Een ongeluk en een gijzeling

Zuchtend veegt Britt de mond van Dorien af. 'Kan jij nu nooit eens deftig leren eten? Zodra staat oma hier, en dan zal je weer wat horen...en eet verder! je hebt nog maar een halve boterham op!’
‘Ik heb geen honger mama!’ ‘ja Dorien, je zal toch moeten verder eten hoor… Oh nee, daar is oma al! Verdorie Dorien, eet voort.. Dag oma! Oh, Tony, kom binnen! Sorry…’
‘T is niks, je verwacht je schoonmoeder zeker?’ ‘Hoe raadt je het?’

‘Verdorie, kunnen die 2 nu nooit op tijd komen?’ Vanbruane loopt geïrriteerd naar het raam. ‘Ah, daar zijn ze. Eens zien, wat zou de reden nu weer zijn…’

‘Dierickx, Michiels, bureau!’ ‘Jullie zijn te laat’ merkt Raymond overbodig op. ‘Ja Raymond, bedankt voor de verduidelijking, i…’ ‘Ja, komt er nog wat van, dames? Jullie zijn al te laat voor de koffieklets hoor, ik heb een zaak voor jullie!’ ‘We komen eraan, baas!’ roept Tony snel. Gewoonweg, de dag begint voor een keer eens goed. Nou ja, hangt ervan af hoe je het bekijkt, natuurlijk.

‘Ja, Britt, Tony. Ga zitten. Ik heb een zaak.’
‘We luisteren, baas. Zegt u maar.’ Zegt Britt. Tony vraagt zich af hoe ze dat toch telkens weer doet – zo rustig en normaal antwoorden, juist nadat je schoonmoeder je weer eens heeft uitgefoeterd omdat je je dochter niet goed genoeg opvoed. Zij zou het nooit kunnen – daarom is Britt misschien ondertussen al hoofdinspecteur en zij slechts hulphoofdinspecteur. Of hoe ze het tegenwoordig ook alweer noemen.

‘Er is een vrouw verdwenen sinds vorige week vrijdag. Ja ik weet het Tony, dat is al 4 dagen geleden. Maar omdat jullie geen dienst hadden dit weekend, heeft de andere ploeg de zaak geopend – zonder al te veel succes, moet ik toegeven. Daarom krijgen jullie de zaak nu. Het gaat over Sabine de Becker, 33 jaar, 1 meter 73, halflang bruin haar – zo’n beetje zoals Tony. Ze heeft, voor zover de collega’s konden zeggen, geen familie meer en geen vijanden. Natuurlijk weten die collega’s waarschijnlijk niet alles. Aan jullie om uit te zoeken of ze ontvoerd of ik weet niet wat is, en door wie of at er gebeurd is. Hop, ingerukt, mars!’

‘Pfioew, die is blijkbaar niet al te goedgezind vandaag! Weet iemand hoe dat komt?’ ‘Geen idee Tony, ik denk dat ze dat voor zich wil houden als ze dat niet zegt, denk je ook niet? Nou, kom, we moeten aan de slag… Bij haar thuis is gaan zien? Wat denk je?’ ‘oké, jij bent de baas. Ik ben je hulpje.’ ‘Tony! Hou op met die flauwekul! Je weet dat ik je als m’n gelijke beschouw!’ ‘Jaja, jij wel, de hiërarchie echter niet!’ ‘Doe dan je examen, maar hou op met te zagen, en kom mee, als je toch zo graag bevolen wilt worden!’ ‘Oké, baas! Heil Britt!’

Zeg, wat heeft iedereen hier toch? Eerst Vanbruane die zo slecht gezind is, Tony die zo zaagt en Britt die zo kwaad wordt! Zeker de moeilijke tijd van het jaar?’ Zegt Pasmans. Hij heeft echt wanhoop ontwikkeld ondertussen, hij hoopt niet ooit nog aan een lief te komen – ze lijken allemaal altijd hun ‘moeilijke tijd van de maand’ te hebben als hij in hun buurt komt… Of zou het aan hem liggen? Dat kan toch niet, wat deed hij zo verkeerd?
‘Ik denk eerder dat ze allemaal geprikkeld zijn. Het moet toch echt toevallig zijn dat ze allemaal hun moeilijke tijd juist nu hebben, niet, Wilfried? Wat Britt betreft, ik hoorde dat haar schoonmoeder vandaag weer op Dorien past, en dat zou een ambetant mens zijn, zei ze me, en Tony zaagt altijd al… En Vanbruane, ja, misschien heb je over haar wel gelijk.’ ‘Maar Ben, Zo veel zaagt ze toch meestal niet?’ ‘Over wat hebben jullie het hier allemaal? Over vrouwelijke onderwerpen, heb ik verstaan?’ Vanbruane kijkt lichtelijk geïrriteerd rond. ‘Voor zij die het persé willen weten – nee, ik heb nu niet de moeilijke tijd van de maand. Ik heb een moeilijke tijd, maar dit is de moeilijke tijd van het jaar, voor mij persoonlijk toch. Nog vragen? Bedankt. En nu aan de slag allemaal, hop, de stad betaalt jullie niet om te discussiëren over de moeilijke tijden van de maand van de vrouwelijke agenten in ons korps!’

‘Oké, wat nu? De deur wordt niet opengedaan…’ foeterde Tony ongeduldig. Het vroor dat het kraakte, en ze had het ontzettend koud – en de manier waarop Britt tegen haar deed, deed haar eens te meer beseffen dat ze beter niet zo ambetant had gedaan daarjuist. ‘Britt, luister je eigenlijk nog wel?’ ‘Ja tuurlijk luister ik, maar wat moet ik zeggen? Ik weet ook niet alles hoor!’ Britt liep kwaad weg. ‘Britt! Britt, verdorie, kom terug, hou op met zo… Britt, kijk uit! Britt!!!’

‘Transmissie voor 401, 401, meld jullie’ ‘401 luistert.’ ‘E is een ongeluk gemeld aan de hofstraat nummer 12. Gaan jullie kijken?’ ‘Begrepen transmissie, we begeven ons ter plaatse.’

‘Sel! Ben! Eindelijk!’ ‘Tony? Wat is er gebeurd?’ ‘Britt… Ze… ik deed ambetant, en ze is kwaad weggelopen. Die auto reed veel te snel, en Britt... ze kon niet meer weg… Verdomme, ik had maar niet zo ambetant moeten zijn, verdomme!’ ‘Rustig maar Tony, het komt wel goed… Geloof me… Ben, ga jij even kijken? Ik breng Tony naar de auto, ik denk dat het beter is voor haar dat ze Britt nu niet ziet, je weet nooit…’ ‘oké, in orde. En hé, Dierickx… Trek het je niet aan, het is de schuld van die chauffeur. Britt is een harde, die geeft niet zomaar op!’ ‘Bedankt, mannen. Oh verdomme, ik haat mezelf, verdomme, ik vergeef het mezelf nooit als ze er niet doorkomt!’

‘Raymond, Pasmans, Britt heeft een ongeluk gehad, jullie doen wel verder zonder mij, oké? Tot straks!’ Vanbruane liep snel door de gang naar buiten. Verdorie, hoe kan dit nu gebeuren? En juist vandaag… alsof ze al niet genoeg problemen heeft op deze dag. En verdorie, Britt, waarom juist Britt? Britt heeft een dochter en geen man meer! En Britt is de hoofdinspecteur van het team… Nou ja, dat is momenteel niet het belangrijkste, Tony zou haar eventueel nog kunnen vervangen. Dat zal sowieso moeten, Britt zal niet direct terug zijn. Verdorie, kan er nu nooit eens iets normaal gaan in dit team? Flik zijn, tot daar aan toe, maar dit ongeluk heeft niets met het flik zijn te maken. 

‘Wat zou er gebeurd zijn? En wat bedoelde ze nu, Britt heeft een ongeluk gehad, ik bedoel, en Tony dan? Tony was toch bij…’ ‘Ja Pasmans, kan je nu even je kop houden! Nee, ik heb niet de moeilijke tijd van de maand, maar ik weet ook niet wat er gebeurd is, en hoe Britt eraan toe is, dat zullen we wel te horen krijgen! Maar hou nu op, en werk door!’ Pasmans hield geschrokken zijn mond. Tjee, als je nu al niet even over iets anders kan praten dan over werk, misdadigers en inbrekers… 

‘Vanbruane is daar. Gaat het, Tony?’ ‘Ja Sel, bedankt. Hoe is het met Britt?’ ‘Dat wou ik nu ook juist vragen. Gaat het, Tony? Kan je me eggen wat er gebeurd is?’

‘Haalt ze het, dokter?’ ‘Ik weet het niet, meneer. Het ziet er niet goed uit, maar ik heb wel een goede hoop. Het zal wel lang duren voor ze weer kan werken. Maar ik wil niet te snel gaan.’ ‘Bedankt, dokter. Ik ben al blij dat ik goed nieuws kan geven aan de anderen. Kan haar partner mee? Ze heeft het zien gebeuren.’ ‘Ik denk dat dat wel een goed idee is. Het is best om na zo’n ongeluk wakker te worden met een bekend en goed vertrouwd iemand naast je.’ (oké, bedankt. Tony! Tony, je kan meerijden. Kom!’ ‘Is dat wel zo’n goed idee? Ze liep van mij weg...’ ‘Tony, komaan, Britt heeft je meer dan nodig nu, laat haar niet in de steek!’ ‘Oké, Sel, je hebt gelijk. Bedankt. Ik ga mee.’

‘Jongens, snel! Raymond en Pasmans hebben een dreigbrief ontvangen op het bureau! Over die verdwijning waar de dames mee bezig waren!’ ‘Verdomme, daar had ik nu echt een zin in! Ik was liever ook naar Britt gegaan…’ ‘Wat is er Ben, verliefd?’ ‘Nee Sel, ik ben bezorgd! Jij niet? Britt is een leuk iemand, en ik zie niet graag gebeuren dat die vriendschap tussen haar en Dierickx kapotgaat, en al helemaal niet dat ze zo’n stom ongeluk heeft!’ ‘oké, oké, het is al goed, wind je niet op… Het was maar een grapje, maar als je zo gaat reageren, denk ik nog dat ik gelijk heb…’ ‘Sel…’ ‘jongens, komaan nu, die vrouw heeft ook aandacht nodig, voor Britt kunnen we nu niks doen!’ ‘Vanbruane heeft gelijk, ik stop. Kom, hoe sneller dit klaar is, hoe sneller we naar Britt toe kunnen!’ zei Sel, terwijl hij snel naar zijn motor liep. Ook Ben liep, nog hoofdschuddend en met gefronste wenkbrauwen, naar zijn motor. In alle geval, Britt had een goede kans het te overleven… Maar als hij de klootzak te pakken zou krijgen die haar had aangereden én verder was gereden, zou die er niet goed van zijn! Let maar ’s op…

‘Ah, zijn jullie daar? We hebben een dreigbrief en een dreigtelefoon ontvangen. Het zou over de vrouw die vermist is gaan – de zaak van Britt en Tony…’ ‘Ja oké Pasmans, dat is dan nu de zaak van ons allemaal. We gaan ons best doen dit goed op te lossen, zodat we Tony en vooral Britt niet de indruk geven niet zonder hen te kunnen – ze zouden direct terug hier staan, en ik denk dat ze beiden wel wat tijd nodig hebben voor ze terug komen.’

‘Eh baas? Ik heb beneden de schoonmoeder van Britt staan, met Dorien… Ze zegt dat Brit beloofd had te bellen wanneer Dorien echt jarig is…’ ‘Is Dorien jarig vandaag?’ ‘Ja Pasmans! Dat is niet het allerbelangrijkste nu! Carla, stuur ze maar naar mijn bureau. Maar stuur Dorien maar even bij Ben en Sel, ik denk dat het beter is dat ik eerst haar oma uitleg wat er is gebeurd.’ ‘Maar baas! Ik ben geen babysit!’ ‘Ben, dit is een bevel. En trouwens, laat Sel maar, die heeft toch meer aanleg voor kinderen. Nietwaar Sellatin?’ ‘eh… als u het zegt, baas…’

‘Sellatin!’ ‘Heeeey Dorien! Hoe gaat ie? Alles kits? Ik hoorde dat je jarig bent, proficiat! Hoe oud word je nu ook alweer?’ ’11!’ ‘amai, jij bent al groot zeg…’

‘Mevrouw…? Kan u even komen? Ik moet u even spreken…’ ‘Is er iets met Britt?’ ‘Ik denk dat u beter even bij mij komt, alstublieft.’

‘Tony…??’ ‘Britt? Ben je wakker?’ ‘Tony… Waar ben ik? Wat… Wat is er gebeurd?’ ‘Je… Je bent aangereden door een auto… je bent kwaad weggelopen omdat ik zo ambetant was… je bent in het ziekenhuis… Het spijt me… ik, ik…’ ‘Dat is jouw schuld toch niet? Ik, aaaa…’ ‘Britt? Ca va?’ ‘Jaja… ik voelde een steek.. ik denk dat ik beter blijf liggen… ‘ ‘Goed idee… ‘ ‘Maar hé, Tony, dat is jouw schuld niet… Ik zat met m’n gedachten niet bij het werk… Ik wou bellen, naar Dorien… Ze is jarig, en ik had beloofd om te bellen op het juiste uur van haar geboorte…’ ‘is ze jarig? Wacht, ik zal anders bellen dat ze komt?’ ‘oké… En hé, voel je niet schuldig.. Oké? Kun je aan Ben vragen of hij met Dorien komt?’ ‘Oké… Rustig aan he ondertussen!’
Tony liet een zucht ontsnappen als ze uit de kamer was. Nu was Dorien nog eens jarig ook… Allez, bellen dan hé… Maar waarom moest Ben komen? Die twee zouden toch niks beginnen? Bullshit, dat zou Britt nooit doen! Sel voelde iets voor Britt, dat wist iedereen (behalve Britt zelf), en Ben zou nooit wagen om dan iets te beginnen met Britt! Nee, waarschijnlijk voelde Britt ook wel wat voor Sel en was ze bang dat hij daar opeens zou staan, dat zou het zijn. Ja, dat was het.

‘Dorien, Dorien! Dorien, kom ‘s. Je oma moet je iets zeggen. Kom, ga maar binnen. Ik wacht hier wel even.’
‘Baas, ik heb telefoon gekregen daarjuist van Tony. Ze is bij Britt, en die heeft gevraagd of Ben met Dorien kan gaan.’ ‘Oké Sel, waar is Ben?’ ‘Hij is even aan het bellen met Merel. Merel en Britt schieten nogal goed op, en hij dacht…’ ‘Jaja, ’t is goed. Hoe was het met Britt?’ ‘Ging wel. Niet perfect, maar ook niet heel slecht. En ze heeft haar ruzie met Tony al bijgelegd.’ ‘Goed zo. Het is al erg genoeg dat we Britt voor een tijd kwijt zijn, als ze dan ng eens ruzie heeft met Tony… Ah, Ben! Je weet al wat Britt vroeg?’ ‘Eh… nee, sorry, ik belde met Merel…’ ‘Oké, Sel, leg jij het even uit, ik ga even’ ‘Ik wil naar mama! Nu! Waar is mama!’ ‘Kalm Dorien, een van die meneren gaat direct met jou naar het ziekenhuis. Kalm nu maar, het valt wel mee met mama.’ ‘Juist ja. Dorien, kijk ‘s, Ben gaat met jou naar mama. Goed? En dan gaan wij op zoek naar’ ‘die stoute meneer die mama heeft aangereden!’ ‘ja. Ga nu maar braaf mee met Ben, kom.’ ‘Kom Dorien, we gaan naar je mama toe. Enne, het valt wel mee hoor, met mama. Ze heeft alleen veel pijn en kan dus niet echt veel doen nu.’ ‘Waarom ga jij mee, en niet Sel? Mama hEeft Sel veel liever!’ ‘Eh, ik…’ ‘Laat maar, Ben. Ik moet hier blijven om die stoute meneer te zoeken. Dan kan ik daarna goed nieuws aan Britt brengen, snap je?’ ‘Ah ja, oké dan. Maarje moet komen, hé, want anders mak je mama verdrietig!’ ‘Oké, da’s goed. Ik kom zeker af. En, weet je wat? Je mag haar zeggen dat ik haar ook wel graag heb. Oké? Afspraak? Allez, hop, mee met Ben!’ ‘Dag Sel! Dag oma!’

‘Bon, ik ga dan maar naar huis. Belt u mij zodra u meer weet? En als u weet wat er met Dorien gebeurd?’ ‘Ja oké, wij zullen u verwittigen. U kan met mevrouw hier mee naar beneden.’
‘Baas! Ik heb het telefoonnummer en adres van waar er gebeld is daarjuist!’ ‘Ja. Dat is het voordeel van een Pasmans in je korps – wat er ook gebeurd, hij blijft verderwerken.’ ‘Raymond! We kunnen nu niets doen voor Britt, en die vrouw kunnen we waarschijnlijk wel helpen!’ ‘Ja, jongens, het is al goed. Wat is dat adres, Pasmans?’ ‘Bij die vrouw thuis…’ ‘ké, Raymond, Pasmans, Sel! Komaan!’ ‘He baas, en die auto die Britt…’ ‘Later Sel! Het gaat nu om het leven van die vrouw! Kom!’

‘Mama? Mama, waarom lig jij hier? En waarom wou je niet dat Selattin met mij kwam? Je hebt hem toch graag? En hij heeft jou ook graag, zei hij!’ ‘Dorien… niet te snel… Sel moet werken…’ ‘En Ben dan!’ ‘Oké, oké. Maar hey! Gelukkige verjaardag, meid!’ ‘Wanneer kom je naar huis? En waar moet ik blijven?’ ‘Eh…’ ‘Dorien. Mama komt niet zo snel naar huis nu. Als je wil, kan je bij mij op de boot logeren. Wat denk je? Lijkt je dat iets?’ ‘Jaaa! Mag ik, mama? Mag ik?’ ‘Ja, ’t is goed. En Dorien… Heeft Selattin dat echt gezegd, dat hij mij ook graag heeft?’ ‘Ja mama, echt waar! En ik moest het tegen jou zeggen!’ ‘Ah, oké… Dankjewel Dorien.’

‘Oké jongens, nu is het belangrijk om er voor te zorgen dat ze niet weten dat zij hierbinnen zitten. Of zaten. Raymond, Pasmans, langs achteren. Sel, wij gaan langs voor. Doe jij de deur open?’ ‘Oké baas!’ Pasmans en Raymond liepen snel naar achter. Raymond was er niet echt bij met zijn gedachten. Hij dacht aan Britt en Sel – Sel had er zijn gedachten helemaal niet bij, en straks liet hij zich nog te grazen nemen door één van die gasten, dan zou het spelletje helemaal mooi zijn! ‘Oké, papa is klaar. Romeo?’ ‘Romeo gaat binnen. Hou jullie klaar.’
Hij prutste aan het slot. Verdomme, waarom lukte dat nu niet? Hij was veel te zenuwachtig. Logisch, hij dacht ook alleen maar aan Britt. ‘Rustig, SeL. Straks ram je die deur er nog per ongeluk uit. Kom, laat mij even.’ Hij zette een stap achteruit. Ho zou het met Britt zijn? Hij hoopte dat het wel meeviel. En dat Dorien gelijk had – dat ze echt wat voor hem voelde. Hij was al een hele tijd op haar verliefd, maar durfde zijn gevoelens niet te uiten. Ze zaten tenslotte in hetzelfde team, en stel dat de gevoelens niet omgekeerd golden? Dat zou de samenwerking in het team niet echt bevorderen…
‘Oké, Romeo is binnen. Hou jullie klaar, wij checken het huis hier.’ ‘Oke, Papa is stand-by.’ ‘Kom je, Sel?’ ‘Jaja, sorry. Ik was even aan het denken… ik ben’ ‘Handen omhoog! Wapens neer! Nu!’ ‘Shit!’ ‘Nu! Nu, of ik schiet!’ ‘Benny, niet doen! Benny! Nee!’ ‘Kop dicht, stomme trut!’ Benny gaf een trap in de buik van de vrouw die achter hem in de deuropening was verschenen. Sel herkende de vrouw al de vrouw die was verdwenen. ‘Rustig maar. Onze wapens liggen op de grond. Wat wil je van ons?’ ‘Kop dicht, stommen Turk! Ik heb u niks gevraagd!’ ‘Benny…’ kreunde de vrouw achter hem. ‘Ja, wat is er nu weer, mens?’ ‘Wapen neer! Nu, of we schieten!’ ‘Nee, niet schieten! Schiet mijn zoon niet dood, alsjeblieft… Hij is de enige die ik nog heb, ik hou van hem!’ ‘Ma, verdomme…’ ‘Wapen NEER!’ ‘Verdomme…’ ‘Omdraaien. Tegen de muur gaan staan, armen en benen gespreid!’ ‘Gaat het mevrouw? Wat is er gebeurd?’ Vanbruane keek bezorgd naar de vrouw. Ze lag huilend op de grond. ‘Benny… neehee…’ ‘Rusitg maar. Voelt u ergens pijn?’ ‘De ambulance is daar, baas!’ ‘In orde. Bedankt, Pasmans en Raymond. Ik durf niet te denken wat er zonder jullie tussenkomst zou gebeurd zijn…’

Ze waren terug op het bureau. Sel staarde wat voor zich uit. Verdomme, het was echt wel een rotdag hé. Eerst Britt, die een ongeluk heeft, en dan nog ’s hij die zoveel met zijn gedachten bij Britt zit waardoor hij en Vanbruane onder schot kunnen genomen worden door die jongen. Als hij niet zo aan haar had moeten denken, was dit nooit gebeurd… Verdomme! 

‘ Goedemorgen. Wij zijn van Intern Toezicht…’ ‘Ja, heren. Komt u maar in mijn bureau. Hierlangs, graag!’ ‘Wat doen die hier? Toch niet om wat er gebeurd is met Britt? Of om wat er gebeurd is in dat huis?’ ‘Ik heb een fout gemaakt, Raymond. Het IT moet wel tussenkomen.’ ‘Sel, verdomme! Dat is bullshit! Je weet heel goed dat je geen fout gemaakt hebt, die gast had je sowieso onder schot genomen!’ ‘Niet waar, Raymond. Ik had beter moeten m’n opdracht uitvoeren.’ ‘Verdorie, Sel… Dat is niet waar, je’ ‘Pasmans, stilte even alsjeblieft… Sel, kan jij even bij mij komen?’

‘Shit zeg!’ ‘Wat is er, Ben?’ ‘Ze hebben die vrouw teruggevonden, maar de ontvoerder, die vrouw haar zoon, heeft Sel en Vanbruane onder schot kunnen nemen… Het IT beschuldigt Sel ervan zijn werk niet goed uitgevoerd te hebben, en Sel vindt dat ze gelijk hebben!’ ‘Shit, dat meen je niet! Verdomme!’ ‘Ik ga naar het bureau. Ik zeg tegen Sel dat hij naar Britt moet komen. Blijf jij hier?’ ‘Oké.’
Snel liep Ben naar buiten. Verdomme, hij had geen zin om opeens een andere partner te krijgen omdat Sel zogezegd een fout had gemaakt! Sel was de beste flik die hij kende, en hem ontslaan of sanctioneren was het laatste wat er mocht gebeuren!

‘Bon. Voor de laatste keer: waarom heb je je moeder gegijzeld??’ ‘Ik heb ’n moeder niet gegijzeld, en trouwens, wat doe ik hier? Ik heb niets misdaan!’ ‘Ja. Dat zal wel. Weet je wat, misschien kan je je geheugen gaan opfrissen in de cel, wat dacht je daarvan?’ ‘Hé? Maar ik heb niks gedaan! Laat mij gaan, jullie hebben het recht niet om mij hier te houden!’ ‘Dat hebben we wel, wees maar zeker!’ 
‘Pasmans! Waar is die jongen?’ ‘In de cel, baas, hij ontkende alles.’ ‘Dat kan ik niet geloven. Hij moet opgenomen worden – hij is geestesziek en zal zich ondertussen wel niet meer herinneren wat hij gedaan heeft. Zijn moeder heeft me alles uitgelegd.’ ‘Oh… oké, ik bel de wetsdokter wel even.’ ‘Oké. Dan is dat opgelost.’ ‘Baas! Waar is Selattin?’ ‘Ah, Selattin… Die heb ik met Ben naar het ziekenhuis gestuurd, nadat het IT hem duidelijk heeft gemaakt niet nog eens zo’n fout te maken. Maar nu komt hij er af met een berisping, wees gerust. Ik denk dat we van Sel nog niet af zijn – en van Britt ook nog niet, haha!’ ‘Gelukkig! En Ben en Tony?’ ‘Ik geloof dat Tony naar huis is met Dorien en dat Ben, na Sel afgezet te hebben en tot bij Britt gesleurd te hebben, ook naar huis is gegaan. Stout hé, die twee zo alleen in een donkere kamer achter te laten… Typisch ons team!’ ‘Oeioei… straks hebben we hier gekruiste teams! We zullen wel zien, zeker?’ ‘Dat zullen we zeker. Nu, jullie mogen naar huis. Dag mannen, tot morgen!’ ‘Tot morgen, baas!’

(Novhir)

Start Omhoog
* ©©©©© Alles op deze site is Copyright van de eigenaar en mag dus nergens anders geplaatst worden ©©©©©

*