Spek en bonen


Hero drinkontbijt, Barbara heeft nog maar zelden iets smerigers geproefd. Maar er staat op dat het gezond is en dat er 25 % van alle calcium in zit die je op een dag nodig hebt. En dat pleit toch voor het drankje. Het zal ook wel goed zijn. Iets wat zo goor smaakt en er zo vies uitziet moet wel gezond zijn, is haar idee. Multi-vitaminen, ja, het kan toch ook niet smakelijk zijn als je zoveel vitaminen in een fles stopt, dat krijg je er nou van. Met een zuur gezicht drinkt ze de fles leeg. Ja, uit de fles drinken is niet netjes, maar geen hond die het ziet. Sinds ze op zichzelf woont maakt ze zich om dat soort trivialiteiten niet meer zo druk. Op háár flat kan ze doen en laten wat ze wil, niemand die haar hoeft te vertellen wat er wel en niet kan. Ze spoelt haar mond en veegt die af aan een theedoek. Ze heeft nu toch al een heel behoorlijk job, haar ouders mogen al lang blij zijn dat er nog iets van haar terecht is gekomen. Ze graait een t-shirt van de stoel en kijkt er even naar. Dat is nog schoon genoeg. Snel trekt ze het over haar hoofd en gaat voor de spiegel staan. Ze draHait haar haren naar achteren in een soort van knotje en probeert dat met een elastiekje vast te zetten. Haar haren zijn echter veel te glad en ze doet een aantal verwoede pogingen voor het uiteindelijk min of meer blijft hangen. Met een treurig gezicht kijkt ze in de spiegel "Beter wordt het niet vandaag." Houdt ze zichzelf voor en loopt terug naar het keukentje. Ze graait een koffiekoek uit het pak. Je dacht toch niet serieus dat ze van die multi-vitaminenrotzooi alleen leefde? Laten we eerlijk wezen, je moet ook nog wat binnen krijgen. Die zooi drinkt ze alleen maar omdat ze ergens gelezen heeft dat je twee stuks fruit per dag moet eten. Dat haalt ze bij lange aan niet en dus probeert ze het zo te compenseren. Met haar koffiekoek nog in de hand springt ze beneden de hal in en maakt het stuur van haar fiets los uit alle andere fietssturen. In volle vaart sjeest ze door de Gentse binnenstad. Ze rijdt iemand omver, maar dat kan haar niet schelen, ze moet en zal een keer op tijd zijn vandaag. Bij het commissariaat legt ze haar fiets met drie kettingen vast in de hoop dat er straks in ieder geval nog één wiel staat. Grondig onderzoek heeft uitgewezen dat in de buurt van het commissariaat al evenveel fietsen worden gestolen als elders. Kennelijk boezemen al die agenten in uniform de fietsendieven niet de minst angst in. Het onderzoek heeft ze zelf verricht, ze is in die paar weken nu al drie fietsen kwijt geraakt hier. En de laatste fiets is zelfs in onderdelen gestolen. Ze weet zeker dat ze hem 's ochtends in zijn geheel aan een lantaarnpaal had vast geketend. Toen ze er vroeg in de middag voorbij waren gekomen om naar de auto te lopen waren haar achterwiel en trappers al weg geweest. Toen ze 's avonds naar huis wilde had er alleen nog maar een zadel gelegen en haar kettingen. Wat iemand met een fiets zonder zadel moest was har een raadsel, tenzij hem of haar hetzelfde was overkomen en hij nu een fiets terugjatte, maar het zadel dus niet nodig had. Ze sprint naar binnen en rent daar bijna iemand ondersteboven die naar buiten wil "Hé, lompe koe, kan je niet uitkijken?" Hoort ze nog terwijl ze de trap met drie treden tegelijk probeert te nemen. Pas bij de laatste tree gaat het mis als ze de vierde er ook nog bij wil nemen. Met de punt van haar schoen haakt ze achter die laatste tree en klapt languit op de grond. Nog even schuift ze door en komt tegen een deur tot stilstand. Verdwaasd blijft ze een moment liggen, krabbelt dan overeind en wil verder. Ze knalt omhoog tegen Raymond die verbaasd stil is blijven staan om Barbara's stuntelige landing te bekijken. "Is dat de nieuwe manier om wakker te worden onder de jeugd?" Merkt hij op als ze weer op de grond belandt, omdat ze terug stuitert tegen hem. Hoofdschuddend helpt hij haar overeind. Die jongelui van tegenwoordig hebben toch ook echt hun eigenaardigheden, meent hij. Heel wat rustiger maar minstens 5 blauwe plekken rijker, komt Barbara 10 minuten te laat het lokaal binnen. "Laat me raden." Mompelt Tony wat misprijzend "Je hebt het in ieder geval geprobeerd." Barbara knikt hijgend, haar gezicht is nog rood van inspanning. Ze gooit haar tas tegen het bureau en ploft neer. Met een klap legt ze het lijstje met de foto om. Het is warempel alsof Selattin en Britt's schattige dochter haar vanaf hun prominente plaats op het bureau zitten uit te lachen. Nee, Britt doet zoiets natuurlijk nooit. Die is altijd overal stipt op tijd, goede, geweldige Britt. Als ze haar tas opent ziet ze het al 'bróód vergeten!' Handig!! Dát overkomt Britt waarschijnlijk ook nooit. En ze had zich nog wel voorgenomen om geld uit te gaan sparen door voortaan net als Raymond brood van thuis mee te slepen. veel gezonder ook. "Dames." Vanbruane stapt haar bureau uit "Eh. Pasmans en Raymond, ik heb voor jullie een eh. fietser-voetgangerongeval, de fietser heeft vluchtmisdrijf gepleegd." Raymond kijkt Pasmans aan en die kreunt even, de ongelukken worden er ook al niet spannender op. "Heeft het slachtoffer letsel?" Vraagt hij serieus, Vanbruane schudt haar hoofd "maar toch." Zegt ze "Heeft het slachtoffer de nummerplaat van de fiets genoteerd?" Vraagt Raymond met een zuur gezicht "Raymond." Moppert Vanbruane "Geestig. hij heeft wel een beschrijving van de fietser." Raymond kreunt "Ja, zo'n crimineel zit vast al in de computer, al eerder veroordeeld. wegens." Vanbruane werpt hem een blik toe die hem doet zwijgen. "Jullie gaan er even heen, nemen die man even serieus en rijden dan verder. Jee, het gaat er maar om dat die man even aandacht krijgt. Goed voor ons imago. Hij lag wel bijna in de gracht, de schrik zit er goed in. en dat die fietser niet even gestopt is." Tony zucht, waar gaat dit toch weer over "De verruwing van de samenleving, heet dat baas." Doet ze behulpzaam. Barbara zit ondertussen aan haar bureau vreselijk te blozen en probeert wanhopig in haar computer te kruipen. Ze durft er bijna haar hand voor in het vuur te steken dat zij die fietser is. ingespannen tuurt ze naar haar computerscherm om vooral niemand te hoeven aan kijken "Ja, Barbara," Snauwt Vanbruane "Ik sta hier niet voor de stoelen en de tafels te praten, hoor. Als je het niet erg vindt zou ik het wel prettig vinden als je in ieder geval doet alsof je luistert door hierheen te kijken." Met een geërgerde zucht gaat ze verder. "Goed, Tony, jullie gaan een huiszoeking coördineren bij die Verbeek." Tony knikt "Plantjes kijken." Glimlacht ze. "Ik heb zojuist een huiszoekingsbevel vinnen van de procureur. Kennelijk zijn de aanwijzingen nu wél sterk genoeg." Vanbruane is nogal gepikeerd, dat is duidelijk. Een week geleden heeft ze al eens geprobeerd om voor dat pand een huiszoekingsbevel te krijgen. Maar toen was de gigantische elektriciteitsrekening en het vreemde afval niet voldoende geweest en zelfs de observatie dat er dag en nacht licht brandde in het huis hielp daar niet aan. Nu, opeens wel, een week later was kennelijk de maatstaf weer veranderd. "Jullie krijgen een AT mee, hoeveel man heb je nodig?" Tony denkt even na "Het is een vrij groot pand, als ze er net in aan het werk zijn. en daarbij wonen er ook een hoop mensen zo af en toe eens in. Ik ben niet zeker hoeveel mensen we tegen zullen komen en vooral wat voor mensen." Twijfelt ze. "10 man extra?" Vraagt Vanbruane en kijkt naar Selattin en Ben. Tony knikt "Goed, heren, jullie gaan eerst ook daar mee naar toe. daarna krijgen jullie wel een andere opdracht, de dames handleen het verder af en Tony heeft de leiding." Tony trekt haar wenkbrauwen op en kijkt Ben aan, die trekt een gezicht. "Zullen wij ook mee naar dat drugspand gaan baas?" Stelt Pasmans voor. Hij ziet de actie alweer aan zijn neus voorbij gaan "Nee Pasmans, jullie hebben die fietser al, dat is óók belangrijk." Breekt Vanbruane zijn gezeur meteen af. Even denkt ze erover om Barbara voor straf een week een team te laten vormen met Pasmans. Maar dan zouden Tony en Raymond samen moeten werken en ze heeft al een waarschuwing gehad dat dat ook niet gaat. Tony en Barbara gaat redelijk, alleen zou ze erg graag zien dat Barbara tenminste eens één dag op tijd komt! Vanbruane had nooit gedacht dat het zou kunnen, maar tegenover Barbara is zelfs Tony een toonbeeld van punctualiteit. "Goed, waar wachten we op?" Spoort ze iedereen aan om in beweging te komen voor ze vastgroeien aan hun stoelen. Binnen 5 minuten is iedereen op pad. Met een zucht zakt Vanbruane achter haar bureau neer, ze heeft echt haar dag niet vandaag, merkt ze.
"Ik hoop dat we een beetje op tijd klaar zijn vandaag." Selattin stapt op zijn motor. "Hoezo, we hebben dit weekend toch vrij? Maakt mij niet uit hoe laat het dan wordt." Vindt Ben en vervolgt dan bezorgd "Of is er iets met Britt?" Selattin lacht "Je lijkt wel wat op mij." Grinnikt hij "Nee, Britt is OK. Ze is naar het huisje van haar ouders, aan zee. voor de rust. Ik heb beloofd dat ik met Dorien na kom voor dit weekend en je snapt dus wel dat ik daar zo snel mogelijk wil zijn." Ben knikt "Is ze daar helemaal alleen?" Vraagt hij verbaasd. Selattin trekt een gezicht "Ben je gek ofzo? Haar moeder is er ook. maar dan nog." Ben start zijn motor als hij de jeep van Tony weg ziet draaien. "We zullen wel op tijd klaar zijn." Belooft hij en schuift zijn helmklep naar beneden. In volle vaart scheuren ze achter de jeep aan naar het oude vervallen pand waarin waarschijnlijk een grote hennepkwekerij zit. Ze houden het pand nu al een tijd in de gaten na een aanwijzing van de buren over het licht dat altijd brandt. Een straat verderop houden ze halt. Daar staat ook een arrestatieteam te wachten met twee combi's. Selattin en Ben stappen van hun motors om te horen wat Tony te vertellen heeft. "Luister we nemen gewoon iedereen mee die we in dat pand tegen komen." Horen ze haar zeggen "Dan hebben we tenminste de grootste kans dat we iemand ertussen hebben die Verbeek kent en ons wat kan vertellen. Anders hebben we die vent zelf straks nog niet te pakken. We verdelen ons in groepen. Het gebouw is namelijk groot en we weten niet wat we kunnen verwachten. Team 1 gaat onder leiding van Selattin langs achter binnen en team 2 onder leiding van Vanneste langs voor. Beide teams werken van onderuit naar boven. Nog vragen?" Tony stapt naar Selattin en Vanneste om snel nog de details door te spreken en dan gaat het hele stel naar het pand. Ze lopen vlak langs de huizen zodat ze nog niet te zien zijn. "Kom, kom, kom." Selattin grijpt vijf mensen in de kraag en rent met hen de brandgang langs het huis in. De planken van de schutting zitten aardig los. Met een beetje wrikken creëert een van de mannen een doorgang. Snel en geruisloos glippen ze alle 5 de achtertuin in, die meer weg heeft van een jungle. Het onkruid is er zo hoog dat ze het huis niet eens zien en op de gok de richting in gaan die Selattin aan geeft. Als tijgers sluipen ze door het hoge struikgewas naar de achterkant van het huis en blijven daar zitten wachten "Mama voor Sultan." Klinkt Tony's stem door de radio "Sultan luistert." Antwoordt Selattin "Mike staat klaar, hoe staan jullie?" Selattin knikt naar zijn team "Wij zijn er klaar voor -over-" Hij wacht even "Op mijn teken vallen we binnen." Kraakt het en na een paar seconden "Naar binnen -over- ik herhaal; naar binnen." Selattin gebaart naar zijn team en stormt met z'n mannen naar de deur. Het pand blijkt inderdaad aardig oud te zijn. De deur valt al om na een tik tegen de scharnieren. Met de pistolen in de aanslag gaan ze binnen. "Clear. clear. clear." Klinkt het vlot, de reis naar boven verloopt voorspoedig. Pas op de tweede verdieping komen ze iemand tegen. die is totaal overrompeld, want ze komt net uit de douche. Als Vanneste enthousiast roept "Handen tegen de muur." Laat ze verschrikt de handdoek vallen die ze vast heeft, terwijl ze naar de dichtstbijzijnde muur zoekt. "Vanneste!" Snauwt Tony als ze Ben verbaasd ziet gapen, er verschijnt een blos op zijn wangen "Eh ja. trekt u eerst iets aan." Stottert hij en kijkt Tony verontschuldigend aan. "Geen woord Vanneste." Moppert die en volgt de vrouw naar een kamer. Selattin slaat hem lachend op de schouder en ze gaan verder naar de bovenste verdieping. Daar is wat meer activiteit, dat horen ze al als ze in het halletje voor de deur komen. Ze wachten even tot Tony ook boven is en trappen dan de deur open. Meteen beginnen de mensen die op de zolder zijn te rennen. Het probleem is dat ze nooit nagedacht hebben over een dergelijke situatie en geen eenduidig vluchtplan hebben. Ze weten geen van allen welke kant ze op willen en hun wanhopige ontsnappingspogingen eindigen dan ook veelal in botsingen met elkaar of in de armen van een agent. Nadat ze een jongen op de grond heeft gewerkt kijkt Tony de zolder rond. "Goede vangst." Meent ze. "Ja, we hebben 7 man, als er nu niet een tussen zit die." Begint Barbara "Ik bedoel de hennep, moet je zien, wat een gigantische voorraad. Hier moet je toch wel voor zo'n slordige." Tony wordt onderbroken door Selattin die een man van de grond trekt en hem omhoog houdt "Moet je zien wie we hier hebben, Tony." Roept hij enthousiast. "Ha, meneer Verbeek." Roept Tony blij en duwt haar arrestant in Barbara's armen "Hier, houw even vast." Zegt ze en stapt op Selattin af "Zo meneer Verbeek, ik wil met u wel eens een goed gesprek hebben over die hobby hier. ik ben óók erg geïnteresseerd in planten." Ze kijkt op haar horloge "Es kijken, rond de lunch schikt u dat? Ik kom u wel beneden ophalen." Verbeek kijkt haar kwaad aan, maar houdt slim zijn mond. "OK mannen, inpakken die lui en afvoeren." Beveelt Tony. De mannen van het AT nemen alle arrestanten mee naar de combi's en zetten iedereen op een plekje, daarna brengen ze hen naar het commissariaat. Boven op zolder bekijkt Tony de kwekerij. Het spul werd ook daar verwerkt en klaar gemaakt voor de handel. Naast de kwekerij is een hele werkplaats. Tony kijkt op haar gemak rond en neemt alles in zich op "Hier kan je wel even mee vooruit." Glimlacht Barbara als ze een pak oppakt en van de ene in de andere hand gooit. "Ja," Glimlacht Tony "Daar kun je er wel wat van draaien." Ze ziet dat Selattin en Vanneste weer vertrekken, ze hebben zeker een andere opdracht gekregen. Selattin steekt even zijn hand op en Tony doet het zelfde. "Heb jij wel eens wat gerookt?" Vraagt Barbara tussen neus en lippen door. Tony kijkt op "Ja," Zegt ze dan "Maar dat is al een tijd geleden." Glimlacht ze. "Dat is toch ook vrij onschuldig, af en toe eens een stickie roken." Meent ze "Dat doet iedereen als ie jong is." Barbara glimlacht "Niet iedereen." Zegt ze "Ik zou bijvoorbeeld durven wedden dat Britt nog nooit een stickie gerookt heeft." Ze kijkt er wat misprijzend bij en Tony moet lachen "Britt? Ha, ha, nee, dat denk ik ook niet. alhoewel je weet natuurlijk maar nooit. ze zal 't misschien wel ooit geprobeerd hebben, maar. Nee, ik verwacht het eigenlijk ook niet." Geeft ze toe. "Dus jij hebt ook wel eens ooit een stickie gerookt?" Concludeert ze uit Barbara's opvattingen over stickies roken. Die knikt met een vaag lachje. Tony staat even stil en kijkt haar aan "Ook wel meer dan dat, is het niet?" Barbara kijkt haar aan en knikt "Geslikt, gesnoven, gespoten." Somt ze op "Ik ben een paar jaar compleet van de wereld geweest, tot dat m'n broer me op een dag toevallig tegen het lijf liep. ik had een mes en ik wilde hem beroven. z'n portemonnee en toen ik daar zo stond te zwaaien met dat mes had ik niet eens door dat het mijn eigen broer was." Ze lacht even "Hij heeft me letterlijk de afkickkliniek binnen geschopt. en voor m'n achttiende was ik clean. Dat was een hele scène toen ik weer thuis kwam, ik was er al anderhalf jaar niet meer geweest en ik was er met flinke ruzie vertrokken." Ze kijkt Tony aan en die lacht even "En zo kwam je bij de politie." Maakt ze af. Barbara knikt "M'n ouders geloofden pas dat ik m'n leven had gebeterd toen ze me in uniform thuis zagen komen. Nu zijn ze wel trots zelfs geloof ik. Ik raak in ieder geval geen drugs meer aan, geen alcohol en geen sigaret. Ik ben clean en dat wil ik graag zo houden. De gedachte aan mijn ouders helpt me daar wel bij. Ik kan me niet voorstellen dat die nog een keer zo vergevingsgezind zullen zijn." Glimlacht Barbara. Ze kijkt Tony aan "Weten jouw ouders dat je ooit een stickie hebt gerookt?" Vraagt ze met een lach. Tony's gezicht verstrakt wat "Dat kan ze geen ene moer schelen." Zegt ze kil en wendt haar hoofd af. Het is even ongemakkelijk stil en Barbara weet niet waar ze kijken moet. "Kom," Zegt Tony en stapt naar de deur "We zijn klaar hier, we gaan naar het commissariaat, die lui verhoren." Barbara knikt stilletjes en loopt achter Tony aan de trap af. "Hé," Zegt ze in de auto "ik wilde je niet kwetsen ofzo, ik wist niet dat." Tony kijkt opzij "Laat maar," Zegt ze "het is niet jouw schuld, maar. begin niet over mijn ouders." Sluit ze het onderwerp af. Ze staren allebei voor zich uit. Tony bijt op haar lip en omklemt het stuur. Verdomme, waarom moest ze nou weer over haar ouders beginnen. Dat kloterig stel nietsnutten dat haar ouders moest voorstellen. Sinds ze bij de flikken was gegaan was ze helemaal nooit meer thuis gekomen. of thuis. dat had ze al nooit gehad, een thuis. Tony weet als geen ander dat het kan, thuisloos zijn ook als je officieel nog een dak boven je hoofd hebt. Ouders. nou, die van haar hoopt ze nooit meer te zien, ze heeft er totaal geen behoefte aan om die twee ooit nog onder ogen te komen. Alsof die ooit trots zouden kunnen zijn op haar. In de regel waren ze zelfs al te dronken om te merken dat ze überhaupt bestond en Tony twijfelt er niet aan of dat is nog altijd onveranderd. Misschien zijn ze wel dood, denkt ze, het kan me eigenlijk geen zak interesseren. De hoofdreden dat ze nooit meer was terug gekeerd naar dat huis met die twee mensen erin die haar op de wereld hadden gezet en dan ook echt ook niet meer dan dat, de hoofdrede was dat ze bang was dat ze zichzelf niet meer in de hand zou hebben. Ze zou ze verdomme compleet in elkaar willen slaan, alle hoeken van de kamer laten zien, voor al die meppen die zij van hen heeft gehad. Dat was verdomme toch het enige wat ze thuis had kunnen halen, klappen en een hoop gescheld. Maar zij had mazzel gehad, ze was enig kind, vergissing van de natuur. Zij had tenminste voor niemand anders de verantwoordelijkheid, zoals Vanneste. Wat dat betreft was hij slechter af geweest met zijn pa als zij met haar ouders. Verder waren het allemaal een stelletje lamzakken. Haar knokkels worden wit van het knijpen in het stuur. Barbara ziet het vanuit haar ooghoeken en is bang dat Tony zo dadelijk het stuur aan gort knijpt. Zoals altijd als ze een tomeloze hoop woede in zich op voelt komen. Ze denkt slechts zeer zelden aan hen, maar als ze aan hen denkt komt er een agressie in haar boven die ze nauwelijks een plaats kan geven. Ze moet gewoon ergens tegen aan schoppen of meppen, dan is de energie eruit. Vandalisme is niet goed te praten, maar dat was wel wat ze deed vroeger. als ze die woede voelde opkomen. Dan moest het bushokje, de brievenbus, vuilbak of wat er dan ook in de buurt was er aan geloven. Rotzooi uithalen, dat had ze genoeg gedaan. Maar nu is ze volwassen en zelf moeder en ze weet heel goed hoe ze het níet aan gaat pakken. Ze kan dan wel niet trots haar dochter aan haar moeder tonen en Vera heeft geen leuke oma, zoals Britt nog altijd close is met haar ouders. Maar ze zal in ieder geval een fatsoenlijke moeder hebben. Ze zal ervoor zorgen dat Vera een huis heeft om thuis te komen. Daar zal zíj voor zorgen. Tuurlijk, haar moeder had onder de plak gezeten, ze kon ook niks met een man als haar vader, maar dan had ze maar weg moeten gaan! Ze had voor Tony kunnen kiezen. Ze had toch verdomme wat kunnen doen in plaats van de fles te grijpen! Ze was er nooit voor Tony, het kon haar niks schelen. Op school, bij de toneelstukjes ofzo, voor ieder kind zat er wel een ouder in de zaal. Behalve voor haar, voor haar kwam er niemand. Wat had ze een teringhekel gehad aan die leerkrachten die steeds weer vroegen of haar ouders ook eens op een ouderavond kwamen. Nee, ze hebben het te druk, dat had ze steevast geantwoord. Wat had ze dan moeten zeggen? Sorry, maar de twee uur per dag dat mijn ouders nuchter zijn vallen niet op dat tijdstip! Of sorry, als ze wakker zijn dan spenderen ze hun tijd aan ruzie maken en hebben ze echt geen tijd voor iets onbelangrijks als een ouderavond. Dan dat gemauw. "Als er iets is kun je het altijd zeggen, Tony." Leerkrachten, een ware plaag, als ze eens op zouden rotten naar hun eigen planeet en zich niet met andermans zaken zouden bemoeien. Dan had zij niet zoveel hoeven spijbelen. Met een wilde draai parkeert ze de jeep bijna binnen bij het commissariaat en stapt uit. Met boze passen stampt ze de trap op en ziet het verbaasde gezicht van Carla niet eens. Bij de deur boven heeft ze het niet meer, ze moet ergens tegen aan trappen. Ze haalt uit en stampt hard tegen de muur. Vanbruane die net om de hoek komt trekt haar wenkbrauwen op en kijkt Tony aan "Wil je erover praten?" Zegt ze met een wat sarcastisch glimlachje. Tony voelt de woede wat wegzakken en kijkt Vanbruane aan "Nee, het is m'n dag niet vandaag." Zegt ze en duwt de deur open "Ik ken dat gevoel." Mompelt Vanbruane en loopt bijna tegen Barbara op, die boven aan de trap is blijven stil staan toen ze Tony vloekend een trap tegen de muur zag geven. Noem nooit meer 'haar ouders' prent ze zichzelf in en knalt bijna tegen Vanbruane aan. Die zucht geërgerd als ze in een reflex haar handen omhoog doet om zich tegen te houden en daarom alle papieren die ze mee draagt laat vallen. Ze duikt naar beneden om alles op te rapen. Met een rood hoofd begint ook Barbara de papieren bij elkaar te vegen. "Het spijt me commissaris." Hakkelt ze. "Ja, ja," Met een wilde ruk pakt Vanburane de papieren uit haar handen en staat dan weer op. Barbara kijkt haar na als ze de trap afloopt "Het is precies mijn dag niet vandaag." Mompelt ze en loopt hoofdschuddend door naar het lokaal. Daar staat Tony al met een kop koffie in haar hand naar de lijst met namen te kijken. De gegevens zijn voor zover mogelijk van ieder persoon al genoteerd. Het enige probleem daarbij is wel dat er twee illegalen bij zitten, waarvan de gegevens dus moeilijk te achterhalen zijn. "We beginnen bij deze." Wijst Tony en loopt weer weg voor Barbara haar jas heeft kunnen ophangen. Die rolt eens met haar ogen en loopt er maar weer achteraan. Deze dag kan haar niet gauw genoeg voorbij zijn. Ze heeft het gevoel dat ze de hele dag maar als een slaafje achter iedereen aan rent. Ze hoort er gewoon niet bij, alsof ze verdomme een stagiair is die voor de lol komt kijken. Kwaad slaat ze met haar vuist tegen de kastdeur. Kennelijk is dat hier een toegestane aggressieaflijder. Maar aan de andere kant van de gang klinkt de scherpe stem van Vanbruane, die kennelijk alleen maar wat naar beneden ging brengen "Zeg! Barbara laat het meubilair heel! Als we als politiemensen nu zelf al gaan vandaliseren." Ze wil bijna verontwaardigd haar mond open trekken, maar beseft nog net op tijd dat het wel erg kinderachtig moet overkomen als ze nu begint met 'maar Tony deed het ook' en klapt haar kaken weer op elkaar.

"Heb je echt niks bij je?" Madelief leunt tegen de muur en kijkt haar vriendin aan. Die kijkt naar de dansende menigte en schudt haar hoofd "Nee," Zegt ze, of nee. schreeuwt ze, de muziek staat ontzettend hard. Madelief zucht "Je liegt, wat is dat, dat wat je net van Jan-Pieter kreeg?" Joëlle kijkt op "Oh dat. weet ik niet, 't moet echt héél bijzonder wezen." Ze laat haar hand in haar zak glijden en haalt een zakje omhoog. In het zakje zit een klein geel pilletje "Gouden zoen, of zoiets. Ken jij het?" Madelief schudt haar hoofd en bekijkt het pilletje. Het ziet er weinig bijzonder uit, eerder. geel. "Wat een kutfeest." Klaagt ze. "Wouter hangt de hele tijd bij die andere griet, bedoel je." Lacht Joëlle en laat het pilletje terug in de zak van haar spijkerjasje glijden. "Ik verveel me kapot." Moppert Madelief. Ze kijkt naar de overkant waar Wouter inderdaad staat te flirten met een roodharige troela uit 4c. Het is zondagavond en in de kelder van de school is een schoolfeest voor de bovenbouw. Geen lerarentoezicht, dat heeft de leerlingenraad bedongen. Het had een gaaf feest moeten worden, maar ze vindt er nu al niets meer aan. De gekleurde lichten glijden over de wild bewegende massa. Madelief ziet dat Joëlle een beetje meedeint op de muziek. Ondanks het feit dat haar vriend, Jan-Pieter, steeds elders is, lijkt ze zich toch te amuseren. "Heeft Jan-Pieter niets mee?" Vraagt Madelief. "Weet ik niet." Zegt Joëlle "Ik heb 'm al effe niet meer gezien." Jan-Pieter dealt, dat is algemeen bekend en vanavond doet hij goede zaken. "Hier," Joëlles hand gaat opnieuw in haar zak en ze duikelt het gele pilletje op "Neem maar." Ze steekt het pilletje naar Madelief, die kijkt blij op. "Weet je het zeker?" Vraagt ze. Joëlle knikt. "Joh. bedankt." Glimlacht Madelief en neemt een slok van haar cocktail om het pilletje weg te spoelen. "En?" Vraagt Joëlle. Madelief antwoordt niet, maar knikt met een tevreden glimlach. Jan-Pieter verschijnt opeens tussen de mensen "Hé, ga je effe mee. naar buiten." Glimlacht hij. Joëlle kijkt naar Madelief, die glimlacht even "Ga maar." Zegt ze en zoekt een stoel. Jan-Pieter slaat zijn arm om Joëlles schouder en zoent haar even. Samen lopen ze door de dansende massa naar de deur.

Met piepende remmen laat Tony de auto tot stilstand komen als er plotseling een drietal scholieren oversteekt. Met een woedend "Godverdommese klootzakken!" Gaat ze op haar claxon hangen en trekt dan hard weer op. Ze draait de jeep achter de combi en springt er weer uit. "We hebben ze net opgepakt." Zegt Selattin terwijl hij een meisje met kort donker haar naar de combi duwt. "We hebben verschillende getuigenverklaringen dat deze twee hebben gedeald op het feest. De jongen is de vriend van het meisje. zij heeft dan weer die pillen aan het meisje gegeven dat nu in het ziekenhuis ligt, dat is door verschillende mensen gezien. zelf zegt ze niks." Tony bijt op haar lip "We móéten weten wat ze geslikt heeft, dan kunnen de doktoren haar misschien nog helpen." Selattin haalt zijn schouders op "Probeer het eens met lijfstraffen." Oppert hij. Pasmans probeert de toegestroomde moeders op afstand te houden. Het commentaar is wederom niet van de lucht "Hoe kunnen er nou pillen verkocht worden op een schoolfeest?" Roept er een verontwaardigd "Waar waren jullie?" Schreeuwt een ander. "Mevrouw, wij doen onze uiterste best, het was een besloten feest." Pleit Pasmans "En dan haar moeder. Eerst is haar man ziek, moet ze nu haar dochter ook nog kwijt raken?" Roept een van de moeders kwaad alsof de politieagenten daar persoonlijk de verantwoording voor dragen "Het is een grof schandaal! En de politie komt altijd te laat!" Hoort Tony schreeuwen, wat een stemmingmakerij toch weer. Ze kijkt Selattin aan "Ik vind het anders akelig vroeg." Mompelt ze op haar horloge kijkend ie onverbiddelijk 5 uur blijft wijzen. "We waren net terug van zee, Dorien en ik, we zijn pas laat aangereden." Klaagt Selattin, hij heeft ook maar enkele uren geslapen. Die mensen zouden wel eens iets meer waardering aan de dag mogen leggen voor het feit dat ze op dit onaantrekkelijke tijdstip überhaupt zijn komen opdagen. Tony kijkt het voorplein over waar her en der verdwaasde leerlingen bij elkaar staan. De combi vertrekt met de twee arrestanten er in en Tony gaapt eens flink "Ik ga eerst maar eens dat grietje en haar vriendje ondervragen. Als we weten wat ze geslikt heeft." Selattin kijk naar de jeep "Is Barbara er niet bij?" Vraagt hij. Tony trekt een gezicht "Ben je gek? Die wordt zo vroeg niet wakker. ze neemt haar telefoon niet op. Ze heeft alleen een mobiel, die heeft ze op 'discreet' staan zeker? Ja, ik ben haar babysit niet hoor." Selattin lacht "Ik kom ook, dan doe ik die jongen wel." Tony knikt dankbaar en stapt weg. Ze springt weer in de jeep. Op het commissariaat loopt ze snel naar boven "Ja, zet ze maar meteen in het verhoor." Wijst ze en bedankt de agent die de gegevens al heeft opgeschreven. Het meisje dan maar, denkt ze, die heeft tenslotte de pil aan dat andere meisje gegeven. "Zo," Met een knal slaat ze de deur dicht en kijkt op het noteboekje "Joëlle van Poecke?" Het meisje zit niet, maar staat tegen de deur. Ze kijkt Tony vijandig aan "Laat mij hierbuiten trut!" Snauwt ze "Ik heb niets gedaan." Tony stapt op haar af "Zitten! Joëlle van Poecke, familie van procureur van Poecke, Joëlle?" Snauwt ze. Het meisje kijkt haar aan "Dat is mijn moeder ja, wat dan nog? Laat me hier buiten!" Tony blaast even al haar adem uit "Je bent serieus?!" Roept ze uit. "De dochter van de procureur dealt, mooier kan mijn dag niet meer worden." Ze duwt het meisje in de stoel "Zitten, zei ik. Ik wordt echt niet graag om half 5 uit mijn bed gebeld, weet je. Alleen maar omdat zo'n tottebel als jij een zakcentje wil bij verdienen. Wat is 't krijg je niet genoeg zakgeld thuis, betaalde je moeder je vierde scooter niet? Ik zou nog wel effe naar bed willen, dus als ik jou was zou ik meewerken, dan kan ik nog even slapen, anders wordt ik echt giftig. Wat heb je dat meisje. ze is je vriendin volgens verklaringen. leuke vriendin ben jij. Wat heb je haar verkocht?!" Joëlle kijkt haar met donkere ogen aan "Ik heb haar niks verkocht!" Schreeuwt ze "Lieg god'domme niet!" Schreeuwt Tony nog harder. "Ik heb hier verdomme 8 verklaringen. Allemaal mensen die jou dat meisje die pillen hebben zien geven! Liegen die soms alle 8, omdat jij zo'n belangrijk kind bent? Omdat jij zo'n leuk rijk meisje bent, willen ze je er daarom allemaal inluizen? Het is zeker een samenzwering." Joëlle kijkt naar de deur "Die hebben gewoon een grote fantasie." Doet ze uit de hoogt. "Jíj hebt dat meisje die pillen gegeven. Wij móeten weten wat ze geslikt heeft!" Tony buigt zich voorover. "Dat weet ik toch niet! Het is toch niet van mij?!" Schreeuwt Joëlle kwaad "Waarom wordt je kwaad om mij?" Tony briest woedend "Omdat jíj die pillen hebt gegeven, van wie heb je ze dan? Van Jan-Pieter?" Joëlle schudt haar hoofd en klemt haar lippen op elkaar "Van wíe dan?" Tony slaat met haar hand op tafel "Ik wéét het niet! Laat me hier buiten!" Joëlle springt op en loopt naar de deur, maar Tony is sneller. Met een knal gooit ze Joëlle tegen de deur. "Je vriendin ligt dood te gaan in het ziekenhuis! En jij denkt alleen maar aan jezelf verdomme, trut! Wíe heeft jouw die pillen gegeven. Van wie heb je die troep gekregen die je haar hebt gegeven?! En denk nou eens verdomme niet de hele tijd aan je zelf, er zijn nog andere mensen op de wereld ook!" Er wordt op de deur geklopt en Vanbruane verschijnt in de deuropening. "Tony. de procureur." Wijst Vanbruane. Achter haar staat een lijkbleke dame als een vis op het droge naar adem te happen, ze stapt meteen op Joëlle toe "Maar Joëlle," Stamelt ze zwakjes met onvaste stem "maar. hoe. waarom, ik begrijp het niet." Tony kan zich niet aan de indruk onttrekken dat bij dit kind met wat meer overtuigingskracht gesproken zal moeten worden moet men doordringen. Joëlle lijkt allerminst ingenomen met het verschijnen van haar moeder "Nee, je begríjpt het niet. Jezus! Laat me gerust, stomme trut!" Wild om zich heen maaiend wil ze weg stappen, maar een man die erbij staat stapt kordaat naar voren en grijpt haar vast "Ho, ho, juffertje, zo praat je niet tegen je moeder!" Joëlle kijkt hem stekend aan "Ohnee? Nou, je bent m'n vader niet! Dus rot jij ook maar op!" Selattin stapt de verhoorkamer uit en schudt zijn hoofd, hij heeft ook niets bruikbaars. Tony's telefoon gaat en snel pakt ze op. Ze ziet hoe de man Joëlle vast blijft houden "Jij wéét van je vriendin in het ziekenhuis. We moeten weten wat ze geslikt heeft. Van wie heb je dat spul, Joëlle? Naam?!" Snauwt hij terwijl hij haarstevig bij de kraag vast heeft. Aan z'n houding is te zien dat hij ook van de politie moet zijn of geweest is. "Ja Vanneste." Antwoordt Tony in haar telefoon. Ze volgt het hele schouwspel terwijl ze afwezig luistert naar hoe het met het meisje in het ziekenhuis staat. "Ja, ik weet niet wat ze geslikt heeft!" Gilt Joëlle haast hysterisch. Het wordt Tony wel duidelijk dat het kind zwaar in de clinch ligt met haar moeder. En ergens zit en probleem met die man, een vriend van moeder? Joëlle is het prototype verwend nest dat vooral en bovenal met zichzelf bezig is. Het kind moet duidelijk heropgevoed worden, maar dat dit perse maandagochtend om half 6 moet gebeuren ziet Tony niet zo zitten. Ze is het rotjong nu al beu. Ze hangt op en stapt op Joëlle af. "Mag ik uw dochter nog even lenen?" Vraagt ze met een big-smile in de richting van de procureur en duwt de deur naar de verhoorkamer weer open. Ze grijpt Joëlle bij de kraag en duwt haar voor zich uit. Met een knal schopt ze de deur dicht en stopt pas met duwen als ze Joëlle vast tegen de muur, aan de andere kant van de kamer, heeft geklemd. "Zo juffie," Begint ze "Ik krijg net telefoon uit het ziekenhuis. Dat meisje ligt dóód te gaan. Als we niet weten wat ze geslikt heeft kunnen we haar ook niet meer helpen. Ze hebben haar maag al leeg gepompt. weet je hoe dat gaat? Maag leeg pompen. zal ik het even uitleggen? Hartstikke leuk joh. maag leeg pompen. Dus. stop nu eens even met dat egoïstische gezeur en zeg me waar ik die dealer kan vinden, als we de pillen vinden weten we hoe we haar kunnen helpen. Jij had daar óók kunnen liggen, madame!" Het lijkt zowaar te helpen. Joëlle kijkt naar beneden en mompelt dan zacht "Ja, ik weet ook niet wat ze geslikt heeft. Jan-Pieter krijgt dat spul ook van iemand anders."Tony zucht "Van wie? Jij hebt die pil van Jan-Pieter gehad en hij.?" Joëlle zucht "Pim." Zegt ze "Pim eh." Tony rolt met haar ogen "Ja, Pim hoe? Achternaam, adres?" Joëlle kijkt Tony recht aan "Pim van Dongen." Zegt ze luid en duidelijk. De procureur, Vanbruane en de onbekende man staan nog altijd ietwat verbaasd voor de deur als Tony die weer pen doet en met Joëlle, die ze aan haar arm vast heeft, naar buiten stapt. "Hier, probeert u er maar wat verstand in te timmeren, misschien dat ze dan snapt wat ze gedaan heeft. Ik kom echt niet door geloof ik, maar goed, ik weet wat ik wil weten." Ze duwt Joëlle in de armen van haar moeder. Maar Joëlle rukt zich direct weer los en rent door de gang "Laat me met rust!" Snauwt ze. De procureur wil haar wanhopig achterna lopen en roept nog "Joëlle, ik ben niet boos. kunnen we nu niet even praten?" Maar de man legt snel een hand op haar arm "Laat haar maar even Pam, ze heeft de hele wereld al op haar nek. Kom, ik breng je eerst rustig even thuis. anders weet Jeanine ook niet waar je bent." De procureur, kennelijk Pam van de voornaam, wat in combinatie met van Poecke best grappig is -Procureur Pam van Poecke-, zucht eens vermoeid en knikt Vanbruane vriendelijk toe voor ze met de man mee gaat. Tony klopt op de deur van verhoor 2 "Sel? Ik heb een adres." Zegt ze snel als ze haar hoofd om de hoek steekt. Selattin staat op en loopt met haar de gang op. "Die pil, het heet iets van 'gouden zoen', ooit van gehoord?" Tony schudt haar hoofd. "De dealer van wie die Jan-Pieter zijn spul krijgt had 'm die pil gegeven voor z'n vriendinnetje, 'dat donkere grietje, goed spul, worden ze zo geil van als wat'. ik citeer." Tony rolt met haar ogen "Erg leuk, de pil was dus eigenlijk voor Joëlle bedoeld?" Selattin knikt "Kennelijk." Tony trekt een gezicht "Joëlle is de dochter van de procureur. denk je dat iemand haar wil pakken door haar dochter het ziekenhuis in te helpen? Dat is nogal wat. En ja, Joëlle wéét dat die pil eigenlijk voor haar was. Hmm, die zal ook wel op haar hoede zijn nu." Selattin knikt "Of ze heeft zelf wat uitgehaald en ze wilden haar pakken. Zullen we maar eerst naar dat adres gaan? Kans dat we die dealer op kunnen pakken." Tony knikt "Ik hoop dat hij nog meer van die pillen heeft, dan hebben we wat om aan het ziekenhuis te geven." Ze lopen over de gang "Eh. jullie gaan naar die dealer?" Controleert Vanbruane als ze de twee ziet. Tony knikt "Waar is Barbara trouwens?" Vraagt Vanbruane met een vleugje ergernis in haar stem. Tony haalt haar schouders op "Thuis? Ze neemt haar telefoon niet op en als ik daar eerst langs had gemoeten." Verontschuldigt ze zich. Vanbruane zucht "Nee, dat is al goed." Wuift ze hen weg "Ga maar gauw." Tony glimlacht "Baas, is er geen GPS voor politieagenten, ha, ha, dan kunt u op de computer altijd zien waar ze is." Snel rennen ze naar de auto en scheuren dan met gillende sirene door de stad. Bij het huis komen ze schuivend over het grint tot stilstand en rennen dan naar de deur. "Ik ga achterom." Roept Selattin snel, terwijl Tony aanbelt. Ze moet een paar keer bellen voor er een slaperige jongeman in z'n ondergoed de deur open zwaait "Ja, ja," Snauwt hij "Weet u wel hoe vroeg het is? Ik geef niet voor kanker en nierstichtingen of voor de arme kindjes in." Tony steekt haar penning naar voren "Pim van Dongen?" Vraagt ze kortaf. De jongen knikt slaperig, hij lijkt nog niet te beseffen wat er aan de hand is. "Goed, je mag zo met mee komen, je staat onder arrest. Maar eerst wil ik weten of je toevallig nog een exemplaar van die 'gouden zoen' hebt liggen. En líeg niet tegen me. Ik ben vanochtend nog veel vroeger opgestaan, omdat jij dodelijke rotzooi op een feestje verkoopt." Als ze Selattin om de hoek ziet komen duwt ze Pim terug naar binnen "Waar heb je het over? Ik was vannacht niet opeen feest, stom mens!" Snauwt Pim "Jij niet, maar Jan-Pieter wel, met jouw pillen. Nou kom op, er ligt Godverdomme een meisje dood te gaan in het ziekenhuis, omdat ze jouw rotzooi heeft geslikt!" Pim wordt bleek "Is Joëlle dood.? God. ik wou haar niet dood. maar hij zei." Tony zucht, heel veel ingewikkelder hoeft het voor haar op de vroege ochtend niet meer te worden. "Heb je nog van die pillen?" Snauwt ze "We willen weten wat er in zit, dan kunnen ze dat meisje misschien nog redden!" De jongen likt even te twijfelen 'Kom op Pim! We wéten dat jij dat spul aan Jan-Pieter geeft, daar kom je toch niet meer onderuit. Maar zoals het er nu voorstaat wordt je straks ook nog aangeklaagd voor moord. goesting? Nee hè? Dan zou ik ons maar snel die pillen geven." Ze stapt achter hem aan als hij naar de kapstok loopt en in zijn jaszak voelt. Hij haalt een zakje uit de zak en geeft dat aan Tony "Is dat het?" Vraagt die "Meekomen!" De jongen kijkt verbaasd en wijst op z'n onderbroek "Maar." Stamelt hij "Trek maar een warme jas aan." Raadt Tony hem aan en sleurt hem mee naar de auto "We hebben haast." Selattin heeft de auto al gestart en ze racen naar het ziekenhuis. Bij het ziekenhuis sprint Tony met de pillen naar Vanneste die al bij de ingang staat te wachten om haar de weg te wijzen. Met z'n tweeën rennen ze verder door het ziekenhuis. "Er zijn er nog twee. raadt eens voor wie ze bedoeld waren? Hij dacht dat Joëlle hier dood lag te gaan. Dat meisje dat we hebben opgepakt, zij is de dochter van de procureur. Deze pillen waren voor haar bestemd. Die dealer heeft ze van een man gekregen om ze aan Joëlle te geven. Die man heeft daar extra voor betaald. en meneer vermoedde helemaal niks." Ben kijkt Tony aan "Natuurlijk niet," Zegt hij sarcastisch "Dat is toch volkomen normaal dat ze je betalen om van hun drugs af te komen in plaats van dat je het spul moet kopen. Hij rent naar een deur "Ga jij maar terug om die gast te verhoren, ik blijf wel hier." Zegt hij snel en verdwijnt door de deur. "Bedankt."roept Tony nog snel en loopt dan rustig terug naar de auto. "En?" Vraagt Selattin "Afwachten." Antwoordt Tony. Als ze op het commissariaat komen zit Barbara aan het bureau te wachten "Wow. heb jij Vanbruane al gezien?" Vraagt Tony las ze haar partner ziet. Die schudt haar hoofd "Hoezo? Ik ben toch op tijd." Tony kijkt op de klok, het is waar, onder normale omstandigheden zou dit Barbara's eerste dag zijn dat ze op tijd binnen is. Barbara kijkt verbaasd naar Selattin die een jongen in ondergoed de verhoorkamer in duwt "Een flasher? Zo vroeg?" Vraagt ze aan Tony. Die zucht "Wíj zijn al weer bijna vier uur aan het werk." Zegt ze korzelig, verder komt ze niet, want Vanbruane die vanaf het andere eind van de gang aan komt lopen heeft Barbara ook in het oog gekregen en versnelt direct haar pas "Barbara. bureau." Zegt ze afgemeten als ze het lokaal binnen stapt. "Baas, Sel en ik gaan die dealer verhoren. we hebben de pillen naar het ziekenhuis gebracht." Vanbruane knikt kort "Dat heb ik gehoord, goed werk, Tony." Tony bijt op haar lip en zendt een blik richting Barbara 'succes' zegt ze geluidloos en loopt dan naar verhoor 1 waar Selattin al op haar staat te wachten. "Straks krijg je weer een andere partner." Voorspelt hij met een lachje "Ik begin net aan haar te wennen." Mompelt Tony en stapt de verhoorkamer binnen. Barbara volgt Vanbruane naar het bureau en blijft bij de deur staan. "Ga zitten." Gebaart Vanbruane en gaat zelf ook zitten. Dan kijkt ze even naar Barbara "Goed." Opent ze. "Barbara, ik weet niet hoe het er op je vorige werkadres aan toe ging. maar. wat verwacht je nu zelf van het werk dat je hier moet doen. Ik bedoel, hoe zie je dat nu zelf?" Ze kijkt Barbara afwachtend aan, die weet even niets te zeggen. Het is haar wel duidelijk dat Vanbruane behoorlijk pissig is. "Eh. ik was vandaag. op tijd." Stamelt ze. "Ja!" Vanbruane laat haar vlakke hand op de tafel neer komen en houdt zich duidelijk even in. "Ja."zegt ze dan rustiger "Alleen waren we allemaal wat eerder opgeroepen en. ik weet niet of je het beseft, maar jij hoort ook bij die allemaal. Alleen. kon Tony je niet bereiken." Barbara bijt op haar lip "Ik had m'n telefoon op 'stil' staan." Geeft ze toe. "Een ex-vriend van me heeft dat nummer nog en hij belt op de gekste tijdstippen vandaar." Vanbruane zucht "Schaf dan in Godsnaam een nieuw nummer aan, je moet bereikbaar zijn. Jullie wísten dat jullie voor vannacht reserve stonden." Barbara knikt gedwee "Zet dan meteen voortaan de wekker ook een kwartier eerder, zodat je voortaan op tijd hier bent, want inderdaad vandaag zou je op tijd geweest zijn, maar dat is in het al die weken voor het éérst1 Vind je dat zelf normaal?" Barbara schudt haar hoofd, maar vindt wel dat de commissaris het lichtelijk weet te overdrijven. "Ik had vandaag mijn wekker eerder gezet." Zegt ze flauwtjes. Vanbruane verbergt met succes een glimlachje en krijgt het voor elkaar om streng te blijven kijken "Fijn om te weten dat het experiment in principe gewerkt heeft." Meent ze. "Doe zo voort." Barbara knikt. Vanbruane zucht "Goed, ik zou dus graag zien dat je. wat meer initiatief toont. en niet overal achter aan huppelt. Tony heeft een partner nodig, geen stagiaire. Begrijp me niet verkeerd. Tony heeft niet geklaagd, maar zoiets als deze ochtend dat kán dus écht niet." Gaat ze scherp verder "Serieus, het is dat Tony net aan je begint te wennen, geloof ik. Anders zou ik misschien zelfs de teams veranderen en je een tijdje aan. nouja Pasmans of zo koppelen, want ik wil echt meer inzet zien. Is dat duidelijk?" Barbara knikt stilletjes en wacht gedwee tot Vanbruane haar laat gaan. Als Tony en Selattin de verhoorkamer uitstappen en Barbara zien staan kijken ze elkaar aan "Je lééft nog." Glimlacht Tony. Barbara laat een kort lachje horen "Nog wel." Geeft ze de ernst van de waarschuwing aan. "Vanneste heeft net gebeld. Dat meisje in het ziekenhuis gaat het halen." Zegt ze snel. Tony's gezicht is een en al opluchting. "Eh. Sel en ik gaan even Vanbruane briefen. ik geef zo tekst en uitleg." Belooft ze en loopt met Selattin het bureau binnen. Ze sluit de deur zorgvuldig. Vanbruane kijkt haar aan en Tony glimlacht even "Ik zal beter op Barbara letten, baas.' belooft ze plechtig. Vanbruane schudt haar hoofd "Dat is niet jouw taak, Tony. Jij doet het goed zoals je het doet." Ze zucht even en glimlacht dan "Ik denk dat we Britt allemaal missen." Geeft ze toe. Selattin lacht "Ik zal het haar zeggen." Belooft hij. "Goed, de zaak." Tony en Selattin gaan zitten. "We hebben die Pim ondervraagd. Hij verkoopt pillen op school. Af en toe verkoopt Jan-Pieter voor hem, als hij zelf iets anders heeft. Joëlle verkoopt niet, ze gebruikt zelfs ook nog niet zo lang. Pim's contact op die school is Jan-Pieter, maar zelf staat hij er ook vaak te dealen en dat is kennelijk bekend. Een aantal weken terug is er een man naar hem toe gekomen en die heeft hem gezegd dat hij extra geld kon verdienen als hij Joëlle aan de drugs zou krijgen. De man wist dat Joëlle het vriendinnetje was van Jan-Pieter. Het geld was in ieder geval genoeg om onze Pim geen vragen te laten stellen en dus." Selattin neemt het over "Joëlle kwam soms met J.P. mee naar beneden naar de kelder waar al deze gezellige activiteiten plaats vonden en Pim is beginnen praten met haar. Je kent het wel, je ziet er ongelukkig uit, hier, iets om je op te peppen, niet verslavend. Zo raakte Joëlle zo'n beetje aan de pillen, niet veel en niet verslavend, maar ze raakte er vertrouwd mee. Hij voerde haar steeds wat anders. De dag van het schoolfeest kwam die man weer naar hem toe. Hij had ene paar pilletjes bij en meer geld. Als Pim ervoor zou zorgen dat Joëlle er daar een van binnen zou krijgen zou hij hetzelfde bedrag nog eens krijgen. De rest van de pilletjes moest hij weggooien. Maar hij dacht dat hij die misschien ook nog wel ergens kon verkopen, vandaar dat ie ze bewaard heeft." Vanbruane kijkt Selattin aan "Een gerichte aanslag op Joëlle van Poecke?" Vraagt ze ongelovig. "Haar moeder ís procureur, het is heel goed mogelijk dat ze haar via haar dochter te grazen willen nemen." Oppert Tony. Vanbruane knikt bedachtzaam. Tony kijkt Selattin aan. "Eh. baas. Vanneste is nog in het ziekenhuis. zullen Sel en ik naar de procureur gaan om met haar over deze zaak te praten? Dan kan Barbara ondertussen de aantekeningen van die verhoren uittypen, dan lees ik er wel overheen." Vanbruane knikt "Goed idee," Vindt ze "misschien is haar de laatste tijd nog wat opgevallen, of heeft ze bedreigingen gehad aan haar adres. Ik denk nu toch ook sterk in die richting. Wat die dealer verteld heeft is toch niet niks." Tony staat op en Selattin volgt haar voorbeeld. Terwijl Selattin wat spullen zoekt legt Tony snel aan Barbara uit met welke zaak ze bezig zijn. Barbara is niet zo ingenomen met het idee dat Tony opeens Selattin meeneemt en haar veroordeelt tot het typen van verslagen. Maar ze begrijpt dat Selattin de zaak vanaf het begin heeft gevolgd en dus een grote voorsprong heeft op haar. Schoorvoetend geeft ze toe als ze Vanbruane's wakende blik op haar ziet vallen en haar hoort roepen "Ik zou naar Tony luisteren! Ik vind dat ook een goed idee!" Ze neemt de aantekeningen met een glimlachje in ontvangst en begint te typen. Selattin en Tony gaan vrolijk kletsend weg. Barbara kijkt hen jaloers na. "Hier," Tony werpt Selattin de autosleutels toe en klimt zelf in de auto "Als we eerst wat te eten zouden kunnen halen." Probeert ze Selattin te verleiden langs de bakker te rijden. Die lacht even en rijdt naar de dichtstbijzijnde broodjeszaak. "Volgens mij is dat ook een vaste route van Britt en jou, is het niet?" Glimlacht hij als hij Tony gewoonte getrouw ook voor Britt hoort bestellen. Hij weet wat zijn vriendin lekker vindt. Ze trekt een gezicht en dumpt de zak met Britt's portie in z'n handen. "Vooruit," Geeft ze toe "Ik kom hier inderdaad normaal gesproken met Britt, een mens wil toch niet verhoren." Lachend loopt Selattin achter haar aan de zaak uit. "Dat klinkt wel erg dramatisch." Vindt hij. Dorien is ook nog nooit dood gegaan aan het brood dat ze voor de lunch mee naar school krijgt. Ze eten hun broodjes terwijl ze op de motorkap zitten. "Hoe was het weekend?" Vraagt Tony terwijl ze op haar ei-bacon saladebroodje kauwt. "Goed." Kauwt Selattin de ham-prei salade weg. "Even lekker tot rust komen en het weer was geweldig. Dus Dorien en ik hebben zelfs gezwommen. Nee, dat is echt heerlijk zo'n weekend er tussen uit. Britt is ook echt opgeknapt, helemaal tot rust gekomen, eindelijk. Ze komt woensdag terug naar Gent, maar ik zweer je, ik heb haar zelden zo rustig gezien. Het doet haar echt goed om even weg te zijn van al die drukte. Je ziet haar gewoon. opbloeien. Ze is veel minder moe. Ja, we hebben allemaal genoten van het weekend. Britt's moeder is nog tot zaterdagochtend gebleven en zondagavond terug gekomen. Echt een fijn mens, die gunt je tenminste je privacy." Tony glimlacht, privacy is inderdaad erg belangrijk voor Britt, dat bewaakt ze als een havik. Als ze hun broodjes op hebben rijden ze door naar de procureur die een aardig huis in een buitenwijk bewoont. Als ze bij haar aanbellen, doet de man die eerder op het commissariaat was open. "Het is de politie, Pam." Roept hij over zijn schouder op een toon alsof ze iets ergers hadden verwacht, verward met een zekere teleurstelling. "Oh Tod," De procureur komt uit de kamer gerend "Jullie hebben toch niet Joëlle ergens gevonden of." Tony trekt haar wenkbrauwen op. "Mevrouw, sinds Joëlle bij ons op het commissariaat is vertrokken hebben wij haar niet meer gezien." Zegt ze snel. De procureur trekt een vertwijfeld gezicht en de man mompelt wat mistroostig "Nee, wíj ook niet." Selattin rolt met zijn ogen. Hallelujah, nu is dat kind nog weg gelopen ook. "Kom verder." Gebaart de procureur en ze volgen haar naar de kamer. "Joëlle is verdwenen" Verduidelijkt ze de paniek. Maar Selattin en Tony hadden dat zo ook al begrepen. Ze gaan op de bank zitten en wachten af. De man stapt op hen toe en geeft hen een hand "Jannes Vroonhoven," Stelt hij zichzelf voor "Hoofdinspecteur Vroonhoven. ik werk in Antwerpen." Tony kijkt van de hoofdinspecteur naar de procureur "Tony Dierckx en Selattin Ates." Stelt ze Selattin en zichzelf snel voor. Ze wil beginnen met haar verhaal, maar vraagt snel "Mevrouw van Poecke, u heeft geen idee waar uw dochter is?" De procureur kijkt de hoofdinspecteur aan en schudt haar hoofd. "Nee, Joëlle is niet thuisgekomen." Ze kijkt er een beetje beschaamd bij alsof ze weet dat Tony zich nu duizend vragen stelt over de relatie tussen haar en Joëlle. Tony kijkt Selattin aan "Ik geef haar signalement door aan de patrouilles." Zegt ze. Selattin knikt en wacht af terwijl Tony het commissariaat belt. "Ze geeft het signalement van Joëlle door aan de patrouilles." Verduidelijkt hij. De procureur knikt gelaten. Als Tony haar telefoon weg gestopt heeft doet ze haar mond weer open. "Mevrouw van Poecke. Vannacht op dat feest heeft uw dochter Joëlle haar vriendin een pilletje gegeven. De gouden zoen, zo heet dat spul. Haar vriendin, Madelief van Steen, heeft dat pilletje genomen en ligt nu nog altijd in het ziekenhuis." De procureur onderbreekt haar "Haalt ze het?" Selattin haalt z'n schouders op "Waarschijnlijk wel, we hebben kunnen achterhalen om wat voor pil het ging. onduidelijk is echter of ze er wat aan over houdt." Zegt hij rustig. "Ik begrijp niet waarom ze zoiets doet. ik zal haar er zeker over onderhouden. als ik de kans krijg." Het huilen staat de procureur nader dan het lachen. "Joëlle had dat pilletje gekregen van haar vriendje, Jan-Pieter, hij dealde op dat feest, niet Joëlle. Deze Jan-Pieter dealt voor een andere dealer op die school. Joëlle kent hem echter ook goed, omdat deze jongen vaak zelf naar school kwam en ze wel eens met Jan-Pieter bij de dealer is geweest. We hebben deze dealer kunnen ondervragen. Toen we hem vertelde dat er een meisje in het ziekenhuis lag meende hij dat we het over Joëlle hadden. Hij vertelde ons dat hij enkele weken geleden bezoek had gekregen van een man die heb geld bood om Joëlle aan de pillen te helpen. Diezelfde man. jammer genoeg is het signalement dat de jongen kon geven niet veel zaaks, laten we zeggen het slaat op half Gent, maar die man is gisteren wederom op bezoek geweest en heeft de dealer opnieuw geld gegeven. Hij zou nog meer krijgen als hij er voor zou zorgen dat Joëlle die pil zou nemen, de gouden zoen.' Tony is bang dat de procureur ter plekke neer zal storten, zo bleek ziet ze. Selattin probeert te bedenken hoe Britt zou reageren als iemand haar zou vertellen dat men Dorien heeft proberen te vermoorden. "Mijn God." Stamelt de procureur uiteindelijk "Die pil was voor. Joëlle. mijn God. dus toch." Ze kijkt de hoofdinspecteur aan. Die staat al recht en neemt z'n telefoon "Je krijgt bewaking."zegt hij kortaf. "En de kinderen ook." De procureur kijkt naar het plafond "Maar Joëlle zal vreselijk tekeer gaan, ze wil niet. en Jeanine. ze is nog zo." Ze zwijgt verslagen. De hoofdinspecteur heeft intussen iemand aan de lijn "Ja, met mij." Blaft hij haast "Ik wil vier man hier bij Pam en ik wil iemand die dag en nacht bij haar in huis is, ik wil voor elk van de kinderen bewaking." Tony kijkt Selattin verbaasd aan, waar haalt die man z'n mensen vandaan, zij heeft ook van die verlanglijstjes, maar krijgt er nog niet een derde van doorgaans. "Heeft Joëlle gelijk Jannes, moet ik dan maar stoppen?" De procureur is opgestaan en loopt handenwringend in de rondte. Ze kijkt met een gekwelde blik naar de hoofdinspecteur als die heeft opgehangen. "Als jij vindt dat je moet stoppen, dan moet je stoppen, maar ik had liever dat je door ging." De procureur staat stil en schudt haar hoofd "Je hebt gelijk, als ik stop geven we juist toe. dan. hebben ze wat ze willen. We moeten ons door al die bedreigingdn niet laten stoppen." Ze zucht even "Maar bewaking ín huis, Jannes. m'n privéleven. En wie moet dat dan worden? En daarbij. hoe lang nog Jannes? Hoe lang bewaking? Wanneer zijn we weer veilig? Hoe vaak nog moet er iets gebeuren voor dat mijn ogen open gaan? Wat moet ik nog doormaken. ik weet het niet meer hoor." De hoofdinspecteur zucht "Als jij stopt moeten we naar een andere procureur, dan begint alles weer van voor af aan en ik zou het wel heel prettig vinden als we nu gewoon." Tony is het zat om maar te moeten raden wat er gaande is en schraapt haar keel "Ja pardon, maar wij zitten hier ook nog en we wilden komen spreken over. eh. Tja. wij zouden graag die man oppakken die de dealer heeft betaald om Joëlle die pil te geven. We hoopten dat u misschien een idee heeft van iemand die u zou kunnen bedreigen. is er onlangs bijvoorbeeld iemand vrij gekomen die nog. een appeltje te schillen heeft met u. bent u met een zaak bezig waarin." Ze zwijgt als de hoofdinspecteur een grommend geluid maakt en gaat zitten. "Het klinkt misschien arrogant, maar. jullie kunnen je er beter buiten houden. Als jullie ons alles geven wat jullie hebben nemen wij de zaak verder op." Tony glimlacht "Met alle respect, maar de lokalen van Antwerpen hebben in Gent. verdraaid weinig te zoeken." Selattin knikt, ook hij is gepikeerd over het feit dat de man probeert hen de zaak af te nemen en daarbij vermoedt hij net als Tony dat het hier niet om gewone lokalen van Antwerpen gaat. "Ik zal u uitleggen waarom." De man wrijft z'n handen tegen elkaar "Allereerst onze thuisbasis, het kantoor, zal ik maar zeggen, is in Antwerpen, maar het team wat ik leidt is federaal, opereert dus op landelijke basis." Bevestigt hij hun vermoedens. "Op dit moment is mijn team bezig met een onderzoek naar een groep criminelen. een goed georganiseerde groep, met macht. Waarschijnlijk opereren zij ook over de grenzen. hun belangen gaan hoog. Hoe hoog weten we nog niet, maar hoog. We zijn al een jaar bezig met het onderzoek. We komen dichterbij, dat voelen ze. ze worden nerveus. Dat blijkt. Pam is onze procureur, zij volgt vanuit het OM onze onderzoeken en alleen zij kan haar fiat geven voor onze acties. En volgens mij proberen ze haar op deze wijze te. intimideren, over te halen om te stoppen met het onderzoek. Of ze willen dat ze het zo druk heeft met. wel met haar privéproblemen dat ze er op haar werk niet voor de volle 100 % bij is, ze geven haar wat te doen zal ik maar zeggen." Hij zwijgt even "Niet dat dat nodig is. proberen om met Joëlle te praten kan me zo al overspannen krijgen." Komt de procureur er tussen door met een flinke dosis zelfspot. "Ze blijft 's nachts tot weet ik wanneer weg. vindt dat ze oud genoeg is om zelf te bepalen wat ze doet, daar hoef ik me toch niet mee te bemoeien. Ze gaat naar feestjes als zij dat wil en. Ik wens je veel succes Jannes, als je haar wilt bewaken. Wel, maakt mij dat een slechte moeder? Besteed ik te weinig aandacht aan de kinderen? OK, misschien gá ik op in mijn werk, misschien gebeuren er vervelende dingen vanwege dat werk. Maar ík denk nog steeds dat ik aan de goede kant sta, dat ik eerbaar werk verricht. Is dat. naïef of fout van mij?" Ze kijkt Tony wanhopig aan, alsof ze van de andere vrouw in het gezelschap een redelijk antwoord verwacht. Een antwoord dat getuigt van meer inzicht en objectiviteit. Zelf kan ze haar situatie niet meer beoordelen, ze staat er al te lang in. Ze heeft teveel verloren aan deze zaak en het is tot een persoonlijk kruistocht gemaakt. Ze wil de hoofdleden van de bende kost wat kost voor de rechter brengen. "En uw man?" Aarzelt Tony. "Wat vindt die ervan?" De procureur wendt stuurs haar blik af "Dat is juist het probleem, die is dood. Als hij er was zou hij wel weten hoe hij met Joëlle moest omgaan. Naar hem luisterde ze altijd, hij wist precies hoe hij haar goed aan moest spreken. Maar hij is een klein half jaar terug. verongelukt. en dat is mijn schuld. tenminste dat vindt Joëlle. misschien is het ook wel zo." Ze zwijgt even en gaat dan verder "Hij is onder nogal raadselachtige omstandigheden overleden kunnen we wel zeggen. een brandbom. Kunt u zich nu voorstellen wat Joëlle van mijn werk vindt? En van mij.? En nu. nu zij. misschien is ze wel ontvoerd." Tony kijkt naar de hoofdinspecteur "Arme ontvoerders." Ziet ze hem geluidloos grappen en schiet zelf bijna in de lach "Pam, we moeten nu niet meteen het ergste denken." Sust hij "Waarschijnlijk duikt ze wel weer op. die is natuurlijk ook geschrokken." Er klinkt irritatie door in haar stem als de procureur hem onderbreekt "Ja God, ik ben ook geschrokken. Maar waarom komt ze dan niet met míj praten? Verdomme." Ze staat op en knijpt haar handen in elkaar. "Verdomme Jannes, zij is niet alleen haar vader kwijt, Jeanine ook en die gedraagt zich toch ook gewoon normaal? En ik ben mijn man kwijt. Wat denkt ze eigenlijk. dat ik het niet erg vind dat Jonatan dood is? Dat ik niet elke dag opsta en die lege plek naast me zie in bed en aan tafel en dat ik dan niet wil dat hij." Ze lijkt even naar adem happen "Mijn God, ík moet daarmee leven Jannes, elke dag, dat Jonatan dood is om mijn werk. We geven niet toe aan dreigingen. nee, maar wanneer houdt het op? Moet ik wachten tot de volgende dode? Maar ja, ik snap dat het lastig is om nu weer van procureur te veranderen en die man of vrouw heeft ook weer kinderen. en dan zou ik daar weer schuld aan zijn als die." Ze zwijgt en kijkt verslagen naar een foto op de kast. Boven klinkt wat gestommel, alsof iemand rondloopt "Ach." De procureur snauwt het haast alsof ze wil zeggen 'jullie begrijpen toch niet wat ik door maak' en verbergt haar gezicht even in haar handen. Als ze haar handen weghaalt houdt ze haar ogen even gesloten en schudt haar hoofd. Ze doet Selattin denken aan Britt als die probeert het hoofd koel te houden. De hoofdinspecteur heft z'n hand wat op en opent zijn mond om wat te zeggen. Met een klap laat hij zijn hand op z'n been neer komen en begint dwingend "Pam." Maar ze onderbreekt hem direct "Hoe zou ik nu nog kunnen stoppen?!" Bijt ze hem toe en kijkt op als er van boven geroepen wordt "Mâham" Klinkt een kinderstem "Ja schatje." Roept de procureur en loopt de kamer uit naar de hal, daarna horen ze haar de trap oplopen en boven sussend met iemand praten. De hoofdinspecteur zucht en kijkt hen aan "U ziet." Tony maakt aanstalten om op te staan. "Ik zal mijn mensen bij u langs sturen, u kunt dan over en weer informatie uitwisselen." Kennelijk begrijpt hij Tony's irritatie over het feit dat hij hen buiten de zaak wil houden en is hij nu te moe om daarover met haar te discussiëren. Als ze wil zeggen dat ze heus wel vaker te maken hebben gehad met gevaarlijke lui die geen geweld schuwen zegt hij snel "Zij kunnen u vertellen wat wij al weten over de mensen die Pam bedreigen en misschien weten zij een naam bij uw signalement. Dan kunu u in Gent ook naar hem uitkijken." En laat er mistroostig op volgen "Maar als hij net zo ongrijpbaar is als de rest vrees ik dat we het weer kunnen vergeten." Nog even blijven ze praten over mogelijke adressen waar Joëlle kan zijn. En de hoofdinspecteur geeft hen een foto van het meisje mee. "Ik hoop dat u haar eerder vindt dan wij." Meent hij oprecht "Daarbij als ik haar vind en ze leeft nog. dan vrees ik dat ze mijn toorn nauwelijks zal overleven. geloof me Jonatan was een geweldige kerel, mijn beste vriend en Pam, idem dito, maar die oudste van ze. ik heb zelden zo'n verwend kind meegemaakt!" Tony glimlacht en ritst haar jas een stukje dicht "We zullen uit blijven kijken naar Joëlle." Belooft ze. De man bedankt hen vriendelijk en loopt met hen mee naar de hal. Tony kijkt omhoog, bovenaan de trap zit de procureur. Naast haar zit een meisje van Doriens' leeftijd met betraande wangen. Het mantelpakje van de procureur misstaat volledig in deze scène waarin ze bovenal moeder is. Ze knikt Tony even toe en aait zacht door de haren van haar jongste dochter. "We houden u op de hoogte." Belooft Tony als ze vooraan het tuinpad zijn en de hoofdinspecteur zich weer omdraait. Hij knikt en loopt dan, in gedachten verzonken, weer weg. "Het is zaak dat we die Joëlle snel vinden, voordat iemand anders haar vindt." Meent Selattin als ze terug rijden naar het bureau "Ze is waarschijnlijk gewoon weg gelopen. Maar ze is kwetsbaar en ze kan in de verkeerde handen lopen." Bezorgd kijkt hij uit het raam. Op het commissariaat briefen ze Vanbruane. "OK, wat stellen jullie voor?" Vraagt die als ze het heel verhaal gehoord heeft. "We hebben wat adressen van vrienden gekregen, daar wil ik eigenlijk eens passeren." Geeft Tony aan "Ben en ik kunnen eens wat openbare gelegenheden gaan bekijken. Joëlle is niet langs huis gepasseerd, ze heeft niets bij. we zullen ook eens langs die school gaan, misschien is ze daar terug naar toe gegaan?" Vanbruane knikt "Doe maar." Zegt ze "Ik weet ook niet wat we meer kunnen doen. Tony, ik roep jou wel terug als die mensen hier gearriveerd zijn, dan kun jij met hen spreken." Tony knikt en staat op. "Ik maak een kopie van die foto, dan kunnen we alle twee een exemplaar mee nemen."zegt ze en gaat naar het lokaal. Barbara staat op "Ik ben klaar met die verslagen. ben ik nu genoeg gestraft? Mag ik weer mee doen?" Vraagt ze zielig. Tony lacht "Pak je jas maar vast, Joëlle is weg gelopen en we gaan eens bij wat vrienden van haar op bezoek." Barbara staat blij op, kennelijk heeft ze genoeg straf ondergaan en telt ze weer mee. "Ik heb geen jas bij." Zegt ze met een lachje "Je hebt groot gelijk, veel te warm vandaag." Tony geeft Selattin zijn foto exemplaar en loopt de gang op "Kom Vanneste, werk aan de winkel." Motiveert Selattin zijn partner. Vanbruane kijkt tevreden hoe haar team zich weer gaat uitzwermen over de stad. Als het helemaal rustig is loopt ze het lokaal in. Selattin heeft de foto nog eens gekopieerd en op het witte bord gehangen. Joëlle van Poecke, 17 jaar, staat er onder. Het meisje wat vanochtend zo woedend weg is gelopen lacht vriendelijk naar de camera. Een knap meisje, met mysterieuze donkere ogen. Vervelend, denkt Vanbruane, maar in een lastige situatie ook. Even twijfelt ze of Tony niet te hard vanochtend, maar van de andere kant had ze de naam van de dealer nooit gegeven als Tony niet zo tekeer was gegaan. Bovendien zou Joëlle toch wel zijn weg gelopen. Kennelijk was het feit dat ze betrapt was met die pillen genoeg om haar te doen inzien hoe diep ze in de nesten zit. Ze loopt terug naar haar bureau en gaat met een zucht zitten. Ja, het is echt te hopen dat ze haar snel vinden.
Barbara belt aan en kijkt naar Tony, die met een lang gezicht namen van haar lijstje staat te strepen. Tot nu toe hebben ze weinig succes, stuk voor stuk hebben Joëlles vrienden haar niet meer gezien na het feest op school. "Ofwel dat kind is volledig onzichtbaar, ofwel ze heeft vrienden die haar moeder niet kent." Zucht ze. De deur wordt geopend door een jongen met halflang donker haar. "Ivo Mijland?" Controleert Barbara. De jongen knikt "Barbara Volkar, Tony Dierckx, politie Gent." Opent Barbara "Oh. de politie, ja Thomas heeft al gebeld. ik heb Joëlle ook niet gezien. Ze is hier niet geweest, op dat feest heb ik haar nog gezien, maar." Barbara zucht "En ook geen idee waar ze naar toe kan zijn gegaan, sprak ze wel eens ooit over iemand." Ivo schudt zijn hoofd "Nee, niemand." Tony knikt en streept een naam door. In de auto kijkt ze op haar horloge. Het is al in de middag. Tussendoor zijn ze ook al terug geweest op het bureau om te praten met de federalen, maar dat heeft ook weinig opgeleverd. "Ze heeft veel vrienden, maar kennelijk niet een goed genoeg om naar toe te gaan als ze wegloopt. Nog drie man, maar ik denk dat we ook daar bot vangen." Als ze even later op weg zijn naar de laatste belt Tony naar Vanneste, maar ook die heeft weinig te melden. Op het station is ze niet gezien, verder ook niet op andere druk bezochte plaatsen zoals het winkelcentrum en ook zijn ze langs zowat elk café of restaurant gepasseerd. Zonder succes "We rijden nog maar even door, maar. ik weet het niet hoor." Sluit Vanneste af. "Ga jij maar, ik blijf zitten, ik moet even iemand bellen." Zegt Tony bij het laatste huis. Barbara stapt zwijgend uit, als ze het portier dicht gooit belt Tony naar Britt's mobiel "Oh please. hem 'm bij." Mompelt ze smekend "Britt Michiels." Hoort ze na een paar pieptonen Britt's afwezige stem "Britt, met mij, Tony." Zegt ze snel "Tony? Wat leuk dat je belt." Roept Britt enthousiast "Is er niets te doen ofzo?" Tony glimlacht "Integendeel, nee, ik bel eigenlijk ook om.om raad te vragen, een zaak. zeg het als je niet wilt." Ze hoort Britt zachtjes lachen "Vertel."grinnikt ze en Tony begint alles uit te leggen. Ze vertelt over hoe ze deze ochtend Joëlle hebben opgepakt en wat ze daarna bij de procureur gehoord hebben. Ze is nog altijd bezig met vertellen als Barbara terug instapt "Niets." Zegt ze en start de auto. Tony houdt even stil "Wie heb je aan de lijn?" Vraagt Barbara haar "Britt." Zegt Tony snel. Barbara kreunt onhoorbaar "Dit is nogal het moment." Mompelt ze hard genoeg, maar Tony negeert haar en vertelt verder aan Britt. Als ze klaar is eindigt ze met de vraag "Dus Britt, wáár is ze? Heb jij een idee?" Britt twijfelt even "Sel en Vanneste hebben alle parken uitgekamd." Zegt Tony nog snel "En de kerkhoven?" Merkt Britt op "De kerkhoven, wie gaat er nu naar een." Tony zwijgt "Verdomme Britt, ja, briljant. Bedankt!" Roept ze uit. Britt lacht "Graag gedaan. Zeg alleen niets tegen Sel. ik moet rusten, weet je nog." Tony lacht "Rust gauw verder." Zegt ze en haakt in "Barbara, rijdt naar het grote kerkhof, dan bel ik de procureur op waar haar man begraven ligt. waarschijnlijk daar." Barbara rijdt weg "Daar waren we zelf ook wel op gekomen." Mompelt ze "Uiteindelijk." Tony toetst het nummer van de procureur in "Met Jeanine van Poecke." Klinkt het aan de andere kant onzeker. "Met Tony Dierckx, is je moeder thuis Jeanine?" Er wordt een hand over de hoorn gelegd "Mâham." Klinkt het gedempt en dan wat gemompel "Een mevrouw Tony of zoiets." Hoort Tony de introductie "Pam van Poecke." Klinkt het een tikkeltje waakzaam "Tony Dierckx, politie Gent." Verduidelijkt Tony en ze hoort hoe de procureur haar adem inhoudt "Heeft u haar?" Ze fluistert het bijna "Nog niet, mevrouw van Poecke, haar vrienden wisten van niets en ook in openbare gelegenheden is ze niet gezien. Een collega opperde echter een heel redelijk idee. op welke begraafplaats is uw man begraven?" Ze hoort hoe de procureur adem haalt en even slikt "Jonatan ligt gewoon op de grote begraafplaats." Zegt ze zakelijk "Dank u mevrouw van Poecke, ik bel u direct als ik iets meer weet." De procureur maakt een instemmend geluid en haakt met een dun 'dankuwel' in. "Rijdt maar door." Zegt Tony als ze haar mobiel heeft weg gestopt. De wielen van de jeep tollen even als ze het losse grint van de parkeerplaats oprijden. Ze stappen uit en lopen de begraafplaats op "Ga jij langs die kan? Dan loop ik zo." Stelt Tony voor. "Ik hoop echt dat Britt gelijk heeft." Mompelt ze "Ik ook." Zegt Barbara als ze wegloopt. Maar in haar hart meent ze dat niet. Britt lijkt iedere keer haar pad te kruisen. Op die manier kan ze nooit tonen dat ze ook wel capabel is om iets te doen. Altijd weer Britt die met de oplossing komt. Het is oneerlijk om zo te denken, dat weet ze zelf ook wel, ze heeft al vele zaken met Tony gedaan en succesvol afgerond. Maar toch. dit is een grote zaak. Ze loopt langs de grafstenen en kijkt goed uit naar het meisje. Tony laat haar ogen over de stenen glijden en blijft stevig door lopen. Ze heeft zo'n gevoel dat Britt juist zat met haar idee. Ze heeft zeer sterk het idee dat Joëlle hier ergens is. Ze is dan ook niet verbaasd als ze tussen de graven opeens Joëlle ziet zitten. Ze zit met haar rug tegen een grafsteen geleund tegenover het graf dat waarschijnlijk van haar vader is. Opgelucht haalt Tony een diepe ademteug en gaat tegen dezelfde grafsteen zitten, maar dan aan de andere kant. Ze voelt hoe er een huivering door Joëlle heen gaat. Ze zitten even voor Joëlle begint te spreken "Ik heb zelfs even geslapen." Zegt ze "Heeft ze je verteld hoe het was. hoe het was toen papa dood ging?" Tony schudt haar hoofd en beseft dan dat Joëlle dit niet kan zien, maar die gaat toch door "Het was. ik voelde niets. helemaal niets. Hij was niet meteen dood, hij lag eerst in coma en ik voelde niks. Ik was niet verdrietig of zo, zoals Jeanine. Ik vond het zelfs wel leuk. of nee. interessant. al die aandacht, op school en de lijfwachten. Die hebben we een tijd gehad nadat papa dat ongeluk kreeg. En naar het ziekenhuis enzo. het was wel interessant. en hij." Ze zwijgt even "En toen ging papa echt dood." Vult Tony in. Ze kijkt om en ziet Joëlle knikte "En opeens snapte ik dat ik hem nooit meer zou zien, dat ie echt weg was." Tony hoort hoe haar stem dun wordt en verstikt in de tranen. Ze krabbelt op haar knieën en gaat naast Joëlle zitten. "Heb je daar wel eens over gepraat met iemand? Met je moeder?" Vraagt ze zacht "Mijn moeder." Joëlle lacht een beetje spottend "met haar kan ik niet praten. niet over papa. die begrijpt het toch niet., die begrijpt niet hoe het was en. ze heeft het veel te druk." Tony glimlacht "Ik denk niet dat ze het daarvoor te druk heeft. Misschien zou je het eens moeten proberen. Ze wil graag met je praten. Of anders zoek je iemand anders om mee te praten. Het is altijd goed om iemand te hebben." Joëlle knikt "Heeft Jannes jullie gestuurd?" Vraagt ze n kijkt Tony aan. Die schudt haar hoofd "Hoezo?" Vraagt ze "Gewoon. sinds papa er niet meer is. hij was papa's beste vriend en nu papa dood is vindt hij geloof ik dat hij ons moet beschermen ofzo." Tony glimlacht "Lijkt me geen overbodige luxe." Joëlle mompelt wat en schrikt op als Tony's telefoon indringend piept "Sorry," Tony neemt snel op en luistert "Ja, Tony. met Barbara hier, volgens mij ben ik verdwaald." Tony lacht, ze kijkt naar Joëlle. "Kom." Zegt ze "Ga je mee? Dan brengen we je thuis."
"Joëlle." De procureur staat al bij de voordeur te wachten als ze uit de auto komen. Ze rent op haar dochter af en blijft voor haar stil staan "Kom je thuis?" Vraagt ze zacht. Joëlle knikt "We hebben bewaking in huis nu.' De procureur zegt het met een klein lachje "Leuk." Glimlacht Joëlle wat spottend. Tony glimlacht bemoedigend naar de procureur "Succes.' zegt ze geluidloos en stapt weg. Op de achtergrond staan twee agenten in burger om alles goed in de gaten te houden. In de deuropening staat de jongste dochter. Ze zwaait even naar Tony en Tony zwaait terug.

einde

 

holymary;mins

 

Vorige Start Omhoog Volgende
* ©©©©© Alles op deze site is Copyright van de eigenaar en mag dus nergens anders geplaatst worden ©©©©©

*