Kassa!
"Dat is dan 7 euro 62." - "Goedemiddag" - "27 euro en
56 cent alstublieft..." - "Dank u wel, prettige middag." -
"Heeft u een kortingskaart bij?" - "Nee mevrouw, voor deze potten
geldt die actie niet." - "Dat is dan 49 euro 2, nee, we nemen geen
briefjes van hoger dan 100 aan..." - "Spaart u zegeltjes?" -
"Dat is dan 87 euro en 4 cent." - "Wil jij graag een
snoepje?"
Matilde laat de pakjes boter over de zender glijden en probeert vervolgens een
zak chips zodanig te pletten dat de pieper de streepjescode kan lezen. Zonder
het verguizen van de chips is dat wat aan de moeilijke kant. Ze doet haar best
en krijgt de zak aardig heel over de zender. Ze werpt de wachtende mevrouw een
vriendelijke glimlach toe die zowel kan betekenen 'sorry ik heb je chips
vermorzeld' als 'ach je moet wat doen om de streepjescode te lezen'. Ze gaat aan
een stuk door, ze kan trots zijn op het feit dat ze een van de meest snelle en
meest toegewijde kassajuffen is in de hele winkel vandaag. Ze is dan ook
opgeroepen voor deze vrijdag, normaalgesproken draait de vrijdag bijna geheel op
studenten. Zij is een van de weekkrachten. Ze komen ook echt alles aan haar
vragen. Niet dat zij overal een antwoord op weet, maar soms weet ze het
toevallig wel, omdat ze er door de week altijd is. Ze voelt zich dan ook best
belangrijk. Enthousiast begroet ze de volgende klant met een stralende glimlach.
Joris laat een pakje cup-a-soup over de zender glijden. Het verdomde ding wil
voor de zoveelste keer de code weer niet pakken. Wat heeft dat ellendige ding?
Zo'n pakje is toch zo recht als ik weet niet wat. Hij ziet de geïrriteerde,
oplettende blik van mevrouw als hij het pakje wat plat probeert te drukken om
het alsnog te dwingen om te piepen. Een zeurderig kind hangt aan haar broek en
kijkt dreinend omhoog. Het wil zeker een snoepje, gokt Joris. Hij slaat wat
harder op het pakje "Tsss." Hoort hij de vrouw sissen. Laat maar,
denkt hij en tikt de code in op de toetsen. Tot overmaat van ramp drukt hij de
verkeerde toets in en zet het apparaat het op een luid piepen. Het jengelende
jong voor hem schrikt zich wezenloos en zet het op een oorverdovend brullen. Hij
drukt her en der nog wat knopjes in, maar krijgt zijn kassa niet tot zwijgen
gebracht. Hij ziet Matilde -van de week- al verstoord omkijken. Wanhopig wijst
hij op zijn kassa. Ze komt met drie stappen en met een druk op een knop heeft ze
het probleem verholpen. Haar mollige lijf gaat naar beneden met de snoeptrommel
en zet ook in een keer het geluid van het kind stop. Ja, ja, Matilde het
kassawonder... dat is toch te veel voor een simpele student Slavische talen,
zoals hij. Tot op het bot gekwetst door de hulp van die vadsige taart gaat hij
verder. "Zegeltjes mevrouw?" Vraagt hij "Nou, nee, want volgens
mij betaal je die er gewoon bij... ik bedoel..." De vrouw start een
monoloog over de oneerlijkheid van het hele supermarktsysteem en Joris schakelt
moedeloos zijn hersenen uit. Het is net alsof het geluid uitgeschakeld wordt en
de wereld om hem heen een oude film wordt die wat te langzaam draait. Hij ziet
Matilde met een zwierige pas terug waggelen naar haar kassa, pas op,
nijlpaardenattack. Hij ziet de vrouw voor hem een gebaar maken naar de kassa en
de mensen in de rij. Hij ziet twee mannen binnenkomen die alle twee een mandje
pakken en over het hekje heen springen van de uitgang. Hij ziet een vrouw die
een pak jus d'orange op de grond laat vallen en warrig haar handen voor haar
mond slaat als de gele drab alle kanten opvliegt en een oude vrouw die erin
stapt slippend in haar armen terechtkomt. Hij ziet een paar mannen binnen rennen
met zwarte bivakmutsen op en getrokken pistolen. Het is een film... opeens lijkt
het alsof hij wakker schrikt. Mannen met bivakmutsen? Matilde die zojuist terug
gewurmd is in haar kassa en er dan ook met geen mogelijkheid meer uit kan krijgt
een pistool tegen haar neus gedrukt. Met open mond bekijkt Joris het tafereel,
rondom hem heen beginnen mensen te gillen en terug de winkel in te rennen.
Alleen die vervelende vrouw voor hem, die blijft maar doorzaniken. "Hou je
bek, stomme taart!" Schreeuwt opeens een man achter haar terwijl hij haar
vastgrijpt. Joris kan zijn geluk niet op "Geef me het geld uit de kassa, of
je klant hier gaat er aan..." Joris kijkt de man schaapachtig aan
"Wat?" Vraagt hij alsof hij zojuist een lot uit de loterij heeft
gewonnen en niet kan geloven dat inderdaad net zijn tien cijfers zijn opgenoemd.
"Geef me het geld uit de kassa of ik schiet je klant door d'r kop."
Roept de overvaller ongeduldig "Oh, mijn idee, vond u dat gezever ook zo
irritant? Nee, schiet maar, ga gerust je gang. Ik ben je eeuwig dankbaar."
Zegt Joris lachend terwijl hij opstaat. De man kijkt hem verward aan. Joris ziet
zijn ogen van links naar rechts schieten. Wat begonnen is als een heldhaftige
grap vanwege zijn onbegrensde irritatie aan deze vrouw die altijd weer aan zijn
kassa staat te mauwen, verwordt tot een idee om de overvallers weg te jagen. Hij
ziet dat ze maar met tweeën zijn. De ene is geconcentreerd op het schrik aan
jagen van Matilde die zenuwachtig probeert de kassalade open te krijgen, wat met
een dergelijke kassavulling natuurlijk ook niet tot de meest simpele opdrachten
behoort. Maar Joris heeft verdomme jaren gejudood en ook nog zelfverdediging
gehad. Met een atletische beweging springt hij uit zijn kassa en duikelt
voorover tussen de overvaller en de kassa in, omdat hij met zijn maat 45 achter
de rolband blijft haken. Gelukkig doet hij het allemaal zo onhandig dat hij maar
liefst drie mensen onderuit haalt, de vrouw, de overvaller en het jankende kind
dat nu helemaal keihard jankt. Het pistool van de overvaller schiet uit zijn
handen en glijdt onder de handige bak met wieltjes waarin alle dozen bewaard
worden. Joris krabbelt als eerste overeind en geeft de overvaller een flinke
klap tegen zijn kaak voor hij hem zijn bivakmuts probeert af te trekken. Helaas
blijkt ook de overvaller niet verstoken van enige vechttraining. Wild grijpt hij
Joris die boven hem hangt bij de strot en duwt hem achteruit tegen de kassa aan.
In de verwarring krabbelt de overvaller op en begint te rennen. Maar Joris is
nog niet uitgeschakeld, met vurigheid die hij van zichzelf niet kent staat hij
op en sprint achter de overvaller aan, die gelukkig duidelijk minder ochtend
trimrondjes doet dan hem. Yentl, de derdejaars filosofiestudente volgt Joris op
de voet. De tweede overvaller heeft het geheel eens aangezien en heeft met de
eerste besloten het hazenpad te kiezen voor de politie arriveert. Hij laat
Matilde in shocktoestand en met al haar geld achter en spurt met zijn partner de
winkel uit, gevolgd door Joris en Yentl die allebei al hun sprintkracht
aanheffen. Nabij een hek waar de twee overvallers overheen willen klimmen
overmeesteren de twee hen. Joris springt nummer een van achter op de nek en
trekt hem achterover. Yentl rent om nummer twee heen en geeft hem een stoot
tegen de neus. Ze hoort de neus kraken en denkt niet ontevreden 'dit heeft
effect'. Snel geeft ze de overvaller nog een schop tussen de benen als hij
alsnog wil door rennen. Haar overvaller ligt kreunend op de grond als ze hem nog
een nekslag verkoopt. Is die twee jaar zelfverdediging nog ergens goed voor
geweest, denkt ze niet geheel zonder plezier terwijl ze de man tegen zijn hoofd
trapt, zo die staat niet meer op. Joris heeft zijn overvaller inmiddels al bijna
gewurgd en rukt de bivakmuts van zijn hoofd. Tot haar grote vreugde hoort Yentl
de politiesirenes dichterbij komen en ze draait zich om om te zwaaien naar de
politie. "Hier liggen ze, we hebben ze!" Schreeuwt ze als ze agenten
uit de auto ziet springen. Een stel agenten komt hun kant op gespurt. "Wat
is dit?" Schreeuwt een als hij de overvaller uit Joris handen over neemt en
vol afschuw naar de rochelende, kreunende figuur aan zijn voeten kijkt. "De
overvallers, we hebben hen gevangen." Een agent met stekeltjeshaar knielt
bezorgd neer bij de overvaller op de grond "Deze is meer dood dan
levend." Grapt hij naar een oudere agent. Die kijkt wat verfrommeld naar de
twee jonge kassiers, die bedremmeld staan te wachten. "Het is goed dat
jullie ze te pakken hebben." Mompelt de oudere agent "Alleen iets
minder enthousiast had wel gemogen." Joris kijkt Yentl even aan, krijgen ze
het tuig te pakken, krijgen ze te horen dat ze rustiger hadden moeten doen.
Teleurgesteld druipen ze af richting de winkel. "Willen jullie wel in de
buurt blijven, we willen zo dadelijk een verklaring afnemen." Roept de
jonge agent "Wees niet bang, wij gaan nergens heen, we zitten hier achter
de kassa." Roept Yentl.
"Ja dokter, goedemiddag, ik kom het medisch attest ophalen van de heer
Donker? Is dat al klaar? Ja, hij is gisteren al binnen gebracht, dus ik
dacht..." Tony staat gehaast voor de dokter op en neer te wiebelen.
"De zaak heeft geen prioriteit? Ik bedoel je komt nu pas... Gekneusde kaak,
gebroken neus... en of het vitale onderdeel blijvend beschadigd is is nu nog
niet te zien..." Vat de dokter het geheel even samen. Zijn maat is er beter
vanaf gekomen, denkt Tony dan, zijn vitale onderdelen doen het tenminste met aan
zekerheid grenzende waarschijnlijkheid wel nog. De twee kassiers hebben er flink
op los geslagen, denkt Tony, naar haar mening iets te enthousiast. Dat had wel
met wat minder geweld gepaard kunnen gaan, maar kennelijk hadden de twee zich
stierlijk verveeld en nu er dan eindelijk wat te doen viel grepen ze de kans met
beide handen. Ze stapt in de auto en rijdt terug naar het bureau. "Hebben
we de getuigenverklaring van die twee kassiers al getypt?" Vraagt ze als ze
Pasmans ziet. Die knikt ijverig "Het ligt al geprint op je bureau. Hoe is
het met de overvallers?" Tony trekt een gezicht "Ze leven... nog...
maar de voortplantingsorganen hebben toch een deuk opgelopen." Britt die
net een kopje koffie in haar handen heeft komt er met een schuine lach bij
staan. "Ze hebben ze goed te pakken gehad hoor ik. Ik vraag me dan altijd
af waar de grens ligt. Natuurlijk, overvallen... en met pistool nog wel, een
alarmpistool, maar goed... dat is niet netjes. Maar als je dan ziet hoe deze in
elkaar zijn geklopt. Ik heb dat eens nagevraagde, die jongen die judoot al 15
jaar en ook nog 5 jaar zelfverdediging daarbij. En dat meisje heeft twee jaar
zelfverdediging gehad... Maar grenzen hebben ze daarbij volgens mij niet
geleerd." Tony knikt "Nogal effectief zo'n cursus. Ga je ook eens mee
kijken?" Britt lacht "Nee, dankje, ik fitness al." Pasmans
grinnikt "Kickboxen kan ook heel leuk zijn, Tony." Raadt hij een
andere hobby aan. "Hier moet je zien." Tony trekt haar wenkbrauwen
even op als ze het medisch attest aan Britt te lezen geeft. "Ai." Vat
die samen wat ze leest. "Als je het mij vraagt is dit toch ook
geweldpleging." Twijfelt ze. "Ik bedoel, ik zeg het niet graag... ik
snap dat ze de overvallers wilden pakken, maar dit kan toch niet? Als wij zoiets
doen staan we morgen op straat. Dit is gewoon er op los timmeren, verveelden ze
zich of zo? Schouder uit de kom, gekneusde kaak, gescheurde oogkas... het ging
er ruig aan toe. Die dame weet van wanten. Als we niet op tijd waren gekomen had
ze hem levenslang invalide geschopt." Uit ze haar zorgen. Tony knikt, ook
zij vindt dit een grensgeval. Maar je, ze kunnen moeilijk de twee kassiers
vervolgen voor geweldpleging, dat zou toch al te dol overkomen in de pers.
Mensen overvallen je en je mag niets terug doen.... Misschien moeten ze daarover
Vanbruane maar laten oordelen. Aan het eind van de gang klinkt wat lawaai dat
langzaam dichterbij komt. "Britt, ik heb hier mevrouw Donker... zijn jullie
bezig met die overval?" Britt knikt en draait zich naar Carla toe. Een
hoogzwangere vrouw stapt achter Carla uit "Meta Donker." Stelt ze zich
voor "Carlo is mijn man, hij is echt de kwaadste niet..." Begint ze te
pleiten voor de overvaller die het zwaarst gewond is geraakt. Het wordt er niet
gemakkelijker op, denkt Britt over de vraag of ze de kassiers wel of niet moeten
aanspreken op hun harde optreden. "Komt u even mee..." Britt schuift
een stoel voor de vrouw bij haar bureau en gaat zelf ook zitten. Tony schuift
geïnteresseerd bij. "Ik zal niet liegen," Zegt de vrouw "Ik
geloof heus wel dat hij het gedaan heeft en ik snap dat dat slecht is. Hij heeft
schulden, grote schulden van het gokken. Maar dat was verleden tijd. Hij wilde
het afbetalen, hij wilde van alles af zijn. We krijgen een kind ziet u..."
Ze klopt op haar buik en Britt knikt begrijpend om haar aan te moedigen verder
te vertellen. Onwillekeurig gaat haar hand ook naar haar buik die nu toch echt
dikker begint te worden. Zij kan het al voelen, Selattin ook, maar ze draagt wat
wijdere truien, dat is toch niet zo vreemd in deze tijd van het jaar, het is al
weer bijna februari. Niemand die er wat van ziet. Het is nu al toch vier
maanden, langzaamaan zal ze het toch eens moeten vertellen. Zal ze het eerst aan
Vanbruane zeggen, of eerst aan Tony... eerst aan Tony maar, denkt ze. Selattin
heeft haar ook al gezegd het eens te vertellen aan de collega's, met name dan
aan Vanbruane. Zodat die haar niet meer onwetend een gevaarlijke opdracht in
stuurt. Aan de plekken die ze tot nu toe moeten bezoeken en de problemen die ze
voor de kiezen krijgen blijkt wel dat Vanbruane niet het flauwste vermoeden
heeft. Ze legt haar andere hand op haar buik en voelt heel duidelijk hoe die dik
is. Vanavond, denkt ze, vanavond vertellen we het aan Dorien. Want die weet
natuurlijk ook nog van niets en die hoort het toch wel eerder dan de collega's
te weten. En na de derde maand begint het steeds harder te groeien, zeker na de
vierde maand natuurlijk... lang zal ze het toch niet meer verborgen kunnen
houden, tenminste zeker niet voor Dorien. Ze glimlacht even voor zich heen en
realiseert zich pas als Tony een vraag stelt weer dat ze eigenlijk in een
gesprek zit met een vrouw. Ze schrikt op uit haar eigen wereldje en kijkt de
vrouw met hernieuwde interesse en minder afwezig aan. "Ik snap ook heus wel
dat ze hem wilden tegenhouden, maar ze hadden niets meegenomen uiteindelijk en
dan is ie zo toegetakeld... de dokter zegt dat we misschien wel nooit meer
kinderen kunnen krijgen samen... we wilden er zo graag meer... was dat nu echt
nodig?" Tony drukt uit dat ze met de vrouw meevoelt door een instemmend
geluid te maken. "En nu kwam ik dus vragen of ik die mensen niet kan
aanklagen, want eigenlijk hebben ze onnodig veel geweld gebruikt... Carlo mag
nog van geluk spreken dat de politie er aan kwam, anders hadden ze misschien wel
niet meer geleefd... Ik bedoel, ik wil gewoon praten met die mensen, ze kunnen
toch wel minstens zeggen dat het hen spijt dat ze zo hard hebben getrapt... ik
bedoel Carlo is echt geen slechte jongen en dat pistool het was niet eens
echt..." Britt knikt "U kunt hen aanklagen." Antwoordt ze wat
twijfelend, maar geheel naar waarheid. Tony knikt en kijkt Britt even aan, ook
zij weet niet goed hoe je dat moet inkleden. Tja, aanklagen, het klinkt nogal
crue, je overvalt een zaak en klaagt de mensen daarna aan omdat ze hun geld
verdedigen. Maar ook toegegeven, dit is ook wel gewelddadig gegaan. In hoeverre
is het eigenlijk 'zinloos' geweld. Als iemand eenmaal ligt dan ligt ie toch, je
kunt hem nog wel platter schoppen, maar dat heeft weinig nut. Er bestaat geen
zinvol geweld, dat is er gewoonweg niet, maar noodgedwongen misschien...
zelfverdediging, maar waar valt dit onder. Het is altijd weer spannend bij de
politie, denkt ze terwijl ze naar Britt kijkt die opstaat om naar Vanbruane te
lopen. "Mijn collega raadpleegt even onze commissaris." Legt ze snel
uit en kijkt gespannen naar Vanbruane en Britt die in gesprek zijn. Van de ene
kant ziet ze niet veel in een aanklacht, het zou toch te belachelijk zijn,
iemand pleegt een overval, wordt overmeesterd en dient dan ook nog een klacht
in... Maar van de andere kant, het kan wel natuurlijk. Ze kunnen moeilijk zeggen
dat het niet mogelijk is. Alleen zou het lef niet hebben dat te doen. En ze kan
al raden wat er dadelijk gebeurt, als de pers hier lucht van krijgt kunnen ze
hun lol op. Ze ziet de koppen al voor zich. De journalisten zullen in tentjes
voor het commissariaat liggen. En het zal het hele idee van de veilige
samenleving ook niet ten goede komen. Zie je wel, zullen de mensen zeggen, als
je wat terug doet wordt je zelf opgepakt... Nee, al met al is het geen goed idee
om een aanklacht in te dienen, maar goed, zij kunnen dat moeilijk verbieden.
Britt komt met een lege uitdrukking op haar gezicht. "Het kan..." Zegt
ze terwijl ze gaat zitten en kijkt Tony even kort aan. Die ziet in haar blik dat
ze er net zo over denkt als zij, dit gaat hen een hoop ellende opleveren.
"Het kan wel, het is alleen een beetje... tja..." probeert ze de vrouw
op andere gedachten te brengen. "Kijk uw man is begonnen, hij is die winkel
in gegaan om die mensen te overvallen, je kunt je afvragen in hoeverre je dan
kunt gaan klagen als die mensen zich niet laten overvallen. Kijk ik wil
natuurlijk best die twee eens aanspreken op het feit dat ze nogal hard tekeer
zijn gegaan en ik kan zelfs misschien een gesprek hier op het bureau regelen,
misschien... maar hoe redelijk is het om te verwachten dat mensen zich zonder
slag of stoot hun geld afhandig laten maken." De vrouw bolt haar wangen
even "Ik wil een schadevergoeding." Zegt ze dan "Carlo werkt
zwart en als hij niet werkt krijgt hij ook geen geld. Ik kan zo ook niet werken,
waar moeten wij nu van leven? Carlo is wel even uit de running." Tony kijkt
Britt aan "Ik snap het probleem," Mengt ze zich in het gesprek
"Maar ik denk dat de rechter toch zal oordelen dat het uitlokking was.
Ergens binnenlopen en mensen dreigen met een pistool, ook al zijn het dan een
alarmpistool en een speelgoedpistool geweest, dat is toch wel uitlokking lijkt
me." Ze ziet er echt weinig in om een onderzoek tegen de twee kassiers te
voeren. "Maar het kan dus wel en ik kan om een schadevergoeding
vragen..." Britt zucht "Het kan wel, maar ik denk dat u meer aan
procedurekosten kwijt bent dan dat u zult krijgen, zelfs als u wint en ik acht
die kans echt klein." Maar de vrouw is niet meer op andere gedachten te
brengen. "Dan kom ik bij deze aangifte doen van mishandeling." Met een
zucht staat Tony op.
"Wat doen ze?" Ben kijkt Tony verbaasd aan "Britt is nu haar
klacht aan het noteren." Tony wijst op het lokaal. Ze is Ben tegengekomen
bij het koffieautomaat en heeft hem de hele historie al verteld. "Ze is
gestoord." Tony maakt een wild gebaar "Ja, als iemand een klacht in
komt dienen moeten wij die noteren, ze kan een klacht indienen, juridisch
gezien... dus dat maakt Britt niet gek, dat mens..." Ben schudt zijn hoofd
"Ik had het ook niet over Britt, ik had het over die vrouw van die Donker.
Die is gek, Britt kan niet anders. Wij zijn er gewoon weer aan, want de
beschuldigende vinger gaat natuurlijk weer in de richting van de politie. Wie
laat er nou een klacht indienen tegen die twee kassiers? Wie voert er nu een
onderzoek tegen twee mensen die heldhaftig hun winkel hebben verdedigd?"
Ben schudt zijn hoofd en slurpt van zijn koffie. Dat wordt weer mooi, leuk voor
hun imago, dat is toch al zo goed. Als Vanbruane met een stekende blik in de
richting van Britt en de vrouw ook koffie komt halen blijkt wel dat zij er
hetzelfde over denkt. "Dat wordt weer geweldig." Kan ze niet nalaten
te klagen "Waarom dient zo iemand nou weer een klacht in? We weten wie
geslagen heeft en wie wat gedaan heeft, dat is het enige gemakkelijke aan dit
onderzoek, ze hebben het ons zelf verteld. Maar dit gaat ons niet populair
maken... Ik zou wel eens willen weten wie haar op dat idee heeft gebracht. Het
is te lumineus, dat heeft ze toch niet zomaar van zichzelf." Tony haalt
haar schouders op "Ik ben ook benieuwd, maar voorlopig hebben we geen tijd
om dat uit te zoeken, de pers zal hier snel genoeg achterkomen. Ik denk dat ik
onbetaald verlof neem..." Vanbruane grinnikt en loopt terug naar het
lokaal. Tony ploft bij Vanneste neer in de kantine en neemt kleine slokjes van
haar koffie. "En hoe is het met jou?" Vraagt ze aan Vanneste die wat
wezenloos voor zich uit zit te staren. "Goed... rustig..." Tony
glimlacht "geen lief..." concludeert ze. Vanneste schudt zijn hoofd
"En jij, Dierickx, nog steeds hetzelfde lief, huisje, boompje, beestje...
twee kinderen..." Ze ziet een grijns verschijnen op zijn gezicht en grijnst
zelf ook. "Ja, wie had dat ooit gedacht hè, ik ben mijn wilde haren
helemaal aan het verliezen... het is wel rustgevend zo... je weet wat je kan
verwachten als je thuis komt." Ze kijkt Ben aan en die knikt langzaam
"Ik weet niet, maar het is wel prettig zo, het gaat er hier allemaal af en
toe al hectisch genoeg aan toe. Huisje, bootje, beestje, het is nog lang niet zo
saai als ik dacht, wel lekker eigenlijk. Dan is er toch nog iets wat af en toe
voorspelbaar is, of hetzelfde is als je terugkomt." Ben kijkt haar even aan
"En nog een kleine erbij ook zeker?" Vraagt hij. Tony schudt haar
hoofd "Nergens voor nodig, we hebben er twee, een jongen en een meisje...
dat is wel goed zo, druk genoeg. Nee, het is helemaal OK zo, ik heb geen
klagen." Zegt ze resoluut. "Ja, je komt ook zeer relaxed over de
laatste tijd." Meent Ben serieus. "Ik vind het de laatste tijd toch
vrij rustig op het commissariaat, geen rampen meer eigenlijk, alleen
werk..." Tony lacht "Ja, het wordt nog eens een gewone kantoorbaan,
maar dan niet van negen tot vijf." Ze ziet achter Ben de vrouw voorbij
komen die zojuist bij Britt de klacht heeft ingediend. "Ah, mevrouw Donker
is gone..." Zegt ze en staat op. Als ze de gang op loopt komt Britt haar al
zuchtend tegemoet "Eerst een bakje thee." Met haar handen in de zij
staat ze voor het koffieapparaat "Denk je dat dat helpt als je er streng
voor gaat staan, die automaatthee wordt er niet drinkbaarder van." Grinnikt
Tony als ze Britts stevige houding ziet. Die lacht en slaat haar armen over
elkaar. "Tja, daar zouden we wel eens actie voor kunnen voeren, betere
automaatthee." Stelt ze voor terwijl ze van haar kopje thee nipt en met
Tony terugloopt naar het lokaal "Zullen we ze dan maandag maar ophalen in
de winkel, dan werken ze allebei weer heb ik net gelezen in die verklaringen. Ze
werken op vrijdag, zaterdag en maandag... en nu is die winkel al bijna
dicht." Ze kijkt Tony aan "Hebben we geen adressen?" Britt schudt
haar hoofd, Pasmans heeft hen als getuigen gehoord bij de winkel en meer niet,
het adres is hij vergeten te noteren, omdat hij met de ambulance bezig was
meteen na het opnemen van de verklaring. Niet dat ze er niet gemakkelijk kunnen
achterkomen, ze hebben de namen en ook bij de winkel zal het adres wel bekend
zijn. Maar Britt ziet het niet zo zitten om nu, om nog na zessen erachter aan te
gaan. Zoveel haast heeft het wat haar betreft niet. En op zondag lijkt haar ook
niets, bovendien hebben ze nog een zaak lopen die ze morgen verder af willen
maken, een kinderlokker bij een speeltuintje, die meestal op zondag actief is.
Niet dat de man iets doet, maar toch, ze willen hem nu voor de rust van de buurt
toch wel eens oppakken. Die aanklacht kan ook wel op maandag overgebracht
worden, iets over het weekend heen tillen, dat doen ze wel vaker. "Ik wil
niet weer zo laat thuis zijn, als we nu nog die lui moeten gaan halen zitten we
hier weer zo lang en kom nou, ze zullen toch nergens heen gaan, het gaat toch
alleen om dat meisje... dat kan maandag ook nog wel." Tony ziet de urgentie
ook niet zo in en stemt in met het voorstel, ook zij wil op tijd naar huis.
"Ha dames, wij doen even briefing snel, dan kunnen we naar huis, ik haal
even wat snoep, willen jullie ook wat, dan neem ik ook wat voor jullie
mee." Vanneste komt uit het lokaal terug gelopen en botst bijna tegen de
twee dames op. Tony haalt haar schouders op "Goed idee," Vindt ze
"eerst eten... doe mij maar een Twix." Zegt ze vrolijk en loopt door
"KitKat" Zegt Britt met een vrolijk "Alvast bedankt."
Erachteraan. Ze loopt door en ploft tegenover Tony neer "Moet je
kijken..." Tony geeft haar de krant "Soms vraag ik me af waarom ze
alles maar met foto's op de voorpagina zetten. Britt kijkt naar het artikel dat
ze aanwijst, de foto erbij is inderdaad tegen het walgelijke aan. Er is weer een
aanval van Israëli’s op de Westelijke Jordaanoever geweest en daarbij zijn
opnieuw doden gevallen onder de Palestijnen. Op de foto wordt een zwaar bebloed
slachtoffertje naar het ziekenhuis gedragen. Britt schudt haar hoofd, je zult al
die ellende maar moeten fotograferen, denkt ze. Ze rimpelt haar neus en schuift
de krant terug. "Je zet toch ook geen foto's van geslachte koeien op de
voorpagina." Meent Tony "Nou, toen met die MKZ toch wel."
Herinnert Britt zich. "Volgens mij moet je toch wel een man zijn om zoiets
te kunnen fotograferen, persoonlijk zou ik over mijn nek gaan." Tony kijkt
nog eens naar de foto "Nou, zoveel scheelt het ook weer niet met wat wij
onder ogen krijgen." Vindt Pasmans die meent het mannelijke ras te moeten
verdedigen. Hij kijkt even rond en als hij ziet dat hij de aandacht heeft zegt
hij "Ik heb gelezen dat je in Portugal eerst een varken moet slachten voor
je een echte man bent. Da's om te bewijzen dat je een man bent." Tony lacht
"Nou Pasmans, waar wacht je op?" Pasmans trekt een gezicht en steekt
zijn tong uit "Dit is Portugal niet..." Tony kijkt Britt aan
"Pasmans wil geloof ik beweren dat ie een echte man is." Pasmans
negeert de uitdaging "Doen ze dat in Turkije ook Sel? Heb jij al ooit een
varken geslacht om te bewijzen dat je een man bent?" Vraagt hij
nieuwsgierig "Wij Islamieten eten geen varkensvlees." Zegt hij
"Dus ik heb nog nooit een varken geslacht om te bewijzen dat ik een man
ben..." Tony kijkt hem met pretoogjes aan "Ja en hoe bewijs je dan dat
je een man bent... moeten we Britt dan maar op haar woord geloven?"
Selattin kijkt Britt lachend aan "Er zijn meerdere manieren om te bewijzen
dat je een man bent." Grinnikt hij, maar gaat daar verder niet op in en ook
Britt houdt wijselijk haar mond. Tony pest vrolijk nog even verder door Pasmans
voor te stellen eerst maar eens een kippenkuikentje af te slachten om te
oefenen. Vervolgens wordt het al een pier opeten, want het moet niet te lastig
te vangen zijn en kuikentjes rennen steeds weg. Pasmans belooft een manier te
verzinnen om te bewijzen dat hij een man is als Tony een manier verzint om te
bewijzen dat ze een vrouw is "Oh, nou, ik slacht dat varken wel."
Lacht Tony en gaat dan net als Britt eindelijk aan haar werk. Als Vanneste
binnenkomt met de lading chocolade wordt hij vrolijk begroet en zelfs Vanbruane
komt in het lokaal zitten. "Gaan jullie zo naar die kassiers toe?"
Vraagt ze Tony. Die schudt met een vermoeide blik "Nee, die fijne job
stellen we uit tot maandag, we willen graag nog leuk de zondagochtend
door." Vanbruane grinnikt geamuseerd "Courage Tony, we zijn slechts de
boodschappers, bewijs... tja, dat is er wel. Laten ze het via de advocaat maar
verder uitvechten." Tony perst haar lippen even op elkaar "Ik vrees
dat de pers het niet zo ziet." Verwoordt Selattin haar gedachten. Vanbruane
haalt haar schouders op "Dan vertellen wij ze dat wel." Zegt ze
geruststellend en verdwijnt weer in haar bureau. "Nou, vooruit dan maar,
even briefen dan kunnen we naar huis om te eten." Zegt Britt terwijl ze op
de klok kijkt, bijna half 7 al... en ze herinnert zich de woorden van de
gynaecoloog 'op tijd en een beetje regelmatig eten, mevrouw Michiels'. Ja, ja,
denkt ze, ik doe mijn best.
"Ik heb taart gehaald voor vanavond." Zegt Selattin als hij net na
Britt binnen komt. Die kijkt blij "Laten we er een beetje een feestje van
maken inderdaad." Glimlacht ze. Ze kijkt naar Dorien die min of meer
ondersteboven op de bank een boek ligt te lezen. Ze heeft haar benen over de
leuning hangen en het boek houdt ze boven zich. "Ik ga aan het koken, neem
jij maar lekker eerst een douche of doe iets anders rustigs..." Stelt
Selattin voor. "Ik douche even." Besluit ze. Ze loopt naar de
slaapkamer en rukt een stel lekkere kleren uit de kast. Van die kleren waarin je
niet zou piekeren de straat op te gaan, maar die gewoon heerlijk zitten. En
vanavond piekert ze er ook niet over nog de straat op te gaan, dus kleedt ze
zich daar vast op. Ze stapt onder de douche en laat de warme stralen lekker over
zich heen komen. Niets is zo ontspannend als een warme douche na een dag
rondrennen in de koude winterdagen. Als ze eronder uit stapt is ze helemaal warm
en slaperig. Voor de spiegel blijft ze even staan. Met een glimlach kijkt ze
naar haar buik. Geen twijfel mogelijk, ze is zwanger, zo zie je het echt al. Ze
komt glimlachend tot de conclusie dat ze zich gewoon een beetje trots voelt met
die buik, alsof ze iets heel bijzonders is nu. Natuurlijk, ze draagt iets heel
bijzonders mee. Maar als je dat dan heel realistisch gaat bekijken, wat is er
dan bijzonder aan. Ze is niet meer bijzonder dan al die andere vrouwen die op
dit moment zwanger zijn en ook naar hun buik staan te kijken in de spiegel. Ze
voelt zich wel speciaal, maar goed eigenlijk is het heel normaal... of ze zijn
allemaal speciaal. Nou ja, niet bijzonder dan, gewoon net als alle andere
moeders van de wereld; in Europa of kansloos in Afrika waar zoveel kinderen
sterven... het maakt niet uit. Ze voelt zich gewoon bijzonder prettig, helemaal
speciaal, dat kleine mensje in haar buik dat is helemaal van haar en Selattin
samen. Dat is toch het mooiste wat er kan zijn voor hen. En het groeit... het
groeit elke dag, ze kan het haast voelen groeien in haar buik, omdat ze dat wil
voelen. Ze voelt nu weer hoe het is om zo'n klein mensje mee te dragen, te weten
dat er een stukje van jezelf opnieuw groeit in je buik, iets dat je aan de
wereld geeft. Iets wat voor de mensen om haar of hem heen speciaal of bijzonder
zal zijn. Het voelt zo dubbel denkt ze; van de ene kant zou je het van de daken
willen schreeuwen, zo blij en zo trots voel je je. Maar van de andere kant wil
je het voor jezelf houden, diep in je en koesteren als een mooi geheim, als iets
wat alleen van haar en Selattin is, van haar, Dorien en Selattin. Als er geen
andere mensen bij horen is het gemakkelijker, veiliger. Niemand heeft er wat mee
te maken, het liefst zou ze zich al die tijd opsluiten zodat er niets mis kon
gaan. Helemaal veilig in Selattins armen, want dat is toch de veiligste plek nu,
die ze kan bedenken. Maar ze moet het nu gaan vertellen, ze laat haar handen
over haar buik glijden, zo'n plaatselijke dikheid valt toch niet anders te
interpreteren, ze zijn niet gek. Met alle overtuiging neemt ze zich voor om het
deze week te vertellen en allereerst aan Tony, dat is haar partner, dat hoort
zo. Ze aait over haar buik. Weet je wel hoe welkom je bent, denkt ze terwijl ze
haar handen stil legt op haar buik, weet je wel hoeveel iedereen van je zal
houden? Ze wrijft haar lichaam helemaal droog en trekt haar avondkleren aan. Het
zijn echt zo fijn die flodderbroeken en T-shirts die ze alleen 's avonds aan
heeft. Ze kijkt weer naar zichzelf in de spiegel, ze heeft nu een strak T--shirts
met lange mouwen aan. Je ziet het, denkt ze, je ziet het een heel klein beetje,
ik ben echt al dikker... zelfs met kleren. Ze lacht naar zichzelf en loopt dan
naar de kamer. Dorien lacht vrolijk als ze haar moeder binnen ziet komen in haar
avondkleren. Die kleren betekenen gezelligheid, dat betekent dat er lekker thuis
gebleven wordt vanavond, wat er ook gebeurt. "Hé spook." Britt gaat
bij haar op de bank zitten. "Hé mam." Dorien legt haar boek weg en
kruipt tegen haar moeder aan. Britt kreunt een beetje als ze hard op haar buik
leunt, Dorien schrikt een beetje en gaat snel anders hangen. "Hoe was het
vandaag op het werk?" Vraagt Dorien als ze zich met haar hoofd een kuiltje
heeft genesteld in Britts zij. "Goed, rustig eigenlijk wel..." Britt
aait Dorien door haar haren, grote zus straks, denkt ze, haar kleine Dorien. Zo
blijven ze even zitten, gewoon zonder wat te zeggen hangen ze lekker bij elkaar.
Britt leunt met haar hoofd op de leuning en valt na een tijdje lekker hangen
gewoon in slaap. "Dorien, dek jij even de tafel?" Selattin komt
aangelopen en houdt in als hij Britt ziet hangen. Met een glimlach tilt hij haar
hoofd op en legt er een kussentje onder. Dorien komt voorzichtig omhoog en kijkt
naar haar moeder "Ze is weer zo moe de laatste tijd." Fluistert ze
tegen Selattin "Maak je maar geen zorgen." Stelt Selattin haar gerust
"Ja, ik ben blij dat jij er bent Sel, dat jij bij ons bent, dan hoef ik me
ook geen zorgen te maken. Jij zorgt voor haar." Fluistert Dorien en
knuffelt Selattin even voor ze naar de keuken rent om het bestek en servies te
pakken. Selattin gaat voorzichtig naast Britt zitten en streelt haar wang. Met
een lichte schok wordt Britt wakker en kijkt verbaasd even naar Selattin
"Oh... ik ben gewoon in slaap gevallen." Ze bijt op haar lip.
"Dat geeft toch niet, ik zei toch dat je iets ontspannends moest gaan doen.
Dorien heeft de tafel al opgezet. Kom je eten?" Britt staat op en volgt
Selattin naar de tafel. Tijdens het eten laat ze het praten vooral aan Dorien en
Selattin over die hele gesprekken voeren over een boek dat Dorien gelezen heeft.
Het gaat over een Islamitisch meisje en Dorien wil graag nog wat opheldering
over 't een en ander. Britt merkt 's avonds altijd pas dat ze overdag zo moe
wordt, pas als je stil gaat zitten slaat de vermoeidheid echt toe. Selattin
heeft weer heerlijk gekookt. Hij kan echt ontzettend goed koken en heeft zich
daar in de tijd dat hij bij hen woont aardig in bekwaamt. Ze moet eerlijk
toegeven dat zijn kookkunsten die van haar overtreffen. Hij heeft het geduld om
de tijd er voor te nemen, bij haar moet het liever allemaal een half uur geleden
al klaar zijn. Na het eten wordt de vaatwasser ingeruimd door Selattin en
Dorien. Dorien zegt dit keer al meteen uit zichzelf "Ga jij maar lekker
zitten mama, dat doen wij wel." Na een protest voor de formaliteit volgt
Britt dat advies graag op. Ze wacht op de bank tot de rest erbij komt zitten.
"Zullen we kolonisten van Katan doen?" Vraagt Dorien hoopvol. Britt
knikt "Pak het maar." Zegt ze en gaat er goed voor zitten. Kolonisten
van Katan is echt een heel leuk spel. Dorien heeft het met kerstmis van Mihriban
gehad die het idee weer van een van haar collega's hadden. Bij haar collega
waren ze er met het hele gezin al aan verslaafd en die verslaving komt nu ook
bij het gezin Michiels-Ates langzaam op. Het is gewoon een heel leuk
gezelschapsspel waar je zelf van alles bij moet doen. Britt is niet zo voor al
dat batterijen speelgoed en die spelletjes die zichzelf spelen. Wat heb je daar
nou aan, het kind doet toch niets zelf meer? Gelukkig heeft Mihriban dat goed
door en is ze met een heel goed kerstcadeau gekomen voor Dorien. Ze spelen het
spel een keer, het duurt erg lang, omdat Dorien net als Selattin bijna gewonnen
heeft twee van zijn punten wegpikt en zo iedereen weer een kans gunt.
Uiteindelijk wint Selattin dan toch, maar de executie is toch gerekt. "Dan
hebben we nu nog wat lekkers." Kondigt Selattin aan terwijl Dorien en Britt
het spel terug opruimen en de doos in de kast zetten. Hij gaat naar de keuken en
komt terug met drie bordjes met taart. Dorien springt vrolijk op
"Taart!" Roept ze uit "We hebben iets te vieren." Ze kijkt
nieuwsgierig van Britt naar Selattin en terug. Britt trekt haar wenkbrauwen op.
"Jullie gaan trouwen?" Raadt Dorien. Britt schudt haar hoofd
"Selattin belooft dat ie voor altijd bij ons blijft." Roept ze,
Selattin lacht "Dat hoort er een klein beetje bij denk ik, maar ja, dat had
ik je toch al beloofd, niet waar?" Dorien knikt en kijkt dan naar Britt
"Doe eens een hint..." Eist ze. Britt denkt even na "Tja... eh,
waar vraag jij al heel lang om?" Dorien denkt even na "Een hond?"
Zegt ze twijfelend. Ze kan zich niet voorstellen dat ze die een krijgen, want al
Britts morele bezwaren tegen een hond op zo'n appartement klinken zelfs haar
zeer plausibel in de oren. "Nee, geen hond, iets anders, je hebt een gezegd
dat je dat heel graag wilde en toen zei ik dat dat niet zo gemakkelijk was en
toen ben je naar de hond gegaan..." Dorien kijkt wat vragend naar Britt
"Een zusje of een broertje..." Twijfelt ze dan en kijkt snel naar
Selattin of die dit niet een al te dol voorstel vindt. "Wil je dat nog
steeds?" Vraagt die vrolijk. Doriens ogen worden groot en gaan dan naar
haar moeders buik. "Echt waar?" Haar mond valt open. "Krijg ik
écht een broertje of een zusje?" Ze bijt op haar lip en kijkt Britt
vragend aan. Die knikt met een brede glimlach en vangt dan haar dochter op in
haar armen. Bijna komt haar buik weer in de verdrukking "Ho, ho,
voorzichtig nu." Lacht ze "O ja." Dorien gaat verzitten
"Leuk!" Juicht ze en kijkt naar Britts' al wat bollende T--shirts.
"Kun je het al echt zien?" Vraagt ze nieuwsgierig. Britt knikt en doet
haar truitje omhoog "Het is al 4 maanden." Verklaart ze "We
wilden zeker zijn dat het allemaal goed was. In de eerste drie maanden is het
altijd nog onzeker enzo." Dorien voelt nieuwsgierig aan Britts buik
"Ik voel het nog niet, maar je bent wel echt dikker!" Dorien kan haar
enthousiasme niet verbergen. Ze kijkt blij naar Selattin "Leuk hè?"
Selattin knikt lachend "Ja, ik vind het ook heel leuk." Zegt hij en
gaat achter Britt bij hen op de bank zitten. Britt leunt ontspannen tegen hem
aan en Dorien kijkt vrolijk naar de twee. "Mam, Sel, ik ben zo blij."
Zegt ze met een brede glimlach "Weet Mihriban het al?" Vraagt ze snel.
"Mihriban wist het het eerste van iedereen, nog eerder dan mij zelfs!"
Glimlacht Britt terwijl Dorien tegen haar gaat aanhangen met voorzichtigheid
voor haar buik. "Als ie komt dan mag ie mijn lego hebben, die gebruik ik
toch nooit meer, bijna nooit meer en mijn boeken voor kleinere kinderen..."
Fantaseert Dorien "En dan kan ik voorlezen en de fles geven... mag dat, ik
mag wel een keer de fles geven hè? Als jij of Sel erbij zijn, mam, heel
voorzichtig, ik zal het echt goed doen." Britt glimlacht "Tuurlijk mag
jij dat, jij bent dan de grote zus." Dorien haalt opgelucht adem "En
helpen met het in bad doen?" Britt aait Dorien over het hoofd "Jij mag
met alles helpen." Dorien knikt "Ik zal heel voorzichtig zijn, het is
tenslotte mijn zusje of broertje." Belooft ze plechtig. Vrolijk fantaseert
ze verder over wat ze allemaal kunnen gaan doen en wat het baby’tje zeker moet
zien. Het huis en de tuin van oma, het huis aan zee en de golven en het zand,
Italië en Turkije. Ja, ze moeten met de baby naar Turkije, vindt ze. Ze ziet
het helemaal zitten. "Weten ze het al op het bureau?" Vraagt ze. Britt
schudt haar hoofd "Ik wilde dat jij het eerst wist, de enige die het nu
weten zijn jij, Sel, Mihriban en ik... en de gynaecoloog natuurlijk. Die kijkt zo
met een apparaatje in je buik, dat weet je hè." Dorien richt zich even op
"Oh ja, mag ik een keer mee? Dan kan ik dat ook zien..." Smeekt ze,
Britt kijkt Selattin even aan en die knikt "Jij mag de volgende keer
mee." Belooft Britt. De volgende keer staat wel midden overdag gepland,
maar daarvoor kunnen ze Dorien wel een keertje van school halen. Ze verzinnen
wel wat. Het is toch eigenlijk al te spannend dat soort dingen, als Dorien zo de
kans heeft om daarbij te zijn is dat toch leuk voor haar. Ze voelt hoe Dorien
zich helemaal vrolijk ligt te maken, lekker tegen haar aan geleund. Ze voelt
Selattins armen beschermend om haar heen. Het voelt af, helemaal perfect. Ze
blijven nog even zo liggen en brengen dan Dorien naar bed. Als ze terug zijn in
de kamer valt Britt ook bijna om van de slaap en dus ruimen ze maar op en zoeken
zelf ook het bed op "Van de week vertel ik het op het commissariaat."
Belooft Britt als ze even later in het donker in Selattins armen ligt. "Je
weet dat je daar zoveel tijd voor mag nemen als jij wilt." Zegt Selattin
rustig. "Maar ik vind het een goed idee, dan weet Vanbruane er van, dat
vind ik ook een veiliger gevoel." Britt knikt in het donker en valt dan
rustig tegen Selattins' borst in slaap.
Maandagmorgen, Britt kijkt even in de spiegel van de wc voor ze door loopt naar
het lokaal. Was het maar nog zondag. Gisteren hebben ze niet al te veel
uitgevoerd. Ze hebben het grootste gedeelte van de dag in de speeltuin
doorgebracht en uiteindelijk met zijn allen de kinderlokker gepakt. Een groot
gevaar zag Britt niet in hem. Het was meer een zielige lozer die met volwassenen
niet kon praten en dus niet veel meer deed dan met de kinderen een praatje
aanknopen over de meest vreemde onderwerpen. Ze stapt binnen in het lokaal en
roept vrolijk 'hoi' naar iedereen. "Zullen we maar meteen gaan, we zijn er
maar beter meteen vanaf." Stelt Tony voor als ze ziet dat Britt haar jas
over de stoel wil hangen. Britt knikt en grijpt haar jas weer, ze slingert hem
over haar schouder en loopt voor Tony uit naar de auto. Bij de winkel aangekomen
zien ze dat die al vroeg druk is. Goede gratis reclame, denkt Tony, vrijdag is
de overval te laat gebeurd, zo net tegen sluitingstijd en dus is er nu de pers
om een stukje te schrijven. Tot hun onbegrensde vreugde zijn de paar meest
vasthoudende persmuskieten aanwezig. Ze ruiken zeker een verhaal voordat het een
verhaal wordt. Van ver herkent Tony al haar grootste vijand bij de krant 'Monsard'.
Hij herkent haar ook en loopt met grote passen op haar af "Zijn de
overvallers al aangehouden en aangeklaagd?" Roept hij van ver. Britt kijkt
Tony geïrriteerd aan en probeert zo snel mogelijk de winkel in te komen "Monsard,
in het belang van het onderzoek kan en zal ik niks zeggen." Snauwt Tony, ze
heeft geen zin in die irritante vent met zijn kletspraatjes. "Is het waar
dat de overvallers in het ziekenhuis liggen...?" Tony knikt kort "Hun
verdiende loon." Meent Monsard "Mensen die de wet overtreden..."
Tony onderbreekt hem rap "Heeft u wel eens te hard gereden meneer Monsard?
Als de rechter zo snel zou oordelen... uw verdiende loon..." Ze draait zich
met een ruk om en laat Monsard bedremmeld achter. Britt staat bij de deur op
haar te wachten "Vervelende man." Laat ze zich ontglippen en stapt dan
met Tony binnen. Ze zien de twee die ze zoeken al aan de kassa zitten en lopen
door naar het kantoortje in het hoekje van de winkel. "Goedemiddag, politie
Gent..." Begint Tony na netjes aangeklopt te hebben. De bedrijfsleider
kijkt op "Ja, we hebben de boel weer gewoon opengegooid, er is niks
kapot... dus..." Hij wijst naar de winkel. "Dat is OK." Zegt Tony
"Maar wij zouden graag de twee kassiers die die overvallers hebben
overmeesterd meenemen naar het commissariaat." De man mompelt wat
onverstaanbaars en zegt dan "Maar ze hebben toch al een verklaring
afgelegd, bovendien u heeft de overvallers al, wat is er nu zo moeilijk?"
Klaagt hij omdat zijn personeelsleden weer weg worden genomen. "We hebben
hen toch nog even nodig." Zegt Tony onvermoeibaar. "Ik roep hen."
Zucht de manager en pakt de microfoon. "Natascha kassa 4 alstublieft,
Natascha kassa 4 alstublieft, Sigrid kassa 6 alstublieft, Sigrid kassa
6..." Roept hij en wacht even tot hij de twee opgeroepen meisjes ziet komen
"Yentl kantoor, Yentl kantoor, Joris kantoor, Joris kantoor..." Echoot
hij zichzelf. Het duurt niet lang of Yentl, een tenger meisje met lichtkrullend
rood haar en sproeten komt binnen gesprongen, gevolgd door Joris, een lange
slungelige jongen met donker piekhaar en een Harry-Potter brilletje op zijn
neus. "Yentl en Joris, gaan jullie even met deze twee mee naar het
commissariaat?" Vraagt de manager zichtbaar vermoeid. "Waarom, we
hebben toch al verteld wat we weten?" Joris kijkt Tony verbaasd aan
"Ja, we willen jullie toch nog graag even spreken." Zegt die en maakt
een gebaar naar de deur. Schoorvoetend volgen de twee en even later stappen ze
niets vermoedend uit bij het commissariaat. "Als je hier even gaat
zitten..." Britt opent de deur van verhoor 2 voor Joris en verhoor 3 voor
Yentl. "Wij nemen die jongen wel, als jullie dat meisje doen..." Stelt
Tony aan Pasmans voor die aan komt gelopen. Die knikt en gaat Raymond halen.
"In principe wordt alleen het meisje aangeklaagd, Donker klaagt zijn
belager aan en hij is door dat meisje bewerkt, proberen jullie dus naar precieze
informatie te vissen... dan maken we een zo volledig mogelijk beeld, dan zullen
wij die Yentl even vertellen dat ze wordt aangeklaagd... dan kan ze terug de
straat op, want wat heeft het voor nut om haar hier te houden?" Informeert
Tony Raymond en Pasmans als ze weer bij haar staan. Die knikken en gaan gewapend
met schrijfboekje en pen verhoor 2 binnen. Britt en Tony lopen met dezelfde
bewapening en een diepe zucht verhoor 3 in. "Yentl van de Kooij."
Begint Tony terwijl ze haar blok en pen neerlegt en gemakkelijk in haar stoel
gaat hangen. "Ik zal maar met de deur in huis vallen, want een verklaring
hebben we al en daar heb je vast niet veel aan toe te voegen... Je wordt door de
heer Donker aangeklaagd wegens mishandeling." Yentl kijkt verbaasd op
"Door wie? Wie is dat?" Britt bijt op haar wang om niet te lachen om
het gezicht dat ze op zet "De heer Donker is de man die vanochtend is
aangehouden op verdenking van het plegen van een overval op de winkel waar jij
werkt..." Yentl gaat recht zitten "Verdenking? Die klojo die ons heeft
overvallen, die vent die ik tegen de grond heb gewerkt?" Tony knikt
flauwtjes "Hij is nu nog een verdachte, hij moet eerst nog bekennen en
daartoe is hij nu nog niet in staat." Yentl schudt haar hoofd "Maar
hij is wel in staat mij aan te klagen?" Vraagt ze verbaasd. "Dat heeft
zijn vrouw plaatsvervangend uit zijn naam gedaan." Ze kan de verbijsterde
blik van het meisje wel enigszins plaatsen "Wacht even, dat ik het goed
begrijp... die man komt ons overvallen, wij overmeesteren hem en hij klaagt ons
aan..." Stamelt ze "Niet jullie... alleen jou." Verduidelijkt
Tony met een lievige glimlach. "Die man klaagt jou aan, weet je wat hij
zoal heeft opgelopen? Ze pakt het medisch attest erbij "Gescheurde oogkas,
gekneusde kaak en gebroken neus. Moest je zijn gezicht zo verbouwen? Gekneusde
nekwervels ook... je bent wel erg wild aan de gang geweest en dan heb ik het nog
niet over de... vitale onderdelen. Je hebt die man zo hard geschopt dat hij
misschien wel nooit meer kinderen kan verwekken..." Yentl haalt haar
schouders op "Dat zal nogal meevallen." Denkt ze hardop. Tony kijkt
haar recht aan "Dat valt niet mee, Yentl. Als mijn collega's niet waren
gekomen was je dan door gegaan met schoppen? Ik denk het wel, je had hem
invalide geschopt, je hebt geluk dat zijn hersenen waarschijnlijk onbeschadigd
zijn gebleven." Yentl kijkt naar de tafel "Ik heb gewoon gedaan wat we
op zelfverdediging geleerd hebben... het heeft nu ook geen zin meer om te
ontkennen, ik heb het zelf aan jullie verteld." Ziet ze de humor van de
situatie nog wel in "Ja, dat vinden wij ook wel wat ongelukkig."
Mompelt Tony. "Ja," Moppert Yentl "ik snap dit niet hoor, dat is
toch belachelijk. Die vent die overvalt ons en dan mogen we ons niet
verdedigen?" Ze kijkt Tony kwaad aan, die schraapt even moeizaam haar keel
en komt dan met een diplomatiek antwoord "We zetten onze vraagtekens bij de
mate van geweld, we leven in de veronderstelling dat je onnodig veel geweld hebt
gebruikt bij het staande houden van de heer Donker. Zeker het nog tegen het
hoofd trappen toen het slachtoffer al op de grond lag, heeft veel van een
onnodige wraakactie." Tony kijkt Britt even aan en trekt haar wenkbrauwen
op als die een gezicht trekt alsof ze naar een oersaai sprookje zit te luisteren
"Slachtoffer? Is hij nu al slachtoffer. Zeg wat is dat hier voor een
ballentent. Die vent stond daarbinnen wel met een pistool te zwaaien, ik weet
inmiddels ook wel dat dat geen echt was. Maar ik studeer filosofie geen
wapenkunde, weet ik veel, voor mij ziet het er echt uitziet, het was in elk
geval geen waterpistool!" Tony zucht, ze denkt niet dat ze de redelijkheid
van deze aanklacht ooit uitgelegd krijgt. "Wel goed, we maken straks
formeel proces verbaal tegen je op, want ik neem aan dat je bekent?" Yentl
knikt gedwee "Ik heb niet veel keuze geloof ik, natuurlijk beken ik, ik heb
die vent neergeklopt, inderdaad." Tony knikt ook even "Goed en als we
dan proces verbaal op hebben gemaakt mag je weer de straat op en ik zou in
afwachting van het proces niet de stad uitgaan, als ik jou was." Yentl
kijkt weer op "Nee hè, dat meen je, ik ga over een week voor een paar
dagen naar Berlijn." Tony schudt vermoeid haar hoofd "Ja eh... zeg
maar niks, laat me alsjeblieft even weten wanneer ik dus niet aan de deur moet
komen en zorg ervoor dat je terug komt." Snauwt ze wat kortaf, maar Britt
weet dat ze in principe weer buiten het boekje gaat. "Ik maak het PV wel
op." Biedt ze aan en schuift aan de computer. Tony staat met een knik op om
iedereen van wat te drinken te voorzien. "We laten Joris gaan." Zegt
Raymond terwijl hij de jongen voor zich uit de gang opduwt op het moment dat
Tony terug komt met de koffie. "Waar is Yentl, we gaan samen terug."
Vraagt Joris haar "Yentl blijft nog even hier." Zegt Tony "Nee,
jullie gaan haar toch niet echt aanklagen ?!" Schreeuwt de jongen uit. Tony
rolt met haar ogen "Niet wij, de overvaller klaagt haar aan." Neemt ze
een zekere afstand van de zaak. Britt is op het geschreeuw afgekomen en steekt
haar hoofd om de hoek. "Ja, maar jullie onderzoeken het wel en jullie
houden haar vast, het is jullie schuld! Hoe kan je nou iemand aanklagen als je
zelf een zaak hebt overvallen, dan deugt dat systeem toch voor geen meter?!
Jullie deugen van geen kanten, stof klotewijf." Hij staart haar woedend aan
en Raymond heft zijn stem in protest aan "Zeg jongeman, daar kunnen wij
verder ook weinig aan doen." Snauwt Tony "Je wilt er niks aan doen!
Nou, wacht maar af, ik zal zorgen dat je er spijt van krijgt!" Met een wild
gebaar slaat hij alle bekertjes koffie uit Tony's handen en beent weg. De koffie
vliegt Tony en Britt in het gezicht en over de kleren "Auw!!!" Gilt
Tony "Dat is verdomde heet!" Alsof het helpt blaast ze op haar handen.
Britt veegt haastig de koffie uit haar ogen en tapt een bekertje water uit het
waterautomaat om het door te geven aan Tony, die probeert haar hele hand erin te
steken. "Ik klaag hem aan." Moppert Tony in een poging grappig te
zijn. "Ik ook, mijn nieuwe trui, naar de maan." Mompelt Britt, ze
kijkt triest naar haar trui. "Zo kan ik niet verhoren, ik zie er niet uit.
Ik kleed me even om." Moppert ze en gebaart Raymond even op het meisje te
passen. Ook Tony is de mening toegedaan dat ze de wereld niet tegemoet kan
treden verzopen in de koffie en dus spurt ze achter Britt aan om in haar kastje
naar een andere trui te zoeken. "Ik maak dat proces verbaal wel op, dan kan
dat kind naar huis." Roept Raymond hen na "Doe maar rustig aan."
Dat laten ze zich geen twee keer zeggen, de zaak is toch al niet favoriet. Ze
lopen rustig naar de kleedkamer. "Wat hebben jullie gedaan?" Vraagt
Vanbruane als ze de twee ziet aankomen. Ze kijkt vragend naar de kleding van de
dames. "We hebben Yentl aangehouden en ik kwam net aan met drie kopjes
koffie toen dat die Joris ter oren kwam. Ik vond het er al uitzien als een
lozer, nu vind ik hem nog vervelend ook." Moppert Tony "Een vervelende
lozer." Grinnikt Britt. "Hebben jullie nog andere kleren bij?"
Vraagt Vanbruane "Wij zijn op alles voorbereid. Voor ik nog es in mijn
uniform ga rondlopen om zo'n stom rotgeintje..." Zegt Tony. De dag dat ze
bekogeld waren met potten gel, open potten gel, lag nog vers in haar geheugen.
Ze hadden naar een huis moeten gaan om een getuige op te halen, wisten zij veel
dat het een krakerspant was waarin mensen zaten die dachten dat zij met z'n
tweeën speciaal kwamen om hen uit het pand te zetten. De gel had alles bevuild
en de stank was zodanig dat ze wel andere kleren aan moesten doen. Het enige dat
voor handen was was voor beiden het uniform. Dat was twee weken terug. Britt was
nog dikker geworden ook, al zag je dat verder niet, maar ze had haar
uniformbroek nauwelijks dicht gekregen. Tony had er hartelijk om moeten lachen,
meestal was zij van de twee degene die tot de ontdekking moest komen dat er weer
iets niet meer paste. Nu mocht Britt ook eens, zeker teveel gesnoept in de
kersttijd. Ze loopt achter Britt aan naar de kleedkamer en rukt haar kastje
open, ook Britt haalt moeiteloos een extra stel kleren tevoorschijn.
"Zo," Zegt ze en trekt haar kleren uit "Wat prettig toch, een
goede meid is op haar toekomst voorbereid." Lacht ze terwijl ze haar broek
en trui opvouwt. "Ja, je maakt nog wat mee op het commissariaat,
rondvliegende koffie..." Tony kijkt lachend naar Britt die net recht gaat
staan om haar broek dicht te doen. "Britt..." Tony kijkt zonder
terughoudendheid naar Britts buik. Dit is geen snoepdik meer, Tony weet hoe een
zwangere buik eruit ziet. Verder is Britt nergens dik geworden, maar haar buik
steekt duidelijk, nou ja... zichtbaar, naar voren. Haar mond valt open en ze
kijkt vrolijk op. Britt kijkt haar glimlachend aan en knikt "Is dat waar...
wat ik zie?" Ze wijst op Britts buik "Ik geloof mijn ogen niet."
Britt slaat haar ogen neer, ze weet even niet goed waar ze moet kijken "Ik
ben vier maanden zwanger Tony." Zegt ze terwijl ze haar truitje over haar
hoofd trekt. "Britt, dat is fantastisch nieuws!" Tony stapt op Britt
af en omhelst haar "Vier maanden al... ja, dat is ook wel te zien. En alles
gaat goed...?" Ze kijkt Britt aan, die knikt en gaat dan op de bank zitten.
Tony gaat naast haar zitten en legt een arm om haar schouder "Jee Britt,
wie had dat gedacht? Wat fantastisch, hoe vinden Sel en Dorien het?" Ratelt
Tony door. Britt glimlacht "Geweldig natuurlijk." Zegt ze en knoopt
haar schoenen dicht "En jij?" Britt kijkt haar aan "Ik vind het
ook geweldig," Zegt ze "het kan niet perfecter zijn, dit is
gewoon..." Ze zwijgt "Het is je zo gegund!" Vindt Tony. "Hé
Britt," Selattin komt binnen "alles goed?" Hij gaat bezorgd bij
haar zitten. Britt knikt "Het was maar wat koffie, Tony is er nog voor gaan
staan ook." Glimlacht ze "Sel," Tony schudt vrolijk Selattins
hand "Gefeliciteerd... ik snap nu de toespeling van afgelopen zaterdag...
je hebt al bewezen dat je een man bent." Selattin lacht "Dankje Tony,
ja dat lijkt me wel genoeg bewijs, niet waar?" Hij glimlacht naar Britt,
blij dat ze OK is. "Ik zal het Ben dan ook maar vertellen, anders voelt ie
zich weer achtergesteld." Bedenkt Selattin en stapt met een glimlach weer
weg. Tony en Britt lopen ook terug naar het lokaal. Ze zien even later Yentl
over de gang lopen. Raymond komt naar hen toegestapt. "Zo, die klus is
geklaard. Tja, nu is het verder een zaak voor de rechtbank." Hij ploft
achter zijn bureau neer. "Britt en Tony, kunnen jullie even naar die winkel
gaan, er is daar een hele volksmassa geloof ik." Vanbruane steekt haar
hoofd buiten de deur "Die winkel die is overvallen ja, die... ik snap het
ook niet, maar ik krijg een oproep. Ga even kijken wat daar gaande is, er is al
een patrouille ter plaatse en er is versterking onderweg, maar ik wil weten wat
er aan de hand is." Ze kijkt de dames aan "Moeten wij daarheen
baas?" Vraagt Britt twijfelend. "Ik heb even niemand anders en die
zaak met dat meisje is ook van jullie." Tony briest "Dat is niet eens
een zaak." Vanbruane trekt een gezicht "Inpakken en wegwezen."
Britt staat op "Maar baas, het kan gevaarlijk zijn en ik..." Vanbruane
zucht "Je bent vast niet bij de politie gegaan met het idee dat je nooit
gevaar zou lopen, kom, kom, we leven allemaal in deze wereld. Tuurlijk is het
een beetje gevaarlijk, maar van een paar blauwe plekken en wat duwen en trekken
is nog niemand ooit dood gegaan en bovendien het ziet daar inmiddels blauw van
de politie. Je hoeft alleen maar te kijken, het lijkt me sterk dat die lui
jullie gezicht nog herinneren." Ze wil weer terug het bureau in gaan
"Maar baas, ik moet wat zeggen dan, ik kan niet..." Vanbruane
onderbreekt haar zonder pardon "Nu Britt, straks zijn ze er niet meer, als
je iets wil zeggen, ik ben er straks nog wel." Ze trekt de deur achter zich
dicht. Britt kijkt Tony aan en klemt haar lippen op elkaar "Ik wil daar
niet heen." Zegt ze als ze in de auto zitten "Wat als ze ons
herkennen?" Tony kijkt Britt aan "Dan blijf maar in de auto zitten, ik
ga wel polshoogte nemen, ik snap het wel. Ik zou ook niet gaan als ik jou
was." Britt zucht "Zo'n bange muis ben ik nou ook weer niet... nee
laat maar, ik wandel wel mee, maar laten we het snel doen." Lang zoeken
naar de winkel is het ook niet. Voor de supermarkt heeft zich een aantal mensen
verzameld en vanaf een stapel dozen die elk moment in kan storten spreekt Joris
hen toe. "Die lozer zorgt voor problemen." Wijst Tony gepikeerd en
parkeert de auto. Snel stapt ze uit en Britt volgt haar voorbeeld. Ze zien de
collega's al die door de mensen uitgejouwd worden. Ze staan wat ongelukkig op
een kluitje bij elkaar te kijken. Tony en Britt lopen naar hen toe "Ze
zeggen dat een collega van hen is gearresteerd, omdat ze die overvaller heeft
neergeslagen. Dat is eigenlijk de hoofdzaak van het verhaal. Ze zijn kwaad omdat
je tegenwoordig jezelf dus niet eens meer mag verdedigen." Legt een van de
agenten hen uit. Een groepje mensen draait zich net in hun richting om weer te
beginnen met schelden. "Dit is echt een heel volks protest."
Concludeert Tony "Ja, dat heb je met winkels in dit soort wijken... die
schreeuwlelijk daar..." De agent gebaart naar Joris op de dozen "heeft
iedereen zo op de hand. Gelukkig is de ME zo hier, ze zijn onderweg." Stelt
de agent hen gerust. Opeens tikt Britt Tony op de arm en wijst op een man die
zich losmaakt uit de groep en op hen afkomt "Monsard." Tony spreekt de
naam uit alsof ze het heeft over het een of ander glibberig insect dat verdelgd
moet worden. "Is het waar dat Yentl van der Kooij is gearresteerd voor het
aanhouden van die overvaller?" Roept hij naar Tony "Zij is niet
aangehouden vanwege het feit dat ze die overvaller heeft aangehouden, er is
tegen haar een klacht ingediend door de overvaller vanwege het feit dat er bij
de overmeestering van die overvaller teveel geweld zou zijn gebruikt. Het een en
ander is vandaag verhelderd en de zaak ligt ter beoordeling bij de
rechtbank." Tony lijkt tegen Monsard alleen maar te kunnen snauwen.
"Jullie hebben haar verhoord zeker?" Vraagt hij "Dat lijkt me
weinig relevant hier. Ik heb de verklaring gegeven. En wat is dit hier als ik
vragen mag?" Tony kijkt Monsard vragend aan "De mensen komen bij
elkaar, ze willen uitleg. Is het niet zo dat je in dit land jezelf niet meer
kunt verdedigen? Iemand komt je overvallen en je mag hem niet aanhouden, dan
word je aangeklaagd, is dat niet te stom voor woorden?" Monsard blijft zijn
voorspelbare vragen afvuren en Tony blijft herhalen dat ze geen commentaar
heeft. In de verte ziet ze de ME busjes aan komen.
Selattin tikt Raymond aan "Hé, weet jij waar Britt is?" Vraagt hij.
Raymond knikt "Die is naar die winkel die overvallen is. Er is daar een
hele volksoproer. Ze moesten van de baas gaan kijken wat er aan de hand was
daar. Ze ging niet graag... die lui herkennen haar natuurlijk en het is niet
moeilijk waar die oploop om gaat. De mensen vinden het vast niet leuk, ik hoor
het ze zeggen 'je mag jezelf niet meer verdedigen hier'. Nee, de politie zal
daar niet hartelijk ontvangen worden. Je vriendin zal wel moe zijn vanavond, ha,
ha, dat wordt weer koken... Ik heb al gehoord dat de ME op weg is daar naar toe,
ik hoor alarmerende berichten... Nou, ze moest van Vanbruane, dus is ze maar
gegaan." Raymond grinnikt, maar Selattin kan er niet mee lachen. Hij kijkt
om naar Vanneste die op de achtergrond staat mee te luisteren "Verdomme
Raymond," Snauwt hij "Dat is niet grappig!!!" Hij stapt naar de
deur van Vanbruanes bureau en gooit die open. Raymond kijkt verbaasd, zo heeft
hij Selattin nog nooit meegemaakt, zo fel... bezorgdheid om Britt? Tjee, het was
maar een grapje, ja, het zal er ruig aan toe gaan, misschien vangt ze zelfs een
paar klappen als ze haar herkennen, maar zo'n vaart zal het allemaal niet lopen.
Hij kijkt om naar Ben die hem ook kwaad staat aan te kijken "Wat is er aan
de hand?" Roept hij uit "Ja, dat was dus niet slim hè, om dat zo te
brengen..." Hoofdschuddend kijkt hij naar Vanbruanes bureau. "Hoe kun
je dat verdomme doen? Hoe kun je Britt daar naar toe sturen? Ze is daar geweest,
ze herkennen haar en Tony toch zo?!" Woedend slaat Selattin op het bureau
van Vanbruane. Die kijkt verbaasd op naar Selattin "Zeg, ik begrijp dat je
je zorgen maakt, maar is dit niet wat overdreven... ze zal hoogstens een tik
oplopen als ze niet snel genoeg weg is, dat krijgen we allemaal wel eens, kom,
kom..." probeert ze te sussen. "Een tik?! Ze wilde niet gaan... ze
wilde niet gaan, niet waar? Ze heeft tegen je gezegd dat ze niet wilde
gaan." Kwaad kijkt Selattin haar aan. Vanbruane knikt twijfelend
"Ja... ze wilde praten, ik heb gezegd dat we daarna konden praten... Ja
Selattin, luister eens, zij doen die zaak, zij weten wat van de achtergrond en
het is toch goed als iemand daar even polshoogte gaat nemen..." Vanbruane
kijkt Selattin wat verbaasd aan. "Britt is zwanger..." Zegt die zacht,
maar zeer duidelijk. "Wat?" Vanbruane kijkt hem verbijsterd aan
"Ze is zwanger..." Herhaalt Selattin "Je weet wel, baby in de
buik... een tik... een tik zeg je toch. Waarom stuur je haar nou net
daarheen?" Hij kijkt haar verbeten aan. "Ik wist het niet..."
Fluistert Vanbruane schuldbewust "Ik wist het niet, ze heeft het niet
gezegd..." Ze kijkt Selattin aan "Dat probeerde ze te zeggen... ik heb
niet geluisterd." Ze klemt haar lippen op elkaar en grijpt naar de telefoon
"Roep onmiddellijk Britt en Tony terug naar het commissariaat." Snauwt
ze in de telefoon. Ze kijkt Selattin aan en schudt haar hoofd. Het duurt niet
lang of er word terug gebeld "Wat bedoel je, ze reageren niet?... OK, ik
begrijp het, ik bel wel..." Ze legt de telefoon neer en toetst het mobiele
nummer van Britt in. Maar ook op haar mobiele nummer reageert Britt niet.
"Transmissie blijft proberen natuurlijk..." Zegt Vanbruane twijfelend
als ze Selattins' gezicht ziet. Die bijt op zijn wang en stapt weg. Ben volgt
hem met grote passen naar de motors "We gaan erheen, ze reageren niet op
transmissie en op de telefoon... hebben ze in de auto liggen zeker." Legt
Selattin snel uit. Ben knikt en stapt op zijn motor.
"Tony, ik snap nu wel wat er gaande is, laten we terug gaan." Zegt
Britt als ze even vanaf een afstandje naar de groep hebben staan kijken die nu
in de gaten krijgt dat de ME zich aan het groeperen is. De ME heeft zich net
naast hen geposteerd en maakt nu een omtrekkende beweging. Ze ziet hoe Joris'
ogen alles volgen wat de groep doet. Net als ze aan wil lopen en Tony nog eens
ongeduldig aan haar mouw heeft getrokken ontmoeten Joris' ogen die van haar. Ze
ziet onmiddellijk een glans van herkenning er doorheen schieten "Tony, ik
wil hier nu weg." Eist ze. Tony knikt en volgt haar achter de haag van
ME-ers uit richting de auto. Joris stoot een paar mensen aan en leidt hen door
de groep heen richting de auto waar Britt en Tony zich ook heen haasten. Het is
inmiddels een hele club geworden daar bij de winkel. Zo'n dertig man staan zich
kwaad te maken op alles wat met politie en justitie te maken heeft en een even
groot aantal ME-ers maken zich op voor een een eventuele aanval van de groep.
Vooralsnog blijkt het overgrote deel van de groep mensen echter te bestaan uit
schreeuwers, niemand lijkt extreem veel zin te hebben in een confrontatie met de
ME en ze houden zich op wat schreeuwen en spugen na eigenlijk heel rustig. Tony
opent het portier van de bestuurderskant en Britt loopt naar de andere kant.
Maar voor ze haar portier heeft kunnen openen duiken er een paar mannen links en
rechts van haar op. In een van hen herkent ze het studentje, Joris heeft haar
kennelijk inderdaad meteen herkend en komt nu verhaal halen. "Waarom houden
jullie Yentl vast?" Eist hij een verklaring. Britt zucht "Wij houden
Yentl helemaal niet vast, ze loopt al lang weer rond." Zegt Britt en wil
haar portier openen. Maar een van de mannen houdt het dicht zodat ze niet in kan
stappen. "Jullie hebben haar anders wel aangeklaagd. Mooi is dat, iemand
overvalt een winkel en wie wordt er opgepakt, degene die de winkel
verdedigt." Zegt een van de mannen, hij laat zijn gezicht dichtbij dat van
Britt komen als hij haar de zin toesnauwt. Britt staat met haar rug tegen de
auto en kan niet verder teruguit. Wat angstig kijkt ze achterom naar Tony die nu
weer uit de auto stapt. Ze heeft echt haar dag niet vandaag, denkt ze.
"Iedereen hier is kwaad," Dreigt Joris terwijl hij dicht tegen haar
aan gaat staan en zijn handen op haar schouders zet "als je wil kunnen we
er een heel drama van maken, gevecht met de ME, optrekken naar het
politiebureau... allemaal heel leuk voor de pers en niet leuk voor jullie
imago..." Hij duwt haar hard tegen de auto "Laat mij los." Zegt
ze vast "Dan moeten jullie Yentl laten gaan." Vindt een van de mannen
"Ik zeg het, we hebben haar niet meer, laat mij los." Ze ziet vanuit
haar ooghoeken met twee andere mensen een handgemeen heeft over het feit of ze
haar wel of niet moeten doorlaten en Britt wel of niet moeten laten instappen.
"Jullie moeten die aanklacht laten vallen." Eist de andere man,
terwijl hij en Joris haar nog een duw geven. Meer dan wat duwen en trekken
durven ze toch niet, schiet het door haar heen. "Wij kunnen die aanklacht
niet laten vallen, want wij hebben hem niet ingediend. Een ander heeft dat
meisje aangeklaagd wegens geweldpleging. Dit soort stemmingmakerij leidt nergens
toe en komt Yentl's zaak ook zeker niet ten goede." Voegt ze er aan toe.
Joris kijkt haar kwaad aan en wil net opnieuw zijn mond open doen om beginnen
zeuren over veiligheid, eerlijkheid en het rechtssysteem als het geluid van een
motor snel dichterbij komt. Vanneste en Selattin parkeren hun motors bijna boven
op de auto en zijn dan vervolgens in drie passen bij Britt. Selattin grijpt de
mannen stuk voor stuk en gooit hen naar achter in de armen van Vanneste die hen
met een vrolijk "Politie Gent, ik arresteer u wegens het bedreigen van een
ambtenaar in functie." Aan elkaar boeit en voor zich uit naar de combi
stampt. Tony steekt haar duim op en loopt met hem mee terwijl Selattin Britt in
zijn armen sluit. "Gaat het?" Vraagt hij zacht. Britt knikt, maar kan
het niet helpen dat er tranen in haar ogen opwellen. "Hebben ze je wat
gedaan? Heb je pijn?" Vraagt Selattin bezorgd. Britt schudt haar hoofd
"Ik was zo bang." Piept ze dan en drukt zich tegen Selattin aan.
"Het is echt alleen maar wat duwen geweest, maar... ik was gewoon zo bang
en ze lieten ons gewoon niet in de auto..." Ze kijkt Selattin aan "Ik
stel me echt vreselijk aan, maar ik heb geloof ik echt geen goede dag vandaag,
alles... komt echt als een muur op me af. Ik voel me gewoon zo kwetsbaar."
Selattin kust haar op haar voorhoofd "Dat ben je nu ook, dus dat mag je
rustig zijn. Je stelt je echt niet aan..." Britt glimlacht dapper "Ik
ben blij dat jullie er zijn. We waren er uiteindelijk heus wel uitgekomen, want
ze durfden toch niet echt iets te doen, maar... ik vond het gewoon wel
bedreigend." Tony komt terug en steekt haar duim op naar Britt "Ca
va?" Britt knikt "Weer een blauwe plek voor in het
verzamelboekje." Tony stroopt haar mouw op en laat een blauwe plek op haar
onderarm zien "Ze wilden me niet door laten." Verklaart ze als Britt
vragend kijkt. "Maar nu kan ik ze tenminste wel echt even pakken op
bedreiging. Hij wilde me een kaakslag geven... ik was sneller." Ze kijkt
trots en loopt lachend naar Vanneste die op zijn motor is geklommen klaar om te
vertrekken na deze interventie. Britt gaat in de auto zitten en even later is
het hele stel weer terug op het commissariaat waar ook net de mannen worden
binnen gebracht die zijn aangehouden wegens het bedreigen van Britt en Tony.
"Nou, nou, ja wat een dreiging." Zegt Tony smalend als ze boven komen
en ook Britt kan er nu wel om lachen "Ze durfden eigenlijk niets hè."
Grinnikt ze de zenuwen uit haar lijf. "Die volksoproer is ook al
opgelost." Zegt Vanneste terwijl hij op zijn walkietalkie wijst.
"Kennelijk hebben de mensen ons die lui zien arresteren en gedacht dat ze
zich maar beter uit de voeten konden maken, de ME heeft niet eens wat hoeven
doen." Vanbruane komt de gang ingelopen en blijft bij de deur twijfelend
staan. Britt kijkt Tony aan en rolt even met haar ogen, ze ziet dat Vanbruane
adem haalt voor ze naar haar toeloopt. "Gaat het Britt?" Vraagt ze als
ze voor haar staat. Britt knikt "Er is niets gebeurd." Zegt ze een
beetje stug. "Het spijt mij, OK? Het spijt me echt vreselijk, ik wist het
niet en ik had geen vermoeden..." Hakkelt Vanbruane ongemakkelijk "U
dacht dat ik gewoon weer eens aan het zeuren was." Concludeert Britt
helder. Vanbruane kijkt naar Tony, maar die trekt haar wenkbrauwen op en loopt
door, 'tja,' lijkt ze te zeggen 'dop jij je eigen boontjes maar'. "Britt,
serieus, toen ik het hoorde heb ik jullie terug laten roepen, maar jullie
reageerden niet op de mobiel en..." Britt knikt "Die lag in de
auto." Verklaart ze "Ik houd er vanaf nu natuurlijk rekening mee. Echt
het spijt me echt ontzettend, ik hoop dat je dat begrijpt..." Britt knikt
met een glimlach en haalt haar schouders even op "U wist het niet..."
Zegt ze toegeeflijk. "Mag ik je dan nu van harte feliciteren?" Vraagt
Vanbruane met een glimlach. Britt knikt en slaat haar ogen weer neer, ze wordt
eigenlijk zelfs een beetje misplaatst verlegen van de aandacht. Selattin komt
met zijn helm onder de arm naast Vanneste aangestapt. "Selattin,
gefeliciteerd ook..." Zegt Vanbruane als hij even bij Britt blijft stil
staan. Selattin knikt "Dank u wel..." Zegt hij nog even wat stug, maar
hij realiseert zich ook wel dat Vanbruane er in alle onwetendheid ook weinig aan
kan doen dat ze Britt naar de winkel heeft gestuurd. "Ik weet zeker dat je
een goede vader zult worden." Glimlacht Vanbruane "Beschermend."
Grinnikt Ben en hij omhelst Britt even "Gefeliciteerd Britt, jullie zullen
het heel goed doen samen, daar ben ik zeker van." Pasmans die alleen maar
het laatste heeft opgevangen kijkt Selattin aan "Gaan jullie eindelijk
trouwen?" Vraagt hij opgelucht, hij gelooft toch nog altijd in de
sacramenten en ziet een stel toch graag getrouwd samen wonen. "Nee, we
krijgen een kind." Zegt Selattin en geeft hem een klap op de schouder
"Zonder te trouwen..." concludeert Pasmans droog "Wel, van harte
gefeliciteerd dan." Hij geeft Selattin en Britt allebei een stevige hand.
"Ah eindelijk, het moest er toch eens van komen." Is de reactie van
Raymond als hem het heugelijke nieuws wordt medegedeeld. "Dan is toch nog
bewezen dat je een man bent, Sel." Grijpt hij terug op de discussie van
zaterdag. Selattin gaat grinnikend aan het werk net als de rest. Het nieuws gaat
als een lopend vuurtje door het commissariaat. Steeds als Britt ergens iets gaat
halen of moet vragen feliciteren de mensen haar en Selattin overkomt hetzelfde.
Aan het eind van de dag zijn ze het alle twee doodmoe, een beetje rust kan af en
toe geen kwaad. Pasmans en Raymond hebben de mannen verhoord die Tony en Britt
hebben bedreigd en ook tegen hen is proces verbaal opgemaakt. Opnieuw is de zaak
afgehandeld en ligt alles bij de onderzoeksrechter. "Nou," Zegt Tony
als ze terug komt van haar bezoekje aan de onderzoeksrechter "Laten we
hopen dat het nu echt de laatste keer is dat we ermee te maken hebben. Ik ben
die zaak goed beu, het deugt menselijk gezien van geen kanten." Vanbruane
haalt haar schouders op "Het is nu niet meer ons probleem, laat de
onderzoeksrechter er maar naar kijken." Tony knikt "Ik wil niet eens
weten wat de uitslag is," waarschuwt ze "wat een gedoe." Ze
stapelt haar spullen weer netjes op aan de rand van haar bureau en staat op
"Ik ben naar huis." Zegt ze "Wij gaan ook." Britt wijst op
Selattin en zichzelf en ook Vanneste is aanstalten aan het maken om naar huis te
gaan. Pasmans en Raymond zijn al vertrokken dus als Vanbruane even later zelf de
lichten in haar bureau uitdoet is de afdeling al verlaten. Met een glimlach
kijkt ze naar het bureau van Britt waarop een foto van Selattin en Dorien
prominent in het midden staat. Ze verdienen het, ze verdienen dit geluk
absoluut. Ze knipt het licht uit en stapt de gang op.
Als Selattin en Britt thuis komen zit Dorien al met het eten te wachten. Zij
heeft samen met Lieve gekookt en is daar helemaal trots op. Britt kijkt Selattin
aan en knijpt even in zijn hand "Wil je blijven eten, Lieve?" Vraagt
Selattin "We hebben nog wat nieuws te vertellen." Lieve kijkt van
Britt en Selattin naar Dorien die met een geheimzinnige glimlach knikt dat ze
moet blijven. Dus wordt er een bord bijgezet en schuift Lieve aan. Na wat over
koetjes en kalfjes... en Dorien, te hebben gekletst kijkt Britt Lieve aan
"Ik denk dat je baan hier een beetje gaat veranderen..." Lieve kijkt
Dorien aan "Je vindt dat Dorien oud genoeg is om alleen thuis te
blijven..." Raadt ze "maar wie doet al het werk in het huishouden
dan?" Voegt ze er meteen aan toe, ze heeft weinig zin om haar baantje kwijt
te raken, bovendien denkt ze stilletjes dat Dorien absoluut nog niet alleen
thuis kan blijven "Oh nee." Schrikt Britt "nee, nee, ik denk niet
dat dat goed is voor Dorien." Lieve kijkt blij op "Nee, dat dacht ik
ook niet." Geeft ze toe. "Ik bedoel te zeggen dat... je werk hier zal
veranderen... wij...eh... ik... ik ben namelijk zwanger." Ze kijkt Lieve
afwachtend aan, diens ogen veranderen in schoteltjes "Echt waar?"
Roept ze verbaasd uit "Dat is fantastisch." Britt vraagt zich af hoe
vaak ze dat nog moet gaan horen in de komende tijd. "Dorien..." Lieve
geeft Dorien vrolijk een stomp "Daar had jij het over vanmiddag?"
Dorien lacht en knikt "Had je het al gezegd?" Vraagt Britt verbaasd.
Dorien schudt haar hoofd "Nee, ze maakte een toespeling, maar ik dacht er
niet goed bij na. Bij school stond iemand met een kinderwagen met een klein baby’tje.
Dorien kwam uit school en ze trekt mij mee naar die wagen en zegt iets van 'lief
hè, zo'n baby’tje... zou het niet leuk zijn als wij er ook zo eentje thuis
hadden?' Ik heb dan iets gezegd van 'Ja, dat lijkt me heel leuk, maar voor dat
soort dingen moet je toch echt bij je moeder zijn en niet bij mij'. Ze was me
gewoon al aan het polsen." Lieve kijkt Dorien lachend aan "O jee
Dorien... dan wordt je grote zus..." Dorien knikt "En ik mag ook eens
proberen om de fles te geven en meehelpen met het badje of zo." Lieve knikt
"Ik ga je ook zeker leren hoe je luiers moet verschonen..." Dreigt ze.
Selattin en Britt kijken elkaar gelukkig aan, dat zit wel goed. Als alles weer
is opgeruimd na het eten vertrekt Lieve weer naar huis en gaan ze rustig even
zitten. "Zullen we onze ouders ook maar opbellen?" Stelt Britt voor
"Dan hebben we het ook allemaal gehad ook." Als Dorien naar bed is
gegaan haalt Selattin diep adem en draait het nummer van zijn ouders in Turkije.
Britt luistert scherp mee, maar veel kan ze er niet van volgen, het hele gesprek
gaat in het Turks. Maar op een zeker moment heeft Britt wel door dat Selattins'
ouders buiten zichzelf zijn van enthousiasme, ze hoort hun gekwetter aan de
andere kant van de kamer. Met pretoogjes kijkt ze naar Selattin die naar zijn
hoofd grijpt en gebaart dat hij doof wordt. Het duurt even voor hij ze ver
genoeg tot bedaren heeft weten te brengen om de telefoon weer neer te kunnen
leggen. Met een droog "Ze vinden het leuk geloof ik." Legt hij neer en
kijkt lachend naar Britt "Ze gingen echt helemaal door het lint, ik heb
zelden zo'n gelukkige woorden van ze gehoord. Ik geloof dat mijn moeder nu het
dorp in rent om het aan de hele gemeenschap te vertellen." Hij schudt zijn
hoofd, zijn ouders zijn soms grappige mensen, denkt hij. Hij houdt de hoorn op
naar Britt "Jij mag het jouw ouders vertellen." Zegt hij. Britt zucht
moe "Doe jij maar." Zegt ze "Ik ben moe, dan begin mijn moeder
weer over gezond eten en veel slapen..." Selattin toetst lachend het nummer
en in en loopt met de telefoon naar de bank toe waar Britt op hangt. Hij gaat
bij haar zitten en ze nestelt zich lekker tegen hem aan. "Anne, hoi, met
Selattin." Begint Selattin en kijkt dan verbaasd naar de hoorn als daaruit
een hele woordenstroom komt "eh... nee, alles is goed hoor, nee er is niets
mis met Britt, nee maak je maar geen zorgen..." Kan een mens tegenwoordig
al niet meer bellen zonder rampnieuws door te geven, denkt hij verrast door de
uitbarsting van ongerustheid. Lachend pakt Britt de telefoon uit zijn hand
"Hoi mam, alles is OK met mij..." aan de andere kant houdt Britts
moeder eindelijk stil "Ik heb leuk nieuws zelfs, jullie worden nog een keer
opa en oma..." Het blijft stil aan de andere kant "Hallo mam, ben je
er nog?" Vraagt Britt twijfelend, maar dan barst haar moeder weer los
"Oh kind, wat fantastisch, dat had ik toch echt niet meer gedacht, wat
geweldig, wat een leuk nieuws, ik roep je vader erbij...." Britt kijkt
lachend op naar Selattin terwijl de woordenstroom aan de andere kant aanhoud.
Selattin lacht als Britt haar vinger opsteekt bij de woorden 'eten', 'slaap',
'vitaminen', 'rust', 'voorzichtigheid' en 'verantwoordelijkheid'. Britt besluit
Selattin mee te laten genieten en zet de telefoon op microfoon zodat ook
Selattin goed kan horen dat hij er op toe moet zien dat Britt goed eet, slaapt,
rust en voorzichtig is. In haar positie ren je niet meer achter criminelen
aan... een kantoorbaan dat zou het beste zijn... Britt protesteert kreunend met
"Het is pas vier maanden mam, ik kan niet nu al..." Aan de andere kant
klinkt het "Vier maanden al?! Heb je dan al..." Er komt een hele reeks
van fenomenen die grotendeels nieuw zijn voor Selattin. Het geeft hem een
hernieuwde angst voor wat er allemaal nog te gebeuren staat. Als Britt dit nog
allemaal door moet maken overleeft ze de zwangerschap niet, dat staat als een
paal boven water. Britt doet alsof ze gaapt en schudt af en toe haar hoofd als
haar moeder weer een enge kwaal opnoemt. Gelukkig heeft ze nu eindelijk Britts
vader gevonden en schreeuwt hem toe "Britt en Selattin krijgen weer een
kind." Selattin lacht "Alweer?" Fluistert hij in Britts oor. Die
lacht ook "Oh leuk..." Horen ze Martin mompelen "Hoe werkt dit
ding ook al weer..." De ouders van Britt hebben net een nieuwe telefoon 'zo
een waar je mee kan lopen' en Martin had liever de oude weer terug gehad 'ik
loop toch nooit als ik bel'. "Ah Britt, hoor je mij?" Britt lacht
"Ja pap, uitstekend." Ze horen haar vader even lachen "Fijn
Britt, heel fijn dat je een kindje krijgt, jullie zullen wel blij zijn... moet
je trouwens horen wat er met die bollen is gebeurd die ik met Dorien in de grond
heb gestopt..." Selattin valt bijna achterover van de bank van het lachen.
Daar komen de Dahlia’s weer aan, denkt hij. Britts vader leeft voor zijn tuin
en kan het bijna over niets anders. Tot die conclusie komt Britts moeder ook, ze
neemt de telefoon weer over en overstelpt Britt met adviezen en goede raad voor
ze eindelijk ophangt. "Je vader is echt onbetaalbaar." Vindt Selattin
"Zeg dat wel." Grinnikt Britt. "Zo, dat hebben we ook weer gehad,
nu verspreidt het nieuws zich vanzelf wel." De telefoon gaat en Selattin
neemt op "Hoi Sel," Selattin wijst op de telefoon "Mihriban"
Zegt hij tegen Britt "Zeg Sel, wat hoor ik nou, krijgen jullie een
kind?" Gaat Mihriban plagend verder. Selattin lacht "Ik denk dat we nog
van geluk mogen spreken dat ze niet meteen in het vliegtuig zijn gesprongen om
hierheen te komen." Zegt Mihriban "Had je niet beter tot de laatste
maand kunnen wachten?" Selattin grinnikt "Ja, dat idee kreeg ik bij
Britts' ouders ook." Geeft hij toe. "Denk eraan bij de volgende
keer." Grapt Mihriban. "Nou, jij moet daar maar aan denken als
jij..." plaagt Selattin haar. "Ja, ja, wees niet bang, daar is mama
ook al over begonnen. Nou ja, ik belde maar om te waarschuwen dat je dus
binnenkort van alle ooms en tantes telefoontjes kunt verwachten." Selattin
knikt "Wij zijn voorbereid." Zegt hij "Voorbereid? Schaf jezelf
beter een geheim nummer en een onderduikadres aan." Selattin kletst nog
even met Mihriban. Als hij de telefoon weglegt is Britt al in zijn armen in slaap
gevallen. Voorzichtig veegt hij het haar uit haar gezicht en blijft een tijdje
liggen kijken naar wat hij een volmaakt gezicht vindt. Zachtjes aait hij haar
over haar wangen en wacht tot ze wakker wordt en beschaamd naar hem opkijkt
"Ik ben ook niet gezellig." Fluistert ze schuldbewust "Ik val
iedere keer in slaap." Selattin lacht "Zullen we dan maar gewoon in
bed gaan liggen slapen." Stelt hij voor. Britt knikt en volgt hem moe naar
de slaapkamer. "Het doet er niet toe dat iedereen het nu weet." Zegt
ze als ze even later tegen elkaar aanliggen in bed "Het blijft toch van jou
en mij..." Hij legt zijn handen op haar buik en drukt haar tegen zich aan
"Helemaal van ons..." Fluistert Britt tevreden en valt dan weer in
slaap.
Einde
Holymary;mins
|