 "Britt
en Johan"
- Britt zat voor haar bureau in het commissariaat pv's te
typen, samen met Sofie.
- Britt: Pfff, Sofie, ik HAAT pv's!!! ( verveeld)
- Sofie: jij niet alleen Britt ( zuchtend)
- Britt: heeft Nadine geen zaak voor ons?
- Sofie: een "nee" hebben we en een "ja"
kunnen we krijgen hé, dus we kunnen het eens gaan vragen.
- Britt en Sofie gingen naar Nadine.
- Britt: Nadine?
- Nadine: ja?
- Sofie: is er geen zaak voor ons?
- Plots ging Nadine haar telefoon
- Nadine: wacht even dames.
- ...
- Nadine: jullie hebben, geluk, er is juist een zaak binnen
gekomen.
- Britt: oho, jajajaja, waar???? ( opgevrolijkt)
- Sofie: rustig Britt
- Nadine: moord, aan het belfort.
- Britt: kom Sofie!!! we gaan er meteen naar toe, daag baas.
- Nadine: jaja, daag
- Britt en Sofie gingen vliegensvlug naar het belfort, waar
dat al een heleboel politie en dokters stonden. Ook Wilfried en Raymond
waren er al.
- Britt: Raymond? wat is er gebeurt?
- Pasmans: moord, een echte moord!!!!!!!
- Raymond: rustig Pasmans, rustig. Britt, man, rond de 40
jaar, neergestoken.
- Britt:.neergestoken.
- Sofie sloeg een arm rond Britt haar schouders, want ze wist
dat het nogal gevoelig lag, omdat mark ook was neergestoken.
- Sofie: gaat het Britt?
- Britt: jaja, dat denk ik toch. ( twijfelend)
- Sofie: anders breng ik je wel even naar huis, dan doe je
gewoon morgen terug mee met de zaak, we halen je er niet af, okej?
- Britt: Danku Sofie, breng je me dan even naar huis?
- Sofie: natuurlijk
- Sofie bracht Britt naar haar loft en vertrok terug naar het
belfort.
- Bij Britt thuis:
- Dorien: mama? wat is er?
- Britt: oh, Dorien, ik mis papa heel erg en vandaag is er in
het belfort ook een man neergestoken, het liet me gewoon veel aan papa
denken. ( half huilend)
- Dorien: Ohw, gaat het nu al wat beter?
- En ze sloeg een troostende arm rond haar heen.
- Britt: jaja, dankje Dorien.
- Britt maakte het eten klaar en ze gingen daarna vroeg
slapen.
- De volgende morgen op het commissariaat.
- Sofie: hey, Britt, gaat het een beetje
- Britt: jaja, Dorien heeft me goed getroost, en hoe ver
staan we?
- Sofie: heeeeel ver, we hebben een verdachte.
- Britt: heel goed gedaan Sofietje!
- Ze gingen alle twee naar het verhoor
- Britt: zo, meneer.
- Man: DeWilgh, Karel.
- Britt: okej, karel, weet je waarvoor je hier zit????
- Karel: neen
- Britt: waar was je vannacht tussen 02.00 h en 03.30 h?
- Karel: thuis
- Britt: kan iemand dat bevestigen?
- Karel: neen
- Sofie: okej, ik ga ineens zeggen waarom je hier zit, we
verdenken ja van moord, op meneer Vaendels.
- Karel: wat??? ik heb daar niets mee te maken! ik wil een
advocaat!
- Britt: okej, die kun je krijgen, maar kun je ook verklaren
waarom we een stukje van je jas hebben gevonden, vlakbij het lijk?
- Karel: ja! ik ben er gisteren avond nog langs geweest
- Sofie: hebben jullie ruzie gemaakt?
- Karel: ik zeg niets meer, alleen nog maar tegen mijn
advocaat.
- Sofie: Wie had je gewild?
- Karel: meester Van Lancker.
- Britt en Sofie verlieten het verhoor en contacteerde
meester Van Lancker. Een half uur later was meester Van Lancker aangekomen
op het commissariaat.
- Van Lancker: waar is mijn cliënt?
- Britt: verhoor 1!
- Van Lancker: okej, Danku
- Britt: pfff
- Britt had het niet zo met advocaten, ze had er een hekel
aan, zij stak ze in de cel en die advocaten praten ze dan vrij met een of
ander smoesje!
- Sofie: wat heb jij?
- Britt: ik HAAT advocaten.
- Sofie: hahaha, dat zie ik ja.
- Britt: we zullen maar moeten wachten tot dat die daar klaar
zijn in dat verhoor hé.
- Sofie: ja, misschien kunnen we nog wat pv's typen (plagend)
- Britt: een goed idee Sofie (plagend/gemeen)
- Sofie denkt: Sh*t.
- Uiteindelijk kwam meester Van Lancker het verhoor uit en
zei dat ze mochten komen.
- Britt en Sofie gingen terug naar het verhoor, waar karel
met zijn advocaat zat te wachten.
- Britt en Sofie maakten het de verdachte EN de advocaat heel
moeilijk.
- Britt: zo, alles even op een rij zetten : jij zegt dat je
het niet gedaan hebt, een stukje van je jas lag bij het lijk, vol
bloedspatten en er zat een scheur in je jaszak, waarschijnlijk van een mes.
- Hoe kan je dat allemaal uitleggen.
- Karel: ik zeg alleen nog maar dingen via mijn advocaat.
- Britt: zeg het dan GVD tegen je advocaat ( boos aan het
worden)!!!
- Sofie: rustig Britt!
- En ze verlieten het verhoor.
- Sofie: wat kreeg jij ineens?
- Britt: ik kan niet begrijpen dat hij het blijft ontkennen,
alle sporen lijden naar hem
- Pasmans: Britt, Sofie, snel, het moordwapen is
gevonden!!!!!!!!
- Britt: staan er vingerafdrukken op?
- Pasmans: ja
- Sofie: oké laat het checken.
- Een dag later zijn de resultaten binnen, de vingerafdrukken
zijn inderdaad van karel.
- Britt en Sofie gingen naar het verhoor, waar karel en zijn
advocaat zat.
- Britt: ja kan niet meer zonder advocaat zeker.
- Karel:.(zwijgt)
- Britt: okej, we hebben het moordwapen gevonden en rarara
- Sofie: je vingerafdrukken staan erop!
- Van Lancker: mag ik dat eens zien?
- Sofie: ja
- Britt: en???
- Karel: IK HEB ER GODVERDOMME NIETS MET TE MAKEN!!!!!
- Hij gaf Britt een slag in haar gezicht zodat ze bewusteloos
op de grond viel.
- Sofie: SNEL! hulp gevraagd!
- Pasmans kwam binnen gelopen en sloeg direct in paniek.
- Pasmans: Raymond, snel komen!!!
- Raymond: wat is hier gebeurt?
- Sofie: meneer hier, kon zich niet inhouden. Breng hem naar
zijn cel.
- Raymond: okej
- Raymond bracht karel naar zijn cel en ging snel terug naar
Britt toe, waar dat nu ook al een dokter was aangekomen.
- Sofie: en, dokter?
- Arts: alles komt goed, gewoon een paar blauwe plekken en
een scheurtje in de oogkas, maar daar ben ik niet zeker van, daar zullen we
een plaatje van moeten laten, nemen, ik stel voor dat ze morgen even langs
komt en dat ze nu wat moet rusten.
- Ondertussen was Britt al terug bijgekomen.
- Britt:. waaa.t is er gebeurt??? ( suf)
- Sofie: rustig Britt, ik breng ge onmiddellijk naar huis.
- Wanneer Sofie, Britt naar huis wil brengen komen ze meester
Van Lancker tegen op de gang.
- Van Lancker: ik geef de zaak op, het spijt me zeer van
meneer DeWilgh.
- Sofie: het is jou schuld niet hé.
- Britt:.
- Van Lancker: gaat het inspecteur?
- Britt: jha..
- En Sofie en Britt vertrokken naar de auto
- Sofie: heb je hem zien kijken????
- Britt: wat?
- Sofie: die advocaat!
- Britt: wat is daar mee?
- Sofie: briiiit, die heeft een oogje op jou meisje!
- Britt: Amaai, jij hebt veel fantasie!
- Sofie: ik meen het Britt, die was echt bezorgd!
- Britt: pfff, breng me nu maar naar huis!!!
- Sofie: hehehe!
- En Sofie bracht Britt naar huis.
- Bij Britt thuis:
- Britt: dot? ik ben al thuis hé
- Dorien: hey mama, zo vroeg al?. wat is er gebeurt???
- En ze wijst naar de blauwe plek onder Britt's oog
- Britt: een ongelukje op het werk, maar het gaat wel hoor.
- Dorien: okej ( onzeker )
- Britt: echt dot! het gaat goed!
- Ring, ring, Dorien's gsm gaat.
- Dorien: met Dorien
- Stem: het, met Simon, ik heb een vraagje over geschiedenis,
kan je het me even uitleggen?
- Dorien: vraag maar ( verliefde toon )
- Dorien helpt Simon en hangt daarna weer op.
- Britt: wie was dat?
- Dorien: Simon, een jongen uit mijn klas.
- Britt: je bent verliefd hé! (lachend)
- Dorien:.jha ( blozend/verlegen)
- Britt: och dot toch, het is niets, ik vind het zelf heel
goed voor jou, maar nu moet je toch naar je bed hoor
- Dorien: okej mammaaaa!
- De volgende morgen heeft Britt veel hoofdpijn. ze gaat naar
het ziekenhuis waar ze platen laat nemen van haar oogkas en ze heeft
inderdaad een scheurtje in haar oogkas. Terug op het commissariaat :
- Sofie: Britt? alles goed?
- Britt: hoofdpijn!!! en een scheur in mijn oogkas
- Nadine ( die net binnen gekomen was ) : dan ga je nu naar
huis!
- Britt: maar.
- Nadine: niets te maren Britt, nu aar huis (streng)!
- Britt: okej.
- Sofie: Ohw, Britt, wacht even, meester van lancker heeft
een envelop achtergelaten voor jou.
- Britt:.(verbaasd)
- Sofie geeft de envelop aan Britt, Britt doet die open en er
zit een kaart in met als titel : " veel beterschap "
- Sofie: hihi, hij is bezorgd.
- Britt: Sofie!
- En ze smeed de kaart in de vuilnisbak.
- Sofie: wat doe je nu?
- Britt: ik ga naar huis
- En Britt verliet het commissariaat met een zuur gezicht.
wanneer ze juist buiten is krijgt ze telefoon van de school van Dorien.
- Britt: ja? Michiels
- Directrice: euhm, er is op school een ongeval gebeurt met
Dorien en nog een andere jongen.
- Britt: wat?????!!!!! ik kom!!!!
- Ze gaat vliegensvlug naar de school van Dorien, waar ze een
aantal artsen en politieagenten ziet staan. Ze rent er huilend naartoe, maar
ze wordt tegengehouden door een paar agenten en artsen.
- Arts: mevr, het meisje.
- Britt:neeeeeeee!!!! (huilend/hysterisch)
- Arts: het valt goed mee mevrouw, een hersenschudding en een
gebroken arm, maar die jongen.
- Britt: wie is het?
- Arts: een zekere Simon
- Britt: oh nee dat is het vriendje van Dorien, hoe gaat het
met hem?
- Arts: niet goed, hij ligt in coma.
- Britth nee, mag ik naar mijn dochter?
- Arts: ja, ga maar
- Britt ging naar Dorien
- Dorien: mama? AU!
- Britt : sttt Dorien, het komt wel goed.
- Dorien:. en. Simon???
- Britt :. het gaat niet goed met hem
- Dorien: NEE (huilend)
- Britt: hij is in coma. het komt wel goed dot.
- Op de achtergrond hoort Britt de artsen tegen een man
schreeuwen.
- Arts: meneer, blijf rustig!
- Man: het is GVD mijn zoon!
- Arts: meneer van lancker, blijf aub rustig!
- Wanneer Britt dit hoorde draaide ze zich om en zag meester
van lancker staan.
- Britt: meester?
- Van lancker: inspecteur?
- Britt: is Simon jou zoon?
- Van lancker: ja ( huilend) weet jij iets meer over het
ongeval? of over hem?
- Britt: nee, alleen.
- Van lancker: wat???
- Britt: meester. hij ligt in coma
- Van lancker: hoe is dit in godsnaam kunnen gebeuren?
- Britt: ik weet het niet (huilend)
- Toen kwamen Sofie, Nadine, Pasmans en Raymond er ook aan.
- Sofie: Britt, gaat het??? (bezorgd)
- Nadine: Sofie, nu even niet eerst aan de mensen gaan vragen
wat ze gezien hebben.
- Sofie: okej
- Britt: Sofie? (huilend) kom je me vertellen wat er gebeurt
is?
- Sofie: natuurlijk
- Sofie, pasmans en Raymond gingen wat rond vragen wat er
gebeurt was.
- Sofie: Britt?
- Britt: ja? wat is er gebeurt?
- Sofie: ze wouden de straat over steken en toen kwam er een
bus om de hoek plotseling zag Sofie meester van lancker staan.
- Sofie: wat doet die hier???
- Britt: die jongen. is zijn zoon.
- Sofie: Ohw, ik ga hem even inlichten.
- Sofie ging naar meester van lancker.
- Sofie: meester?
- Van lancker: zeg maar Johan, ja?
- Sofie: Simon en Dorien zijn aangereden door een bus die om
de hoek kwam.
- Johan:. hoe is het met Dorien
- Sofie: het valt heel goed mee, maar Britt is er erger aan
toen
- En ze wees naar Britt die op een bankje zat te huilen.
- Johan: hoe bedoelt u? wat is er met haar? (bezorgd)
- Sofie: eerst die klap en nu dit, het word haar allemaal
teveel.
- Johan: ohw
- Sofie: ik ga even naar haar toe
- Johan: mag ik mee? ik kan toch niet bij Simon.
- Sofie: okej
- En ze gingen naar Britt
- Sofie: gaat het een beetje Britt?
- Britt: neen ( huilend)
- Sofie: alles komt goed Britt, é Johan?
- Johan: euhm, ja, met Dorien wel, maar met Simon.( half
huilend)
- Sofie: met Simon komt ook alles in orde Johan!!!
- Britt en Johan zwegen.
- Sofie: okej, ik ga verder doen. Britt? geraak jij thuis?
- Britt: jha.
- Sofie: Johan?
- Johan: jaja, maak je maar geen zorgen over mij.
- Sofie: okej, hou jullie sterk en breng me op de hoogte.
- En Sofie en de rest gingen terug aan het werk. Britt en
Johan reden naar het ziekenhuis, waar ze vol spanning zaten te wachten.
- Arts: mevr michiels?
- Britt : ja???
- Arts : Dorien mag terug mee naar huis, ze mag wel 2 weken
niet naar school want ze moet nog veel rusten.
- Britt: oké, Danku dokter, en. Simon?
- Arts: het gaat al wat beter, maar de eerste 48 uur zijn wel
beslissend
- Johan die dat laatste had gehoord barste in tranen uit.
- Arts: bent u zijn vader?
- Johan: ja (huilend)
- Arts: u mag morgen bij hem
- Johan: okej. (huilend)
- Toen dat de arts wegging, barste Johan weer in tranen uit
en Britt die dit had gezien ging naast hem zitten en legde een troostende
arm rond hem heen.
- Britt: het komt goed Johan.
- Johan: nee. als het goed komt houd hij er misschien iets
aan over. (huilend)
- Britt: Johan, hij komt erdoor, dot heeft me al veel over
hem vertelt en het is een sterke!!!
- Plots kwam Dorien eraan, huilend om Simon.
- Dorien: mama?
- Britt: ja?
- Dorien: Simon?.
- En ze barste in tranen uit.
- Britt: komaan dot, het komt zeker goed
- Dorien: ik hoop het.
- Op het einde van deze lange dag gingen Dorien en Britt naar
huis, Johan bleef alle nachten bij zijn zoon.
- Een paar dagen later op het commissariaat
- Sofie: Britt? jij moet toch nog thuis zitten
- Britt: ik verveel me daar.
- Nadine: michiels! bureau!
- Bij Nadine
- Nadine: Britt, je gaat nu naar huis
- Britt: maar.
- Nadine: naar huis!!!!!!!!!!!!!!
- En zo vertrok Britt naar huis en naar Dorien
- Britt: dot, ik ben thuis
- Dorien: nu al?
- Britt; ja, ik mocht niet werken van mijn baas Nadine
- Dorien: ohw, gaan we nu eens naar Simon?
- Britt: okej
- En ze gingen naar het ziekenhuis waar Johan met een
glimlach kwam aangelopen.
- Johan: hey (blij)
- Dorien: IS HIJ WAKKER?????
- Johan: jaja
- Britt: O, gelukkig!
- Johan: en alles is stabiel, hij houdt er niets aan over!!!
- Dorien: joepie, mag ik naar hem toe?
- Johan : ja ga maar
- Dorien loopt naar Simon's kamer en ze "tetteren"
daar zowat over alles
- Bij Britt en Johan:
- Johan: hoe gaat het met Dorien?
- Britt: goed, ze geneest snel
- Johan: en met jou?
- Britt: het valt wel mee, ik mag alleen de straat niet op
van mijn baas
- Johan: ohw, van die klap?
- Britt: jha. ( naar beneden kijkend)
- Johan tilde Britt's hoofd wat naar boven
- Johan: je blauwe plek is bijna weg ( lachend)
- Britt: jha. ( verlegen)
- Johan: ik ga naar Simon, ga je mee?
- Britt: ja
- Ze gaan naar Simon's kamer, waar ook Dorien nog altijd zat.
- Simon: hey, jij moet Britt zijn,de mama van Dorien
- Britt: ja, dat ben ik
- Simon: ik heb veel over je gehoort
- Britt: goede of slechte dingen??? ( kijkend naar Dorien)
- Simon: van Dorien goede dingen, maar.
- Britt: maar?????
- Simon: héhé, papa vind jou een koppige flik
- Britt: zozo
- Dorien: zegt Johan dat van mijn lieve mama??? Johan???
- Johan:., ja maar..
- Simon: hihi, auw
- Johan: haat het Simon?
- Simon: jaja
- Britt: we zullen anders jou even laten rusten, kom Dorien.
- Simon: daaaag, auw
- Britt: hou het rustig ja. héhé
- Dorien: daag Simon., dag LASTIGE advocaat ( plagend/gemeen)
- Johan: jaja, ik heb het al door hoor, daag.
- En zo verlieten Britt en Dorien het ziekenhuis.
- Bij Simon en Johan:
- Simon: jaja, pap!
- Johan: wat?
- Simon: moet jij mij niet iets vertellen?
- Johan: euhm neen
- Simon: alstublieft e papa, hoe je zat te kijken naar Britt,
dat zegt genoeg he.
- Johanat?
- Simon: je bent SMOORVERLIEFD!!!!
- Johan: Simon! dat is niet waar
- Simon: oh jawel
- Johan:.niet!
- Simon: je vind haar toch leuk?
- Johan: jha, dat wel, maar meer niet.
- Simon: echt niet?
- Johan: neen!
- Simonkej
- Johan: en dan ga jij nu lekker slapen.
- En zo ging Simon slapen en Johan ging voor de eerste keer
deze week naar huis met een gerust hart.
- Bij Britt en Dorien:
- Britt; Dorien, eten!!!
- Dorien: okej, ik kom direct
- En ze gingen samen gezellig eten.
- Tijdens het eten:
- Dorien: het is heel lekker mama, het is lang geleden dat je
nog eens goed gekookt hebt.
- Britt: merci hè Dorien, van uw dochter moet je het hebben.
- Dorien: het was niet slecht bedoeld, maar ben nu even
eerlijk, je kookt niet echt goed, sorry mama dat ik je gekwetst heb.
- Britt: het is niets dot, ik heb nooit goed kunnen koken.
- Dorien: hehe
- Britt: heeft michelle je huiswerk al komen brengen?
- Dorien: jha
- Britt: okej
- Dorien: mama???
- Britt : jha?
- Dorien : Simon heeft een smsje gestuurd waar iets in staat
over jou, hehe
- Britt: ahzo, over wat ging het?
- Dorien: over Johan, wat die van jou vind
- Britt: :s:s:s euhm
- Dorien: hij vind jou leuk zegt Simon. vind jij hem leuk?
- Britt: euhm, ja
- Dorien: hehe, ben je verliefd?
- Britt: neen Dorien.
- Dorien: spijtig. anders kon Simon meer blijven logeren
- Britt: ahzo, zo zit dat
- Dorien: hehe, het is toch waar zeker
- Britt: laten we nu over iets ander praten.
- Dorien: okej
- En zo praatte ze nog over zo wat van alles. Na het eten
ging Dorien naar boven en zond een smsje naar Simon
- Sms Dorien naar Simon : hey sim. Mama vind jou papa ook
leuk, hehe, dat gaat nog iets worden tussen die twee. slu xxx
- Sms Simon naar Dorien : hey dot. Hehe, wie weet. daag xxx
- Bij Simon en Johan, want Johan was al terug naar het
ziekenhuis gegaan.
- Simon: hey pap.
- Johan: hey
- Simon: pap?
- Johan: ja?
- Simon: euhm, ik heb het tegen Dorien gezegt dat je Britt
leuk vind.
- Johan: Simon!. ze zal het zeker tegen Britt zeggen.
- Simon: het is toch niet zo erg, je vind haar toch maar
gewoon leuk, is het niet???
- Johan: ja tuurlijk
- Simon: maar ze heeft het inderdaad tegen Britt gezegt en ze
heeft nog wat anders gevraagt ook
- Johan:.
- Simon: Britt vind jou ook wel leuk zegt Dorien
- Johan: euhm, ja se ( verbaasd)
- Simon: dat had je niet gedacht he pap (knipoogje)
- Johan: euhm, nee inderdaad
- Simon(denkt) : die is smoor!!!
- Simon: okej pap, ik ga slapen
- Johan: okej, dan ga ik maar weer naar huis.
- Arts: wacht even meneer.
- Johan:???
- Arts: Simon mag morgen al naar huis, hij geneest snel
- Simon: joepie!!!
- Johan: echt?
- Arts: ja
- Johan: dat is fantastisch.
- En de arts ging terug weg.
- Johan: ik ga onmiddellijk Britt en Dorien bellen, ik ging
hen op de hoogte houden
- En Johan belt naar Britt
- Britt: michiels
- Johan: hey, Johan hier
- Britt: hey (blij )
- Johan: Simon mag morgen al terug naar huis
- Britt: ooo, maar dat is fantastisch.
- Johan: inderdaad
- Britt: we komen morgen ochtend langs, is dat goed?
- Johan: ja zeker, om 09.00 h???
- Britt: is goed, tot morgen
- Johan: daag Britt
- Britt: daag Johan
- En ze legden de hoorn neer.
- De volgende morgen gingen Britt en Dorien naar het
ziekenhuis.
- Johan: hey, we wouden al naar huis gaan, we dachten dat
jullie niet meer gingen komen
- Britt: het was file
- Dorien: ja :s
- Simon: hehe, goed he dot, ik mag naar huis.
- Dorien: jha, dan kan je nog eens bij ons komen logeren
- Britt: hehe, Dorien, misschien he
- Dorien: zeker he ;-)
- Britt : :s:s:s
- Simon: wat is er?
- Britt: niets niets ( beetje kwaad kijkend naar Dorien)
- Dorien: neenee Simon, het is niets.
- Simon: okej
- Johan: Simon? kom we gaan naar huis
- Simon: okej, Dorien, Britt, gaan jullie mee?
- Britt: euhm,ik moet nog boodschappen gaan doen.
- Dorien: allé, mam, die kan je toch straks doen.
- Britt: maar Dorien, we moeten nog eten, het is al 13.00h.
- Dorien: mamaaa
- Brittorien!
- Simon : anders kunnen jullie toch bij ons eten
- Dorien: oooo ja mama? mag dat?
- Britt: Dorien, dat moet je niet aan mij vragen
- En ze keek naar Johan
- Dorien: Johan?
- Johan: euhm, wat zou ik zeggen.
- Simon: toeeeeeeeeeee....
- Johan: okej, als Britt dat goed vind.
- Britt: ja
- Dorien: joehoeee! danku mama
- Britt: hehe, je hebt geluk dat je niet naar school moet he
meisje.
- Dorien: jha
- Johan: wat willen jullie eten?
- Simon: papa gaan goed pasta, pasta en pasta maken dus.
- Britt: dan zal het pasta worden zeker.(lachend)
- Johan: ik denk het ja (lachend)
- En iedereen moest lachen
- Johan begon aan het eten terwijl dat Britt een
gezelschapsspelletje aan het spelen waren.
- Dorien: weer gewonnen!!!
- Britt: weer laatste
- Simon: hehe, je kan het niet halen tegen ons he, het is
niks hoor, papa kan ook ni winnen tegen mij.
- Johan: wat hoor ik daar?
- Simon: DAT JIJ NI KAN WINNEN VAN MIJ hehe
- Dorien: hehe, dan van mij zeker ni
- Britt: doe iets nuttig en ga Johan helpen, hehe
- Johan: jaja, jullie mogen de tafel al dekken.
- Dorien en Simon: alléééé
- Britt : hehe
- Terwijl dat Simon en Dorien de tafel gingen dekken, ging
Britt kijken bij Johan en de pasta.
- Britt: ziet er lekker uit.
- Johan: jazeker, het proeft zelfs nog lekkerder als het
eruit ziet.
- Britt: hehe, allé, haast u maar, wij verhongeren.
- Johan: kalm kalm
- Na een half uurtje was het eten klaar, het is ondertussen
al 14.00h
- Simon: eindelijk, hehe, smakelijk
- Dorien: smakelijk
- Britt:smakelijk
- Johan: smakelijk iedereen
- .
- Dorien: dat is keeiii lekker
- Johan: hehe, danku
- Britt: het is inderdaad heel lekker
- Simon: ja, ik ben dat al gewoon he
- Dorien: ik niet, mama kookt vreselijk slecht
- Simon: zo slecht zal dat wel niet zijn, want anders zat je
hier nu niet zo he
- Britt: eindelijk iemand die dat dat ook zegt!
- en iedereen moest lachen, ze aten verder en gingen dan de
tafel afruimen.
- Johan: zo, vonden jullie het lekker?
- Iedereen: ja
- Dorien: hier komen we meer
- Britt: Dorien!
- Dorien: sorry
- Johan: het is niets, en jullie mogen wel meer blijven eten,
he Simon?
- Simon: ja zeker, want het is niet zo gezellig met 2 en met
4 wel.
- Britt: eerst komen jullie eens bij ons eten, dan zien we
wel.
- Dorien:. gaan we dan pizza bestellen?
- Simon: hehehehe
- Johan: hehe..
- Britt: zozo, jullie moeten daar met lachen, als dat zo zit,
kom Dorien, we gaan naar huis.
- Simon: neenee, het was niet zo bedoeld
- Johan: nee, blij nog even.
- Britt: okej, okej
- Simon: tof! Dorien, kom je mee spelen, boven? (knipoog)
- Dorien: ja is goed.
- En ze gingen naar Simon zijn kamer.
- Johan: kan je echt zo slecht koken?
- Britt: jha, het is schandalig.
- Johan: dat snap ik niet, als je kookkunst echt zo slecht
is, dan.
- Britt: wat dan??
- Johan: ik bedoel, het kan niet slecht zijn, want je.
- Britt: wat ben ik?
- Johan:.mooi.
- Britt moest even slikken en dacht aan wat Dorien had gezegt
over Johan, dat hij haar wel leuk vond.
- Johan(denkt): oh nee, wat heb ik nu gezegt!, ik heb mijn
mond weer voorbij gepraat.
- Johan: sorry.
- Britt: het is niets, ik.
- Johan: laten we over iets anders praten
- Britt: ja, dat is misschien het beste, maar.
- Johan: wat?
- Britt: meende je dat?
- Johan: euhm. als ik nee zeg, dan lieg ik.
- Britt: ohw.(verbaasd)
- Johan: het spijt me, dat had ik niet moeten zeggen.
- Britt:.jawel.
- En ze keek Johan recht in de ogen, maar Johan draaide zich
snel om
- Britt: sorry
- Johan: het is mijn fout, ik ben erover begonnen
- Britt: Niet Waar Johan!!! het is allemaal mijn fout, ik
keek recht in jou ogen, ik ben verliefd op jou geworden, ik.
- Maar voor Britt haar zin kon afmaken gaf Johan haar een
innige zoen, maar juist dan kwamen Simon en Dorien naar beneden.
- Dorien: Simon! ik wist het! (wijzen naar Britt en Johan)
- Simon: inderdaad dot
- Dorien: mama? betekend dat nu Simon meer mag komen logeren?
- Britt: euhm.(betrapt)
- Simon:kom dot, we gaan nog maar even naar boven
- Dorien: okej
- En ze gingen naar boven
- Johan: Britt? (verliefd)
- Britt: ja?(verliefd)
- Johan: ik zie u echt heeeeel graag.
- Britt: ik u ook Johan.
- En de volgende kus was weer "history"
- Johan: blijven jullie ook vanavond eten?
- Britt: als dat mag
- Johan: natuurlijk
- Britt: ik moet wel om 21.30h thuis zijn, ik heb nog werk.
- Johan: okej, dan ga ik nu alvast het eten klaarmaken.
- Zo ging Johan het eten maken en later die avond moesten
Britt en Dorien naar huis en ze namen uitgebreid afscheid.Johan gaf Britt
een lange innige zoen.
- Simon: niet zo klef he pap.
- Dorien: hehe, ach Simon, laat ze toch
- Johan: Britt? je hebt een hele slimme dochter ;-)
- Britt: jaja, helemaal haar moeder.
- En zo gingen Britt en Dorien naar huis.
- Daar kreeg ze telefoon dat Karel was opgepakt en dat hij in
de gevangenis zat voor 6jaar
-
- EINDE!!!!!!
-
- MichkeSuperflikske
-
- Word vervolgt
-
|