Verlies
'Zo, weer een dag voorbij,' zegt Johan opgelucht. 'Nou als ik zie hoeveel
huiswerk we hebben, dan is deze dag nog lang niet voorbij,' zucht Frank. Johan
lacht even. Frank is altijd al iemand geweest, die altijd zijn huiswerk maakt.
Dat is misschien ook wel de reden dat ze al zo lang zulke goede vrienden zijn.
Ze zijn totaal verschillend wat school betreft, maar voor de rest hebben ze
dezelfde hobby's. 'Ja, ik moet ook maar eens een keertje wat aan mijn huiswerk
gaan doen,' beaamd hij. 'S Morgens heeft hij een gesprek gehad met zijn mentor
waarin duidelijk is gemaakt dat hij veel meer tijd aan school moet besteden om
dit jaar over te gaan. 'Tja, als jij zelfs je huiswerk gaat maken dan moeten we
maar snel naar huis gaan, voordat je weer van gedachten Verandert,' lacht Frank.
Samen lopen ze naar het fietsenrek. "Misschien is het een goed idee als ik
bij jou huiswerk ga maken, dan weet ik zeker dat ik wat doe,' oppert Johan. 'Dat
zal niet gaan, want ik moet naar de tandarts.' Ze stappen op de fiets en rijden
weg. Bij het kruispunt aangekomen zeggen ze elkaar gedag. Johan rijdt snel naar
huis. Hij is echt van plan om zijn huiswerk te gaan maken, want hij heeft er
geen zin in om nog langer op school te moeten zitten.
'Hij moet op slag dood geweest zijn,' zegt de lijkschouwer tegen Britt en Tony.
Ze kijken naar het lichaam van de jongen. Sel komt erbij staan: 'Het slachtoffer
heet Frank Metselaar, en hij is zestien jaar. Lichten jullie de ouders in?'
Britt en Tony knikken: 'Maar dan moet je wel eerst vertellen wat er exact is
gebeurd.' 'De jongen reedt rechtdoor en is aangereden door een auto die rechtsaf
wilde slaan. Na het ongeluk is de automobilist doorgereden. Dat is alles wat we
tot nu toe weten.' Britt knikt: 'Probeer uit te vinden om welke auto het gaat,
merk type, nummerplaat.' Sel knikt en geeft haar het adres van de jongen.
Britt en Tony stappen in de auto en gaan op weg naar de ouders van de jongen om
hun te vertellen wat er met hun zoon is gebeurd. 'Wat is het nummer?' vraagt
Britt. 'Het is 21, dat is hier,' en Tony wijst naar een eenvoudig huis. Britt
parkeert de auto en ze lopen naar het huis. Een vrouw doet open. 'Mevrouw
Metselaar?' 'Zeg maar Janneke,' antwoordt de vrouw. 'Britt Michiels, Tony
Dierickx, politie Gent, kunnen wij even binnenkomen?' De vrouw kijkt hun
geschokt aan maar opent de deur verder zodat Britt en Tony naar binnen kunnen.
Als ze op de bank zitten vraagt Janneke: 'Wat is er aan de hand?' 'Ik vrees dat
wij slecht nieuws voor u hebben. Uw zoon Frank is zojuist aangereden door een
auto en hij heeft het ongeval niet overleefd, het spijt ons.' Zegt Britt. De
vrouw kijkt verbaasd van de een naar de ander.
Op het moment dat het tot haar doordringt begint ze te huilen. Britt staat op om
een glaasje water voor haar te halen terwijl Tony de vrouw probeert te troosten.
'Als de vrouw een beetje is gekalmeerd vraagt ze: 'Wat is er precies gebeurd?'
'Dat zijn we nog aan het onderzoeken, maar op het moment weten we nog niet
precies wat er is gebeurd,' legt Tony uit. De vrouw knikt. Op dat moment komen
er twee mensen binnen. 'Wat is er aan de hand?' vraagt de man. 'Britt Michiels,
Tony Dierickx, Politie Gent.' 'Jan Metselaar en dit is onze dochter Amanda.'
Antwoordt de man. 'Wij hebben een slechte mededeling voor u, uw zoon Frank is
vandaag aan de gevolgen van een ongeval overleden, het spijt ons.' Het meisje
loopt naar haar moeder toe en begint te huilen. De vader huilt niet maar hij
kijkt zeer droevig. 'Wat is er gebeurd?' 'Dat weten we nog niet, maar we zijn
het aan het onderzoeken. Er is nog een ding. U moet uw zoon nog identificeren.'
De man knikt. 'Wij zullen u daar nog over informeren.' Zegt Britt en ze staat op
ze loopt even weg en belt dan met slachtofferhulp. Britt en Tony gaan weg op het
moment dat de vrouw van slachtofferhulp is aangekomen.
'Ik denk dat het een goed idee is als we nu naar huis gaan, de mannen zijn nog
bezig. Dus we hebben er niets aan om nog naar het commissariaat te gaan,' oppert
Tony. 'Daar ben ik het helemaal mee eens. Morgen gaan we naar de school van die
jongen Samen met iemand van slachtofferhulp. Zijn klasgenoten hebben ook recht
om te weten wat er is gebeurd.' Zegt Britt. Daar ben ik het mee eens, we kunnen
het een leraar niet aandoen om te vertellen dat een van hun klas is overleden.'
Zegt Tony. 'Ik haal je morgen op, ok. Acht uur!' zegt Britt. Tony lacht: 'Ik zal
het proberen.'
TRINNGGG. 'Tony's telefoon gaat,' ze kijkt op haar wekker en ziet dat het al
kwart voor acht is. 'Shit!' roept ze en ze neemt haar telefoon op. 'Tony..'
'Goedemorgen Britt... Nee, ik was al uit bed... Ja, ok dan zie ik je over een
kwartiertje.' Tony springt uit bed, kleedt zich zo snel mogelijk aan en eet twee
boterhammen, ze is precies klaar als de bel gaat. Ze loopt rustig naar de deur.
'Hallo, nog even mijn jas pakken,' zegt Tony. Britt kijkt haar lachend aan.
'Weet je zeker dat je al uit bed was toen ik belde,' vraagt ze. 'Ja, natuurlijk
ik weet toch wel dat ik uit bed ben of niet.' Antwoordt ze. 'Nou, zo mag je niet
mee,' zegt Britt nog steeds lachend. Tony kijkt haar verbaasd aan en merkt dan
pas dat ze haar trui binnenste buiten aan heeft. 'Ok ik geef het toe, ik heb mij
verslapen. Dat kan toch iedereen overkomen?' 'Ja, een keer is niet zo erg, twee
keer ook niet, drie keer kan nog, maar,' zegt Britt. 'Ja ja, nu weet ik het wel,
het zal niet meer gebeuren.'
De receptioniste is zo aardig om even met hun mee te lopen naar het lokaal van
de klas van Frank. Op het moment dat ze willen aankloppen komt er een jongen de
gang binnengestormd. 'Dat is Johan, hij is volgens mij de beste vriend van
Frank, maar ik kan het mis hebben,' zegt de receptioniste. Op het moment dat
Johan de receptioniste ziet zegt hij: 'Ja, u was er niet dus ik kon geen briefje
halen. Ik weet dat ik te laat ben en het zit zo.' 'Het is al goed,' zegt de
receptioniste, 'maar de volgende keer moet je wel een briefje halen, beloofd?'
Johan knikt opgelucht. 'Deze dames moeten ook bij jouw in de klas zijn dus loop
maar Samen met hun naar binnen.' Johan kijkt naar de drie dames en knikt weer.
'Sorry dat wij uw les komen verstoren,' zegt Tony tegen de onderwijzer die hun
verrast aankijkt. Britt richt zich tot de klas: 'Dit is Tony Dierickx en ik ben
Britt Michiels, wij zijn van de politie.' Een paar leerlingen worden onrustig.
'Ik vrees dat wij een vervelende mededeling voor jullie hebben en daarom hebben
we Anne Tervoet ook meegebracht.' Alle leerlingen kijken haar nu angstig aan.
'Frank Metselaar is gisteren op weg van school naar huis aangereden door een
auto. Aan de gevolgen van die aanrijding is hij overleden.' Leerlingen kijken
elkaar aan en een deel begint te huilen. Britt werpt snel een blik op Johan die
wazig en geschokt en bedroefd voor zich uitkijkt. 'Anne zal hier blijven, ze is
van slachtofferhulp en ze zal proberen jullie te helpen.' Tony praat even met de
docent om uit te vinden wat voor leerling Frank was en wie zijn mentor was.
Britt loopt ondertussen naar Johan: 'Gaat het een beetje?' 'Is hij echt dood?'
'Ja, als je wil weten wat er is gebeurd dan kan je altijd bellen, maar op dit
moment weten wij ook nog niet precies wat er is gebeurd.' Ze geeft hem haar
kaartje en als ze wegloopt legt ze nog even haar hand op zijn schouder.
Op het moment dat ze weer buiten stonden zei Tony: 'Het was een hele populaire
jongen, zowel bij de docenten als bij de leerlingen. Hij haalde altijd goede
cijfers en hij had zijn eigen mening. Hij trok zich van niemand iets aan en ging
zijn eigen weg. Johan was zijn beste vriend en dat was ook de enige die de
mening van Frank kon Veranderen. Volgens de leraar waren Frank en Johan altijd
Samen, onafscheidelijk noemde hij het.' Britt knikte: 'Arme jongen.' Ze gaan nog
even naar de rector om die ook op de hoogte te brengen. Daarna gaan ze terug
naar het commissariaat. Zowel Britt als Tony hoopt dat de mannen wat te weten
zijn gekomen, maar ze vrezen allebei dat het niet zo is.
Pasmans komt ze tegemoet stormen als Britt en Tony richting teamlokaal lopen.
'Ik zal even koffie halen,' zegt Tony. 'Ik heb misschien iets!' roept Pasmans.
Britt kan haar nieuwsgierigheid niet verbergen: 'Vertel op!' 'Raymond en ik zijn
gisteren uren bezig geweest met het horen van getuigen. De jongen reed redelijk
snel voor een fietser. Alsof hij te laat was voor iets. Op het moment dat de
jongen voor de afslag naar rechts is komt er een auto aanscheuren. De auto ziet
de jongen over het hoofd en boem. De jongen vliegt door de lucht en overlijdt
direct. De auto rijdt door alsof er niets is gebeurd. Een mevrouw die net kwam
aanlopen en zag wat er was gebeurd heeft toen de nummerplaat van de auto
opgeschreven.' 'Dat is zeker goed nieuws. Heb je het adres er al bijgezocht?'
zegt Britt. 'Natuurlijk, hier is het.' Zegt Pasmans trots. 'Trouwens je zei dat
de auto kwam aanscheuren, hoe hard reed de auto ongeveer?' vraagt Britt. 'Een
man die zelf ruim 70 reed werd door de auto ingehaald. Dus we kunnen zeggen dat
de auto meer dan 70 reed en dus in overtreding was, want de toegestane snelheid
bedraagt daar 50.' Antwoordt Pasmans. 'Je hebt die chauffeur toch geen bekeuring
gegeven?' vraagt Tony die aankomt lopen met de koffie. 'Nee, ik had geen
bewijzen en bovendien heeft hij ons geholpen, ik kon hem toch geen bekeuring
geven.' Zegt Pasmans teleurgesteld. 'Mooi, en Wilfried goed werk,' zegt Britt.
'We gaan direct op weg,' zegt Britt. 'Nee, ik drink eerst mijn koffie op, dan ga
ik pas weg,' zegt Tony. Britt stemt lachend toe. Als ze de koffie ophebben gaan
ze naar het adres van de automobilist toe. 'Tony Dierickx, Britt Michiels,
politie Gent, kunnen wij even binnenkomen meneer de Bruin.' 'Stijn,' zegt de
man. 'Gisteren heeft uw auto een ongeluk veroorzaakt, waarbij een dode is
gevallen. Wij hebben net al even naar uw auto gekeken en ter hoogte van de
portier zit een flinke deuk.' De man kijkt Britt niet begrijpend aan. 'Die deuk
is gekomen doordat er gisteren een auto tegen de mijne is opgereden tijdens het
parkeren op mij werk. Ik heb geen ongeluk veroorzaakt, wanneer was het ongeluk?'
'Ongeveer 16:15,' antwoordt Britt. 'Oh, toen had ik een afspraak met een klant
op de zaak. Er zijn genoeg mensen die dat voor mij kunnen getuigen.' 'Wat voor
een bedrijf heeft u?' vraagt Tony. 'Een bouwbedrijf.' Antwoordt Stijn. 'Dan
zitten we met een probleem, uw auto heeft een ongeluk veroorzaakt, maar u reed
er niet in. Wie dan wel?' concludeert Britt. 'Nou, Marcel gebruikt de auto wel
eens. Trouwens gisteren heeft hij de auto geleend om naar de dokter te gaan. Hij
heeft namelijk al een hele tijd last van hoofdpijn.' Bedenkt Stijn zich. 'Hoe
laat was die afspraak bij de dokter?' vraagt Tony. 'Nou.. denkt u dat ik dat
weet.' 'Ongeveer, 's morgens, 's middags.' Helpt Britt Tony. 'Laat in de middag,
zeker na drie uur.' Britt en Tony kijken elkaar aan. 'Wat is de achternaam en
het adres van Marcel?' vraagt Britt. Stijn pakt een papiertje schrijft de naam
en het adres op en geeft het aan Tony. 'Bedankt.'
'Pasmans, kunnen jij en Raymond deze man ophalen, zijn adres staat erbij en als
hij niet thuis is dan is hij waarschijnlijk op het bouwbedrijf, dat adres staat
op het andere kaartje.' Zegt Britt. 'Heeft het met dat ongeval te maken?' vraagt
Pasmans. 'Ja, deze man reed waarschijnlijk in de auto van meneer de Bruin op het
moment van het ongeval, maar dat weten we nog niet zeker.' Pasmans roept Raymond
die vermoeid kijkt. 'Ik typ de verklaring van meneer de Bruin even uit. Kan jij
dan ondertussen koffie halen en Marcel de Ruyter in het Rijksregister opzoeken?'
vraagt Britt. 'Natuurlijk,' antwoordt Tony, die blij is dat Britt de verklaring
uit wil typen. Als Tony net weg is gaat Britts telefoon. 'Michiels.. Ja, dat
begrijp ik. We zijn ermee bezig, maar we zijn er op dit moment nog niet uit. Ik
denk dat we vanavond wel klaar zijn. Als je rond een uur of acht langskomt dan
zal ik het uitleggen.. Ok, tot acht uur.' 'Johan wil weten wat er is gebeurd, ik
heb hem gezegd dat hij vanavond kan langskomen.' Legt Britt uit. 'Hier is je
koffie en Marcel de Ruyter is een brave inwoner van Gent. Een paar parkeerboetes
en twee snelheidsovertredingen. Hij woont alleen en heeft geen kinderen.' Britt
knikt: 'Ga jij even naar Vanbruane, zij heeft ook recht op uitleg.' Tony knikt
en loopt naar het kantoortje van Vanbruane.
'Britt, Marcel de Ruyter is er.' 'Bedankt, Pasmans.' Britt typt snel de laatste
woorden van de verklaring uit. 'Tony ga jij maar vast, ik kom direct,' zegt
Britt.
'Marcel de Ruyter, volgens meneer de Bruin heb jij gisteren na drie uur zijn
auto geleend. Ik zou graag willen weten waar uw dokter is en hoe laat u daar
moest zijn.' Begint Tony. 'Ik was op weg naar het AZ Sint Lucas. Daar had ik een
afspraak om halfvijf en ik was onderweg met de auto van Stijn.' Zegt Marcel.
'Waarom bent u doorgereden?' vraagt Britt die net binnen is gekomen. 'Marcel
buigt zijn hoofd. 'Ik wilde het niet. Ik was op weg naar het ziekenhuis en ik
was te laat van het werk vertrokken. Daarom reed ik hard. Ongeveer 80, denk ik.
Op het moment dat ik afsloeg voelde ik een klap. In mijn spiegel zag ik iemand
door de lucht vliegen. Ik reed in de auto van Stijn en ik dacht dat jullie er
nooit achter zouden komen. Het ongeluk was mijn schuld.' Britt kijkt hem aan:
'Weet je hoe het met die jongen is?' 'Ik begrijp niet hoe jullie erachter zijn
gekomen,' negeert hij de vraag. 'Die jongen heeft het ongeluk niet overleefd,'
zegt Britt. Marcel blijft onaangedaan voor zich uitkijken. 'Sluit hem op,' zegt
Tony en ze lopen weg.
Britt belt met Stijn de Bruin en Tony licht Vanbruane in. Britt werkt
ondertussen de verklaring van Marcel uit. Ze probeert in de verklaring door te
laten schemeren dat hij geen spijt heeft van wat hij heeft gedaan. 'Vabruane is
blij dat de zaak zo snel is opgelost en vind dat we het verdienen om nu naar
huis te gaan.' Zegt Tony. 'Ik blijf, want om acht uur komt Johan. 'Maar jij kan
wel gaan, dat kan ik ook wel alleen.' Zegt Britt. 'Bedankt en tot morgen.' 'Tot
morgen.'
Britt kijkt verveelt voor zich uit, Stijn de Bruin had er al moeten zijn. De
mannen zijn net geweest en ze heeft hun de zaak uitgelegd. Toen de mannen
hoorden dat de zaak af was en dat Britt al bezig was met het regelen van de
laatste dingen gingen ze direct naar huis. 'Britt? Meneer de Bruin voor u.' zegt
Carla. Britt die diep in gedachten verzonken is kijkt om. 'Ah, hier heb ik uw
verklaring. Als u die zou willen doorlezen en ondertekenen.' Britt geeft de
verklaring aan Stijn en die begint te lezen. Tien minuten later zet hij zijn
handtekening. 'Hoe oud was die jongen eigenlijk?' vraagt hij. 'Zestien.'
Antwoordt Britt. Ze ziet aan het gezicht van Stijn dat hij het erg vindt wat er
is gebeurd.
Britt belt Dorien om te zeggen dat ze pas rond een uur of negen thuis is. Dorien
vindt dat helemaal niet erg, want dan mag ze extra lang opblijven. Toch moet
Britt beloven dat ze morgen dan wel op tijd thuis is. Britt belooft het. Daarna
belt ze met de ouders van Frank om te vertellen wat er is gebeurd. De ouders
zijn blij dat ze weten wie de dader is. Het verzacht de pijn. Ze besluit de
onderzoeksrechter maar direct te bellen. Dan kopieert ze de dossiers en stuurt
ze per koerier naar de onderzoeksrechter. Als ze klaar is is het 5 over 8. Ze
haalt koffie en wacht op Johan. Even later komt Carla Samen met Johan aanlopen.
'Hallo, ga hier maar zitten en ze wijst naar de stoel die ze al voor haar bureau
had gezet.' Zegt ze vriendelijk. 'Hoe gaat het nu met je?' 'Ik voel mij leeg,
Frank was mijn beste vriend. Nu is hij er niet meer. We kennen elkaar al sinds
we vier zijn en sinds die tijd doen we alles Samen. Ik heb het gevoel dat er ook
een deel van mij is gestorven nu Frank dood is.' Legt Johan uit. 'Ik weet hoe je
je voelt, maar ik zal vertellen wat er is gebeurd.' Zegt Britt. 'U kan helemaal
niet weten hoe ik mij voel.' Zegt Johan geïrriteerd. 'Die Anne zegt dat ook de
hele tijd, maar zij heeft niet haar beste vriend verloren en u ook niet!' Britt
zucht en krijgt een trieste blik in haar ogen: 'Mijn man is een paar jaar
geleden neergestoken.' 'Sorry,' verontschuldigd Johan zich. 'Maar wat is er
gebeurd?'
Britt kijkt hem aan: 'Frank was op weg van school naar huis. Een automobilist
zag hem niet toen deze wilde afslaan. De auto reed veel te snel. Frank kon er
helemaal niets aan doen. Na het ongeluk is de auto doorgereden. Gelukkig waren
er getuigen die de nummerplaat hadden genoteerd. Daardoor konden we de
automobilist aanhouden. Hij heeft bekend.' 'Ik ben blij dat jullie de dader te
pakken hebben, maar wat voor straf krijgt die automobilist?' vraagt Johan. 'Dat
beslist de rechter,' antwoordt Britt, 'daar hebben wij niets over te zeggen.'
'Ik hoop dat ze hem lang opsluiten. Hij heeft ervoor gezorgd dat ik levenslang
heb, mijn vriend is voor altijd weg. Ik zal hem de rest van mijn leven moeten
missen.' Zegt Johan. 'Je hebt gelijk, maar je moet ervoor zorgen dat je je niet
richt op de dader. Je moet zorgen dat je Frank herinnert zoals hij was en ik
weet zeker dat Frank wil dat je ervoor zorgt dat je toch iets van je leven
maakt.' Zegt Britt. 'Ik ben nu verschrikkelijk boos op de dader, maar je hebt
gelijk. Ik moet ervoor zorgen dat ik mijn leven opbouw. Frank is er dan wel niet
meer, hij zit in mijn hart en in mijn hoofd.' Johan kijkt zeer droevig voor zich
uit. 'Het is niet erg op je emoties te tonen. Het zal even duren, maar
uiteindelijk leer je ermee te leven.' Zegt Britt. 'Ik zal ervoor zorgen dat het
een plaats krijgt in mijn leven, maar ik zal ervoor gaan. Bedankt.' Hij staat op
en loopt weg. 'Frank zit in mijn hoofd en in mijn hart, hij is nog niet helemaal
dood,' denkt hij. Britt kijkt hem na: 'Hij redt het wel, hij is vastbesloten om
het een plaats in zijn leven te geven. En hij zal Frank nooit vergeten.' Denkt
ze. Ze pakt haar jas en gaat op weg naar huis. Onbewust denkt ze na over haar
reactie net nadat ze had gehoord dat Mark dood was. Er waren veel overeenkomsten
met Johan en ze had medelijden met hem. Hij ging een zware tijd tegemoet...
Einde
Ietje_Pool
|