To be or not to
be...
"Hé mam, kijk daar eens!"Ruud drukt zijn neus tegen de autoruit.
"Daar ligt een vrachtwagen op de weg." José kijkt sloom naar links en
schrikt even als ze ziet dat Ruud nu eens niet zomaar wartaal uit slaat. Een
gigantische truckcombinatie ligt op z'n kant, dwars over de rijbanen die de
andere kant op gaan. Ook Ad kijkt even opzij. De lading van de oplegger is dwars
door het zeil heen gescheurd en ligt verspreid over de weg. De cabine is als het
ware ingedrukt. "Verdomme!" Vloekt hij "Dat is er een van
Denkotrans, van Harrie." José kijkt nog eens, de opengescheurde zeilen van
de aanhanger wapperen in de wind en er is geen twijfel mogelijk, de kleuren en
het logo van Denkotrans zijn te zien. Inmiddels razen ze voorbij een
kilometerslange file die is ontstaan door de ravage "Een b." Fluistert
José en neemt haar mobiel. Ze belt snel naar haar zus in Nederland, de vrouw
van Harrie. "Hoi Ann, met José hier. Zeg zitten er wagens van jullie in
Gent?" Vraagt ze als haar zus na een paar keer over laten gaan op heeft
genomen. Haar zus twijfelt even "Ik weet het niet, over welke wagen heb je
het?" Vraagt ze nietsvermoedend. "Nou, de eerste letter was een b en
de tweede. Ook zoiets? Wij rijden hier net Gent voorbij en aan de andere kant,
richting Nederland ligt een combinatie van jullie, dwars over de weg. Het ziet
er echt niet mooi uit." Ann zuigt even haar adem in. "Ik weet van
niks." Geeft ze toe "Harrie zit zelf in Engeland, maar ik zal Gert
bellen, die heeft alles overgenomen nu." Ze bedankt José snel voor de
informatie en hangt op. Het kan de BB-80-CT zijn, denkt ze. Harrie is zelf weg
met de CL-93-GR, die is het in ieder geval niet. Verdomme, het zal toch niet
waar zijn. Een paar maanden geleden de gloednieuwe Scania, de chauffeur had een
hartaanval gehad en had toen de wagen total-loss gereden. Maar dat die chauffeur
dood was was natuurlijk veel erger geweest. Maar nu weer? En dan een combinatie
nog wel. Ze blijven ook aan het tobben.
Gert kijkt nog eens op de peiler. "Verdomme," Fluistert hij "Bart,
waar ben je mee bezig?" Op het scherm kan hij al zijn wagens in de gaten
houden. Als hij van een van de trucks de positie wil weten kan hij die opvragen.
Over heel Europa zitten ze verspreid, zijn mensen en hij houdt goed in de gaten
waar ze blijven. Maar Bart's wagen heeft al tijden niet meer bewogen. Als Gert
berichtjes naar de boordcomputer van de truck stuurt komen die wel aan, maar ze
blijven onbeantwoord. "Hij ligt zeker weer te slapen." Gromt Gert. Dat
is al wel vaker gebeurd. Ze blijven hem maar waarschuwen. Bart heeft al duizend
keer een laatste waarschuwing gehad. Hij neemt het leven niet al te serieus en
zeker niet sinds de scheiding van zijn vrouw. Hij is een wandelend wrak. Daarbij
is hij dan ook nog HIV-positief. Wat ze toch met hem aangehaald hebben. Gert
zucht voor zich uit. Wéér de hele planning in de war. Bart had nog een
vrachtje moeten op halen in Helmond, maar als hij in dit tempo zou blijven
doorgaan komt hij daar nooit. Hij zit nog steeds bij Gent en reageert nergens
op. Gert kan het sarcastische toontje van Nerian, zijn oudste dochter, nu al
horen. "Ja pap, jij hebt je personeel nog eens écht goed in de hand. Ja,
ja, als je zegt dat ze naar Helmond moeten gaan ze daar ook zeker heen! Het kán
wat tijd kosten, maar ze kóóómen er wel hoor. Nee pap, echt geweldig dat
personeelsbeleid. Waar zoeken jullie ze op uit? Intellect onder het laagst, ooit
gemeten IQ? Of op meest onbetrouwbaarheid. Grootste luiheid. Jezus, ga eens een
cursus personeel en management doen, dan kan je in ieder geval normale mensen
aan gaan nemen." Zijn dochter zat in het onderwijs, inmiddels in het
speciaal onderwijs en bijna altijd voegde ze dan aan zo'n sarcastische lofzang
toe "Als ik mijn klas zo zou runnen als jullie dat bedrijf dan zou ik
binnen drie dagen overspannen zijn, mijn God. En dan hoef ik niet eens wínst te
maken!" Tja, ze heeft gelijk,erg daadkrachtig zijn ze misschien af en toe
niet. In een vlaag van daadkracht grijpt hij de telefoon. De enige mogelijkheid
die nog kan zijn is dat het peilingsysteem van de truck kapot is. Maar goed,
waarom komen al die berichten dan wel door? Hij kan ze gewoon versturen.
"Ja hoi, met Gert Korvers hier, van Denkotrans." Roept hij als hij het
bedrijf aan de lijn heeft wat verantwoordelijk is voor installatie en onderhoud
van de peilingsystemen en boordcomputers. "Ik zit met een probleem."
Begint hij en legt kort uit wat er loos is. De man aan de ander kant van de lijn
roept de wagen nu ook op op zijn scherm. Maar net als Gert ziet hij geen
beweging. "Ik kan ook gewoon berichtjes verzenden." Concludeert hij na
een proefje "Maar ik krijg wel door dat de GPS kapot is." Gert fronst
zijn wenkbrauwen. Hoe kan dat nou weer? De antenne voor de peiling en het
GPS-systeem dus, zit aan de zijkant van de cabine ingebouwd. Knappe vent die dat
stuk krijgt, zelfs Bart zal dát toch niet lukken? Hij bedankt de man voor zijn
tijd en hangt weer op. Doordat hij nog lever- en laadbonnen moet schrijven voor
de andere wagens vergeet hij de toestand even. Bart zal zo wel binnen komen
rijden op zijn bestemming. Die heeft hij al even geleden gebeld, maar toen was
hij er nog niet. "We wachten hier tot 5 uur en geen minuut langer. Als hij
er dan nog niet is dan gaan we écht naar huis." Had het magazijnhoofd hem
daar te verstaan gegeven. 5 Uur. Hij belt nog maar eens een keer naar het
losstation van Bart. "Nee," Snauwt de medewerker die hij aan de lijn
krijgt. "Hij is er nog steeds niet en wij zijn weg. Hij kan tot morgen
wachten als hij nog komt, dan is hij de eerste." Verdomme, denkt Gert en
legt weer neer. Dankzij die idioot loopt de hele planning weer in de war. Alle
papieren zijn weer enkel goed om de kachel mee aan te stoken. Op dat moment gaat
de telefoon weer. Hij neemt op en zegt vermoeid "Denkotrans, met Gert
Korvers." Aan de andere kant klinkt het gehaast. "Met Ann hier, kan
het zijn dat de BB-80-CT een ongeluk heeft gehad bij Gent?" Vraagt ze. Gert
schudt zijn hoofd "Nee, dat kan niet, want Jan zit op de BB-80-CT en die
rijdt net binnen in Metz." Zegt hij stellig. Ann legt uit hoe ze aan haar
nieuws komt. "Godver." Vloekt Gert als hij haar verhaal heeft gehoord
"Ik kan je wel vertellen wie dat wél is. Dat is Bart met de BH-30-IL.
Shit, het zal toch weer niet waar zijn. Bedankt voor het nieuws, ik ga er meteen
achteraan." Ann haalt opgelucht adem. "Fijn zo, ja, ik denk ik ben
Harrie nog maar niet. Die kan ook weinig doen vanuit Engeland." Gert knikt
even "Ja," Zegt hij aan "Ik ga er wel zelf achteraan, bedankt
hč." Als hij heeft opgehangen kijkt hij even om zich heen. "Dat moest
er ook nog bij komen." Mompelt hij. Natuurlijk is er in geen enkel
telefoonboek een nummer van de Belgische politie te vinden, laat staan een
nummer van de politie in Gent. Bart, verdomme, Bart weer hoor. Ergens in zijn
hoofd hoort hij Nerian spottend lachen , ze zit in het spéciaal, spéciaal
onderwijs, met echt alle rotzakken uit het hele land bij elkaar verzameld.
"Ha, noemen jullie jezelf een bedrijf? Jullie lijken meer op een sociale
werkplaats, of een zorginstelling of zoiets. Lui uit een gesloten inrichting
zijn nog heilig tegenover jouw personeel. Nog even en ik vraag de jongens van
ons klasje eens met jullie mee kunnen gaan." Ze heeft een tijd meegedraaid
in een jongensklas van kinderen van 11 tot en met 19 jaar en waagt het vaak haar
vader te plagen met het maken van vergelijkingen tussen haar leerlingen en de
werknemers van Gert. Voor Bart hebben ze een directe regeling met zijn
schuldeisers. Zelf heeft hij geen beschikking meer over z'n hele loon.
Inlichtingendienst buitenland dan maar. Hij draait het nummer en wacht tot hij
iemand aan de lijn krijgt. Maar het nummer van de politie in België dat weten
ze daar ook niet hoor. "U kunt het beste gewoon 112 bellen, dat is volgens
mij voor Nederland en België."raadt de vrouw hem aan om van hem af te
komen. Gert legt neer en draait sloom 112 "Wilt u de ambulancedienst, de
politie of brandweer spreken?" Roept een vrouw als er opgenomen wordt.
"Ho, ho, rustig, rustig aan. Luister even, ik zit met een probleem."
Gert legt rustig uit wat het probleem is. "Oh, is dat alles? Nou, dan kunt
u beter 8008-8448 bellen hoor, die zijn voor niet-spoedeisende inlichtingen en
zo." Vertelt de vrouw nog vrij geduldig, in acht genomen dat hij hier
kostbare hulptijd loopt te verspillen voor iets onbenulligs als een gekantelde
truckcombinatie. Zuchtend belt Gert het volgende nummer maar. Maar ook daar
kunnen ze hem niet helpen. Ze geven hem een nummer van 'de politie in België'.
Maar als hij dan dat nummer draait krijgt hij een verbaasde politieagent in
Laarbeek aan de lijn. Deze luistert wederom geduldig naar het hele verhaal en
denkt dan even na. "Wacht even, ik heb hier het nummer van een
transportbedrijf dat net bij de grens zit. Bel daar eens heen, die kunnen je
misschien wel helpen." Dat doet Gert dan maar en van het transportbedrijf
krijgt hij het nummer van de plaatselijke politie. En die plaatselijke politie
weet het nummer van de landelijke Belgische politie. Maar als hij dat
inlichtingennummer draait krijgt hij een bandje. Helaas is het nummer slechts
bereikbaar van 9 uur 's ochtends tot 5 uur 's middags en ja, dat is het al
geweest. Weer terug naar de plaatselijke politie. En na lang zoeken hebben die.
Haleluja "Ja, ik heb hier een nummer van de politie in Gent." Gert
haalt opgelucht adem We komen al verder, denkt hij en draait het nummer.
"Politie Gent," Hoort hij een vrouwenstem aan de andere kant. Gert
haalt adem "Ja, met Gert Korvers, van transportbedrijf Denkotrans uit
Nederland, ik probeer informatie te krijgen over een ongeluk op de snelweg bij
Gent." Aan de andere kant onderbreekt de dame hem even "Dan moet u
eigenlijk de autobaanpolitie hebben." Gert zucht vermoeid "Maar wacht
u even." Geduldig blijft Gert aan de lijn hangen. Hij hoopt dat die vrouw
snel een nummer voor hem heeft. "Selattin Ates." Hoort hij na een tijd
opeens een man aan de andere kant. "Eh. Met Gert Korvers van Denkotrans uit
Nederland." Begint Gert maar weer opnieuw "Eh ja, dat heb ik al
begrepen. Luister, ik eet niets van dat ongeluk. Maar ik heb wel even voor u
gekeken. Ik kan geen informatie geven over de chauffeur, maar ik denk dat ik wel
weet wie dat wel kan. Ik heb drie nummers waar u heen kunt bellen." Stelt
de man aan de andere kant hem gerust. "Dan heeft u zeker beet."
Opgelucht schrijft Gert de nummers op. Hij legt neer en belt de nummers een voor
een. En ja hoor, bij het derde nummer neemt iemand op die kan hem vertellen dat
er inderdaad een ongeluk is gebeurd met een truckcombinatie. "Hoe is het
met de chauffeur?" Informeert Gert allereerst. "Ik denk dat het nogal
mee valt met hem. Het zag er op het eerste gezicht allemaal wat erg uit, maar ik
denk dat het reuze meevalt. Maar weet u wat ik geef u het nummer van het
ziekenhuis en van het bergingsbedrijf, ze zijn nu aan het takelen." Als hij
neer heeft gelegd belt hij eerst het bergingsbedrijf om te weten te komen wat er
van zijn truckcombinatie over is. Het resultaat is teleurstellend. "De
combinatie was geladen met tonnen aan keukens. Die zijn natuurlijk als messen
door het zeil heen gescheurd. De lading kunnen ze dus als verloren beschouwen.
"Het onderstel van de oplegger lijkt me nog vrijwel intact, alleen de
zeilen kun je vergeten, maar als ik naar de trekker kijk." Zegt de man die
op de plaats van het ongeluk staat, pessimistisch "ik denk dat je er in
ieder geval aan moet denken dat de cabine total loss is, het chassis. Tja."
Gert legt neer en verzucht dan dat er in ieder geval geen ander personen of
wagens bij betrokken zijn geweest is positief. Met tegenzin draait hij het
nummer van het ziekenhuis.
"Tony, krijg jij net die vraag om die chauffeur te checken?" Vraagt
Selattin. Tony knikt. "Ik had een uur geleden zijn baas aan de
lijn."Tony kijkt op "Als jij het wilt doen."stelt ze hoopvol
voor. "Je hoeft alleen de testresultaten op te halen en daarover met die
man te prten. Je kunt gewoon al bij hem. Het schijnt wel mee te vallen, wat
kneuzingen, schaafwonden." Selattin staat op "Ik ga wel even."
Biedt hij aan. Tony haalt opgelucht adem. Ze heeft helemaal geen zin om naar die
stomme chauffeur te gaan, bah, saai. Bovendien doet Britt nu met Ben samen een
verhoor en ze is nieuwsgierig naar de uitkomst daarvan. En het meest irritant is
nog wel dat ze gestoord wordt terwijl ze nu eindelijk eens netjes haar verslag
van vanochtend zit te typen. Selattin is té aardig, hij doet dat soort dingen
altijd. Hij is té aardig, echt net wat voor Britt, denkt Tony er achteraan. Als
Britt terug binnen het teamlokaal instapt vraagt ze al meteen "Waar is
Sel?" Tony kijkt op "Ziekenhuis, vrachtwagenchauffeur verhoren.
Hoezo?" Britt haalt nonchalant haar schouders op en draait haar gezicht van
Tony weg. "Ik moest hem wat vragen over de zaak." Zegt ze snel. Maar
ze voelt zich betrapt en Tony kan aan haar rode blos wel zien dat het daar niet
om ging. "Hij komt zeker vanavond eerst eten?" Raadt Tony "En
moet nog boodschappen doen. Britt, ik heb het wel door." Britt kijkt naar
het bureau, ineens super geďnteresseerd in ene koffievlek "Tony,
alsjeblieft ja, doe niet zo idioot." Wuift ze met een verstoorde blik alle
insinuaties weg. "Nou, hoe gaat de zaak?" Vraagt Tony volledig
onschuldig. "Hij heeft bekend."zegt Britt verward. "En dat wou je
Selattin natuurlijk gaan vertellen." Raadt Tony geamuseerd. "Dat is zo
belangrijk, bel z'n mobiel." Grinnikt ze. "Tony!" Tony heft haar
handen op "Ok, ok, vertel maar." De politie heeft tijdens de laatste
demonstratie van extreem-rechts enkele mensen opgepakt die werden verdacht van
aanzetten tot geweld jegens buitenlanders. En Tony , Britt, Selattin en Ben zijn
nu al bijna twee weken bezig met het onderzoek. De drie lieverdjes hebben zelfs
buitenlanders om laten brengen, hebben ze inmiddels ontdekt. Maar zie dat eens
te bewijzen. Toen ze begonnen hadden ze bewijzen voor mishandeling van enkele
buitenlanders, waaronder zelfs een kind. Ernstige mishandeling zelfs, met zwaar
lichamelijk letsel en zelfs blijvende handicap tot gevolg. Op geraffineerde
wijze hadden ze mensen mishandeld. Het was geen domme kracht. Een kind hadden ze
zelfs loog laten drinken. De hele slokdarm was weg gebrand. Het was nog een
wonder dat het kind nog altijd leefde. Maar later ontdekten ze dat de drie ook
achter een paar onopgeloste moorden zaten, of liever. Vreemde sterfgevallen. En
toen ze daar eenmaal achter waren wilden ze daarvoor bewijzen vinden. Of een
bekentenis. Dan zouden ze door de rechtbank voor moord veroordeeld worden, nog
beter. Selattin was al bijna van de zaak afgehaald door Vanbruane, omdat het
korps dacht dat hij te persoonlijk betrokken zou zijn bij de zaak. Maar na een
vurig pleidooi van Britt, waarin ze duidelijk wist te maken dat zij net zo goed
betrokken zou kunnen zijn persoonlijk en zich even veel als de rest van het
korps de zaak persoonlijk aantrok, mocht Selattin weer mee doen. Het ene verhoor
na het andere, observaties, huiszoekingen en zelfs een inkijkoperatie. Nu hadden
ze dan de bewijzen, getuigenissen die hen linkten aan de moorden, een tape met
een telefoongesprek, een uitdraai van een e-mail. En dat alles had er toe geleid
dat nu de eerste dan toch bekend had mede het brein te zijn achter de twee
meesterlijk opgezette moorden. En meer zelfs, dat hij mee geholpen had, dat
hadden ze na uren van verhoren er dan toch mooi uit gekregen. Ook vandaag weer
had Britt tijden met Ben in de verhoorkamer doorgebracht. Selattin doet de
verhoren van de drie niet mee, zodra ze hem zagen deden ze al meteen geen mond
meer open en begonnen ze te schelden. Dat draaide dus ook in het geheel op niets
uit. Zelfs niet als ze streng op traden. Britt gaat met een zucht zitten en als
achter haar Ben ook binnenkomt. Hij masseert vermoeid zijn nekwervels. "Hij
heeft bekend." Zucht hij "Nou, nou, wat een enthousiasme toch weer.'
Tony kijkt de twee aan "Dat is toch fantastisch nieuws, het is een
dóórbraak!" Moet ze het potdomme spellen, denkt ze geërgerd. Britt zucht
"Tony, het moet nog doordringen OK, ik ben nu al. Bijna twee weken met
niest anders bezig geweest, nauwelijks, ik ben die zaak beu. Pfoei, we zijn er
bijna, ik kan die smerige tronies niet meer zien. Ik droomde er zelfs van
gisteren!" Vanbruane komt haar bureau uit "En?" Vraagt ze
nieuwsgierig. Ben kijkt op "Nummer een heeft bekend." Vanbruane klapt
blij in haar handen "Bravo, dat is goed nieuws." Vindt ze
"Britt." Ze wenkt haar even. Britt loopt draaiend met haar hoofd
achter Vanbruane aan het bureau in. "Ik heb mijn ex-man gebeld.' zegt
Vanbruane als ze de deur heeft gesloten. "Ik heb hem gezegd waar het op
stond. Hij werd kwaad, vond dat ik egoďstisch was om hem zó te laten
sterven." Britt zucht even "Trek het u niet aan." Stelt ze
Vanbruane gerust "Oh, maar dat doe ik ook niet. Dit bewijst dat ie geen
spat veranderd is. Hij wordt nog steeds kwaad als ik iets doe wat hem niet zint
en deelt dan mij de zwarte piet toe. Dankjewel voor je hulp bij het nemen van
een goed besluit!" Vanbruane glimlacht even. "Proberen jullie nummer
twee nog, vandaag?" Britt knikt vermoeid "We kunnen er maar beter
vanaf zijn. Ik, Sel en Tony moeten wel op tijd weg. Dorien speelt Shakespeare
vanavond. Als u zin heeft om te komen." Vanbruane kijkt op "Shakespeare?
Hoe laat?" Britt denkt even na "Het begint om half 8 in de aula van de
school. Ik weet alleen niet hoe lang het duurt." Vanbruane knikt "Ik
kom," Belooft ze "Ik ben dol op Shakespeare en zeker als Dorien er in
mee doet. Dat wil ik niet missen. Bovendien heb ik geen zin om vanavond alleen
thuis te zijn."Britt snapt het wel "Indien uw ex-man langs mocht
komen." Raadt ze. Vanbruane knikt kort terwijl Britt weer naar buiten
wandelt. Tony kijkt op "Zal ik nummer twee gaan doen? Raymond bood zich net
ook al aan." Raymond zwaait even naar Britt en knikt. Ben kijkt op
"Wij kunnen ook nog wel." Begint hij voorzichtig en stopt dan als hij
Britt's vermoeide gezicht ziet. Maar die knikt weer even fanatiek. "Nu we
nummer een om hebben komen die anderen vanzelf wel. We hebben nu zijn verhaal.
Als jullie nu ook tijd hebben." Ze kijkt van Raymond naar Tony "Dan
doen we ze allebei nu. Het zou prachtig zijn als we morgen de procureur kunnen
bellen." Meent Britt. Tony knikt en springt op "Ik laat ze boven
brengen." Raymond pakt de telefoon. Even later komen de twee figuren
vergezeld van begeleiders weer terug boven. "Hallo." Grijnst Tony als
ze nummer twee het verhoor binnen duwt "Daar zijn we weer." Raymond
grinnikt geamuseerd en stapt achter de arrestant aan het verhoor binnen.
"En laat het hem niet te lang maken, ik moet me nog optutten." Zegt
Tony nog snel tegen Britt "Oja. Ik neem óók een man mee vanavond."
Fluistert ze nog snel. Britt kijkt verbaad "Wie dan?" Roept ze. Maar
Tony heeft de duer al plagerig dicht getrokken en laat Britt in onwetendheid
achter. "En hoezo óók?" Mompelt die nog tegen de dichte deur en
haalt dan laconiek haar schouders op voor ze de verhoorkamer er naast binnen
gaat. Ben heeft zich al achter de computer gezet en de verdachte zit wat dommig
voor zich uit te koekeloeren. Toch zijn dit de domsten niet, het zal wel weer
een nieuwe manier van vragen omzeilen zijn. Wij zijn zo stom, we kunnen niet
eens vragen beantwoorden. Ze hebben hier zeker toch geen representatieven zitten
van de laag opgeleide massa die racistische leuzen als gewone leuke nieuwe
voetbal liederen beschouwt. Voor haar zit nu een man die rechten gestudeerd
heeft, iemand die dus advocaat is zelfs. Degene die net bekend heeft is zelfs
arts. Het zal je dokter maar zijn. Fijn hoor. Ze hadden niet voor niets de
moorden zo prachtig opgezet. En zoals nu bleek nog zelf uitgevoerd ook. Britt
staat er toch nog verbaasd van dat mensen met hersens, die gestudeerd hebben,
nog zulke ideeën aanhangen. Zij zijn werkelijk gevaarlijk, als ze het een
beetje handig spelen en inspelen op de massa. Dan krijgen ze hele volkeren
achter zich, volkspopulisten, een levensgevaarlijk ras. De mensen die dat al
eerder hadden ontdekt en dat ook gezegd hadden, hadden dat met hun leven moeten
bekopen. "OK," Ze laat haar vlakke handen neerkomen op het tafelblad
en kijkt de man onderzoekend aan. "Daar zitten we dan weer." Zegt ze
droog "U heeft niks, u mag me laten gaan." Doet de man uit de hoogte,
zelfs na uren van verhoren meent hij nog boven haar te staan en er mee weg te
kunnen komen. Zou hij nou nog niet snappen dat ik hier de baas ben, denkt Britt
moedeloos. "Uw vriend, de arts, heeft bekend." Zegt Britt dreigend
"Alles bekend. En nog leuker, hij heeft gepraat ook." Voegt ze er
gemeen aan toe. Ze ziet nu eindelijk voor het eerst de zelfingenomen blik
lichtelijk vervagen. Een klein spoortje van verwarring schiet over het pafferige
gezicht. Britt kan niet nalaten even geringschattend te glimlachen.
"Misschien hebben we toch niet zo weinig als u wel niet denkt."
Introduceert ze een heel nieuw revolutionair idee in het brein van haar
verdachte. En glimlacht daarbij licht triomfantelijk. "Misschien." De
man kijkt haar kil aan me teen blik die zegt 'overtuig me'. Dat zullen we dan
maar eens gaan doen, denkt Britt en klapt haar map open. "Wilt u toevallig
zo al iets vertellen?" Vraagt Ben met z'n handen bij het toetsenbord.
"Zie ik er uit alsof ik gek ben?" Vraagt de man ijzig. Ben zwijgt daar
wijselijk over, maar Britt kan het niet nalaten de bal terug te kaatsen
"Moet ik daarop antwoorden meneer Aléva?" De man kijkt zuinig na deze
belediging en Ben knikt Britt glimlachend toe "OK dan, goed, ik heb hier de
verklaring van de heer Jonker voor mij liggen." Begint Britt dan de strijd.
Enige tijd later staan ze buiten op de gang waar ze Tony en Raymond ook
ontmoeten. "En?" Vraagt Tony "Een gedeeltelijke bekentenis,
sommige dingen die Jonker ons verteld heeft kan hij gewoon niet ontkennen, maar
dat wat hij niet als waterdicht ervaart dat ontkent hij. Hij is zeker niet dom.
Dat aanzetten tot moord, dat hebben we, maar verder geraken we bij hem niet. We
kunnen niet bewijzen dat hij er werkelijk bij was. Jonker heeft zelf verteld dat
hij en Aléva die moorden ook zelf hebben gepleegd, maar Aléva geeft niets toe.
Hij vertelt wel dat die tweede moord door Reger is gepleegd. Die met dat water.
Helaas ontkent Aléva alle betrokkenheid bij de uitvoering. Dat aanzetten tot,
zover wil hij nog wel gaan, maar dan houdt het op. Ik kijk die stukken nog eens
door nu." Britt masseert haar slapen en kijkt uitgeput op "Niet
nu." Tony wijst op de klok, terwijl achter hen de verdachte wordt
afgevoerd. "Shakespeare." Ze trekt suggestief haar wenkbrauwen op.
Britt is meteen een en al actie "SHIT! Shakespeare!" Schreeuwt ze
paniekerig en slaat zich met de vlakke hand tegen het hoofd. "Rustig maar,
je hebt nog tijd." Glimlacht Tony liefjes "Ik moet nog koken, Dorien
had er al moeten zíjn. Oh, hoe kan ik zo afschuwelijk zijn?!" Schreeuwt
Britt over haar toeren. "Die van ons heeft al bekend al een half uur
geleden volledig bekend." Britt kijkt Tony niet begrijpend aan bij deze
woorden, hoe dit haar geval moet helpen snapt ze niet "Ik neem de stukken
mee naar huis, breng Dorien weg. Je zal ze weer horen op school, altijd te laat.
Oh God en wat moet ik aan?!" Organiseert ze warrig. "En Sel heeft
gebeld." Gaat Tony onverstoorbaar met een lieflijke glimlach verder
"Hij heeft gekookt voor Dorien, heeft alles met haar uitgezocht."
Britt houdt haar pas in en draait zich om naar Tony "Oja, hij heeft zich al
omgekleed en een leuk jurkje voor jou uitgezocht. En nu zit hij op je te wachten
thuis, met het eten. Bij jou thuis natuurlijk." Britt rent naar haar bureau
"En het dossier heb ik al in je tas gedaan." Roept Tony haar na. Als
Britt weer voorbij komt gerend zegt ze "Wordt het stillaan niet eens tijd
dat je hem vertelt hoe geweldig hij is?" Britt glimlacht raadselachtig en
spurt dan met een gehaast 'tot vanavond' de gang uit. Als ze thuis komt staat de
tafel inderdaad al gedekt. Selattin ziet ze nog niet. Maar als ze haar jas
ophangt hoort ze vanuit de slaapkamer "Die chauffeur had teveel gedronken.
Niet veel te veel, maar wel meer dan genoeg. Een heel verhaal over een
echtscheiding enzo. Maar ja, teveel drinken is teveel drinken. En dan nog in een
truckcombinatie stappen. Ik heb z'n baas maar gebeld, die man die ik vanmiddag
aan de lijn had. Die was er ook niet echt blij mee. Ik hoorde op de achtergrond
zijn dochter lachen. Hij zei me tenminste dat het zijn dochter was; die riep dat
ze het net een komedie vond. Ze vond het geloof ik wel amusant." Britt
loopt naar de slaapkamer. Het gaat over die chauffeur van die vrachtwagen, hij
was om gegaan met zijn wagen op de snelweg. Ze herinnert zich slechts globaal
nog wat van Tony's summiere uitleg. "En hoe was jouw middag?" Selattin
kijkt op als ze binnen stapt. "Twee bekentenissen en een bijna. En ik ben
Dorien vergeten!" Selattin trekt zijn blouse recht "Ik ben recht
vanuit het ziekenhuis hierheen gereden toen ik hoorde dat je nog in verhoor zat.
Dorien vind het helemaal niet erg. Die is veel te zenuwachtig voor vanavond. Is
dit goed?" Hij houdt een hanger in de lucht met een jurkje erop waarvan
Britt niet eens meer weet dat ze het heeft, maar wat inderdaad perfect is. Ze
knikt en voelt de spanning langzaam weg ebben. Selattin heeft overal voor
gezorgd. "Nou, dan eten we eerst." Beslist Selattin "Je hebt je
gehaast." Hij loopt naar Britt toe en tikt haar even liefdevol op de wang.
Britt draait zich om als hij doorloopt en stapt achter hem aan. Ze pakt zijn arm
vast en houdt hem tegen. Even staan ze tegenover elkaar en nog heel even lijkt
Britt te twijfelen. Dan slaat ze haar armen om Selattin heen en drukt zich zacht
tegen hem aan. Selattin houdt haar stevig vast en streelt zacht haar rug. Teder
kust hij haar op haar voorhoofd en zucht even "Dat heeft lang geduurd. Het
spijt me, Sel.dat ik zo." Fluistert Britt "Och, dat geeft niet, ik ben
geduldig." Glimlacht Selattin en maakt dan een gebaar naar de kamer.
"Zullen we eerst even gaan eten?" Stelt hij voor. Britt knikt en legt
haar hand in de zijne "Het is perfect zo," Zegt ze "alles op z'n
tijd. En nu is het etenstijd." Ze schuift aan tafel en wacht af. In haar
borrelen en suizen allerlei gevoelens door elkaar. Ja, Selaltin is leuk, niets
overhaasten, gewoon geduldig. En perfect. Hij is geweldig met Dorien. En het
voelt zo goed om weer met z'n drieën te zijn, het voelt zo héél. Ze kan Mark
niet vergeten, maar dat zal Selattin ook nooit van haar vragen, dat hoeft ook
niet. Selattin is anders. Anders dan Kris ook. Maar gewoon. Gewoon weer iemand
om 's avonds mee op de bank te zitten en tegen aan te leunen, 's nachts tegen
aan te liggen, tegenover te zitten bij het eten. Gewoon iemand die achter haar
staat als ze zich alleen voelt staan. Een simpele glimlach, een zachte hand
tegen haar wang. Gewoon de simpele, kleine dingen. Dorien omschreef het in een
verhaaltje eens als "Verliefd zijn is als je lacht naar elkaar. Dan ben je
verliefd en dan zit je in de klas en dan lach je naar hem. En dan lacht ie zo
terug. En dan zit je eigenlijk de hele dag gewoon te lachen, dan ben je
verliefd." Ze glimlacht even stilletjes voor zich uit als ze aan deze
simpele woorden denkt. "Wat was dat nou met die vrachtwagen?" Vraagt
ze geďnteresseerd terwijl ze een aardappeltje aan haar vork prikt. Selattin kan
echt beter koken als zij, hij heeft er gewoon het geduld voor. "Je kent die
bocht wel, hier net bij Gent, daar gaan er zowat elke dag om. Deze keer een
truckcombinatie, volgeladen met keukens." Britt heeft net haar mond leeg.
"Keukens." Herhaalt ze onheilspellend. Selattin knikt "Ja, je
begrijpt wel dat die als een mes door boter door dat zeil heen gleden. De hele
weg was geblokkeerd. We mogen echt van geluk spreken dat er behalve de chauffeur
niemand is geraakt. En de chauffeur, dat valt op zich wel mee. Alleen de
wagen." Britt glimlacht "Ik kan mij voorstellen dat z'n baas
lichtelijk baalt." Selattin schept nog eens een beetje groente op.
"Nou en zeker toen hij hoorde dat z'n chauffeur teveel op had. Ja,
echtscheiding of niet, met teveel op ga je toch niet op een combinatie zitten?
Denk je eens in wat er had kunnen gebeuren." Selattin schudt met een zucht
zijn hoofd. "Ik had erachter kunnen rijden met Dorien op de achterbank. Ik
had kunnen proberen te remmen en de macht over het stuur kunnen verliezen en
tegen een viaductpaal aan kunnen knallen." Beschrijft Britt haar vaak
terugkerende nachtmerrie. "Niet tegen een viaduct, die zijn daar niet. Je
was waarschijnlijk binnen gereden in de vrachtwagen en tussen de keukens of de
wielen opgekreukeld. Of de vrachtwagen was omgekanteld bovenop je auto en had je
simpelweg verpletterd. Stomme idioot." Selattin legt zijn hand op Britts
hand die naast haar bord ligt. Ze glimlacht even en kijkt hem aan "Ja, die
lui mogen nog altijd gewoon op de weg." Selattin zucht nog eens "Een
aantal uren rijontzegging, dat is het enige wat ik hem heb kunnen geven. En die
paar uur ligt hij toch wel in het ziekenhuis. Tja, hij had wel een heel zielig
verhaal, maar Jezusmina, je kijkt toch uit!" Britt knikt, op de snelweg
gaat het allemaal zo hard als je een foutje maakt kan dat fatale gevolgen hebben
en niet alleen voor jezelf. Maar hard rijden, even iets pakken, omkijken naar
Dorien die ligt te slapen en remlichten net niet meer zien. Allemaal dingen die
ze zelf ook wel eens doet en Selattin net zo goed als ieder ander. En 99 keer
gaat dat goed en heb je geluk, er gebeurt niks. Het is die ene keer, die veel
mensen niet eens ooit meemaken, dat is de keer die je opeens aan het denken zet.
Maar voor sommigen komt dat dan al te laat. Wat kun je in Godsnaam nog doen als
je met 120/140 over de snelweg jaagt. Uitwijken, remmen. Er is weinig wat dan
nog werkt. Maar goed, haar rijstijl was er weinig door veranderd, maar ja,
daarvoor zat ze doorgaans ook niet te bellen met 120 km/u en dan nog in te
halen. Als ze klaar zijn met het eten begint Selattin met de afwas, terwijl
Britt gaat douchen. Even later zijn ze dan klaar om te vertrekken. Selattin
houdt met een lach galant de deur open. "Laten we maar eens gaan kijken
naar onze kleine Hamlet."stelt hij voor. "Er te zijn. Of niet te zijn.
Op de uitvoering, dat is de vraag." Grapt Britt. "Op de juiste plek
zijn op de juiste tijd, of niet, dat is de grootste vraag in ons hele
leven." Voegt Selattin er filosofisch aan toe "Jij bent hier nu."
Glimlacht Britt "De juiste tijd en de juiste plaats, ik ben blij om weer
drie te zijn, ik was daar aan toe." Selattin slaat zijn arm om haar middel
en voor de deur zoenen ze elkaar voorzichtig voor ze de auto in stappen. "To
be or not to be, als die chauffeur niet op dat moment daar was geweest met z'n
truck, als jij niet op dat moment achter die telefonerende man had gereden, als
Mark niet op dat moment was uitgestapt. Als ik niet met m'n ouders naar hier zou
zijn gekomen. Dan waren we hier niet geweest, we waren niet geweest wie we nu
zijn. Niet beter of slechter, maar anders. Misschien leert die chauffeur iets
voor de rest van zijn leven, misschien niet. En de telefonerende man en jij en
ik. We zijn wie we zijn en we zijn er, ik ben blij dat je er bent. Hamlet blijft
actueel, denk je niet?" Britt knikt en stapt achter het stuur "Ik ben
benieuwd en zenuwachtig. Als ik op die school binnen stap kijken al die ouders
me aan. Ocharme, daar heb je haar en dat arme kind zonder vader en met werkende
moeder.Al die medelijdende blikken, dat geroddel. Ik voel me daar altijd zo.
Alléén." Klaagt Britt "Maar dit keer zal ik er zijn, je bent niet
alleen vanavond." Stelt Selattin haar gerust. En op dat moment weet Britt
dat het zo zal moeten blijven, zij en Selattin, dat is goed zo. Ze wil niet meer
alleen zijn met Dorien. Drie is goed en Selattin is goed. Bijna zweert ze dat ze
Mark kan horen fluisteren dat het goed is zo. Dat hij Dorien en haar best met
Selattin wil delen. Misschien zit hij wel achter haar op de achterbank,
misschien is hij blij. Blij dat hij haar nu niet meer zo hoeft te beschermen.
Dan kan hij ook verder. Verder met zijn leven, engelenleven. Nu kan Selattin
haar beschermen, kan hij zich zorgen maken als ze ziek is, of als Dorien te laat
thuis is van een vriendinnetje. Selattin zal dat allemaal doen, zo is hij gewoon
en dat is goed. Dan kan Mark ook verder, als Selattin er is zal Dorien hem ook
minder hard nodig hebben. Dan kan Mark eindelijk rusten, alles is nu goed zo.
Beter. Selattin merkt dat Britt verzonken is in haar eigen gedachten en zwijgt.
Als hij opzij kijkt ziet hij een berustende glimlach om haar mond spelen.
Misschien heet ze ergens een beetje vrede gevonden in zichzelf, veronderstelt
Selattin. Ze zijn al snel op school, Britt parkeert de wagen handig tussen twee
auto's in, maar wel zodanig dat Selattin wel erg smal moet uitstappen. Als Britt
de auto gesloten heeft stapt ze naar Selattin toe en pakt zijn hand vast. Hij
slaat zijn arm om haar middel en drukt haar tegen zich aan. "Je bent niet
alleen Britt, OK?" Bij de deur staan Tony en Vanbruane al te wachten. Naast
Tony staat het een of ander gekruld stuk, zo'n jonge griekse God, die teveel op
de Palaestra is wezen oefenen in het discuswerpen ofzo. Hij lacht charmant al
zijn tanden bloot als hij van Tony een por in zijn zij krijgt. Goed, hij is dus
voorgeprogrammeerd. "Britt, Selattin, dit is Michel. Michel, dit is Britt,
mijn partner. En dat is Selattin." Ze kijkt naar de twee die nog altijd de
handen vast hebben "háár partner." Michel blijkt geen al te hoog IQ
te hebben, want hij vat de humor niet. Maar Selattin knikt en trekt Britt even
kort tegen zich aan. "Echt waar?" Schreeuwt Vanbruane zo hard dat de
hele hal het gehoord moet hebben. "Maar Britt, wat geweldig voor je! Wat
een verassing!" Tony, Britt en Selattin kijken haar verbaasd aan. "Een
verassing?" Herhaalt Britt "Ik dacht dat het hele korps het al eerder
wist dan wij zelf." Geeft Selattin ook toe. Vanbruane wuift dat weg
"Oh, ik merk dat soort dingen nooit, ik kan er goed pas achter komen dat
mensen getrouwd zin als ze al weer geschieden zijn." Grinnikt ze. "Hoe
dan ook het is fantastisch. Jullie zijn een geweldig stel." Britt kijkt
Tony even aan en trekt haar wenkbrauwen op. Als ze naar de zaal lopen blijven
Tony en Britt even achter. "Waar heb je die nou weer vandaan?" Vraagt
Brit met een knik naar Michel "Van de fitness." Zegt Tony vrolijk
"Fitness jij dan?" Vraagt Britt ongelovig. "Ik niet, maar jij
wel. Weet je nog toen ik je laatst weg bracht? Nou toen reed hij achteruit tegen
m'n bumper aan. We zijn wat gaan drinken." Tuurlijk denkt Britt en rolt met
haar ogen, doet zij ook altijd met mensen die tegen haar auto aan rijden.
"Dus hij fitnesst." Concludeert ze met een kennersblik op Michels
billen gericht. Tony knikt enthousiast en fluit waarderend. "Ik zal niet
vragen wat z'n kwaliteiten zijn." Belooft Britt met een lieve glimlacht,
terwijl ze een stoel uitkiest naast Selattin. Ze zitten erg goed. Zeker Britt
kan alles goed zien, omdat de persoon voor haar een klein jongetje is waar zelfs
zij over heen kan kijken. Vanbruane heeft wat meer moeite met de vader van het
jongetje. Maar na een tijdje winkelen en draaien heeft ze de perfecte positie om
alles te zien gevonden. Net op tijd, want de regisseur kondigt al in vlammende
taal aan dat het gaat beginnen. Britt leunt tegen Selattin aan en is zich even
bewust van alle blikken in haar richting. Maar dan gaat het doek open en kan ze
alleen nog maar genieten van haar dochter. En Selattin geniet ook , want Dorien
is toch na vanavond ook een klein beetje zijn meisje aan het worden.
Gert leunt achterover en neemt een slokje van z'n bier. Hij hoort de achterdeur
open gaan en z'n oudste dochter binnen stappen. "Hoi pap," Roept ze
vrolijk terwijl ze haar binnenkomstritueel afwerkt. Keuken door, jas weg hangen,
terug komen, tas ondersteboven keren en autosleutels en -papieren op het kastje
mikken. Want daar moeten die toch liggen, anders moet je iedere keer die dingen
helemaal gaan zoeken als je de auto mee wilt. Het bespaart je hópen tijd als je
gewoon even die sleutels uit je zakken haalt en neer legt op het kastje. Gert is
blij dat hij zijn eigen wagen heeft en dat zijn vrouw gedoemd is de wagen met
Nerian te delen. Maar die lijkt daar over het algemeen weinig problemen mee te
hebben. Nerian is nogal stipt in het op-zijn-plek leggen van de sleutels en weet
precies waar de autopapieren zijn als ze niet op het kastje liggen. In de jaszak
van haar moeder, ze klaagt niet en haalt ze er gewoon uit. De tas zeilt nu door
de keuken en komt op de juiste plek tot stilstand, tussen het tostiapparaat en
het koffiezetapparaat op de theedoos. Zijn dochter ontwerpt min of meer overal
structuur voor, dat zal wel aan haar werk liggen. Ze komt de kamer in "Ik
heb een deuk in de auto gereden, pap. Rechtsvoor, tegen een boom." Zegt ze
alsof dat dagelijkse kost is. "Hoezo?" Vraagt Gert zonder op of om te
kijken, dat zou dan de eerste deuk zijn. En kwaad worden op Nerian dat is net
zoiets als tegen jezelf praten in de spiegel. Uiteindelijk wint ze toch elke
discussie die ze voert. "Nou," Legt Nerian doodleuk uit "Ik moest
de inrit van Jos af en ik zág de betonnen, net geplaatste bloembakken. En ik
zag ook nog de auto van Jos, want die had 'm schuin achter die van mij gezet,
dus moest ik heel moeilijk uitdraaien. En toen was er een boom en daar liep ik
zo langs achteruit de inrit af en ik denk. Dat gaat, dat gaat, dat gaat. Bam!
Dat ging dus net op het laatst niet meer. Vast er tegen aan." Ze zegt het
zelfs met een zekere trots, als je iets doet doe je het ook goed. "Ik ben
wel effe gestopt hoor, maar je kan er nog gewoon mee rijden."Gert haalt z'n
schouders op "Nou ja, ik kijk morgen wel even." Nerian loopt naar de
kast en schenkt zichzelf een martini in. "Nou ja, dat moeten ze maar
uitdeuken als ie voor de grote beurt gaat. De bumper zit ook naar voren toe, ik
heb 'm wel terug gestampt, maar dat hielp niet veel. Ik hoop dat die boom niet
al te veel beschadigd is." Mompelt ze. Gert zucht, die moet echt haar
prioriteiten eens bijstellen. "Ja, als die bloembakken er nou niet waren
geweest." Zegt ze verontschuldigend, alsof ze tegen de boom praat.
"Tja," Zegt Gert "Je kunt er ook niks aan doen." Nerian
loopt met haar glas naar boven waar haar zusje en moeder nog zitten te kletsen.
"Hé," Roept ze enthousiast "Ik heb een déuk in de auto
gereden."In sneltreinvaart ratelt ze het hele verhaal weer af "Ha,
ha," Giert Madelin vrolijk "En wat zei papa?" Nerian haalt haar
schouders op "Oh niks," Zegt ze. "Ja, wat kan hij zeggen, je hebt
het nog lang volgehouden, zoiets moet toch eens gebeuren. En daarbij. Als Bart."
Begint haar moeder "Dat dacht ik ook." Lacht Nerian "Als Bart met
teveel op een complete truckcombinatie aan gort mag rijden dan vind ik nuchter
een deukje in een stationcar rijden echt mi-ni-maal. Hij had het eens moeten
wagen om er wat van te zeggen." Madelin lacht "Durft ie toch
niet." Weet ze "Ja," Zegt mama hoofdschuddend "Ik snap ook
niet dat ze Bart niet direct ontslaan. Met teveel op achter het stuur van een
combinatie dat is toch." "Bezopen?" Vult Nerian grinnikend aan.
"Tja, Bart krijgt een waarschuwing de volgende keer dit de volgende keer
dat. Hij zal wel sidderen zeg. Het is net onze school. Wij geven kinderen ook
tot in den treuren nieuwe kansen. Maar goed wíj worden ervoor betaald om zo
stom te doen. Maar zij moeten toch winst maken? Ze zijn verdomme toch geen
dagbesteding of therapeutisch bedrijf ofzo? Allerjezus als Harry en papa nou
eindelijk eens wat harder konden zijn. Die Bart eruit! De ene fout na de andere,
hij kost hen handen voor geld. Die kerel dat is niet zuiver. Dit zou dan toch de
druppel moeten zijn zou je denken, maar nee hoor."Nerian haalt haar
schouders op en loopt met een 'welterusten' de trap weer af naar haar kamer. Ach
voor haar is het wel prettig dat haar vader zo nonchalant is in die dingen. Ze
kan naar hartelust deuken in de auto rijden, ze worden toch nooit kwaad. Ze
lachen zich juist een kriek bij elke deuk. Bij haar vriendin is dat heel anders.
Die woont al tijden samen en is zo goed als getrouwd met haar vriend. En haar
vriend is dol op auto's, als er op zijn auto een krasje komt is het huis te
klein!
"Dat was geweldig!" Roept Selattin enthousiast terwijl hij Dorien op
vangt in zijn armen en door de lucht zwiert. "Vond ik ook."roept
Dorien vrolijk "Ik wist álles nog." Selattin laat haar landen in
Britts armen, Britt knuffelt haar eens stevig. "Mijn kleine ster."
Fluistert Britt "Ik word beroemd."grinnikt Dorien als een klasgenootje
haar aan haar ouders toont en enthousiast zwaait. De mensen komen hun kant uit
terwijl Selattin Dorien weer overneemt. "Mariët." Wijst Dorien snel
op het meisje voor ze bij hen is. "Dat was heel knap gedaan Dorien."
Zegt de vrouw enthousiast en tikt haar even tegen haar wang. "Uw dochter
doet het uitstekend. U zult wel trots op haar zijn." Zegt de man tegen
Selattin en geeft hem speels een por tegen zijn arm. Het meisje dat bij hem
staat doet al haar mond open "Pap, dat is Doriens vader helemaal niet,
Doriens vader die is dood!!" Roept ze. "Mariët!" Roept de vader
geschrokken en glimlacht even naar Selattin "Dat mág je toch niet
zeggen." Dorien trekt een gezicht "Waarom niet, het is toch zo?"
Merkt ze wijs op, Mariët glimlacht dankbaar naar haar en bijt op haar lip.
"We zijn allemaal trots op haar." Glimlacht Selattin blozend en kijkt
snel naar Britt. Maar die heeft niets gehoord, omdat ze staat te praten met de
moeder van het meisje. "Kom, dan gaan wij ook even wat te drinken
halen." De vader trekt het meisje snel mee. Tony komt terug van de bar en
duwt iedereen een willekeurig glas in de handen. "Wie rijdt?" Vraagt
ze Selattin terwijl ze hem een glas wijn en een glas cola voor houdt.
"Britt haat cola geloof ik, ik rij wel, geef die wijn maar aan haar."
Tony draait zich naar Britt. "Sel, jij bent mét mama hier hč. Mama vindt
jou heel leuk, wist je dat? Vind jij mama ook leuk?" Vraagt Dorien
plotseling ernstig. "Ja," Zegt Selattin vrolijk "Héél
leuk." Dorien knikt "Goedzo, dan moet je dat maar tegen haar zeggen,
ik denk dat ze daar op zit te wachten. Dan ben je misschien wel niet mij echte
papa, maar een heel klein beetje toch wel. Niet zoals de papa van Mariët, maar
dan kunnen we soms net een klein beetje doen alsof, een beetje. Misschien vindt
mama dat niet zo heel erg. Is dat goed, als het van mama mag, vind jij het dan
ook goed?" Ze kijkt Selattin smekend aan "Ik zou dat leuk
vinden." Stelt die haar gerust "En ik heb het er ook met je moeder
over gehad. Over. Dat ik haar leuk vind." Voegt hij er aan toe
"Goedzo,"roept Dorien blij en slaat haar armen om hem heen. Op dat
moment kijkt Britt net om, omdat de moeder van Mariët ook net vertrekt. Ze
glimlacht even. Selattin knipoogt naar haar. "Het is goed," Zegt hij
geluidloos tegen Britt. Die stapt op hem af en drukt zich ook even tegen hem
aan, zodat ze even lekker met z'n drietjes zijn. Dorien kijkt helemaal tevreden
naar haar moeder. Van een afstandje slaat Vanbruane het tafereel gade en denkt
voor zichzelf even 'het is fantastisch zo.' Tony stapt met een rode roos op
Dorien af. "Kijk eens dame, deze is van een geheime bewonderaar die ik
tegen kwam op weg naar de bar." Ze gebaart naar een kleine jongen ergens
tussen alle mensen "Hé Maarten," Roept Dorien enthousiast "Mag
ik even met hem gaan praten, mam?"vraagt ze snel. "Tuurlijk, als hij
zelfs al een roos mee neemt." Selattin zet haar lachend op de grond neer en
ze kijken haar even na. "Zo, je mag wel trots zijn op Dorien."vindt
meester Jos als hij Britt in het oog krijgt. En steekt dan zijn hand uit
"En u bent waarschijnlijk. Sel. Ik geloof dat ik kan zeggen dat ik blij
voor u ben?" Hij kijkt Britt even met een knipoog aan en die knikt lachend.
Ze mag meester Jos wel, hij is altijd in de weer voor Dorien en lijkt precies te
weten hoe hij haar aan moet pakken. Hij doet alles voor Dorien en zij doet alles
voor hem. Hij weet precies wat ze nodig heeft en wat ze leuk vindt. Selattin
kijkt even achterom naar Dorien om in de gaten te houden waar ze heen gaat en
schudt dan de hand van meester Jos "Selattin Ates." Meester Jos blijft
even staan kletsen. Tony staat ondertussen wat rond te kijken en houdt Dorien
ook in de gaten. Britt heeft gelijk het is echt een roddelplek eerste klas, zo'n
school. Verschillende moeders praten opgewonden met elkaar met onopvallende
hoofdknikjes in de richting van Britt en Selattin. Ja, Britt heeft weer eens
voor gespreksstof gezorgd. Ook al ziet ze er dan onberispelijk uit. Tony loopt
nonchalant richting de bar en let ondertussen goed op of ze wat van de
gesprekken op kan vangen. Maar dat blijkt moeilijker dan het lijkt, met al die
herrie. Meester Jos is intussen ook klaar met zijn gesprek, want ze ziet hem weg
gaan. Niet veel later stoppen er twee ouderparen bij Britt. Tony rept zich
terug. Ze is erg nieuwsgierig wat er gezegd wordt. Maar dat blijkt
teleurstellend saai te zijn. De vaders beginnen een of ander reuze oninteressant
gesprek met Selattin over beleggen of zoiets vervelends. En Britt wordt door de
moeders onderhouden over kinderkleding. Ze moet daarbij al haar kennis van
kinderkleding nog uit de kast te halen. Maar gelukkig blijkt ze Dorien op dit
moment in precies de juiste merk en stijl naar school te sturen. Want er is
niets dan lof op dat gebied. Ze zegt maar niet dat Lieve de meeste kleren met
Dorien gaat uitzoeken. Zelf heeft ze weinig op met het kleding kopen met Dorien.
Ze haalt altijd het verkeerde uit de rekken en dan wil Dorien toch weer wat
anders, of het past net niet. Maar de kleuren, merken en vormen waarin Dorien
tegenwoordig op school verschijnt schijnen dus geweldig te zijn. Ja, Lieve heeft
daar toch echt meer kijk op, maar goed, die staat daar dan ook tijden aan de
poort. Opletten, denkt Tony op de achtergrond, dan weet ze tenminste wat ze Vera
tegen die tijd aan moet trekken. Nu heeft Dorien weer eens iets aan met
drie-kwart pijpen die zo schattig toelopen, lintjes, knoopjes en een soort
gebroken witte overgooier. Het geheel ziet er weer eens uiterst schattig aan.
Dat is het tegenwoordig dus, ze zodanig aankleden dat ze zichzelf met al die
lintjes ophangen als ze willen gaan spelen? Tony verdenkt Britt er van dat ze
het Dorien expres aan trekt, zodat die zich niet eens vies kán maken. Dat is
namelijk in die kleding echt volledig onmogelijk. Vanbruane heeft inmiddels een
gesprek aangeknoopt met Michel, maar komt ook wel tot de ontdekking dat het
intellect niet de motivatie voor Tony was om deze blonde krullenkop te kiezen.
Ze geeft hem een week. Een tijdje later begint het duidelijk laat te worden voor
de kinderen. Veel zijn er al naar huis en Dorien heeft zich moe in Selattins
armen genesteld. Met af en toe een beschuldigende blik op de klok geeft ze aan
dat ze nu toch wel naar huis wil. Maar Britt is vast van plan om eens te
socializen, zodat Lieve de komende tijd wat minder kritische blikken te
verwerken zal krijgen aan de poort. De klachten daarover zijn vaak niet van de
lucht. Als ze nu haar best doet komt ze eens een keer wat positiever naar voren
in de gesprekken. Dorien is al in slaap gevallen als ze naar huis gaan. "Zo
dat was een leuke avond." Meent Vanbruane, die gelukkig ook nog
gesprekspartners van min of meer eigen niveau is tegen gekomen. "Ik vond
dit ook een leuke avond." Beaamt Selattin dubbelzinnig. "Tot morgen
allemaal." Iedereen stapt een eigen richting in.
"En nog gelezen gisteren nacht?" Vraagt Tony met een blik op Britts
tas. "Nee, maar vanochtend wel, tijdens het ontbijt." Britt gaat
zitten en pakt de map uithaar tas. "Alsjeblieft, ik heb het gevonden. Deze
e-mail komt van het aders van onze weledele heer de advocaat. Hij is gericht aan
de arts. De spullen waar om hij vraagt zijn inderdaad besteld en op de juiste
plaats en tijd afgeleverd. Vervolgens heeft de assistente van Jonker verklaart
dat ze een man moest leren hoe dit spul te gebruiken. En volgens de beschrijving
was dat Aléva. Die die dag tovallig ook ziek was en niet op kantoor kwam. Ook
's avonds was Aléva niet aanwezig op de club. De avond dat de man overleed.
Vermoord werd. Niemand anders dan Aléva kan die zuiver nicotine hebben
ingespoten."Tony schudt haar hoofd "Slim, slim, zuivere nicotine,
moeilijk te vinden of je moet als patholoog net alles naast elkaar hebben
liggen." Britt grinnikt "Niet slim, ze hebben het gewoon van een
TV-serie." Zegt ze denigrerend. "Maar goed de andere twee waren die
avond allebei elders, hun alibi's zijn dubbel gecheckt, die kloppen. Aléva
woont echter alleen. Hij zegt ziek thuis te zijn geweest, maar die alibi is
natuurlijk zo doorzichtig als wat. Ik ga hem dit maar eens voorleggen." Ze
neemt de telefoon en belt naar benden om Aléva naar boven te laten brengen.
Selattin legt net zijn telefoon neer "Ik ga nog even langs die chauffeur,
hij mag zo weg en zijn ouders zijn er al om hem te halen." Meldt hij.
"Ik dacht dat zijn baas hem zou ophalen?" Selattin haalt zijn
schouders op "Dat dacht ik ook, maar ja, ze belden net al dat z'n ouders er
waren. En ze kunnen hem moeilijk vast houden tot z'n baas er is. Als ik z'n baas
was zou ik ook wel eens een hartig woordje met hem willen spreken, maar
goed." Hij zwaait even naar Britt en stapt dan weg. Tony kijkt Britt
onderzoekend aan en roept dan blij "Kijk nou toch, ze straalt!" Britt
bijt op haar wang "Sinds wanneer zie jij aura's?" Vraagt ze
onverschillig in een lamme poging om er een grapje van te maken. "Man, een
blinde kan die stralen nog zien. Ze is verliefd." Tony loopt fluitend naar
de flap-over en kalkt er vrolijk Britt-hartje-Sel op. Britt zucht "Kom, we
gaan verhoren, voor het nog erger wordt." Aléva zit al te wachten.
"Luister." Britt ploft voor hem neer en opent haar map. Maar Aléva
heft zijn handen op "Laat maar, ik beken." Britt's mond valt open
"Wat? U wilt toch niet zeggen dat ik die onzin vanochtend voor niets heb
zitten lezen terwijl ik ook lekker met mijn dochter had kunnen kletsen?"
Roept ze kwaad uit. Tony doet bij de deur haar uiterste best om niet te lachen
om het verbaasde gezicht van Aléva. "Nou goed, dan beken ik wel
niet." Mompelt hij beledigd. "Nou, beken en snel een beetje! Ik heb al
meer dan genoeg van m'n tijd aan u verspild!" Snauwt Britt chagrijnig.
"Ja," Glimlacht Tony poeslief "Ze heeft wel wat beters te doen 's
nachts dan uw dossiers herlezen. Ik bedoel ze heeft soms ook wel eens wat
anders. Om handen." Britt kijkt haar waarschuwend aan en Aléva gaat er
eens goed voor zitten om zijn verhaal te vertellen. "Nou, ik wacht."
Snauwt Britt terwijl ze afwachtend op kijkt "Die injectie, dat was
ik." Zucht Aléva "Dat had ik ook al gesnapt, maar vertel."
Spoort Britt hem niet bepaald zachtzinnig aan "Ik meldde me ziek die dag,
zodat het aannemelijk was dat ik 's avonds ook niet op de club zou zijn."
Gaat Aléva verder. Tony zoekt een stoel en gaat er ook bij zitten. Ze hoort aan
hoe Aléva vertelt dat hij de woning van zijn slachtoffer in sloop. De hond in
de gang met en appel van de fruitschaal knock-out gooide en zo uitschakelde.
"Ik wist niet eens dat ie een hond had." Zegt Aléva nog steeds wat
verbaasd over dat feit "Slechte voorbereiding." Merkt Britt humeurig
op. "Maar ik droeg wel handschoenen." Protesteert de man, Tony trekt
een gezicht "Bravo hoor." Kan ze niet nalaten te zeggen. Maar vanaf
dat moment wordt het allemaal wat professioneler. Hij sloop de trap op, het
slachtoffer lag al op bed. Hij duwt een dot chloroform in het gezicht en spuit
vervolgens onder de juist hoek met een spuit de nicotine in. Het is alsof de man
in zijn slaap gestorven is. Je ziet het eigenlijk niet aan hem, tenzij je naar
het injectiegaatje gaat zoeken. De pathologen hadden destijds niets ontdekt. Pas
toen ze begonnen waren met enkele sterfgevallen na te trekken na namen te hebben
gehoord die in verband werden gebracht met de mannen die gearresteerd waren,
hadden Tony en Britt het ontdekt. Na veel studie hadden ze het gevonden, het was
een kwestie van veel feiten naast elkaar leggen en werkelijk maar in je eentje
het hele verslag bestuderen, zodat je alles op een rijtje had. Gelukkig was het
lichaam toen nog in het lab. Geweest, omdat het bij deze man nog ging om iemand
die net dood was. Een andere hadden ze moeten laten opgraven. Het was een wonder
dat het injectiegaatje er nog zat! Tony had het opgemerkt in de rapporten, de
eer kwam haar absoluut toe. Het kon niet het nicotinegehalte in combinatie met
de brandschone longen. De man rookte niet, hoe kwam hij aan zoveel nicotine in
zijn bloed? De patholoog had toen uitgeroepen "Wacht eens even!" En
had het lichaam meteen laten komen. Na een tijd van zoeken had hij het
injectiegaatje gevonden. Bijna onzichtbaar. De onderzoeken van de longen en het
bloed gebeurden door aparte menen en tenzij je niet net naast elkaar stond
terwijl je de rapporten aan het lezen was zou je het niet opmerken. "En
nummer twee?" Vraagt Britt na het hele relaas, doelend op het tweede
slachtoffer. Wederom hadden ze met chloroform gewerkt. Daarna hadden ze haar
naar het water gebracht met de auto en haar geďnjecteerd met nicotine. Meteen
daarop hadden ze haar in het water gegooid. "De nicotine werkt niet direct.
Ze ademt nog, dus. Water in de longen." Fluistert Tony "Ik heb gereden
toen. Ik was er bij, maar ik deed niks." Tony gromt "Nee, je deed
niks, nee! Ook niks om hen tegen te houden. Kom nou!" Ook Britt kan weinig
begrip opbrengen voor de gemompelde verdediging. "Niks doen is vaak nog
veel erger!" Snauwt ze. "Je was daar! Daar gaat het om. Of je er bent
of niet bent!" Tony glimlacht "To be or not to be, that's the
question." Zelfs Britt moet nu even lachen. "Inderdaad en u wás daar,
u heeft meegeholpen en daar was u met uw volledige verstand bij, meneer
Aléva!" Als ze even later met bekentenis in de hand het teamlokaal binnen
komen staat Ben al op hen te wachten. "Wat hoor ik?" Vraagt hij met
een knippog naar Tony "Hoe moet ik nou weer weten wat jij hoort?"
Vraagt Britt verbaasd op het moment dat net een telefoon rinkelt "Ik hoor
een telefoon." Pasmans neemt enthousiast de hoorn van de haak. "Nee,
dat bedoel ik niet. Goed nieuws hoor ik.?" Britt knikt "Ja, je hebt
gelijk, die kwal van een Aléva heeft eindelijk bekend. Ik ga naar Vanbruane en
ik zal zeggen dat ze de procureur kan bellen. We ronden het onderzoek vandaag
zeker af." "Sel en jij." Begint Ben nu "Nou ik hoop toch dat
jullie twee ook nog even de afronding mee willen doen?" Onderbreekt Britt
hem korzelig. "Ja!" Schreeuwt Bne nu ongeduldig uit "Maar zijn
jullie nu samen?" Britt kijkt op "Ja, natuurlijk." Zegt ze alsof
het nieuws al maanden geleden officieel bekend was en wandelt dan naar het
kantoortje van Vanbruane. "Ha Britt is kwaad op Aléva. Ze heeft vanochtend
alles nog doorgewerkt om waterdicht bewijs te vinden en dan bekent ie gewoon.
Voor niks de hele ochtend gewerkt en dat terwijl Sel er was. Vervelend. Dat kan
ze Aléva vast pas na een extra kop koffie vergeven. Tot dan is ze niet te
genieten waarschijnlijk. Ja of Sel moet terugkomen, maar die zit op het
ziekenhuis, bij die chauffeur." Ben knikt "Bedankt voor de
waarschuwing, maar toch leuk. Sel en Britt, dat is perfect." Tony knikt
"Vanbruane ging helemaal mental." Grinnikt ze. "Wat ging
ik?" Achter haar komen Vanbruane en Britt het kantoortje weer uitgelopen.
Tony draait zich met een ruk om "U ging mental." Herhaalt ze met een
betrapt blosje. "Mental?" Echoot Vanbruane vragend "Wat is dat
voor een populaire uitdrukking? Nou ja, hoe dan ook, ik kwam even melden dat ik
de procureur ga bellen. Ik denk dat je er op mag rekenen dat we vandaag nog van
de heren verlost zijn. Gelukkig liggen er nog wel een hele hoop zaken te
wachten. Dus rond dit maar snel af." Ze wandelt weer weg
"Mental." Grinnikt Britt en gaat zitten. "Had Sel nog niks tegen
jou gezegd?" Vraagt ze dan aan Ben. Die schudt zijn hoofd "Je kent
Sel, je moet dat soort dingen uit hem sláán en zelfs dan mag je nog van geluk
spreken als hij het zegt. Maar goed ik kon ben zijn partner, ik merk dat soort
dingen." Tony haalt haar schouders op "Jij hebt toch ook niets tegen
mij gezegd? En ik heb het toch ook zelf uitgevonden." Britt zucht "Ja,
wat zijn wij doorzichtig zeg." Tony begint te lachen "Volgens mij
waren jullie zelf de enige die nog twijfelden aan de gevoelens voor de
andere." Britt bloost "Ik ben gewoon niet zo zeker van mezelf als het
er op aan komt, als jij Tony." Mompelt ze. "Ik wil nog boodschappen
gaan doen. Goh, Sel, sinds wanneer koop jij een kleurboek? Dat is voor
Dorien." Bootste Ben plagend een conversatie tussen hem en Selattin na
"Oh Tony, is Sel er nog, ik wil hem even zeggen dat die man bekend
heeft." Plaagt ook Tony. Als ze Britts' smekende
'hou-alsjeblieft-op-en-laat-me' gezicht ziet buigt ze zich lachend over haar
computer en opent het verslag van de zaak om te gaan typen. Ze zijn een flinke
tijd aan de gang en het loopt tegen de middag, als Tony met een diepe, tevreden
zucht haar bestand afsluit. Ben is inmiddels al weg geroepen naar een ongeval
alwaar hij Selattin zal ontmoeten. "OK, wat doen we, lunchen we hier?"
Tony staat op met ene vragende blik in Britts' richting. Die kijk even moeilijk
naar het scherm "Als ik nu nog even doorwerk. Ik ben bijna klaar."
Tony glimlacht "Hier dus." Concludeert ze "Dan ga ik wel even wat
halen, ogenblikje." Ze stapt op het kantoor van Vanbruane af en rukt de
deur bijna uit zijn sponningen als ze hem opent "Zeg Baas, ik ga effe lunch
halen, wilt u ook wat?" Vanbruane bestelt ook wat en belooft plechtig dat
ze op aanraden van Tony ook even pauze neemt en zo met het eten even bij hen
komt zitten. Als Tony net weg is en Britt weer verder kan werken komt Carla
binnen. "Britt?"vraagt ze voorzichtig. "Wat?" Britts' stem
is een mengeling van tomeloze irritatie en eindeloze wanhoop "Hoe kan ik
hier ooit mijn werk doen, mijn verslag afronden als." Als ze opkijkt en
twee mannen achter Carla ziet staan klapt haar mond dicht "Wat?"
Herhaalt ze een tikkeltje vriendelijker nu. "Weet jij wat af van dat
ongeluk met die truck gisteren op de snelweg? Meneer hier heeft gesproken met
Selattin, maar die is er niet." Britt zucht "Die wagen die gekanteld
was?" Achter Carla staat een van de twee mannen enthousiast te knikken
"Carla, dat Selattin en ik nu samen zijn betekent niet dat we alles af
weten van elkaars zaken, hier op het werk blijft Tony gewoon mijn partner."
Waarschuwt Britt "Wat?" Roept Carla enthousiast "Hebben jullie
wat met elkaar, nou eindelijk! Wat geweldig." Britt laat haar hoofd op haar
handen zakken en kreunt. Als ze dodelijk vermoeid weer op kijkt vraagt ze quasi
vriendelijk "Nou, wat willen ze weten?" Carla haalt haar schouders op.
"Ze wilden Selattin spreken." Britt zucht nog eens en knikt Carla dan
toe. "Laat hen maar hier, ik handel dit verder wel af." Opgelucht
wijst Carla de beide heren een stoel aan het bureau van Britt. "We wilden
net de chauffeur op gaan halen, maar hij was al weg. Opgehaald door zijn
ouders." Zegt de man met het baardje als hem door Britt wordt gevraagd wat
ze nou eigenlijk komen doen. Britt knikt als ze diplomatiek antwoord
"Meneer is geen arrestant, we kunnen hem niet vasthouden." De man met
het baardje knikt "Ik neem u ook niets kwalijk." Zegt hij goeiig.
"Het is alleen lastig dat we voor niks gekomen zijn. We vroegen ons alleen
af of we de vrachtwagen kunnen bekijken." Britt loopt naar Selattins'
bureau "Ik zie hier zo snel niets liggen.' mompelt ze terwijl ze Selattins'
georganiseerde stapel rotzooi doorwerkt. "Sinds wanneer doorzoek jij mijn
post?" Klinkt er opeens een quasi boze stem achter haar. De stem is
plotseling genoeg om haar overeind te laten vliegen van schrik. Selattin is met
Ben en Tony binnen gestapt en slaat troostend zijn armen om Britt heen.
"Sorry, niet schrikken, het was een grapje." Fluistert hij lachend.
Britt staat nog met wat papieren in haar hand. "Ik ben bezig met die zaak
van jouw chauffeur." Legt ze uit als ze weer wat herstelt is en wijst op de
mannen die afwachtend hun ogen gericht hebben op Britt. "Ah," Met
uitgestoken hand loopt hij op de mannen af, nadat hij Britt liefdevol over haar
rug heeft gewreven. Dan ploft hij neer in Britt's stoel. Britt grinnikt en ploft
met een grijns op zijn schoot neer om zo toch nog verder te kunnen typen aan
haar verslag. De twee mannen kijkt even verbaasd, maar herkennen onmiddellijk de
eigen minstens zo informele bedrijfsvoering en voelen zich wel thuis. Met
Selattin die zich verontschuldigt over het vertrek van de chauffeur overleggen
ze dat ze naar het bergingsbedrijf zullen gaan om te kijken wat er over is van
de wagen "Misschien kunt u de aanhanger wel al meteen meenemen."
Oppert Selattin. "Dat zou mooi zij, we zijn met de vrachtwagen. Ja, we
hebben meteen maar een vrachtje afgeleverd." Vol goede moed vertrekken de
heren weer op het moment dat Britt met een blik en een druk op de knop haar
verslag afsluit en gesommeerd wordt om dan te komen eten. Selattin houdt haar
nog even stevig vast en kan het niet nalaten haar even te zoenen.
Bij het bergingsbedrijf hebben Harry en Gert inderdaad de oplegger mee gekregen.
Als Harry met de combinatie de straat in draait om hem voor een paar dagen voor
zijn huis te parkeren staat een buurvrouw even stil. "Zo," Zegt ze als
Harry en Gert uit stappen "Ergens langs geschoerd?" Gert knikt en
kijkt Harry aan "Langs het wegdek." Zegt hij dan droog
"Pilsje?" Vraagt Harry hem en stapt zijn huis binnen.
Einde
Holymary;mins
|