Wat nu?

Nadine : Britt en Bruno, jullie mogen vanochtend samen patrouille rijden.
Bruno : Trek je motor pak maar aan Britt.
Britt : Bel de ambulance maar alvast.
Nadine : Ga maar met de auto.
Britt : Dat is goed.
Nadine : Dat gaat toch wel goed he tussen jullie?
Britt : Gaat wel lukken denk ik.
Bruno : Dat denk ik ook.

Britt : Weet jij Waar Nick en Sofie naar toe moesten, Sofie deed zo geheimzinnig.
Bruno : Ik kreeg niets uit Nick.
Britt : Het zal wel goed zijn hopelijk
Bruno : Dat denk ik ook.

Gynaecoloog : Sofie Beeckman.
Sofie en Nick staan op en geven de gynaecoloog een hand en kopen naar binnen. Binnen maken ze een kennismaking gesprekje en krijgt Sofie een paar onderzoekje.

Britt en Bruno krijgen een oproep dat bij familie Jansen iemand tegen de bomen is gereden en zwaar gewond is. Bruno zet meteen de lamp op het dak en ze rijden richting het huis van Familie Jansen. Britt denkt nog aan haar woorden toen ze de bomen had zien staan dat het geen maand zou duren voor dat er iemand zich dood zou rijden, maar nu is ze bang dat het waar is, hopelijk zou er dan nu eindelijk iets aan dit gevaarlijke punt gedaan worden.
Aangekomen zijn Britt en Bruno de eerste van de hulpdiensten die er zijn. Britt gaat meteen naar de auto die tussen de kapot gereden bomen staat toe. In de auto zit een 30 jarige man in zit, Britt voelt zijn pols, maar helaas er is geen polsslag meer. Britt kijkt naar Bruno en schud haar hoofd.
Bruno : Hij zal zeker niet weten dat het hier gevaarlijk is.
Britt : Hoe weet je dat?
Bruno : Een Nederlands kenteken.
Britt : Daar heb ik naar gekeken.
Bruno : Is toch niet belangrijk, zijn leven was belangrijker.
Britt : Geef jij even door dat hij is overleden?
Bruno : Ja dat is goed.

Bruno loopt naar de auto en Britt naar mevrouw Jansen. Ze vertelt dat hij met een enorme vaart tegen de bomen is aangeklapt, dan heeft ze meteen gebeld en is naar buiten gerend om eerste hulp te bieden, maar het was al te laat, hij leefde niet meer. Dan komt er al een ambulance en een ander politiewagen er aan. Maar de ambulance kan gelijk weer weg na dat er officieel is geconstateerd dat de bestuurder is overleden, zeerwaarschijnlijk is hij op slag dood geweest. Britt heeft al de papieren gevonden die in het handschoenen kastje zaten. Het is Bard de Beer en hij woont in Breda.
Wanneer de man is opgehaald en de auto is weggesleept kunnen Britt en Bruno weer verder rijden naar het commissariaat.

Britt : Baas, u gaat dadelijk toch naar de burgemeester toe?
Nadine : Ja, waarom? Wil jij?
Britt : Nee, zou u aan hem willen vertellen dat er daarnet iemand zich dood heeft gereden bij familie Jansen.
Nadine : Dat zal ik doen, hebben jullie de familie al verwittigd?
Britt : Nee, het is een Nederlander, we verwittigen de plaatselijke politie, dat is veel sneller.
Nadine : Ja dat is goed, anders zijn jullie de hele dag op pad.
Britt : Zo erg is dat niet, maar ik vind het onnodig, het is een gewoon ongeluk.
Bruno : Wat niet nodig was.
Nadine : Ik weet dat het niet nodig is, maar ik ga niet over die borden.
Bruno : Dat weet ik baas.
Nadine : Als jullie klaar zijn dan kunnen jullie wel gaan pauzeren, ik denk dat Nick en Sofie dan ook weer terug zijn.
Britt : Dat is goed baas, weet u eigenlijk wat die twee hadden?
Nadine : Geen idee, iets privé.
Britt : Het zal wel goed zijn.
Nadine : Misschien iets voor het huwelijk.
Bruno : Maar waarom dan zo geheimzinnig.
Nadine : Dat weet ik niet, sorry.

Kees van Drongen zit bij het graf van zijn vrouw. De vrouw van de 70 jarige man was een maand geleden overleden, nu kwam hij bijna dagelijks bij het graf van zijn vrouw op de plaatselijke begraafplaats. Kees hoort voedstappen achter zich in zijn richting komen, maar hij schenkt er geen aandacht aan en begint te bidden, tot hij halverwege zijn gebed een harde knal op zijn hoofd voelt en hij bewusteloos valt op het graf van zij vrouw.

Britt : Sofie, vertel nou eens waar jullie zijn geweest.
Sofie : Dat ga ik nou eens niet doen Britt Michiels, je moet je nieuwsgierigheid maar bewaren.
Britt : A toe Sofie.
Sofie : Nee, wanneer het tijd is mag je het weten, maar nu voorlopig niet, het is tussen mij en Nick.
Britt : Wanneer is het dan tijd?
Sofie : Als je blijft zeuren voor jou nooit.
Britt : Ik stop al met zeuren.
Dan komt Vanbruane naar de twee dames toe gelopen.
Nadine : Britt en Sofie, een bezoeker op de begraafplaats heeft een man bewusteloos gevonden, er is al een patrouille, er word jullie bijstand gevraagd, ze denken aan een roofoverval, zijn portemonnee lag leeggehaald naast hem.
Britt : We zijn al weg.

Sofie : Dat is ook wat, beroofd worden op de begraafplaats.
Britt : Ja, zijn de mensen zeker een makkelijke prooi.
Sofie : Waarom is hij dan bewusteloos?
Britt : Dat weet ik niet.
Sofie : Je bent niet goed wijs als je dat doet.
Britt : Daarom gaan wij die van de straat plukken.
Sofie : Dan hoop ik dat de man een goede beschrijfvernis kan geven als hij bij kennis is.
Britt : Ja dat hoop ik natuurlijk ook.

Agent : Kees van Drongen, een 70 jarige weduwnaar is met deze steen op zijn hoofd geslagen, er zit wat bloed op, zijn portemonnee lag open naast hem.
Sofie : Roofoverval dus.
Agent : Ja.
Britt : Er zijn natuurlijk geen getuigen?
Agent : Nee, die vrouw heeft hem gevonden, ze ging naar haar man, het graf naast de vrouw van Kees van Drongen.
Britt : Wie zou nou zoiets doen?
Agent : Geen idee, het is zo laf.
Sofie : Naar welk ziekenhuis is hij overgebracht?
Agent : Jan Palfrijn.
Britt : Oke, dan gaan wij daar zo naar toe, wij kunnen hier niets meer beginnen denk ik.

Sofie : Wat doen we eerst, zijn kinderen verwittigen en dan naar her ziekenhuis?
Britt : Weet je waar zijn kinderen wonen?
Sofie : Nee, ik weet alleen dat hij kinderen omdat er op het grafsteen hier rus onze geliefde moeder en vrouw.
Britt : Dan gaan we eerst even langs het commissariaat en dan bel ik wel naar het ziekenhuis als jij dan even naar de adressen zoekt, want ik denk toch dat we nog niet bij hem kunnen.
Sofie : Ja dat is goed.

Nadine : En?
Britt : Met een steen op zijn hoofd geslagen, denk dat hij de slag niet eens heet gezien.
Nadine : Hoe is hij er aan toe?
Britt : Ik moet nog bellen naar het ziekenhuis, maar hij was er slecht aan toe toen hij naar het ziekenhuis werd gebracht.
Sofie : Hij is op een laffe manier beroofd, zijn portemonnee lag leeggehaald naast hem.
Nadine : Wie doet zoiets?
Britt : Geen idee, maar ik hoop er achter te komen.
Nadine : Ik zou het fijn vinden, want dit komt zeker weten in de media, als die man overlijdt, dus je zal wel druk op je krijgen
Sofie : Maar ik hoop dat die man het toch overleeft.
Britt : Ik zal bellen, dan hebben we wat meer zekerheid.
Sofie : Dan ga ik even naar het adres van zijn kinderen zoeken.
Nadine : Oke, als jullie hulp nodig hebben dan kunnen jullie Nick en Bruno bij vragen.
Britt : Waar zijn Raymond en Pasmans eigenlijk, ik heb ze nog niet gezien.
Nadine : Die doen de hele week de nacht.

Na dat Britt gebeld heeft met het ziekenhuis is Sofie ook klaar en heeft ze de adressen, de man had drie kinderen. De man licht in kritieke toestand en ze denken niet dat hij het nog gaat halen maar ze doen hun best. Dan gaan ze naar de kinderen. Bij het huis van de zoon is het al druk en bij binnenkomst komen ze er achter dat er een kinderverjaardag is, ook zijn twee dochters zijn daar aanwezig. Britt en Sofie vragen of de ze even rustig kunnen praten en dan vertellen ze wat er met hun vader is gebeurd, ze zijn allemaal behoorlijk geschokt.
Het feestje was meteen afgelopen en de kinderen gingen meteen naar het ziekenhuis toe, om te zien hoe het met hun vaders is. Britt en Sofie gaan dan weer terug naar het commissariaat toe, het ziekenhuis zou bellen als hij weer bij kennis komt. Op het commissariaat maken Sofie en Britt al het papierwerk op en dan is het al weer tijd om naar huis toe te gaan.

Wanneer Britt bij Tony aan komt rijden komt Johan er ook net aan.
Britt : Voor de verandering ook eens op tijd klaar met werken?
Johan : Ja, zelfs eerder, maar ik krijg Simon niet mee naar huis als ik eerder kom.
Britt : Dat is in het weekend met Dorien precies hetzelfde maar dat weet je wel.
Johan : Over het weekend, Dorien mag wel komen, maar Simon moet naar zijn moeder.
Britt : Oke, Ik vraag wel of ze dan bij Tony mag.
Johan : Als het niet kan dan pas ik gewoon op hoor. Ik moet alleen eerst de moeite doen om Simon af te leveren, dat is het moeilijkste.
Britt : Vindt hij het dan niet leuk bij zijn moeder?
Johan : Nee, maar het moet zo is de omgangsregeling.
Britt : Ook vervelend.
Johan : Het moet maar voor die 12 weekenden per jaar.
Britt : Maar Dorien is toch de afgelopen twee maanden in het weekend bij jou zowat geweest?
Johan : Ja de vorige keer kon het niet door gaan, ze moest weg. Ik dacht dat Simon gek van blijdschap werd.
Tony : Mevrouw Michiels en Meneer van Lancker, blijven jullie buiten staan of komen jullie nog eens binnen.
Britt : Laten we dan maar naar binnen gaan.
Johan : Goed idee.
Tony : Ze zijn nog met hun huiswerk bezig, ik geloof dat ze vandaag niet veel hebben uitgevoerd op school.
Britt : O, daar zal dan hopelijk een rede voor zijn.
Tony : Ik heb geen idee, maar het is normaal nooit zo dus ik denk dat er vandaag iets was, zodat er niet hard genoeg gewerkt is.
Johan : Hebben ze dan niets verteld?
Tony : Nee, maar kom nou alsjeblieft binnen, anders doe ik de deur dicht en mag je buiten blijven.
Britt en Johan lopen lachend naar binnen waar ze twee hardwerkende kinderen aan tafel zien zitten. Vera licht in de boks en begint te brabbelen.

Britt : Welterusten Dorien.
Dorien : Welterusten mamma.
Knal!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!
Dorien : Mamma wat is dat?
Britt : Het lijkt wel een explosie, en niet zo'n kleintje ook.
Dorien : Waar dan?
Britt : Niet bij ons in huis, maar ik ga wel even luisteren, het word vast wel wat over de mobilofoon verteld.
Dorien : Vertel je het dan ook aan mij?
Britt : Ja dan kom in het je wel vertellen.

Raymond en Pasmans rijden met gillende sirenes door Gent ze hebben net een melding van een enorme gasexplosie in een flatje in Gent. Hoe dichter ze bij de flat komen hoe meer sirenes ze horen. Aangekomen in de straat van de flat zien ze al een heleboel mensen op straat en er is bijna geen raam meer heel. Binnen de kortste keren is de straat geheel verlicht door alle zwaailichten van politieauto's, brandweerwagens en ambulances. Een aantal mensen zijn gewond en worden naar het ziekenhuis gebracht, de andere mensen moeten naar een gymzaal worden gebracht zodat ze daar kunnen overnachten tot hun huis weer woonbaar is verklaard. Het is een behoorlijke chaos gelukkig zijn er geen mensen die erg gewond zijn alleen wat schrammen.

Dorien : Mamma je rijd toch nooit zo naar school?
Britt : Ja, maar door die gasexplosie gister is de straat waar wij altijd door dijden afgesloten en moeten we anders rijden.
Dorien : Oke.
Britt : Ik ben donderdag vrij, als je wild mag je aan Simon vragen of hij blijft eten.
Dorien : Ja dat is leuk, gaan we dan pannen koeken eten?
Britt : Dat is goed, wil je dan zelf helpen met het bakken?
Dorien : Ja gaaf.
Britt : Vraag het dan maar.

Britt : Goedemorgen, is er nog nieuws uit het ziekenhuis?
Nadine : Ja, er is net gebeld, de man is overleden.
Britt : Moord dus.
Nadine : Ja moord.
Britt : Wat was dat eigenlijk gisteravond met die gasexplosie bij mij in de buurt?
Nadine : Ik weet het niet precies, want ik heb het nachtrapport nog niet gelezen.
Britt : Dan lees ik het zelf zo wel, maar het was echt een harde klap.
Nadine : Ja, de schade moest enorm zijn, Raymond en Pasmans zijn de hele nacht daar bezig geweest.
Sofie : Goedemorgen.
Britt : Goedemorgen, Sofie.
Nadien : Goedemorgen.
Sofie : Nog nieuws?
Britt : Hij is overleden.
Sofie : Ai, moord.
Nadine : Ik denk dat er binnen de kortste keren iedereen op jullie nek mee zit te kijken.
Britt : Dat denk ik ook.
Sofie : Zullen wij maar even langs het ziekenhuis gaan dan om het overlijdensattest op te halen.
Britt : Dat is goed, ik hoop dat als we terug zijn het rapport van het labo er is.

Nick : Baas wat moeten wij doen?
Nadine : Ik denk dat Britt en Sofie jullie hulp wel kunnen gebruiken, lees het maar alvast door wat ze tot nu toe hebben.
Bruno : Hoe is het met die man?
Nadine : Hij is overleden.
Bruno : Moord dus.
Nadine : Ja, en ik denk dat dadelijk er wel wat pers rond zal hangen.
Nick : Er word toch zo lang mogelijk gewacht met het naar buiten brengen met het nieuws?
Nadine : Ja, maar zo lang zou dat echt niet zijn.

Nick : Britt, kunnen wij jullie helpen?
Britt : Ja, zouden jullie ons willen helpen met buurtbewoners ondervragen of ze mensen daar vaak rond zien hangen?
Bruno : Natuurlijk, we willen die schoft pakken, iemand een steen op zijn hoofd gooien zonder enige reden, ik vind het zo laf.
Sofie : Het is ook laf, moeten jullie alles wat we tot nu toe hebben nog lezen?
Bruno : Hebben we al gedaan, alleen het overlijdensattest niet.
Britt : Te veel bloed in de hersens, de schedel is gebroken en daardoor zijn er wat bloedvaten gebrast en dat is hem fataal geworden.
Nick : Dat allemaal op je hals halen voor een paar euro.
Sofie : Die zal wel geen geweten hebben.

Na de halve ochtend en een hele middag rondvragen zijn ze niet veel wijzer geworden alleen dat er 1 zwerver daar vaak rond hangt, maar niemand denkt dat die er wat mee te maken heeft, want hij is nog rijker als de meeste mensen in de straat, maar hij wild gewoon niet in een huis wonen.
Britt en Sofie willen ze zwerver graag spreken, maar helaas is hij niet in de buurt en daarom word er gevraagd of een patrouille hem in de gaten wild houden, zodat ze morgen met hem kunnen praten.
Ook van het rapport van de technische researcher worden ze niet veel wijzer, er is niets bruikbaars gevonden. Op de steen zaten al een heleboel vingerafdrukken, het is al door zoveel mensen beet gehouden dat ze er niet wijs uit kunnen worden.

Die avond zit Britt naar het journaal te kijken en Dorien komt lekker tegen haar aan zitten. Dan komt eerst een stuk over de gasexplosie, nu zien ze hoe er het er allemaal uit ziet. Gelijk daarna komt het stukje van de man die is vermoord op de begraafplaats.
Dorien : Mamma dat is toch waar pappa begraven ligt?
Britt : Nee, Pappa licht in Brussel begraven, daar hebben we toch eerst gewoond.
Dorien : Ik vind het erg dat ze hen zomaar hebben doodgeslagen voor zijn geld, ga jij die moordenaar vangen?
Britt : Ik doe mijn best Dorien, maar ik kan he niets beloven.
Dorien : Is dat jouw zaak?
Britt : Ja ik werk aan die zaak.
Dorien : Weten jullie al wie het misschien heeft gedaan?
Britt : Nee helemaal niet, maar nu liever geen werk.
Dorien : Dat is goed, wil je mij vandaag extra lang voorlezen, dat vind ik leuk.
Britt : Ga je dan nu je pyjama snel aantrekken, want je gaat gewoon om 9 uur slapen.
Dorien : Ik ben al weg.

Sofie : Goedemorgen Britt, wat zie jij er goed uit?
Britt : Bedankt voor het complement, ik ben gister bij Dorien in slaap gevallen en toen ik wakker werd kon ik niet meer slapen, ik ben net voor de wekker ging in slaap gevallen.
Sofie : Je mag morgen uitslapen.
Britt : Dat dacht ik niet.
Sofie : Hoezo?
Britt : Hoe wil jij dat Dorien op school komt?
Sofie : Niet aan gedacht.
Britt : Geeft niet, maar ik ben niet van plan om vanavond weer na het voorlezen in slaap te vallen.
Sofie : Wil je koffie?
Britt : Graag, is er al nieuws van die zwerver?
Sofie : Geen spoor van te bekennen.
Britt : Zou dat toeval zijn, of is die gevlucht?
Sofie : Waarom vluchten, voor zo ver wij weten is hij rijk en aardig, twee tekenen om geen roofmoord te plegen.
Britt : Dan is hij gewoon weg, misschien doet hij dat wel vaker.
Sofie : Dat kan, maar wat gaan wij vandaag doen?
Britt : Weet ik niet, maar waar zijn de mannen?
Sofie : Gaan rijden, misschien vinden ze onze zwerver, anders hadden ze toch niets te doen.
Britt : Oke, we moeten gewoon die zwerver te pakken krijgen.
Dan komt Carla binnen gelopen.
Carla : Rapport van de branddeskundigen.
Britt : Wat moeten wij daar mee?
Carla : Weet ik veel, het moest naar jullie toe.
Britt : Oke, ik zal wel kijken, ik zit toch vast.
Sofie : Ik zal die koffie dan maar gaan halen.

Britt begint het rapport te lezen en het blijkt van de gasexplosie te zijn. Daar leest ze in dat het wel een explosie was, maar waarschijnlijk met opzet. Er was wat gerommeld in het middelste appartement op de tweede verdieping.
Britt : Ik ga even aan Vanbruane vragen wat we hier mee moeten, want ik heb er echt geen idee van.
Sofie : Hoezo?
Britt : Omdat wij al een moordzaak hebben, dan kunnen we dit er niet ook nog eens bij hebben, twee zaken die in de publiciteit zijn.
Sofie : Je hebt gelijk.
Britt loopt naar het kantoor van haar baas toe en vertelt wat er in het rapport staat. Vanbruane vraagt of ze Nick en Bruno willen bellen zodat zij met die zaak verder kunnen. Britt loopt dan weer naar haar bureau terug en belt Nick. Nick en Bruno kwamen daarom meteen naar het commissariaat terug.

Sofie : Weten we eigenlijk wie die zwerver is?
Britt : Ze hebben geen naam genoemd, maar hoezo?
Sofie : Misschien staat er wat in de computer.
Britt : Ik ga wel contact met de wijkagent op nemen.
Sofie : Goed idee, zal ik alvast voor Nick en Bruno kijken wie er in dat huis wonen?
Britt : Dat is goed.
Sofie : Ik moet toch wat doen he.
Britt : Precies.
Britt en Sofie gaan beiden aan het werk, Sofie komt er achter dat er een jong stel in het huis wonen, die het financieel niet zo goed hebben. Britt komt er achter dat de zwerver allen wel eens voor stankoverlast zorgt, doordat die zich niet zo vaak wast. En ze denkt dat hij nu een aantal dagen bij het winkelcentrum wat verder op, dan slaat hij zijn boodschappen in.
Britt : Kom je mee naar het winkelcentrum, daar moet hij nog al vaak rond te hangen.
Sofie : Dat is goed, ik zal dit op het bureau van Bruno leggen.

Britt en Sofie lopen de rest van de ochtend rond het winkelcentrum, daar weten de winkeliers wel wie ze zoeken, maar ze hebben hem helemaal niet gezien, en zo erg vinden ze het niet, want als hij er rond hangt zijn de klanten weg van de stank.

Nick : Hoe ver staan jullie?
Britt : Nergens.
Sofie : Helemaal vast om eerlijk te zijn.
Bruno : Kunnen jullie ons niet helpen, wij zijn de bewoners van dat huis kwijt, waarschijnlijk zijn de bij familie of vrienden.
Britt : Zullen we zo aan de baas gaan vragen, waar is die eigenlijk?
Nick : Ik denk pauze houden, zullen wij dat ook gaan doen?
Britt : Goed idee.
Nick : Ik zit vol goeden ideeën.
Sofie : Laten we maar gaan eten, want ik heb honger.

Britt : Nick, waar zijn jullie maandag ochtend nou naar toe gegaan?
Sofie : Britt, je zou er over op houden.
Bruno : Sofie, waar hing je eigenlijk maandag ochtend uit?
Nick : Jou zou er ook over op houden.
Britt : Jullie moeten niet zo geheimzinnig doen.
Nick : Dat is onze keuze.
Britt : Doe het dan niet onder werktijd.
Sofie : Ik heb gewoon mijn uren op genomen.
Britt : Laat maar.
Sofie : Ik ben blij dat je dat nu ook in ziet.
Britt : Dat is alleen omdat ik de gehele middag nog met je op stap moet, die bewoner voor Bruno zoeken.
Bruno : Dan zou ik ook maar stoppen he, anders is Nick ook niet te genieten.

Britt : Baas, mogen wij mee helpen zoeken naar de bewoner van het huis waar met het gas is gerommeld.
Nadine : En hoe is het met jullie eigen zaak?
Britt : We hebben niets, geen enkele aanwijzing in welke richting de dader moeten vinden, alleen een zwerver die nergens te vinden is.
Nadine : Staat hij geseind?
Britt : Ja, er kijkt een patrouille bij het park en eentje bij het winkelcentrum.
Nadine : Alleen vandaag dan, overmorgen moeten jullie er wel aan verder.
Britt : Natuurlijk baas.
Nadine : Hebben jullie een idee waar die bewoners kunnen zijn?
Britt : Nee, en een huiszoeking kan ook niet, want we mogen de woning niet in.
Nadine : Hoe willen jullie ze dan vinden?
Britt : Zoeken met wat we hebben, adressen van de ouders en zo, die kunnen ons dan misschien weer wat informatie geven.
Nadine : Oke, ga dan maar aan de slag.

Britt en Sofie gaan bij de ouders van de vrouw lans en Nick en Bruno gaan bij de ouders van de man langs. Britt en Sofie komen er achter dat de ouders al helemaal geen contact met hun dochter en haar man hebben. De ouders hebben ook geen idee waar hun dochter zou kunnen zitten.
Nick en Bruno hebben ook niet veel succes, de familie relatie met de man en zijn ouders is ook slecht. Ze weten dat hun zoon in de schulden zit en meer eigenlijk ook niet.

Nadine : En hebben jullie ze gevonden?
Britt : Nee.
Nadine : Waarom zo snel terug?
Sofie : We zijn totaal niets wijzer geworden, alleen dat ze geen contact meer met elkaar hebben, ik hoop dat de mannen meer succes hebben.
Bruno : Hij heeft een slechte relatie met zijn ouders en ze moeten in de schulden zitten.
Sofie : Waarom zouden ze dan hun eigen spullen vernielen?
Britt : Voor geld van de verzekering, zullen we eens bij de huisbaas gaan informeren hoe het met de huur zit.
Nick : Ja dat is goed, heeft een van jullie eigenlijk al naar hun strafblad gekeken?
Sofie : Blanco.

Bij de huisbaas hebben de dames prijs, ze hebben inderdaad een fikse huurachterstand en zouden dus het huis uit gezet worden als ze het niet binnen de kortste keren zouden betalen. De heren zijn ondertussen de hotels af gegaan en daar hebben ze dan gelukkig prijs. Ze zitten in een hotelletje. Britt en Sofie zijn blij dat ze gevonden zijn, nu kunnen ze verder met hun eigen zaak, al hebben ze geen enkel idee hoe. Na de mededeling dat de zwerver helemaal nergens te bekennen is word hun stemming er niet beter op.

Nick : Mevrouw den Ark we willen nog even met u praten in verbant met de gasexplosie.
Silvy : Zeg maar Silvy, maar waarom wild u met ons praten?
Bruno : Er zijn aanwijzingen dat er is gerommeld en dat daarom er een explosie is ontstaan.
Silvy : O, maar hoe kan dat dan?
Nick : Er is met het gas gerommeld, anders had het nooit zo'n grote explosie geweest, zijn er mensen bij u in de buurt die graag weg willen uit de buurt, maar die b.v. niet in aanmerking komen voor een ander huis?
Silvy : Nee, niet dat ik weet.
Bruno : U weet dat zeker?
Silvy : Ja, waarom zou iemand zijn huis laten ontploffen en de rest van de buurt er bij.
Nick : Misschien niet zo goed nagedacht, en zo graag van het huis af willen komen.
Silvy : Een rare manier vind ik, je brengt jezelf en ander gevaar toe.
Bruno : Ja, dat vinden wij ook, mag ik vragen waar u was tijdens de explosie, want u was er niet.
Silvy : Ik was bij een vriendin van mij, een gezellig avondje.
Nick : Bedankt voor de informatie, wij gaan nog even met u man praten.
Silvy : Waarom kan dat niet tegelijk?
Bruno : Omdat mensen dan wat zenuwachtiger worden en het belangrijke informatie is.
Silvy : Oke.

Jasper : Waarom moesten wij hier komen?
Nick : Meneer den Ark wij willen graag met u praten over wat er eergisteren is gebeurd, aangezien u er niet was.
Jasper : Zeg maar Jasper, om eerlijk te zijn vind ik het niet erg dat ik niet thuis was.
Nick : Ja dat begrijpen we, we denken dat het met opzet gebeurd is, door iemand die uit het huis wilde of moest. Heeft u enig idee wie dat zou kunnen zijn?
Jasper : Nee, ik heb echt geen enkel idee.
Bruno : U bent zeker?
Jasper : Ja.
Bruno : Mag ik nog vragen waar u was toen het gebeurde?
Jasper : Ik was in een café.
Nick : Welk?
Jasper : Candele lite.
Bruno : Bedankt voor uw hulp, u mag naar uw hotel gaan.
Jasper : ik ben blij dat u niet de fout maakt door huis te zeggen.
Bruno : Ik moest daar ook op letten om eerlijk te zijn.

Nick : Ze waren niet helemaal op hun gemak vond ik.
Bruno : Dat waren ze zeker niet, maar laten we dit even op papier zetten en dan naar huis gaan. Morgen kunnen we misschien wel met buurtbewoners gaan praten.
Nick : Ja dat is een goed idee.

Britt komt bij Tony en loopt naar binnen. Dorien zit lekker met Vera te spelen, Johan heeft Simon al opgehaald, dat vind Britt wel een beetje jammer, maar nu kan ze lekker met Tony een keertje kletsen. Tony heeft Britt uitgenodigd om te blijven eten, daar is Britt wel blij mee.
Britt en Tony zitten te kletsen, maar Britt zit er toch wat afwezig bij.
Tony : Wat is er eigenlijk met jou, je zit er zo afwezig bij.
Britt : Zit vast met een zaak.
Tony : Gebeurd toch wel vaker.
Britt : Ik heb die roofmoord zaak van die man op de begraafplaats.
Tony : Ai, ik snap dat je nu helemaal niet op dit soort dingen zit te wachten.
Britt : We hebben geen enkele aanwijzig.
Tony : Geen enkele getuigen?
Britt : Nee, we hopen nog met een zwerver te spreken die daar vaak rond hangt, maar die is spoorloos verdwenen.
Tony : Is Barend op reis?
Britt : Barend?
Tony : Het is toch die zwerver met een hele hoge bankrekening?
Britt : Ja.
Tony : Dat is Barend Kapers.
Britt : Weet je dat zeker?
Tony : Ja, een hele aardige vent, hij moet zich wel wat vaker wassen.
Britt : Weet jij waarom hij zwerft?
Tony : Hij houd niet van luxe.
Britt : Dan ga je toch in een minder lux huis wonen?
Tony : Hij niet, dat is al te lux, hij zou liever in een tentje wonen, maar hij wild Gent niet uit.
Britt : Aparte man.
Tony : Ja dat vind ik ook, maar ik vind het heel vreemd dat hij weg is.

Raymond : Ik hoop dat we vannacht een rustige nacht hebben.
Pasmans : Hoezo?
Raymond : Ik heb weinig geslapen, Jonas is vandaag geweest.
Pasmans : En opa kan dan niet slapen.
Raymond : precies.
Dan krijgen ze al een oproep van een auto die een café is binnen gereden. Raymond en Pasmans gaan daar meteen op af. Aangekomen bij het café is een groot gedeelte van de voorpui er uit en ze zien nog de kont van de auto er uit steken. De twee heren gaan het café in en daar vragen ze wat er gebeurd is. Aan de bar zit een man, hij vertelt dat hij de macht over het stuur is kwijt geraakt en toen naar binnen is gereden. Gelukkig zat iedereen aan de bar en is niemand gewond geraakt. Wanneer er een takelwagen de auto er uit heeft gehaald en de mensen van de ambulance de man hebben onderzocht brengen Raymond en Pasmans hem naar zijn huis toe, terwijl de mensen in het café proberen de voorpui te verstevigen en dicht te maken.

Met de buurtbewoners hebben Nick en Bruno meer geluk, want die hebben allemaal een adres achter gelaten waar die naar toe zouden gaan. Op de vraag of ze zouden weten wie weg moet of wil uit het hun huis word toch nogal vaak de familie den Ark genoemd.

Nick : Wat gaan we nu doen?
Bruno : Ze zijn de enigste die aangewezen worden en het is hun huis.
Nick : Ze waren op het moment niet thuis.
Bruno : Laten we eens met de brandexpert gaan praten, misschien kan hij ons vertellen of het kan wezen dat ze niet in de buurt geweest moeten zijn.
Nick : We moeten toch zeker zijn, want anders hebben we geen poot om op te staan.

Bij de brandexpert worden ze wel wat wijzer, ze zijn zeker dat het in dat huis is gebeurd en met opzet. Het kan ook geen fout zijn geweest met het aanleggen van gas apparatuur. Het is ook niet nodig om er bij aanwezig te zijn geweest, want anders had je het niet overleefd.

Nadine : Hoe staan jullie er voor?
Nick : Alles wijst er op dat meneer en mevrouw den Ark dit op hun geweten hebben, maar we hebben niet echt bewijs, alleen maar aanwijzingen.
Nadine : Wat willen jullie nu gaan doen?
Bruno : We gaan contact met de onderzoeksrechter op nemen, of we hun voor wat we nu hebben mogen vasthouden en dan ondervragen en proberen ze te laten bekennen.
Nadine : Oke, ik hoor het wel wanneer jullie extra mensen nodig hebben.
Bruno : We zullen het dan laten horen, als het goed is hebben we zo twee arrestaties.
Nadine : Ik zal het alvast voor jullie regelen.
Nick : Daar zijn we u dankbaar om.
Nadine : Het is al goed.

Nick en Bruno mogen ze twee dagen vasthouden en dan zal de onderzoeksrechter kijken hoe ze er voor staan of ze nog langer aangehouden mogen worden. Daarom gaan ze de man en vrouw uit het hotel ophalen.

Britt staat bij de schoolpoort te wachten tot Dorien en Simon buiten komen. Niet veel later na de bel komen ze naar buiten gerend. Dorien vliegt haar moeder om haar hals en dan gaan ze naar huis. Thuis helpt Britt met het huiswerk van de kinderen die daar al snel mee klaar zijn. Dan gaan de kinderen spelen. Britt gaat dan op de bank wat zitten lezen, maar wanneer ze op de klok kijkt is het al kwartover vijf geweest. Britt waarschuwt dat de kinderen moeten opruimen en dan begint ze met het maken van het beslag. Wanneer de kinderen beneden komen heeft Britt alvast bij beiden een pannenkoek gebakken in de pan, omdat die toch altijd mislukt en de pan is nu al gelijk op temperatuur. Dorien gaat meteen aan de slag, maar Simon niet.
Britt : Je mag zelf bakken Simon.
Simon : Dat mag niet van pappa.
Britt : Dan help ik je wel, want Dorien mag het niet alleen, maar ik blijf er bij dus dan mag ze het, en jij mag het dan ook wel van je vader.
Simon : Oke.
Dorien : Dat is leuk hoor zelf pannenkoeken bakken, eigenlijk vind ze dan nog lekkerder smaken.
Britt : Je hoort het.

Tegen 6 uur word er aangebeld. Britt loopt naar de deur en neemt de hoorn van de haak, Johan staat voor de deur. Britt laat Johan binnen.
Britt : Jij zou Simon toch om halfacht op halen?
Johan : Sorry, helemaal vergeten
Britt : Kan gebeuren, wil je ook een pannenkoek?
Johan : Ja lekker.
Simon : Ze zijn ook lekker, want Dorien en ik hebben ze gebakken.
Britt : En ze kunnen het goed hoor, ik heb bijna niets hoeven doen, ik ging me bijna vervelen in de keuken.
Johan : Mooi, dan mag jij ze de volgende keer bakken Simon, bij mij branden die altijd aan, maar dat weet je wel.
Britt : Simon, zie je dat het mocht.
Simon : Ik mag nooit aan de pannen komen van pappa.
Johan : Ik kan er niet tegen om met iemand anders in de keuken te staan.
Britt : Ik vind het wel gezellig, waarom zou ik haar het niet leren als ze het leuk vind, kookt ze misschien dadelijk beter dan haar moeder, dan mag ik bij haar eten.
Johan : Jij hebt het al goed uitgedokterd.
Dorien : Als ik groter ben en ik mag zelf van mamma koken, dan kan ik het eens een keertje doen als ze hard heeft gewerkt.
Britt : Dan moet je vaak koken schat.
Dorien : Als je over hebt moeten werken dan.
Britt : Wanneer jij zin hebt, zullen we het zo afspreken?
Dorien : Dat is goed.

Wanneer Britt de volgende morgen Dorien naar school brengt en het schoolplein op loopt komt Johan en Simon er ook aan. Simon en Dorien gaan meteen er weer vandoor om te spelen, alleen laten ze hun tas bij hun ouders achter.
Johan : Ik vond het erg gezellig gisteren.
Britt : Ik ook, ik zou het niet erg vinden als er meer van die avonden komen.
Johan : Volgende keer kom je bij mij eten en dan mag Dorien wel logeren, dan hoef je ook niet zo op tijd naar huis.
Britt : Goed idee, Dorien zal het ook wel leuk vinden.
Johan : Simon ook hoor, logeren vonden ze gaaf, behalve bij zijn moeder, dat wild hij nooit.
Britt : Wat vind hij er eigenlijk zo erg aan?
Johan : Hij heeft daar niets, hij verveeld zich daar zegt hij.
Britt : Dan neemt hij toch speelgoed mee of zoiets.
Johan : Ja doet hij wel, maar hij vindt het daar niet zo gezellig.
Britt : Dan moet hij maar wat gezelligheid meenemen.
Johan : Vanochtend vroeg hij of hij Dorien niet mocht meenemen.
Britt : Als Dorien het wild en van zijn moeder mag vind ik het goed.
Johan : Eerst Dorien vragen?
Britt : Bel je ex maar, Als Dorien met Simon mag logeren is het wel goed denk ik.
Johan : Ik zal wel meteen bellen.
Britt : Dat is goed.

Johan pakt zijn mobiel en belt zijn ex op om te vragen of Simon een vriendin mag meenemen om te logeren. Zijn ex vind dat goed, ze hoopt dat Simon dan wat gezelligger is.
Johan : Het mag.
Britt : Laten we Dorien dan maar roeppen.
Britt : Dorien!!!
Dorien komt aanrennen en kijkt haar moeder vragend aan.
Dorien : Wat is er?
Britt : Zou jij het leuk vinden om met Simon bij zijn moeder te logeren?
Dorien : Ja dat wil ik wel.
Britt : Dan moet je het niet aan Simon vertellen.
Dorien : Oke, mam
Britt : neem je tas dan maar mee, ik ga naar het commissariaat, ik zal zorgen dat ik of Tony schone kleding komt brengen als je uit school komt.
Britt geeft de tas en gaat dan naar het commissariaat.

Britt : Goedemorgen, is Vanbruane er al?
Sofie : Goedemorgen, nee die is er niet.
Britt : Ik moet zo terug naar huis, moet kleding voor Dorien inpakken, ze gaat met Simon bij zijn moeder logeren.
Sofie : Wist je dat niet eerder?
Britt : Vanochtend kwam ik Johan tegen, hij zij dat Simon wilde dat Dorien ook mee naar zijn moeder ging. Dus ik zij dat het van mij mocht.
Sofie : En Simons moeder vind het goed?
Britt : Ja Johan heeft haar gebeld en ze vond het goed.
Sofie : En als je niet weg mag?
Britt : Dan moet Tony dat doen, maar ik wil die vrouw ook wel even zien.
Sofie : Denk dat ze zo wel komt.
Britt : Is er al iets van die zwerver bekent?
Sofie : Nee.
Britt : Ik weet ondertussen dat hij Barend Kapers heet.
Sofie : Hoe weet jij dat?
Britt : Tony.
Sofie : Heb je haar over de zaak verteld dan?
Britt : Die ziet dat aan me, en ja toen heb ik het verteld en zijn wist hoe hij hete, maar het verbaast haar dat hij zomaar weg is.
Sofie : Zal ik hem eens natrekken?
Britt : Dat is goed,Sofie.
Sofie : Ja Britt?
Britt : Ik heb op een of andere manier het idee dat dit geen roofmoord is, want die zwerver had geen geld nodig en voor de rest was er niemand.
Sofie : Maar waarom is die zwerver dan weg?
Britt : Zou hij getuige zijn geweest?
Sofie : Maar waarom vlucht hij dan?
Britt : Ik denk dat hij niet voor ons weg is maar voor de moordenaar.
Sofie : We moeten hem echt vinden, ik laat zo gelijk een landelijk opsporingsbevel uitgaan.
Britt : Dat is goed.

Britt is het dagrapport aan het lezen als Vanbruane binnen komt lopen.
Britt : Baas.
Nadine : Wat is er Britt?
Britt : Zou ik dadelijk weg mogen, Dorien gaat logeren, maar ik moet nog spullen inpakken.
Nadine : Had je dat niet eerder kunnen doen?
Britt : Ik wist het pas op school, ze gaat met Simon bij zijn moeder logeren, Simon wild nooit gaan en nu vroeg hij of Dorien mee mocht.
Nadine : Simon is toch die zoon van die advocaat die bedreigd werd?
Britt : Ja.
Nadine : Je krijgt een uur langer niet.
Britt : Bedankt, maar doe het dan wanneer de school uit gaat.
Nadine : Dat is goed.
Vanbruane loopt haar kantoor in en Britt belt Tony op dat ze Dorien niet op
hoeft te halen en ook niet in het weekend hoeft op te passen.

Britt : En heb je wat?
Sofie : Niets bruikbaars.
Britt : Heb je al met de onderzoeksrechter voor een opsporing bericht.
Sofie : Ja, komt vanavond op TV.
Britt : Mooi, maar wat nu?
Sofie : Zullen we nog eens met de kinderen gaan praten of hij vijanden had?
Britt : Ja een goed idee.
Sofie : Zullen we ze hier uitnodigen?
Britt : Ja dat is goed.

Bruno : Jasper, je hebt een nachtje cel gehad, heb je nog een beetje kunnen nadenken?
Jasper : Ja.
Bruno : Heb je ons nog wat te vertellen dan.
Jasper : Ik heb zo goed kunnen nadenken dat ik er van overtuigt ben dat ik helemaal niets meer aan jullie ga vertellen.
Bruno : Je gaat het jezelf dus moeilijker maken?
Jasper : Nee.
Bruno : Als je de waarheid verteld dan is het een stuk makkelijker voor je.
Jasper : Daar merk ik anders weinig van.

Bruno : Silvy ik denk dat je ons wat moet vertellen, denk je ook niet?
Silvy : Jullie weten het toch al.
Nick : Ja, maar het staat een beetje netjes in de verklaring als jij het ook verteld.
Silvy : Ik heb die explosie veroorzaakt, Jasper weet er helemaal niets vanaf.
Nick : Waarom heb je dat gedaan?
Silvy : We zouden ons huis uit gezet worden, we zouden dan nergens meer heen kunnen, ik dacht dat niemand er achter zou kunnen komen, en dat we zo nog wat geld konden krijgen van de verzekering.

Liza : Weet u al wie mijn vader heet vermoord?
Britt : Nee, daarom hebben we u uitgenodigd, misschien kan u ons helpen.
Liza : Hoe kan ik u helpen, het was toch roofmoord?
Britt : Dat dachten wij, maar we zouden ook graag willen weten of uw vader vijanden had.
Liza : Nee, niet dat ik weet, maar u denkt dat iemand mijn vader dood wilde?
Britt : Ik ben niet zeker, maar het is niet uitgesloten.
Liza : Sorry, ik weet het echt niet.
Britt : Het geeft niets, wij doen onze best om de dader zo snel mogelijk te vinden.

Minke : Liza zij dat u dacht dat mijn vader met opzet is vermoord.
Sofie : Wij sluiten het niet uit.
Minke : Maar hij is toch bestolen?
Sofie : Het kan zijn dat de moordenaar het op roofmoord heeft willen laten lijken.
Minke : Maar ik zou niet weten wie mijn vader zou vermoorden of waarom.
Sofie : U heeft dus echt geen enkel idee?
Minke : Nee, echt niet.

Sofie : Viktor, we houden er rekening mee dat je vader vermoord is om een rede en dat het geen roofmoord is.
Viktor : Waarom dan?
Sofie : Dat weten we niet, heb jij enig idee, waarom iemand je vader dood wild hebben?
Viktor : Nee, geen enkel idee.
Britt : Zouden we ook van jou toestemming mogen hebben om in het huis van je vader te kijken of we daar een aanwijzing vinden? Die van je zussen hebben we al.
Viktor : Ja dat mag.

Britt : Ik ga eerst wat spullen voor Dorien inpakken en naar school brengen voor ik je ga helpen.
Sofie : ja dat is goed, ik hoop dat die veel plezier heeft.
Britt : Denk het wel als ze samen met Simon is.

Dorien : Hoi mam.
Britt : Zal je lief zijn bij Simons moeder?
Dorien : Ja tuurlijk mam.
Simon : Mag Dorien ook komen logeren?
Roos : Ja dat mag Simon, wist je het nog niet?
Dorien : Dat was een verrassing.
Simon : Dat is Tof.
Britt : Moet ik Dorien zondag nog komen ophalen?
Roos : Misschien is het makkelijker als u haar bij Johan ophaalt, daar moet ik Simon toch brengen.
Britt : Dat is goed.


De huiszoeking levert niets op. Britt en Sofie hopen dat het opsporing bericht nog iets zinnigs oplevert wat deze avond uitgezonden zal worden.
Britt : Ik hoorde dat jullie je zaak hebben opgelost?
Nick : Ja, we hadden niet veel, maar een nacht cel was al genoeg om te bekennen.
Sofie : Ik wil de volgende keer ook een makkelijke zaak.
Bruno : Jullie staan dus nog nergens?
Britt : Nee, vanavond word er een opsporingsbericht naar onze zwerver uitgezonden, ik heb het idee dat hij wat gezien heeft.
Nick : Is die dan niet te vinden?
Sofie : In heel Gent niet te vinden.
Dan gaat Britt haar mobiel het is Johan die vraagt of Britt bij hem komt eten, Britt vind dat wel leuk, alleen eten is toch niet zo gezellig.

Britt : Simon was echt blij dat Dorien mee ging.
Johan : Ja, dat geloof ik best. Wil je nog wat drinken?
Britt : Een wijntje graag.
Johan : Ik wil me er niet mee bemoeien, maar moet je nog niet rijden.
Britt : Ik dacht dat ik de flik was?
Johan : Zo lang je maar niet achter het stuur stapt.
Britt : Zal ik niet doen hoor, ik bel anders wel een taxi.
Johan : Dan kan je nog een glaasje krijgen.

Britt en Johan praten de gehele avond gezellig door, Britt dringt wel wat teveel en Johan slaat daarom maar de wijn af om nog een beetje helder te kunnen blijven. Dan is het al weer 12 uur.
Johan : Moet je onderhand niet eens gaan slapen Britt?
Britt : Ik zal wel even een taxi bellen.
Johan : Je mag wel hier slapen.
Britt : Wat denk je bij jou in bed zeker?
Johan : Nee, ik heb een logeerbed en Simons bed over.
Britt : Wat is het makkelijkst?
Johan : Die van Simon.
Britt : Dan ga ik daar wel slapen.
Johan : Wil je nog een shirt hebben?
Britt : Graag.

De volgende morgen word Britt met hoofdpijn wakker, ze kijkt rond en kan de ruimte niet thuisbrengen. Britt loopt de slaapkamer uit en heeft dan pas door wat er gebeurd is. Wanneer ze naar de wc is geweest loopt ze langs de kamer van Johan en ziet dat hij ook wakker is.
Johan : Hoofdpijn?
Britt : Ja.
Johan : Je hebt gister meer dan een halve fles wijn op.
Britt : Zoveel?
Johan : Ja.
Britt : Heb jij een paracetamol of zo iets?
Johan : Ik zal wel wat voor je pakken.
Britt : Graag.

Johan loopt de slaapkamer uit en gaat naar beneden om een glas water en een paracetamol te pakken. Britt gaat op het bed van Johan liggen omdat ze zich niet zo super voelt.
Johan : Dat is lang geleden een vrouw in mijn bed.
Britt : Sorry.
Johan : Blijf maar liggen hoor, ik vind het niet erg. Het is altijd zo stil als Simon aan het logeren is.
Britt : Daarom wil ik ook nooit dat Dorien gaat logeren als ik vrij heb.
Johan : Je hebt groot gelijk.
Britt : Johan.
Johan : Ja Britt.
Britt : Als ik bij jou ben heb ik toch altijd zo'n fijn gevoel. Zo'n gevoel heb al jaren niet meer zo sterk gevoeld als bij Mark.
Johan : Britt, ik heb hetzelfde gevoel, ik ben om het zo maar te zeggen verliefd op je al een tijdje.
Britt en Johan kijken elkaar dan diep in de ogen en dan geven ze elkaar een innige kus.
Britt : Dit voelt nog veel beter.
Dan gaat de wekker van Johan af.
Britt : Moet jij werken?
Johan : Nee, maar jij wel.
Britt : Dat is waar ook, zal wel lekker gaan.
Johan : Hopen op een beetje geluk.
Britt : Als me zwerver toe komt misschien.
Johan : Laten we het hopen, wil je nog ontbijten of doezen?
Britt : Ik does thuis wel, moet toch mijn spullen nog ophalen en Sofie hoeft er niet gelijk achter te komen.
Johan : Komt die er dan gelijk achter?
Britt : Die ziet dat aan mijn kleding.
Johan : Wil je ook nog koffie om je kater weg te spoelen?
Britt : Niet zo'n slecht idee.

Britt : Morgen, en nog nieuws van het opsporingsbericht?
Sofie : Goedemorgen. Nee, dat is er niet.
Britt : Schiet lekker op.
Sofie : Wat ben je laat?
Britt : Dacht wat later weg te kunnen omdat ik Dorien niet hoefde af te zetten.
Sofie : Te laat weg gegaan dus.
Britt : Ja.
Dan gaat de telefoon van Britt.
Britt : Michiels.
Stem : U bent op zoek naar die zwerver?
Britt : Ja, dat ben ik.
Stem : Ik weet waar hij is, maar ik wil er wat voor terug.
Britt : Wat wild u er voor terug.
Stem : Een auto en geld.
Britt : Kan u ons dan vertellen waar hij is?
Stem : Ik bel over een uur weer, kan u ij dan vertellen of het door gaat?
Britt : Dan kan ik het u vertellen, maar om welk bedrag gaat het?
Stem : Een half miljoen euro.
Britt : Ik ga kijken wat ik kan doen.

Sofie : Wat was dat?
Britt : Ik denk de ontvoerder van de zwerver, hij wild een half miljoen en een auto.
Sofie : Bel jij met de onderzoeksrechter, dan ga ik naar Vanbruane om het te vertellen.
Britt : Dat is goed.

Britt : Het is in orde.
Nadine : Gaan ze akkoord?
Britt : Een auto met een zender en vals geld.
Nadine : Ben je zeker dat hij er dan gaat intrappen, ik bedoel vals geld.
Britt : Ze lijken verschrikkelijk echt, maar in winkels kan leggen ze die onder de lamp en dan zien ze het, maar met het blote oog niet te onderscheiden, het is nog geen maand geleden onderschept.
Sofie : Om eerlijk te zijn vind ik dit meer het Bassie en Adriaan.
Britt : Misschien is het wel de Baron.
Sofie : Met b2 en vluge Japie?
Britt : Nee b100 en handige Harry.
Sofie : Die kan ik niet.
Britt : Ja, maar Dorien kijkt nog wel eens.
Nadine : Maar even serieus dames.
Britt : Ik denk dat het de moordenaar is, hij zal vroeger wel Bassie en Adriaan gekeken hebben of zo, maar wij werken natuurlijk niet zo.
Nadine : Ik wil toch dat jullie zelf ook een zender dragen, je weet maar nooit en als hij gekeken heeft komt hij misschien ook wel op jet idee om jullie van auto te laten wisselen.
Britt : Vraag Nick en Bruno terug te komen en ons in burger te schaduwen.
Nadine : Ja, zal ik doen, nog een ander duo vragen om jullie in burger te schaduwen?
Britt : Ja dat is goed.
Sofie : Wanneer is die auto en het geld er?
Britt : Binnen 10 minuten, ze moesten hem alleen hier heen rijden.
Nadine : Jullie kijken wel uit he?
Britt : We zullen voorzichtig doen, maar het is een amateur denk ik.
Nadine : Die kunnen ook gevaarlijk zijn.

En precies op de afgesproken tijd gaat de telefoon van Britt weer.
Britt : Michiels.
Stem : Is het voor elkaar?
Britt : Ja de auto en het geld is voor elkaar.
Stem : Geen grapjes met zenders en zo en jullie moeten ook alleen komen.
Britt : Waar moeten we heen komen?
Stem : Het Citadelpark.
Britt : En waar bij het Citadelpark?
Stem : Bij die dure appartementen die er overheen kijken.
Britt : Oke, we gaan daar heen.

Britt en Sofie rijden naar het citadelpark. Nick volgt hun op zijn eigen motard, de twee andere zijn al in burger vooruit en Bruno rijd een stuk achter hun.
Britt : Veel verrassingen zullen we zeker niet krijgen, hij heeft geen nummer om ons te kunnen contacteren.
Sofie : We zien wel, is er geen cameraploeg die ons volgt?
Britt : Daar is onze zaak te ernstig voor om nu ons in de maling te nemen.
Sofie : Ik vind het gewoon raar.
Britt : Ik ook, maar we zien wel, Ik heb voor hetere vuren gezeten.
Dan zijn ze er en stoppen daar. Er is helemaal niets te zien dan komt er een man op Sofie afgelopen.
Man : Britt Michiels?
Sofie : Sorry, Sofie Beeckman. Dat is Britt Michiels.
Man : Heeft u het geld?
Britt : Dat heb ik, en de auto ook, waar is onze man?
Man : Duinkerken weg 8.
Britt : Hoe zijn we daar zeker van?
Man : Hier is de sleutel.
Britt : Zou u ons kunnen brengen naar de Duinkerker weg, we hebben geen auto.
Man : Nee, ik moet weg.
Sofie : Maar ik weet hem niet zijn.
Man : Ik zal u in de staat afzetten.
Britt : Daar zijn we u dankbaar voor dat u ons afzet.

Britt en Sofie stappen in de auto. Ondertussen zijn er al mensen naar de Duinkerker weg gegaan om in te vallen. Ze konden door het microfoontjes wat de dames bij dragen weten waar ze zijn. Oortjes zou teveel opvallen. De zwerver zat inderdaad nog in het huis.
Man : Dames, uitstappen.
Britt en Sofie stappen uit en de man rijd weer weg, om een paar meter verder al tegen gehouden te worden en word gearresteerd.

Britt : Barend Kapers, gaat het weer een beetje?
Barend : Zeg maar Barend, ik ben blij dat u me bevrijd heeft, maar u moet weten, die man die me vast hield heeft een man vermoord, ik wilde de man nog helpen, maar toen heeft hij me meegesleurd en in een busje hier gebracht.
Britt : Je zou hem herkennen de man die je vast hield?
Barend : Ja.
Britt : Oke, dan mag je hem er zo uithalen.

In de line-ub herkent Barend de man die hem ontvoerd heeft en dan mag Barend weer naar buiten gaan.
Britt : Wat is u naam?
Diederik : Diederik.
Britt : Diederik, waarom heb jij die man ontvoerd?
Diederik : Hij wist teveel.
Britt : Dat je iemand vermoord had?
Diederik : ja.
Britt : Waarom heb je hem vermoord?
Diederik : Hij is mijn vader, hij heeft mijn moeder verkracht.
Britt : Waar is je moeder nu?
Diederik : Ze heeft met mijn 15e zelfmoord gepleegd, maar ze had alles voor me opgeschreven, maar heeft nooit aangifte gedaan, omdat haar man er niet achter mocht komen, hij heeft altijd gedacht dat hij de vader was, maar hij kan geen kinderen krijgen.

Nick : Ook zaak opgelost dames?
Britt : Ja, maar ik vraag me toch af waar die camera's zijn, het is zo bizar, net Bassie en Adriaan.
Bruno : Waarom heeft hij het gedaan?
Britt : Hij zegt dat hij zijn vader was, een verkrachter, maar om de waarheid te achterhalen is moeilijk, alleen een DNA test zou dat kunnen bewijzen, maar dat wild hij niet.
Nick : En nu?
Sofie : Hij heeft de moord bekent, dus zaak opgelost he.

Einde

Geschreven door flikken10

Vorige Start Omhoog Volgende
* ©©©©© Alles op deze site is Copyright van de eigenaar en mag dus nergens anders geplaatst worden ©©©©©

*