Spelletjes
Hilde loopt door de gang en klemt haar boekentas strak tegen zich aan. Nog
vier deuren te gaan en dan is bij haar lokaal. OK, dit moet lukken, ze versnelt
haar pas. Maar net voor ze de deur open wil doen wordt ze achteruit getrokken.
"Hé Hilde, niet zo snel. Wij willen eerst nog even met je praten." De
drie jongens duwen haar naar achter tot ze tegen een tafel aan valt. "Laat
me met rust." schreeuwt Hilde kwaad. Even verderop komt Merel met haar
vriendinnen de hal binnen. Snel loopt ze het groepje voorbij en gaat naar binnen
"Jullie komen zo nog te laat." roept ze naar de jongens. Verdomme
Merel, denkt Hilde, je bent m'n vriendin toch? Kun je me dan niet even een keer
komen helpen? Wanhopig kijkt ze toe hoe twee van de jongens haar tas in de
prullenbak leegschudden. "Aardrijkskunde? Frans? Engels? Waar heeft zo'n
lelijkerd als jij dat nou voor nodig." "Je krijgt toch nooit een
vriendje, oef, wat ben jij lelijk zeg." De derde houdt iets omhoog in zijn
handen "Kijk eens wat ik gevonden heb, een spin. Hier Hilde, kijk eens, net
zo lelijk als jij! Dat kan je vriendje wel zijn. Wacht effe." De andere
jongens komen ook weer terug en houden Hilde vast. "Zet hem op haar
kop." stelt de ene voor. "Nee, in haar trui." roept de andere. De
derde kiest de gulden middenweg en zet hem in haar nek. De spin kruipt langzaam
omhoog via haar oren naar haar gezicht. Hilde knijpt haar lippen stijf op
elkaar. Ik ben niet bang voor spinnen, denkt ze. De jongens lachen zich een
ongeluk, maar zijn wel enigszins teleurgesteld dat Hilde niet gaat gillen. Snel
pakken ze hun tassen en gaan het lokaal in. Hilde pakt de spin van haar gezicht
en zet hem in een hoekje op de grond. Daarna vist ze haar tas en haar boeken uit
de prullenbak en klopt op de deur van het lokaal. "Zou je kunnen proberen
eens op tijd te komen?" vraagt Juffrouw Boom geïrriteerd als ze midden in
haar verhaal moet stoppen. Hilde bijt op haar lip en knikt. Zuchtend neemt ze
een tafeltje, vooraan, alleen.
"Hey Tony," Britt gooit een plastic tas in de richting van de bureaus.
De tas zeilt een stukje door de lucht en valt dan recht naar beneden in de
prullenmand. "Romertjes, T-shirtjes." somt Britt op terwijl ze de tas
weer uit de prullenmand haalt en op het bureau zet. Allemaal oud spul van
Dorien. Maar baby's groeien overal zo snel uit, dus je kunt het misschien nog
gebruiken. "Oh heerlijk, bedankt. Ja, je hebt gelijk. Vera is overal al
uitgegroeid voor je het kunt kopen. Had je dat nog allemaal bewaard?" Britt
bijt even op haar lip en knikt, terwijl ze naar haar locker loopt zegt ze zacht
"Voor een tweede." Tony zuigt even haar adem in, dat had ik niet
moeten vragen, denkt ze en trekt een grimas naar zichzelf weerspiegelt in het
zwarte computerscherm. "Is er iets te doen vandaag?" wil Britt weten
als ze terug komt. "Nee. nog niet." Tony schudt haar hoofd en start
haar computer op, PV"s dan maar, ze heeft nog wat in te halen.
"Hilde, mag ik jouw passer even lenen?" Merel en Hilde zitten samen
met een paar anderen aan een tafel huiswerk te maken. Nou, zo is het niet
helemaal, Hilde zit er meer bij. Zo af en toe leent iemand eens wat van haar,
maar verder wordt er niets tegen haar gezegd. Hilde vindt het wel best zo, ze
mag er al bijzitten, dat is heel wat. Je zal haar niet horen klagen.
"Tuurlijk," zegt ze hulpvaardig, en duikt naar haar tas. Maar hoe ze
ook zoekt. Ze kan haar passer niet meer vinden "Doe niet zo stom."
zegt Carolijn "Net bij wiskunde had je hem nog. Flauw hoor dat Merel hem
niet mag lenen, ze is nog wel je vriendin." Hilde gaat met haar tas op de
grond zitten en schudt hem helemaal leeg, maar er is geen passer meer te vinden.
"Hij is weg." fluistert ze verbaasd. Oh God, dit gaat een ramp worden,
ze had een hartstikke dure passer meegenomen, een van haar broer. Hij gaat haar
vermoorden, hoe legt ze dit nou weer uit? Wanhopig kijkt ze op, recht voor haar
zitten de jongens van de klas aan een andere tafel hun huiswerk te maken. Een
van hen pakt een passer uit zijn tas. Hilde's mond valt open van verbazing. Dat
is haar passer. De jongen kijkt haar even aan en lacht dan gemeen. "Dat is
mijn passer!" roept Hilde kwaad en loopt op de tafel met jongens af
"Welke?" vraagt een van hen. "Die!" ze wijst kwaad op de
passer die de ene jongen nu netjes uit het doosje haalt. "Nee hoor,"
zegt de jongen "dat is mijn passer." Hilde grijpt het doosje "O
ja? Nou, hier staat Max, dat is toevallig de naam van mijn broer." De
jongen haalt zijn schouders op "O? Nou ook die van mijn broer en wacht
even."Hij haalt de passer te voorschijn en pakt het doosje terug. Met de
punt van de passer krast hij zijn naam in het dekseltje "Nu staat er ook
nog mijn naam op, hij is dus van mij." Hilde zet grote ogen op "Niet
doen, sukkel, dat is hartstikke duur. Nou kom op, geef me mijn passer
terug." Een van de jongens staat dreigend op "Noem je hem een
sukkel?"
"Meneer, meneer, sorry, maar mijn horloge is weg." Hilde staat voor de
gymleraar op en neer te springen. "Dan zul je hem wel niet in de witte bak
hebben gelegd." concludeert die. "Jawel meneer, in mijn portemonnee.
"Dan moet ie ergens zijn, of je bent hem zelf kwijt geraakt." kapt de
leraar haar af en loopt dan met grote passen weg. Hilde kijkt kwaad naar de
witte bak. Als ze gaan gymmen doen ze alle waardevolle spullen in de bak.
Vandaag zijn ze naar buiten geweest, om te slagballen. De bak is binnen gebleven
in het kantoortje van de leraar. Ze kijkt naar de kleedkamer van de jongens.
Daar lopen net een stel jongens naar binnen "Wat is er Hilde? Je horloge
kwijt?" grinnikt een van hen. Hoe kan hij dat nou weer weten? "Ga maar
tegen de leraar zeggen dat wij hem hebben gestolen. Wij stelen toch altijd
alles.?" roept een andere jongen. Hilde zucht, ja hoor, ze weet het weer,
die ene is tijdens het slagballen binnen naar de WC geweest. Ze draait zich om
en geeft kwaad een trap tegen een bank die op de gang staat, het was haar
communiehorloge verdomme!! "Hé jongedame," een leraar van een paar
deuren verder komt kwaad op haar afgelopen "We stampen hier niet tegen een
meubilair aan, ik ken je gezicht nu. Als ik je nog een keer betrap kun je gaan
corveeën."
"Tony, Britt, er is een verkeersongeluk gebeurd, met dodelijke afloop.
Kunnen jullie even gaan kijken, het schijnt dat de dader is doorgereden."
Tony staat op en gaat de jassen halen "Tuurlijk baas," zegt Britt
terwijl ze haar computer op stand-by zet. Gezellig kletsend lopen ze naar
buiten. Als ze op de plaats van het ongeluk aankomen zijn daar al agenten aan
het rondlopen. "Er is een kind doodgereden. Een getuige verklaard dat het
zomaar plotseling over stak, tussen die auto's vandaan." Britt tilt het
laken op "Zo'n jong ding." ze schudt haar hoofd "Had die niet op
school moeten zitten." De agent knikt "Ja mevrouw. op die school
daar." Hij wijst op een school recht tegenover Britt. De poort van het
plein is nog geen 500 meter van hen vandaan. Bij de poort staat een jonge vrouw
met een betraand gezicht "Wie is dat?" vraagt Tony. "Dat is haar
juf. het meisje is weg gelopen uit de les nadat een kind haar beklad met een
verfkwast." Tony stapt op de juf af "Marijke werd altijd veel
gepest." hoort ze de juf zeggen "Ik heb geprobeerd er wat aan te doen,
maar wat kán ik doen. Ik kan er over praten, ik kan de pesters straffen, maar
dan?" Ze kijkt de agent die bij haar staat wanhopig aan. "Ik rende
achter haar aan, maar ik kon haar niet meer stoppen. Ze zag die auto gewoon niet
aankomen."
"Hé, geef die agenda terug. Merel!" De groep meisjes zit in een
kring. Iedereen schrijft allerlei leuke en gekke dingen in de agenda's van
anderen. Merel schrijft in Hilde's agenda, maar nu heeft een jongen die agenda
gepakt. "Ik wil ook even in je agenda schrijven, Hilde, dat mag toch
wel?" zegt hij met een grijns "Nee, geef hem terug!" "Anders
gaat ze naar de mentor." roept een andere jongen met een hoog stemmetje.
Een derde lacht gemeen en pakt een pen "Kom." Machteloos ziet Hilde
toe hoe de jongens in haar agenda beginnen te krassen. Als ze hem terug krijgt
zoekt ze naar de bladzijdes die de jongens hebben bewerkt. "Lelijke uit de
baarmoeder getrokken kuttenkop" staat er op een bladzijde. Er staat een of
ander misvormd mannetje getekend. Hilde zucht en pakt tape, ze plakt de
bladzijden op elkaar, dit hoeft ze niet te zien! "Hoe ga je dat nou met je
huiswerk doen?" vraagt Merel bezorgd. Hilde kijkt haar verbaasd aan
"Maakt jou dat wat uit?" vraagt ze kwaad. De rest van de groep sist
verontwaardigd "Moet je horen hoe ze tegen haar vriendin doet, Merel heeft
toch niets gedaan?" Hilde bladert verder. En dan merkt ze dat de foto die
voorin zat weg is. Lang hoeft ze niet te wachten. De jongens zijn al weg en even
later als ze naar de les moeten hangen er overal foto's van haar. "Wanted
dead or alive, voor een stuiver" staat er in een hanenpotenhandschrift
omheen. Waar ze ook kijkt, op elk prikbord hangen ze. "Hey lelijkerd, leuk
hè, je wordt beroemd." grinnikt een van de jongens terwijl hij haar in de
klas de foto terug duwt in haar handen. "Juf, mag ik even naar mijn mentor
toe?" vraagt Hilde. "We gaan hier tijdens de les niet rondlopen, ben
je nou helemaal? Dat doe je maar na de les die onzin!"
"Britt, goed dat je hier net bent. Dit is iets voor jullie denk ik."
Vanbruane zwaait met een papiertje heen en weer. "We gaan erop af."
zegt Britt als ze het blaadje snel gelezen heeft. "Kom Tony," in de
auto vertelt Britt waar ze naar op weg zijn. "Er is een jongen door een
groep kinderen geslagen en getrapt. Ik weet ook niet precies waarom. De jongen
is 13 jaar oud. Het is vlak voor de school gebeurd, ze waren vroeg uit omdat een
leerkracht ziek was, kom." Snel stappen ze uit en lopen naar de plek toe
waar een hele groep mensen staat. Ze staan om een jongen heen die op de grond
zit. Een paar agenten zijn al bezig met het ondervragen van mensen die er omheen
staan. Maar de meeste mensen zijn pas later gekomen, toen de knokpartij al
afgelopen was. Britt gaat bij de jongen zitten "Hallo, ik ben van de
politie. Gaat het een beetje?" vraagt ze bezorgd. "Jawel, maar ik er
is iets met mijn been." kreunt de jongen. "De ambulance is
onderweg." meldt een agent. "Hoe komt dit?"vraagt Britt de
jongen. "Het waren kinderen uit mijn klas." bromt de jongen. "Ze
vinden me niet leuk, omdat ik er anders uitzie of zo. Ik weet ook niet. Ze
pesten me al vanaf het begin van het jaar. Vandaag waren we eerder uit. ik weet
niet wat ik gedaan had, maar ze waren heel kwaad op me. En ze wilden m'n tas
afpakken. Toen duwde ik een jongen weg en opeens vielen ze me allemaal
aan." Hij kreunt weer en grijpt naar zijn been. Tony schudt haar hoofd
"Je kent die jongens?" vraagt ze. De jongen pakt zijn agenda uit zijn
tas. "Ik heb zelfs de adressen, we hebben en lijst van de hele klas."
zegt hij trots. "Ik ben al heel vaak naar mijn mentor geweest, maar die
doet er niet veel aan. Hij heeft er wel met de klas over gepraat en hij heeft
ook met de grootste klieren apart gepraat. Maar dat helpt echt niks. Ze noemen
me juist een mietje, omdat ik naar de leraar ga. Dus dat doe ik ook maar niet
meer. Maar nu. ik durf gewoon niet meer terug straks!" snikt de jongen.
Britt pakt de lijst aan en kruist de namen aan die de jongen opnoemt. "We
laten ze naar het bureau komen." zegt Tony als ze met Britt weer wegloopt
"Dat maakt dan misschien nog enige indruk." Britt zucht "Laten we
het hopen."
Het is helemaal stil, Hilde zit op een muurtje met haar schrift en haar
potloden. Ze tekent het paard dat even verderop in de wei staat. Ze hebben even
vrije tijd en dan is ze meteen aan het tekenen. Ze zijn op kamp. Vandaag zijn ze
aangekomen en ze moet nog drie hele dagen op deze vreselijke boerderij met haar
vreselijke klasgenoten doorbrengen. Wie op het onzalige idee is gekomen een half
jaarlijks kamp te organiseren weet ze niet, maar ze kan hem het plan niet in
dank afnemen. Op die fiets was het gejen alweer begonnen en het was niet
gestopt. Ze mocht nog van geluk spreken dat ze überhaupt een bed had weten te
veroveren op de meisjeskamer. Ze kijkt voor zich uit. Waarom mogen de andere
kinderen haar niet? Ze snapt er helemaal niks van, ze kleedt zich hetzelfde, ze
doet hetzelfde. Niks mis mee toch. En is ze dan echt zo lelijk? Dat niemand met
haar wil praten, komt dat dan echt daardoor? Misschien stelt ze zich wel te zwak
op, maar. wat moet je ook in je eentje tegen die hele club. Ze hebben gewoon
iemand nodig om te pesten! En toevallig hebben ze haar uitgekozen. Ze zucht,
misschien is ze ook wel lelijk, misschien is ze ook wel een stomme trut. Als
iedereen het zegt. Ze kijkt weer naar het paard en zet een paar lijnen. Dan
hoort ze stappen achter zich 'oh nee,' kreunt ze onhoorbaar, het is weer gedaan
met de rust. "Zo, kijk daar eens, wie hebben we daar? Oh, het is Hilde. ze
zit zo fijn te tekenen." Ze hoort de stem van de grootste pestkop door de
stilte snijden. "Wat ben je aan het maken?" Een jongen rukt het
schrift uit haar handen. "Oh, een paard. wat schattig." roept hij en
lacht haar recht in haar gezicht uit. Een andere jongen loopt te slurpen aan een
pakjes sinaasappelsap. "Ik heb geen dorst meer." zegt hij dan.
"Oh, dat geeft niet, Hilde wil nog wel." roept een andere jongen.
Hilde hoort ook de meisjes lachen. De hele klas staat om haar heen lijkt het
wel. De jongen die achter haar staat grijpt haar bij haar kraag en stopt het
rietje tussen haar trui en haar nek. Langzaam knijpt hij het pakje sinaasappel
leeg, de plakkerige zooi loopt over haar rug. Ze kan het niet helpen, ze weet
dat ze sterker moet zijn, ze weet dat ze boven alle pesterijen moet staan. Maar
ze kan het niet helpen, stil lopen de tranen weer over haar wangen. "Ach,
ze huilt." roept een jongen die voor haar staat. Hij gooit haar schrift
terug op haar schoot "Kom jongens." roept hij. De klas sjokt weer weg.
Door haar tranen heen ziet Hilde dat Merel ook bij hen is. "Da's toch wel
zielig," hoort ze een meisje nog mompelen. Hilde veegt haar tranen weg
"Als je het dan zo zielig vind, waarom dóe je dan helemaal niks?"
fluister ze stil voor zich uit. Ze sjokt naar binnen om zich te gaan wassen. Ze
komt een juf tegen in de wc "Wat sta jij nou te doen?" vraagt die
verbaasd "Ik heb m'n sinaasappelsap gemorst." zegt Hilde snel.
"Op je rug?" vraagt de juf verbaasd "Ja!" snauwt Hilde en
loopt weg "Als er iets is. dan kun je er met me over praten hoor."
hoort ze de juf nog zeggen. Hilde stampt door naar haar kamer. Alle meisjes
zitten in de meisjeskamer, de gesprekken vallen stil als Hilde de deur
opengooit. Ze loopt regelrecht naar haar bed en begint haar spullen in te
pakken. Zonder wat dan ook op te vouwen propt ze alles in haar rugzak. Dan pakt
ze haar spijkerjack en gooit haar tas op de rug. Zonder wat te zeggen loopt ze
de deur uit. Ze botst omhoog tegen de juf die ze zojuist in de wc zag.
"Waar ga je heen?" roept die en komt haar achterna. "Ach mens!
Rot toch op, jullie doen toch niks! Wat moet ik hier nog op dat stomme
kamp!" Ze duwt de juf van haar af en rent naar buiten. Ze blijft rennen tot
ze in het bos is dat achter het huis begint. Daar remt ze af en loopt gewoon
verder.
"Jongens, kan er iemand naar dit adres toegaan. Er wordt een meisje
vermist. Ze is 13 jaar, zit in het eerste jaar van de middelbare school en is
weg gelopen van het kamp." Britt trekt haar wenkbrauwen op "Doen wij
wel." zegt ze, terwijl ze Tony meetrekt. "Tuurlijk," zegt Tony,
die liever verder was gegaan aan de verkrachtingszaak. "Daar hebben we
voorlopig toch nog geen doorbraak in te verwachten." raadt Britt haar
gedachten. Ze rukt het papiertje uit Vanbruane’s handen en loopt door naar de
wagen. Het duurt even voor ze op het adres zijn, omdat het een boerderij een
eindje buiten de stad betreft. Bij de deur worden ze al opgewacht door een
lerares. Kort legt die uit dat Hilde Verhey is weggelopen van de boerderij. Als
Britt verder vraagt naar de rede komt er uit dat ze vermoed dat Hilde misschien
gepest werd door haar klasgenoten. Tony zucht "Dat treffen wij weer. Laten
we maar eens een paar kinderen eruit pikken." Tony stapt op een groep
kinderen af "Jij daar." ze wijst op een jongen met donker haar en een
uitdagende blik "Kom jij maar eens even met me mee." Ze neemt de
jongen bij de arm en trekt hem mee. "Hé, wie zegt dat hij het gedaan
heeft?" roept een andere jongen "Wat gedaan heeft?" vraagt Tony
geïnteresseerd. "Hilde gepest., daarvoor komen jullie toch.?"
antwoordt de jongen. "Inderdaad, nou, het interesseert me geen zier of hij
het wel of niet gedaan heeft. Ik kies er gewoon een paar van jullie uit en die
gaan met me mee naar het bureau. Als ik vandaag nog tijd heb dan verhoor ik ze,
anders moeten ze maar een nacht in de cel blijven." Een andere jongen stapt
naar voren "Dat kan je niet maken." roept hij "Toch wel, kom jij
ook maar mee." Ze pakt haar handboeien en maakt de twee jongens aan elkaar
vast. "Hé," roepen een paar kinderen kwaad. "Zeg, ik neem aan
dat jullie ook niet zo voor Hilde opkwamen, wel?!" roept Tony kwaad terwijl
ze de twee jongens wegduwt. "Nou, kom op, krijg ik het verhaal nog te
horen, of moeten er echt een paar de cel in. Ik kan ook jullie ouders nog laten
komen." Britt staat van een afstandje toe te kijken en glimlacht als een
paar jongens verslagen op Tony afstappen en beginnen te vertellen.
Hilde is moe, ze heeft al een tijd door het bos gelopen, maar er blijkt geen
einde aan te komen. Daarbij begint het al aardig te schemeren. Hoewel ze weet
dat de boze wolven inmiddels in de 20e eeuw wel uitgeroeid zijn vindt ze zo'n
bos toch maar een akelige bedoening in het schemerdonker. Ze kijkt op "Ben
ik hier niet al eens geweest?" vraagt ze zich hardop af, als ze weer een
gespleten boom ziet, die ze al veel vaker heeft gezien. "Als je het mij
vraagt loop je rondjes, Hilde." zegt ze tegen zichzelf. Ze zucht, ver van
de boerderij kan ze ook niet zijn, want zo groot was dat bos niet. Ze loopt dus
rondje, constateert ze. "Je moet ook geen paden volgen." mompelt ze,
"je moet rechtuit gaan." Dan opeens hoort ze stemmen. Ergens lopen
mensen te schreeuwen. Ze loopt op het geluid af. Langzaam wordt het duidelijker.
Het zijn de stemmen van haar klasgenoten. en ze roepen haar naam. Verbaasd kijkt
ze rond. Moet ze nou weglopen of juist er naar toe gaan. Wantrouwend blijft ze
stil staan. Dan ziet ze vlakbij zich een lichtstraal op de struiken vallen en ze
hoort een vrouwenstem die ze nog niet kent. "Hier ben ik." zegt ze
twijfelend. "Wacht ik hoor wat." hoort ze de vrouwenstem, "wat
dan?" hoort ze een andere stem "Hier." roept Hilde nog eens
"Hier ben ik." Haar schreeuwen wordt gevolgd door een hoop gekraak en
even later staat ze in een felle bundel licht "Mooi zo, jij moet
ongetwijfeld Hilde zijn." Een vrouw met donker half lang haar steekt haar
hand uit "Ik ben Tony, dit is Britt en wij zijn van de politie in
Gent." Hilde rolt met haar ogen "Hebben ze de politie op me
afgestuurd? Weg lopen is zeker strafbaar. Maar je weet niet hoe het is op dat
kamp!!" begint ze zichzelf te verdedigen.
Tony glimlacht "Stil maar. ik weet er inmiddels alles van. Kom, dan gaan we
terug." Ze steekt haar hand uit naar Hilde. Die kijkt twijfelend naar Britt
en pakt dan de hand vast. "Het is eng in het bos als het donker is."
vertrouwt ze de twee vrouwen toe terwijl ze meeloopt terug naar het pad.
Einde
Holymary;mins
|