Bang
voor je vrouw
Het is zaterdag ochtend, Britt ligt nog op bed, maar hoort dat Dorien vrolijk
in de keuken bezig is. Voor Dorien is gister de vakantie aangebroken, ze kwam
met een prachtig rapport thuis. Vandaag gaan ze samen winkelen met Sofie want
over anderhalve maand is de trouwerij van Sofie al. Britt mag van Sofie niet
mee, omdat ze dan ook haar jurk te zien krijgt. Niet veel later komt Dorien met
een dienblad de slaapkamer binnen lopen.
Britt : Lekker schat.
Dorien : Ik ga het niet de hele vakantie doen hoor, dan moet ik veel te
vroeg mijn bed uit.
Britt : Dat hoeft ook niet hoor schat, ik vind het leuker als je het
zo spontaan doet.
Dorien lacht en kruipt bij haar moeder in bed en ze beginnen samen aan hun ontbijt.
Karin : Je bent toch een enorme nietsnut, je kan echt helemaal
niets.
Frank : Schat, het spijt me, ik zal het meteen maken.
Karin : Dat had niet gehoeven, als jij het gelijk goed in elkaar had
gezet.
Dan begint Karin op haar man Frank in te slaan. Frank duikt in elkaar. het was
weer eens zo ver. Hij is niet zo goed in klussen en nu is er een kastje uit
elkaar gevallen. Karin slaat hem regelmatig als ze een rotbui heeft of als er
iets in huis kapot gaat. Ook de kinderen krijgen er wel eens van langs. Weggaan
durf hij niet omdat hij bang is dat zijn verhaal niet geloofd wordt en dat zijn
kinderen bij zijn vrouw blijven.
Ik het slaapkamertje boven de woonkamer horen Sanne en Rachel hun moeder
tekeer gaan. Ze zijn bang, omdat Sanne in haar bed heeft geplast, gister mocht
ze niet meer naar de wc en ze mogen ook niet hun kamer uit voor het 9 uur is.
Hun moeder wordt dan altijd al snel boos, maar als ze al boos is wordt het veel
erger. Zeker nu het zomer is, is het verschrikkelijk, als ze striemen of plekken
hebben mogen ze andere die niet zien, dat betekend dat ze lange kleding naar
school aan moeten. Het is nu zomervakantie en dat betekend dat ze dan niet naar
buiten mogen als ze niet heel goed luisteren.
Britt : Goedemorgen Tony.
Tony : Goedemorgen Britt, je bent laat.
Britt : Ik neem u gewoonte nu al over.
Tony : Valt allemaal toch wel mee?
Britt : Ja, hoor. Ik kreeg van Dorien ontbijt op bed, alleen de thee
ging er na een tijdje overheen, het dienblad glee van mijn schoot.
Tony : Dus dat wed nog eens bed verschonen en dan pas Dorien bij Sofie
afzetten?
Britt : Nee, Ze ging zelf naar Sofie op de fiets, maar het fietssleuteltje
was weer eens weggelopen.
Tony : Wat doet die meid daar dan mee?
Britt : Ergens neergooien, maar ik heb gezegd dat ze er wel beter op moet
letten als ze na de vakantie op de fiets naar school wilt gaan.
Tony : Het ophalen zat?
Britt : Nee, maar dadelijk wil ze het niet meer en ze wordt al te oud
daarvoor.
Tony : Ze is dan natuurlijk de oudste van de school.
Britt : Daarom.
Sanne lag huilend in haar slaapkamer, haar huid gloeide nog na van de klappen
die ze had gekregen. Rachel is bezig het bed van haar zusje te verschonen. Zelf
had ze ook wel een paar klappen gekregen, maar die vielen wel mee.
Sanne : Ik wil niet meer geslagen worden.
Rachel : Ik ook niet.
Sanne : zullen we weglopen en het aan de politie vertellen?
Rachel : Maar dan komen we in een kindertehuiswaar heel slecht voor je
gezorgd wordt.
Sanne : Daar slaan ze toch niet?
Rachel : Dat weet ik niet.
Sanne : Dan loop ik weg en ik ga ergens anders wonen.
Rachel : Ik ga dan met je mee, ik blijf hier niet alleen.
Tony : Is er echt geen zaak voor ons?
Britt : Nee, en kijk uw bureau, je bent hier pas twee weken terug en
het ziet er uit of je er al een jaar niet meer wat aan hebt gedaan.
Tony : Dat valt toch wel mee?
Britt : Ik zal denk ik moeten wennen, omdat Sofie wat opgeruimder was.
Tony : Ik zal wel aan het werk gaan.
Nick en Bruno hebben net een oproep gekregen dat een arts in het AZ sint
Lucas in elkaar is geslagen door een cliënt en hij wil natuurlijk aangifte
tegen deze persoon doen.
Nick : Nick Debbaut, en dit is mijn collega Bruno Soetaert, wat is
er gebeurd?
Arts : Een Marokkaanse vrouw kwam met haar man op het spreekuur, een
kennismaking. Ik gaf de man en daarna de vrouw een had, waarop de man me ineens
een paar flinke kletsen heeft gegeven en ze zijn weer weg gegaan.
Bruno : U bedoelt dat hij dat zonder aanleiding van iets heeft gedaan?
Arts : Ja, ik begrijp het echt niet, ook mijn collega die me heeft verzorgd
snapt het niet.
Nick : Wat heeft u er aan overgehouden?
Arts : Een gebroken neus en zo als u ziet wat blauwe plekken.
Bruno : Zouden we de gegevens van die patiënt mogen?
Arts : Hier is hun adres.
Dorien en Sofie lopen de bruidswinkel in, daar horen ze een bekende stem, als
ze verder lopen zien ze Nadine in een trouwjurk staan en Sofie schiet
verschrikkelijk in de lach.
Nadine : Vind je hem niet mooi Sofie?
Sofie : Jawel, maar hij is precies de mijne.
Dorien : Dan kan ik mijn jurk ook op het huwelijk aan van u en Ben.
Nadine : Dan meen je niet Sofie.
Sofie : Ja, echt waar.
Nadine : We moeten dan wel onze mond houden, ook jij Dorien.
Dorien : Ik zal zwijgen.
Sofie : Er is gelukkig wel een verschil, ik heb een dikke buik en u niet.
Nick : Zo slecht zag die arts er ook niet uit dat je hem in elkaar gaat
slaan?
Bruno : Nee, laten we maar met die mensen gaan praten.
Nick : Weet je of ze Nederlands spreken?
Bruno : Nee, maar ze wonen al 4 jaar in Gent.
Nick : Dat zegt niets, maar hij werkt hier ook?
Bruno : Geen idee, zullen we ze eerst eens gaan natrekken op het
commissariaat en ze daar gewoon uitnodigen?
Nick : Ja dat is goed.
Carla : Britt en Tony, hebben jullie war te doen?
Britt : Een stapel PV's.
Carla : Een man wil aangifte doen dat zijn kinderen zijn weggelopen.
Tony : Ik welk verhoor zit hij?
Carla : In verhoor 3.
Tony weet niet hoe snel ze moet opstaan en Britt loopt haar lachend achterna. In
het verhoor is de sfeer wat minder vrolijk.
Frank : Mijn twee dochters zijn deze morgen weggelopen.
Britt : Weet u waarom ze zijn weggelopen?
Frank : Om mijn vrouw denk ik.
Britt : Waarom zouden uw kinderen voor uw vrouw zijn weggelopen?
Frank : Omdat ze mijn kinderen en mij mishandeld.
Tony : Hoe lang is dat al bezig?
Frank : Al 5 jaar.
Tony : Waarom bent u dan niet bij haar weg gegaan?
Frank : Om de kinderen, ze zal alles omdraaien en zeggen dat ik ze zal
mishandelen.
Tony : Het weglopen van de kinderen is toch uw aanleiding geweest om hier
heen te komen?
Frank : Ja, ik zat er al heel lang aan te denken, twee weken geleden heeft
ze me al bedreigd met een groot keukenmes.
Britt : Het is nu even belangrijk dat we is kinderen vinden, als u ze zal
willen beschrijven dan kunnen we hun signalement doorgeven aan de patrouilles
zodat ze snel gevonden worden en nog voordat u vrouw ze vindt.
Frank : Sanne en Rachel, ze zijn 8 jaar. Allebei hebben ze blonde krullen.
Ze zijn ongeveer 1,35meter lang. Ze heb een normaal figuur. Allebei hebben ze
blauwe ogen.
Tony : Heeft u ook een foto van ze?
Frank : Een oude, maar ze lijken er wel een beetje op.
Britt neemt de foto aan en gaat met haar boekje de verhoorkamer uit.
Frank : Wat gaat er nu gebeuren?
Tony : Mijn collega, gaat uw dochters laten seinen, zodra een van onze
patrouilles hun tegen komt dan worden ze hier heen gebracht.
Frank : En met mij?
Tony : Er is in Brussel een "blijf van me lijf huis" voor mannen.
Daar bent u het veiligst.
Frank : En als Sanne en Rachel zijn gevonden?
Tony : Dan moeten we uw toestemming om ze te verhoren en dan kunnen we de
procedure in gang zetten om uw vrouw uit de ouderlijke macht te zetten.
Sanne : Ik begin honger te krijgen.
Rachel : Ik ook, maar ik heb geen geld.
Sanne : Ik ook niet, zullen we wat eten aan iemand vragen.
Rachel : Nee, natuurlijk niet, dan weten ze dat we zijn weggelopen, andere
kinderen vragen toch ook niet naar eten.
Sanne : Ja dat is waar. Daar is een winkel, die heeft van die snoepbakken
waar je uit kan scheppen, zullen we daar wat snoepjes uit halen, dan eten we ze
stiekem op.
Rachel : Dat is stelen.
Sanne : Je mag ze toch proeven of ze lekker zijn.
Rachel : Ja dat is waar, kom we gaan.
Nick : Meneer Tigalowinie, fijn dat u gekomen bent.
Man : Waarom ik komen moet.
Nick : U bent met uw vrouw bij de dokter geweest.
Man : Ja ochtend.
Bruno : Is daar iets gebeurd?
Man : Dokter raakte vrouw aan.
Bruno : Heeft u daarom de dokter geslagen?
Man : Ja, man mag vrouw niet aanraak.
Bruno : Maar hij gaf alleen een hand.
Man : Mag niet.
Nick : Ik zal de procureur bellen.
Bruno : Ja, zou jij er eigenlijk aan denken als je een Marokkaanse
vrouw de hand schut dat het niet mag.
Nick : Nee, maar gelukkig zijn de meeste ook verwesterd.
Sanne en Rachel staan bij de snoepbakken. Ze pakken af en toe een snoepje uit
de bak en gaan dan ergens anders kijken. Sanne stopt er ook wel eens eentje in
haar broekzak. Beiden voelen wel de spanning omdat ze toch bang zijn dat het
niet mag en dat ze hun moeder gaan bellen, maar hun honger is sterker.
Britt : Mannen, zouden jullie iemand voor mij naar Brussel willen
brengen?
Nick : Hoezo naar Brussel?
Britt : Daar is een blijf van mijn lijf huis voor mannen.
Nick : Dan kunnen we beter in burger gaan zeker.
Britt : Ja.
Nick : Oké, wij gaan ons verkleden.
Britt : Hier is het adres.
Sanne voelt ineens een hand op haar schouder, ze schrikt heel erg en krimpt
in elkaar, niet alleen van het schrikken maar ook van de pijn, op die plaats
zaten nog wat striemen van een vorige keer.
Winkelier : Ik denk dat je nu wel genoeg hebt geproefd.
Sanne kijkt de winkelier bang aan.
Winkelier : Laten we maar eens achter gaan praten, samen met je zus die
daar wat verderop staat.
Sanne ziet dat er iemand anders van de winkel bij Rachel staat. Bang loopt ze
samen met de man naar een kantoortje aan het einde van de winkel.
Tony : Waar zal jij heen gaan als je 8 jaar was en weg ging lopen?
Britt : Naar mijn oma.
Tony : Als je niet meer naar huis terug wilt?
Britt : Ik liep altijd weg naar mijn oma, maar ik ging pas weer naar
huis als het goed was, maar ik ben niet mishandeld door mijn ouders.
Tony : Ik vindt het best wel moeilijk, we kunnen eigenlijk met niemand
praten voor dat ze terecht zijn omdat de moeder niet mag weten dat haar man naar
ons is gekomen.
Britt : Ik wil in ieder geval een post laten plaatsen voor het huis,
misschien vindt de moeder hen eerder.
Tony : Is goed.
Britt : Vragen of Raymond en Pasmans dat mogen doen?
Tony : Ja, ik heb niet echt zin om de gehele dag in een auto te gaan
zitten.
Raymond en Pasmans lopen de winkel in waar ze voor waren opgeroepen voor twee
kinderen die aan het stelen waren. Wanneer ze door een van de mensen van de
winkel naar het kantoortje zijn gebracht zien ze twee meisjes met blonde krullen
en blauwe ogen zitten.
Raymond : Sanne en Rachel?
Sanne : Hoe weet u dat?
Raymond : Dat maakt nu even niet uit, jullie mogen met ons mee.
Rachel : Ik wil niet meer naar huis terug.
Raymond : Daar gaan we op het commissariaat eens over praten.
Winkelier : En hoe handelen we dit af?
Raymond : U hoort daar nog wel wat van.
Winkelier : Oké.
Raymond en Pasmans lopen de winkel uit met de twee meisjes en gaan naar de
combi. Dan rijden ze naar het commissariaat.
Britt : Ah Raymond, zouden jullie voor ons een observatie willen doen?
Raymond : Ja, maar Pasmans en ik hebben twee meisjes opgepakt, en we denken
dat jullie ze wel willen spreken.
Tony : Hebben jullie die twee meisjes gevonden?
Raymond : Ja, ze waren snoep aan het opeten in een winkel.
Tony : Waar zijn ze?
Raymond : Bij Pasmans in de wachtruimte.
Britt : Oké, We zullen ze alle bij apart gaan verhoren in de
kinderverhoorkamer. Zouden jullie ondertussen oppas willen spelen en ik denk ook
slachtofferhulp willen bellen.
Raymond : Komt in orde, zal ik Vanbruane ook gelijk briefen.
Britt : Als je dat wilt doen ben je een schat.
Raymond kijk glimlachend naar Britt en dan lopen ze met zijn 3e naar Pasmans,
Sanne en Rachel toe.
Britt : Wij zijn Britt en Tony, en we willen graag even met
allebei apart spreken.
Sanne : Waarom?
Britt : Omdat jullie zijn weggelopen?
Rachel : Ik wil niet meer terug naar mamma.
Britt : Kom je dan even mee?
Rachel stap voorzichtig van haar stoel en loopt met Britt en Tony mee naar de
verhoorkamer. Daar nemen ze plaats op de zitzakken.
Rachel : Hebben jullie kindjes?
Britt : Ja, ik heb een dochter van 11.
Rachel : En u?
Tony : De mijne is 11 maanden.
Rachel : Is uw dochter wel eens weg gelopen?
Britt : Ja, maar ze is niet verder gekomen dan het speeltuintje.
Rachel : Was u toen boos geworden?
Britt : Ja, maar na dat ze staf was gekregen was dat ook weer over.
Rachel : Wat voor straf kreeg ze?
Tony begreep niet echt waarom Britt op deze vragen in ging, maar later in het
gesprek wel. Britt kreeg Rachel haar vertrouwen een klein beetje, wat
waarschijnlijk heel erg beschadigt is. Natuurlijk wilde het meisje niet over
zichzelf gaan praten. Door met een enorme boog om het onderwerp heen te draaien
kreeg Britt er toch uit wat ze wilde horen. Bij Sanne ging het wat moeilijker.
Ze wilde eigenlijk helemaal niet praten en alleen op zichzelf spelen. Dit koste
natuurlijk veel tijd. Ondertussen had de moeder haar dochters of man nog niet
opgegeven als vermist. Tegen 5 uur kwamen Nick en Bruno weer terug op het
commissariaat. Ze vertelde dat de man blij was dat zijn dochters veilig terecht
waren. Net toen Britt en Tony richting huis wilden gaan kwam Sanne een beetje
los, ze vertelde toen wat ze wilden horen. Van de onderzoeksrechter kregen ze de
toestemming dat de meisjes voorlopig onder de zorgen kwam van de jeugdrechter en
dus niet naar huis hoefde. Britt en Tony zouden dan de volgende dag contact met
de moeder op nemen.
Britt gaat naar het huis van Sofie en geeft gelijk Nick een lift naar huis.
Daar zijn Sofie en Dorien bezig om een cake te bakken. Dat vinden Nick en Britt
wel lekker ruiken, maar ze hebben peg, want hij mag nog niet opgegeten worden.
Gelukkig hebben de twee dames ook nog voor het eten gezorgd.
Britt : En heb je een mooie jurk?
Dorien : Ja, een hele super mooie.
Britt : En hoe ziet hij er uit?
Dorien : Net zo als Sofie.
Nick : Kan ik dan nog wel zien met wie ik moet trouwen?
Dorien : Neem de grootste maar met een dikke buik.
Nick : Dat zal ik onthouden.
Dorien : Ik vindt eigenlijk dat jullie de afwas moeten doen.
Sofie : Ja, daar ben ik het ook wel mee eens.
Britt : Wij hebben de hele dag hard gewerkt.
Dorien : En wij hebben een trouwkleed gekocht en gekookt en gebakken.
Sofie : En een lekker stuk cake kan je alleen krijgen als jullie de
afwas hebben gedaan.
Nick : Oké ik ben overgehaald.
Britt : Ik ook.
Na het eten beginnen Nick en Britt met de afwas. Die hebben ze snel gedaan.
De volgende ochtend zet Britt Dorien bij Johan af en vraag of hij 's avonds
bij haar langs komt. Dan rijd ze naar het commissariaat waar ook Tony net komt
aanrijden.
Tony : Goede morgen.
Britt : Jij ook.
Tony : Zal ze al aangifte hebben gedaan?
Britt : Denk van niet, anders hadden ze ons wel gebeld denk je niet?
Tony : We zullen het binnen wel gaan vragen.
De twee dames lopen naar binnen, maar daar krijgen ze een bevestiging van wat
Britt al dacht. Ze lopen dan maar naar boven en gaan aan hun bureau zitten.
Britt kijkt naar de foto van Dorien en schut met haar hoofd.
Tony : Wat is er?
Britt : Ik kan het niet begrijpen, dat iemand zijn kind mishandeld.
En als je kind wegloopt dat je niets doet. Als Dorien weg zal lopen, ik
hing aan de telefoon zodra ik het in de gaten had.
Tony : Er zal wel heel wat achter zitten waarom die vrouw zo doet.
Britt : Ja, dat zal wel, maar ik vindt het toch erg.
Tony : Zullen we haar hier uitnodigen?
Britt : Dat is goed.
Sofie : Ben jij zaterdag vrij?
Nick : Ja.
Sofie : Zullen we dan eens gaan kijken voor een babykamer?
Nick : Ja dat is goed.
Sofie : Ik kan haast niet wachten tot het is geboren.
Nick : Nou, je moet nog wel even wachten hoor, want het duurt nog 5
maanden.
Sofie : Ik hoop maar niet dat hij zijn moeder na zal doen.
Nick : Waar?
Sofie : Ik wilde er niet uit, heb 2 weken langer gezeten, toen vonden
de dokteren het wel genoeg en hebben me er uit gehaald.
Tony : Ik geloof dat we net zo goed om 12 uur hadden kunnen beginnen, ze
klonk zo normaal door de telefoon.
Britt : Ik ga bijna denken dat ze het fijn zal vinden dat haar kinderen er
niet meer zijn.
Tony : Laten we hopen van niet, dat zal toch verschrikkelijk zijn?
Britt : Ja.
Een uur later komt Carla met de moeder aanlopen. Britt en Tony gaan met de
moeder in verhoor 3 zitten.
Karin : Waarom moest ik komen?
Britt : We willen over uw dochters praten.
Karin : Is er dan wat met Sanne of Rachel?
Britt : Waar zijn ze nu?
Karin : Bij mijn man denk ik.
Britt : Denkt u?
Karin : Ze zijn gister alle 3 vertrokken.
Britt : Ze zijn niet bij uw man.
Karin : Waar zijn ze dan?
Britt : In een opvanghuis, we hebben ze gister opgepakt voor
winkeldiefstal.
Karin : Waarom heeft u mij gister dan niet gebeld?
Britt : Omdat uw kinderen dat niet wilde.
Karin : Maar u bent toch verplicht het aan mij te melden.
Britt : Ja, maar we hadden er een geldige rede voor.
Karin : Welke rede dan?
Brit : uw kinderen hebben ons iets verteld, weet u zelf al wat?
Karin : Nee, hoe zou ik dat moeten weten?
Britt : Het heeft met u te maken.
Karin : Ik zal niet weten waar u het over heeft, maar verteld u het maar,
dan is het geen raadspelletje.
Tony : Het is zeker geen spelletje, uw dochters zeggen dat u ze mishandeld,
dat hebben ze allebei apart in hun verklaring verteld. Dat was ook de rede
waarom ze wilde weglopen.
Karin : Dat is niet waar.
Tony : Hoe komen ze dan aan die littekens en striemen op hun lichaam?
Karin : Ze zijn nogal wild en vallen veel.
Tony : Heef Dorien ook wel eens zo onder de striemen gezeten van het spelen
en vallen Britt?
Britt : Nee, mijn dochter zat er niet zo onder als uw dochters er onder
zitten.
Karin : Ieder kind is anders.
Britt : Dat weet ik, maar wij geloven niet dat het door het spelen en
vallen komt, ook uw man heeft aan ons verklaard dat u uw kinderen mishandeld en
ook hem zelf.
Karin : Waar is die leugenaar?
Tony : Dat gaan we u niet vertellen, U zegt dus dat het allemaal niet waar
is?
Karin : Natuurlijk, ik mishandel mijn kinderen toch niet.
Tony : En mishandelt u uw man?
Karin : Ook niet.
Britt : Waarom zeggen uw kinderen en uw man het dan?
Karin : Mijn man zal het ze wel opgestookt hebben.
Britt : Waarom zal uw man dat doen?
Karin : Vraag dat aan hem.
Britt : Dat zullen we ook zeker doen, maar we willen eerst nog met
een paar mensen praten.
Britt : De buren?
Tony : Ja, dat is goed, ik zou eigenlijk ook met de klassenleerkracht
van de kinderen willen spreken.
Britt : Ja, maar het is vakantie, dus het wordt moeilijk om die te pakken
te krijgen.
Tony : Eerst de buren, en dan kunnen we naar de kinderen gaan om te vragen
wie hun leerkracht is en op welke school ze zitten, als we geluk hebben komen we
met de leerkracht in aanraking.
Britt : Ja dat is goed.
Bij de buren krijgen ze te horen dat het nogal een bewogen huishouden is, de
ouders hebben vaak ruzie, ook de kinderen horen ze vaak huilen. Het valt hun op
dat ze vaak kleding aan hebben met lange mouwen, ook al is het midden in de
zomer. Het is Britt en Tony wel duidelijk dat er iets mis is. Wat ze ook wel
fijn vinden is dat de moeder het niet op de vader afschuift wat je meestal dan
krijgt dat ze elkaar gaan beschuldigen, meestal zitten ze dan in scheiding. Bij
dit gezin hebben ze nog niets over een scheiding gehad met de vrouw, de man
durft het niet.
Na de buren gaan ze naar de kinderen toe, de mensen van het opvanghuis
vertellen dat ze ook vermoeden dat ze mishandeld zijn omdat ze nogal bang zijn
voor alle volwassen vrouwen, de enigste man kan daar in tegen alles met ze doen.
De meisjes vertellen aan Britt en Tony op welke school hun zitten en wie hun
meester is.
Op het commissariaat gekomen zoekt Britt het nummer van de directeur van de
school op en vraagt om het nummer van de meester van de meisjes. Wanneer ze die
heeft gekregen belt ze de meester op, daar krijgt ze zijn vrouw aan de lijn die
verteld dat haar man even naar een vriend is, maar dat ze daar heen zal bellen
of hij naar het commissariaat wilt komen.
Britt : Laten we hopen dat hij snel komt.
Tony : Zeker weten.
Britt : Ik hoop dat ze gewoon gaat bekennen, maar ik vraag me nog altijd af
wat er in die moeder scheelt dat ze dit doet.
Tony : Ik weet het niet, maar er zal wel wat achter zitten.
Carla : Meneer van der Berg is er voor jullie.
Britt : Meneer van der Berg gaat u maar zitten.
Jan : Zegt u maar Jan.
Tony : Of Meester Jan?
Jan : Dat zeggen alleen mijn kinderen in de klas.
Britt : we willen het even hebben over twee kinderen uit u klas?
Jan : Welke kinderen?
Britt : Sanne en Rachel.
Jan : Is er wat met ze aan de hand?
Britt : Ja, we denken dat het thuis niet goed gaat.
Jan : Het zijn twee stille meiden, ze zijn wel vaak ziek en houden zich
meestal afzijdig. Maar ik heb eigenlijk geen problemen met ze.
Britt : Vallen ze erg buiten de bood in vergelijking met de rest van de
klas?
Jan : Een beetje wel, hun leerresultaten zitten onder het gemiddelde van de
rest van de klas.
Tony : Vind u verder nooit iets opvallen?
Jan : Ja, van de week was het zulk warm weer, en ze hadden alle bij een
trui aan, ik stelde voor dat ze die uit zouden doen en een T-shirt uit de
reserve kledingbak zouden aantrekken omdat ze zowat van hun stokje moesten gaan
van de warmte, maar dat wilde ze absoluut niet.
Britt : Hoe gaan ze om met uw vrouwelijke collega's?
Jan : Ze komen eigenlijk als ik pleinwacht heb alleen naar mij toe als er
wat is, maar ik geloof dat ze daar nooit naar toe gaan of een praatje mee maken.
Britt : Vind u dat niet opvallend?
Jan : Een beetje, de meeste kinderen maken wel eens een praatje met de
leerkrachten uit de andere klassen.
Tony : Zou het misschien kunnen dat ze thuis mishandeld zouden worden?
Jan : Ik heb er eigenlijk nooit bij stil gestaan, maar het zou best kunnen.
Ik sta er eigenlijk te dicht op, ik heb ze al zo lang in de klas en ze hebben
zich altijd zo gedragen.
Tony : U heeft ons heel erg geholpen.
Tony : Eerst met de moeder praten of eerst met de onderzoeksrechter
bellen?
Britt : Praten, misschien bekend ze wel.
Tony : Je hebt veel hoop.
Britt : We moeten het toch.
Tony : Wacht, ik wil eerst iets anders doen.
Britt : Wat dan?
Tony : Eten.
Britt : Ja, dat is eigenlijk wel een heel verstandig plan, het is al 2 uur.
De twee vrouwen beginnen aan hun eten en dan kijkt Tony nog even in haar
computer en kijkt een beetje verschrikt.
Britt : Wat is er?
Tony : Nou, kijk hier de moeder is vroeger mishandeld door haar opa.
Britt : Dat meen je niet.
Tony : Ja, haar ouders hebben er aangifte van gedaan.
Britt : Waarom zal ze het dan nu zelf bij haar kinderen doen?
Tony : Misschien omdat ze zich altijd machteloos heeft gevoeld.
Britt : Ja, maar dan ook bij haar man.
Tony : Die is anders ook niet echt een stevig persoon lijkt mij.
Britt : Ik weet het niet, maar we kunnen eens met haar gaan praten.
Tony : Laten we dat nu maar eens gaan doen.
Bruno : Melding van een ongeluk, een auto die een woonkamer is binnen
gereden.
Nick : Een woonkamer?
Bruno : Ja, die mooie duren huizen aan de rand van Gent.
Nick : Dan kan de bestuurder echt niet rijden, want die oprijlanen zijn
meestal nogal lang en voor je dan bij de woonkamer ben.
Bruno : Ja, dat dacht ik ook, laten we er maar eens een kijkje gaan nemen.
Britt : We hebben met uw buren en de klassenleerkracht van uw kinderen
gepraat. Ze vinden het erg opvallend dat uw kinderen als de mussen van het dak
vallen nog steeds een trui dragen met lange mouwen. Ze vermoeden net als ons dat
uw kinderen mishandeld worden.
Karin : Waarom is daarom niet eerder iemand naar u toe gestapt?
Britt : Omdat mensen zich niet met andermans zaken willen bemoeien als dat
wel nodig is.
Karin : dat gelooft u zelf?
Britt : Ja, zo is het tegenwoordig.
Karin : ik wil een advocaat.
Tony : Heeft u al een advocaat?
Karin : Nee, maar bij mij in de buurt zit er een, Van Lancker geloof ik. Ik
heb gehoord dat hij wel goed is.
Britt : Goed is hij, maar ik zal u gelijk waarschuwen dat ik een relatie
met hem heb, dat maakt voor ons zelf niet uit, wij kunnen werk en privé
gescheiden houden.
Karin : Ik weet er geen ander.
Britt : Wij wel.
Karin : Dan heeft zij er zeker een relatie mee.
Tony : Nee, niet met een advocaat.
Karin : Bel er dan maar een, maar dan wel een goede.
Tony : Natuurlijk.
"Zo, dat word nogal een verbouwing" zegt Nick als hij van zijn
motor af stapt en naar het huis loopt. Bruno en Nick lopen naar de mensen die er
staan, een vrouw, twee mannen en een puber meisje.
Nick : Nick Debbaut en Bruno Soetaert, wie kan mij er vertellen wat er is
gebeurd?
Erik : Ik ben Erik, ik ben de macht over het stuur verloren en toen
verongelijk hier door de muur heen komen rijden.
Bruno : Mag ik u vragen met welke snelheid u hebt gereden?
Erik : Gewoon 50 km, ik heb nog proberen te remmen.
Nick : Ik zie, geen remsporen.
Tony : Waarom zei je dat eigenlijk?
Britt : Laten we gelijk maar openkaart spelen, want ik heb geen gezeur dat
we later krijgen dat wij met Johan onder een hoedje spelen.
Tony : Ja daar heb je natuurlijk wel gelijk in.
Britt : En, Johan past op Dorien, dan moet hij ook nog eens oppas gaan
regelen.
Tony : Ja, maar ze zijn denk ik wel zo groot dat ze een uurtje thuis kunnen
blijven.
Britt : Misschien, maar liever nu nog niet. Bel jij een advocaat, dan bel
ik even met de onderzoeksrechter.
Tony : Dat is goed.
Tony belt een advocaat en die kan er over een uur zijn. Britt hangt een hele
tijd met de onderzoeksrechter aan de lijn.
Tony : Dat duurde lang.
Britt : Ja, er waren nog wat dingen van een vorige zaak, maar we mogen haar
aanhouding na deze 48 uur nog eens verlengen met 48uur als we er zeker van zijn
dat ze haar kinderen mishandeld.
Tony : Ik ben zeker.
Britt : Ik ook.
Tony : Ik hoop dat die advocaat haar kan laten inzien dat ze bekent.
Britt : We hebben nogal weinig harde bewijzen, wel verklaringen, maar het
kan altijd zo zijn dat de vader het doet wat ik niet geloof.
Tony : En een buitenstaander natuurlijk.
Britt : Je bedoeld de opa?
Tony : Ja, maar ik geloof dat niet, want hij zal niet zijn schoonzoon
slaan, maar dan had hij toch ook zijn dochter moeten mishandelen.
Johan : Zullen we je moeder eens gaan verrassen?
Dorien : Ja leuk, hoe gaan we dat doen?
Johan : Zullen we voor haar gaan koken, ik zou jou toch thuis brengen.
Dorien : Ja leuk, mag ik helpen.
Johan : Ja, dat lijkt me gezellig
Simon : Ik ook?
Johan : Natuurlijk mag jij ook helpen.
Nick : Het praat hier wat makkelijker op het commissariaat, wij hebben
namelijk de twijfels over hoe het ongeluk is gebeurd.
Erik : Ik heb het u toch verteld.
Nick : Ja, maar we geloven dat verhaal niet. U zou anders wel een hele
slechte chauffeur zijn als u per ongelijk die huiskamer binnen gereden bent.
Bruno : Bent u wel zeker dat u achter het stuur zat en niet die jonge dame.
Erik : Madelon zal niet echter het stuur.
Bruno : wij denken van wel, u wilt het verzwijgen omdat ze nog 17 is en dus
ook niet in het bezit is van een rijbewijs.
Erik : Wat gaat er nu dan gebeuren?
Bruno : Ze krijt een boete en ze zal de koste moeten betalen, ze is
namelijk niet verzekerd.
Britt : Meester Cassiman, blij dat u er bent.
Meester : Mag ik met mijn cliënt kennis maken?
Britt : Ja, ik zal u even naar haar toe brengen.
Samen met meester Cassiman loopt Britt naar het verhoor waar ze de meester aan
Karin voorstelt. Dan gaat Britt weer terug naar haar bureau.
Tony : Hoe is hij?
Britt : Ik heb Johan er nooit over gehoord, maar dat zegt niets natuurlijk.
Tony : Ik heb hem hier nog nooit gezien, en ik heb er toch al een aantal
zien passeren.
Britt : Hij zal hier nog niet zo lang zitten.
Tony : Dat maakt ook niet zo veel uit.
Britt : Het maakt mij ook niet zo veel uit, ik heb zelf toch al de beste
advocaat. Hoe gaat het eigenlijk met jou Alex?
Tony : Prima, wanneer gaan jullie het nou eens eindelijk aan de kinderen
vertellen, hoe lang hebben jullie nou eigenlijk al.
Britt : Over één week 3 maanden.
Tony : En ze hebben nog niets door?
Britt : Ik geloof het niet.
De rest van de dag zitten de dames met de vrouw in het verhoor. Karin blijft
het ontkennen dat ze haar kinderen of haar man mishandeld. Ook blijft ze er bij
dat haar kinderen niet mishandeld worden. Het is een zwaar verhoor en daarom
zijn de dames ook blij wanneer het tijd is om naar huis te gaan. Daarom vragen
ze aan twee mensen van de avonddienst om het ook eens te proberen.
Wanneer Britt thuis komt verwacht ze een leeg huis, maar zo dra ze binnen
komt ziet ze al een net gedekte tafel. Als ze naar de keuken kijkt ziet ze dat
Johan samen met de kinderen nog bezig is met het eten.
Britt : Ik heb geluk zie ik, ik hoef ook vandaag niet meer te koken.
Johan : Dan ben je een boffer.
Britt : Dat is dan ook wel lekker na deze dag.
Dorien : Moest je dan alleen maar PV's doen?
Britt : Nee schat, dat nog net niet. Een nogal vervelend verhoor en weinig
bewijzen, maar we zijn wel zeker.
Johan : Wat was het voor een zaak?
Britt : Kindermishandeling en mishandeling van haar man.
Johan : Oei, altijd moeilijk te bewijzen.
Britt : Vertel mij dat.
Dorien en Simon hadden enthousiast gereageerd toen Britt voorstelde dat Simon
wel mocht komen logeren. Dat lieten de twee kinderen zich niet voor een
tweedekeer zeggen.
Later die nacht werd Dorien wakker ze voelde zich niet zo lekker en liep naar de
wc om over te geven. Ze loopt dan naar de slaapkamer van haar moeder om die
wakker te maken, maar dan schrikt ze even, want bij haar moeder licht Johan in
bed. Dan maakt Dorien haar moeder wakker.
Britt : Wat is er schat?
Dorien : Ik heb over gegeven.
Britt : Gaat het weer met je?
Dorien : Ja, mag ik bij jou leggen?
Britt : Ja, kom er maar bij, ik zal wel even je kussen pakken.
Britt gaat snel naar boven om de kussen van Dorien te pakken en vraagt zich
gelijk af waarom Dorien niets heeft gezegd dat Johan in haar bed lag. Snel geeft
ze Dorien haar kussen en zet ook een emmer naast het bed. Dan kruipt ze tussen
Johan en Dorien in. Ze geeft Johan een duw op zij zodat hij ook wat meer aan de
kant licht en ze zelf nog een beetje ruimte heeft. Johan wordt hiervan wakker en
vraagt wat er aan de hand is. Britt fluistert dan terug dat Dorien ziek is
geworden en dat ze er nu bij ligt.
De volgende morgen word Johan als eerste wakker en kleed zich maar aan en
begint de ontbeid tafel te dekken en laat Britt met Dorien slapen, want Britt
heeft nogal slecht geslapen of zeg maar niet. Hij is nog maar net klaar met het
dekken van de tafel als Simon de trap af komt lopen. Hij was op zoek gegaan naar
Dorien die niet meer in haar bed lag.
Simon : Pap, wat doe jij hier? Weet jij waar Dorien is?
Johan : Dorien licht bij Britt in bed, ze is ziek geworden, maar kom
eens bij me.
Simon loopt naar zijn vader toe en ze gaan samen op de bank zitten.
Johan : Simon, Britt en ik zijn verliefd op elkaar geworden en we hebben
een relatie.
Simon : Tof, dus ik mag vaker bij Dorien logeren?
Johan : Ja dat mag.
Wanneer het echt tijd is voor Britt om op te staan maakt Johan haar wakker.
Britt ziet er een beetje vermoeid uit maar ze kleed zich maar aan en gaat ook
ontbijten.
Britt : Ik zal Lieve wel bellen of ze het niet erg vind om hier heen te
komen omdat Dorien ziek is.
Simon : Mag Dorien dan niet mee naar mijn moeder?
Britt : Dat is niet zo leuk als ze ziek is, dan licht ze liever in bed.
Simon : Dan wil ik ook niet naar mamma, ik heb dan niets te doen.
Johan : Dorien kan er niets aan doen dat ze ziek is, misschien kan je een
ander vriendje mee nemen.
Simon : Ik wil alleen Dorien.
Johan : Doe niet zo eigenwijs, als Dorien weer beter is kan ze toch naar je
toe komen?
Simon : Dan hoop ik dat ze eerder beter is voor dat ze naar haar oma aan
zee gaat volgende week.
Britt : Misschien vind ze het wel leuk dat je mee gaat, maar dan moet het
wel van je moeder mogen.
Johan : We kunnen het vragen, maar je zou twee weken naar je moeder gaan.
Simon : Ik zal me dan goed gedragen als het dan maar mag.
Dan komt er een slaperige Dorien de slaapkamer binnen gelopen, ze ziet nog
helemaal wit. Ze loopt naar Britt toe die haar nogal grote zware dochter op
schoot neemt.
Dorien : Ik heb weer overgegeven.
Britt : Dat geeft niet schatje, dat ruimen we wel weer op.
Dorien : Waarom sliep Johan eigenlijk bij jou?
Britt : Johan en ik zijn verliefd op elkaar en we zijn de samen.
Dorien : Ben je net zo verliefd als op pappa?
Britt : Ja, eigenlijk wel.
Dorien : Dat vind ik leuk, mag Simon dan ook vaker blijven slapen?
Dan beginnen de twee heren aan tafel te lachen.
Tony : Wat zie jij er uit?
Britt : Johan was blijven slapen en Dorien was ook nog eens ziek geworden
en we lagen dus met 3 in bed.
Tony : Vond Dorien dat niet raar dat hij bij je in bed lag?
Britt : Daar vroeg ze pas vanochtend naar, maar ze vind het leuk dat we wat
hebben, net als Simon.
Tony : Wie past er nu dan eigenlijk op Dorien?
Britt : Mijn schoonmoeder, Lieve moest vandaag weg maar anders wilde ze als
het nodig was morgen wel op Dorien passen. Het is voor haar natuurlijk al weer
een behoorlijke tijd geleden.
Tony : Mijn schuld.
Britt : Geeft toch niets.
Tony : Nee, maar ik heb nog niets van de gene die de avond hebben gedaan,
ze hebben niets uit Karin kunnen trekken, op een gegeven moment moet de advocaat
er vandoor en daarna heeft ze haar mond gesloten.
Britt : Jammer, maar het was te verwachten.
Tony : Ik hoop dat een nachtje cel wonderen doet.
Britt : Laten we het hopen.
Dan begonnen de dames aan 3 aaneengesloten uren verhoren. Maar Karin hield de
eerste 2 en half uur voet bij stuk dat ze het niet gedaan had, maar dan bekende
ze het toch eindelijk. Ze deed het omdat ze zich altijd minder heeft gevoeld en
de kinderen ook niet gewenst waren.
Tony : Ik had nooit verwacht dat we nu al een bekentenis zouden
hebben.
Britt : Nee, ik ook niet, maar ik ben wel blij, ik kan in ieder geval
op tijd naar huis, maar als we alles af hebben en er weinig werk is met
prioriteit dan ga ik naar huis, naar mijn zieke meisje.
Tony : Groot gelijk, ik zal ook wel even voor je gaan doorwerken.
Einde
Geschreven door flikken10