Scholen
Britt : Kunnen we vandaag niet overwerken?
Sofie : Waar is dat goed voor?
Britt : Oudergesprek op Doriens school dat is echt verschrikkelijk.
Sofie : Hoe lang duurt het?
Britt : Een uur en ik moet altijd blijven er is altijd wel wat dat ik met de juf moet praten en het komt altijd er op neer dat ik te hard werk.
Sofie : Ik kan wel bellen maar dan moet je toch weet terug komen je lost het niet op.
Britt : Je hebt gelijk maar ik word echt gek van al die huisvrouwen.
Sofie : Ja die denken dat je de hele dag achter je kind aan moet rennen en schoonmaken.
Britt : Ja, ik zou echt gek worden de hele dag thuis ik zou er nooit aan moeten denken.
Sofie : Ga je morgen nog iets doen?
Britt : Ik ga met Dorien naar een pretpark daar had ze zin in en het is wel een tijd geleden dat we naar een pretpark zijn geweest.
Sofie : Naar welk park gaan jullie?
Britt : Naar Bobby jaanland.
Sofie : Dat zal ze wel leuk vinden.
Britt : Ze heeft hem zelf uitgekozen en Simon gaat ook mee.
Sofie : Gaat goed tussen die 2.
Britt : Ja, ze zijn wel aardig verliefd hij is ook al een keer blijven logeren.
Sofie : Gaat het al weer wat beter op school nu we die gast hebben opgepakt?
Britt : Ik heb nog niets gehoord maar geen nieuws is goed nieuws. Zo Sofie en wat ga jij op je vrije dag doen morgen?
Sofie : Ik ga met een vriendin een trouwjurk uitzoeken.
Sofie en Britt gaan weer verder met het typen van hun PV’s. Om halfzes gaan Britt en Sofie naar huis.Wanneer Britt thuis komt bij Tony.
Dorien : Hooi mam.
Britt : Hallo Dot.
Tony : Blijf je eten?
Britt : Ja dat is goed dan hoef ik niet heen en weer.
Tony : Ik had er al op gerekend dat je al geen zin had in vanavond en als je nog moet heen en weer blijven rijden.
Britt : Ze moeten het gewoon afschaffen.
Tony : Ja, Ik denk dat ik het dadelijk ook niet makkelijk krijg omdat Vera natuurlijk helemaal zonder vader is opgegroeid.
Britt : ja ik vind dat ze niet zo moeten zeuren we zorgen toch ook goed voor onze kinderen.
Tony : Al die vooroordelen over alleenstaande moeders je word er echt gek van.
Om 7 uur gaat Britt naar school met heel veel tegenzin.
Na een uur allemaal dingen hebben gehoord die Britt niet echt interesseert en wanneer iedereen naar huis mag dan komt de juf naar Britt en vraagt haar zo als gewoonlijk weer voor een gesprekje.
Juf : Het gaat een stuk beter na het gesprek wat ik met mevrouw Dierickx heb gehad.
Britt : Het probleem is ook opgelost.
Juf : Zou ik mogen weten wat er allemaal is gebeurd wand die donderdag middag was Dorien er niet net zo als Simon.
Britt : We willen dit laten rusten en daarom vind ik het niet nodig dat u dit allemaal weet.
Juf : Gaat het thuis ook weer goed met Dorien.
Britt : Het ging thuis al goed en ik ben het echt zat al dat gezeur over dat ik een alleenstaande werkende moeder ben ik heb er niet om gevraagd dat Mark dood is.
Juf : Het spijt me.
Britt : Waarom moet ik altijd blijven ik wil ook naar huis Dorien moet ook naar bed toe.
Juf : Ik zie u te weinig vergleken met de andere ouders.
Britt : Sorry maar ik heb een baan met wisselende werktijden en ik kan Dorien niet altijd ophalen.
Juf : Ik begrijp het. U mag nu gaan als u wild.
Britt gaat weg en meteen naar Tony toe.
Britt : Ik ga woon niet meer naar dat soort avonden ik haat ze echt.
Tony : Britt dan moet je zeggen dat je het zat bent dat gezeur over dat gesprekje.
Britt : Dat is omdat ze me te weinig ziet.
Tony : Hebben ze dan geen telefoon daar?
Britt : Hoezo?
Tony : Dan kan ze je bellen.
Britt : Ze kan ook een briefje aan Dorien geven maar dat doet ze niet.
Dorien komt er aan gelopen.
Dorien : Mam ik wil naar bed.
Britt : We gaan naar huis hoor schatje.
Dorien : Moes je weer na blijven?
Britt : Altijd toch.
Dorien : Maar ik ben toch niet stout geweest?
Britt : Nee maar de juf wild altijd met me praten omdat ik alleen ben en jij geen vader meer heb.
Dorien : Dat vind ik stom jij kan er toch ook niets aan doen dat pappa een ongeluk heeft gehad.
Britt : Nee, maar zullen we gaan.
Dorien : Ja, dag Tony tot maandag.
Tony : tot maandag.
Dorien : Mag Simon maandag komen spelen?
Tony : Als dat van Simons vader mag wel.
Britt en Dorien gaan naar huis. Tony denkt in zichzelf Hoe lang gaat Britt nog wachten met de waarheid te vertellen aan Dorien ze kan toch niet eeuwig blijven liegen.
De volgende dag gaat Britt met Dorien en Simon neer Bobby jaanland toe maar de mannen moeten gewoon werken.
Nadine : Nick en Bruno hebben jullie het nachtrapport gelezen?
Nick : Ja.
Nadine : Zouden jullie dan verder willen gaan met zie zaak van die diefstallen van die basisschool.
Nick : We gaan er heen.
Bruno : Wat is er eigelijk gestolen?
Nick : Computers en speelgoed uit de kleuterklas.
Nadine : Het is weekend dus er is niemand op school maar ik heb het adres van de directeur voor jullie zo dat je nog even binnen kunt kijken.
Nick : Bedankt.
Nadine : Raymond en Pasmans zouden jullie patrouille in het centrum kunnen gaan lopen.
Pasmans : Is er geen zaak voor ons?
Nadine : De burgemeester wild meer blauw op straat en er zijn geen zaken met een hoge prioriteit.
Raymond : We gaan al.
Alle 4 de heren vertrekken.
Nick en Bruno komen bij die directeur aan en met hem gaan ze samen naar de school toe.
Nick : Zou kunnen vertellen hoeveel computer en speelgoed is gestolen?
Directeur : 20 computer en van het speelgoed weet ik het niet zo goed maar er is een hoop weg vooral van het bouwspeelgoed zo als lego en ander constructie speelgoed.
Bruno : Ze moeten echt wel met meerdere zijn geweest en ook bekend in de school wand het is in een halfuur gebeurd wand de overbuur van de school is om 2 uur gaan slapen en hun buurvrouw kwam om ongeveer half 3 terug en toen stond de deur van de school al open.
Nick : Ik snap niet waarom het alarm niet is af gegaan.
Directeur : Ik wel.
Nick : Waarom dan?
Directeur : Omdat dat alarm kapot is en de gemeente laat het niet maken en ik blijf het maar vragen maar het is niet belangrijk genoeg maar dat zullen ze nu inzien dat het wel belangrijk is.
Bruno : Ja maar het is wel te laat wand u bent een hoop kwijt.
Directeur : Ja er zal wel weer moeilijk worden gedaan om alles te laten te vervangen aangezien die bezuinigingen.
Bruno : Ik hoop voor u dat de verzekering genoeg uitkeer en wij zullen proberen er achter te komen wie het gestolen heef en dan hoef u misschien geen nieuw aan te schaffen.
Directeur : Bedankt alvast.
Bruno en Nick kijken nog even rond en dan vertrekken ze weer het commissariaat.
Bij Raymond en Pasmans.
Raymond : Kom je vanavond eten, Jonas is er ook.
Pasmans : Graag.
Raymond : Hij is echt gek op je he.
Pasmans : Niet zo erg als op zijn opa.
Raymond rent ineens weg en Pasmans gaat er onbegrijpend achteraan.
Pasmans : Raymond wat is er?
Raymond : Een winkel dief.
Al gouw heeft Raymond het jongentje te pakken en nemen hem mee naar het commissariaat.
Raymond : Vertel eens hoe je heet en hoe oud je bent.
Michiel : Ik ben Michiel en ik ben 11.
Raymond : En wat is je achternaam Michiel?
Michiel : Ruiters.
Raymond : Michiel waarom heb je die kleding gestolen?
Michiel : Omdat dat moet.
Raymond : Van wie?
Michiel : Dat mag ik niet zeggen.
Raymond : Waarom niet.
Michiel : Dan gaat hij me pijn doen.
Raymond : Wie gaat je dan pijn doen?
Michiel : Dat zeg ik niet wand anders doet hij mijn pijn.
Raymond : Als je me verteld wie jou bedreigt dan kan ik je helpen en dan zal hij je geen pijn meer doen.
Michiel : Hoe weet zeker dat hij me geen pijn zal doen.
Raymond : We pakken hem op en dan word hij gestraft.
Michiel : En als hij zegt dat hij het niet doet?
Pasmans : Zijn er nog meer mensen die weten dat hij je bedreigd?
Michiel : Marko die word ook bedreigd door hem.
Pasmans : Wat is de achternaam van Marko en hoe oud is hij?
Michiel : Marko Stevens en hij is 12 jaar.
Raymond : Wil je al vertellen wie jou bedreigt?
Michiel : Nee ik durf het niet.
Raymond : Je moet nu nog even blijven en dan bellen we je ouders op om je te komen halen.
Michiel : Alstu blieft bel mijn moeder niet.
Raymond : Waarom niet?
Michiel : Ze wordt heel erg boos op mij.
Raymond : Ik zal wel vertellen waarom je steelt als jij belooft het nooit meer te doen.
Michiel : Ik zal het nooit meer doen.
Raymond : Oke dan breng ik je nu naar het commissariaat.
Michiel : Naar een cel?
Raymond : Eentje voor kinderen waar speelgoed en anderen dingen staan niet zo erg als een grote mensen cel.
Raymond neemt het Michiel mee naar de kinder vriendelijke kamer en Pasmans gaat Michiel en Marko natrekken op de computer.
Wanneer Raymond terug komt staat Pasmans met een paar blaadjes in zijn handen.
Raymond : Je hebt wat gevonden.
Pasmans : Ja Michiel Ruiters zijn vader is overleden en hij woont bij zijn moeder.
Raymond : Daar is niets mis mee.
Pasmans : Op zich niet zijn vader was een bekende van ons.
Raymond : Hoe hete hij dan?
Pasmans : Daniël Ruiters, heeft al een hoop inbraken gedaan altijd samen met Niko Smit.
Raymond : En die Marko Stevens?
Pasmans : Een gewone gezins situatie en zijn ouders hebben geen strafblad.
Raymond : Ik zal wel naar Marko bellen als jij naar de moeder van Michiel belt.
Pasmans belt op maar wanneer er opgenomen word schrikt hij en legt de horen snel op de haak. Raymond die aan het bellen was keek vreemd op maar ging verder met zijn gesprek en nodigde Marko uit om met hem te komen praten. Toen hij op hing.
Raymond : Wat was er dat je meteen op hing?
Pasmans : Weet jij wie er op nam?
Raymond : Nee, wie?
Pasmans : Niko Smit.
Raymond : De maat van zijn vader.
Pasmans : Ja dat denk ik wel het lijkt me niet zo slim om het hem te vertellen ik ga hem eerst natrekken voor dat ik weer ga bellen.
Raymond : Dat is goed.
Pasmans gaat weer in de computer kijken en Raymond gaat naar Michiel toe.
Raymond : Michiel, wie is Niko?
Michiel : De nieuwe vriend van mijn moeder.
Raymond : Vind je hem aardig?
Michiel : Nee.
Raymond : Is hij die man die je pijn doet?
Michiel : Ik zeg het niet.
Raymond : Hij doet jou pijn he, wand anders zou je zeggen dat hij je geen pijn deed.
Michiel : Hij doet me pijn als ik het tegen iemand zal vertellen.
Dan komt Carla aangelopen.
Carla : Raymond, Marko Stevens is er voor je.
Raymond : Breng hem maar naar verhoor1 ik kom er aan.
Raymond gaat eerst naar Pasmans toe die een weer wat gevonden heeft.
Pasmans : Niko zelf steelt een stuk minder tegen wording maar hij heeft vroeger ook kinderen gebruikt om te stelen. Hij zit nu meer in het drugs milieu.
Raymond : Dus het zou best kunnen dat hij die man is.
Pasmans : Ja dat zal wel kunnen, alleen hebben we een probleem.
Raymond : Wat voor probleem?
Pasmans : De federalen.
Raymond : Hoezo?
Pasmans : Die zitten achter hem aan.
Raymond : Laten we eerst met Marko gaan praatten en dan eens met de federalen bellen.
Pasmans : Dat is goed.
Raymond : Marko fijn dat je zo snel bent gekomen.
Marko : Waarom moest ik komen?
Raymond : We hebben wat vragen en ik hoop dat jij ons kan helpen.
Marko : Ik hoop het.
Raymond : Ken jij Michiel Ruiters?
Marko : Jij hij is een vriend van mij en we zitten in dezelfde klas.
Raymond : Heb jij de laatste tijd nog wat aan Michiel gemerkt dat hij zich anders gedroeg of zo?
Marko : Waarom vraagt u dat?
Raymond : Wij hebben Michiel opgepakt om dat we hem hebben betrapt op winkeldiefstal en hij heeft ons verteld dat hij bedreigt word door iemand en hij wil niet vertellen wie dat is en hij zij dat jij het wel wist.
Marko : Ik weet het maar ik kan het u niet vertellen wand anders gaat hij vreselijke dingen met me doen.
Raymond : Wat gaar hij dan met je doen?
Marko : Dingen die heel veel pijn doen ik wilde een keer niet luisteren en toen heeft hij dit gedaan en als ik het zou vertellen zou hij het toen keer zo erg doen.
Marko tilde zijn shirt omhoog en daar zagen Raymond en Pasmans enorme striemen die al een beet je aan het genezen waren maar er waren er ook een paar aan het ontsteken.
Raymond : We gaan zo wel even met je naar een dokter wand je moet geholpen worden met die wonden.
Marko : Maar dan moet ik het vertellen.
Raymond : Je hoeft het niet te vertellen aan de dokter.
Marko : Dan ga ik mee.
Raymond : Marko weet jij ook wie Niko Smit is?
Marko : De vriend van de moeder van Michiel.
Raymond : Is hij een beetje aardig?
Marko : Ik vind hem niet aardig en Michiel ook niet.
Raymond : Dan gaan we naar het ziekenhuis. Pasmans zou jij Vanbruane willen briefen en vragen of zij wil gaan vissen bij de federalen.
Pasmans : Ga jij alleen of moet ik ook mee naar het ziekenhuis?
Raymond : Je mag mee.
Pasmans loopt snel naar Vanbruane en verteld haar wat er aan de hand is en vraagt of zij bij de federalen wil navragen hoe het precies zit met Niko Smit. Nadine ging het meteen uitzoeken en Pasmans ging met Raymond en Marko naar het ziekenhuis.
Nick en Bruno zaten nog altijd met die diefstal van computers en speelgoed uit die basisschool.
Nick : Hoe kan je in een halfuur ongemerkt 20 computers stelen en nog wat speelgoed?
Bruno : Dat vroeg ik me ook al af en ze moeten hebben geweten dat het alarm kapot was.
Nick : Wacht even.
Bruno : Wat is er?
Nick : Die deur van die school was niet geforceerd zat ik me net te bedenken dus het moet iemand zijn die een sleutel van de school heeft.
Bruno : Dan moeten we na gaan wie er allemaal een sleutel van die school heeft. En zo kunnen we er makkelijk achter komen wie het gedaan kan hebben.
Nick : Waarom hebben ze de deur dan open laten staan?
Bruno : Waarschijnlijk om het meer op een inbraak te laten lijken, of ze hadden haast om weg te komen.
Nick : Ik bel die directeur wel op of hij een lijst wil maken met iedereen die een sleutel van de school heeft.
Na een uur komen Raymond en Pasmans weer op het commissariaat ze hebben Marko naar huis gebracht en gaan naar Vanbruane toe om te infomeren wat de federalen van Niko Smit willen.
Nadine : Hoe is het met dat jongentje?
Pasmans : De wonden waren behoorlijk geïnfecteerd en hij is geopereerd en nu kunnen de wonden genezen.
Nadine : Ik heb eens mij de federalen geïnformeerd en ze zijn bezig met een drug zaak waar hij een grote rol in speelt. Er is mij gevraagd om hem met rust te laten en dat ze dit later zullen afhandelen.
Raymond : Hoe kunnen we dit afronden als hij met de moeder omgaat, ik kan toch niet zeggen dat hij bedreigt word en niet vertellen door wie?
Nadine : We laten hem ophalen en dan vertel je de moeder dat hij wat had gestolen maar dat er een rede bij hoort die je niet kan vertellen en zij ook niet aan hem mag vragen.
Raymond : Dat is goed ik zal zijn moeder wel gaan bellen.
Raymond belt naar de moeder van Michiel en die komt meteen.
Raymond : Mevrouw Ruiters ik ben blij dat u zo snel kon komen.
Ruiters : Waar voor moest ik komen.
Raymond : Er hebben net u zoon Michiel betrapt op het stelen van kleding, we weten dat er een rede achter zit maar ik kan u die rede niet vertellen en ik vraag ook dat u het niet aan Michiel wild vragen voor u en zijn veiligheid.
Ruiters : Hoe bedoeld u?
Raymond : U mag u zoon dadelijk mee naar huis nemen en u moet er niet te veel aandacht aan schenken hij is al gestraft genoeg en hij zal er binnenkort van af zijn en dan kunnen we het u vertellen.
Ruiters : Oke, mag ik nu mijn zoon zien?
Raymond : Komt u maar mee.
Raymond brengt de moeder naar zijn zoon en Pasmans gaat terug naar het teamlokaal. Daar komen ook een wat sacherijnig wordende Nick en Bruno tegen.
Nick : Hebben jullie een zaak?
Pasmans : We zijn net klaar.
Bruno : Mooi dan kunnen wij jullie hulp gebruiken.
Pasmans : Hoezo?
Bruno : We moeten nog een aantal mensen verhoren in verband met die diefstal uit de school en hun alibi checken.
Pasmans : Heb je niets leukers?
Nick : Nee en we moeten het zelf ook doen dus als je wild helpen graag.
Pasmans : Als er geen andere zaak is vind ik het goed, vraag maar aan Vanbruane.
Nick : Ik ben al weg.
Nick loopt gelijk naar Vanbruane en die stemt er mee in dat Raymond en Pasmans met hun zaak helpen. De heren gingen eerst nog even lunchen in de combi en daarna gingen ze aan het werk.
Britt, Dorien en Simon hadden het erg naar hun zin in Bobby jaanland en ook Sofie had al een gezellige dag met haar vriendin Monika. Ze hadden al heel wat jurken gezien en Sofie vond de ene nog mooier dan de andere jurk.
Na een hele middag mensen hebben verhoord en alibi’s te tjekken hebben ze aan het einde van de dag eindelijk de dader het is een van de ouders van de kleuterklas die samen met een paar vrienden aan het stelen zijn geweest en ze hadden de computers en het speelgoed al voor veel geld verkocht.De volgende maandag.
Britt : Dorien kom je nog.
Dorien : Ik wil niet naar school.
Britt : Dorien wat is er dan?
Dorien : Ik heb geen zin.
Britt : Dan ga je gewoon naar school ik heb hier echt geen zin in.
Dorien : Ik wil niet.
Britt : Dorien nu komen.
Dorien : Nee ik blijf thuis.
Dorien blijft in haar kamer en Britt loopt naar Dorien toe.
Britt : Dorien ik heb hier geen zin in dus doe normaal en ga gewoon naar school.
Dorien : Nee ik ga niet ik verveel me daar.
Britt : Dan moet je daar wat aan doen.
Dorien : Wat?
Britt : Moeilijker werk vragen.
Dorien : Dat krijg ik niet.
Britt : Kom maar mee dan ga ik wel met de juf praten.
Dorien stemt toe met dit plan en gaat mee naar school op school aan gekomen lopen Britt en Dorien meteen naar binnen en zoeken de juf van Dorien op.
Britt : Zouden we nog even kunnen praten?
Juf : Ja dat kan.
Ze lopen naar het lokaal.
Britt : Dorien vertelde mij dat ze zich verveeld op school.
Juf : Ze luistert de laatste tijd slecht en zit dan ook vaak maar voor zich uit te staren.
Dorien : Omdat ik al met alles klaar ben voor dat u klaar bent met uitleggen.
Juf : Je mag pas beginnen na de uitleg.
Dorien : Maar het is te makkelijk.
Britt : Kan Dorien dan niet iets moeilijkers doen?
Juf : Dan moet Dorien eerst goed mee gaan doen in de les.
Britt : Ik wil niet dat ze een hekel aan school gaat krijgen.
Juf : Dat hoeft ook niet als ze goed mee doet mag ze wel wat moeilijker doen maar ik moet dit gesprek nu stoppen want ik moet lesgeven.
Britt : Ik wil dit gesprek toch een keer afmaken.
Juf : Kan u morgenmiddag om 4 uur?
Britt : Ik zal het proberen.
Britt en Dorien nemen afschijt en Britt gaat naar het commissariaat.
Sofie : Goede morgen, de ouderavond overleeft vrijdag?
Britt : Net aan, vanochtend wilde Dorien niet naar school omdat ze zich daar verveelde dus ben ik net weer gaan praten en nu moet ik morgen om 4 uur op school zijn.
Sofie : Dan heb je een rede om te praten.
Britt : Ja voor een keer wel maar ik snap niet dat de juf er vrijdag niet is over is begonnen dat ze maar voor zich uit zit te staren in de klas.
Dan komt Carla binnen gelopen.
Carla : Het is weer zo ver er ik weer eens een vrachtwagen tegen het huis van familie Jansen gereden.
Britt : Dat moet onderhand wel routine worden voor die mensen er staat iedere maand wel een auto of vrachtwagen in de tuin.
Sofie : Ik zou gaan verhuizen.
Britt : Dat willen ze ook maar ze kunnen niet van hun huis af komen het staat al 3 jaar te koop.
Sofie : Arme mensen.
Britt : Laten we ze maar weer eens gaan helpen.
In de auto
Britt : Heb je nog een jurk gevonden zaterdag?
Sofie : Ik twijfel nog tussen twee jurken. Een is spierwit en de ander is champagne kleurig.
Britt : Hoe zien ze er een beetje uit?
Sofie : Mouwloos met een Gladde jurk en daar over en daar een dunne doorzichtige jurk met mouwen over heen. De champagne kleurige heeft korte mouwen en boven is hij een beetje strak en loopt dan wijd uit en dan zit er een werkje in maar niet zo van die frutsels.
Britt : Dat doet me aan mijn jurk denken die ik aan had op mijn trouwdag met Mark, die ziet er ook zo uit als jij die champagne kleurige jurk beschrijft.
Dan komen Britt en Sofie weer eens bij het huis staan en zien er weer eens een vrachtwagen in de tuin geparkeerd staan.
Britt : Hallo mevrouw Jansen weer eens iemand in u tuin.
Jansen : Ik ben het echt helemaal zat minimaal een keer per maand parkeert er iemand hier in de tuin en de gemeente doet helemaal niets.
Britt : Ik weet het maar naar ons word er ook maar niet geluisterd dat word waarschijnlijk pas gedaan wanneer iemand overlijdt.
Jansen : Ik ben van plan om er een paar stevige bomen neer te zetten wand ik lag er bijna onder ik kon nog net op tijd weg schieten voor hij het terras op kwam.
Britt : Dat is misschien een idee, dan rijden ze zich dood tegen de bomen.
Sofie : Ja en ik denk dat er dan pas maatregelen worden genomen, maar ik betwijfel of die bomen blijven staan aangezien er nog al vaak een auto of vrachtwagen aan komt rijden.
Jansen : We zien wel.
Britt loopt naar de chauffeur toe en vraagt hem wat er precies is gebeurd daar krijgt ze het verhaal te horen wat ze wel vaker te horen krijgt op die plaats. Sofie loopt naar de cabine van de vrachtwagen en maakt de snelheidsmeter open om daar de tachygraaf kaart te bekijken en daar ziet ze al dat hij te hard voor deze weg heeft gereden maar niet voor de toegekende snelheid, alleen bekende mensen weten dat je hier niet harder als 30 kan rijden en je mag er 50 dus het is niet verwonderlijk dat er zoveel mensen in de tuin komen te staan. Na de nodige dingen gedaan te hebben vertrekken Britt en Sofie weer naar het commissariaat terug.
Nadine : Ik hoorde dat jullie weer bij de familie Jansen zijn geweest.
Britt : Ja, een vrachtwagen die ongeveer 50 reed er moet echt een 30 kilometer stuk komen daar het is niet te doen of drempels maar dit keer lag mevrouw Jansen er bijna zelf onder en ze word het echt helemaal zat.
Nadine : Ik zal het wel weer een keer door geven maar het lijkt of ze maar niet willen luisteren naar me wand ik kan het niet meer tellen hoe vaak ik het al heb aan gevraagd.
Britt : Dat vond mevrouw Jansen ook al ze is nu van plan om er bomen te planten voor haar eigen veiligheid.
Nadine : Dan zullen de plannen wel snel worden ingevoerd wand ze zullen zich dood rijden tegen die bomen.
Sofie : Dat liet Britt ook al door schemeren, maar het is begrijpend die vrouw is gewoon bang.
Nadine : Niet erg verwonderlijk, maar ik ga dit dan ook maar vertellen misschien kunnen we nu duidelijk maken dat die maatregelen snel worden genomen.
Britt : Heeft u nog een zaak voor ons, of moeten we verder met papier werk?
Nadine : Jullie mogen verder met papier werk want wat ik voor jullie heb is voor morgen middag.
Britt : O baas ik moet morgen om 4 uur bij Doriens juf komen het gaat niet zo lekker met Dorien ze verveeld zich daar te pletter en de juf wild niet echt mee werken dus het is nog al een belangrijk gesprek.
Nadine : Dat is geen Probleem wand jullie mogen naar Doriens school om 3 uur worden jullie verwacht voor de voorbereiding te doen voor een verkeer project met als hoofd doel het verkomen van ongelukken.
Britt : Ja Dorien heeft me er al over verteld dat is een project wat ze wel leuk vind wand ze weet er veel van en kan dan veel aan de klas vertellen.
Nadine : Dan kan je meteen daarna met de juf praten.
Britt : Bedankt, dan zullen we nu maar aan het papier werk gaan beginnen.
Britt en Sofie gaan aan hun bureau zitten en beginnen aan het typen van PV’s. Om 12 uur komen Nick en Bruno ook binnen en Nick loopt eerst even naar Sofie toe en geeft haar een zoen.Britt : He in uniform en onder werktijd.
Nick : IK wilde graag gaan lunzen en we zijn in het commissariaat dus dat zou toch wel mogen.
Britt : Van mij wel, zullen wij dan ook maar gaan lunzen Sofie?
Sofie : Dat is goed.
Wanneer ze nog aan het eten zijn komt Nadine binnen lopen.
Nadine : Willen jullie zo snel mogelijk naar het Lyceum gaan,wand een leerling beweerd dat hij een pistool bij zich heeft.
Britt : We zijn al weg.
Iedereen die in de kantine zat pakken zo snel mogelijk hun jassen en de kogelvrije vesten en rijden naar de school toe. Daar aangekomen werd de school hermetisch afgesloten en Britt en Sofie gingen op zoek naar de jonnen hij had geen wapen maar ze namen hem voor de veiligheid mee naar het commissariaat en de andere doorzochten de school zonder enkel resultaat. Britt en Sofie gingen na het afleveren van de jongen nog naar zijn huis maar zonder resultaat gingen ze weer terug naar het commissariaat.
Britt : Ivo Hagenaar, waarom denk je dat we je hebben opgepakt?
Ivo : Hoe moet ik dat weten jullie hebben het me niet verteld.
Sofie : Denk eens goed na over wat je heb gehecht op school voor dat wij kwamen.
Ivo : Dat ik een wapen mee zal mee nemen.
Britt : Zie je wel dat je het nog weet, waarom wilde jij een wapen mee nemen.
Ivo : Ik was boos.
Britt : Dat zal een mooie boel worden als ik boos zou worden en gelijk mijn wapen zou gebruiken.
Ivo : Ik heb geen wapen en ik zou het ook nooit doen maar ik kon toch niet weten dat ze het geloofde.
Sofie : Dat is jou probleem wand er hangt toch een prijskaartje aan deze grap ook al was je nog zo boos.
Na dit alles gaan weer verder met hun PV’s, en Britt gaat zelfs op tijd weg om Dorien op te halen.Dorien : Mam ik ga morgen niet naar school.
Britt : Ik ga morgen met de juf praten en dan moeten we met zijn 3e maar een oplossing gaan verzinnen.
Dorien : Mag ik er dan bij zijn?
Britt : Waarom mag jij er niet bij zijn het gaat over jou en ik vind dat we er samen uit moeten komen wand het is niet leuk als je het niet naar je zin hebt op school.
Dorien : Dan ga ik morgen wel naar school toe.
Dan rijd Britt richting huis onder weg naar huis word Brit zowat van de weg gereden door een Duitse auto Britt onthoud het kenteken van de auto en stopt lang de weg wand achtervolgen heeft weinig zin aan gezien hij veelte hard is weg gereden. Britt geeft het kenteken aan de patrones door en gaat dan maar weer terug naar het commissariaat om de auto na te trekken. Op het commissariaat komt Britt er achter dat de auto vanochtend in Emden (boven in Duitsland niet ver bij Groningen vandaan) is gestolen. Pasmans die de oproep van Britt heeft gehoord en met Raymond aan het patrouille aan het rijden is (ze moesten laat werken) ziet ineens de auto en zet de achtervolging in. De BMW rijd met een hoge snelheid door Gent. Raymond geeft het aan transmissie en er komen nog meer wagens richting hun. De BMW rijd nu Gent uit en gaat de A10 op daar rijd hij met 160 kilometer per uur over de snelweg. Raymond en Pasmans rijden erachteraan met inmiddels nog wat meer politie wagens uit voorzorg zijn er 2 van de 3 banen afgezet richting Brussel om ongelukken te voorkomen. Maar dat word door de bestuurder van de BMW niet erg gevonden wand hij kan nu lekker doorrijden. Na een tijd achter de auto aan gezeten te hebben en bijna in Brussel zijn krijgt Raymond te horen dat hij de banden van de BMW mag lek schieten aangezien het anders te gevaarlijk word. Raymond draait zijn raam open en vraagt Pasmans de BMW in te halen. Wanneer Raymond en Pasmans naast de auto rijden schiet Raymond op de banden en na 3 schoten is het raak en de auto vliegt met een enorme klap de berm in gelukkig was het rustig op de weg en raakte er geen andere auto`s bij betrokken. Pasmans remde en reed terug naar de BMW waar ondertussen ook al andere collega’s bij stonden. Pasmans keek in de auto en zag dat er een jongen in de auto zat.Raymond : Volgens mij is die niet ouder dan 16.
Agent : Vorige week 16 geworden. Emiel Vervoort, een Nederlander die in Emden in Duitsland woont.
Raymond : Een joyrijder dus.
Pasmans : Die geeft heel wat afgereisd vandaag.
Dan komt de ambulance en die neemt Emiel mee naar het zieken huis in Brussel aangezien dat dicht in de buurt is. De andere auto’s rijden weer terug en Raymond en Pasmans rijden achter de ambulance aan en twee andere agenten blijven nog bij de auto om hem te doorzoeken maar ze vinden niets op een koffer met kleding na. De twee agenten rijden nu ook naar het ziekenhuis en vertellen aan Raymond en Pasmans dat het waarschijnlijk een joyrijder met vakantie plannen was.Pasmans : De auto is vanochtend in Emden gestolen en hij rijd om ongeveer 15:45 Britt bijna van de weg in Gent en gaat dan rustig Brussel dat klopt toch niet wand waarom zou je via Gent naar Brussel gaan als je uit Duitsland komt.
Agent : We kunnen de collega’s in Nederland en Duitsland contracteren misschien kunnen we er achter komen hoe hij heeft gereden aangezien hij niet er rustig heeft gereden en waarschijnlijk nog een aantal keer is geflitst is.Raymond : We kunnen het ook gewoon vragen als hij uit de behandel kamer komt.
Agent : Ja dat kan maar je weet niet of hij de waarheid spreekt.
Raymond : Zou u dan Nederland en Duitsland willen contracteren?
Agent : Dat is goed.
Dan komt er een arts aan en Raymond en Pasmans gaan met hem mee. De 2 agenten gaan weer verder.
Arts : We hebben hem helemaal onderzocht en hij heeft er alleen een wiples aan over gehouden. Hij zou zo al naar huis mogen.
Raymond : Dat denk ik niet maar zouden we met hem kunnen praten?
Arts : Loopt u maar met me mee.
Raymond en Pasmans lopen achter de arts naar Emiel Vervoort.
Raymond : Raymond Jacobs en Wilfried Pasmans, politie Gent.
Emiel : Emiel Vervoort.
Raymond : We hoeven je niet uit te leggen waarom we hier zijn.
Emiel : Om dat is zonder rijbewijs te heb gereden en iets te hard.
Raymond : Je hebt ook stoptekens genegeerd en een mensen van de weg gereden en een auto gestolen.
Emiel : Ik heb geen auto gestolen.
Pasmans : Hoe kom je dan aan die auto aangezien jij 16 bent.
Emiel : Het is de auto van mijn vader.
Raymond : En je vader weet natuurlijk niet dat jij zijn auto hebt mee genomen.
Emiel : Ja maar dat is toch geen stelen.
Raymond : Nee, maar ik heb nog een vraag. Waarom rij jij via Gent als je naar Brussel gaat als je uit Emden komt.
Emiel : Dat kan ik u niet vertellen.
Raymond : Waarom wil je het niet vertellen wand nu maak je ons nog nieuwsgieriger.
Emiel : Voor u een vraag en mij een weet.
Raymond : We beginnen nu al brutaal te worden. Mooi dan kan je ook wel mee komen naar het commissariaat.
Emiel : Commissariaat?
Raymond : politiebureau dan als dat duidelijker voor je is.
Emiel : Dat kan ik niet ik moet nog in het ziekenhuis blijven.
Raymond : Ja dan heb je geluk wand de arts heeft gezegd dat je al uit het ziekenhuis mag.
Raymond en Pasmans nemen Emiel nu mee naar Gent. Daar bellen de vader van Emiel die in eerste instantie ongelofelijk blij was om dat zijn auto terug was maar dat verdween als sneeuw voor de zon toen hij hoorde dat zijn zoon er mee vandoor is gegaan en dat de auto nu toten los in Brussel staat. De vader wilde meteen komen maar Raymond rade hem aan morgen pas te vertrekken aangezien het 7 uur was en je 4½ uur er over doet om van Emden naar Gent te komen dus dan zou hij er past na halftwaalf zijn. Na dat telefoon gesprek gingen Raymond en Pasmans even eten en toen gingen ze Emiel verhoren maar draaide tot niets uit wand Emiel wilde helemaal niet zeggen en Raymond heeft hem toen maar naar een cel gebracht om dat hij dacht dat een nachtje cel misschien zou helpen en dan konden Britt en Sofie morgen met hem praten. De rest van de nog resterende avond was rustig een paar PV’s typen en toen konden ze naar huis en genieten van 2 vrije dagen.De volgende dag zijn Britt, Sofie, Nick en Bruno weer op het commissariaat en lezen het nacht rapport door dan komt Nadine binnen en Sofie vraagt meteen of er een zaak is wand ze heeft geen zin in het typen van PV’s. Nadine vraagt of zij zich willen bezig houden met de joyrijder die Britt bijna van de weg had gereden, ze legde uit dat hij niet tegen Raymond en Pasmans wilde praten en dat hij nu een nachtje in de cel heeft gezeten en ze hopen dat dat maar helpt. Britt en Sofie lezen het rapportje door en laten Emiel Vervoort boven komen.Britt : Waar was je naar toe op weg?
Emiel : Naar Maldegem.
Britt : Wat ging je in Maldegem doen?
Emiel : Wonen.
Britt : Wonen?
Emiel : Mijn vriendin woont daar, ze woonde eerst bij mij in Emden maar ze is nu verhuist naar Maldegem. Maar ik mis haar zo en daarom heb ik besloten bij haar te gaan wonen.
Sofie : Wat vinden je ouders er van dat je bij je vriendin gaat wonen?
Emiel : Die weten dat niet.
Sofie : En daarom heb je de auto van je vader maar mee genomen.
Emiel : Ja
Britt : Hoe laat ben je gister vertrokken?
Emiel : Om 9 uur.
Britt : Dan heb je er bijna 7 uur over gedaan om in Gent te komen terwijl dat 4½ rijden is en je rijd volgens mij ook niet zo zacht dat ik merkte toen je mijn auto bijna van de weg reed hier in Gent.
Emiel : Ik ben naar een vriend in Rotterdam geweest en daar heb ik een tijdje gezeten en ben daar na 4 uur weg gegaan.
Sofie : Maar waarom ben je dan naar Brussel gaan rijden?
Emiel : Ik was bang en dacht jullie op de snelweg sneller kwijt te raken aangezien je op binnendoor wegen wel eens situaties tegen komt en dan niet door kan rijden.
Sofie : Die heb je op de snelweg ook en zoiets noemen ze file.
Emiel : Daar voor hebben ze de vluchtstrook uit gevonden.
Britt : Dan is er nog iets wat niet klopt en dat is dat je nog geen 18 bent en dus ook geen rijbewijs hebt wat heb je daar op te zeggen?
Emiel : Hoe moet ik anders daar komen met het openbaar vervoer ga ik het echt niet proberen. Dat kost ongelofelijk veel en dan duurt het ook nog enorm lang en de verbinding is verschrikkelijk.
Sofie : Denk je dat dit een goedkoop grapje is? Dan zal ik je vertellen dat je met het openbaar vervoer een stuk goedkoper uit bent en met heel wat minder problemen.
Emiel : U heeft gelijk. Wat gaat er nu gebeuren?
Britt : Je word dadelijk door je vader opgehaald en dan krijg je nog wel een aantal boetes en zo.
Emiel : Mijn vader?
Britt : Je vader ja.
Emiel : Maar dan kan ik niet naar mijn vriendin.
Britt : Je bent nog geen 18 dus stellen we je ouders op de hoogte. Maar je kan met je vader overleggen of je naar je vriendin kan wand jullie zijn toch in de buurt.
Emiel : Ik kan het proberen maar ik denk dat hij het niet doet.
Britt : Niet geschoten is altijd mis.
Emiel : Daar heeft u gelijk in.
Britt en Sofie lieten de jongen naar een cel brengen en gingen naar het teamlokaal en maakte het PV op en gingen toen PV´s typen. Toen Britt en Sofie om 12 uur naar de combi wilde gaan kwam de vader van Emiel er aan dus moest dat plan even wachten ze gingen met de vader in het verhoor zitten daar vertelde ze hem wat er precies is gebeurd en dat hij op weg was naar zijn vriendin ze verzwegen maar dat hij daar wilde gaan wonen. Na het gesprek met zijn vader haalde ze Emiel boven.
Britt : U kan Emiel nu mee nemen, en u krijgt per post nog wel wat dingen te horen.
Vader : Ja, hij is een beetje behoorlijk dom geweest, maar zullen we nu we in de buurt maar even naar je vriendin rijden?
Emiel : Graag.
Vader : Dames, bedankt.
Britt : Het is allemaal nog goed gegaan, ik was zelf meer geschrokken dat ik van de weg werd gereden en ja mijn collega’s zijn daarom achter hem aangegaan.Emiel : Ik zal niet meer gaan rijden tot ik een rijbewijs heb en ook niet meer zo hard.
Sofie : Laat ik je dan niet meer tegen komen he.
Emiel : Nee, liever niet.
Dan verlaten Emiel en zijn vader het commissariaat en Britt gaat samen met Sofie naar de Combi om wat te eten. Wanneer Britt en Sofie weer terug komen doen ze nog wat papierwerk en dan gaan ze naar de school toe. Britt en Sofie worden bij de directrice verwacht.
Directrice : Mevrouw Michiels komt u maar mee.
Britt : Dit is mijn collega, Sofie Beeckman.
Directrice : U bent natuurlijk ook welkom, ik weet niet of u weet waar wij mee bezig zijn hier op school.
Britt : Dorien heeft mij het een en ander verteld over het verkeersproject.
Directrice : Het zou ons leuk lijken zo dat vooral de kleinere kinderen het in de praktijk kunnen doen en dat er van alles woord vertelt.
Britt : we zouden op het plein dingen kunnen naspelen.
Sofie : Wat had u dan voor je bovenbouw ingedachte?
Directrice : Om met de kinderen in gesprek te gaan en dan vanuit jullie het helemaal duidelijk te maken.
Britt : Ja, ik denk dat we hier wel wat mee kunnen, zouden we wat materiaal meekunnen krijgen waar de kinderen nu mee bezig zijn zo dat we de lessen daarop kunnen aanpassen?
Directrice : Ja, ik heb wel wat voor u.
Britt en Sofie krijgen wat mee en het word nog even uitgelegd en dan nemen ze afscheid.
Britt : Moet ik jou nog naar het commissariaat brengen of gelijk naar huis?
Sofie : Breng me maar naar het commissariaat, dan zet ik al wat op papier.
Britt : Zal ik de voorbereiding van de bovenbouw doen, en jij de onderbouw?
Sofie : Ja dat is goed.
Britt zet Sofie voor het commissariaat af en Britt rijd weer terug naar school en dan komt Dorien al aangerend.
Dorien : Gaan we nu een oplossing zoeken, ik vond het niet leuk vandaag.
Britt : Ja, wand ik wil niet dat jij een hekel aan school hebt.
Dorien en Britt lopen de school binnen en gaan naar de juf.
Juf : Mevrouw Michiels, komt u maar zitten.
Britt en Dorien gaan tegenover de juf zitten.
Britt : Ik wil graag tot een oplossing komen zo dat Dorien weer met plezier naar school gaat.
Juf : Dan moet Dorien ook meewerken.
Britt : Dat zal Dorien ook doen als er met haar rekening word gehouden.
Dorien : ik zal dan ook beter luisteren, maar ik verveel me zo en dan ga ik vervelend doen.
Juf : Als Dorien wacht met het maken van haar werk tot dat ik klaar ben met de uitleg, dan wil ik haar wel wat exstra werk geven voor als ze klaar is.
Britt : Is dat wek moeilijker, of is het alleen meer?
Juf : Iets anders.
Dorien : Wat dan?
Juf : Dat je een werkstuk gaar maken, dat vind jij altijd leuk om te doen en je leert daar toch wat van.
Dorien : Echt?
Juf : Ja dat mag je dan doen.
Dorien : Dat vind ik leuk, ik zal dan wel wachten tot u klaar bent met uiteggen.
Britt : Dat is dan mooi opgelost.
Dan gaan Dorien en Britt naar huis.
Einde
Flikken10
|