Het spel van het vertrouwen

Gaby had net boodschappen gedaan het was zaterdag laat in de middag en ze ging opgewonden naar huis. Ze had 1 week lang vakantie en vanavond zal haar Meester komen. Ze vond het een eer om zijn Slavin te mogen zijn van hem. Ze houwt van het SM spel. Haar meester is zo goed in het vernederen maar hij is toch zo lief voor haar.
Toen Gaby haar huis binnen ging dronk ze een kopje thee en begon haar post te lezen. Als laatste zat er een brief van haar meester bij daarin stond dat hij wilde dat ze naakt in haar boeien vast geketend op bed moest liggen en hij zal dan om halfzes komen. Het was 5 uur en ze besloot zich elf nog even snel te doezen en dan ketende ze zichzelf vast aan haar bed. Nu was het wachten tot haar meester kwam.
 
Britt: Zal je lief zijn bij Tony, ik kom je morgenochtend op halen.
Dorien: Wil je me niet ’s middags ophalen, als je nachtdienst heb gehad ga je toch altijd slapen.
Britt: Als Tony het goed vindt.
Tony: Het is goed.
Sofie: Britt komen een ongeluk!
Britt geeft Dorien een kus en sprint naar de auto. Sofie heeft de lamp al op het dak gezet en Britt rijdt weg naar de Brusselsensteenweg. Tony en Dorien zwaaien naar de auto die met hoge snelheid vertrok en Tony krijgt nu al zin om weer terug aan de slag te gaan, maar ze mag nog 5 maanden thuis bij haar Vera blijven.
 
Aangekomen op de Brusselsensteenweg zien ze het al een auto in de berm tegen een boom geparkeerd. De Ambulance komt er nu ook aan rijden, maar het is al te laat de bestuurder is al overleden. Britt en Sofie bekijken de auto en zien het al, de band is plat.
Sofie: Denk een klapband.
Britt : Ja ik denk het ook, ik vraag me af waar hij naar toe ging in een leren pak.
Sofie : Misschien staat het in zijn agenda.
Britt : Ik wil ook zijn identiteit wel weten.
Sofie : Hij zal zijn rijbewijs wel bij zich hebben en dan zullen we het snel weten.
Britt : Dan mag jij het pakken, ik ga niet in die auto hangen over dat lijk.
Sofie : Ik wacht wel tot hij is weg gehaald, laten wij maar wat getuigen gaan ondervragen.
Britt : Dat is goed.
 
Gaby keek op de klok het was nu al zes uur geweest en haar meester was er nog niet. Ze vond het nu toch wel vervelend worden, want ze kon zich zelf niet bevrijden en hij was al een halfuur te laat. Zou hij het misschien doen om me te straffen dacht ze, ze was de vorige keer een halfuur te laat omdat er een ongeluk was gebeurd en had haar meester niet kunnen bellen omdat ze haar mobiel vergeten was. Met de gedachte dat hij haar nu straft bleef ze rustig liggen en wachten op haar meester.
 
Britt en Sofie waren nu getuige aan het verhoren maar de meeste waren ramptoeristen en hadden dus niets gezien een vrouw vertelde dat ze het gezien had en dat ze eerst een knal hoorde en dat hij dan in de berm was gereden.
 
Om 7 uur kwamen Britt en Sofie bij het commissariaat aan en besloten eerst maar eens wat te gaan eten voor dat ze verder zouden gaan. Dus ze gingen de Combi in en bestelde daar wat te eten en gaan aan een tafeltje zitten. Wanneer ze aan het eten stelt Britt de vraag wie er nou in leren kleding loopt.
Sofie : Ik denk dat, dat het een Sm typetje moet zijn.
Britt: De vraag is of het dan een slaaf of een meester was.
Sofie : Dat weet ik niet maar dat is toch niet zo belangrijk?
Britt : Als er een Slavin op hem zit te wachten in een benarde positie wel.
Sofie : Ze zal dan wel snel gemist worden denk ik, maar laten we kijken of we persoonlijke bezittingen hebben gevonden waar we zijn identiteit aan kunnen vaststellen.
Britt : Ja dat is waar. En dan kunnen we er ook achter komen.
 
Terug gekomen op het commissariaat liggen de spullen van de man op Britt haar bureau. Britt pakt de portemonnee en daar zit een identiteitskaart in.
Sofie : Wie is onze man?
Britt : Berd Hoekstra.
Sofie : A hier zijn agenda.
Britt : Had hij nog afspraken vandaag?
Sofie : Ja hier staat op halfzes Slavin G.
Britt : Kijk eens of je het adres van Slavin G kan vinden.
Sofie : Ja dat doe ik, kijk jij eens in zijn mobiel.
Britt : Slim idee.
Sofie : G staat toch hopelijk niet voor Gent?
Britt : Ik weet niet waarvoor die G staat.
Sofie : In zijn agenda staan geen adressen.
Britt : Ja ik heb haar nummer het is een mobiel.
Sofie : Zeker zo’n ontgetrasseerd nummer.
Britt : Denk het, we zouden proximus kunnen bellen om het nat te trekken.
Sofie : Ja dat is goed maar we kunnen ons slavinnetje ook gewoon opbellen en vragen of ze wild komen.
Britt : Ja dat is goed, bel jij.
Sofie pakt de telefoon en draait het mobile nummer.
 
Gaby hoort haar mobiel af gaan, maar helaas kan ze hem niet opnemen omdat ze vastgeketend zit, zou het haar meester zijn die niet komt en daarom af belt. Maar hij wist toch dat ze trouw zijn bevelen op volgt en dus vastgeketend in bed lag.
 
Sofie: Hij wordt niet opgenomen.
Britt: Ik krijg proximus niet te pakken ze zijn er morgen pas weer.
Sofie : Wat gaan wij doen?
Britt: Familie verwittigen.
Sofie : Heeft hij een vrouw?
Britt: Nee, maar zijn ouders moeten ook worden ingelicht.
Sofie : Is er eigelijk al iets van de TR bekent?
Britt: Wat denk je zelf, het is vrijdagavond.
Sofie : Niet dus.
Britt: Kom je mee?
Sofie : Ja ik kom er aan, heb je het adres?
Britt: Ja dat heb ik.
 
Britt en Sofie vertrekken nu naar de ouders van de Bert. Aangekomen bij hun huis bellen ze aan en stellen zich voor en vragen of ze binnen mogen komen. Binnen nemen ze plaats aan de tafel waar de ouders ook zijn gaan zitten en dan komt het steeds maar terugkomende moment ik hun werk.
Sofie: Omstreeks kwartover 5 is er een eenzijdig ongeluk op de Brusselsensteenweg gebeurd, daarbij is de bestuurder om het leven gekomen.
Britt: De bestuurder was uw zoon Bert, het spijt ons.
Moeder : Wat is er gebeurd dan, hoe kan hij een ongeluk hebben gehad?
Sofie : We denken dat hij een klapband heeft gehad
Moeder : Kan ik mijn zoon nog zien?
Britt: Ja dat kan, hij word opgebaard in het mortuarium.
Sofie: Mag ik u vragen, weet u wie Slavin G is, volgens zijn agenda had hij met haar een afspraak.
Vader : Het zal wel een van die hoertjes zijn.
Moeder : Mijn zoon is een meester en heeft meerdere slavinnen, die hij zo nu en dan afranselt en vernederd, dat vinden ze lekker en hij vind het heerlijk om te doen.
Vader : Maar ik ken die vrouwen niet en zal ook niet weten waar ze wonen of zo.
Britt : Zouden we in zijn huis mogen kijken, we maken ons namelijk zorgen om haar, omdat ze misschien in een benarde positie op hem aan het wachten is.
Moeder : Ja dat is goed, ik zal wel mee gaan.
Britt : We zijn u daar heel erg dankbaar voor.
 
Gaby woelt in haar boeien ze begint al honger te krijgen, ze vraagt zich af waar haar meester blijft, hij laat haar nu wel heel erg lang wachten, waarom doet hij dat. Dan schiet het door haar hoofd, misschien is er wat met hem gebeurd, maar dan zal hij toch wel laten weten dat zijn slavinnetje geketend op haar bed licht, waarom komt er nou niemand.    
 
Britt en Sofie doorzoeken de woning maar zonder resultaat. Ze vinden helemaal niets wat tot slavin G kan leiden. Sofie belt nogmaals naar Slavin G haar mobiel maar daar krijgt ze nog steeds geen gehoor. De dames besluiten dan maar weer terug te gaan naar het commissariaat om daar een verslag te maken van wat ze gedaan hebben.
 
De rest van de nacht houden Britt en Sofie zich bezig met wat er die nacht allemaal nog gebeurd en dan mogen ze naar huis waar beiden gelijk gaan slapen. Terwijl de dames gaan slapen is voor de vier heren van het team de werkdag maar net begonnen. In het nachtrapport lezen ze ook wat er gebeurd is en er was de vraag of ze die Slavin G wilde zoeken.
 
Gaby word wakker, ze moet plassen haar mond is droog en ze heeft honger. Waar blijft haar meester nou toch hij heeft haar al meer dan 15 uur laten wachten. Dan kan Gaby haar blaas niet meer in houden en dan plast ze. Gatver denkt Gaby, in mijn eigen afval liggen. Gaby ruikt de stank van de urine al. De vraag van hoelang ze hier nog moet gaan liggen speelt door haar hooft, ze vind het nu ook niet zo’n fijne gedachte dat ze vakantie heeft, want als ze maandag gewoon had moeten gaan werken hadden ze haar wel gemist, maar nu duurde het wel een week voor dat ze op haar werk hoefde te verschijnen.
 
Nick en Bruno gingen Patrouille rijden en Raymond en Pasmans zouden nog een uurtje proberen om achter de identiteit van Slavin G te komen en dan moesten ze ook patrouille gaan rijden.
Pasmans: Zullen we eens naar een SM winkel gaan, misschien kunnen we daar er wel achter komen hoe je met mensen in contact kan komen.
Raymond: Ja dat is een goed idee, laten we er maar heen gaan.
 
Raymond en Pasmans lopen wat onwennig de seksshop binnen en gaan naar de verkoper, die staat wat verbaast naar de twee agenten te kijken.
Raymond: Raymond Jacobs en Wilfried Pasmans. Wij zouden graag te weten willen komen wie Slavin G is, zou u een idee hebben wie dat kan zijn.
Verkoper : Dat is geloof ik een slavin van Meester Berd Hoekstra.
Raymond: We weten dat hij een afspraak met haar had, maar we weten niet wie het is en waar ze woont.
Verkoper: Vraag het aan Meester Berd.
Pasmans: Dat zal niet gaan, hij is bij een auto ongeluk om het leven gekomen.
Verkoper: O, maar wat moet u dan met die slavin?
Raymond: Wij zijn bang dat ze in een benarde positie op hem wacht.
Verkoper: Ik zou het voor u na kunnen gaan bij de club, maar die zijn er dit weekend niet, u zult dan tot maandag moeten wachten of misschien nog wel langer.
Pasmans: Als u dat zou willen doen, maar heeft u misschien een idee waar wij ergens anders informatie kunnen halen?
Verkoper: Nee, ik zal het niet weten, het spijt me heel erg.
Raymond: We zijn al blij dat u wild helpen.
 
Gaby gebint te zweten, ze heeft het behoorlijk warm, het wordt ook behoorlijk warm in haar slaapkamer nu de zon er op staat, het stinkt nu al behoorlijk van de urine. Gaby haar mond voelt al behoorlijk droog en ze heeft al verschrikkelijke dorst. Haar lege maag knijpt ook al behoorlijk samen en dat begint pijn te doen, ook haar boeien beginnen in haar polsen en enkels te schuren van het zweten.
 
Pasmans: Ik snap echt niet wat die mensen die slaaf zijn er leuk aan vinden, je ze laten vernederen en pijnigen.
Raymond : Ik weet het ook niet, maar ze willen het zelf en kiezen er voor.
Pasmans : Ja dat is zo, maar waarom kiezen ze er voor.
Raymond : We zullen het aan Slavin G vragen als we haar hebben gevonden.
Pasmans : Als we haar vinden.
Raymond : Ik hoop dat van wel, maar misschien maken we ons wel druk om niets.
Pasmans : Ja dat is waar, maar als je met iemand hebt afgesproken en die komt niet opdagen, dan neem je toch contact op en als dat niet lukt ga je toch actie ondernemen.
Raymond : Dat zouden wij doen, maar niet iedereen is zo.
Pasmans : Laten we maar gewoon patrouille gaan rijden, en als we misschien nog iets verzinnen dan kunnen we dat gaan proberen.
 
Wanneer Raymond en Pasmans een uurtje patrouille aan het rijden zijn krijgen ze een melding dat er een baby in een schuur is gevonden. Raymond en Pasmans gaan daar meteen op af en wanneer ze daar aan komen komt ook de ambulance aan rijden. Een jonge wijst Raymond, Pasmans en de broeders naar de huiskamer waar een vrouw met een baby op schoot zit die ze de fles geeft. De jongen verteld dat ze het baby’tje in de schuur hebben gevonden er lag wel een heel verzorgingspakket bij daardoor konden ze de baby verzorgen, hij is zeker dat de baby er niet lang gelegen heeft want zijn broer was die nacht om 3 uur thuis gekomen en toen lag de baby er nog niet. De broeders nemen de baby mee naar het ziekenhuis en de jongen toont aan de twee agenten waar hij de baby heeft gevonden.
In de schuur stond een doos voor de helft gevuld met oud papier en daar heeft de baby in gelegen. De jongen verteld dat zijn broer vergeten was de schuur op slot te doen dus dat ze zo makkelijk de schuur in gekomen zijn om het baby’tje te vondeling te leggen.
 
Raymond en Pasmans gaan dan naar het commissariaat om alles op papier te zetten van het te vondeling gelegde baby’tje. Wanneer dat allemaal is gebeurd vertrekken Raymond en Pasmans naar het ziekenhuis om naar de toestand van de baby te infomeren.
 
Pasmans : Wilfried Pasmans, Raymond Jacobs, politie Gent. Wij zouden graag de arts willen spreken die het baby’tje heeft onderzocht wat te vondeling is gelegd.
Assistente : Dan moet u dokter Ates hebben, ik zal haar voor u oproepen.
Raymond: Graag.
 
De Balie assistente laat Mihriban Ates op roepen en al heel snel komt Mihriban er aan.
Raymond : Mihriban, jij hebt dat baby’tje onderzocht?
Mihriban : Ja dat heb ik, ze is kern gezond, willen jullie even mee komen?
Raymond : Dat is goed.
Raymond en Pasmans lopen met Mihriban mee naar haar kamer en daar verteld Mihriban dat Het een meisje van twee weken oud is en dat ze kern gezond is, er zijn ook geen tekenen van mishandeling gevonden.
 
Na met Mihriban gesproken te hebben lopen de twee agenten naar de kraam afdeling waar ze uitleggen dat er een twee weken oude baby is gevonden die kern gezond is, ze laten ook een foto van het baby’tje zien en vragen of ze misschien een idee hebben welke baby het is. Helaas heeft niemand een idee, maar er word een Memo gemaakt zodat de mensen die geen dienst hebben het nieuws ook door krijgen.
Daarna gaan Raymond en Pasmans zonder resultaat te boeken ook de andere ziekenhuizen in en om Gent af om er achter te komen wie de moeder van dit kindje is.
 
Dan is het al weer 1 uur en gaan ze lunzen op het commissariaat, daar vertellen ze hun verschrikkelijke ontdekking aan Nick en Bruno die daar behoorlijk onder de indruk van zijn.
Nick : Hoe verkoop je dat later aan dat kind als het naar zijn moeder vraagt, ja je moeder heeft je in een papierbak gelegd die in een schuur stond.
Raymond : Ik vraag me meer af waarom een moeder haar gezonde kind achterlaat.
Pasmans : Ik hoop dat we het kunnen vragen, maar ik zou dat kind nooit meer bij de moeder laten.
Bruno : Misschien had die moeder wel een Prenatale depressie.
Pasmans : Maar de vader mist zijn kind dan toch wel.
Raymond : Het kan zijn dat de vader al naar zijn werk is.
Pasmans: Maar je laat toch je kind dan niet bij je vrouw wanneer ze zo depressief is.
Nick : Misschien kan de moeder het goed verbergen.
Raymond : het blijft een raadsel zolang we de moeder niet weten.
Pasmans : Ik hoop dat we er snel achter komen.
Bruno : Dat is zeker te hopen, maar kunnen jullie wat doen?
Raymond : We laten het op de tv komen, dan bereikt het heel België en is er meer kans dat we achter de moeder kunnen komen.
Nick : Slim om de media er bij te betrekken.
Raymond : Ik zou niet weten wat we anders kunnen doen.
Pasmans: De media is in dit soort gevallen een heel erg goed middel.
 
Die avond wanneer Britt en Sofie weer beginnen met hun nachtdienst is er helemaal nog geen nieuws. Britt en Sofie hadden het nieuws al via het journaal te horen gekregen, Dorien was zeer verontwaardigt dat een moeder haar kind zomaar bij iemand in de schuur legt.
 
Gaby doet haar ogen open en kijkt naar het plafon wat al een hele tijd boven haar is, ze maakt zich enorme zorgen om haar meester, maar ze kan niets doen, ze heeft al een hele tijd aan het gillen geweest vanmiddag, maar dat had geen nut gehad. Nu had Gaby pijn in haar keel. Dit is nog erger dan alle vernederingen en martelingen bij elkaar heeft gehad. Gaby sloot haar ogen weer en probeerde in slaap te komen met de hoop dat de tijd snel voorbij zal gaan tot dat iemand haar komt bevrijden.
 
De hele nacht gebeurt er eigenlijk helemaal niets. Het is een heerlijke rustige nacht. Britt is vooral blij wanneer ze thuis komt dat ze Dorien niet hoeft op te halen en naar school te brengen, want dat doet Johan. Britt kan dus lekker gelijk haar bed in.
 
Raymond en Pasmans balen er vreselijk van dat de oproep op tv helemaal niets heeft opgeleverd. Daarom gaan ze nogmaals alle ziekenhuizen af. Maar alsnog zonder resultaat.
 
Tring, tring, tring, tring. Britt word wakker van de telefoon, het ondertussen al halfdrie.
Britt: Michiels. (slaperig)
Juf: Met de juf van Dorien.
Britt: Wat is er? (klaarwakker)
Juf: Nee, niet op de manier wat u denkt.
Britt: Wat is er dan, dat u belt.
Juf: Ik wil met u over Dorien Praten.
Britt: Om kwart over drie?
Juf: Als het kan graag.
Britt: Ik ben vandaag vrij dus dat kan makkelijk.
Juf: Dan zie ik u dadelijk.
Britt: Dat is goed.
 
Britt vraagt zich meteen af waarom ze nu weer op school moet komen. Nog niet zo lang geleden omdat Dorien zich verveelde op school was ze zelf gegaan, maar nu had ze geen enkel idee. Britt gaat zich aankleden en doet nog wat aan het huishouden voor dat ze naar school gaat.
 
Keurig op tijd loopt Britt de school binnen en word bijna omver gelopen door alle kinderen die zo snelmogelijk naar buiten willen. Wanneer Britt bij het lokaal van groep 7 komt ziet ze Dorien die nog zit te werken. Simon die staat bij Dorien en helpt haar.
Juf: Mevrouw Michiels, ik ben blij dat u kon komen.
Britt: Ik hoop dat het niet te erg is waarvoor ik moest komen.
Juf: Ik zou liever even ergens met u praten waar het wat rustiger is.
Britt: Dat is goed.
 
Britt loopt met de juf mee naar de lerarenkamer waar ze gaan zitten.
Juf : Ik maak me ongerust over Dorien, vanaf dinsdag is Dorien heel erg stil en teruggetrokken, ze gaat zelfs minder met Simon om.
Britt: Ik denk al te weten wat er aan de hand is.
Juf: Wat is er dan, als ik vragen mag?
Britt : Ik heb vorige week maandag de waarheid verteld over de werkelijke doodsoorzaak van haar vader.
Juf : Haar vader was toch overleden aan een ongeluk, maar dat is dus niet waar.
Britt : Mark is bij een wegcontrole neergestoken.
Juf : Ik begrijp dat Dorien daar behoorlijk mee zit.
Britt : Ik ook, maar heeft u niets aan Dorien gevraagd?
Juf: Nee.
Britt : Zou u het willen vragen aan haar, misschien wild ze het zelf wel vertellen, dat is ook beter voor de verwerking.
Juf : Ja dat is goed.
 
Britt en de Juf lopen weer naar de klas terug waar alleen Dorien en Simon nog zijn.
Juf : Simon, zou jij naar buiten willen gaan?
Simon : Maar ik wacht op Dorien.
Britt : Als je buiten wacht roep ik je wel en dan mag je mee.
Simon : Oke.
Simon pakt zijn tas en gaat naar buiten en de juf en Britt gaan bij Dorien zitten.
Juf : Dorien, ik heb gemerkt dat je de hele week al veel stiller bent en dat je heel weinig met de andere kinderen speelt, kan je me vertellen waarom dat is?
Dorien : Mamma weet het.
Britt : Wat is het dan, je mag het ook wel in mijn oor fluisteren als je het niet hardop wild zeggen.
Dorien buigt naar Britt toe en begint in Britt haar oor te fluisteren over dat ze het niemand durft te vertellen over haar vader.
Britt : Dorien, zullen we het anders samen aan de juf vertellen wat er gebeurd is?
Dorien : Oke.
Britt : Jij mag beginnen.
Dorien : Mijn pappa, heeft geen auto ongeluk gehad maar is neergestoken door zijn vriend, omdat mijn vader iemand had aangehouden en drugs had gevonden die de vriend aan die man had gegeven. De vriend was bang dat de man het ging vertellen.
Juf : Zou je dat ook aan de kinderen in de klas willen vertellen?
Dorien : Nee, mamma, wil jij het vertellen?
Britt : Als je dat wild dan wil ik het wel voor je vertellen.
Juf : Wanneer wil je dat je moeder het verteld?
Dorien : Morgen als dat kan.
Britt : Dat kan, wanneer wild u dat ik het ga vertellen?
Juf : Aan de einde van de ochtend als het kan?
Britt : Dat kan wel. Ik kan wel even vrij krijgen.
Dorien : Maar gaan de kinderen mij niet pesten?
Britt : Ik denk het niet, maar als ze dat doen, moet je het meteen tegen de juf, mij of Tony zeggen.
Dorien : Oke.
Britt : Zullen we dan naar huis gaan, Simon wacht op je.
Dorien : Oke, maar gaan we het Simon nu vertellen?
Britt : Dat is goed. Ik kom dan om halftwaalf is dat goed?
Juf : Ja dat is goed.
 
Britt en Dorien verlaten de school en nemen Simon ook naar huis, nog eerst even langs de supermarkt voor het eten van vanavond, en Dorien mag kiezen wat ze eten. Dorien wild pannenkoeken eten en dat vindt Britt wel goed, zelf vindt ze het eigenlijk ook wel lekker.
 
Wanner ze weer bij Britt thuis zijn.
Dorien : Ik moet je nog wat vertellen. (serieus)
Simon : Wat dan?
Dorien: Het gaat over mijn pappa.
Simon kijkt een beetje verbaast.
Dorien : Mijn vader heeft geen auto ongeluk gehad, hij is vermoord.
Simon : Maar jou vader was toch niet slecht?
Dorien : Nee, mijn vader was flik, het is gebeurd toen hij aan het werk was.
Simon: wat erg.
Dorien : Ja, daarom was ik zo stil, mijn moeder had het verteld, en nu moest mamma ook op school komen omdat ik zo stil was. Kom je mee dan gaan we boven spelen.
Simon : Ja ik kom.
 
Britt ziet hoe de twee kinderen naar boven rennen naar de slaapkamer van Dorien. Zelf pakt ze de telefoon en belt naar het commissariaat, om te vragen of ze er morgen een paar uurtjes tussenuit kan.
Britt : Baas kan ik morgen om 11 uur even weg voor 2 uurtjes?
Nadine : Waarom Britt?
Britt : Dorien wild dat ik er bij ben als ze de waarheid over Mark gaat vertellen, ze is zo teruggetrokken de hele week en het is wel belangrijk voor haar dat iedereen van haar klas het weet.
Nadine: Natuurlijk is dat goed Britt, je moet dan wel je overuren opnemen.
Britt: Dat is geen probleem.
Nadine: Oke, dan ga je om 11 weg.
Britt : Bedankt baas.
Nadine : Tot morgen Britt.
 
Gaby word wakker, ze voelt zich ellendig, het stinkt enorm, haar maag kronkelt helemaal omdat die leeg is, het doet pijn, ook is ze helemaal uitgedroogd, haar mond voelt helemaal droog aan, ze kan geen woord uitbrengen niet om hulp roepen of wat dan ook. Dan hoort ze ineens de deurbel, maar ze probeert te gilleen, maar tevergeefs, er komt geen geluidje uit.
Peter belt aan om lootjes te verkopen loopt dan weer weg, hij snapt niet waar zijn buurvrouw is, want ieder jaar koopt ze loodjes van hem en ze had hem beloofd dit jaar weer te kopen, ze zou ook thuis zijn, had ze verteld.
 
Om 6 uur is Britt pannenkoeken aan het bakken als de bel gaat, daar Is Johan.
Britt: Kom binnen.
Johan: Graag, maar wil je in het vervolg vertellen als je vrij bent, ik stond bij Tony.
Britt: Sorry, ik heb daar geen erg in gehad.
Johan : Geeft niets hoor.
Britt : Wil je blijven eten?
Johan : je hebt Simon uitgenodigd?
Britt : Ja, Dorien heeft het hem over Mark verteld, morgen gaan we het aan de klas vertellen.
Johan : Hoe reageerde Simon?
Britt : Hij vond het raar, maar hij had er geen moeite mee.
Johan : gelukkig.
Britt : Zou jij de kinderen dan willen zeggen dat we bijna gaan eten en dus echt moeten gaan opruimen.
Johan : Dat is goed.
Johan gaat naar boven en ziet verwonderlijk dat de kinderen met hun huiswerk bezig zijn.
Johan : We gaan zo eten, dus of jullie willen opruimen.
Simon : Goed pap.
Dorien : Blijft u ook eten?
Johan : Ja, vind he dat goed?
Dorien : Ja gezellig.
 
Niet veel later zitten ze dus gezellig pannenkoeken te eten. Britt kijkt naar Johan en denkt aan wat Sofie nog niet zo lang geleden heeft gezegd over dat Johan een erg originele manier had verzonnen om Britt uit te nodigen. Ze heeft nu wel het idee dat Sofie gelijk heeft, eigenlijk vindt ze Johan wel leuk, erg leuk.
 
De volgende morgen als Britt op het commissariaat komt.
Britt : Goedemorgen Sofie.
Sofie : Goedemorgen Britt.
Britt : Is er al een zaak?
Sofie : nee wij gaan in deze buurt patrouille rijden, er wort nogal wat rondgehangen door schooljeugd wat een tussenuur heeft, of een uurtje spijbelt.
Britt : Dat is goed, maar ik zet je om 11 uur alleen wel weer af op het commissariaat.
Sofie : Maar waarom zet je me om 11uur hier af?
Britt : Moet naar Dorien haar school.
Sofie : Niets ergs hoop ik?
Britt : Wat vertellen aan de klas, samen met Dorien.
Sofie : Van Mark?
Britt : Ja, kom we gaan.
 
Britt en Sofie rijden een halfuur rond en dan zien ze een man door een raam naar binnen klimmen.
 
Britt: Het wordt steeds gekker, inbreken op klaarlichte dag.
Sofie: Nou laten we hem dan maar gaan tegen houden he.
Britt en Sofie stoppen de auto en lopen naar de man toe en pakken hem in zijn kraag.
Sofie: Wat is dat, inbreken op klaarlichte dag?
Geert: Ik heb mijn sleutels in de auto laten liggen, en de deur zit op slot en nu kan ik zowel mijn huis als auto niet meer in en daarom ga ik via het raam, om de reserve sleutels te pakken.
Britt: Kunt u bewijzen dat u de eigenaar van dit huis bent?
Geert: Ik ben Geert Verkerk, en ik woon hier kijk maar.
Geert haar uit zijn broekzak zijn portemonnee en toont zijn identiteitsbewijs.
Geert: En wie bent u?
Britt: Britt Michiels en Sofie Beeckman, Politie Gent.
Geert: Ik ben blij dat de politie zo oplettent is tegenwoordig.
Britt: Waar liggen uw reserve sleutels?
Geert: In de gang in het sleutelkastje.
Britt: Zal ik naar binnen klimmen, ik ben iets kleiner dan u.
Geert: Als u zou willen graag.
 
Britt klimt door het raam en is zo binnen, op de kast ziet ze ook een foto van de man staan en is zeker dat het ook de juiste man is. Britt loopt naar de gang en haalt de sleutels uit het kastje en draait de deur open.
Britt: En in het vervolg u sleutels niet meer in de auto laten liggen.
Geert: Ik zou het onthouden, bedankt.
 
En zo rijden Britt en Sofie weer verder. Na nog een halfuur gereden te hebben en trek krijgen in een kopje koffie en ze willen daarvoor even ergens heen rijden, dan komt er ineens een vrouw bang haar huis uit rennen. Britt stopt de auto en stapt uit en loopt nasar de vrouw.
Britt: Wat is er mevrouw?
vrouw : Een wild vreemde man in mijn huis.
Britt en Sofie rennen naar het huis een gaan daar naar binnen, dan horen ze wat boven en gaan zachtjes de trap op, ze zien de slaapkamer en daar staat een man. Britt en Sofie sluipen dan naar binnen en dan grijpt Britt de man van achter vast.
Britt: Wat waren wij hier aan het doen?
inbreker : Laat me los trut.
Sofie : Zo praten wij niet tegen de politie.
inbreker : Shit.
Britt : Vervelend he, op heterdaad betrapt worden, maar ik zal je een tip geven, breek niet in wanneer iemand thuis is.
 
Zo nemen ze de inbreker mee naar het commissariaat, de vrouw belooft ook nog langs te komen om aangifte te doen. Voor ze gaan Verhoren nemen ze eerst nog een kopje koffie en verdwijnen dan het verhoor in.
Britt: Naam?
Inbreker : Paul Klaassen.
Britt: Doe je dat wel vaker, inbreken op klaarlichte dag?
Paul: ja, vandaag de dag is er toch niemand thuis, iedereen werkt.
Sofie: Paul, ga je het ons makkelijk maken, en vertel jij waar je overal hebt ingebroken, of moeten wij eerst even alles opzoeken en dan jou laten bekennen?
Paul: Ik zal ze wel vertellen, maar ik weet ze echt niet allemaal?
Sofie : Zeker geen boekhouding bij gehouden?
Paul : Nee, was eigenlijk niet mijn bedoeling om het aan jullie te vertellen.
Sofie : Dat begrijp ik.
Paul : Maar als u een kaart heeft kan ik het aanwijzen, de dagen weer ik niet, maar wel waar ik ben geweest.
Britt : Ik ga wel even een kaart van Gent pakken.
 
Wanneer Britt terug komt wijst hij allemaal straten aan, op een gegevenmoment is Britt Bang dat hij niet meer ophoud omdat hij maar door blijft gaan en Britt bijna weg moet. Maar om 10 voor elf is hij dan klaar. Britt en Sofie brengen hem dan opgelucht naar een cel.
 
Britt : Ik dacht dat hij nooit zou stoppen.
Sofie : Ja dat dacht ik ook, denk dat het wel 100 inbraken.
Britt : Maar ik ga nu naar Dorien haar school toe.
Sofie : Succes.
Britt : Bedankt, maar voor mij zal het wel gaan, maar Dorien.
Sofie : Groetjes aan Dorien dan maar.
Britt : Zal ik doen, zie je vanmiddag wel.
 
Dan vertrekt Britt naar de school van Dorien. Wanneer Britt de klas binnen komt vliegt Dorien gelijk naar haar moeder toe. Allee kinderen in de klas kijken een beetje vreemd op van dit tafereel, maar wachten wel af wat de moeder van Dorien op school komt doen. Dan verteld de juf dat Britt en Dorien iets belangrijks moet vertellen. Dan verteld Britt over de dood van Mark, de kinderen zitten te aandachtig te luisteren. De hele klas is behoorlijk geschokt van wat ze horen. Britt verteld dat ze nu niet ineens anders moeten doen tegen Dorien omdat ze nu hebben gehoord dat haar vader is vermoord. Dorien is gewoon de Dorien voor dat het verteld is.
 
Na dat er ook nog wat vragen zijn gesteld gaan ze naar het huis van Britt, om daar te eten. Dorien en Simon vinden het wel eens leuk om een keer daar te eten, het is weer eens anders als bij Tony op de boot. Maar daar komt natuurlijk ook een einde aan want ze moeten weer naar school en Britt werken.
 
Nadine : Hoe ging het?
Britt: Heel goed, ik denk dat Dorien weer wat vrijer word.
Nadine : Gelukkig, ik hoorde dar jullie goed werk hebben gedaan van Sofie.
Britt: Ja, alleen niet het opgegeven werk.
Nadine : Daarom mogen jullie weer terug.
Britt: Is er nog nieuws eigenlijk van die Baby?
Nadine : Nee, helemaal niets.
Britt: Jammer, ik had gehoopt dat ze de moeder al hadden gevonden.
Nadine: Nee, de heren zijn daar ook al mee bezig vandaag, gister hebben Raymond en Pasmans ook al allee ziekenhuizen af gegaan.
Britt : Vandaag weer?
Nadine : Nee, met Nick en Bruno alles buiten ze zone Gent.
Britt : Ik hoop dat ze succes hebben.
Nadine : Ik ook Britt.
 
Britt : Kom je mee we gaan
Sofie : Ja dat is goed, hoe is het eigenlijk gegaan?
Britt : Goed, gelukkig wel.
Sofie : Ik hoop dat het Dorien goed heeft gedaan.
Britt : Ik geloof van wel hoor.
 
Britt en Sofie rijden nu weer door dezelfde wijk, nu zien ze een 4 meiden in een speeltuintje zitten, ze zitten boven op een speelhuisje te roken.
Sofie : hoe oud zijn die zijn, 14?
Britt : Denk het wel, zullen we eens een praatje maken, je mag maar tot je 12e in het speeltuintje, kijk maar er staat daar een bord.
Sofie : En dan?
Britt : Laten we maar gewoon vragen waarom ze niet op school zijn he.
Sofie : Dat is goed.
 
Britt : Britt Michiels, Sofie Beeckman, Politie Gent, zouden we even met jullie kunnen praten?
Tamara : Nee, geen zin in.
Britt : Dat is dan jammer voor jou.
Marlies : Wat is er dan? (ongeïnteresseerd)
Sofie : Waarom zijn jullie niet op school?
Marlies : Omdat we hier zijn, veel gezelligger, ook een sigaretje?
Sofie : Nee dank je, maar het mag wel gezelliger zijn hier, maar je leert er niets van.
Ingrit : Doen we op school niet, wij hebben zo’n laag niveau.
Britt : Dat zal wel, als je al niet weet hoe oud je bent.
Tamara : Hoezo?
Britt : Dit speeltuintje is voor kinderen tot 12 jaar.
Tamara : dan mag u hier ook niet komen.
Britt : Als je bij de flikken zit mag je overal komen.
Marlies : Ik ga hier niet weg hoor, veelte leuk hier.
Sofie : Hoe heten jullie?
Marlies : Ik Marlies, dat is Tamara, Ingrit en Saskia.
Saskia : En wat willen jullie nu doen, ik ga hier ook niet weg, en ik heb ook geen zin meer om met jullie te praten.
Sofie : Ik zou graag jullie legitimatiebewijs willen zien.
Ingrit : Heb ik niet bij me.
Sofie : Dat moet je bij je hebben.
Britt : Heeft 1 van jullie het wel.
Marlies : nee, ik niet.
Tamara : Ook niet.
Saskia : En voor mij geld het zelfde.
Britt : Bel maar een combi Sofie.
Saskia : Wat is dat nou weer voor onzin?
Britt : Overtreding van de wet, jullie zijn ergens waar je niet mag zijn, jullie spijbelen en jullie hebben je legitimatiebewijs niet bij.
Ingrit : Mijn pa heeft gelijk, de politie wordt nooit je vriend.
Britt : Bij sommige is dat helaas zo, maar ik pak jullie liever ook niet op, het moet helaas omdat jullie je niet aan de regels houden.
Sofie : De combi komt er aan.
Tamara : Daar ga ik niet op wachten.
 
Dan springt Tamara van het huisje af en wild weg rennen, maar Britt is sneller.
Britt : Kijk, daar hebben wij van doe mooi handboeien voor.
Dan komt de combi er al aan en de meiden worden mee genomen, Britt en Sofie rijden dan achter de combi aan naar het commissariaat.
 
Nadine : Vlug terug dames.
Britt : Ja, met 4 arrestanten.
Nadine : Hangjongens?
Britt : Hangmeiden.
Nadine : wat waren ze aan het doen?
Sofie : Een sigaretje aan het roken op een speelplaats en gespijbeld en niet in het bezit van een legitimatiebewijs.
Nadine : Oke, gewoon even met de ouders spreken zeker?
Britt : Even kijken of het niet al eerder is gebeurd, wel een aantekening van maken en ze waarschuwen mocht het de eerste keer zijn dat ze gepakt zijn.
Nadine : Oke, hebben ze hun gegevens gegeven?
Britt : Ja, dat hebben ze, dus we hopen snel klaar te zijn, we gaan nu de ouders bellen en dan alles in de computer opzoeken en even invoeren.
Nadine: Oke, ga maar aan het werk.
 
Voor alle meiden is het de eerste keer, maar het is nogal een gedoe om de ouders naar het commissariaat te laten komen, allemaal 2 verdieners. Iedereen doet moeilijk om naar het commissariaat te komen, ze kunnen pas om 6 uur komen, dat moet dan maar, maar ze waarschuwen dat het dan wel laat kan worden, daar zijn ze niet blij mee, maar het kan niet anders.
Sofie : Zullen we eerst maar even met die meiden apart praten?
Britt : Ja, we hebben tijd zat, het is pas 2 uur dus we hebben nog 4 uur voor dat de ouder er zijn.
 
De meiden hebben nu ineens geen grote mond meer nu ze op het commissariaat zitten. En ze balen er van dat hun ouders ook niet eens willen komen. Ze beloven om niet meer te spijbelen en ook niet meer in de speeltuintjes rond te gaan hangen. Na dat ze te horen hebben gekregen dat als ze de volgende keer wel gestraft worden.
 
Tegen 6 uur komen de 4 mannen vermoeit binnen.
Britt: Nog niets?
Nick : Het lijkt wel of die baby van niemand is.
Sofie : gek, ik snap het echt niet.
Britt: Wat gaat er nu gebeuren?
Raymond : Waarschijnlijk naar een kindertehuis.
Sofie: Wat zielig. (denkend dat er in haar buik ook eentje groeit en dat ze die nooit te vondeling zou leggen)
Pasmans : Misschien is het wel beter voor het kind, alleen vind ik dat die moeder gestraft moet worden.
Britt : Licht er aan waarom ze het kind achter heeft gelaten.
Raymond : Wat is dan wel een goede reden om je kind achter te laten?
Britt : Sorry, dat weet ik niet, maar als je er zelf echt niet voor kan zorgen.
Bruno : Daar heeft Britt misschien wel gelijk in.
 
Voor de meiden duurt het wachten wel lang helemaal alleen 3 en half uur in een cel, ze zijn blij als ze worden gehaald als hun ouders er zijn. De ouders laten blijken dat ze haast hebben, Britt kan zich er een beetje kwaad om maken want ze is nu ook al later dan normaal thuis en vind dat ook niet leuk, maar dat laat zij toch ook niet aan die ouders merken.
 
Sofie: Die ouders waren ook niet echt onder de indruk.
Britt: Geen wonder dat die kinderen zo zijn.
Sofie : Jij let toch beter he op Dorien?
Britt: Ze zou eens moeten proberen dan heeft ze echt een probleem.
Sofie : En hoe kom jij er achter?
Britt : De school behoord te bellen als kinderen er niet zijn en ook niet afgemeld.
Sofie : Maar dan belt Dorien en dan doet ze alsof ze jou is.
Britt : Ze moet niet de staat op gaan, ieder flik kent haar.
Sofie : Dat is waar, die word zo opgepakt.
Britt : Maar Dorien is best wel slim, het is meestal de wat lagere niveaus die spijbelen.
Sofie : Ja dat is waar.
Britt : Maar ik ga nu naar huis toe, nu heb ik mijn net opgenomen overuren er al weer bijna er bij.
Sofie : Hoe komen we er af, ik moet ze ook maar eens gaan opnemen, want ik krijg ze ook niet op, op deze manier.
 
Dorien : Wat ben je laat mam.
Britt : Sorry, we hadden meiden opgepakt die aan het spijbelen zijn en we moesten op de ouders wachten en die kwamen pas om 6 uur en dan moesten er nog met hun praten dus moest ik 1 uurtje langer werken.
Dorien : Waarom gaan ze spijbelen, het is toch leuk op school?
Britt : Die kinderen zijn niet zo slim, je bent eigenlijk heel dom als je gaat spijbelen.
Dorien : Ik zal nooit gaan spijbelen hoor mamma.
Britt : Mooi, dan hoef je daar voor mij geen straf voor te krijgen.
Dorien : Gelukkig, want ik hou niet van straf.
Tony : Britt, zou jij morgenavond op Vera willen passen?
Britt : Ja dat is goed, dat wil ik natuurlijk voor je doen.
Tony : Bedankt.
Dorien : Blijft Vera dan bij ons slapen?
Britt : En ik ben donderdag vrij dus dan hoeft Tony er ook niet vroeg uit.
Tony : Dan is dit een kort weekje voor mij.
Britt : Toch ook eens lekker maar twee dagen te hoeven oppassen.
Tony : Ja, ik zal het morgen maar tegen Johan zeggen voordat hij weer voor de deur staat.
Britt : Goed idee.
Dorien : Mag Simon dan niet komen logeren?
Britt : Ja dat mag wel hoor, dan moet je dadelijk Simon even bellen.
Dorien : Oke, dat ga ik thuis gelijk doen.
Britt : Dat is goed, zullen we nu maar een patatje halen of heb jij al bij Tony gegeten?
Dorien : Ik heb bij Tony mee gegeten.
Tony : Ik heb ook wat voor jou bewaard Britt, ik hoef het alleen op te warmen.
Britt : Jij hebt echt gloeide ideeën.
Tony : Weet ik, ga maar zitten.
 
Britt : Hoe is het vanmiddag op school gegaan?
Dorien : Super goed.
Britt : gelukkig
 
De volgende middag
Tring, tring, tring. Gaby hoort ver weg weer de deurbel, maar ze kan niets meer doen, ze is helemaal stijf en kan nu echt gen beweging maken, haar hele lichaam doet pijn, een ondraagbare pijn, ze heeft ongelofelijke dorst en honger.
Stefan word het zat dat de buurvrouw niet open doed en gaat bij zijn moeder klagen.
Stefan : Mamma, buurvrouw Gaby doet nog steeds niet open.
Moeder : Ze heeft vakantie, ze zal wel weg zijn.
Stefan : Maar dan mag ik altijd de plantjes water geven, en dat heeft ze niet gevraagd dus ze is niet op vakantie.
Moeder : Stefan, ze is misschien maar kort weg, en heeft ze de plantjes nu al goed water gegeven.
Stefan : Ik vind het raar.
Moeder : Ga nou maar spelen, en als ze niet op tijd is voor dat ze je loodje moest kopen, dan koop ik hen wel voor haar.
Stefan : Oke.
De moeder van Stefan zit er eigenlijk niet zo mee dat haar buurvrouw er niet is, het is maar een gek mens. Ze is wel heel aardig, maar soms loopt ze er wel eens erg ordineer bij, af en toe zou je denken dat het een hoertje is, maar dat zal wel niet met haar baan.
 
Britt en Sofie zitten wat bureau werk te doen, deze morgen hebben ze weer wat jongelui opgepakt, maar hier kwamen de ouders wel gelijk opdagen. De heren zijn vandaag alle 4 vrij dus het is lekker rustig in het teamlokaal. Dan gaat de telefoon van Britt.
Britt: Michiels.
Harm: Harm ten Katen, politie Rotterdamrijmond.
Britt: Waar kan ik u mee helpen?
Harm: Jullie hebben toch een baby gevonden?
Britt: Ja, dat is zo.
Harm: Wij hebben net een vrouw waarvan haar baby verdwenen is, ze had de baby bij haar man gelaten, maar die is vanochtend dood gevonden.
Britt : Heeft ze de baby van de foto herkent?
Harm : Ja, ze zegt dat het haar kind is.
Britt : Zou u met haar naar Gent willen komen?
Harm : Ja, we zijn er dan over 2 uur.
Britt : Als u dan naar AZ sint Lucas gaat zullen zij bij de ingang wachten, bij een zilveren auto, twee blonde burger agenten.
Harm : Oke.
 
Sofie : Is de moeder van de baby gevonden?
Britt : Ja, de baby was bij de vader, die is vanochtend dood in Rotterdam aangetroffen.
Sofie : Dan mis je je man en kind toch?
Britt : Waarschijnlijk nu al gescheiden.
Sofie : Of al eerder.
Britt : Dat kan natuurlijk ook.
 
Tegen 4 uur gaan Britt en Sofie naar het ziekenhuis en niet veel later komt er een politie wagen aan rijden. Maar niet een zoals je die in Gent ziet rijden, maar een Nederlandse verzie er van. Er stapt een man uit en een wat oudere vrouw die niet zo erg goed er uit ziet. Ze komen op Britt en Sofie aflopen.
Harm: Britt Michiels?
Britt: Ik ben Britt Michiels, en dit is mijn collega Sofie Beeckman.
Harm: Harm ten Katen, en dit is de moeder van de Baby, Sonja Pauwels.
Britt: Ik heb al met de dokter gebeld, ze verwacht ons al.
Harm: U weet de weg waarschijnlijk?
Britt: Ja, kom hier nogal vaak helaas.
 
Mihriban : Hoi Britt.
Britt: Mihriban, dit is de moeder van de baby.
Mihriban : Het is helemaal goed met uw kind, hoe heet uw dochter.
Sonja: Irene.
Mihriban : Het is heel erg goed met Irene, ze licht hier.
 
Mihriban gaat samen met Sonja naar de baby toe en het is de echt haar kind, Sonja bast in huilen van blijdschap uit. Iets verderop staan Britt en Sofie met Harm te praten, hij verteld dat haar man niet helmaal een zuiver verleden heeft, maar ze zijn blij dat de moordenaar de baby veilig heeft achter gelaten. Maar waarom in Gent is de vraag.
Wanneer Britt en Sofie weer op het commissariaat komen doen ze nog wat papierwerk werk doe en dan kunnen ze op tijd naar huis.
 
Britt: Blijf je eten Tony?
Tony: Nee, ik ga met Alex uit eten.
Britt: Een nieuw lief?
Tony: Ja.
 
De volgende dag heeft Britt het even druk met 3 kinderen in huis, Dorien en Simon zorgen gelukkig goed voor zich zelf, maar dat doet Vera niet. Natuurlijk wel logies voor een Baby. Wanneer de kinderen op school zijn gaat Britt wat aan het huis doen, Vera is ondertussen al weer in het campingbedje in slaap gevallen. Pas tegen de middag komt Tony. Die verteld dat het heel erg leuk was met Alex. Britt vraagt of hij is blijven slapen, maar dat is nog niet gebeurd ze wil wat rustig aan doen dit keer.
 
Het is vrijdag ochtend en Stefan heeft vrij van school omdat er een studiedag is op zijn school.
Stefan : buurvrouw Gaby doet nog steeds niet opeb.
Moeder : Ik ga wel even mee.
 
Britt en Sofie zijn vandaag wat aan het patrouille aan het rijden in de buurt aan het rijden, maar waarschijnlijk zijn de jongeren door elkaar gewaarschuwd, of het kan aan het weer liggen, want het is vandaag ook niet zulk lekker weer.
 
De moeder van Stefan loopt naar de buren en kijkt door de brievenbus waar een enorme stank uit komt.
Moeder : Ik ga de politie wel bellen, dan kunnen zij binnen kijken waar ze naar toe is.
Stefan : Oke.
 
Niet veel later komen Britt en Sofie er aan met de slotenmaker. Wanneer ze naar binnen gaan komt er een enorme stank hun tegemoet. Dan gaat Britt naar de slaapkamer en ziet een naakt geboeide vrouw op bed liggen, ze licht helemaal in de ontlasting. Britt voelt, ze is helemaal kauwt maar leeft nog wel.
Britt: Sofie bel een ambulance, ze licht hier.
Sofie komt dan ook naar boven, en ze wachten op de ambulance terwijl ze de vrouw toedekken. En haar bevrijden uit de boeien, maar ze reageert helemaal niet meer. Niet veel later wordt de vrouw door de ambulance opgehaald.
 
Britt: Hoelang zal ze zo hebben gelegen?
Sofie : geen idee, maar waarom zal ze zo op bed gaan leggen?
Britt: Ik weet het al, kijk maar.
Britt toont Sofie een briefje, in het briefje staat geschreven dat ze gebouwd naakt op bed moest liggen voor haar meester berd.
Sofie : Die man doe vorige week dat ongeluk heeft gehad?
Britt: Ik denk het wel.
Sofie : Ik weet het wel zeker, kijk maar hier staat ze met hem op de foto.
Britt : Ze moed veel vertrouwen in hem hebben gehad, dat ze toch zo op bed is gaan liggen, ze kon niet meer los komen.
Sofie : Daar draait SM ook om he, vertrouwen.
Britt : Zullen we naar het ziekenhuis gaan, kijken hoe ze er aan toe is?
Sofie : Ja, hier kunnen we toch niets meer doen.
 
Wanneer ze in het ziekenhuis komen word hun verteld dat Gaby is overleden.
 
Einde

 

Geschreven door flikken10

Vorige Start Omhoog Volgende
* ©©©©© Alles op deze site is Copyright van de eigenaar en mag dus nergens anders geplaatst worden ©©©©©

*