  OP
HET SCHERP VAN DE SNEDE
- Met Sofie voorlopig buiten dienst wegens een dienstongeval, had Nadine Tony
terug gevraagd om met Britt te komen weken.
- Als vanouds konden die twee weer heel goed met elkaar overweg.
- Britt; Alles goed met de kleine?
- Tony: Prima. Ik had het wel moeilijk om haar los te laten, maar ik miste het
werk ook wel een beetje, en jou wel een beetje veel.
- Britt; Ik vind het fijn om weer samen met u te werken. Ik hoop alleen niet
dat Sofie zo lang hinder zal houden van dat ongeval.
- Tony: Werk je liever met haar dan?
- Britt; Tony, niet van die moeilijke vragen stellen. Ik vind het fijn om met
jullie allebei te werken, maar toen Sofie dat ongeval had ben ik wel heel erg
geschrokken. Ze zag er nogal gehavend uit. Toen ik vorige week bij haar was
kon ze amper nog maar op de benen staan. Ze heeft nog heel veel pijn.
- Tony: Ja, zo'n vrachtwagen geeft nou eenmaal niet veel mee als je daar tegen
zo'n 70 kilometer tegenop knalt.
- Britt: Inderdaad.
- Tony: Zal ze er nog lang last van hebben?
- Britt: Dat weet ik niet, maar dat zal niet in 1, 2, 3 over zijn, vrees ik.
- Tony: Zullen we haar vanavond eens gaan bezoeken?
- Britt: Ja, lijkt me leuk.
- Dan roept Vanbruane hen voor een nieuwe opdracht...
- Britt: We komen. (glimlachend)
- Vanbruane knikt goedkeurend. Wanneer ze in haar kantoortje zitten :
- Vanbruane: Britt, jij gaat undercover.
- Britt: Hoho niet zo snel mag ik misschien eerst even weten wat voor opdracht
het is dan kan ik daarna beslissen of ik undercover ga.
- Nadine: Wel, er schijnen weer veel vrouwen illegaal het land binnen te komen
.
- Britt; Nee.
- Nadine; Wat nee?
- Britt; Ik doe het niet.
- Nadine: Hoe weet jij nu wat ik ga vragen?
- Britt; Vast en zeker om te infiltreren in zo'n bende en me dan laten
verhuren aan die vieze venten die niet met hun poten van de vrouwen af kunnen
blijven.
- Nadine; En toch zal je moeten. Hoe anders denk je dat we er achter komen wie
die vrouwen ronselt in het buitenland? Je denkt toch niet dat ik Ben op pad
kan sturen?
- Tony: Waarom niet? Hij kan toch de pooier spelen?
- Nadine; Niet zo bij de hand Dierickx.Hij zal misschien de vrouwen mogen
wegbrengen, maar we moeten weten wie die vrouwen uit het buitenland ophaalt.
- Tony: Zijn er al meldingen van vermissingen?
- Nadine: Hoeveel wil je er hebben?
- Britt; Maar ik doe het niet (resoluut)
- Nadine; Michiels, ik wou voor een keer dat je eens zonder commentaar je
opdrachten kon aannemen.
- Britt; Maar, maar , ik heb een dochter van amper tien jaar in huis. Je denkt
toch niet dat ik mij ga lopen verhoeren?
- Tony: Wat klinkt dat ordinair.
- Britt; Het is ook ordinair (en boos loopt ze het kantoor uit, een verbaasde
Nadine en Tony achterlatend)
- Na een poosje gaat Tony Britt zoeken en vind haar in de kleedkamers. Ze
heeft blijkbaar zitten huilen want haar ogen glanzen nog helemaal en ze zien
ook wat rood.
- Tony: Hey, wat is er nou?
- Britt; Ik ga niet de hoer uithangen als ze dat soms denkt.
- Tony: Het is wel wat genuanceerder dan dat hoor. Je moet zien te infiltreren
en dan proberen met de baas aan te leggen zodat hij je gaat vertellen wat hij
gaat doen en waar hij de vrouwen vandaan haalt.
- Britt; We kunnen toch ook die vrouwen vragen waar ze vandaan komen?
- Tony: Dat gaat nogal moeilijk. Er zijn er twaalf als vermist opgegeven bij
Interpol en er zijn twee lijken gevonden die nog niet geďdentificeerd zijn.
- Britt; Nog een reden waarom ik het niet ga doen. Ik ga niet het risico lopen
om vermoord te worden.
- Tony: We weten niet of dat ook vrouwen zijn die zijn geronseld om hier in de
prostitutie te gaan werken.
- Britt: Kan ze het zelf niet gaan doen?
- Tony: Britt, jij hebt ervaring met dit soort situaties. En jij hebt heel
snel door hoe dingen in elkaar zitten. Met een beetje geluk zijn we er met een
week doorheen.
- Britt: Maar ...
- Tony: Je doet het niet alleen. Ik kan je misschien helpen. Je krijgt de
nieuwste afluisterapparatuur mee, en ik sta constant met je in contact. En als
jij het niet vertrouwd Britt, dan geef je een code door en wordt je
weggehaald.
- Britt zuchtte alleen maar. Ze kon er niets meer tegenin brengen. Ze sloot
haar ogen en dacht na over die vorige keer dat ze bezig waren geweest met die
vrouwenhandel. Die keer toen er op Tony was geschoten en die bijna het leven
had gelaten. Ze hadden uiteindelijk de verantwoordelijken wel op kunnen pakken
en bestraffen, maar blijkbaar was dat niet afschrikwekkend genoeg geweest.
Opnieuw was er een bende die zich toelegde op de handel in vrouwen maar nu
puur voor eigen gewin door de vrouwen te dwingen in de prostitutie te gaan
werken om hun komst naar hier te betalen.
- Britt: Oke... (zuchtend)
- Nadine: (die net binnenkwam): Dus je doet het? (vriendelijk)
- Britt: Ik zal geen andere keuze hebben, he. (snauwend)
- Nadine geeft nog even alle informatie die Britt nodig heeft en dan moet ze
al meteen naar het huis van die pooier gaan...
- Daar aangekomen zet Tony haar af en rijdt snel verder, zodat niemand haar
kan zien en later eventueel herkennen...
- Britt twijfelt even, maar gaat dan het huis binnen...
- Britt: Hallo? Is daar iemand?
- Stem: Hier komen jij. Ogen dicht en achterwaarts naar binnenlopen.
- Britt: Maar dan zie ik niets
- En WHAM !! daar heeft ze al een klap in haar nek te pakken en zakt in
elkaar.
- Ze wordt opgeraapt en meegenomen naar een slechtverlichte kamer. Niet dat ze
daar iets van ziet want ze wordt gelijk geblinddoekt en haar handen worden op
haar rug gebonden en ze krijgt een vod in haar mond geduwd.
- Als ze na een poosje weer bij kennis komt merkt ze dat ze vast ligt en haar
ogen zijn afgedekt.
- Er zit iemand naast haar die haar het vod uit de mond haalt.
- Een mannenstem begint tegen haar te praten.
- Stem: Waar was je? Ik had gezegd één uur. Kom je hier pas om drie uur
aanzetten.
- Britt; Ik kon niet eerder.
- Stem: Ben je van de politie?
- Britt; Zeg, als ik van de politie was had ik jullie wel opgepakt. Je denkt
toch niet dat....
- Stem: Mond houden. Jij gaat nu naar mij luisteren en als je niet luistert
dan...
- Britt: Wat dan?
- Maar dat had ze beter niet kunnen vragen want ineens voelt ze iets kouds
langs haar keel glijden. Het prikt een beetje en dan voelt ze iets warms over
haar hals lopen. Ivan heeft zijn vlijmscherpe mes even ter kennismaking over
haar keel gehaald.
- Ze begint wat in paniek te raken.
- Britt; Maak me los !! Hoe moet ik je nu helpen als je me zo vastbind?
- Stem: Jij gaat luisteren naar Ivan, begrepen??
- Britt; (zachtjes prevelend) Ja.
- Ivan: Ik hoor je niet.
- Britt; Ja.
- Dan krijgt ze een slag in haar gezicht.
- Ivan: Ik ben je baas en jij zult mij gehoorzamen.
- Op dit moment had Britt al spijt dat ze had toegezegd om deze opdracht uit
te voeren. Van binnen was ze kwaad op zichzelf.
- Ivan: Dus wat ga jij doen?
- Britt: Luisteren. Mag ik nu los?
- Ivan zet Britt ruw overeind maar laat de blinddoek voor en haar handen
blijven vastgebonden op haar rug zitten.
- Britt durft zich amper te verroeren uit angst dat Ivan weer begint te slaan.
Maar als ze voor haar gevoel al minstens een uur zo heeft gezeten krijgt ze
kramp in haar benen en dat doet vreselijk pijn. Ze probeert wat te gaan
verzitten maar dat lukt niet. Dan wordt de kramp zo erg dat ze begint te
gillen en inderdaad, gelijk heeft ze een schop te pakken.
- Britt; Laat me dan ook los. Ik heb kramp. Ik kan zo niet blijven zitten.
- Ivan: Ik ga jou wegbrengen. Jij maakt iedereen bang met jou gillen.
- En BENG daar heeft ze weer een slag te pakken en valt weer flauw. Ze wordt
opgepakt door twee mannen en in een bestelbusje gegooid die via de
achteruitgang het gebouw verlaat.
- In het bestelbusje wordt ze wakker en kijkt ze verward om zich heen...
- Britt: Waar brengen jullie me naartoe? (snikkend)
- Ivan (die naast haar zat, met zijn handen rond haar lichaam, op intieme
plekken) : Naar ons geheim plekje, waar je alle regeltjes krijgt. (gemeen
glimlachend)
- Britt: Nee, ik wil niet. Jij zou mij zeggen wat mijn taak is en dan zou ik
helpen die vrouwen naar hier te krijgen.
- Ivan: Ik ben ook maar een man en zoiets moois laat ik echt niet zomaar gaan
hoor.
- Britt: Maar ik doe het niet en blijf van me af.
- Als ze zijn toegekomen op de plaats van bestemming krijgt Britt weer een zak
over haar hoofd zodat ze niet kan zien waar ze is. Ze hoopt zo dat Tony haar
is blijven volgen met haar moderne opsporingsapparatuur. Ze voelt zich
behoorlijk onzeker over haar positie op dit moment.
- Eenmaal binnen worden eerst haar handen losgemaakt, maar nog voor ze even
haar polsen kan wrijven wordt ze opnieuw vastgebonden. Dit keer krijgt ze
grote klemmen om haar polsen en komt ze met een ketting aan een paal vast te
zitten. Ze kan nu staan, of zitten , of kleine rondjes lopen, maar verder dan
drie meter komt ze niet bij de paal vandaan.
- Dan haalt Ivan de zak van haar hoofd. Britt schrikt als ze de man ziet. Hij
ziet er afstotelijk uit. Zijn gezicht is een en al lidteken.
- Ivan: Wat kijk je? Nooit gezien hoe iemand eruit ziet nadat de politie met
je gedaan heeft?
- Britt; Wat is er gebeurt?
- Ivan grijpt haar gezicht en drukt met zijn stalen vingers heel hard in Britt
haar wangen. Ze begint gelijk te huilen van de pijn.
- Ivan; Kop houden. Heb ik de verkeerde hier gekregen? Mens, wat een
huilebalk.
- Britt; (moeizaam pratend) Je doet me pijn.
- Dan haalt Ivan zijn mes weer tevoorschijn en laat dit kort voor Britt's ogen
bewegen.
- Ivan: Weet je wat pijn doet?
- Britt: Ik zal luisteren, maar alsjeblieft doe me gene pijn. Ze hebben me
gezegd dat je vrouwen naar hier moet halen en dat ik je zou moeten helpen.
- Ivan: Dus de boodschap is duidelijk?
- Britt: Je moet me zeggen wat ik moet doen.
- Ivan; Nu ga je slapen. En daarna ga je mij eens lekker verwennen en dan
praten we over zaken doen.
- Britt; Ik wil niet slapen.
- Maar gelijk al heeft ze een injectie gekregen met een slaapmiddel en zakt ze
in elkaar. Ivan, die ergens nog iets van menselijkheid bezat, liet een matras
brengen en legde Britt daarop en dekte haar toe met een oude deken. Om te
voorkomen dat ze zou gaan roepen als ze wakker werd duwde hij weer een vod in
haar mond en wikkelde een zware rol tape er wel drie keer overheen zodat Britt
het zeker niet los zou krijgen .
- Daarna vertrok hij weer en liet Britt alleen achter.
- Omdat ze gedrogeerd was had Britt geen idee waar ze was, hoelang ze er was
of wat er gebeurde.
- Toen ze wakker werd had ze een barstende hoofdpijn. Ze probeerde haar
omgeving op te nemen maar er was weinig te zien waar ze zich op kon
oriënteren.
- Uit angst begint ze maar rond zich heen te trappen. Tot ze plots voelt hoe
haar broek uitgetrokken wordt en haar benen ruw uit elkaar gerukt worden...
- Britt: Hmmm... ? (huilend)
- Ivan: Ik had toch gezegd dat je me moest verwennen?
- Britt: (nu echt in paniek, want ze wil niet dat hij aan haar komt) HMMMMMMM.
- Ivan: Oh, heerlijk, je wint me op met je gejank.
- Dan gaat hij op haar liggen en wil binnen dringen maar Britt kronkelt zich
in alle bochten om hem te beletten bij haar binnen te dringen.
- Weer krijgt ze een klets in haar gezicht en nu begint ze weer te huilen.
- Ivan: Janos, kom eens hier en houd dat kreng eens in bedwang.
- Maar ook met hulp van Janos lukt het niet goed. En dan moet er nog een
helper komen.
- Britt walgt van zichzelf. Hier ligt ze, op een oud matras, handen
vastgebonden, twee mannen die elk een been wijd en ruw van elkaar trekken en
dan die Ivan die zich bovenop haar werpt om haar te nemen. Ze voelt de pijn en
de vernedering als hij met grof geweld bij haar binnendringt.
- Britt: HHHHHMMMMM (compleet in paniek)
- Ivan: Hou je bek, mokkel. (snauwend)
- Ivan gaat steeds wilder tekeer en Britt heeft het haast niet meer... Steeds
wijder trekken Janos en de 3de helper haar benen uit elkaar.……
- Maar Britt kan niet meer hebben. Ze vergaat van de pijn en ze heeft haar
mond ook nog steeds afgeplakt met de tape. Ze wil gillen maar kan niet.
- Met haar laatste krachten probeert ze onder Ivan uit te komen maar dan valt
ze weg.
- Ze kan gewoon niet meer.
- Maar voor Ivan is de lol er ook af. Met zo'n slappe pop is het geen fijn
seks hebben en kwaad staat hij op en gebied zijn helpers dat ze Britt mogen
nemen.
- Janos denkt haar ook echt te kunnen nemen en begint zijn broek te openen
maar hij is echt een sukkel. Hij krijgt het niet voor elkaar bij haar binnen
te komen. De andere helper ligt naast Britt en streelt haar wat, maar Britt is
volkomen out ……
- Na een tijd wordt Britt met bonkende hoofdpijn wakker...
- Britt: Hmmm...? (slaperig/in de war)
- Ivan: Ah, liefje, ben je wakker?
- Britt: Hmmm... Hmmmm...
- Ivan: Wil je die tape van je mond af, lieverd?
- Britt knikt fel...
- Ivan rukt de tape hard van haar mond en Britt heeft moeite om niet beginnen
te huilen en te schreeuwen van pijn...
- Ivan: Ga je nou wat kalmer zijn dan gisteren, schatje?
- Britt: J...a... (zacht)
- Ivan: Wat? Ik hoor je niet. (vernederend)
- Britt: Ja.
- Ivan: Ja, wie? (vernederend)
- Britt: Ja, Ivan. (beschaamd)
- Ivan glimlacht goedkeurend en geeft haar een zachte mep in haar gezicht,
maar Britt is zo compleet afgebroken dat ze geen weerstand meer heeft en ineen
zakt op de grond.
- Ivan: Ah, ga je al liggen? De klanten zullen tevreden over je zijn.
(lachend)
- Britt (die weer recht gekrabbeld was) : Klanten?
- Ivan: Je denkt toch niet dat we je nodig hebben om hulp te hebben bij die
vrouwen?! Neen, liefje, wij gaan je verhuren... Aan allerlei klanten.
(lachend)
- Britt probeert te redden wat er te redden valt en ze begint zich zelf aan te
prijzen als iemand die weet hoe je die stomme grensformaliteiten kunt omzeilen
en hoe je die vrouwen hier ongemerkt binnen kunt krijgen.
- Ivan: Wij hebben die vrouwen toch al hier?
- Britt; Maar ze zeiden dat je er meer moet hebben. Ik weet hoe dat kan.
- Ivan: Wie zei dat?
- Britt: Milan. Die kleinere man met dat lidteken over zijn wang.
- Ivan: Ik ken geen Milan. Je zeurt.
- Britt; Maar het is echt.
- Dan tikt Janos Ivan op de schouder en wenkt hem mee.
- Janos: Milan is inderdaad laatst weggeweest en hij wou niet zeggen waarheen.
- Ivan: Breng hem hierheen dan zullen we wel zien of hij haar kent.
- Als Ivan terugloopt naar Britt ziet hij dat ze zich helemaal klein heeft
gemaakt en probeert zo ver mogelijk bij hem weg te blijven.
- Hij bukt zich en pakt haar gezicht weer stevig vast in zijn handen.
- Ivan: Wij halen Milan op en we zullen wel zien of je hem echt kent.
- Nu wordt Britt wel heel erg zenuwachtig want ze had Milan inderdaad nog
nooit ontmoet. Van Nadine had ze gehoord dat ze ene Milan hadden opgepakt
wegens vermeende vrouwenhandel, maar dat ze hem weer hadden laten gaan omdat
hij zelf had gevraagd aan de politie om iemand te laten infiltreren.
- En dus zat Britt nu hier in de klauwen van die bruut.
- Ivan had weinig zin nog om zich met Britt bezig te houden. Haar
tegenwerkingen bekwamen hem niet zo goed.
- Toen ging Ivan's telefoon .
- Ivan: Ja? Verdomme!! Haal hem daar weg en breng hem hier.
- Britt werd angstig van de luide stem van Ivan.
- Britt: Je moet niet zo schreeuwen, ik wordt bang voor je.
- Ivan: Moei je er niet mee.
- En toen schopte hij haar maar Britt zag dit aankomen en wilde net wegdraaien
waardoor ze de schop vol in haar gezicht kreeg. Ze voelde iets breken en toen
werd alles stil en donker om haar heen.
- Ivan begint allengs ook in paniek te geraken. Britt ligt bewusteloos en
heftig bloedend op de grond.
- Ivan: Janos, breng haar naar het ziekenhuis en haal die Milan daar weg. Dan
ga je terug. Zodra de dokters klaar zijn met haar neem je haar ook weer mee.
Begrepen? En flik me geen rotstreken zoals die Milan, want je kop gaat eraf.
- Britt wordt op de achterbank van een oude auto gelegd met een theedoek onder
haar hoofd.
- Net bij het ziekenhuis begint ze weer bij te komen. Ze heeft heel veel pijn
en voelt zich kotsmisselijk van al het bloed dat door haar keel in haar maag
is gekomen. Ze ziet dat Janos bij haar is en durft uit schrik niets te doen.
- Maar omdat er röntgenfoto's gemaakt moeten worden van Britt haar aangezicht
moet Janos buiten wachten.
- Britt kan niet echt helder meer denken. Ze ziet de dingen om zich heen in
een waas.
- Vaag ziet ze op de jas van een arts een merkteken van een ziekenhuis staan.
Het leest : Elisabeth Ziekenhuis.
- Het komt Britt niet bekend voor en ze laat het maar even bezinken.
- Dan komt de arts bij haar.
- Arts: Mevrouw, hoe heeft dit kunnen gebeuren?
- Britt: D...AAAAUUUUWWWW
- Het is wel duidelijk: Ze heeft fracturen in haar jukbeen en haar kaak. Ze
kan niet praten en nauwelijks slikken. Het bloed en spuug lopen zo uit haar
mond.
- Arts: Ik zie dat u heel veel pijn heeft. We moeten u gaan opereren om de
breuken weer goed aan elkaar te krijgen. En ik stel voor dat we dat gelijk
gaan doen.
- Britt kan alleen een heel kort knikje geven.
- Een assistent begint al om een infuus aan te leggen als Britt ineens een
helder moment heeft.
- Ze gebaard dat ze een pen en papier wil hebben.
- Als haar dat wordt aangereikt probeert ze het nummer van Tony op te
schrijven en vult aan met haar naam: Britt.
- De zuster neemt het aan en vraagt of ze dat nummer moet gaan bellen.
- Maar nog voor Britt kan antwoorden is ze al onder narcose gebracht en wordt
de operatiekamer binnengereden.
- De operatie duurt bijna twee uur en nadien komt ze eerst op de recovery te
liggen alvorens ze naar de gewone afdeling mag.
- Maar als ze na nog eens twee uurtjes over kan, staat Janos haar al op te
wachten. Hij dwingt haar om uit bed te komen en neemt haar zonder woorden weer
mee naar de auto en rijdt terug naar de plek wat Ivan op hun zit te wachten.
- Ivan: Ben je er weer, liefje?
- Ivan neemt Britt's gezicht in zijn handen en Britt kreunt van pijn...
- Ivan: Rustig maar... Die dokters kunnen er wat van zeg. (gemeen)
- Britt knikt zacht...
- Ivan: Maar goed... Je 1ste klant ligt op je te wachten. Janos, breng jij
haar even naar boven?
- Janos knikt, grijpt Britt bij haar bovenarm en sleurt haar mee naar een
kamer, waar Eric, die al helemaal uitgekleed is, ligt te wachten op bed...
- Eric: Moet ik met een mummie? Denk je dat ik daar mijn goede geld voor
betaal? Haal me een ander mokkel, deze wil ik niet.
- Janos: Deze doet alles wat je wilt. En ze is goed in blow jobs.
- Eric: Ben je helemaal ? Ze kan d'r klep niet eens open krijgen.
- Janos: Moet je d'r eens horen mekkeren als je het probeert. Man, daar raak
je op gewonden van.
- Eric: Ik wil niet. Ik wil een wijf voor de seks en ik ga geen stumpert
lastig vallen.
- Dankbaar huilend laat Britt zich op haar knieën zakken.
- Janos grijpt haar weer ruw bij haar arm en sleurt haar mee terug naar de
andere ruimte waar Ivan op hem zit te wachten.
- Janos: Ze is niets waard. Niemand wil haar zo met die wonden in haar
gezicht.
- Ivan: Oh, ik ken mensen die geilen op slachtoffers. We zullen eens zien of
we haar nog tot nut kunnen maken en anders moeten we haar maar dumpen.
- Britt: (zwak mompelend) Pijn.
- Ivan: Ach gut, het kan nog commentaar geven ook
- Britt: Alsjeblieft.
- Ivan: Oké. Ga maar liggen en probeer wat te rusten. Ik zal zien wanneer we
je weer kunnen gebruiken.
- Moe en ellendig laat Britt zich op het matras zakken en wil in elkaar rollen
om zich heel klein en nietig te maken, maar Janos grijpt weer haar polsen en
wil de schakels weer om doen.
- Ivan: Niet haar handen nu. Leg haar enkels maar vast.
- Hoelang ze geslapen heeft weet ze niet, maar als ze wakker wordt heeft ze
een hele droge mond en pijn in haar buik van de honger. Ook gloeit ze als een
kooltje, maar ze durft niet om aandacht te vragen uit angst dat Ivan of Janos
haar wat zullen aandoen.
- Ze blijft stil op het matras liggen en wacht rustig af. Maar het wachten
duurt langer en langer. Door een spleetje ziet ze dat het buiten al weer
donker is geworden. En het wordt ook weer licht, en weer donker, en al die
tijd hoort of ziet ze niets van Ivan en zijn trawanten.
- Britt begint zich nu echt ongerust te maken. Niemand hier, geen contact met
Tony of wie dan ook. Ze voelt zich ziek en ellendig en ze heeft veel pijn aan
haar gezicht.
- In stilte ligt ze te huilen en hoopt dat er nog iemand terugkomt.
- Na nog eens een hele lange tijd hoort ze wat en spits haar oren om de
geluiden te kunnen plaatsen.
- Het blijkt dat Ivan weer terug is. Aan het gooien wat hij doet met de deuren
merkt Britt dat hij slecht gestemd is en gelijk wordt ze weer bang van hem.
- Hij komt echter wel in de kamer maar kijkt totaal niet naar haar op.
- Britt haar rechteroog zit bijna dicht als gevolg van de zwelling door de
schop die ze in haar gezicht heef gehad, dus probeert ze met haar andere oog
te volgen wat er gebeurt.
- Ze ziet dat Ivan op een stoel zit en met zijn hoofd gebogen in zijn handen
zit. Hij mompelt wat en ze probeert nog beter te luisteren.
- Ivan; Ik had het zo anders gewild. Die eikel van een Milan. Moest hij nou zo
nodig weglopen.? Ik had hem nog zo gewaarschuwd maar nee, meneer dacht dat wel
te kunnen flikken. Jammer voor hem, maar hij zal voor ons geen vrouwen meer op
kunnen halen daar waar hij nu is.
- Janos: (inmiddels ook binnengelopen) Was het goed om hem te dumpen in de
Nete?
- Ivan: Hij zal wel een keer ergens in zee teruggevonden worden. Maak je maar
niet druk. Maar hoe komen we nu aan vrouwen?
- Janos: Zij daar. (wijzend op Britt) Zij zei toch dat ze ons kon helpen?
- Ivan; Ik denk dat die weinig kan. Het is wel erg hard aangekomen hč?
- Janos: Wil je haar nog hier houden dan?
- Ivan: Ik denk daar nog even over. Morgen weet ik het wel.
- Janos: Maar morgen is het vrijdag. Dan moeten we het weten want dan moeten
we morgen middag gaan rijden want ze verwachten ons.
- Ivan: (schreeuwend) Ik zei MORGEN !! En nou wegwezen. Ik wil alleen zijn met
haar.
- Als Janos we gis loopt hij op het matras af en gaat naast Britt liggen die
gelijk verstijft. Maar in plaats van ruw tegen haar tekeer te gaan begint hij
haar zachtjes te strelen.
- Ivan: Sorry dat het zo gegaan is. Ik was overdonderd door jou vlotte babbel
en wist niet wat ik deed.
- Britt: (heel voorzichtig) Je deed me heel erg pijn.
- Ivan: Ik zal het niet weer doen. Geloof je me?
- Britt; Ik weet niet of ik je kan geloven. Jij hebt me heel erg gekwetst. Ik
wilde je helpen maar jij deed me pijn.
- Ivan; Heb je nog pijn?
- Britt sluit haar ogen, waar de tranen uitstromen, en knikt bevestigend.
- Ivan; Sorry nogmaals. Wil ik pijnstillers voor je halen?
- Britt; Graag.
- Even loopt Ivan weg en Britt hoopt dat hij weg blijft, maar ze hoort hem al
snel terugkomen . Hij had Janos weer op pad gestuurd.
- Angstvallig blijft ze heel stil op het matras liggen. Ivan blijft heel stil
naast haar liggen en zegt ook niets meer en uiteindelijk valt hij in slaap.
- Na een geruime tijd hoort ze een auto stoppen. Er komen meerdere voetstappen
dichterbij. Ze kijkt of Ivan nog slaapt en probeert dan wat bij hem weg te
schuiven, maar hij legt net in zijn slaap een arm over haar heen.
- Ineens knalt er een deur open en komt Janos binnen met de handen achter in
zijn nek en een cordon van wel acht agenten achter zich aan.
- Ivan schrikt en grijpt in een reflex naar zijn mes en zet dat bij Britt
onder haar linkeroog.
- Tony: NEERLEGGEN. LEG NEER OF IK SCHIET.
- Ivan: Moet ik haar nog eens pakken?
- Tony: NEERLEGGEN (en langzaam dichterbij komend)
- Ben en Sel lopen in een bochtje wat om het matras heen en de anderen zorgen
voor het afdekken van het schotveld.
- Dan ziet Ivan dat het geen zin heeft om verder verzet te bieden en laat hij
het mes vallen.
- Vlug word hij overmeesterd door Ben en Sel en Tony rent op Briit af en neemt
haar veilig in haar armen.
- Tony zit inmiddels ook te janken.
- Tony: Sorry Britt dat we niet eerder kwamen. Al de eerste dag verloren we
contact met je. Wat is er gebeurt?
- Britt; Ik kreeg een klap op mijn kop en daarna ben ik een stuk kwijt.
- Voorzichtig draait Tony Britt haar hoofd wat opzij. Ze ziet dat het veel
pijn doet, maar wil toch in Britt haar oor kijken, want daar was een
ultrakleine zender en ontvanger in geplaatst. Maar als ze kijkt ziet ze alleen
een bloedprop zitten maar geen zendertje.
- Tony: Ik denk dat het zendertje stuk is gegaan toen je slaag hebt gehad.
Kom, we nemen u mee.
- Britt; Waar ben ik eigenlijk?
- Tony: Dicht bij Lier.
- Britt; Hoe kom ik hier?
- Tony: Later Britt. Dat gaan we later wel uitzoeken. Nu ga je naar een dokter
en ik ga met je mee.
- Britt; Hoe heb je me gevonden?
- Tony: Het ziekenhuis in Antwerpen belde dat iemand mijn nummer had
opgegeven, maar ze wisten niet wie je was en waar je heen was gegaan, want je
was na de operatie ineens verdwenen, maar een parkeerwachter had de merktekens
van de auto genoteerd en zo zijn we je op het spoor gekomen.
- Britt; Goddank.
- Tony: Kun je staan Britt?
- Britt; Ik zit vast. Maak me los. Snel maak me los (In paniek nu)
- Tony neemt Britt weer heel stevig in haar armen en gebaart dat een van de
mannen die schakels van haar enkels af moet halen.
- Maar eenmaal los kan Britt niet staan . Ze is te verzwakt. Ze is ziek en ze
heeft in zeker vijf dagen geen eten en nauwelijks drinken gehad.
- Tony roep nu Sel en die belt gelijk voor een ambulance.
- Gearmd blijven Britt en Tony zitten gewaagden op het ziekenvervoer terwijl
Janos en Ivan worden afgevoerd.
- Tony: Hebben ze je genomen, Britt? (vriendelijk)
- Britt: J...a... (kreunend)
- Tony: Rustig meid, rustig... (troostend)
- Britt: Johan? (smekend/kreunend)
- Tony: Moet ik Johan bellen voor je? (vriendelijk)
- Britt: Ik ga niet weg zonder Johan. (huilend)
- Tony belt Johan en binnen het halfuur staat hij in Lier. (je moet niet
vragen hoe vlug hij gereden heeft). Al die tijd heeft hij niets meer van Britt
gehoord. Enkel nog dat ze een speciale opdracht had en een tijd weg zou zijn.
Hij had haar geloofd.
- Hij kwam het huis binnengestormd en schrok vreselijk hard toen hij Britt
daar zo zag zitten.
- Johan: Britt???? Britt! Lieve schat, wat is er gebeurd?!
- Britt zegt niets... ze begint te huilen en kijkt beschaamd naar de grond.
- Johan gaat naar haar toe.
- Johan: Mag ik bij je komen zitten.
- Britt schudt knikt heftig van ja, waardoor Johan verstaat dat ze hem nu echt
nodig heeft.
- Ze laat zich voorzichtig tegen hem aanvallen en hij slaat zijn armen rond
haar. Wat had ze dit gemist. Zou ze nog ooit gewend raken aan het gevoel van
veiligheid?
- Britt: Johan...snik...ik ben zo bang geweest.... snik... ik dacht... dat ik
je nooit meer zou terugzien...
- Johan: Maar lieverd, wat is er dan gebeurd?
- Britt: Undercoveropdracht...
- Johan:L undercoveropdracht!!!
- BRitt knikt zachtjes.
- Johan begint zich nu heel kwaad te maken maar Tony gebaard hem dat hij zich
rustig moet houden. Britt is al genoeg van slag door alles wat er gebeurd is.
- Dan komt ook de ambulance en Britt wordt op de brancard gelegd en mee
genomen naar het ziekenhuis in Antwerpen. Johan gaat met haar mee en Tony
volgt met Johan's wagen ook de ambulance.
- Terwijl Britt wordt onderzocht zitten Tony en Johan in de wachtruimte.
- Johan; Waarom moest ze nu weer een undercoveroperatie doen? De vorige keer
ging het ook bijna mis.
- Tony: Nadine gaf haar die opdracht. En ik dacht dat het wel veilig zou zijn.
We hadden nieuwe opsporingsapparatuur en Nadine zei dat het maar voor heel
kort zou zijn. Ik heb haar zelfs gepushed om die opdracht te gaan doen. Johan,
sorry. Ik schaam me zo dat ik haar dit heb aangedaan.
- Johan: Ik dacht trouwens dat jij niet meer werkte met die kleine.
- Tony: Sofie is ziek en Nadine had me gevraagd om weer met Britt te komen
werken. Dat leek me heel leuk, maar ik geloof dat ik niet meer bestemd ben om
politiewerk te doen. Als ik niet eens goed de risico's kan inschatten.
- Johan: Maar jij kon dit toch ook niet weten?
- Tony: Zeg dat tegen Britt. En dan ga ik weg. Ik zal tegen Nadine zeggen dat
ze maar een andere partner voor Britt moet vinden. Ik kan haar niet meer onder
ogen komen.
- Johan: Tony, niet zo snel. We zullen even op de dokter wachten, maar ik wil
dat jij meegaat naar Britt. Ik wil dat ze ziet dat jij haar hebt geholpen en
haar hebt gered.
- Tony: Ik heb haar niet gered Johan. De eerste dag al ging het mis.
- Johan; Hoelang is ze weggeweest dan?
- Tony: We zijn zaterdag begonnen en nu is het vrijdag. Een hele week. We
hebben ons rot gezocht waar ze zou klunen zijn. Het zendertje in haar oor is
beschadigt of verdwenen maar ze verdween van onze radar. Ik heb me nog nooit
zo bang en zo kloten gevoeld (en daar jankt ze heen)
- Inmiddels is ook Nadine toegekomen en die kijkt nog meer schuldbewust. Ze
weet dat Johan razend op haar zal zijn omdat ze weer Britt voor zo'n moeilijke
opdracht had uitgekozen.
- Nadine; Gaat het met jullie jongens?
- Tony: (boos) Nee, het gaat niet. Ze hadden haar goddomme vastgebonden aan
een paal zodat ze niet weg kon. Haar gezicht is gezwollen en helemaal blauw,
en ze heeft veel pijn en die kerels .....
- Johan: WAT ?!?!?!?! Hebben ze haar ook.....???
- Tony: Dat is wat ze me zei toen ik haar vroeg.
- Johan is nu echt witheet van woede maar hij weet niet wat hij er mee aan
moet. Hij staat op en beent boos en nerveus heen en weer door de wachtkamer.
Tony staat op en loopt achter hem aan en legt een hand op zijn schouder.
- Tony: Sorry Johan, dat we niet verder hebben doorgedacht dat dit zou kunnen
gebeuren.
- Dan draait Johan zich om en laat zijn hoofd tegen Tony's schouder vallen en
begint tegen haar aan te huilen. Hij voelt zich zo angstig. Het was al eerder
voorgekomen dat Britt zoiets gruwelijks had meegemaakt, en afgezien van alle
pijn en angst en ellende die dat bij Britt had gegeven was hun relatie al
meerdere keren heftig onder druk komen staan omdat Britt geen nabijheid van
mannen meer kon verdragen. Hoe goed hij het ook meende, hoe voorzichtig hij
ook deed, het had maanden geduurd vooraleer Britt hem weer kon en durfde
vertrouwen.
- Tony kroelt hem door zijn haren en probeert hem te sussen.
- Tony: Zullen we terug gaan? Misschien zijn de artsen zo klaar met haar en
kunne we haar gaan zien.
- Als ze bij elkaar zo'n drie en een half uur hebben zitten wachten komt er
eindelijk een arts aan, met een bezorgde blik in zijn ogen.
- Arts: Bent u familie van mevrouw Michiels?
- Johan: Ik ben haar vriend, en dit is haar collega. (hij negeert Nadine
volkomen)
- Arts: Wilt u dan met mij meelopen?
- Tony: Hoe is het met haar?
- Arts: Ze is er beroerd aan toe. Ze zal het wel halen maar ik denk dat ze nog
een behoorlijke tijd last zal hebben van haar klachten.
- Johan: Wat is er dan met haar?
- Arts: Wel, die fracturen in haar gezicht hadden we al met plaatjes weer
vastgezet, maar de wond is gaan ontsteken. De zwelling heeft erg op het oog
gedrukt dus we moeten nog even afwachten wat daar de gevolgen van zullen zijn.
Tevens is de KNO arts erbij gehaald. Ze had een bloedprop in haar oor en toen
we die wilden verwijderen vonden we metaal deeltjes. We zijn bang dat daardoor
haar trommelvlies is beschadigt en dat ze daardoor gehoorstoornissen heeft
opgelopen. Zeker is dat ze evenwichtsstoornissen heeft want het trommelvlies
en dat metaal en die bloedprop hebben behoorlijk huisgehouden in het binnenste
van haar oor. En dan die verwondingen aan haar genitaliën. Niet mis.zeg, wat
hebben ze haar aangedaan? We hebben onderzocht op eventuele zwangerschap en
S.O.A.'s maar die testen waren gelukkig negatief. Dan heeft ze ook behoorlijke
schaafwonden aan haar polsen en enkels. Die zullen met de juiste behandeling
wel snel genezen. Maar ze is ook behoorlijk uitgedroogd en ondervoed. Een
geluk dat u haar heeft gevonden. Nog een of twee dagen en mogelijk had ze dan
een bijna compleet disfunctioneren van vitale organen opgelopen.
- Johan: Is ze bij? Kunnen we haar zien?
- Arts: Ja, ze is bij, maar ze is heel zwak en oververmoeid, dus doe
alsjeblieft heel rustig met haar aan.
- Als Tony en Johan binnen lopen schrikken ze wel. Britt haar hele hoofd zit
in het verband: haar rechter gezichtshelft die zo gezwollen was, haar
linkeroor, dan die slangetjes in haar neus en de infusen, de verbanden om haar
polsen en een dekenboog om de druk van de dekens op de voeten weg te nemen.
Langs het bed hangt ook een urinezak omdat ze een katheter heeft gekregen om
de exacte urineproductie te kunnen meten. En al die machines en meters die
haar in de gaten moeten houden. Een elektronische meter geeft aan dat ze
koorts heeft, haar bloeddruk blijkt behoorlijk te schommelen en haar hartslag
is onregelmatig. Ook heeft ze maskertje voor waardoor ze extra zuurstof krijgt
toegediend.
- Johan gaat dicht bij haar staan en neemt zachtjes haar hand.
- Dan opent Britt haar linker oog en kijkt , voor zover dat mogelijks is, blij
naar Johan. Blij dat hij weer bij haar is. Ze ziet dat Johan tranen in zijn
ogen heeft en wil haar andere hand optillen om hem te troosten maar dan ziet
Johan dat ze pijn heeft en kust hij haar voorzichtig.
- Johan: Kalm maar Britt, we zijn er . We zijn er om je te helpen. Tony en ik.
- Britt: Tony??
- Tony: Ja Britt. Ik ben er ook. Maar als je boos bent omdat ik je heb
overgehaald, dan moet je het zeggen, want dan ben ik weg. Ik kan er niet tegen
dat dit jou weer is overkomen. Ik baal vreselijk van mezelf (en ook Tony staat
nu te janken)
- Britt; Kom eens Tony.
- En Tony buigt voorover naar Britt.
- Britt; Heb ik wat overgehouden wat die mannen met me hebben gedaan?
- Tony: De dokter zegt dat je verwondingen hebt omdat het zo ruw was gegaan,
maar verder heb je niets overgehouden, gelukkig.
- Britt; Ik heb zo'n pijn.
- Tony: Ssst maar Britt. Je mag zo Ghana slapen. Je krijgt wat tegen de pijn
en dan mag je lekker gaan slapen.
- Britt: Ik heb schrik Tony... Van die mannen...
- Tony: wij zullen je beschermen Britt.
- Maar nu begint Britt boos te worden. Ze begint kwaad te roepen, ondanks haar
zwakte.
- Britt: Net als Jullie deze keer hadden beloofd!! Ik heb het gemerkt. Ik heb
gebeden dat jullie zouden komen. Echt waar!! Maar jullie kwamen niet!!
- Britt valt moe van de inspanning terug in de kussens. Ze wordt helemaal
benauwd.
- Tony streelt zachtjes over Britt haar haren en ze voelt zichzelf ook heel
erg verdrietig.
- Britt; Ik heb zo'n pijn (gierend om lucht binnen te krijgen)
- Johan: Britt ik ga een dokter roepen.
- Snel komt een arts binnen die de situatie in ogenschouw neemt. De
benauwdheid wordt veroorzaakt doordat Britt zo gespannen is.
- Arts: Ik had u gevraagd het rustig te houden. Britt kan hier niet tegen. Die
benauwdheid komt puur van inspanning. Ik moet u verzoeken om te vertrekken.
- Dan kust Johan haar heel zachtjes op haar wang. Tony wil zo weglopen maar
Britt roept haar fluisterend terug.
- Britt; Tony wil je bij me blijven, ik heb zo'n angst.
- Tony: Even overleggen met Johan.
- Britt; Nee Johan niet, jij moet bij me blijven.
- Tony: Ik ga het hem zeggen en ben zo bij je terug.
- Op de gang overlegt ze met Johan om hier in Antwerpen bij Britt te blijven
dan kan hij naar huis om er voor de kinderen te zijn.
- Johan: Maar wil ze mij niet zien dan?
- Tony: Ik ben bang dat ze mannen even niet goed aankan. Maar ik zal bij haar
blijven en op haar passen en zo gauw ik meer weet zal ik je bellen.
- Verslagen loopt Johan weg en Tony wil weer naar binnen maar ziet dan dat
Nadine ook nog ergens in een nisje staat te huilen.
- Tony: Nadine? Wat scheelt er, meid? (vriendelijk)
- Nadine: Hoe kon ik zo stom zijn om Britt daarheen te sturen. Ik wist dat het
gevaarlijk was, ik wist dat ze aangerand kon worden! (huilend)
- Tony: Maar je kon niet weten dat het zo uit de hand ging lopen. Britt is
sterk, je dacht dat ze zich wel zou weten te verdedigen. Maar dit was dus niet
het geval, daar kan JIJ toch niets aan doen?! (troostend)
- Nadine: Maar als ik haar niet verplicht had om te gaan, dan was dit allemaal
nie gebeurt! (snikkend)
- Tony: Luister eens, Nadine. Geef jezelf nou niet overal de schuld van, oké?
JIJ hebt haar tocht niet geslagen? JIJ hebt haar toch niet verkracht?
- Nadine: Neen, maar... (huilend)
- Tony: Wel dan?! JIJ kon er NIETS aan doen, oké? (vriendelijk/troostend)
- Nadine: Kan ik haar gaan zien? Ik wil haar zeggen dat het me spijt.
- Tony: Ze is moe en heeft veel pijn. Ze wilde Johan ook niet zien, maar ze
vroeg of ik wilde blijven. Ik zal haar vragen of ze je wil zien.
- Nadine: Slaapt ze al?
- Tony: Misschien wel ja.
- Nadine; Dan ga ik terug naar Gent en bel je wel om te horen wanneer ik haar
zien kan.Moet ze lang blijven of gaat ze over naar Gent?
- Tony: Ik heb dat nog niet van de artsen gehoord, maar ik zal je bellen zodra
ik wat weet.
- Dan gaat Nadine ook weer weg en loopt Tony terug naar Britt haar kamer.
- Ze ziet dat Britt heel onrustig slaapt. Ze lijkt te dromen en ook heeft ze
veel pijn, dat is te zien aan de monitor die haar hartslag registreert.
- Tony zet zich naast Britt en neemt haar hand en begint die zachtjes te
strelen en ook praat ze heel geruststellend tegen Britt.
- Langzaam wordt Britt wakker en zucht eens diep. Alhoewel ze zich hondsmoe en
beroerd voelt is ze blij dat ze wakker is. In haar dromen beleeft ze steeds
weer die angstige momenten die ze met die Ivan heeft gehad.
- Ze wil graag met Tony praten maar dat kost haar heel veel moeite.
- Tony: Dat komt nog wel Britt. Ga nu maar rusten en zorg dat je weer helemaal
beter word en dan mag je mij alles vertellen wat je kwijt wilt.
- Britt; Nee. Ik moet het nu vertellen. Het blijft steeds door mijn hoofd
spoken. Waarom had Nadine mij hier weer voor uitgekozen? Ze weet toch dat ik
het al eens gedaan heb en dat het bijna mis ging? Nu weer met die griezel. Wat
moet Johan wel niet denken? Dat ik een hoer ben of zo? (en nu huilt z eweer0
- Tony: Nee, Britt, dat ben je niet. Jij hebt dit voor je werk gedaan, in de
hoop dat je andere vrouwen kon beschermen om zo te zijn overgeleverd aan
mannen zoals die griezel. Ik vind het heel erg dat we contact verloren en ik
je niet meer kon vinden. Als ik dit had geweten
- dan ...……
- Britt; Jij kon dat niet weten.
- Ze wil zich wat omdraaien want haar rug doet pijn, maar het draaien is niet
eens mogelijk. Het voelt of er iemand met een mes in haar rug steekt en ook
haar aangezicht en haar oor doen pijn.
- Tony: Oei, voorzichtig Britt. Ik denk dat het goed is dat je pijn voelt, dat
betekend dat de zenuwen tenminste niet beschadigt zijn, maar het is wel heel
naar. Wil ik vragen of je iets tegen de pijn mag zodat je kan gaan slapen?
- Britt; Ik durf niet te slapen.
- Tony: Toch maar proberen Brittje, ik blijf bij je en ik laat niemand binnen
die ik niet voor 200% vertrouw.
- Britt; Echt:? Meen je dat? Niet meer zoals deze week dat je er ineens niet
was?
- Tony: Echt Britt. Het spijt met heel verschrikkelijk dat het zo gegaan is,
maar ik stond machteloos. Maar ik wil het goed maken met je. Ik blijf hier bij
je tot jij weer naar huis mag. Oké? Kun je dan slapen?
- Britt; Ik wil het proberen. Ik ben bekaf
- Britt: Maar blijf je wel hier? (angstig)
- Tony: Tuurlijk. Dat heb ik beloofd en ik blijf hier.
(glimlachend/vriendelijk)
- En eindelijk, in de veilige aanwezigheid van Tony, vind Britt de rust die ze
zo hard nodig heeft.
- Ze slaapt heel de avond, de nacht en de volgende dag door.
- Tony maakt zich ongerust dat er iets mis is, maar zowel de arts als de
verpleegkundige proberen haar te overtuigen dat rust nu het belangrijkste
medicijn is dat Britt kan krijgen. Ze voelt dan minder pijn en beleefd minder
angsten.
- Tony: Maar ze moet toch eten en drinken? Jullie zeiden dat ze was
uitgedroogd.
- Arts: Ze heeft een infuus en daardoor krijgt ze alles wat ze nu nodig heeft:
antibiotica, pijnstillers, vocht en voedingsstoffen. Laat haar lekker rusten
en blijf bij haar, u heeft een gezonde uitwerking op haar.
- Tony: Moet ze hier lang blijven?
- Arts: Een dag of drie. Als het beter gaat kan ze daarna naar huis en anders
regelen we overplaatsing voor haar naar Gent, maar ik denk dat ze voldoende op
zal knappen om naar huis te kunnen.
- Tony: Bedankt, dokter.
- Tony: Oh ja, dokter? (haastig)
- Dokter: Ja? (vriendelijk)
- Tony: Britt is verkracht. Weet u een goede en vriendelijke, vrouwelijke
psychologe?
- Arts: Ja, die weet ik wel, maar ik denk dat ze beter kan wachten tot ze
terug is in Gent. Het is niet niets om tegen vreemden je verhaal te moeten
doen. Als we een psycholoog van hier aanbevelen zal ze eerst hier haar verhaal
moeten doen, en later weer tegen een psycholoog in Gent. Ik denk dat haar dat
teveel wordt. Maar als ze hier weg kan zal ik een brief schijven voor haar
eigen arts en die kan dan adviseren om een psycholoog te consulteren.
- Tony: Bedankt. Kan ik nu weer bij haar gaan zitten?
- Arts: Bent uzelf niet heel erg moe? U ziet er versleten uit.
- Tony: Vind je het gek? Ik heb me een ongeluk gezocht om haar terug te vinden
en ik blijf bij haar tot ze weer helemaal beter is.
- Arts: Succes ermee. Ik kom morgen weer even bij jullie langs.
- Tony blijft wederom heel de avond en nacht bij Britt zitten waken. Ze voelt
zichzelf geradbraakt maar heeft het Britt beloofd. En belofte maakt immers
schuld.
- Na drie dagen zijn de verwondingen dusver opgeknapt en is de uitdroging en
ondervoeding weer onder controle en hersteld, dus mag ze van de arts met
ontslag.
- Ze is blij dat ze niet ook nog in Gent naar het ziekenhuis hoeft.
- Britt; Tony, ga jij met mij mee terug naar Gent?
- Tony: Wil ik Johan bellen of hij ons ophaalt? Kun je het aan om zo lang te
zitten?
- Britt; Ik doe het gewoon. Ik wil hier weg. Die kerels hebben jullie toch
echt wel opgepakt hč?
- Tony: Die zijn verhoord en zitten in de Nieuwe Wandeling te wachten op hun
rechtszaak.
- Britt; Maar ik ga niet getuigen. Ik wil ze nooit meer zien.
- Tony: Later Britt. Eerst gaan we je naar huis brengen.
- Tony belt Johan die er nu, gelukkig, wat langer over doet om hier te komen.
- Britt heeft nog wel pijn in haar gezicht, en ze zal zich in Gent ook moeten
melden op de poli van de kaakchirurg en van de KNO arts. Maar ze hoeft niet
naar het ziekenhuis.
- Thuis gaat ze gelijk door naar bed, want de inspanning van de reis van
Antwerpen naar Gent was heel erg vermoedend voor haar.
- Na een uurtje wordt ze weer wakker en loopt naar de kamer waar Tony met
Johan zit te praten.
- Britt; Hey, wat leuk dat jullie allebei zijn gebleven.
- Johan; Wil je bij me komen zitten Britt? Ben je niet bang van me?
- Britt; Van jou niet Johan.
- Dan gaat Britt op de bank dicht tegen Johan aanzitten, maar ze merkt dat hij
een beetje verstijft.
- Britt; Het gaat wel met de pijn, je hoeft niet aan de kant te gaan. Wil je
even je armen om me heen slaan?
- Heel voorzichtig probeert Johan dat, maar hij krijgt het niet voor elkaar.
Hij wordt overmand door een heksenketel aan emoties.
- Hij is heel bezorgd om Britt, bang om haar pijn te doen of te kwetsen, maar
ook de gedachte dat andere mannen aan haar hadden gezeten, haar hadden
verkracht. Hij krijgt een rilling als hij er aan denkt. Hij schaamt zich voor
zijn gevoelens, maar kan nu niet aan Britt zitten. Hij voelt het als vies.
- Tony ziet dat hij het moeilijk heeft.
- Britt wil ook graag dat Johan haar dicht tegen zich aanneemt maar als ze
andermaal zijn koude schouder tegenkomt staat ze op en loopt terug naar de
slaapkamer waar ze op bed gaat liggen huilen.
- In de kamer kijkt Tony heel verbaasd naar Johan.
- Tony: Wat is er Johan? Al wat Britt vroeg was of je haar even vast wilde
houden. Waarom deed je dat niet?
- Johan; Ik kan het niet. Sorry. Die kerels ..... Die hebben aan haar gezeten
en haar vies gemaakt en verkracht. Ik kan niet aan haar komen.
- Tony: Johan, ze heeft je nodig. Ze wil voelen dat niet alle mannen zo zijn.
- Johan: Ik kan het niet. Niet na wat die mannen....
- Tony: Ik ga nu naar haar toe. Ze is denk ik heel verdrietig en misschien ook
wel teleurgesteld in je.
- Op de slaapkamer ligt Britt nog steeds te huilen.
- Tony legt haar hand op Britt haar schouder en probeert haar kalmerend toe te
spreken.
- Britt: (door haar tranen heen) Zie je wel dat hij me een hoer vind? Hij wil
gewoon niet meer aan me komen. Ik ben een smerig en vies mens. Niemand wil me
nog.
- Tony: Dat is niet waar Britt. Johan is heel bang om je pijn te doen.
- Britt; Dat doet hij toch? Hoe denk je dat het voelt als hij niet meer aan me
durft te komen?
- Tony: Heel naar, denk ik.
- Britt; Dat is heel zacht uitgedrukt.
- Tony heeft Britt zover gekregen dat ze rechtop is gaan zitten en nu valt
Britt huilend Tony om haar hals.
- Tony neemt haar in elk gevel wel heel warm en liefdevol op en kroelt haar
door haar haren.Ook probeert ze of Britt niet afwijzend staat tegen over enige
toenadering en voorzichtig plaatst ze en paar kleine vluchtige zoentjes op
Britt haar hoofd en wangen.
- Tony: Sorry, ik wilde je geen pijn doen.
- Britt; Doet geen pijn. Dit voelt heel goed. Waarom kan Johan dat nou niet?
- Tony: Omdat hij heel erg in de war is over wat er is gebeurt
- Britt: Maar ik wil hem zo graag weer bij me.
- Tony: Ik ga vragen of hij wil komen, of ga je liever mee naar de kamer?
- Britt: Help me maar even, dan ga ik mee.
- Door de beschadiging in haar oor was het evenwicht gestoord geraakt en nu,
onder invloed van emoties had Britt echt moeite om rechtop te blijven staan.
- Tony ondersteund haar en zet haar op de bank neer en vraagt dan nogmaals aan
Johan of hij bij haar wil gaan zitten.
- Johan heeft de tranen in zijn ogen staan als hij Britt aankijkt en zegt dat
hij het niet kan. Het spijt hem, maar hij kan het gewoon niet.
- Dan pakt hij zijn jas en loopt huilend weg.
- Britt zit huilend op de bank en heeft nu veel meer pijn aan haar oor en
aangezicht.
- *
- Tony: Moet ik hem terughalen, Britt? (vriendelijk)
- Britt: Neen... Hij wil me niet meer, dat is nu wel duidelijk
(huilend/snuivend)
- Tony: Britt, hij wil je nog wel, dat weet ik 100% zeker. Hij heeft echt
schrik om je pijn te doen, Britt. (vriendelijk/troostend)
- Britt: Dat meen je niet! Je had ook beloofd om me niet alleen te laten bij
die mannen, maar dat heb je wel gedaan! (plots ontzettend kwaad en
schreeuwend)
- Plots gaat de bel...
- Tony: Je psychologe is er. (opgelucht/zacht)
- Britt: Mij best, maar ik praat er niet mee ! (kwaad)
- Tony laat psychologe Ann binnen, en die ziet meteen de bui al hangen en weet
perfect wat ze moet doen...
- Ann: Dag Tony (omdat ze haar nog kende van eerdere ontmoetingen).
- Tony: Dag Ann. Ik hoop dat jij meer kunt bereiken dan ik. Ze is echt heel
boos op mij. En ik snap het wel, maar het doet wel pijn.
- Ann: Ga dan maar. Ik denk dat ze wel wat rustiger zal worden als ze even
alleen is.
- Tony: Maar gaat het goed komen dan?
- Ann: Dat hopen we toch? Tot een andere keer dan maar weer.
- Ann wend zich nu tot Britt die in elkaar gerold op de bank ligt met een
kussen voor haar gezicht.
- Ann: Dag Britt. Wil je rechtop gaan zitten zodat wij met elkaar kunnen
praten?
- Britt: Nee.
- Ann: Toch vind ik het prettiger om zittend met je te praten.
- Britt; Ik wil niet praten.
- Ann: Ik ben door je arts gevraagd bij je langs te komen om met je te praten
wat er gebeurt is.
- Britt: (nu nog steeds heel boos) Ik ben verkracht. En mijn team heeft me in
de steek gelaten. Ik moest die opdracht doen van Nadine en ze zouden mij in de
gaten houden. Het eerste wat ik me herinner is dat die viezerik op mij ligt en
mij aan het verkrachten is.
- Ann: En je wilt nog steeds niet gaan zitten?
- Dan gaat Britt ook maar zitten. Haar gezicht ziet er behoorlijk gehavend
uit. De zwellingen waren nog duidelijk zichtbaar en nu ze gehuild had zag het
er nog beroerder uit.
- Haar ogen waren rooddoorlopen en het snot en speeksel liep uit haar neus en
haar mond. Door de fixaties die ze aan haar kaak had zitten kon ze niet zo
goed slikken dus al het speeksel liep haar zo uit de mond.
- Ann zag dit en bood Britt haar zakdoek aan. Ze wist dat mensen het
onsmakelijk vonden als het snot en speeksel ongecontroleerd naar buiten kwam.
- Britt nam de zakdoek aan en begon voorzichtig haar mond en haar neus af te
doen.
- Ann: Gaat het een klein beetje met je Britt?
- Britt; Ik weet het niet meer. Ik heb zoveel meegemaakt. Ik denk dat ik
helemaal murw ben. Het lijkt wel of ik geen normaal gevoel meer heb. Ik voel
me vies; iedereen kan zo maar aan me zitten, en dat doen ze ook.
- Ann: Waarom was je zo boos op Tony?
- Britt; Die had mij gezegd dat ze mij heel goed in de gaten zouden houden. En
dat hebben ze niet gedaan.
- Ann: Tony zei dat ze het radiocontact kwijt waren. Dat het overmacht was.
- Britt; Dat begrijp ik wel, maar toch voel ik me verraden. En nu weer zegt ze
dat Johan nog wel om mij geeft, maar ik weet zeker dat hij niets van mij moet
hebben. Ze liegt weer. Ik had me haar heel anders voorgesteld. Ik had anders
van haar verwacht. Zij, van alle mensen, weet wat ik allemaal al heb
meegemaakt en dan laat ze me zo vallen.
- Ann: Willen we nu over jou gaan praten? Hoe het voor jou voelt dat je geen
controle hebt op je leven?
- Britt; Ik haat het. Ik kan het niet verdragen dat ik niet mijn eigen baas
kan zijn, niet zelf kan bepalen wat ik doe met mijn leven. Ik haat het, ik
haat het (schreeuwend van woede en machteloosheid)
- Ann gaat dichter bij Britt zitten en neemt haar in haar armen om haar een
gevoel van geborgenheid te geven.
- Dat Britt dit nodig heeft blijkt eruit dat ze Ann ook heel stevig vastpakt
omdat ze bang is dat die ook weer weg zal gaan.
- Britt; Help me. Ik kan niet meer. Help me dan.
- Ann: Ik wil je helpen Britt. Maar ik wil ook graag dat je anderen jouw laat
helpen.
- Britt: Wie zou mij dan moeten helpen?
- Ann: Tony bijvoorbeeld, en Johan. En vergeet ook je dochter niet. Ook zij
heeft vele angsten gekend toen je weg was. En ze zal op haar eigen manier
reageren nu je terug bent. Je zult met haar veel geduld moeten hebben.
- Britt; Maar Johan moet niets meer van mij. Hij vind mij afstotelijk. Ik
merkte dat gewoon aan hem. Toen ik naast hem ging zitten week hij voor mij
terug.
- Ann: Waarom zou hij je niet meer mogen dan?
- Britt; Hij vind mij een hoer. Een stomme koe die zich door iedereen laat
nemen.
- Ann: Britt, belangrijk is om jezelf niet naar beneden te halen. Jij bent
niet dom, je bent geen hoer. Jij bent tegen JOUW wil in genomen door die
kerels. Zij zijn over JOUW grenzen gegaan. Het is heel belangrijk dat je dat
beseft. Onthoud dat goed.
- Britt; Ik ben zo bang Ann.
- Ann: Waarvoor ben je bang Britt?
- Britt; Dat ze terugkomen.
- Ann: Ik heb gehoord dat ze in het gevang zitten.
- Britt: Maar daar ontsnappen wel vaker mensen.
- Ann: Ik kan je niet beloven dat dat niet zal gebeuren, maar je moet weer
vertrouwen krijgen in jezelf, en in je directe omgeving. Het is belangrijk om
je daar sterker te gaan voelen.
- Britt; Maar dat is zo moeilijk.
- Ann: Wil je het toch gaan proberen?
- Britt; Wat moet ik doen dan?
- Ann: Begin eens om Tony op te bellen en vraag haar hier te komen.
- Britt; Ik ben bang. Maar ik ben ook boos op haar.
- Ann: Ik wil wel blijven tot zij er is dan zouden we ook eerst even samen
kunnen praten en dan kan ik je wat aanwijzingen geven Is dat goed voor jouw?
- Britt; Ik durf niet.
- Ann: Ik zou het toch maar doen Britt. Hoe langer je gaat wachten hoe
moeilijker je het zult vinden.
- Britt kijkt nu heel angstig naar Ann en begint spontaan weer te huilen.
- Ann troost Britt weer en blijft dicht bij haar als ze uiteindelijk de moed
vind om de telefoon te pakken.
- Britt; Tony? Het is ik, Britt. Zou je willen komen?
- Tony: Je hebt me net weggestuurd.
- Britt; Ik moet met je praten, en Ann is er ook bij.
- Tony: Oké ik kom.
- Tony voelde zich ook niet lekker bij de spanningen die er tussen haar en
Britt lagen.
- Ann: Britt wil met je praten Tony. Ze heeft het heel moeilijk, maar wil je
proberen naar haar te luisteren ?
- Tony: Ik zou Britt graag willen helpen, maar ze denkt dat ik haar heb
verraden en ik weet niet of ze nog met mij wil praten.
- Ann: Britt?
- Britt; Ik moest je bellen van Ann. Ze zegt dat ik het met jou moet
uitpraten.
- Tony: Ik zou je wel willen helpen Britt, maar ik voel me zo schuldig over
wat er gebeurt is, ik weet niet of je me ooit nog kunt en wilt vertrouwen.
- Britt: Ann zegt dat ik mezelf en mijn omgeving weer moet leren vertrouwen.
- Tony: Britt, als ik de tijd kon terugdraaien om dit allemaal ongedaan te
krijgen, dan zou ik geen seconde twijfelen. Maar ik kan dat niet. Wat je ook
tegen me zult zeggen, hoe kwaad je ook wordt, ik KAN dit niet anders maken. Ik
denk dat het beter is als ik uit je leven verdwijn.
- Ann; Dat lijkt me juist helemaal geen goed idee Tony. Dan krijgt Britt nog
sterker het gevoel dat de voor zo belangrijke mensen haar laten vallen.
- Tony zit nu ook te huilen.
- Ann is van plaats verschoven en zit nu op een zetel voor de bank, waar Britt
aan de ene kant en Tony aan de andere kant zit.
- Ze kijkt het op een afstandje aan en ziet aan de houding en beweging van
Britt dat ze best bereid is om contact te zoeken met Tony. Maar ze zegt niets.
Ze wil het niet pushen, ze wil het initiatief echt volledig bij Britt laten
liggen.
- Britt kijkt eens naar Tony en lijkt haar hand uit te willen steken maar
trekt hem dan gauw weer terug en kijkt weer voor zich.
- Dan is het Tony die voorzichtig naar Britt kijkt. Zij durft, vanwege haar
eigen schaamte- gevoel, geen contact te maken.
- Weer kijkt Britt heel voorzichtig naar Tony en legt nu haar hand op de bank
tussen hen in.
- Hier schrikt Tony wat van en snel trekt Britt ook haar hand terug.
- Britt; Zie je wel, ze doet al net zo als Johan. Ik ben een ordinaire hoer
waar niemand wat mee te maken wil hebben.
- Tony: (luid pratend) Niet waar. Ik wil wel met je te maken hebben , maar ik
haat mezelf. Dan kan ik jou toch niet dichterbij laten komen?
- Britt; Wil jij wel met mij omgaan dan?
- Tony: Wil jij wel? Na wat ik heb gedaan? Of liever, wat ik heb nagelaten?
- Britt; Ik wil je graag een hand geven Tony.
- En weer steekt ze haar hand uit naar Tony , die hem heel voorzichtig
aanneemt.
- Britt voelt goed naar de warmte en de betekenis van de hand die nu in de
hare ligt.
- Britt; Mag ik dichter bij je komen Tony?
- Ze ziet dat Tony bijna zit te hyperventileren maar Ann is ook al dichterbij
geschoven en heeft nu een hand op Tony's schouder gelegd.
- Ann: Rustig ademhalen Tony. Het gaat heel goed. Je kunt het wel. Je doet het
fantastisch.
- Britt; Mag ik Tony?
- Maar dan kan ze zich niet meer inhouden en vliegt Tony om de nek. Ze stoot
haar gezicht en voelt een scherpe pijn, maar die pijn wordt compleet
overvleugeld door de warmte en de genegenheid die ze voelt uitgaan van Tony.
- Britt; Ik heb je gemist Tony. Niet omdat je er iet was toen ik in nood zat,
ik miste je als vriendin. Ik voelde me helemaal alleen . Maar nu ben je er
weer. Wil je me alsjeblieft verder helpen hierbij? Ik heb je zo hard nodig. En
Johan ook. Maar ik denk dat dat wat langer zal duren. Maar wil jij me helpen?
- Tony: Wil je dat echt? Na wat ik...
- Ann: Genoeg Tony. Dat hoofdstuk is al voorbij. Je bent al weer een stapje
dichterbij. Je gaat de goede kant op, samen met Britt.
- Ik denk dat we vandaag genoeg gedaan aanhebben. Redden jullie het zonder
mij? Dan kom ik volgende week nog een keer bij je terug Britt. En als er wat
is kun je me altijd bellen. Jij trouwens ook Tony. En niet zeggen dat je het
wel alleen kunt: op zijn tijd hebben we allemaal een beetje hulp nodig. Ook
jij. En ook jij mag er om vragen. Een tip nog: blijf niet te lang achterom
kijken wat er mis is gegaan. Jullie zijn al tot hier gekomen. Pak het op en ga
van hieruit vooruit.
- Britt: Dank je wel Ann. Dat je me zo goed hebt geholpen. En Tony, jij ook
heel erg bedankt. Sorry dat ik zo rot tegen je deed.
- Tony: Geen sorry. We waren allebei van slag. Laten we vooruit kijken, zoals
Ann zegt. Tot ziens Ann.
- Nadat Ann is vertrokken zitten Tony en Britt nog een hele tijd te praten.
Britt vallen de ogen bijna dicht. Ze is totaal afgeknoedelt. Als ze op wil
staan krijgt ze weer last van evenwichtsstoornissen en valt bijna tegen de
tafel aan.
- Tony: Pas op Britt. Ik wil je wel helpen , als je even zegt wat je wilt?
- Britt; Ik moet pijnstillers hebben. Ik ga kapot.
- Tony: Je bent ook heel erg moe, niet?
- Britt; Ja.
- Tony: Zal ik je naar je slaapkamer helpen dat jij kunt gaan liggen en dan ga
ik ook weer naar huis.En als er wat is moet je me bellen hoor. Zoals we altijd
hebben afgesproken.
- Britt; Dank je Tony, dat je mij niet hebt laten vallen. Ik was zo bang om
alles en iedereen kwijt te raken.
- Tony: Britt, het gaat heus wel goed komen.
- Britt; Waar is Dorien eigenlijk? Ik heb haar helemaal nog niet gezien?
- Tony: Die is bij je schoonmoeder. Ze vond het niet zo leuk, maar we hebben
afgesproken dat je eerst weer een beejte op krachten probeert te komen en dat
ze dan weer lekker bij jou thuis komt.
- Britt; Oké, dan is het goed. Ik denk dat ik maar ga slapen.
- Die maandag op het commissariaat krijgt Tony geen werk uit handen. Ze zit
nog steeds te dubben met de vraag of ze niet toch beter kan stoppen met het
politiewerk. Heel het weekend had ze tegen haar kindje aanzitten kletsen, maar
ja, die kan geen antwoorden terug geven, dus ze was er niets wijzer van
geworden. Ofwel Britt haar leek te hebben vergeven, twijfelde ze er nog steeds
over dat haar dagen bij de politie wel geteld waren. Ze had nu de
verantwoordelijkheid voor dit kleine minimensje te dragen en daarbij kon ze
zich zulke fouten niet veroorloven.
- Het vrat duidelijk aan haar en Nadine merkte aan haar dat haar iets dwars
zat.
- Nadine; Kom je even in kantoor Tony?
- Tony: Wat is er baas?
- Nadine; Wat formeel. Alles goed met je?
- Tony: Ja, ik zou niet weten wat er is.
- Nadine; Ik zie je steeds zo in gedachten verzonken. Is vorige week alles
goed gekomen met Britt?
- Tony: Ja, ze had me eerst weggestuurd, maar toch heeft ze me opgebeld en
hebben we de dingen uitgesproken. Het is gelukkig weer oged gekomen tussen
ons.
- Nadine; En met jou? Want ik zie je soms zo twijfelend kijken. Ik vraag me af
of het je wel lekker zit dat je weer terug bent gekomen.
- Tony: U had het mij gevraagd om Sofie te vervangen tijdens haar ziekte. Maar
nu Britt er ook niet is heeft u weer een half team. Misschien dat u zonder mij
kunt?
- Nadine; En we hebben zoveel werk. Maar bon, als je liever verder wilt met je
zwangerschapsverlof dan heb je daar recht op.
- Tony: Ik weet het niet Nadine. Ik weet het niet.
- Nadine; Denk er de komende dagen dan goed over na en als je kunt, laat het
mij voor het einde van de week weten. Oké?
- Tony: oké.
- En weg is ze weer, terug naar haar eigen desk en gaat zitten staren naar de
desk van Britt. Ze voelt zich van binnen nog steeds ellendig.
- Ze neemt haar pauze maar wat eerder vandaag en gaat naar buiten om de frisse
lucht te voelen. Dan belt ze Johan omdat ze ook graag met hem wil praten.
- Ze spreken af om na werktijd samen wat te gaan drinken bij 't Vosken.
- Johan ziet er ook niet zo gelukkig uit. Hij ziet moe en grauw in zijn
gezicht.
- Ze bestellen hun koffie en praten wat over de voorbije dagen.
- Tony hoort al snel dat het met Johan helemaal niet zo lekker gaat.
- Tony: Waarom ga je niet met een psycholoog of zo in gesprek. Die kan je heel
goed helpen.
- Johan: Ach Tony. Het zit tussen mijn oren. Ik blijf maar denken dat Britt
dat gedaan heeft. Maar het was helemaal haar schuld niet. Zij is verdomme
verkracht: seksueel misbruik. Genomen TEGN haar wil, en ik behandel haar of ze
een ordinaire hoer is. Ik kan haar niet onder ogen komen. Ik schaam me kapot.
- Tony: Maar ze heeft je nodig Johan. Bel haar op en ga met haar praten. Zeg
haar hoe je je voelt.
- Johan; Ik kan haar niet zeggen dat ik haar als een.. als een .... Ik kan dat
niet.
- Tony: We kunnen ook samen naar haar toegaan. Ik dacht ook dat ze boos op mij
was. Dat zei ze tenminste steeds. maar toen is Ann met haar gaan praten en die
had al gauw in de gaten dat Britt heel angstig was om alleen te zijn. Maar
door haar angst jaagde ze ook steeds haar dierbaren bij zich weg. Ik weet
gewoon heel zeker dat ze je weer zien wil Johan.
- Johan; Heb jij nog met haar afgesproken?
- Tony: Ik ga morgen naar haar toe. Ga je mee?
- Johan: Nee, nog niet direct. Wil jij eens horen of ze me zien wil?
- Tony: Dat wil ze toch? Ga nu mee?
- Johan: Nee, ze moet zelf kunnen kiezen of ze me wil zien. Als ze wil, mag je
me bellen en dan kom ik. Ik durf haar zo niet onder ogen te komen.
- Tony: Waarom niet Johan?
- Johan: Britt wil meer van me dan ik aan kan op dit moment.
- Tony: Hoe weet jij dat nu?
- Johan :Ik merkte het toen ze vorige week zo dicht tegen me aan ging zitten.
Ik heb het gevoel dat ze wil compenseren wat er haar is aangedaan.
- Tony: Rustig maar Johan. Ik zal morgen met haar gaan praten. Maar ga in
godsnaam hulp zoeken als je er zelf niet uitkomt.
- Johan :Zal Britt dat niet raar vinden dan? Ik bedoel, dat ik ga praten hoe
ik me voel over haar?
- Tony: Johan, Britt heeft zelf ook hulp. Die heeft ze nodig. Het is HULP.
Soms kan je niet zelf verder en dan heb je hulp nodig. Ga er voor. Laat haar
niet in de kou staan. Ik weet hoe zeer ze je mist en hoe hard ze je nodig
heeft.
- Johan: Dank je Tony dat je me gebeld hebt en dat we hebben kunnen praten. Ik
ga morgen direct iemand bellen. En als Britt met mij wil praten laten jullie
dat even weten oké?
- Tony: Oké.
- Tony laat het niet bij de pakken zitten, belt Nadine om te vragen of ze die
middag vrij mag nemen en gaat dan richting Britt's huis...
- Britt: Tony? Moet jij nie werken? (verwonderd)
- Tony: Ik wilde vragen van Johan of hij mocht afkomen. (met de deur in huis
vallend)
- Britt kijkt Tony met een mengeling van gevoelens aan...
- Britt: Wil hij zelf dan?
- Tony: ik heb hem gisteren gebeld en we hebben koffie gedronken en wat
gepraat.
- Britt: Waarom heb je dat gedaan?
- Tony: Omdat ik me heel rot voelde. En omdat ik Johan wilde zien.
- Britt; En wat heeft hij gezegd? Zeker dat hij niet verder wil, omdat ik met
alle mannen...?
- Tony: Stop Britt. Je zou niet meer zo vernederend over jezelf praten. Johan
heeft het heel moeilijk. Maar ik denk dat het goed is als jullie gaan praten.
Desnoods vraag je Ann erbij.
- Britt; Wil jij er bij blijven? Ik heb je steun hele hard nodig Tony.
- Tony: Wil je hem dan bellen dat hij komen kan?
- Britt; Wil jij dat doen? Ik durf het nog niet.
- Tony: Wil je echt zelf met hem praten? En niet omdat ik het ben komen
vertellen?
- Britt; Ik weet niet Tony. Ik ben bang.
- Tony: Waarvoor?
- Britt; Dat hij me weer afwijst. Ik weet niet of ik dat hebben kan.
- Tony: Ik wil hem wel bellen. Verder met jou alles goed gekomen? Ben je al
bij de dokter geweest?
- Britt; Ik moet straks heen.
- Tony: Zal ik maar eerst met je daarheen gaan, dan heb je nadien gewoon de
tijd om met Johan te praten en hoef je niet zo op de klok te kijken.
- Op de poli moet Britt eerst naar de KNO arts die het verband van haar oor
haalt. Ineens komt er weer heel veel geluid binnen en dat doet pijn in het
oor.
- Dan gaat de arts met ene lampje in het oor kijken en doet ook een
gehoortest. Het lijkt gelukkig allemaal mee te zijn gevallen. Het oor kan nog
niet alle geluiden even goed aan, maar het ziet er naar uit dat het zich
volledig zal hestellen. Ook het evenwicht zal weer goed komen.
- Britt; Gelukkig maar. Ik ben thuis al heel wat keren gevallen omdat ik
gewoon niet weet waar ik mijn voeten zet.
- Arts: Awel, dan toch maar wat beter uitkijken dus. En nog niet teveel bukken
en tillen en als er verder niets is zie ik u over drie weken, hopelijk voor de
laatste controle.
- Britt; Mag ik weer gaan werken?
- Arts: Dat zal dan toch niet eerder worden dan over drie weken. En niet naar
de schietbaan!
- Britt; Hoe weet u dat nu dat ik daar heen ga?
- Arts: Ik heb gelezen dat je bij de politie bent en dus zul je af en toe
moeten schieten. Maar ik weet zeker dat je oren je dat nu nog niet in dank
afnemen.
- Britt; Bedankt dokter en tot ziens.
- Bij de kaakchirurg moet ze een poos wachten maar kan dan na ruim een uur
toch naar binnen om er gelijk weer weggestuurd te worden want de arts wil
eerst foto's van haar kaak en aangezicht hebben.
- Op de röntgen is het ook weer wachten en Tony is weer ouderwets chagrijnig.
Ze haat ziekenhuizen en al dat wachten doet haar zeker gene goed.
- Maar dan mogen ze eindelijk met de foto's naar de arts terug.
- Die hangt ze voor de lichtbak en kijkt er heel geďnteresseerd naar.
- Tony: Wat ziet u?
- Arts: Ik kijk nog.
- Tony: Komen we dat vandaag nog te weten?
- Arts: Wel, het lijkt de goede kant uit te gaan. De fractuurlijnen staan mooi
recht tegenover elkaar en er lijkt al nieuwvorming van bot te ontstaan.
- Britt; Wanneer mag die fixatie eruit?
- Arts: Over een half jaar.
- Britt; Nee. Dat kan niet. Het doet pijn en mijn speeksel loopt me zo uit de
mond. Dat kan toch wel anders?
- Arts: Nee, dat kan niet.
- Tony: Doe dan uw best maar. Ik heb het ook gehad en toen kon het wel anders.
- Arts: Wel, dan zal ik opnieuw moeten opereren en dat is denk ik niet echt
nodig dus dat wil ik liever niet doen.
- Britt; Maar wat is er te doen tegen die speekselvloed?
- Arts: Ga even in de stoel zitten en leg uw hoofd maar achterover.
- Britt gaat zitten en doet wat de arts vraagt.
- De arts gaat met zijn vingers in Britt haar mond de hele kaaklijn volgen.
Dat doet wel pijn, maar Britt laat het gewillig toe. Dan neemt de arts wat
tangetjes en kleine schroevendraaiertjes en begint aan de fixatie te prutsen.
Britt kan niets zien maar lijkt daarom alles wel tien keer zo goed te kunnen
voelen.
- Tony ziet dat ze tranen in de ogen krijgt en gaat naast haar staan en neemt
haar hand.
- Tony: Brittje, rustig door je neus ademen. Probeer te ontspannen.
- Met volle mond probeert ze aan te geven dat het zo'n pijn doet.
- Arts: Momentje. Ik moet even weg. Ik zal u rechtop zetten . U mag uw mond
spoelen met deze vloeistof. Niet doorslikken want het is heel vies, maar het
werkt wel heel goed om ontstekingen van het tandvlees te rvoorkomen.
- Als de arts weg is reikt Tony Britt een handspiegel aan die er lag.
- Tony: Wil je zien hoe het eruit ziet?
- Britt; Ja.
- Ze kijkt en ziet dat het er eigenlijk toch nog wel redelijk uitziet. De
hechten van de operatie aan het jukbeen waren ook net verwijderd en het
lidteken was een heel dun en mooi lijntje, dat precies de lijn van haar
gezicht volgde. Mogelijk dat ze daar nauwelijks iets van over zou houden.
- Britt; Zal Johan het erg vinden als er een lidteken blijft?
- Tony: Hij is toch verliefd op u?
- Britt; Ik weet niet. Wat dan?
- Tony: Liefde maakt blind.
- Dan is de arts terug met een collega.
- Arts: Wel we hebben even overleg gehad. We kunnen wel een aanpassing doen en
omdat deze fixatie er nu toch af ligt stel ik voor het direct te doen. Ik zal
u een roesje geven, een lichte narcose, en dan gaan we gelijk bezig.
- Tony: Wat gaan jullie doen?
- Arts: U had het toch zelf ook al gehad? Dan weet u het toch?
- Tony: Maar zij weet het nog niet.
- Arts: Wel, we maken een afdruk van de beide kaken en gaan een nachtspalk
maken. Die moet u zoveel mogelijk gaan dragen. Zeker de nacht, maar het kan
geen kwaad hem ook overdag te dragen, zeker als u toch thuis bent. Dan gaan we
opnieuw dunne plaatjes inbrengen aan de onder en bovenkaak en die weer met
elkaar verbinden. Ik zal ze iets verder naar voren plaatsen, zodat het niet
steeds de speekselklieren overprikkeld.
- Je kunt je mond dan ook iets verder openen en de boel goed reinigen. Dat is
heel belangrijk.
- Britt: Dus u gaat weer operen?
- Arts: Het is zo gebeurt, maar de afdruk maken zal zeer pijnlijk zijn, dus
daarom liever even onder een roesje.
- Met een half uurtje is het "operatiegedeelte" klaar en moeten ze
nog even wachten op de spalk.
- Het plaatsen van de spalk (eigenlijk meer een soort buitenboord beugel) is
nog wel even lastig aan te leren voor Britt. Ze is bang voor pijn en moet daar
echt even doorheen.
- Als ze het eenmaal kan krijgt ze de nodige instructies mee voor de
verzorging, nieuwe medicijnen en ze kan weer gaan tot over drie weken.
- Tony: Bedankt dokter. Maar ik heb het niet zo op ziekenhuizen, snapt u?
- Arts: Is goed. Niemand vind artsen aardig als die pijn doen.
- Britt voelt zich ondertussen weer heel erg moe en als Tony haar thuisbrengt
wils ze graag naar bed.
- Tony: Wil ik Johan bellen dat hij begin van de avond komt?
- Brtiitt: Wil je dat? Zal ik het doen?
- Tony: Moet je helemaal zelf weten Britt. Gaat het een beetje of heb je nog
veel hinder van je mond en zo?
- Britt; Ik ben gewoon moe. Bel maar, ik zie wel als ik wakker word.
- Tony: Oke... (glimlachend/vriendelijk)
- Tony belt Johan en die belooft rond half 9 te komen...
- Wanneer Britt rond kwart voor 9 wakker wordt, schrikt ze als ze een
mannenstem in haar woonkamer hoort, maar dan realiseert ze zich dat Johan zou
langskomen...
- Zacht stommelt ze de woonkamer in en ploft neer op de bank, naast Johan.
- Johan schuift in een automatisme wat opzij. Tony ziet de teleurstelling in
Britt's gezicht.
- Tony: Johan je moet niet bang zijn.
- Britt; Wil je me liever niet meer zien Johan? Vind je me een hoer of zo?
(verdrietig)
- Johan: Sorry Britt. Ik heb met Tony gesproken en gezegd hoe ik me voe, maar
ik kan het jou niet zeggen. Ik zou je tekort doen.
- Britt; Maar ik heb je nodig Johan, je moet me helpen.
- Johan: Britt, ik denk dat ik beter niet had kunnen komen.
- Britt; Je haat me?!?! Is dat het? Ik ben genomen door een vreemde vent en nu
wil je me niet meer?
- Johan: Nee, Britt. Ja, misschien ook wel. Nee, dat is het niet. Ik raak zo
in de war van wat er is gebeurt.
- Britt zit nu stilletjes te huilen en Tony gaat dicht naast haar zitten en
legt een arm om haar schouder.
- Tony: Britt, Johan wil je nog iets vertellen. Ik heb hem gesproken, en hij
heeft gezegd dat hij het heel moeilijk heeft, maar hij wil, en moet het gewoon
zelf vertellen. Maar probeer je niet meteen aangevallen te voelen.
- Britt; Wat wil hij zeggen dan?
- Tony: Moet je hem vragen.
- Britt; Johan?
- Johan: Britt, ik......
- Britt; Zeg het dan. Ik zal proberen me goed te houden.
- Johan; Nee, dat moet je niet doen. Oh, het is zo moeilijk Britt.
- Dan gaat Britt toch weer een stukje dichter bij Johan zitten, die nu niet
wegschuift, maar wel verstijft.
- Britt; Johan, zou je alsjeblieft willen proberen niet zo heftig te reageren.
Ik krijg dan echt helemaal het idee dat niemand mij meer wil zien .
- Johan: Ik doe mijn best Britt. Ik wil het je vertellen, maar het kost me
heel veel moeite, dus als je kunt, moet je me niet onderbreken. Het moet er
gewoon eerst uit.
- Britt; Tony, wil jij dan mijn hand houden?
- Tony: Ik wil je hand wel houden Britt.
- Johan: Toen ik hoorde dat je was ontvoerd en ze je hadden teruggevonden ben
ik weer zo ontzettend bang geweest dat ik je kwijt was. Ik had zo'n verdriet.
Maar toen ik hoorde dat je weer verkracht was leek het of er bij mij iets
knapte. Ik kon je op dat momnet niet liefhebben. Ik wilde wel, echt wel, maar
de gedachte dat er weer mannen aan je hadden gezeten....... Ik , ik, ik voelde
me zo verraden. Ik weet ook wel dat het nooit een keuze van jou is geweest om
genomen te worden. Maar de gedachte .... Britt ik schaam me voor mijn reacties
als jij dicht bij me komt, maar het lijkt wel of ik er geen controle op heb.
Ik zou je heel graag lief willen hebben, en weer lekker vast houden net als
vroeger, maar ik kan het gewoon niet, hoe graag ik het ook wil.
- Dan is het even stil. Tony ziet dat zowel Britt als Johan de tranen in hun
ogen hebben staan. Ze geeft Britt een bemoedigend kneepje in haar hand en
werpt Johan een bemoedigende knipoog toe.
- Dan gaat Johan verder.
- Johan: Britt, ik walgde zo van mezelf, dat ik me zo lafhartig opstelde over
jou. Ik wist niet meer wat ik moest doen. En toen belde Tony, gelukkig, moet
ik zeggen. Want echt, ik stond op het punt om Gent en alles wat ik daar had
voorgoed de rug toe te keren. Maar het bleef aan me vreten dat ik zo'n lieve
en mooie vriendin nergens ter wereld weer zou vinden. Maar toen hebben we
afgesproken en heb ik met haar gepraat. Zij vertelde me dat als ik het er zo
moeilijk mee had, dat ik dan hulp moest gaan zoeken. Eerst leek me dat niets.
Ik vond het een zwaktebod, vond me zelf een aanstellers dat ik dit niet gewoon
samen met jou op kon lossen. Maar hoe meer ik erover nadacht, hoe belangrijker
het voor me werd om met iemand over mijn gevoelens te praten. Ik weet dat jij
het ook heel moeilijk hebt, dus ik wilde jou er niet mee lastig vallen. En
toen heb ik vanmorgen een therapeut gebeld. En ik heb vanmiddag een gesprek
gehad. Tegen hem heb ik dit ook verteld, maar ik wist niet hoe ik er anders
mee om moest gaan. Ik hoop dat je het me niet kwalijk neemt dat ik met een
vreemde praat over hoe ik me voel ten opzichte van jou. Maar ik doe het omdat
ik van die angsten af wil dat ik je zal haten. Begrijp me goed Britt: ik haat
je niet. Het is de angst dat ik je zou kunnen gaan haten om wat jou is
overkomen en dat vond ik zo ondragelijk dat ik,op aanraden van Tony, dan toch
hulp ben gaan zoeken.
- Britt zucht eens heel diep en veegt voorzichtig de tranen uit haar ogen.
- Britt; Mag ik?
- Johan: Ja. Ik heb niet meer te zeggen.
- Britt; Ik vind je heel moedig Johan. En ik vind het helemaal niet erg dat je
hulp hebt gezocht. Ik wil je niet kwijt. Ik zou ook willen dat het niet
gebeurt was. Ik heb je nodig. Ik ben ook bang. Bang dat alles en iedereen die
me lief is zich tegen mij zal keren omdat ik door iedereen genomen kan worden.
En ik heb gesprekken met Ann, en zij probeert mij te helpen, maar als jij het
wilt dan zouden we ook samen naar een therapeut kunnen gaan. Want ik wil
tenslotte met jou verder Johan. Jij hoort bij mijn leven.
- Johan kijkt Britt aan door zijn behuilde ogen.
- Ook Tony zit te snotteren op de bank, maar zij verbreekt deze verdrietige
toer door te vragen wie er wat te drinken wil.
- Iedereen is er voor om deze droefenis even te onderbreken, en Britt staat op
om ook naar de keuken te gaan, met Tony mee, maar ze valt al weer bijna uit
haar evenwicht en gelukkig kan Johan haar net opvangen. Zijn handen hebben
haar om haar middel opgevangen en hij laat zijn handen daar rusten.
- Britt; Johan? Gaat het?
- Johan: Gaat het met jou? Wat is het dat je zo maar omvalt?
- Britt: Oh, een beetje last van mijn evenwicht maar dat gaat wel goed komen
zegt de dokter.
- Dan ziet Johan ook het hele dunne streepje van het lidteken en veegt daar
kort heel zachtjes overheen met zijn duim.
- Britt voelt de vlinders in haar buik en kijkt verwachtingsvol naar Johan.
- Johan kijkt haar ook eens diep in de ogen en voelt heel diep van binnen het
brandend verlangen om weer heel close te worden met Britt.
- Johan: Britt ik geloof erin dat het met ons goed gaat komen, maar ik wil het
niet overhaasten.
- Britt; We hoeven niet direct intiem te worden, maar ik zou heel graag weer
eens voelen hoe het is als jij je sterke en beschermende armen om me heen
slaat .
- Even twijfelt Johan en legt dan voorzichtig zijn armen om Britt heen.
- Tony die net uit de keuken komt met het drinken laat van schrik een glas
vallen, maar noch Johan noch Britt merken dat. Ze zijn nu heel close met
elkaar en drinken elkaars warmte.
- Na een poosje:
- Britt; Johan, zullen we even gaan zitten?
- Maar Johan hoort het nog steeds niet. Die heeft zijn hoofd in Britt's hals
gelegd en staat met gesloten ogen te genieten van de geur van Britt haar haren
en haar lichaam.
- Britt: Johan??
- Johan: Sorry. Zei je wat?
- Britt; Ik moet even gaan zitten , ik voel me wat duizelig.
- Johan: Is goed. Voorzichtig aan hoor.
- En nu het hoge woord eruit is hebben ze nog een bosje een gezellig
onderonsje.
- Tegen half elf vertrekt Johan weer, maar Britt vraagt Tony om nog even te
blijven.
- Britt; Zou het echt goed komen, denk je?
- Tony: Zeker en vast. Ik schrok me wezenloos toen hij je zo vast had.
- Britt; Het voelde zo goed Tony. Ik hoop dat dit nog maar het begin was.
- Tony: Gun hem de tijd Britt. Overhaast het niet. Niet voor hem maar ook niet
voor jezelf.
- Britt; Jij bent eigenlijk wel heel goed. Weet je dat?
- Tony: En waarom zit ik dan zelf zonder?
- Britt; Omdat er voor jou een heel speciaal iemand is, en die moet zich nog
aandienen.
- Tony: Zou het?
- Britt: Echt wel Tony. Zo'n goed en lief mens als jij verdient een hele
bijzondere vriend.
- Nu is Britt echt helemaal gaar. Ze staat bijna te slapen. Ze wil nog zoveel
vertellen tegen Tony maar ze komt bijna niet meer uit haar woorden.
- Tony: Ga lekker naar bed en slaap eens een gat in de dag. Ik vind dat je
deze week heel erg bent opgeknapt en je ziet er ook een heel stuk meer
ontspannen uit.
- Britt; Ann komt morgen weer. Wil je er ook bij zijn?
- Tony: Hoe laat komt ze?
- Britt; Tegen drie uur.
- Tony: Is goed. Mag ik dan zo vrij zijn om te vragen of ik mag mee eten?
- Britt: Vragen mag, maar ik eet nog steeds pap.
- Tony: Gatver. Dat krijgt een volwassene toch niet door zijn strot heen?
- Britt: Wel een volwassene met een gebroken kaak.
- Tony: Nou, dan maar zonder eten.
- Britt; Ik regel wel iets voor je. Je bent welkom, altijd, en dat weet je.
- Tony: Maak geen drukte. Ik pik later op weg naar huis wel wat.
- (maar Britt had zich al lang bedacht dat ze haar arts wou bellen om te
vragen of ze al wat anders mocht eten dan pap, pasta bijvoorbeeld, zonder
harde stukjes)
- Tony is erg moe door alle emotionele inspanningen die ze heeft geleverd,
maar sleept zich anderdaags maar weer naar het commissariaat .
- Nadine roept haar binnen en vraagt of alles oké is.
- Tony: Ik ben versleten. Wat een energie hebben deze twee weken me gekost.
- Nadine; Wil je vrij hebben?
- Tony: En het werk dan?
- Nadine: dat zullen de anderen wel weer doen. Heb je trouwens al nagedacht
wat je wilt?
- Tony: Ik heb gedacht maar ben er nog niet uit. Mag het nog even wachten?
- Nadine; Voor het einde van de maand moet ik het weten in verband met de
salariëring. Eenmaal weer op de lijst doen ze zo moeilijk om je er weer af te
krijgen.
- Tony: Pfffffffffff. Ik ben kapot.
- Nadine; Zou jij eens bij Sofie langs willen gaan? Namens het team? Door alle
drukte met Britt zijn we haar een peetje vergeten. En dan heb je mooi de dag
een beetje aan jezelf.
- Tony: Mag ik vandaag op tijd weg? Ik heb Britt beloofd om bij haar gesprek
met de psycholoog te zijn.
- Nadine: Is goed. Neem rustig je tijd.
- Tony: Dat doe ik. (glimlachend)
- Rond half 12 laat Tony Nadine weten dat ze vertrekt en gaat ze een broodje
halen.
- Rond half 1 trekt ze naar haar boot om wat lekker ontspannen naar een zacht
muziekje te luisteren en wat te drinken, en rond half 3 vertrekt ze dan naar
Britt.
- Britt: Tony... Ik... Ik heb schrik... (plotseling ontzettend bang geworden)
- Tony: Rustig, meid, rustig, wat is er gebeurt? Wat scheelt er, dat je plots
zo bang bent? (bezorgd)
- Britt: Ik weet nie...e... Ik wil... Jo...ohan... (haperend/naar adem
snakkend)
- Tony: Wat is er met Johan?
- Britt: Ik ... ik... ik droomde dat hij bij mij weg ging. Voorgoed. En ik was
weer heel bang om alleen te zijn.
- Tony: Hé mallerd. Je bent toch niet alleen?
- Britt: Maar ik ben...
- Tony: Wil je Johan gaan bellen dan?
- Britt; Ik durf niet. Straks zegt hij dat hij mij niet meer wil.
- Tony: Als je het niet vraagt weet je het niet zeker.
- Britt; Maar ik durf niet (huilend)
- Tony neemt haar bij de arm en leid haar naar de bank waar ze samen op gaan
zitten, en vraagt haar te vertellen waar ze zo bang voor is dan. Net op dat
moment gaat de deurbel. Britt schrikt daar erg van maar als Tony open doet
ziet ze dat het Ann is.
- Ann: Hoi Tony. Alles goed met ej? Je ziet er zo moe uit.
- Tony: Het is zo moeilijk voor Britt. Ze is zo bang dat Johan haar niet meer
wil zien. Gisteren is hij geweest en hebben ze elkaar toch even vastgehouden,
maar vannacht en vandaag had ze gedroomd dat hij haar in de steek liet.
- Ann: Pas op dat je er zelf niet onderdoor gaat. Dan heeft Britt geen steun
meer aan je.
- Tony: Wat moet ik doen Ann? Ik wil haar zo graag helpen, maar ik ben zo
kapot.
- Ann: Loop maar even mee, dan ga ik met haar praten en probeer ik wel uit te
leggen dat je even een paar dagen rust nodig hebt.
- Tony: Dat kan ze niet aan.
- Ann: Als ik jou zie, kun jij het zonder rust ook niet meer aan.
- In de kamer zit Britt heel nietig en verdrietig op de bank.
- Ann: Hoi Britt. Ik zie dat de verbanden eraf zijn. Bij de dokter geweest?
Alles goed?
- Britt; Lichamelijk komt het wel goed zeggen de dokters. Maar verder.......?
- Ann: Wat is er dan verder? Je ziet er zo verdrietig uit.
- Britt; Gisteren is Johan geweest en hij zei dat hij dat hij het niet kon
verkroppen dat die mannen weer aan mij hadden gezeten. Hij begreep wel dat het
niet mijn keuze was, maar hij kon niet van me houden zei hij.
- Ann: Wat hebben jullie gedaan dan toen jullie dit besproken hebben?
- Britt; Ik wilde hem zo graag voelen. Gewoon weer in zijn sterke en veilige
armen. Ik viel bijna om en toen heeft hij me opgevangen. En eerst voelde dat
heel fijn, maar vannacht kreeg ik het gevoel dat hij toch niet wilde. En nu
voel ik me zo eenzaam en in de steek gelaten.
- Ann: Britt, het is voor Johan ook heel moeilijk om te kunnen verwerken. Jij
bent zijn vriendin, daar mag niet zomaar iemand anders aanzitten. Dat dat wel
gebeurt is geeft hem misschien het gevoel van falen. Dat hij niet heeft kunnen
voorkomen dat het is gebeurt.
- Britt; Maar het doet zo'n pijn als je vriend zich van je afkeert en je niet
aan wil raken. Dat is toch het bewijs.
- Ann: Wat voor bewijs?
- Britt; Dat ik een sloerie ben, een ordinaire hoer.
- Ann: STOP Britt. We hadden afgesproken dat je jezelf niet zo zou vernederen.
Jij moet weten dat je gedachten niet reëel zijn. Ik wil een oefening met je
doen zodat je gaat ervaren dat je gedachten irreëel zijn. Ga je even staan?
- Als Britt gaat staan is ze weer heel wankel op de benen.
- Ann: Misschien toch maar even zittend, als ik je zo zie. Mag Tony met je de
oefening doen?
- Britt; Ik wil met Johan.
- Ann: Ik vind het beter om de verwachtingen op dit moment niet te hoog te
stellen. Bouw het langzaam op. Ervaar hoe het is als er iemand nabij is die om
je geeft en geen "beperkingen" heeft, zoals bijvoorbeeld Johan ,
waar je een intieme relatie mee hebt.
- Britt; Die relatie is toch over? Hij geeft toch niet meer om mij?
- Ann: Tony, zou jij met Britt willen oefenen?
- Tony: Wat moet ik doen?
- Ann: Britt gaat met jou in gesprek, over iets wat ze zelf wil, en dan
probeert ZIJ om fysiek contact met je te leggen, door bijvoorbeeld een hand te
geven of een schouderklopje. Je mag dit contact beantwoorden, maar let op dat
je niet te sterk reageert, en dan ga ik kijken hoe Britt er mee omgaat en op
jouw reageert. We doen het een paar keer en daarna wil ik met haar alleen
verder, en dan zal ik haar ook vertellen van jou broodnodige rust.
- Britt; Welke rust?
- Ann: Straks Britt, Eerst die oefeningen.
- Britt; Wat moet ik doen? (bang)
- Ann: Je gaat gewoon een praatje maken en als jij denkt dat je het aankunt
maakt je fysiek contact met Tony door bijvoorbeeld een had te geven of een
schouderklopje, wat voor jou goed voelt. Aan Tony om al dan niet met een
reactie te komen en ik ga het observeren. Ik wil het met de videocamera
opnemen zodat we het kunnen terugzien en ik je kan wijzen op specifiek
gedragingen.
- Britt; Moet dat?
- Ann: Ik wil je helpen Britt. Je kun het niet fout doen, het is geen test of
een examen. Het kan best zijn dat jij door je angst een bepaalde houding
aanneemt die jij je niet eens bewust bent. Door het te filmen en terug te
kijken kun jij dat zelf ook gaan zien en waar nodig daar iets in veranderen.
Bewustwording is heel belangrijk. Ben je er klaar voor?
- Britt; Het moet dan maar.
- Tony probeert een teleurgestelde zucht binnen te houden. Ze wil Britt zo
graag helpen, maar die heeft er zelf heel weinig hoop op.
- Britt begint te vertellen, maar het draait maar steeds weer om hetzelfde:
dat ze zichzelf niets waard vind.
- Ann: Stop eens even Britt. Het gaat zo niet echt lekker vind je zelf wel?
- Britt; Wat moet ik dan? Ik zit hier zo vol mee.
- Ann: Dat gaan jij en ik straks ook nog bespreken, maar ik wil nu graag even
je aandacht bij de oefeningen. Nog maar eens,
- Dan begint ze te vertellen over Mark. Hoe gelukkig ze met hem was en hoe
blij ze samen waren toen Dorien werd geboren. Tony is weer ontroerd als ze
Britt weer een beetje gelukkig ziet, maar ze weet ook dat het maar even duurt
voor ze ook hier weer in droefheid schiet want Britt mist Mark nog elke dag.
Ze kon er redelijk goed mee omgaan, maar in moeilijke periodes ging het toch
niet zo goed. Daarom kijkt ze vragen naar Britt, die dit teken opvat om
contact te maken.
- Voorzichtig legt Britt haar hand bij Tony op haar been. Tony kijkt naar
Britt haar hand.
- Britt; Vind je dit goed Tony?
- Tony: Ja, hoor, van mij mag je
- Britt; Mag ik je dan ook een knuffeltje geven, want ik wil dat graag. Jij
bent altijd zo lief voor mij. Jij weet hoe het voor mij is nu Mark er niet mee
ris, maar toch mag ik bij jou altijd mezelf zijn.
- Dan neemt Britt Tony in haar armen en omhelst haar teder. Tony vind dit een
geweldige stap voor Britt en slaat ook haar armen om Britt heen om haar te
feliciteren met dit succes.
- Nu Britt Tony zo dicht bij zich heeft, haar hoofd een beetje verstopt in
Tony's hals, laat ze zachtjes haar tranen lopen.
- Britt; Ik mis hem. Ik mis dit. Dit zou ik zo graag willen met Johan. Zou hij
nu echt niet meer van me houden?
- Tony: Johan houd wel van je, maar hij heeft nu wat moeite met fysiek
contact, maar hij heeft ook hulp gezocht. Hij is heel hard aan het werk om van
zijn angsten af te komen. Hij zei me dat hij heel geragd met je verder wil.
- Britt; Echt??? (bijna ongelovig)
- Ann: Oké Britt. Dit was al je eerste oefening. Hoe voelde het voor jou?
- Britt; Met Tony erbij voelt het gewoon heel goed.
- Ann: Durfde je haar aan te raken zonder dat je bang was?
- Britt; Ja.
- Ann: Dat betekend dus dat je je zelf niet vies vind voor Tony. Waarom denk
je dan dat Johan dat wel zou vinden?
- Britt; Dat weet ik niet. Dat denk ik alleen maar.
- Ann: Zouden je gedachten misschien emotionele overtrokken kunnen zijn?
- Britt; Je bedoelt, dat ik het, omdat ik bang hem te verliezen, veel erger
denk dan het in het echt is?
- Ann: Dat bedoel ik ja.
- Britt; Misschien heb je wel gelijk.
- Ann: Zullen we de video eens gaan zien samen? En als jij wat ziet wat je
opvalt, dan zeg je het en zetten we de band even stil.
- Samen kijken ze naar de video en het valt Britt gelijk op hoe ze haar
lichaamstaal aanpast aan de situatie. Bij verhoging van de spanning ziet ze
dat haar schouders hoger gaan staan en ze meer gespannen kijkt. Echter,
eenmaal contact hebbend met Tony lijken alle remmingen eraf, en heeft ze zelfs
de neiging om over Tony's grenzen te gaan.
- Britt; Wat zie je dat goed.
- Ann: Daarom vind ik het zo prettig om met video te werken. Je weet niet half
hoe weinig de mensen zich bewust zijn van hun eigen gedrag.
- Britt; Willen we nog eens kijken, en nu zonder commentaar en zonder stoppen?
- Ann: Is goed.
- Tony kijkt heel goed naar Briit haar gedrag, maar ook naar dat van haar
zelf.
- Het valt haar op dat ze heel afwachtend is. Dat was wel haar opdracht, maar
toch, het was niet wat ze van zichzelf kende.
- Nadat ze de band nog eens hebben gezien stelt Ann voor dat Britt en zij met
twee verder praten en dat Tony naar huis gaat om even een paar dagen tot rust
te komen.
- Britt; Mag ze dan niet hier komen?
- Ann: Ik kan niet zeggen dat ze niet mag, maar ze is heel erg vermoeid. En ik
zou ook heel graag willen dat jij je oefeningen gaat uitbreiden naar andere
mensen. Bijvoorbeeld naar Dorien of naar je moeder of schoonmoeder.
- Britt; Maar dat vind ik zo moeilijk.
- Ann: En je hebt gezien hoe waardevol het is. Je hebt de video gezien en je
hebt je eigen gedrag geëvalueerd. Heel knap hoe snel je dat hebt opgepakt.
Het gaat wel goed komen met je Britt . Ik heb daar het volste vertrouwen in.
Gun je zelf een beetje de tijd. Ik denk dat je over twee weken heel anders
tegen de situatie aankijkt.
- Britt; Moet ik twee weken zonder Tony?
- Ann: Ik heb toch niet gezegd dat je haar niet mag zien?
- Britt; Maar je zegt net: twee weken.....
- Ann: Over twee weken kijk je heel anders tegen je situatie aan. Ik denk er
zelfs over om over een dag of tien de oefeningen te gaan herhalen maar dan
samen met Johan.
- Nu begint Britt helemaal te glunderen.
- Tony voelt een warm plekje in haar hart voor Britt. Ze buigt naar haar toe
en geeft haar een paar zoende op de wangen en Britt kan dit zomaar toelaten.
- Britt: Ann heeft gelijk, Tony, jij hebt je rust nodig. Ga naar huis en slaap
wat of neem een lekker warm bad, maar rust alsjeblieft uit. Ik kan nie zonder
je, en dat weet je. Zal ik morgenavond eens bellen?
- Tony: Tuurlijk kan je bellen! Tot morgenavond dan en bedankt, Britt...
(glimlachend/vriendelijk)
- Tony wil weggaan, maar Britt roept haar even terug. Nog heel even twijfelt
ze, maar dan slaat Britt haar armen rond Tony en geeft haar nog een laatste
knuffel.
- Tony geeft Britt ook een knuffel en dan vertrekt ze echt.
- Nog even praten Ann en Britt na over de oefeningen...
- En dan is Britt weer alleen in huis. Even bevangt haar de stilte en ze voelt
alweer wat angst en onrust opkomen, maar dan vermant ze zich toch.
- Ann had geadviseerd een soort van dagboekje bij te gaan houden, met de
dingen die ze doet overdag, en hoe ze zich voelt en wat haar gedachten zijn,
en dus zet ze zich aan tafel en begint te schrijven,.
- Na een kwartiertje heeft ze gedaan en gaat weer op de bank zitten een kijkt
wat naar de TV.
- Er iets niet iets op wat haar aandacht kan vasthouden en dan gaat ze languit
liggen en begint een beetje te mijmelen. Ze denkt na over hoe het leven tot nu
toe voor haar is geweest en eigenlijk was ze heel tevreden. Tot voor vier jaar
dan. Toen Mark .......
- Ze schud de rillingen van zich af en maant zich om over positieve dingen te
denken.
- Dan komen de gedachten aan Johan boven en in een automatisme pakt ze de
telefoon en als ze zijn nummer half heeft getoetst bedenkt ze ineens dat ze
niet zo close zijn op dit moment. Snel legt ze de telefoon weer weg en kijkt
gebiologeerd of haar toestel dan misschien over gaat. Maar dat gebeurt
natuurlijk niet.
- Als ze op de klok kijkt ziet ze dat het al bijna tien uur is. Eigenlijk
voelt ze zich ook heel erg moe en maakt zich dan maar klaar voor bed.
- De doet haar rituelen met de mondhygiëne. plaatst haar nachtspalk, neemt
haar medicatie en gaat lekker in bed liggen, en wonderwel is ze binnen tien
minuten vertrokken naar dromenland. En nu eens een mooi dromenland, zonder
angst of pijn, zonder geweld. Alles is rustig en vredig en Britt haalt heel
veel rust uit de nacht. De andere ochtend kan ze ook nog eens lekker uitslapen
en is pas om elf uur uit bed.
- Ze doet thuis lekker rustig aan. Klungelt een beetje en neemt uitgebreid de
tijd voor badderen en verzorging.
- Pas als alles gedaan is, begint weer het gevoel van stilte en eenzaamheid op
te komen.
- Nadat ze geschreven heeft gaat het gevoel nog niet weg en dus belt ze met
Ann en vraagt wat ze er nu mee doen moet.
- Ann: Wel, je zou een stukje kunnen gaan wandelen, of even bij je
schoonmoeder aangaan. Ik denk dat Dorien straks uit school komt en dat die
heel graag haar mama wil zien.
- Britt; Kan ik dat gaan doen? Is dat niet teveel?
- Ann: Ik stel het voor. Aan jou om te ontdekken waar je grenzen liggen, maar
doe je niet sterker voor dan je je werkelijk voelt want daar schiet je niets
mee op.
- Britt; En vanavond mag ik ook naar Tony bellen?
- Ann: Natuurlijk. Dat had je toch afgesproken? Dan moet je daar ook aan
houden.
- Britt; Dank je Ann, dat dat allemaal mag.
- Ann: Britt, dit is JOU leven. JIJ bepaald wat je er mee doet. Oké?
- Britt; Oké.
- En dus waagt Britt het erop om naar haar schoonmoeder te gaan om Dorien te
kunnen spreken. Die had ze niet meer gezien sinds ze aan haar
undercoveropdracht was begonnen. Dorien was verteld dat Britt weer gewond was
geraakt en dat ze veel moest rusten en dat ze daarom voor een paar weekjes
naar oma ging. Maar oma had al laten weten via Nadine dat Dorien haar mama erg
miste.
- Britt en haar schoonmoeder konden elkaar best wel verdragen, maar echte
vriendinnen waren het niet en zouden het ook nooit worden.
- Britt had bij haar altijd het gevoel of ZIJ verantwoordelijk werd gehouden
voor de dood van Mark, hun enigst kind. Wat Britt ook had gezegd of gedaan om
haar van die gedachte af te krijgen: haar houding bleef onveranderd. Maar
Britt was geen ruziezoeker en had het verder maar zo gelaten. Ze wilden haar
in elk geval niet haar kleinkind onthouden en daar was oma (gemengd) gelukkig
mee.
- Toen Britt daar aankwam keek haar schoonmoeder (Tine)dan ook zeer verrast
dat Britt voor de deur stond.
- Tine: Britt?? Wat brengt jou hier?
- Britt; Wel, ik wilde even een stukje wandelen en ik hoopte eigenlijk ook
Dorien weer eens te zien. Ik mis haar.
- Tine: Kom binnen. Wil je koffie? Of eet je zo met ons mee?
- Britt; Ik kan nog niet goed eten. Heb mijn kaak gebroken en er zitten
plaatjes aan dus ik kan niet kauwen.
- Tine: Wel, dan kan ik toch iets maken dat je wel kunt eten?
- Britt; Zou u dat echt willen doen?
- Tine: Waarom vraag je dat?
- Britt; Ik vind het zo vreemd dat mensen goed met me doen. Soms ben ik door
mijn werk helemaal het besef kwijt dat er ook goede mensen zijn.
- (Ergens in haar achterhoofd was Britt wel alert, bang dat Tine weer een of
andere nare opmerking ging plaatsen, maar dat bleef uit)
- Britt; Ik heb ook gesprekken met een psycholoog. Die helpt me om weer
zelfvertrouwen te krijgen. Dat was ernstig beschadigt door mijn werk. Ik moet
nu oefenen om mijn grenzen te leren kennen en om mezelf de moeite waard te
vinden.
- Tine: Kom dan eens hier meisje.
- En ze steekt haar armen uit naar Britt, die dat helemaal niet van haar
gewend was en dus ook niet wist wat ze er mee aanmoest.
- Tine: Wat is er Britt? Durf je niet?
- Britt; Ik ben bang.
- Tine: Voor mij?
- Britt; (huilend) Ik weet het niet meer.
- Dan neemt Tine haar gewoon in haar armen en begint haar te troosten.
- Tine: Ach, mijn meisje toch. Wat hebben ze u aangedaan? Zo erg? Kom, ik zal
u een koffie maken en dan gaan we eens lekker samen op de bank zitten.
- Britt was te zeer in de war om tegen te sputteren en liet Tine nu een
troostende schouder voor haar zijn.
- Dan ineens worden ze gestoord door uitbundige kindervoetjes die naar binnen
komen stormen.
- Dorien: Hoi oma, ik ben er weer !! MAMA !!!!!!!!!!!!!!!!!
- Britt; (een traantje wegpinkend) Dag meisje.
- Dorien: Mama, u bent er weer. Oh wat ben ik daar blij om. Alles goed gekomen
met u? Oei, u heeft pijn gehad in uw gezicht?
- Britt; Ja, maar de dokter heeft dat al weer beter gemaakt. Ik heb een
plaatje in mijn mond en kan nog niet gewoon eten, maar het gaat al wel veel
beter. Kom eens, dan kan ik je eindelijk weer eens een knuffel geven. Oh,wat
heb ik dit gemist.
- En terwijl ze innig omarmd met Dorien zit vergeet ze ven alles: de ellende,
de pijn, de angst en de eenzaamheid.
- Wat had ze hier een behoefte aan: mensen dicht bij te kunnen hebben zonder
dat ze duizend angsten moest doorstaan.
- *
- Tine merkt dat het Britt goed doet dat Dorien in haar buurt is.
- Tine: Dorien, heb je weer zin om vanavond met je mama te gaan slapen? Even
kijken of je mama het al aankan en als het niet gaat kom je morgen terug en
anders kom je morgen ook terug, maar om je andere spulletjes dan te komen
ophalen, zodat je weer in je eigen bedje kan slapen? (voorstellend/ontzettend
vriendelijk)
- Britt: Wat... Maar... Maar... (plots ontzettend in de war)
- Dorien: Wil je niet dat ik naar huis kom, mama? (zacht)
- Britt: Maar natuurlijk wel, liefje! Ik vind het enig! (zich sterker
voordoend dan ze eigenlijk is, met een geforceerde glimlach)
- Dorien springt blij recht en gaat een paar spulletjes inpakken.
- Britt: Moest dat nou?! (verwijtend)
- Tine: Britt, ik denk dat het voor jullie alle twee goed zal zijn als Dorien
vannacht bij jou slaapt. Dat hoeft niet samen bij jou in 1 bed te zijn, gewoon
weer in hetzelfde huis.
- Britt: Ann heeft zeker gebeld?! (bijna roepend)
- Tine knikt voorzichtig...
- Britt: Kan die me nou niet gewoon met rust laten?! Als ze zo verdergaat, wil
ik helemaal niks meer met haar of met eender welke psychologe te maken hebben!
(nu roepend/kwaad)
- Tine: Meisje, rustig maar... (vriendelijk/proberend Britt weer kalmer te
krijgen)
- Britt: Laat me met rust! (schreeuwend)
- Britt staat woedend recht, draait zich om, en loopt dan pardoes tegen Ann
op. Tine had de voordeur op een kier laten staan, omdat ze wist dat Ann nog
ging komen, om te zien hoe Britt hierop reageerde...
- Britt: Wat doe JIJ hier?! (verwijtend/ontzettend kwaad/proberend om weg te
komen, maar Ann verspert haar de weg)
- Ann: Britt ga eens even zitten.
- Britt; Nee. Ik ben boos op je. Je hebt me bedrogen.
- Ann: Nee Britt, dat heb ik niet. Als je gaat zitten zal ik vertellen wat ik
gedaan heb en waarom.
- Huilend laat Britt zich weer op de bank vallen. Dorien komt net zingend weer
binnen maar schrikt als ze Britt ziet huilen.
- Dorien: Mama, is het wel goed met u?
- Britt; Nee. Iedereen belazerd mij.
- Dorien: Ik ook?
- Maar Britt wordt zo getroffen door het leed dat ze hoort in Dorien's stem
dat ze vlug recht gaat zitten en Dorien in haar armen neemt.
- Ann: Britt: Toen je belde vanmorgen heb ik nog zo gezegd dat je je eigen
grenzen goed in de gaten moest houden, maar je bent er weer zwaar overheen
gegaan. Je vraagt op dit moment gewoon nog teveel van jezelf.
- Britt; Maar Tine zegt dat Dorien mee moet naar huis.
- Ann: Ze zegt niet dat het MOET. Ze stelde het voor. En jouw moeder hart zegt
dat je voor je dochter moet gaan zorgen, maar als het teveel is kun je dat
toch aangeven?
- Britt; Maar, maar, het is zo verwarrend. Ik wil heel graag voor haar zogen,
en ik ben ook heel blij dat ik haar weer zie. Maar wat als het vannacht niet
goed gaat? Dan zit zij in huis met een moeder die alleen maar raar doet.
- Ann: Waarom zou je raar doen dan?
- Britt; Heb ik toch steeds gedaan als het niet goed ging?
- Ann: Je bent al een heel stuk vooruit gegaan Britt. Denk je dat je het zou
kunnen proberen? Weet je: je mag me desnoods ook vannacht wel bellen als je
denkt dat het niet gaat. Dan kom ik en help je er doorheen. Wat vind je
daarvan?
- Britt; Zou je dat voor ons willen doen?
- Ann: Hoor je jezelf nu Britt?
- Britt: Wat bedoel je?
- Ann: Je zegt ONS. Je spreekt al weer over een band tussen jou en je dochter.
- Britt; Die is er toch altijd tussen een moeder en haar kind?
- Ann: Was dat maar waar, dan hadden wij heel wat minder werk.
- Britt; Zou ik het aankunnen denk je?
- Ann: Ik denk het wel, maar het is belangrijk of jij het aandurft Britt.
- Britt: Ik WIL wel, maar of ik het durf... (beschaamd)
- Ann: Wil je het proberen, Britt? Desnoods blijf ik bij je vannacht, om je te
observeren, maar wil je het proberen? (vriendelijk/niet pushend)
- Britt denkt even na...
- Britt: Oké. (glimlachend) Ik doe het. (lachend)
- Nadat ze samen bij Tine nog een kopje koffie hebben gedronken gaan ze naar
Britt's huis terug. Dorien is heel blij dat ze weer in haar eigen vertrouwde
omgeving terug is. Ze rent het hele huis door en is druk doende met van alles
en nog wat.
- Af en toe komt ze even bij Britt zitten omdat ze het zo lekker vind om weer
met mama te knuffelen.
- Tegen acht uur moet ze van Britt naar bed en Ann kijkt op een afstandje hoe
Britt daar mee omgaat.
- Maar het ziet er allemaal heel normaal uit. Ze stuurt Dorien naar boven om
zichzelf te wassen en de tanden te laten poetsen en ze mag roepen als ze klaar
is en Britt een verhaaltje kan komen vertellen.
- Binnen vijf minuten is Dorien er klaar voor. Ze had dit zo lang moeten
missen, dus is ze nu supersnel geweest.
- Britt; Heb je echt wel goed je tanden gepoetst? Ik weet er nu alles van,
want de tandarts heeft het mij ook heel goed uitgelegd dinsdag.
- Dorien: Moet jij ook beter gaan poetsen, om te zorgen dat je geen gaatjes
krijgt?
- Britt; Ja Dot, ook ik moet goed poetsen. Kijk maar !
- En ze laat haar tanden en de plaatjes aan Dorien zien.
- Dorien: Doet dat geen pijn?
- Britt; Een klein beetje maar. Maar het gaat steeds beter.
- Dorien: Mama, wil je even lekker bij me komen liggen als je een verhaaltje
verteld?
- Britt; Dan moet je een beetje plaats voor me maken.
- En knus en gezellig schuift ze bij op Dorien haar bedje en neemt haar
hoofdje op haar armen en streelt haar met haar andere hand zachtjes door de
haren. Ze kan het niet laten, en moet gewoon even haar neus in Dorien haar
haren steken en er aan ruiken. Ze vind het zo'n lekker geurtje, die haren van
Dorien.
- Dan gaat ze een verhaaltje vertellen. Een heel leuk, zelfverzonnen,
verhaaltje over een kleine beertje dat in het grote bos zijn mama was kwijt
geraakt en toen heel verdrietig was geworden. Ook mama beer was heel
verdrietig dat het kleine beertje er niet was. Toen kwamen alle dieren helpen
met zoeken en werden mama- en babybeer weer bij elkaar gebracht.
- Als ze is uitverteld ligt Doiren al lekker in haar armen te slapen. Het
voelt zo goed voor Britt dat ze er zelf nog een poosje naast blijft liggen,
maar rond negen uur gaat ze weer naar beneden.
- Ann had heel de tijd meegekeken en had een brede glimlach op haar gezicht.
- Ann: Britt, waarom was je vanmiddag zo boos op mij?
- Britt; Ik weet het niet. Ik voelde me weer zo verraden. Ik wist niet dat je
met mijn schoonmoeder had gesproken. Maar nu zie ik wel weer in dat ik
helemaal niet meer reëel dacht. Ik maakte alles weer veel erger dan het is.
Ik ben heel blij dat je me hebt tegengehouden. En weet je?
- Ann: Wat Britt?
- Britt; Het voelt zooooo goed om Dorien weer thuis te hebben. Ik denk dat het
de angst was om te falen om een goede moeder te zijn, dat ik het niet onder
ogen durfde te zien vanmiddag. Maar nu we weer zo samen zijn heb ik er wel
weer vertrouwen in. Ik wil het ook gaan proberen om met Dorien alleen in huis
te zijn vannacht. Vind je het erg als ik vraag of je straks weg wilt gaan?
- Ann: En je voelt je echt voldoende zeker om het te proberen?
- Even kijkt Britt wat bedenkelijk, maar dan zegt ze dat ze het gewoon gaat
doe. Als de uitnodig open blijft staan om te mogen bellen als het echt niet
gaat.
- Ann: Ik heb dat toegezegd en die uitnodiging blijft ook open. JIJ moet je
goed en veilig voelen, anders is dit nog te zwaar voor je. Maar ik vind het
heel eoedig Britt dat je het toch gaat doen. Ik heb er vertrouwen in dat het
echt wel goed gaat. Ik stel voor, dat als er vannacht niets bijzonders
gebeurt, jij morgenochtend gewoon zelf je dochter naar school brengt en dan
even doorgaat naar mijn praktijk en dat we dan even evalueren. Is dat oké
voor jou?
- Britt: Bedankt Ann, dat jij zo veel vertrouwen in me hebt.
- Ann: Het is het vertrouwen dat je in jezelf hebt Britt. Daardoor merk je en
zie je dat anderen ook vertrouwen in je hebben. Ik wens je een fijne nachtrust
toe, en hopelijk tot morgenvroeg.
- Als Ann bij de deur staat roept Britt nog even haar naam.
- Ann kijkt om met vragende blik.
- Britt beantwoord die blik met een schuchter naar de grond kijken.
- Daarop loopt Ann terug naar Britt en neemt haar even in de armen en geeft
haar een knuffel.
- Ann; Jij bent fantastisch Britt.
- Britt; Dank je. Ik had dat knuffeltje echt even nodig.
- Ann: Zullen we afspreken dat je er gewoon om vraagt als je zoiets nodig
hebt?
- Britt; Aan wie vragen?
- Ann: Aan een ieder van wie je het kan en wil hebben. Als JIJ dat wilt.
- Britt; Dat lijkt me een zware opdracht, maar wel eentje met een uitdaging.
- Ann: Hoe komt het toch dat ik geloof dat jij dat heel goed zult gaan doen?
- Britt; Vind je echt dat ik het goed doe?
- Ann: Ga lekker naar bed en laat het lekker binnenkomen. Goede mensen
ontmoeten goede dingen. Slaap wel Britt.
- Britt: Slaapwel, Ann. (glimlachend/zacht)
- Ann geeft Britt nog een laatste, bemoedigend knijpje in haar hand en gaat
dan echt weg.
- Dan bekruipt Britt een gevoel van angst... Maar ze geeft er niet aan toe,
neemt ook snel een douche en poetst haar tanden en gaat dan ook lekker
warmpjes het bed in...
- De volgende ochtend staat ze, zoals 'vroeger', op tijd op, maakt koffie en
warme chocolademelk (voor Dorien) en maakt een lekker ontbijtje. Het ruikt
heerlijk in de keuken en Britt moet Dorien zelfs niet gaan oproepen, want die
komt al helemaal gelukkig de keuken binnengelopen. Nog een beetje slaperig,
maar wel goed gezind...
- Dorien: Moet ik vanavond weer naar Oma Tine, mama?
- Britt: Neen. (glimlachend)
- Dorien: Kom ik weer elke avond hier slapen?! (blij)
- Britt: Tuurlijk! Je bent toch mijn dochter?! (lachend)
- Dorien: Gaan we dan na school mijn spulletjes ophalen?! (blij/gelukkig)
- Britt: Zeker weten. (glimlachend)
- Na het ontbijt brengt Britt haar dochter naar school en dan rijdt ze door
naar Ann's praktijk.
- Daar aangekomen...
- .... is Ann verrast dat Britt er zo opgetogen uitziet.
- Ann: Lekker geslapen Britt?
- Britt: Heerlijk. Het was zo fijn te weten dat Dorien weer terug is en dat ik
haar weer heel graag dicht bij me heb.
- Ann: Hoe is het gisteravond gegaan? Werd je nog bang even, toen je weer
alleen was?
- Britt: Een beetje wel, maar ik heb er niet aan toe gegeven.
- Ann: Goed zo. En heb je Tony nog gebeld, want dat zou je ook nog gaan doen?
- Britt: (zich ineens naar het hoofd grijpend) Shit !! Helemaal vergeten. Die
zal nu wel kwaad zijn dat ik mijn afspraken niet nakom.
- Ann: Denk je dat echt?
- Britt; Ja.
- Ann: Kom Britt, ik weet dat het niet altijd even gemakkelijk is om reëel te
blijven, maar dit?? Hier ga je toch geen schuldgevoelens van krijgen.?
- Britt; Zou ze me vergeven?
- Ann: Hoe zou je daar achter kunnen komen?
- Britt; Er heen gaan, maar ik durf dat niet.
- Ann: Britt, ik wil vandaag met jou een soort van behandelprogramma op
stellen. Een leidraad hoe we de komende weken te werk kunnen gaan. Zie jij dat
ook zitten? Dan heb je een beetje een handvat en weet je wat er staat te
gebeuren.
- Britt: Maar wat moet ik dan met Tony?
- Ann: Britt, even bij de les. Straks kun je bij Tony langs gaan, maar ik wil
nu een aantal dingen met jou op papier zetten.
- En zo gaan ze eerst een aantal punten omschrijven waar het bij Ann is
opgevallen dat Britt problemen mee heeft.
- Bovenaan staat de angst om verlaten te worden. Heel logisch gezien het
verlies van Mark, het veel te jong overlijden van haar vader, de miskraam die
ze gehad heeft, de ontvoering van Dorien die ze had meegemaakt. en alle nare
gebeurtenissen in haar werk die ertoe geleid hebben dat ze al meer dan eens
gebalanceerd had op het randje van de afgrond, of op het scherp van de snede,
zo je dat wilde noemen.
- Dan was er nog onvoldoende stabiliteit in het zelfvertrouwen, te weinig voor
zich zelf opkomen en leren nee te zeggen.
- Britt; Is dat allemaal mis met mij?
- Ann; Het lijkt zo wel heel veel als je het opschrijft maar het een kun je
niet los van het ander zien. Het is ook niet zo dat we ze een voor een gaan
behandelen. Maar nu het op papier staat is het voor jou ook makkelijker om te
herkennen als er iets niet goed voelt voor jou. Probeer of je een soort van
code kunt maken die op deze punten betrekking hebben. En vanuit die codes kun
je dan heel makkelijk aan het werk om voorkomende problemen te plaatsen en te
verwerken. Door de gesprekken heen gaan we samen zoeken hoe je er mee om kunt
gaan.
- Britt; Kun je me dat nu niet gelijk vertellen?
- Ann: Nee Britt. Jij bent er niets mee geholpen als ik het aan jou ga
vertellen. Jij moet er zelf opkomen. Ik zal je er bij helpen. En alles in een
keer is veel te veel. Dan draai je door. En dat willen we dus nu net zien te
voorkomen.
- Britt; En wanneer komt Johan dan weer?
- Ann: Jij wilt hem echt heel graag weer zien, is het niet?
- Britt zegt niets, maar kijkt door betraande ogen vragend naar Ann.
- Ook nu weer legt Ann een troostende arm om Britt heen, die daarop haar
tranen de vrije loop laat.
- Britt; Sorry, dat ik zo huil, maar...
- Ann; Geen sorry Britt. Jij voelt het als een groot gemis. En dat mag je ook
zo beleven. Jij hoeft je verdriet niet te verstoppen. Het is jou verdriet en
daar mag jij wat mee doen.
- Britt: Is het niet gek dan dat ik om de haverklap sta te janken?
- Ann: Britt, jij bent hele kwetsbaar. Tuurlijk ga je dan snel huilen. Maar
als ik hoor hoeveel jij om Johan geeft, kan ik er helemaal in komen dat het
pijn doet. Wil ik eens gaan bellen met hem om te vragen of we samen een
gesprek kunnen houden?
- Britt; Echt?? Zou je dat willen doen? Oh Ann, jij bent een engel.
- Ann: Nee, hoor, ik ben een psychologe en ook maar een gewoon mens van vlees
en bloed. En ik weet echt wel hoe het is om iemand niet te kunnen bereiken die
je heel graag mag.
- Britt; Weet je? Als ik hier zo met jou zit te praten, heb ik echt, heel
echt, het gevoel dat het weer goed gaat komen. Maar als ik alleen ben begin ik
daar toch heel gemakkelijk weer aan te twijfelen.
- Ann; Is nergens voor nodig. Daarom is het ook zo goed om die oefeningen met
dat zelfvertrouwen te gaan doen. Je moet meer in jezelf gaan geloven. Ik kan
een goed boek aanraden. Kijk eens of je het kan vinden op de bibliotheek en
zie eens of er dingen in staan die je bekend voor komen.
- Britt; Zal ik doen als ik Dorien vanmiddag uit school haal. En wat kan ik
nog meer doen om gauw beter te worden?
- Ann; Je kunt het niet afdwingen Britt, ook niets overhaasten. Het komt als
jij er klaar voor bent en er open voor staat. Maar wat wel belangrijk is, dat
je niet heel de dag in je huis verstopt blijft. Je moet de prikkels zelf op
gaan zoeken. Ervaren hoe het is om mensen te treffen, om met ze te praten en
te zien of je ze kan vertrouwen. Net als deze week bij mij: ik kon vertrouwen
in JOUW hebben omdat JIJ in JEZELF geloofde. Ga er op uit. Kijk eens of je op
je werk langs kunt gaan, ga lekker met een vriendin een avondje op restaurant
of wat dan ook.
- Britt; Jeetje, dat is wel erg veel.
- Ann; Net als de kernpunten: het lijkt veel , maar het valt echt wel mee.
Denk je dat je hier mee vooruit kunt?
- Britt: Absoluut. Ann, heel erg bedankt.
- Ann; Jij bedankt Britt. Dat je mij de kans geeft om je op weg te helpen. Ik
gun het je echt. Zullen we afspreken voor volgende week donderdag? Dan heb je
mooi een week de tijd om rustig in je eigen tempo te werken. En heb je een dag
dat je je ellendig voelt, dan is daar niets mis mee. Verdriet en pijn horen nu
eenmaal bij het leven, maar als je er voor jezelf eerlijk mee omgaat kom je
daar altijd weer sterker uit. Goed weekend en veel plezier met Dorien. En als
je Tony ziet, doe haar dan ook de groetjes van mij, wil je?
- Britt; (nu heel gelukkig glimlachend) Dank je Ann.
- Britt is echt intens blij dat het nu toch wel de goede kant op gaat, dat ze
besluit om maar gelijk naar het commissariaat te gaan om even met Nadine te
praten.
- Eerst al bij de balie is Carla heel enthousiast dat ze er weer is. Boven
hebben Raymond en Pasmans een en al aandacht voor Britt. Ze informeren hoe het
nu gaat, of ze zich weer een beetje op haar gemak voelt en of Dorien al weer
thuis is.
- Dan ziet Britt dat Pasmans met een vraag lijkt te zitten.
- Britt; Zeg het eens Wilfried. Ik zie dat je ergens mee zit.
- Wilfried: Ik weet het eigenlijk niet.
- Britt; Toe maar, ik bijt niet.
- Wilfried: Kunnen we dan even ergens anders gaan zitten? Ik denk niet dat ik
dat hier moet gaan bespreken.
- Dan kijkt Raymond met een verbaasde blik naar Britt en die heeft ook zoiets
van: die gaat erop vooruit. Hij wordt echt volwassen.
- Britt; Zullen we in het verhoor gaan zitten?
- Daar loopt Britt voorop en Wilfried erachter aan.
- Hij zorgt ervoor dat de intercom uitstaat en het rolgordijn naar beneden is
zodat niemand kan meekijken of meeluisteren.
- Britt; Wat is er Wilfried? Je ziet er zo bezorgd uit.
- Wilfried; Ik wilde je zeggen Britt, dat ik het heel erg vond wat er met je
is gebeurt. Ik weet niet of je gezien hebt dat ik er ook bij was toen ze je in
Lier hebben teruggevonden, maar ik was heel erg geschrokken van wat ik zag. Ik
ben er zo ziek van geweest, maar dat kan ik hier natuurlijk niet hardop gaan
zeggen.
- Britt; Echt?
- Wilfried: Ze hebben je heel erg pijn gedaan zag en hoorde ik.., maar toen ik
het rapport las van het ziekenhuis, want Nadine had Raymond en mij gevraagd
die zaak verder af te werken omdat Tony ook ziek was geworden, toen ging er
bij mij bijna iets kapot. Dat die venten .... Britt, ik..... ik.... (zachtjes
nu) Britt? Mag ik je even in de armen vasthouden? Ik wil weten dat je er weer
bent en dat het goed gaat komen met je.
- Britt steekt ook haar armen uit naar Wilfried en zo houden ze elkaar even
heel goed vast.
- Voor Britt voelt dit ook heel goed. Ze had echter nooit verwacht dat Pasmans
zo gevoelig kon zijn. Ze voelt nu weer wat tranen opkomen, maar laat ze rustig
lopen, want Ann had gezegd dat dat echt wel mocht. Dan hoort ze ook een snik
van Wilfried.
- Britt; Gaat het Wilfried?
- Wilfried: Ja, maar ik ben zo blij dat je er weer bent.
- Britt; Het geeft niet dat je huilt. Als het oprechte tranen zijn, mag je
echt wel huilen. En ik vind het heel fijn dat jij zo om mij geeft. Het doet me
heel goed dat mee te maken dat niet alle mannen het zelfde zijn.
- Wilfried: Maar er zijn ook andere mannen Britt. En zo een ben ik er.
- Britt; Hoezo? Zo een?
- Wilfried: Ik ben ........
- Britt; Ja?
- Wilfried: Ik ben op mannen. Ik ben homo.
- Britt; Maar daar is toch niets mis mee? Heb je een vriend?
- Wilfried: Sinds kort, maar niemand hier weet dat nog.
- Britt; Dat is heel mooi en heel fijn voor jou. Gefeliciteerd..Als jij er aan
toe bent zeg je het zelf wel. Ik zal niets laten weten.
- Wilfired; Dank je Britt.
- Nu gaan ze weer terug naar het lokaal en Raymond kijkt beiden even aan en
lijkt zonder het te vragen, te weten wat er is gebeurt en hij geeft een
goedkeurend knikje.
- Britt stapt op hem af en geeft hem ook een knuffeltje.
- Britt; Sorry dat ik het zo doe, maar het voelt gewoon goed om dat weer te
kunnen.
- Raymond; Kom dan maar gauw terug, dan kunnen we allemaal weer van jou
werklust en jou opgewektheid meegenieten.
- Britt; Ik opgewekt?
- Sel: (net binnen) Weet je hoe het is om hier te werken zonder jou? Nou, dan
ga ik liever op vakantie.
- Ben: Eeehh, zeg, we zijn wel al mekaars partners hč?
- Britt; Ik hoor het al . Jullie missen mij.
- Nadine; En ik nog het meest. Kom je even Britt?
- En zo zit ze ook weer een tijdje met Nadine te praten. Het doet haar goed om
haar collega's weer te zien maar het is ook behoorlijk vermoeiden.
- Nadine; Wanneer mag je terug aan het werk?
- Britt; Over tien dagen moet ik weer naar de dokter en als alles goed is mag
ik dan terug.
- Nadine; Daar ben ik heel blij om.
- Britt: Al nieuws over Sofie? Die was toch ook gewond toen ik aan die
opdracht begon?
- Nadine; Tony zou er langs gaan maar ik heb niet gehoord of ze dat al gedaan
heeft.
- Britt; Is ze er dan niet vandaag?
- Nadine: Nee, ze is ziek.
- Britt: Bon, zal ik, als ik dan niet hier mag werken, maar eens op
ziekenbezoek gaan bij mijn beide partners?
- Nadine; Als het je niet teveel word?
- Britt; Ik moet het doen, en zo leren waar mijn grenzen liggen.
- Nadine: Ik ben blij dat het deze keer gelukkig goed is gekomen Britt. Ik
laat je NOOIT meer dit soort opdrachten doen. Daar kun je gerust op zijn.
- Britt; (zachtjes) Dank je Nadine.
- Als Britt buiten komt ziet ze dat het bijna twaalf uur is. Even korte
paniek: moet ze naar school omdat Dorien komt of blijft die over tussen de
middag?
- Net dan gaat haar telefoon. De school.
- Juf: Ik begrijp dat het langzaam iets beter met u gaat, maar het was niet
duidelijk of Dorien tussen de middag thuiskomt of overblijft. Ze wil wel graag
hier blijven.
- Britt; Kan dat? Ik ben vanmorgen nogal druk geweest met dokters en zo, dus
als het kan: heel graag.
- Juf: Dan wens ik u verder beterschap en zeg aan Dorien dat u haar om half
vier wel weer op komt halen.
- Zo heeft Britt wat meer tijd over en ze besluit om eerst bij Sofie langs te
gaan.
- Sofie: Britt?? (duidelijk niet verwacht die voor haar deur te zien)
- Britt; Sofie? Alles goed met je? Je kijkt of je een spook hebt gezien? Is
alles oké?
- Sofie: Ik kan net weer een beetje op de been, voor kort.
- Britt; Heb je nog veel pijn?
- Sofie: Ik loop op medicatie, maar ik werd zo stijf van het in bed liggen en
de fysio vond ook dat ik toch maar weer eens moest gaan bewegen.
- Britt: Ik vind het heel erg dat je zo te pas bent gekomen.
- Sofie: Ik was al lang blij dat jij niet bij in de wagen zat, dan had ik jou
ook nog op het geweten gehad. (met betraande ogen)
- Britt; Hey, je gaat nu toch niet verdrietig worden?
- Sofie: Sorry, dat komt van de pijn. Loop even mee naar binnen dan kan ik
weer gaan liggen.
- Britt ziet dat het Sofie heel veel moeite kost om te bewegen. Ze had bij het
ongeval flink wat ribben gekneusd en twee wervels waren gebarsten. De artsen
wilden die conservatief behandel, d.w.z. niet opereren maar met rust weer aan
elkaar laten groeien, maar dat duurde lang en was nogal pijnlijk.
- Britt;Kun je niet een korset of zo krijgen dat je wat meer gesteund bent?
Dan kun je ook wat beter bewegen.
- Sofie: Ik wil alleen maar warmte voelen.
- Britt; Mag ik je een beetje warmte geven?
- Sofie: HU?
- En dan geeft Britt spontaan een knuffel aan Sofie, die er geheel ontroerd
van raakt.
- Sofie: Dank je Britt, dat doet me echt goed.
- Nadat ze nog even een kwartiertje geklets hebben besluit Britt om weer weg
te gaan. Ze ziet dat Sofie helemaal op is. Ze wenst haar nogmaals beterschap,
geeft nog een knuffeltje en vertrekt dan weer.
- Eigenlijk is ze zelf ook op en wil het liefst gaan slapen, maar ze wilde ook
nog naar Tony.
- Die zou ze ook eerst kunnen bellen en wat afspreken. Dan had ze nog tijd om
een tukkie te doen voor ze Dorien uit school haalde en dan samen even bij Tony
langs gaan.
- Eenmaal thuis zet ze toch maar eerst de wekker. Bang als ze is dat ze zich
zal overslapen , de eerste keer dat ze Dorien weer uit school moet halen.
- Amper een been in bed is ze al vertrokken. Ze slaapt heel onrustig en
probeert alles te verwerken wat ze deze dag al had meegemaakt, en dat was
bepaald niet niets.
- Ze is blij als de wekker afloopt en vlug neemt ze een warme douche om zich
wat fitter te voelen.
- Bij school is ze precies op tijd. De bel gaat en als een van de eersten rent
Dorien naar buiten. Die is zo dolblij dat haar mama er weer is.
- Dorien: Hoi mama, wat fijn dat u weer bij school bent. Snel even langs oma
de spulletjes ophalen en dan gauw naar huis? Morgen hebben we vrij en kunnen
we lekker samen leuke dingen doen.
- Britt; Is goed. We gaan bij oma aan, en dan wil ik ook nog even naar Tony.
Nadine zei dat Tony nu ziek is. Kunnen we haar even beterschap wensen.
- Dorien: Mag ik deze tekening dan aan Tony gaan geven? Eerst was die voor u
maar ik denk ik dat ik voor u wel een hele mooie nieuwe tekening ga maken.
- Britt; Wat heb ik toch een ontzettend lieve dochter.
- Dorien: Mama?
- Britt; Ja Dorien?
- Dorien: Wat heb ik toch een ontzettend lieve mama.
- .... is Ann verrast dat Britt er zo opgetogen uitziet.
- Ann: Lekker geslapen Britt?
- Britt: Heerlijk. Het was zo fijn te weten dat Dorien weer terug is en dat ik
haar weer heel graag dicht bij me heb.
- Ann: Hoe is het gisteravond gegaan? Werd je nog bang even, toen je weer
alleen was?
- Britt: Een beetje wel, maar ik heb er niet aan toe gegeven.
- Ann: Goed zo. En heb je Tony nog gebeld, want dat zou je ook nog gaan doen?
- Britt: (zich ineens naar het hoofd grijpend) Shit !! Helemaal vergeten. Die
zal nu wel kwaad zijn dat ik mijn afspraken niet nakom.
- Ann: Denk je dat echt?
- Britt; Ja.
- Ann: Kom Britt, ik weet dat het niet altijd even gemakkelijk is om reëel te
blijven, maar dit?? Hier ga je toch geen schuldgevoelens van krijgen.?
- Britt; Zou ze me vergeven?
- Ann: Hoe zou je daar achter kunnen komen?
- Britt; Er heen gaan, maar ik durf dat niet.
- Ann: Britt, ik wil vandaag met jou een soort van behandelprogramma op
stellen. Een leidraad hoe w
|