omdat hij met de ambulance bezig was meteen na het opnemen van de verklaring. Niet dat ze er niet gemakkelijk kunnen achterkomen, ze hebben de namen en ook bij de winkel zal het adres wel bekend zijn. Maar Britt ziet het niet zo zitten om nu, om nog na zessen erachter aan te gaan. Zoveel haast heeft het wat haar betreft niet. En op zondag lijkt haar ook niets, bovendien hebben ze nog een zaak lopen die ze morgen verder af willen maken, een kinderlokker bij een speeltuintje, die meestal op zondag actief is. Niet dat de man iets doet, maar toch, ze willen hem nu voor de rust van de buurt toch wel eens oppakken. Die aanklacht kan ook wel op maandag overgebracht worden, iets over het weekend heen tillen, dat doen ze wel vaker. "Ik wil niet weer zo laat thuis zijn, als we nu nog die lui moeten gaan halen zitten we hier weer zo lang en kom nou, ze zullen toch nergens heen gaan, het gaat toch alleen om dat meisje... dat kan maandag ook nog wel." Tony ziet de urgentie ook niet zo in en stemt in met het voorstel, ook zij wil op tijd naar huis. "Ha dames, wij doen even briefing snel, dan kunnen we naar huis, ik haal even wat snoep, willen jullie ook wat, dan neem ik ook wat voor jullie mee." Vanneste komt uit het lokaal terug gelopen en botst bijna tegen de twee dames op. Tony haalt haar schouders op "Goed idee," Vindt ze "eerst eten... doe mij maar een Twix." Zegt ze vrolijk en loopt door "KitKat" Zegt Britt met een vrolijk "Alvast bedankt." Erachteraan. Ze loopt door en ploft tegenover Tony neer "Moet je kijken..." Tony geeft haar de krant "Soms vraag ik me af waarom ze alles maar met foto's op de voorpagina zetten. Britt kijkt naar het artikel dat ze aanwijst, de foto erbij is inderdaad tegen het walgelijke aan. Er is weer een aanval van Israëli’s op de Westelijke Jordaanoever geweest en daarbij zijn opnieuw doden gevallen onder de Palestijnen. Op de foto wordt een zwaar bebloed slachtoffertje naar het ziekenhuis gedragen. Britt schudt haar hoofd, je zult al die ellende maar moeten fotograferen, denkt ze. Ze rimpelt haar neus en schuift de krant terug. "Je zet toch ook geen foto's van geslachte koeien op de voorpagina." Meent Tony "Nou, toen met die MKZ toch wel." Herinnert Britt zich. "Volgens mij moet je toch wel een man zijn om zoiets te kunnen fotograferen, persoonlijk zou ik over mijn nek gaan." Tony kijkt nog eens naar de foto "Nou, zoveel scheelt het ook weer niet met wat wij onder ogen krijgen." Vindt Pasmans die meent het mannelijke ras te moeten verdedigen. Hij kijkt even rond en als hij ziet dat hij de aandacht heeft zegt hij "Ik heb gelezen dat je in Portugal eerst een varken moet slachten voor je een echte man bent. Da's om te bewijzen dat je een man bent." Tony lacht "Nou Pasmans, waar wacht je op?" Pasmans trekt een gezicht en steekt zijn tong uit "Dit is Portugal niet..." Tony kijkt Britt aan "Pasmans wil geloof ik beweren dat ie een echte man is." Pasmans negeert de uitdaging "Doen ze dat in Turkije ook Sel? Heb jij al ooit een varken geslacht om te bewijzen dat je een man bent?" Vraagt hij nieuwsgierig "Wij Islamieten eten geen varkensvlees." Zegt hij "Dus ik heb nog nooit een varken geslacht om te bewijzen dat ik een man ben..." Tony kijkt hem met pretoogjes aan "Ja en hoe bewijs je dan dat je een man bent... moeten we Britt dan maar op haar woord geloven?" Selattin kijkt Britt lachend aan "Er zijn meerdere manieren om te bewijzen dat je een man bent." Grinnikt hij, maar gaat daar verder niet op in en ook Britt houdt wijselijk haar mond. Tony pest vrolijk nog even verder door Pasmans voor te stellen eerst maar eens een kippenkuikentje af te slachten om te oefenen. Vervolgens wordt het al een pier opeten, want het moet niet te lastig te vangen zijn en kuikentjes rennen steeds weg. Pasmans belooft een manier te verzinnen om te bewijzen dat hij een man is als Tony een manier verzint om te bewijzen dat ze een vrouw is "Oh, nou, ik slacht dat varken wel." Lacht Tony en gaat dan net als Britt eindelijk aan haar werk. Als Vanneste binnenkomt met de lading chocolade wordt hij vrolijk begroet en zelfs Vanbruane komt in het lokaal zitten. "Gaan jullie zo naar die kassiers toe?" Vraagt ze Tony. Die schudt met een vermoeide blik "Nee, die fijne job stellen we uit tot maandag, we willen graag nog leuk de zondagochtend door." Vanbruane grinnikt geamuseerd "Courage Tony, we zijn slechts de boodschappers, bewijs... tja, dat is er wel. Laten ze het via de advocaat maar verder uitvechten." Tony perst haar lippen even op elkaar "Ik vrees dat de pers het niet zo ziet." Verwoordt Selattin haar gedachten. Vanbruane haalt haar schouders op "Dan vertellen wij ze dat wel." Zegt ze geruststellend en verdwijnt weer in haar bureau. "Nou, vooruit dan maar, even briefen dan kunnen we naar huis om te eten." Zegt Britt terwijl ze op de klok kijkt, bijna half 7 al... en ze herinnert zich de woorden van de gynaecoloog 'op tijd en een beetje regelmatig eten, mevrouw Michiels'. Ja, ja, denkt ze, ik doe mijn best.

"Ik heb taart gehaald voor vanavond." Zegt Selattin als hij net na Britt binnen komt. Die kijkt blij "Laten we er een beetje een feestje van maken inderdaad." Glimlacht ze. Ze kijkt naar Dorien die min of meer ondersteboven op de bank een boek ligt te lezen. Ze heeft haar benen over de leuning hangen en het boek houdt ze boven zich. "Ik ga aan het koken, neem jij maar lekker eerst een douche of doe iets anders rustigs..." Stelt Selattin voor. "Ik douche even." Besluit ze. Ze loopt naar de slaapkamer en rukt een stel lekkere kleren uit de kast. Van die kleren waarin je niet zou piekeren de straat op te gaan, maar die gewoon heerlijk zitten. En vanavond piekert ze er ook niet over nog de straat op te gaan, dus kleedt ze zich daar vast op. Ze stapt onder de douche en laat de warme stralen lekker over zich heen komen. Niets is zo ontspannend als een warme douche na een dag rondrennen in de koude winterdagen. Als ze eronder uit stapt is ze helemaal warm en slaperig. Voor de spiegel blijft ze even staan. Met een glimlach kijkt ze naar haar buik. Geen twijfel mogelijk, ze is zwanger, zo zie je het echt al. Ze komt glimlachend tot de conclusie dat ze zich gewoon een beetje trots voelt met die buik, alsof ze iets heel bijzonders is nu. Natuurlijk, ze draagt iets heel bijzonders mee. Maar als je dat dan heel realistisch gaat bekijken, wat is er dan bijzonder aan. Ze is niet meer bijzonder dan al die andere vrouwen die op dit moment zwanger zijn en ook naar hun buik staan te kijken in de spiegel. Ze voelt zich wel speciaal, maar goed eigenlijk is het heel normaal... of ze zijn allemaal speciaal. Nou ja, niet bijzonder dan, gewoon net als alle andere moeders van de wereld; in Europa of kansloos in Afrika waar zoveel kinderen sterven... het maakt niet uit. Ze voelt zich gewoon bijzonder prettig, helemaal speciaal, dat kleine mensje in haar buik dat is helemaal van haar en Selattin samen. Dat is toch het mooiste wat er kan zijn voor hen. En het groeit... het groeit elke dag, ze kan het haast voelen groeien in haar buik, omdat ze dat wil voelen. Ze voelt nu weer hoe het is om zo'n klein mensje mee te dragen, te weten dat er een stukje van jezelf opnieuw groeit in je buik, iets dat je aan de wereld geeft. Iets wat voor de mensen om haar of hem heen speciaal of bijzonder zal zijn. Het voelt zo dubbel denkt ze; van de ene kant zou je het van de daken willen schreeuwen, zo blij en zo trots voel je je. Maar van de andere kant wil je het voor jezelf houden, diep in je en koesteren als een mooi geheim, als iets wat alleen van haar en Selattin is, van haar, Dorien en Selattin. Als er geen andere mensen bij horen is het gemakkelijker, veiliger. Niemand heeft er wat mee te maken, het liefst zou ze zich al die tijd opsluiten zodat er niets mis kon gaan. Helemaal veilig in Selattins armen, want dat is toch de veiligste plek nu, die ze kan bedenken. Maar ze moet het nu gaan vertellen, ze laat haar handen over haar buik glijden, zo'n plaatselijke dikheid valt toch niet anders te interpreteren, ze zijn niet gek. Met alle overtuiging neemt ze zich voor om het deze week te vertellen en allereerst aan Tony, dat is haar partner, dat hoort zo. Ze aait over haar buik. Weet je wel hoe welkom je bent, denkt ze terwijl ze haar handen stil legt op haar buik, weet je wel hoeveel iedereen van je zal houden? Ze wrijft haar lichaam helemaal droog en trekt haar avondkleren aan. Het zijn echt zo fijn die flodderbroeken en T-shirts die ze alleen 's avonds aan heeft. Ze kijkt weer naar zichzelf in de spiegel, ze heeft nu een strak T--shirts met lange mouwen aan. Je ziet het, denkt ze, je ziet het een heel klein beetje, ik ben echt al dikker... zelfs met kleren. Ze lacht naar zichzelf en loopt dan naar de kamer. Dorien lacht vrolijk als ze haar moeder binnen ziet komen in haar avondkleren. Die kleren betekenen gezelligheid, dat betekent dat er lekker thuis gebleven wordt vanavond, wat er ook gebeurt. "Hé spook." Britt gaat bij haar op de bank zitten. "Hé mam." Dorien legt haar boek weg en kruipt tegen haar moeder aan. Britt kreunt een beetje als ze hard op haar buik leunt, Dorien schrikt een beetje en gaat snel anders hangen. "Hoe was het vandaag op het werk?" Vraagt Dorien als ze zich met haar hoofd een kuiltje heeft genesteld in Britts zij. "Goed, rustig eigenlijk wel..." Britt aait Dorien door haar haren, grote zus straks, denkt ze, haar kleine Dorien. Zo blijven ze even zitten, gewoon zonder wat te zeggen hangen ze lekker bij elkaar. Britt leunt met haar hoofd op de leuning en valt na een tijdje lekker hangen gewoon in slaap. "Dorien, dek jij even de tafel?" Selattin komt aangelopen en houdt in als hij Britt ziet hangen. Met een glimlach tilt hij haar hoofd op en legt er een kussentje onder. Dorien komt voorzichtig omhoog en kijkt naar haar moeder "Ze is weer zo moe de laatste tijd." Fluistert ze tegen Selattin "Maak je maar geen zorgen." Stelt Selattin haar gerust "Ja, ik ben blij dat jij er bent Sel, dat jij bij ons bent, dan hoef ik me ook geen zorgen te maken. Jij zorgt voor haar." Fluistert Dorien en knuffelt Selattin even voor ze naar de keuken rent om het bestek en servies te pakken. Selattin gaat voorzichtig naast Britt zitten en streelt haar wang. Met een lichte schok wordt Britt wakker en kijkt verbaasd even naar Selattin "Oh... ik ben gewoon in slaap gevallen." Ze bijt op haar lip. "Dat geeft toch niet, ik zei toch dat je iets ontspannends moest gaan doen. Dorien heeft de tafel al opgezet. Kom je eten?" Britt staat op en volgt Selattin naar de tafel. Tijdens het eten laat ze het praten vooral aan Dorien en Selattin over die hele gesprekken voeren over een boek dat Dorien gelezen heeft. Het gaat over een Islamitisch meisje en Dorien wil graag nog wat opheldering over 't een en ander. Britt merkt 's avonds altijd pas dat ze overdag zo moe wordt, pas als je stil gaat zitten slaat de vermoeidheid echt toe. Selattin heeft weer heerlijk gekookt. Hij kan echt ontzettend goed koken en heeft zich daar in de tijd dat hij bij hen woont aardig in bekwaamt. Ze moet eerlijk toegeven dat zijn kookkunsten die van haar overtreffen. Hij heeft het geduld om de tijd er voor te nemen, bij haar moet het liever allemaal een half uur geleden al klaar zijn. Na het eten wordt de vaatwasser ingeruimd door Selattin en Dorien. Dorien zegt dit keer al meteen uit zichzelf "Ga jij maar lekker zitten mama, dat doen wij wel." Na een protest voor de formaliteit volgt Britt dat advies graag op. Ze wacht op de bank tot de rest erbij komt zitten. "Zullen we kolonisten van Katan doen?" Vraagt Dorien hoopvol. Britt knikt "Pak het maar." Zegt ze en gaat er goed voor zitten. Kolonisten van Katan is echt een heel leuk spel. Dorien heeft het met kerstmis van Mihriban gehad die het idee weer van een van haar collega's hadden. Bij haar collega waren ze er met het hele gezin al aan verslaafd en die verslaving komt nu ook bij het gezin Michiels-Ates langzaam op. Het is gewoon een heel leuk gezelschapsspel waar je zelf van alles bij moet doen. Britt is niet zo voor al dat batterijen speelgoed en die spelletjes die zichzelf spelen. Wat heb je daar nou aan, het kind doet toch niets zelf meer? Gelukkig heeft Mihriban dat goed door en is ze met een heel goed kerstcadeau gekomen voor Dorien. Ze spelen het spel een keer, het duurt erg lang, omdat Dorien net als Selattin bijna gewonnen heeft twee van zijn punten wegpikt en zo iedereen weer een kans gunt. Uiteindelijk wint Selattin dan toch, maar de executie is toch gerekt. "Dan hebben we nu nog wat lekkers." Kondigt Selattin aan terwijl Dorien en Britt het spel terug opruimen en de doos in de kast zetten. Hij gaat naar de keuken en komt terug met drie bordjes met taart. Dorien springt vrolijk op "Taart!" Roept ze uit "We hebben iets te vieren." Ze kijkt nieuwsgierig van Britt naar Selattin en terug. Britt trekt haar wenkbrauwen op. "Jullie gaan trouwen?" Raadt Dorien. Britt schudt haar hoofd "Selattin belooft dat ie voor altijd bij ons blijft." Roept ze, Selattin lacht "Dat hoort er een klein beetje bij denk ik, maar ja, dat had ik je toch al beloofd, niet waar?" Dorien knikt en kijkt dan naar Britt "Doe eens een hint..." Eist ze. Britt denkt even na "Tja... eh, waar vraag jij al heel lang om?" Dorien denkt even na "Een hond?" Zegt ze twijfelend. Ze kan zich niet voorstellen dat ze die een krijgen, want al Britts morele bezwaren tegen een hond op zo'n appartement klinken zelfs haar zeer plausibel in de oren. "Nee, geen hond, iets anders, je hebt een gezegd dat je dat heel graag wilde en toen zei ik dat dat niet zo gemakkelijk was en toen ben je naar de hond gegaan..." Dorien kijkt wat vragend naar Britt "Een zusje of een broertje..." Twijfelt ze dan en kijkt snel naar Selattin of die dit niet een al te dol voorstel vindt. "Wil je dat nog steeds?" Vraagt die vrolijk. Doriens ogen worden groot en gaan dan naar haar moeders buik. "Echt waar?" Haar mond valt open. "Krijg ik écht een broertje of een zusje?" Ze bijt op haar lip en kijkt Britt vragend aan. Die knikt met een brede glimlach en vangt dan haar dochter op in haar armen. Bijna komt haar buik weer in de verdrukking "Ho, ho, voorzichtig nu." Lacht ze "O ja." Dorien gaat verzitten "Leuk!" Juicht ze en kijkt naar Britts' al wat bollende T--shirts. "Kun je het al echt zien?" Vraagt ze nieuwsgierig. Britt knikt en doet haar truitje omhoog "Het is al 4 maanden." Verklaart ze "We wilden zeker zijn dat het allemaal goed was. In de eerste drie maanden is het altijd nog onzeker enzo." Dorien voelt nieuwsgierig aan Britts buik "Ik voel het nog niet, maar je bent wel echt dikker!" Dorien kan haar enthousiasme niet verbergen. Ze kijkt blij naar Selattin "Leuk hè?" Selattin knikt lachend "Ja, ik vind het ook heel leuk." Zegt hij en gaat achter Britt bij hen op de bank zitten. Britt leunt ontspannen tegen hem aan en Dorien kijkt vrolijk naar de twee. "Mam, Sel, ik ben zo blij." Zegt ze met een brede glimlach "Weet Mihriban het al?" Vraagt ze snel. "Mihriban wist het het eerste van iedereen, nog eerder dan mij zelfs!" Glimlacht Britt terwijl Dorien tegen haar gaat aanhangen met voorzichtigheid voor haar buik. "Als ie komt dan mag ie mijn lego hebben, die gebruik ik toch nooit meer, bijna nooit meer en mijn boeken voor kleinere kinderen..." Fantaseert Dorien "En dan kan ik voorlezen en de fles geven... mag dat, ik mag wel een keer de fles geven hè? Als jij of Sel erbij zijn, mam, heel voorzichtig, ik zal het echt goed doen." Britt glimlacht "Tuurlijk mag jij dat, jij bent dan de grote zus." Dorien haalt opgelucht adem "En helpen met het in bad doen?" Britt aait Dorien over het hoofd "Jij mag met alles helpen." Dorien knikt "Ik zal heel voorzichtig zijn, het is tenslotte mijn zusje of broertje." Belooft ze plechtig. Vrolijk fantaseert ze verder over wat ze allemaal kunnen gaan doen en wat het baby’tje zeker moet zien. Het huis en de tuin van oma, het huis aan zee en de golven en het zand, Italië en Turkije. Ja, ze moeten met de baby naar Turkije, vindt ze. Ze ziet het helemaal zitten. "Weten ze het al op het bureau?" Vraagt ze. Britt schudt haar hoofd "Ik wilde dat jij het eerst wist, de enige die het nu weten zijn jij, Sel, Mihriban en ik... en de gynaecoloog natuurlijk. Die kijkt zo met een apparaatje in je buik, dat weet je hè." Dorien richt zich even op "Oh ja, mag ik een keer mee? Dan kan ik dat ook zien..." Smeekt ze, Britt kijkt Selattin even aan en die knikt "Jij mag de volgende keer mee." Belooft Britt. De volgende keer staat wel midden overdag gepland, maar daarvoor kunnen ze Dorien wel een keertje van school halen. Ze verzinnen wel wat. Het is toch eigenlijk al te spannend dat soort dingen, als Dorien zo de kans heeft om daarbij te zijn is dat toch leuk voor haar. Ze voelt hoe Dorien zich helemaal vrolijk ligt te maken, lekker tegen haar aan geleund. Ze voelt Selattins armen beschermend om haar heen. Het voelt af, helemaal perfect. Ze blijven nog even zo liggen en brengen dan Dorien naar bed. Als ze terug zijn in de kamer valt Britt ook bijna om van de slaap en dus ruimen ze maar op en zoeken zelf ook het bed op "Van de week vertel ik het op het commissariaat." Belooft Britt als ze even later in het donker in Selattins armen ligt. "Je weet dat je daar zoveel tijd voor mag nemen als jij wilt." Zegt Selattin rustig. "Maar ik vind het een goed idee, dan weet Vanbruane er van, dat vind ik ook een veiliger gevoel." Britt knikt in het donker en valt dan rustig tegen Selattins' borst in slaap.

Maandagmorgen, Britt kijkt even in de spiegel van de wc voor ze door loopt naar het lokaal. Was het maar nog zondag. Gisteren hebben ze niet al te veel uitgevoerd. Ze hebben het grootste gedeelte van de dag in de speeltuin doorgebracht en uiteindelijk met zijn allen de kinderlokker gepakt. Een groot gevaar zag Britt niet in hem. Het was meer een zielige lozer die met volwassenen niet kon praten en dus niet veel meer deed dan met de kinderen een praatje aanknopen over de meest vreemde onderwerpen. Ze stapt binnen in het lokaal en roept vrolijk 'hoi' naar iedereen. "Zullen we maar meteen gaan, we zijn er maar beter meteen vanaf." Stelt Tony voor als ze ziet dat Britt haar jas over de stoel wil hangen. Britt knikt en grijpt haar jas weer, ze slingert hem over haar schouder en loopt voor Tony uit naar de auto. Bij de winkel aangekomen zien ze dat die al vroeg druk is. Goede gratis reclame, denkt Tony, vrijdag is de overval te laat gebeurd, zo net tegen sluitingstijd en dus is er nu de pers om een stukje te schrijven. Tot hun onbegrensde vreugde zijn de paar meest vasthoudende persmuskieten aanwezig. Ze ruiken zeker een verhaal voordat het een verhaal wordt. Van ver herkent Tony al haar grootste vijand bij de krant 'Monsard'. Hij herkent haar ook en loopt met grote passen op haar af "Zijn de overvallers al aangehouden en aangeklaagd?" Roept hij van ver. Britt kijkt Tony geïrriteerd aan en probeert zo snel mogelijk de winkel in te komen "Monsard, in het belang van het onderzoek kan en zal ik niks zeggen." Snauwt Tony, ze heeft geen zin in die irritante vent met zijn kletspraatjes. "Is het waar dat de overvallers in het ziekenhuis liggen...?" Tony knikt kort "Hun verdiende loon." Meent Monsard "Mensen die de wet overtreden..." Tony onderbreekt hem rap "Heeft u wel eens te hard gereden meneer Monsard? Als de rechter zo snel zou oordelen... uw verdiende loon..." Ze draait zich met een ruk om en laat Monsard bedremmeld achter. Britt staat bij de deur op haar te wachten "Vervelende man." Laat ze zich ontglippen en stapt dan met Tony binnen. Ze zien de twee die ze zoeken al aan de kassa zitten en lopen door naar het kantoortje in het hoekje van de winkel. "Goedemiddag, politie Gent..." Begint Tony na netjes aangeklopt te hebben. De bedrijfsleider kijkt op "Ja, we hebben de boel weer gewoon opengegooid, er is niks kapot... dus..." Hij wijst naar de winkel. "Dat is OK." Zegt Tony "Maar wij zouden graag de twee kassiers die die overvallers hebben overmeesterd meenemen naar het commissariaat." De man mompelt wat onverstaanbaars en zegt dan "Maar ze hebben toch al een verklaring afgelegd, bovendien u heeft de overvallers al, wat is er nu zo moeilijk?" Klaagt hij omdat zijn personeelsleden weer weg worden genomen. "We hebben hen toch nog even nodig." Zegt Tony onvermoeibaar. "Ik roep hen." Zucht de manager en pakt de microfoon. "Natascha kassa 4 alstublieft, Natascha kassa 4 alstublieft, Sigrid kassa 6 alstublieft, Sigrid kassa 6..." Roept hij en wacht even tot hij de twee opgeroepen meisjes ziet komen "Yentl kantoor, Yentl kantoor, Joris kantoor, Joris kantoor..." Echoot hij zichzelf. Het duurt niet lang of Yentl, een tenger meisje met lichtkrullend rood haar en sproeten komt binnen gesprongen, gevolgd door Joris, een lange slungelige jongen met donker piekhaar en een Harry-Potter brilletje op zijn neus. "Yentl en Joris, gaan jullie even met deze twee mee naar het commissariaat?" Vraagt de manager zichtbaar vermoeid. "Waarom, we hebben toch al verteld wat we weten?" Joris kijkt Tony verbaasd aan "Ja, we willen jullie toch nog graag even spreken." Zegt die en maakt een gebaar naar de deur. Schoorvoetend volgen de twee en even later stappen ze niets vermoedend uit bij het commissariaat. "Als je hier even gaat zitten..." Britt opent de deur van verhoor 2 voor Joris en verhoor 3 voor Yentl. "Wij nemen die jongen wel, als jullie dat meisje doen..." Stelt Tony aan Pasmans voor die aan komt gelopen. Die knikt en gaat Raymond halen. "In principe wordt alleen het meisje aangeklaagd, Donker klaagt zijn belager aan en hij is door dat meisje bewerkt, proberen jullie dus naar precieze informatie te vissen... dan maken we een zo volledig mogelijk beeld, dan zullen wij die Yentl even vertellen dat ze wordt aangeklaagd... dan kan ze terug de straat op, want wat heeft het voor nut om haar hier te houden?" Informeert Tony Raymond en Pasmans als ze weer bij haar staan. Die knikken en gaan gewapend met schrijfboekje en pen verhoor 2 binnen. Britt en Tony lopen met dezelfde bewapening en een diepe zucht verhoor 3 in. "Yentl van de Kooij." Begint Tony terwijl ze haar blok en pen neerlegt en gemakkelijk in haar stoel gaat hangen. "Ik zal maar met de deur in huis vallen, want een verklaring hebben we al en daar heb je vast niet veel aan toe te voegen... Je wordt door de heer Donker aangeklaagd wegens mishandeling." Yentl kijkt verbaasd op "Door wie? Wie is dat?" Britt bijt op haar wang om niet te lachen om het gezicht dat ze op zet "De heer Donker is de man die vanochtend is aangehouden op verdenking van het plegen van een overval op de winkel waar jij werkt..." Yentl gaat recht zitten "Verdenking? Die klojo die ons heeft overvallen, die vent die ik tegen de grond heb gewerkt?" Tony knikt flauwtjes "Hij is nu nog een verdachte, hij moet eerst nog bekennen en daartoe is hij nu nog niet in staat." Yentl schudt haar hoofd "Maar hij is wel in staat mij aan te klagen?" Vraagt ze verbaasd. "Dat heeft zijn vrouw plaatsvervangend uit zijn naam gedaan." Ze kan de verbijsterde blik van het meisje wel enigszins plaatsen "Wacht even, dat ik het goed begrijp... die man komt ons overvallen, wij overmeesteren hem en hij klaagt ons aan..." Stamelt ze "Niet jullie... alleen jou." Verduidelijkt Tony met een lievige glimlach. "Die man klaagt jou aan, weet je wat hij zoal heeft opgelopen? Ze pakt het medisch attest erbij "Gescheurde oogkas, gekneusde kaak en gebroken neus. Moest je zijn gezicht zo verbouwen? Gekneusde nekwervels ook... je bent wel erg wild aan de gang geweest en dan heb ik het nog niet over de... vitale onderdelen. Je hebt die man zo hard geschopt dat hij misschien wel nooit meer kinderen kan verwekken..." Yentl haalt haar schouders op "Dat zal nogal meevallen." Denkt ze hardop. Tony kijkt haar recht aan "Dat valt niet mee, Yentl. Als mijn collega's niet waren gekomen was je dan door gegaan met schoppen? Ik denk het wel, je had hem invalide geschopt, je hebt geluk dat zijn hersenen waarschijnlijk onbeschadigd zijn gebleven." Yentl kijkt naar de tafel "Ik heb gewoon gedaan wat we op zelfverdediging geleerd hebben... het heeft nu ook geen zin meer om te ontkennen, ik heb het zelf aan jullie verteld." Ziet ze de humor van de situatie nog wel in "Ja, dat vinden wij ook wel wat ongelukkig." Mompelt Tony. "Ja," Moppert Yentl "ik snap dit niet hoor, dat is toch belachelijk. Die vent die overvalt ons en dan mogen we ons niet verdedigen?" Ze kijkt Tony kwaad aan, die schraapt even moeizaam haar keel en komt dan met een diplomatiek antwoord "We zetten onze vraagtekens bij de mate van geweld, we leven in de veronderstelling dat je onnodig veel geweld hebt gebruikt bij het staande houden van de heer Donker. Zeker het nog tegen het hoofd trappen toen het slachtoffer al op de grond lag, heeft veel van een onnodige wraakactie." Tony kijkt Britt even aan en trekt haar wenkbrauwen op als die een gezicht trekt alsof ze naar een oersaai sprookje zit te luisteren "Slachtoffer? Is hij nu al slachtoffer. Zeg wat is dat hier voor een ballentent. Die vent stond daarbinnen wel met een pistool te zwaaien, ik weet inmiddels ook wel dat dat geen echt was. Maar ik studeer filosofie geen wapenkunde, weet ik veel, voor mij ziet het er echt uitziet, het was in elk geval geen waterpistool!" Tony zucht, ze denkt niet dat ze de redelijkheid van deze aanklacht ooit uitgelegd krijgt. "Wel goed, we maken straks formeel proces verbaal tegen je op, want ik neem aan dat je bekent?" Yentl knikt gedwee "Ik heb niet veel keuze geloof ik, natuurlijk beken ik, ik heb die vent neergeklopt, inderdaad." Tony knikt ook even "Goed en als we dan proces verbaal op hebben gemaakt mag je weer de straat op en ik zou in afwachting van het proces niet de stad uitgaan, als ik jou was." Yentl kijkt weer op "Nee hè, dat meen je, ik ga over een week voor een paar dagen naar Berlijn." Tony schudt vermoeid haar hoofd "Ja eh... zeg maar niks, laat me alsjeblieft even weten wanneer ik dus niet aan de deur moet komen en zorg ervoor dat je terug komt." Snauwt ze wat kortaf, maar Britt weet dat ze in principe weer buiten het boekje gaat. "Ik maak het PV wel op." Biedt ze aan en schuift aan de computer. Tony staat met een knik op om iedereen van wat te drinken te voorzien. "We laten Joris gaan." Zegt Raymond terwijl hij de jongen voor zich uit de gang opduwt op het moment dat Tony terug komt met de koffie. "Waar is Yentl, we gaan samen terug." Vraagt Joris haar "Yentl blijft nog even hier." Zegt Tony "Nee, jullie gaan haar toch niet echt aanklagen ?!" Schreeuwt de jongen uit. Tony rolt met haar ogen "Niet wij, de overvaller klaagt haar aan." Neemt ze een zekere afstand van de zaak. Britt is op het geschreeuw afgekomen en steekt haar hoofd om de hoek. "Ja, maar jullie onderzoeken het wel en jullie houden haar vast, het is jullie schuld! Hoe kan je nou iemand aanklagen als je zelf een zaak hebt overvallen, dan deugt dat systeem toch voor geen meter?! Jullie deugen van geen kanten, stof klotewijf." Hij staart haar woedend aan en Raymond heft zijn stem in protest aan "Zeg jongeman, daar kunnen wij verder ook weinig aan doen." Snauwt Tony "Je wilt er niks aan doen! Nou, wacht maar af, ik zal zorgen dat je er spijt van krijgt!" Met een wild gebaar slaat hij alle bekertjes koffie uit Tony's handen en beent weg. De koffie vliegt Tony en Britt in het gezicht en over de kleren "Auw!!!" Gilt Tony "Dat is verdomde heet!" Alsof het helpt blaast ze op haar handen. Britt veegt haastig de koffie uit haar ogen en tapt een bekertje water uit het waterautomaat om het door te geven aan Tony, die probeert haar hele hand erin te steken. "Ik klaag hem aan." Moppert Tony in een poging grappig te zijn. "Ik ook, mijn nieuwe trui, naar de maan." Mompelt Britt, ze kijkt triest naar haar trui. "Zo kan ik niet verhoren, ik zie er niet uit. Ik kleed me even om." Moppert ze en gebaart Raymond even op het meisje te passen. Ook Tony is de mening toegedaan dat ze de wereld niet tegemoet kan treden verzopen in de koffie en dus spurt ze achter Britt aan om in haar kastje naar een andere trui te zoeken. "Ik maak dat proces verbaal wel op, dan kan dat kind naar huis." Roept Raymond hen na "Doe maar rustig aan." Dat laten ze zich geen twee keer zeggen, de zaak is toch al niet favoriet. Ze lopen rustig naar de kleedkamer. "Wat hebben jullie gedaan?" Vraagt Vanbruane als ze de twee ziet aankomen. Ze kijkt vragend naar de kleding van de dames. "We hebben Yentl aangehouden en ik kwam net aan met drie kopjes koffie toen dat die Joris ter oren kwam. Ik vond het er al uitzien als een lozer, nu vind ik hem nog vervelend ook." Moppert Tony "Een vervelende lozer." Grinnikt Britt. "Hebben jullie nog andere kleren bij?" Vraagt Vanbruane "Wij zijn op alles voorbereid. Voor ik nog es in mijn uniform ga rondlopen om zo'n stom rotgeintje..." Zegt Tony. De dag dat ze bekogeld waren met potten gel, open potten gel, lag nog vers in haar geheugen. Ze hadden naar een huis moeten gaan om een getuige op te halen, wisten zij veel dat het een krakerspant was waarin mensen zaten die dachten dat zij met z'n tweeën speciaal kwamen om hen uit het pand te zetten. De gel had alles bevuild en de stank was zodanig dat ze wel andere kleren aan moesten doen. Het enige dat voor handen was was voor beiden het uniform. Dat was twee weken terug. Britt was nog dikker geworden ook, al zag je dat verder niet, maar ze had haar uniformbroek nauwelijks dicht gekregen. Tony had er hartelijk om moeten lachen, meestal was zij van de twee degene die tot de ontdekking moest komen dat er weer iets niet meer paste. Nu mocht Britt ook eens, zeker teveel gesnoept in de kersttijd. Ze loopt achter Britt aan naar de kleedkamer en rukt haar kastje open, ook Britt haalt moeiteloos een extra stel kleren tevoorschijn. "Zo," Zegt ze en trekt haar kleren uit "Wat prettig toch, een goede meid is op haar toekomst voorbereid." Lacht ze terwijl ze haar broek en trui opvouwt. "Ja, je maakt nog wat mee op het commissariaat, rondvliegende koffie..." Tony kijkt lachend naar Britt die net recht gaat staan om haar broek dicht te doen. "Britt..." Tony kijkt zonder terughoudendheid naar Britts buik. Dit is geen snoepdik meer, Tony weet hoe een zwangere buik eruit ziet. Verder is Britt nergens dik geworden, maar haar buik steekt duidelijk, nou ja... zichtbaar, naar voren. Haar mond valt open en ze kijkt vrolijk op. Britt kijkt haar glimlachend aan en knikt "Is dat waar... wat ik zie?" Ze wijst op Britts buik "Ik geloof mijn ogen niet." Britt slaat haar ogen neer, ze weet even niet goed waar ze moet kijken "Ik ben vier maanden zwanger Tony." Zegt ze terwijl ze haar truitje over haar hoofd trekt. "Britt, dat is fantastisch nieuws!" Tony stapt op Britt af en omhelst haar "Vier maanden al... ja, dat is ook wel te zien. En alles gaat goed...?" Ze kijkt Britt aan, die knikt en gaat dan op de bank zitten. Tony gaat naast haar zitten en legt een arm om haar schouder "Jee Britt, wie had dat gedacht? Wat fantastisch, hoe vinden Sel en Dorien het?" Ratelt Tony door. Britt glimlacht "Geweldig natuurlijk." Zegt ze en knoopt haar schoenen dicht "En jij?" Britt kijkt haar aan "Ik vind het ook geweldig," Zegt ze "het kan niet perfecter zijn, dit is gewoon..." Ze zwijgt "Het is je zo gegund!" Vindt Tony. "Hé Britt," Selattin komt binnen "alles goed?" Hij gaat bezorgd bij haar zitten. Britt knikt "Het was maar wat koffie, Tony is er nog voor gaan staan ook." Glimlacht ze "Sel," Tony schudt vrolijk Selattins hand "Gefeliciteerd... ik snap nu de toespeling van afgelopen zaterdag... je hebt al bewezen dat je een man bent." Selattin lacht "Dankje Tony, ja dat lijkt me wel genoeg bewijs, niet waar?" Hij glimlacht naar Britt, blij dat ze OK is. "Ik zal het Ben dan ook maar vertellen, anders voelt ie zich weer achtergesteld." Bedenkt Selattin en stapt met een glimlach weer weg. Tony en Britt lopen ook terug naar het lokaal. Ze zien even later Yentl over de gang lopen. Raymond komt naar hen toegestapt. "Zo, die klus is geklaard. Tja, nu is het verder een zaak voor de rechtbank." Hij ploft achter zijn bureau neer. "Britt en Tony, kunnen jullie even naar die winkel gaan, er is daar een hele volksmassa geloof ik." Vanbruane steekt haar hoofd buiten de deur "Die winkel die is overvallen ja, die... ik snap het ook niet, maar ik krijg een oproep. Ga even kijken wat daar gaande is, er is al een patrouille ter plaatse en er is versterking onderweg, maar ik wil weten wat er aan de hand is." Ze kijkt de dames aan "Moeten wij daarheen baas?" Vraagt Britt twijfelend. "Ik heb even niemand anders en die zaak met dat meisje is ook van jullie." Tony briest "Dat is niet eens een zaak." Vanbruane trekt een gezicht "Inpakken en wegwezen." Britt staat op "Maar baas, het kan gevaarlijk zijn en ik..." Vanbruane zucht "Je bent vast niet bij de politie gegaan met het idee dat je nooit gevaar zou lopen, kom, kom, we leven allemaal in deze wereld. Tuurlijk is het een beetje gevaarlijk, maar van een paar blauwe plekken en wat duwen en trekken is nog niemand ooit dood gegaan en bovendien het ziet daar inmiddels blauw van de politie. Je hoeft alleen maar te kijken, het lijkt me sterk dat die lui jullie gezicht nog herinneren." Ze wil weer terug het bureau in gaan "Maar baas, ik moet wat zeggen dan, ik kan niet..." Vanbruane onderbreekt haar zonder pardon "Nu Britt, straks zijn ze er niet meer, als je iets wil zeggen, ik ben er straks nog wel." Ze trekt de deur achter zich dicht. Britt kijkt Tony aan en klemt haar lippen op elkaar "Ik wil daar niet heen." Zegt ze als ze in de auto zitten "Wat als ze ons herkennen?" Tony kijkt Britt aan "Dan blijf maar in de auto zitten, ik ga wel polshoogte nemen, ik snap het wel. Ik zou ook niet gaan als ik jou was." Britt zucht "Zo'n bange muis ben ik nou ook weer niet... nee laat maar, ik wandel wel mee, maar laten we het snel doen." Lang zoeken naar de winkel is het ook niet. Voor de supermarkt heeft zich een aantal mensen verzameld en vanaf een stapel dozen die elk moment in kan storten spreekt Joris hen toe. "Die lozer zorgt voor problemen." Wijst Tony gepikeerd en parkeert de auto. Snel stapt ze uit en Britt volgt haar voorbeeld. Ze zien de collega's al die door de mensen uitgejouwd worden. Ze staan wat ongelukkig op een kluitje bij elkaar te kijken. Tony en Britt lopen naar hen toe "Ze zeggen dat een collega van hen is gearresteerd, omdat ze die overvaller heeft neergeslagen. Dat is eigenlijk de hoofdzaak van het verhaal. Ze zijn kwaad omdat je tegenwoordig jezelf dus niet eens meer mag verdedigen." Legt een van de agenten hen uit. Een groepje mensen draait zich net in hun richting om weer te beginnen met schelden. "Dit is echt een heel volks protest." Concludeert Tony "Ja, dat heb je met winkels in dit soort wijken... die schreeuwlelijk daar..." De agent gebaart naar Joris op de dozen "heeft iedereen zo op de hand. Gelukkig is de ME zo hier, ze zijn onderweg." Stelt de agent hen gerust. Opeens tikt Britt Tony op de arm en wijst op een man die zich losmaakt uit de groep en op hen afkomt "Monsard." Tony spreekt de naam uit alsof ze het heeft over het een of ander glibberig insect dat verdelgd moet worden. "Is het waar dat Yentl van der Kooij is gearresteerd voor het aanhouden van die overvaller?" Roept hij naar Tony "Zij is niet aangehouden vanwege het feit dat ze die overvaller heeft aangehouden, er is tegen haar een klacht ingediend door de overvaller vanwege het feit dat er bij de overmeestering van die overvaller teveel geweld zou zijn gebruikt. Het een en ander is vandaag verhelderd en de zaak ligt ter beoordeling bij de rechtbank." Tony lijkt tegen Monsard alleen maar te kunnen snauwen. "Jullie hebben haar verhoord zeker?" Vraagt hij "Dat lijkt me weinig relevant hier. Ik heb de verklaring gegeven. En wat is dit hier als ik vragen mag?" Tony kijkt Monsard vragend aan "De mensen komen bij elkaar, ze willen uitleg. Is het niet zo dat je in dit land jezelf niet meer kunt verdedigen? Iemand komt je overvallen en je mag hem niet aanhouden, dan word je aangeklaagd, is dat niet te stom voor woorden?" Monsard blijft zijn voorspelbare vragen afvuren en Tony blijft herhalen dat ze geen commentaar heeft. In de verte ziet ze de ME busjes aan komen.
Selattin tikt Raymond aan "Hé, weet jij waar Britt is?" Vraagt hij. Raymond knikt "Die is naar die winkel die overvallen is. Er is daar een hele volksoproer. Ze moesten van de baas gaan kijken wat er aan de hand was daar. Ze ging niet graag... die lui herkennen haar natuurlijk en het is niet moeilijk waar die oploop om gaat. De mensen vinden het vast niet leuk, ik hoor het ze zeggen 'je mag jezelf niet meer verdedigen hier'. Nee, de politie zal daar niet hartelijk ontvangen worden. Je vriendin zal wel moe zijn vanavond, ha, ha, dat wordt weer koken... Ik heb al gehoord dat de ME op weg is daar naar toe, ik hoor alarmerende berichten... Nou, ze moest van Vanbruane, dus is ze maar gegaan." Raymond grinnikt, maar Selattin kan er niet mee lachen. Hij kijkt om naar Vanneste die op de achtergrond staat mee te luisteren "Verdomme Raymond," Snauwt hij "Dat is niet grappig!!!" Hij stapt naar de deur van Vanbruanes bureau en gooit die open. Raymond kijkt verbaasd, zo heeft hij Selattin nog nooit meegemaakt, zo fel... bezorgdheid om Britt? Tjee, het was maar een grapje, ja, het zal er ruig aan toe gaan, misschien vangt ze zelfs een paar klappen als ze haar herkennen, maar zo'n vaart zal het allemaal niet lopen. Hij kijkt om naar Ben die hem ook kwaad staat aan te kijken "Wat is er aan de hand?" Roept hij uit "Ja, dat was dus niet slim hè, om dat zo te brengen..." Hoofdschuddend kijkt hij naar Vanbruanes bureau. "Hoe kun je dat verdomme doen? Hoe kun je Britt daar naar toe sturen? Ze is daar geweest, ze herkennen haar en Tony toch zo?!" Woedend slaat Selattin op het bureau van Vanbruane. Die kijkt verbaasd op naar Selattin "Zeg, ik begrijp dat je je zorgen maakt, maar is dit niet wat overdreven... ze zal hoogstens een tik oplopen als ze niet snel genoeg weg is, dat krijgen we allemaal wel eens, kom, kom..." probeert ze te sussen. "Een tik?! Ze wilde niet gaan... ze wilde niet gaan, niet waar? Ze heeft tegen je gezegd dat ze niet wilde gaan." Kwaad kijkt Selattin haar aan. Vanbruane knikt twijfelend "Ja... ze wilde praten, ik heb gezegd dat we daarna konden praten... Ja Selattin, luister eens, zij doen die zaak, zij weten wat van de achtergrond en het is toch goed als iemand daar even polshoogte gaat nemen..." Vanbruane kijkt Selattin wat verbaasd aan. "Britt is zwanger..." Zegt die zacht, maar zeer duidelijk. "Wat?" Vanbruane kijkt hem verbijsterd aan "Ze is zwanger..." Herhaalt Selattin "Je weet wel, baby in de buik... een tik... een tik zeg je toch. Waarom stuur je haar nou net daarheen?" Hij kijkt haar verbeten aan. "Ik wist het niet..." Fluistert Vanbruane schuldbewust "Ik wist het niet, ze heeft het niet gezegd..." Ze kijkt Selattin aan "Dat probeerde ze te zeggen... ik heb niet geluisterd." Ze klemt haar lippen op elkaar en grijpt naar de telefoon "Roep onmiddellijk Britt en Tony terug naar het commissariaat." Snauwt ze in de telefoon. Ze kijkt Selattin aan en schudt haar hoofd. Het duurt niet lang of er word terug gebeld "Wat bedoel je, ze reageren niet?... OK, ik begrijp het, ik bel wel..." Ze legt de telefoon neer en toetst het mobiele nummer van Britt in. Maar ook op haar mobiele nummer reageert Britt niet. "Transmissie blijft proberen natuurlijk..." Zegt Vanbruane twijfelend als ze Selattins' gezicht ziet. Die bijt op zijn wang en stapt weg. Ben volgt hem met grote passen naar de motors "We gaan erheen, ze reageren niet op transmissie en op de telefoon... hebben ze in de auto liggen zeker." Legt Selattin snel uit. Ben knikt en stapt op zijn motor.
"Tony, ik snap nu wel wat er gaande is, laten we terug gaan." Zegt Britt als ze even vanaf een afstandje naar de groep hebben staan kijken die nu in de gaten krijgt dat de ME zich aan het groeperen is. De ME heeft zich net naast hen geposteerd en maakt nu een omtrekkende beweging. Ze ziet hoe Joris' ogen alles volgen wat de groep doet. Net als ze aan wil lopen en Tony nog eens ongeduldig aan haar mouw heeft getrokken ontmoeten Joris' ogen die van haar. Ze ziet onmiddellijk een glans van herkenning er doorheen schieten "Tony, ik wil hier nu weg." Eist ze. Tony knikt en volgt haar achter de haag van ME-ers uit richting de auto. Joris stoot een paar mensen aan en leidt hen door de groep heen richting de auto waar Britt en Tony zich ook heen haasten. Het is inmiddels een hele club geworden daar bij de winkel. Zo'n dertig man staan zich kwaad te maken op alles wat met politie en justitie te maken heeft en een even groot aantal ME-ers maken zich op voor een een eventuele aanval van de groep. Vooralsnog blijkt het overgrote deel van de groep mensen echter te bestaan uit schreeuwers, niemand lijkt extreem veel zin te hebben in een confrontatie met de ME en ze houden zich op wat schreeuwen en spugen na eigenlijk heel rustig. Tony opent het portier van de bestuurderskant en Britt loopt naar de andere kant. Maar voor ze haar portier heeft kunnen openen duiken er een paar mannen links en rechts van haar op. In een van hen herkent ze het studentje, Joris heeft haar kennelijk inderdaad meteen herkend en komt nu verhaal halen. "Waarom houden jullie Yentl vast?" Eist hij een verklaring. Britt zucht "Wij houden Yentl helemaal niet vast, ze loopt al lang weer rond." Zegt Britt en wil haar portier openen. Maar een van de mannen houdt het dicht zodat ze niet in kan stappen. "Jullie hebben haar anders wel aangeklaagd. Mooi is dat, iemand overvalt een winkel en wie wordt er opgepakt, degene die de winkel verdedigt." Zegt een van de mannen, hij laat zijn gezicht dichtbij dat van Britt komen als hij haar de zin toesnauwt. Britt staat met haar rug tegen de auto en kan niet verder teruguit. Wat angstig kijkt ze achterom naar Tony die nu weer uit de auto stapt. Ze heeft echt haar dag niet vandaag, denkt ze. "Iedereen hier is kwaad," Dreigt Joris terwijl hij dicht tegen haar aan gaat staan en zijn handen op haar schouders zet "als je wil kunnen we er een heel drama van maken, gevecht met de ME, optrekken naar het politiebureau... allemaal heel leuk voor de pers en niet leuk voor jullie imago..." Hij duwt haar hard tegen de auto "Laat mij los." Zegt ze vast "Dan moeten jullie Yentl laten gaan." Vindt een van de mannen "Ik zeg het, we hebben haar niet meer, laat mij los." Ze ziet vanuit haar ooghoeken met twee andere mensen een handgemeen heeft over het feit of ze haar wel of niet moeten doorlaten en Britt wel of niet moeten laten instappen. "Jullie moeten die aanklacht laten vallen." Eist de andere man, terwijl hij en Joris haar nog een duw geven. Meer dan wat duwen en trekken durven ze toch niet, schiet het door haar heen. "Wij kunnen die aanklacht niet laten vallen, want wij hebben hem niet ingediend. Een ander heeft dat meisje aangeklaagd wegens geweldpleging. Dit soort stemmingmakerij leidt nergens toe en komt Yentl's zaak ook zeker niet ten goede." Voegt ze er aan toe. Joris kijkt haar kwaad aan en wil net opnieuw zijn mond open doen om beginnen zeuren over veiligheid, eerlijkheid en het rechtssysteem als het geluid van een motor snel dichterbij komt. Vanneste en Selattin parkeren hun motors bijna boven op de auto en zijn dan vervolgens in drie passen bij Britt. Selattin grijpt de mannen stuk voor stuk en gooit hen naar achter in de armen van Vanneste die hen met een vrolijk "Politie Gent, ik arresteer u wegens het bedreigen van een ambtenaar in functie." Aan elkaar boeit en voor zich uit naar de combi stampt. Tony steekt haar duim op en loopt met hem mee terwijl Selattin Britt in zijn armen sluit. "Gaat het?" Vraagt hij zacht. Britt knikt, maar kan het niet helpen dat er tranen in haar ogen opwellen. "Hebben ze je wat gedaan? Heb je pijn?" Vraagt Selattin bezorgd. Britt schudt haar hoofd "Ik was zo bang." Piept ze dan en drukt zich tegen Selattin aan. "Het is echt alleen maar wat duwen geweest, maar... ik was gewoon zo bang en ze lieten ons gewoon niet in de auto..." Ze kijkt Selattin aan "Ik stel me echt vreselijk aan, maar ik heb geloof ik echt geen goede dag vandaag, alles... komt echt als een muur op me af. Ik voel me gewoon zo kwetsbaar." Selattin kust haar op haar voorhoofd "Dat ben je nu ook, dus dat mag je rustig zijn. Je stelt je echt niet aan..." Britt glimlacht dapper "Ik ben blij dat jullie er zijn. We waren er uiteindelijk heus wel uitgekomen, want ze durfden toch niet echt iets te doen, maar... ik vond het gewoon wel bedreigend." Tony komt terug en steekt haar duim op naar Britt "Ca va?" Britt knikt "Weer een blauwe plek voor in het verzamelboekje." Tony stroopt haar mouw op en laat een blauwe plek op haar onderarm zien "Ze wilden me niet door laten." Verklaart ze als Britt vragend kijkt. "Maar nu kan ik ze tenminste wel echt even pakken op bedreiging. Hij wilde me een kaakslag geven... ik was sneller." Ze kijkt trots en loopt lachend naar Vanneste die op zijn motor is geklommen klaar om te vertrekken na deze interventie. Britt gaat in de auto zitten en even later is het hele stel weer terug op het commissariaat waar ook net de mannen worden binnen gebracht die zijn aangehouden wegens het bedreigen van Britt en Tony. "Nou, nou, ja wat een dreiging." Zegt Tony smalend als ze boven komen en ook Britt kan er nu wel om lachen "Ze durfden eigenlijk niets hè." Grinnikt ze de zenuwen uit haar lijf. "Die volksoproer is ook al opgelost." Zegt Vanneste terwijl hij op zijn walkietalkie wijst. "Kennelijk hebben de mensen ons die lui zien arresteren en gedacht dat ze zich maar beter uit de voeten konden maken, de ME heeft niet eens wat hoeven doen." Vanbruane komt de gang ingelopen en blijft bij de deur twijfelend staan. Britt kijkt Tony aan en rolt even met haar ogen, ze ziet dat Vanbruane adem haalt voor ze naar haar toeloopt. "Gaat het Britt?" Vraagt ze als ze voor haar staat. Britt knikt "Er is niets gebeurd." Zegt ze een beetje stug. "Het spijt mij, OK? Het spijt me echt vreselijk, ik wist het niet en ik had geen vermoeden..." Hakkelt Vanbruane ongemakkelijk "U dacht dat ik gewoon weer eens aan het zeuren was." Concludeert Britt helder. Vanbruane kijkt naar Tony, maar die trekt haar wenkbrauwen op en loopt door, 'tja,' lijkt ze te zeggen 'dop jij je eigen boontjes maar'. "Britt, serieus, toen ik het hoorde heb ik jullie terug laten roepen, maar jullie reageerden niet op de mobiel en..." Britt knikt "Die lag in de auto." Verklaart ze "Ik houd er vanaf nu natuurlijk rekening mee. Echt het spijt me echt ontzettend, ik hoop dat je dat begrijpt..." Britt knikt met een glimlach en haalt haar schouders even op "U wist het niet..." Zegt ze toegeeflijk. "Mag ik je dan nu van harte feliciteren?" Vraagt Vanbruane met een glimlach. Britt knikt en slaat haar ogen weer neer, ze wordt eigenlijk zelfs een beetje misplaatst verlegen van de aandacht. Selattin komt met zijn helm onder de arm naast Vanneste aangestapt. "Selattin, gefeliciteerd ook..." Zegt Vanbruane als hij even bij Britt blijft stil staan. Selattin knikt "Dank u wel..." Zegt hij nog even wat stug, maar hij realiseert zich ook wel dat Vanbruane er in alle onwetendheid ook weinig aan kan doen dat ze Britt naar de winkel heeft gestuurd. "Ik weet zeker dat je een goede vader zult worden." Glimlacht Vanbruane "Beschermend." Grinnikt Ben en hij omhelst Britt even "Gefeliciteerd Britt, jullie zullen het heel goed doen samen, daar ben ik zeker van." Pasmans die alleen maar het laatste heeft opgevangen kijkt Selattin aan "Gaan jullie eindelijk trouwen?" Vraagt hij opgelucht, hij gelooft toch nog altijd in de sacramenten en ziet een stel toch graag getrouwd samen wonen. "Nee, we krijgen een kind." Zegt Selattin en geeft hem een klap op de schouder "Zonder te trouwen..." concludeert Pasmans droog "Wel, van harte gefeliciteerd dan." Hij geeft Selattin en Britt allebei een stevige hand. "Ah eindelijk, het moest er toch eens van komen." Is de reactie van Raymond als hem het heugelijke nieuws wordt medegedeeld. "Dan is toch nog bewezen dat je een man bent, Sel." Grijpt hij terug op de discussie van zaterdag. Selattin gaat grinnikend aan het werk net als de rest. Het nieuws gaat als een lopend vuurtje door het commissariaat. Steeds als Britt ergens iets gaat halen of moet vragen feliciteren de mensen haar en Selattin overkomt hetzelfde. Aan het eind van de dag zijn ze het alle twee doodmoe, een beetje rust kan af en toe geen kwaad. Pasmans en Raymond hebben de mannen verhoord die Tony en Britt hebben bedreigd en ook tegen hen is proces verbaal opgemaakt. Opnieuw is de zaak afgehandeld en ligt alles bij de onderzoeksrechter. "Nou," Zegt Tony als ze terug komt van haar bezoekje aan de onderzoeksrechter "Laten we hopen dat het nu echt de laatste keer is dat we ermee te maken hebben. Ik ben die zaak goed beu, het deugt menselijk gezien van geen kanten." Vanbruane haalt haar schouders op "Het is nu niet meer ons probleem, laat de onderzoeksrechter er maar naar kijken." Tony knikt "Ik wil niet eens weten wat de uitslag is," waarschuwt ze "wat een gedoe." Ze stapelt haar spullen weer netjes op aan de rand van haar bureau en staat op "Ik ben naar huis." Zegt ze "Wij gaan ook." Britt wijst op Selattin en zichzelf en ook Vanneste is aanstalten aan het maken om naar huis te gaan. Pasmans en Raymond zijn al vertrokken dus als Vanbruane even later zelf de lichten in haar bureau uitdoet is de afdeling al verlaten. Met een glimlach kijkt ze naar het bureau van Britt waarop een foto van Selattin en Dorien prominent in het midden staat. Ze verdienen het, ze verdienen dit geluk absoluut. Ze knipt het licht uit en stapt de gang op.
Als Selattin en Britt thuis komen zit Dorien al met het eten te wachten. Zij heeft samen met Lieve gekookt en is daar helemaal trots op. Britt kijkt Selattin aan en knijpt even in zijn hand "Wil je blijven eten, Lieve?" Vraagt Selattin "We hebben nog wat nieuws te vertellen." Lieve kijkt van Britt en Selattin naar Dorien die met een geheimzinnige glimlach knikt dat ze moet blijven. Dus wordt er een bord bijgezet en schuift Lieve aan. Na wat over koetjes en kalfjes... en Dorien, te hebben gekletst kijkt Britt Lieve aan "Ik denk dat je baan hier een beetje gaat veranderen..." Lieve kijkt Dorien aan "Je vindt dat Dorien oud genoeg is om alleen thuis te blijven..." Raadt ze "maar wie doet al het werk in het huishouden dan?" Voegt ze er meteen aan toe, ze heeft weinig zin om haar baantje kwijt te raken, bovendien denkt ze stilletjes dat Dorien absoluut nog niet alleen thuis kan blijven "Oh nee." Schrikt Britt "nee, nee, ik denk niet dat dat goed is voor Dorien." Lieve kijkt blij op "Nee, dat dacht ik ook niet." Geeft ze toe. "Ik bedoel te zeggen dat... je werk hier zal veranderen... wij...eh... ik... ik ben namelijk zwanger." Ze kijkt Lieve afwachtend aan, diens ogen veranderen in schoteltjes "Echt waar?" Roept ze verbaasd uit "Dat is fantastisch." Britt vraagt zich af hoe vaak ze dat nog moet gaan horen in de komende tijd. "Dorien..." Lieve geeft Dorien vrolijk een stomp "Daar had jij het over vanmiddag?" Dorien lacht en knikt "Had je het al gezegd?" Vraagt Britt verbaasd. Dorien schudt haar hoofd "Nee, ze maakte een toespeling, maar ik dacht er niet goed bij na. Bij school stond iemand met een kinderwagen met een klein baby’tje. Dorien kwam uit school en ze trekt mij mee naar die wagen en zegt iets van 'lief hè, zo'n baby’tje... zou het niet leuk zijn als wij er ook zo eentje thuis hadden?' Ik heb dan iets gezegd van 'Ja, dat lijkt me heel leuk, maar voor dat soort dingen moet je toch echt bij je moeder zijn en niet bij mij'. Ze was me gewoon al aan het polsen." Lieve kijkt Dorien lachend aan "O jee Dorien... dan wordt je grote zus..." Dorien knikt "En ik mag ook eens proberen om de fles te geven en meehelpen met het badje of zo." Lieve knikt "Ik ga je ook zeker leren hoe je luiers moet verschonen..." Dreigt ze. Selattin en Britt kijken elkaar gelukkig aan, dat zit wel goed. Als alles weer is opgeruimd na het eten vertrekt Lieve weer naar huis en gaan ze rustig even zitten. "Zullen we onze ouders ook maar opbellen?" Stelt Britt voor "Dan hebben we het ook allemaal gehad ook." Als Dorien naar bed is gegaan haalt Selattin diep adem en draait het nummer van zijn ouders in Turkije. Britt luistert scherp mee, maar veel kan ze er niet van volgen, het hele gesprek gaat in het Turks. Maar op een zeker moment heeft Britt wel door dat Selattins' ouders buiten zichzelf zijn van enthousiasme, ze hoort hun gekwetter aan de andere kant van de kamer. Met pretoogjes kijkt ze naar Selattin die naar zijn hoofd grijpt en gebaart dat hij doof wordt. Het duurt even voor hij ze ver genoeg tot bedaren heeft weten te brengen om de telefoon weer neer te kunnen leggen. Met een droog "Ze vinden het leuk geloof ik." Legt hij neer en kijkt lachend naar Britt "Ze gingen echt helemaal door het lint, ik heb zelden zo'n gelukkige woorden van ze gehoord. Ik geloof dat mijn moeder nu het dorp in rent om het aan de hele gemeenschap te vertellen." Hij schudt zijn hoofd, zijn ouders zijn soms grappige mensen, denkt hij. Hij houdt de hoorn op naar Britt "Jij mag het jouw ouders vertellen." Zegt hij. Britt zucht moe "Doe jij maar." Zegt ze "Ik ben moe, dan begin mijn moeder weer over gezond eten en veel slapen..." Selattin toetst lachend het nummer en in en loopt met de telefoon naar de bank toe waar Britt op hangt. Hij gaat bij haar zitten en ze nestelt zich lekker tegen hem aan. "Anne, hoi, met Selattin." Begint Selattin en kijkt dan verbaasd naar de hoorn als daaruit een hele woordenstroom komt "eh... nee, alles is goed hoor, nee er is niets mis met Britt, nee maak je maar geen zorgen..." Kan een mens tegenwoordig al niet meer bellen zonder rampnieuws door te geven, denkt hij verrast door de uitbarsting van ongerustheid. Lachend pakt Britt de telefoon uit zijn hand "Hoi mam, alles is OK met mij..." aan de andere kant houdt Britts moeder eindelijk stil "Ik heb leuk nieuws zelfs, jullie worden nog een keer opa en oma..." Het blijft stil aan de andere kant "Hallo mam, ben je er nog?" Vraagt Britt twijfelend, maar dan barst haar moeder weer los "Oh kind, wat fantastisch, dat had ik toch echt niet meer gedacht, wat geweldig, wat een leuk nieuws, ik roep je vader erbij...." Britt kijkt lachend op naar Selattin terwijl de woordenstroom aan de andere kant aanhoud. Selattin lacht als Britt haar vinger opsteekt bij de woorden 'eten', 'slaap', 'vitaminen', 'rust', 'voorzichtigheid' en 'verantwoordelijkheid'. Britt besluit Selattin mee te laten genieten en zet de telefoon op microfoon zodat ook Selattin goed kan horen dat hij er op toe moet zien dat Britt goed eet, slaapt, rust en voorzichtig is. In haar positie ren je niet meer achter criminelen aan... een kantoorbaan dat zou het beste zijn... Britt protesteert kreunend met "Het is pas vier maanden mam, ik kan niet nu al..." Aan de andere kant klinkt het "Vier maanden al?! Heb je dan al..." Er komt een hele reeks van fenomenen die grotendeels nieuw zijn voor Selattin. Het geeft hem een hernieuwde angst voor wat er allemaal nog te gebeuren staat. Als Britt dit nog allemaal door moet maken overleeft ze de zwangerschap niet, dat staat als een paal boven water. Britt doet alsof ze gaapt en schudt af en toe haar hoofd als haar moeder weer een enge kwaal opnoemt. Gelukkig heeft ze nu eindelijk Britts vader gevonden en schreeuwt hem toe "Britt en Selattin krijgen weer een kind." Selattin lacht "Alweer?" Fluistert hij in Britts oor. Die lacht ook "Oh leuk..." Horen ze Martin mompelen "Hoe werkt dit ding ook al weer..." De ouders van Britt hebben net een nieuwe telefoon 'zo een waar je mee kan lopen' en Martin had liever de oude weer terug gehad 'ik loop toch nooit als ik bel'. "Ah Britt, hoor je mij?" Britt lacht "Ja pap, uitstekend." Ze horen haar vader even lachen "Fijn Britt, heel fijn dat je een kindje krijgt, jullie zullen wel blij zijn... moet je trouwens horen wat er met die bollen is gebeurd die ik met Dorien in de grond heb gestopt..." Selattin valt bijna achterover van de bank van het lachen. Daar komen de Dahlia’s weer aan, denkt hij. Britts vader leeft voor zijn tuin en kan het bijna over niets anders. Tot die conclusie komt Britts moeder ook, ze neemt de telefoon weer over en overstelpt Britt met adviezen en goede raad voor ze eindelijk ophangt. "Je vader is echt onbetaalbaar." Vindt Selattin "Zeg dat wel." Grinnikt Britt. "Zo, dat hebben we ook weer gehad, nu verspreidt het nieuws zich vanzelf wel." De telefoon gaat en Selattin neemt op "Hoi Sel," Selattin wijst op de telefoon "Mihriban" Zegt hij tegen Britt "Zeg Sel, wat hoor ik nou, krijgen jullie een kind?" Gaat Mihriban plagend verder. Selattin lacht "Ik denk dat we nog van geluk mogen spreken dat ze niet meteen in het vliegtuig zijn gesprongen om hierheen te komen." Zegt Mihriban "Had je niet beter tot de laatste maand kunnen wachten?" Selattin grinnikt "Ja, dat idee kreeg ik bij Britts' ouders ook." Geeft hij toe. "Denk eraan bij de volgende keer." Grapt Mihriban. "Nou, jij moet daar maar aan denken als jij..." plaagt Selattin haar. "Ja, ja, wees niet bang, daar is mama ook al over begonnen. Nou ja, ik belde maar om te waarschuwen dat je dus binnenkort van alle ooms en tantes telefoontjes kunt verwachten." Selattin knikt "Wij zijn voorbereid." Zegt hij "Voorbereid? Schaf jezelf beter een geheim nummer en een onderduikadres aan." Selattin kletst nog even met Mihriban. Als hij de telefoon weglegt is Britt al in zijn armen in slaap gevallen. Voorzichtig veegt hij het haar uit haar gezicht en blijft een tijdje liggen kijken naar wat hij een volmaakt gezicht vindt. Zachtjes aait hij haar over haar wangen en wacht tot ze wakker wordt en beschaamd naar hem opkijkt "Ik ben ook niet gezellig." Fluistert ze schuldbewust "Ik val iedere keer in slaap." Selattin lacht "Zullen we dan maar gewoon in bed gaan liggen slapen." Stelt hij voor. Britt knikt en volgt hem moe naar de slaapkamer. "Het doet er niet toe dat iedereen het nu weet." Zegt ze als ze even later tegen elkaar aanliggen in bed "Het blijft toch van jou en mij..." Hij legt zijn handen op haar buik en drukt haar tegen zich aan "Helemaal van ons..." Fluistert Britt tevreden en valt dan weer in slaap.

Einde

 

Holymary;mins

 

Vorige Start Omhoog Volgende
* ©©©©© Alles op deze site is Copyright van de eigenaar en mag dus nergens anders geplaatst worden ©©©©©

*